Het jaar 2000…

Het jaar 2000…

Als wij bezig zijn met de geestelijke ontwikkeling en de geestelijke bewustwording in deze tijd, dan vergeten wij maar al te vaak dat het een voortdurend veranderend proces is. Je kunt dit op een heel aardige manier karakteriseren: we krijgen steeds een piek van activiteit die dan meestal bijna anarchistisch is, daarna krijgen we een periode van uiterste behoudzucht, na die periode is er een zoeken naar uiterste zekerheid en pas daaruit ontwikkelt zich langzaam maar zeker een vrijheid van denken, die dan weer resulteert in een piek die praktisch anarchistisch is. Bewustwording is dus niet alleen maar een proces dat zich op aarde regelmatig voltrekt. Het is eigenlijk een steeds afwisselen van bepaalde perioden. Je zou het kunnen uitdrukken in een dubbel gepiekte sinusoïde.

Als wij vanuit het heden kijken naar de nabije toekomst, zo over 20 jaar, dan valt ons op dat wij op het ogenblik weer zitten in een rechtse periode De orthodoxie steekt overal weer de kop op. Er zullen in de komende jaren ongetwijfeld steeds meer gevoelens zijn die dan waarschijnlijk in de heersende modeterm fascistisch zullen worden genoemd. Wij zullen daarbij ook zien dat heel veel mensen niet meer geneigd zijn open te staan voor andere en nieuwe waarden. Dat is onvermijdelijk omdat elke keer, wanneer een verandering zich heeft voltrokken die eerst innerlijk moet worden verwerkt. Het is dus niet een wezenlijke verandering zoals men wel eens denkt. Het is gewoon een periode waarin men een tegenwicht nodig heeft om innerlijk eerst de ontstane veranderingen van besef, van visie, van gevoeligheid te verwerken. Aangezien dat nog wel een paar jaren zal duren, kunnen we dus rustig aannemen dat er daarna een periode komt van behoudzucht, van zekerheid zoeken, maar dat daarbij de uiterlijke aspecten minder een rol spelen.

Men zoekt in zich een nieuw houvast, een nieuwe zekerheid. Eerst als de mens voor zichzelf innerlijk heeft geconcretiseerd wat hij heeft bereikt, kan hij heel voorzichtig weer eens gaan kijken of het water niet al te koud is en dan gaat hij voorzichtig een stapje verder. Maar dan zullen we waarschijnlijk in de jaren 90 zitten.

Gaan we van daaruit nog wat verder, dan zal blijken dat de wereldvisie van de mens langzaam maar zeker verandert. Ik neem aan, gezien de huidige situatie, dat dat gaat betekenen een heel voorzichtig denken in de richting van een wereldomvattend mens zijn. Dit houdt in dat men innerlijk op een andere manier met zichzelf wordt geconfronteerd.

U heeft het wel meegemaakt: iedereen is overtuigd van zijn beste bedoelingen. Iedereen is ervan overtuigd dat hij het geestelijk heus nog niet zo gek ervan af brengt. Gelijktijdig ontdekt men misschien te laat dat men enorm drammerig wordt. Men probeert alles wat men weet dat goed is grondig door te zetten: ik bedoel het toch zo goed en daarom moet het en niet anders.

Zolang dat alleen uiterlijk is, is dat alleen lastig. Op het ogenblik echter dat het gaat om geestelijke zaken wordt het gevaarlijk. Want door de eenzijdigheid die zo ontstaat, verwerpen we een groot ge­deelte van onze mogelijkheden en indrukken. Dat kunnen we misschien niet helemaal voorkomen, maar het zal toch wel nodig zijn dat we leren om het geheel in ons op te nemen. ­

Een moderne inwijding is tenslotte niet meer een kwestie van: er komt iemand die u het geheim in het oor fluistert en vanaf dat ogenblik bent u halleluja, looft de Heer, de meerdere van alle anderen. Het is meer een kwestie van langzaam voorzichtig en bijna zonder het zelf te weten of te begrijpen innerlijk veranderen. Die veranderingen kunnen we in deze tijd gelukkig wel ongeveer beschrijven.

Allereerst leer je veel vrijer denken. Het is niet zo belangrijk dat je bent gebonden aan een bepaald geloof, bepaalde zekerheden, bepaalde inhouden. Het is niet belangrijk dat je een bepaald vertrouwen bezit, geniet of kunt geven. Het is alleen belangrijk dat je begrijpt. Begrip is de essentiële factor in de periode van bewustwording die op het ogenblik aan de gang is. Maar als men elkaar leert begrijpen, dan ben ik bang dat men ten onrecht wel eens beweert dat men elkaar gaat leren waarderen. Want men waardeert een ander over het algemeen alleen in overeenstemming met zijn eigen besef en zijn eigen normen. En dat is natuurlijk kolder.

Als alle mensen gelijk zouden zijn, zouden ze elkaar enorm moeten waarderen, maar het zou dan wel een verduveld saaie situatie worden, denk ik. Het is juist de tegenstelling die er bestaat tussen mensen, tussen geestelijke inwerkingen, tussen de krachten waarmee je wordt geconfronteerd waardoor je innerlijk steeds weer wordt geconfronteerd met andere onbekende factoren in het  ‘ik’. Het is het kennen van de factoren in het ‘ik’ waardoor je de innerlijke eenheid kunt bereiken die je naar buiten toe kunt projecteren.

De bewustwordingsprocessen op de wereld hebben zich altijd afgespeeld in die eigenaardige golfbeweging die ik u zo even al heb beschreven. Deze golfbewegingen hebben natuurlijk ook nog een trager tempo. U weet het allemaal, we hebben ca. per 2100 jaar een dergelijke golfbeweging. De mensen zeggen: dan moet het gebeuren. Maar dat kan eigenlijk niet. Een plotselinge verandering is niet denkbaar.

Er zijn mensen die nu uitroepen, vaak theologisch gedocumenteerd: toen Jezus op de wereld kwam begon er een nieuwe era. Er begon een nieuwe mensheid. Als ze dat zo zeggen, dan galmt het zozeer dat je verwacht dat er nog steeds nieuwe mensen uit de verte komen aanzetten. De werkelijkheid is echter deze:

Toen Jezus geboren werd veranderde er niets. Het enige dat er gebeurde wa, dat een ander besef langzamerhand vorm ging krijgen. Het is niet het besef van Jezus wat tegenwoordig in de kerk of in het christendom is terug te vinden. Het christendom is een formalisering van een nieuwe benadering van het leven. Ook in deze tijd kunnen we dat verwachten.

Ik heb de sprookjes gehoord: de Heer Maitreya zal op de wereld zijn. Als hij zo gek is, kan ik daar ook niets aan doen. Maar realiseert u zich dat even: zelfs als de grootste Meester op dit ogenblik op deze wereld actief is, als een Wereldleraar en een Wereldmeester, zoals wij u hebben duidelijk gemaakt, al een lange tijd actief zijn geweest en zelfs hun activiteit weer naar het geestelijke gebied hebben verplaatst, dan betekent dat nog niet dat de wereld verandert. Het betekent alleen dat er een nieuwe impuls is gegeven.

Zoals dat met een grote periode gaat, zo gaat het ook met een kleine periode. Je kunt die dingen niet precies van elkaar scheiden. Je kunt niet zeggen: dit is de periode van Hitler. Nu is die voorbij en krijgen we de pe­riode van het anarchisme en dan de periode van Glimmerveen en Van Agt. Die dingen verschuiven langzaam. Het is misschien juist door die verschui­ving van waarden dat we zelf niet beseffen wat er in ons gebeurt; en dat is maar goed ook.

Als we zouden zien hoeveel we zijn veranderd, alleen al in de laatste tien jaren, dan zouden we misschien schrikken. Nu blijven we voortdurend bezig met onze eigen probleempjes zoals ze zich nu voordoen. Het verleden zien we eigenlijk als een verlengstuk van wat we nu denken, wat we nu be­seffen. Dat is de werkelijke vooruitgang.

Is dat ook een inwijding? Er zijn mensen die dat er graag van willen maken. Ik heb daar niets op tegen als u ingewijd wilt zijn. Er is wijwater genoeg te krijgen in elke kerk. Dus u wijdt maar. Begrijp echter een ding wel: een verandering kun je omschrijven als een inwijding, maar in wezen is het maar een enkele fase in een continu proces.

Als wij kijken naar het jaar 2000, wat vanuit dit standpunt nogal ge­makkelijk is, dan wordt ons duidelijk dat we niet te maken hebben met aller­lei gewelddadige en plotselinge omwentelingen. Er komt heus geen timmerman uit de hemel die zegt: ik zal even een nieuw Jeruzalem voor u in elkaar timmeren. Het is alleen een verandering. En als we rekening houden met die golfbewegingen, dan blijkt, en dit is nu typerend, dat de golf van een volactive Aquarius begint samen te vallen met de anarchistische golf waar­door men a.h.w. aan alle kanten een nieuw leven, maar ook een nieuw denken zoekt. En dat is nu juist het goede. Want als dat gaat gebeuren, dan zul­len er uiterlijk steeds meer situaties ontstaan die de verandering van denken en daardoor ook de grotere wijsheid van begrippen, van bewustzijn bevorderen. Maar er komt altijd een periode voor de eenling dat hij zegt: ik kan het niet meer bijhouden en dan wordt hij orthodox.

De meeste mensen lachen wel eens als de oudjes zitten te praten over hoe goed het was in hun tijd. Dan zeggen ze: man, je weet niet waar je over praat. Zo gaat het ons eigenlijk ook. Op een gegeven ogenblik denken we: in onze tijd was dit en dat toch groots. Toen was er actie. Toen was er verandering. Toen was er bewustwording. Nu is het er niet meer. Het is er wel, maar wij kunnen het niet verwerken. Zoals die oudjes op de bank spreken over het verleden, omdat ze het heden niet meer intens kunnen be­leven en er niet meer voor openstaan. Dit is dan misschien zielig vanuit het standpunt van degenen die verdergaan, maar het is op zichzelf e­en onvermijdelijke situatie.

Als we kijken naar het jaar 2000 en we zien hoe daarin plotseling de gehele politieke situatie gaat veranderen, dan zeggen wij: mensen, dat is iets ontstellends in zo korte tijd. U vergeet echter dat die verandering al vanaf de 60-er jaren aan de gang is, dat de ondermijning van het gezag e.d. ook al in de 70-er jaren tot pieken heeft geleid en binnenkort weer tot pieken zal leiden, want het zijn snelle fluctuaties. Daar kun je niet aan ontkomen. Maar het betekent doodgewoon alleen dat er dan een concrete vorm zal ontstaan, omdat onderwijl een zodanige verandering van be­sef en emotie heeft plaatsgevonden in het geheel van de mensheid, dat de oude systemen zichzelf niet zonder meer kunnen handhaven. Dan zegt de mens: is dat bewustwording? Ik meen van wel.

Het is misschien een beetje gek om het zo te zeggen, maar als het kind zich voor het eerst ervan bewust wordt dat het alles op het potje moet doen, dan vind ik dat ook een bewustwording. Het is een verandering van gewoonte. Het is een lichamelijke aanpassing aan een nieuw besef en daardoor ook een nieuwe beheersing van jezelf.

Dat is nu hetgeen er gaat gebeuren. Dan zijn alle perioden waarmee wij op dit ogenblik mee te maken hebben niets anders dan een aanduiding van een verandering die onontkoombaar is, maar gelijktijdig voor onszelf voort­durend ook de ellende dat we niet helemaal kunnen meekomen.

Je denkt misschien dat je erg progressief bent. Maar een progressief iemand is eigenlijk zo ouderwets dat hij antieke normbesefswaarden weer gaat hanteren in een moderne tijd waarin ze niet passen. Geestelijk en qua bewustwording betekent het gewoon dat je op een bepaald ogenblik wel een aantal nieuwe en lichtende krachten kunt verwerken, dat je misschien nieu­we capaciteiten in jezelf ontdekt en de mogelijkheden gaat waarmaken. Maar dan komt er een tijd dat je daarmee bezig bent en ga je niet verder. Je kunt het wel proberen, maar je bent niet in staat dat momentum te ge­winnen wat je nodig hebt voor een verdere geestelijke ontplooiing op dat ogenblik.

De wereld gaat verder. Er komt dan een moment dat je ineens merkt dat je hele wereldbeeld en alles wat je omtrent jezelf en anderen hebt gedacht niet helemaal klopt. Dat is dan de confrontatie met de nieuwe bewustwording.

Het is allemaal aardig als we dat herleiden tot de oudheid. Er zijn veel dingen verbeterd, er zijn ook een hoop dingen veel trager geworden. Wist u bv. dat het vroeger minder tijd heeft gekost om een beeld te hou­wen en op te richten op Paaseiland dan tegenwoordig om te besluiten waar het monument van koningin Wilhelmina zal worden ge­plaatst? De tijden veranderen.

Aan de andere kant realiseert u zich wel dat de mensen vroeger zichzelf geen vragen stelden t.a.v. vastliggende verhoudingen en ze zich niet afvroegen wat hun eigen rechten en positie was, dat ze het alleen maar accepteerden. Nu is iedereen in oproer. Het innerlijk oproer is voor ons de sleutel naar de nieuwe fase van bewustzijn. Dat betekent dat wij niet alleen innerlijk die moeilijkheden hebben van: ik kan het niet halen. Waarom kan dit nu niet en waarom kan een ander dat nu wel? En ook niet: waar blijft God? Ik heb Hem al 20 keer geroepen en ik krijg steeds het in gesprekssignaal. Dat zijn zaken die bijkomstig zijn. Maar het is in wezen door de stilstand, door de rust dat er een nieuwe beleving, een nieuwe ervaring ontstaat.

Nu weten we allemaal, als je iets in een sleur doet, weet je op den duur eigenlijk niet eens meer waarmee je bezig bent. Maar als je er hele­maal nieuw inkomt, dan zie je ineens hoe de problemen liggen. Je gaat dat anders bekijken, je gaat het anders benaderen. Je probeert het op je eigen manier te verwerken om er iets van te maken. Zo is het innerlijk ook.

Wanneer u die periode van stilstand heeft gehad, dan moet u iets heb­ben waaraan u zich vasthoudt, wat dan ook. Desnoods een soort nihilisme. Er is niets. Waarover zou ik mij dus druk maken. U heeft echter dat hou­vast, die steun nodig. Dan komt het ogenblik dat je zegt: er is iets, maar wat? En dan kijk je naar de dingen die anderen misschien al jarenlang beleven, die in hen spelen, factoren waarmee ze bezig zijn, waarmee ze goo­chelen. Dan zeg je: waarom doen ze die stomme dingen? Waarom goochelen ze met fakkels, terwijl ze er een zoeklicht van kunnen maken? En dan ben je in staat om er een zoeklicht van te maken.

Het groeiend bewustzijn is misschien een rare situatie. De meeste men­sen zien dat allemaal als geleidelijk. Er zijn mensen die zeggen: eindelijk gaan we weer terug in ons denken naar de oude Griekse filosofen. Misschien in uw formuleringen, maar als u in uw denken daarnaar zo teruggaan, zou dat een terugval zijn zonder gelijke, want u moet juist verder. Maar u moet verder door een gelijkmatige groei.

Een gelijkmatige groei betekent dat elke eenzijdige ontwikkeling, hoe dan ook, tot stilstand dwingt waarna de volgende ontwikkeling in te­gengestelde richting geschiedt maar eveneens een uitbreiding van het be­wustzijn tot stand brengt. En dan kunnen we rustig zeggen: het klinkt mooi, wat moet ik ermee? Want als je over een groeiend bewustzijn bezig bent, dan vindt iedereen het meestal erg mooi, vooral als hij van zichzelf kan den­ken: mijn bewustzijn groeit als kool. Er zit dan wel luis in, maar daar praat je niet over.

De werkelijkheid is wat kan ik ermee doen, wat kan het beteken voor mij en wat verandert het aan mijn relatie met de wereld? Dat is eigenlijk het essentiële punt, al het andere kun je vergeten.

Wat gaat er nu in de komende 20 jaren veranderen? Op dit moment zijn er ontelbare anonieme instanties. Soms zijn het kerken, anders zijn het misschien goeroes die je nooit te zien krijgt of alleen van een afstand. Het zijn ministers en ministeries. Tenslotte zitten we eigenlijk met een enorme afstand tussen het eigen leven van de mensen en de functies van de gemeenschap. Dit betekent gelijktijdig isolement, ook voor het bewustzijn.

Het is natuurlijk erg gemakkelijk als je maar behoeft te schreeuwen en een demonstratie te houden en je hebt de sociale steun. Maar het bevredigt niet, want als je het hebt, dan bedenk je dat je meer had moeten vragen. Maar je vraagt je niet af: wat kan ik er werkelijk mee doen? En daar zit nu het eerste haakje, omdat in deze toestand (economisch en anderszins) stabilisatie optreedt. Dat wil zeggen omdat je niet meer kunt krijgen en niet meer kunt vragen, zul je moeten leren met minder meer te doen. Dat betekent ook geestelijk gezien dat er niet de uitdaging is van het ‘ik’ dat zich eventjes te weer stelt tegen die eigenlijk toch anonieme instanties, maar van het ‘ik’ dat moet afrekenen met feitelijke situaties. Dat impliceert dus een veel grotere zelfactiviteit, maar ook een veel grotere confrontatie met je eigen mogelijkheden en je onvolkomenheden.

Die zelfconfrontatie kan betekenen, en ik ben bang dat dat voor veel mensen het geval zal zijn, dat je probeert de schuld op anderen af te schuiven. Dat is zo langzamerhand heel gebruikelijk geworden. Maar als je daarmee niets bereikt, dan blijf je nog altijd zitten met dat beeld van je eigen wereldrelaties: ik – wereld. Daarin zal een verandering moeten komen, omdat ze niet kan blijven bestaan op de eenzijdige manier waarop ze op dit ogenblik aanwezig is. Maar dat moeten we dan gaan uitdrukken op een andere manier.

De een zegt: je moet dat uitdrukken in seks. Maar het gaat er toch niet om een uitdrukking te vinden om iets te verheerlijken? Het gaat erom innerlijk je evenwicht te herwinnen. Dit impliceert dat op betrekkelijk korte termijn de mensen zullen moeten zoeken naar andere menselijke rela­ties en verhoudingen om dat evenwicht een beetje tot stand te brengen. Dat houdt in dat ze zich zeer sterk op humanitair vlak zullen gaan be­wegen, maar nu niet vanuit een materialistische, maar vanuit een spiri­tuele benadering.

Dat gaat een tijd goed, natuurlijk. Maar als je daarmee eenmaal zo­veel hebt bereikt dat er een mate van eenheid en van onderling begrip is ontstaan, sta je ook weer voor een grens. Dan kun je ook niet verder. Want nu moet gestalte daaraan worden gegeven. Dat wil zeggen we moeten terug in de richting van het materiële. Alleen, de instanties zijn geluk­kig voor een deel uitgeschakeld.

Wij gaan er tezamen vorm aan geven. En als we dat doen, dan is er weer een confrontatie met de wereld. Gelijktijdig meten we onze krachten en idealen af. We zullen dan ontdekken dat we heel vaak door onze geeste­lijke krachten bijzonder te concentreren en te richten meer tot stand brengen dan door luidkeels te schreeuwen. Kijk, dat is dan weer een uitbreiding.

Het bewustzijn groeit verder. Wanneer het zover is zal er natuurlijk een steeds groter wordend conflict ontstaan tussen de gevestigde posities en het nieuwe bewustzijn. Dat gaat helemaal niet om de kwestie van kapitalisme tegen communisme of iets dergelijks. In wezen gaat het om een zelfbe­wust ‘ik’ denken dat zijn eigen aansprakelijkheden maar ook zijn eigen rechten zoekt in zijn wereld en in zichzelf. Aan de andere kant is daar de regentenmentaliteit die zal bepalen wat je moet doen, wat je krijgt en wat je mag denken. Daaruit kunnen aardig grote conflicten voortkomen, dat is onvermijdelijk. Maar om zo’n conflict werkelijk door te zetten heb je meer mensen nodig dan je kunt krijgen, want de ontwikkeling van het bewustzijn gaat steeds sneller, ook in de huidige schijnbaar regressieve periode.

De mensen zoeken naar rust. Ze zoeken naar houvast en zekerheid, maar ondertussen kunnen ze er niet omheen de wereld anders te gaan zien, anders te gaan beleven. Dit betekent ook dat hun innerlijke wereld een andere wordt. En als de innerlijke wereld voldoende verandert, zodat daarin­ geestelijke en kosmische elementen een steeds grotere rol gaan spelen, dan kun je komen. met welke regentenmentaliteit je maar wilt en je zult niets tot stand kunnen brengen, want de kosmos is sterker dan de eenzij­dige waarheid.

Ik neem aan dat, wanneer het jaar 2000 is aangebroken, wij eigenlijk zitten in een samenwerking die voor de officiële instanties en de officiële en wetenschappelijke berekeningen onvoorstelbaar is. Het is iets wat niet helemaal past in de werkelijkheid zoals men zich die denkt. Maar het is het samenwerken, de opbouw buiten de officiële gang van za­ken om, waardoor de wereld wordt omgeturnd.

De wereld verandert. Dat is heel typisch. U kunt het op het ogen­blik reeds zien. Als het denken van de mensen verandert, verandert de relatie tussen gezaghebbers en onderdanen. Ook geestelijk is dat precies hetzelfde.

Stel u eens voor dat we te maken hebben met een geest die ons komt vertellen waarom een zeker iemand stemt voor een bepaalde maatregel of waarom hij daar tegen is en dat we dat naar buiten brengen. Niet dat we gaan beschuldigen. We zeggen tegen elkaar: zie je wel, die man werkt alleen voor zichzelf. Laten wij het anders doen.

Stel u voor dat mensen bezig zijn met de wetenschappelijke theorie waarom bepaalde kwalen niet genezen kunnen worden. Stel u dan voor dat iemand beseft: in mij is de kracht waardoor dit wel kan gebeuren. Dan staan al die geneeskundigen goed voor gek. Tenzij ze leren diezelfde kracht ook te gebruiken. Willen zij hun gezag handhaven, dan zullen zij dat moeten leren.

Je kunt niet altijd de boot afhouden. Dat betekent voor de priester, dat zij spreken met God en namens God erg mooi is, maar dat zodra mensen innerlijk dit contact met God meer kunnen waarmaken, het voor hen alleen nog maar doenlijk is om in werkelijke gemeenschap met de anderen God te beleven. De priester kan God niet meer op een presenteerblaadje alleen aan de goedgekeurde gelovigen aanbieden. Dat is een situatie die zeker rond de eeuw­wisseling zal optreden.

Het bewustzijn van de mens is langzaam geëvolueerd. De mens is steeds verder gegaan in zijn denken en beseffen, maar nog steeds is het menselijk besef wereldgebonden. Men is nog steeds in zijn bewustzijn en denken te zeer gebonden aan zijn eigen materiële omgeving. Maar is dat wel waar? Moet de mensheid misschien leren kosmisch te denken? Zo te leren denken, zo te leren beseffen, in zich te leren beleven dat hij de wijde kosmos, die voor hem ligt met de triljoenen sterren, kan benaderen op basis van gelijkheid, dat hij geestelijk met ze kan spreken, dat hij er desnoods stoffelijk naartoe kan gaan? Dat is een van de kenmerken van de komende tijd.

Er zijn een hele hoop ruimtevaarder rassen, dat weet ik ook wel. Maar het is iets anders als je zelf kunt gaan. Op het ogenblik zijn er mensen die zeggen: wij kunnen misschien naar de sterren gaan als de Ufo’s hier landen en ons meenemen. Dat is hetzelfde als je zegt: ik kan ergens naartoe gaan in een rolstoel, als een ander mij duwt. Maar dat is niet het­zelfde als je zelf kunt lopen.

Je kunt zeggen: er wordt ons grote geestelijke wijsheid gebracht uit de kosmos. Best. Maar je zit in de rolstoel. Je kunt alleen maar gaan volgens de sporen van hetgeen jou wordt geboden. Dan moet er een ogen­blik komen dat je vrij bent, dat je zelf bepaalt langs welke sporen, in welke richting je gaat, zodat het niet een kwestie is van een geforceerd eenzijdige ontwikkeling van de persoonlijkheid, maar dat het bewustzijn openbloeit totdat het steeds meer kan bevatten. Dan lijkt het net een sprookje. Voor de mens van vandaag is het nog een sprookje, maar het ligt dichter bij de waarheid dan u veronderstelt.

In deze dagen beginnen steeds meer mensen in zichzelf te ontdekken dat er andere wegen zijn. Dat zijn niet alleen maar de wegen van het alter­natieve leven, want dat is maar een verschijnsel. Het is het alternatieve denken. Het alternatieve denken kan je alleen bevrediging geven indien er het alternatieve innerlijke beleven is. Wat is een alternatief inner­lijk beleven? Dat is gewoon het vinden van de nieuwe vrijheid, het door­breken van de eenzijdigheid en van de begrenzing.

Er zijn tijden geweest waarin dat is gebeurd. Het is gebeurd in de tijd van Atlantis. Het is voordien gebeurd, nog in de tijd van het keizerrijk Hu. Het is daarna gebeurd in de perioden van de Griekse dominantie. Het is nog een keer gebeurd, toen het christendom vaste voet begon te krijgen op aarde. Niemand heeft begrepen wat het betekende. Misschien dat juist dat groeiend bewustzijn met zich brengt dat men niet begrijpt wat er verandert. Het lijkt allemaal zo vanzelfsprekend.

U heeft vandaag de dag in uzelf denkbeelden, maar ook krachten, gevoelswaarden die u 20 jaar geleden nog niet had en 10 jaar geleden ook nog niet. Voor sommigen is er zelfs de laatste 5 jaren enorm veel veranderd. Dan zijn de uiterlijke vormen niet belangrijk. Het is wat er zich innerlijk af speelt. U zult het pas beseffen als voor u de rustperiode is aangebroken, als u even vastzit, worstelt tegen de eenzijdigheid en beperking waarmee u te maken heeft.

Het bewustzijn van de mensheid ontplooit zich in elke mens en voort­durend. Steeds weer zijn er afwisselende ritmen, afwisselende fasen waarin soms de mensheid schijnt te stokken, soms enorm anarchistisch is en in het volgende ogenblik zo orthodox rechts dat zelfs een zwarte kousen dominee er nog vrijzinnig bij lijkt. Die dingen zijn zo.

De rustperiode is een deel van de groei van het bewustzijn. Zonder de rust is de groei niet mogelijk. Zonder de tijdelijke schijnbare omschakeling ontstaat er een eenzijdige groei en gaat het bewustzijn aan zichzelf te gronde. Juist door die voortdurende afwisseling van fasen en perioden ont­staat de afgeronde, de evenwichtige groei waardoor naar alle kanten tege­lijk het bewustzijn zich uitbreidt, de gevoeligheid zich vergroot en zo de persoonlijke identificatie met de kosmische en goddelijke krachten groter wordt.