De wonderlijke waarheid

17 mei 1977

Waarheid is iets dat altijd betrekkelijk lijkt, een mens kan zeggen dit is waar en later beweren dat het tegenovergestelde waar is. Een mens kan, naar beste weten, goed handelen en tot de conclusie komen dat hij slecht gehandeld hoeft. Een mens, een geest, kunnen zoeken naar een kracht die ze juist achten en tot de conclusie komen dat die kracht niet juist was. Dat betekent dat we ons allemaal bevrijden in een wereld waarin een keuze van datgene wat “waar” is, zonder enig twijfel, moeilijk wordt.

We kunnen ons natuurlijk vastklampen aan een bepaald systeem, een bepaalde leer, een bepaalde belijdenis. Maar ook daar zijn moeilijkheden, want wij kunnen dat over het algemeen alleen zelf bereiken, wanneer we onszelf voor een deel uitschakelen. We worden dan deel van het systeem, deel van de leer, exponent van de belijdenis, maar we zijn niet meer werkelijk onszelf. Wie op zoek gaat naar de waarheid zal daarom altijd weer terecht komen in allerhande slopjes, in allerhande wegen, die schijnbaar geen uitweg bieden, schijnbaar, want de mens gaat uit van zichzelf, zijn eigen denken, zijn eigen wezen, zijn eigen verlangens, zijn eigen opvattingen of hij dat nu toegeeft of niet.

Het resultaat is, dat wanneer de mens verandert, de omstandigheden veranderen, dat is iets wat de meeste mensen belachelijk vinden, omdat zij zijn opgevoed in een systeem, ze zijn geconditioneerd om bepaalde zaken als onvermijdelijk te beschouwen, kortom ze weten niet beter. Maar de waarheid is wonderlijk genoeg deze: op het ogenblik dat ik buiten een systeem treed, treed ik een nieuwe werkelijkheid binnen, waar wegen bestaan die naar waarheid voeren die eerst voor mij gesloten waren. Aan de andere kant zal ik ook afstand moeten doen van wegen die tot op dat ogenblik voor mij bestaan hebben. Dat is dus de grote moeilijkheid hierbij, Wie werkelijk belang stelt in waarheid, zal deze altijd eerst in zichzelf zoeken.

Uw eigen waarheid is een klein fragment van de werkelijkheid, waarmee je verder wilt en zult gaan tot op het ogenblik dat je ook zelf niet meer verder kunt. Dat is een van de meeste eigenaardige verschijnselen bij een mens die naar waarheid zoekt. Op het ogenblik dat je de waarheid zoekt te vinden, geraak je ze kwijt. Dat komt omdat wij alle verschijnselen voortdurend willen aanpassen aan datgene wat wij menen te weten, te bezitten of te moeten doen. Het geval op zichzelf van een mens die waarheid zoekt is dus in feite gelijktijdig een mens die probeert om terug te keren tot datgene wat hij al is of al weet. In een dergelijke toestand is het heel moeilijk voor een mens, om te komen tot het besef, ja ik heb gefaald want hij heeft alles goed bedoeld en heeft het zo goed mogelijk gedaan. Hij heeft alleen één ding vergeten dat niet alleen zijn visie op de wereld maar ook hijzelf moet veranderen. En wanneer ik zeg “wonderlijke waarheid” dan is dat niet zomaar een titel.

Wanneer we kijken naar de wijze waarop een menselijk geloof onverklaarbare verschijnselen mogelijk maakt, waarop het aanvaarden van een bepaalde mogelijkheid die voor anderen verbluffend in verschijning kan doen treden, dan zien wij inderdaad dat de waarheid en het wonder voor de mens met elkander verbonden zijn. We kunnen ons ervan afmaken met te zeggen dat is hogere waarheid maar bestaat er een hogere waarheid, of is er alleen waarheid? Ik, voor mij, ben geneigd om te kiezen voor dit laatste; er is alleen waarheid! Die waarheid die zal dan moeten bestaan uit alle fragmenten waaruit de wereld is opgebouwd en uit de voortdurende aanpassing van jezelf, je eigen denken, en datgene wat zich op het ogenblik openbaart.

De mens moet zich niet aanpassen aan datgene wat hij droomt of verlangt want daar zal hij falen, maar hij moet zich aanpassen aan de verschijnselen die hij constateert. Hij moet zijn dromen, zijn zoeken naar waarheid laten dicteren door de wereld waarin hij leeft. Natuurlijk er zullen mensen zijn die zeggen ja maar wat brengt ons dat? Het antwoord is eenvoudig, het brengt u in een bestaan waarin elke leer soms een tijdlang uw waarheid kan zijn, waar elk systeem u een tijdlang verder kan helpen, maar het brengt u ook in een wereld waarin geen gefixeerde waarde meer bestaat buiten het onbekende, het onbekende dat u in uw ervaring, steeds weer met een nieuwe vorm probeert te omgeven, opnieuw probeert te omschrijven maar waar u eigenlijk steeds het gevoel van hebt dat je het niet geheel kunt bereiken. Of die bereiking eens waar is, men zegt van wel, ik weet het niet, zeker weet ik echter dat de wijze waarop wij werken met die kracht, de wijze waarop u, ik, dus proberen deze kracht voor onszelf voor te stellen en er iets mee te doen onvoldoende is.

Je kunt God niet aan jezelf aanpassen. U moet uzelf aan God aanpassen. En dat is iets wat men op geloofsgronden graag aanvaardt, maar die aanpassing is dan toch maar zeer beperkt, want God zegt nou dit of dat, maar dat moeten we dan maar zomaar interpreteren dat het ook nog past bij datgene, dat wij denken en willen. De wetenschap zegt dit en dat. Er blijven natuurlijk hiaten en raadsels bestaan, maar we moeten toch maar proberen om net te doen of ze daar niet zijn, wij hebben een sluitend systeem nodig, dus is het sluitend dus is het onze waarheid. Dat brengt ons verder. Die beperkte voorstelling van God maakt het je mogelijk om hogere waarden te beleven in jezelf, een soort verlichtings- bewustwordingsproces in jezelf te ondergaan. De wetenschap maakt het je mogelijk de verschijnselen, op een redelijke wijze te benaderen en te klasseren, het maakt je niet mogelijk om alles te verklaren.

De waarheid is zo wonderlijk omdat zij juist verder gaat dan deze dingen. De waarheid is datgene wat wij trachten te benaderen. Nu kunt u zeggen: is er kracht? Zeker is er kracht, waarom ervaren we die kracht dan niet? Misschien omdat de kracht, die u zoekt, zo niet kan bestaan, misschien. Misschien ook omdat die kracht wel werkt maar de verschijnselen niet in overeenstemming zijn met datgene wat u verwacht. U kijkt alleen naar hetgeen u verwacht, Misschien omdat die omwenteling die U wilt zien een omwenteling is die eigenlijk in de eerste plaats in uzelf zich zou moeten afspelen en die u in plaats daarvan probeert anderen op te leggen.

Maar als die kracht er is, dan moet zij zich kunnen manifesteren, de waarheid houdt in dat er kracht is, dan moet die kracht ook inhouden dat het verschijnselen zijn. Welke kunnen die verschijnselen zijn? Wel bij die wonderlijke waarheid waarover we spreken, is het vaak zo, dat die kracht schijnbaar het tegendeel bewerkstelligt van hetgeen je nastreeft. Je denkt vooruit te gaan en je ontdekt dat je teruggaat. Je denkt misschien sterk te zijn en je ontdekt dat je zwak bent. Je denkt misschien wijs te zijn en je wordt geconfronteerd met je eigen dwaasheden, dat gebeurt telkenmale weer. Maar dan kunnen de mensen zeggen: ja maar die kracht willen we niet. Maar die kracht is een deel van de waarheid.

De waarheid is dan dat je door de krachten zelf, waarvan je gebruik probeert te maken, als het ware teruggespoeld wordt naar die plaats waar je gezien je eigen innerlijk, je thuis voelt. Het is een harde waarheid, Ik weet niet of u dat gezegde ook kent – in het Nederlands is het heel gebruikelijk: de duivel doet iets om een grote hoop. Waar rijkdom is, ontstaat meer rijkdom, hier wordt een principe aangehaald dat doet denken aan de sympathische magie: waar is, daar komt, wat is, herhaalt zich. Is het waar? Als je in de wereld rond je kijkt, blijkt het wel waar te zijn. Mensen die macht hebben, krijgen steeds meer macht en degenen die machteloos zijn, ondanks al hun kreten en protesten, worden steeds meer machteloos. Misschien komt het wel omdat ze verkeerd streven: de machtigen streven naar een macht die hen verslindt, de machtelozen streven naar een macht dat zie niet kunnen bereiken en die het hen onmogelijk maakt zichzelf te zijn.

Elke waarheid moet beginnen bij uzelf. Dat is altijd een beetje moeilijk: zelfkennis is niet populair en wanneer ze populair wordt, dan vaak in de meer psychiatrische termen dat alles Freudiaans kan worden weg verklaard, of via Jung zijn laatste filosofieën tot een vaag onbekend gebied kan worden beperkt. Maar wat heb je eraan? Wanneer je een moord begaat en er kan verklaard worden hoe dat precies gekomen is, ressentimenten tegenover de vader of de moeder en al wat erbij komt, dan is het feit nog steeds aanwezig, de moord is begaan. Wanneer de mensen zeggen: je kunt gelukkig worden wanneer je anders wordt, dan is het niet erg makkelijk om anders te worden.

Nu blijkt dus in de psychiatrie één belangrijk facet te bestaan: de aanvaarding van de bron waaruit de verschijnselen ontstaan, daarmee kan je niets ongedaan maken. Je verandert ook niet, maar je erkent een deel van jezelf dat je nog niet erkend hebt, en daardoor wordt je meer een geheel, wordt een soort innerlijke gespletenheid die ontaardt in drangverschijnselen opgeheven. Als dat nu zo is met menselijke problemen: de strijd tussen het dagbewustzijn en het onderbewuste waarom zouden we dan aannemen dat bij die wonderlijke waarheid het anders ligt. Waarom zouden we niet aannemen dat de waarheid die we zoeken en niet kunnen vinden, niet reëel bestaat, wanneer wij dat deel waarheid dat in ons ligt, maar dat we proberen te ontwijken, aanvaard wordt. Het is een probleem waar de wereld in deze dagen veel mee te maken krijgt. Overal klinken stemmen die een nieuwe waarheid verkondigen, maar wat is waar?

Vele zogenaamde waarheden worden tot leugens, niet omdat zij in zichzelf geen deel van de waarheid zijn, maar omdat ze als het ware buiten de waarheid omtrent het ik, omtrent het leven, omtrent de Kosmos worden geplaatst. Er wordt een tegenstelling geschapen tussen iets wat heilig en onaantastbaar is en al het andere. Ik geloof dat je die dingen tezamen moet aanvaarden. Er zijn voldoende bv. van die vreemde resultaten die zoiets kunnen geven. Ik wil herinneren aan wat Cayce, een Amerikaan, die de meest wonderlijke zaken verklaarde en ook veel wonderlijke genezingen tot stand bracht, maar er zat een haakje aan. Sommige van die genezingen waren maar voorlopig en niet blijvend.

Wat is nu waarheid: Cayce gebruikt een bepaalde kracht, een bepaalde benadering, een bepaalde diagnostiek uit de geest, maar toch een bepaalde vorm, wanneer deze gebruikt wordt en ondersteund en aangevuld door de normale geneeskunde, dan zijn fantastische resultaten haalbaar, maar op het ogenblik dat men zegt de geestelijke weg is de enige of die andere weg is de enige, dan kun je niets doen, dan blijkt dat beiden te kort schieten. Dan ontstaat strijd, probeert de één de andere aan te vallen en te vernietigen, en wat blijft over? Niets, de waarheid werd gedood omdat men probeert delen van de waarheid tegen elkaar uit te spelen. Als je dit realiseert dan ga je begrijpen dat zoeken naar de waarheid ook is: aanvaarding.

De waarheid bestaat niet alleen uit de gehouden vaststaande feiten van vandaag, ze bestaat ook uit onzekerheden, uit de dromen van morgen en de vergane herinneringen van een verleden dat je liever anders wilt zien. U bent de mens, nietwaar, een mens; vanaf het eerste ogenblik van uw leven bent u aan het werk geweest om een deel van uzelf op te bouwen. Nu zit u hier en zo dadelijk gaat u ergens anders heen.

Alles, elke ervaring bouwt mee aan het beeld dat u van uzelf maakt, maar u verwerpt ook veel ervaringen. U wijst zaken af en in die afwijzing ontstaat de gespletenheid, in die afwijzing gaat uw waarheid ten gronde. U bent niet alleen goed. U bent goed en slecht. U kent niet alleen juiste feiten, u kent ook veel onjuiste feiten, u bent niet alleen oprecht, u bent ook, vooral wanneer het om uzelf gaat, zo nu en dan oneerlijk. Het zijn feiten die u rustig toe kunt geven want ze gelden voor elke mens evenzeer, maar dat betekent dat je eigen waarheid van het ik iets anders is dan wat je denkt te zijn. Het betekent dat het totaal van je mogelijkheden en je reactie, anders is dan je nu meent te mogen veronderstellen. Het betekent bovenal dat je mogelijkheid om iets meer te ervaren, iets dichter te komen bij die absolute waarheid langs die vele wonderlijke kronkelwegen die ons de weg naar de waarheid nu eenmaal pleegt te bewandelen, dat die op niets uitloopt. Het is gemakkelijk genoeg voor een mens om te vechten. Geloof mij het is gemakkelijker om te sterven dan voor een ideaal, dan het daadwerkelijk te beleven. Het is veel gemakkelijker om te zeggen: ach ik strijd voor de waarheid, dan u te realiseren dat de waarheid waarvoor je strijdt niet de gehele waarheid is, maar een deel ervan. Het is veel gemakkelijker om te zeggen: ja maar hier moet dan God of de geest of wie dan ook ingrijpen, dan te zeggen: ik heb gefaald en in de erkenning van mijn falen, kom ik tot een nieuwe erkenning, een erkenning waaruit ik dan verder ga.

Het zoeken naar waarheid, het zoeken naar leven, het zoeken naar kracht zijn allemaal een groeiproces maar het is een groeiproces dat niet zonder pijnen verloopt, het is een proces waarbij je zelf, hoe dan ook, probeert te voorkomen dat je rijper wordt. Een mens houdt van zijn zekerheden, van zijn verworvenheden, hij zou de wereld willen bedriegen, althans voor wat hemzelf betreft en hij zou daar om zich heen alles willen groeperen zoals hij het ziet. Kijk, dat kan niet.

Laten wij een paar voorbeelden nemen die misschien verhelderend werken. De stellingen van een Marxistisch Socialisme hebben, zij het in stoffelijke termen, zeer veel gemeen met het Christendom, dat tussen deze beiden in feite geen strijd zou mogen bestaan. Toch is die strijd daar. Waar komt hij uit voort? Uit de praktijk, de praktijk waarin de macht niet de macht is van de gemeenschap, maar de macht ontleend aan de gemeenschap, geprojecteerd in één enkele persoon, waarbij het Christendom niet is een wijze van leven, het leven met een innerlijke kracht en zijn uitingen, maar eerder een gebondenheid aan een leer, een dociel aanvaarden van de leerstelligheden die je worden opgelegd en verder doen zoals je gewend bent. We kunnen nu iets bereiken, er zijn nu twee wegen, we kunnen een mens vrij maken met hem slaaf te maken, we kunnen een mens geestelijk vrij maken door zijn gedachten te ketenen, in beide gevallen moet je neen antwoorden. In beide gevallen is het dus onmogelijk dat er volledige waarheid is en toch zijn de richtlijnen goed en dat brengt ons weer terug tot de mens, het is niet de leer of die nu van Jezus komt of van Marx of van Mao of van een ander, die fout is. Het is de mens die probeert haar te buigen naar zijn inzichten die niet alleen maar zelf geconditioneerd wordt door de leer, maar die gelijktijdig probeert de leer zo de conditioneren dat zijn niet juiste ik-beeld daardoor scherper in het focus wordt gebracht en hij zo dus voor zijn eigen gevoel meer betekent, maar dat is voor zijn eigen gevoel. Er zijn heel veel pausen gestorven, de kerk bestaat voort. Dat is één van de wonderlijkste dingen op aarde, want als je rekent met alle dwaasheden die de kerk begaan heeft, in de loop van haar geschiedenis, dan is dat inderdaad een wonder dat de kerk van Rome bestaat en dat het Christendom niet sinds lang is overspoeld door andere denkbeelden die minder dwingend zijn.

Wat het Marxisme betreft, kijk naar de dictators die eruit zijn voortgekomen, kijk naar de concentratiekampen die meer ter bescherming van de macht, en niet van het volk, heeft gevuld met andersdenkenden en tegenstanders, kijk naar de angst die men heeft voor de andersdenkenden en u zult begrijpen dat de waarheid in al deze systemen mee aanwezig is, de waarheid van het juiste leven, van het juiste beleven, van het juiste geloof, maar dat ze door de mens zijn omgevormd.

Het erkennen van die waarheid is de eerste stap naar een aanvaarding van hetgeen in jezelf leeft. Wij spreken voor de Orde, naar beste weten en kunnen, nu is het de ene spreker dan de andere, dat wil zeggen: het is altijd betrekkelijk, nooit definitief. Hetgeen we zeggen is vaak eigen mening, dat zeggen we er dan bij als we iets zeggen uit eigen ervaring is het onze persoonlijke ervaring, niet noodzakelijk de uwe. Maar hoeveel bouwen zich uit dit alles niet een onveranderlijk en vast beeld van wat zou moeten zijn.

Zodra je een systeem maakt, kan de waarheid niet bestaan, de waarheid is de kracht juist die elk systeem voortdurend vervormt, voortdurend nieuwe visies opent op leven en wereld en daaruit op den duur de mens doet beseffen hoe in de relativiteit van alle voor hem schijnbaar onomstotelijke waarheden de werkelijkheid bestaat. Het is de betrekkelijkheid, de niet bepaalbaarheid, daaruit komt de waarheid voort.

En wat is de waarheid dan voor een mens zelf? Ik zou zeggen voor een mens is de waarheid dat hij op het ogenblik dat hij ophoudt te zoeken naar zijn eigen waarheid, en probeert zijn eigen beweegredenen te erkennen, ophoudt in waarheid te leven, ophoudt zich te ontwikkelen, een soort mechanistisch deel wordt, van een maatschappij die daardoor overheerst, vaak zelf zich niet ontwikkelen kan.

Een mens die kreten, leuzen, geschreven woorden in de plaats stelt van zijn innerlijk ervaren, zijn werkelijke reactie op de wereld, zal de waarheid niet vinden maar op het ogenblik dat hij zegt: nu weet ik het niet meer, op het ogenblik dat hij in zichzelf zoekt omdat er geen andere weg meer is dan alleen in jezelf te zoeken, dan overschrijdt hij een grens, worden doodlopende wegen plotseling poorten tot andere mogelijkheden, dan worden schijnbaar onmogelijke zaken opeens mogelijk. Dan kunnen bij wijze van spreken, de lammen wandelen, de blinden zien, dan kunnen de onwetenden profeten worden en kan zelfs de wijze in hervonden kinderlijkheid God belevend zonder één ogenblik zich af te vragen of die beleving wel rationeel is. De rede is een werktuig, de innerlijke werkelijkheid is datgene waaruit u leeft, de waarheid is datgene dat innerlijke werkelijkheid der verschijnselen buiten jezelf tot een eenheid maakt, waarin je voortdurend rijper wordt en gelijktijdig voortdurend juister kunt werken met alle mogelijkheden en middelen die in en rond je bestaan. Hoe dichter je bij de waarheid komt, hoe meer de wereld verandert, hoe dichter je bij de waarheid komt hoe meer je, soms zonder het zelf te beseffen, zelf verandert, hoe dichter je bij de waarheid komt, hoe kleiner de raadselen worden maar ook hoe minder zekerheden er zijn, waarop je je wilt beroepen.

Wie weet hoe onwaar de schijn van waarheid is, hij zal een waarheid vinden, een waarheid die verandert, weer tot raadsel wordt en dan tot meer kracht en onbegrepen zijn en die verandert toch weer in besef, in nieuwe waarheid, in nieuwe vragen, nieuw beleven, nieuwe dagen en nieuwe schijn van werkelijkheid.