Betrouwbaarheid

uit de cursus ‘Voorspellingen‘ (hoofdstuk 2 ) – november 1979

Betrouwbaarheid

Voorspellingen kunnen uitkomen. Soms komen ze ook uit, maar anders dan je dacht. Soms ook komen ze eigenlijk wel uit, maar op een ander tijdstip en op een andere manier dan je had kunnen verwachten. Daarom is het erg belangrijk dat we ook de betrouwbaarheid in de prognostiek bezien.

Een helderziende waarneming in tijd en ruimte kan betrouwbaar zijn. Maar die betrouwbaarheid is heel beperkt. Als u toevallig in een visioen een kalender ziet hangen en daarop ook nog de datum hebt aangekruist en het jaartal, dan heeft u kans dat u de juiste dag kunt aangeven. Als het tenminste geen kalender van het vorige jaar is. Maar als u zegt: in de lente zal dit of dat gebeuren. Hoeveel keer wordt het lente? Als u zegt: op deze of gene plaats zal het gebeuren, dan moet u zich altijd afvragen: is die plaats iets wat ik veronderstel, of heb ik in mijn waarneming die plaats duidelijk kunnen onderscheiden van alle andere plaatsen? Dan blijkt dat de betrouwbaarheid eigenlijk heel wat minder is dan we graag aannemen. Wij kunnen wat tijd betreft meestal heel weinig concreet zeggen. Als het gaat om een plaats, dan blijkt dat ook hier nogal wat afwijkingen mogelijk zijn.

In een visioen hebben we verder te maken met de z.g. aanvulling, de aanvullende gedachte. U ziet iets, maar u wilt graag weten hoe het in elkaar zit. Daarom probeert u dat visioen te verklaren. De verklaring ziet u dan later als de omschrijving van wat u hebt geconstateerd. Dat is helemaal niet noodzakelijk waar, want dit is uw veronderstelling. In heel veel gevallen zullen wij bij een visioen te maken hebben met een momentopname. Er zit weinig of geen leven in. Het is een zeer korte, misschien enkele seconden omvattende gebeurtenis. Daarna komt er misschien weer een ander deelvisioen, dat ook weer een paar seconden duurt, maar in de tijd wel jaren verder kan liggen. Het is dus niet mogelijk om daartussen een redelijke samenhang te vinden. Maar wij zijn wel geneigd om alles te beredeneren. En juist de poging om in een visioen de zaken te beredeneren maakt het visioen onbetrouwbaar.

Als ik bijvoorbeeld zie dat er een kruis van een kerk valt en ik weet ongeveer nog welke kerk het is dan klopt dat allemaal wel. Maar als ik nu ook nog wil verklaren waardoor dat kruis is gevallen (door een aanslag, door een stormwind, doordat er stenen vergruizeld zijn door de tijd), dan zit ik mis, want dan heb ik een verklaring gegeven. Maar door die verklaring ga ik een hele samenhang postuleren, die samenhang ken ik niet. Wat dat betreft moet u dus voorzichtig zijn.

Als u visioenen heeft omschrijf ze alleen, maar probeer niet ze te verklaren. Als u dan veel later de zaak nog eens bekijkt dan vallen u wel zekere punten op natuurlijk. Maar of die punten dan voldoende zijn om daaraan een definitieve conclusie te verbinden, is en blijft de vraag.

Dan zijn er uittredingsdromen die heel vaak een rol spelen in allerlei helderziende en andere belevenissen. Op grond van die uittredingsdromen zijn prognoses wel degelijk denkbaar. Maar een droom is slechts zelden een volledige verbeelding van de werkelijkheid. Dat is een punt waarover we allereerst moeten nadenken.

Wat beeldt de droom uit? Het kan zijn dat u droomt dat u op een vlot in een sterk stromende rivier zit, dat u een waterval nadert en er niets is dat u kan tegenhouden. Is dat nu een voorspellende droom? Als die 3 à 4 keer achtereen optreedt moet er wel iets van waar zijn. Maar zult u dan werkelijk op een vlotje zitten? Neen. Het enige dat u kunt zeggen: ik bevind mij in een stroming waartegen ik mij niet weet te verweren. Op het ogenblik kan ik mij boven water houden, maar ik zie gevaren in de toekomst.

Dan moet u gewoon nagaan wat is uw huidige situatie en op welke manier voelt u zich gedreven. U kunt geen kant meer uit. Dan is de droom een voorspelling en kan aan de hand daarvan soms toch nog wel op een juiste wijze worden gereageerd.

Als dromen zich bezighouden met gebeurtenissen die erg symbolisch zijn, dan wordt het erg moeilijk omdat het vaak op de werkelijkheid lijkt. U droomt dat u in een groot huis bent en ineens, als u naar buiten kijkt, ziet u een lijkwagen voorbij rijden. Dat is natuurlijk erg griezelig, maar als u dat vier keer droomt dan bent u geneigd te zeggen: er gaat iemand sterven. Maar wie? Dat kan net zo goed een verre staatsman als een nabije vriend zijn. Dat weet u niet. Als u conclusies trekt aan de hand hiervan, anders dan ik zal binnenkort met een sterfgeval worden geconfronteerd, gaat u de mist in.

Nu lijkt het allemaal misschien heel eenvoudig, omdat het tot nu toe punten zijn van: ik droom, ik treed uit, ik heb een visioen. Maar op dezelfde manier kunt u zich ook in de nesten werken als u bezig bent met een horoscoop.

U trekt een progressieve horoscoop voor iemand. U ziet dat bijna alle planeten in het 12de  huis vallen. U denkt: nou, de gevorderde leeftijd van de persoon in kwestie, de gezondheid misschien niet stabiel, dat zou wel eens een sterfgeval kunnen worden. Dientengevolge sluit u vriendschap met de erfgenamen. U heeft zich echter misrekend, want alle planeten komen wel samen in het 12de huis, maar wat blijkt? Al deze invloeden hebben te maken met een totale verandering van de situatie van de betreffende persoon. Hij gaat namelijk trouwen en hij gaat op reis.

Zo kunt u zeggen: iemand zal ontzettend veel bereiken in een bepaalde periode. Maar wacht even als u zegt: iemand kan veel bereiken in een bepaalde periode, dan heeft u gelijk. Maar als u zegt dat hij het zal bereiken, dan impliceert u dat deze mens zal reageren zoals wordt aangegeven door de horoscoop en dat kan niet. Dit is maar zelden het geval.

In de horoscopie kunnen we verder zeggen: in die tijd zal iemand er financieel slecht voor zitten. En werkelijk, deze miljonair verliest in die periode met speculatie veel geld. Maar hij is nog steeds niet arm. Het kan ook zijn dat u het uitrekent voor Pietje. Pietje heeft hetzelfde aspect. Hij krijgt een euro om een snoepje te kopen en hij verliest het. Pietje is nu alles kwijt. Dat ligt dus heel anders.

Het interpreteren van een aspect is heel moeilijk. Op het ogenblik dat wij ons bij de horoscopie vastleggen op gebeurtenissen, zijn we in 9 van de 10 gevallen fout. Leggen wij ons vast op tendensen dan hebben we, gezien de horoscoop, in ongeveer 4 op de 5 gevallen kans dat we goed zitten. Dat zou u kunnen leren dat u voorspellingen in een horoscoop nooit definitief mag stellen, maar hoogstens als mogelijkheid.

Wij kennen allen de wichelmethoden die er zijn. Of u nu wichelt met kaarten, met koffiedik, met staafjes, met bladstengels of met wat anders, u wichelt. Wanneer u wichelt krijgt u een combinatie. Die combinatie kunt u alleen verklaren door een beroep te doen op uw onderbewustzijn. Op het ogenblik dat u probeert rationeel te zijn zal uw verklaring verkeerd uitvallen. De betrouwbaarheid van voorspellingen wordt altijd weer bedreigd door de poging tot rationaliteit van degene die de voorspelling doet.

Nu wil ik aannemen dat u zelf ook wel iets wilt proberen ten aanzien van prognose. Wij hebben daarbij te maken met verschillende factoren, zoals die van de kansberekening. U kunt bijvoorbeeld ergens gaan staan en raden welke tram of bus er het eerst komt. Als u dat nu tien keer goed kunt raden, zonder dat u dat tevoren kunt zien, dan moet u op de een of andere manier toch wel heel erg goed zijn. Het kennen van de dienstregeling is dan niet meer voldoende, omdat er in de dienstregeling altijd weer gapingen zijn, zodat een verschuiving van de rijtijden van de lijnen t.a.v. elkaar onvermijdelijk is.

Als u een dergelijke proef neemt, dan kunt u die ook nemen met andere aspecten, mits die u opvallen. Dat is belangrijk. U mag dus nooit zomaar iets gaan voorspellen. Het is gemakkelijk genoeg tegen iemand te zeggen: je moet uitkijken, want je hebt binnenkort deel aan een kettingbotsing. Dat klinkt erg mooi. Kettingbotsingen komen voor. Maar waarom zegt u dat? Waarschijnlijk omdat u meent dat de ander niet voorzichtig rijdt. Dat kunt u dus niet doen.

Nu loopt er ergens iemand en opeens heeft u het gevoel: daar is iets aan de hand. Dan moet u niet gaan redeneren wat er wel aan de hand zou kunnen zijn. U moet dan het eerste zeggen wat u voor de mond komt. Het blijkt dan dat inderdaad de verhouding van 4 juist tegen 5 mis wordt herhaald. Dat betekent dat u nog altijd minder dan 50 % kans heeft om het helemaal juist te zeggen. Op deze manier kunt u leren, want u gaat de tekenen interpreteren.

Bij het interpreteren van tekenen moet het onderbewuste gaan werken. Dat kunt u niet rationeel doen. Door nu steeds weer die tekenen te interpreteren en daaraan een uitkomst te verbinden gaat u ontdekken dat u een afwijking heeft. Het volgende is misschien een ongelukkige vergelijking. Als u een geweer heeft, dan kan er bijvoorbeeld een lichte afwijking zijn in het vizier; het staat iets teveel naar links of naar rechts. Als u een paar keer met het geweer heeft geschoten, dan weet u hoe u moet corrigeren.

De eenvoudige intuïtieve reactie op grond waarvan een bepaalde voorspelling mogelijk is, heeft eveneens een neiging tot afwijking. Als u goed oplet, dan gebeurt dat steeds op hetzelfde punt. Het is iets waarmee u bijzonder bezig bent of iets waarop u heel veel reageert of waar u heel erg tegenop ziet. Die dingen brengt u naar voren. Als u nu leert om dat aspect uit wat u zegt later weer weg te nemen en te zeggen: neen, dat komt van mij, dan ziet u ineens uw mogelijkheden oplopen tot ongeveer 7 op 10. U komt dus ver boven het gemiddelde van de juiste reacties. En als u dan nog heeft geleerd om elk bewust denken bij de eerste vastlegging van uw reactie uit te schakelen, dan zult u het op den duur kunnen brengen tot ongeveer 4 op 5. Dus 4 kansen minstens op een totaal van 5. Een misser, dus 20 %. Dat is ongeveer het beste dat u kunt halen.

U zult zeggen: ik heb dat niet in mij. U hebt het wel degelijk in u. U let er alleen niet op. Laat mij een eenvoudig voorbeeld nemen.

Laten we aannemen dat u naar een vergadering gaat of meewerkt aan een concert, een toneelstuk of iets dergelijk. U komt in een bepaald gezelschap. Er is een persoon die daar voor u uitspringt. U weet niet waarom, maar die ene persoon valt u ineens op. U moet dan direct de reactie die u krijgt vastleggen. U zult zien dat die zinvol is.

Prognostiek in deze vorm is gebaseerd op de totale waarneming, dus inclusief de onbewuste waarnemingen. Als u leert om daarop onmiddellijk te reageren, dan zal blijken dat u deze gave bezit. Het is namelijk zo dat gemiddeld 93 % van de mensen deze gave bezitten. Waarom zou u nu juist tot die 7 anderen behoren?

Besef wel, het verbinden van een conclusie aan de waarneming en aan de eerste reactie heeft altijd ten gevolge dat uw prognose minder juist wordt. Laat haar staan zoals ze staat.

Er zijn ook nog andere mogelijkheden. Een zeer bekende is het optellen van getallen, bijvoorbeeld, iemand is geboren op de 13.3.43.

13 is een onevenwichtig getal; het komt op 4 neer. Dat is nogal down to earth.

3 is openbaring. Het is iemand die heel veel de neiging heeft om zich stoffelijk te manifesteren; lichamelijk en door middel van bezittingen.

43 is 7. 7 is het getal van de mens.

Op grond van deze getallen alleen kan ik dus al concluderen dat deze mens vaak een beetje exhibitionistisch is, nogal zeer materialistisch van aanleg en bovendien zich in deze neigingen vooral manifesteert in het verkeer met mensen. Het is vooral in relatie met medemensen dat deze dingen tot uiting komen. Dit kunstje kan iedereen doen. U moet het gewoon maar onthouden. Ik zal de getallen en hun betekenis even opsommen.

1: is een ideaal getal.

2: geeft aan: evenwichtigheid maar ook uiting. De gemanifesteerde Godheid, maar ook het evenwicht.

3: de activering. Zodra ik 3 punten heb kan ik een vlak omschrijven. Denk maar aan een driehoek. Hier wordt een bepaald gebied van werkzaamheid aangegeven.

4: is elementair. Het zijn de 4 verschillende elementen. Denk aan de oude elementen, aan de 4 windrichtingen. Kortom, het is het menselijk geheel.

5: het getal van het denken. Het is de denkende mens.

6: is de mens die begint zijn mentaal besef als heerser in te stellen over zijn meer materiële instincten en kwaliteiten. Het is degene die eigenlijk het dierlijke achter zich gaat laten.

7: is het getal van de mens die thuishoort in de 7 sferen. Anders gezegd: de mens die ook geestelijke activiteit vertoont.

8: is de mens die wordt geconfronteerd met oneindigheid. Als zodanig wordt hij aangesproken als een priesterlijke mens, omdat hij niet alleen met zijn eigen wereld verbonden is, maar daarnaast de verbinding met andere werelden erkent.

9: is het getal van de inwijding. Het is het getal van de hogepriesters. Het is namelijk de mens die met zijn gehele bewustzijn zowel de stoffelijke kwaliteiten (6: is de redelijk denkende mens) als zijn geopenbaarde geestelijke kwaliteiten (het getal 3) samen de werkelijkheid van het leven gaat bezien.

10: de mens die gekomen is tot een absolute integratie van zijn geestelijk en zijn stoffelijk bewustzijn. 10 is tevens weer het begin. Iemand die het getal 10 heeft, openbaart zich niet; het speelt zich in hem af.

11: is als de mens een stap verder gaat en in het gebied 11 terechtkomt, krijgen we weer het getal 2 ofwel evenwichtigheid. Er is uiting.

12: in dit getal kunnen we actie verwachten wanneer de mens dit getal bereikt.

Dit zijn basisgetallen; een dozijn. Die moet u een beetje in uw hoofd hebben, dan kunt u met die getallen heel aardig rekenen. Alleen, ook hier zijn natuurlijk mogelijkheden om een vergissing te maken.

Iemand is geboren op de 1.1.41. Wat moet ik daarvan zeggen? Ja, de mens is dus innerlijk sterk in zichzelf besloten. 1 + 1= 2, zijn uitingen worden bepaald door verlegenheid, maar hij is zich sterk van zijn omgeving bewust. Dan komt er nog 41 bij en we komen tot het getal 7. Dat is dus de méns.

Nu kom ik toevallig een datum tegen waarin dat getal 7 eveneens overheerst. Ik ben geneigd te zeggen: op die datum zal er iets met die mens gebeuren. Dat kan wel juist zijn, maar wil het helemaal juist zijn, dan moet de structuur van de datum waarop het gebeurt getalsmatig hetzelfde bevatten. Dat kan in ‘50 zijn. Misschien nog verder in ‘87, als we 5 moeten hebben.

Het gekke is dat je op grond van de datum van iemands geboorte wel een ritme kunt bepalen dat zijn leven beheerst. Als je namelijk al die getallen bij elkaar optelt en je herleidt ze tot een getal onder de 12, dan zul je 1 getal overhouden. Dat getal geeft aan om de hoeveel jaren bij de persoon een nieuwe fase in zijn leven begint; dan verandert er iets. Dat kun je wel met zekerheid zeggen. Maar als je dat nieuwe jaar ook nog bekijkt naar zijn eigenschappen en zegt: de verandering zal zo en zo zijn, ga je fout omdat het hier geen kwestie is van een persoonlijke relatie met het jaar. Dat kan alleen indien er ook relatie bestaat met een datum.

Met getallen kan ik veel doen. Maar ik kan alleen mogelijkheden aangeven. Ik kan geen feiten constateren. Ik kan met zekerheid een punt van omwenteling vaststellen, maar ik kan niet met zekerheid zeggen in welke richting die omwenteling zal plaatsvinden. Als ik dat toch probeer te doen, is het resultaat sterk misleidend.

Waarom zouden we ons ook niet eens bezighouden met die ouderwetse manier van voorspellen: koffiedik. Je neemt wat koffiedik en laat het gewoon uiteenvallen op een stukje grauw papier of plastic, dat laat ook niets door. Nu kijk je naar het patroon dat daarin ontstaat. Dat patroon kan veelzeggend zijn en wel om de volgende reden: er is een centrum. Als je een gemiddelde hoeveelheid gebruikt is dat centrum ongeveer 5 tot 7 cm. Wat daarin bestaat is niet van belang. Alles wat zich daarbuiten bevindt is een patroon. Als ik daarin een regelmaat kan herkennen, dan is dat een regelmaat die in de daad van de persoon, voor wie ik voorspel, eveneens moet voorkomen.

Nu komt het trucje en daarom is het zo moeilijk. Ik moet ofwel een heel goed mensenkenner zijn, ofwel kan ik iemand telepathisch aftappen. In beide gevallen krijg ik een beeld van de persoon en wat hij eventueel zou kunnen en willen doen.

Nu kan ik zeggen: “Dit patroon bestaat. Dat is uw inhoud.” Dan is de waar­schijnlijkste ontwikkeling deze, maar ik kan het alweer niet met zekerheid zeg­gen: “U gaat naar Zandvoort.” Het kan ook zijn dat de man naar Noordwijk gaat. Ik kan zeggen op grond van het afgelezene en het karakter: “U denkt aan een vakantie aan zee. Tijdens deze vakantie zijn er enkele gebeurtenissen waar u heel goed op moet letten, anders gaat het fout.” Dat kun je nog wel met ze­kerheid zeggen, maar je kunt niet zeggen: “Let op een blonde dame”, want het kan heel goed zijn dat zij die dag een donkere pruik op heeft.

Een methode die ook veel wordt gebruikt is die van de theeblaadjes. Als je thee hebt gedronken en er zijn een paar blaadjes in het kopje achter ­gebleven, dan moet je het restje thee met de blaadjes goed rondwentelen. Wat aan het kopje blijft kleven (dus niet wat er in de vloeistof achterblijft) is van betekenis. Dan zeggen wij: datgene wat op dit ogenblik van mij af ligt is het innerlijk leven van degene die tegenover mij zit. Datgene wat links van mij ligt duidt een gebeurtenis in het verleden aan die nu invloed heeft. Wat rechts van mij zit heeft invloed op de toekomst. Datgene wat ik vlakbij mij zie, is de uiting van dit ogenblik. En daar zit je dan als er maar vier blaadjes zijn. Dan zeg je: “U heeft uw kruisje te dragen.” Dat is altijd goed.

Stel nu, dat er aan de linkerkant een T vorm is gevormd van twee blaadjes die wat scheef tegen elkaar liggen als een omgekeerde T misschien.

Dan zegt u: “U heeft een conflict gehad in het verleden. Door dat conflict bent u hier terecht gekomen.” Dat is bijna altijd goed. Als het niet juist is dan zijn de meesten wel stom genoeg om het te vertellen.

Nu kijkt u, wat ligt er tegenover aan de andere kant? Stel nu dat daar 3 blaadjes netjes naast elkaar liggen. Dan zegt u: “Uit dit conflict komt voor u een vernieuwing voort. U zult in een groep, een gemeenschap of in een gezin op zeer korte termijn nieuwe mogelijkheden vinden.”

Als ik nu kijk wat er tegenover mij ligt, dus wat betrekking heeft op de innerlijke toestand en daar een omgekeerde V zie, dan zeg ik: “U bent een beetje teveel op uzelf geconcentreerd, u denkt te eenzijdig.” En als het nu aan deze kant (mijn kant ) omgekeerd staat, dan zeg ik: “U probeert het wel een beetje teveel in de wereld te brengen. U moet uzelf in uw uitingen wat beperken.” Dit zijn natuurlijk alleen maar voorbeelden.

Als je nu iemand goed kunt aflezen, dan is het heel goed mogelijk om dat op die persoon aan te passen. Zolang het gaat om een persoon kan men met deze theebladenlezerij goede resultaten be­halen. Maar nu kan er iemand komen die zegt: “Doe dat nu eens voor de konin­gin.” Dan kan ik u maar een antwoord aanbevelen: “Brengt u mij dan maar een kopje waaruit de koningin thee heeft gedronken en waarin nog een paar thee­blaadjes zitten.”

Probeer nooit het komen van een oorlog, het bewaren van de vrede, de economische toestand of andere zaken te voorspellen uit theeblaadjes. Dat zal u nooit lukken. Als u het toch doet op grond van zuiver persoonlijke aspecten, dan zit u bijna altijd fout. Als er een algemeen negatieve tendens is, dan zal zo iemand die geluk heeft net iets minder negatief op die tendens reageren dan een ander, maar hij zal het zelf nog steeds als negatief ervaren. Daar moet u gewoon rekening mee houden.

Prognostiek die op de persoon is afgestemd kan zelfs zonder dat je wer­kelijk helderziend bent (je moet alleen maar een beetje gevoelig zijn) tot heel goede resultaten voeren. Probeer echter nooit externe factoren daarin teveel te betrekken, dan ga je onvermijdelijk fout.

Het kaartleggen

Daarvoor bestaan heel veel verschillende methoden. Het is niet aan mij om u een bepaalde methode aan te bevelen. Het volgende kunt u echter wel in de gaten houden. Alles wat links ligt is verleden. Alles wat rechts ligt is toekomst. Alles wat in het midden ligt, is bepalend voor de persoon en voor het heden. Werkt u met tarotkaarten, dan zet u de meest sprekende figuur in midden. Dat is altijd de persoon met wie u te maken heeft. Het klopt misschien niet helemaal, maar u komt er dicht genoeg bij.

Dan gaat u de kaarten aftellen. U kunt op 7 werken. U kunt zelfs wer­ken op 3. Dan telt u vanaf de middelste kaart 3 kaarten en zegt: dat gaat er gebeuren. Dat is de ogenblikkelijke toestand. Dat ligt er dichtbij en dat is er gebeurd. Zo telt u rustig verder. U gaat altijd zoveel mogelijk onmid­dellijk naar de buitenrand toe. U legt 21 kaarten uit. Zo kunt u voor de persoon heel aardige dingen zeggen, als u er rekening mee houdt dat de uit­straling van de persoon, terwijl u bezig bent met de kaarten, het meest belangrijk is.

Als u de zaak eenvoudiger wilt aanpakken, en dat zou ik in het begin zeker aanraden, dan doet u het volgende:

U neemt een compleet spel kaarten zonder joker. U laat de persoon daaruit 3 kaarten trekken. Die legt u vervolgens blind uit en wel van bovenaf pakkend, nadat ze eruit zijn gehaald, 1, 2, 3. De derde legt u aan de rechterkant. Vervolgens laat u 4 kaarten trekken. Die legt wederom op dezelfde manier uit en wel zo dat de eerste kaart van de 4 beneden maar naast de kaart die er ligt komt. De 2de kaart ligt dus tussen 1 en 2 daarboven enz.. Dan zegt u: het verleden wordt bepaald door die twee kaarten. Als het nu een pop (nvdr. plaatje) is, dan kunt u al gauw een heel verhaal vertellen. Ligt er klaver, dan zijn dat tranen. Schoppen, ziekte; bij een omgekeerde schoppenaas kunt u over een sterfgeval praten. Ruiten is geld. Als we harten hebben dan moeten we niet alleen over liefde praten, maar ook over gevoelens.

Nu hebben we een beeld. We maken het ons dan heel gemakkelijk, en we gaan aftellen.

Nu is het aardigste natuurlijk als je naar de geboortedatum van ie­mand vraagt. Hij zegt dan b.v. de 5de van de 11de. Dan neemt u de 5, u neemt 4 kaarten. Die telt u af en legt ze uit. De 5de kaart keert u om. Die legt u hier neer. Zo gaat u verder. De vier kaarten doet u daar­onder. U gaat verder totdat u geen 5 kaarten meer in de hand heeft. Dan hebt u hier een hele rij liggen.

Nu gaat u kijken hoe de waarden liggen. De eerste waarde die er ligt is de meest belangrijke. Alles wat u gaat interpreteren wordt bepaald door die eerste kaart. Zou er een joker in het spel zitten en ligt daar een joker, dan zegt u: “Je staat voor joker en wel op deze, deze en deze manier. Er zit geen joker in het spel, dus kan het een aas of een andere pop zijn.

U kijkt dan naar de kaart, naar de betekenis die het in het leven van de persoon kan hebben. Al het volgende interpreteert u naar de waar­de van die eerste kaart. Daarbij gaat u uit van het feit, dat elke kaart die in waarde overeenkomt (dus niet in teken) met de kaart van het verle­den op het verleden betrekking heeft. Bv. ligt hier een schoppenvrouw en hier ligt een ruitenvrouw, dan nemen we aan dat deze vrouw op het verle­den betrekking heeft. Maar is de 2de kaart die helemaal bovenaan ligt klaver 8 en komt hierna de harten 8, dan ga ik over naar het heden.

Komt de gelijke waarde van de 3de kaart, dan ga ik over naar de toekomst.

Als ik dat heb gedaan en ik kom weer aan een kaart die wat waarde be­treft gedupliceerd is in de bovenste 3 kaarten, dan scheid ik ermee uit. U zult zeggen: “Hoe kun je daarmee nu de toekomst kennen?” Je kunt daarmee niet de toekomst kennen. Maar je hebt voor jezelf waarden gefixeerd. De waarden die je fixeert zeg je aan de persoon voor wie je de kaart legt. Het resultaat is dat deze gaat denken in die richting. De uitstraling geeft, in de interpretatie die je geeft van de kaarten vol­gens het rijtje, de belangrijkheid aan. Daardoor kun je de punten die werke­lijk spreken naar voren brengen.

Alles wat sprekend is, is voor de persoon belangrijk. Het is een grote waarschijnlijkheid maar nooit een zekerheid. Een zekerheid kan alleen ont­staan (dat is een zeldzaamheid en dan alleen voor de factor heden) indien de kaart die hier ligt dezelfde waarde en teken heeft. Dus als dit rui­ten is, dan moeten hier ruiten liggen en daar ruiten liggen en dan moet de kaart die hier in het onderste rijtje dezelfde waarde heeft een aanvullen­de zijn. Wanneer ik hier dus ruiten heb, dan zal daar ruiten moeten komen. Alleen in dat geval kan ik een berekening maken en zeggen: “Het is zo toe­vallig dat dat gebeurt, dat ik bijna zeker ben dat die ontwikkeling zal plaatsvinden.”

Er zijn prima handleidingen voor kaartleggen te krijgen. Ze zijn even duister als wat ik u heb gezegd en ze zijn even betrouwbaar. Alleen ge­ven ze u wel meer aanwijzingen welke formuleringen u zou kunnen gebruiken. De moeilijkheid bij dit alles is, dat u alleen goed kunt kaartleggen en rea­geren, indien er contact bestaat tussen u en degene voor wie u het doet. Op welk niveau dat contact ligt doet niet ter zake. Het kan gewoon sym­pathie zijn. Zelfs als u een zeer sterke antipathie voelt voor iemand, kunt u meestal heel goed de kaart voor hem leggen. Alleen als iemand u onver­schillig laat, zodat u denkt: nou ja, dat stuk onbenul, begin er dan maar niet aan, want dan zult u nooit iets goed doen en maakt u fouten.

Nu ga ik proberen u iets te leren wat u volgens mij wel allemaal zou moeten proberen te doen. U neemt wat gewone zwarte en witte kralen. Leg ze zo neer dat u ze niet kunt zien; misschien dat er iets staat tussen u en de kralen. Ga dan kraal voor kraal verdelen en pro­beer wit en zwart te scheiden. Dit is een heel bekende proef. Door het regelmatig te doen en met grote concentratie zult u zien dat u op den duur inderdaad meer zwart bij zwart en wit bij wit krijgt. Nu kan daarbij een verschuiving optreden, zodat u wit sorteert waar zwart zou moeten zijn en omgekeerd. Dit is voor uzelf erg belangrijk wanneer u die proef doet. Want als u het een paar keer goed heeft gedaan dan geeft het aan op welke manier u afwijkt. Als u dan bij roulette zegt: “Dat balletje valt op rood”, speel dan zwart. Dan hebt u grote kans dat u resultaat krijgt.

Met deze oefening doen we niets anders dan onze gevoeligheid voor uitstraling opvoeren. De verschillende kleuren hebben een verschillende reflex en dus een verschillende uitstraling. Als u het regelmatig doet zult u merken dat u ook mensen gaat klasseren; dat u ze ook a.h.w. in kleurtjes gaat sorteren. Hierdoor kunt u mensen gaan typeren. U krijgt grondtypen. Daarbij is het gemakkelijke dit:

U kent een aantal mensen. Zij hebben een bepaalde uitstraling en daar­door zult u iets weten betreffende hun wijze van denken en reageren. Als we ie­mand met een vergelijkbare uitstraling aantreffen, dan nemen we aan dat de reacties eveneens vergelijkbaar zullen zijn. Dit is niet honderd procent juist maar ongeveer 85 %. Alleen door deze waarneming zult u reacties kunnen voor­spellen. Maar als u reacties kunt voorspellen kunt u ze ook uitlokken. U krijgt een grotere beheersingsmogelijkheid door het gebruikmaken van de juiste prikkels volgens het reactietype. Dit klopt ook t.a.v. niet bekenden. En omdat dit nog geen voorspellen is, wil ik u nog op het volgende wijzen.

U hebt waarschijnlijk bij sommige mensen aangevoeld: dat zit niet goed. En zij werden ziek. Bij anderen heeft u ook aangevoeld: dat zit niet prettig. Toen kregen zij een hoop ellende. Ook denkt u soms van iemand: wat is die eigenlijk ontspannen. En dan bleek dat het juist met die mens erg goed ging. Op deze manier leert u ook associëren.

Als u nu uw vaststelling van uitstraling (de typering dus) kunt gaan verbinden aan deze gevoelsreacties op grond van vaststellingen in het ver­leden, dan blijkt dat u een redelijk zuivere lotsvoorspelling kunt geven voor de nabije toekomst van de mensen van wie u de uitstraling aanvoelt.

Nu we toch bezig zijn met alles wat er fout kan gaan, wil ik u ook op het volgende wijzen: wij hebben heel vaak een eigen visie op of bepaalde gevoelens voor een persoon. Dat wil zeggen, dat we iemand het beste gunnen en dan proberen alles wat we aflezen ten goede te interpreteren of omgekeerd. Dat is altijd misleidend. Wij moeten altijd proberen gevoelsmatig een beetje buiten degene te staan die we beoordelen. Het lot dat u constateert heeft niets te maken met de persoonlijkheid of met de relatie die u hebt met de persoonlijkheid. Het is doodgewoon iets wat zich aankondigt, een tendens. Eerst als u de vast­stelling heeft gedaan, mag u proberen aanwijzingen te geven waardoor dit volgens u verbeterd zou kunnen worden.

Al deze kwesties van aanvoelen kunnen niet worden beredeneerd. Nogmaals, beredenering is het enige waardoor een voorspelling waardeloos kan worden.

Dit geldt zelfs voor de interpretatie van horoscopen, van pentagrammatische betekenissen, van getallen berekeningen en zo meer. De interpretatie moet spontaan komen. Op het ogenblik dat u moet zoeken naar een verkla­ring, is het beter de zaak terzijde teleggen.

Indien u met de voorgaande regels rekening houdt zult u na enige tijd gemiddeld voor 1 op de 3 personen een prognose kunnen geven. U kunt gebruikmaken van kaarten, van koffiedik, u kunt een horoscoop trekken enz. maar uw eerste en gevoelsmatige indruk moet bepalend blijven. Op die indruk zult u zich bij elke verdere interpretatie moeten instellen. De spontane erkenning, de spontane reactie is het belangrijkst.

Maak er geen systeem van. Alle systemen hebben de neiging u te misleiden door vaste waarden te poneren waar die in de kosmos niet volledig bestaan. Een systeem kan de handleiding zijn, de methode die u gebruikt. Het is nooit zo dat een systeem u de juiste verklaring kan geven van al datgene wat u afleest. En als u zich niet kunt afstemmen op de persoon zelf (ik denk hier weer aan horoscopie), zie dan dat u tenminste een handgeschreven aanvraag van de persoon in handen krijgt en probeer uw afstemming en uw waardering van de persoon te verkrijgen door eenvoudig die brief onder uw hand te leggen en u daarop te concentreren. Kijk, of dit reacties geeft. Op deze manier komt u verder.

Als u te maken heeft met mensen die u nog nooit heeft gezien, dan is het eerste contact vaak het beste. Hierdoor kunt u een juiste beoordeling geven voor het verdere gebeuren, maar vaak ook voor de inhoud van de per­soon. Als u fouten wilt voorkomen moet u uitgaan van de uitstraling.

U krijgt vrijblijvend nog wat huiswerk erbij cadeau.

Als wij slapen dan zijn we in een absolute toestand van ontspannenheid. We kunnen daarvan gebruikmaken om uit te treden e.d., maar dat vraagt enige oefening, vooral om te onthouden. Nu kunnen we dit doen:

Wij kunnen een bepaalde uitstraling, een bepaalde gevoelswaarde t.a.v. een persoonlijkheid ons zeer scherp voor ogen houden kort voordat wij insla­pen. Hierdoor bereiken we een afstemming waarbij in een droom, in een bele­ving, in een soort dagdroom tussen waken en slapen in, soms een contact met die persoon tot stand komt. Datgene wat u daarin afleest is 99% juist. Door voortdurend dergelijke proeven te nemen en na te gaan in hoever­re de contacten (dus uw indrukken) voor u juist zijn, kunt u tot een waarde­ring komen voor uw vermogen tot aflezen en instellen. Bovendien kunt u daar­door heel vaak prognoses op een lichtere manier doen en door het werken van het gehele bewustzijn, waarin ook geestelijke facto­ren optreden, kan een veel gedefinieerder weergave voortkomen. Ook hier geldt natuurlijk: interpretatie is niet aanvaardbaar en werkt vervalsend.

Alles bij elkaar komt het hierop neer: de spontane reactie is beter dan elke overlegde. Zelfsuggestie kan u tot prestaties brengen, dat is waar. Maar een suggestie kan gelijktijdig vervalsend werken op al wat er in u ontstaat. Als u iemand wilt genezen, dan moet u hem willen genezen op dat ogenblik. Zodra u erover gaat nadenken wie u daarbij zou moeten helpen, kunt u het meestal wel opzij leggen. Dan gaat het niet zo goed meer. Zo gaat het met alle dingen.

Ik hoop dat u daarover zult nadenken en het zult willen vergelijken met de inhoud van de eerste les. Er zitten twee feitelijke doublures in. Dat moet u maar eens uitzoeken.

Als u dat allemaal heeft gedaan, probeer dan uw gevoeligheid eens te trainen. Het hoeven geen zwarte en witte kralen te zijn. Het kunnen ook bv. roze en gele kralen zijn. Dit zijn allemaal oefeningen waarmee u de paranormale gevoeligheid opvoert. Het zijn geen middelen, zoals men wel eens denkt, waarmee ze zonder meer kan worden vastgesteld. Ik wens u goede resultaten.

Wat zeg ik van het heden?

Als je probeert een voorspelling te doen, dan moet je natuurlijk rekening houden met alle bekende tendensen. Dat betekent dat je voor het heden bepaalde berekeningen kunt maken. En dan strekken we dat heden maar ongeveer een jaar uit. Wat kunnen we verwachten tussen dit moment en een jaar later?

Wij hebben een paar dingen waarmee we al direct kunnen werken. U hebt gehoord dat je met getallen kunt werken. Wij hebben nu het jaar 1979. Dat heeft als eindgetal 7. Dit jaar is dus een zeer menselijk jaar. Als zo­danig moeten er in dit jaar nog een aantal omwentelingen plaatsvinden. De mens is nooit tevreden met zichzelf en zeker niet met zijn buren.

Wij gaan naar het jaar 1980 toe, daar blijkt het eindgetal 8 te zijn. Dat wil zeggen: het is het jaar van het onbesliste. Als we dan proberen de zaak verder te ontleden, dan kunnen we rekening gaan houden met de z.g. langlopende tendensen. Nu is het zo, dat er voor de zon een 63 jaarcyclus, een 9 jaarcyclus, een 7 jaarcyclus is en in het begin van het volgende jaar bovendien nog het einde van een 3 jaarcyclus in zicht komt. Wanneer al die cycli samenvallen, versterken zij elkaar op die punten welke ze gelijk hebben. Wat blijkt nu?

De 63 jaarcyclus heeft over het algemeen veel te maken met de onrust onder de mensen. De top van deze cyclus bestaat meestal uit een aantal om­wentelingen die echter niet alleen staatkundig of economisch zijn, maar daarnaast ook gepaard gaan met wetenschappelijke omwentelingen. Er is zeer waarschijnlijk een vernieuwing in het denken van de mens aan de gang. En aan­gezien zich dit in deze periode afspeelt zal dat denken zich inderdaad gaan vernieuwen. Maar er zitten nog een paar andere factoren bij.

Wij zitten namelijk met een 9 jaarcyclus. Nu blijkt een 9 jaarcyclus voornamelijk betrekking te hebben op de menselijke gevoelens en indirect op het gevoel van menselijke zekerheid. Je zou kunnen zeggen: aan de top van een 9 jaarcyclus ontstaat een zeer grote onzekerheid. In het kader van een aflopende 63 jaarcyclus moeten we aannemen dat het onzekerheidsprincipe in wetenschappelijk en ook in ander opzicht alles overheerst.

Dan kijken we naar de 7 jaarcyclus. Dat is een cyclus die nogal wat met het weer te maken heeft. Voor de 7 jaarcyclus kan worden gezegd dat, wanneer zij de top van haar activiteit heeft bereikt, de totale weersomstandigheden afwijken van de norm. Afwijken van de norm kan aan twee kanten geschieden. Wij hebben echter een 63 jaarcyclus. We hebben ondertussen ook een 9 jaarcyclus erin zitten. Er zijn nog andere cycli, maar die laten we even buiten beschouwing anders wordt het te ingewikkeld.

Wij concluderen dan dat het weer eveneens sterk zal afwijken van de norm. Dit betekent dat wij te maken kunnen krijgen met perioden van zeer felle kou, maar dat in deze perioden over het algemeen die koude zich alleen zal rich­ten op zeer bepaalde gebieden. Om een voorbeeld te geven: het kan zijn dat het 15 graden vriest in Friesland en dat het gelijktijdig en­kele graden boven nul is in Zeeland. Op een betrekkelijk klein gebied kunnen die verschillen dus zeer groot worden.

Hetzelfde geldt voor neerslag. In het ene gebied kan het gieten van de regen en in een ander gebied valt er ternauwernood een druppel. Daarmee re­kening houdend moeten we zeggen dat er dus heel wat gebieden zullen zijn op aarde waar overstromingen zullen plaatsvinden, maar dat er gelijktijdig ge­bieden zullen zijn die een watertekort hebben. Dit werkt uit op o.a. de oogst. De gemiddelde voedselproductie zal wat lager liggen dan normaal voor dit jaar. Dat is dus de periode vanaf heden (november 1979) tot november 1980.

Als wij weten dat dit invloed heeft en dat wij bovendien in een econo­mische crisis zitten (we hebben ook nog de 3 jaarcyclus erbij die bovendien ons nog even trakteert op zeer sterke afwijkingen in de luchtcirculatie), dan moeten we beginnen te stellen:

In de gehele wereld zullen meer dan normaal natuurverschijnselen op­treden. Vele daarvan zijn voor de mensen niet aangenaam. Er is kans dat er dit jaar weer een grote activiteit van de aardkorst zal zijn, gepaard gaand met o.a. vulkaanuitbarstingen, waarbij slapende vulkanen tot leven komen en aardbevingen van allerlei aard, aardverschuivingen en vloedgolven optreden. Dat alles zal dit jaar ongeveer het drievoudige bedragen van het normale. Daarbij zal de ernst ook afhankelijk zijn van de plaats waar het kan gebeuren. Die ernst kunnen we weer een beetje aflezen, als we rekening houden met het geheel van al die cycli.

Gezien het feit, dat het jaar 1980 een jaar is van onbesliste waarden, moeten wij aannemen dat vooral voor 1980 en aan het einde van 1980 eventueel grote aardbevingen zullen plaatshebben. Het getal 8 zegt ons dat ze gelijktijdig aan twee kanten van de aardbol zullen optreden, zodat als er een beving is bij bv. Japan het zeer goed mogelijk is dat er ook een is in de Ver. Staten. Als er een aardverschuiving of een aardbeving is in het noorden van westelijk Afrika dan moeten we aannemen dat iets dergelijks of een vergelijkbare ramp zich eveneens zal voordoen in de buurt van Miami. Door op deze manier te berekenen kunnen we dus al een aardig beeld krijgen van wat er met de natuur fout zit.

Willen we het berekenen voor de economie, dan zullen we ook enkele andere dingen mede in ogenschouw moeten nemen.

Wat is de werkelijke toestand van de wereldeconomie? Die is eigenlijk helemaal niet zo slecht. De mensen denken dat wel, maar ze is dat niet. Het enige dat op het ogenblik een grote rol speelt is, dat men overal tot een meer verbruiken wil komen en niet tot een betere verdeling van verbruiksmogelijkheid. Dit kan iedereen wel uitrekenen.

Dan moeten we dus aannemen dat de economische spanning groter zal worden tussen o.m. de Derde Wereld en de Westelijke mogendheden, maar ook tussen de Derde Wereld en Rusland. Politiek gezien zal waarschijnlijk China proberen hier en daar ertussen te springen, maar economisch kunnen ze zich niet al teveel permitteren. Dan zal de komende periode dus vooral worden beheerst door pogingen van afpersing vanuit de Derde Wereld.

Dan is daar het olieprobleem. Hoe is de werkelijke situatie van de olie? Het is zo dat er meer dan genoeg olie is. De enige kwestie is dat ermee wordt gespeculeerd. Die speculatie is tweeledig. Er is de politieke specula­tie van sommige landen en gelijktijdig is er de financiële speculatie waarbij zowel internationals betrokken zijn als minstens een tweetal van de meeste olie producerende landen. De olieprijs zal inderdaad oplopen, maar van een werkelijke olieschaarste zal geen sprake zijn.

Wat is er met de koffie aan de hand? Voor Nederland is koffie een van de belangrijkste producten. Gezien de situatie op het ogenblik, met de zeer wisselvallige natuur, is de kans groot dat de koffieoogst veel geringer uit­valt dan voorheen. Daarom zou daaruit moeten worden afgelezen dat de koffie speculatief duurder zal worden; niet feitelijk maar door speculaties duurder. Dat betekent dat er prijsstijgingen moeten worden verwacht waarschijnlijk on­geveer januari, februari 1980.

Dan is er de arbeidsmarkt. De arbeidsmarkt is eigenlijk zo ingedeeld dat, als iedereen die kan wer­ken wil werken, iedereen kan werken. Maar juist omdat niet iedereen die kan werken wil werken, zoekt men mensen die willen werken op de plaats waar de­genen die het kunnen het niet willen. Dit heeft geleid – niet alleen in uw land maar in vele landen op de wereld tot in Suriname toe – tot een sterke integratie van z.g. gastarbeiders. Deze gastarbeiders hebben een gevestigde positie en ze zullen die steeds feller gaan verdedigen. Aangezien de economie voor een deel daarvan afhankelijk is (dankzij de mentaliteit van de in­woners van de landen zelf), is het heel waarschijnlijk dat ze dus allerlei gunsten zullen kunnen afdwingen in de komende periode en daardoor gelijktij­dig weer een tegenzin kunnen opwekken

Dan hebben we de politiek. 1979 is menselijk (7 ). Menselijk is ook fascistisch. U vindt het misschien vreemd, maar het is waar. Want een mens die fascistisch denkt is iemand die denkt dat hij het beter weet dan een ander. In dit opzicht is de Paus een van de grootste fascisten; alleen op geestelijk terrein. Zijn concentratiekampen liggen in de hel en niet op aarde, gelukkig.

Het is duidelijk dat die tendens zich zal voortzetten. Daar waar geen zekerheden zijn is een neiging tot absolutistisch en extremistisch ingrijpen groter. Dit wil zeggen dat de groepen die een dergelijk ingrijpen voorstaan, en misschien zelfs hier en daar in de praktijk proberen om te zetten, sterker zullen worden in de komende jaren.

De periode van 1980, gezien het onbesliste van het jaar zelf, doet vermoeden dat terrorisme in dit jaar in sterkere mate praktisch overal zal optreden. Dit betekent ook dat we natuurlijk moeten rekenen op een aantal moordaanslagen. Vroeger zei men: “Daar gaat een moordgriet.” Nu zien ze een staatsman en zeggen: “Daar gaat een vent om te vermoorden.” De mentaliteit verandert.

Dit zijn allemaal gegevens die ik eenvoudig heb afgeleid alleen van de tendensen. Nu gaan we proberen het wat beter te berekenen.

Wat is Nederland voor een land?

Nederland blijkt een land te zijn dat eveneens met het getal 8 enige verwantschap heeft. Het stelt zich zeer priesterlijk op. Het probeert ieder­een te vertellen hoe hij moet leven, maar houdt zichzelf daar niet aan. Dan moet het jaar 1980 voor Nederland een bijzondere betekenis krijgen. Die be­tekenis kan liggen in bepaalde gevaren voortkomend uit de natuur. Dat kun­nen we niet helemaal vermijden, maar waarschijnlijk is dat niet. En wel omdat de balans 8 – 8 wordt gesteund door de voor Nederland meestal gunstige 63­ jaarcyclus voor de zon. Dan moeten we aannemen dat er in Nederland een paar goede dingen gaan gebeuren. Dat zou theoretisch kunnen liggen in een socia­le verandering.

Ik denk dat er in de sociale structuur in Nederland meer zal verande­ren dan menigeen prettig vindt. Maar het zal wel ten goede zijn voor het he­le land. Daarnaast dat we in Nederland zullen kunnen rekenen op een aantal meevallertjes in de zin van een tekort komen of tekortschieten van anderen waardoor Nederland op een goede manier zich uit een moeilijke zaak kan terug­trekken.

Ik heb verder geprobeerd om met dergelijke getallen (in de geboortehoroscoop eigenlijk van de verschillende landen) ook nog een beetje verder te werken.

Wat is er met België aan de hand?

In België is op het ogenblik de splitsing van Belgen zo sterk geworden dat de feitelijke economische strijd nog veel verbetener woedt dan de taalstrijd. En wie België kent weet dat dit heel wat is. Het resultaat zal zijn, denk ik, een toenemend aantal grote onlusten die o.m. de gevestigde staatsbelangen en vooral die van de staatsambtenaren proberen aan te tasten. Dit kan leiden tot geweldplegingen in bijna het gehele land. Deze geweldple­gingen waarbij politie betrokken zal zijn zullen ongetwijfeld voeren tot grote veranderingen in Brussel.

Frankrijk

Frankrijk zit vandaag de dag al in moeilijkheden. Dat hebben wij u vorig jaar ook al verteld dat dit zou gebeuren. De moeilijkheden van Frank­rijk liggen op het ogenblik meer in overvloed dan in tekorten. Dat is heel eigenaardig. Frankrijk zit met allerlei zaken waarvan een teveel is. Ik denk dat dit een kwestie kan zijn van landbouw, van wijnbouw, maar daarnaast industrieel. Het zal blijken dat men nu zit met een productie waarvan de afzet moeilijkheden veroorzaakt en gelijktijdig de consequenties van die productie voor andere landen steeds meer onaanvaardbaar worden. Dat zou dan op politiek terrein heel wat kunnen doen.

Een aardig ding wil ik nog vertellen. De sneeuwval aan de Rivièra zal tamelijk groot zijn dit jaar en zal vermoedelijk ook een deel van de Italiaan­se Rivièra mede daarin betrekken. Ook Spanje krijgt een sneeuwlaag aan de Costa d’Oro en de Costa Riva.

Duitsland

Als we kijken naar Duitsland, dan blijkt dat de onderlinge verdeeldheid sterker wordt dan voorheen. Er ontstaan tendensen die gelijk zijn aan die in het jaar 1916. Er ontstaan tendensen die gelijk zijn aan die in het jaar 1927 en er ontstaan nog eens tendensen die vergelijkbaar zijn met die in het jaar 1938. Dat zijn namelijk jaren die voor de lopende cycli erg belangrijk zijn geweest voor Duitsland en die voor een deel op enkele van die cycli inhaken. Dan kunnen we daaruit zonder meer de volgende conclusies trekken:

De neiging om weer in het bruine hemd te kruipen zal bij vele Duitsers groter worden, hoewel die hemden natuurlijk wel verschillende kleuren zullen hebben. De kans dat er een zeer sterke, bijna fascistisch ge­tinte partij een deel van de macht overneemt is niet uitgesloten. Dit zou niet alleen in de zuidelijke maar ook in de noordelijke provincies een rol kunnen spelen. Dit op zichzelf is wat onaangenaam. Gelijktijdig zien we dat ook in Duitsland de werkgelegenheid aanmerkelijk terugloopt en dat ook de onrust onder de jeugd en daarmee ook allerlei gevallen van terrorisme weer sterk toenemen. Men had gedacht dat men van de Rote Armee Fraktion af was, maar nu blijkt dat er een aantal mensen zijn die ook voor hun eigen nut en plezier een bank willen overvallen. Dat zal waarschijnlijk zover gaan dat elke bank en ook elke parkbank bewaking krijgt, want zo denkt de Duitser.

In Duitsland krijgt de gehele economie zo een aantal klappen dat er moeilijkheden ontstaan voor een aantal industrieën. Vooral industrieën die werken met basisproducten voor de chemische markt en in enkele gevallen met eindproducten die gebaseerd zijn op olieproducten. Alles bij elkaar meen ik dat we moeten rekenen met een tamelijk ongunstig jaar voor Duitsland. Duitsland is namelijk een land dat onevenwichtig op evenwicht voor de wereld pleegt te reageren.

Rusland

Ook dit land krijgt enige moeilijkheden. Een deel van die moeilijkheden liggen vooral in de tegenstellingen die er zijn tussen de verschillende deelstaten van de Sovjet Unie. Het is denkbaar dat staten als Turkestan, Azerbeidzjan en hoe ze verder ook nog heten, zich gaan afzetten tegen het te centralistische beleid van Moskou. Dat betekent dat er intern grote spanningen ontstaan. De Russen kennende moeten we dan maar aannemen dat dit wordt vertaald in reacties naar buiten toe.

Wat dat betreft is het ook wel aardig om nog even na te gaan dat een tweetal landen ook nog in moeilijkheden zitten omdat ze bezig zijn met aller­lei atoomprojecten. Atoomprojecten zijn namelijk vooral voor het jaar 1980 niet erg gunstig. Het is een verstoord evenwicht. En als er een verstoord evenwicht is in een evenwichtig jaar dan is er kans dat het onbegrensbaar groter wordt, dan loopt het naar oneindig.

We moeten rekenen op atoomexplosies in Rusland. Waarschijnlijk enkele, maar minstens één grote met nogal wat slachtoffers.

We moeten ook rekenen op iets dergelijk in de Ver. Staten; waarschijn­lijk ook twee of drie, waarvan waarschijnlijk een proefneming die verkeerd uitvalt.

Dan moeten we ook rekenen op een aantal defecten in atoomcentrales. Dan denk ik aan Frankrijk, België en Engeland, om die welke hier in de buurt zijn vooral te noemen.

U ziet, het is allemaal niet zo moeilijk. U kunt het zo uit uw mouw schudden. Misschien denkt u nu: dat kunnen wij niet. U kunt uw gezond verstand gebruiken. Een groot gedeelte van dit voorspellen is gewoon een kwestie van gezond verstand.

Als ik bv. zeg dat er een onregelmatige regenval zal zijn, dan moet ik  er ook op rekenen dat er overstromingen te verwachten zijn in het begin van 1980. Als ik kijk naar Nederland, dan weet ik dat die overstromingen zeer waarschijnlijk zullen plaatshebben in de richting van de IJssel. Mogelijk zullen we ook wat moeilijkheden zien optreden in de ­nieuw gewonnen provincies van de vroegere Zuiderzee.

Als ik dat probeer samen te vatten, dan zeg ik: “Als ik op dit moment een tendens zie dan vergelijk ik haar met de kosmische tendensen die er zijn. Als ik ontdek dat de Neptunusinvloed heel erg sterk gaat worden, vooral voor een groot aantal landen en ook voor mensen vanaf de 2de maand in 1980, dan moet ik aannemen dat er ook ideologisch het een en ander gaat gebeuren.

Wat kan er nu ideologisch gaan gebeuren? Dat kan op het ogenblik al­leen maar een doorbreking van dogmatisme zijn. Het is een krachtmeting tus­sen het dogma en het vrije denken. Dat is nu over de gehele wereld de situa­tie. Aangezien een teruggang naar het verleden nu eenmaal niet haalbaar is, moeten we er dus op rekenen dat een dergelijk conflict altijd resulteert in nieuwe en vrijere denkwijzen. Dat kan niet anders

Als u zich bezighoudt met bv. Rusland en u hoort dat het Breznjef goed gaat (u behoeft het niet te geloven, u heeft de man misschien op de TV gezien), dan kunt u ook zeggen: “We hebben hier te maken met een politieke mummie van een absolutistisch regiem. Het is zeer waarschijnlijk dat hij in een kist terecht komt.” Dat is een waarschijnlijkheidsfactor van 95 %. En als die man wegvalt, wat gebeurt er dan? Dan komt hij mogelijk in grote moeilijkheden. De anderen komen in moeilijkheden. Hij ook wel, maar dat is weer een andere kwestie. Welke moeilijkheden kunnen dat zijn?

Er is een groot verschil op het ogenblik tussen de Partij en het leger. In de Opperste Sovjet is de laatste tijd al voortdurend sprake geweest van een touwtrekken tussen het leger en de Partij om de grootste invloed te krijgen. Als Breznjef nu wegvalt (hij is iemand die op dit ogenblik het evenwicht met enig voordeel voor de Partij nog in stand heeft gehouden), dan is de kans heel groot dat vooral het Rode Leger aan de macht komt. Dit omdat de luchtmacht tot nu toe nog altijd de steun is geweest van de Partij. En als je dat weet, dan zeg je: “Als dat leger aan de macht komt, wat gebeurt er dan? In de eerste plaats wordt er minder de nadruk gelegd op de activiteiten van de marine. Er zal minder worden uitgegeven voor allerlei ruimteprojecten dan tot nu toe is gebeurd. Ook de bouw van nieuwe vliegtuigtypen zal aanmerkelijk worden beperkt. Gelijktijdig zal men overgaan tot uitbreiding van wegenbouw. Men zal proberen om de zware industrie weer een beetje aan te zwengelen ten koste van de verbruiksindustrie. En dat geeft ook weer moeilijkheden. Dus Rusland komt in interne moeilijkheden en zal die waarschijnlijk proberen op te lossen door het een of ander gewapend avontuurtje. En aangezien dat niet onmiddellijk kan, maar planmatig moet gebeuren, is dat een mogelijkheid voor het jaar 1981.

Engeland

Zo zijn er meer van die dingen. Neem nu Mevrouw Tatcher. De mensen zeggen: “Zij doet het goed, zelfs uitstekend. “Ze heeft echter één fout gemaakt. In plaats van gewoon haar kleren te kopen waar ze deze altijd heeft gehaald, heeft ze nu een couturier laten komen. Kijk, als je probeert de democratie voortdurend te verdedigen, dan betekent dit een coupure in de democratie; en die wordt in Engeland niet zo gemakkelijk genomen. Anders gezegd: grote geschillen tussen de Regering en de gewone mensen zijn denkbaar. De vakbonden zullen daarvan gebruik maken. 1980 brengt dus zeer grote klappen voor de Engelse regering als geheel en waarschijnlijk voor Maggie Tatcher in het bijzonder.

Ierland

In Ierland probeert men de vrede van de Paus te vertalen in een beter gebruik van wapens. Als je Ierland bekijkt dan is het duidelijk dat dit land zijn eerste grote Sinn Féin beweging heeft zien exploderen in de periode 1916-1917. Toen is dat enorm opgelopen. Daarna hebben we nog een paar van die perioden gehad. Aangezien er een grote overeenkomst is in de onevenwich­tigheden aan het einde van dit jaar en het begin van het volgende jaar, zou er zeer waarschijnlijk een reeks georganiseerde acties, maar van de burgers en niet van bepaalde bewapende groepen afzonderlijk, verwacht moeten worden.

Ik neem aan dat dit in Noord-Ierland zal voeren tot een grotere zelfstandigheid van dit gebied en tevens tot een soort semiofficiële verdeling van de macht tussen de Sinn Féinmensen die onafhankelijk willen zijn en de Oranjeklanten van Ulster. Dit zou in de komende 5 à 6 jaar kunnen leiden tot een absorptie van Ulster door de Ierse Republiek. Dat alles kun je zo berekenen als je maar een paar feiten weet.

Als ik u confronteer met deze manier van voorspellen, dan zit u waarschijnlijk met uw oren te klapperen en denkt u: dat zou ik nooit kunnen. Maar waarom kunt u het niet? Omdat u het nooit heeft geprobeerd. Lees de krant. Zoek tussen alle moorden en politieke redevoeringen die paar dingen te vinden die essentieel zijn. Vraag u dan eens af: hoe kan dat verder gaan? Kijk dan eens naar het type van het komende jaar. Kijk naar de heersende planeten. De heerser van dit jaar is Saturnus. Dan weet u al van tevoren, dat is tweedracht, dat is ergens explosief, maar het is niet algemeen.

Het ligt meer op het gebied van de persoonlijke relaties, dus van kleine groepen. Dan kijkt u naar het volgende jaar. Wat kan dat gaan doen? U rekent dat rustig uit. Als u op deze manier te werk gaat dan komt u tot een groot aantal prognoses die een grote kans van waarschijnlijkheid hebben. U krijgt dan meer zelfvertrouwen. En zelfvertrouwen heeft u hard nodig. Een prognose is voor een deel al geslaagd als je met aplomb zegt wat je mogelijk acht. Want er zijn genoeg mensen die denken: dat kon wel eens waar zijn en die gaan dan kijken of het uitkomt. En dan krijg je meestal wel gelijk.

Laten we het eens op een ander terrein brengen. Geeft u mij een punt waarvan u voor de lopende periode een prognose wilt hebben. Het mag niet persoonlijk zijn.

De politieke ontwikkeling in het Midden-Oosten

Er is eigenlijk geen sprake van politieke ontwikkelingen in het Midden-Oosten, omdat wat men daar politiek noemt voor een groot gedeelte emotie is. Als we nagaan wat daar op dit moment aan de gang is dan kunnen we zeggen dat de huidige regering van Israël, wat het ook verder moge kosten, moet proberen om haar nederlaag tegenover de opperste rechtbank goed te maken. Dit betekent echter dat gelijktijdig de regering als zodanig alle Arabieren en Palestijnen extra tegen zich in het harnas jaagt. Het betekent ook dat een groot gedeelte van de burgers die meer voelen voor vrede nu dan voor een verdere politiek van: wij blijven vechten en wij winnen eindelijk wel eens, eveneens in opstand komen. Het houdt in dat elke verdeeldheid in Israël aanmerkelijk groter zal worden in de komende tijd; dat volgens mij de heer Begin niet lang meer de kans heeft om aan iets nieuws te beginnen. Dat moet hij snel doen, anders lukt het niet meer; dan is hij burger.

Wat dat betreft wordt Egypte nu ook met grote moeilijkheden geconfronteerd. Zolang Israël zich op een juridisch aanvaardbaar standpunt blijft stellen, ook internationaal, is er niets aan de hand, dan kan de vrede voortduren. Maar op het ogenblik dat onrecht wordt gedaan aan bepaalde Palestijnse of Arabische bewoners, kan Egypte zijn vredelievendheid niet langer meer op dezelfde manier blijven voortzetten en uitdragen. Dan komt er een conflictsituatie en de kans is groot dat andere landen, mogelijk zelfs onder aanvoering van Syrië, zullen ingrijpen o.a. door pogingen te doen om iets aan de interne machtsverhoudingen te veranderen in Egypte. Dat is dus al een punt.

Laten we nu eens kijken naar de verschillende staten die met de islam geconfronteerd zijn in de laatste tijd. Het is duidelijk dat fanatieke moslims die daar nu bezig zijn tegenmachten tegen zich hebben opgeroepen waarvan ze zelf het belang nog niet beseffen. De ayatollah Khomeini heeft in de afgelopen tijd kans gezien om vele links gerichte groepen tegen zich in het harnas te jagen. Hij heeft het vertrouwen van een deel van de gewone burgers verloren. Hij heeft grote moeilijkheden veroorzaakt met de andere olieproducerende landen. Dat wil zeggen dat hij, als hij ook nog probeert en dat doet hij in feite, om zijn islamitische revolutie over de grenzen uit te dragen, hierdoor een sterk isolement van dit land onvermijdelijk is geworden en gelijktijdig een bewapening van opstandige groepen in toenemende mate zal plaatsvinden.

Men heeft als eerste aangrijpingspunt de Koerden. De Koerden zijn altijd door de Turken nogal gehaat. Het is echter opvallend dat de laatste tijd via Turkije de Koerden wapens hebben gekregen.

Als je dat allemaal ontleedt en je kijkt naar de onbeslistheid die 1980 voor een deel domineert, dan zegt men: men zal steeds weer worden geconfronteerd met het onbegrijpelijke en daardoor worden afgehouden van de eindsuccessen. Dit geldt voor alle staten en zelfs voor de olielanden.

De olielanden kunnen misschien ook nog in moeilijkheden komen, maar dat is heel iets anders, door een ontdekking, die ergens in Amerika (waarschijnlijk niet in de Ver. Staten) wordt gedaan, waardoor een zodanige andere energievorm bruikbaar wordt voor vele landen, dat de macht van de olie aanmerkelijk wordt beknot. Het potentiële bestaan ervan alleen al zou inderdaad de verhoudingen tot het Nabije Oosten en de olielanden voor het geheel van ­de wereld aanmerkelijk kunnen veranderen. Maar dat zal dan waarschijnlijk pas gebeuren tegen 1981.

Alles wat ik nu doe is extrapoleren. Dat wil zeggen dat ik uitga van bestaande gegevens. Maar in mijn ontwikkeling van die gegevens – en dat is nu de grap van het gehele geval – houd ik rekening met wat mij bekend is over de tendensen.

Ik heb u alle zonnetendensen genoemd. Ik houd rekening met het type van het jaar. Ik houd rekening met de kwaliteit van het jaar ten aanzien van bepaalde gebieden. Ik weet dan bv. dat het getal 8 voor Israël nooit gunstig kan zijn. 1981 zou gunstiger kunnen zijn. Het is namelijk een hogepriesterlijk jaar. Dit betekent dat dan het religieuze elan in vele landen zal opvlammen, maar dat daardoor gelijktijdig ook de geesteskracht van die landen aanmerkelijk wordt verbeterd.

In dit lopende jaar (1979) is daar gewoon geen sprake van. Het is een rite waarin men zelf eigenlijk haast niet meer kan geloven. Dat betekent dus dat er moeilijkheden gaan komen.

Zo kunt u ook voorspellen, als u bv. in de krant leest dat de graanoogst in verschillende landen is tegengevallen, dan bent u van twee dingen ongetwijfeld zeker. Er komt weer een gironummer voor een nieuwe actie en er is een oplopen van de prijs die waarschijnlijk ook in de broodprijs zijn weerspiegeling zal vinden.

Voorspellingen zijn niet moeilijk. Voorspellingen zijn gebaseerd op een redelijke kennis van feiten plus een redelijke kennis van heersende tendensen. En dat zijn ook de tendensen die niet kunnen worden vastgelegd in economische en sociale grafieken. Dat betekent de tendensen van de werking van de zon. Dat betekent de horoscoop van het jaar. Dat betekent de cijferachtergrond van het jaar. Dat betekent de relatie met bepaalde sterren in een jaar. Voor dit jaar zal de grootste invloed voor de aarde waarschijnlijk komen uit de sterren van Altair (sterrenbeeld de adelaar).

Als je dat allemaal weet dan kun je er rekening mee houden. Het is een karakterbepaling, een tendensbepaling. En als er veel ontwikkelingen mogelijk zijn en er is een zodanige voorkeur in een bepaalde richting van ontwikkeling, dan is het toch niet moeilijk meer om daar een con­clusie aan te verbinden.

U weet in ieder geval één ding: in dit jaar hebben we nog te maken met een menselijke onevenwichtigheid. In het volgende jaar hebben we te maken met een balans; met andere woorden, we hebben te maken met een door daadloosheid oneindige herhaling die inderdaad bij sommige sprekers ook voorkomt.

Eén raad heb ik nog voor u. Als u die voorspellingen doet, kijk dan eerst eens zelf of ze uitkomen voordat u ze gaat publiceren. Er is wel een goede markt voor, maar dan moet je toch een beetje gelijk krijgen.

Stemmingen

Ik ben bedroefd en ik weet niet waarom. Soms ben ik blij, dan kan ik wel dansen. Toch is er niet eens een zon die het verklaart.

In mij beroert mij iets, maar ik weet niet wat het is. Pas als ik steeds besef wat vreugde baart, wat droefheid brengt, dan is het mogelijk dat mijn “ik” op den duur erkent.

Stemmingen zijn de signalen van een wereld die in mij leeft; iets wat door zijn eigen straling en wezen een betekenis geeft aan dat wat ik beleef, dat wat ik zie en dat wat ik wel onderga.

Stemmingen zijn een signaal dat ik ook nog verder besta dan daar waar ik mijzelf ken en dat ik in mijzelf meer bevat dan ik zelf ben.

Warmte

Warmte, infrarode stralingen. Stralen dus, niet zichtbaar, wel merkbare. Mogelijk alom tegenwoordig en toch niet geheel definieerbaar. Is de warmte die wij uitstralen ook op ander dan zuiver lichamelijk terrein niet daarmee te vergelijken?

De kosmos heeft warmte. God is niet koud en kil. Hij is een levende werkelijkheid. Zijn levende kracht is wel degelijk ook persoonlijk te ervaren. Hij straalt een warmte uit. Een straling, een onzichtbare verbinding tussen de bron en de ontvanger. Een effect dat wordt opgewekt in de   ontvanger zonder dat we precies kunnen zeggen op welke wijze dit gebeurt.

Leven op zichzelf is een straling die uitgaat van de eerste oorzaak,­ van de kosmische Kracht, van God. En als zodanig is er dus een voortdurend effect, zoals de warmte die de aarde koestert wanneer de zon schijnt en de remanente (overblijvende) warmte die de aarde kan behouden wanneer de nacht valt.

Als wij dit gaan beseffen, zo zullen wij de warmte in onszelf leren beschouwen als het symbool van een kosmische werkelijkheid waarmee wij verbonden zijn.

Al dat onzichtbare dat in ons werkt is in feite een stralende bron die we misschien niet eens kunnen herkennen en een effect dat daardoor in ons ontstaat. Als wij onszelf kennen, kunnen wij misschien het effect preciseren. Maar door de precisering van het effect zullen wij ook iets leren over de bron.

Wie op deze wijze het leven benadert zal ontdekken dat de warmte, de kracht en de levende werkelijkheid die daarvan de basis zijn uit ongekende bronnen komen, die echter meer omschrijfbaar worden naarmate je beter begrijpt wie je zelf bent en dus beter kunt begrijpen waarop je in feite zou reageren.

Vertrouwen

Als ik niet mijzelf kan vertrouwen en twijfel aan mijn eigen zijn, hoe kan ik dan vertrouwen wat er in de wereld is?

Ik geloof in een God. In mijzelf vertrouw ik dat er een God bestaat. Maar weet ik werkelijk dat er een God is? Een God die alles zo maar gebeuren laat, die de mensen laat verhongeren, laat ondergaan in ziekte en nood, in oorlogen, dood, in concentratiekampen? Kan er een God zijn die al die rampen goedkeurt? En toch geloof ik in een God. Kijk, dat is nu vertrouwen.

Vertrouwen kun je in een mens, omdat de mens ondanks alles in zichzelf zoekt naar het compliment, waardoor zijn eigen wezen meer aanvaardbaar voor zichzelf wordt. Daarin kun je wel vertrouwen, maar niet daarin dat, wanneer een keuze eens is gemaakt, die keuze blijft behouden. Dat gaat niet.

Je kunt vertrouwen in een mens voor zover je hem kunt zien, heeft men wel eens gezegd. Daarmee doet men de slimheid van de mens onrecht aan, naar ik meen. Neen, vertrouwen kun je alleen datgene waarin je kunt geloven.

Als je gelooft in jezelf, dan kun je in jezelf vertrouwen. Als je gelooft in een God, kun je in God vertrouwen. Als je gelooft in de menselijkheid van je medemensen, kun je ook daarop vertrouwen. Maar je kunt nooit vertrouwen op datgene wat je zelf niet bent en wat je zelf innerlijk niet als een opperste waarheid erkent die je zelf moet uitdragen.