Het in de stof uitdrukken van harmonie

image_pdf

17 mei 1985

Aan het begin van de avond, zoals gebruikelijk, de slogan: Wij zijn niet alwetend, wij zijn niet onfeilbaar; denk a.u.b. zelf na.

Om te beginnen wat definities: Harmonie is een uitdrukking voor samenklank of samenspel. In harmonie zijn, betekent dus dat je op je eigen wijze volledig aansluit bij hetgeen anderen zijn of doen. Uitdrukken in de stof, betekent niet alleen innerlijk beleven, maar er ook wat aan doen. Wanneer  we met deze definities weten wat het onderwerp ongeveer behelst, dan kunnen we het misschien een beetje praktisch aan gaan pakken.

De mensen onderling hebben perioden dat hun uitstraling ongeveer gelijk is, dus zeggen we dan: harmonisch zijn. U kent dat zelf wel, u komt in een groep binnen, u kent er misschien niemand, maar het is ineens een prettige sfeer. U kunt ook komen bij mensen die u heel goed kent en graag mag en het gevoel hebben dat er een donkere deken over u heen valt als  u binnenkomt.

Wanneer je ontdekt dat je, om welke redenen dan ook, niet harmonisch bent met een groep, met een gezelschap, met een ontwikkeling, trek je daar zoveel mogelijk uit terug. Dat is een eerste vereiste. Want disharmonie zal over het algemeen emoties wekken. Emoties betekenen weer dat remmingen wegvallen, die verstandelijk en door dressuur misschien ontstaan zijn. Dan zegt u misschien dingen waar u later weer spijt van hebt, of u doet dingen die niet juist zijn. Of misschien zelfs doet u onwillekeurig, dus tegen wil en dank, dingen waarvan u later zegt: Hoe heb ik ze kunnen doen?

Zoek altijd naar die overeenstemming. Wanneer u een gevoel hebt van een beetje zonnigheid, van een beetje blijheid, dan is dat over het algemeen het voelen van een harmonisch geheel. Probeer dan niet dat harmonisch gevoel om te zetten in: laten we gezellig een spelletje spelen of zo, dat is helemaal niet nodig. Die harmonie is achtergrond. Tegen die achtergrond moet u uzelf blijven. Dat betekent bv. dat u probeert in hoeverre uw eigen interesses voor de ander interessant zijn. Dat u nagaat of iets wat gedaan moet worden, door u of met anderen samen gedaan kan worden. In de praktijk werken met deze overeenstemming, betekent in wezen: kijken wat er te doen is.

Nu is ‘in de stof uitdrukken’ weer een beetje grof gezegd. Uiteindelijk werken er in de stof ook een aantal mentale, geestelijke elementen mee waar je, juist wanneer er een zekere harmonie ontstaan is of wordt opgewekt, wel degelijk mee te maken krijgt. Er zijn mensen die bepaalde conflicten hebben. Dat kan een verdrongen feit uit het verleden zijn, het kan misschien een vorige incarnatie zijn. Het kan misschien een leven zijn volgens regels, die men innerlijk niet onderschrijft.

In dergelijke gevallen moet er eerst harmonie zijn, dus een gevoel van samenhorigheid vóór je naar de kern van het probleem toe kunt. Als je dan hulp verleent, dan is dat heel vaak door iemand eigenlijk alleen maar te laten praten, je conclusies te trekken en dan je conclusies niet te geven als een aanvulling op of een wijziging in hetgeen de ander gezegd heeft (dan wek je alleen maar weerstanden op), maar je past je raad aan aan hetgeen je feitelijk hebt afgelezen. Dan zul je zien dat daardoor een bepaalde band ontstaat, een zeker vertrouwen. In dat vertrouwen is het dan vaak mogelijk verder te gaan en soms kom je dan herinneringen tegen waarvan je denkt: dat kan niet uit dit leven zijn. Als je specialist bent, kun je natuurlijk aan regressie gaan doen, maar dat laten we nu maar even buiten beschouwing.

Een ander ding: je hebt met iemand een zekere mate van harmonie. Je voelt de persoon aan en dat aanvoelen is voor jou ‘goed’. Maar zo’n persoon zit in de put. Dan kun je natuurlijk iemand op gaan beuren, maar dat helpt meestal weinig.

Wat je moet proberen te doen, is in de gaten krijgen wat voor die ander belangrijk is. Begin dan neutraal. Spreek nooit eerst over het probleem van die ander, ook niet wanneer u dat al kent. Houd het gewoon neutraal. Praat over iets wat buiten het probleem ligt en wat de ander kan interesseren. Het is vreemd om het te zeggen, maar ik heb meegemaakt dat mensen op aarde iemand die werkelijk helemaal in de put zat, wisten op te beuren door net te doen of het probleem niet bestond, en een paar grappen te vertellen. Daardoor kwam de ander wat losser van zijn eigen gedachteketen, kon daaraan uiting gaan geven en toen was dus een reëel helpen mogelijk. En ook dit is een uitdrukken van harmonie in de stof.

Er zijn andere dingen waaraan men vooral in deze tijd nogal eens voorbijgaat. Het is eigenlijk heel eenvoudig. Elke mens komt wel eens in een situatie dat hij hulp nodig heeft. De een moet een auto aan de kant duwen omdat de motor het heeft opgegeven, de ander loopt misschien met meer bagage of pakjes dan hij op dat moment dragen kan; u kunt zelf de voorbeelden aanvullen tot in het oneindige.

In dergelijke gevallen probeer je die ander feitelijk te helpen. Je zult ontdekken, en dat is heel wonderlijk, dat je voor die hulp die persoon helemaal niet hoeft te kennen of weer te ontmoeten. Maar dat je op dat ogenblik in die ander ergens een lichte verandering tot stand brengt zodra je hulp wordt geaccepteerd. Het is net of je de mens ontdoet van een stukje eenzaamheid.

In deze tijd zijn ontzettend veel mensen eenzaam. En nu wil ik u helemaal niet gaan aanmoedigen om de eenzamen te gaan bezoeken, want dat is voor de eenzamen een bezoeking en voor u ook geen prettige taak. Maar wanneer mensen op welke wijze dan ook contact zoeken, ze willen praten, ze spreken u aan of zo, kap het niet af, wees niet al te nuchter, neem er een minuut extra van uw tijd voor. Op deze manier schept u een zekere wederkerigheid, een zekere aanvaarding. En wanneer dan ieder zijn weg verder gaat en u die persoon misschien nooit meer in uw leven ziet, hebt u toch iets veranderd. U hebt een beetje harmonie tot stand gebracht; want de ander staat door het contact dat hij met u heeft gehad, weer meer open voor anderen.

Er zijn allerhande gekke dingen gebeurd op aarde. Misschien is het beste voorbeeld wat ik kan geven – het is feitelijk gebeurd – van zo’n soort harmonie die zich doorzet, dit geweest: Een automobilist stopt bij iemand die met panne staat op de Afsluitdijk. Die blijkt geen benzine te hebben. Hij heeft een reservekannetje en geeft hem vijf liter. De ander wil betalen, maar hij zegt: ach wel nee, doe dat nou niet, maar als je ergens iemand tegenkomt die zonder benzine staat, geef hem dan die vijf liter. Ongeveer anderhalf jaar later stond de man die deze gulle geste had gemaakt zelf zonder benzine, nu ergens in Brabant. Een ander stopt bij hem, vraagt wat er aan de hand is en of hij kan helpen. Als hij hoort dat hij geen benzine meer heeft, zegt hij: Dat is leuk, ik heb een kannetje bij me met vijf liter benzine. God, zegt de ander, dat is toevallig, dat heb ik eens een keer weggegeven. Ja, zegt de ander, ik heb het ook gekregen van een ander in de buurt van Arnhem, en die had het weer van een man die ergens uit Friesland kwam. Heel waarschijnlijk is dat kannetje wel twintig keer van de een naar de ander overgedragen. En het  leuke was dat toen de man het kannetje bekeek — hij mocht het houden — het het kannetje bleek te zijn dat hij zelf op de Afsluitdijk had afgestaan.

Nu zult u zeggen: Dat is een gek verhaal. Het is historisch, dat kan ik u verzekeren. Het is gebeurd, als ik mij niet vergis, in 1951. Degene die helpen wilde in dit geval, wilde daar niets voor terug hebben. Hij wilde gewoon de ander de mogelijkheid geven om verder te gaan, en basta. En als je vriendelijk bent, nietwaar, en de ander wil je daarvoor betalen, dan zeg je: wees vriendelijk tegen een ander. Er zijn heel veel mensen die dat dan gaan doen. Je leent ze eens iets en je zegt: ach, ik hoef het niet terug te hebben. Maar als je een arme donder tegenkomt die wat nodig heeft, geef die wat. Op die manier kan er een soort circulatie van vriendelijkheid ontstaan.

Die circulatie van vriendelijkheid nu maakt de instelling van de mens tegenover zijn medemens anders, iets meer open. Ze verwachten toch ook nog wel iets goeds van de mensen. Daardoor is hun uitstraling opener, ze zijn eerder geneigd om een ander toch te aanvaarden en niet onmiddellijk af te stoten. Dan heb je met zo’n eenvoudig ding, soms met woorden, soms met een kleinigheid, een kleine dienst die je de ander bewijst, heb je een hele kettingreactie op gang  gebracht waardoor steeds meer mensen harmonisch worden.

Uitdrukking geven aan harmonie in de stof, is helemaal geen kwestie van moeilijkheden en grote geestelijke oefeningen. Misschien zijn er onder u die hadden gedacht dat ik u zou spreken over de noodzaak om ‘s avonds over harmonie te mediteren en uit te stralen naar de mensheid. Het kan wel helpen als je het goed doet, maar dat ligt allemaal een beetje op een niveau boven het redelijke.

Natuurlijk, gedachten zijn krachten. Er zijn ook een heleboel mensen die proberen met hun gedachten anderen te verkrachten omdat ze denken dat ze de enige waarheid in pacht hebben, maar laat ik daar verder niet op doorgaan.

In ieder geval, geestelijke oefeningen, geestelijk werken met harmonie bestaat overal. Elke geestelijke wereld van het licht is opgebouwd op een harmonisch principe, nl. de wederkerige aanvaarding van een aantal begrippen die deel uitmaken van die wereld, en daardoor existeert die wereld. De geest schept als het ware de belevingswereld in de sfeer waarin ze vertoeft.

Op aarde is dat anders, maar we hebben op aarde wel iets waar we wèl mee kunnen werken en waar we wèl iets aan kunnen doen. Leven op aarde, dat is een innerlijke wereldbeleving en gelijktijdig tegenover feiten staan. Zaken die je niet alleen door je denken alleen kunt veranderen, en vaak ook niet door andere maatregelen. Op dàt ogenblik speelt die harmonie een grote rol. Want de mens die in zich de aanvaarding, een soort achtergrond heeft gekregen, is lichter in zichzelf. Hij kan de feiten niet veranderen, maar hij ziet de lichtpunten daarin en kan daar gebruik van maken. Je kunt de situatie aanmerkelijk verbeteren door gewoon eens de mensen te aanvaarden zoals ze zijn. En ze dan toch iets te geven van een gevoel van waardering.

Ik zeg niet dat een christen bv. een moslim als gelijkwaardig behoeft te beschouwen, daarvoor zijn die twee godsdiensten te verschillend. Maar al die christenen die nu zo vaak te maken hebben met al die islamieten, zouden die nu niet de moeite kunnen doen om ten minste een beetje te weten wat er in de Koran staat? Wat die mensen voor gebruiken hebben, en die dan ook te respecteren? Dan pas kun je met die mensen een gesprek hebben dat inhoud heeft. Dan pas kun je tot een uitwisseling komen en dan ontdek je dat je allebei waardevol bent. Dan ontstaat er een harmonie.

Ik heb een heleboel mensen horen zeggen: Die Turken en die Algerijnen, die deugen eigenlijk niet. Ze deugen wel degelijk, maar ze leven nu eenmaal vanuit een andere visie dan u doet. Op het ogenblik dat u die visie enigszins kent en laat zien dat u haar respecteert, zult u ontdekken dat heel veel Turken en Marokkanen e.a. eigenlijk veel meevoelender, veel menselijker en beleefder zijn dan een hele hoop christenen. Dan kun je samen misschien dingen doen die voor allebei goed zijn. Want daar gaat het eigenlijk om.

Harmonie is een groot woord. Natuurlijk, we hebben een hele leer van de kosmische harmonie, en als je in de muziek zit, heb je ook nog harmonieleer; en daar gaat het dan allemaal, als je het goed bekijkt, over de timing van de dingen. Een kosmos zoals u die ziet, bestaat eigenlijk dank zij het feit dat alle massa, de sterren etc., in voortdurende beweging zijn, maar in die beweging een onderlinge relatie hebben, een onderlinge samenhang waardoor het geheel zich in zijn vorm bijna continueert. Er zijn langzame verschuivingen, maar daar merkt u meestal niet veel van want dat duurt wel een paar duizend jaar.

Zo is het met de menselijke samenleving ook. Het menselijk bestaan heeft, of je het erkent of niet, een bepaald ritme. U hebt uw eigen levensritme. Niet alleen de dagen dat u zich prettig en miserabel voelt, de dagen dat u mentaal presteert en dagen dat u zich krachtpatser voelt, dat zijn allemaal dingen die erbij horen. Maar de manier waarop u naar de wereld kijkt en uw eigen gevoelsleven kent zekere fluctuaties.

Wanneer je nu jezelf een beetje zou kennen, dan zou je dat misschien gemakkelijk aan kunnen passen bij dergelijke verschillen en fluctuaties die u bij anderen constateert. Maar dat vergt weer heel veel studie. Daarom kunnen we afgaan op datgene wat we in wezen zijn.

In onze uitstraling nl. of aura, als u dat wilt, zijn een groot aantal factoren aanwezig van het stoffelijke, van het mentale en van het geestelijke. Die aura is dus voortdurend een soort momentopname van de gehele gezondheid. Als je goed kunt zien, zou je zelfs kunnen zien waar een bepaalde ziekte zou  kunnen zetelen. Je kunt zien waar energie te weinig is, waar energie te veel is. Je kunt zien welke denkprocessen plaatsvinden en welke moeilijkheden daar eventueel in optreden, en je kunt ook nog zien wat de geestelijke uitstraling is.

Die aura resoneert a.h.w. met elke uitstraling die in de buurt komt. Niet alleen die van mensen, maar ook bv. met een uitstraling zoals die in gebouwen is vastgelegd of die aan bepaalde voorwerpen kleeft. Hierbij gaat het om de vraag: Voel ik iets aan als acceptabel? Is het voor mij gunstig, aanvaardbaar? Daar waar ik dit gevoel krijg, is in de uitstraling een overeenstemming met mijn toestand van het ogenblik, zoals die zich in mijn aura manifesteert. Daarom kunnen we dus op deze gevoelens, op deze intuïties wel degelijk afgaan.

Maar, we moeten niet denken dat het dan gaat om reële constateringen. Een mens kan je uitermate onsympathiek voorkomen, en toch kun je later ontdekken dat het een heel sympathiek mens is. Het omgekeerde komt ook voor. Waarom deze aversie? Op het ogenblik van het eerste contact was er een zodanige ongelijkheid tussen de uitstralingen dat er bijna automatisch een afstoting ontstond. Bij een nader contact komen er zo veel ogenblikken voor dat er wel resonantie is dat je daardoor zo’n persoon aanvaardt en de afwijking niet meer ziet als een wezenseigenschap maar meer als een tijdelijk verschijnsel.

U zult in uw leven heel vaak geconfronteerd worden met mensen die wel of niet aanvaardbaar zijn. Maar u bent geneigd om een eenmaal gedane vaststelling, ook wanneer ze intuïtief is of instinctief, te beschouwen als een maatstaf voor het verdere gebeuren. Iemand die onsympathiek is, die blijft een onsympathiekeling. En iemand die je buitengewoon sympathiek vindt, die blijf je sympathiek vinden tot je ontdekt dat je bankrekening leeg is. Zo gaat dat.

Je moet leren reageren volgens die ritmen , volgens die resonantie. Als je elke keer probeert samen te werken met, diensten te bewijzen aan, contacten op te bouwen met mensen op ogenblikken dat deze resonantie aanwezig is, dan bouw je in feite een harmonie op. Begrijp dat een dergelijke harmonie geen blijvende is. U gaat uw eigen baan, u hebt uw eigen ritme, uw eigen golvingen die in uw eigen uitstraling tot uiting komen, en ook de ander.

Neem niet aan dat een eenmaal gedane constatering blijvend is, integendeel. Realiseer je dat het variabel is. En de ogenblikken dat zij overeenstemmen, zijn de ogenblikken waarop wij veel kunnen bereiken. Al die andere ogenblikken moeten we elkaar eenvoudig vrij laten in de beweging omdat we op deze manier, zij het meer mentaal en ten dele geestelijk, de kosmische harmonie een beetje imiteren. Want ook mensen hebben hun eigen kringloop, hun eigen banen.

Wanneer ik dit werk doe, en ik kan het doen, dan moet ik dat baseren op harmonische mogelijkheden. Zowel met degenen die mij a.h.w. helpen en geleiden in zo’n geval, als met u. Want op het ogenblik dat wij geen overeenstemming kunnen bereiken, dat er tussen ons geen wisselwerking ontstaat die net iets verder gaat dan woorden alleen, dan bereiken we eigenlijk niets.

Maar wanneer ik bezig ben met u en er bouwt zich een harmonie op, dan ontstaat er een heel vreemd verschijnsel. U hebt waarschijnlijk, als u vaker hier komt, het wel eens bij uzelf geconstateerd: Er zijn bepaalde dingen die precies voor u schijnen te gelden. Dat is niet waar, ze zijn algemeen. Maar door de achtergrond die erin zit, worden ze voor u een symbool van de harmonie, van een bepaalde wijze van leven en beleven. Dat is het belangrijkste wat je kunt doen als geest.

Wij drukken dus ook in zekere zin harmonie in de stof uit. Maar wij kunnen dat niet onmiddellijk doen. Wanneer wij proberen om u wat koelte toe te waaien, dan zeggen ze niet: O, de geest is zorgend met ons bezig. Nee, ze zeggen: O god, wat tocht en blaast het in mijn  nek, het raam staat open. Dat is niet erg hoopgevend, als je geest bent.

Of je probeert op een gegeven moment iemand attent te maken op een bepaalde situatie, dus je klopt wat je kunt – dat kun je met materiaalspanningen heel vaak tot stand brengen – en wat zeggen ze dan? Er zit zeker houtworm in het dressoir! Of ze geloven misschien in klopgeesten en dan denken ze dat er een geestelijke nozem bezig is die niets beters te doen heeft. Ik wil maar zeggen dat wij weinig mogelijkheden hebben.

Voor u is het echter zo dat u bij het uitdrukken van harmonie in de stof, wel degelijk direct kunt ingrijpen, en dat is belangrijk. Het zijn kleine dingen. Denkt u a.u.b. niet dat harmonie is opgebouwd uit het oprichten van tempels e.d. Harmonie bouw je op door een vriendelijk woord, door eenvoudig een ander zichzelf te laten zijn. Harmonie bouw je op door een vriendelijke gedachte, door iemand even te helpen wanneer hij dat nodig heeft. Iemand te steunen wanneer het zo uitkomt, iemand de kans te geven ook iets voor ù te doen, al vindt u het zelf overbodig. Op die manier schept u die samenhorigheid.

Je kunt op aarde geen harmonie krijgen die een gelijkheid impliceert. Mensen zullen altijd verschillend blijven van elkaar. Dat ligt al in de geestelijke opzet van de zaak; niet iedereen behoort tot dezelfde straal, niet iedereen heeft dezelfde Heer van Wijsheid boven zich of Heer van Straal boven zich. En niet iedereen heeft hetzelfde sterrenteken, noem maar op. Want als je daarover gaat denken, wordt het soms heel moeilijk om je nog voor te stellen dat er een harmonie kan zijn.

Maar het kan wel! Wanneer je jezelf blijft, dat is de allereerste vereiste: jezelf, zo goed als je kunt natuurlijk. Maar je moet nooit jezelf als het ware wegcijferen om de echo of de schaduw te worden van een ander. Daardoor schep je disharmonie, teleurstellingen en in  feite geestelijke en vaak ook stoffelijke strijd. Maar u moet u afvragen: hoe kan ik met wat ik ben en wat mijn mogelijkheden van het ogenblik zijn, misschien een ander helpen om wat zekerder te zijn, wat gelukkiger te zijn op zijn of haar manier? Wanneer wij allen op onze eigen wijze gelukkig zijn en onze vooroordelen een beetje opzij weten te zetten, dan zitten we in een wereld, die een paradijs is!

De noodzaak om harmonie op te bouwen, wordt heel vaak beschouwd als een taak van: laten we bidden, of: laten we mediteren, of wat anders. Ik wil niet ontkennen dat het soms iets uithaalt, maar wanneer iemand in een gracht ligt op het punt van verdrinken, helpt het dan veel als u gaat zitten bidden? Al doet u dat met 100 man tegelijk. Normaal gaat alleen, door gebed begeleid, zijn benauwdheid door. Dan is er veel meer behoefte aan iemand die hem een reddingsboei toegooit of een lijntje of desnoods zelf de plons inspringt om die ander boven water te houden. Werkelijke harmonie is niet gebaseerd op een procedure, maar op de eenheidsgevoelens en eenheidserkenning volgens de omstandigheden.

Je kunt natuurlijk iemand uit het water halen en hem te drogen hangen, maar ik denk dat het veel beter zou zijn als je dan, zodra hij uit het water is, die ander zijn zaak maar zelf verder laat regelen. Als het kan, en zo niet, dan zijn er opeens honderd anderen die dat dan wel kunnen. En zelf gewoon droge kleren aantrekken, zo gauw als u  kunt. Dat voorkomt een verkoudheid, bovendien bevordert het de harmonie. Want op het ogenblik dat u aanwezig blijft, ontstaat een tegenstelling.

Als u mensen iets geeft, als u iets voor ze doet, waardoor ze tot dank verplicht zijn, en ze willen u met alle geweld danken, ach dan weten ze u nog wel te vinden. Maar wanneer u erbij staat zodat dank  onvermijdelijk wordt, dan zult u ontdekken dat ze u dat eigenlijk kwalijk nemen. Het klinkt vreemd, maar het is waar.

Je moet eenvoudig dus het goede doel, de harmonie geven op de juiste manier en verdergaan. Wil de ander het contact continueren en bestaat die resonantie nog tussen de personen, dan komt het best voor elkaar later. Maar je moet het nooit a.h.w.  afdwingen.

Mag ik gemeen zijn? Sommige mensen zijn heel goed voor anderen, maar op de manier waarop ze goed zijn voor een hond! “Lekker koekje? Hoe spreekt-ie? Nou, hoe spreekt-ie? Nou, dat is voor jou, en nu een pootje!” Met andere woorden: er wordt een heel patroon opgebouwd dat in feite de onderdanigheid van de ander impliceert. Dat voel je zelf natuurlijk niet zo aan. Nee, je denkt: ja maar, dat hoort zo, het is altijd zo! Maar voor de ander kan dat een situatie zijn waarin hij niet kan reageren. Maak daardoor het de ander mogelijk u te danken op zijn eigen wijze wanneer die wil, of niet te danken. Schep geen verplichtingen voor anderen, maar acht het uw eigen plicht om voor anderen waar u maar enige resonantie ontdekt, als het ware licht te zijn, stimulans, hulp.

Dan zullen er mensen zijn die zeggen: Ja, dat is nu allemaal goed en wel, maar hoe kunnen wij dit op aarde op dit moment tot stand brengen? En dan denken ze aan een enorm vreugdefeest, waarbij de president van Rusland walst met de president van de Verenigde Staten; waarin politici hun politiek vergeten en in een eerlijke vreugde elkaar kussen, terwijl ze zich op staatskosten bezuipen.

Lieve mensen, zo gaat dat niet. Uw leiders en ook de disharmonieën die ze bewust of onbewust veroorzaken , zijn niets anders dan exponenten van hetgeen u bent. We hebben het al eens eerder gezegd: De mensen die bezig zijn geestelijk de eenheid van de wereld tot stand te brengen, dat zijn mensen die bezig zijn het dak te bouwen voor een huis waarvan de fundamenten nog niet klaar zijn.

In de mensen moet die harmonie, die samenwerking ontstaan; daarin moet dit a.h.w. banenpatroon tot stand komen waardoor de een de ander aanvult en in evenwicht houdt. Elk zichzelf zijnde en zijn eigen wegen gaande, en toch elkaar voortdurend stimuleren en in standhouden.

Mensen die dat gaan doen, eenvoudige mensen, die bouwen een wereldvrede op. Die bouwen een harmonie op waarbij het op den duur zelfs denkbaar is dat de heer Reagan met een of andere Russische belangrijke dame probeert rond te walsen ofschoon het tegen die tijd, als hij er nog is, voor hem wel heel erg moeilijk geworden zal zijn. Want het gaat erom dat harmonie een basis moet hebben.

Nu zou ik nog een vergelijking willen gebruiken en dan laat ik het aan u over om er straks vragen over te stellen. Als je een orkest hebt, dan is er slagwerk bij. Dat slagwerk geeft het ritme aan. Door iets vlugger te slaan kan een zekere stuwing worden verkregen, door net iets trager te slaan, kun je a.h.w. een soort rem krijgen. Elk instrument heeft z’n eigen melodie, zijn eigen klank en produceert in feite helemaal zijn eigen concert.

Wanneer je het nu hebt over het slagwerk, dan moet je denken aan het ritme van de aarde zelf. De aarde en de zon samen geven een zekere ritmiek en die is, of u het beseft of niet, bepalend voor het tempo waarin de wisselingen op aarde zich voltrekken. Daardoor ontstaan er op een gegeven ogenblik enorm veel, vaak gelijksoortige, gebeurtenissen tegelijkertijd en treden er ook weer fasen op dat je zegt: ja, er is eigenlijk niets nieuws. Kijk, dit ritme voelt u in uzelf wel degelijk aan. Dit ritme bepaalt dus het tempo waarin u beleeft, het tempo waarin u reageert.

Wanneer u nu ingesteld bent nu op de klanken a,h.w. van de ander, zoals in een orkest wel degelijk een bepaald instrument vaak a.h.w.  een tweede melodie speelt, waartegen je je eigen melodie produceert, dan moet je niet denken aan het orkestwerk. Je moet denken aan je eigen partijtje dat je mee moet strijken of blazen. Daarbij stem je af op dat instrument in de buurt dat je dan nog net duidelijk waarneemt en waar je a.h.w. de tegenmelodie in kunt vinden van hetgeen je zelf bent.

 Dat is gewoon de manier om te doen. En dan blijkt dat ieder die zijn eigen partij speelt, juist daardoor het gehele werk mogelijk maakt. Zeggen ze: Ja, maar er is een dirigent nodig. Nou, er zijn nogal wat dirigenten op aarde, en er zijn inderdaad enkele dirigenten die het orkest kunnen bezielen. Wanneer er weer bepaalde lichtende geesten naar deze wereld komen, wat in deze tijd waarschijnlijk wel het geval is, dan zou u met die bezieling wel eens kennis kunnen maken. Maar heel vaak kan een orkest ook gewoon spelen onder de concertmeester, die heel rustig zijn eigen instrument blijft bespelen. Met andere woorden, dirigenten zijn niet altijd noodzakelijk, maar voor bepaalde werken of passages heb je eigenlijk wel een dirigent nodig om een speciaal accent te bereiken.

Nu heeft de aarde geen vaste dirigent. De aarde heeft alleen maar vaste krachten en die krachten manifesteren zich afwisselend. U beleeft ze heel vaak als stemmingen, daarnaast als zeer talrijke reeksen van gebeurtenissen. Wanneer een en hetzelfde niet alledaagse feit op 20 plaatsen ineens voorkomt, dan kunt u er zeker van zijn dat hier ergens een invloed dirigeert. Let er een beetje op, maar zorg vooral dat u uw eigen partijtje goed speelt. Het gaat er niet om wat de ander doet, ‘t gaat erom wat u bent. Het gaat er om niet hoe anderen de harmonie bederven, het gaat er om hoe u de harmonie beleeft en vanuit uzelf probeert waar te maken.

Met de simpele aanwijzingen die ik u gegeven heb, kunt u die harmonie wel degelijk in de stof waarmaken. U kunt er uitdrukking aan geven, u kunt ze tot een basis maken die ook in de menselijke  gevoelswereld, ook in een menselijk bewustzijn en onderbewustzijn een rol speelt.

U kunt de toevalligheid van harmonieën en disharmonieën  vervangen door een patroon waarin je bewust functioneert en leeft. En wanneer u dàt doet, dan hebt u niet alleen harmonie kenbaar gemaakt in de stof, dan hebt u voor uzelf een harmonie geschapen die verder reikt dan de materie omdat ze alle levende en denkende wezens, ook deze die niet stoffelijk zijn, erin betrekt. Want wij allen samen vormen EEN geheel. Wij zijn de geheime kosmos, die naast de stoffelijke kosmos bestaat.

Deel 2.

  • Heeft het zojuist afgelopen bezoek van paus Johannes Paulus toch nog wat harmonie gebracht? Er waren toch tamelijk grote menigten. Kwamen die tot harmonie in de zin zoals u heeft aangegeven?

Tot mijn spijt kan ik dat niet. Ongeveer de helft kwam aapjes kijken, met  bijbedoelingen natuurlijk. Er was een aantal mensen dat hier een bevestiging vond van hun eigen vooroordelen, en ook dat is voor harmonie niet bepaald bevorderlijk.

  • Brengen religies ondanks alles toch ook niet een eigen harmonie tot stand in deze wereld? De leefregels zoals we die uit de ODV krijgen, doen dat dacht ik toch zeker.

Een religie op zichzelf of een ODV op zichzelf kan geen harmonie brengen. Het is wat de mensen ermee doen. En wanneer u goed kijkt, dan zult u zien dat religies soms inderdaad harmonie brengen. Zoals ze even hard disharmonie of verdeeldheid zaaien. Zelfs geweld en onmenselijkheid in de naam van hoge idealen. De ODV probeert zich te onthouden van elke pressie of elke dwang, en dat is helemaal niet bedoeld om u dan maar vrijblijvend te benaderen, maar doodgewoon omdat we willen voorkomen dat de mensen zich om welke reden dan ook uitverkorenen of bezitters van de enige waarheid voelen. Ik meen dat het prediken of een klein deel van de waarheid als enige en alomvattende waarheid in het algemeen meer disharmonie veroorzaakt dan harmonie. Maar misschien vergis ik me.

  • Waarom kan een geestelijke kracht geen stoffelijke harmonie  vergroten? Wat kan die kracht dan wel?

Een geestelijke kracht kan over het algemeen niet veel verder gaan dan het mentale gebied. D.w.z. dat een mens beïnvloed kan worden en eventueel geholpen. Maar die mens moet het toch zelf doen. Je kunt dus niet daden stellen voor anderen. Er zijn enkele uitzonderingen op deze uitspraak, dat zal u wel bekend zijn, maar die vergen een enorme inzet aan onze zijde. En dan is er meer dan één entiteit of geestelijke kracht bij betrokken, dat kan ik u wel vertellen. En zelfs dan zijn de gevolgen nog steeds afhankelijk van de mensen en kunnen dus niet door de geest zonder meer bepaald worden.

  • Wat ontstaat er bij betrokkene in de aura als de uitwisseling harmonisch of disharmonisch plaatsvindt? En in welk deel van de aura vindt beroering plaats?

Wanneer het gaat om een wat afstandelijk contact, d.w.z. meer dan een meter, dan zal de beroering hoofdzakelijk plaatsvinden op een bijna geestelijk terrein. D.w.z. dat de beïnvloeding plaatsvindt tussen de twee blauwe buitenlagen van de aura. Komen mensen in nader contact, laat ons zeggen tot ca. 30 cm, dan zullen daarnaast ook de gevoelswereld eventueel samen met bepaalde pieken van gezondheidstoestand en denken een grote rol gaan spelen. Komen mensen elkaar dan nog nader en wil men dan toch praten over harmonie zonder meer, dan kunnen we zeggen dat de beïnvloeding ook de lichamelijkheid van beiden inhoudt.

  • Kunt u iets meer vertellen over het ritme van de menselijke aura?

Dat is alsof u vraagt een gezamenlijk ritme aan te geven van een wals van Strauss en de Bolero van Ravel. Je kunt zeggen dat het ritme dat het meest voorkomt in de aura van de mens, meebepaald wordt door het 20-daagse of 27,3-daagse ritme van het menselijk lichaam plus nog een meestal 7-jaarlijks ritme dat bepaalde geestelijke voertuigen en krachten ontrolt. Dat zijn de meest bepalende invloeden. Maar aangezien die voor elke mens weer een beetje anders liggen, is het niet mogelijk dit ritme algemeen aan te duiden en te zeggen: Zo verloopt het dus bv. in Nederland of de gehele wereld.

  • Welke lagen vertonen dit ritme?

Het zal u duidelijk zijn dat een lichamelijk ritme in de eerste plaats in de laag vlak rond het lichaam wordt geconstateerd. Maar daarnaast heeft het een beïnvl0eding van de emoties en indirect van het denken zodat het in de tweede laag meestal het meest duidelijk te herkennen is en uitschieters kan vertonen die lopen tot in de derde laag. Ik deel nu maar in drie lagen in; in feite zou je meer gradaties kunnen aanbrengen, maar ik meen dat het zo het duidelijkst is.

  • Waarom verschillen van ritmes tussen verschillende personen en  voor één persoon?

De verschillen van ritme tussen de verschillende personen ligt, wat het lichaam betreft, vooral in een verschuiving van grondritme. Dat kan dus een week tot drie weken verschillen, meer niet. Twee weken is het optimale verschil wanneer je zegt: ze zijn bijna tegengesteld.

Wanneer je denkt aan geestelijke ritmen, dan moet je rekening houden met geboortejaar, met incarnatiecyclus en al die dingen meer. Heel erg moeilijk te bepalen. Wanneer het voor één persoon gaat, zou ik dus zeggen: het gemiddelde ritme is een ritme van ongeveer 27 à 28 dagen, waarbij echter de geestelijke invloeden bepaalde toppen doen ontstaan en bepaalde dieptepunten, met een onderling verschil van ongeveer 3,5  jaar.

  • Is dankbaarheid en de uiting daarvan niet nodig om een circulatie, een uitwisseling tot stand te brengen tussen gever en ontvanger? Dankbaarheid uiten, maakt een einde aan het gevoel van schuldig zijn door onbeloond eenrichtingsverkeer gever – ontvanger.

 Ik zou zeggen wel dat u daar gelijk in hebt, maar u moet één ding onthouden: wanneer je dank krijgt,  dan moet je die natuurlijk aanvaarden. Maar je moet nooit dank eisen. Dankbaarheid kàn een gevoel van verplichting zijn. Het zou het niet moeten zijn. Werkelijke dankbaarheid is gewoon de erkenning van iets wat ons gegeven is of voor ons gedaan wordt en op grond daarvan het waarderen van de ander. Of we daaraan uitdrukking geven of niet, die  dankbaarheid blijft toch gelijk, dacht ik. Maar de uiting is heel vaak noodzakelijk omdat je daardoor voor jezelf het gevoel krijgt dat je niet bij een ander in de schuld staat zonder meer. Het is een zuiver persoonlijke zaak en is sterk afhankelijk van je eigen mentaliteit, je eigen wijze van leven en bezien.

  • Wat is te bereiken met de opbouw van een harmonie tussen jezelf en je zintuigen? Ledematen en organen dus iedere avond dankbaarheid toezenden voor alle diensten die ze je in die dag weer hebben bewezen? Zou je een disfunctie op deze wijze weer kunnen herstellen, mede door de voorstelling van de gezonde toestand aan het lichaamsdeel voor de handen?

Tja, een beetje moeilijk. Kijk eens, dat dankbaar zijn, is natuurlijk erg mooi, maar het is eigenlijk niet nodig. Want dan zeg je dat het ene deel van je  IK dankbaar is aan het ander deel van je IK,  en dat is onzin. Maar iets anders is de vraag of je door gewoon je lichaam te beseffen in zijn functies, niet gelijktijdig een erkenning geeft ook in je eigen bewustzijn t.a.v. de situatie en toestand van dat lichaam.

Wanneer daarbij een afwijking van het normaal beeld erkend wordt, blijft het normaal beeld in u bestaan. Het is duidelijk dat u het normaal beeld daardoor voor uzelf bevestigt en zo het lichaam de  gelegenheid geeft om met gebruik van de voorhanden zijnde krachten en moeilijkheden dat normaal beeld weer zo goed mogelijk te herstellen. Anders gezegd, je zou dus bepaalde mede vaak psychisch veroorzaakte defecten op deze wijze inderdaad aanmerkelijk kunnen doen verbeteren.

  • Is de steun van de hand daarbij, die al onbewust gebeurt (wanneer die bv. ergens opgelegd is: je hand naar je hoofd, of naar je maag bij maagpijn), zou die hier ook kunnen helpen door het betreffende orgaan  in zijn disfunctie door de handen heen te brengen, als het ware?

Nou nee, dan kom je in een heel moeilijk parket en als ik dat helemaal zou moeten uitwerken, dan heb ik nog wel een uur of drie nodig. Maar om het heel simpel te zeggen: Er zijn levensstromen in het menselijk lichaam. Bij deze levensstromen spelen ook de extremiteiten, dus de armen en benen een rol. Wanneer u op een bepaalde wijze een soort kortsluiting in een levensstroom veroorzaakt, kan dat invloed hebben op alle organen en vooral zenuwknooppunten, die binnen die levensstroom liggen. Maar die gebaren die u aanduidt, zijn in feite geen onbewuste poging om die levensstroom te herstellen, maar ze zijn eerder een beseffen voor jezelf in een gebaar uitdrukken. Het gebaar is dus de uitdrukking van een beseft onbehagen. Dat is de hoofdzaak.

  • Is om pedagogische redenen soms harmonie niet noodzakelijk?

Wanneer de pedagogen zouden streven naar optimale harmonie, zouden ze tot de ontdekking kunnen komen dat er toch voldoende disharmonieën bestaan omdat zelfs de pedagogisch nagestreefde harmonie voor een ogenblik  in zijn tegendeel pleegt om te slaan. Dit op grond van een tijdelijke afstoting i.p.v. de normale resonanties.

Als dusdanig geloof ik dus niet dat je om, zeg maar, opvoedkundige redenen of 0m bewustwording mogelijk te maken, de disharmonie als een noodzakelijk iets behoeft te beschouwen. Er zullen disharmonieën optreden, maar je zult moeten leren die disharmonieën te verdisconteren in je eigen harmonie. Dan pas is er sprake van bewustwording. En in het menselijk  leven betekent het gewoon dat je disharmonieën kunt aanvaarden omdat er een basisharmonie bestaat. En die basisharmonie heb je nodig; dan komt de verwerking van de disharmonie automatisch onder het hoofd van ervaring, welke bijdraagt tot verbetering van de harmonische mogelijkheden.

  • Moderne schilderkunst, is die niet in vele gevallen een uiting en een weergave van de disharmonie die zich op het ogenblik zo duidelijk op allerlei gebieden manifesteert?

Dat is heel erg moeilijk, omdat ik me afvraag wat u met moderne schilderkunst bedoelt. Er zijn nl. kunstenaars die schilderen, en er zijn kunstschilders die hun métier beheersen en die op hun eigen wijze uitdrukking proberen te geven aan iets wat hen beweegt of wat hen getroffen heeft. In dat laatste geval blijkt dat die disharmonie niet overheersend is. Maar vergeet niet dat in de schilderkunst contrast het belangrijkste is wat er bestaat, 0f dat nu een kleur- of lijncontrast is of zelfs een beeldcontrast. Daarbij zullen bepaalde moderne schilders ongetwijfeld hun onbehagen uitdrukken door met kleuren en lijnen a.h.w. te vloeken. Maar in vele gevallen blijkt dit onbehagen bij hen vooral te bestaan in het onbehagen omdat zij niet erkend worden voor datgene wat ze gaarne zouden zijn zonder dat geheel waar te kunnen maken.

  • Kunt u iets zeggen over de uitdrukking van de harmonie in de  muziek?

Een mens heeft bepaalde stemmingen die door geluid kunnen worden  gestimuleerd en omgekeerd kunnen stemmingen in het algemeen in geluid worden uitgedrukt. Bij heel veel muzikale werken is dit het geval geweest en het is opvallend dat werkelijk harmonisch voor mensen in het algemeen, dus niet alleen muziekkenners, al die melodische aspecten harmonisch zijn die een redelijk ritmische achtergrond hebben en die door hun eenvoud toch bepaalde gevoelens uitdrukken. En denk niet dat die dingen alleen geschreven zijn door heel simpele mensen. Beethoven heeft ook bepaalde passages geschreven waar iedereen toch wel een beetje gevoelig voor is.

Realiseer u gewoon dat Bach bv., of in andere zin Vivaldi, wel degelijk emoties kunnen opwekken, maar hier wordt begrip van een bepaalde muzikale taal vereist. M.a.w. we hebben hier te maken met een taal-eigen dat, wanneer het verstaan wordt, harmonische elementen kan bevatten, emoties op de juiste wijze kan richten en zelfs een aantal mensen tot een tijdelijke eenheid kan brengen. Maar dat zien we ook in veel simpele muziek, en ofschoon ik zelf geen bewonderaar ben van datgene wat in uw dagen maar al te vaak voor muziek wordt uitgegeven, moet ik toch hier onmiddellijk erkennen dat een mate van harmonie onderling wel degelijk kan worden opgewekt door beat e.d.

Je krijgt hier te maken met sterk ritmische elementen die een deel van de persoonlijkheid zodanig verdoven dat een openstaan van het verdere deel van de persoonlijkheid voor het geheel en voor anderen m0gelijk wordt. Persoonlijk acht ik het niet de meest gezonde manier, maar ook hier blijkt muziek dus harmonische mogelijkheden te bevatten.

  • Zijn er nog specifieke toonaarden of toonladders die bepaalde harmonieën kunnen opwekken?

Vreemd genoeg niet. Dit is namelijk heel sterk afhankelijk van de omgeving waarin je geboren bent, de melodie en de muziek die een rol hebben gespeeld in je eigen jeugd. M.a.w. er is hier een associatie, want wanneer u bepaalde toch zeer lieflijke Chinese melodieën hoort, dan denkt u aan katten in maart. Wanneer u bepaalde andere elementen  hoort die in het Verre Oosten ook voorkomen, dan hoort u geen muziek. Voor u lijkt het of er een plank in de keukenkast in elkaar is gestort inclusief het servies. Toch kan dat anderen ontroeren of zelfs een verhaal vertellen over goden.

We moeten dus heel erg voorzichtig zijn. Ik geloof niet dat we kunnen zeggen dat bepaalde klank of toonsoorten buiten een bepaalde omgeving altijd harmonie bevorderend zijn. Je kunt wel zeggen dat in de muziek de gewekte associaties bepalend zijn voor de al dan niet harmonische werking daarvan en over het algemeen betekent dit voor het westen waarin u woont, dat bepaalde akkoorden en septimes bijzonder veel harmonische elementen plegen te omvatten waarbij dan vreemd genoeg de G-sleutel iets meer werking schijnt te bevatten dan de C-sleutel (F-sleutel?)

  • Wat vindt u dan van atonale muziek?

Atonale muziek is wederom een idioom dat ontroerend kan werken en  dus ook invloed kan hebben op harmonieën en disharmonieën voor degenen die het verstaan. Alleen, de meeste mensen verstaan het niet. Over het algemeen heeft atonale muziek echter een verontrustende werking op de doorsnee mens.

  • Orkestleden worden vaak ziek van het veel spelen van moderne muziek en ook planten kunnen bv. op popmuziek reageren door er van af te groeien.

Het is duidelijk dat bepaalde soorten muziek voor bepaalde planten afkeerwekkend zijn. Andere soorten muziek kunnen daarentegen groeibevorderend zijn. U haalt hier aan hoe planten weg groeien van beatmuziek. Dan hebt u nog nooit gezien hoe brandnetels hierop reageren. Verder wil ik erop wijzen dat ook dieren hun eigen voorkeur hebben. Wanneer wij bv. apen confronteren met beatmuziek, dan worden ze buitengewoon levendig, speels en soms strijdvaardig. Ze hebben soms iets met mensen gemeen. Geven we hen daarentegen bv. Chopin, dan wordt hun gedrag rustiger.

U kunt dus zeggen: Apen worden in hun gedragingen door muziek beïnvloed. Dat is juist. Dat kunt u ook voor andere dieren zeggen, maar in hoeverre die muziek begrepen wordt en beleefd wordt, weten we niet. Het is wel duidelijk dat bij zeer vele dieren associaties bestaan met een eigen toonsoort. Wist u dat veel katten bijzonder sterk reageren op klarinetten? En dat veel honden een voorkeur hebben voor fagot en waldhoorn?

Ik meen hiermee duidelijk te hebben gemaakt dat muziek niet als harmoniebevorderend of -remmend kan worden beschouwd omdat bepaalde planten of diersoorten daarop op een bepaalde wijze gemeenlijk reageren. Wij kunnen alleen maar zeggen dat deze reacties dus veelvoorkomend zijn, maar dat mensen die door hun eigen afstemming gevoelig zijn voor die muziek daar misschien harmonie in vinden, zelfs wanneer het koren zich er van af buigt en de brandnetel er alleen naar toe! Maar het wil ook niet zeggen dat degenen die het als harmonisch ervaren, brandnetels zijn.

Zo vrienden, ik heb geprobeerd om het geheel van mijn betoog zo simpel mogelijk te houden. Ik had daarvoor een reden. Ook wanneer we kijken naar het verloop van de vragen bv., wordt duidelijk dat de mens teveel opgaat in complexiteit. Harmonie is in wezen eenvoudig, ook wanneer zeer veel ingewikkelde invloeden erbij te pas komen en de verklaring ervan soms moeizaam zal zijn.

Harmonie is iets wat je beleeft of niet beleeft. Harmonie is iets waarop je je kunt afstemmen, maar dat dan alleen tot stand komt wanneer je eigen afstemming elders een weerkaatsing vindt. Het belangrijke is niet dat we harmonie kunstmatig wekken; het belangrijke is echter dat we harmonie wanneer zij in ons bestaat, beseffen en dat wij bereid zijn aan te nemen dat een eenmaal ontstane harmonie op geen enkele wijze verdere bindingen doet ontstaan welke na verandering van de originerende toestand de harmonie dus toch tot een verplichting maakt. Dit is nl. onmogelijk.

Harmonie kun je alleen krijgen door jezelf te zijn en gelijktijdig de gehele wereld die je op een positieve wijze beroert, op een gegeven ogenblik als harmonisch te erkennen. En daar ook je eigen harmonie naar toe te zenden. Zo simpel is het. Maak de zaken dus niet ingewikkelder dan ze zijn, nogmaals! Probeer uw harmonisch leven en denken, zeker als u het wilt uitdrukken in de stof, zo eenvoudig mogelijk te houden.

Dat betekent heel vaak dat u daardoor toch afwijkt van bestaande en gangbare patronen en gebruiken, dat weet ik wel, maar op zich doet dat niet ter zake. Mits u begrijpt dat een harmonische toestand door de voortdurende wisseling niet onbeperkt kan blijven bestaan. En dat zelfs een harmonie in zich wijzigingen van inhoud en samenklank ondergaat, terwijl ze bestaat. Verwacht geen vaste waarde, maar erken in uzelf de enige waarde die voor u vast is: de kracht en het licht die in u wonen en uw vermogen om daarmee op harmonische wijze te werken.

En wanneer u dan uw wereld beziet, probeer haar niet geestelijk te genezen in de eerste plaats. Probeer haar gewoon te helpen met de middelen die ook tot die wereld behoren. Pas wanneer u dat doet, mag u gaan aanvullen met geestelijke waarden en mogelijkheden.

Onthoud één ding: al is de mens een kind van het eeuwige, al is zijn ziel verbonden met de enige werkelijkheid die bestaat, hij ondergaat zijn bestaan en zijn leven in de stof en niet elders. Laat hij dan volgens zijn beleven zich uiten en de kracht die in hem is, gebruiken om dit beleven de meest juiste vorm te geven. En als u daarmee bezig bent, dan zult u ontdekken – en dat hoort er eigenlijk niet helemaal bij, maar ik vind het wel belangrijk – dat het niet zo moeilijk is om je naaste lief te hebben, wanneer je maar niet verwacht dat hij jouw spiegelbeeld wordt. Want als hij dat zou worden, dan zou u hem ook niet meer kunnen beminnen.

image_pdf