De God-koningen

image_pdf

12 september 1986

Goedenavond vrienden, ik maak u er op attent, dat wij niet alwetend of’ onfeilbaar zijn. Denkt u dus zelf na. Het onderwerp is een vrije keuze. Ik zou willen spreken over het verleden: De God-koningen

U heeft waarschijnlijk allen gehoord dat Farao een soort god was. Wanneer hij dood ging werd hij dan ook met een godennaam aangesproken. Laten we zeggen dat de man Hathereta heette (een naam die niet bij de Farao’s voorkwam, wel een ander die daar op lijkt), dan werd hij voortaan aangesproken als Osiris Hathereta. Op deze manier werd dus die goddelijkheid eigenlijk heel sterk benadrukt. Dat had zijn zin, dat had zijn reden.

In die tijd was het denken van de mensen magisch. Als je de koning tot een god maakt, dan is hij gelijktijdig de vertegenwoordiger van het hele volk, van het gehele land. Daardoor zijn al zijn handelingen van betekenis voor dat gehele volk. Een Farao die niet huwt, veroorzaakt onvruchtbaarheid. Wanneer de Farao de zegen van de goden moet afsmeken – want er zijn natuurlijk grotere goden – dan doet hij dat op een symbolische manier.

Bijvoorbeeld: In de Nijldelta was een fort met witte muren. De Farao wandelde daar dan heel statig 0mheen met alle priesters achter zich. Zodra hij dat allemaal had gedaan, sprak hij een aanroeping uit. Die werd dan onmiddellijk gevolgd door een verklaring dat hij (en dan gebruikte hij de naam van de god) vruchtbaarheid, voorspoed en veiligheid beloofde. Men dacht namelijk: hij heeft zich geïdentificeerd met de god daar boven en dus zal datgene, wat hij zegt in naam van die god, gebeuren. Dit is het oude magische denken van: gelijk werkt met gelijk; overdracht, besmetting en al die dingen meer.

Als je zo naar een god-koning kijkt, dan ga je begrijpen dat hij eigenlijk heel iets anders is dan alleen naar een monarch, die op afstand wordt gehouden en die eigenlijk als een soort verguld beeld boven de ambtenarij en de priesterschap uittorent. Hij is voor de mensen werkelijk het symbool van alle krachten dat achter de hemel verscholen ligt. Hij draagt in zich de kwaliteiten van alle goden die je je kunt voorstellen. Daardoor is hij voor het volk van buitengewoon groot belang, maar gelijktijdig is hij daardoor a.h.w. onvergankelijk. Die onvergankelijkheid kun je alleen maar duidelijk maken als je zegt dat zo iemand god is.

Oorspronkelijk was alleen de Farao zelf een god. Maar dat werd al heel gauw uitgebreid tot zijn gemalin, later zijn familie. Op den duur kregen ook de hogere standen en de hogere priesters hun deel van de onsterfelijkheid. Ook zij werden allemaal als Osiris aangesproken. Maar ze hadden één nadeel: tijdens hun leven waren zij niet die god. De priesterschap vond dat niet erg prettig en die heeft er toen wat op verzonnen. Zij hadden zogenaamde adepten of ingewijden, die bij bepaalde plechtigheden optraden en zegden: “Ik, Amon zeg: …..” en dan spraken ze namens de god. Dus ook zij vertegenwoordigden de god. Hun uitspraken werden eveneens magisch.

Iedereen wilde aan die eeuwigheid toch wel een beetje deel hebben. Zo ontstond er, in een overigens zeer praktisch volk ook in magisch opzicht, een denken, waarbij iedereen – op den duur zelfs een slaaf – in het eeuwige rijk kon ingaan en a.h.w. Osiris kon worden: een herrezen god.

Dat ze daarbij praktisch waren, dat is u misschien niet opgevallen. Maar als u het Dodenboek leest, zult u zien dat er een heel stel spreuken in staan, die u dan kunt gebruiken om de god te misleiden. Bijvoorbeeld: als je hart wordt gevraagd, geef je een scarabee, een namaak kever met opschrift waarop staat: Indien men mijn hart vraagt, spreekt gij. Het is dus heel duidelijk: Die kever is een steen, die is zich van geen kwaad bewust. Hij kan altijd zeggen: Ik ben volkomen onschuldig. En dan moet men dat geloven, want het is je hart dat spreekt.

U zult denken: dat is nu Egypte, maar was het ergens anders ook zo? Als we bv. kijken in de periode van de Inca’s, ook de periode van de Maya’s, dan zien we ook weer dat de vorst een goddelijke functie heeft. Ook hier weer: hij is a.h.w. de top van al het burgerlijk en al het geestelijk gezag. Hij heeft bepaalde plechtigheden. Zo moet een vorst bv. een bepaald balspel goed kunnen spelen; want één keer in het jaar moet hij met de jonge edelen dat spel spelen. Als hij dan een paar keren succes heeft (het gaat hier om het gooien van een bal door een gat aan de zijkant van een pilaar), dan betekent dat, dat het goed gaat met het land. Maar als hij geen punten kan maken, dan gaat het slecht met het land. Want het is zijn vitaliteit, zijn bekwaamheid, die bepalend is voor het lot van alle mensen en van alles wat er gebeurt.

Toen hebben ze gedacht: daar moeten wij toch wat anders op verzinnen. Ze hebben gedacht: kijk, als die vorst het nu niet goed doet, dan kunnen we misschien toch wel iemand naar de goden toe sturen om te zeggen dat het een vergissing was.

Zo zijn eigenlijk offers ontstaan, waarbij iemand soms een aantal seizoenen, soms een heel jaar deel uitmaakt van a.h.w. een goddelijke hofhouding. Hij werd ook als een soort godheid behandeld en vereerd. Hij kreeg alles wat hij hebben wilde. Alleen, wanneer het zover was, werd hij op de offersteen gelegd, de priesters mompelden hem toe wat hij de goden moest zeggen, ze bezworen hem om dat te  doen en dan één, twee, drie huplakee, klaar voor de begrafenis! Ook hier weer goden, het denkbeeld van de oppermachtigen.

Dan heb je landen als China, waar goden toch wel minder belangrijk waren. Je had daar wel een aantal figuren, maar het belangrijke daar was de structuur van het land. Men dacht zich dus een hemelse wereld in die op dezelfde manier gestructureerd was. Ook met een hemelse keizer, een hemelse verboden stad en een hemelse hofhouding, ambtenaren enz. Ook hier zien we dat de keizer paalde plichten heeft.

Bijvoorbeeld: één keer in het jaar moet die man ploegen. Als hij ploegt, dan moeten de voren mooi recht zijn: welvaart. Maar als hij nu een beetje wankelt,  met andere woorden, wanneer hij fouten maakt (dat hebben we ook gezien bij de Inca’s), dan zegt men: Het wordt een slecht jaar. De hoop van het volk ligt weer in de magische macht van de vorst.

Wie verder nadenkt gaat begrijpen, dat dat god-zijn eigenlijk een heel andere functie heeft dan gewoon verering of onaantastbaarheid. Het is een magisch denken dat van het begin van alle tijden af heeft bestaan.

Wanneer er een bepaalde leider van een stam was en deze leider was bijzonder krachtig, dan werd hij over het algemeen een incarnatie genoemd van de god van zijn stam. Dus als het nu toevallig luipaardenvereerders waren, dan was hij het grote Luipaard. Als het hagedissenvereerders waren, dan was hij de grote Hagedis. Zouden het vlooienvereerders zijn geweest, dan was hij de grote Vlo geweest. Dat is dus gewoon een neiging om het onbekende samen te trekken in een persoon.

De Caesaren, die ook de goddelijke functie voor zich hebben opgeëist, deden dat juist in de tijden dat er eigenlijk ontzettend veel verval was. Het klinkt gek, maar het is waar. In de tijd dat Rome niet meer de krijgslustige natie was, maar eigenlijk zijn legioen hoofdzakelijk uit barbaren samenstelde (althans zo noemden de Romeinen die), zien wij dat deze godsfunctie bij de Caesaren plotseling opbloeit en dat ze overal vereerd worden, maar ook dat ze weer deelnemen aan bepaalde plechtigheden. Hoe belangrijk dat was, kunt u zich misschien indenken; als u zich realiseert dat zelfs een eigenzinnige, bijna krankzinnige figuur als Caligula (het Laarsje) twee keer per jaar aan bepaalde erediensten moest deelnemen en daarbij dan zelf optrad.

Nero deed het ook, maar dat hebben ze toen een beetje de kop ingedrukt, omdat de man het niet kon laten om voor de goden de lier te slaan en iedereen was bang dat de goden dan op de vlucht gingen. Dit is werkelijk waar. Ook hij heeft een tijdlang bekende dingen gedaan. Hij ging eerst naar de tempel van Vesta; van de tempel van Vesta naar de grote tempel van alle goden en van daar naar het Forum om daar een declaratie af te geven bij bepaalde trappen. Bij die trappen gebeurde dat dan. Meestal stond daar een spreker op een steen en deze gaf dan antwoord.

Maar als wij later gaan kijken, ontdekken we dat die neiging om de vorst met het paranormale, om niet te zeggen met het bovennatuurlijke en goddelijke, te identificeren is gebleven. Wie van u kent nog de legende van Karel en de Elegast? Karel de Grote die het spreken van de dieren kan verstaan, die worstelt met een engel alsof hij een incarnatie was van de jonge Tobias en al dergelijke dingen.

Kijken we nog verder, dan blijkt dat de vorst eigenlijk ook weer een representant van het goddelijke is. Al heeft men dat aan het Franse Hof waarschijnlijk niet beseft, het daar bekende’ levee’, het opstaan van de koning terwijl hij omringd is door iedereen, is eigenlijk een overblijfsel van de oude eredienst: de begroeting van de zon. Zoals de maaltijd van de koning – waarbij iedereen aanwezig kon zijn – valt terug te voeren naar de gemeenschappelijke maaltijd, die vooral de hooggeplaatsten en de priesters natuurlijk, maar soms ook het gewone volk, op bepaalde dagen hielden om de eenheid in de god a.h.w. te manifesteren.

Op het ogenblik zijn er misschien geen goden meer van die soort. Maar Mao bv. is ondanks hetgeen men hem allemaal te verwijten heeft, op het ogenblik toch al aardig op weg om een soort figuur te worden, die later door een ander op aarde gerepresenteerd wordt als de enig ware revolutionair, de Grote Stuurman enz.

Ook elders zien wij deze tradities soms opleven. Alle vorstenhuizen zijn nog steeds – voor zover ze bestaan – deel van de een of andere eigenaardige reeks riten. Het heeft natuurlijk weinig zin dat de koningin op de derde dinsdag in september naar de Kamers gaat om daar voor de volksvergadering te vertellen wat er allemaal aan de hand is. Iedereen weet dat immers. De ministers hebben het opgesteld. De vorst kan hoogstens de nadruk een beetje verleggen, maar dat is ook alles.

Hetzelfde zien we ook weer bij een president. Neemt u in de U.S.A., ‘the State of the Union’. Alweer een stuk waar de man zelf weinig invloed op heeft, ook in Amerika.

U denkt misschien anders, maar daar is zijn invloed heel beperkt. Maar hij heeft het voor te dragen. Waarom? Hij is de stem, de representant van het volk. Zoals Beatrix de representante is van het volk. En zoals in andere landen misschien weer dictators ofzo zich op eenzelfde manier voelen.

Ze zeggen wel eens, dat dit de eeuw is van de wetenschap. Freud heeft, ongeacht wat Jung later heeft gezegd, heel wat aardige uitspraken gedaan over magie en alles wat erbij komt tot spiritisme toe, wat volgens hem een geestesziekte is. Maar niemand heeft eigenlijk de behoefte aan dat magische ritueel en aan het vinden van de representant van de totaliteit ongedaan kunnen maken. Natuurlijk, de een past er beter in dan de ander. Dat ben ik met u eens. Maar het gaat hier niet zozeer om de persoon. Het gaat om de functie, het brandpunt. En hoe denkt u dat dit tot stand komt?

Ik heb u gezegd wat er is, hoe de samenhangen ongeveer liggen met een paar voorbeelden. Een volk moet zich, om als natie te kunnen bestaan, een eenheid gevoelen. Die eenheid is in de praktijk nooit aanwezig. U weet, ordening is een chaos die zodanig geregeld is dat ze niet meer opvalt.

Als je een figuur hebt als brandpunt wordt alles – positief of negatief – op die figuur gericht en daardoor ontstaat een onderlinge verbondenheid; een eenheid die zuiver landschappelijk niet tot stand zou kunnen komen over een dergelijk gebied. Het gaat hier doodgewoon om: je moet iets of iemand hebben, waarmee of met wie iedereen zich verbonden voelt.

Soms krijg je zo’n idee van: Ja, wat is dat eigenlijk allemaal? Waarom hadden ze al die obelisken in Egypte staan? Waarom zien we eveneens zuilstructuren en los staande zuilen bij de Inca’s? Waarom treffen we dergelijke symbolen eveneens aan als we naar de Oriënt gaan en zelfs wanneer we naar het Verre Oosten gaan?

Het antwoord is heel eenvoudig: Het begin van de mensheid heeft eigenlijk de seksualiteit tot achtergrond. En nu niet even denken aan lekker knoeien ofzo. Maar gewoon aan het feit, dat de mensheid bestaat uit twee verschillende soorten wezens, die onderling moeten samenwerken om de continuering van het geslacht tot stand te brengen. We zien dan ook overal lingam-symbolen opduiken. We zien allerlei varianten waarbij het ei, het ovale, een rol speelt.

Maar al die mensen gingen uit van het standpunt: er is één ding belangrijk: de kracht van het leven. Per slot van rekening, op den duur zullen ze er wel achter zijn gekomen waar de kindertjes vandaan kwamen. (De rode kool is pas met de beschaving gekomen…) Maar dat was het mysterie. Dat mysterie openbaarde als het ware een goddelijke wereld. Dat was de almacht; alle leven en dood samengevat in één denken. Je zou – met enig voorbehoud misschien – kunnen zeggen, dat zelfs de verering van vorsten en voormannen en de daarmee gepaard gaande riten eigenlijk ook iets dergelijks zijn. Het zijn symbolen geworden die de continuïteit van het geslacht, van het ras, van het land, van het soort, van de natie representeren.

De mensen denken wel dat de magie voorbij is. Maar in werkelijkheid is er eigenlijk nooit magie geweest. Er is alleen maar het onbekende geweest en dat bestaat nog steeds. Elke benadering van het onbekende, die uit de aanwezige kennis niet verklaarbaar is, is nu eenmaal goddelijk ingrijpen, paranormaal, wonder. Elk symbool dat dat wonder a.h.w. in je doet voortbestaan, is van het grootste belang. Wij hebben ons eens ermee bezig gehouden en hebben toen gezegd: het geeft niet wat je gelooft, als je maar gelooft. Daar zijn een paar mensen heel boos over geworden. Ze zegden: Je moet het geloof niet ontwaarden. Maar dat was ook de bedoeling niet.

Een geloof wil zeggen: een soort zekerheid, een verbondenheid. Die is niet rationeel. Die is evenmin rationeel als de god functie van een Farao. Maar ze is wel belangrijk. Ze is noodzakelijk. Onze innerlijke erkenning, onze innerlijke aanvaarding is mede bepalend voor de wijze waarop wij de gemeenschap ervaren en de verbondenheid die wij met de gemeenschap voelen.

Het doet natuurlijk krankzinnig aan als iemand s morgens aan de deur belt en hij vraagt met een droefgeestige stem: “Weet u dat het einde van de wereld nabij is?” Dan kun je denken: het is onzin. Neen, ergens niet. Wat zoekt zo iemand? In feite ordening in een wereld die hem anders chaotisch toeschijnt. De wereld is in zekere zin een chaos. Elke mens is een beetje anders. Belangen botsen met elkaar; voortdurend zijn er conflicten. En daarin moeten we dan toch een soort vaste samenhang brengen. Die vaste samenhang breng je dan tot stand door allerlei op zichzelf vaak futiele gebaren zoals vredesconferentie bv. of ronde tafelconferentie. Realiseer je dat je die symbolen nodig hebt. Je moet kunnen geloven in een ordening omdat je anders innerlijk niet in staat bent binnen die ordening te leven; dat je niet in staat bent om vanuit jezelf beheerst, gestuurd misschien zelfs, te leven.

In de oude geschriften van India zijn nog een paar wijze spreuken terug te vinden. Als ik een paar daarvan heel vrij vertaald samentrek, dan zeggen ze ongeveer dit: Je leeft om waar te maken wat je bent. Je kunt slechts waarmaken wat je bent, als je gelooft in de zin van je eigen wezen. Maar wie in de zin van zichzelf gelooft, moet geloven in het zinvolle van alle andere dingen. En daar zijn de goden onvermijdelijk.

Als wij dat op de moderne tijd overdragen, dan zeggen we: Het is heel typisch dat dergelijke rituelen zich ook voortdurend afspelen op aarde. Bijvoorbeeld: Waarom zou Gorbatsjov nu naar de Verenigde Staten gaan om daar een bespreking te houden? Hij zou zich daarmee eigenlijk het aanzien van de mindere geven.

Ja, maar dat is de afspraak. Dan moet Reagan ook in Rusland komen praten. Kijk, dan krijgen we weer evenwicht. Waarom doen ze het? Omdat ze allebei geloven, dat ze zo machtig zijn, dat ze alles voor het zeggen hebben. Voor allebei een even grote illusie overigens. Bij Reagan iets opvallender misschien.

Deze mensen worden echter, door degenen die in hun land wonen, eveneens gezien als vertegenwoordiger en niet alleen als handelsreiziger in politieke goederen, maar werkelijk als een brandpunt. Zo iemand is tijdelijk “het volk” en als die man iets doet, dan doet het volk het. Als die man iets ontkent, dan ontkent het volk het.

Het is niet helemaal juist, dat weet ik wel. Maar in grote lijnen  moet dat zo gevoeld worden, anders valt namelijk een natie uiteen. Gebeurt dat zoals dat in de laatste periode van de Vietnamoorlog eigenlijk het geval was in de Verenigde Staten, dan zult u ook zien dat er nieuwe figuren komen en die gaan opeens kijken wat het volk wil en ze gaan proberen om wat het volk wil waar te maken. En wel zo, dat zoveel mogelijk mensen daar toch in kunnen geloven.

Heeft u er wel eens over nagedacht hoe het eigenlijk zou kunnen? Alle kracht, alle geloof van een volk vloeit samen in één figuur. Gedachten zijn krachten. Dat is niet te bewijzen, maar het is wel zo. Daardoor heeft zo’n persoon inderdaad veel meer mogelijkheden of zoals een ander zou zeggen: “veel meer charisma”, dan hij zonder die functie ooit zou kunnen opbrengen. Hij heeft meer uitstraling, hij heeft grotere betekenis, hij heeft grotere inhoud. Daarnaast kun je een mens blijven, maar je bent niet alleen maar een poppetje. Neen, je bent een soort zoeklichtbundel waaruit het geloof van het hele volk uitstraalt.

Stel nu eens voor, dat u geen geloof heeft. U gelooft nergens in. Waarom zou u dan de ordening aanvaarden? Dan is de chaos het meest aanvaardbare. Zorg voor jezelf, anderen komen er niet op aan. Wat voorbij is, is voorbij; daar heb ik niets meer mee te maken. Laat anderen hun eigen zaken maar klaren. Ik zorg wel voor mijzelf. Iemand die niet gelooft in een voortbestaan, die niet gelooft in de mogelijkheid van een betere wereld, die kan net zo goed drugs gaan verkopen, dan verdient hij tenminste. Maar als je wel gelooft, ontstaat er een relatie tussen jou en de wereld; ook als dat geloof verder niet gebaseerd is op waarheid. Door die relatie met de wereld wordt uw geloof over het algemeen gesterkt, maar gelijktijdig gaat het geloof nu de regel worden waaruit je zelf leeft. Hoe sterker dat nu waar wordt gemaakt, hoe beter het wordt. Daarom zeggen wij ook altijd: er is een groot christendom, maar er zijn te weinig christenen; echte tenminste.

Altijd weer is er een functie die macht betekent. Tegenwoordig is macht misschien voor heel veel mensen alleen maar: zeggen wat anderen moeten doen. Maar werkelijke macht is meer. Werkelijke macht is het dragen van verantwoordelijkheden aan de ene kant, maar aan de andere kant daardoor ook datgene wat in jou leeft in die anderen weerspiegeld zien. Dat is bij de god-koningen in de oudheid het geval geweest. Dat speelt vandaag nog een rol.

Als je de Paus ziet, die in zijn glazen voertuig wordt rond gereden langs hysterisch juichende gelovigen, dan denk je ook wel eens: Nou ja, eigenlijk is het onzin. Maar voor die man niet. Zijn kracht wordt voor een deel bepaald door dat geloof, door die aanvaarding die uit al die gelovigen komt. Maar de gelovigen voelen zich ook gesterkt, want zij zijn niet alleen. Er is een wet, er is een regel. Er is geen chaos,

Zelfs in deze dagen zoeken de mensen hun goden. Ze zoeken dan misschien niet meer naar God, maar dan noemen ze het een trendsetter. Als ze dan in de platenbusiness zijn, worden het meestal golden retrievers. Altijd weer iets wat je kunt volgen. Iets waarin je jezelf herkent. En doordat die ander bestaat, kun je in jezelf geloven. Daardoor kan je wil werken. Daardoor wordt uw denken bepaald. Daardoor wordt uw functie in de wereld a.h.w. zinvol. Als je het zo bekijkt, waren ze eigenlijk zo gek nog niet in die oude tijd. Goed, ze hadden toen priesters en geen massa-psychologen. De wonderen die een koning deed, waren over het algemeen beperkt. Schurftgenezing e.d. is nog een heel lange tijd hun brode geweest. Het was heel vaak de belastingheffing van de koning waardoor dat eerst tot stand kwam. Dus ik acht het ook een rechtvaardige zaak.

Wij hebben een brandpunt nodig. Wij hebben een geloof nodig. Maar we hebben ook iets nodig dat zichtbaar is; iets waaraan we ons op de een of andere manier kunnen vasthouden. Iets wat ons de mogelijkheid geeft dat deel van de verantwoordelijkheden die wij niet kunnen dragen van ons af te gooien. Zo kunnen wij ons dan wijden aan hetgeen binnen onze mogelijkheden en onze middelen ligt.

De god-koningen waren een prima oplossing. Ook in deze zal – ongeacht alle verweer en verzet van alle kanten – het magisch denken weer hand over hand moeten toenemen. Want als je niets hebt om in te geloven, blijft er alleen nog maar de vernietigingsdrang over, dan is er alleen maar: jezelf laten gelden, jezelf tevreden stellen en verder niets. Maar als er weer een band komt, een magische band, als er weer een samenhang ontstaat, dan ben je van veel van die problemen af.

Aan de andere kant ga je voelen dat je goed moet functioneren. Daarom denk ik dat – al zal het waarschijnlijk niet meer zo worden genoemd – figuren als god-koningen ook in deze en de komende tijden steeds zullen optreden. Wij hebben ze nodig. Zeker wanneer we op aarde leven. Wat eens was, wordt in het heden licht gevarieerd altijd weer weerkaatst. Ik meen, dat de komende tijd, zeg 3 à 4 jaar, daar enige flagrante voorbeelden van zal geven.

  • Kunt u iets zeggen over godenidentificatie tijdens magische processen ?

Bij magische processen is het heel eenvoudig: De ingewijde begint altijd als zichzelf. Hij roept de krachten aan of op, die hij met zijn werken verwant acht. Een tweede maal zegt hij echter niet meer “ik spreek”, maar hij zegt; “In de naam van Tetragrammaton (of wat anders) zeg ik u …”. Hij wordt dus in plaats van de smeker nu de overbrenger van een tijding. In de derde fase van het proces horen we dan dat zo iemand zegt “Ik, Tetragrammaton (of welke naam dan ook ) beveel u … (en dan volgt de rest van de namen) onmiddellijk aan het werk te gaan , enz “

Hierbij is dus die vereenzelviging ook weer een poging om jezelf te verplaatsen, in dat deel van de totaliteit dat invloed en macht heeft over al het andere. De magiër neemt dus tijdelijk de machtspositie in van de kracht die hij aanroept. Hij is tijdelijk identiek voor zijn eigen denken en vaak van de omstanders en bereikt daardoor inderdaad resultaten, die zonder deze intens beleefde identificatie ondenkbaar zouden zijn geweest.

  • Doet een magnetiseur niet hetzelfde? Want hij zegt ook: Ik ben het niet,  maar de kracht die door mij werkt.

Inderdaad. En daar zien we ook weer: de kracht is dan verder niet gedefinieerd, maar zal over het algemeen toch wel een gestalte hebben in het denken van degene die het zegt. Hier overwint men de grenzen die men aan eigen vermogens gesteld meent te zien door eenvoudig te zeggen: Het is een ander die het door mij doet. Ik ben dus niet meer beperkt.

Kijk, het is zo: Wij hebben een beeld van hetgeen mogelijk is en meer kunnen we niet. Toch heb ik wel gezien, dat onder omstandigheden mensen die grenzen ruimschoots kunnen overschrijden. Ik heb iemand meegemaakt die zei dat hij alleen maar kon strompelen. Toen kwam er een heel nijdige hond en met enige oefening had hij een goed figuur geslagen op de 100 meter.

Wij begrenzen ons kunnen eigenlijk veel meer door ons denken dan door onze capaciteiten: “Nee, dat kan ik niet. Ach, daar ben ik te eenvoudig voor. Daarvoor ben ik te dom. Daar ben ik niet sterk genoeg voor.”

Op het ogenblik dat wij nu die andere figuur in de plaats stellen, houdt de beperking die wij voor onszelf stellen op en we behoeven toch niet ons eigen persoonlijkheidsbeeld prijs te geven. Daardoor kunnen we dan het totaal van onze energieën en onze mogelijkheden wel activeren en gebruiken, maar we kunnen niet zeggen dat wij het zelf zijn, want op dat ogenblik slaat ons eigen beeld van beperktheid weer toe. Zo zit dat in elkaar.

  • Kan dit in verband staan met de rechter en de linker hersenhelft, want die doet iets anders dan de andere.

Dat is niet alleen daar. Als u in het zakenleven kijkt en de politiek, dan weet de linker hand zelfs niet wat de rechter doet en omgekeerd! In dit geval hangt het er niet mee samen, ofschoon – ik geef dat toe – de verbinding tussen de beide hersenhelften en dat is dus het functioneel worden van de zg. hersenbrug, inderdaad van groot belang is voor bepaalde paranormale prestaties. Maar niet in dit geval.

  • Dat magische had Atlantis zeker ook?

Ja, ook in Atlantis was er magie. In elke oude cultuur en beschaving is er magie geweest. Altijd weer is magie de naam geweest die men gaf voor meestal ervaringswetenschappen plus allerlei zaken die men niet kon verklaren, maar die men wel tot stand kon brengen. Dat was ook in Atlantis zo. U kunt dus zeggen: Zij dachten magisch. Maar een deel van hun magie was in feite niet veel meer dan telekinese.

  • De behoefte aan ordening moet gekoppeld worden aan godsbesef. Maar wat je in intellectuele kringen waarneemt, is dat er behoefte aan ordening is en een strikte afwijzing van het eerste beginsel.

Mag ik corrigeren? U heeft mij niet geheel juist begrepen. Ik heb niet gezegd een godsbesef. Ik heb gezegd een geloof. Er zijn mensen die geloven dat ze de wereld voor hun kinderen beter kunnen maken. Dat is ook een geloof. Er zijn mensen die denken dat je anderen kunt helpen en daardoor je eigen leven zinvol maken als je bepaalde dingen bereikt. Dat is ook een geloof, het is geen zekerheid. In deze zin moet ik volledig blijven staan achter hetgeen ik heb gesteld.

Daarnaast wil ik zeggen: intellectuelen verwerpen vaak openlijk een eerste beginsel of een eerste kracht, omdat dit een aantasting is van het beeld dat zij van zichzelf naar buiten projecteren. Het wonderlijke is, dat deze zelfde intellectuelen in paalde omstandigheden plotseling zeer gelovig blijken te zijn en juist dan teruggrijpen naar het geloof van hun kinderjaren. Denk maar aan Voltaire: “Er bestaat geen God. De enige God is de rede.” Maar wel even nog biechten en het oliesel ontvangen voor hij stierf.

Ik heb geprobeerd u een bepaald denkbeeld te geven. Dat gaat heus niet over het geloof, dat wil ik nog even heel duidelijk stellen. Het gaat er om dat men leeft in een kosmos, die menselijk gezien geen absolute ordening kent. Er is wel een algemene verschijningsvorm, maar zodra wij verder gaan dan dit is er in feite chaos, een schijnbaar toevalsproduct van allerlei niet controleerbare en niet nader te bepalen factoren. Voor de meeste mensen is er echter een beeld nodig om vanuit dat beeld te kunnen leven. Wat die voorstellingen mogen zijn, is niet belangrijk. Maar het moet altijd verder gaan dan datgene wat op het ogenblik bestaat.

Je kunt in een ideaal geloven. Dat is geen zekerheid. Integendeel, je kunt vaak bewijzen dat het ideaal onverwerkelijkbaar is. Maar dat geeft niet. Je hebt het nodig, want daardoor ontstaat voor jou in het leven samenhang, ordening en betekenis. En als we dan een brandpunt kennen buiten onszelf, dat a.h.w. de verantwoordelijkheid meedraagt voor al wat we zijn en doen, dan wordt het leven nog veel gemakkelijker. Want nu kunnen wij aan de hand van deze buiten ons staande arbiter en kracht zien wat we wel en niet kunnen doen. Wij kunnen ons leven daarop opbouwen in de innerlijke zekerheid dat alles goed is.

In deze dagen ontstaat weer grote verwarring. Het is begrijpelijk, het is een product van weelde, een product van verval gelijktijdig en het komt in de historie vele malen voor. Maar als je daar niet door ten onder wilt worden gebracht, dan moet je geloven. Wanneer volkeren zichzelf te gronde dreigen te richten, zoals op het ogenblik over de gehele wereld het geval is, dan is er ergens iets nodig wat dat volk plotseling weer inhoud, betekenis geeft, datgene waarin men zozeer opgaat, dat men aan de hand daarvan zichzelf weer beleeft als deel van een geordend geheel. Dan moet het wantrouwen weer verdwijnen en het geloof moet terugkomen. Dan moet het denken aan jezelf worden getemperd door het respect voor de kracht die je buiten je ziet staan.

De komende tijd gaan wij naar een broederschap der mensen met de nodige familieveten en ruzies, natuurlijk. Maar desondanks, als deze mensheid op die manier leert samen te leven en werken, dan zal er inderdaad vrede op aarde zijn. Naar je moet ook iets hebben waarin je gelooft. Want zonder dat is er geen stimulans om te werken, om te bouwen, om voort te brengen.

Ik geloof dat de god-koningen van het verleden in feite een vooraankondiging zijn van de nieuwe figuren die op aarde de mensen wederom ordening, zekerheid, brandpunt en doelgerichtheid kunnen verschaffen. Daarmee wil ik dit betoog beëindigen.

De rituelen van de Wessac

De wat verwarrende reeks stralingen tijdens het Wessacfeest heeft oorspronkelijk geleid tot een wat verdeeldheid van meningen bij de verschillende interpretatoren. Men is nu tot de volgende denkbeelden gekomen:

In de eerste plaats: Er moeten in de natuur een aantal ingrijpende gebeurtenissen plaatsvinden, vermoedelijk rampen van grote omvang. Er zal verder onder de mensen een zeer sterke wisseling zijn van vrede en oorlog en al datgene wat daarmee samenhangt. Men gaat uit van het standpunt dat het nu lopende jaar (1986), en waarschijnlijk nog een deel van het volgende jaar grotendeels, bepaald zal worden door conflicten, strijd en misverstand.

Daarnaast echter neemt men aan, dat er een aantal vernieuwingen tot stand komen, die vermoedelijk mede samenhangen met aanpassing van de mens aan de ecologie, aan het op aarde belangrijke evenwicht. Er worden een aantal waarnemingen verwacht, die toch weer mensen met ruimtelijke voertuigen of zaken in contact brengen of confronteren. Men denkt, dat hierdoor een grote golf van strijdigheid en verwarring kenmerkend zal zijn, vermoedelijk tot februari 1988.

De verschillende commentatoren en analisatoren hebben daaruit de volgende conclusies getrokken.

  1. Wij zullen de conflicten niet volledig onderdrukken, maar steeds proberen ze zodanig om te buigen, dat geen absolute breuk in welk opzicht ook ontstaat.
  2. Wij zullen, wanneer natuurrampen optreden en ook door mensen veroorzaakte rampen plaatsvinden, onze invloed doen gelden om de gevolgen te beperken. (Dat is een tamelijk uitzonderlijk ingrijpen vanuit de Witte Broederschap). Daarnaast zullen wij de gehele wereld zo snel mogelijk met deze rampen en hun gevolgen proberen te confronteren. Er is een aantal entiteiten aangesteld om zich bezig te houden met een snelle en tijdige verbreiding van allerlei gebeurtenissen op aarde die men toch liever stil wil houden.
  3. Er wordt verder nagedacht over de verandering van menselijke mentaliteit die nodig is. Men meent, dat mede door een aantal ontdekkingen op wetenschappelijk terrein, daarnaast verschijnselen die de aandacht wekken zoals bv. ook weer ruimtevoertuigen, men de mensen zal kunnen brengen tot een andere benadering van het mens-zijn en vooral een andere benadering van hun deel-zijn van de gemeenschap.
  1. Men zal proberen om kleine gemeenschappen sterk te stimuleren in saamhorigheidsgevoel in de hoop hierdoor een aantal vaste kernen te krijgen, die bij eventuele geschillen e.d. een vaste lijn kunnen doorvoeren.

Er wordt gerekend met een aantal nogal ingrijpende economische veranderingen eveneens in dezelfde periode. Men neemt aan, dat deze voor de meeste mensen in eerste aanvang nadelig schijnen te zijn, maar ze vormen wel een oplossing van voor de wereld zeer belangrijke problemen als 0.a. het probleem van de Derde Wereldlanden en de schulden die ze hebben.

Ales bij elkaar, stoffelijk gezien, een jaar dat raadselachtig, chaotisch of verwarmend kan schijnen, maar waarbij toch het goede aanmerkelijk overwegend is. Daarnaast meent men, dat het geheel van de ontwikkelingen in het lopende jaar en het daarop volgende jaar, dus deze twee jaren, een bepalende invloed heeft op de eerstvolgende 20 jaren. Wat nu wordt gefixeerd, zal tenminste 20 jaar van grote invloed zijn en daarmee de richting bepalen van de volgende eeuw, de 20e eeuw.

Geestelijk gezien is het op het ogenblik gemakkelijker om een aantal entiteiten bereid te vinden om mensen te beïnvloeden. We nemen aan, dat ongeacht de tegenstand die overal optreedt, de mogelijkheden tot mediamiek werk van verschillende aard zal toenemen. Daarnaast zal een aantal inwijdingsprocedures op persoonlijke basis zoals die ook in de afgelopen jaren bestaan voortgang vinden. Opvallend is, dat het aantal ingewijden op aarde op het ogenblik schijnt toe te nemen en niet af te nemen.

Een groot aantal sektarisch denkende groepen zal wel met grote teleurstelling te maken krijgen. Iets wat over het algemeen niet voldoende is om een manier van denken en leven ingrijpend te wijzigen, maar wel voldoende is om meer samenwerking met anderen mogelijk te maken.

Wij menen verder, dat het erg belangrijk kan zijn, dat in de kerk van Rome een aantal ingrijpende veranderingen plaatsvinden, vooral door het overlijden van een aantal hooggeplaatste kardinalen. Dit zou betekenen, dat de orthodoxie, zoals deze zich economisch en politiek via de Kerk uit, wijzigingen ondergaat. Dat daarnaast wijzigingen zouden ontstaan t.a.v. de geloofsduiding en -beleving nemen wij niet aan, maar dat kan er een begin van zijn. Dat komt er wel met de volgende Paus, althans indien er geen pausen-pauze volgt.

Alles bij elkaar krijgen we te maken met invloeden van buitengewone kracht, maar ook – zoals al duidelijk is geweest – met een groot aantal kleinere stralen wit licht. Dit betekent, dat zeer veel punten die verborgen waren nu duidelijk zichtbaar worden. Het betekent aan de ene kant misschien schandalen of grote conflicten, maar aan de andere kant betekent het, dat eindelijk de mensen worden geconfronteerd met een werkelijkheid, die ze voor een deel zo lang mogelijk hebben willen ontwijken.

Wij geloven, dat het voor de mensheid ook geestelijk erg belangrijk is in deze jaren te leven, omdat de zich voortdurend wijzigende belevingen en omstandigheden kunnen voeren tot de bevrijding van de persoonlijkheid en daardoor een veel grotere harmonische mogelijkheid in het geestelijke leven.

Daarmee heb ik het voornaamste wel gezegd. Heeft u bepaalde vragen in dit verband, dan kunt u ze nu stellen.

Vragen

  • Er is eerder contact geweest met andere planeten, maar dat is geseponeerd vanuit Rusland en Amerika. Klopt dat?

Dat klopt inderdaad. Het is wel de aanleiding geweest tot de wedren van beide grote mogendheden om de wereldruimte te betreden en eventueel daar ook bepaalde verdedigingen op te bouwen.

  • Kunnen deze contacten ook leiden tot grotere geestelijke mogelijkheden van de mensen?

Die contacten kunnen daar niet toe leiden. Als u zich realiseert dat de mens leeft in een bepaalde voorstellingswereld, niet noodzakelijkerwijs gelijk aan de werkelijkheidswereld, dan zult u ook begrijpen, dat je de geestelijke vermogens van de mens niet kunt uitbreiden, als zijn wereldvoorstelling gelijk blijft. De mensen zullen eerst moeten leren, dan zullen ze moeten begrijpen en dan pas ontstaat wat u noemt: de vergroting van geestelijke capaciteiten.

  • In welke richting gaat de ontwikkeling van de ecologie?

Het oude evenwicht is niet meer te herwinnen. Maar het is wel mogelijk de huidige situatie te stabiliseren. Het is daarnaast mogelijk om door een juist gebruik te maken van de nu ontstane omstandigheden, die soorten en rassen voort te brengen die met grote weerstand tegen wat u verontreiniging noemt, in staat zullen zijn de mensen op een redelijke wijze te blijven voeden. Ook de mensen zelf zullen waarschijnlijk op den duur – maar dat is een kwestie vermoedelijk van eeuwen – enige mutaties gaan vertonen als gevolg van een lichte toename van harde straling.

  • Kunt u wat economische veranderingen bezien in Nederland in de komende jaren?

Wat  betreft zullen we zien, dat het terugkeren naar een beetje normale verhouding erg veel moeite blijft kosten. Maar er zal gewerkt worden aan het zogenaamd privatiseren van vele taken, die op dit moment bij de overheid lagen. We zullen daarnaast zien, dat het mogelijk is door middel van een zakelijk beleid (dat kan bij privatisering gemakkelijk) een aanmerkelijke besparing van kosten te verkrijgen, waardoor de achtergronden die op sociaal terrein toch op het ogenblik niet zo goed zijn, weer enige verbetering kunnen ervaren.

Daarnaast zullen we zien, dat in Nederland de economie aantrekt voor zover het winst betreft, dat ze iets minder maar redelijk aantrekt waar het gaat om investering, maar het is voornamelijk arbeidsbesparende en procesvernieuwende investering.

Wij zullen daarnaast kunnen constateren dat het aantal werklozen in Nederland althans voor het komende jaar ongeveer gelijk blijft of licht toeneemt. Daarna is te verwachten dat een afname van werkloosheid in Nederland plaatsvindt. Ditzelfde zal eveneens optreden in West-Duitsland, maar vermoedelijk niet in Engeland, België en Frankrijk.

  • Ik hoorde dat er in Frankrijk een veel grotere privatisering gaat komen. Is dat zo?

Dat is onvermijdelijk. U moet één ding goed onthouden: Op het ogenblik, dat je een ambtelijke structuur hebt die een bedrijf moet leiden, is niet meer het zakelijk belang bepalend, maar het ambtelijk aanzien. Dit voert tot een groot aantal beslissingen, investeringen en eventueel ook onjuiste loonsverhogingen, die niet meer te dragen zijn omdat ze dan ten laste van de gemeenschap komen. Het is dus erg belangrijk, dat men een aantal bedrijven inderdaad weer privatiseert. Daarnaast zullen een aantal staatsbedrijven in het komende jaar waarschijnlijk worden stilgelegd of in productie aanmerkelijk beperkt.

  • U sprak over de grote invloed van de ruimtevaartuigen. Ik heb niet begrepen hoe u dat bedoelt.

Ik heb gezegd, dat het waarnemen van “vliegende schotels”, ruimtevoertuigen, nogal wat opschudding op aarde kan veroorzaken en mede van invloed kan zijn op het denken van de mensen. Er is een nieuwe golf hiervan te verwachten, vermoedelijk pas in februari of maart en vermoedelijk doorgaand tot september van het volgende jaar (1987).

  • Wat is de zin ervan dat deze toestellen zich aan de aarde gaan manifesteren?

Zij willen zich niet aan de aarde manifesteren. Maar u moet een paar dingen goed begrijpen: Er zijn bepaalde rassen die water of vloeistof als reactiemassa gebruiken voor hun ruimtereizen. Voor dergelijke mensen is een planeet als de aarde iets zeldzaams, met in verhouding zeer veel water. Er zijn wel waterplaneten, maar niet hier in de buurt.

Het zal u verder duidelijk zijn dat ze die massa moeten innemen. Als ze dit toch doen en dit op een bewoonde planeet moeten doen, zullen zij over het algemeen proberen gelijktijdig een beeld te krijgen van de beschaving, al is het maar om zeker te zijn dat ze, zonder contact op te nemen, de reactiemassa kunnen verkrijgen. Het resultaat is een aantal verkenningen. We zullen volgens mij niet te maken krijgen, of misschien hoogstens van de een of andere satelliet af, met de constatering van een werkelijk ruimtevaartuig. Wat wordt waargenomen zullen hoofdzakelijk een soort landingssloepen in verschillende grootte zijn.

  • Hebben ze de laatste jaren meer last van ons vervuilde water?

Vervuild water als reactiemassa is niet zo belangrijk. Het belangrijke is de ontbinding ervan, waardoor tijdelijk een verzadiging ontstaat van de ruimte in de omgeving met moleculen, waardoor uitgezonden straling een grotere weerstand kan veroorzaken.

  • Krijgt de Witte Broederschap de komende jaren meer energie, ook uit andere zonnestelsels, de zonnelogos?

De Witte Broederschap kunt u niet direct verbinden met de zonnelogos etc. Al zullen die banden ongetwijfeld indirect bestaan. De Witte Broederschap meent te kunnen beschikken over voldoende energie, zelfs meer dan u behoeft te weten. Ze meent in de komende jaren in staat te zijn om haar doelstellingen te verwezenlijken.

  • Zij die ons bezoeken zullen waarschijnlijk geen methaan ademen?

Dat is helemaal niet met zekerheid te zeggen. Ze kunnen zuurstof ademen, het kunnen wezens zijn uit een methaan-ammoniakatmosfeer. Dat is allemaal mogelijk omdat ze ruimtekleding hebben net als u en ze kunnen zich dus in een vreemd milieu bewegen.

  • Komt het ooit nog eens zo ver dat deze wezens “on speaking terms” komen met de aardbewoners? Waarom moet het allemaal zo stiekem?

Dat laatste kan ik u wel beantwoorden. Als de mensheid wordt geconfronteerd met afwijkende levensvormen, dan is heel waarschijnlijk een enorme woede een eerste reactie; een hysterie uit haat en angst opgebouwd. Als je dus een contact wilt opnemen, moet je dat doen met die kringen, die gewend zijn om met andersdenkenden en andersuitzienden contacten te hebben, die eerst denken aan de effecten en dan pas aan de relatie bij wijze van spreken. Dat kun je wel doen bij bepaalde staatslieden bv. grootindustriëlen, militairen in wat mindere mate (militairen schieten eerst en zeggen dan later: “Neem mij niet kwalijk”).

Als dergelijke instanties op de hoogte zijn, kunnen ze beginnen de mensen voor te bereiden op de mogelijkheid van een dergelijk contact. Pas wanneer die mogelijkheid bij de mensen is doorgedrongen en ze zich daar ook op meer reële basis mee zijn gaan bezighouden, is het mogelijk om verschijnselen te tonen en eventueel beperkte contacten op te nemen.

Daardoor ontstaat een gewenning. Die gewenning zal de afkeer, die in het begin ongetwijfeld bij velen een rol speelt, langzaam maar zeker doen wegzinken en dan pas kun je ‘on speaking terms’ zijn. Dat wil dus zeggen: dat als je niet als vreemdeling de aarde wilt bezetten en overheersen, dat waarschijnlijk wel enkele eeuwen duurt.

  • Er is ook gezegd, dat er nog een inwerking zou komen van een aantal hoge entiteiten. Hoe is die relatie in verband te brengen met deze voorspelling?

Deze voorspelling is geen voorspelling. Ze is de uitlezing van de uitstraling op het Wessacfeest, met de conclusies daaraan verbonden door de Grote Raad van de Witte Broederschap en aangevuld met de gegevens t.a.v. de plannen van de Witte Broederschap, voor zover deze onthuld mogen worden. Het is dus geen prognose.

  • Hoe werken deze entiteiten daarop in?

Het is niet helemaal duidelijk. Welke entiteiten werken waarmee samen?

  • Er is gezegd, dat een aantal entiteiten op de aarde zouden komen werken.

Die zijn dan verbonden met de Witte Broederschap, direct of indirect. Zij hebben dus hun eigen taak. Maar het is wel duidelijk natuurlijk dat de Witte Broederschap hen niet voor de voeten zal lopen, wanneer ze een bepaald iets proberen te ontwikkelen.

  • Wat voor rampen zullen er plaatsvinden?

Wij nemen aan, dat de rampen voornamelijk te maken hebben met de verschuiving van de aardschotsen en dat de uiting van de rampen waarschijnlijk zal bestaan uit zee- en eventueel ook aardbevingen, aardverschuivingen en het ontstaan van vulkanische verschijnselen, waarbij denkbaar is dat tijdelijk een paar eilanden uit de oceaan zullen verrijzen. Daarnaast menen wij dat een lichte verandering van klimaat het gevolg zou kunnen zijn van deze rampen, maar dat er geen sprake is van een fatale verandering van as-stand of iets dergelijks.

  • Kunt u ook zeggen of het zeewater een meter omhoog gaat door versmelting van de ijskappen aan de polen?

Die mogelijkheid bestaat wel, maar op het ogenblik kun je daar nog niet met zekerheid over spreken. Het is niet erg waarschijnlijk dat dat gebeurt. Wanneer die smelting plaatsvindt, zal ze waarschijnlijk aan beide polen plaatsvinden. En dat is maar goed ook, want anders zou er een wiebelen ontstaan en dan krijgen we allerlei krankzinnige klimatologische verschijnselen. Ik denk dat dat voorlopig niet gebeurt, omdat er op het ogenblik ook weer tekenen zijn van een zgn. kleine ijstijd. Ofschoon dat zich op het ogenblik voornamelijk manifesteert in de buurt van het Amerikaanse continent en in mindere mate bij de Aziatische kant.

  • Er is een groot ozongat ontdekt aan de Zuidpool. Heeft dat ook gevolgen voor de wereld?

Niet direct, omdat dergelijke gaten mede samenhangen met het magnetisch veld van de aarde en als zodanig dergelijke gaten plus verlaging van de atmosfeer plaats vinden aan beide polen. Het is deel van de afplatting die door de wenteling van de aarde ontstaat. Zoals u weet, heeft de aardmassa zelf ook geen perfecte ronde vorm. Ze is ook afgeplat waarbij, zoals bij vele bierdrinkers, de evenaar het dikst is.

Ik heb geprobeerd deze gegevens nu in een openbare bijeenkomst naar voren te schuiven en ik hoop dat u de tendensen die zijn aangeduid, zult kunnen herkennen wanneer ze optreden. Het belangrijke van de wereld is eigenlijk niet dat je allerlei voorspellingen kent. Maar het is wel belangrijk dat je een bepaalde trend kent op het moment dat ze begint op te treden. Je weet dan ongeveer wat je kunt verwachten en je weet ook dat je daar geen bijzondere angsten of bijzondere verwachtingen aan moet vastknopen. Wij hebben hiermede voldaan aan een bij de Orde altijd bestane traditie om, wanneer eenmaal conclusies zijn gemaakt bij de Witte Broederschap, deze aan u door te geven.

Ik wil nogmaals met nadruk zeggen, dat u dit niet zonder meer als een prognose mag beschouwen. Het is meer een verwachting. U kunt dat vergelijken met de weersverwachting, die men misschien vanavond kan horen voor het naderend weekend. Daar kunnen heus wel vergissingen in schuilen. Het mooie weer van de Bilt is voor sommige mensen toch wel eens ondergegaan in een donder- of regenbui.

Diezelfde mogelijkheid bestaat t.a.v. de gebeurtenissen die ik u geschetst heb. Het is niet een waarneming in de toekomst. Het is slechts het erkennen van tendensen, waarbij van buiten op aarde inwerkende krachten mede gebruikt worden om het aardse gebeuren althans enigszins redelijk te kunnen voorzien.

Wat uzelf betreft zou ik zeggen: beste mensen, wees uzelf. Wees niet al te bang. Het heeft geen zin u zorgen te maken over de vraag of de wereld zal vergaan of niet. Ze vergaat ongetwijfeld, maar ik geloof niet dat u zoveel miljoenen jaren zult meegaan. Maak u ook niet al te druk over vragen die u toch eigenlijk niet kunt oplossen. Vragen zoals: “wat is God?” zijn niet op te lossen voor een mens. Houd u er dan ook niet mee bezig.

Wijd uw aandacht aan uw dagelijkse bezigheden en uw dagelijkse leven. Probeer daarin zoveel mogelijk geluk en bevrediging te vinden. Probeer daarin ook t.a.v. anderen zoveel mogelijk iets goeds te betekenen. Dat is het belangrijkste voor u als eenling. Als u trouw bent aan uzelf, vervult u de functie die u heeft in het geheel het best.

Droom niet weg over wat had kunnen zijn of zou moeten zijn. Dromen zijn een tijdelijke ontvluchting aan de werkelijkheid. Besef dit. Leef met de feiten. Ga elke dag opnieuw van de bestaande situatie en feiten uit en probeer daarin uzelf zo duidelijk mogelijk te profileren, zo duidelijk mogelijk en juist mogelijk voor uw eigen gevoel te leven en te reageren op de wereld. Dan zult u ontdekken, dat de plannen van de Witte Broederschap voor u als eenling eigenlijk niet zo belangrijk zijn.

U, als eenling, bent bezig met uzelf of u het wilt of niet. Maak dan van uzelf een wezen dat harmonisch is. Een wezen dat niet geïsoleerd staat van de wereld, maar dat er bewust deel van is. En als u in uzelf weet wat voor u goed is of vanuit uw standpunt goed is, doe het. Maar zorg, dat u anderen niet dwingt tegen hun aard of natuur in te handelen. Dan bereiken we het beste wat er te bereiken is. Want alle hoge leringen hebben weinig nut en zin, als de mens niet in staat is ze om te zetten in eenvoudige, alledaagse dingen.

Als je anderen over de hemel spreekt, dan heeft dat weinig zin als ze honger lijden. Dan horen ze niet uw hemelse beloften, maar alleen het knorren van hun eigen maag. Zo is het met vele dingen. Iedereen heeft zijn problemen, zijn armoede, zijn ergernissen. Die zijn voor die mensen het belangrijkst, al het andere komt pas op de tweede plaats.

Voor uzelf is dat ook zo. U weet voor uzelf heus wel wat u bent, wat u wilt zijn, wat u kunt zijn. Dat is uw leidsnoer, elke dag opnieuw. Wie op deze wijze harmonisch leert leven, zal ontdekken dat harmonie niet beperkt blijft tot enkele stoffelijke contacten, maar zich uitbreidt naar werelden en sferen, die voor de mens voorlopig nog maar een veronderstelling of droom schijnen te zijn.

De Witte Broederschap bestaat. De Witte Broederschap werkt al heel lang. De Witte Broederschap maakt haar plannen. Meestal slagen zij erin die enigszins waar te maken. Maar die Witte Broederschap is niet iets dat u kan helpen. De Witte Broederschap is eenvoudig een geestelijk geheel waarmee u harmonisch kunt zijn of niet. Bent u harmonisch, dan heeft u ook voor de Witte Broederschap betekenis, zelfs als u dit niet zelf beseft. Daarom zou ik u willen vragen: denk eens na over die eenvoudige raadgevingen die ik zonet heb verstrekt. Want ze zijn wel degelijk de sleutel tot een harmonie waarin uw betekenis voor het geheel groter wordt, terwijl u gelijktijdig van uzelf beter bewust wordt.

Hierbij wil ik het laten. Dank voor uw aandacht. Ik wens u al datgene wat u welgevallig zal zijn, zolang het u niet verwijdert van uzelf.

Waarheid  –  Vertrouwen  –  Vrijmetselarij

Wanneer ik de waarheid zoek in vol vertrouwen, kan ik overal, ook in de vrijmetselarij, een beeld van mijzelf vinden en zo bouwen aan de kosmos.

Waarheid, dat wat steeds gezocht, je altijd weer ontsnapt. De waarheid die je denkt te kennen, totdat je wordt betrapt op het zelf niet weten van een waarheid.

Niet zoeken naar totaliteit, niet zoeken naar een waar beleven, niet zoeken naar een werkelijkheid, omdat je aan jezelf niet toe wilt geven dat wat je bent, ofschoon je erkent, diep in jezelf, dat wat je bent en wat je ooit zou kunnen zijn.

Er zijn drie krachten in de kosmos. Ze zijn rechtvaardigheid en wijsheid en de grootste macht gelegen in de liefdekracht die al verrijkt. Tussen beide uiterlijkheden zal de mens in liefde treden, zal hij zoeken in zichzelf de band die gaat van de chaos tot de kroon en zo levend uit zichzelf als een mens toch doodgewoon.

Een wijsheid vol vertrouwen, gevend in waarheid, levend verder gaan. En dit zonder dromen ooit te leven of te weigeren anderen te verstaan. Want één is Al. In Al verbonden ligt de waarheid en de kracht waaraan een mens steeds blijft gebonden; dat wat hem eens heeft voortgebracht, openbaart zich in zijn wezen. En zo hij zelf zijn wegen gaat, behoeft hij niet zijn God te kennen, wanneer zijn God hem maar verstaat.

Zo zou ik zeggen. Alle wijsheid is in de waarheid van je zijn, het zoeken naar je werkelijkheden, bewust altijd weer verder tredend in je waarheid ondanks pijn, ondanks lijden, ondanks strijd. Hij, die waarlijk zichzelf kent, zal in zich de kracht ontmoeten die hem eindelijk mogelijk maakt te zeggen: “God, ik weet dat je er bent.”

image_pdf