Bedenkingen bij de overgang

18 april 1989

Onthoud goed dat wij niet onfeilbaar of alwetend zijn en denk zelf na. Wat mij echt trof was uw bedenking over alles en nog wat: Na de overgang zal het misschien beter zijn, misschien ook niet en hoe moet dat nu met moslims en christenen? Dat laatste kan ik eenvoudig oplossen: Degenen die goede mensen zijn geweest, ontdekken dat hun godsdienst het niet helemaal juist had en op grond daarvan proberen ze de harmonie die ze toch al vonden, met zoveel mogelijk anderen te delen en dan is het inderdaad gezellig. En dan zijn er ook die hun eigen gelijk hoger achten dan iets anders. Die kunnen dan niet meer zien of aanvaarden wat niet de bevestiging van hun persoonlijkheid is en dat is meestal betrekkelijk weinig. Die zit in een soort getto waarin ze voortdurend dezelfde dingen herhalen voor zichzelf en met zichzelf en waarschijnlijk nog ruzie krijgen met de anderen die zeggen: Niet ik ben Napoleon, jij bent Napoleon, of omgekeerd. Een soort geestelijke waanzin die pas gebroken wordt op het ogenblik dat je aanvaardt dat je eigen betekenis praktisch nihil is tenzij in samenhang met alles wat je kunt waarnemen. En op die manier kom je dan als vanzelf dus uit wat wij een schaduwwereld noemen of een duistere wereld gelegd in wat men dan het licht noemt. Ofschoon ja, licht, wat is licht? Laten we zeggen dat de geest in dit geval meer geestelijke verlichting inhoudt dan een directe straling. Het is een vermogen om met anderen te delen wat in jou bestaat en omgekeerd te ontvangen wat die anderen in zich dragen. Het is gewoon een samenvloeiing van dingen.

Nu zult u zeggen: Wat doe je dan verder? Je komt in een sfeer terecht. Ja, wat is een sfeer? De Oude Grieken dachten dat er een heel stel sferen rond de wereld draaien, kristallijnen sferen zelfs en daar hingen dan de sterren en de planeten, enz. Sfeer zou je het best kunnen omschrijven als een soort gevoelsuitstraling die de kwaliteit van degenen die er zich bevinden bepaalt. En omgekeerd bepaald wordt door degenen die er samen zijn.

U zult dus begrijpen dat tegenstellingen op aarde die volkomen eerlijk zijn geweest, wel hebben kunnen berusten op allerhande voorschriften, op gegevens die later onjuist blijken, maar dat iemand die oprecht en eerlijk geprobeerd heeft het beste te bereiken en te doen, dan erkennen zal: Hé, het is dus anders. Maar hij blijft zichzelf en hij zal dus met anderen kunnen praten. En men vraagt dan niet meer: Ben je een jood geweest of een moslim of een christen of een boeddhist of een andere arme heiden, zoals ze het hier zo graag zeggen. Ge weet, heidenen zijn degenen die het niet eens zijn met wat wij als de waarheid believen te beschouwen zonder haar te bewijzen. En dan is dus de inhoud, het wezen, de intentie a.h.w. datgene wat u met de ander vereent.

Maar je hebt ook nog een voorstellingswereld. En die is, vooral als je nog niet lang bent overgegaan, betrekkelijk sterk. Je denkt aan een huis, aan een tuin, aan een weg misschien. Aan een of ander watertje met een bruggetje daarover. Dat wat jij je voorstelt is voor de anderen te zien. Want je draagt die indruk aan de andere over. Wanneer zij nu zeggen: 0, wat leuk, wat mooi! dan is het a.h.w. deel geworden van die sfeer, van die wereld. En op die manier kunnen er werelden bestaan waarin de meest eigenaardige stukjes herinnering zijn samengevoegd tot zo’n prachtige wereld en dat kan net zo goed een architectonisch perfecte stad zijn, als een landschap vol lotusvijvers en bomen, of als u het liever wilt, kleine dorpjes die ergens in het groen liggen te wachten tot eigenlijk alles zijn volledige bloei voltooid heeft. Al die dingen bestaan.

Wanneer een aantal personen, entiteiten zegt u dan, een dergelijk wereldbeeld gezamenlijk beleven, dan zullen zij voor hun eigen denken zich in dit decor bevinden en een dergelijk decor noemen we dan een sfeertje. Er zijn sferen bij die iedereen zou kunnen betreden omdat het beeld gemakkelijk en eenvoudig is om je er a.h.w. in terecht te vinden. Je draagt er misschien iets bij, maar verder gaat het niet.

Er zijn ook werelden die een aparte opvatting hebben. Het kan er een zijn, ik heb gezegd architectuur, maar waarom niet een wereld waarin eigenlijk melodieën gestalte krijgen? Waarom niet werelden waarin kleuren een samenschikking vinden waardoor je a.h.w. een voortdurend wisselend, als caleidoscopisch decor hebt dat de stemming van alle aanwezigen uitdrukt? In dergelijke werelden zul je niet zo gemakkelijk passen. Dergelijke werelden bestaan eigenlijk krachtens een begripscode, zeg maar een onderlinge taal die door de bewoners ervan is opgebouwd. Je zou eerst die taal moeten leren om de betekenis te begrijpen en dat betekent dan dat je begint met de betekenis van één kleurtje of één klank en dat je langzaam maar zeker vandaar leert opbouwen tot je, zoals je met letters leert schrijven, uiteindelijk hele romans kunt lezen.

Is die wereld altijd goed? Ik denk dat elke wereld die je in dergelijke sferen vindt bepaalde hiaten vertoont, gapingen, tekortkomingen. Nu heeft uw eigen wereld die ook. En uw wereld heeft dan geleerd dat je met een woord heel vaak een groot gat in de werkelijkheid kunt bedekken. Voorbeeld: Loyaliteit is zoiets, patriottisme, het ware geloof en misschien ook begrippen als democratie, socialisme. Heerlijke dingen om hiaten achter te verbergen. De mens gebruikt het ideaal om het gebrek aan werkelijkheid te verdoezelen. De geest kan dat niet en wordt dus met die hiaten in meerdere of mindere mate steeds weer geconfronteerd. Er komt een ogenblik dat je het opvullen van die hiaat belangrijker vindt dan alles wat er bestaat. Hierdoor trek je je a.h.w. terug uit de gemeenschap en kun je hetzij in een geestelijke wereld, hetzij op een andere manier contacten vinden waardoor voor jouw gevoel dit hiaat kan worden gedicht. Je kunt een grotere volledigheid, een grotere afronding bereiken.

Dat kan inhouden dat je opnieuw incarneert op aarde. Het kan ook inhouden dat je je aan bepaalde taken gaat wijden, als geest op aarde of ergens anders, er zijn planeten genoeg. Het kan zelfs betekenen dat je gaat proberen om zelfs de samenhang ervan met de duistere of lagere werelden te begrijpen. Want ook daardoor is het mogelijk harmonieën te beseffen die een beter begrip geven voor die lichte sferen, die lichte werelden.

Nu leeft u in een land dat, althans zo zegt men tweetalig is. Wanneer u zegt tweetalig, dan betekent dat dat men twee talen moet kunnen spreken en verstaan. U bent opgevoed in één taal, althans in uw jeugdjaren zult u heus niet tweetalig geweest zijn. Integendeel, u hebt waarschijnlijk al die woorden geleerd van die ene taal waarin u geboren bent, die uw ouders liever niet gehoord zouden hebben. U leert een tweede taal erbij, u vergeet de eerste niet.

Als ik in een sfeer heb geleefd, dan heb ik a.h.w. haar taal, haar harmonie leren verstaan. Ook wanneer ik naar een andere wereld ga, verlies ik die eerste wereld niet, alleen is die minder belangrijk voor mij geworden en ik kan er maar beperkt aan bijdragen: datgene wat behoort bij die wereld, niet datgene wat ik werkelijk geworden ben.

Is het zo gezellig? Ja, heel wat sfeertjes, zomerlandsfeertjes die zijn erg gezellig. Zoiets als Blankenberge op een mooie zomerse dag en er zijn sfeertjes bij waar men verder gaat en daar zit werk in, daar zit ook conflict in. Iets willen bereiken betekent jezelf beperkingen opleggen en inspanningen getroosten. In een dergelijke sfeer is het dan niet meer zo gezellig, maar als je het met elkaar eens bent, is er harmonie. Harmonie betekent niet alleen kracht, maar ook rust. En ik denk zo, wanneer je dat hele beeld opbouwt dat je zeggen moet:

Ach, het is niet zo gek om dood te gaan. Maar onthoud wel één ding: Wanneer u niet, terwijl u sterft, dus nog in leven zijnde, een geleider ontmoet die u meeneemt, dan zal uw eerste ervaring zeer waarschijnlijk zijn het vallen door een soort glijkoker, een donkere koker of tunnel en aan het andere eind is het verlicht. En u glibbert een hele tijd en tegen dat je bij het licht komt, rem je af. Afgeremd hebbende blijf je een tijd naar het licht kijken en wat je daarin ziet is je eigen herinnering. Pas vandaar uit ga je dan verder. Heb je geestelijk tot een bepaalde groep behoord en komen ze je dan helpen of afhalen, dan is de harmonie van die groep bepalend voor jouw mogelijkheid in de eerste periode van je geestelijk bestaan.

En dan de duistere werelden. Je kent die mensen die niet willen luisteren naar anderen. Ze willen alleen maar zeggen: Dit is de waarheid en dat staat geschreven en er is niets anders. Als je zo denkt is de wereld klein. Je stoot anderen af. Nu kan dat nog met een goede bedoeling zijn en dan blijft er nog enig contact. Maar stel je nu eens voor dat je hebt gezegd: Menselijkheid, ja, ik ben zeer menselijk en ik voel voor de mensheid maar wij moeten denken aan het geld, aan de werkgelegenheid. Zo een staatsman: Ja, we hebben de oplossing gevonden en de oplossing is mogelijk. Maar dat kan niet. Laten we nog wat bommen maken en wat extra wapens, dat is nodig voor de werkgelegenheid en anders kan de industrie niet meer verdienen. Kent u dergelijke mensen? Nee? Prijs u gelukkig. Ze zijn er wel maar u kent ze waarschijnlijk niet. Pleit in uw voordeel. Wanneer u met dergelijke typen te maken hebt dan zijn ze zo eenzijdig dat ze alleen met één ding bezig zijn. En dan zitten die mensen in het hiernamaals alleen maar eindeloos te wachten op degene die hen om komt kopen en die komt niet. Wat een frustratie, dat is de hel.

Er zijn anderen die hun geld proberen te tellen. Iedere keer dat ze het geteld hebben verdwijnt het en dan moeten ze zoeken waar. Maar hier is het weer en dan gaan ze opnieuw beginnen. Hebt u weleens geprobeerd om laten we zeggen twintigduizend stukken van vijf frank te tellen? Elke keer dat u boven de tienduizend bent dan komt er een binnen of je een kopje koffie moet hebben en dan kun je opnieuw beginnen. We kunnen er even om lachen, maar dat bedoelen we met geestelijke frustratie. Dergelijke frustraties kunnen zelfs voeren tot wat wij dan meestal inkapseling noemen. We proberen het altijd te voorkomen als het kan vanuit onze wereld dan, maar het komt voor. Dergelijke mensen zijn ingesponnen in een cocon die alleen nog maar kan stamelen: ik, ik en a.h.w. wegzakt in een niet bestaande, brijige modder die langzaam maar zeker alles bedekt en alleen nog maar het ik, ik, ik, laat doorklinken tot zelfs die verstomt en pas op dat ogenblik komt de cocon weer boven en dan is het iemand die zichzelf vergeten is, die opnieuw moet leren. Zo’n werelden bestaan er ook.

En of er gevochten wordt in de geest? Als je alleen maar geestelijke ogen hebt is een blauw oog moeilijk te geven. Dus laten we ons goed realiseren, strijden is iets anders. Wanneer er strijd is dan is dat heel vaak een poging om je eigen denken aan een ander op te leggen. Maar wanneer iemand dat gewoon verwerkt en daarbij zijn eigen denken terugkaatst, moet je kiezen: samenwerken of afbreken. Daarom is strijd in hoge mate in de geest eigenlijk niet mogelijk. Wanneer er sprake is van tegen bepaalde dingen strijden of vechten dan is het meestal in werelden en sferen waarin geprobeerd wordt om hiaten in het bewustzijn of vermogens tijdelijk op te heffen, om iets te geven dus. En ik geloof niet dat je dat vechten kunt noemen, strijden in de stoffelijke zin.

Trouwens we zijn op aarde ook druk bezig op het ogenblik om bepaalde dingen een beetje te veranderen en daarbij maken we gebruik van de mogelijkheid om allerhande kleinere en grote schandalen te doen ontstaan, bekend te maken. Voor de schandalen zorgen de mensen zelf meestal wel, maar de publicatie is dan van ons uit, omdat het anders staatsgeheim blijft. En daarnaast proberen we dus in bepaalde strijdelementen uiteindelijk een oplossing te forceren. Wanneer mensen niets anders meer kunnen denken dan oorlog, moeten zij overwonnen worden of winnen, anders blijft de strijd eeuwig duren. Daar zijn we ook mee bezig. Er zijn er onder ons die zeggen: Ach, we proberen de mensen te helpen, of idioten, zoals ik die denken: Nou ja, wanneer we de mensen allerhande dingen voorleggen dan worden ze zich misschien bewuster van wat ze zelf zijn. En zo is ieder van ons op zijn manier bezig in zijn eigen sfeer, vanuit zijn eigen sfeer misschien via verschillende sferen werkend zelfs, om datgene te doen wat behoort tot zijn wezen, tot zijn persoonlijkheid. Maar daarmee uit je niet wat je zelf bent, maar ook datgene wat de groep is, de sfeer waartoe je in feite met de grootste binding behoort.

Ik dacht dat ik daarmee een aardige schets had gegeven. Commentaar? Als het niet duidelijk is, u ziet het later wel. Zo zijn er andere dingen waar we moeten aan denken natuurlijk. Een oud gezegde verkondigt dat de weg naar de hel is geplaveid met goede voornemens. Een voornemen is in feite niets anders dan een denkbeeld. Wanneer een denkbeeld in je bestaat en je kunt dat voor jezelf bevestigen als juist en goed, dan moet je het ook waarmaken. Het is voor een mens nu eenmaal zo dat het niet voldoende is om alleen innerlijk goed te zijn. Als u dan naar buiten toe andersom bent, dan telt dat niet. Dan wordt hij alleen geconfronteerd met een chaotische werkelijkheid kort na zijn overgang. Probeer dus in is hemelsnaam dat wat je als innerlijk juist aanvoelt ook naar buiten als zodanig te beleven. Wanneer u gelooft in de noodzaak om verdraagzaam te zijn, vraag het dan niet van anderen, wees het zelf.

U weet wat naastenliefde is voor een van onze vrienden. Christelijke naastenliefde is de liefde die de christen van zijn naaste om Christus wil meent te mogen eisen. Verdraagzaamheid is iets wat wij in naam van de algehele verdraagzaamheid van anderen eisen. Maar laten we eerst zelf verdraagzaam zijn. Laten we eerst zoeken naar wat ons verenigt met anderen en laten we dan niet alleen uitgaan van uiterlijke leringen of normen zonder meer. Laten we kijken wat erin onszelf leeft, want, of u het gelooft of niet, u bent op het ogenblik alleen een geest in werkverpakking.

U bent datgene wat we zojuist als deel van de geestelijke werelden hebben omschreven. U bent alles wat als deel van de kosmische kracht kan bestaan in uw wezen, door uw wezen, in uw persoonlijkheid. U bent niet alleen maar een mens, of een rijk mens, of een zielig mens. U bent een geest, met de krachten van de geest, de mogelijkheden, de gaven van de geest in u. U kunt zich dat niet volledig realiseren. U kunt dit niet verstandelijk beredeneren. U kunt het alleen aanvoelen want het is niet rationeel, het is niet redelijk. Het ligt op een zeer onbewust vlak en bepaalde geestelijke reacties doen voor de mens eerder aan als een instinctdwang, dan als een reëel en overlegd handelen. Juist omdat u een geest bent, hebt u met bepaalde werelden, of ze duister zijn of licht, een band, een harmonie, een verbondenheid met wat er aan kracht leeft in die wereld. Dat leeft ook met u in deze wereld. Wat er leeft aan uitstraling in die sfeer waarmee u verbonden bent, dat kan vanuit u uitgaan als een kracht, als een licht, als een troost, als een vreemde emotie.

En daarom zeg ik dat het helemaal niet zo belangrijk is om na te denken over alles wat er komt als je doodgaat. Dat komt toch. Tenzij u het eeuwige leven hebt. Maar als u op aarde het leven hebt, heb je nog geen leven, en als u dood gaat hebt u het eeuwige leven en dat is pas leven. En ik hoop dat u levendig zult hopen niet op het eeuwige leven op aarde te rekenen.

Als u kracht bent, als u licht bent, als u verbonden bent ergens, al weet u niet hoe of op welke wijze met een wereld in de geest, dan is het toch wel degelijk zo dacht ik dat u dan ook wel de consequenties daaruit zult moeten trekken. Het is niet alleen maar: Wat doen we later? Wat zijn we vandaag? Wat u nu bent, bepaalt al dat deel van de geest waartoe u behoort. Wat u nu vanuit uzelf verwerkt, uit doet gaan in uw wereld. Wat u omzet in een ook voor u meer tastbare werkelijkheid. Dat is deel van het leven van later en het leven van nu. De grens tussen beide is alleen een grens in belichaming, niet in bewustzijn.

Waarom zou u aarzelen? Je kunt niet alle zieken genezen. Sommige zieken, al willen ze bewust beter worden willen onbewust ziek zijn. En als de verdeeldheid niet geheeld wordt die eerst bestaat, dan kun je ook geen verbetering bereiken die blijvend is. Dat is duidelijk.

Anderen zeggen: Ja, ik zou graag een wonder zien gebeuren. Het feit dat u leeft, dat u ademhaalt, dit is al een wonder maar daar kijkt u niet naar. Een wonder. Wat is een wonder? Een wonder is iets waardoor ook de wijste mens niet onmiddellijk een pasklare, bewijsbare oplossing heeft. Meer niet.

Uw kracht kan u helpen. De harmonie, de verbondenheid dus met anderen in de geest en in uw eigen wereld kan u helpen, uw probleem oplossen, het geweld in de wereld uitbezemen op aarde kunt u voorlopig wel vergeten. De mens is nu eenmaal een wezen dat zichzelf aan zichzelf voortdurend moet bewijzen en daardoor voortdurend anderen tot dienaren of slachtoffers kiest. Het is gewoon deel van uw cultuur, van uw menszijn. Maar de verbondenheid die u kunt vinden, de relatie, die is blijvend. Het geeft niet van welk geloof u uitgaat. Of u gelooft in de Koran, de Tora volgt, de Evangeliën misschien of het Oud Testament, of u houdt van de Veda of als u misschien meer houdt van de filosofen, Taoïsme, Confucianisme en dergelijke, dat doet niets ter zake. De leer is de aanleiding tot het vinden van verbondenheid. Het is die verbondenheid die het doet, niet de formulering. Het is uw wezen waarin de kracht leeft en waaruit die kracht kan barsten omdat u deel bent van een grotere wereld. Het is niet uw leer. Uw leer kan u helpen om die kracht a.h.w. te kanaliseren, maar meer niet. Maar het is uw wezen dat de eenheid moet vinden, de verbondenheid. En vandaar uit de kracht laten uitgaan.

Dat was het bijna, vrienden. Ik heb nog een paar korte opmerkingen te maken ten aanzien van deze tijd. Zoals u weet is het een periode met allerhande anomaliteiten in de gewone gebeurtenissen op elk terrein. Het is een wereld waarin je eigenlijk geen raad denkt te weten, omdat je de wereld probeert te toetsen aan iets dat niet meer bestaat: de oude waarden. Toets de wereld aan uw innerlijk begrip van goedheid en wees dan goed voor die wereld. In deze voortdurende veranderingen is de poging om harmonisch te zijn, om goed te zijn en uzelf te zijn om te aanvaarden voorlopig wat u niet begrijpt, de beste weg. Want de omwenteling die op aarde zich afspeelt, is aanmerkelijk versneld. We gaan zeer snel naar het jaar ‘91, ‘92 toe, de periode waarin de samenwerking op elk terrein gaat ontwikkelen. Die samenwerking is niet alleen maar de E.E.G., het moet zijn mens met mens, mens tegenover mensheid. De eenheid die moet worden opgebouwd kan niet beperkt worden door welk systeem van nationalisme of wat anders. De vernieuwing kan alleen worden opgebouwd door een vernieuwd begrip van broederschap en verbondenheid. En dat houdt ook in dat u, zeker in deze periode, er beter aan doet afstand te doen van een overdreven sentimentaliteit, een emotionaliteit die u misschien door anderen wordt gepredikt als lovenswaardig of noodzakelijk.

Liefde is helpen waar je kunt. Niet jezelf vernietigen omdat je niet helpen kunt. Verdraagzaamheid is niet: worden als een ander omdat u dat prettiger vindt, maar aanvaarden omdat er verschillen bestaan tussen jou en een ander en zoeken naar enig punt waardoor je toch samen iets beter kunt doen.

We zijn nog niet aan vrede op aarde toe, maar we zijn heel dicht bij de werkelijke kentering en daarmee voorlopig ook waarschijnlijk een zekere mate van chaos. Een mate. De verwardheid van mensen, het onbegrip, de verandering in systemen, waarden, waarderingen. Wees verdraagzaam. Probeer harmonisch te zijn. Beroep u op datgene wat in u leeft en probeer van daaruit voor de mensen iets te zijn wat u zijn kunt zonder er sentimenteel, emotioneel mee verbonden te zijn, want dat kan niet meer dezer dagen als u uzelf niet ten gronde wilt richten.

Heb uw naaste lief door hem te dienen waar u kunt, maar maak uzelf niet tot een dienaar die zichzelf niet meer beseft. En wanneer u dat allemaal samenvoegt, denk ik dat u een aardig beeld hebt van wat er aan de hand is en dat u daardoor waarschijnlijk ook eenvoudiger uw eigen relatie met het leven na de dood tot stand kunt brengen.

Bij gebrek aan verder commentaar mag ik u in elk geval zeggen: Vrienden, ik ben u dankbaar voor uw beleefd en prettig gehoor. Ik hoop u een paar punten te hebben voorgelegd die nadere overweging waard zijn en dat u, uw conclusies getrokken hebbende, in ieder geval ten aanzien van de conclusies niet alleen zult denken, maar ook handelen.

TOEMAATJE

Wanneer we spreken van veranderingen, dan denken velen onder u: de geest zal het doen. De geest doet wat hij kan, maar kan de geest wat u kunt? Wij moeten werken door de mens, door de omstandigheden. Gij kunt zelf zijn, werken en daar behoren allerhande bezigheden bij. En dat, mijne vrienden, maakt u duidelijk dat er niets onbelangrijk is. Er zijn oorlogen, maar in die oorlogen zijn veranderingen. Het zijn de veranderingen die meer betekenen dan de strijd en haar bron op zich. Er zijn volkeren die terug streven naar de middeleeuwen maar zichzelf vernietigend zullen ze moeten groeien naar een toekomst waarin de mensen het eens zijn.

Sommigen dromen van heerschappij en meerwaardigheid, maar slechts zij die weten hoe te dienen zullen in toekomstwaarde kunnen bezitten. Zoals het land ligt te wachten op de eerste stralen van de zon, de eerste gloed van een naderende lente, zo ligt de wereld met haar problemen te wachten op het onvermijdelijke dat niet schijnt te komen in de voortdurende buien van ongeregeldheden, slecht begrepen gebeurtenissen en menselijke vergissingen

Ik zeg u: Er zijn al bloesems te zien. Meer vrijheid ontstaat in de geest van de mens dan lange tijd het geval is geweest. Meer zoekt de mens zichzelf te zijn maar nog altijd vraagt hij de ander hem daartoe de middelen te geven, niet beseffend dat hij zo het product wordt van de middelen en niet zichzelf.

Wij kunnen dit alles samenvatten en zeggen: Wij willen werken met alle krachten die bestaan. Maar kies uw krachten goed.