De chakra’s

Het is belangrijk te weten waar we over spreken. Daarom zal mijn inleiding hier en daar wat afweken van de gebruikelijke paden.

U kent allen waarschijnlijk wel de Chinese geneesmethode acupunctuur. Die is voor ons op dit moment verder niet belangrijk behalve voor één ding: Men stelt in de verklaring daarvoor dat er zich een netwerk van aderen een od‑kracht zou bevinden in het menselijk lichaam vlak onder de huid (sommigen zeggen vlak erboven) en daardoor in het mogelijk om die od‑lading te verkrijgen en eventueel de egalisatie van krachten waaraan de acupunctuur beweert haar genezende werking te ontlenen. Als we daar verder op ingaan, dan blijkt dat men spreekt over een aantal uitstralende punten (6 á 7 in getal) welke ‑ als we nagaan hoe ze ongeveer gelokaliseerd zijn ‑ sterk doen denken aan de chakra’s, die we elders ontmoeten. Ik geloof, dat we kunnen beginnen met te stellen, dat als we geloven een od‑kracht (een vorm van levenskracht), die zich in en mogelijk rond het menselijk lichaam bevindt. We ook mogen aannemen dat de chakra’s deel zijn van dit geheel en dat ze daarin een bijzondere functie hebben.

En is er nog een ander punt dat de aandacht waard is en daarvoor gaan we even kijken bij bepaalde opvattingen van tantrisch yoga. Hierin wordt o.m. het volgende gesteld: De mens leeft in twee werelden tegelijk. Zoals hij in zijn eigen wereld met zintuigen waarneemt, zo neemt hij in die tweede wereld eveneens waar met zintuigen. Bij de doorsnee‑mens is de verbinding tussen die zintuigen niet aanwezig. Maar desalniettemin bestaat ze theoretisch. Door training kunnen we zover komen dat we de geestelijke zintuigen volledig beheersen en gelijktijdig kunnen gebruiken met de normaal stoffelijke. Hier hebben we dus een tweede omschrijving: zintuigen van de geest. Ook dit lijkt mij aanvaardbaar. Want als een helderziende de ogen sluit, en iets blijft zien, dan moeten we toch wel aannemen dat er iets anders is waardoor dat beeld ontstaat. Waarom zou dat niet een chakra kunnen zijn?

In de tantrische yoga horen we trouwens ook heel vaak over het laagste of vier‑bladige chakra. Hier ‑ wordt gezegd ‑ vinden we in de vier kleuren (wit en blauw volgens het schema met daartegenover rood en groen) het begin van het Slangenvuur. Maar waar het Slangenvuur de verbinding vormt tussen het laagste en het hoogste chakra, daar is de volledigheid van de stof in een andere wereld gemanifesteerd en zal men bewust en beheerst alle dingen kunnen doen, die voor een geest mogelijk zijn, ook met het stoffelijk lichaam.

In bepaalde vormen van tantrisme gaat men nog een beetje verder en beweert men dat krachtens de concentratie, die daarbij behoort en nog het een en ander, de mens zonder meer kan leviteren en wat dies meer zij. Waaruit we alweer iets hebben geleerd: de verbinding tussen de verschillende chakra’s is van groot belang. Indien die op een bepaalde manier tot stand komt, zullen volgens occulte wetenschappen en filosofieën daaruit bijzondere begaafdheden voortvloeien. Als we de chakra’s alle maal op zichzelf gaan bekijken, dan valt op dat ze allen in een categorie vallen. Bijvoorbeeld. het laagste chakra is het chakra van levenskracht. Het is een ontvangstpunt voor odische krachten (od‑kracht) zoals dat dan heet. Het heeft daarnaast de functie bepaalde sensuele en instinct­ gewaardingen uit te stralen en op te vangen. Gaan we naar de andere kant (de geestelijke wereld), dan blijkt al direct dat het chakra meer doet. Het stelt de relatie niet de wereld.

Maar wonderlijk genoeg ‑ ook als we pas bij het zonnevlecht-chakra zijn ‑ is die wereld niet identiek aan de stoffelijke wereld. Wij hebben bij dit chakra een groter aantal bladen. Men spreekt soms van het 8‑bladige en ook wel eens van het 3‑bladige chakra. Dat ligt aan het systeem dat men volgt. Deze lotus, dit chakra is in staat om alle indrukken van fijn-stoffelijke (wij zouden zeggen paranormale) geaardheid af te lezen en daarnaast een deel van de geestelijke werkelijkheid rond het “ik” te absorberen. Dit zonnevlecht-chakra is in staat een deel van de menselijke od‑kracht te projecteren. Het zou in de geestelijke zintuigen vergelijkbaar kunnen zijn met de tastzin.

Waarom hier die verschillende aantallen van bladen? Er zijn mensen, die dat hebben ingedeeld in een kleur‑klanksysteem. Men zegt: Elk chakra in zichzelf, mits volledig ontplooid, is een mandala. Deze mandala kan buiten het “ik” worden geconstrueerd hetzij uit kleur hetzij uit klank. Op de juiste wijze gehanteerd kunnen hierdoor de odische krachten van het chakra worden gewekt. Deze mensen, die houden van vele onderscheiden mogelijkheden, breiden de zaak uit totdat ze het topchakra hebben dat 144‑bladig heet. Degenen die het eenvoudiger doen zeggen: Wij zitten in het begin met een veelheid van mogelijkheden, maar er zijn twee kleuren wer­kelijk belangrijk, wit het alomvattende en blauw het albeseffende. Wat we er verder bij hebben doet weinig ter zake. Als wit nu maar in elk chakra enigszins aanwezig is, dan is de totale od‑kracht, aanwezig in het gehele chakra en kan daaruit worden verwerkt volgens de eigen­schappen die met de andere kleuren worden aangegeven.

Dan gaat men er klanken bij geven. Bijvoorbeeld, voor het zonne­vlecht-chakra, he, ho, aa, oo, ni. Wat heb je eraan? Niets. Het is gewoon een leuze. Maar als u ze op de juiste wijze, in een juiste omgeving en in de juiste samenhang gebruikt, dan hebben ze wel een eigen­aardige inwerking op u. Dan lijkt het erop, of inderdaad dit stimuleren van een chakra door klank niet alleen mogelijk maar zelfs erg bruikbaar is. De scholingen hiervoor zijn over het algemeen Indische. In de Chinese scholing vinden we wel de kleurpatronen, die we ook wel mandala kunnen noemen. Hierbij wordt gezegd: In elk chakra zijn twee dominerende kleurwaarden. Als we deze kleurwaarden tegenover elkaar stellen op een wijze, zodat het “ik” zich volledig daarop concentreert, zal het gehele chakra zich openbaren en volledig functioneren, aan de mens alle indrukken weergevend die krachtens de geestelijke mogelijkheid ervan kunnen worden opgenomen. Dan zoudt u waarschijnlijk willen weten wat voor kleuren dit zijn. Volgens de Chinezen zijn het rood ‑ groen. Dit is op zichzelf niet belangrijk. Wat wel interessant is: In al deze gevallen, of we nu denken in de vorm van het tantrisch‑yoga, het denken in Chinese filosofieën of zelfs gaan kijken naar de primitievere waarden zoals die worden gehanteerd in Tibet en ook nog in bepaalde delen van Japan, overal wordt een chakra omschreven als iets wat kan functioneren als een zintuig en daarnaast als een zender van kracht.

Waarom maken we zo’n onderscheid tussen de verschillende chakra’ s? Naar ik meen, is dit te danken aan het feit dat men in het begin eigenlijk alles heeft willen zien in samenhang met de bekende pla­neten waaronder ook de zon en de maan moeten worden gerekend. Men had zo inderdaad een zevental planeten. Als wij kijken naar een zeer oude tekening van het Slangenvuur, waarschijnlijk van Zuid‑Chinese origine, dan zien we daarin inderdaad 7 cirkels gevormd door de slingering van de twee slangen (het geheel is een soort staf van Hermes ) en in elk daarvan vinden we het symbool van een planeet. Elk cirkeltje in de slingering van het Slangenvuur staat hier kennelijk voor een geopend, dus actief chakra.

De situatie wordt nog interessanter, als we ons gaan realiseren dat alle functies die we eraan toekennen niet noodzakelijkerwijs het wer­kelijke wezen van een chakra bepalen. We weten bv. dat voor de mens de grootste uitstraling van kracht via het voorhoofd-chakra geschiedt. Wij horen door helderziende waarnemingen (zelfs Leadbeater zegt er het een en ander over) dat hierin kleuren van geel en wit een rol spelen. Wij horen dat de beheersing van de natuur voornamelijk mogelijk is via het strottenhoofd-chakra. Er is een verschil in klasse.

Met het borst-chakra kan ik beheersen door klank. Het is het chakra dat vol ontwikkeld moet zijn bij iemand, die met allerlei wilde en gevaarlijke dieren zonder meer omgaat. Hij kan hier een zekere vrede uitstralen. Hij kan communicatie tot stand brengen. Hij kan die communicatie zelfs op het vlak van het instinct (het medeleven met het dier) bereiken. Hij kan daarnaast natuurkrachten, natuurgeesten e.d. bereiken.

Degene die met voorhoofd-chakra werkt, bezit al deze mogelijkheden wel, maar hij bezit ook nog een additioneel vermogen: het vermogen om kracht uit te stralen. Die kracht is sterk en als ze door een volbewuste wordt gebruikt, schijnt ze wonderen te kunnen volbrengen. Ik citeer hierover uit een Hindoe-verhaal waarin wordt verteld: “En toen hij (de held) tegenover zich de tijger zag, zo gloeiden zijn ogen, zijn voorhoofd werd een bundel van licht en de tijger word lijfelijk in de vlucht gegrepen en teruggeworpen?” Diezelfde held heeft dan nog het een en ander te doen met olifanten en ook met een klein legertje, maar dat is een verhaaltje. Ik citeer dit om duidelijk te maken wat men erin ziet.

Een andere wijsgeer, die tot de boeddhistische richting behoort, spreekt ook al over de chakra’s. Hij noemt ze een beetje anders, maar dat geeft niets. Hij zegt letterlijk:”Indien in ons de sereniteit is en de onthechting, zo is al hetgeen wij beschouwen deel van een totaliteit. Deze totaliteit manifesteert zich in ons. Indien een leger op mij afkomt en ik ben in mijzelf niet bevreesd noch strijdlustig, zo zal ik het Licht doen stralen uit het derde oog. (het voorhoofd-chakra) en ziet, ik zal hen verbinden en zij zullen ter aarde neerliggen.” Ik vindt dat laatste zeer interessant. Dat betekent dus dat het licht niet noodzakelijkerwijze zichtbaar moet zijn, maar dat het hier gaat om een energie, die ongetwijfeld uitermate suggestief ook op mensen inwerkt en waaraan mogelijk feitelijke krachten verbonden zijn. Denk even aan het Evangelie:” Judas kuste hem en de hoofdman kwam en zij: Zijt gij Jezus de Nazaret? Hij zag hem aan en antwoordde: Ik ben het, en ziet als door de bliksem getroffen stortten allen ter aarde.” Is dit eigenlijk niet precies hetzelfde?

Ik geloof dat we de chakra’s een beetje moeten losmaken uit een bepaalde mystieke, een theosofische beschouwing, ofschoon Leadbeater zeer goede en grotendeels zelfs getrouwe afbeeldingen heeft gemaakt van de verschillend chakra’s. Wij moeten loskomen van het begrip, dat de chakra iets is dat behoort tot een bepaalde discipline. Het is doodgewoon een zintuig ‑ zij het geestelijk zintuig ‑ waarover we al­len beschikken. Als het functioneert, is dat voor een groot gedeelte afhankelijk van de wijze, waarop in ons de levenskracht (de od‑kracht) functioneert. Als diezelfde verschijnselen worden vermeld in de Bijbel, de Veden, in bepaalde filosofische en mystieke beschouwingen van Chi­nese Classici, als de soortgelijke verhalen horen in delen van Korea maar ook in Japan, als wij daarnaast vergelijkbare wonderverhalen aan­treffen in de Indiaanse legenden dan moet er toch wel iets van waar zijn. En dat iets is dan niet iets wat ver van ons afstaat. Dat is iets wat we zelf hebben.

Waarom gebruikt de doorsnee‑mens het chakra niet? Ik ga weer terug naar de acupunctuur. In de mens is het evenwicht en de stroming van de od‑kracht vaak gestoord. Daar waar een ziek­te is, zal de od‑kracht onevenwichtig zijn en een deel van de stroming kan onderbroken zijn. Door de juiste plaatsing van de naalden stellen wij……..etc.. Hier gaat men dus uit van het standpunt dat het netwerk van od‑kracht in een mens niet altijd helemaal functioneert. Wat blijkt er verder? “Als ik op de juiste wijze (voor een groot gedeelte van het bovenli­chaam is dat in twee vingertoppen) naalden inbreng, dan kan ik hierdoor een zo sterke od‑kracht opwekken dat geen pijnen meer worden gevoeld. (Dit is dus narcose door acupunctuur.) Hierdoor schakel ik nl. de pijngevoeligheid, uit en voer gelijktijdig de werkelijke energie op, zodat het evenwicht van het lichaam gehandhaafd blijft en dit lichaam in welbehagen alles ervaart.” Toen ik dit alles bestudeerde heb ik gehoord dat er inderdaad een aantal mensen zijn, die met de zilveren naaldjes bij werkelijk grote operaties een verdoving tot stand brengen, waarbij de patiënt volledig bij bewustzijn blijft, normaal kan meespreken, alleen geen pijn gevoelt en ook geen angst of paniek kent. Ik vind dit interessant, want wat lees ik bij tantrisch‑yoga?: “Indien de wijze zich concentreert, zo kan hij de kracht (in een ander mens) veranderen. En wie de loop der kracht verandert, verandert het beleven (van die ander).” Met andere woorden: wat de acupunctuur doet met de zilveren naaldjes dat kan iemand doen, indien hij over voldoende kracht beschikt. Maar hoe? Daar is ook een antwoord op:

In de borststreek bevindt zich namelijk een zeer krachtig chakra. Hierin is de od‑kracht sterk vertegenwoordigd. De kleur is volgens de code groen en de klanken nó, hi, li en la spelen een grote rol bij het klankbeeld dat wij ervan maken. Hier nu komen alle krachten samen en wordt de eigen levenskracht of od‑kracht van de mens voortdurend met elkaar vergeleken. Het is het zintuig dat het ons mogelijk maakt, in te grijpen in de geest te zien en ‑ maar beperkt ‑ te horen. Het chakra in zich is grotendeels receptief met één uitzondering. Daar alle krach­ten hier samenspelen, kan van hieruit een gebundelde kracht worden uit­gestraald, die op alle samenballingen van od‑kracht invloed heeft. Het gaat hier dus om de vraag: Indien ik in mij die kracht heb en ik ben mij ervan bewust, dan kan ik haar ook uitstralen. Ze is niet iets wat anderen aantast. Ze is iets wat inwerkt overal waar een soortgelijke kracht bestaat. Het is een communicatief chakra. Wat doet dit chakra? Het kan krachten ontnemen en het kan krachten toevoeren. Het kan verder in anderen evenwichten van krachten veranderen en daarmee lichamelijke ontwikkelingen of veranderingen van lichamelijke ontwikkelingen beïnvloeden. Het is misschien wel het meest geneeskrachtige chakra dat er bestaat.

Nu moet ik even de kant uit van Perzië. Daar zijn ook mensen, die zich ermee bezighouden en sinds lange tijd bezig gehouden hebben. Daar zegt iemand over het hand opleggen, het zegenen en wat wij zouden noemen magnetiseren: Hier werkt het borst-chakra beïnvloedende kracht, die uitgaat door de armen naar de handen en gebundeld uit de vingers wordt gedreven. Hier is de kracht waarmee men in staat is anderen levenskracht te geven of aan hen levenskracht of stoffelijk bewustzijn te ontnemen. Die mensen zijn erg praktisch. Ze zeggen niet alleen wat je ermee positief kunt doen. Je kunt er ook wat mee pikken. Maar dat is misschien een plaatselijk gebruik. Wij hebben nu al wat meer geleerd. Zeker, we hebben niet alle chakra’s gehad. Maar we hebben toch geleerd: je kunt er iets mee doen. De functie van het chakra is veelvoudig.

Nu hebben we nog het kruin‑ of top-chakra waarover heel veel eigenaardige dingen worden verteld. Het is het enige centrum waarin we de ohe‑klank vinden in de omschrijving ach, och ich en aich. Daarnaast vinden wij de m‑klanken: um, om en aum. Er is dus een veel rijkere klankomschrijving. Er zijn veel grotere combinatiemogelijkheden voor een klankmandala. Kentekenend hiervoor is ‑ en ik citeer weer uit het tantrisch denken -: In dit chakra is, wanneer het zich ontplooit, de volledige kracht van de persoonlijkheid aanwezig (wij zouden zeggen: de zielekracht zit er ook in). Door deze kracht kan het geheel van het odisch lichaam zich losmaken van het stoffelijk lichaam, onafhankelijk daarvan functioneren en is het mogelijk om alle werelden te betreden waarvan men slechts een beeld of een wens in zich kent.

Nu vind ik de stelling “een beeld of een wens” niet erg mooi. Ik heb dat dan ook nagegaan en wat blijkt? In het top-chakra is volgens de voorstelling van een aantal deskundigen een vermogen aanwezig om alle kosmische mogelijkheden, die er maar bestaan af te lezen. Het is mogelijk te zien buiten ruimte en tijd wat er is geweest, wat er zal zijn, wat er nu is en wat er nu mogelijk is. Als ik een affiniteit voel voor een van die punten, dan kan ik volgens deze leer mijn gehele wezen daarheen verplaatsen.

Nu zijn er ook boeddhisten die het weer een beetje anders bekijken. (Dit was het tantrisch yoga. Je hebt natuurlijk ook tantrisch boeddhisme). Bij de boeddhisten horen we: Wanneer de zien het lichaam verlaat, zal zij dit doen langs het schedelpunt, gelegen bij het centrum van het kruin‑ of top-chakra. Wie de juiste klanken kent, opent hiermede de weg voor de geest en de ziel kan haar weg gaan volledig bekleed met alle krachten en in staat om zich in haar nieuwe wereld geheel en beheerst te manifesteren. Dus als u doodgaat en u heeft iemand die het gebedje kent, dan heet dat erg praktisch te zijn. Maar is dat nu wel zo? Zeker is, dat het geheel van je kracht daarin zit. En in het begin, toen ik het had over het vierbladige chakra, heb ik u al verteld: als het Slangenvuur een verbinding maakt met het top-chakra, zou hierdoor een volledige beheersing door de geest van de materie kunnen plaatsvinden. Het is dan mogelijk de materie te verplaatsen (transport). Allerhande verschijnselen van telepathie zijn mogelijk. Het is mogelijk met dat lichaam in een andere wereld (een geestelijke wereld) zich tijdelijk te manifesteren. Iets waar ik persoonlijk twijfels over heb. Ik heb het namelijk nooit gezien en ik leef toch in de geestelijke wereld. Het is kortom de sleutel tot alle dingen.

Wat is het dan als we het in zintuigen willen uitdrukken. In zintuigen uitgedrukt zou je moeten zeggen: Het bevat alle zintuiglijke mogelijkheden van het stoffelijk leven ten aanzien van zowel stoffelijke als vele geestelijke werelden. Het bevat daarnaast alle actiemogelijkheden die in de stof en in lagere geestelijke werelden voor het “Ik” bestaan. Daar waar het kruin-chakra volledig is ontplooid, is het in staat zich met het geheel van zijn activiteiten in te voeren in het kosmisch evenwicht en daaruit puttend zichzelf onbeperkt te handhaven in de bereikte toestand. Dit is boeddhistisch en vrij vertaald.

Nu vraag je je af: Als dit nu allemaal waar is, waarom, doet men zo weinig met die chakra’s? Waarom zijn er zo weinig mensen die daar iets van afweten? In de eerste plaats zijn het geestelijke zaken. Om te kunnen werken met een chakra moet je je bewust zijn op een niet‑materialistische ma­nier van leven en van de krachten die daarmee samenhangen.

In de tweede plaats: Chakra’s gehoorzamen niet aan de wetten van logica. Ze zijn wetenschappelijk maar zeer moeilijk constateerbaar, ofschoon ik hier mag bijvoegen dat bepaalde psychologen de mogelijkheid van dergelijke zintuigen wel degelijk hebben gesteld. Het is een geheimzinnig iets. Het ontwikkelen en het gebruiken van de chakra’s vergt zeer veel arbeid. In een tijd dat men zegt dat arbeid in geld moet worden uitgedrukt, is dat bijna niet te verwezenlijken. Bovendien moet de kennis van de wereld en het begrip voor de wereld waarin men leeft plus nog voor een geestelijke wereld voortdurend in het “ik” worden uitgebreid. Men moet zijn eigen mogelijkheden steeds vergroten. Het leren is onvermijdelijk om te komen tot een juist gebruiken van een chakra. Al de factoren bij elkaar zijn – naar ik meen – een belemmering­ voor de mensen om zich er werkelijk intensief mee bezig te houden.

De vraag die blijft is dan deze: Bestaat er een mogelijkheid voor de mens van een – misschien dan niet zo intensieve en bewuste – ontwikke­ling van een enkele chakra of van meer chakra’s zonder dat hij daarbij het normale ritme van zijn leven zo abrupt geheel gaat onderbreken en zich gaat onderwerpen aan de een of andere goeroe? Ik heb daar een antwoord op gevonden, dat niet volledig is uit de aard der zaak, maar het is voor u voldoende interessant en misschien ook praktisch bruikbaar.

In de eerste plaats: De voorstelling waarmee wij de levenskrachten in ons activeren doet niet ter zake. Wij moeten ons niet richten op voorstelling maar op effect. Als wij dit steeds doen al is het maar door een wens intens uit te stralen en daarbij niet te vragen “hoe kan het”, en “wie moet het voor mij doen” maar gewoon te zeggen “dat effect, wil ik bereiken.” dan zullen we hierdoor inderdaad de od‑kracht zoals ze zich verdeeld heeft in het lichaam activeren. Wij zullen dan de stroming van de od‑kracht inderdaad vergroten en daarmede, haar mogelijkheden en haar evenwichtigheid.

In de tweede plaats: Indien wij iets willen volbrengen, moeten we niet vragen, of het mogelijk of logisch is. Zodra wij deze krachten gebruiken, moeten we leren om gevoelens in de plaats van stoffelijk zintuiglijke waarnemingen te stellen. Wie leert dit aanvoelen te gebruiken om zijn geestelijke krachten a.h.w. juist te richten, zal ontdekken dat op den duur een soort analogie van de stoffelijke waarneming in de plaats gaat treden van dit vage gevoelen. De geestelijke zintuigen worden wakker.

En door het voortdurende gebruik ervan wordt een overdrachtsmogelijkheid geschapen voor de hersenen waarin de mens zijn zintuiglijke ervaringen opslaat. Het is mogelijk om nu ook bewust, waakbewust zelfs, de uitstralingen van de buitenwereld middels een chakra op te vangen en in beelden en erkenningen om te zetten. Dan geloof ik dat je je niet zo druk moet maken over de verschil­lende chakra’s. Welke is nu wel open en welke is niet open? Een van de redenen daarvoor is dit: Waar in één chakra een functie volledig ontplooid is, zal deze zelfde functie als ontplooid en actief gelden in elk hoger chakra. Das dat is niet zo erg belangrijk. Dan is er nog bij: Wij moeten proberen om het chakra zo nu en dan te toetsen. Een aardige methode hiervoor is dit: U neemt een voorwerp waarvan U de geschiedenis niet kent of een brief waarvan u de inhoud niet kent en u legt het tegen de zonnevlecht. Sluit uw ogen, dek ze desnoods af zodat u goed geconcentreerd bent en vraag u niet af: wat staat erin of wat betekent het? Vraag u alleen af. Wat komt er in mij op? Spreek dit uit. Controleer later in hoeverre u het juist heeft. Indien u resultaten krijgt bij het opleggen op de zonnevlecht-chakra, na enkele proeven is dat meestal het geval dan gaat u over naar het volgende chakra en u het voorwerp op het borstchakra. U zult ontdekken dat u soortgelijke impulsen krijgt, maar dat ze sterker zijn en wat anders van geaardheid. Het (zonnevlecht-chakra) zegt u b.v. ik zie hier iemand die ziek is geweest en die heeft deze doos bij zich gedragen. Bij het borst-chakra zegt u: dit is iemand die tijdelijk machteloos is, maar die heel erg goed is. Hij straalt liefde en genegenheid uit. U gaat meer over de persoon zeggen en minder over de omstandigheden. Daarna kunt u proberen of u komt tot automatisch, inspiratief spreken door middel van een voorwerp. U neemt wederom een soortgelijk voorwerp en u brengt het onder de kin (keelkop-chakra). Als u begint te praten, dan niet vragen: wat zeg ik? wat komt eruit? U merkt dat u in zo’n geval van het doosje dingen gaat herhalen die de persoon in kwestie heeft gezegd. En als u een beetje verder bent, is het zelfs redelijk dat u dan dingen gaat zeggen, die de persoon nu zou willen zeggen. Dit heeft dus ook mogelijkheden.

Gebruik daarna nog het voorhoofd-chakra en probeer af te lezen wat er eigenlijk aan de hand is. (U moet nooit overgaan naar het volgende chakra voordat op het zonnevlecht-chakra inderdaad wat resultaat is verkregen.) Dan gaan we het later nog eens proberen en beginnen we weer bij het zonnevlecht-chakra. Geeft het resultaat, dan gaan we verder.

Hebben we bij het volgende chakra ook resultaat dan gaan we nog, weer verder. Het is dus een opbouw. Wat door deze oefeningen gebeurt, heeft heel weinig te maken met yogatraining e.d.. Het berust gewoon op het feit dat u op deze manier tot een vorm van concentratie komt waarbij de levenskrachten in u op een bepaalde wijze worden geactiveerd. U brengt hiermede dus een verster­king van kracht in het chakra tot stand, terwijl u bovendien een vraag stelt die voor het chakra te beantwoorden is. Het is a.h.w. alsof je de hand achter het oor gaat houden om zo iets, niet goed kunt horen en de hand achter meer te kunnen opvangen. Door met deze methode te werken gaat u leren wat u kunt horen, wat u kunt zien, wat u kunt uiten. De zintuigen (dat zijn de chakra’s wel degelijk) worden dus getraind. Door deze training zullen ook andere vermogens van een chakra gemakkelijk worden beseft. Daar een training zullen ook andere vermogens van een chakra makkelijker worden beseft. Daar een dergelijke training een spelelement heeft en eigenlijk een helemaal niet zo belangrijk is, meen ik dat ook de westerse mens deze methode wel kan gebruiken. Dan zou ik verder voor het toetsen van een stroming van od‑stroming van od‑kracht (deze kracht komt vnl. uit het borst-chakra) willen wijzen op de oude methode waarmee u de kracht kunt voelen die tussen de vin­gers is. U houdt de handen op korte afstand van elkaar. Als u daar een tinteling krijgt, dan moet u daar een stukje papier of karton tussen houden. U moet dit dan als een licht schokje voelen, net alsof de zaak wat uit elkaar gaat. Als dat het geval is, staat daar een stevige stro­ming. Zo leert u iets over de krachten die in u circuleren.

Ik heb hiermede mijn inleiding praktisch voltooid. Er zijn natuurlijk heel veel dingen specifiek te vragen over dit chakra en dat chakra, maar dat zijn zaken die eigenlijk niet werkelijk belangrijk zijn. Je gaat ook niet vragen over het ene oog en het andere oog. En hoe zit het, met dit oor en dat oor? Hoe voel je iets met je vingertoppen en hoe voel je het met de rug van de hand? Chakra’s zijn zintuigen, die gelijktijdig een vermogen hebben tot uitstraling. En als we maar één van die zintuigen activeren, zullen de andere vanzelf mede actiever worden. Als we niet bang zijn voor de krachten die we zo ontwikkelen en voor de gevoeligheden die zo ontstaan, is het mogelijk om praktisch alle chakra’s behalve het top-chakra te activeren.

Het top-chakra kunt u beter niet bewust gaan activeren. Maar als u met de andere chakra’s bezig bent, dan zal het zich ontplooien, het opent zich. Het krijgt dus een grotere wisselwerking met de wereld daarbuiten en wordt dan als vanzelf een leidsnoer tot een vorm van harmonie en beleving waarvoor u geen stoffelijke aanwijzingen nodig heeft. Ik meen, dat ik u met dit beeld een beetje in de goede richting heb geholpen.