De Kracht

9 juni 1986

De inleider

We hebben een heel goede gastspreker vanavond. Achtergrond : tantrisch, een beetje magiër geweest, filosoof enzovoort enzovoort. Als je uitgaat van het tantrisme kan hij misschien iets vertellen over bezieling, geesten en dergelijke, maar eerlijk gezegd denk ik dat hij er bovenuit is gegroeid.

Filosofen, ja, wat kunnen filosofen allemaal zeggen ? Een filosoof zegt eigenlijk van alles op een zodanige manier dat je zou denken dat het waar is wanneer je niet aan de feiten denkt. Dat heeft hij dan gemeen met een politicus. Dus wat moet ík dan gaan zeggen ? Misschien een paar heel eenvoudige dingen.

De situatie waarin de mensheid op het ogenblik verkeert, is er eigenlijk een, waarvan je zou zeggen : het is geen vlees meer en het is geen vis; ze zijn zo tussen beide.

Als je de lichtinvloeden redelijk interpreteert, denk je : een groot gedeelte van de mensen is op het ogenblik bezig met een geestelijke bewustwording zonder het te beseffen. Velen onder hen zullen zich daartegen blijven verzetten omdat ze eenvoudig geen overeenstemming kunnen vinden tussen de krachten die ze in zich zelf hebben en de krachten die ze om zich heen zien werken.

Dan denk ik aan al die krachten, al die energieën die zich op het ogenblik aan het openbaren zijn. Het is natuurlijk heel aardig om te zeggen : er komen goeroes, er komen meesters en de rest. Zeker, er zijn weer een aantal grote geesten op aarde geïncarneerd, maar wat zij verder doen ?

Een mens heeft in zichzelf een beetje licht. Dat licht te beseffen en te gebruiken, betekent gelijktijdig jezelf ontdoen van allerlei tegenstellingen en wanneer je je best doet, kun je over het algemeen die dingen wel verwerken. Je kunt je er overheen zetten en rustig blijven.

‘Stemmen die al lange tijd gezwegen hebben, gaan weer spreken’ is een van de punten die mijn vrienden mij gaven. Ik heb mij afgevraagd : welke stemmen ? Dan denk ik dat het hier voornamelijk gaat om de innerlijke stem van vele mensen en misschien een gevoeligheid voor geestelijke contacten. Ook dat zou interessant kunnen zijn.

Ik heb het gevoel dat – al verandert er van buiten niet zo gek veel – je van binnen iets gaat merken van de werkelijke eenheid die er bestaat. En dat zullen de gastsprekers jullie heel vaak verteld hebben; we zijn een eenheid.

De kracht die in ons allen leeft, is een en dezelfde kracht. Datgene wat ons samenbindt, is een en hetzelfde doel van bewustwording in het totaal van de schepping. De mogelijkheden die wij allen hebben, geest en stof samen, zijn de grenzen die gesteld zijn aan alles wat tot deze menselijke golf van bewustwording behoort. Dus we hebben heel erg veel gemeen.

Ik denk dat die energie gaat werken als je rustig bent. Ze zal je niet alleen van binnen licht brengen, maar zal je ook ontdoen van het gevoel van – hoe moet ik het zeggen – van ‘bijzonder’ te zijn, laat ik het zo maar zeggen. Want de kracht die in jou werkt, werkt in een ander ook. De manier waarop hij werkt, is wel een beetje anders, maar ze is er wel degelijk. Daarom moet je elke mens zijn eigen weg maar laten gaan, dacht ik. Maar je moet wel proberen met je eigen kracht die andere mensen te steunen en gaat dat niet – het kan voorkomen – dan moet je gewoon zeggen : ik sluit mijn kracht daarvoor af, punt uit.

Want we zijn nog niet volmaakt, dus moeten we met onze onvolledigheden leren hoe we moeten leven te midden van een wereld die eveneens onvolledig is.

Een belangrijk punt is verder dat de inwijdingsprocedures kennelijk weer aanmerkelijk sterker doorgaan. Dit was het afgelopen jaar ook al een beetje het geval. Het is een paar jaar wat rustig aan gegaan, maar ik denk dat er heel wat mensen plotseling weer ontdekken : hé, ik heb een taak, ik heb een zending. Het jammere is dat er dan een hele hoop zo druk bezig zijn hun zending te verkondigen, dat ze vergeten dat deze in de eerste plaats voor henzelf bestemd is.

Maar aangenomen dat je dat kunt begrijpen, ligt er een enorme verrijking van menselijk potentieel. Veel meer mensen kunnen veel meer. Veel mensen begrijpen veel meer. En dan voel ik voor mijzelf daaruit toch wel een langzame stabilisering die de basis moet vormen van het hele aquariustijdperk.

Dat heel wat groepen daardoor teleurgesteld zullen zijn; dat kan ik ook best begrijpen. Want macht brokkelt aan alle kanten af. Maar macht heeft geen zin wanneer ze jullie niet vrijwillig is gegeven en niet misbruikt wordt.

Er zijn heel veel mensen die denken aan bezit; bezit is heerlijk. Natuurlijk is bezit heerlijk. Iemand heeft eens gezegd : Geld moet je hebben; wat kun je anders uitgeven ? Maar bezit is eigenlijk een bijkomstigheid. Het is datgene waarmee je leeft, waarmee je werkt. Het is niet datgene wat de zin uitmaakt van je bestaan en het is zeker ook niet datgene waarvan je werkelijk afhankelijk bent. Je kunt het zonder ook wel.

En dan worden de mensen – denk ik – teleurgesteld. Maar wanneer je vraagt : als het allemaal verandert, wat is dan het belangrijkste ?, dan kan ik zeggen : dat is waarschijnlijk dat je weer een nieuw doel, een nieuwe inhoud ziet. Dat dingen die in het verleden allemaal zijn geweest, weer terugkomen, maar nu anders, beter, sterker. Dat de dingen die tot nog toe alleen in jou bestonden ineens een kracht worden die vanuit jou gaat werken.

We hebben werkelijk in deze wereld behoefte aan steeds meer stabiliserende invloeden, mensen die alles samen weten te voegen. We hebben behoefte aan dragers van het bewustzijn, ook van de sferen.

Dan denk ik : als die Wessac goed geïnterpreteerd is (ja, altijd een vraag hoor, want wat dat betreft, wij hebben ook deskundigen op dat terrein die het nooit met elkaar eens zijn) dan moet er op korte termijn enorm veel veranderen.

Het enige wat je er aan toe kunt voegen is : wanneer alles verandert en zeer snel gaat veranderen, dan moet je zelf mee veranderen, dat kan niet anders.

We staan aan de wieg van een totaal nieuwe mensheid. Ja, de kinderen zijn lastig en ze schreeuwen en ze zijn onredelijk en driftig, ik weet het. Maar toch is het de nieuwe mensheid. Het is een wereld die gaat groeien naar werkelijke eenheid. Dat is geen ideaal, geen droom, geen kletspraat, het is een 99 procent zekerheid. Ik kan het mij niet anders voorstellen.

Je denkt dan ook : ach, er zijn een heleboel mensen die het hunne hebben gedaan en misschien wordt het voor hen tijd om het eens uit de geest te gaan bekijken. Goed. Als we het uit de geest gaan bekijken, zullen we weten wat we gedaan hebben, zullen we zien hoeveel we zelf misschien hebben gedaan om de wereld te veranderen en zullen we begrijpen wat goed was en wat verkeerd was, natuurlijk. Maar vooral zullen we weten waarmee we verbonden zijn, wat voor ons de belangrijke relaties zijn met geest en mens en kunnen we uit een nieuwe harmonie gaan werken. O, de meesten zullen nog wel incarneren hoor. Heus, zoals ik ze hier allemaal zie zitten, zou ik zeggen : het is een aardig zootje voor herhalingsoefeningen. Maar in die herhalingsoefening dan wel in een betere klas en vooral de contacten die zijn opgebouwd en die nu geestelijk worden erkend, blijven bestaan. Vroeger viel het weg; nu niet meer, het komt terug.

Krankzinnig idee eigenlijk, hè ? Dat je elkaar tegenkomt en zegt : goh, je bent erop vooruitgegaan, vroeger had je die wrat op je neus. Ik wil niet zeggen dat het zo letterlijk is natuurlijk, maar je zult elkaar herkennen en je zult niet – zoals nu maar al te vaak gebeurt – een beetje lukraak incarneren. Je weet wel, misschien wel in dezelfde buurt maar dan op verschillende tijden of in verschillende milieus, zodat de contacten niet komen, en wanneer ze komen, ze geen levensvatbaarheid hebben.

Jullie zullen werkelijk zien dat die dingen samen gaan komen. Het wordt een schitterend patroon van de nieuwe tijd. O ja, misschien kom ik zelf ook nog wel eens voor herhaling in aanmerking. Maar in die tijd geloof ik niet dat het erg is.

Je zult natuurlijk alle menselijke dingen doormaken en je zult heus nog wel eens moeten vechten en zo; maar het is niet meer ‘gebonden’ zijn. Het is een eenheid die in vrijheid bestaat. Het is een begrip dat niet meer bepaald wordt door ‘wie is dit en wie is dat’, maar dat gewoon spontaan overspringt.

De tijd die komt, is niet zo slecht, heus niet. Het ziet er nu misschien nog een beetje somber uit, maar jullie moeten maar zo rekenen, de kerk en de politiek lopen altijd achter. De politiek twintig jaar en de kerk twee eeuwen, dus daar moet je maar niet al te veel naar kijken. Ook al zijn dit de machten die het uiterlijk ook wel beheersen en zullen proberen dat ook verder te doen.

Ja, en dan word ik haast filosofisch, ja heus. Want wanneer dit alles mogelijk is, zullen we langzaam maar zeker onze werkelijke bestemming gaan begrijpen. We zullen niet meer door allerlei zorgen, noden en angsten gedreven worden en we zullen in onszelf steeds meer iets beseffen van nou ja, noem het God of wat anders en we zullen steeds duidelijker beseffen hoe we – waar we ook gaan – begeleid worden door anderen. Hoe er voor ons altijd wel ergens iemand of iets is dat een stem krijgt en zegt : “doe nu dit” of zegt : “pas op, want ..”

Zonder eenzaamheid leven, misschien niet zo makkelijk voorstelbaar in deze tijd, maar het is mogelijk. Een leven waarin we bewust de dingen gaan doen die we nu misschien onbewust hebben gedaan. Een leven, waarin we in staat zijn eindelijk zelf te bepalen wat we willen. Maar dan ook innerlijk weten waarom we willen, wat onze mogelijkheden zijn.

Een wereld van mensen die vrede vinden met zichzelf. Wat kan er mooier zijn ? Want vrede met jezelf is iets wat je meestal niet hebt. Je denkt altijd dat iets, iemand of de wereld onrechtvaardig is tegenover jou, of je denkt dat je zelf schuldig bent tegenover de hele wereld. En het is geen van tweeën waar. Het is een samenspel. Ook nu.

Leven zonder angst, ja zelfs leven zonder berouw, gewoon in de bewuste erkenning : zo is het en dat doe ik. Het lijkt me het mooiste wat er bestaat. Een beetje het leven uit de lichtende sferen terugvinden op aarde, daar komt het op neer.

Als we denken aan die lichtende werelden waarin we zijn overgegaan en leven, ondergetekende heeft dat genoegen al, dan is denken, weten en volbrengen een en hetzelfde geworden. Een geest (wanneer je eenmaal leeft in een wereld van licht, jezelf aanvaard hebt, de kracht waaruit alles ontstaat aanvaard hebt) is een wezen dat zegt : daar moet ik heen – en er ìs, dat zegt : nu moet ik kracht hebben – en die kracht heeft, dat zegt : en nu moet ik beseffen – en beseft. Wil, behoefte, erkenning, noodzaak, feit, het vloeit allemaal in elkaar over. Wat is er beter dan dat ?

Het is zo goed om één te zijn met jezelf en door jezelf met Al. Je zegt niet meer “ik ga dat doen”, je zegt “dat moet gedaan worden”. Je zegt niet meer “ik heb kracht nodig”, je zegt “er is kracht en ik richt ze, ik gebruik ze voor een ogenblik”.

Niets is van jezelf, dat is waar. Maar waar je het nodig hebt, is het er allemaal. Niet meer iets van willekeur, zo van : “ja, nu zou ik dát graag willen”, maar weten “dat is nodig”. En dan voelen : met die noodzaak ben ik verbonden – en het zonder meer waarmaken.

Als je in dat volgende leven komt, weet je misschien niet meer dat het via deze bijeenkomsten was, maar alles wat je er geleerd hebt, zal je dan ook nog weten.

Jullie zullen misschien niet meer precies weten waar je gewoond hebt, maar jullie zullen weten : hé, daar hoor ik thuis, of : dat was deel van mijn vorige leven, daardoor begrijp ik dit en begrijp ik dat.

Tja, het lijkt wel of ik een spot voor het aquariustijdperk aan het verzorgen ben.

Je kunt niet meer gaan zeggen : nu gaat er dat gebeuren, nu gaan we dat doen en dergelijke. Het is gewoon alsof je het hele pakket thuiskrijgt, het bouwpakket van de nieuwe tijd, zo van : begin maar; zet het maar in elkaar volgens de gebruiksaanwijzing.

Maar ik ben van plan om daar – voor zover dat voor mij mogelijk is – veel aan te doen. Maar ik denk dat er onder jullie zijn die in de loop van het jaar ook zullen ontdekken : hé, er is door mij ook veel aan te doen; ik kan het ook.

Er zullen er zelfs bij zijn die zeggen : ja, ik heb het allemaal zó gezien, maar als ik nu mijn visie een klein beetje verander, dan werkt het, dan breng ik licht, dan breng ik harmonie, dan breng ik kracht. En dan kun je ook je eigen problemen veel makkelijker oplossen.

Weet je, de ellende van de mens tegenwoordig is, dat als hij een probleem heeft, hij zich over het algemeen onmiddellijk afvraagt welke bevoegde instanties het voor hem dienen op te lossen en dat kan niet. Je hebt problemen, die heb je zelf mede veroorzaakt, vergeet dat niet. Daarom moet je die problemen eerst herleiden tot datgene wat zij simpel zijn : jouw illusie misschien tegenover de werkelijkheid, of jouw fout in beoordeling van de mogelijkheden. Als je dat hebt gedaan en het vereenvoudigd hebt, kom je als vanzelf tot een veel juister inzicht. Dan kun je medemensen ook beter helpen. Je kunt ook jezelf beter helpen; dat is ook belangrijk.

Mensen wat is er toch een kosmische goedheid om ons heen, die het ons mogelijk maakt al die onevenwichtigheden zelf te leren en zelf bewust te corrigeren.

En wat heerlijk dat er krachten zijn, grote heren in de kosmos, die leiding geven aan het geheel en die zeggen : Nu moet de mensheid de mogelijkheid krijgen zichzelf te vernieuwen.

De kracht van het licht, maar ook de waarheid van het licht, de innerlijke wijsheid van het licht, zijn zo dichtbij, sta ervoor open en weet dat je het nooit anders kunt doen dan de kracht in je je duidelijk maakt.

Zeg dan niet : ja ìk, of : ik niet.

Zeg : het licht is in mij, de Geest is in mij, vanuit de Geest leef ik.

Ik hoop dat jullie het zullen doen.

Ik zal het zeker proberen en als alle dingen voorbij zijn, wanneer de wereld inderdaad herboren is, dan hoop ik – op aarde levend of daarboven misschien kijkende wat ik nog kan doen – te kunnen zeggen : hier heb ik aan meegewerkt en hier wil ik verder in meewerken.

Want als de mensheid langzaam maar zeker samengroeit tot een lichtende kracht en eenheid, met één besef, met een voortdurend delen van alle waarden, dan is er geen enkele kracht of macht meer die de mensheid terug kan houden van de erkenning van zijn God, van de beleving van een werkelijkheid zonder illusies, het doordringen tot de feiten die, achter tijd en wereld verborgen, altijd met ons zijn.

Daar wilde ik het bij laten. Ik heb niks meer te zeggen. Dat is jammer en ik kan mijn lofzang wel verder voortzetten, maar jullie zullen het zelf moeten zien, jullie zullen het zelf moeten beleven. Daarom ga ik mijn bijdrage afsluiten.

De gastspreker

Vergeef me dat ik eerst kijk met wie ik te maken heb. Want alle leven heeft zijn eigen kwaliteiten. Elke kracht werkt op zijn eigen wijze. En wanneer ik tot jullie spreken moet, dan wil ik proberen om dat zo te doen dat ik daarbij spreek tot dat wat in jullie woont.

In een mens sluimeren grootse krachten, maar hij beseft ze meestal eerst wanneer hij niet meer in staat is ze te gebruiken.

Alle leven en alle kracht – deel van jullie, deel van alle dingen en alle werkelijkheid – zijn eigenlijk het enig ware wat er bestaat.

In jullie – zullen jullie vaak gehoord hebben – is een ziel, een lichtend wezen, geboren uit het eerste en enige Licht. Maar wie van jullie kent zijn ziel ?

In jullie en met jullie zijn de krachten van de geest, de geleiders, de beschermers, de helpers, de leraren. Maar wie van jullie kent ze ? En zelfs indien jullie ze kennen, wie van jullie begrijpt ze ?

Maar in jullie woont de ziel en de ziel is waar, onaantastbaar, onvervalsbaar. Het enige ware dat in je leven niet teloor kan gaan, het enig werkelijke dat blijft bestaan, zelfs wanneer elke vorm verdwenen zou zijn.

Licht is erkenning. In jullie, in jullie ziel, leeft de erkenning van alle dingen. Wanneer je dan in vele vormen rondwaart door vele werelden, denk je steeds weer dat zij werkelijk zijn, maar ik zeg jullie : niets is werkelijk buiten datgene wat in je leeft, alle andere vormen zijn schijn, onvolledigheid, bedrog, onjuiste erkenning.

Wanneer je scheppen wilt : jullie zijn goden, want jullie zijn deel van de enige God, deel van het enige ware leven. Schep dan.

Wanneer je vernietigen wilt : ban het beeld uit je bewustzijn en het gaat ten gronde, want die dingen zijn schijn. Schijn is de waarheid die je voor jezelf opbouwt. Maar waarheid ben je zelf.

Ik wil spreken tot de waarheid die in jullie woont.

De waarheid die mij kent voor wat ik ben : hetzelfde wat jullie zijn.

Jij weten, jij kracht, jij, die de vormen beheerst en schept en teniet doet, ontwaak uit je sluimer ! Doorbreek de grenzen die liggen tussen waarheid en het beperkte leven van bestaan, het beperkte bestaan van levensillusie.

Ik zeg jullie : meer dan jij dromen kunt, weet jij, ben jij, zal jij altijd zijn.

Elke kracht die jij je wenst, is de jouwe, wanneer je vergeet te zijn wat je denkt te zijn.

Wanneer men spreekt van rechtvaardigheid, denk niet aan wetten, maar denk aan dat wat je verbindt, ongeacht de wankele evenwichten die het uiterlijk schijnen te beheersen.

Word wakker mens ! Wakker voor wat jij bent.

Zeg niet : ‘ik weet veel’ of ‘ik weet niets’, maar zeg : ik bén. Ik bén de kracht. Ik bén het leven. Ik bén het weten. Want dat wat ik ben, is deel van Hem die is, Die altijd zal zijn.

Word wakker. Gooi je dromen opzij. Laat je werkelijkheid voor een ogenblik naar voren treden, mens.

Al wat was, al wat zal zijn, is nietig.

Maar wat jij bent – ook nu – is onvergankelijk.

Er zijn banden tussen jou en al wat leeft.

Er zijn krachten die jou één maken met elk bewustzijn dat bestaat, met de demon en met de engel, met de krachten van licht en leven, met de krachten die jij duister noemt.

Want : al deze dingen zijn één, zoals jij één bent met al deze krachten.

Wat je wekt, is wat in je woont.

Wat je uit, is wat in je berust.

Niets meer kan je zijn dan wat je bent. Maar jij bent deel van Al. Zo kan jij Al zijn.

Wanneer de sterren sluimeren, wanneer het duister als een mantel het laatste licht en leven bedekt, lijkt het of er niets is. Maar ik zeg je : jij zal er zijn, met je leven, met je weten, met je krachten en niets kan dat veranderen.

Want wat jij bent, is belangrijk.

Wat in je leeft, is belangrijk.

Wat uit je voortkomt, is belangrijk.

Niet om zijn vorm, maar omdat het deel is van al wat is.

Mensen spreken vaak over een God, over een geleider, een engelbewaarder. Zij zeggen : die moeten mij verder brengen. God geef mij …. Geleider zeg mij … Engelbewaarder behoed mij,…. en het is alles een beeld uit jezelf.

Jij bent en alle andere vormen zijn een droom, geboren uit de werkelijkheid waar jij toe behoort.

Jij bent hier omdat je wil leren. Maar wie kan jou leren wat je ziel niet reeds weet ?

Jij bent hier om een gebeuren en een kracht, om iets te ondergaan misschien. Maar wat kan er zijn wat niet in je is ? Verwerp je dan jezelf ? Minacht je jezelf ?

Het zou allemaal anders moeten zijn, nietwaar ?

Maar ik zeg jullie : jijzelf hebt meegeschapen, voortgebracht uit jezelf wat je nu probeert te veranderen of te ontvluchten.

Jij bent het die hebt voortgebracht uit jezelf wat je nu glimlachend geniet, wat je nu misschien ziet als een verheffing.

Want jij bent deel van Al, Al is deel van jou. Er is geen God dan de God die in en rond ons woont in alle kracht, in alle wijsheid, in alle waarheid. Wees je daarvan bewust.

Wanneer je niet weet wat te doen, wanneer je zegt : mijn wereld zou anders moeten zijn, zeg dan niet : och Heer, maak jij het anders. Maar zeg in jezelf : laat mijn kern zijn Schepper aanvaarden en erkennen en voortbrengen wat nodig is.

Dat is de waarheid.

Wees stil in jezelf en vraag niet.

Wees stil in jezelf en zoek niet. Wees stil in jezelf en word één met jezelf.

Ik spreek tot datgene wat in je woont.

Nu wil ik spreken tot jou zoals je denkt te zijn.

Waarheid heeft nimmer veel gezichten. Er is maar één waarheid. Wanneer je denkt dat iets veel gezichten heeft, probeer het te herleiden tot het één is.

Wanneer je wereld verward lijkt, tracht te beseffen dat ze toch één is en laat dit begrip in je je beeld van je wereld veranderen.

Je denkt vaak machteloos te zijn.

Vaak denk je dat jij alleen het weet.

Het kan nooit waar zijn.

Verhef je uit je dromen tot je werkelijkheid.

Er zijn vele werelden en elke wereld is gedroomd door hen die er leven of moeten leven, ook die wereld van jou.

Droom haar dan anders. Maar besef dat velen met jou dromen en dat een verandering slechts traag plaatsvindt.

Wanneer een inwijding werd gezocht, zei men : Schep je een dienaar uit het niets. Zie die dienaar voor je, steeds weer. Geef die dienaar je bevelen. Dan tenslotte was die dienaar er. Als men dan zei : Ziet meester, ik heb een dienaar geschapen, dan antwoordde men : Vernietig nu die dienaar, opdat die dienaar niet je meester zou worden. Want een mens wordt beheerst door zijn eigen scheppingen.

Laat je niet door je scheppingen beheersen. Wees vrij door al wat je beheerst en uit je is voortgekomen, teniet te doen.

Kracht heb je zelf en toch geef ik je kracht. Ik ben mij bewust van de kracht die in je woont en jijzelf beseft die niet. Daarom geef ik je kracht.

Jij zoekt wijsheid en wat jij wijsheid noemt, heb ik leren kennen, maar achter haar schuilt de waarheid. De waarheid woont in jou, maar je kent haar nog niet en daarom geef ik je waarheid, opdat je gewekt zou worden tot de waarheid die in je leeft.

Je zoekt naar vrede. De vrede woont in je. In jou is de eenheid, die meer is dan alle vrede die men zich kan voorstellen. Maar je bent je er niet van bewust. Nog niet. Daarom geef ik je de vrede, de rust, de stilte die spreekt. Ze leeft in jou, ze leeft in mij.

Moge wat in mij leeft, jullie wekken tot het besef van jullie vrede.

Ik heb gesproken tot wat jullie zijn en tot wat jullie denken te zijn.

Ik weet niet te zijn wat ik schijn te zijn. Ik ben meer dan in een vorm, een woord, een gebaar, een straling kan worden uitgedrukt.

Maar ik ben tot jullie gekomen omdat jullie willen leren, omdat jullie zoeken. Daarom heb ik jullie een ‘wekroep’ gegeven en – niet geheel door jullie begrepen en verstaan – een machtwoord gesproken. Want in de werelden van de waan zijn die dingen belangrijk.

Neem wat ik jullie gegeven heb.

Vertrouw in jezelf.

Vertrouw in de kracht die in je woont.

Vertrouw op de kracht die alles, ook ons allen, in zich bevat en uit zich voortbrengt. Dan zal het je goed gaan, niet naar mensenoordeel, maar naar zielekracht. Dan zal je weten dat er geen wonderen bestaan en geen wetten, maar alleen waarheid.

Wanneer wij die waarheid samen beleven, zal ik geen persoon meer zijn. Dan zal jij geen persoon meer zijn. Dan zullen wij samen waar zijn.

In de hoop dit te bevorderen, heb ik mij tot jullie gericht.

Ik dank de broeders dat zij – ongeacht de verschillen die tussen hen en mij soms bestaan – deze mogelijkheid hebben geboden.

Ga met vrede, met licht in jezelf en gedragen door de waarheid die jullie soms vermoeden …