De verloren beschavingen en de nabije toekomst

image_pdf

18 juli 1986

U weet het: we zijn niet alwetend of onfeilbaar. Denkt u dus zelf na. Ons onderwerp is: Verloren beschavingen en de nabije toekomst.

De meeste mensen denken dan onmiddellijk aan Mu, aan Atlantis en dergelijke. Er zijn heel wat meer beschavingen verdwenen in de loop der tijden. Ik zou enkele daarvan in deze inleiding in herinnering willen brengen. Laten we beginnen bij het beging Mu.

Mu, gelegen in de Stille Oceaan, eilandvormig, iets kleiner dan op het ogenblik Australië, met wel een groot ondiep plat er om heen. Het heeft zijn naam ontleend aan een roman die, als ik mij niet vergis, is verschenen in 1872. Het land zelf was inderdaad een cultuur, een jagerscultuur. Een deel ervan is overgeplant naar het zuiden van Afrika. Deze Afrikaanse cultuur is vervolgens steeds verder naar het westen toe getrokken. Het kwam aan de kusten terecht. Het heeft een beschaving gehad, die vooral in het zuidelijk deel (tegenwoordig het savanne-deel) een belangrijke rol speelde, het waren toen nog wouden.

Van daaruit zijn de Atlanten ontstaan. Over het algemeen afwijkende typen en veroordeelden die zijn weggevlucht en terecht kwamen op eilandjes. Zij vormden de eerste vissersbeschaving en zijn dan ook door de nood (de voeding moest nu eenmaal bijeen worden gebracht) boeren geworden. Dit is ten slotte uitgelopen op een grote handelsbeschaving met 11 afzonderlijke rijken. Ze zijn verdwenen. Als we kijken naar de manier waarop, is het zeer waarschijnlijk dat Mu zijn einde heeft te danken aan een meteoor van behoorlijke omvang en de daardoor volgende beschadiging van de aardkorst.

Atlantis is vergaan in oorlogen en wel in twee gedeelten met een behoorlijke tussenruimte. De laatste ramp is dus wederom geweest, een nu door mensen veroorzaakte beschadiging van de aardkorst, waardoor een magma-uitbarsting heeft plaatsgevonden. Dat zijn legenden. Maar er zijn andere die een beetje dichter bij huis liggen.

Wat weet u bv. van de Hettieten? De beschaving van de Hettieten was in feite die van een ruitervolk; langharig, het beschikte over een tamelijk snelle strijdwagen in die tijd. Ze waren een tijdlang de gelijken van, om niet te zeggen machtiger, dan de Egyptenaren. In de bijbel kunt u daarvan nog enkele referenties aantreffen, waarin dit volk genoemd wordt “gelijk aan of gelijk met Egypte”, zoals bijvoorbeeld wanneer de Syriërs een stad belegeren. Men hoort dus een leger naderen, het rollen van wagens en de Syriërs vluchten weg onder het uitroepen dat (vrij vertaald) de Hettieten en de Egyptenaren wel gekocht zullen zijn om de stad te ontzetten.

Dit is een groot rijk geweest met de kern in het huidige Anatolië (Klein-Azië)en heeft inderdaad een zeer grote cultuur en beschaving gekend. Men heeft bv. Babylon ingenomen en geplunderd, om een feit te noemen. Men was meester over Assyrië, dat later weer zijn grootheid herwonnen heeft. Dan zeg je: Hoe komt het dat zij verdwenen zijn? Datzelfde kun je zeggen t.a.v. Zuid-Amerika.

U weet, we hebben de Azteken, de Tolteken, de Maya’s. Volkeren die toch kennelijk een behoorlijke cultuur hebben gehad, die grootse bouwwerken hebben opgericht. Volkeren die eigenlijk, als we eerlijk moeten zijn, een zeer goede administratie hadden, zeker voor die tijd en een zeer strikte arbeidsverdeling enz. Waarom zijn ze ten onder gegaan?

Elke keer, wanneer we met een verloren beschaving in contact komen en de mensen zoeken dan met veel moeite naar wat ze nog net kunnen geloven, dan stuit je op het feit dat men steeds verder gaat dan men kan. De Hettieten waren een oorlogsvolk. Toen ze voldoende rijken hadden veroverd – en ze zijn inderdaad een rijk geweest, groter, uitgebreider dus dan bv. de beide Egypten samen – dan verwacht je dat ze zouden gaan cultiveren. Maar neen, ze bleven oorlog voeren, ze bleven strijden. Daardoor ontstonden er geschillen. Voor een groot gedeelte hebben ze in onderlinge strijd zichzelf eigenlijk vernietigd.

Dan de Etrusken: we weten het allemaal, de Etrusken zijn althans zeer waarschijnlijk een volk geweest dat is weggetrokken uit Griekenland waar overbevolking en een tekort aan voedsel was. Ze hebben zich gevestigd in de vlakte midden in Italië en zijn een tijdlang de meesters van Rome geweest. Maar wat gebeurt er alweer? Het volk is tegen zichzelf verdeeld. Volgens de legende zou een zoon van de koning op een gegeven ogenblik zo boos zijn geworden op zijn vrouw, die door het volk erg geliefd werd, dat hij haar voor vermeende ontrouw heeft gedood. Toen werd het volk nijdig en sloot de deur voor de koning. Hij stond met zijn leger buiten de stad. Toen konden de Romeinse troepen die waren overgebleven (rebellen in die tijd eigenlijk) die vorst overwinnen. Vanaf dat ogenblik is het met de Etrusken steeds bergaf gegaan. Ze waren verdeeld tegen zichzelf, ze kenden geen regels die voor iedereen evenzeer golden en ze gingen eraan te gronde.

Als u kijkt naar het gebied en de omstreken van Etrurië, dan ziet u een volk dat bouwkundig ontzettend hoog staat, dat verder al allerlei rekenmethoden kent en een symboolschrift hanteert, zij het van beperkte omvang. Het is er a.h.w. ineens. Wij kunnen dat verklaren door te zeggen: Het zijn resten van de Atlanten die dat hebben gebracht. Maar waarom vluchtten ze weg? Ze hebben goden. Ze zijn bijgelovig. In hun bijgeloof willen ze de feiten niet zien. Soms worden hele steden, die misschien maar 40 of 50 jaar geleden met veel moeite zijn gebouwd, verlaten, omdat men meende dat er een doem van de god op ligt. Volkerentrek. Goed.

De Azteken bouwden een schitterend systeem op. Hun verdeling van landbouw, transport, vakwerk is fantastisch. In dat opgemaakte bed stapten later de Maya’s, maar ze verstarren door ambtenarij. Doordat men in feite de regels (ook de priesterlijke regels) hoger acht dan de feiten, komt men in een situatie waardoor het volk zijn eigen élan heeft verloren. Wanneer de Spanjaarden komen, worden ze niet alleen welkom geheten als de teruggekeerde goden (volgens de legende) maar vooral als degenen, die eigenlijk de rommel eens kunnen opruimen. Daardoor krijgen ze medewerkers. Vele stammen buiten het eigenlijke gebied van de Maya’s worden eenvoudig bondgenoot.

De Spanjaarden zullen het niet graag toegeven, maar dat ze zoveel overwinningen hebben behaald, dat ze zo ver konden komen in zo korte tijd, hebben ze te danken aan de medewerking van die wilden, waar ze met minachting op neerzagen en die ze dan – zij het voor de vorm – grotendeels hebben bekeerd. Alweer: verdeeldheid.

Er zijn vele andere rijken te noemen waar iets dergelijks is gebeurd. Denk eens aan India. Daar waar tegenwoordig een deel van de Gobi ligt, was eens een bloeiend rijk. Maar het was een rijk  dat te veel op de kunst van de overreding berustte. Men was niet krijgshaftig. Op een gegeven ogenblik kwamen de Khmers. Die Khmers hebben ze overwonnen, ze hebben hen uitgebuit. Het volk vluchtte weg. Daardoor werd met de overblijvende mensen roofbouw gepleegd. Dit is mede verantwoordelijk voor het ontstaan van woestijngebieden. Die Khmers dachten, dat ze nu alles wel hadden geregeld. Ze hielden geen rekening met de wat zuidelijke buren, de Thaïs. De Thaïs vielen hen aan. De administratie liep in de war. Vorsten trokken uit. De legers wisten van elkaar niet meer wat ze deden. Belastingen werden zeer willekeurig geïnd. Mensen wisten niet meer waar ze zich aan te houden hadden. Elke man, die maar even een wapen kon vasthouden, of hij nu 12 jaar was of 72, moest soldaat worden: einde van het rijk van de Khmer. Ook een grote beschaving. Weer: verdeeldheid. Monolitische structuur.

Als we denken aan de nabije toekomst, dan is het misschien toch wel verstandig om eens even te kijken naar wat er op dit ogenblik bestaat.

Er zijn twee grote rijken op aarde, beide met het vermogen om de hele wereld te vernietigen. Zouden die rijken elkaar kunnen overtuigen? Het antwoord is: neen. Daar waar het gaat om idealen of geloof, kun je een ander niet overtuigen. Maar is men bereid met de feiten rekening te houden? Als we kijken naar de manier waarop de Amerikanen op het ogenblik bezig zijn hun eigen nationalisme op te kloppen, het superioriteitsgevoel van de mensen voortdurend te versterken, dan ziet het er niet naar uit dat men rekening wil houden met de feiten. Men leeft gewoon in een droomwereld.

Kijken we naar de Russen, dan zien we eigenlijk precies hetzelfde, een droomwereldje. De neiging om het systeem toch maar boven alles te stellen. Want wij weten het en wij zijn beter dan de anderen.

Als u gaat kijken naar de stamoorlogen (het heten geen stamoorlogen, die op het ogenblik in Afrika gaande zijn) dan is het precies hetzelfde. Niet kijken naar de feiten, maar: wij zijn superieur en dus moeten wij het recht hebben van het te bepalen. Is de laatste wereldoorlog eigenlijk niet uitgebroken door de waan dat het “übermenschen” zijn?

Engeland denkt nog steeds dat het een imperium is, terwijl het meer een imperium van verloren idealen is geworden. Engeland denkt nog steeds dat het een eiland is en beseft niet dat een kanaal tegenwoordig geen bescherming meer is. Dat zelfs de oceaan geen bescherming meer is. Er is geen tijd meer voor splendid isolation. En er is zeker geen tijd meer voor eigen gevoelens van meerwaardigheid.

Waardoor zijn al die oude culturen en beschavingen ten onder gegaan? Verstarring. Kijk naar de ambtelijke wereld overal. Ook in Nederland,  in Duitsland, waar u maar wilt, Frankrijk, Rusland, de Verenigde staten. Kijk waar u wilt. Overal waar een machtige ambtenarij is, daar is de bureaucratie langzaam maar zeker tot iets geworden dat los staat van de werkelijkheid dat probeert de werkelijkheid naar hem (haar) eigen beslissingen om te buigen en naar men kan begrijpen dat het soms zal moeten buigen voor de feiten. Dat hebben wij in die oude rijken ook gezien.

Traditie; de oude overleveringen. Och, in Nederland is dat ook zo, u weet het allemaal: u bent allemaal jongens van de Wit en Piet Hein natuurlijk. Dat is lang geleden, dat bestaat niet meer. Die Nederlanders zijn er niet meer. Maar men doet vaak wel of men nog evenzeer de overigens evangelische wijsheid bijzonder in pacht heeft en durft zich opstellen als het geweten van de wereld, terwijl men van de werkelijkheid van de wereld weinig weet heeft. Realiseer u even wat er gaande is: Iedereen houdt rekening met zijn eigen belangetjes.

Toen de Hettieten een groot rijk vormden, waren er kleine krijgsheren, want dat waren ze eigenlijk, stamhoofden, Khans, hoe u ze ook wilt noemen, die zeiden: Mijn belang gaat voor. Ik vind dat belangrijk, dus moet dat gebeuren. Tegenwoordig zijn er geen Khans meer. Tegenwoordig zijn het belangrijke directieraden die zeggen: Mijn beslissingen gaan toch voor. Of het nu gaat over verontreiniging of over toch een beetje te veel straling of het gaat over wat anders, ons belang gaat voor. Wij moeten zorgen voor de werkgelegenheid. Zoals vroeger de oude Khan zei: Wij moeten toch zorgen dat de rijkdom van onze stam in stand wordt gehouden.

Dergelijke handelsbelangen zijn op het ogenblik bezig om de wereld te vergiftigen, weet u dat? Denk eens even na. De vergelijking is alweer sprekend. Datgene, waardoor een oud en toch wel groot rijk ten onder is gegaan, herhaalt zich. Laten wij wat dat betreft Egypte ook niet helemaal uitschakelen.

Wij weten daar veel over. Maar was Egypte eigenlijk niet een machtige staat, geregeerd door priesters, die in feite een eigen bureaucratie hadden opgezet. Toen de priesters niet wilden begrijpen dat andere culturen en beschavingen wel degelijk waarde hadden, verviel het rijk meer en meer. En toen ze meenden dat hun goden machtiger waren en zijzelf meer gerechtvaardigd dan anderen, ontstonden er steeds meer oorlogen. Oorlogen met omringende gebieden en stammen. Nu kon je daar tijdelijk via een huwelijk bv. wat aan doen, maar de schatplichtigheid van eens bestond al snel niet meer toen Egypte zich zag als hoogtepunt van cultuur.

Denk eens aan Athene. Athene, eens de grootste staat (stadsstaat) van het hele Griekse gebied. Centrum van beschaving, cultuur, vol dichters, beeldhouwers, priesters, acteurs. Een invloed over de hele wereld, zoals toen bekend was rond de Middellandse Zee. Maar langzaam maar zeker zei men: Ach, de slaven moeten het werk doen. Langzamerhand zei men: Onze cultuur, onze beschaving staan niet toe dat wij ons te veel aan krijgsinspanningen blootstellen. Zo haalde men zich o.a. de minachting van Sparta op de hals en van vele anderen. Wat was het einde? Dat de onderling verdeelde Grieken een gemakkelijk slachtoffer werden van de Romeinen.

De Romeinen, met weinig cultuur, vonden het erg prettig dat ze dan die Grieken toch een klein beetje in een soort cultureel zog konden hanteren en zo hun eigen begrippen van goden en godenwerelden, van cultuur en van wat hoort en niet hoort, een beetje konden opvijzelen.

Geen aanpassing. Denken dat je er bent. De westelijke wereld denkt dat ze er is deze dagen. Men denkt dat men het weet. Maar weet men het wel? Denk eens aan de massaliteit van degenen, die niets hebben.

Zeker, men doet wat voor de hongerenden, ongetwijfeld. Men bedrijft een ontwikkelingshulp, die over het algemeen mooie scholen bouwt, waar je alles kunt leren wat je in het leven niet nodig hebt. Er worden wegen aangelegd die nergens naar toe leiden, maar die heerlijk zijn omdat dan eindelijk de regeringslimousines eens 20 km heen en weer kunnen rijden.

Neemt u mij niet kwalijk, dit is sarcastisch dat weet ik. Maar wat is de werkelijkheid van die mensen? Dat zijn mensen die anders leven. Die nog niet de televisie, het toneel, de film en al die dingen hebben om hun leven te vullen. Die nog steeds met zichzelf bezig zijn, met hun ellende, met hun armoede, maar wel degelijk ook met hun eigen verhalen en hun eigen tradities. Wat van die mensen overleeft, is veerkrachtiger dan heel de trimmende westelijke wereld, compleet met bierbuiken. Vergeef mij, misschien klinkt het wel ironisch of zelfs sarcastisch.

Maar het is een feit, dat deze mensen nu geleerd hebben, wat het westen te bieden heeft en ze willen het ook. Maar zolang zij met een beetje bedelen een eind verder komen en in hun eigen tradities nog clubsgewijs, stamsgewijs bijeen blijven, dan gaat het nog wel. Maar als ze dadelijk eindelijk begrijpen: er kan niets meer komen, dan gaan ze het nemen.

Er is een hele revolutie op komst. Oh, ik spreek niet over een wereldvernietigende oorlog. Maar er zijn wel een paar dingen die je even doen nadenken. Bijvoorbeeld: Er is een atoombom onderaards ontploft met een explosieve kracht van ongeveer 108 tot 110 ton. Helemaal niet erg, niet gevaarlijk, de straling is meetbaar, die is draaglijk. Maar wat is er daardoor in Nevada in de grond gebeurd? Waarom denkt u dat de Russen ermee gestopt zijn? Omdat zij er tegen zijn. Zij hebben ook dergelijke proeven genomen en hebben tot hun verbazing ontdekt, dat er eigenaardige veranderingen in de beweging van de aardkorst ontstonden. Toen hebben ze gezegd: Laten we in Godsnaam niet verder gaan, want anders kunnen er de grootste rampen gebeuren. Dertien atoomproeven alleen al dit jaar; er staan er nog 7 op het programma. Men denkt er niet over na dat het mogelijk is. Elders kan het gebeuren, maar niet bij ons. Zo hadden ze vroeger ook gedacht, al die beschavingen.

De ene vorst na de ander dacht: Wij zijn gewichtig, wij zijn belangrijk, ons kan niets gebeuren. Men zal ons met eerbied tegemoet treden, want zijn wij niet de heersers? Ze zijn geëindigd in gevangenissen, in de mijnen, Voor een deel afgeslacht, voor een deel weggevlucht in armoede. Dat is alles wat er van is overgebleven.

O ja, je kunt wat leren van al die verloren beschavingen. Namelijk hoe je het niet moet doen. Je kunt leren dat de mensheid alles kan doorstaan, zelfs de grootste natuurrampen, indien ze een eenheid vormen. Maar op het ogenblik dat ze denkt: ik voor mijzelf en God voor alle anderen, dan zegt God: Nu, ga jij ook mee met de rest. Dan blijft er niets over.

Laten we ons goed realiseren: Grote natuurrampen zijn mogelijk. Wanneer dergelijke rampen plaatsvinden, dan behoeft dat niet te betekenen dat mensen daaraan ten onder gaan, behalve wat eenlingen, maar zeker niet de mensheid. Maar men moet bereid zijn om samen te werken. Men moet bereid zijn om te zien dat de wereld verandert, dat de mogelijkheden veranderen, dat de mens verandert.

Heeft u zich wel eens afgevraagd hoe het komt dat in dat heel grote rijk van het oude Mexico geen wiel heeft gedraaid, maar dat er wel kinderspeelgoed was met wielen? Men had het rad afgezworen. En waarom? Omdat het een inbreuk zou zijn op de bestaande orde. Omdat er een overlevering was dat je met uitvindingen erg voorzichtig moest zijn. Zeer waarschijnlijk terug te herleiden tot de vluchtelingen van Atlantis. En toen het nodig werd om dergelijke dingen te gebruiken, toen zei men: Ja, maar dat kunnen wij niet doen.

Hoe gaat het in uw wereld. Er zijn dingen die kun je niet doen. Ze zijn wel redelijk, ze zijn wel noodzakelijk, maar uit morele,  ethische, menselijke, democratische, sociale overwegingen kan men dat niet doen. Dan komt er een ogenblik dat het toch gebeurt, maar nu niet beheerst of overlegd, maar plotseling, als een natuurramp. Zoals de Etrusken moesten ervaren toen ze hun stad sloten voor hun eigen vorst en de resten van hun leger, maar daarmee in feite die stad openden voor de Romeinen, die er niet bepaald prettig en aardig tekeer zijn gegaan.

Wij moeten al die dingen een beetje begrijpen, wij weten dat bepaalde stammen van de Hettieten zijn weggetrokken. Het is zeer waarschijnlijk dat ze terecht zijn gekomen in wat tegenwoordig Duitsland heet en wel bijzonder in dat gedeelte tussen Wezel en Rijn, voornamelijk Hessen. Het leuke is, dat u daar nog sporen van kunt vinden, namelijk in de oorlogsverslagen van bepaalde caesars o.a. van Julius Caesar, waarin dat volk afzonderlijk werd genoemd en waaruit blijkt, dat deze stammen strijdig zijn, maar wel degelijk werden gehandhaafd. Een kleine groep die zich als eenheid voelt, zal misschien weg moeten uit de gewende omgeving, maar ze kan zich lange tijd handhaven. Maar een groep, die zozeer overtuigd is dat ze gelijk heeft en dat ze alles kan, die gaat ten onder aan haar illusies.

Als ik terug mag gaan naar het rijk der fabelen. In de tijd van Atlantis beschikte men over allerlei eigenaardige mogelijkheden. Er waren een paar bij die woordelijk te beschrijven zijn: o.m. het gebruik van, zeg maar elektriciteit, zij het voornamelijk in de vorm van statische ladingen en ontladingen van statische elektriciteit. Daarnaast had men ook geleerd dat je vulkanen kunt aanboren en dat ze warmte leveren, dat ze dus bepaalde mogelijkheden scheppen o.a. dat je grote hoeveelheden stoom kunt krijgen en dat de stoomspanning druk heeft en dientengevolge arbeid kan verrichten. Wat zeiden ze toen? Zeiden ze toen: “Wij hebben het middel gevonden, laten we maar beginnen met stoommachine?” Overigens, de nakomelingen schijnen het principe meegebracht te hebben naar o.m. Egypte, waar een soort stoomvat inderdaad gebruikt werd om deuren te openen en te sluiten in een bepaalde tempel. Neen, ze zeiden: Als er vijanden komen, boren we dieper en dan zal er zo veel stoom zijn, dat zij in die hete nevel omkomen en dan blijft er nog nevel genoeg over, waarin wij ons kunnen verbergen om hen tot het laatste toe te verslaan. Wat is dan de daad? Zij hebben zeewater binnengelaten in een vulkaan. Dat betekende dat er een enorme explosie ontstond. De magmahaard kwam bloot te liggen, het zeewater kwam erin en daardoor ontstond een beschadiging van de aankorst. Simpel. En Atlantis verdween! Het verdween zo diep, dat het in deze dagen onvoorstelbaar is, dat het in zo korte tijd zo ver heeft kunnen zakken. Maar men vergeet één ding: dat het gewoon teruggezakt is tot aan het gloeiend hete laagje magma, dat onder de aardschil rond de tweede kern circuleert. Dat was toch het middel? De vijanden wisten het toch, dus zou het niet nodig zijn.

Doet het u denken aan bepaalde atoombomdreigingen, kortom, aan al datgene wat tegenwoordig defensie heet en in wezen zeer agressief is?

Er is een andere tijd geweest dat er een beschaving bestond waar tegenwoordig de Sahara ligt; ook een verdwenen beschaving. Ze hadden wel degelijk scheepvaart op een grote binnenzee. Ze hadden vruchtbaarheid. Er waren regelmatig regens. Die mensen dachten ook dat ze alles wisten. En op een gegeven ogenblik vonden ze dat ze nog wel bepaalde dingen konden gaan doen. Ze gingen in hun landbouwareaal steeds dieper ploegen. In die tijd was alleen het sleuren van het oppervlak gebruikelijk. Zij gebruikten een steenploeg, die echter zodanig was gesteld dat je veel dieper kon komen. Daardoor werd de bodem meer uitgeput.

Zo dachten ze ook dat de regens regelmatig zouden blijven komen. Maar er gebeurde een kleinigheid eigenlijk met de luchtdrukverdeling. Die veranderde iets, een klein beetje. Een groot gedeelte van de regens bleef boven de bergen hangen. Er viel steeds minder regen in de binnenzee. Die droogde uit. Daar liggen nog wel restanten van steden, net zo goed als je ze ook terug kunt vinden in de Gobi. Die volkeren dachten dat ze het wisten. Er zijn nu ook mensen die denken dat ze het weten. Zo ontwikkelen ze de meest dodelijke ziekten. Want, zeggen ze, wij hebben het antitoxine ook. Maar je moet het ook nog kunnen gebruiken. Als je even te laat bent, blijf je als treurige alleen-verbruiker over op het meest massale kerkhof dat er ooit is geweest. Men denkt dat men het weet, maar men weet het niet.

Staatslieden gaan uit van een systeem; dat is volgens hun berekening het meest juiste. Ze vragen zich niet af: Wat gebeurt er in mijn land? Vakbondsleiders gaan uit van de belangrijkheid van arbeid. Die is inderdaad belangrijk. Maar die belangrijkheid wordt bepaald door – zullen we het eerlijk zeggen? –  betaalbaarheid.

Je kunt niet alles bij het oude houden. Vernieuwingen zijn onvermijdelijk. Dat is duidelijk, als er een machine is die beter werkt dan vier arbeiders, dan mag die duur in aanschaf zijn, maar verder is hij veel goedkoper. Dan ga je vertrouwen op allerlei dingen. Zoals de Romeinen bv. Zij hadden een prima strategie. Laten we dat niet vergeten. Maar Rome werd een grote stad en men wou steeds minder gewoon soldaat zijn. Ja, officier met eigen verzorging en luxe, dat wilde men nog wel, dat is meteen een gelegenheid om je rijk te stelen, want je had een goed inkomen. Voor een soldaat moest je maar een barbaar nemen. Die waren voor dat leven veel meer geschikt. Maar zijn het niet die barbaren geweest, die tenslotte Rome beheersten, ongeacht de uitspraken van een Senaat? En zijn het niet de barbaren geweest, die tegen wil en dank misschien, de ondergang van Rome in de hand hebben gewerkt, omdat ze steeds er minder voor voelden te blijven vechten, als ze een klein loon konden krijgen en een stukje grond, zodat de goeden steeds weg gingen en de hele strategie door de ongeoefendheid van de soldaten op den duur niet meer te hanteren was. Zeker niet tegen de strategische zetten die de generaals te voren nooit hadden gezien.

Er zijn een paar heel grote computers. Enkele van die computers – er staat er een in Duitsland, een in Engeland, er staan ook verscheidene in de Verenigde Staten -worden geprogrammeerd voor oorlogsspelen. Kijken we, wanneer dit gebeurt – en dat gebeurt – hoe moeten wij reageren en wat is de logische oplossing? Als er nu eens één ding gebeurt, één ding maar dat niet in de programmering is opgenomen, dan is het gehele draaiboek niet meer bruikbaar; dan moet het aangepast worden. Realiseert u dat. Denk er eens over na!

Veel oude rijken zijn aan de waan van hun voormannen en vooral aan hun eigen gevoel van meerwaardigheid ondergegaan. Heel veel mensen zijn te gronde gegaan in een ver verleden en in een zeer nabij verleden aan de illusie, dat zij wisten wat juist was, aan de gedachte, dat zij onaantastbaar waren.

Kijk naar uw huidige wereld en denk dan weer terug aan al datgene wat is vergaan. Denk aan die oude Azteekse, Tolteekse, Ozteekse steden van eens met hun tempels, hun grote hallen, esplanaden, hun spelbanen en hun huizen; tweeverdiepingshuizen vaak. Denk aan vergeten rijken als Babylon met zijn wonderen van bouwkunde, zijn wonderen van vlakverdeling. Denk aan Syrië met zijn luxe levenswijze. Denk aan de Middellandse Zee-eilanden, waar eens de meest sybaritische leefwijze bestond en vele moderne gemakken al gebruikt werden, voordat iemand er in het westen over had gedacht, dat het wel eens nodig zou kunnen zijn; inclusief toiletten, stromend water, centrale verwarming en wat u nog meer wilt. Waar zijn ze gebleven? Ze zijn aan zichzelf ten onder gegaan. Als uw tijd niet een dergelijke. ondergang voor een groot gedeelte van de wereld met zich moet brengen, dan zult u moeten gaan begrijpen, dat het de feiten zijn die dicteren wat mogelijk is; dat het niet de desiderata zijn, de verlanglijstjes, de idealen die dan maar door anderen moeten worden waargemaakt, maar dat het erom gaat wat al die anderen zijn en willen. Dat het er niet om gaat wie het juiste geloof, de juiste huidskleur heeft, maar dat het erom gaat een wereld in stand te houden waarin alles kan samenwerken; waarin de natuur, inclusief de mensheid, zichzelf in evenwicht kan houden.

Dat is veel belangrijker dan het handhaven van de afzet van spuitbussen, het handhaven van de beleggingen gedaan in allerlei atoomindustrieën en het op de achtergrond houden van die chemische en biologische machtsmiddelen, die aan het gewone publiek meestal ontgaan. Een leefbare wereld behouden, betekent een mentaliteit aankweken waardoor je handelt volgens de feiten, waardoor je voor je medemens altijd een medewerker, helper wilt zijn als het nodig is, zonder dat het een systeem behoeft te worden.

Wil je bereiken dat de wereld inderdaad beter wordt – en ik geloof dat ze het zal worden – dan zal men moeten leren ook zelf verantwoordelijk te zijn voor hetgeen men doet. Dan zal men moeten leren aan anderen die verantwoordelijkheid te laten. Anders, ach, wat er precies zal gebeuren, niemand weet het. Al zijn er natuurlijk heel wat voorspellingen in omloop van kantelende aardassen, uiteenscheurende delen van de aarde, invloeden van buitenaf, rampen, oorzaken van binnen of van buiten. Er zijn plenty keuzen van wereldondergang tegenwoordig. Ze worden gesorteerd, maar zelden gezien.

Al die dingen kunnen de mensheid niet te gronde richten; dat kan alleen de mensheid zelf. Eerst als zij haar verantwoordelijkheid bewust wordt, liggend in het mens-zijn, de vrijheid inherent aan het mens-zijn, dan kan er een wereld ontstaan waarin mensen samenwerken. Als mensen tezamen en onmiddellijk op alle feiten en veranderingen kunnen reageren, dan ontstaat er een wereld die misschien – zij het tussen aanhalingstekens – een werkelijk duizendjarig vredesrijk kan voortbrengen. Een rijk, waarin alle mensen door hun mens-zijn toe behoren. Een eenheid, waarin ieder het recht heeft zichzelf te zijn, maar waarin ook eenieder het recht heeft een beroep te doen op anderen en eenieder verplicht is, om in overeenstemming met zijn eigen aansprakelijkheden, een dergelijk beroep gehoor te verlenen.

Om deze inleiding te beëindigen: Denk niet dat uw wereld zo snel vergaat. Het valt heus wel mee. Maar besef wel, dat datgene wat nu bestaat en nu in de ogen van velen onaantastbaar en heilig is, de basis kan zijn om een ondergang te voorkomen van deze beschaving met al haar mogelijkheden, haar weten en haar techniek maar ook met haar verstarring, haar eigenwaan.

Laten wij ons spiegelen aan die vele verdwenen beschavingen en die vele werkelijk belangrijke culturen en ontwikkelingen, die verwaasd zijn in de tijd dank zij de dwaasheid van hen, die erin leefden en ermee werkten.

Tweede deel

  • Zijn de volgende tijdsplaceringen juist: Mu of Lemurië 125.000 – 80.000 v. Chr. Atlantis 50.000 – 6.000 v. Chr. Eerste ondergang: + 30.000 v c Chr.

Die tijdsplaceringen zijn niet zo dwaas. In feite was Mu ouder. We kunnen het ontstaan van de eerste menselijke samenlevingen eigenlijk schatten op ongeveer 600.000 jaar. Maar voordat het rijk zich had ontwikkeld – het ligt er maar aan welke maatstaven je aanlegt. Wat betreft de ondergang van Mu die is ongeveer 60.000 à 70.000 jaar geleden geschied.

Wat betreft Atlantis: het eerste werkelijk beschaafde rijk ontstond ongeveer 40.000 jaar geleden. Voor die tijd was het nog een beetje een rommeltje. De eerste ondergang ongeveer 19.000 jaar geleden, de laatste ondergang ongeveer 6.000 jaar geleden. Het zijn voor zover ik kan nagaan de meest juiste benaderingen in uw eigen tijdsrekening.

  • Waarom wordt aan deze legendarische rijken zoveel aandacht besteed en aan andere culturen vanaf de Cro-magnon mens veel minder?

Heel eenvoudig: als een mens denkt dat hij er alles van weet, kan hij er weinig over verzinnen. Met andere woorden; een fabelrijk of een verloren beschaving leent zich voor dramatisering en het kan gebruikt worden (zoals Atlantis bv. als een oerbeeld van een ideale staat of iets dergelijks. Anders gezegd: het utopisch talent van de mens zoekt datgene, wat een vage legende is, om daarin zijn eigen gedachten kwijt te kunnen raken.

  • Kunt u iets mededelen over de Hyperboreeën die misschien in geleefd moeten hebben?

De Hyperboreeën zijn noordelijke volken, althans uiterlijk. Dezen hebben zich vooral in de ijstijd naar het zuiden toe bewogen. Ze zijn gekomen tot Ierland, Schotland en een deel van Nederland, maar dat was meer moeras. Daarnaast hebben ze een deel van Duitsland gehad. Zij hebben zich als bevolkingsgroep uitgestrekt van Duitsland uit van Berlijn met een schuine lijn omhoog tot aan Leningrad, vandaaruit rechtlijnig verder tot ongeveer Vladivostok. Dat was het gebied waarin deze stammen geleefd en gewoond hebben. Hun voornaamste rijk is tijdens de voorgaande ijsvrije periode ontstaan en lag toen eigenlijk op het hedendaagse Groenland. Maar ook andere gebieden als bv. Noorwegen waren in deze cultuur inbegrepen.

  • Is het waar dat bepaalde beschavingen onder de aarde zijn gaan wonen zoals in Zuid-Amerika o.a. de verdwenen Inca’s en bepaalde Mongoolse volken in Agharta, het ondergrondse boeddhistische rijk?

We hebben hier te maken met legenden. Ze hebben een grond van waarheid, laten we dat onmiddellijk er bij zeggen. Vooral in Zuid-Amerika en in delen van de Andes hebben de mensen zich in holen verscholen voor een zeer zware meteorietenregen en hebben daar a.h.w. een soort zondvloed afgewacht en zijn daarna weer naar buiten gekomen. Dat is hier de basis.

Een vergelijkbaar iets is de neiging geweest van mensen op het hoge plateau van Azië (Tibet, Nepal) om zich eveneens terug te trekken voor naderende vijanden in holen, tunnels en grotten. Er zijn zelfs nog een aantal grottempels overgebleven, sommigen geheim, andere meer bekend.

Het is verder duidelijk, dat de aarde, datgene wat onder de aarde ligt,  bijzondere aandacht trekt. Het is geheimzinnig. Waar een spleet is, waar rook uitkomt, daar is een poort naar de onderwereld. We vinden dat ook terug in Griekenland. wat betreft vorsten en koningen die onder de aarde vertoeven; we hebben niet alleen te maken met de wereld die in Agharta zetelde, maar we hebben ook wel degelijk te maken met Frederik Barbarossa, die middenin de bergen in zijn hol zit te wachten tot het volk hem nodig heeft. Dat is kennelijk nog nooit gebeurd.

Dus we hebben hier te maken met legenden die waarschijnlijk wel een basis hebben, maar waarbij de behoefte om aan een bepaalde held verder te kunnen geloven, gepaard gaat met het denkbeeld dat hij slaapt of woont onder de aarde.

Dergelijke rijken zoals Agharta, zijn in wezen niet onder de aarde, ze bestaan daar niet. Er zijn wel volkeren die in grotten wonen, maar mensen kunnen niet lange tijd als grottolieten leven en mens blijven. Het eindresultaat zal u duidelijk zijn; het gaat in bepaalde overleveringen    –  en dan denk ik vooral aan Agharta en bepaalde overleveringen zoals die in Zuid-Amerika bestaan – om rijken, die vormwerelden van de geest vertegenwoordigen en niet altijd even lichtend.

  • Kan het zijn dat er op Mars onder de oppervlakte van de aarde nog vrij hoog leven aanwezig is?

Het ligt er aan wat u vrij hoog leven noemt. Maar als het u interesseert, kan ik u vertellen dat er inderdaad plantaardig en een soort insectoïde leven op bestaat; en dan meestal onder de oppervlakte.

  •  In het gebied van de Amazone zijn Hebreeuwse namen teruggevonden. Zijn de Hebreeërs daar geweest en is dat in overeenstemming met het boek van de Mormonen?

De namen zijn van betrekkelijk recente datum; dat wil zeggen dat deze namen pas werkelijk voorkomen ongeveer 1200 jaar geleden. Het is aan te nemen, dat er in die tijd al enige invloed vanuit Europa is geweest. Er bestaan nog overleveringen dienaangaande. Dan moeten we ons verder realiseren dat kort na het betreden door blanken, een christianisering is begonnen en dat hierbij vooral oud-testamentische namen gekozen werden. We zouden ze dus ook wel Hebreeuwse namen kunnen noemen. Er zijn geen verloren stammen daarheen gegaan. Wat betreft de openbaringen van het Boek Brigham. Ze zijn voor een deel ontsproten aan een zekere mijnheer Smith. Dus niet aan Brigham Young, maar aan een zekere mijnheer Smith.

  • Is er land geweest tussen Schotland, IJsland en Noorwegen?

Neen, daar is geen vasteland geweest. Er is een vastelandsverbinding geweest tussen Engeland en ongeveer Esbjerg in Denemarken. Als u een lijn trekt van Schotland naar Esbjerg en u denkt dan dat dit ongeveer wordt gesloten, door iets zuidelijker van Wight een lijn te trekken naar Brest, dan heeft u ongeveer dat gedeelte van het continentaal plat dat een tijdlang droog is geweest.

  • Waren er + 2500 v. Chr. al Inca’s of voorlopers van het Inca-rijk in het huidige Peru (Ecuador)? Konden sommigen van hen (hogepriesters) goud materialiseren uit geestelijke werelden?

In de eerste plaats: Inca is een ruimte-aanduiding en geen stamaanduiding. Als wij spreken over de Inca’s, dan hebben wij het in feite over de bovenlaag van een volk, die zich deze titel aanmatigde om daardoor zijn bijzonder zijn duidelijk te maken. De achtergronden zijn over het algemeen Azteeks, Tolteeks.

In de tweede plaats: Goud werd in hoge mate gevonden in die tijd en werd ook door mijnbouw gewonnen en gezocht. Er werd geen goud gematerialiseerd. Er waren priesters die bepaalde zgn. wonderen konden doen. Sommige van hen zijn nog in de tempelpiramiden begraven. Ze hebben dus ook een graf in sommige gevallen. Je kunt niet zeggen dat ze maar even in staat waren om goud te materialiseren. Ze waren wel in staat om bepaalde materialen, maar vooral mensen te beïnvloeden.

  • Zijn de Noord-Amerikanen, o.a. Indianen, in de eerste plaats uit Azië gekomen (Tibet) via de Beringstraat al lang voor o.a. Columbus?

Lang voor Columbus zijn er wel Eskimo’s overgestoken. De Indiaanse ontwikkeling is in feite vanuit de zuidelijke staten van de Verenigde Staten naar het noorden opgeschoven en heeft zich daar vermengd. Als we kijken naar de verschillende namen van indianenstammen, dan wordt het wel duidelijk en we zien dat ze uiteen vallen in verschillende soorten. Namelijk de zuivere zonaanbidders en de natuuraanbidders. De zonaanbidders zijn de oudste bron, maar ze zijn onmiddellijk gereleerd aan de zuidelijke landen, dus wat we in Mexico aan beschaving aantreffen. De noordelijke daarentegen, de natuuraanbidders, komen voornamelijk van de Mongolen en de Eskimo’s af en dezen hebben zich later verder ontwikkeld en deels gemengd; wat bv. duidelijk is als u kijkt naar het uiterlijk van wat er nog over is van de Urona(?)

  • Ligt de bakermat der mensheid in Oost-Afrika?

Neen, die ligt niet in Oost-Afrika. U denkt waarschijnlijk aan het raadsel van Zimbabwe. De ruïnen daar van het grote fort zijn uit Bijbelse tijden en zijn ongeveer 2100 jaar oud. De laatste restanten, zoals de poort die er nog staat, de deuren en al die dingen meer, zijn waarschijnlijk gebouwd in de periode van 1000 na Chr. tot 1200 na Chr. Het is dus geen bakermat geweest.

Wat dat betreft is het opvallend dat het oorspronkelijke menselijke ras een betrekkelijk redelijke pigmentatie en een zware haargroei had. Dat is de basis geweest. Van hieruit heeft zich langzaam maar zeker via vele trappen sapiens ontwikkeld en die kwam er toen wat kaler van af en ook wat minder aapachtig. Hij was wat handiger in het gebruik van voorwerpen om zijn gebrek aan eigen kracht te compenseren.

  • Bestond er vroeger geen rassendiscriminatie?

Er bestond geen rassendiscriminatie maar stammendiscriminatie. Eenieder die niet behoort tot onze eigen groep is een vijand tot hij zich heeft laten opnemen in onze eigen groep. Het is misschien aardig hierbij te vermelden dat bij sommige stammen hiervoor proeven moesten worden afgelegd, maar dat andere stammen een soort doop gebruikten, vaak gepaard gaand met een doorwaden of overgaan van een stroompje om daarmee aan te duiden, dat men al het andere achter liet en herboren werd in een nieuwe stam.

  • Was één der wijzen uit het Oosten ook niet negroïde en waren ook niet sommige Farao’s zwart?

De drie wijzen uit het oosten zijn legendarische figuren. Met andere woorden: wat over hen wordt gezegd, strookt niet geheel met de werkelijkheid. Maar volgens de legende zou één van hen behoren tot het Indo-Germaanse ras, één tot een negroïde en één zou er een beetje Perzisch hebben uitgezien.

Farao’s zijn inderdaad kleurlingen geweest. Er zijn heel wat zwarte Farao’s geweest. Dat is mede te danken aan een genenkwestie, omdat na het samenkomen van beide rijken de eenheid door huwelijken werd bevestigd, waarbij in feite Nubische typen met Arabische typen samen nageslacht voortbrachten. Daar kwam zo nu en dan wel eens een aangebrand iemand uit tevoorschijn.

  • Wanneer en waarom is de rassendiscriminatie begonnen?

Het wanneer durf ik u niet te zeggen. Het waarom zal ik proberen uit te leggen. Elke groep, die eenmaal eigen regels en gewoonten en vaak een eigen gezagsverhouding heeft ontwikkeld, staat uit de aard der zaak afwijzend tegenover anderen die niet binnen dit patroon vallen. Oorspronkelijk was hierbij huidskleur minder belangrijk dan gedrag. Maar aangezien huidskleur heel vaak gepaard ging met het behoren of behoord hebben tot een andere cultuur, betekende het al heel snel dat dergelijke verschillen tot discriminatie aanleiding gaven. Om een typisch voorbeeld te geven. Ofschoon in het oude Rome, Joodse kunstenaars vaak hoog werden gewaardeerd, woonden ze in een getto en werden joden als geheel beschouwd als minderwaardig; zelfs als ze voor zich het Romeins burgerschap hadden gekocht.

Het is dus heel erg moeilijk te zeggen wanneer discriminatie is  ontstaan. De reden echter is heel begrijpelijk; afwijkende gedragingen betekende onberekenbaarheid. Onberekenbaarheid wordt aangevoeld als een bedreiging van eigen veiligheid of zekerheid. Dientengevolge is eenieder, die in zijn gedragingen maar ook in zijn geloof, zijn huidskleur of in zijn opvattingen sterk afwijkt van datgene, wat in een bepaalde gemeenschap gangbaar is, iemand die bewust of onbewust wordt gediscrimineerd. Rassendiscriminatie is echter sterk opgekomen na de verdere ontwikkeling van het christendom. Dan moeten we denken aan de periode van ongeveer 900 na Chr. waarin een strijd wordt geleverd tussen een christelijke en een Moorse samenleving. Wij moeten ons verder realiseren dat de christenen, de heidenen als minderwaardig beschouwden. Hierdoor ontstond een discriminatie t.a.v. anderen. Het is opvallend dat deze in het Napoleontische tijdperk nog veel sterker is ontwikkeld waar bv. Spanjaarden als dom en niet geheel betrouwbaar werden beschouwd, Italianen als slim en misdadig en ook niet betrouwbaar, Fransen als edel en wel betrouwbaar.

U ziet dus hoe veel leugens er aan alle kanten werden verteld. Nederlanders werden beschouwd als star, stom maar wel trouw. Ik som dit nog even op om duidelijk te maken hoe discriminatie tot stand komt. In Frankrijk kunt u tegenwoordig nog horen dat de Fransen weten wat goed is en hoe het hoort en dat alle buitenstaanders zich daarom maar hebben neer te leggen bij hetgeen men in Frankrijk wenst te doen direct of indirect.

  • Heeft het zgn. “derde geheim van Fatima” betrekking op eventuele veranderingen in de aardkorst in de nabije toekomst?

Het is bijna zo ver dat het onthuld zal worden, maar het “derde geheim van Fatima” zegt dit: Dat wanneer de aarde – en daar bedoelt men mee de mensheid – verder gaat in haar zondigheid er een teken aan de hemel zal verschijnen, waardoor de nacht tot een dag zal worden en de mensen angstig en bevend zich zullen verbergen voor dit licht, terwijl gelijktijdig de bergen zullen schudden, de aarde beeft en de zee oprijst. Dit is een visioen dat, als u het mij vraagt, indirect met de Openbaringen te maken heeft. Er wordt hier zeer waarschijnlijk gedoeld op een indringer uit de ruimte die een baan doorloopt in het zonnestelsel. Wanneer daarbij de aardebaan op korte afstand zal worden gekruist, zouden de genoemde verschijnselen inderdaad kunnen optreden. Alleen hebben wij nog niets gezien van een zodanige massa en een zodanige baan, dat dit voorlopig aanvaardbaar lijkt.

  • Hebben de grote continenten ook een eigen karakteristiek, een continentale ziel? Kunt u die noemen.

Continenten hebben geen eigen ziel. Dat zijn gewoon aardschotsen, die in een continue beweging tussen Europa en Amerika dezen van elkaar drijven, naar Azië toe naar elkaar drijven en waarbij kan worden gezegd dat zij deel zijn van de totale wereld en als zodanig behoren tot de invloedssfeer van de wereldgeest. Als wij zoeken naar continentale karakteristieken, dan moet u kijken naar de volkeren die daar wonen en dat de daardoor ontstane mentaliteit, die ook nog astrale schillen heeft gevormd, daardoor een geestelijke beïnvloeding en leiding op grond van haar mentaliteit mogelijk heeft gemaakt. Dat zijn dan de geesten die u continentaal kunt noemen. Ofschoon niet helemaal duidelijk is waarom je dan bv. geen eigen geest hebt voor Midden-Amerika, maar wel weer voor Noord-Amerika en Zuid-Amerika.

  • De theosofie verkondigt wel eens de mening als zou de oorzaak van het achteruit gaan van beschavingen te wijten is aan “migratie van zielen”. Wat kunt u hiervan zeggen?

Als zielen migreren, moet eerst het lichaam overlijden. Een dergelijke migratie vindt niet per volk plaats; begrijp dat heel goed. Maar elke ziel die een zekere mate van bewustzijn heeft bereikt, onttrekt zich aan een incarnatiecyclus en zal dus niet meer – althans niet in de vorm van een stofwezen of mens – op aarde terugkeren. Maar ze zal daarnaast geestelijke activiteiten gaan ontplooien, zeker in de eerste tijd voornamelijk met de aarde.

  • In de inleiding gaf u het advies de huidige problemen niet met systemen te trachten te verbeteren. Denkt u dat een systeemloze samenwerkingsvorm mogelijk is? Hoe geeft men daar dan herkenning aan?

Ik denk dat systeemloze samenwerking mogelijk is op het ogenblik dat er een onderlinge hulpbereidheid bestaat, waarbij anderen samenwerken zodra er een probleem kenbaar is. Zolang dit niet het geval is, zal enige organisatie m.i. onvermijdelijk zijn. De wijze waarop heb ik hiermede eigenlijk al beantwoord en dat ik het mogelijk acht eveneens. Ik meen dat dit iets is dat langzaam zal moeten groeien en wel door een toenemend besef van de feilen van alle systematische benaderingen zoals die op het ogenblik de wereld en een deel van de mensheid beheerst.

  • Wat is de hoogste beschaving u bekend in de kosmos? Hoe is het leven daar?

Geen commentaar. Ik wil u geen minderwaardigheidsbesef bezorgen.

  • Vergeet de mens niet dat hij eigenlijk één is met de ander?

De mens is altijd bereid om zichzelf als deel van de ander te beschouwen, zolang de ander niet de brutaliteit heeft hem als deel te beschouwen. Met andere woorden: Het egocentrisch leven van de mens is dermate nadrukkelijk bevorderd door de materialistische beschaving, dat ze in feite een toenemende vorm van egoïsme is geworden.

  • Laten wij veronderstellen dat de groep hier, die naar u heeft geluisterd, volkomen begrijpt wat u te berde heeft gebracht. Kan deze groep in de praktijk daadwerkelijk hier wat aan doen, dit naar buiten brengen?

Als u een deel heeft begrepen (ik vraag niet eens alles) van hetgeen ik heb gezegd, dan is dat in uw denken verankerd en gezien de wijze waarop we werken, ook voor een deel in het onderbewustzijn. Wanneer u zich beweegt in de wereld, dan zullen deze indrukken mede door u, meestal onbewust worden uitgestraald en eveneens soms in handelingen vertaald. Dat wil zeggen, dat wat hier aanwezig is, een vijf- tot tienvoud van mensen zal beïnvloeden in een bepaalde richting binnen ongeveer 3 maanden. Daarna is het de vraag, hoe sterk de indruk is geweest of de werking voortgaat. In enkele gevallen is de indruk, die u op anderen maakt, weer zo sterk dat deze processen voortgaan.

A1s je dergelijke lezingen geeft in een groter aantal gemeenschappen en daarbij de denkbeelden, vermomd misschien in verschillende lezingen, voortdurend verder brengt op een wat dwingender wijze, dan zal hiermee worden bereikt dat een groot aantal mensen wordt beïnvloed. De resultaten daarvan zijn niet formeel meetbaar of kenbaar. Wel zal men versnelde verandering zien, die in het geheel van de gemeenschap zich voortdurend sneller afspeelt, maar die gelijktijdig veranderingen mogelijk en in bepaalde gevallen aanvaardbaar maakt op een wijze die men zich voor korte tijd niet eens had kunnen voorstellen. Dit is maar een heel kort deel van alles wat er aan vastzit.

  • Een vraag over Helgoland. Relatie tussen Atlantis en Helgoland.

De relatie tussen Atlantis en Helgoland. Er zijn vele hoge beschavingen geweest in het verleden. De meeste mensen realiseren zich niet dat zij niet de top van de beschaving zijn, maar alleen het topje van een golf van beschaving en ontwikkeling op dit moment. Dat zal met alles zo gaan. Mag ik u eraan herinneren dat er in Zwitserland overblijfselen zijn gevonden van tamelijk intricate paalwoningen, die daar zeer waarschijnlijk rond 60.000 jaar geleden zijn gebouwd. Ik kan u ook nog herinneren aan cyclopenmuren in Zuid-Amerika ten dele overspoeld door vulkanische gesteenten, waarvan na onderzoek de leeftijd wordt geschat tussen de 30.000 en 40.000 jaar.

Ik wijs u hierop om duidelijk te maken dat er vele beschavingen zijn geweest in het verleden. Een Atlantische invloed hier kan ik mij niet volledig voorstellen. Trouwens, Atlantis zelf was toch een beetje anders dan Plato het heeft beschreven. Het had een omtrek van bijna 8 km en was verdeeld in een viertal hoofdgebieden plus een havengebied. Deze was concentrisch.

De op Helgoland gevonden stad beantwoordt niet aan deze eis. Dan komen we nog veel dichter bij een dergelijke omschrijving, als we gaan zoeken in de buurt van Cadix, waar restanten zijn gevonden van een stad en ten dele er omschrijvingen van de stad bestaan, die veel dichter bij de omschrijving van plaatsen in Atlantis komt.

Ik wil u er verder op wijzen dat bepaalde gegevens over de Atlantische beschaving bovendien worden weerspiegeld o.m. op Kreta, als we al die dingen samenvatten, dan moeten we zeggen: elke mens, die een oude beschaving vindt, heeft de neiging om die met Atlantis te verbinden om daarmee een wereldomvattend belang voor zijn eigen vondst te kunnen claimen. Volgens mij is dat alles niet juist.

  • Zagen de bewoners van Mu er niet heel anders uit dan tegenwoordig? Was het in die tijd niet veel donkerder dan op het ogenblik?

Ze zagen er tamelijk blank uit, Ze hadden een behoorlijke haargroei. De gelaatshoek had een wat andere helling, een bijna aapachtige sterkte, wat behoorlijk scherp was, was het achterhoofd. Armen iets langer dan tegenwoordig. De benen iets korter met een meestal naar buiten gebogen knie bij het lopen. De romp zelf: borstkas erg stevig. Ze zagen er dus wat anders uit.

Of het toen donkerder was? Er is een periode geweest dat het inderdaad vanuit uw standpunt altijd schemer was, omdat rond de gehele wereld op dat ogenblik een zeer dicht en hoog wolkendek aanwezig was, terwijl later daar voortdurend neerslag is gevallen en het op den duur lichter werd. Het begin van Mu ligt in het begin van het varenbos. Er waren toen nog reuzenbossen.

Ik ben mij ervan bewust vrienden, dat u over al die oude beschavingen betrekkelijk weinig heeft gehoord. Maar de relatie met het heden is juist gelegen in een ondergang en de oorzaken daarvan. Want het is de voortdurende herhaling van dezelfde feit die de mens steeds weer brengt aan de rand van de ondergang.

Ik zou u willen herinneren aan een aardig verhaal dat geschreven is door Anatole France, die het heeft over een eiland, waar alles naakt en gelukkig leeft. Daar landt een heilige, die onmiddellijk begint iedereen te bekeren en iedereen moet zich gaan kleden. Kleding is eigendom. Als je kleren hebt, kun je meer hebben. En voordat hij weg is, is er moord en doodslag. Ik denk dat daar iets waars in zit al wil ik niet zeggen dat er heiligen zijn gekomen om Nederland tot een hoger peil te brengen. Realiseer u dat overal waar gemeenschapsgevoel overgaat in wat men privatisering kan noemen, het persoonlijk eigendom, het verdedigen van je eigen rechten tegen de rest van de gemeenschap, daar ontstaat altijd een verval. Een verlicht despoot kan een ideaal leider zijn. Maar op het ogenblik dat nepotisme de regering gaat vormen, de regeringsvorm wordt, vergaat de hele samenhang van het land. Dat vergeet men maar al te snel.

Een dictator hoeft niet kwaad te zijn, hij kan erg goed zijn, maar als hij wordt gevolgd door andere dictatoren, dan is het bijna onvermijde1ijk dat er meer kwaad dan goed gebeurt.

Mensen hebben de neiging om in hun eigen maatschappij de gedragingen van anderen vanuit ethische, morele overwegingen te beschouwen. De werkelijke ethiek: schiet je tekort t.a.v. je naaste of niet? Ben je bereid je medemens bij te staan of ga je aan hem voorbij? Heel vaak blijkt dat dit laatste het meest voorkomt, ongeacht de hoge beschouwingen, de hoge ethiek die men als norm schijnt te huldigen.

De mens moet begrijpen wat hij is. Hij is een wezen, dat alleen in gemeenschap zichzelf kan handhaven en dat in de gemeenschap als gelijke moet kunnen functioneren, omdat elke verwijdering van het gemiddelde niveau van mens-zijn in feite de ondergang van een deel van het menselijke in de mens ten gevolge heeft. Het is belangrijk om mens te zijn. Beschavingen die ten onder zijn gegaan, gingen dit, direct of indirect, door hun gebrek aan begrip voor het mens-zijn van anderen. Ze gingen ten onder aan hun poging om zichzelf tot monopolie te verheffen, wat toch het recht van alle mensen zou moeten zijn. Het is deze fout waarop ik de nadruk heb willen leggen.

Datgene wat in het verleden ligt, is voorbij. De oudheid kan ons lering geven voor het heden. Maar het kennen van de oudheid kan nooit in de plaats treden van het heden. Daarom moet men al datgene, wat men over de mensen uit het verleden leert, vergelijken met datgene wat nu bestaat. Dan zal men ook op grond van vroegere fasen van de huidige beschaving zeer veel dingen gaan beseffen, die duidelijk maken waarom ik heb gezegd: U moet niet uitgaan van ideële overwegingen of van bepaalde systemen. U moet uitgaan van het mens-zijn. Want als de oude beschavingen dit mens-zijn, dit gezamenlijk zijn, hadden weten te bewaren, dan zou de wereld er vandaag heel anders hebben uitgezien.

Besef dat mens-zijn het eerste is waarop het aankomt. Het andere is secondair. Als u denkt dat ik daarbij afwijk van al datgene wat behoort tot uw geloof en uw denken, besef dan wat Jezus heeft gezegd tegen de farizeeër, dat je een zieke op de Sabbat moet helpen, omdat de wetten van God alleen bestaan, als de wetten van het mens-zijn niet geschonden worden.

Als men dit uitbreidt tot alle andere idealen, dan heeft men de juiste leefregel, die deze beschaving kan behoeden voor de ondergang.

image_pdf