Energiesferen in de mens

image_pdf

20 maart 1987

Wij zijn niet alwetend of onfeilbaar, ik hoop dat u er dus zelf over nadenkt. Wij gaan spreken over: de energiesferen in de mens.

Een beetje raadselachtige titel voor velen, maar ik zal proberen het zo simpel mogelijk te vertellen.

Wanneer je de menselijke aura kunt waarnemen, dan kun je daarin een aantal kleuren zien. Het blijkt dat dicht bij het lichaam een lijn ligt, die geel en soms ook rood gevlamd is. Je zou kunnen zeggen: dat is warmtestraling. Deze energie op zichzelf heeft weinig om het lijf. Ze is het product van omzettingen in het lichaam, ze is zuiver lichamelijk, maar kan onder bepaalde omstandigheden toch gebruikt en gericht worden bij eenvoudige genezingsprocessen.

Kijken wij daarbuiten, dan zien we een tamelijk breed aureool, dat goudkleurig pleegt te zijn. We vinden er soms tinten van groen in. Deze uitstraling is voor drie kwart mentaal, voor een kwart astraal.

Het is in feite de weergave van de levenskracht zoals die in de mens circuleert, de odd-kracht zo u wilt – andere benamingen bestaan er ook voor. Deze kracht kan eveneens gebruikt worden voor genezing, maar ze is bv. ook de basis van vele telekinetische verschijnselen. De breedte van deze band om uw lichaam heen varieert nogal. Hoe groter uw eigen energie, hoe breder die band schijnt te zijn.

Daarbuiten vinden we een gebied, waarin voornamelijk blauw aanwezig is, in vele verschillende varianten overigens, en deze uitstraling is voor het grootste gedeelte van zuiver geestelijke origine.

Zij kan gebruikt worden bv. voor genezingen die het zenuwstelsel mede betreffen, zij kan gebruikt worden voor allerhande inspiratieve, telepathische en andere communicaties.

Daarbuiten echter – en dat is bij een lichaam niet te zien – heb je nog een aantal geestelijke voertuigen, die tot het werkelijke IK behoren. Het werkelijke IK, ook wel superego genoemd, is in feite een kern van wat wij dan maar – bij gebrek aan beter – het goddelijke licht noemen, waaromheen een groot aantal verschillende schillen zitten (stelt u zich een soort geestelijke ui voor – alleen hoef je er meestal niet van te huilen), en elk van die schillen heeft een eigen vibratie. Over het algemeen gaat het hier om zeven tot tien verschillende uitstralingen.

Elk van deze uitstralingen heeft bijzondere kwaliteiten, kan voor bijzondere doeleinden gebruikt worden, en zover het de zuiver geestelijke waarden betreft, zijn ze heel vaak in staat uit hun eigen sfeer – hun leefwereld dus, hun bewustzijnswereld – energieën af te takken en deze dan te leiden naar lagere voertuigen toe.

Wanneer we alles bij elkaar pakken, dan kunnen we zeggen dat de gemiddelde mens ongeveer een twaalf tot zeventien energiesferen heeft.

Waarom noemen we het SFEER?

Wel, het is een enigszins bolvormig of ovaal geheel en manifesteert zich, wanneer het ook geestelijk kenbaar is, over het algemeen rond het menselijk lichaam omdat de IK-voorstelling van het menselijk lichaam kennelijk bindend werkt voor deze energieën. Omdat ze alle een verschillend trillingsgetal hebben, en eigenlijk ook anders zijn in uiterlijk, in kwaliteit, in inhoud, in vermogen, zeggen we daarbij verder dat zij verschillende sferen zijn.

Ik hoop dat ik daarmee het begrip van die sferen duidelijk heb gemaakt. Als het nog niet het geval is, denkt u dan aan de oude Griekse voorstelling van hemelsferen, waarbij men aannam dat alle sterren en planeten een eigen sfeer als het ware vertegenwoordigden, waarbij de verre sterren dan tot de hoogste of laagste sferen behoorden.

Wat is eigenlijk hier de kern van de zaak? Op het ogenblik dat ik een hoog voertuig of misschien zelfs de ziel zelf – al is dat niet erg aannemelijk – zou kunnen activeren, dan heb ik niet alleen te maken met energie, maar ik heb te maken met energie van een buitengewoon hoog trillingsgetal. Wanneer je die omvormt naar beneden toe, krijg je van een lagere trilling veel meer energie. Maar de meest simpele uitleg is natuurlijk deze: probeert u het maar gewoon met een steentje. Als u het vanaf 5 cm op uw tenen laat vallen dan voelt u niets, maar doet u het van bij uw hoofd, dan voelt u wèl iets. Als het van de kerktoren naar beneden komt, dan moet u zich laten verbinden hij de EHBO-post. Toch hetzelfde steentje, maar de afstand die het valt, heeft kennelijk te maken met het doorslagvermogen.

Je zou kunnen zeggen: voor een mens op aarde geldt datzelfde ten aanzien van de energiesferen. Hoe verder de energiesfeer van de zuiver stoffelijke wereld verwijderd is, hoe groter de potentie van de energie wanneer zij van daaruit naar een lagere sfeer wordt doorgesluisd.

Wat doe je met die energiesferen? In de eerste plaats: je kunt geen hoge geestelijke energieën transformeren naar een lagere vorm, wanneer er geen minimum aan lichamelijke energie, aan zenuwkracht en levenskracht aanwezig is. Dus: proeven nemen met hogere energieën, wanneer je eigenlijk lichamelijk niet in orde bent en mentaal gezien nogal mismoedig, is onzin! Wat er gebeurt, is niet te zeggen, maar komt er energie, dan is het heel waarschijnlijk dat u het gevoel krijgt dat u door een bliksem getroffen bent!

Om je eigen energie op te voeren zijn een paar dingen belangrijk. In de eerste plaats: zorg dat u een uitgebalanceerde voeding hebt! Dat alle stoffen, die u nodig hebt in uw lichaam, zoveel mogelijk in de juiste verhoudingen kunnen worden opgenomen.

In de tweede plaats: zorg ervoor dat u, waar het maar even mogelijk is, in de frisse lucht bent en haal daarin diep adem. Maar volsta niet met het alleen inademen, doch zorg ervoor dat u zo volledig mogelijk uitademt. Hierdoor neemt u uit de omgeving energie op. Voor een deel is dat de statische lading van de atmosfeer en die is voor uw zenuwstelsel goed; voor een deel is het nog iets anders en dat noemen we dan maar levenskracht, ofschoon je het misschien chemisch zou kunnen vergelijken met de aanwezigheid van ozon en iets van bariumdamp.

Wanneer je dat in je opneemt, dan wordt het geheel van je eigen levensstromen sterk geactiveerd. Je beschikt dus eigenlijk niet alleen over lichamelijke energie, maar daarnaast over wat men zegt ‘levensenergie’ .

Heb je daar teveel van, dan kun je die projecteren. Je kunt ze gebruiken voor genezing en wanneer er nog wat astrale energie bijkomt, dan kun je er ook heel aardig de poltergeist mee uithangen.

Wanneer je bovendien nu hogere krachten kunt opwekken, dan blijkt dat zij omgevormd worden tot energie, die op dat ogenblik als het ware in beweging is.

Als u bezig bent met genezen, dan kunt u rustig van mij aannemen dat driekwart van hetgeen u overdraagt levenskracht is. Maar in tegenstelling tot iemand, die alleen met zijn eigen energie werkt, daardoor uitgeput raakt, en uiteindelijk ook maar zeer beperkt resultaten kan bereiken, zal iemand, wiens geestelijke voertuigen geactiveerd zijn, bijna onbeperkt over de levenskracht kunnen beschikken, zolang er een werking wordt uitgestraald.

Je krijgt dus veel meer mogelijkheden.

Wanneer je astrale krachten geactiveerd hebt – en dan zitten we al een klein beetje op de grens van het tweede en derde gedeelte van de uitstraling van de aura zoals ik die omschreven heb – dan krijg je bovendien mogelijkheden om te werken via niet zichtbare materie. Tafeldansen, een van de verschijnselen die nogal eens voorkomt daarbij, maar evengoed de piano even versjouwen. De energie die je nodig hebt, is veel minder dan je denkt, omdat je in wezen de relatie tussen materie en de omgeving verandert.

Je zou kunnen zeggen dat deze energie, wanneer het verschijnsel echt is, bv. aansprakelijk is voor het bekende Geller-effect. U weet het wel, die vork die ineens slap hangt. Wat gebeurt er namelijk? Je verandert tijdelijk de structuur in je omgeving.

Dat betekent voor metalen, die direct met je in aanraking zijn, dat er een spanningsveld ontstaat tussen je aanwezige levensenergie en de astrale energie.

Dit resulteert in een minder sterke binding van de moleculen en daardoor wordt het metaal plooibaarder en kan zwaartekracht of lichte druk evt. grote vervormingen tot stand brengen. Het ligt natuurlijk ook aan het metaal dat u gebruikt. Als u bv. staal gebruikt, dan moet u er rekening mee houden dat hoe hoger het koolpercentage is (bv. snel-staal, goede kwaliteit “bessemerstaal”), het moeilijker buigen zal dan een eenvoudig gietstaal, dat een veel minder koolgehalte heeft.

Hebt u te maken met zgn. edele metalen, dan hebt u te maken met moleculen, die over het algemeen elke binding en relatie weigeren en die ook ten aanzien van elkaar een wat andere moleculair binding, atoombinding hebben dan je normaal aantreft.

Als u het probeert met een gietstalen mes of een smeedijzeren vorkje of zo, dan buigt dat, maar als u precies hetzelfde neemt in het zilver, dan zult u tot uw verbazing ontdekken dat het praktisch niet reageert. Zou u het willen doen, dan hebt u veel meer tijd nodig.

We hebben dus te maken met een interactie van de energie die we uitstralen met de materie. Gebruiken we grotere geestelijke krachten, dus hogere, en vormen we die niet om tot dit niveau, maar blijven we dus in de sfeer van de blauwe uitstraling van de aura, dan hebben we een heel eigenaardig effect: We zijn nu in staat om het geheel van de werkingen van lichaam en mentaliteit van een ander daardoor tijdelijk te domineren.

Als er iemand is, die geestelijk operaties volbrengt bv., dan zou hij in negen van de tien gevallen van deze energieën gebruik maken en dus de capaciteiten om die energieën ook nog van een hogere wereld aan te trekken. Anders zou hij niet veel kunnen doen.

Hebben we te maken met mensen die bv. die eigenaardige operaties met een aardappelmesje uithalen (was het niet o.a. Pedro Amines (Arigo?) die het deed?), dan hebben we weer te maken met iemand, die zijn astrale kracht hier in feite gebruikt als antisepticum. Gelijktijdig geeft hij levenskracht – versnelt dus het genezingsproces – en ten laatste heeft hij de mogelijkheid door zijn eigen geestelijk inzicht, om waar te nemen wat er gaande is.

Want zodra we in een blauwe uitstraling zitten – daarboven zullen we maar niet eens praten -, dan krijg je te maken met een enorm invoelings- en aanvoelingsvermogen. Alles wat telepathie, empathie e.d. is, heeft betrekking op juist deze stralingsfrequentie. Uw receptiviteit is ongeveer even groot als uw zendvermogen in een normaal geval.

Door uw eigen concentratie kunt u echter uw zenden onderdrukken, uw receptiviteit neemt toe, u kunt anderen “aflezen”, ook hun lichamelijke kwalen en psychische reacties, en wanneer u daar een verandering in wilt aanbrengen, dan kunt u een zeer sterke suggestie uitstralen waardoor het emotiepatroon en denkpatroon van een ander tijdelijk gewijzigd wordt.

Het aantal mogelijkheden dat die verschillende energiesferen hebben, is nogal groot. Degene die zich daarmee bezighoudt, is geneigd om te zeggen: “Ja, zo is het bij de mens”, maar een planeet heeft precies hetzelfde.

Een planeet heeft een eigen lichaam en een directe warmte uitstraling. Aan de aardoppervlakte merkt u daar nog iets van. En wanneer je nog iets verder gaat, dan ontdek je dat er een statisch veld is en dat er een magnetisch veld is.

Nu kunnen we wel redeneren, dat die het resultaat zijn van de draaiing van de planeet, de werking van de rijsmassa ten aanzien van de andere massa’s en al die dingen meer, maar hoe we het ook verklaren: er zijn eveneens verschillende energiesferen bij de wereld!

En dat betekent dat mensen een deel van die energie gewoon nodig hebben! Uw levensenergie is in feite ook iets, wat de aarde zelf produceert. Wat u uit de atmosfeer, omdat ze daarin voor u het makkelijkste toegankelijk is, in u opneemt. We zouden over die planeet dan ook als over een persoonlijkheid kunnen spreken, maar dan verdenkt men ons heel snel van bijgeloof of van de neiging om allerhande magische benaderingen te plegen. Hetzij voldoende te constateren dat de aanwezigheid van een bepaalde statische lading en magnetische werkingen in de lucht van groot belang is.

De zogenaamde flatneurose, die heel vaak voorkomt in met gewapend beton gebouwde wolkenkrabbers bv., is te danken aan het feit dat er te weinig toegang is voor de buitenlucht en dat men dus in feite leeft in een soort kooi van Faraday. Men is afgeschermd tegen de invloeden van buiten, maar men heeft die invloeden nodig! Er is een wisselwerking.

En op dezelfde manier kunnen we vreemd genoeg een dergelijke wisselwerking zien in het menselijk lichaam. U weet het misschien niet, maar u bent de angstvallige behoeder van een aantal bacteriekolonies en zelfs wat schimmelachtige zaakjes, die u o.m. nodig hebt bij uw spijsvertering. Wanneer uw eigen energiequotiënt daalt, dan worden die kolonies kleiner. Ze hebben kennelijk iets van die energie en levenskracht van u nodig om optimaal te kunnen functioneren. Hetzelfde geldt voor deze – tja, hoe moet je ze noemen – schimmelachtige alge-achtige feitelijk bijna plantaardige gewasjes, die ook hun rol spelen.

Wanneer je verder gaat kijken IN je eigen lichaam, dan zie je ook weer dat die levenskracht invloed kan hebben op het gedrag van bv. witte bloedlichaampjes. Er zijn mensen die veel levenskracht hebben, die tegen infecties bestand blijken te zijn waar anderen succomberen. Het is helemaal geen wonder: door hun eigen levenskracht zijn de verschillende cellen w.o. de bacteriofagen dus in de bloedstroom bijzonder geactiveerd. Ze hebben meer weerstand tegen het vreemde. Ze kunnen hun taak gemakkelijker volbrengen en zo zal een besmetting, die voor een ander misschien dodelijk wordt, eenvoudig aan hen voorbijgaan.

Natuurlijk, er zijn voorbeelden nodig. We herinneren ons ongetwijfeld wat de komst van de blanken naar het Noorden voor Eskimostammen heeft betekend! Ineens verkoudheden, tbc, allerhande dingen die je vroeger daar nooit gezien had. Ze waren eenvoudig niet voorbereid daarop. Maar als je nu kijkt, dan blijkt dat wat is overgebleven, volledig resistent is. En dat vreemd genoeg de jagers, dus degenen die voortdurend op pad zijn, veel meer resistentie vertonen dan degenen, die bv. in een of ander dorpje wonen. Zonderling maar waar.

Daaruit blijkt, dat zelfs op zuiver lichamelijk niveau, mentaliteit, geesteshouding, leefpatroon van groot belang is. En, als ik dat zeg ten aanzien van het stoffelijke, waarom zou ik het dan niet zeggen ten aanzien van het geestelijke? Laat me u een voorbeeld geven:

U bent pessimist van aanleg. U wijst als het ware de buitenwereld af, u betreurt slechts haar aanwezigheid. Zeg niet, dat het u nooit is voorgekomen, want iedereen kent die buien. Als u dat te lang volhoudt, dan bent u voortdurend bezig eigen energieën als het ware op te eten. Onvrede vergt namelijk veel meer lichamelijke en mentale energieën dan ontspannenheid of een rustige blijdschap. Uitbundige blijdschap is ook een energievreter. Hoe komt dat? Tja, het hangt samen met emoties, de emoties worden ermee bepaald door verandering van de samenstelling van het geheel der interne secreties die in het lichaam werken, maar hoe het ook zij: uw mentale houding heeft een heel grote invloed o.m. op genezingsprocessen, weerstandsvermogen en wat dies meer zij.

Positieve denkbeelden blijken positieve uitwerking te hebben op uzelf en vaak ook nog een rol te spelen in relatie met uw omgeving.

Dit geconstateerd hebbende, kunnen we nog een stapje verder gaan. Wanneer wij in onszelf voortdurend tot rust weten te komen, ik denk hierbij aan meditatie, contemplatie, gebed desnoods, dan zullen wij daardoor onze hogere voertuigen als het ware meer toegang geven tot het geheel van ons wezen. Dan wordt onze geestelijke weerstand groter, onze bewustwordingsmogelijkheid neemt toe – want er is een grotere uitwisseling met de geest en intenser – en daarnaast blijken we dan vanuit de hogere voertuigen meer energieën te kunnen opnemen, zodat we zelfs wanneer de omstandigheden minder gunstig zijn, toch in staat zijn alle energie die we nodig hebben als het ware op onze manier te ontvangen en te gebruiken.

Een voorbeeld ervan kan ik u wel geven: u herinnert zich misschien dat er bepaalde lama’s waren, die om te bewijzen hoever ze geestelijk gestegen waren, in hun blootje in de winter buiten gingen zitten. Ze sloegen natte dekens om zich heen die door hun lichaamswarmte droogden. En, ja, als u het probeert, dan denk ik dat de ziektekostenverzekering bezwaar zal maken omdat uw opname bijna onvermijdelijk zal worden. Maar hoe kunnen  ze dat doen?

Om dit te kunnen doen, moeten zij zich leegmaken zoals ze zijn. In feite meditatief komen op een punt, waarop het stoffelijk denken geen rol meer speelt. Op dat ogenblik zijn ze verbonden met alle energie die nodig is. Dat wil zeggen, dat het lichaam – ook zonder bijzondere extra voeding e.d. – de mogelijkheid heeft de eigen temperatuur aanmerkelijk op te voeren en deze temperatuur vooral bij de huid en de directe onderhuidse weefsels zodanig op te voeren, dat er warmte ontstaat, die de deken eenvoudig droogt.

Het is geen wonder, het is gewoon gebruikmaken van mogelijkheden.

Wanneer u normaal leeft, dan hebt u bepaalde adembehoeften. D.w.z. u heeft een zekere hoeveelheid zuurstof nodig om normaal te kunnen functioneren. Breng uzelf nu volledig tot rust en wat blijkt? Uw zuurstofbehoefte neemt af, eigenlijk komt u in een toestand die bijna cataleptisch schijnt. Een soort van tijdelijke schijndood, verstarring. In deze toestand echter verbruikt u heel weinig energie. U hebt daarnaast nog steeds de beschikking over het denken, niet meer als een voortdurende combinatie van impulsen van cellen en centra – denken is een zeer ingewikkelde kwestie zoals u misschien weet! U kijkt naar mij, en u luistert naar mij: dat zijn al twee centra. Deze twee centra moeten nu samenwerken en dan geven ze een indruk weer die dan eventueel als woord en omschrijving naar buiten kan komen.

Maar u gaat associëren en daar heeft u vier verschillende andere centra voor nodig, waaronder bepaalde herinneringscentra. Twee tenminste. Daaruit haalt u vergelijkend materiaal en zo komt u pas tot een begrip.

Denken is dus zeer ingewikkeld. Maar als u nu dat denken stillegt, dan zijn er nog steeds bepaalde drijfveren, noodzaken of wensen aanwezig. Ze zijn alleen niet meer omschreven. Maar ze zijn wel dominant. Wanneer u in die cataleptische toestand ligt, is het heel goed mogelijk dat uw denken zegt tegen uw geest: “ik zou weleens een kijkje willen nemen” – ja waar wilt u naartoe? Broadway, Disneyland, de Alpen, de Middellandse Zee; u zegt het maar – en u hebt een beeld van uw bestemming, of een andere associatie waarmee die bestemming kan worden vastgelegd. Dan zult u op dat ogenblik waarnemen op dat andere punt.

Bent u in staat voldoende energie te onttrekken aan die hogere energieschil, dan bent u zelfs in staat om verdichting van een schrale materie te veroorzaken, waardoor u gewoon zichtbaar ergens kunt flaneren op de Canebière misschien of zo. Heel gezellig, ah, en dan nog groeten en iedereen zegt : “ik heb je daar gezien.” En toch lag u alleen thuis in deze toestand val volledig lichamelijke rust. Met sterke beperking van alle lichamelijke functies.

Het is dus duidelijk: de energiesferen zijn niet alleen maar speelgoed! Ze zijn kennelijk iets wat behoort tot de werkelijke noodzakelijke uitrusting van de mens. En nu praat ik misschien een beetje dwaas wanneer ik zeg: “mensen, elke kwaliteit die u hebt, inclusief uw herinneringsvermogen, uw combinatiekwaliteit, uw vermogen tot symbolisch denken en wat dies meer zij, hebt u toch eigenlijk te danken aan het feit dat dat voor de instandhouding van het ras op enigerlei tijd belangrijk was.”

Die kwaliteiten van die energiesferen zijn langzaam maar zeker een beetje buiten gebruik gekomen. Er is een tijd geweest waarin wel veel wonderen gebeurden. Dat was de paranormale energie, dat was energie die misschien uit hogere of wat lagere geestelijke voertuigen werd aangetrokken.

Wanneer u hoort zeggen dat Jezus een dode opwekte, dan zegt u: “is dat wel mogelijk?” Ja, dat schijnt mogelijk te zijn, want hetzelfde wordt verteld over Apollonius van Tiana, hetzelfde wordt verteld over een leerling van de Boeddha, Anakenanda. Zo zijn er nog wel meer van die verhalen te vinden. We horen van mensen, die in staat zijn dieren te beheersen. Van een profeet, die zeer onchristelijk (maar het was ook nog voor de christelijke periode) nijdig werd, omdat iemand hem kaalkop nariep. Hij richtte zijn woede op de gehele omgeving. Er kwam een beer en degene die hem had uitgescholden, werd aangevallen en gedood, staat in de Bijbel.

Dergelijke dingen hoor je honderd of meer keren bv. in India vertellen. En ook in andere landen; in de Germaanse overleveringen komt het ook een paar keer voor.

Ik zou willen stellen, dat die energiesferen die wij op het ogenblik dan zo rationeel proberen te benaderen, oorspronkelijk een van de functies zijn geweest van de geest in een menselijk lichaam, waardoor dat lichaam zich in stand kon houden, ontwikkelen en bewustzijn kon opdoen.

Het is heel waarschijnlijk, dat deze gaven reeds aanwezig waren voor er sprake was van homo sapiens, of zelfs maar van een menselijke vorm die een meer dan dierlijk bewustzijn en instinkt bezat.

Ik neem aan dat deze kwaliteiten hebben bijgedragen tot de vorming van de mens zoals die vandaag is. Dat door deze kwaliteiten bindingen ontstaan zijn, die het optreden van groepsgeesten en dergelijke mogelijk maakten. Dat het deze kwaliteiten zijn, die voor de mens noodzakelijk zijn, wil hij eenmaal de hoogste vorm van zijn menselijk bestaan bereiken.

Ik heb u – uit de aard der zaak – een oppervlakkige toelichting gegeven. Want elk deel op zichzelf omvat weer zoveel details. Ze vragen bv. de geestelijke werking: kunt u de frequentie aangeven? En dan moet je zeggen: “nee dat kan ik niet”, omdat er gezien het aantal typen mensen ongeveer 144 verschillende frequenties bestaan. En die horen toch allemaal in die ene geestelijke waarde thuis. Ze hebben te maken met de beleving van de geest, de sfeer waartoe ze behoren, de incarnatiecyclus, waarin ze zich bevindt en dat kan van mens tot mens verschillen.

Datzelfde kan het geval zijn voor alle krachten tot – zeg maar – de bovenmentale. De mentale krachten zijn iets gemakkelijker meetbaar en registreerbaar; daar kun je wel gemiddelden voor geven, maar de deskundigen zullen ook wel toegeven dat het een tamelijk breed gebied is, waarbij we te maken hebben eigenlijk met iets wat in de buurt ligt van de decimetergolven.

En als je zo alles bij elkaar voegt, dan zeg je: ik kan er eigenlijk niet veel over vertellen. Aan de andere kant zijn die dingen heel erg belangrijk. De vraag is niet: wat is het? want de definitie daarvan is althans voorlopig, dacht ik, niet menselijk wetenschappelijk haalbaar.

Maar je kunt wel zeggen: “waarom heb ik het nodig? Wat doet het voor mij?” en eventueel “hoe kan ik er beter deel aan hebben, beter mee werken?”

Zorg dat uw lichaam zoveel mogelijk in zijn natuurlijke processen leeft: d.w.z. zorg voor een goede ademmogelijkheid, voor goede voeding, voor een goed, intens maar niet overdreven bewegingspatroon van uw lichaam.

Neem steeds weer tijd voor absolute ontspanning, leer uw gedachten als het ware tijdelijk stilzetten. Mediteer meer, probeer in uw gedachten zo sterk op te gaan in het Hogere, dat u even vergeet dat u er zelf bent. Deze dingen maken de krachten voor u meer werkzaam. En wanneer u eenmaal die krachten in uzelf ontdekt, dan zal u al heel gauw duidelijk worden dat wanneer u daarna onrustig bent, die krachten voor u een ongunstig effect hebben.

Als u dus die krachten opneemt en dan opgewonden zegt: “nou heb ik het en ik zal wat gaan doen”, dan bent u als die man, die supersterk was en die even op de tafel tikte en daar lag dat ding al in puin!

Dan kunnen de krachten, die u hebt opgenomen, evengoed vernietigend zijn als helpend. Dus zorg ervoor dat wanneer u deze energieën probeert op te nemen, u daarna ontspannen blijft. Wanneer u krachten moet richten, doe het wel door een voorstelling te creëren, maar doe het niet nadrukkelijk. Blijf ontspannen.

Wanneer u uzelf in een toestand bevindt die misschien wat minder aangenaam is, realiseer u dat door ontspannen te zijn – door wat men noemt positief te denken (in feite is dit voelen) – u veel meer energie hebt, beter kunt genezen, meer veerkracht hebt, makkelijker aanvoelt wat de juiste weg is. U weet het niet, u voelt het alleen aan!

Zorg ervoor dat u voortdurend elke dag, al is het maar een korte tijd, uzelf volledig ontspant. Houdt u niet voortdurend bezig met uw zorgen. Doe dat alleen wanneer u bezig bent er iets aan te doen. Elke mens kan beschikken over de energie van zeg maximaal 15 verschillende energielagen. De potentie aan energie voor een enkele mens is vaak groter dan van een middelgrote elektriciteitscentrale. Daarvan gebruikt u over het algemeen niet meer dan een paar procent.

Dus u langzaam richten op een meer ontvangen van energie en een ontspannen, daardoor juister gebruiken van die energie lijkt me aanbevelenswaardig.

Vragen

  • Wat kunt u zeggen over weergevoeligheid? Dit heeft toch te maken met statische elektriciteit? Waarom hebben zoveel mensen er last van?

Ja, dit is niet helemaal zuiver, want weergevoeligheid kan ook te maken hebben met eksterogen of littekens enz. Maar je zou het volgende kunnen zeggen :

De lading in de lucht kan toenemen, waardoor gemeten op twee meter boven het grondoppervlak de gemiddelde statische lading toeneemt tot anderhalf maal normaal. Wanneer dat gebeurt, zult u dat zelf wel ervaren. Uw haren knetteren wat meer en als u veel nylon kleding draagt, dan zult u zich nog onbehaaglijker voelen, omdat dan nog meer wrijvingselektriciteit wordt overgedragen.

Weergevoeligheid KAN dan ontstaan, ik zeg KAN, want er zijn nog andere mogelijkheden, doordat een zodanig hogere statische elektrische lading bij u aanwezig is, dat u daardoor niet meer in staat bent normaal te reageren. Dat klinkt een beetje gek, maar ‘t is waar. Een aantal lichaamsfuncties veranderen, u zult misschien last hebben van hoofdpijnen bv., de bloeddruk neemt iets toe, u bent wat vatbaarder voor kwaaltjes en verkoudheden komen meer voor, maar ook reumatische pijnen treden onder deze condities sterker op. Ook overgevoeligheden zoals hooikoorts blijken inderdaad meer uitwerking te hebben dan normaal.

De statische lading verhindert dan de normale levenskracht-circulatie en uitwisseling en hierdoor is de eigen mogelijkheid tot reageren en weerstand van een deel van de organen en cellen in het lichaam verminderd.

  • Wat kun je ertegen doen?

Ja, het klinkt misschien een beetje gek, maar als u merkt dat uw haren erg knisperen, gaat u gewoon een tijdje onder een niet al warme douche staan; laat u dat water eens 5 minuten over u heengaan; de lading is dan afgevoerd.
En dan kunt u weer een hele tijd verder, voordat die lading weer is opgelopen. En vermijdt u vooral kunstweefsels, die de neiging hebben die statische elektriciteit op te laden.

  • Als men zomaar willekeurig een paar keer per dag blauwe bollen uit elkaar ziet spatten of langs zich heen ziet gaan, heeft dat ook met een bepaalde sfeer te maken? Wat kan de betekenis daarvan zijn?

De eerste vraag die je hier moet stellen is: “is er al dan niet sprake van enige aandoening van het gezichtsvermogen, lopende van vertroebeling van het oogvocht tot een lichte aantasting van de bundel optische zenuwen?” Alleen wanneer dat niet het geval is, moeten we ons gaan afvragen onder welke omstandigheden zien wij deze blauwe bollen. Hoe bewegen zij zich: altijd van links naar rechts of is het willekeurig, want dat kan betekenis hebben.
Verder over het uiteenspatten ervan: over het algemeen is onze aandacht erop gevestigd en daardoor houdt het verschijnsel op voor ons te bestaan. Wanneer er geestelijke waarneming is, althans. Zou er geestelijke waarneming zijn, dan zou dit kunnen beduiden dat geestelijke energieën van hogere inhoud in uw omgeving zijn. Maar nogmaals, kijk eerst maar een keer of het wel in orde is met uw ogen.

  • Als men bij een medium een groenige toeter bij het oor ziet, beginnend bij het oor en verder wijd uitlopend, wat is de betekenis daarvan?

Zeer waarschijnlijk dat Willem de Toeteraar doorkomt. (gelach)

Groen is over het algemeen voor de mens de kleur van vruchtbaarheid en van geloof. Een groene toeter betekent dus voor u: er is een bepaalde verbinding met een geestelijk wezen of met iemand anders. Het zou ook iemand op aarde kunnen zijn, die voor u grote waarde of inhoud schijnt te bezitten.

  • Gewoonlijk word ik, als ik erg moe ben of teveel hooi op mijn vork neem, depressief en zie ik veel problemen. Alle energie ontbreekt dan. Heeft iedereen dat en hoe komt dat? Waarom krijg je niet gewoon slaap?

Ik mag dit alleen algemeen beantwoorden: Op het ogenblik dat u zich TE sterk inspant, moet u kunnen ontspannen. Op het ogenblik dat u merkt dat u eigenlijk teveel doet, neemt u maar een kwartier: doet uw ogen dicht en laat de boeren maar dorsen! Gewoon even een kwartier absoluut ontspannen. Diep ademhalen, slaapje erbij: niet erg, maar daardoor voorkom je dat de zenuwspanning zo groot wordt (dat de gedachte-activiteit zo sterk wordt), dat je niet meer in slaap komt.

  • Hoe maak je je leeg? Ontspan je bewust, terwijl je piekert wat je moet doen?

Dat is nou juist het leuke; zodra je je leeg wilt maken, ben je zo druk om je leeg te maken dat je in feite vol bent van het plan om leeg te zijn. Je leegmaken is niet de juiste uitdrukking. Het is in feite: word onverschillig. Het interesseert je niet. Wanneer gedachten warrelen, laat ze maar warrelen. Je bent rustig, je bent kalm, je haalt diep adem en je zit in een houding die voor jou ontspanning betekent. Je zegt: “nu ja, ik zie het wel” en dan wordt die activiteit minder. Wanneer je opzettelijk je aandacht uit je gedachten probeert weg te dringen, komen bepaalde gedachten nog nadrukkelijker op de voorgrond.

  • Zieke mensen, die weinig buiten kunnen komen. Is het mogelijk om op een andere manier energie te krijgen, bv. door het branden van kaarsen?

Kaarsen verbranden over het algemeen nogal wat zuurstof. En dat kan dus alleen in een goed geventileerd vertrek. Dan brengt u wel stromingen op gang door de zuurstofcirculatie enz., dat is waar. Voor uzelf kan kaarslicht een suggestief effect hebben; het brengt ontspanning en rust. Als zodanig zou het daardoor mogelijk worden bepaalde bronnen van geestelijke en astrale energie aan te boren. Maar de kaars zelf doet het ‘m niet, ‘t is alleen de reeks associaties, die ontstaat bij u als gevolg van het branden van de kaars.

Wanneer u niet teveel buiten kunt komen, dan kunt u vermoedelijk wel zorgen dat de frisse lucht zoveel mogelijk toegang heeft. Ontspan u dan gewoon binnenshuis en haal rustig kalm en behoorlijk diep adem. Zorg ervoor, dat uw uitademing even diep is als uw inademing. Denk aan niets, probeer ook verder gewoon open te staan voor de dingen. Dat betekent over het algemeen: voorkom dat de benen gekruist zijn, dat de handen mekaar vasthouden, u zou allemaal cirkels kunnen sluiten, die niet wenselijk zijn. Wilt u het toch doen, dan kunt u hoogstens de enkels kruisen en de handen laten rusten op de knieën, dan heeft u wel een redelijke levensstroomcirculatie. U kunt hierdoor inderdaad uw eigen energie opvoeren. Daarnaast raad ik u aan om zo blijmoedig mogelijk te zijn en zo weinig mogelijk aandacht te geven aan uw kwalen. U maakt het daardoor mogelijk dat ze makkelijker verdwijnen of verminderen.

  • Is er een methode om een teveel aan levenskracht of energie eventueel zo positief mogelijk tijdelijk op te slaan?

Als u teveel hebt aan lichamelijke energie: het is jammer dat er zo weinig hout-stook is! Houthakken is een prima oplossing. Maar doet u dan gewoon lichamelijke arbeid, hetzij voor uzelf, hetzij voor anderen. Wanneer u een opgeladen gevoel van levenskracht hebt, onthoud dan dat u die levenskracht naar iedereen kunt richten waarvan u voldoende duidelijke voorstellingen hebt.

Wanneer het iemand is, die die kracht nodig zou kunnen hebben, denkt u aan die persoon en probeer die kracht erop te richten. U zult ontdekken dat uw eigen energie daarbij vermindert. Dat ze niet meer zo zwaar en onrustig is. En ten laatste: wanneer u daar regelmatig last van hebt, ga eens kijken of u niet wat mensen kunt helpen. Dat kunt u op twee manieren doen. U kunt direct gaan genezen, maar dat heeft nog wel eens wat bezwaren. U kunt ook gewoon proberen anderen te helpen en uw uitstraling op een positief denken en een positief voelen te richten; u kunt dan energie overdragen en voor anderen het leven dus veel dragelijker maken.

  • Wordt pessimisme energetisch kenbaar in iemand ‘s aura?

Ja, in de aura zie je bij een pessimist nogal wat bruine vlekken, vooral in de eerste en ten dele in de tweede laag van de aura. ‘t Is heel eigenaardig, zo iemand heeft sombere gedachten en dit uit zich in een reeks tekeningen, die zo uit de beerput kunnen komen in de aura. Dat is inderdaad wel kenbaar.
Verder is over het algemeen opvallend bij een pessimist dat de buitenste laag van de aura veel sterker gekarteld is dan normaal en dat er hier en daar zelfs hiaten schijnen te vallen tot bijna aan de tweede laag van de aura toe. Het maakt duidelijk, dacht ik, dat pessimisme geestelijke uitwisseling en communicatie voor een groot gedeelte belemmert of onregelmatig maakt.

  • Hebben sterke psychische spanningen warrelingen en verzwakkingen in de aura tot gevolg en hoe is dat dan te genezen?

Psychische spanningen kunnen positief zijn of negatief. Een positieve spanning voert over het algemeen tot een opname van energie en een gerichte afgave van energie. Dat is in de aura hoogstens te zien in een helderder worden van vooral de tweede of gouden laag van de uitstraling.

Wanneer je echter te maken hebt met disharmonische spanningen, dan moet je er rekening mee houden dat deze niet alleen in de aura zichtbaar worden, maar dat ze bovendien een voortdurende aantasting betekenen van het eigen energieniveau. Laat ik het zo zeggen: als u even in uw handen klapt, positief erg leuk. Maar sla ze nou eens met kracht 35 keer tegen elkaar aan, dan voelt u dat uw handpalmen tintelen. Dan is dat geen aangenaam gevoel meer. Op dezelfde manier zou je kunnen zeggen, wanneer je even met een probleem bezig bent, dan KAN die spanning het energieniveau verhogen. Maar dan moet ook de spanning veranderen! Blijft die psychische spanning in stand gehouden, dan betekent dit dat de energie intern verteerd wordt. Er blijft dus minder levenskracht, minder zenuwkracht over voor direct noodzakelijke reacties, daarnaast is er minder kans dat men goede, geestelijke contacten heeft of in stand houdt.

Wat kun je ertegen doen? In de eerste plaats: probeer erachter te komen waar de spanning eigenlijk door ontstaat. Heel vaak is het een conflict tussen een verwachtingspatroon en een werkelijkheidspatroon. In andere gevallen is het heel vaak een onbestemde angst, die men wil overwinnen maar niet begrijpt. In het eerste geval : probeer de verwachtingen wat terug te schroeven, een zekere gelatenheid ten aanzien van de feiten tot stand te brengen. Wanneer dit gebeurt, ontstaat er grotere evenwichtigheid, ontstaat grotere energie en daardoor over het algemeen een meer positieve reactie.

In het tweede geval: de beste hulp is natuurlijk iemand duidelijk maken waar die angsten en die gevoelens vandaan komen. Kun je dat echter niet, dan moet je proberen om het verzet daartegen eerst te breken. Dus niet er tegenin gaan zonder meer, maar eenvoudig er langs heen gaan. De conflictsituatie zoveel mogelijk ontwijken. Hierdoor ontstaat over het algemeen een grotere veerkracht, het energieniveau wordt iets hoger en dan is de vraag alleen maar: “kun je die ontwijking volhouden of niet”. Daarom is het raadzaam om te proberen de oorzaak terug te vinden. Zelfs als het niet de juiste oorzaak is en alleen maar een verklaring, dan helpt het u toch al om uzelf beter te begrijpen en te aanvaarden.

En het is die zelfaanvaarding, die in een conflictsituatie met psychische spanningen zeker bijzonder noodzakelijk is.

  • Wordt een mentale energie anders ervaren dan bv. odd-kracht, geestelijke energie?

Mentale kracht en geestelijke energie zijn voor een mens over het algemeen moeilijk te onderscheiden. Odd-kracht is een natuurlijke kracht, waarvan men de aanwezigheid IN zichzelve misschien wel constateert, maar waarbij men niet kan zeggen wie of wat ze is. Een kracht op mentaal vlak zal over het algemeen als een soort spanning worden ervaren, een beïnvloeding, en een geestelijke kracht kan eveneens zo ervaren worden. Het enige verschil is dat, wanneer je je zo rustig en ontspannen richt op deze kracht, bij een zuiver mentale beïnvloeding ten hoogste enkele gedachtebeelden ontstaan. Terwijl bij een je richten op geestelijke kracht een soort stemmingsverandering plaatsvindt, waarbij de spanning schijnt weg te vallen daarvoor in de plaats vaak een gevoel komt, soms ook een boodschap.

  • Zijn die 12 – 17 geestelijke energievormen gekoppeld aan reeds ervaren sferen?

Niet alle. U hebt te maken met gemiddeld 4 sferen, die altijd beleefd moeten zijn 0mdat je anders niet als mens kunt leven. De daarboven liggende sferen zijn over het algemeen niet of niet volledig geactiveerd. Maar je kunt natuurlijk op een gegeven ogenblik zeer hoog geestelijk bewustzijn bereiken en toch – je doet dat meestal ter wille van anderen! – weer incarneren. In dat geval blijven die hogere voertuigen bewuste – en dus beheersbare – energieën betekenen.

Daar echter, waar je niet bewust deel bent van die sfeer, kunt je aan die sfeer zelf betrekkelijk weinig of geen energie onttrekken. Je bent ook niet in staat die energie volledig te richten en te sturen vanuit je eigen wezen.

  • Is het waarnemen van deze energieën bij anderen een kwaliteit die op den duur vanzelf ontstaat, als je geestelijk bewuster wordt ?

Ja, (diepe zucht) daar is geen antwoord op te geven. Als je het waarneemt, dan kan dat gewoon een gevoeligheid zijn. En die gevoeligheid is dan misschien wel een gave of een talent, maar die zegt niets omtrent de geestelijke status van bewustzijn die je bereikt hebt. Het kan zelfs zo zijn, dat je die gave hebt, dat je geestelijk bewuster wordt en dat je tijdelijk daarvoor blind bent. Dat je het dus niet meer ziet. Dan ben je toch bewuster geworden.

Maar wanneer je werkelijk hoger bewustzijn bereikt en dat wil zeggen:  het geestelijk bewustzijn reiken, kan tenminste tot aan de grenzen van het witte licht, dan impliceert dit deze waarnemingen in de stof over het algemeen wel. Ze wordt dan echter niet zo nadrukkelijk ervaren als bij iemand, bij wie het gewoon een aangeboren gevoeligheid is, die niet door het bewustzijn zelf alleen bepaald wordt.

  • Is er nog een aparte methode om spanningen van mentale gerichtheid of geestelijke gerichtheid te doen afvloeien?

Die zijn er natuurlijk wel, maar dat ligt wel aan de oorzaak. Het is zo’n vraag, waar geen algemeen antwoord op te geven is. Omdat psychische spanningen over het algemeen voorkomen uit omstandigheden BUITEN je + voorstelling/behoefte/verlangens IN jezelf. En die relatie kent zoveel variaties, dat er nooit een concrete voor iedereen geldende methode te geven is. Een methode die vaak, maar niet altijd werkt, is deze:

Wanneer u ontdekt dat u een psychische spanning hebt, dan zal zich dat uiten in uw gedachteleven. En heel vaak daarnaast in lichamelijke spanningen. Vraag uzelf dan niet af of dat nu wel-of-niet goed is en of je er wel-of-niet wat aan kunt doen, maar ACEPTEER de spanning. Dat is het eerste punt. Aanvaard de conflictsituatie.

Punt twee: probeer geen bepaalde oplossing te forceren, in welke richting dan ook. Haal rustig adem, sluit u zoveel mogelijk van uw omgeving af en stel u in uzelf een licht voor. De kleur mag u zelf kiezen, want dat wordt meestal meebepaald door uw geestelijke achtergronden. Wit licht zou erg mooi zijn, gouden licht is voor de meeste mensen beter; er zijn er ook die met blauw of zelfs een paars, heel diep paars licht de beste resultaten hebben. Het ligt aan uzelf dus. Probeer u dat gewoon voor te stellen, ga daarin op!

Wanneer u – nadat dit proces zich voltrokken heeft – weer bijkomt, hebt u bepaalde denkbeelden over. Vraag u niet af of die denkbeelden juist zijn of niet juist. Zet ze gewoon op de agenda voor eventuele mogelijkheden en ga over tot de orde van de dag. U zult ontdekken dat u op deze manier heel veel spanningen kunt afreageren en dat u daardoor ook heel veel conflicten kunt vermijden, zowel in uzelf als vaak met uw omgeving.

U ziet, ik heb maar betrekkelijk juiste en zeker niet altijd een algemeen geldende aanwijzing kunnen geven. Dat komt omdat de conflicten van zodanig verschillende aard zijn, dat er geen pijl op is te trekken. Bij de ene mens is het bv. een worsteling tussen een zeer p.g.-gedresseerde mentaliteit en een bepaalde lichamelijke behoefte. Bij een andere mens is het weer het gevoel van minderwaardigheid en de behoefte dit door geestelijke en/of andere dingen te compenseren. Alles heeft een eigen benadering nodig, je kunt dat nooit algemeen zeggen. De door mij gegeven richtlijn kan door de meeste mensen gebruikt worden om tenminste tot een vermindering van spanning te komen. Oplossing durf ik nooit te garanderen.

Slotwoord

De hele kosmos is opgebouwd uit energieën. Wanneer we kijken naar een sterrennevel, ja wanneer we kijken naar de lege ruimte buiten de sterrennevels: ze zijn alle uitdrukkingen van bepaalde vormen van energie. Kijken we naar sterren, naar planeten, hetzelfde is het geval.

De mens is in zekere zin microkosmos, d.w.z. dat in die mens dezelfde spanningen, problemen, conflicten, werkingen enz. bestaan. In de kosmos zijn er wel entiteiten, die die kracht kunnen gebruiken, maar ze zijn er niet zelf deel van. De mens zelve heeft echter zowel geestelijk als materieel mogelijkheden om zijn krachten te richten. En dus hun werking naar buiten toe te bepalen.

In dit opzicht is de mens – dacht ik – dichter bij God dan alle sterren bij elkaar. Ik geloof dat we daaruit kunnen afleiden dat het voor ons erg belangrijk is om een beeld te hebben van al die energieën. Om een beeld te hebben van onszelf en onze mogelijkheden en om – redelijk of niet – ons steeds weer op die krachten te beroepen, waarvan we deel zijn en die ook deel zijn van ons.

Wij zijn, als geest en als mens, altijd veel meer dan ons bewustzijn ons toestaat te herkennen. Maar dat “meer” zijn houdt gelijktijdig in dat het voor ons niet omschrijfbaar is. Het is een “zijn”, waarvan we de werkingen in onszelf kunnen beleven en erkennen, waarvan we de werkingen eventueel kunnen hanteren/gebruiken/richten, maar waarvan de bron voor ons ergens in de vaagte verschemert.

In dit betoog heb ik geprobeerd u duidelijk te maken wat die relaties zoal zijn. Wat de mogelijkheden zijn. En het is opvallend, dat in de vraagstelling voornamelijk eigenlijk “probleemvragen” voorkwamen. Niet: “waarom heb je dat zo gezegd?”, maar: “ik zit met een bepaald probleem, los dat eens even op” (neem me niet kwalijk, sommige vragen waren heel mooi gesteld).

In de lezing heb ik geprobeerd u duidelijk te maken, dat u het merendeel van uw problemen zelf kunt oplossen. Of aan de oplossing kunt werken. U beschikt over voldoende kracht. U beschikt over voldoende mogelijkheden om u bewust te worden van allerhande fasen van uw bestaan. Van de werking ervan, van de mogelijkheden die erin liggen.

MENS, WORD JE BEWUST VAN DE KRACHT, DIE IN JE WOONT!

Je hoeft haar geen naam te geven, je hoeft haar niet in te delen in een aantal energiesferen. Als je je maar bewust bent van de kracht, die in je bestaat.

BEROEP JE op DIE KRACHT. Je zult ontdekken dat je meer kunt zijn als mens; dat je meer mens-voor-anderen kunt zijn. Dat je daardoor in staat bent om juistere geestelijke ontwikkelingen te bereiken. Sluit jezelf niet af van deze dingen. Ga er niet krampachtig achter aan! Alsof dat het enige is, dat je zou willen.

AANVAARD EENVOUDIG DAT DE KRACHT IN JE IS. Gebruik haar als vanzelfsprekend. Doe er een beroep op, want je gehele bewustwording is gericht op de eenwording van al je voertuigen.

Totdat er EEN bewustzijn is dat vanuit de kern van uw wezen alle werelden kan omspannen.

Door de eenvoudige richtlijnen, die ik heb gegeven, eenvoudige voorstellingen die ik heb gesteld te verwerken, kunt u voor uzelf komen tot een betere integratie met uw geestelijk bestaansbewustzijn. U kunt daarnaast komen tot een juister gebruik van zowel de materiële als de geestelijke krachten die u nodig hebt, en die u – gelijktijdig eigenlijk – bezit.

Leer uzelf vormen. In de Bijbel staat, althans in verhalen die gekoppeld zijn aan de Bijbel (ik moet het heel duidelijk zeggen), dat toen God de mens schiep, sommige engelen nijdig werden. Want, zeiden ze: “hoe kunt u iets stoffelijks scheppen dat meer is dan wij!” Het is natuurlijk een legende, maar ergens benadert het de waarheid. Er zijn vele geestelijke wezens, die nooit met de materie in aanraking komen, laat staan erin bevoertuigd worden. En die minder zijn dan u als mens. Dan moet u ook uw mogelijkheden gebruiken en u ontwikkelen. Opdat u uiteindelijk kunt zeggen: “waarlijk en bewust ben ik een microkosmos. Ik ben de god van mijn microkosmos en gelijktijdig deel van de God, die alle dingen voortbrengt.

image_pdf