De Aquariusverandering en de stilte

19 maart 1979

Allereerst moet ik u erop wijzen dat wij sprekers van deze groep niet alwetend of onfeilbaar zijn. Het is beter dat u zelf nadenkt en we hebben liever dat u zelf een foute opinie voorhoudt, dan dat u de onze zonder meer voor waar aanneemt.

Ik heb geen bijzonder onderwerp in gedachte, voor vanavond. Wanneer u wilt kunt u zelf ook een onderwerp bepalen. Niets? Dan spreken we over de stilte.

Ik zou het volgende dan graag op willen merken. We hebben op dit ogenblik, wat sommigen van u zullen weten, een Saturnusjaar. Saturnus wordt wel eens de rechterlijke planeet genoemd. Dit betekent dat veel tegenstellingen tot uiting gaan komen, dat je ook moet rekenen met de meest onverwachte veranderingen en voorvallen. Maar dat is niet alles. Het is, en dat zal u ook bekend zijn, het begin van een periode die algemeen wordt aangeduid als een Aquarius-tijdperk.

Aquarius wil broederschap, heeft technische begaafdheid, maar is wat anarchistisch en soms wel grillig van aard. Wanneer je die eigenschappen combineert, dan wordt duidelijk waarom we in deze periode geconfronteerd worden met zovele zeer verschillende opstanden, kleine oorlogjes en ook geconfronteerd zullen worden met klimatologische afwijkingen, natuurrampen als aardbevingen, vulkanische werkingen en wat dies meer zij.

Wanneer je dit zuiver materieel beziet, dan kun je zeggen nu ja, het is een periode van verandering, het is een periode van overgaan naar een nieuw tijdperk, naar een nieuwe menselijke mentaliteit. Maar wanneer je dat geestelijk probeert te bezien dan kom je tot een paar wat afwijkende conclusies en die wil ik u dan eerst maar eens voorleggen.

Wij hebben te maken met het ego van de mens. Wanneer het ego zichzelf probeert te bevestigen door delen van het normale in de wereld te beschouwen als een deel van zichzelf, u kent dat allemaal: mijn vrouw, mijn kind, mijn bezit, mijn verplichtingen, zelfs: mijn belastingheffing, ofschoon dat laatste dan niet een gewenst bezit is, dan wordt u als het ware zelf ook gewoon geconfronteerd met wat wij noemen: het verlies. Zolang je nog denkt dat je wat hebt, zolang je nog denkt dat je wat nodig hebt, zal je kunnen verliezen, daar is nu eenmaal niets aan te doen.

Wanneer een mens echter steeds terug gaat vallen op zijn eigen wezen en persoonlijkheid en gelijktijdig probeert de wereld naast zich niet te zien als iets waar hij invloed moet op hebben, waarin hij macht moet bezitten, bezit moet verwerven, maar als een milieu waarbinnen hij zich moet bewegen, dan verandert de situatie aanmerkelijk.

Wanneer je vanuit jezelf de wereld beziet zonder dat je daardoor begrippen als macht, overtuiging, bezit, waarheid eraan verbindt, dan sta je open voor een nieuwe ontplooiing van de eigen persoonlijkheid. Men wordt geconfronteerd met tegenslagen, onverwachte voordelen en vooral wel dacht ik met de noodzaak zichzelf aan te passen. Dit betekent dat een zekere flexibiliteit van denken, een grotere plooibaarheid dus, voor velen onvermijdelijk wordt en dat is een goed begin.

Want wanneer ik in mijzelf doordring tot de kern van de zaak dan vind ik iets dat we bij gebrek aan beter “goddelijk licht” of “oerkracht” noemen. Dit licht of die oerkracht wordt in werking en mogelijkheden beperkt door de voorstelling die we van onszelf hebben.

Wanneer nu die voorstelling is uitgebreid met allerhande bezittingen, met te zwaar tellende menselijke relaties, dan kan die kracht daar niet doorheen. Het is bijna onmogelijk om plotseling dan alles tot uiting te brengen.

Is een mens echter op zichzelf aangewezen, heeft hij zijn eigen persoonlijkheid als een waarneming in de wereld ervaren, dan ontwikkelt hij een eigenschap die men empathie noemt. Het is een perfect meegevoelen, het voortdurend innerlijk delen in de stemmingen, de sfeer, de werking van de omgeving.

Dit empathisch vermogen nu betekent dat de grens van het ik wegvalt, en wanneer dat gebeurt dan is er dus ook geen belemmering meer voor dit licht dat in ons is om zich te gaan uiten buiten ons.

Wie dit in ogenschouw neemt, die zal waarschijnlijk ook verder willen denken, maar ik hoop dat het tot nu toe gestelde niet te onredelijk lijkt,

Ik stel vervolgens: we leven in een periode waarin vrede het meest begeerde doel is van de mensheid. Gelijktijdig leven we in een periode waarin eenieder die vrede maar wil aanvaarden op zijn eigen voorwaarden. En daar zit een grote moeilijkheid in. We kunnen namelijk nooit vrede sluiten met een ander, wanneer we daarin de onderwerping van de ander aan onszelf vergen.

Er zijn zelfs mensen die willen graag vrede sluiten met God mits de Lieve Heer hen van alles voorziet wat ze voor zichzelf als wenselijk achten en ervaren.

Wanneer we afstand kunnen doen van deze mentaliteit dan is vrede mogelijk, op dit ogenblik echter niet.

Waar je op de wereld kijkt, zie je tegenstellingen. Men wil vrede, men roept om vrede, maar men is niet bereid de vrede door zelfopoffering mogelijk te maken. En zelfopoffering is het enige dat in deze tijd vrede kan scheppen. Dus is het bijna zeker dat geweld en gewelddadigheid in die komende periode onvermijdelijk zijne

Maar een mens die in zich dit gevoel voor een ander heeft ontwikkeld, die in staat is vanuit zichzelf te reageren op die gevoelens en zijn innerlijke kracht te gebruiken die kan de vijandschap wel degelijk beperken. Hij kan die vijandschap niet tenietdoen, maar hij kan haar uitingen afremmen en hij kan misschien haar een enigszins andere gerichtheid verschaffen.

Wie zich dit realiseert, zal het met mij eens zijn dat de innerlijke mens veranderen moet om de vrede op de wereld van de mensen mogelijk te maken. Heel vaak zullen de mensen dan beroep doen op de geest, als ze in de geest geloven in O.L. Heer en de Heilige Maagd, in Allah of wie dan ook, als het maar iets is dat boven hem staat.

Mensen roepen steeds uit: “Macht die boven mij staat, geef mij vrede”, maar zeggen niet: “Ik zal het zelf doen”. En dat is een zaak die de vrede bijna onmogelijk maakt. Ik neem aan dat er op zeer korte termijn weer sprake zal zijn van oorlogsdreigingen. Het wordt geen grote oorlog maak u geen zorgen, dat er weer sprake zal zijn van opstand, van onderdrukking. En wanneer je kijkt wat er eigenlijk de reden van is, dan is het niet dat de mensen het slecht menen. Als dat nog zo was dan kon je zeggen: goed, die mensen menen het verkeerd, zij willen het slechte, laat ze. Maar ze willen het goede. Alleen willen ze het goede niet aanvaarden als iets dat door henzelf moet worden waargemaakt.

Daar ligt een addertje in het gras. In een rechterlijk jaar vraagt de rechter niet: “Heb je dat zo bedoeld of niet?” Hij zegt: “Wat heb je tot stand gebracht en ben je bereid de gevolgen daarvan te aanvaarden?” En dat is moeilijk. Ook aan onze kant weet ik dat er heel velen zijn die dat liever niet doen, maar dit is de consequentie waar je voor staat. Je moet zelf denken, je moet zelf handelen, je moet afgaan op je diepste innerlijk, je moet afgaan op alle kracht die je in je gevoelt en dan niet zeggen, ik handhaaf mijzelf, maar ik handhaaf dat wat ik als noodzakelijk erken, vrede bijvoorbeeld.

Diepgravend in de mythologie van de mensheid ligt de legende van de goden: Goden in velerlei gedaanten, velerlei gestalten. Er zijn veel verschillende openbaringen, er zijn ontelbare systemen van wichelarij, oproepen van krachten en wat je meer wilt. Zijn die goden nu alleen maar door de mens bedachte schimmen, zijn al die krachten waar wij ons op beroepen, of het nu heiligen zijn, engelen of demonen of wat anders, onwerkelijk of niet? In een jaar als dit kan dat een grote rol spelen. Wanneer u vindt, ik zeg dit nu nog één keer en dan niet meer, dat iets onjuist is, onaanvaardbaar is, zegt u dan: ja?

Want stel ik nu: er zijn zeer vele levende vormen geweest die met deze aarde te maken hebben gehad, sommige uit de geest sommige uit de materie. De overleveringen die daaraan vast zijn, bestaan, blijven bestaan en hebben eigenlijk de Pantheons en de godenrijken van de mensen tot stand gebracht.

Maar wanneer ik geloof in een kracht, dan maak ik die kracht waar, dan ontstaat een astrale schil of beeld, een fijnstoffelijk reservoir dat die kracht opneemt, en hoe meer ik mij bezig hou met deze verering, met deze kracht, hoe sterker deze godheid zal worden.

De goden zijn niet alleen maar schimmen van de menselijke fantasie, ze zijn krachten waar je rekening moet mee houden. En je kunt zelfs verder gaan dan dit al zal men mij dit misschien euvel duiden. Wanneer Jezus nooit op aarde geleefd zou hebben en een bedenksel zou zijn, en eeuwenlang beroepen de mensen zich op die Jezus, bidden zij tot die Jezus, zenden zij hun gevoelens uit tot die Jezus, dan zeg ik u :dan is die Jezus voor die mensen een concreet feit geworden, met invloed, met macht, met vermogen, met kracht. En er zijn zoveel goden op aarde, ook nog in deze dagen.

Wanneer ik nu een God aanroep, dan kan die God mij alleen geven wat ik hem heb ingelegd, Als u Kali de verschrikkelijke vereert, dan zult u te maken krijgen met een astraal krachtenreservoir dat u helpt om verschrikking te brengen, maar niet om vrede te krijgen. Zij zal u helpen om te doden, maar niet om op te bouwen. En als u gelooft in een godin van de natuur, hoe dan ook, dan zal die kracht u helpen om groei en bloei tot stand te brengen, ze zal u helpen wanneer je probeert om vruchtbaarheid te vergroten. Ze geeft u inzicht in de gang van de natuur want dat is de geaardheid die je daar hebt ingelegd.

En kijk dan naar wat de mensen tot goden hebben gemaakt, De heiligen van deze laatste dagen die heten Elvis. Elvis Presley is een figuur, een verwachting, een droom en zo een astrale krachtbron geworden op korte tijd, nog niet zo zwaar geladen, hij zal wel weer verbleken, maar hij is er.

Alle krachten waarop ik een beroep doe, activeer ik niet alleen voor mijzelf. Laat me het zo zeggen: Een beroep op een dergelijke godheid is niet, het precies geven van één straaltje licht dat door een laser is gericht. Het is iets als het openzetten van een waterkraan, het water spat in het rond. Het beroep op de goden dat men doet, de eigenschappen die men daarvan probeert op dit ogenblik te activeren, het zijn de eigenschappen die de wereld beroeren.

Wat vragen de mensen van hun God? Vragen ze werkelijk vrede, of zekerheid voor de bankrekening? Vragen ze werkelijk de mogelijkheid om te werken voor hun medemens of vragen ze een bevestiging van hun eigen verhevenheid? Denk er eens over na. De krachten die vanuit deze astrale krachtcentrales aan de aarde worden toegevoegd op dit ogenblik zijn alleszins strijdig met elkaar. In de naam van Allah maakt men krachten van eenzijdigheid los met een onvoorstelbaar geweld. Krachten van omwenteling, want daarvoor heeft men deze godsnaam gebruikt, heeft men deze figuur aangeroepen. Maar dan is het duidelijk dat er overal revolutie komt in die omgeving, dat kan niet beperkt blijven tot één kleine, juiste omwenteling. Dan zal het gisten aan alle kanten en wordt het steeds gevaarlijker.

Wanneer u roept naar God om uw wereld rein te maken en u doet er niets aan, dan ontstaat een kracht die probeert te vernietigen wat verontreinigt. Maar dat bent u ook. O ik weet het, het is allemaal in de oren van velen praat voor de vaak, men gelooft niet in dergelijke krachtbronnen. En wanneer men gelooft in het paranormale, dan a.u.b. heel deftig, heel goed geregeld. Het is dus een kwestie van: wat ben ik? Kan ik vanuit mijzelf licht opwekken? Kan ik een begrip krijgen van werkelijke vrede? Kan ik dat omzetten in een daad, in mijn eigen gedrag tot uiting brengen?

Wanneer ik dat doe, dan mag ik mij richten tot Jezus en dan wordt Jezus in de kracht van dat licht een enorm vermogen extra dat ik kan gebruiken. Of ik kan mij beroepen op Allah, ik kan mij beroepen op alle goden van India, ik kan mij op engelen, op heiligen beroepen, dat maakt geen verschil uit. Dan wordt hun kracht door mij gereinigd als het ware, gecentreerd. Dan is er niet een spreidingseffect dat niet bepaalbaar is. Dan is er een volledig juist effect, namelijk de directe overdracht in de zin van het diepste licht dat ik in mijzelf vind op die punten waar ik het als noodzakelijk besef. Wat meer is: ik kan dan ook niet zeggen dat het alleen dat ene punt of onderwerp beroeren zal. Maar het is een positieve kracht. Dus, wanneer van die kracht iets afwijkt opzij naar andere mensen, andere voorwerpen, dan zal het positief zijn. Dan zal het mee vrede geven, dan zal het mee reinheid geven.

Ik heb veel mensen horen zeggen: och, wanneer wij het allemaal maar eerst goed ordenen. Ja kijk, ordenen is een moeilijke zaak. Je kunt je een gezag aanmatigen, maar kun je het waar maken? De ervaring die we daarmee hebben is wat dat betreft, niet zo gunstig. We weten dat je een gezag dat je je aanmatigt, zeer snel verder uitstrekt, of je dit wilt of niet, dan je zelf bedoelt. Dat aansprakelijkheden die je opneemt met de bedoeling anderen ten goede te leiden, op de duur sterker worden dan het nut dat ze voor anderen hebben.

Ze gaan overheersen en juist daarom kun je beter niet streven naar macht, niet streven naar het veranderen van anderen door uiterlijke maatregelen en door machtsvertoon. In de Aquariustijd is ordening wel degelijk een deel van het bestel, maar het is een vrijwillige ordening. Broeders hebben ten aanzien van elkaar ook een bepaalde rangorde: de een neemt beslissingen op dit terrein, de andere doet dat, het zal altijd zo blijven, maar er is geen papieren gezag, er is geen met regels neergeschreven ontzield voorschrift waaraan de mens zich moet aanpassen, moet conformeren of deze redelijk is of niet, of hij wil of niet.

Vrijwilligheid dat betekent in een rechterlijk jaar dat de vrijwilligers misschien de zwaarste taak hebben, maar dat ze ook de grootste resultaten gaan behalen. Als ik dat zo zeg dan denken de mensen stil bij zichzelf: ik heb dat toch ook geprobeerd en de resultaten waren niet zo dat ik mij daarop wilde roemen. Dat is juist. Want de resultaten die je bereikt, zijn niet de resultaten die je verwacht. Het zijn de resultaten die in de werkelijkheid betekenis hebben. En als u daar verder over nadenkt begin je misschien jezelf te vragen wat je dan wel bewust kunt bereiken. En daar nog niemand zijn stem in protest heeft verheven, zal ik proberen om ook daarop door te gaan.

Wat je bereiken kunt is vastgelegd. Het is niet zo dat je alles waar kunt maken wat u wilt, mits u over voldoende geestelijke kracht beschikt. Dat kunt u wel buiten dit continuüm, buiten dit bestel van dimensies en wereld, maar dat kunt u niet daarin. Hier zijn onnoemlijk veel persoonlijkheden samen, geesten, mensen, andere levensvormen. Al die levensvormen brengen bepaalde krachten tot uiting en die krachten heffen elkaar voor een deel op, voor een deel versterken ze elkaar, voor een deel bestrijden ze elkaar. Dit is een raamwerk waarbinnen je zult moeten blijven, daar kan je niet tussenuit, maar je kunt in dit raamwerk wel die krachten versterken die reeds aanwezig zijn en die positief verder gaan.

Om het heel simpel te zeggen: je kunt wel vernieuwen, maar alleen wanneer je je baseert op het bestaande. Je kunt wel beseft waarheid, erkenning uitbreiden, maar weer alleen wanneer je uit kunt gaan van het bestaande.

Dat is de enige mogelijkheid in die wereld om zich waar te maken. Nu kunnen we zeggen: In God zijn alle dingen mogelijk. Als je naar de wereld kijkt, dan zul je dit wel bevestigd zien, denk ik. Maar al is alles mogelijk in God, is alles ook mogelijk voor ons besef? Weet u wat er in deze wereld speelt? U zou het kunnen weten, maar u weet het niet. U zou er visioenen van kunnen hebben, maar u hebt ze niet. Waarom? Omdat u niet beseft wat op dit ogenblik gaande is. Het is een aanboren van de bestaande machten. Deze bouwwerken van macht, of ze regering heten of international of nog een andere naam hebben, worden niet aangetast van buitenuit en onderworpen zoals men meent te denken dat dit mogelijk is, maar van binnenuit. Een international blijft een international, alleen zal zijn wijze van denken en daarmee van reageren veranderen.

Een regering blijft een regering. Voorlopig zult u het niet zonder kunnen stellen, vrees ik. Maar datgene wat haar samenstelt en in beweging houdt, dat wordt van binnenuit veranderd. De jongelui zullen zeggen: de zaak wordt omgeturnd. Ik heb dat eerst met turnoefeningen willen associëren, maar het blijkt nu dat ze daar alleen mee “omgekeerd” bedoelen. Wel dat is dan inderdaad het geval. Maar wanneer dat gebeurt, dan zal in het begin de tegenstelling groter worden.

Wanneer in een gezagsorgaan alle mensen precies dezelfde mentaliteit hebben en hetzelfde denken, dan is er een zekerheid, dan kent men zichzelf en men is zich van zichzelf bewust. Men kan zo alles tot stand brengen wat men wil. Maar nu is er een verdeeldheid ontstaan. Niet iedereen schijnt meer precies op dezelfde manier de aloude regels te willen interpreteren. Men vertaalt ze naar een eigen besef dat heel anders kan zijn. Er ontstaat onzekerheid. Die onzekerheid kun je naar buiten toe verhullen met een spelletje blufpoker, met net te doen alsof je macht hebt, alsof je eenheid hebt, of dat je de zekerheid bezit dat je kunt bereiken en waarmaken, en misschien kun je anderen een tijd lang overtuigen. Maar je handelingen zijn niet meer zo zeker, zo overlegd als voorheen. Je maakt fouten en dat wil zeggen dat je de andere denkwijze die in de kern mee al aanwezig is, een steeds grotere mogelijkheid geeft om tot uiting te komen.

Dan zullen degenen die dit interne conflict, want dat is het, in hun strijd van binnen, gaan beseffen, zich genoopt voelen om buiten zich een vijand te stellen, want zodra we buiten ons een vijand hebben, dan is onze groep weer een eenheid, dan zal men eerst die ander bestrijden. Vandaar dat er vijanden nodig zijn in deze wereld. Commerciële vijanden, politieke vijanden, strategische vijanden, noemt u ze maar op. Dit is een poging, nogmaals, van het oude systeem om deze innerlijke verandering die zij zien als een verval, tegen te houden, maar dat gaat niet en dus moet de strijd naar buiten toe beginnen.

Misschien hebt u wel eens opgemerkt, wanneer u te maken hebt met een kerkgemeenschap of een groep en ze is klein en machteloos en ze wil macht hebben, ze wil invloed uitoefenen, dan is ze tegenover haar leden zeer strikt en tegenover buitenstaanders zeer hard. Is zij overtuigd, van haar eigen macht, van haar eigen mogelijkheid om het leven van de mensen te dirigeren, dan is men bereid om veel door de vingers te zien, dan ontstaat een zekere mildheid.

Dat is bijvoorbeeld opvallend, dat in dezelfde tijd dat de inquisitoren mensen met een andere overtuiging doodmartelden om hun zielen te redden, de Kerk de zonden, en dat waren het zeker vanuit kerkelijk standpunt, aan alle grote hoven zonder meer goedkeurden; dat er zelfs priesters waren die zelf als astroloog optraden, als waarzegger, tegen alle begrippen van juistheid in. Dat gehuwde, althans niet officieel, maar praktisch gehuwde bisschoppen in de meerderheid waren en zo kan ik doorgaan.

Realiseer je eens dat op dit ogenblik zeer vele groepen zich bedreigd voelen. Misschien denkt u: ach, die mensen zoals Ayatolla Khomeiny is maar een oude geestdrijver zonder meer.

Neen, het is een symptoom, hij is een symptoom van de steeds groter wordende onzekerheid in de moslimwereld. Van de aantasting die men vreest van het leergezag, het gezag van het juiste leven, de juiste leer, de juiste aanbidding. Dat is hetgeen dat hem brengt tot de handelingen die hij heeft verricht, tot de opstand die hij heeft aangesticht. En dat is wat vele priesters in vele kerken op het ogenblik ertoe beweegt de strijd aan te binden met sociale ontwikkelingen, belangengroepen rond hen. Die onzekerheid ontstaat van binnenuit en pas wanneer men duidelijker kan maken dat het geloof, de vrijheid, de democratie of dat wat u ook maar als geloofspunt aanvaardt, in gevaar is en een vijand weet aan te duiden, dan is er een aanval. Vroeger waren er keurvorsten in Duitsland die op een gegeven ogenblik te veel van het goud van de burgers hadden verspild en dan moest er een schuldige zijn en dan kwam er een pogrom een Jodenvervolging en daardoor stond het volk dan weer achter zijn vorst en was het de vorst vaak mogelijk om vele van de onaangename gevolgen van zijn eigen handelingen ongedaan te maken. Iets dergelijks ziet men overal en juist omdat we weten dat het zo is, moeten we proberen om van binnenuit een waarheid te geven, niet een uiterlijke strijd tegen de macht, dat is absoluut zinloos, daarmee bevestigen we haar alleen maar. Beter is een begrip plus waarheid, een kracht plus inzicht die wij proberen ieder te geven.

Het is nog niet zo heel langgeleden, ik meen dat het in het begin van 1900 was, toen een bekend staatsman sprak in het parlement. ‘ Het grootste gevaar voor de orde (hij bedoelde zijn orde) is de voorlichting van hen die niet in staat zijn ze te verwerken.”

In feite bedoelde hij: de waarheid moet voor een kleine uitverkoren klasse bewaard blijven. En in deze dagen zien we nog steeds in vele landen dat men probeert de voorlichting zodanig in te richten dat alleen datgene wat de macht, wat het gezag wenst, tot uiting kan komen. Dit is niet onlogisch, dit is volkomen logisch.

Bewustwording is iets dat in elke mens plaats vindt, maar heeft een stimulans nodig. Die stimulans kan geestelijk zijn, ze kan voortkomen uit uw eigen innerlijk licht, uit uw eigen vrij zijn ten aanzien van de wereld, uw vinden van een moed ondanks de tegenslag in die wereld en zo bezien kan elke mens, welke God hij ook vereert, welke heilige hij ook aanroept, kracht putten, zowel uit zijn diepste innerlijk als uit de krachtbronnen die de mensheid in een astrale wereld geschapen heeft. En dan kunnen we als vanzelf tot de stilte komen.

De stilte, de rust waarin alles onvervormd duidelijk wordt. Het verkeer in een grote stad zwijgt. Je hoort de vogels zingen. Als de mens volledig tot rust komt, dan hergroeperen zich de herinneringen, de verwachtingen en de gedachten. Dan vindt hij zichzelf terug.

Stilte, dat is even loskomen van al datgene van buiten, dat normalerwijze je hele wezen, je denken, je mogelijkheden tot beseffen overspoelt. Stilte kan er alleen komen in deze zin:

Wanneer de mens eerst in zichzelf een beroep durft en kan doen op de kracht die in hem leeft, zal het resultaat, die stilte alleen verbreid kunnen worden wanneer de mens niet meer gebonden is, niet aan dingen, niet aan mensen, en anders ingesteld, met begrip en aanvaarding.

Wanneer je rechten uitoefent, of het van mens op mens is of van mens op dingen, dan is de stilte verstoord, dan is het conflict geboren.

Ik heb u de gelegenheid gegeven om mijzelf een onderwerp voor te leggen. U hebt er geen gebruik van gemaakt. Het zal u daarom duidelijk zijn dat ik spreek over zaken die mij op dit ogenblik ten zeerste boeien, om niet te zeggen fascineren en spreek over zaken die mij zeer ter harte gaan omdat ze vanuit mijn eigen beschouwing en wijze van leven voor mij de belangrijkste zijn. Ik wil niet doen alsof ik hier de kosmische waarheid openbaar, want dat is maar een klein stukje ervan, maar een stukje dat ik beleef. Ik wil niet proberen hoe dan ook u te overtuigen dat u verkeerd denkt of leeft, dat kunt u alleen zelf doen. Maar ik heb u iets voor willen leggen dat door de feiten van deze tijd voortdurend bevestigd wordt.

Laten we een stap verder nemen. Stel dat de mensen blijven hangen aan hun verworven recht, dat ze blijven hangen aan hun voorrechten, hun macht, hun invloed. Wat denkt u dan dat de komende jaren anders kunnen brengen dan toenemende behoefte aan vijanden buitenaf. Maar je kunt vijanden buitenaf niet voortdurend verkondigen zonder dat er strijd komt. En als er strijd komt waarbij grote zaken als regeringen, internationale ondernemingen betrokken zijn, dacht u dan dat het een klein en beperkt conflict zou kunnen zijn? O, het is niet nodig. Ik ben met vele van mijn broeders ervan overtuigd dat het gevaar van een wereldoorlog  voorkomen kan worden. Dat het niet nodig is, maar dat zullen de mensen toch zelf moeten beslissen. Wij kunnen wat kracht geven, maar de verandering moet u zelf ook waarmaken: anders heeft het geen zin.

Daarom zou ik volgende punten vast willen leggen en dan geef ik u een kans om op uw eigen wijze te reageren.

In de eerste plaats: Alle hervorming of verandering die noodzakelijk is, kan alleen waarlijk bereikt worden van binnenuit. Slechts daar waar de mens zelf verandert, vindt hij de mogelijkheid om zijn wereld te veranderen.

In de tweede plaats: Juist in zwakte en verdeeldheid zoekt men vaak een vijand buiten zich om die verantwoordelijk te stellen. Wanneer dit echter gebeurt, kan men de loop der gebeurtenissen niet meer beheersen. Men wordt het slachtoffer van krachten die men zelf heeft opgeroepen.

In de derde plaats: In elke mens leeft een deel van het kosmische licht, van het oerlicht, van God zo ge wilt. Deze kracht in jezelf beseffen en vinden en vanuit jezelf in de wereld werkzaam maken, betekent dat de mogelijkheid van geweld afneemt. Het betekent in uzelf een bewustwording, ook wanneer het uiterlijk een verarming schijnt te betekenen. Onthoud dat niemand teloorgaat of tenietgaat hierdoor.

Je verliest je illusies misschien omtrent bezit, recht en aanzien, maar je verliest niet de werkelijke kracht in je leven, noch de nieuwe harmonieën en mogelijkheden die voor je ontstaan juist doordat je eigenlijk alles prijs hebt gegeven.

En het laatste punt: en dan moet u zelf er verder maar over nadenken. Ik meen dat deze denkbeelden en soortgelijke denkbeelden, de mensen moeten worden voorgelegd niet opdat ze deze geloven, maar opdat zij overwegen in hoeverre daarin waarheid kan aanwezig zijn. Want dan en dan alleen, zullen de mensen van uit zichzelf misschien kunnen beginnen aan het sterker maken van dit innerlijk licht, het vrijer worden door zich niet te bezwaren door allerlei rechten, verplichtingen en bezit. Dan zullen zij van daaruit, in hun wereld vrede mogelijk kunnen maken, waar zonder dat, geweld en ondergang bijna onvermijdelijk schijnen te zijn.

Ik heb dan voor u nog een paar kleine gegevens. Wanneer je probeert de werkelijkheid te bezien, doe het dan altijd vanuit jezelf. De werkelijkheid die je ziet is dus voor een groot gedeelte het beeld dat in jezelf woont. Wanneer je dit beseft kun je de werkelijkheid zelfs dan leren aanvaarden wanneer je ze nog niet overziet.

Wanneer je gelooft in datgene dat redelijk denkbaar is, zou je net zo goed kunnen geloven dat een computer beslissingen kan nemen voor het welzijn van de mensheid. Maar wanneer je begrijpt dat de mens juist mens is door het geheel van zijn mogelijkheden, zijn gevoelens, zijn intuïtie, zijn a-logische en onlogische processen, dan zul je ook begrijpen dat de ratio slechts het werktuig is, dat de rede nimmer beheersen mag maar wel gebruikt dient te worden op de juiste wijze.

Wanneer je zoekt naar waarheid, moet je uitgaan van de betrekkelijkheid van alle dingen, want een waarheid is alleen daar kenbaar, waar men alle daarin betrokken factoren kan overzien. Dit nu is op aarde nimmer volledig het geval.

Besef uw waarheid voortdurend daarom als het betrekkelijke, gebonden aan waardeoordelen die misschien even willekeurig zijn als vele van de werkthesen waarmee een mens zijn eigen kosmische beschouwingen opbouwt.

Door dat besef van de betrekkelijkheid, zelfs van de waarheid zoals u die vindt en zoekt, wilt u mogelijkerwijze meer van die waarheid gaan beleven en daardoor uw vermogen de waarheid beter te leren kennen, doen toenemen. De zin van communicatie, dus uitwisseling van gegevens hoe dan ook, kan alleen gebaseerd zijn op de behoefte tot wederkerig begrip. Daar waar een mens voor zich of voor een ander probeert iets te bepalen, zal hij moeten begrijpen dat de ander daarin een zeer belangrijke rol speelt. Schakel nooit een ander uit. Een ander uitsluiten, maakt het jezelf onmogelijk om juist te leven en te reageren. Wat u geloof, is niet zo belangrijk, hoe u gelooft is allerbelangrijkst. Hoe je gelooft is een instelling, een kwaliteit van je eigen wezen en besef.

Doe een beroep op je wezen en je besef, dit is belangrijker dan je te beroepen op regels buiten jezelf. Zoek altijd in ieder wezen iets van uzelf te herkennen. Reageer op de delen die u zelf vanuit uzelf in de ander herkend hebt en u zult in staat zijn met anderen redelijke contacten op te bouwen, maar gelijktijdig een aanvoelen, een mate van harmonie zelfs.

Datgene wat de mensen verbindt, wat dat betreft alle entiteiten verbindt, is belangrijker dan de verschillen die hen scheiden. Wie zichzelf zoekt, ontmoet God in de vele gedaanten rond hem en leert zo zijn eigen wezen beter kennen.

En dan een paar laatste punten: De zin van het leven kan alleen gelegen zijn in de aanvaarding van dood en leven tezamen als een eenheid die de zin van het zijn uitdrukt. De zin van het leven is dat men kan sterven. De zin van het sterven is dat men leeft met een bewustzijn dat rijker is dan voor men op aarde begon te leven.

Of u gelooft aan reïncarnatie of niet, één ding is zeker: u hebt de grote mogelijkheid de zin van uw leven waar te maken door het tot een eenheid te doen worden. Vrees de dood niet, begeer haar niet, zij is een alledaags verschijnsel en ook in uw leven een natuurlijk gebeuren. Door niet te vrezen en niet te begeren, maar te aanvaarden, wordt de zin van het sterven duidelijk, En door de zin van het sterven besef je beter de zin van het leven dat je achter je denkt te laten.

En dan voor degenen die misschien toch nog graag hun vleugels willen halen op een meer hemels niveau: Je kunt alleen een engel zijn, wanneer je in naam van de kracht die je dient, wordt tot dienaar van allen. Wanneer je echter in naam van de kracht die je dient, wilt heersen over anderen, dan hoor je in de tegenovergestelde, en naar men veronderstelt, meer hetere delen van de eeuwigheid thuis.