De mens en de geest

uit de cursus ‘ Relatie mens en de geest ‘ ( hoofdstuk 1 ) – oktober 1972

Inleiding

Als we mens en geest bezien, dan hebben we waarden, die eigenlijk practisch identiek zijn en gelijktijdig vanuit menselijk standpunt beschouwd zeer verschillend. Wij moeten proberen in deze cursus duidelijk te maken wat de mens is, wat de geest van die mens is, wat de geest is (wat je bent zonder lichaam) en dan hoe je elkaar kunt ontmoeten.
Er zijn voor een mens heel veel middelen om met de geest in contact te komen, maar de meeste mensen hebben niet voldoende feeling en niet voldoende opleiding om daarvan gebruik te maken. Ook daaraan zullen we aandacht moeten besteden. Want het zal u duidelijk zijn dat heel veel mensen wel geïnspireerd worden, maar dat het toch, wel heel erg gemakkelijk is als u weet hoe die inspiratie ontstaat, zodat u daarvan gebruik kunt maken. Zo is het misschien wel prettig te weten, of dat tikkertje in de muur nu toevallig een houtworm is, een muis of misschien dan toch een geest en hoe je het eventueel kunt controleren.
Wij zullen in deze cursus zeker niet alleen op de theorie ingaan. Wij zullen ook proberen vooral de meer practische aspecten van contact met de geest, het verkrijgen van krachten uit de geest en wat dies meer zij aan de beurt te laten komen. Maar we moeten allereerst de mens en de geest gewoon bezien in de relatie, waarin ze in uw wereld kunnen optreden.

De relatie van mens en geest in de wereld

Een mens is een stoffelijk wezen, waarin een geest aanwezig is. Daar het totaal van de indrukken, die met grote kracht op het ego aanstormen van materiële aard is, is het voor de mens vaak heel moeilijk om zich dit geestelijk deel van zijn wezen te realiseren. Het is ook deze zelfde overstelping met sterke smaken van zintuiglijke aard (een voorstellingsleven bovendien dat op die zintuiglijke impressies is gebaseerd), waardoor het hem zeer moeilijk zal vallen om iets van het beleven van zijn eigen geest te beseffen. En deze zelfde moeilijkheid maakt ook een contact met de geesten van anderen op zijn minst genomen zwaar.
Als wij gaan kijken welk ontmoetingsgebied we hebben, dan blijkt dat de mens een astraal voertuig heeft. Het blijkt dat de geest practisch vanuit alle sferen zich kan manifesteren in de astrale wereld, zodat de eenvoudigste contacten eigenlijk op astraal gebied tot stand zouden moeten komen. Er zijn echter een paar bezwaren tegen.
In de eerste plaats zal de mens zich van het astraal gebied weinig herinneren. Alleen iemand, die voldoende getraind is, weet op welk ogenblik hij astraal waarneemt of astraal ontvangt.
In de tweede plaats: De astrale wereld is vol vormen, die door de gedachten kunnen worden gemanipuleerd. Het is dus heel erg moeilijk duidelijk te maken met wie men eigenlijk in contact treedt. Daarom is dus over het algemeen de contactsfeer iets verlegd en werken wij op wat men wel eens mentaal gebied noemt.
De mens denkt. Zijn denken voltrekt zich in de hersenen. Daar vinden wij een groot aantal centra, waarin alle herinneringen van impulsen (visuele, auditieve etc.) zijn opgeslagen. Indien men die impulsen kan stimuleren, dan ontstaan er illusies. Dat de mens dit inderdaad kan doen is wel gebleken.
Men heeft gebruik gemaakt van o.m. het stimuleren van dergelijke centra middels electroden. Bij operaties heeft men eveneens hetzelfde gekregen. Men ziet b.v. herinneringsbeelden vóór de werkelijkheid schuiven en soms lopen ze dooreen. Ook als de geest contact heeft met iemand, die volkomen compos mentis is, zien we een dergelijk effect. De mens ziet de geest wel en gelijktijdig ziet hij die geest eigenlijk niet, want hij heeft twee verschillende voorstellingen voor zich, waarvan hij één als werkelijk erkent en de tweede voor hem eigenlijk niet gemakkelijk aanvaardbaar is. Het is als iets wat doorzichtig is. Concentreer je je erop, dan doe je dat meestal aan de hand van brandpunten in de reële werkelijkheid; het beeld verdwijnt dan etc. moeilijkheden dus wat contact betreft op dit terrein.
Maar men zou iemand kunnen hebben wiens mentaal vermogen (denkvermogen) practisch is uitgeschakeld, op welke manier dan ook. In een dergelijk geval is er geen eigen voorstelling, die sterk domineert en is er ook geen overweldigende reeks indrukken, waardoor het lichaam wordt gestimuleerd. Het is dan mogelijk om die centra op de juiste manier te bedienen. In dat geval kunnen we als een organist verschillende cellen aantippen, stimuleren, en krijgen dan een bepaald gedrag. Het lichaam gaat reageren, alsof de hersenen door het eigen ego zonder meer worden bestuurd. Dit kan in vele verschillende trappen optreden. Wij noemen dat mediumschap. In de praktijk komt het erop neer, dat je een z.g. trance hebt.
Trance is een verhoging van de bewustzijnsdrempel t.a.v. de omgeving. In deze toestand kan dan bij een absoluut wegvallen van het eigen ego een volledige persoonlijkheidsuiting worden bereikt door de entiteit, die het orgel bespeelt.
Is er sprake van een lichte trance, dan kunnen we niet alle gegevens volledig toedienen, maar moeten we ons beperken tot hoofdzaken. Dan krijgen we b.v. zeer weinig verandering van uitdrukking. Wij kunnen wel de woordkeus bepalen.
Bij een nog lichtere trance toestand is het vaak zelfs niet mogelijk dit te doen. We kunnen alleen bepaalde in het ego bestaande associaties aan elkaar rijen en krijgen dan een beschrijving, die werkelijk helemaal voortkomt uit het medium maar die door de samenvoeging van de elementen toch iets inhoudt wat de geest wil zeggen.
Nu hebben we gesproken over het wegvallen van het ego in verschillende mate. Maar er is ook nog een andere mogelijkheid, en dat is namelijk dat een mens zeer sterk geconcentreerd is. De meeste mensen beseffen dat niet, maar als je heel sterk geconcentreerd bent, dan ben je doof en blind geworden voor alle andere dingen. Met andere woorden: met uitzondering van het punt van de eigen belangstelling is inderdaad ook een verhoging van de bewustzijnsdrempel bereikt. U moet maar eens zien hoe het is, als u een heel spannend boek zit te lezen. Dan merkt u soms niet eens wat er in de omgeving gebeurt, totdat u ineens opschrikt, omdat er teveel is gebeurd.
Datzelfde effect krijgen we ook, als iemand gewoon begint te praten. Als hij zich concentreert op wat hij moet zeggen en helemaal opgaat in zijn onderwerp, dan kunnen wij weer wat bijvoegen. Wij kunnen dus aan de gegevens iets toevoegen door stimuli. In enkele gevallen kunnen we zelfs overnemen, waardoor we dus de zinsbouw van een medium langzaam maar zeker door die van de onze vervangen. En dan krijgen we een inspiratieve redevoering, die kwalitatief van een trance redevoering practisch niet verschilt.
Dit klinkt allemaal heel aardig. De geest kan dus wel wat op aarde. Aan de andere kant moeten we één ding wel goed beseffen: Elke mens heeft een geest. Wat ik u hier beschrijf als mogelijk vanuit de geest ten aanzien van de mens, is voor een ieder, die zijn eigen geestelijke kwaliteiten en capaciteiten volledig beheerst en kan uittreden, evenzeer mogelijk. Het is dus niet zo, dat je zegt: Die verschijnselen zijn er, en dus is dat a priori een geest van de andere kant. Neen, hier is wel degelijk de mogelijkheid dat een mens dit elders doet en soms gebeurt dat.
Er zijn namelijk mensen, die tot de conclusie zijn gekomen: ik ben ook geest en ik heb bepaalde gaven, bepaalde kwaliteiten (ze leven daar meestal helemaal naar). Als zij die wijsheden voldoende in zich hebben opgenomen, voldoende nieuwe gebieden hebben ontdekt, dan spreken wij hen meestal aan als Meesters, Adepten, Goeroes en dergelijke. Zo iemand kan zich terugtrekken uit de wereld waar hij lichamelijk aanwezig is en zijn geest projecteren over een grote afstand. Hij kan zich dan middels een medium manifesteren. Hij kan rustig boodschappen doorgeven precies zoals de geest dit doet.
Nu denkt u waarschijnlijk: nu hebben we het wel gehad, dat is het voornaamste. Maar neen, er zijn nog meer mogelijkheden.
De astrale wereld bestaat uit fijne materie. Deze fijne materie kan dermate worden verdicht dat er een voertuig ontstaat dat voor mensen zichtbaar en kenbaar is als een gewoon lichaam. Ook ingewijden (adepten) kunnen hiervan gebruik maken. Maar er is een enorme hoeveelheid energie en concentratie voor nodig om een dergelijk lichaam te vervaardigen. Vandaar dat de geest dit zelden doet; en als ze dit doet, dan heeft zij werkelijk wel behoefte aan iemand, die levenskracht kan afstaan. Met andere woorden: indien de geest tot soortgelijke manifestaties overgaat, is dat mede dank zij de levensenergieën en voor een deel plasma (ectoplasma) ontleend aan een medium, dus aan personen. Zonder dit bestaat de mogelijkheid wel, maar is de inspanning dermate groot dat slechts in zeer uitzonderlijke gevallen een dergelijke voor de geest zeer zware en langdurige inspanning gerechtvaardigd wordt geacht.
In welke vormen beleeft de mens dit?
De mens ziet. De mens hoort. De mens spreekt inspiratief. De mens voelt. (heldervoelendheid bestaat namelijk ook.) Hij ruikt. Ook de reukzenuw kan gestimuleerd worden. En dat alles bij elkaar zou dan een manifestatie van de geest kunnen zijn. Zou, kunnen zijn, want de mens wéét niet precies wat er aan de hand is.
Nu moeten we ons realiseren dat voor de mens die dingen niet werkelijk zijn. Ook indien u het zelf ondergaat (en dan bent u waarschijnlijk wel geneigd te zeggen: dit is realiteit), is het niet reëel, het behoort niet tot uw eigen wereld. Het heeft geen relatie met factoren, die in uw eigen wereld aanwezig zijn. Daarom mogen wij in dit opzicht spreken over visuele, auditieve, of actorische hallucinaties. Deze hallucinaties echter kunnen vaak gegevens bevatten, die contro-leerbaar zijn. Ik geloof, dat de mens in zijn contact met de geest in de eerste plaats moet uitgaan van een mate van controleerbaarheid. Je kunt niet alles controleren. Maar dat kunt u ook niet, als u de krant leest, als u naar de televisie kijkt of als u iets anders doet.
Het moet echter aannemelijk zijn.
Een aantal punten daarin moet controleerbaar zijn.
Het geheel moet voor u zinrijk zijn.
Deze drie punten raad ik u aan steeds toe te passen bij elke beoordeling van datgene wat uit de geest komt, onverschillig of het via een medium komt of op een andere manier.
Dan zult u rekening ermee moeten houden, dat een hallucinatie iets impliceert wat in uzelf aanwezig is.
Een geest, die zich b.v. via een visuele hallucinatie (z.g. helderziendheid) wil vertonen, kan dit gewoonlijk alleen maar doen door gebruik te maken van een aantal herinneringen, die bij u bestaan. En aangezien u heel wat meer herinneringen heeft aan mensen; aan kleding en wat dies meer dan u zich kunt voorstellen en u een veel grotere scala van ervaring bezit dan bewust kan worden gebruikt, kan die entiteit dan meestal wel een vorm uitbeelden, die zeer sterk overeenstemt met het vroegere ego. Een volledige overeenstemming wordt echter maar zelden bereikt. Op mentaal vlak dus geen absoluut detail-echte helderziendheid.
Auditieve hallucinaties houden in dat u stemmen of geluiden hoort. Deze stemmen of geluiden zijn voor u volkomen reëel. Het is dus niet iemand fluistert wat in de verte (dat kan wel een ruis in een bloedvat zijn of u heeft misschien een verstopte buis van Eustachius), het zijn reële stemmen. Een dergelijke stem wordt ongebouwd uit herinneringen, die in u bestaan. De gekozen woorden zijn in overeenstemming met de in u aanwezige associaties.
U zult begrijpen, dat het voor heel veel mensen niet zo leuk is, als je dat zo zegt. Zij horen voortdurend de stem van de een of andere hoogwaardigheidsbekleder: een paus, een heilige, een groot schrijver. De een heeft te maken met b.v. Victor Hugo, de ander misschien met Jezus zelf of met de Boeddha, het is allemaal voor een groot gedeelte iets wat uit uzelf voortkomt. De persoonsbetekenis bij dergelijke visuele en auditieve hallucinaties mag niet worden gezien als bepalend voor het reële contact. De boodschap op zichzelf kan belangrijk zijn. Wij kunnen aannemen, dat een bepaalde entiteit of persoon deze boodschap overbrengt, maar we kunnen het niet met zekerheid constateren.
Nu vindt u waarschijnlijk, dat het wel een beetje vreemd, begint te worden. De geest gaat spreken over de mens en de geest en het eerste dat hij zegt is: Mens, je kunt niets controleren. Toch is het, geloof ik, goed om dat te zeggen. Want alles wat in de nu beschreven projecties wordt aangeduid, is iets wat uit uzelf voortkomt. U kunt het dus zelf ook voortbrengen. U kunt het u inbeelden, zoals het heet. En juist daarom is het erg belangrijk, dat u kritisch blijft. Als een geest zich op die wijze, aan u openbaart, dan is die geest heus wel bereid om ook duidelijk te,maken dat zij werkelijk aan het woord is. Dan kunnen desnoods ook persoonlijkheidsbewijzen etc. worden gegeven. Maar als u daar niet naar vraagt en u aanvaardt alles zonder meer, dan is de kans op bedrog en zelfbedrog dermate groot, dat u in wezen onverantwoordelijk handelt. Ja, zegt nu iemand bij zichzelf, maar er zijn toch helderziende waarnemingen, die van elders komen. Er zijn waarnemingen op astraal niveau denkbaar. Want er zijn ook mensen die een aura kunnen zien, de uitstraling van een medemens.
Als u een zodanig gevoelig waarnemingsvermogen bezit, dan kunt u vormen zien, die in een astrale wereld bestaan, inderdaad. De geest kan zich dus voor u astraal manifesteren. Maar weet u zeker dat de entiteit, die achter de vorm schuilgaat, degene is die zij voorgeeft te zijn? Dat kunt u wederom alleen te weten komen aan de hand van de betekenis van hetgeen reëel wordt overgebracht.
Misschien vindt u het niet erg prettig om zo te beginnen. Vergeet u echter één ding niet: Wanneer wij aan het einde van deze reeks lezingen zijn, dan hopen wij het zover gebracht te hebben dat u, indien u contact opneemt met de geest of indien uw eigen geest door uittreding misschien elders contacten legt, daarvan enig besef heeft, dat u weet waar u aan toe bent.
Het eerste dat je altijd weer leert is: denk erom, dit deugt niet, dit is niet zeker. Ware kennis wordt niet opgebouwd op geloof, maar op onzekerheden. En ware kennis streven wij althans naar ik hoop na. U kunt dus inderdaad die astrale vormen zien.
Astrale vormen kunnen zich echter zeer zelden mede door geluid kenbaar maken. Indien dit geschiedt, is er sprake van een z.g. directe stem. Dat wil zeggen, dat dit inderdaad luchttrillingen zijn en dat deze trillingen ook voor anderen waarneembaar zijn. Dit helpt ons weer een beetje. Want als u als mens helderziend waarneemt en u hoort dan zo’n figuur spreken, dan is die voor u reëel. Het is wel een hallucinatie, maar voor u is hij op dat ogenblik reëel. Nu weet u dus ook: als anderen die stem niet horen, dan komt het vanuit mijzelf voort, dan ben ik er zelf bij betrokken en moet ik heel erg voorzichtig zijn met de boodschap, want er kan wel iets van mijzelf bij zijn.
Nu hebben wij de zaak wel voldoende van waarschuwingsborden voorzien en kunnen wij een eerste aarzelende stap wagen in de richting van het contact mens- geest.
Als mens kunt u zich concentreren. Welke vorm uw concentratie aanneemt is daarbij van minder belang. Belangrijk is, dat u uw bewustzijn zo op één punt weet te richten of u voortdurend met één denkbeeld weet bezig te houden, dat u daardoor ontvankelijker wordt voor datgene wat er rond u is. Boodschappen die u verwacht komen niet of als ze komen zijn ze onjuist. Maar in de concentratie blijken vooral in het begin inspiratieve momenten steeds meer voor te komen. U zult dan zelf beseffen: dit is eigenlijk niet van mij; ik. wist niet dat ik het in mij had. (Het lijkt een uitspraak van Ollie Bommel), maar een mens die de eerste keren die inspiratie krijgt, heeft precies datzelfde gevoel. Dit is een aanwijzing, dat er iets aan de hand is. Dit is een aanwijzing, dat u door concentratie inderdaad een vergroting van gevoeligheid krijgt. Soms ontdekt u dat in de concentratie plotseling geheel afwijkende voorstellingen ontstaan. Laten wij een voorbeeld nemen.
U kijkt naar een wedstrijd van b.v. Ajax – Feijenoord en ineens, zonder dat u weet hoe, heeft u het idee van brand, of daar komt iemand, of: daar gaat iets gebeuren. Zo van die gevoelens dat je ineens losbreekt uit de concentratie. U heeft dan een impuls ontvangen. Dat u die impuls juist interpreteert is vooral in het begin niet erg waarschijnlijk. Dus: als u zegt “brand”, dan moet u niet denken: nu gaat mijn huis in vlammen op. Er zal wel ergens op de wereld iets branden. Maar er is iets anders: vuur zal voor u op de een of andere manier belangrijk zijn of gevaarlijk; beide mogelijkheden bestaan. Zeg tegen uzelf dan niet: Nu moet ik gaan kijken of alles in orde is, maar wees alleen wat voorzichtiger met vuur en ga gewoon verder.
Maar als een dergelijke impuls zich vele malen heeft herhaald,: dan heeft dit een betekenis en is die betekenis altijd een positieve.
Bij vele malen zich herhalende interrupties in concentraties van gelijke of ongeveer gelijke aard is er sprake van een voor u belangrijk beeld, waaruit u lering kunt putten, waarmee u iets kunt doen. Dan zult u zeggen: wat? Dat vuur b.v. kan een waarschuwing zijn, waardoor u anderen kunt helpen een ramp te voorkomen. Dit is heel goed denkbaar. Het is evengoed mogelijk, dat u op een bepaald ogenblik door iets met vuur te doen wat bereikt. En het is ook mogelijk, dat u het begrip “vuur” als Pinkstervuur kunt vertalen (het kan dus symbolisch zijn) en op een gegeven ogenblik een gevoel van bezieling krijgt. In dat geval is de droom een aanwijzing, dat die bezieling op dit ogenblik juist is voor u, dat ze gevolgd moet worden en aanleiding geeft tot verdere bewustwording.
Dromen spelen ook vaak een rol. De meeste mensen weten niet hoe belangrijk het droomleven kan zijn in het contact tussen mens en geest. Dat geldt zowel voor de individuele geest als voor groepen entiteiten, die zich op de een of andere manier willen uiten. Zelfs de overdracht van krachten kan vaak in de slaap en mede dank zij het droomleven geschieden. Maar u weet immers niet wat u droomt! Een enkele keer heeft u er een herinnering aan. Elke herinnering bevat elementen, die u bijblijven, als ze inderdaad een geestelijk contact betekenen. En dan heb je weer allerlei mogelijkheden.
Laten we zeggen: u droomt van een onbestuurbaar voertuig . Het antwoord is: Let op, u beheerst uzelf niet. Zelfbeheersing is noodzakelijk, want dan heeft u grotere mogelijkheden.
Een ander voorbeeld: Een vulkaan barst uit. Verklaring: in mij zijn krachten verborgen. Maar die krachten kunnen ongebreideld naar buiten komen. Ik moet trachten de in mij bestaande krachten op een geconcentreerde wijze te openbaren.
Het regent ontzettend en ik voel mij er blij in. De betekenis is zeer waarschijnlijk: er komen voor u nieuwe invloeden en denkbeelden. Deze zullen u verfrissen, ze zullen u de kans geven om a.h.w. verjongd, beter verder te gaan, geestelijk en vaak zelfs lichamelijk.
Een ander droomt misschien van een aardbeving. Een aardbeving behoeft helemaal niet altijd te betekenen dat je huis tegen de vlakte gaat. Het kan net zo goed betekenen, dat er een omwenteling op komst is of en dat is heel vaak het geval dat in je leven bepaalde veranderingen onvermijdelijk worden. Je gaat bepaalde dingen verliezen en je zult nieuwe zaken moeten opbouwen. Dergelijke communicaties vinden soms ook hun oorsprong in het onderbewustzijn. Maar in heel veel gevallen is de geest erbij betrokken.
Hoe kunt u nu weten of de geest een rol erin speelt? Dat is voor u belangrijk. Wel, de geest zal nimmer volstaan met één uiting. Dus één enkele droom, die u, zich herinnert, kan uit uw onderbewustzijn of eigen besef voortkomen, misschien zelfs het resultaat zijn van een uittreding, maar ze heeft niets te maken met beïnvloeding uit de geest om u daarmee een bepaalde boodschap te brengen. Die dromen herhalen zich meestal op korte termijn enkele malen.
De droom kan in context variëren; dus de samenstelling verandert wel, maar het overheersende beeld zal dan altijd gelijk blijven: het voertuig, de regen, de uitbarsting etc.
Indien u niet weet wat de droom betekent, dan denkt u aan de droom. U doet dat vooral als u gaat rusten of u gaat concentreren. U denkt er gewoon nog eens even aan en zegt: ik weet helemaal niet wat het betekent. Indien de geest reëel contact met u heeft of zoekt, dan krijgt u de aanvulling. Dan krijgt u dus een nadere stipulatie. Ook dat is eenvoudig.
Dan is er nog een laatste punt in deze eerste bespreking. Ik heb hier erg veel verteld over de mens. Hoe doet de geest dit? De geest kan orgel spelen op menselijke hersenen, dat heb ik al verteld. En als het een kwajongen is, dan wordt het een jazz concert en ontstaan er gekke dingen.
De geest zal de wereld benaderen op grond van voor die geest harmonische factoren. Een dronkaard in de geest wordt nog steeds aangetrokken door de geur van whisky, vooral als die in de adem van een medemens tevoorschijn komt. Een geest, die een bepaalde bestreving heeft en een soortgenoot erkent die in de stof leeft, voelt zich daarmee verbonden, verwant. En als er dan een probleem is dat voor beiden binnen deze harmonie belangrijk is, dan komt er een poging uit de geest om zijn eigen mogelijkheden, visie of kracht over te dragen aan die mens en zo het probleem te helpen oplossen.
Denk niet, dat iedere geest altijd bereid is om met u contact op te nemen. Denk ook niet, dat contact via een medium b.v. voor elke geest mogelijk of aanvaardbaar is. Realiseer u dat het altijd een kwestie is van harmonisch zijn en dat deze harmonie op zichzelf beperkend werkt t.a.v. de mogelijkheden voor die geest evengoed als voor u. Ja, zelfs meer voor de geest.
De geest werkt uit elke sfeer. Dit houdt in dat iemand, die in het duister gebonden is onder omstandigheden evengoed middels een medium of via beelden van helderziendheid en wat u zich verder nog kunt voorstellen contact met de mens kan proberen op te nemen als iemand, die uit de hoogste sferen komt. Maar u kunt de geest altijd weer herkennen aan hetgeen hij probeert te doen. Laat hier voor uzelf altijd weer gelden: aan de vruchten kent men de boom.
Als een geest probeert u te helpen, u bewuster te maken, u vrede geeft, u misschien mogelijkheden probeert te geven om zelf verder te komen, dan is die geest voor u goed. De harmonie is positief en werkt mee aan uw ontwikkeling. Zijn er echter factoren bij waar u zelf tegenover staat met een gevoel van “dit deugt niet,” zeg dan niet: de geest heeft mij dit opgedragen. Zeg: dit is voor mij niet positief. Ik moet het contact afwijzen. Want de geest, die het oprecht met u meent, zal nimmer proberen uw leven te veranderen en u het gezag over uw eigen leven te ontnemen.
Wij in de geest werken vaak met grote inspanning, met grote intensiteit en ook met vreugde op de wereld. Maar wij kunnen dat alleen doen, omdat er ergens door denken, door handelen, door lotgevallen misschien in een verleden een band tussen ons en de mens bestaat. En het is alleen door deze band dat wij krachten aan de mens kunnen overdragen. Het is alleen krachtens een dergelijke harmonie dat wij ons vaak tezamen kunnen uiten middels media of door inspiratie. Kortom, langs al die wegen waardoor de geest kan trachten bij te dragen aan besef, vrede, geluk, vreugde, ontwikkeling op uw wereld.

Geest in tijd en ruimte

Het zal u duidelijk zijn dat een niet stoffelijk bestaan plaatsvindt onder andere condities dan materiële en dat daarbij ook het kader van ruimte en tijd, zoals dat aan de mens bekend is, niet aanwezig zal zijn of althans slechts in zeer beperkte mate zal kunnen optreden. De geest is namelijk gebonden aan de opeenvolging van ervaringen. Als één ervaring duizend jaar duurt, dan is dat als één seconde of minder. Als een geest in één minuut duizend verschillende ervaringen heeft dan is het voor hem, alsof hij duizend minuten bezig is geweest.
Hieruit zult u al blijken dat de contacten, die er tussen stof en geest bestaan niet verlopen volgens de normale regels, die u op aarde kent. Een entiteit kan in zeer korte tijd een heel onderzoek doen, indien hij over de nodige middelen beschikt. Ik kan een studie maken desnoods, en toch dit doen in een periode, die voor u als een hiaat tussen twee woorden is. Nu zal men in de geest zelden een dergelijk vergaand project aanvaarden; neem ik aan. Maar de mogelijkheid daartoe is er.
Iets dergelijks bestaat ook t.a.v. ruimte. Ruimte is voor u een afmeting, een lijfelijke afmeting a.h.w. waar doorheen u zich kunt bewegen. En dat is ook begrijpelijk, want alles heeft zijn dimensies. U bevindt zich op een bepaald punt tussen deze dimensionale verhoudingen en kunt u dan in elke richting van de u bekende dimensies bewegen.
De geest leeft in een wereld, die is opgebouwd uit denkbeelden. Denkbeelden kennen geen afstand. Je kunt zonder moeite denken aan: Den Haag en prompt daar achteraan b.v., aan New York. Er is daartussen geen ruimtelijk hiaat te ontdekken. Maar als de geest denkt: “Den Haag”, dan is die geest wat zijn besef betreft in Den Haag. Als die geest denkt: “New York”, dan is die geest wat zijn besef en mogelijkheden betreffen in New York. Niet alleen in zijn voorstelling, maar hij is ook afgestemd op ontvangst van alle invloeden die daarmee samenhangen. Zo bestaat er dus voor de geest geen reistijd. Dat heeft ook zijn nadelen.
Als u zich van de ene plaats naar de andere beweegt, doorkruist u een landschap, u leert daar misschien, u kunt zich misschien ondertussen ontspannen. Als de geest van het ene oord naar het andere gaat, is dit één schrede, meer niet. Er is geen tijd om het tussenliggende te beschouwen, tenzij elke fase op aarde tussen twee bestemmingen liggend afzonderlijk wordt gerealiseerd. Dit impliceert weer, dat de geest dus ook ruimtelijk niet beperkt of gebonden is op de manier waarop u dit bent. Aan de andere kant kunt u zonder meer vertrekken naar een bestemming, die u geheel onbekend is. De geest kan dit niet. De geest heeft immers eerst een denkbeeld nodig, een basis, om als die schrede is gedaan in de nieuwe bestemming te treden. En als dit denkbeeld niet aanwezig is en er geen enkel contactpunt is; dan bestaat dus de mogelijkheid niet om te reizen, om een bestemming te bereiken. Dit is niet zo’n grote hinderpaal als u misschien zoudt denken.
Bijvoorbeeld: Persoonlijk heb ik Den Haag reeds eerder en ook in de stof leren kennen. Maar er zijn onder de sprekers bij ons verscheidene, die tijdens hun leven niet eens hebben geweten wat Den Haag wel is. Iets waarover zij overigens niet bedroefd zullen zijn; want belangrijk is het voor de geest natuurlijk niet.
Zij kunnen zich echter ook richten op een persoon. Die persoon kan zich bewegen in de context van de omgeving. Door afstemming op die persoon wordt resonantie met de omgeving en dus erkenning van de omgeving eveneens mogelijk. Dit houdt in, dat een geest dus in ruimte en tijd een enorme beweeglijkheid bezit, die een mens in de stof niet kan bereiken. Het houdt tevens in, dat de geest ten aanzien van tijd en ruimte sterk wordt beperkt door zijn eigen wezen.
Als een mens zich in een trein bevindt en laat ons zeggen van Den Haag naar Delft wil gaan en hij valt in slaap, dan bestaat de mogelijkheid dat men hem daar wakker schudt, zodat hij – zij het op het laatste moment – het perron van zijn bestemming nog kan betreden. De geest echter kan in die omstandigheden niet worden gewekt. Of de reis nu in tijd gaat of dat ze ruimtelijk is, er is geen mogelijkheid tot onderbreking.
Stel nu, dat ons treinvoorbeeld juist is en dat de trein als eindbestemming Parijs heeft, dan wordt de arme geest wakker in Parijs. Dit klinkt wat belachelijk. Maar er zijn entiteiten, die in de geest in bespiegeling zijn verzonken en misschien gedurende duizenden jaren van uw tijd daarin bezig zijn geweest. Voor hen is dit één moment. Het wordt dan voor hen wel zeer moeilijk weer contact op te nemen met uw wereld. Want die wereld is geheel veranderd, er zijn geen referentiewaarden meer en de enige mogelijkheid, die hen dan nog rest, is te zoeken naar persoonlijkheden, waarin een harmonisch begrip aanwezig is en via deze persoonlijkheden zich langzaam weer te oriënteren in het tijdsbestek, waarin de mensheid nu leeft.
Hierdoor zult u in de sferen vaak de vreemdste situaties aantreffen. Bij ons is het heel normaal, dat een Viking in gedachten in zijn drakenboot stapt om te varen naar het boomje vóór het Paviljoen van de Witte waar een 19e-eeuwse Hagenaar op hem wacht aan een tafeltje, met de illusie van de zuiver Hollandse alcoholische versnapering, aangeduid met “recht op en neer”. Dit klinkt krankzinnig. Maar vergeet u één ding niet:
De drakenboot is nu eenmaal een uitdrukking van vervoer voor een ex -Viking. En de Witte is misschien een uitdrukking van een lommerrijk oord van rust. Het Paviljoen in het Haagse Bos was voor iemand in mijn tijd de uitdrukking van lommerrijke rust en ontspanning. En als iemand mijn beeld van ontspanning aanvaardt, dan zou hij dus in dat geval zich kunnen bevinden in het Haagse Bos, terwijl de Militaire Kapel of de Grenadiers en Jagers aan het spelen zijn in de tent en het gepeupel zich rond de hekken verdringt om ook mee te genieten. Zo was het in mijn tijd.
Deze beelden lijken u misschien wat wijdlopig. Realiseer u echter, dat elk denkbeeld en elk tijdsbeeld kan bestaan in de geest en dat deze beelden gelijktijdig in elkaar kunnen overgaan, zodat het heel wel mogelijk is dat naast mijn boompje in het Bos de wolkenkrabber van een Amerikaanse vriend staat. Ze zijn voor ons het composiet beeld dat zich kaleidoscopisch kan veranderen, maar waarbij de harmonie t.a.v. de aarde voor zover in de beelden nog bevat aanwezig blijft, zodat ik dan eigenlijk gelijktijdig contact zou hebben met Den Haag en met New York of een andere stad.
Op deze vreemde wijze is voor ons het leven in een sfeer, zolang wij vorm kennen, het voortdurend samenvoegen van beelden, die elk op zich vaak een harmonie ten opzichte van de aarde betekenen. Aanvaard ik het beeld zoals het in de geest wordt geprojecteerd, dan aanvaard ik de daaraan inhaerente harmonische mogelijkheden op uw wereld.
Wat de tijd betreft, is het wat moeilijker om u duidelijk te maken hoe het bij ons is.
Rome wordt op dit moment in de sferen juist opgebouwd en ergens anders is men nog stenen aan het bakken voor de hoge zigurat van Babel.
Van al deze gebeurtenissen bestaan herinneringen. Elke herinnering is een band, ook met de tijd (de volledigheid), waarin het geheel zich afspeelt. Dit klinkt u waarschijnlijk onvoorstelbaar. Het is de mogelijkheid om terug te keren naar een verleden. Maar als er een beeld is van dat verleden, kan het verleden worden herschapen, worden herbeleefd.
Degenen onder ons, die zich regelmatig met uw wereld bezighouden, doen dit over het algemeen niet of slechts zeer beperkt. Wij zouden door ons met het verleden bezig te houden de binding verliezen met de tijd, waarin wij het voor ons toch ook belangrijke contact met uw aarde kunnen opnemen.
Als u in onze wereld komt, dan zult u ook deze zonderlinge discrepanties ontmoeten. Dan zult u misschien ook iemand vinden, die met een drakenboot aankomt, terwijl een ander juist per spoetnik het rendez-vous denkt te bereiken, want het beeldvervoer bestaat in de vormkennende sferen wel degelijk.
In uw dromen zult u verder nog wel eens kennis maken met het meest zonderlinge verschijnsel dat juist in verband met ruimte en tijd in onze sferen mogelijk is. U kunt converseren met één persoon in drie of meer gedaanten.
Er bestaat een oude anecdote van een man, die drie schedels had. Hij bood deze te verkoop aan. Onder elk stond een kaartje “Schedel van Napoleon.” Iemand zei toen tot hem: “Maar Napoleon had toch maar één schedel.” “Ho, ho, mijnheer,” zei hij “deze schedel is van Napoleon als kind, deze is van Napoleon als luitenant en deze is van Napoleon als Empereur.” .
Dat is natuurlijk voor u ondenkbaar. Bij ons is het mogelijk, dat je in verschillende delen van je bestaan eigenlijk een ander mens bent geweest.
De composiet die je bent van alle ervaringen kun je beeldend niet altijd helemaal uitdrukken. Je kunt je dan openbaren als drie, vier of meer personen zelfs, mits het onderscheid tussen deze voldoende groot is. In het begin voor mensen vaak een ontstellende gebeurtenis. Als ze pas zijn overgegaan en een dergelijk geval ontmoeten, denken ze vaak dat ze toch nog dromen. Maar het is iets dat feitelijk mogelijk is. Want elk moment dat ik in tijd heb bestaan, is een moment dat deel is van een eeuwigheid. Het is dus één facet van de volledigheid, die ik ben. En daar vele facetten gelijktijdig kunnen worden gemanifesteerd, is het dus ook voor een gewoon mens mogelijk om zich als een drie- , vier- of vijfvuldigheid te manifesteren in de sferen.
Bij een terugkeer naar de aarde speelt dit facet eveneens een rol. Soms zult u iemand, die is overgegaan ontmoeten in zijn oude vorm. De persoon drukt zich uit, zoals hij was kort vóór zijn dood. En indien hij of zij wordt waargenomen, is dat ook inderdaad de gestalte, de figuur van eens. Maar het komt ook voor dat iemand terugkeert en vele jaren verjongd lijkt. De manier van uitdrukken is jeugdiger, en helderziend waargenomen is de gestalte.eveneens jeugdig. Kennelijk is zo iemand teruggegaan naar een ander facet van zijn stoffelijk bestaan en gebruikt dit als het beste middel om op aarde harmonisch tot uiting te komen. Dergelijke voor de mens verwarrende verschijnselen zijn normaal, althans voor de geest. Indien u zichzelf zoudt tegenkomen, zoudt u waarschijnlijk onmiddellijk een psychiatrisch onderzoek aanvragen. Kom ik mijzelf of een vorm van mijzelf tegen, dan zeg ik alleen: Hallo, wat doen wij samen? En dat impliceert, dat verscheidene delen van één persoon onafhankelijk van elkaar gelijktijdig actief kunnen zijn, mits daarmee het principe (dus de harmonische waarde van de gehele persoonlijkheid) door beiden wordt uitgedrukt. Wij zijn over het algemeen nog niet zo ver. U moogt van mij nog niet verwachten dat ik gelijktijdig hier tot u zit te spreken, elders misschien iemand help om gemakkelijker te sterven en bovendien dan nog een geleerde of een schrijver inspireer. Mijn inspiraties zouden in dat geval, vrees ik, in een ambtelijke sfeer liggen. De theoretische mogelijkheid bestaat dus wel voor mij, maar ik ben mij nog te zeer bewust van mijn ego als één vorm. En dat is bepalend voor de wijze waarop ik mij kan manifesteren.
De geschiedenis van de tijd houdt ook nog iets anders in. Als wij ons op één moment onverschillig welk bewust worden van de wereld en haar samenhangen, zo ligt daarin niet alleen zoals u bekend zal zijn de uitwerking van het verleden (dus een samentreffen van de oorzaak en gevolgwerkingen die reeds bestonden), maar wordt gelijktijdig de gerichtheid (de oorzaak en gevolgverhouding van de toekomst duidelijk. Dat is natuurlijk geen volkomen reële wereld. Het is een soort projectie; een mogelijkheid op grond van het nu bestaande. Zo ontstaan er zelfs een aantal parallelle mogelijkheden, die elk afzonderlijk voor de geest te betreden en te beleven zijn. Zoals ook bij de projectie naar het verleden toe verschillende mogelijkheden aanwezig blijken te zijn, waarbij echter de (de door ons als feitelijk erkende reeks gebeurtenissen) hoofdlijn dermate domineert dat wij maar zelden in die nevenlijnen afdalen.
Wij kunnen echter de toekomst binnengaan. Als de geest dit doet, terwijl zij nog enigszins vormkennend en ik behoudend is ingesteld, dan zal zij nimmer de juiste toekomst kunnen voorzien. Zij kan een waarschijnlijke toekomst voorzien, inderdaad. En naarmate haar eigen harmonie met het moment “nu” op aarde juister is, zal haar projectie en de daarin gekozen lijn dichterbij de werkelijkheid liggen. Maar het is niet zo, dat de toekomst en wat de geest als zodanig voor zich ziet noodzakelijkerwijze identiek zijn. Er kunnen daarbij zeer sterke afwijkende factoren een rol spelen.
Ik maak u dit duidelijk, omdat de geest – en ook wij in de Orde kennen deze kwaal – graag wel eens vooruit loopt op de nu bestaande ontwikkelingen. Wat wordt gegeven zal in de meeste gevallen een mate van juistheid bezitten. Hoe groot die mate van juistheid is, is sterk afhankelijk van de manier waarop men de huidige mens begrijpt; en niet alleen maar de oorzaak en gevolgwerkingen overziet. Want slechts door een begrip van de mens of de mensheid kun je die lijn kiezen, die ook door de mens zal worden waargemaakt; en zelfs daar zijn incongruenties denkbaar.
Heeft men als geest het stadium bereikt (dat overigens nog niet het mijne is), waarin het “ik” niet meer wordt beseft als een: in vorm, in kracht of in besef begrensde uitdrukbare waarde, dan is de tijd een overzienbare factor geworden. Men kan dan terecht stellen: de tijd is een meetbare en overzienbare dimensie, waarin het punt “nu” slechts één punt is op het geheel van een te overziene lijn. In een dergelijk geval kunnen dus inderdaad predicties worden gedaan, die feitelijk en onveranderlijk juist zijn. Soms kun je als beperkte geest en zelfs ook wel als uitgetreden mens een deel van die lijn overzien. Maar wij kunnen de lijn niet volledig zien en haar niet geheel volgen. Wij zijn dan wel in staat om kleine delen van de toekomst juist te omschrijven, maar de samenhangen die daartoe leiden zijn ons niet bekend. De verdere ontwikkelingen evenmin. Hier blijkt dus alweer, dat er beperkingen zijn in het vermogen van de geest om de toekomst voor u te duiden.
Ofschoon niet geheel passend bij de door mij gestelde titel, zou ik u graag ook erop willen wijzen dat wij niet altijd met mensen voldoende harmonisch zijn om het geheel ván die mens (zijn beweegredenen en zijn noodzaken) te beseffen. In een dergelijk geval reageer je op bekende feiten, maar niet op de persoon. Raadgevingen vanuit de geest kunnen in dat geval voor die geest volkomen juist en goed zijn, zonder dat ze daarom ook voor u het best en het meest passend zijn. Ook hier weer de vreemde verandering van toestand, die de mens dood noemt, als een soort vervreemding van de menselijke werkelijkheid.
Wij zijn misschien ergens meer meester van ruimte en tijd, gelijktijdig zijn wij veel sterker onderworpen aan onze persoonlijkheidsinhoud. Wij voorzien mogelijk beter dan u en wij kunnen het verleden terug volgen, inderdaad, maar wij zijn gebonden door onze eigen harmonieën. Buiten deze vinden wij geen mogelijkheden.
Indien ik zou willen terugkeren tot b.v. het ogenblik van Jezus’ geboorte, zo is dit voor mij mogelijk, mits ik eerst geestelijke harmonieën vind met personen, die een voldoende besef van die tijd of van die gebeurtenis bezitten. Heb ik die tijd bereikt, dan kan ik mij waarschijnlijk ook wel op die plaats oriënteren en waarnemen. Maar het is niet zo, dat ik zonder meer kan zeggen: Kom, ik heb toch niets te doen, laat mij eens kijken wat nu toch die vrucht was, die Eva aan Adam aanbood. Daarvoor heb ik nog wel heel wat andere dingen nodig.
Op dezelfde wijze zijn wij natuurlijk ook niet beperkt in de ruimte, uw kosmische ruimte. In uw ruimte zijn onmetelijk veel planeten. Maar niet alle van die planeten zijn bewoond. Zijn ze echter bewoond en bestaat er op één van die planeten een denkbeeld, zoals het in mij of in één van mijn collegae bestaat, dan kunnen wij met die planeet in contact treden. En mits wij niet te sterk onze visie aan de ander opleggen, kunnen wij die planeet leren kennen. Wij kunnen dan bij wijze van spreken naar Canopus gaan of iets dergelijks en daar rustig op een planeet contact hebben, zoals wij dit ook op aarde met u hebben:
Ook hier is geen ruimtelijke beperking, alleen maar instelling. Er is ook geen kwestie van lichtjaren. Als wij daar heengaan, dan is dat een kwestie van besef. Zolang ik nodig heb om de gebeurtenis te verwerken, dus het contact in mijzelf tot iets concreets te maken, verloopt de tijd. Maar dan kan ik ook op hetzelfde ogenblik terugkeren naar laat ons zeggen: Den Haag en daar vertellen wat er op Canopus aan de hand is.
Ik ben ervan overtuigd, dat de mens op den duur ook voor zijn eigen geest deze aspecten zal leren ontwikkelen. Hij zal dan ongetwijfeld met vreugde constateren dat de menselijke geest over grote afstanden kan communiceren zonder tijdverlies, zodat iemand die op de maan zit zonder vertraging kan spreken met iemand die op aarde is, maar evenzeer zonder vertraging met iemand die b.v. op Antares bezig is. Ik meen, dat juist de tijdloosheid van deze communicatie en de aspecten, die voor ons in de geest werkelijkheid bepalend zijn, maar die voor u als geest in de stof wel degelijk bestaan, ontwikkeld en gebruikt zullen worden. Ik ben daarvan overtuigd, omdat er mensen zijn geweest en nu zelfs nog zijn op deze wereld, die dergelijke contacten wel kunnen leggen. Zij leggen deze over het algemeen weliswaar met andere werelden, maar de wijze waarop zij – wat ze telepathische projectie noemen – hanteren, impliceert de bekwaamheid om dit ook te doen over desnoods afstanden als de gehele Melkweg. De geest is niet gebonden aan tijd. Uw eigen geest kan onder omstandigheden zeer veel waarnemen en beleven in de tijd dat u eenmaal met de ogen knipt. Want ook voor uw geest bestaat de onbeperktheid van tijd, de persoonsgebondenheid voor tijdsbesef, niet te verbinden met een stoffelijk tijdsgevoel. Ik meen, dat daarvan ook door u gebruik zal kunnen worden gemaakt. Want zoals nu reeds uitgetredenen bij ons een langdurige studie volbrengen in de tijd dat zij misschien 10 minuten slapen, zo neem ik aan dat eens de mens geestelijke kennis tot zich zal nemen en deze naar het bewustzijn, mogelijk via het onderbewustzijn, zal projecteren, waarbij uren en zelfs jaren van studie kunnen worden gecomprimeerd in een korte rusttijd. In u leeft een geest, daarom kunt u aan deze realiteit van de geest deelhebben en haar leren gebruiken.