De kunst van het sterven

19 september 1978

Aan het begin van deze bijeenkomsten moet ik u er altijd weer op wijzen dat we niet alwetend of onfeilbaar zijn. Dit is niet alleen maar een formule, het is niet alleen maar een gezegde of een verontschuldiging. Zelfs wanneer wij gelijk hebben en u hebt ongelijk, dan zult u nog beter af zijn wanneer u zelf nadenkt en desnoods uw eigen, naar de ervaring later aantoont verkeerde weg volgt, dan dat u ons naloopt omdat wij het zeggen. Een mens moet zijn eigen weg kunnen gaan, een mens moet zijn eigen bewustwording doormaken, een mens moet uiteindelijk ook zoals u weet zijn eigen dood sterven. Dat kan niemand anders voor u doen, niemand kan voor u bewust worden, niemand kan voor u de kosmische kracht verzamelen die in u voortdurend nodig is, en juist daarom gebruiken wij deze formulering, gebruiken we deze woorden. Denk zelf na, vormt u zelf een oordeel, probeer liever van uw eigen denken uit te gaan en te onderzoeken, dan klakkeloos te aanvaarden.

Wat ons onderwerp van vandaag betreft, gezien de ontwikkelingen en situaties, hebt u misschien interesse, u moogt neen zeggen als u liever wat anders hoort, voor het onderwerp: de kunst van het sterven.

Wanneer u leeft is de dood bijna onvoorstelbaar. Zelfs wanneer je omringd wordt door de dood, bij grote rampen, in oorlogen, dan nog is het bijna onmogelijk u voor te stellen dat jijzelf zult sterven en dat is te danken aan het feit dat we innerlijk beseffen dat het leven niet beperkt is.

Het leven is niet beperkt tot een stoffelijk bestaan, maar het leven in zichzelf, ofschoon het vaak van vorm verandert, is, zover wij het kunnen overzien, blijvend. Dit is ingebouwd in de menselijke psyche en daardoor ontstaat die verwerping van het doodsbegrip tot het ogenblik dat men concludeert dat men het sterven nabij is en dan heb je twee mogelijkheden. Je kunt die dood als een bevrijding ervaren, dat gebeurt bij velen of je kunt je tegen die dood verzetten en dan ontstaat een grote worsteling. Deze worsteling is een worsteling van het denken en later van het gehele ik-besef, d.w.z. dat op het ogenblik dat dit lichaam in coma is, deze strijd toch voort zal gaan, die wordt als het ware voortgezet na de dood en betekent dat een aanvaarding van de nieuwe situatie praktisch onmogelijk wordt, tot men eindelijk zich heeft neergelegd bij het feit dat men niet meer over een stoffelijk lichaam beschikt, dat men niet meer in staat is zich op aarde op de juiste en normale wijze kenbaar te maken. Wanneer u met de dood wordt geconfronteerd, dan hebt u waarschijnlijk voorstellingen van het hiernamaals, de één denkt aan een hemel en een hel, een tweede prefereert voor zichzelf een vagevuur – dat is iemand met zelfkennis – en anderen weer denken aan een eeuwigdurende cyclus van reïncarnatie, zo mogelijk direct: “Nu ben ik nog een mens en morgen kruip ik misschien als een pad ergens in een tuin”. Allemaal onzin. Er is geen gefixeerd beeld te geven voor het hiernamaals, want wanneer wij eenmaal de beperkingen van de materie achter ons laten, dan komen we terecht in een wereld waarin ons denken ons ervaren verder gaat reguleren.

Het is een wereld die, in het begin zeer zeker, er een is van zelfsuggestie. Wat je denkt te zien, dat zie je. Wat je denkt te voelen, dat voel je. Een illusiewereld inderdaad, een eerst langzaam ontdekken dat je bepaalde delen van die illusie met een ander kunt delen, die worden dan belangrijker en dan ontstaat een gedeelde en gemeenschappelijke illusiewereld die dan heel vaak wordt omschreven als een bepaalde sfeer.

Wanneer je nu een voorstelling hebt van een bepaalde sfeer, dan zul je die ook wel aantreffen, maar vergeet niet dat in de beginperiode dit uw illusie is, zodat u veranderingen in dit wereldbeeld altijd zult moeten aanvaarden, voordat u ook maar enigszins meer werkelijk kunt gaan leven en dus ook geestelijk meer bewust kunt worden. Wanneer je de dood ondergaat, dan zijn de volgende factoren daarom voor u erg belangrijk:

Punt één: Het gevoel van isolement, al dan niet gepaard gaande met een pijngolf welke gevolgd wordt door een gevoel van verstilling en zelfs van verhoogde energie. Het lichaam reageert niet meer. U hebt over het algemeen ook beperkte zintuiglijke waarnemingen, u ziet allerhande beelden die er niet zijn en wanneer u nog in staat bent uw eigen wereld waar te nemen, dan mengen zich die met datgene wat u zintuiglijk waarneemt. Het zal u duidelijk zijn dat in deze fase niet gesproken kan worden van een onverdeelde werkelijkheid. Realiseer u dat de beelden die u ontvangt, zowel herinneringsbeelden kunnen zijn als reële contacten. Indien iemand u toespreekt die niet tot uw eigen wereld schijnt te behoren, reageer daar op. Wees niet bang, wat voor figuur u ook nadert. Reageer op die figuur; hierdoor maakt u het mogelijk een soort werkelijkheidstest uit te voeren, want een beantwoorden van uw contact met gegevens die u niet zelf kent, waarover u niet beschikt, bewijst u dat er inderdaad een gids, een helper voor u is gevonden. Dit is meestal, dat wil ik er hieraan toevoegen, wel het geval. Bij het overgaan, zoals men de dood vaak met een eufemisme noemt, wordt ongeveer 99 % van de mensen afgehaald.

Er zijn dus mensen die al dood zijn en in de geest leven die hen gezelschap houden, vaak al van voor de werkelijke dood, het kan enkele uren voordien al optreden, en die hen blijven vergezellen tot ze in staat zijn zich in de geest zelf wat evenwichtiger op te stellen.

Wanneer je ontdekt dat je gaat sterven, dan heb je heel vaak het gevoel dat je op aarde nog allerhande dingen moet doen en dat je je nog bezig moet houden met dingen die je al gedaan hebt maar die je nog goed moet maken. Vergeet dat maar. Je hebt geen tijd meer. Aanvaard je leven zoals het was, met alle goede en alle kwade punten. Hierdoor kun je rustiger je bezighouden met zaken die op dit ogenblik belangrijker zijn en dat is het besef van leven, het besef van continuïteit en het ontwaken in een andere bewustzijnstoestand.

Wanneer u te maken hebt met iemand die overgaat, probeer nooit zo iemand voor te bereiden op rouwmoedigheid en dergelijke. Iemand die alleen op het stervensuur berouw toont, die doet het toch maar in een “God-zegen-de-greep” mentaliteit van: “Misschien helpt het toch”, en dan helpt het al niet meer. Wanneer iemand op sterven ligt en deze is aanspreekbaar, probeer de mens duidelijk te maken dat zijn leven op aarde betekenis heeft gehad. Weet je er iets van, herinner hem aan de goede dingen die hij heeft gedaan, die hij heeft beleefd. Hierdoor bevorder je de rust, de evenwichtigheid. Aanvaarding van het proces van sterven is van groot belang.

Dit is meestal niet te doen wanneer iemand een plotselinge dood ervaart, bijvoorbeeld in een verkeersongeval, of op een andere abrupte wijze aan zijn einde komt, een hartverlamming bijvoorbeeld te midden van zijn bezigheden. In dergelijke gevallen kunt u niets doen, maar het is wel belangrijk en dat wil ik er wel even bij zeggen, dat u in dergelijke gevallen een kort ogenblik die mens vrede wenst. Uw gedachten zijn op dat ogenblik invloeden geworden die de persoonlijkheid aanvaardt. Zij ervaart ze als een reëel gegeven ook al zal ze de bron ervan waarschijnlijk eerst later gaan beseffen. Wanneer u een wens geeft van vrede, van rust, dan zal de overgegane zich hierdoor gesterkt kunnen gevoelen en daardoor ook zijn contacten, in die andere wereld gemakkelijker aanvaarden. Probeer altijd grote ontsteltenis te voorkomen, zo goed u kunt. Indien het iemand is die u na staat, dan zult u misschien bedroefd zijn. Het is begrijpelijk. Maar probeer niet die mens terug te roepen, niet “0, als je nu nog maar leefde” en dergelijke dingen. Hierdoor namelijk drukt u een wens uit en die wordt een voorstelling voor die entiteit. Die entiteit kan niet reëel terugkeren, maar ze komt te leven in een halfwereld, waarin haar wil om terug te keren voortdurend in strijd komt met de werkelijkheid van haar eigen bestaan. U veroorzaakt alleen maar moeilijkheden op die manier.

Indien u zelf overgaat, zeg dan tegen uzelf, wanneer u beseft dat u gaat sterven: “Ik zal alles aanvaarden zoals het komt”. Dit is heel belangrijk, omdat uw eigen psyche immers de beelden ontwerpt waarmee u geconfronteerd wordt, en die beelden zijn voor een deel uw eigen angsten, voor een deel uw eigen verwachtingen, voor een deel misschien ook uw eigen begeertebeelden. Alles is denkbaar, daarom is de aanvaarding het eerste principe. In de dood aanvaarden wat ontstaat, betekent de kans krijgen om je te oriënteren en zonder die oriëntatie in je nieuwe bestaan ben je hulpeloos.

Er zijn mensen die zeggen: “Ja goed, maar je gaat over en dan blijf je toch jezelf”. Zeker. De voorstelling die je hebt van je eigen ik, zult u voor uzelf en in uitstraling tegenover anderen nog lange tijd kunnen behouden, hetzij voortdurend, als een gefixeerd beeld, hetzij fluctuerend, dus als antwoord op bepaalde signalen van anderen. Maar u leeft in een andere wereld, die aan totaal andere normen gebonden is. Het is een soort droomwereld, waarin alles kan gebeuren, waarin een deur opengaat in een huis en ineens een landschap laat zien. Waarin je op een stoel gaat zitten die onmiddellijk met je wegloopt. Dergelijke krankzinnige dingen die je in een droom misschien je voor kunt stellen zijn opeens je werkelijkheid geworden. Wanneer je niet in staat bent een onderscheid te maken tussen je eigen illusies en invloeden van buitenaf, verkeer je in een staat van verwarring die lange tijd kan aanhouden. Daarom noemen we het vaak een schemer- of schaduwland, omdat de mensen dan vaak op zoek gaan naar situaties die ze in hun leven het laatst ervaarden.

Voorbeeld: Een patrouille soldaten, gedood door de explosie van twee granaatkartetsen. Het geheel sterft en gaat in de geest verder en gaat op zoek naar zijn onderdeel. Men is de weg kwijtgeraakt. Men wil dat onderdeel weervinden. Dit is onmogelijk. Daarom blijft deze illusie lange tijd gehandhaafd. Wanneer contacten met anderen afgewezen worden omdat die als vijandig beschouwd worden dan is het duidelijk dat vele jaren lang een dergelijke groep zich als een eenheid in een schemering blijft bewegen, zonder dat ze enige uitweg kan vinden, maar die uitweg ligt in de erkenning van het anders zijn dan voorheen, het aanvaarden van contact met anderen.

Zodra u contact hebt, en zoals reeds gezegd, dat is voor de meesten kort voor, tijdens of zeer kort na de overgang het geval, aanvaard voorlopig de suggestie die u gegeven wordt en probeer u te realiseren dat niets waarvoor u vreest u kan beroeren tenzij uzelf deze vrees blijft koesteren. Ga op het gevreesde af en het verdwijnt. Wanneer u met allerhande verrukkelijke taferelen wordt geconfronteerd, u weet wel, zo’n soort paradijstuin als waarin Hadjisjin eens geloofde, vol met schone maagden, tot al bereid en rivieren die kostelijke dranken vervoeren, dan geef ik u ook de raad om eropaf te gaan, niet er aan deel te nemen, maar er op af te gaan. Door je te bewegen in de richting van een droombeeld, zonder er deel aan te nemen, verdwijnt het. Het is een soort fata morgana. Zodra je je voldoende verplaatst hebt, is het gedoofd.

De contacten met anderen die u hebt, zullen u vaak aanbevelen te gaan rusten. Is dit het geval, doe dit. U zult in een soort slaap menen te verzinken, u vertoeft dan enige tijd in het duister. In het duister droomt u, u gaat uw herinneringen na. Dat is niets kwaads, het betekent alleen dat u op dat ogenblik de betekenis van uw stoffelijk bestaan reeds leert kennen, iets wat u misschien kan helpen bij activiteiten, zodra u meer aan de geestelijke werelden gewend bent. Sterven is dus in zekere zin een kunst. Wanneer je een stervende wilt helpen, dan geef je hem een bepaalde kracht. Je kunt dit doen door uitstraling, zoals sommige mensen in het Westen dat geleerd hebben te doen. Je kunt dit doen door bepaalde tonen uit te stoten zoals bij bepaalde Lamaïstische orden het geval was. Je kunt dit zelfs doen door een bepaalde vorm van concentratie zoals dit in bepaalde Hindoekringen gebruikelijk is.

Het helpen van iemand die sterft betekent deze mens bevrijden van angst, bevrijden van een gevoel van krachteloosheid, daarom is een dergelijke hulp altijd aanvaardbaar. Wanneer je iemand sacramenten geeft, sacramenten der stervenden bijvoorbeeld, beschouw dit niet als een spelletje en beschouw dit ook niet alleen als een kerkelijke heiliging. Wanneer de persoon daarin gelooft, betekent dit een verandering van zijn eigen instelling, het betekent een heroriëntatie, en door die heroriëntatie wordt de dood inderdaad beter beleefbaar, maar zullen reeds voor die tijd tegenstellingen en spanningen in het eigen lichaam verdwijnen, in sommige gevallen heeft dat zelfs lichamelijke genezing tengevolge. Dus, helpen is belangrijk. Maar wanneer je weet dat je helpen kunt, dan ga je ook beseffen dat je zelf behoefte hebt aan kracht wanneer je sterft, dat het geen verflauwen, geen verzwakken, geen wegteren betekent, integendeel, dat het een soort opflakkering moet betekenen. Je zult daardoor geneigd zijn om tijdens de overgang al krachten te accepteren. Realiseer je ook dat je nooit in die illusiewereld kunt blijven, ook al zijn die illusies nog zo aardig na de dood.

Men pleegt te spreken over zeven of negen sferen, hetwelk, het zal u duidelijk zijn, nogal een willekeurige indeling is. Maar om de fasen eenvoudig te stellen: vanuit een illusiewereld, waarin alleen op grond van een illusie soms contact met anderen mogelijk is, ontwaak je in een wereld waarbij contact met de ander het meest bepalend is. Men noemt dit wel hoogzomerland. Hierdoor is de samenwerking in het delen van besef belangrijk geworden, vormbegrippen en dergelijke hierop gebaseerde uitdrukkingen zijn onbelangrijk. Je komt als vanzelf tot een wereld waarin denkbeelden van anderen voor jou de inhoud van die wereld gaan bepalen en je eigen reactie daarop mogelijk maken. Het is duidelijk dat op de duur dan ook een soort innerlijk verbaliseren, in woorden of beelden uitdrukken, niet meer mogelijk is. De reacties komen spontaan en dit is een derde fase. In deze fase is er geen vorm en men drukt dit wel eens uit als klanken en kleuren, maar dat is slechts een benadering, in deze wereld is ook, de tijdsgebondenheid van het ik veel minder, je kunt enorme versnellingen van besef en enorme vertragingen van besef ondergaan en je kunt deze zelfs soms bewust veroorzaken. Je bent meer meester van de contacten met de wereld rond je en je leert afwijzen wat je niet past en selecteren wat voor jou op dit moment noodzakelijk is. Hierdoor kunnen weer persoonlijke relaties gaan ontstaan op basis van innerlijke waarden, op innerlijke harmonieën afgestemd. In deze fase ben je nog geneigd om verschillen te maken maar je gaat al snel ontdekken dat je eigen wezen een bepaald evenwicht heeft en reageert op soortgelijke evenwichtigheden elders. Op de duur gaat dat evenwicht alles domineren, het wordt een soort wereldbeleving, wereldbeeld is niet juist meer en daarmee betreed je opnieuw een fase van bestaan waarin nu alle uitdrukking en alle wederkerigheid eigenlijk niet meer beseft wordt als een uitwisseling met anderen, maar als een gebeuren in het ik, dat zichzelf zodanig weerspiegeld vindt in allen waarmee het contact bestaat, dat deze als een functie of een deel van het ik beleefbaar zijn.

Hierna volgt een fase waarin men, zoals het wel eens wordt uitgedrukt, in het verblindende licht staat. Het ik-begrip is tot nu toe zeer sterk geweest, maar het ziet zichzelf nog als centraal. Ook dit begrip van een centraal bestaan dien je te verliezen, je moet gaan begrijpen dat je zelf een functie bent van een geheel. Is dit eenmaal begrepen dan is het licht niet verblindend meer, je hebt een groot gedeelte van je ik- voorstelling verloren, daarom spreekt men weleens van het gaan door de weide of de poort van het vuur, maar je bent gelijktijdig ook in staat om nu te reageren op bepaalde grote harmonieën die in de kosmos bestaan en men drukt dit wel eens uit als het gaan tot voor de troon van God.

Wat daarna gebeurt zal over het algemeen, maar zeker niet altijd, het volgende inhouden: aangezien de emoties toch weer een persoonlijke reactie schijnen uit te lokken, denk je weer aan jezelf. Hierdoor daal je weer een sfeer. Het kan zijn dat de uitdrukking dan steeds wordt vervolledigd totdat je weer aan voorstellingen toekomt en we spreken dan van vertoeven in een sfeer van waaruit reïncarnatie mogelijk is. Het is niet belangrijk dat u al deze fasen van buiten kent. Ze treden op de duur spontaan op en wanneer u een bepaalde verdergaande fase niet bewust kunt beleven, ontstaat voor u een soort sluimering, waarna u in feite wordt overgeplaatst naar het punt van afdaling, dat gelijkwaardig is aan het hoogste besef dat u bereikt hebt.

Het is wel belangrijk dat u weet dat uw wereld moet veranderen. Niets kan gelijk blijven. Ook in uw wereld bestaan veranderingen en zijn ze onvermijdelijk, ook al zijn er mensen die het er niet erg mee eens zijn. Verandering is het principe van leven, omdat beweging betekent een veranderlijke plaats tussen de kenbare uitersten innemen. Dit betekent niet alleen dat de beweging, het verschijnsel leven zelf aanwezig is, maar ook een voortdurende herwaardering van de uitersten aan de hand van een eigen standpunt.

Om het sterven op zichzelf juist te begrijpen, kan het voorgaande u van dienst zijn. Stel geen verwachtingen in personen, maar in krachten. Indien u bidt tot God is dat best, indien u bidt tot Christus is dat best. Indien u zich voorstelt dat Jezus naast uw bed zal staan om u in te leiden in de hemelse zaligheid, bent u fout, want dat kan zo niet. U komt dan in een illusie terecht. U hebt kracht nodig. Elke mens beschikt over verschillende vormen van energie, alleen al de levensenergie kun je in drie vormen vinden die langs verschillende banen in het lichaam pulseren. Daarnaast zijn er mentale, stralende energieën en je hebt nog te maken met geestelijke energie. Wanneer je sterft kun je een deel van die energie van het lichaam tot je trekken indien je beseft dat je alle krachten moet verzamelen voor hetgeen nu gebeurt. Concentreer je niet op een ontwikkeling, maar gewoon op het bewust blijven. Deze concentratie helpt u alle voor u resterende bruikbare energieën uit uw lichaam aan de geest en eventueel aan het astraal toe te voeren. Het helpt u daarnaast om uw eigen geestelijke energieën te wekken. Dit betekent dat u meer mogelijkheden hebt om signalen van anderen te ontvangen en daarop eventueel te antwoorden. Wanneer u ooit aardgebonden bent, het kan voorkomen, neem geen deel aan het gebeuren, probeer niet op aarde directe invloed uit te oefenen. Pogingen hiertoe, wanneer je nog niet voldoende bewust bent, kunnen wel eens resultaat hebben, maar dat is meestal verkeerd en voor jezelf betekent het dat je betrokken wordt in aardse gebeurtenissen en daar een aansprakelijkheid voor voelt en dus draagt, die je vanuit je eigen toestand niet meer kunt oplossen. Je bent dus afhankelijk geworden van een stoffelijk gebeuren. Probeer geen deel te nemen aan stoffelijke zaken, hoe moeilijk het misschien zal zijn wanneer iemand waarvan je veel houdt in tranen naast uw sterfbed ligt. Probeer niet deze te troosten. Vraag hoogstens of er iemand is die troosten kan maar probeer niet terug te gaan naar die scène, meestal een verkleind beeld dat je als een lichtplek in een soort duister beneden je ziet. Probeer niet terug te gaan. Vraag of een ander kan helpen. Realiseer u uw eigen dood, dat is zeer belangrijk. Op deze manier hebt u niet alleen kracht, maar u hebt ook nog de mogelijkheid eerst uw eigen geestelijke kwaliteiten, althans enigszins, te doen ontwaken, bepaalde herinneringen van uw eigen stoffelijk bestaan en eventueel voortbestaansfasen weer in uzelf samen te voegen tot een nieuw besef, een nieuw begrip en een nieuwe benadering van de wereld en dan kunt u van daaruit nog altijd later die aarde gaan gadeslaan.

Actief ingrijpen is mogelijk maar moeilijk. Wanneer u hulp hebt van anderen, de zogenaamde geleiders weer, dan is het mogelijk dat u gaat kijken bijvoorbeeld bij uw eigen begrafenis en voor velen onder ons was dat een verrassend schouwspel. We ontdekten dan vaak deugden waarvan we niet wisten dat we ze hadden, en we ontdekten dat andere zijden van ons wezen geheel vergeten zijn, waar we zelf juist kortgeleden nog sterk mee geconfronteerd werden. U kunt dit doen, maar u kunt geen contact opnemen tenzij een ander uw boodschap overbrengt. Een andere kunst is natuurlijk, wanneer je eenmaal dood bent en nog contacten met die wereld hebt of op wilt nemen, om de mogelijkheid daartoe op te bouwen. Het volgende moet beseft worden. Directe kontakten met de wereld zijn alleen mogelijk wanneer wij niet slechts over geestelijke, maar ook over astrale mogelijkheden beschikken. Eventueel kunt u, wanneer u snel bewust bent uw eigen schil daarvoor activeren, d.w.z. een astraal voertuig, lijkend op het stoffelijk lichaam, dat meestal anders snel uiteenvalt. Door een deel van uw besef daarin te projecteren, kunt u het in stand houden. U kunt het later gebruiken als een voertuig om de wereld te benaderen en daarmee herkenbare verschijnselen te veroorzaken. Hebt u geen voertuig, onthoud dan: projectie van gedachten is mogelijk. Dit echter geschiedt door je op de persoon te concentreren en je boodschap langzaam en duidelijk en herhaaldelijk uit te zenden en wel in beelden of woorden naar verkiezing. Hierdoor wordt een receptie mogelijk gemaakt, de andere ontvangt uw boodschap. Probeer niet naar de andere toe te gaan, dit brengt verwarringen en moeilijkheden en zou zelfs kunnen betekenen dat u de aura van iemand beschadigt of dat u zelf gevangen wordt in de uitstraling van de mensenwereld, iets wat dan weer tijd vergt en een hoop ellende voordat u los bent.

Wat moet je verder zeggen over het sterven? Het belangrijkste is, geloof ik, de aanvaarding, maar dat is altijd zo. Ook wanneer u leeft is het erg belangrijk dat u het heden aanvaardt zoals het is en het niet verbindt aan verwachtingen die in het heden niet redelijk aanwezig zijn, of aan een verleden en de mogelijkheden daarvan, die in heden niet meer bestaan. Dat weet u. Je moet leven vanuit dit ogenblik. Beleef elk ogenblik als het ware je leven en je werken opnieuw. Houd je niet gebonden aan besluiten uit het verleden. Neem je besluiten elk ogenblik opnieuw wanneer je beseft dat dit noodzakelijk of mogelijk is. Zoals dat geldt voor de levenden, geldt dit voor de stervenden en voor de doden. Probeer nooit het verleden tot leven te brengen. Probeer nooit vooruit te lopen op wat je eens zult zijn of eens kunt doen. Beperk je tot datgene wat je bent. Overzie zo goed je kunt je mogelijkheden en eventuele noodzaken en concentreer je daarop van ogenblik tot ogenblik. Optimale resultaten zijn zo te behalen. Gelijktijdig zal je tot rust komen. De grootste conflicten bij mens en geest ontstaan uit de vergelijking van een verleden dat onveranderlijk is geworden voor het ik en een verwachting die voor dit ik niet realiseerbaar is.

Wanneer we de basis bekijken van al het leven, dan blijkt die basis verbondenheid te zijn. Je kunt niet bestaan zonder deel uit te maken van het bestaande dat zich een geheel vormt. De reactie op al wat je herkent van het bestaande dient dus aanvaarding te zijn. Aanvaarding, of we die nu uitdrukken in harmonie, in naastenliefde of in andere gangbare termen. Het betekent helemaal niet dat je jezelf hoeft te onderwerpen aan de anderen. Het betekent echter wel dat je de anderen moet aanvaarden als gelijkwaardig met jezelf en met eenzelfde bestaansrecht als jezelf, ongeacht wie ze zijn.

Door op deze manier te denken en te leven zo goed als je kunt op aarde, zul je je contact met de werkelijkheid na de dood ongetwijfeld groter maken en gelijktijdig je mogelijkheden tot een snelle bewustwording en dus verwerven van werkelijke bewegingsvrijheid in de geest, doen toenemen, bevorderen. De situatie waarin je verkeert voor de dood is er vaak een van conflict en illusie, laten we dat a.u.b. niet over het hoofd zien. Elke mens op aarde heeft dingen waarvan hij denkt: “Als ze waar werden zou het goed zijn”. Hij heeft dingen die hij vreest: “Als het zo verder gaat dan ga ik ten gronde”. Deze denkbeelden op zichzelf zijn menselijk, die zijn begrijpelijk, maar op het ogenblik dat je daarmee bezig bent, ontgaat het contact met de werkelijkheid je. Je kunt zodanig gebiologeerd zijn door je angst en je begeerte, door je fantasieën misschien omtrent de toekomst, dat je de werkelijkheid van de signalen die daar bestaan, geestelijk zowel als anderszins, eenvoudig over het hoofd gaat zien. Voor de dood moet je dus zoveel mogelijk aanwennen om je niet bezig te houden met die angsten en verwachtingen. Reageer volgens het ogenblik, de feiten, de impulsen die je op het ogenblik als juist erkent. Dat klinkt erg gevaarlijk, maar is het in wezen niet, omdat alles wat je op een bepaald moment aanvaardbaar en juist vindt, mede bepaald wordt door het geheel van de ervaringen die je hebt opgedaan, je eigen wereldbeeld dus, in feite. Het is niet noodzakelijk om dat dan eerst op te roepen, het is er.

Door deze wijze van reageren in het heden verkrijg je de innerlijke mogelijkheid om elke verandering op zichzelf te aanvaarden als feit. De dood wordt aanvaardbaar als feit. Ook wanneer je daar normalerwijze niet in gelooft voor jezelf en het vaak als een onrecht, soms als een bevrijding ervaart wanneer het eenmaal optreedt, dan moet je je wel realiseren dat je daarmee niet de werkelijkheid van de dood beleeft. Pas wanneer je alle indrukken die je bewustzijn opneemt, op dat ogenblik van de dood en daarna, onmiddellijk als feit accepteert en niet in vergelijkingen invoegt, kun je juist verder leven.

Ik dacht dat ik hiermee de kunst van de dood, van het sterven, wel enigszins belicht had. Ik zou hier een beschouwing over het leven aan toe willen voegen. Zoals de geest de beschikking heeft over haar eigen energieën, zoals de geest een deel van de lichaamsenergieën met zich kan nemen, wanneer die het lichaam achterlaat, zo beschikt uw eigen wezen, stof en geest tezamen, over deze energieën. U kunt vaak een beroep doen op uw eigen krachten, maar dit kunt u alleen doen door niet te denken aan uw eigen mogelijkheden. De grote moeilijkheid bij een mens is dat hij zegt: “ik kan het niet”. En dan kan hij het niet. De mens moet zich afvragen: “Hoe ver kan mijn bereiken strekken?”

En daarbij aannemen dat hij altijd nog een stap verder kan gaan dan hij zich voorstelt. Op deze manier kun je optimaal die krachten wekken en ook gebruiken. Een typisch voorbeeld, nietwaar? Er zijn mensen die zeggen dat ze niet meer zo hard kunnen lopen. Dit gebeurde een vijftigjarige boer die een veld binnenging waar een nogal agressieve stier stond. Het is jammer dat zijn record nooit erkend is omdat het niet op een erkende baan is afgelegd. Hij kon heel wat meer dan hij dacht. Hij had misschien zelfs hordelopen erbij kunnen nemen want hij sprong over het hek. Dus, begrijp me wel, hoe grappig zo’n voorbeeld moge klinken, ook u zult in een noodsituatie, wanneer u niet meer denkt aan wat u kunt, maar alleen aan wat u voelt te moeten doen, veel meer presteren. Waarom zou u dan, wanneer het gaat om, geestelijke krachten, om stoffelijke gebeurtenissen en voorstellingen, onverschillig wat, waarbij de innerlijke kracht van het ik, de psychische kracht mee een rol speelt, uzelf beperkingen opleggen: “dat kan ik wel en dat kan ik niet?” Je moet je realiseren dat je als mens zeer zelden tot de bodem van je kunnen gaat, dat het beroep dat je doet op je hersenactiviteiten en de mogelijkheden daarvan, als op je lichamelijke activiteiten, je vermogen tot recuperatie, je vermogen om krachten op te wekken, uit te stralen of op te nemen, dat je dat gewoon niet gebruikt. Je komt te kort steeds weer ten aanzien van de maximale mogelijkheid.

Wanneer een mens meer leert te leven naar dit maximum toe, dan leert hij als vanzelf ook die grenzen van mogelijk en onmogelijk te verschuiven. Hij zal dan buiten zich misschien nog wel mogelijkheden herkennen, maar in zich niet. Hij zal voor zich onzekerheden vinden en twijfelachtigheden, maar geen onmogelijkheden, tenzij hij eerst bewezen heeft dat iets op dit moment onmogelijk is en dat betekent zelfs dan nog niet dat het blijvend onmogelijk zal zijn. Op die manier bereid je je voor op het geestelijk leven waarin juist dit hanteren van krachten van zo groot belang is. Het is dus tot na de dood belangrijk, maar het geeft je gelijktijdig in je stoffelijke bestaan als mens, de mogelijkheid meer te zijn, meer te presteren, meer te begrijpen, meer te overzien. Training, zegt men vaak. Natuurlijk, training kan belangrijk zijn. Maar wanneer u zich nu aanwent om overal waar u denkt: “hier zou ik iemand kunnen helpen, maar ik weet niet goed hoe”, alleen uw kracht daarop te richten, dan zou u daardoor onbewust reeds, leren kracht uitstralen. U zult niet onmiddellijk effect hebben, dat kan een tijd duren voordat u ontdekt: “hé, het werkt!” Maar alleen deze gewoonte, dit je concentreren op iets wat je belangrijk vindt, helpt je je bewustzijn te beheersen, het helpt je je krachten te reguleren en uiteindelijk ook je eigen krachten naar anderen te projecteren. Dit is hier erg belangrijk. Hierdoor kom je in een situatie te verkeren die na de dood, verschillende fasen lang, bepalend is voor je contactmogelijkheid met anderen, zeker met anderen wier bewustzijn ruimer is geworden dan het uwe. U kunt dus na de dood gemakkelijker leren, u kunt in het leven meer bereiken.

We zijn geneigd om alles af te schaffen aan materiële omstandigheden, dat is op aarde ook wel gebruikelijk en begrijpelijk, maar wanneer het vandaag regent en het heeft gisteren geregend is het dan zeker dat het morgen regent?

Voor alle andere situaties geldt hetzelfde. Oorzaak en gevolg is inderdaad een wet, maar het stelt niet dat een bepaalde oorzaak onveranderlijk slechts één bepaald gevolg met zich zal brengen. Het betekent slechts dat elke oorzaak in zichzelf een bewuste actie is, waardoor uw keuze uit een verder aantal mogelijkheden bereikbaar en noodzakelijk is geworden. Het gaat er dus helemaal niet om dat alles vaststaat. Wanneer je begrijpt: “in het heden stel ik mij in op de aanvaarding van het heden en de erkenning van de positieve waarden die daarin bestaan, al valt het soms moeilijk die daarin te vinden”, dan kun je hierdoor die positieve waarden zo sterk gaan uitstralen, dat de voor u minder positieve waarden of zelfs negatieve waarden verbleken.

Een boer heeft eens gezegd: “Wanneer de akker geploegd is dan moet die ook ingezaaid worden. Laat je die braak liggen dan kan het onkruid wortel vatten en dan zal het onkruid het graan verstikken. Maar zaai je zodra er geploegd is, dan zal het graan het onkruid verstikken.” Die wijsheid moet u dan ook maar gebruiken, dacht ik, wanneer u in uw leven begint aan nieuwe ontwikkelingen en dergelijke. Je kunt niet iets eerst voorbereiden, dan een lange tijd overdenken en dan pas doen. Op dat ogenblik heb je zoveel tussenliggende waarden als het ware wakker geroepen in jezelf, dat een volledige vervullingmogelijkheid eigenlijk al niet meer bestaat, dat een bereiking altijd armzalig en onvolledig wordt. Wanneer je een plan maakt, best. Bereid het voor en voltrek het onmiddellijk. Kun je dit niet? Erken het plan als een besef, als een idee zonder meer en ga verder zoals je geweest bent. Erken je dat iets niet meer mogelijk is, en dat bestaat ook heel vaak, realiseer je dan dat besluiten om over enige tijd een einde te maken, betekent dat dit beëindigen niet meer beheersbaar is. Wanneer je zelf meent “hier moet ik een einde aan maken”, meteen stoppen. Als u zegt “ik moet toch eens beginnen om niet meer te roken”, ik geef maar een voorbeeld, dan moet je niet zeggen “ik begin er morgen aan”. Daar komt niets van. Maar als u vandaag begint is er een kans dat u het enige tijd volhoudt en dan kunt u elke keer opnieuw weer beginnen totdat u eindelijk slaagt. Ik dacht dat dit allemaal ook erg begrijpelijk zou zijn en u gelijktijdig duidelijk maakt dat, wanneer we te maken hebben met de dood, de wijze waarop we ons juist daarop voorbereiden, de kunst van het sterven zelf, dat we te maken hebben met iets dat een normale voortzetting is van onze psychische ontwikkeling op aarde. En een psychische ontwikkeling wordt medebepaald door de wijze waarop wij leven en reageren, de wijze waarop we gebruik maken van onze mogelijkheden, de wijze waarop we ons uiten op een voor ons zo juist mogelijke wijze. Nu klinkt het laatste erg egoïstische maar wanneer je beseft dat je een ander leed toevoegt, dan ervaar je iets niet als goed, er is een strijdigheid in jezelf. Maar strijdigheden in jezelf bestaan, laat het denkbeeld rusten en ga verder op de oude wijze. Op die manier kom je heus verder. Leven en dood zijn in feite één geheel. Op het ogenblik dat u geboren wordt sterft u in de geest en u begint op aarde te leven en gelijktijdig u voort te spoeden naar het sterven, naar de dood. Je kunt niet zeggen je wordt geboren en nu heb ik zo gejuicht, je begint een wedloop naar de dood.

Dit betekent dat, zoals de geest een voorbereiding kan zijn voor de incarnatie, het leven op aarde in feite een voorbereiding is op het bestaan in de geest. Maar zo goed als je in de geest geen stoffelijke waarden kunt hanteren om de incarnatie voor te bereiden, zo goed kun je geen zuiver geestelijke waarden hanteren zonder stoffelijke achtergrond wanneer je in de materie leeft, dat is een eenheid. De eenheid continueren is belangrijk.

En dan heb ik nog slechts één punt en dat is belangrijk misschien voor sommigen onder u, ik weet dat niet. Wanneer u op aarde leeft, dan bent u, hoe dan ook, deel van een gemeenschap, een communauteit. In een gemeenschap, zolang je er door je eigen ervaring toe behoort, zul je de waarden van die gemeenschap moeten aanvaarden. Gelijktijdig leven in een gemeenschap en haar waarden niet aanvaarden, betekent disharmonie voor jezelf, verwarring in je leven en mislukking op velerlei terrein. Zelfdiscipline is dus noodzakelijk. Een zekere regel of regelmaat moet in elke gemeenschap bestaan, maar ze dient te bestaan op grond van een vrijwillige erkenning daarvan. Op het ogenblik dat orde en discipline worden afgedwongen verliezen ze van hun betekenis. Wanneer ze echter geboren worden uit samenwerking, wederkerig begrip en gezamenlijk doel misschien, zo zijn ze de meest positieve waarden die er bestaan. Een mens kan niet alleen alles doen. Als één van u alleen zou moeten leven, d.w.z. huisvesting verzorgen, zijn eigen vervoer, zijn eigen levensmiddelen verbouwen en bereiden, enz.enz. dan zou hij eenvoudig niet meer verder kunnen komen, nietwaar?

Dat wil niet zeggen dat de menselijke gemeenschap een optimale gemeenschapsvorm is geworden tot nu toe, maar ik wil er wel op wijzen dat wat de mens aan mogelijkheden vindt binnen die gemeenschap, te danken is aan het feit dat hij behoort tot die gemeenschap. Als zodanig is die discipline dus werkelijk noodzakelijk, een mate van zelfbeheersing, besef van eigen verbondenheden die verplichtingen meebrengen en rechten met zich brengen. Wanneer je in een begrip daarvoor leeft dan bouw je wederom psychisch allerhande evenwichtigheden op, erkenningen en situaties welke weer op zich vormend zijn in de richting van een geestelijke harmonie.

Nu zult u waarschijnlijk menen dat ik beter over iets anders gesproken had. Misschien hebt u gelijk vanuit uw standpunt. Maar in een tijd waarin het sterven in de wereld met schokgolven en in groten getale plaats gaat vinden en dat is de laatste tijd het geval, lijkt het mij dienstig om daarbij te kunnen wijzen op de kunst van het sterven als even belangrijk als de kunst van leven. Pas wanneer je die evenwichtigheid bereikt, dan immers ben je werkelijk iemand die door alle fasen en gebeurtenissen heen zichzelf kan blijven en voortdurend contact kan behouden met alle wereld, zelfs de werelden van de hoge geest.

  • Broeder, heeft u reeds mensen die op het punt staan over te gaan, bijgestaan?

Ja, dat heb ik meerdere malen gedaan, dat behoort voor de meesten van ons die contact opnemen met uw wereld op welke manier dan ook tot een van de taken die we vrijwillig aanvaarden. We zien het als een soort noodzaak, u kunt ook zeggen roeping of onvermijdelijkheid, omdat onze verbondenheid met uw wereld, die ons toch brengt tot het geven van die commentaren, gelijktijdig betekent dat we eenieder die uw wereld verlaat, willen begeleiden opdat hij zonder grote moeilijkheden op onze wereld vrede, rust en evenwicht vindt en misschien later, en dat hopen we dan vaak, ons in onze pogingen om de mensheid te helpen zal bijstaan. U zult begrijpen dat helpen met woorden niet zo goed mogelijk is. Daarom is hetgeen wij hier doen een voorlichtende taak, veel meer is het niet, terwijl de werkelijke bijstand op vele andere wijzen en meestal op zeer persoonlijk vlak gegeven wordt. Wel in overeenstemming met de werkelijke geestelijke behoeften en noodzaken van degenen die leven, en natuurlijk ook in wezen met de noodzaak, angsten en begeerten van degenen die sterven. U zult, wanneer u eenmaal in onze wereld komt, zien dat niemand je behoeft te zeggen dat je dit moet doen. Het is iets waartoe je je getrokken voelt en dat voor jou tezelfdertijd een bevestiging van de kosmische eenheid in zich houdt en innerlijk doet ervaren op het ogenblik dat je het doet. Het is dus zeker niet iets dat je alleen maar doet uit louter goedheid, maar je doet het eigenlijk gedreven door de hogere belevingen die zo in jezelf ontstaan.

  • Zijn er geen problemen als er een groot aantal mensen tezelfdertijd overgaat?

Nou, dat valt nogal mee, we hebben een tamelijk grote personeelsbezetting. De problemen liggen eerder in het feit dat de groepen elkaar herkennen, dus na de overgang als een gesloten gemeenschap gaan reageren. De moeilijkheid ligt er dus niet in om hen te helpen, o.m. maar in het feit dat ze in die gemeenschap menen een eigen realiteit te bezitten, terug te kunnen keren naar de aarde en dus hun eigen toestand van dood zijn, niet zo gemakkelijk kunnen herkennen. Dat is één van de dingen die tegenwoordig in Perzië door ons ervaart worden. Daar hebben we nogal wat groepen die dus een langere begeleiding nodig hebben voordat ze hun werkelijke toestand accepteren, maar je doet wat je kunt als geest en daar de eeuwigheid, of moet ik zeggen het tijdloze, voor ons alle mogelijkheden altijd blijft bevatten, komt er altijd voor het ego, ook in dergelijke gevallen, het moment dat de werkelijkheid wordt aanvaard en dat de geestelijke gang wordt aangedreven. Dus is het wel werk, dat geef ik toe.

  • Is de kunst van het sterven dan zo belangrijk?

Het is voor u belangrijk omdat het u veel ellende kan besparen. Het is voor ons belangrijk omdat het ons veel gemakkelijker met u in contact brengt en daardoor het vervullen van onze taak, die wij toch onszelf opleggen, eenvoudiger maakt en veel sneller resultaten geeft. Bewustwording is voor ons iets wat noodzakelijk is, we zien geen andere manier van bestaan zonder lichaam en eenieder die aan die bewustwording deel gaat nemen is voor ons een belangrijke factor.

Wanneer u overgaat, dan weet u meer omtrent de wereld en mogelijkheden van uw wereld dan velen van diegene die u geholpen hebben. U kunt hen dus helpen in de geest om een juistere benadering te vinden ten aanzien van bepaalde typen die overgaan. Want vergeet niet dat de eigen persoonlijkheid ook in de geest nog enkele tijd, anders dan bij u maar toch zeer apart, blijft bestaan. Dat je daarmee ook bepaalde neigingen hebt ten aanzien van de materie en beoordelingen ten aanzien van de materiële omstandigheden die voortdurend moeten worden aangepast. Wanneer u de kunst van het sterven verstaat, dan zult u ons beter en sneller kunnen helpen om anderen beter en sneller te helpen en daardoor voor steeds meer personen eigenlijk de mogelijkheid ook schept om te leven in een wereld van licht, een wereld van voldoening, zou ik willen zeggen. Vreugde is niet genoeg, het is een zatheid van geluk, het is een voldaanheid, een verzadiging van licht die dan toch weer geuit wordt op je eigen begripsniveau. Wanneer je gelukkig bent, zie je graag dat een ander gelukkig wordt en wanneer je ontdekt dat een ander gelukkiger kan worden wanneer u zich aan bepaalde regels houdt, dan ben je geneigd hem die voor te houden maar natuurlijk moet u het zelf uitmaken of dit voor u geldt en belangrijk is, want u hebt uw eigen bewustwording, uw eigen leven, uw eigen proces van realisatie, daar mogen wij niet intreden. Maar we mogen het u ongetwijfeld voorhouden en zeggen dat het, vanuit ons standpunt althans, zeer belangrijk is. Wat ik daarmee dan ook gedaan heb.

  • Gelden dezelfde wetten voor degenen die bewust uittreden?

Wanneer ge bewust uittreedt, dan gelden bepaalde regels voor u en wel de volgende:

  1. U hebt een besef waarbij u geneigd bent alles tot vorm of stofwaarden te herleiden. Als zodanig zult u het geheel van uw waarden formuleren in stoffelijke termen en bepaalde geestelijke aspecten daarvan vaak niet kunnen omschrijven, zelfs wanneer u ze aanvaardt.
  2. In de tweede plaats, uw eigen angsten en begeerten zijn en blijven bij elke uittreding aanwezig. Ze zijn een illusiewereld die met u meereist en wanneer u zich daar op welke wijze dan ook, tijdelijk daaraan onderdanig maakt, wordt u een werkelijke verdere uittreding onmogelijk gemaakt, terwijl uw angsten bovendien grote spanningen op kunnen wekken die niet alleen geestelijk zijn maar die een stoffelijke weerspiegeling vinden via een soort autosuggestief proces.
  • Hoe is de overgang van een terechtgestelde?

Dat ligt aan de terechtgestelde. Wanneer je overgaat met het besef, nu ja, hiermee wordt de rekening dan eindelijk in orde gemaakt, een mate van aanvaarding dus, dan gaat het wel gemakkelijk. Dan kan die ook gemakkelijker aan de andere kant opgevangen worden en als hij niet al te veel eigen angsten en haatideeën met zich draagt, dan kan hij zonder meer normaal verder gaan naar die werelden van rust en licht waar ik over heb gesproken.

Wanneer in de veroordeelde een enorme angst voor het gebeuren bestaat, dan zal hij weigeren om het gebeuren zelf als zodanig te erkennen. Dit betekent dat hij het ogenblik van terechtstelling voor zijn eigen beleven continueert en dat kan dan zelfs jaren lang duren.

U moet dan niet denken dat het een pijnfactor is die eeuwig duurt, zo is het niet. Het is een angsttoestand die eeuwig duurt, of schijnt te duren. Ook dit kan op de duur verbroken worden. Wanneer iemand echter met een grote haat tegen bijvoorbeeld zijn rechters of de beulen terechtgesteld wordt, dan ligt de zaak enigszins anders. Zo iemand zal zich in die haat blijven concentreren op deze persoonlijkheden en daardoor bijna onvermijdelijk voor enige tijd -misschien zeer lange tijd- een aardgebonden geest worden, die zich in feite als een soort demon gedraagt ten aanzien van diegenen waarop hij zijn haat geconcentreerd heeft, en allen die daarmee op welke wijze dan ook in verband staan. Dit zijn de moeilijkste gevallen, want deze kun je niet bereiken.

Ze kunnen zichzelf alleen bevrijden door hun haat terzijde te stellen maar ze voelen die haat meestal als een rechtvaardiging van hun bestaan zoals ze doen en dat betekent dan dat ze een lange tijd in, volgens ons, duistere werelden, althans toestanden die minder prettig zijn, blijven leven. Maar het is de toestand van de veroordeelde op het ogenblik kort voor en tijdens de overgang, welke in feite bepalend is voor de situatie die onmiddellijk daarna ontstaat.

Slotbeschouwing

Ik heb oprecht en eerlijk getracht een zo duidelijk en juist mogelijke voorlichting te geven ten aanzien van één van de belangrijkste momenten van uw leven, de dood. Ik hoop niet dat u dit als pessimistisch ziet. Het is als het ware een pensioengarantie: wanneer u dit leven verlaat dan is er voldoende over om voor te leven. Wanneer u meent dat dit allemaal niet geheel juist kan zijn, denk er eens over na, u hoeft het niet als juist te aanvaarden. Hou desnoods uw eigen denkbeelden vast, maar het is prettig wanneer u zich iets hiervan kunt herinneren. Wanneer de betreffende situaties dan ontstaan, zult u ze mogelijk herkennen en daardoor toch gemakkelijker overgaan.

En wat u allen betreft, ik hoop voor u dat dit slechts behoeft te doen op dat ogenblik dat u het werkelijk volledig begeert en lichamelijk als onvermijdelijk ervaart, en dat u dus nog lange jaren worden gegeven waarin u harmonie, innerlijk evenwicht, leert vergaren, uw eigen krachten beter leert uiten en ongetwijfeld ook gelukkiger leert zijn.