Begrippen over inwijding en bewustwording

20 juni 1967

Dit zijn begrippen die deels filosofisch behandeld moeten worden, maar die aan de andere kant toch ook zijn praktische achtergronden en mogelijkheden met zich brengen.

De kwestie van inwijding. Er zijn heel veel versies over inwijding in omloop. Sommigen gaan uit van de studie. Men zegt wij moeten mentaal de zaak begrijpen. Het is duidelijk dat een werkelijke inwijding nimmer werkelijk alleen mentaal kan zijn, en het is ook duidelijk dat de studie op zichzelf wel een verrijking van eigen uitdrukkingsmogelijkheid en begripsmogelijkheid met zich brengt, maar daarom nog niet de mogelijkheid biedt het transcendentaal, het andere a.h.w., in je te verwerken.

Er zijn ook mensen die menen dat inwijding een kwestie is van een moeizaam geestelijk proces. Die zitten iets dichter bij de waarheid, maar ook dat is niet helemaal juist. Wat inwijding betekent is al vaak genoeg gezegd, het is het leven in een andere wereld. Misschien kan ik het u het beste zo zeggen:

“Een inwijding dat is of je in een vreemde wereld je ogen opendoet en ziet”. Dat is het beste beeld dat daarvoor te geven is. Wat ligt daar nu ten grondslag aan en wat is de betekenis ervan?

De grondslagen van inwijding kunnen we als volgt samenvatten: Een mens bestaat uit twee voornaamste delen. Het ene noemen we dan maar psyche, het tweede zullen we het fysiek of de materie noemen. In de materie bestaat een tegenstelling. Er zijn twee elementen: het verstand en wat we kunnen noemen het instinct, of het aan het wezen inherente gedragspatroon. Deze beide zijn met elkaar op vele punten strijdig. Dan hebben we de geest. En in de geest kennen wij het begrip of bewustzijn en daarnaast kennen wij in de geest de bron van kracht, het element van leven en dit element van leven heeft een andere en grotere inhoud dan het begrip, ook hier een strijdigheid. Als je wilt spreken in de termen van de oudheid, dan kun je zeggen: in de mens zijn de elementen samengevoegd, of als je alchemistisch wilt spreken: in de mens vinden wij de kwik en de sulfer maar in onevenwichtige verhoudingen. Wat betekent dit:

  1. Een groot gedeelte van de zogenaamde zielsconflicten van de mens zijn in feite conflicten tussen rede, verstand en eigen materiële eigenschappen.
  2. Een groot gedeelte van de onrust in de mens komt voort uit zijn onvermogen om zijn levenskracht en zijn bewustzijn samen te voegen en in harmonie te brengen. Al deze delen van het ego bestaan, als u op aarde leeft dus, in een grotere kracht die we dan het best het Goddelijke kunnen noemen.

De naam die we er aan geven is niet zo belangrijk. Wanneer we maar begrijpen dat het iets is dat wetten kent, dat kennelijk reageert en dat de schepping a.h.w. in zich bevat; de schepping ook waarschijnlijk in stand houdt.

Nu moet u dus beginnen om eerst uw eigen onevenwichtigheden te overwinnen. Dat kun je nooit doen alleen door de rede. En in die rede zullen we dan ook de verwachtingen, de angst nemen die men dan vaak als bron van geloof of ideologie gebruikt. Die moet men in overeenstemming gaan brengen dus met de eigen inherente eigenschappen van het wezen dat men is. Een mens die eenmaal in staat is in zich een beheersing te vinden van zijn zinnen, dus meester te zijn van zijn lichaam en daarnaast gelijktijdig in staat is om de noodzaken en de behoeften van dit lichaam te erkennen en deze ook toe te laten en te gebruiken waar dit noodzakelijk of gewenst lijkt, dan hebben we in ieder geval al te maken met een mens die alleen nog maar de tegenstelling kan vinden met bewustzijn en eventueel levenskracht.  Doordat je op aarde beheerst gaat optreden, verandert er ook redelijk iets. Het menselijk denken reageert op een bepaald niveau.

Vb. Iemand is wetenschappelijk getraind, hij heeft zijn hele leven wetenschappelijk gedacht. Nu wordt deze persoon een tijd lang beïnvloedt door dingen als L.S.D., Mescaline enz. Deze mens is niet meer in staat zijn ervaringen weer te geven. Zijn reactie is dat zijn denken niet past, hij moet zijn denken omscholen. Het resultaat voor de wereld is dat een wetenschapsman die te lange tijd proeven met dergelijke stoffen neemt, niet meer in staat is om wat men noemt zuiver wetenschappelijk te denken. Ik hoop dat u dit kunt begrijpen.

Op het ogenblik dat iemand alleen een lichamelijke scholing heeft, ontstaat al een andere waardering van de wereld. Bepaalde remmen, het wantrouwen tegen eigen instincten bv. vallen weg. Bepaalde punten van frustratie, ideeën van mentaal onvermogen bv., minderwaardigheidscomplexen zijn wat dat betreft nogal dik gezaaid, maken plaats voor een zekerheid van optreden. Men heeft zijn eigen waarde gevonden, men is meester over zichzelf, en doordat de zorg wegvalt, doordat bepaalde remmingen wegvallen, ontstaat dus geestelijk wat je kunt noemen een grotere verlichting.

Deze geestelijke verlichting houdt in dat het bewustzijn van de geest, dus de achtergronden die de doorsneemens hoofdzakelijk emotioneel erkent en aanvaardt, een groter aandeel gaan krijgen in zijn denken, in zijn reageren. Er ontstaat een eenheid van lichaam en een deel van de geest. Maar nu moeten we nog een balans vinden voor de levensenergie. Wij moeten in onszelf een ritme, een periodiciteit, weten te vinden waardoor dus het leven steeds juist dan eisen gaat stellen aan ons, wanneer we in staat zijn energie te geven, en wij ons terug, kunnen trekken in overpeinzing bv. wanneer die daadenergie niet aanwezig is. Er ontstaat een balans, een evenwicht waarin de mens actief is, in de tijd dat hij de kracht daartoe heeft en in de recuperatietijd, de tijd van zich herstellen, geestelijke activiteiten kent. Doordat deze beiden elkaar in evenwicht houden wordt de mens een totaal, een eenheid. En deze totaliteit kan zich dan bevrijden van een groot gedeelte van de illusies die er bestaan.

Ik weet wel, er wordt hier naar de mening van velen, zelfs te vaak gepraat over waan en illusie. Maar goed laten we de zaken precies eens nemen zoals ze zijn. Waar denkt u dat uw problemen vandaan komen? Problemen in de industrie bv.? Neemt de werkeloosheid toe? Moeten bedrijven gesloten worden? Is daar verzet tegen, waar komt dit uit voort? Uit het feit dat de maatschappij zich alleen heeft gericht, bijna eenzijdig, op wat zij industrie noemt, industrialisatie. Zij heeft geen oog voor de waarde van andere dingen. Zij ziet alleen hierin en in de productie die daaruit voortvloeit, het verbeteren van gemeenschap en leven. Wanneer dat niet meer is vol te houden, wordt die maatschappij onevenwichtig en dan komen er deze protesten, dan komt de ondermijnende, de wantrouwende houding van de koper, waardoor de productie nog meer zakt. Ik zou zeggen dat is begrijpelijk, of niet? Dan is hier dus sprake van een onevenwichtigheid in de maatschappij. Een eenzijdigheid. Een andere eenzijdigheid zien we bv. in problemen als Vietnam, Arabië-Israël. Natuurlijk kunnen we zeggen dat de strijd in Vietnam een noodzaak is voor beide partijen, maar daar zijn we er niet mee. De ene partij, de Noordelijke moet vechten omdat haar geloof is dat zij moet winnen. Zou zij dit geloof verliezen, dan verliest de mens die zich daaraan bindt levensinhoud. Het is een illusie, maar men heeft zich daaraan vastgeklampt. Het resultaat is dat men vechten moet en aan de andere kant precies hetzelfde, wij moeten de democratie doen zegevieren, waarbij dit begrip democratie in het gedrang komt, niemand meer weet waar men aan toe is, maar men wel één ding weet: Wij mogen niet de minsten zijn.

Is dat een onevenwichtigheid of niet? Dat is een kwestie van angstcomplexen, dat is vrees voor het bestaan. Een mens die inwijding zoekt moet eerst uit deze wereld weg. En stel u nu voor dat je geen angst meer hebt, je niet bang bent, dan heb je geen reden om een ander aan te vallen. Dan verdedig je je misschien maar nooit meer dan noodzakelijk is. Dan ben je zelfs niet meer verdraagzaam, want verdraagzaam dat is dulden.  Je aanvaardt. En door die aanvaarding van het leven, van het bestaan, ga je objectief begrijpen wat er aan de hand is. Je gaat ontdekken dat buiten alles wat jij ziet en wilt en vreest, er iets anders is een grotere macht, noem het God, Goddelijke Wil, Goddelijke Kracht, Almacht. Geef het een naam. En dan komt de mens tot het besef, die kracht is overal ook in mij. Hij wordt a.h.w. zich bewust van die kracht zoals die bij en in hem is. Hij ziet wat deze kracht betekent, hij kan die kracht tot uiting brengen. Dat is nu inwijding: zien wat de werkelijkheid is en de kracht beseffen die er is. De alchimisten noemen het de “quinta essentia” (vijfde element) en de ouderen die zouden gezegd hebben, oude kundige denkers, ach dat is natuurlijk de kwestie van de wereldether, van die eigenaardige stof die alles doordringt. Het is natuurlijk mogelijk. We zouden het moderner kunnen zeggen misschien, kunnen zeggen: alle materie valt uiteen in de kleinste eenheden, die alles kunnen doordringen waar alle mentale reacties eigenlijk van afhangen, waar de hele wereld op is gebouwd. En wanneer we die kracht beseffen kunnen we haar ook gebruiken en dan zijn we machtig.

De ingewijde ontvangt macht, maar hij ontvangt ook gelijktijdig werkelijkheidszin. Hij beheerst zichzelf. Nu begint eigenlijk het werkelijk proces van bewustwording.

Al het andere dat is een schuiven met waarden geweest in een wereld van waan. Dat is het werken met illusies. Ik hoop dat ik niemand kwets wanneer ik het zeg; maar u heeft een geloof, maar wat is dat geloof eigenlijk, wat gelooft u en waarom? Wat geeft dat geloof u anders dan zekerheid? Een gevoel van verbondenheid dat is alles, dat geloof op zichzelf is niet een feit voor u. Als het een feit zou zijn dan zou u niet hier zijn, dan zou u buiten zijn om zieken te genezen of om allerlei andere goede dingen te doen. Het geloof is voor u juist geen feit. En of u nu al uw godsdienstige plichten vervult of niet, het is geen feit, het is niet een werkelijk leven, het is niet een werkelijke kracht voor u. Wanneer u dat nu begrijpt, dan zult u ook begrijpen dat u bij die inwijding, bij die bewustwording, eerst van die illusie af moet. Ik zeg dus niet het Christendom is onwaar, maar ik zeg het Christendom zoals het beleefd wordt is een toevlucht, is een vlucht uit de werkelijkheid naar de illusie en is helemaal niet een concrete beleving van waar.

Dat heeft niets te maken met de waarde van het Christendom of van een Kerk op zichzelf, het gaat om u, het gaat om de mens. Maar wanneer die mens dus niet meer ter kerke gaat uit vrees of uit gewoonte, wanneer hij niet een functie vervullen wil omdat hij daarmee meer lijkt, maar werkelijk harmonie wil kennen. Wanneer hij in die kerk niet gaat naar “de” kerk, maar God ontmoet op zijn wijze, dan wordt de zaak anders, dan valt de coulisse weg.  Dan blijft er een realiteit over, waarin alle feiten hun plaats hebben. Dan ga je pas beseffen wat de schepping betekent, dan ga je begrijpen wat je zelf bent. Je beheerst jezelf materieel, je bent meester van jezelf, dat wil niet zeggen dus dat je niet leeft als een stoffelijk mens. Het heeft er niets mee te maken of je nu als celibatair leeft of niet. Het heeft er niets mee te maken of je volgens je medemensen braaf bent of niet zelfs. Het heeft er alleen maar mee te maken dat je beseft en voldoende meester bent, meester van jezelf om, en dat is belangrijk, je erkenning te uiten. Je vindt niet alleen vrede, geluk, een soort niets waarin de zin van het leven zichzelf is. Je vindt daarnaast de betekenis van alle details.

Je gaat functioneren als deel van een groot geheel en niet meer als een afzonderlijk wezen dat probeert iets tot stand te brengen. En dat is nu een heel belangrijk punt. Bewustwording is niet het leren kennen van meer stellingen, of het vinden van een intenser geloof. Bewustwording is de werkelijkheid beseffen en je plaats in die werkelijkheid. Jezelf maken tot datgene wat je in de totaliteit moet zijn. Ik weet het er zijn verschillende groeperingen die daaraan hun eigen termen geven. Een Maçon zou waarschijnlijk zeggen dat je jezelf moet maken tot de perfecte bouwsteen die zijn plaats heeft in de tempel. Een alchimist zal zeggen dat u uit uzelf het geestelijk goud moet maken en dat u erkennende de quinta essentia (daar is de Goddelijke kracht weer) dus moet maken van uzelf de steen der wijzen. Het zijn maar termen, die termen zijn onbelangrijk. Maar belangrijk is wat je bent, wat je kunt zijn.

En het meest belangrijke daarbij is wel dat een besef van de werkelijkheid hoger staat dan alle materiële wetenschappen. Materiële wetenschap kan die werkelijkheid uitdrukken voor anderen, maar materiële wetenschap op zichzelf drukt niet noodzakelijkerwijze ook werkelijkheid uit. Als u dat niet gelooft moet u maar eens nagaan hoeveel wetenschappelijke redeneringen in feite niet op een axioma berusten, iets wat schijnbaar bewezen is, maar wat je eigenlijk niet verder volgens de termen van de wetenschap zelf kunt aantonen. Dat zou bewijzen dat er ergens zwakke punten zijn.

Wat moet je dan doen als mens wanneer je die inwijding gaat zoeken, wanneer je gaat zoeken naar de werkelijke bewustwording?

  1. Je moet natuurlijk zorgen dat je baas bent over jezelf. Baas zijn over jezelf dat wil zeggen; dat je dus alles wat je doet, doet omdat je het wilt. En dat je alles wat je niet wilt, ook werkelijk niet doet, ongeacht de kosten, ongeacht de schijnbare consequenties. Dat lijkt gevaarlijk; mens doe alleen maar wat je wil, dat zal me een potje worden! Neen helemaal niet, want wanneer ik iets werkelijk wil, niet begeer of zo, maar wanneer ik het werkelijk wil, dan zie ik het als iets wat voor mij juist is, goed is, wat voor mij waar is. En wat voor mij waar is dat moet ik dan ook uiten. Maar ik moet mezelf ook aanwennen om dus zo nu en dan eens niets te doen. Ik kan bv. op een gegeven ogenblik tegen mezelf zeggen: vandaag rook ik niet, of vandaag eet ik niet, of desnoods vandaag drink ik niet en dan houdt u zich daaraan. U bent baas. Zorgen dat je een zeker meesterschap hebt over je lichaam is belangrijk. En dat houdt ook in, zover het u nog mogelijk is, dat u een klein beetje aan sport moogt doen, wat lichaamsbeweging moet nemen, dat u moet zorgen dat ook uw spieren u gehoorzamen. Heel eenvoudig, maar dus doodgewoon, zorg dat je het gevoel hebt: “ik ben mijzelf lichamelijk althans meester”. Probeer dat niet ineens te doen in grote dingen, begin met kleinigheden. Zorg dat je dat meesterschap eerst in het kleine vindt. Wanneer je die meesterschap bereikt in het kleine, kun je het dus ook in het grote vinden. Maar als je ineens het grote neemt dan faal je en dan ben je ontmoedigd.
  2. Leer wat ik zou noemen geestelijk denken. Geestelijk denken dat betekent: alle menselijk argumenten zijn aanvaardbaar, alle menselijke redelijke kennis is aanvaardbaar, maar de conclusies daarvan binden mij niet. Ik, vanuit mijzelf alleen moet de zin beslissen die in deze dingen ligt. Wat mij als ware leer wordt voorgezet, wat mij als openbaring wordt gebracht, mag mooi en goed zijn, maar ik ben degene die denkt. Ik ben degene die de conclusies trekt. Ik ben degene die een verantwoordelijkheid neemt. Wanneer je dan mentaal zover bent gekomen dat u een bepaalde conclusie hebt getrokken, dan zult u daarnaar moeten handelen.   Besef dat elke mens gebonden is, elke bewuste handeling aan elke bewust aanvaarde verantwoordelijkheid en dat die onder geen beding ongedaan kunnen worden gemaakt. Zij kunnen veranderen maar wat is, is niet te veranderen.  Wat vandaag bestaat, wordt verleden; zodra het verleden is, is het onveranderlijk gegrift in uw wezen, of het goed is of kwaad, u kunt het nooit meer verliezen. En wanneer u dat dan allemaal probeert, vraag u dan af welke gevoelens beroeren mij en dan krijgt u bepaalde spanningen te verwerken, een gevoel van opgewektheid, gevoel van bedruktheid, een reactie op de dingen die u niet kunt verklaren. Houdt daarmee rekening. Het is niet alleen maar intuïtief, het is meer. Het is uw geest die ingrijpt vanuit haar bewustzijn. Aanvaardt die materieel. Meer kunt u op dit niveau eigenlijk niet doen, maar u kunt er wel voor zorgen dat u uw energie juist dan gebruikt wanneer u ze bezit.  Met andere woorden, wanneer u nog altijd prettig werkt in de late namiddag zorg dat uw belangrijke activiteiten uw inspannende activiteiten in de late namiddag vallen. Werkt u liever ‘s nachts, werk dan vooral aan belangrijke dingen ‘s nachts. Wanneer u merkt dat u een bepaald ritme heeft waarin u meer energiek en minder energiek bent, probeer uw taak dan zo te stellen dat uw grootste activiteit samenvalt met de top van uw energie, uw levenskracht. Wanneer u dat doet, dan leert u ook in ritme te leven en dan schept u voor uzelf de mogelijkheid van geestelijke harmonie. Deze mogelijkheid, zult u dan erkennen vaak in een vorm van visioenen, dromen of uittredingen, een extase misschien. Die extase op zichzelf is geen openbaring, die uittreding die is geen openbaring. Het is alleen een beleving van het hogere, het is niet de werkelijkheid. Streef er ook niet naar dit voortdurend te herhalen, hoe meer u ernaar streeft hoe minder kans dat het gebeurt. Aanvaard het voor wat het is, een uitdrukking van een evenwicht dat u op geestelijk niveau gaat vinden.
  3. Wanneer u ontdekt dat uw wereld er anders uitziet, dat u dingen ineens anders ziet, probeer niet het oude vast te houden, aanvaard de nieuwe toestand. Begin steeds vandaag opnieuw te leven op basis van wat er is ontstaan en wat uzelf bent, maak geen plannen voor overmorgen; behalve wanneer het onvermijdelijk is, werk vandaag af, wat u kunt. Doe vandaag wat u kunt. Denk vandaag wat u kunt en wanneer het klaar is, houd u er niet teveel meer mee bezig, het is alleen referentiewaarde, het is eeuwig geworden. Door op deze wijze te werken ontstaan zowel innerlijke harmonie als een vorm van inwijding en bewustwording.

Zodra u kunt voelen dat u met de kosmos volledig verbonden bent, streef dan in alle dingen naar een harmonie met deze kosmos zoals u haar erkent. Omschrijving is dus niet belangrijk, streef naar harmonie ermee. U zult ontdekken dat uw wereld wederom verandert, dat u andere waarderingen vindt, dat u de dingen anders gaat zien en beleven. En dan pas kunt u zeggen: nu sta ik op het punt waarop inwijding werkelijkheid kan worden, nu kan ik beginnen aan een bewustwording die eindigt in mijn één zijn met de kosmos in een waarlijk kosmische harmonie.

Ik heb u dit alles niet voorgelegd alleen maar omdat het zo interessant is, maar omdat het praktische betekenis heeft in deze tijd. Wanneer u de werkelijkheid niet kunt zien van deze coulissen die overal rond u staan, dan zult u steeds weer in grote problemen en moeilijkheden komen. Wanneer u angst kent, dan zult u niet in staat zijn waarlijk te leven, dan wordt u gedreven, maar leeft u zelf niet. Wanneer uw begeren u steeds weer overspoelt en overheerst dan bent u eigenlijk ook niet baas over uzelf, u kunt geen ware vrede geen waar geluk vinden. De wereld is verward op het ogenblik. In die verwarde wereld is een reageren op de schijn altijd weer verkeerd reageren, verkeerd denken, verkeerd handelen en daarmee het scheppen van nieuwe problemen. Wanneer u ook maar iets van wat ik u hier vertel, probeert in praktijk te brengen, dan zult u in die wereld wat vrijer staan. U zult wat meer kracht hebben dan een ander, u zult zich gemakkelijker kunnen aanpassen, herstellen, u zult eenzijdigheden vermijden en door niet partij te kiezen voor een groep of een idee maar alleen voor waarheid zoals u haar ziet, zult uzelf vrede en kracht vinden en dan kunt u mensen genezen misschien met geestelijke kracht, maar dat is niet belangrijk. U zult misschien toekomst voorspellen, maar dat is ook niet belangrijk. Maar wat u kunt zijn dat is de weergave van een eeuwige waarheid. Een rustpunt in de turbulentie van de tijd. Een zekerheid daar waar alle zekerheden beginnen te wankelen en te wijken. En dan kunt u op die manier velen helpen, grote dwaasheden te vermijden.

Ik vraag dit zeker niet voor mijzelf. Ik vraag het voor u en uw eigen wereld. Denk over deze dingen eens na, probeer voor uzelf eens iets te begrijpen daarvan. Probeer eens te zien hoe je niet alleen met ideeën en leuzen kunt leven. Maar dat je moet leven met de werkelijkheid, een werkelijkheid van mensen, van natuurwetten en kosmische wetten waaraan je onderworpen schijnt te zijn. Begrijp dat er geen enkele volledige zekerheid in de materie bestaat of bestaan kan, en bouw daarom in jezelf een zekerheid die is gebaseerd op het erkennen van de feiten zoals ze nu kenbaar zijn en het juist reageren op dit moment, zonder terug te grijpen naar het verleden, zonder vooruit te lopen op de ontwikkeling, dan ben je bij in het gebeuren in de wereld, dan ben je met je kracht altijd op het juiste moment aanwezig, dan kan je brein op het juiste moment de noodzakelijke uiting geven.

Dan mijne vrienden, dan kun je duizendvoudig presteren, dan kun je de mensen helpen over vele dode punten heen te komen.  Economische, sociale omwentelingen zijn onvermijdelijk in deze tijd. De wereld kan ze niet aan omdat ze vast zit aan het verleden. De gelovigen kunnen ze niet aan omdat ze hun geloof verkeerd beleven. De gewone mensen hebben het gevoel gevangen te zijn in een maatschappij die hen geen vrijheid meer laat. U kunt ervoor zorgen dat die verandering geleidelijk goed verloopt. U kunt ervoor zorgen dat in de komende jaren die ontwikkeling inderdaad plaats kan vinden. Niet door alles te doen wat ik u heb gezegd maar alleen door te beginnen, door te proberen. Meer niet.

Ik ben dankbaar dat u geluisterd hebt. Denk niet dat ik andere dingen onbelangrijk vind. Maar ik garandeer u dat voor wij elkaar hier weer treffen er in de wereld grote spanningen zullen zijn.  Ik garandeer u dat voor die tijd veel problemen, die nu zich in de verte aankondigen, ineens acuut lijken. U hebt de weg gehoord.  U heeft er zelf van opgevangen wat voor u noodzakelijk is. Ik ben dankbaar dat u geluisterd hebt. Ik hoop dat u zich nog iets zult herinneren en ik hoop dat u dat in praktijk zult omzetten. Want waarlijk vrienden, het is misschien vervelend om het steeds weer te herhalen, maar als in deze tijd niet wordt begonnen dan zou het wel eens heel vlug te laat kunnen zijn.

  • U heeft gezegd dat men enkel zou moeten doen wat overeenkomstig is met eigen wil, maar wanneer is men zeker dat dit niet tot een chaos zou leiden? Er moet toch een objectief referentie punt zijn voor iedereen?

Dat objectief referentiepunt heeft u eigenlijk allemaal ingebouwd, want u weet hoe uw naaste erop zal reageren. Wanneer u iets doet omdat je het wil en je weet dat een ander eronder lijdt, zonder dat er verder iets goeds uit voortkomt, dan weet je dus dat het verkeerd is. Maar aan de andere kant moet je je niet vastleggen aan een bepaald systeem, dat is volkomen uit den boze. Iemand die zich vastlegt aan een systeem, iemand die een gewoonte vormt, die kan op den duur zichzelf niet meer zijn en kan dus ook niet meer tot uiting brengen wat hijzelf is. De vraag is dus wanneer je een criterium wilt hebben: schaad ik daarmee de anderen, en zo ja zal het nut dat daaruit voortkomt kunnen opwegen tegen de schade die ik veroorzaak. Wanneer u daar ook neen moet op zeggen, dan betekent dat dat u moet nadenken hoe u uw wil op een andere wijze kunt doorzetten. Het blijkt heel vaak dat de mens iets wil en dat hij honderd methoden heeft om wat hij wil te bereiken en de ene methode die hij gebruikt is juist degene waarbij hij de meeste mensen stoot en kwetst. En dat is natuurlijk iets wat ie moet vermijden. Dat is het enige objectief referentiepunt dat u kunt hebben, omdat geen enkele waarde rond u volledig objectief staat. Er is dus altijd zoveel illusie en zoveel imitatie, verblinding en suggestie aan verbonden dat u toch niet kunt zeggen: dit of dat is een definitief referentiepunt. Wilt u het heel eenvoudig stellen. Neemt u de Christelijke stelregel, bemin uw naaste gelijk uzelf en God boven alles. Wanneer uw daad past binnen dit kader is ze juist.