Eenzaamheid

image_pdf

5 oktober 1981

Eenzaamheid is geen toestand, maar een mentaliteit. Je bent niet eenzaam, maar je zoekt eigenlijk een oude toestand te herstellen. Onbewust. Al is het maar door een vervanging te scheppen, of iets anders: maar dat oude dat wil ik weer. En dat is het enige wat niet kan.

Weet u, er bestaat natuurlijk eenzaamheid. Ook in de sferen. Maar ook wanneer we daar kijken, dan is die eenzaamheid helemaal niet een product van een noodlot of zo. Het is altijd iets wat je zelf veroorzaakt.

Wanneer u bij ons kijkt, (nou ja, u komt allemaal bij ons ter enigerlei tijd; u hoeft u niet te haasten. We hebben genoeg mensen), maar dan ga je wel eens proberen om iemand te bereiken die in het duister zit, zoals dat heet. En dan vind je werkelijk entiteiten die eenzaam zijn. Maar Waarom? Omdat ze zich hebben afgesloten van alle dingen die wáár zijn en die ze niet wáár willen hebben.

Ze willen zichzelf niet tonen zoals ze zijn.

Ze houden zich bezig met zaken die allang niet meer belangrijk zijn. Er zijn mensen die in hun eenzaamheid niets anders doen dan geld tellen dat onder hun vingers verdwijnt. Nou, dat is geen leuke bezigheid.

Wanneer je naar die mensen kijkt, dan zeg je: Ja, jullie zijn nu wel overgegaan, jullie zitten in het duister; jullie zijn eenzaam. lk ben het met jullie eens, maar het ligt ook aan jezelf.

Op het ogenblik dat je de feiten onder ogen durft zien ten aanzien van de wereld en ten aanzien van jezelf, dan is dat duister ineens weg. Het is als een gordijn dat zich oplost in het niets. Alleen weet dan eenieder hoe en wat je bent. En ik moet eenieder aanvaarden zoals hij is. Je kunt niet meer dromen.

Maar wanneer je dat doet, dan is de eenzaamheid voorbij. En misschien dat ik daarom niet ten onrechte heb gezegd: Eenzaamheid is vooral een mentaliteit.

Je wil iets, maar wat wil je in feite?

Dan zijn er mensen die zeggen: Ja, maar ik mis lichamelijk contact.

Nou ja, granulair is dat te verklaren, maar is dat eenzaamheid? Dan zou honger ook eenzaamheid zijn. Als je honger hebt, dan eet je. Wanneer je die contactarmoede ervaart, nou ja goed, dan moet je ze oplossen. Hoe dan ook. Maar dat is een kwestie die van jezelf uitgaat. Je kan niet tegen de wereld zeggen: “Dat vind ik leuk. Dat wil ik hebben.” Maar je kunt wel degelijk tegen die wereld zeggen: “Ik ben bereid je te aanvaarden zoals je bent en er het beste van te maken.” Dan verdwijnt die eenzaamheid.

Ik weet niet of u zich hebt bezig gehouden met alle gevallen waarin deze isolatie, want dat is het eigenlijk, optreedt. Er zijn mensen die hunkeren naar contact, maar om de een of andere reden durven ze dat niet. En wanneer ze het een keer doen, ach, dan gaat het net mis. En dan durven ze het helemaal niet meer. Mensen die langzaam maar zeker wegkrimpen tot zij uiteindelijk in een ontstellende woestijn van zichzelf ronddolen, en de moed niet meer hebben om te kijken of er buiten nog enig signaal is dat misschien betekenis heeft. Die komen dan in een of andere kliniek terecht. Maar zijn die mensen eenzaam omdat er niets is in de wereld ? Of zijn ze eenzaam omdat ze niet willen aanvaarden wat er is in de wereld, en wat er in henzelf bestaat?

Dat is toch de eerste vraag die je op moet lossen.

Ik kan u uiteindelijk alleen maar suggesties geven. Er is niemand die u kan zeggen: Zo moet u uw eigen problemen oplossen. Dat moet u altijd zelf doen. Maar realiseer u dan wel dit ene: uw eenzaamheid, wanneer u die ervaart, komt voor een groot gedeelte voort uit uw verkeerde benadering van de wereld en van uzelf.

Je kunt heus overal – zeker in een overbevolkt land als Nederland – contacten leggen. Je kunt met de mensen praten. Je kunt wel degelijk ook gehoor krijgen voor de dingen die jou interesseren. Maar niemand interesseert zich in een litanie van zelfbeklag. Wanneer je probeert om altijd maar weer zo goed mogelijk er tegenaan te gaan, dan vind je overal wel mensen die je begrijpen. Maar soms voel je je toch afgestoten. Je meent dat die ander je niet voldoende waardeert, of je op een andere manier zou moeten zien. En daarom houd je afstand. Alweer: Je bent niet bereid te kijken  wat er werkelijk gaande is. Je hebt een beeld en daar houd je aan vast.

Doorbreek je dat isolement, dan blijkt ineens heel vaak dat die ander, waar je eigenlijk voortdurend giftig tegen was, best mee te vallen. Dan blijkt heel vaak dat alle illusies die je hebt opgebouwd omtrent mensen, in elkaar storten als een kaartenhuis.

Wie met de werkelijkheid leeft, die hoeft niet eenzaam te zijn. Wie eenzaam is, weigert de werkelijkheid te erkennen omtrent zichzelf en omtrent de ander.

Nu kun je daar hele verhalen aan vastknopen. Het is reuze gemakkelijk om te zeggen: Ja, maar eenzaamheid overspoelt deze moderne mensheid. Dat is waanzin. Mensen wonen opgestapeld in flats. Ze kennen misschien elkaar van het groeten op de trap, en misschien lenen ze elkaar wel eens het een of ander. Maar ze weten eigenlijk niet eens wie of wat de ander is. Wat meer is: wanneer er eens iemand is die zich daar wel voor interesseert, dan wordt dat heel snel als opdringerigheid ervaren. Maar waar komt dat uit voort? Uit een te groot egocentrisme? Wanneer je alles alleen maar wil zien en interpreteren in relatie met jezelf, dan loop je vast. Wanneer je voortdurend vanuit je eigen standpunt probeert anderen van je eigen belangrijkheid, interesses of wat anders te overtuigen, dan zul je in negen van de tien gevallen nul op het rekwest krijgen.

Maar wanneer je gewoon voor iedereen net iets meer hebt dan alleen maar ‘goedendag’, een vraag misschien, of een complimentje, dan blijkt dat er wel degelijk een relatie mogelijk is.

Alleen het nadeel is natuurlijk: Je moet de ander benaderen op basis van die ander en niet vanuit jezelf.

Wanneer je kijkt naar een grote stad, dan zijn er buurten waar de mensen elkaar kennen en waar zij met elkaar omgaan, en er zijn ook omgevingen waarin men elkaar eigenlijk ook weer niet kent, of misschien zelfs niet wil kennen. Waarom nu weer?

Omdat men zijn eigen belangrijkheid afmeet aan zijn eigen oordeel. Laten we het heel, heel typisch zeggen: Er zijn toneelgezelschappen waarbij de toneelknecht en de rekwisiteur wezenlijk deel zijn van de familie. In dat geval werken ze beter, en wat meer is, men helpt elkaar, en er is een prettige sfeer. Ook al wordt er hard gewerkt.

Er zijn ook gezelschappen waarin alles wat achter de schermen staat eigenlijk ‘tweede klas’ is, en ook dat is nog ingedeeld in rangen, want de hoofdbelichter is meer waard dan de man die alleen maar de set-stukken moet verplaatsen. Waarom? Dan gaan die mensen geïsoleerd leven, maar het worden ook aparte clubjes. Dan heb je het clubje van sjouwers, van knoppendrukkers en trekkenhalers, dan heb je de acteurs, en dan hebben we natuurlijk daarbij nog degenen die moeten zorgen voor de sound en de ditte en datte, want tegenwoordig is het allemaal heel erg ingewikkeld. Maar elk denkt alleen vanuit zijn eigen standpunt.

De acteur: ‘Hoe kom ik het beste uit.’

De rekwisiteur: ‘Als die rommel maar op z’n plek ligt.’

De belichter: ‘Nou, als dat decor nu maar in het goede lichtje staat.’ Dan moeten ze maar zorgen dat ze op hun plaats staan als er een volgspot nodig is.

Zo gaat dat. En dan loopt het net allemaal stroef. Iets minder goed. En men maakt elkaar verwijten. En wat is het resultaat? Dat men met meer inspanning, én ten aanzien van het publiek, én ten aanzien van de eigen werkvreugde, veel minder bereikt.

Het klinkt misschien waanzinnig wanneer je dit zo zegt. Misschien zijn er aanwezigen die er iets van weten, misschien ook niet. Dat hindert ook niet.

Kijk, eenzaamheid ontstaat door de kliekjesvorming. Wanneer alle christenen zich als christenen gedragen, dan is het leven in een christelijke gemeenschap een vreugde. Want eenieder heeft je lief als zijn naaste. Wanneer je uitgaat van: onze eigen groep is de enige echte, de rest deugt niet, dan kan er niets eenzamer zijn als één katholiek in een gereformeerd dorp, of het omgekeerde, een gereformeerde in een katholiek dorp. Waarom eigenlijk? Omdat men kunstmatig een onderscheid maakt waar het niet bestaat. Een onderscheid van rang of van stand. Een onderscheid misschien zelfs van progressiviteit of van behoudendheid. Dan praat je niet echt met elkaar. Dan wil je elkaar niet zien als datgene wat die ander is, en benaderen zoals die ander is. Dan wil je eigenlijk alleen maar op je eigen spreekgestoelte staan en de waarheid van je ideeën of de hoogheid van je persoonlijkheid verkondigen.

Arthur France heeft een keer gezegd: “Een veelheid van predikers is vergif voor de menselijkheid.”

Hij had nog wel meer van die hatelijke gezegden, maar dit is een stukje uit een brief. Had hij eigenlijk geen gelijk?

Je zou kunnen zeggen: Eenzaamheid komt voort uit het onvermogen om je eigen normaliteit en gelijkwaardigheid met anderen te aanvaarden.

Dan zeggen de mensen: Ja, maar ik bedoel het goed. Ik heb dat toch altijd wel gewild. Maar men geeft mij geen antwoord.

Nu zijn er mensen die zeggen: Eenzaamheid is verlatenheid.

Dat is helemaal niet waar. Eenzaamheid kan bijvoorbeeld ontstaan in een huwelijk. De kinderen zijn groot geworden, vader heeft zijn bedrijf, en moeder heeft weer andere interesses. Ze ontmoeten elkaar eigenlijk steeds minder, en op den duur is er een vaag soort vriendschap overgebleven, plus een reeks gewoontegebaren. Nu zijn zij allebei eenzaam. Want vader vraagt zich niet af wat er in moeder leeft, en moeder houdt zich bezig met haar eigen denkbeelden en niet met de zorgen vader. Eenzaamheid. Zeker. Die mensen zijn eenzaam. Maar ze zijn eenzaam, doordat ze vanuit zichzelf willen leven en denken en niet vanuit de ander.

Men zegt: De kinderen komen zo weinig. Een bekende klacht misschien.
Elke zondag zou ik klaar zitten met de koffie en koek, maar ze komen maar niet. Goed, die kinderen hebben ook hun eigen leven en misschien hun eigen kinderen.

Wanneer u werkelijk betekenis heeft voor hen, in hun termen, dan komen ze wel. Maar ze zullen nooit komen omdat u betekenis geeft aan hun bestaan volgens uw normen. Kinderen zijn geen verlengstuk van u. Op het ogenblik dat u dat gaat begrijpen, kunt u contact met ze krijgen. En dan bent u ook niet eenzaam meer.

Maar op het ogenblik dat u denkt dat zij u moeten erkennen voor wat u zou willen zijn, en misschien niet altijd bent, dan stelt u als vanzelf een grens die kinderen steeds moeilijker overschrijden. En dan komt er een ogenblik dat ze inderdaad zeggen: “Nu ja, berg die ouwe nu maar op, hoor. Is er geen tehuis voor ouden van dagen in de buurt? En bovendien kunnen ze die meubels niet meenemen, want dat notenhouten kastje dat wil ik ook nog wel hebben.”

En dan klinkt dat zo hard. Maar het betekent alleen dat u het zover hebt gebracht dat een kastje meer waard is dan u. En dat komt niet alleen maar omdat zij zo gierig en hebzuchtig zijn. Dat komt ook omdat u ergens tekort bent geschoten. Het klinkt hard. Dat weet ik. Maar is het nietwaar?

Ze vragen wel eens: Wat is een recept voor eenzaamheid?
Nu, ik heb al gezegd: Vaste recepturen bestaan niet.
Maar er zijn een paar punten die je misschien zou kunnen opsommen:

In de eerste plaats: Mediteer eens wat. Keer eens wat in jezelf. Probeer te begrijpen dat het feit dat je leeft, in zichzelf al betekent dat je niet alleen, dat je niet eenzaam bent.

In de tweede plaats: Wees niet bang dat een ander je als gek zal zien (uiteindelijk ben je het waarschijnlijk toch, nietwaar…. dus dat is zo erg niet). Durf naar de ander te gaan. Wacht niet tot het naar jou toekomt.

In de derde plaats: Probeer te begrijpen wat andere mensen denken. Wat voor hen belangrijk is.

Richt u ook in uw contacten met hen steeds dáár op. U zal ontdekken dat ze dan ook de tijd vinden, al duurt het soms even om te luisteren naar wat voor u belangrijk is.

En ten laatste: Besef nu maar één ding: uw leven met alle eenzaamheid, of niet eenzaamheid, gaat voorbij. Wanneer u bereid bent uzelf te aanvaarden zoals u bent, met al uw fouten, dan zal u waarschijnlijk die eenzaamheid in de wereld al niet kennen. Maar het is wel zeker dat u dan na de dood een absolute verbondenheid kent.

De pijnen van het leven op aarde zijn voorbijgaand. Alleen de pijnen die je jezelf geestelijk aandoet, hebben een lange levensduur. Leef daarom als mens tussen de mensen. Maar probeer voor jezelf zo eerlijk te zijn als een geest wel moet zijn wanneer hij contact met een ander heeft.

Ik zeg niet: Geef jezelf in uiterlijkheden. Dat is dwaasheid. Maar durf dat wat je bent met anderen te delen. Gewoon de eerlijke werkelijkheid, met je tekortkomingen, met je problemen en met je fouten. U zal ontdekken dat er altijd wel ergens een antwoord is, en dat door dat antwoord zelf al, de eenzaamheid verbroken wordt.

Goed. Maar heeft u zich ook afgevraagd waarom, met al uw goede wil, u dat antwoord niet krijgt?

Is het misschien zo dat u vanuit uzelf hebt geredeneerd, en niet geprobeerd hebt vanuit het standpunt van een ander de zaak te bezien?

Ik weet dat ik nu uitbarst in allerhande predikatie-achtige uitroepen. Dat is met een onderwerp als dit de gemakkelijkste oplossing. Dus zou ik over willen gaan naar een ander punt.

Een mens is geconditioneerd. En conditionering is niet zoals men denkt, alleen maar een wijze van leven of denken. Het is wel degelijk ook een gewenning die zo sterk is, dat men meent zonder bepaalde dingen eenvoudig niet te kunnen bestaan. En zegt u nu niet dat het onzin is, want er zijn mensen die liever verhongeren dan in een goedkoper huis te gaan wonen. Er zijn gezinnen die alles wat geen bovenkleding is op een koopje doen, omdat de auto voor de deur staat.

Dan kunt u zeggen: Ja, dat is een beetje dwaas. Maar is het wel zo dwaas, om het zo te zeggen?

Ook daar ligt een bron van eenzaamheid. Men overschat de zaken. Men ziet de zaken verkeerd. En wat is het resultaat? Men geeft nadruk aan overbodigheden. En met nadruk en overbodigheden vergeet men de essentie. Het leven is een moeizame zaak, heus. Het leven is niet altijd even gemakkelijk. En ik ben niet diegene die u zal zeggen dat het zo gemakkelijk is om te leven. Maar elk ogenblik stelt zijn eigen eisen. Elk ogenblik heeft zijn eigen mogelijkheden. En dan moet je je niet binden aan bepaalde zaken als de auto voor de deur, het eigen huisje, de erkenning van de buren, of misschien ‘abonnement’, ik weet niet waarom ze dat altijd zó zeggen. Maar dat is in die kringen gebruikelijk, het abonnement voor een of andere opera waar men zingende sterft (daar zou je als eenzame veel van kunnen leren.…. ), of concerten waarbij oorstreling en oorverdoving vaak worden afgewisseld.

Kijk, het is natuurlijk wel zo dat je je stand een beetje op moet houden. Dat is conditioneren. Dat is wel nodig. Het gaat er maar om wat jij bent en wat jij doet. Het gaat er niet om dat anderen jou op een bepaalde manier waarderen. Het gaat er om dat jij om jezelf gewaardeerd wordt, en dat jij anderen waardeert. Niet om datgene wat ze schijnen te zijn, maar om hetgeen ze in zich dragen.

Psychologisch gezien is eenzaamheid wel verklaarbaar. Juist door die conditioneringen, door die enorme gewoontevorming. En heel vaak ook door de enorme angst die men heeft om zijn eigen ik-beeld aangepast te zien.

Maar aan de andere kant, hebt u dan nu geen geestelijk gezelschap dan? Oh, u bent niet helderziend of helderhorend? Nu, dat geeft niet. Wanneer u werkelijk gewoon geconcentreerd denkt aan rust, dan komt er een kracht die u die rust geeft. Wanneer u zich werkelijk bezig houdt met zaken die niet alleen uzelf betreffen, dan ontdekt u krachten en mogelijkheden waar u nooit over hebt nagedacht. En dan bent u niet helderhorend en niet helderziend en niet paranormaal begaafd volgens de mensen, maar u krijgt wel een antwoord.

Wanneer wij een vraag stellen in de kosmos, stellen wij die vraag niet aan de ander, maar in wezen aan onszelf. Wanneer wij eisen stellen aan anderen, sommen we in feite onze eigen tekortkomingen op. Dat vindt u niet leuk, maar het is wel zo.

Wanneer wij zeggen dat de wereld zo disharmonisch is, dan moeten we wel begrijpen dat in elke disharmonie onze eigen plaats mede bepalend is. Als u geboren als ‘G’, als ‘Gis’ door het leven wil gaan, dan komt u met de rest van de melodie voortdurend in ruzie. En dat moet u onthouden: niet wat ik ben, maar wat de wereld is, dat is belangrijk. Niet hoe die wereld mij beschouwd is belangrijk, maar hoe ik die wereld kan beleven. En dan ben je een heel eind weg van die, nu moet ik zeggen: eenzaamheid,

Commentaar, vragen of opmerkingen?

Vragen

  • Wat bedoelt u met die pijnen die jezelf geestelijk aangaat?

Wanneer u voortdurend bang bent voor contact, bang bent dat de werkelijkheid omtrent uw eigen wezen en uw innerlijk leven, enz., dat dat te gemakkelijk in de wereld bekend zal worden, dan bent u dus voortdurend bezig om u op bepaalde punten af te sluiten van de mensheid en van de wereld. Ook wanneer u er een aardig frontje voor zet.

Nu kun je dat op aarde doen. Daar kun je uiterlijkheden als vervanging voor waarheden gebruiken. Daar is zelf een hele wetenschap op gebouwd, die heet politicologie. Maar wanneer je in de geest komt, dan word je geconfronteerd met het óf volledig contact opnemen, of niet contact opnemen. Daar kun je niet zeggen: Ik laat alleen mijn beste kant zien. Daar moet je jezelf helemaal laten zien zoals je bent. En ook de ander zal zich volledig moeten tonen zoals hij is. Zonder dit is er geen contact mogelijk. Wanneer je nu voortdurend bezig bent om delen van jezelf als het ware te onderdrukken en weg te werken, en wanneer je je voortdurend bezig houdt met illusies omtrent jezelf en de feiten weigert te erkennen, en je komt dan in de geest, dan heb je een soort trauma. Dan zeg je: Ja, maar dat kan niet. Dat kan ik niet laten zien. En dan val je weg in werelden van schaduw en duisternis, die alleen bestaan omdat je niet bereid bent de werkelijkheid van het zijn en je eigen wezen te accepteren.
Daarom sprak ik over geestelijke wonden.

  • Heeft groepsreïncarnatie daar iets mee te maken?

Nou, je kunt in een groep incarneren, en toch eenzaam zijn.
Je kunt alleen incarneren en het beste leven van de hele wereld hebben, omdat je met iedereen contact heb. Met andere woorden: contactarmoede komt voor een groot gedeelte uit je eigen levenshouding voort. Of je nou in een groep incarneert of niet. In een groepsincarnatie zul je misschien meer oude bekenden aantreffen, dat is een feit, maar een groep die incarneert bevat niet alleen uw vrienden of vriendinnen, maar ook uw vijanden of vijandinnen.

Met andere woorden: het conflict blijft net zo goed aanwezig in die incarnatie. De meeste mensen denken: De dood, dat is net een stufje. Daar gum je alle slechte dingen mee uit, en als je weer incarneert begin je als een onbeschreven blad. Nu, dan toch wel als een onbeschreven blad dat toevallig nog niet bedrukt is in een feuilleton die eindeloos lijkt. lk hoop dat het duidelijk is.

Nou, het schijnt dat we er doorheen zijn. U heeft nu allemaal zitten luisteren. U bent dus, althans op dit ogenblik, niet eenzaam, want u luistert gezamenlijk. Als u zich ervan bewust bent dat men gezamenlijk hier en daar zich geamuseerd, geërgerd, verveeld of zelfs geroerd heeft gevoeld, dan kunt u tegen uzelf zeggen: Nou, ik was ook geroerd. Ik hoor er ook bij.
Als je maar begrijpt dat je erbij hoort, dan ben je al voor een groot gedeelte over dat isolement heen.

Laat ik maar hopen dat al degenen die zich eenzaam voelen, ondanks alles, afstand doen van de komedie: Het zich groot houden en proberen meer te tonen dan ze werkelijk zijn aan de mensheid. Laten we hopen dat elke geest die nog weigert te erkennen wat ze wezenlijk is, in staat zal worden gesteld zichzelf te aanvaarden en daardoor het contact met anderen, dat men het Licht, of Zomerland, of de Werelden van de Vrije Geest, noemt.

Ik denk niet dat we over dit onderwerp nog veel na moeten praten, dus meen ik dat ik hier gevoeglijk kan eindigen.

image_pdf