Afsluiting

 5 juni 1989

We staan inderdaad hier voor het sluiten van deze cursus, deze kring. We hebben eigenlijk al een deel afscheid genomen, dat weet u ook allemaal wel. Voor ons uit de geest zijn er andere werkzaamheden op het ogenblik werkelijk belangrijker. Niet dat ik alles precies kan volgen van de hoge leiding…. Ze zeggen nu: “dat zijn de geboorteweeën van de nieuwe tijd” – en dan kijk ik zo naar tanks in Beijing en ik kijk naar de doden, die vallen tijdens de rouw voor een man, die vele doden op zijn geweten heeft, dan denk ik: “nou ja, het zal wel waar zijn.”

Onze hele geestelijke wereld is bezig met een vernieuwingsproces, waarvan ze aannemen dat het in een voor u onvoorstelbaar snel tempo aan het voltrekken is.

Ik kan daar als kleine jongen en inleider alleen maar tegenaan kijken, en wanneer ik dan zie dat de gastspreker ook deze keer weer uit de Orde zelf voortkomt, dan denk ik bij mezelf: “ja jongens, jullie zijn ook de boeken aan het afsluiten! Jaarbalans aan het maken!”

Wat hebben we in al die tijd bereikt? Nou, kennelijk heel veel. Ook deze verbale overdracht van allerhande waarde heeft zijn betekenis gehad in het verleden en heeft voor veel mensen toch innerlijke veranderingen mogelijk gemaakt.

Aan de andere kant denk ik ook wel: Ja, wat zijn er aan daden uit voortgekomen? Nou, soms heel goeie. Maar eigenlijk toch in een minderheid. Er zijn altijd dingen waarvan je zegt: “had dat nou niet anders gekund?”

Ik ben niet teleurgesteld daarin en met enig leedvermaak constateer ik dat u dus ook zeker niet verder bent dan wij.

Alle waarden, waarmee we ons bezighouden, zijn eigenlijk de innerlijke waarden van de mens. Je hebt naar buiten toe altijd met een menselijk maskertje, met allerhande gewoontetjes, gedragingen, vastgeroeste gedachten te maken. Wanneer je erachter kijkt, dan zit daar vaak een onmetelijk groot land. Want het innerlijke weten is vaak veel groter dan je je van buiten kunt voorstellen.

En in die wereld zijn alle dingen aanwezig, van de demonen en de sprookjeswezens tot de engelen en de goddelijke krachten en alles wat je maar noemen wilt. En de weg naar die innerlijke wereld is de weg, die je zelf moet vinden. En wanneer alle verschijnselen van die innerlijke wereld eindelijk tot rust zijn gekomen, dan blijft er alleen nog maar een gloed van kosmos over. Een buitenstoffelijke verbondenheid die niet omschrijfbaar is, en daarin datgene wat echt kan bestaan, nl. de werkelijke vrede.

Mensen op aarde zeggen graag “ik wil gelukkig zijn”, maar wat is geluk eigenlijk? Geluk is een verwachting, die alweer voorbij is, voordat je er goed aan begonnen bent.

De mensen praten ook ontzettend veel over hun leed. Wat is leed? Het kan pijn zijn natuurlijk, het kan een scheiding zijn, maar eigenlijk – wanneer het voorbij is, is het voorbij. En werkelijke scheiding bestaat niet en een ziekte, die blijft over x-incarnaties, bestaat ook niet!

We leven in het heden en dat heden is het enige, dat je niet kunt omschrijven. Als je het woordje “heden” zegt, is het voorbij en daarom vind ik het altijd krankzinnig wanneer ze zeggen: “De tijd gaat nu in”! Want dan is ze al voorbijgegaan. Ja, dat is zo! Ik denk bij mezelf: wij leven eigenlijk met een verwachting van een toekomst, en die kan veel lichtender zijn wanneer we niet geremd worden door het zelfbeklag over het verleden.

We kunnen altijd weer dingen waarmaken en bereiken, ook wanneer ze onvoorstelbaar en ongelofelijk lijken, wanneer ons hele wezen zonder enig voorbehoud daarin wordt gegeven. Maar zodra je een voorbehoud maakt, zet je in feite de rem aan terwijl je de motor probeert aan te schakelen. Dan slaat die af.

De innerlijke wereld is ook zoiets. Je kunt niet “een beetje” mediteren. Je kunt mediteren of niet. Je kunt aan esoterie doen: goed, maar dan moet je naar binnen toe gaan, niet alleen in de droombeeldenwereld en de fantasie, die er ongetwijfeld deel van uitmaakt, maar een klein beetje verder. Tot de vormen vervaagd zijn, tot de stemmen zwijgen en er alleen nog iets overblijft wat beleefd wordt. Zonder dat het omschrijfbaar is.

De hele wereld, zoals ze er op het ogenblik uitziet, lijkt een tamelijk pessimistische geschiedenis, u weet dat allemaal wel. Het milieu is zo slecht, het klimaat is aan het veranderen, we krijgen een broeikaseffect (daar hebben geleerden een hele tijd op zitten broeien voordat ze het hebben uitgevonden, hoor), maar de wereld is natuurlijk slecht vanuit een bepaald standpunt.

Aan de andere kant: hebt u zich wel eens afgevraagd hoe pijnlijk en moeilijk de worsteling is van een kuiken om uit het ei te komen?

En de geboorte van een mensenkind is ook geen lolletje voor het kind, hoor. Ze zeggen altijd: de moeder heeft het te kwaad, maar het kind veel erger! Die komt er uit een heerlijke geborgenheid en een warme zee ineens op een oerkoud strand en het eerste wat je krijgt is nog klappen op je billen ook.

Nee, het is werkelijk zo: wanneer er een verandering gaat plaatsvinden, dan moet je niet kijken naar die verschijnselen, dan moet je kijken naar wat er werkt. En de werkingen in de mensheid zijn op het ogenblik gelukkig een klein beetje minder materialistisch dan in een ver verleden. En zelfs in een zeer nabij verleden.

Achter de schijnbare hebzucht van grote delen van de mensheid schuilt eigenlijk de behoefte aan iets anders. ’t Is een masker geworden voor een zekerheid, die ze niet meer bezitten. Een zekerheid kun je niet in de wereld buiten je vinden. Die kun je alleen in jezelf vinden. Een zekerheid, die kun je vinden natuurlijk in een of ander beeld van God. Vandaar dat er zoveel fundamentalisme is in het Christendom en in de Islam en overal waar je gaat kijken.

Niet zelf denken! Er is een hogere macht, daar zijn we gehoorzaam aan en daardoor zullen wij beloond worden. Het is het kind, dat de geborgenheid van het gezin op de koop toe neemt, en zegt: “Als ik slaag krijg, nou ja, maar uiteindelijk krijg ik mijn snoepje ook.”

Maar wat is de werkelijkheid daarvan? Steeds meer mensen gaan het begrijpen: God is niet iets, wat je kunt berekenen, waar je een contract mee kunt sluiten. God is ook geen directeur van een of andere mensachtige zaak achter de sterren, waar men voortdurend verdragen uitvaardigt: “Gij zijt rechtvaardig en zo gij rechtvaardig bent, zal ik u beproeven, maar na deze beproeving zal ik u boven alle anderen verheffen.”

Nee, de werkelijkheid is: wij moeten God leven. Met de kracht in ons leven! Dat is vaak verrekt moeilijk, want je zit met al die mensen om je heen. Natuurlijk, we willen niemand iets kwaads …, maar zou het geen zegen zijn als die zou overlijden? Als die zijn nek zou breken? En wanneer die nou eindelijk eens een schop onder zijn achterwerk krijgt…. Zo zijn we toch?

Op aarde ben je zo en in de geest kost het je moeite om het af te leren, geloof me. Nee, het is niet wat wij aan anderen toewensen, wat belangrijk is, geloof ik. Het is vaak een afleiden van onszelf. “Ik heb een verkeerd beeld van mezelf, ik heb verkeerde verwachtingen van de wereld”, dat zeggen wij niet! We zeggen: “de wereld deugt niet, de anderen deugen niet.”

Als we daar nu eens vanaf zouden kunnen stappen en gewoon naar binnen zouden kunnen kijken, alleen maar naar binnen. En zouden kunnen zeggen: “ik geloof dat ik innerlijk verbonden ben met iets, wat God heet.” Ik verwacht niet dat die God buiten mij wonderen gaat doen. Het kan gebeuren, maar daar rekenen we niet op. Daar bidden we ook niet om. Ik zeg gewoon: “God is in mij, laat God door mij spreken.” En dan niet met woorden, maar met de praktijk van het dagelijkse leven.

Dan kom je als vanzelf op dat punt terecht, waarbij de eenheid en de harmonie, die op het ogenblik zo schuilgaat achter al die uiterlijkheden, duidelijker naar voren komt. Dan ga je ineens zien: al die mensen, met hun protesten en met hun baldadigheden en wat dies meer zij, zoeken eigenlijk alleen naar een geborgenheid. En al hun problemen komen voort uit angst voor zichzelf, angst voor het onbekende en een gevoel dat ze anderen moeten verslaan om te bewijzen dat ze zelf nog iets zijn.

Maar we zijn niet, we zijn deel van de eeuwigheid!

Ik denk, en ik ervaar soms de enorme verbondenheid, die er bestaat tussen datgene wat we ons Ik noemen, en al het andere. Soms kom ik tot de erkenning dat het geheel het enige is, dat telt en dat ik daarin alleen tel, wanneer ik beantwoord aan dat deel van die grote werkelijkheid die in mij bestaat. Ik kan me er niet aan onttrekken, ik kan me niet verontschuldigen daarmee voor m’n falen of zoiets – ik kan alleen maar aanvaarden: wat voorbij is, is voorbij, en ik zal steeds weer teruggrijpen op die innerlijke kracht en vanuit die kracht verder gaan.

Als u het zo bekijkt, dan denk ik wel dat heel veel van de lessen die u hier hebt gekregen, u toch ook nog weer een extra gedachte geven; dat heel veel van alles, wat nu misschien alweer vergetelheid is geworden (die vele jaren terug), toch weer eens een keertje in u opkomt; dat u dan denkt: “Ja, die kant moet ik uit!” Niet: “Dat zou de wereld moeten zijn” of “Zo moeten we het organiseren” … nee: “zo moet ik zijn.”

En als je dat gaat begrijpen, wordt je leven zoveel gelukkiger. Het is geen beloning die je krijgt, het is gewoon een nevenverschijnsel. Het is altijd geweest bij ons en het zal ook blijven, op een andere manier nu: “Hoe kunnen we eigenlijk wat in ons leeft, delen met anderen?” En dat is heel erg belangrijk geweest. Ook met al die lezingen. Dat is heel erg belangrijk geweest met alle krachten, die we hebben uitgestraald, met alle pogingen om – zeg maar – onbewuste harmonieën op te roepen en daardoor iets in u te leggen, of u een kracht te geven of een mogelijkheid om te veranderen.

Ze zeggen weleens: die geest komt maar oreren vanuit een niet-stoffelijke wereld en die zegt dan wat wij zouden moeten doen! Groot gelijk, dat gebeurt ook wel, maar het is eigenlijk meer dit: Wij zijn gegroeid, wij zijn tot een bepaald punt gekomen, geestelijk, maar ook qua bewustzijn, qua mogelijkheid tot harmonie. En dat is zinloos wanneer we het niet kunnen delen. Als u in harmonie bent met heel de wereld en die wereld niet met u, bent u nergens. Voor ons als beperkte persoonlijkheden (en dat zijn we uiteindelijk) is wederkerigheid noodzakelijk.

En die wederkerigheid kan nooit op een enkel aspect berusten, zij heeft altijd te maken met het geheel, waarbij we betrokken zijn. Het geheel waarmee, waarin, waardoor wij leven.

Wat wij wilden delen, was wat in ons leefde. Als u de zaken heel goed nagaat, dan zult u ontdekken dat verschillende persoonlijkheden heus wel verschillende benaderingen en verschillende standpunten hebben. Er zijn lezingen, waarin tegenspraken zelfs tussen de eerste en de tweede spreker zijn voorgekomen. Maar daar moet u zich niet op blindstaren! Eenieder geeft u datgene wat in die persoon leeft en wat u daarvan kunt aanvaarden, vergroot uw harmonie, maar vergroot ook voor die persoon de harmonie. En zelfs uw reacties, wanneer u hem afwijst, kunnen voor zo’n persoon gelijktijdig betekenen: kijk nou eens even naar jezelf, waar heb jij gefaald? Want zo gaat dat.

De Orde heeft in het geheel van al die jaren via dit medium buitengewoon prettig gewerkt. Ik kan het niet anders zeggen. Maar als ik zo de overleveringen hoor van degenen, die er vanaf het begin bij zijn geweest, dan vraag ik me soms af: zitten we eigenlijk niet in een boek van een wijsgeer, dat niet zonder humor is geschreven?

Want al die dingen hangen samen. Alle kleine verschillen en schijnbare tegenspraken worden toch weer opgevangen door die eenheid, die wij dan verdraagzaamheid hebben genoemd. Omdat naastenliefde een begrip is dat veel te veel misbruikt wordt.

Ons geloof in de mensheid en in uw wereld kan, ondanks alle kritiek op kleine dingen, niet anders betekenen dan onze voortdurende verbondenheid met alles, wat er op aarde gebeurt en allen die vanuit die aarde overgaan. Het is niet zo dat er maar altijd even iemand klaarstaat om u onmiddellijk – als behorend tot een bepaalde groep – in te wijzen in een of andere hemelse omgeving; u vleugels, harp en stralenkrans uit te reiken en vervolgens te zeggen: “dat moet je voortaan zingen.” Die dingen bestaan gewoon niet.

Maar wat u zoekt, dat ligt in uzelf. Wat u bent, dat trekt u aan, zeker als u geest bent. En wat werkelijk in u bestaat, is het antwoord dat uw hele kosmos u zal geven. Als u verlaten bent, omdat u uiterlijkheden nodig hebt, zult u ontdekken dat die verlatenheid groter wordt. Als u naar binnen toe kijkt, dan zult u zien dat die verlatenheid een illusie is. Omdat u leeft in een kosmos vol van denkbeelden, van fantastische reacties waarvan u tenminste een deel kunt verstaan, en alles weeft zich in u tot een soort melodie en harmonie, die u in staat stelt om tussen de sterren te reizen als u dat wilt.

U kunt alle dingen, maar dan moet u wel altijd vanuit uzelf positief zijn. Dan moet u niet zeggen: “waarom”, maar constateren: “het is en nu ga ik verder”. Dat zijn dingen, daar kun je lang of kort over praten. Ergens zou ik in die veelheid van woorden dan toch de eenvoud willen bewaren voor deze keer. We zijn mensen. Wanneer we ons niet zo verwant met u zouden voelen, dan zouden we niets kunnen geven. Wanneer u zich niet werkelijk verwant voelt met ons, in plaats van met een persoonlijk droombeeld, dan zult u nooit de intensiteit kunnen beleven die vanuit onze wereld voortdurend naar u toestroomt.

U bent niet alleen en verlaten – of u op aarde leeft, of dat u ergens in een of andere bijzondere sfeer vertoeft. Maar u moet ook bestaan voor wat er om u heen is. En uit die openheid kan dat grootse gebeuren juist kenbaar worden:

Die innerlijke bewustwording, die op den duur alle uiterlijkheden beheerst.

Het zal in uw wereld heus wel nog een beetje rommelig zijn. En het zal heus nog wel zo zijn, dat u denkt “nou moet het toch mooi weer zijn vandaag” en dan regent het, of het onweert. Dat u denkt: “Nu moet de zomerse warmte komen” en dan heeft u ineens de bibberatie en een verkoudheid.

Maar die dingen… dat komt voort uit een voorstelling – het zijn voor u feiten, maar het is hoofdzakelijk een voorstelling!

Begin elke dag opnieuw te leven. Zoek elke keer uw eigen innerlijk, niet met een ontleedmes, maar met een poging tot stilte. Opdat de werkelijkheid kan spreken.

En als u daaruit verder gaat, vrienden, dan ben ik ervan overtuigd dat u zult zeggen: “Wat die Orde op aarde heeft gepredikt, is voor ons belangrijk. Niet omdat zij heeft gezegd, maar omdat wij eruit geleerd hebben!”

En dan zult u zien, wanneer u aan onze kant komt, dat al wat op het ogenblik gebeurt en al die barensweeën van een nieuwe tijd, waarin de hele mensheid op het ogenblik spartelt, onvermijdelijk waren. Noodzakelijk waren, omdat de betere mens, de mens die de grote inwijdings- en incarnatiemogelijkheid op aarde mee kan dragen en beleven, alleen op die manier een plaats kan vinden op een wereld, die eindelijk eens een keer verdraagzaam is geworden, niet wegvlucht in eigen waan, maar gewoon menselijk en medemenselijk weet te leven.

Dat was het dan zo’n beetje. Ik zou natuurlijk nog verder commentaar kunnen geven, bv.: Wat doet een leger in China? Het verbrijzelt het Vrij­heidsbeeld. Waarom verbrijzelt het het Vrijheidsbeeld? Omdat het bang is voor iets, wat het volgens zijn eigen regels intern niet mag kennen. Waarom mag het dat intern niet kennen? Omdat het gehoorzamen aan de meerderen nu eenmaal belangrijker is dan het meerwaardig worden als persoon tegenover het geheel. Mijn idee. En ’t is jammer dat Khomeini is overgaan. Natuurlijk, nou hij ziet wat hij heeft aangericht, heet hij geen Khomeini meer, maar gossiemeini.

  • Is hij zich dat echt bewust?

Daar begint hij zich bewust van te worden.  Hij probeert het alleen weg te praten en dan roept hij maar om Allah, Allah.  Bij ons zeggen ze dan allá, praat maar door, dat helpt je niet.

Nou moet je niet zeggen “die. Khomeini is slecht”. De man heeft op zijn manier goed willen doen, het is alleen uit de hand gelopen en dat gebeurt regelmatig.

Veroordeel niemand, maar probeer wel zelf het juiste te zijn en het juiste te doen.

Zeg niet: “anderen moeten dit of dat leren”, maar leer in jezelf. En gebruik dan de krachten, die je in jezelf ontdekt hebt om in die wereld voor anderen mogelijkheden te scheppen. En wees niet boos wanneer ze dan verkiezen een andere weg te gaan.

In onze verdraagzaamheid en ons samengaan kunnen we de geboorteweeën van deze tijd gemakkelijk verwerken, zelfs op aarde.

In de geest kunnen we eraan werken en proberen om zoveel mogelijk van een aansprakelijkheid op ons te nemen opdat de mensheid, die daardoor getroffen wordt, althans geestelijk geen bijzonder zwaar lijden of een bijzonder lange doodtocht te wachten staat.

Wij samen zijn de straling van het licht, dat we niet kennen.

Laat ons dan licht zijn voor de werelden die we kennen en waarin we denken te leven. Opdat het licht zichzelf manifestere en wij daardoor minder gebonden zullen zijn aan een enkele wereld, een enkele sfeer, aan gedachten en omschrijvingen, en meer komen tot de rust, die de innerlijke waarheid betekent.

Het ga u goed, moge het licht elke dag sterker worden op al uw wegen.

Gastspreker

Vanavond besluiten we een zeer lange reeks esoterische lezingen. De kracht, die ons daarbij heeft geleid, wordt op andere doeleinden gericht. De invloeden, die op de wereld op dit moment belangrijk zijn, vragen een ander ingrijpen dan in kringen als deze mogelijk zouden zijn.

Namens het geheel van onze Orde wil ik u duidelijk stellen dat dit niet een verbreken betekent van de band met de mensen, met uw wereld, integendeel! Maar we moeten anders gaan werken: Inspiratief, innerlijk de mens beroerend, ingrijpend ook vaak in de gang der zaken. Iets waar wij – zoals u zich misschien zult herinneren – zelf enigszins geschokt over waren. Zeker gezien de korte termijn waarop die beslissing genomen moest worden.

Toch zijn wij tezamen een kracht. We zijn een invloed vanuit het Grote Licht en deze kracht storten wij uit over de mensheid, zoals dat ons mogelijk wordt gemaakt, zoals we dat kunnen. De Orde zal ongetwijfeld in haar tijd enkele fouten gemaakt hebben en misschien zijn de eisen, die we hebben gesteld niet geheel rechtvaardig geweest. Maar we hebben gedaan wat naar ons beste weten juist was.

En nu we hier zijn om van elkander althans in deze vorm afscheid te nemen, is het mij een behoefte om te zeggen dat ook wij in de geest veel hebben geleerd van onze contacten met   u op aarde. Het is een wederkerig proces van bewustwording geweest, dat zeker in de komende periode ons zeer van pas zal komen wanneer wij beslissingen moeten nemen t.a.v. mensen op aarde, gebeurtenissen op aarde en onze invloed daar zojuist mogelijk in moeten mengen.

De krachten, die ons drijven, zijn niet uitgepraat. De kracht, die in u leeft, is nog steeds   verbonden met de Al-kracht, met onze groepering en de laatste tijd ook zelfs met de Witte Broederschap. U bent niet alleen, wij zijn niet alleen. De uiterlijkheden veranderen, maar het wezen blijft gehandhaafd.

Ik weet, dat onder u denkbeelden leven ten aanzien van wat niet of wel verder dient te geschieden. Wij weten dat die dingen op zichzelf niet belangrijk zijn.  Maar gij moet uw eigen weg weten te gaan zoals die volgens u juist is.

Datgene, wat geboren is uit onze samenwerking met u op aarde al kort na de eerste wereldoorlog en via dit medium na de tweede wereldoorlog, is tot rijping gekomen. Dat heeft tot een afronding gevoerd, die je misschien niet graag erkent, maar die evident wordt wanneer je het geheel overziet.

De kracht, die ons verbindt, is meer werkelijk dan alle woorden die ooit gesproken zijn. De diepe invloed, die deze kracht zowel op ons als op u heeft gehad als gevolg van deze werkzaamheden is een blijvende waarde, die voor uw wereld niet ten gronde gaat en die in onze wereld blijft voortbestaan. Ik kan u vele filosofische denkbeelden gaan voorleggen en u zeggen: “dat is dan een laatste diepzinnig slot!”, maar diepzinnigheden hebt u al meer dan dertig jaar genoten. Voorlichting op allerhande gebied: meer dan veertig alleen al via dit medium.

Wat moet je daar nog aan toevoegen?  Dat er licht is!

Er is Licht en er is Kracht! Er is een vervulling in elk wezen, dat met ons verbonden is. Juist nu in deze tijd waarin alle krachten werkzaam moeten zijn; opdat voltooid worde wat de Grote Broederschap zich had voorgenomen en een nieuwe era voor de mensheid kan beginnen.

Deze Kracht is ook nu in en met ons. Lichtende figuren hebben zich voor een kort ogenblik met ons verbonden op dit ogenblik juist, om hiermede duidelijk te maken dat alle krachten van licht één zijn! En dat u in deze kring thuis behoort. Het is niet voor niets dat de Orde verandert en dat het werk van de Orde een andere richting kiest. Dat de mensheid zelf, aan een voor latere historici bijna ongeloofwaardig snelle verandering van denkbeel­den en gebruiken gebonden, haar weg gaat naar een toekomst, die men in het heden zelfs niet kan vermoeden.

Uit de verbondenheid spreek ik met u. Als herinnering aan de verbondenheid spreek ik tot u. Datgene wat is, wat altijd was, altijd zal zijn, is in u aanwezig. Werkt in en door u, wanneer gij u openstelt voor de kracht. Het weten, dat zo aarzelend lijkt, stabiliseert zich steeds meer en steeds duidelijker zult u weten welke weg u moet gaan.

De tijden zijn bijna voltooid. Niet voor een laatste oordeel, voor een armageddon, maar voor de verandering waarbij het materialisme van deze tijd, de hoogten van technisch kunnen die de mensheid daardoor bereikt heeft, langzaam zal worden omgezet in het werktuig voor een groeiend geestelijk bewustzijn.

In deze verandering hebt u deel – of u het weet of niet. In de kracht, die met u is, hebt u deel wanneer u in uzelf de stilte kunt vinden. Dat zij tot u spreekt en door u werkt!

In de volheid van uw leven zult u ervaren, dat leven niet beëindigd wordt door de dood. U zult ontdekken, dat wat u gedreven heeft in dit uw stoffelijk bestaan, de basis is van waaruit u verder kunt gaan in een wereld met grotere mogelijkheden, met omvangrijker krachten en dieper intensiteiten.

Maar wat ge tot stand hebt gebracht, zal uw band zijn – zowel met de stoffelijke wereld als met de geestelijke krachten, die daarin de uitdrukking vormen van de werkelijke harmonie: de vrede die zonder herkenning kan bestaan.

Wanneer woorden te kort gaan schieten, moeten daden voorgaan. Wanneer de woorden, die wij tot u richten, alleen een flauwe schaduw zijn van werkelijke noodzaken, moeten wij zwijgen opdat we kunnen handelen.

Wanneer u – in uw eigen stilte en zoeken – iets van de kracht beleeft, zult ge zien dat ze vanuit u en door u tot stand brengt. Wat een zegen is voor uw mensheid, maar gelijktijdig een sleutel naar een grotere en vrijere wereld in de geest.

De Orde is altijd trots geweest op wat ze heeft kunnen doen, hoe weinig het ook was. Nu erkent zij, dat ze opnieuw moet beginnen. Veel hebben wij geleerd, de afgelopen tijd. Veel zullen we hierdoor kunnen leren in de tijd die komt.

En u, met ons verbonden door uw denken, uw streven, uw innerlijk zoeken: u bent deel van datgene, waaruit wij leven. U bent deel van datgene, wat ons bestaan inhoud geeft. U bent deel, niet slechts van onze taak – maar ook van ons vreugdegevoel van vervulling, van volbracht hebben!

En dus daarom dat ik op deze avond u wil danken voor het vele wat u ons – in de geest – gegeven hebt. Voor uw tijd, uw moeite, uw gedachten, maar bovenal voor uw zoeken naar die innerlijke vrede, waardoor wij met uw wezen vervlochten raakten en vanuit uw wezen en vanuit onze wereld steeds meer konden begrijpen van de noden van de mens – maar ook van de wenselijkheden en krachten vanuit een hoger bewustzijn.

Dankbaar zijn we. Juist in deze kring, waarin de diepgang – de weg naar binnen toe – zo’n grote rol heeft gespeeld, hebben wij vele krachten gevonden en ontvangen. We zijn u erkentelijk.

Verhef u niet, op wat is geweest. Maar maak uzelf tot iets wat betekenis heeft in de dagen die komen. Want door u, door uw denken en uw zoeken, door al die anderen op aarde, met wie wij banden hebben gevonden in zovele landen, zal de kracht van de vernieuwing werken. Zal de kracht van de verandering uiteindelijk zegevieren en zullen de weerstanden, die als een machtige Himalaya tussen mensheid en beloofde land schijnen te liggen, worden geslecht!

Het is mogelijk om een rijk van wereldvrede te vinden, te betreden en te handhaven. Het is mogelijk om in die wereld de innerlijke vrede te maken tot het werkelijke voertuig van alle geestelijke bewustwording.

Het is hiertoe dat we u oproepen uw krachten steeds te richten op het Licht, op het Goede. Verwerp en veroordeel niet: ’t is zinloos! Maar voed, sterk, gedenk met uw innerlijke kracht datgene, dat vernieuwing, dat vrede in zich schijnt te bergen.

Laat zo het werk bekroond worden, dat wij gezamenlijk op aarde zo lange tijd hebben nagestreefd. Datgene wat we hebben volbracht, zelfs wanneer het tekortschiet bij wat we hadden willen volbrengen.

En daarom zeg ik u – niet slechts uit mijn eigen naam, maar uit naam van de gehele Orde en de Krachten die met haar verbonden zijn: “Weest gezegend! Dat de kracht in u leven moge en sterker worde. Dat de Christus in u moge ontwaken en dat gij u bewust zult zijn van de werkelijkheid der tijden en de grootsheid van de taak, die in het heden is geborgen.”

Onze kracht delen wij met u, ons bewustzijn stellen wij voor u open. Heb deel aan onze taak en wees in vrede ware mensen, die ontluiken tot bewuste geesten.

Veel meer is er niet te zeggen. Wanneer de tijd voorbijraast, kun je niet stil blijven staan. Het geldt voor ons en voor u. De storm van het verleden jaagt ons voort naar de toekomst en in de toekomst hebben wij een doel. Wij hebben een richting, wij hebben een kracht!

Wij zullen de toekomst bouwen! Bescheiden misschien, met beperkte mogelijkheden en middelen, maar wij zullen bouwen!

Dat het doel van de mensheid “de terugkeer tot werkelijke vrede met de ene Grote Kracht” werkelijk worde en in de voortgang der mensheid de bewust en volwassen mens geboren worde uit de huidige rassen – die zichzelf nog steeds dreigen te verliezen in dromen, die niet gelieerd zijn aan de in hen levende waarheid.

Met deze dank, met deze kracht, die ik voor een ogenblik nog hier met een gebaar bevestig, neem ik afscheid van u.

Wees ervan overtuigd, dat dat alleen in deze vorm geschiedt; dat andere vormen van   contact blijven   bestaan en worden voortgezet, ook al zal het bij het mediamieke werk praktisch niet meer voorkomen.

Dank: onze Zegen op uw wegen en het Licht in onze verbondenheid tot aan het einde der  tijden.