Leven in de gedachten van anderen

Achtergronden van de werkelijkheid 1975-1976

Inleiding

Dit is een poging om het gebeuren van uw wereld en uw leven te benaderen op een andere manier dan gebruikelijk is. Want de vraag wat werkelijkheid is, kan niet zo gemakkelijk worden beantwoord.

Als op het toneel een hypnotiseur iemand een glas water laat drinken dat hem smaakt als de beste wijn, dan lachen wij allemaal en zeggen: die man is op dit moment in een toestand die niet normaal is. Maar hoe zou het zijn, als iedereen zou denken dat water wijn was en iedereen zich zou bezatten aan een glaasje water? Dan zou men een ieder die zegt: dat is water en geen wijn, voor gek uitmaken. Wat zou het verschil zijn? Een hypnotiseur. Iemand die een invloed uitoefent waardoor de waarden veranderen. De vraag: wat is de werkelijkheid? zullen wij dan ook moeten beantwoorden met: de werkelijkheid is datgene wat wij in de zuivere feiten kunnen vinden. Zelfs die zuivere feiten zijn niet helemaal onaantastbaar. Maar ergens moeten wij een grens trekken. De grens, die wij in deze cursus zullen hanteren is de werkelijkheid, is al datgene wat niet slechts door menselijk denken, maar ook door alle handelingen, door alle gebeurtenissen en door alle reacties van materialen en andere levende wezens als feitelijk wordt bevestigd.

Ik heb deze definitie gekozen omdat de mens voortdurend interpreteert. Die interpretaties zijn niet spontaan en alleen uit hemzelf voortgekomen, in tegenstelling als men wel pleegt te veronderstellen. Ik weet dat van onze kant uit geïnspireerd kan worden. Als wij inspireren, proberen wij de mensen de feiten te laten zien. Maar er zijn ook andere krachten, die in de werelden van de geest bestaan en die juist proberen een mens iets te laten zien wat niet zo is. Er zijn kosmische invloeden, die de reacties van de mens op de feiten veranderen en dan ziet hij zijn wereld ineens anders worden. Hij beseft het zelf niet, vooral als het een invloed is die bijna iedereen beroert. Het feit blijft echter bestaan: de werkelijkheid kan veranderen.

Het zal u ook duidelijk zijn dat in de gehele geschiedenis van de mensheid dergelijke invloeden altijd weer een rol hebben gespeeld of gespeeld kunnen hebben. Ook hieraan zullen wij aandacht besteden, al is het alleen maar om parallellen te kunnen trekken en duidelijk te maken welke toekomstige ontwikkelingen bijna onvermijdelijk zijn, rekening houdend met een gelijkblijvende suggestibiliteit van het gemiddelde van de mensheid. Ons onderwerp is dus zoeken naar de werkelijkheid en het beschouwen van alle invloeden, die achter datgene wat de mens als werkelijkheid beschouwt verborgen is.

 

uit de cursus ‘Achtergronden van de werkelijkheid’  ( hoofdstuk 1) -1975

Leven in de gedachten van anderen

Als u ooit mediamiek bent geweest, dan zult u ontdekt hebben dat u plotseling in een werkelijkheid staat die heel anders is. Of u leeft opeens in een wereld die u niet kent. U gaat zonder lichaam door uw eigen wereld heen en u slaat gade. Misschien ziet u ook plotseling in de mensen heel ­andere waarden en weet u ineens heel andere dingen dan u normaal pleegt te weten. De beïnvloedende geest is degene die hier bepaalt wat voor u op dat ogenblik werkelijk is.

Uw eigen wil, uw eigen geaardheid hebben grote invloed, indien u te maken heeft met lichtende geesten. Maar wordt u door een duistere geest gedomineerd, dan heeft u zelfs deze mogelijkheid niet meer. Dan is het een ondergaan in de gedachteninvloeden die een ander op u afzendt. Suggestie, zeker. Maar een suggestie die zo alomvattend is dat zelfs uw lichaam daar op gaat reageren en dat uw emotioneel beleven dit als een feit aanvaardt.

In uw wereld hebben wij te maken met aardgebonden geesten. Een aard­gebonden geest is iemand die uitgaat van zijn eigen stoffelijk bestaan en die voortdurend zal proberen om bepaalde fasen van dat stoffelijk bestaan te herhalen. De dronkaard wil drinken. De vrek wil zorgen dat er geen geld wordt uitgegeven op een volgens hem onnodige manier. De gulzigaard zal meer willen eten. De zinnelijke zal zijn zucht naar voortdurende prikkels bevredigd willen zien. En als hij het zelf niet kan, dan probeert hij in de gedachten van anderen mee te leven. De dronkaard probeert bevrediging van de drank te vinden in de uitstraling, de beleving en de lichamelijke reac­ties van de drinker. De gulzigaard doet hetzelfde, misschien in een chic restaurant of desnoods ergens in een gaarkeuken.

Het is duidelijk dat die geesten daarbij invloed proberen uit te oefe­nen. De overgegane dronkaard wil meer van die prikkels hebben dan de drin­ker uit zichzelf misschien gegeven zou hebben en hij probeert hem dus aan te zetten tot meer drinken. Hij verlegt de grens van wat de persoon zelf nog aanvaardbaar vindt. Het resultaat is dat de drinker in plaats van alleen maar een beetje vrolijker, volledig dronken wordt, dat de smulpaap blijft door­smullen totdat hij feitelijk een veelvraat wordt etc.

Hier hebben we dus een invloed die heel dicht bij uw wereld ligt en die de mens toch kan beïnvloeden. Maar zal degene die eet of drinkt dit beseffen? De praktijk wijst uit dat hij dit niet voelt als een invloed van elders. Hij ziet het gewoon als een eigen kwaliteit. De denkbeelden waarmee de ander suggestief probeert dit meer gebruiken van bepaalde prikkelmogelijkheden te stimuleren, beschouwt hij als deel van eigen denken en gebruikt het als argument om zich in de regel te verontschuldigen. Er is dus een beïnvloedingsmogelíjkheid.

Maar stel nu eens dat er iemand is die de mensheid haat. Ook derge­lijke entiteiten zijn er. En stel dat hun haat een antwoord in een mens vindt, want er moet ergens een zekere gelijkheid van denken, van behoefte zijn, an­ders is een dergelijk contact niet goed mogelijk. Dan is datgene wat u eens alleen in uw gedachten als aanvaardbaar zou zien (bv. iemand tegen de grond slaan omdat hij u ongewild beledigd of per ongeluk tegen u aankomt) nu plot­seling een noodzaak geworden. Want lijden of pijn veroorzaken is voor die en­titeit prettig. Het is een bevrediging van zijn haatgevoelens. Hij suggereert u dus dat het de enig juiste manier is om zo op te treden en als dit in u ligt, dan reageert u op die gedachte. Opeens is dan de wereld voor u vol met slachtoffers die u moet tiranniseren. Vreemd? Neen, vreemd is het niet.

Het is alleen een verschuiving van gevoel, van begrip. Kortom, een kleine verandering in uw waardering van de werkelijkheid waarin u denkt te leven.

Er zijn natuurlijk ook goede geesten. Heel veel zelfs. Deze kunnen niet zo dwingend optreden, omdat ze respect moeten hebben voor uw persoon­lijkheid. Maar op een gegeven ogenblik gaat u bijna te ver. Dan is er opeens een entiteit die tegen u zegt: “Neen, dat niet.” U weet niet eens dat het gezegd wordt. U denkt dat uw geweten spreekt of misschien heeft u alleen maar het gevoel dat dit onaanvaardbaar wordt of gevaarlijk en u keert zich af van iets wat u anders graag gedaan zou hebben. Een goede geest waarschuwt u en zegt: “Kijk uit, gevaar” en voorkomt daarmee dat u zich in een gevaarlijke situatie begeeft in het verkeer bv., maar het kan net zo goed zijn in een debat of in een emotionele toestand. Ook daar weet u niet dat u het zelf niet bent. U ondergaat die invloed. En als u het later beziet, dan zegt u: “Ik heb veel geluk gehad.” Maar eigenlijk is een ogenblik uw werkelijkheidsbeleving, uw waardering veranderd.

Mogen we dan stellen dat geesten met hun gedachten een heel grote invloed kunnen uitoefenen op mensen? Dat ze daardoor het begrip voor de wereld, voor de feiten, voor de werkelijkheid, zoals ze in de mensen bestaan kunnen veranderen? Indien we dat stellen dan stellen we in feite dat mensen soms niet leven in hun eigen werkelijkheid, maar in een werkelijkheid die door het denken van anderen wordt bepaald.

Nu zult u wellicht denken dat dat dwaas is. Dat kan toch haast niet, zo zegt de mens, want ik ben ten slotte zelfstandig. Is dat waar? Waarom denkt u soms precies dat wat u gisteren in een hoofdartikel heeft ge­lezen? Waarom worden uw oordeel en uw stemming beïnvloed door al wat de communicatiemedia u hebben medegedeeld? Waarom verliest u plotseling uw kritisch vermogen als iemand met groot gezag u iets toedondert of dat nu van een preekstoel is of van een katheder vanwaar men politieke lezingen houdt. Waarom eigenlijk? Omdat dat een moment is waarin de mens door een emotionele versmelting met iets wat een ander voortbrengt, vergeet zelf te denken.

Als u zelf niet denkt dan verandert daarmee het gehele samenstel van uw wereld. Want uw oordeel is niet meer gebaseerd op wat u bent, wat u weet. Het is nu gebaseerd op maatstaven die een ander produceert, waarvan u de re­denen voor die maatstaven niet kent waardoor u niet kunt reageren volgens de werkelijkheid zoals die in de ander wordt beleefd, maar alleen wordt gedomineerd door hetgeen hij u oplegt. Dit gebeurt in uw dagelijks leven voortdu­rend. Dat u het ene merk koffie lekkerder vindt dan het andere, het ene was­middel beter dan het andere, wordt heus niet alleen door de zintuigen of door de feiten bepaald. Het wordt wel degelijk bepaald door de reclame. Indien dit wordt beseft zult u moeten toegeven dat wij dikwijls in de gedachten van anderen leven. Wat is dan de werkelijkheid waarvan wij vervreemden? Ook dat is een belangrijke vraag.

Onze werkelijkheid is niet onze beoordeling van de feiten, maar onze er­varing van de feiten. U kunt zeggen: “Dat eten ziet er niet goed uit,” en u kunt gelijk hebben. Maar u kunt niet zeggen: “Dat eten is slecht,” tenzij u het heeft geproefd. Het gaat dus om het associëren van een groot aantal waarden waardoor wij komen tot aanvaarding of verwerping van een geheel op grond van een enkel facet. In het geestelijk bestaan van de mens speelt dat trouwens een grote rol.

Indien u te maken krijgt met een Zomerlandsfeer, dan zullen u vaak beelden worden getoond die niets met de werkelijkheid te maken hebben. Het zijn geïdealiseerde voorstellingen. Een soort geestelijke Jugendstil­vertolking van de herinneringen van geesten die de wereld eigenlijk niet eens goed hebben gekend. En dan zeg je: “Dit is de hemelse werkelijkheid,” want je gelooft het soms. Maar wat is die geestelijke werkelijkheid voor je­zelf? Het is datgene waarop je kunt reageren en anders niet.

Er zijn mensen die wetten stellen en zeggen: “Dit is goed en dat is niet goed.” Zij hebben daarvoor hun redenen. Of die redenen voor allen pre­cies zo zijn als u meent ze te mogen interpreteren is twijfelachtig. Maar goed, ze hebben hun redenen. Wat is dan uw reden om een dergelijke uitspraak of beperking te aanvaarden? U neemt aan op gezag. U bent misschien bang voor consequenties als u eerlijk denkt. Hoe het ook zij, u wordt geregeerd door het denken van anderen. Heel vaak wordt de gehele wereld voor u bepaald door de gedachtenbeelden die men voor u heeft opgebouwd.

Ik ga nu proberen kort iets te schetsen van de werkelijkheid van uw wereld.

In uw wereld bestaat er geen feitelijke crisis. De crisis die bestaat is niets anders dan een illusie voortkomend uit de onevenredige hebzucht der individuen ten opzichte van elkaar. Er is namelijk voldoende van alles. Er is een sterke drang bij zeer veel mensen om van alles steeds meer te hebben, om alles steeds groter en beter te maken. Beter is niet mogelijk, in­dien je meer maakt of het groter maakt. De verwarring van kwantiteit en kwa­liteit is in uw wereld een van de meest verwarrende verschijnselen voor een entiteit die dit van buiten uw stoffelijke wereld moet waarnemen.

De feiten zijn dat er op uw wereld geen oorlog behoeft te zijn, ook nu niet. De feiten zeggen dat in uw wereld geen feitelijke honger gele­den behoeft te worden door ook maar een klein gedeelte van de wereldbevol­king. Er is voedsel genoeg voor allen. Er is van alles genoeg.

Er is ook talent genoeg. Talent om u te amuseren, maar ook om nieuwe uitvindingen te doen, om u beter te genezen. Talent om u dichter bij de wer­kelijkheid te brengen en u een juister beeld te geven van uw bestaan. Maar dit talent wordt uitgeschakeld. Zo wordt de crisis veroorzaakt door de enor­me behoefte van de mensen om zich bezig te houden met de illusie van het ge­tal. Wij moeten meer verdienen. Maar meer verdienen betekent in feite meer kunnen kopen. Als je minder kunt kopen, verdien je niet meer. Toch is de praktijk dat u meer verdient en eigenlijk minder kunt kopen van hetgeen u nodig heeft. Een groot gedeelte van uw bestedingen gaat namelijk weg aan het overbodige, terwijl in die sectoren waar vroeger kwaliteit, duurzaamheid en vol­komenheid belangrijk waren (voeding, kleding) betrekkelijk weinig meer kan wor­den gekocht dan in het verleden. In enkele gevallen kunt u zelfs door daling van kwaliteit en vermindering van mogelijkheden minder krijgen dan voorheen. U kunt het afdoen met woorden als wegwerpmaatschappij, maar het feit blijft bestaan.

De verontreiniging van de natuur is niet noodzakelijk, want de industrieën die de natuur het meest aantasten, produceren in feite geen zaken die onontbeerlijk zijn. Dit geldt zelfs voor zoutwinningsindustrieën, die veel meer zouten produceren dan redelijk gezien nodig zou zijn en een groot gedeel­te daarvan in andere chemische fabrieken dan weer doen omzetten in nieuwe producten.

U leeft in een wereld waarin godsdienst en godsbesef zouden moeten zijn. Ze zit daarentegen vol van met elkaar concurrerende secten die steeds bezig zijn te vertellen dat ze de waarheid hebben gevonden. Maar ze vergeten één ding: zoiets kan alleen waar zijn indien je het als zodanig beleeft. De prak­tijk wijst wel uit dat de gelovigen hun geloof niet als een waarheid beleven, ook al doen ze alsof.

Als je de wereld ontmanteld blijft er niet veel van over. Wat er over­blijft is een groot aantal mensen met zeer behoorlijke middelen en mogelijkheden die, omdat ze niet in staat zijn de werkelijkheid te zien, komen tot een geheel verkeerd gebruik van hun middelen en mogelijkheden. Hoe komt dat? Daarvoor moeten wij een eind teruggaan in de historie.

In de geschiedenis zien wij perioden optreden waarin de emotie de rede overspoelt. Het wonderlijke is dat in die tijden een schijn van grootheid wordt opgebouwd die echter niet duurzaam is. Wie ooit de lange rechte straten van Babylon heeft gezien met zijn ommuurde tuinen en paleizen, met de vreem­de poorten die leiden naar de hoven van de grote tempels, kan zich niet in­denken dat dit moest vergaan. Toch moest het vergaan, omdat het bouwen van de stad, de schoonheid van de stad belangrijker was geworden dan de mens. Daaraan ging het ten onder.

Zo is het ook gegaan met Rome. Ook daar vergat men de mens. Waar de mens wordt vergeten daar bouwt men een illusie op die een wereldmacht kan worden, maar die gelijktijdig alle werkelijke kracht, alle werkelijk besef in de mens doet wegsmelten. Die hem wel een illusie geeft van grandeur, van betekenis misschien, maar hem tevens blind maakt voor de feiten.

De kruistochten. Een dwaze illusie. Een rooftocht met een kruisbanier. De mensen vergeten dat in die dagen Europa in feite geannexeerd is door de oosterse beschaving. Toch is dat het geval geweest. Een groot gedeelte, om­ niet te zeggen bijna alles, zowel van uw burgercultuur zoals ze zich heeft ontwikkeld vanaf 1200 als ook van de ontwikkeling van weelde, huisvesting, sieraden, kledinggebruiken, beoefening van handwerk zijn ontleend aan het Nabije Oosten. Het is het land binnengekomen met de kruisvaarders die, terug­gekomen van hun rooftochten, niet beseften dat ze niet hadden gekregen wat ze dachten: de perfecte wereld. Gelijktijdig dacht men superieur te zijn.

Maar in die superioriteitsgevoelens van de christenheid van die dagen is de werkelijke ontwikkelingsmogelijkheid die er toen bestond ten onder gegaan.

Nog staan daar de grote kathedralen als een herinnering aan een tijd dat de mens kon leven en werken in vreugde, in volledige scheppingskracht. Zoals er in Egypte nog ruïnes van tempels staan van een ongelooflijke complexiteit, op een wonderbaarlijke wijze gebouwd als je weet waarom ze zo gebouwd zijn. Daar liggen nog steeds de onsterfelijke piramiden die een herinnering zijn aan een verleden dat de mensheid al vergeten is en waarin voor het eerst die tempels – want dat waren ze oorspronkelijk, brandpunten van geestelijke kracht – zijn gebouwd.

Gaan we eens kijken naar Napoleon. Er is revolutie. De mensen hebben geen houvast meer, want ze vergeten dat vrijheid betekent: vooral het kunnen dul­den van verschillen. De revolutie spoelt over Europa en daarin komt automa­tisch de tiran aan het woord, omdat de mensen zich als tirannen tegenover elkaar gedragen.

Napoleon schept de illusie van het grote onoverwinnelijke Frankrijk: la gloire, l’ honneur, la patrie. Nog steeds davert die droom voort in dat rijk waarin het platteland verlaten is, waarin de burgerlijkheid eigenlijk al­les overheerst en waarin de voortdurend bekvechtende groepen en partijen slechts een ogenblik hun onderlinge strijd om rang, eer en orde vergeten als het erom gaat naar buiten toe te beweren dat ze nog steeds de beste zijn. Een soort in nationaliteit uitgedrukte Cassius Clay gedachte, ‘I’am the great­est.’ Ik zou zo verder kunnen gaan. We zullen ongetwijfeld in de loop van deze cursus nog menigmaal moeten teruggrijpen naar de historie. Hier hebben wij een tendens gezien.

Telkenmale wanneer een beschaving zo ver komt dat ze van haar eigen grootsheid overtuigd raakt, ontstaat er een omwenteling. Deze omwenteling kan plaatsvinden, omdat niemand in een dergelijke cultuur bereid is toe te geven dat hij ongelijk kan hebben. Men voelt zich beter, verstandiger, groter dan anderen en daardoor reageert men niet meer naar de feiten, maar volgens de een of andere illusie en dan verandert de wereld.

Als we die gedachten nagaan, dan valt op dat we soms, een enkele keer, middels de bijbel en bepaalde andere boeken (o.a. de Bhagavad Gita) een soort oordeel aangekondigd vinden. Een soort ‘mene, mene tekel…..’ De waarschuwing gewogen en te licht bevonden. Maar kijken we waar het vandaan komt, dan blijkt dat er een invloed is die de mens maar al te graag wil brengen tot dit ge­voel van grote verhevenheid, van een persoonlijke onfeilbaarheid en almacht. Trachten we dan die kracht terug te vinden, dan blijkt ze in zekere, niet be­paald van lichtende geestelijke sferen haar origine te hebben en vooral dan op te treden, indien stoffelijke omstandigheden en kosmische stromingen daar­toe bijdragen; dus haar een groter krachtveld geven.

In de gehele geschiedenis van de mensheid vinden wij een soort kos­mische golving. Er zijn invloeden die in vaste perioden terugkeren. Enkele ervan zijn: 314, 720, 1580, 2272 jaar enz. Het zijn allemaal perioden. In feite invloeden die uit de kosmos komen. Golven die voortdurend aan­spoelen. Golven die niet gemaakt zijn door geesten of entiteiten, maar die voortkomen uit het voortdurende stofwisselingsproces van het Melkwegstel­sel waarin u leeft. Sterren ontladen zich. Nova’s vlammen op. Soms is er ook plotseling een verandering, een grote reus stort ineen en wordt op­eens een kleine, fel flonkerende ster, die veel hardere en sterkere stralingen uitzendt en daarmede verandert zij iets in de structuur van de ruim­te waarin u bestaat. Die kosmische golvingen bereiken ook uw wereld. Dit zijn geen conditionerende werkingen, ze veranderen de werkelijkheid niet, maar ze veranderen wel uw emotionele gesteldheid.

Wanneer u emotioneel bent, dan bent u veel ontvankelijker voor de denkbeelden van anderen. Op het ogenblik dat de hele kosmos op uw wereld inwerkt, wordt plotseling bij een ieder een onrust wakker. Dan kan de geest, die de onrust gebruikt om daarop zijn eigen denken, zijn eigen wereldbeeld te projecteren, een groot aantal mensen plotseling voor problemen stellen die voor hen nog nooit hebben bestaan, die ze nooit hebben gezien en die niet eens echt zijn, maar die gewoon voortkomen uit het onbegrip van de men­sen voor de feiten.

Als ik dit hoofdstuk als titel geef: ‘Leven in de gedachten van anderen’, dan bedoel ik juist dit aspect. De werkelijkheid wordt voortdurend bepaald door denkbeelden die rond u bestaand.

Als u in een voetbalstadion bent en u kunt niet eens een keeper van een midvoor onderscheiden, dan garandeer ik u dat, als het een spannende wedstrijd is, u op een gegeven ogenblik ook zit te juichen en te stampen, terwijl u eigenlijk niet eens weet waarvoor. U bent gewoon gegrepen door de sfeer rond u. Op dezelfde manier kunt u worden meegetrokken in de een of an­dere manifestatie. U ging eigenlijk alleen maar kijken en voordat u het weet staat u met de anderen mee te schreeuwen en te betogen.

Er zijn dus ogenblikken dat uw kritisch, redelijk vermogen u geheel in de steek laat. Waarom zouden wij dan niet aannemen dat dit in veel sterkere mate mogelijk is, indien het gaat om invloeden waarvan we eigenlijk niets merken? Dat is nu het wonderlijke in uw wereld: bijna 3/4 van de invloeden waaraan u als mens onderworpen bent zijn – tenzij u geestelijk zeer bewust bent – voor u niet merkbaar. Ze spelen een rol in het onbewuste. Ze zijn subliminaal, ze liggen onder de bewustzijnsgrens. Ze maken u tot iemand die leeft in een wereld die niet bestaat. Dit laatste punt wil ik voor u uitwerken.

Subluminale beïnvloeding kan bestaan in een combinatie van kleuren. Bepaalde kleuren samengevoegd op de juiste manier kunnen u biologeren. Bepaalde klanken samengebracht in het juiste ritme worden een dreun waarvan u niet meer loskomt. Uiterlijkheden van een mens, die u niet eens bewust ziet, bepalen vaak uw relatie tot en uw oordeel over die mens. Dingen die u niet bewust merkt, maar die heel vaak uw gedrag bepalen. Als ik dit stel is het duidelijk dat er veel meer invloeden zijn die een rol spelen.

Een bekend trucje op dit terrein wordt door sommige horeca bedrijven toegepast, als ze een overigens geheel chemisch vervaardigd aroma verstuiven, die bij u de behoefte wekt aan een vers kopje koffie. Misschien merkt u het niet eens en u realiseert u zeker niet dat het hier niet om echte kof­fie gaat, maar om een chemisch product. U reageert er echter wel op. U weet niet eens waarom u opeens zin krijgt in koffie. Toch is het zo eenvoudig als tweemaal twee vier is.

Er zijn geuren die u aanspreken. In dit geval uw smaakpapillen en daardoor uw denken, waardoor de geur u herinnert aan uw behoefte aan koffie. De prikkeling van de smaakpapillen wordt dus omgezet in de behoefte aan koffie.

Wat dat betreft kan ik u ook vertellen dat er verschillende parfums voor dames zijn, die heel wonderlijk van samenstelling zijn. Er is er een bij – in Engeland zeer populair – dat ruikt naar viooltjes en paardenurine. Het wonderlijke is dat, als de dame in kwestie het gebruikt, ze plotseling zeer attractief is voor leden van de jet-set. Er bestaat een mannenparfum dat de geur uitstraalt van zweet en vers brood. Een wat goedkoper parfum, dat ook heel veel mannen doet reageren op de dames die het gebruiken, is eigenlijk een verkapte geur van muskus waar een vers gebraden biefstuk doorheen geurt. Als u nu een vrouw met dat parfum bij zich voorbij ziet gaan en u denkt dat is een stuk om in te bijten, dan realiseert u zich niet dat u uw smaakgevoelens van biefstuk heeft omgezet in een beeld van de perfecte vrouw. Toch gebeurt dat.

Met deze enkele gegevens, overigens ontleend aan de werkelijkheid waarin u leeft, wordt misschien wel duidelijk dat er heel veel krachten en invloeden zijn die u kunnen beroeren zonder dat u dat eigenlijk weet.

Het is mogelijk dat u niet bewust het zoemen van een mug hoort. Het dier bevindt zich niet in het vertrek waar u bent. Het kan u dus in feite niet storen. Maar dit zeer vage geluid geeft u een prikkelbaarheid en onrust. Waarom? Omdat u eigenlijk het gevoel heeft dat u gestoken kunt worden, terwijl u verstandelijk weet dat het niet waar is. U zult dan die prikkelbaarheid afreageren op iets anders. Als dat zo is en iemand weet een bepaalde trilling op uw wezen af te drukken (bv. een geestelijke tril­ling van gespannenheid), dan zult u naar een verklaring gaan zoeken in uw omgeving, want dat kan niet zo maar ontstaan. Dan krijgt een ander de schuld en u wordt agressief. Toch is het alleen maar een geest die een bepaalde trilling uitstraalt. Een ander voorbeeld, u heeft plotseling het gevoel dat nu alles goed is. Er is echter niets veranderd. Alleen is er een trilling van vrede die u ontmoet en ineens lijkt de wereld goed. U heeft een gevoel van onvolkomenheid. U weet niet waar u heen moet. U staat onder invloed van bepaalde geestelijke krachten die u proberen te bewegen iets te doen. Maar het is subliminaal. U kunt het niet beredeneren. Het is alleen een vage, ongrijpbare verwerping van de wereld die u voelt, zonder dat u weet wat u daarvoor in de plaats zult stellen.

Nu is het jammer dat u niet alleen met zo een invloed te maken kunt hebben. Er kunnen verscheidene van die invloeden gelijktijdig optreden. Er kunnen invloeden zijn die door het denken van de mensen in uw omgeving worden voortgebracht. Maar het is even goed mogelijk dat verschillende enti­teiten, misschien niet eens bewust van uw nabijheid, op hun eigen niveau leven en daar hun gedachten uitstralen. Een aardgebonden geest weet niet eens dat u er bent, maar beweegt zich in ruimten die hij nog steeds ziet als zijn of haar vroegere woning.

Er is een zekere wanhoop, een vaagheid. U ondergaat haar en u wordt rusteloos. Het is net alsof niets u meer helemaal raakt. Nu komt er een andere entiteit voorbij en zegt: “Wij moeten deze persoon helpen om het goede te doen.” Hij probeert u nu een beeld te geven van activiteit. Maar uw acti­viteit wordt in dit geval niet volgens zijn suggestie (het zoeken naar be­wustwording) omgezet, integendeel. Door die onrust probeert u iets te doen, de ban te verbreken waarin u verkeert.

Stel nu nog eens dat er een kosmische stroming is die ergens uit de ruimte komt. Die invloed baart ook al onrust. Dan zult u al die onrustge­voelens tezamen gaan richten op iets wat in uw denken de oorzaak is. Maar dan geeft u iets de schuld, zonder dat het in wezen ervoor aansprakelijk is. Hierdoor zal er dus een onrust ontstaan, een activiteit die helemaal niets meer te maken heeft met de feiten en de werkelijkheid en waardoor u zelf niet kunt verklaren waarom u op deze wijze reageert op de wereld. Dat is dan een subliminale beïnvloeding, het ligt onder de grens van het bewust verwerken en waarnemen, maar het is aanwezig.

Och, er zijn dingen die u zelf wel weet. Bijvoorbeeld het weer tegen de lente. Het blijft gewoon hetzelfde. Het regent nog steeds. In Nederland regent het altijd als het lente wordt en opeens, zonder dat u weet waarom, heeft u dat gevoel van lente. In feite is het een lichte verandering van de wind, een lichte geur van het sapdrift van het hout in de omgeving. Het is een geur, maar u bemerk haar niet bewust. Ineens heeft u het gevoel: nu is het lente, uw innerlijke klok reageert op tekenen die uw verstand en uw bewust zintuiglijk waarnemen nog niet hebben geregistreerd.

Beste vrienden, u wordt ook via het onderbewustzijn beïnvloed door uw omgeving, door krachten uit de kosmos, door entiteiten van velerlei aard. Zo komt u tot een vertekend beeld van de werkelijkheid. En als het daarbij nog bewuste denkers zijn die u stimuleren, dan zult u voordat u het weet leven in de wereld die zij voor u denken en niet in uw eigen wereld.

In deze eerste les heb ik u alleen duidelijk willen maken hoeveel factoren er zijn waardoor uw begrip van werkelijkheid wordt bepaald. Zodra u beseft dat wat u ziet in de wereld niet echt is, zodra een gevoel of een oordeel beslissend is voor uw reactie, zult u begrijpen dat wij moeten groeien naar een besef waarbij niet meer de gedachten van anderen onze werkelijkheid bepalen. Daarvoor moeten wij eerst terugkomen tot een begrenzing van onze werkelijkheid.

Hoe meer verschillende dingen je zegt, hoe moeilijker het voor iemand wordt om daarop bewust te reageren. Ook de bezoekers van onze bijeenkomsten zullen dat ongetwijfeld zonder meer kunnen onderschrijven. Als je bovendien een bepaald thema blijft herhalen, maar dan in vele vormen, heeft het een zekere suggestieve waarde. Het werkt dus werkelijkheidsvervreemdend, want je verandert het wereldbesef van de mensen om je heen. Hierop berust veel van de geloofsvervolging, van de politiek en zelfs van de moderne psychologie en economie. Wij moeten echter proberen eerst terug te gaan naar de details.

Indien ik niet in staat ben een geheel goed te overzien en te beoordelen, dan moet ik teruggaan naar de kleine dingen die ik ken. Zij behoren tot de mij zo bekende wereld, zodat de werkelijkheid daarvan voor mij eenvoudig niet meer te loochenen is. Ik zal de betekenis van deze kleine dingen voor mijzelf moeten definiëren. Niet als werkelijkheidsbepaling, want dat kan ik niet voor iedereen doen, maar als een relatiebepaling die mij de mogelijkheid geeft mij steeds beter te oriënteren in de wereld die mij omringt. Op de duur bouw je uit vele kleine dingen een wereldbeeld op dat altijd in dezelfde relatie tot je eigen wezen staat. Er is een betrouwbaarheid gekomen. Als er nu een verandering in de relatie ontstaat, dan is die in mij erkend en tevens in datgene waarmee ik de relatie heb. Maar de verschuiving is kenbaar geworden. De verschuiving wordt kenbaar, omdat ik een vast beeld heb gevonden. Elke verandering daarvan kan ik niet wijten aan mijzelf of aan het object waarmee ik deze bepaalde relatie heb erkend. Ik kan haar alleen wijten aan beïnvloedingen van buiten af.

Als ik de invloeden die in het kleine op mij af komen ga registreren, dan zal hierdoor ook een besef ontstaan voor alle invloeden die mijn gehele wereldbeeld en mijn beleven van de werkelijkheid beïnvloeden. Ik zal daardoor zeker niet opeens boven of buiten de massa staan. Wanneer u op aarde leeft bent u deel van de massa. En of u dit wel erkent of niet, het gedrag van die massa is voor u erg belangrijk.

Als iedereen zegt dat groen rood is, dan kunt u wel zeggen dat het verkeerd is en dat het groen is, maar het is beter te beseffen wat de eigenschappen van groen zijn en die voorlopig rood te noemen. U moet begrijpen dat het niet gaat om aanduidingen, om woorden. Het gaat om zuiver erkenning. Als groen een bepaalde emotionele binding geeft en een ander zegt: “Het is rood”, dan maakt het niet uit welke naam wij geven aan deze beïnvloeding. Het is alleen belangrijk dat we haar beseffen zoals ze is.

In de volgende lessen van deze reeks lezingen zullen wij trachten in te gaan op al datgene wat samenhangt met het menselijk bestaan en met het menselijk werkelijkheidsbeeld. In deze eerste les moest ik uit de aard der zaak wel wat negatief te werk gaan. Hoe kan ik iets opbouwen voordat ik duidelijk heb gemaakt dat de bouwsels die bestaan allesbehalve betrouwbaar zijn. En hoe kan ik van u verwachten dat u t.a.v. mijn woorden en voorbeelden kritisch zult blijven, indien u niet beseft dat zelfs in onze communicatie een mate van beïnvloeding deels bewust, deels subliminaal een rol speelt.

Wij zijn op zoek naar de werkelijkheid. Wij kunnen haar alleen vinden indien wij durven teruggaan naar de eenvoud en vanuit die eenvoud gaan registreren wat verandert er in mijn besef der dingen. Wetend dus wat op u inwerkt en wat er zich in u afspeelt, kunt u steeds bewuster reageren op het geheel en zult u langzaam maar zeker kunnen ontgroeien aan de waan die bijna als een krankzinnige kosmische massa-hypnose voortdurend deze wereld in beroering brengt en de mensen ertoe brengt datgene tot stand te brengen wat ze het meest vrezen.

De technocratie

Het woord technocraat zegt het al: iemand die meent dat de techniek alleen zaligmakend is. Nu zal niemand er bezwaar tegen hebben dat men technieken gebruikt. Maar op het ogenblik dat de techniek zelf het doel wordt en niet langer dienstbaar is aan de mens, wordt ze een groot gevaar.

Als wij de ontwikkeling zien van de technocraten en de technocratie, dan komen wij vreemd genoeg niet ver in het verleden terecht. Technocraten ontstaan eigenlijk pas rond 1919. Er is dan een oorlog voorbij. Rusland is verslagen. In Rusland heerst de revolutie en het is noodzakelijk om de Staat zeer snel aan te passen aan de marxistische doctrine. Dat brengt moeilijkheden met zich mee, want tot die tijd is Rusland een landbouwstaat. Er moet dus zeer snel een techniek worden ontworpen waardoor men snel kan industrialiseren, arbeidsplaatsen kan creëren en gelijktijdig een opbouw tot stand kan brengen waarmee alle kapitaalbezit teniet wordt gedaan en feitelijk in handen van de Staat komt.

Nu gaat dat in het begin nog wat improviserend, om niet te zeggen hier en daar bijna anarchistisch. Maar al snel ontstaat er een kaste van mensen, die zich aan vaste regels houdt.

Architectuur moet beantwoorden aan bepaalde eisen. Andere eisen worden niet meer toegestaan. Als wij een machine maken, dan is het belangrijk dat die machine een bepaalde hoeveelheid produceert, de bruikbaarheid ervan is minder belangrijk dan het feit dat er een bepaald quantum wordt geproduceerd. Op deze manier krijgen we langzaam maar zeker een vervanger van het doel van de productie: het product door de productie zelf. Zo is de architectuur niet meer een poging om door het bouwen een nieuwe omgeving voor de mensen te scheppen, maar eerder een aanpassing van de mens aan een tevoren bepaalde omgeving, waarbij de aanpassing van die omgeving aan bestaande omstandigheden in feite architectuur is geworden.

Het is ook duidelijk dat het vrije en creatieve denken steeds meer wordt beperkt. Alles moet aan bepaalde normen beantwoorden. Dit gaat zover dat men verscheidene keren grote acties voert tegen bv. boeren, die niet bereid zijn zich volgens staatsnormen te verenigen in kolchozen (collectieve landbouwbedrijven) en vandaaruit te produceren voor het volk zonder zich af te vragen wat ze er nu zelf aan verdienen. Dit is het bekende verschijnsel, maar het heeft een enorme invloed op de wereld. Veel groter dan u waarschijnlijk denkt.

Tot die tijd zijn er in Engeland, in de Ver. Staten en ook in Neder­land wel technocratisch denkende mensen geweest, maar ze waren niet de beheersende macht achter de schermen. Iedereen had nog de mogelijkheid om langs andere wegen en met andere normen werkzaam te zijn, en het scheppen werd vaak beloond met extra successen. Nu echter ziet men daar een kolos verrijzen waarvoor men bang wordt.

Het is duidelijk dat er in de Ver. Staten een ambtelijk apparaat moet worden opgebouwd dat instaat antwoord te geven op deze door de Staat geleide economie. Op het eerste gezicht merk je daarvan niet zoveel, maar in de U.S.A. grijpt men in de eerste plaats naar twee dingen

  1. Gezagsuitoefening. Wij denken hier aan het ontstaan van de F.B.I. en van de C.I.A. als centrale inlichtingendienst tien jaar later.
  2. Het organiseren van de sociale zorg, de sociale projecten die federaal worden geleid. Nu zijn er inderdaad allerlei redenen om in te grijpen, het dustbowlverschijn­sel bv. brengt de noodzaak met zich mee te reageren. En zolang nu in de Ver. Staten de klimmende welvaart (de toren van Babel van de Beurs) verder groeit, blijft eigenlijk de ambtenarij dit volledig eenzijdige technische den­ken op de achtergrond. Maar dan stort de markt in.
  3. Een zwarte dag ‘Black Friday’. 0p dat ogenblik moet men dus pro­beren om van regeringswege in te grijpen. De handel en het vrije bedrijf, die tot dan toe de grootste invloed hadden, zijn voor een deel volslagen mach­teloos. Het is noodzakelijk iets op te bouwen. Het mag niet socialistisch zijn, want dat zou op Rusland lijken. Aan de andere kant moet het een antwoord zijn op datgene wat ze in Rusland langzamerhand aan het opbouwen zijn. Er ontstaat een groot aantal ambtelijke comité’s die eigenlijk niet meer beïnvloed kunnen worden door het Parlement, omdat ze werken met reeds bestaan­de wetten, maar deze toepassen op hun eigen manier. En dat is altijd het moeilijke in een land. Als er eenmaal een wet of regel bestaat, dan kun je die wel anders interpreteren, maar je kunt die maar heel moeilijk opgeheven krijgen. Ook in Engeland zien wij een soortgelijk verschijnsel.

In Duitsland waar de verwarring heel erg groot is, vinden wij ook een zeer dirigistisch denken dat hand over hand toeneemt. We zien daar dan ook het ontstaan van het nazisme dat eveneens gebaseerd is op algemeen gelden­de regels waaraan een ieder zich heeft te onderwerpen, het onfeilbare gezag van een ambtelijk apparaat, ook als dit hier door een dictator wordt gepresenteerd en niet door een gekozen president.

In Engeland gaat het iets moeizamer, maar ook daar krijgt men begrip voor de noodzaak om ambtelijk te denken. Engeland heeft uit zijn tradities al veel ambtelijke apparaten zodat het niet zo moeilijk is deze om te schake­len op de zorgen en moeilijkheden die zijn ontstaan na de crisis. Die ambtelijke apparaten worden het eerst toegepast in de buitengewesten, bv. in Wales en in verband met de grote moeilijkheden bij Aberdeen in Schot­land. Zo krijgen we ook hier specialisten. Vanaf dat ogenblik gaat die or­ganisatie steeds verder en wanneer de tweede wereldoorlog komt en de gehele inspanning van de Nazi’s op de strijd naar buiten is gericht, grijpen de amb­telijke apparaten meer en meer naar de macht. Zij kunnen noodwetten doen aannemen die later vaak tot normale wetten worden en krijgen zo een gezag dat door niemand meer kan worden aangetast. Het is heel belangrijk dat u deze ontwikkeling begrijpt, dan kunt u ook de huidige situatie begrijpen. Wat is er op het ogenblik aan de hand?

Wij hebben te maken met mensen die op hun eigen manier denken. Maar als die mensen denken in termen van opbouw, waterstaat e.d. dan denken zij alleen in constructielijnen, niet meer in lijnen van menselijkheid en zeker niet in lijnen van aanvaardbaarheid voor het geheel. Men gaat eenvoudig uit van zijn eigen doel en zet dit door, zelfs als iedereen ziet dat dat doel allang achterhaald is.

Wij zien ditzelfde ook in de wetenschappen. Ook de wetenschapsmen­sen hebben in oorlogstijd enorm veel steun gekregen. Zij waren het immers die de nieuwe wapens moesten ontwerpen. Zij waren het die de middelen moesten verschaffen waardoor men – schijnbaar improviserend vaak – in staat zou zijn een oorlog te winnen. Hierdoor zijn ook zij gekomen op een afzonderlijk niveau waardoor een controle van buitenaf heel erg moeilijk wordt. Zij hebben een eigen geheimtaal ontwikkeld. Zij spreken in een soort code waardoor de normale mensen niet eens meer in staat zijn precies te begrijpen waar het over gaat. En om niet voor dom te worden gehouden zeg­gen ze vaak “ja” zonder te weten waarover het gaat.

Die technocraten hebben hun macht te ver doorgevoerd. We kunnen zien dat de strijd daartegen overal gaande is.

In een land als Rusland waar nu voortdurend een actie tegen bepaalde instanties, instellingen en het ambtelijk gedrag daarvan aan de gang is, zoekt men een nieuwe weg te vinden. Die nieuwe weg voert in dat land tot een strijd waarbij het gaat om de macht. Niet alleen om de macht van het regeren, maar ook om de macht over het geheel. Nu kun je de macht over het geheel alleen behouden, indien je over voldoende instanties beschikt (publiekrechtelijke maar anonieme lichamen) die bestaande uit vele mensen volgens de regels het leven van anderen zodanig kunnen dirigeren dat niemand in staat is daar tegenin te gaan. Het is een zeker absolutisme dat daarbij een rol speelt.

In Nederland ziet u dit ook. Als wij rekening houden met het optre­den van uw minister van C.R.M., dan zien wij een zeer eigenaardige opvat­ting waar het gaat om het juist functioneren van media (radio, t.v.) als mechanisme, terwijl het er eigenlijk niet om gaat dat product voort te brengen wat nodig is. Het gaat er namelijk helemaal niet meer om de mensen amusement en voorlichting te bieden in zoveel mogelijk verschillende soorten, ook al wordt dat naar buiten toe nog steeds gezegd. Het gaat er om een vast schema te vinden waar je iedereen en alles kan binden, vanaf het geïllustreerde weekblad en het reclameblad tot de t.v. toe. Het is duidelijk dat ook hier helemaal niet meer wordt gedacht aan het product. Hier wordt gedacht aan het mechanisme.

In de bureaucratie vinden we heel veel van die machines die eigenlijk alleen maar blijven draaien omdat er niemand is die ze stop zet. In feite produceren ze niets. Ze zijn voortdurend bezig zichzelf in stand te houden.

In andere landen als bv. de Ver. Staten zien wij iets dergelijks gebeuren. Ik wil u herinneren aan de opstand (dat is het in feite geweest van de zwarte burgers). Ik wil u herinneren aan de opstand van de Vietnam-veteranen. Ik wil u ook wijzen op het uiterst rechtse verzet tegen wat men ziet als een teveel sociaal libertijns gedrag van de regering. Vandaag de dag is in de U.S.A. eveneens een gistingsproces aan de gang waardoor in toenemende mate verzet tegen en controle op dergelijke technocratische middelen wordt gezocht. Het is echter niet te vinden. Om een voorbeeld te geven:

Om te kunnen controleren wat de C.I.A. doet, moet men aankloppen bij de C.I.A. zelf. De C.I.A. zal de gegevens maar in beperkte mate verstrekken. Datgene waar het om gaat kan niet worden gegeven, omdat dit gevaarlijk is voor het welzijn van de Staat. Dit betekent dus dat de werkelijke acties van de C.I.A, zeker de geslaagde acties en die op dit moment aan de gang zijn, buiten elke openlijkheid en elke controle vallen. Dit betekent dat de C.I.A. nog steeds 2 à 3 miljard dollar per jaar kan besteden voor allerlei projecten die niemand wil en waar niemand iets van weet, behalve een betrekkelijk klein deel van de politici.

Kijken we naar Duitsland dan zien wij hetzelfde. Daar is een apparaat opgebouwd dat zo sterk is dat het zelfs bepaalt welke partij kan winnen in een bepaald gebied. Het is een ambtelijk apparaat dat zoveel moeilijkheden in de weg kan leggen van een ieder die het zou kunnen afbreken of zou willen veranderen dat hierdoor alleen reeds de politici, die het erg belangrijk vinden dat ze gekozen worden, zich bij voorbaat moeten conformeren aan de ambtelijke machten die officieel in Bonn, in feite ook in andere plaatsen, zetelen.

In Engeland: opstand en oproer. In Oostenrijk: grote spanningen, want Kreisky is gekozen. Maar achter die keuze zit ook het ambtelijk apparaat dat dit belangrijk vond. Tegen dit ambtelijk apparaat zien we een toenemende activiteit van minderheden, die nu gaan aanklagen wat dat ambtelijk apparaat juist geheim houdt en in stilte bijna automatisch doet en dat zijn medemensen oplegt. Het is bijna zeker dat daaruit een grote strijd zal voortkomen.

In Italië zien wij al een lange tijd een soortgelijke omwenteling waarbij het voornamelijk gaat tegen gezagsmisbruik. Ook in Nederland gist het.

Nu is de feitelijke toestand, meen ik, vandaag de dag te omschrijven als een toenemende opstand tegen een technocratie, die nog de macht in handen heeft en waarvoor niemand een redelijk alternatief kan bieden. Dat moeten wij wel begrijpen. Er is nu eenmaal een ordening geschapen die je niet zonder meer helemaal door elkaar kan gooien. Maar als je ook maar iets daarvan wilt blijven handhaven, zul je moeten terugvallen op de apparaten die reeds bestaan. Zoals de Duitsers in de eerste jaren van de bezetting in Nederland, alleen konden regeren dankzij het blijven functioneren van de politie en andere officiële lichamen, zo zal ook elke revolutionaire macht moeten teruggrijpen naar bestaande instanties. Zelfs in Portugal blijkt dit telkenmale weer.

Wij kunnen dus zeggen dat er in de toekomst een chaos zal ontstaan waarbij het helemaal niet belangrijk is dat een bepaalde groepering wint of dat een bepaalde omwenteling in de maatschappij zonder meer wordt bereikt. Veel belangrijker is het dat steeds meer de geheimhouding, die al deze technocratische dwangapparaten (dat zijn ze in feite, want ze forceren de maatschappij) omgeeft, wordt onthuld. Naarmate de mens meer begrijpt hoe hij wordt gemanipuleerd, zal hij zich meer aan die manipulatie kunnen onttrekken en zich gelijktijdig daartegen gaan verzetten. Dit verzet is de feitelijke omwenteling.

Als ik een kleine gis moet maken, want als je de toekomst probeert te bekijken is het nooit mogelijk alles met zekerheid te zeggen, er zijn altijd details die je ontgaan en die van invloed kunnen zijn, dan zou ik willen stellen:

Er vinden nu zowel in Rusland, China als in Japan grote veranderingen plaats. In al deze gevallen is er mede sprake van een aantasting van de heersende kasten, de bureaucratische technocratie die het tot nu toe in deze landen eigenlijk voor het zeggen had.

In de Ver. Staten zien wij een aanval tegen de technocratie die zeer waarschijnlijk niet zal slagen, omdat het gehele federale gezag berust op juist deze apparatuur. Zij zal deze dus ten koste van alles moeten handhaven. Het resultaat zal zijn, een toenemen van spanningen tussen China en Rusland enerzijds, anderzijds een toenemen van onzekerheid in de buitenlandse politiek voor de Ver. Staten.

In het komende jaar moeten wij verwachten dat, ofschoon er geen spraken zal zijn van een wereldoorlog, de acties die Rusland tegen China en omgekeerd in de gehele wereld tot stand probeert te brengen op zijn minst genomen een verzwakking van de relaties met deze landen voor het Westen zal betekenen. Verder betekent het dat de U.S.A. gezien haar eigen onze­kerheid, zal proberen in alle kampen zoveel mogelijk vrienden te krijgen en gelijktijdig zijn eigen zekerheid zo goed mogelijk te handhaven. Hieruit kan worden geconcludeerd dat juist doordat niemand zeker is van een ander en tevens in elk land betrekkelijk kleine groeperingen nog voortdurend proberen de eigen macht te handhaven, de instabiliteit van vele landen rond 1977 kan voeren tot een onevenwichtigheid, die men naar buiten toe probeert af te reageren. Ik veronderstel dat hierbij sprake zal zijn van zowel economische oorlogen (handels oorlogen) als van feitelijke oorlogen.

Gezien alle geestelijke tendensen die wij op de achtergrond zien, meen ik niet dat er sprake zal zijn van een wereldomvattende oorlog of grote ramp. Wel meen ik dat zeer vele projecten, die in deze jaren zijn begonnen, niet zullen worden voleind, juist omdat men zich daartegen zal verzetten. En dan denk ik heus niet alleen aan de verkeerde opzet die men op het ogenblik in veel landen heeft gedaan voor het gebruik van atoomreactoren e.d., maar ik denk wel aan het niet meer willen meewerken aan verontreinigende processen en aan grote stakingen.

De werkloosheid neemt overal in de Wereld toe en dat is heel begríjpelijk. Het is namelijk zo dat diensten alleen maar worden aanvaard, indien ze te betalen zijn. Op het moment dat dit niet meer het geval is, zal een ieder steeds minder van die diensten gebruikmaken. Dan kunnen we zeggen: de arbeider heeft recht op een goed loon. Niemand zal hem dat ont­zeggen, maar gelijktijdig zal men toch moeten begrijpen dat zolang men uit­gaat van handelswaarde, men ook moet uitgaan van een productiviteit, die betaalbare producten aflevert. Daar dit niet het geval is, moeten we ook in het komende jaar rekenen op een toenemen van de werkloosheid.

De werklozen zullen zich in alle landen organiseren, omdat ze menen dat hun hap uit de welvaart hun door anderen is afgenomen. Zolang ze dit doen, blijft de bestaande onevenwichtigheid groter worden. Het betekent in feite dus een toenemende ineenstorting gepaard gaand met een toenemende inflatie. Die inflatie brengt ook nog enkele moeilijkheden, omdat de Beur­zen daarop gaan reageren. Er kunnen dus heel gekke dingen gebeuren.

Wat heeft dit te betekenen voor uw eigen werkelijkheidsbesef?

1e U moet niet uitgaan van de leuzen en van de rechten, die u zegt te hebben of die men zegt dat u heeft. U moet uitgaan van de mogelijk­heden die er voor u bestaan.

2e U moet zich niet door al deze strijd om de macht teveel laten afleiden van het enige waar het om gaat: het doorzien van het apparaat dat probeert u te beheersen. Zodra u het apparaat kunt doorzien en beseft dat u wordt gemanipuleerd, kunt u voorkomen dat men u teveel manipuleert. U kunt dan reageren tegen de manipulatie en daardoor de mogelijkheid om uw gedrag in de toekomst te laten bepalen verminderen. Het betekent tevens dat u meer vrijheid en grotere mogelijkheden krijgt binnen uw maatschappij, geestelijk zowel als stoffelijk.

Dan zijn er zekere veranderingen aan de gang, die eveneens te maken hebben met de technocratie en die toch enigszins anders liggen. Menigeen zal zeggen: we mogen de medische stand toch niet beschouwen als techno­craten. In zekere zin is dit echter wel het geval. Als wij namelijk kijken naar de wetenschap, dan zien wij dat zowel de medische als andere disciplines de neiging hebben haar eigen benadering primair te stellen zonder meer. Dit geldt niet voor de leden van die stand persoonlijk. Zij hebben afwijkende inzichten. Het geldt voor het functioneren van de stand als geheel. Het impliceert dat een groot gedeelte van de vernieuwingen op het gebied van genezing (bv. van de geriatrie waar heel belangrijke mogelijkheden zijn), indien men afstand doet van de nu geldende systemen, tot de ontdekking zal leiden dat de macht van de medicus moet verminderen.

Het is natuurlijk vervelend voor een dokter als hij kritiek ondervindt. Aan de andere kant is het goed dat hij weet dat kritiek openlijk kan volgen. Het houdt namelijk in dat hij duidelijker zal moeten maken wat de risico’s zijn die hij neemt en dat hij ook eerlijker zal zijn t.a.v. hetgeen hij al of niet zegt of belooft. Die eerlijkheid is belangrijk, want door begrijpelijker te zijn zal de geneesheer niet meer alleen de wonderdokter zijn die boven de mensen staat, maar hij zal ook de technicus zijn, die met de mensen samen een probleem oplost. Dat is zeer belangrijk, vooral omdat de mensen dan ook zelf hun eigen bijdrage kunnen leveren. Bepaalde technieken eisen bv. vitamineshocks, die door vele medici nu verworpen worden en die toch in geriatrische gevallen van bijzonder belang kunnen zijn.

Het gebruik van kruiden om een bepaalde kwaal te bestrijden. Het is een feit dat er op dit ogenblik in de normale farmacopee middelen bestaan die adervernauwing en aderkrampen moeten bestrijden, die veel minder goed zijn dan de z.g. tisanes, de ouderwetse kruidenaftreksels die ook daarvoor worden gemaakt. Als de mens dat gaat begrijpen en dus gaat eisen dat hij datgene krijgt wat hij werkelijk nodig heeft, dan verandert ook de hele instelling van de chemische industrie die achter de medische verzorging staat.

Hetzelfde hebben wij ook bij de kerken. Het is wonderlijk dat Nederland aan de ene kant betere christenen voortbrengt dan vele andere landen die zich als een geheel christelijke maatschappij plegen te beschouwen en dat gelijktijdig de positie van de priester of dominee in dit land aanmerkelijk minder gezag hebben dan in een aantal andere landen. 0ok hier is niet meer alleen sprake van de dialoog, maar van de ontmanteling van het instituut, van degenen die menen dat ze alles voor het zeggen hebben.

Als men dit ook in andere landen ziet gebeuren, dan moet men ook aannemen dat hier een tendens zal komen naar nieuw geestelijk leven, nieuwe geestelijke beleving. Gelijktijdig zal er een reëlere benadering van de samenleving zijn waarin men alle leuzen, die eens van kerkelijke zijde werden gelanceerd, kritisch gaat beschouwen en niet meer als een dictum zonder meer. Ook op dit terrein dus grote veranderingen.

Wat zouden wij dan moeten zeggen van bv. de ingenieurs, de mensen van de kernfysica, de chemici die zo ontzettend veel nieuwe producten ontwerpen die eigenlijk overbodig zijn? Zij scheppen vele problemen waarvoor ze dan wel weer een oplossing vinden, maar waarbij dan blijkt dat het probleem in feite niet in de eerste plaats nodig was. Een typisch voorbeeld:

Toen er eenmaal een regeling was getroffen dat BASF (een bekende chemische fabriek) zijn verontreiniging van het Rijnwater moest terugbrengen tot een bepaald percentage, heeft men wel gedacht aan het opstellen van een filterings- en bezinkingsinstallatie voor waterreiniging. Het bleek toen dat men alleen door de chemische samenstelling in een van de fabrieken iets te veranderen reeds voldeed aan de gegiste vermindering van 5 %. Hierdoor bleek dat lange tijd onnodig verontreiniging was veroorzaakt. Gelijktijdig bleek dat door deze verandering een betere kwaliteit plastic kon worden vervaardigd dat minder rek vertoonde en daarom voor de vervaardiging van tapes voor recorders, die men daar o.m. maakt, bijzonder belangrijk was.

Een soortgelijk geval hebben we gezien bij de fabriek voor fotografisch materiaal in Belgie waar eveneens een klacht t.a.v. verontreiniging leidde tot een kleine wijziging bij het fabriceren van filmemulsie. Het resultaat was dat alleen door deze kleine wijziging in het fabricageproces ongeveer 18% minder van bepaalde schadelijke stoffen werd uitgestoten en geloosd. Het is opvallend dat je met betrekkelijk geringe middelen veel kunt doen. Waarom heeft men het dan niet gedaan?

Het is deze vraag die belangrijk is. Het gaat er niet om, of de zout­mijnen in Frankrijk het zout dat ze nu wegspoelen gaan opslaan. Neen, de vraag is, of ze hun werkprocedure misschien iets kunnen veranderen. En dat is inderdaad mogelijk, indien ze nieuwe apparaten gaan gebruiken. Alleen daardoor zouden ze de tegenwoordige afvaluitstorting kunnen vermin­deren met bijna 50%. Die dingen worden nu nog onvoldoende beseft. Maar het besef ervan neemt toe. Dit betekent dat steeds meer mensen, die tot op dit ogenblik op grond van hun kennis, hun bevoegdheid meenden alles te kunnen decreteren, verantwoording moeten gaan afleggen. En niet alleen maar aan de apparaten van politieke en ambtelijke, maar ook aan de gewone man. Ze kunnen zich niet meer verschuilen achter termen. Ze moeten hun termen duidelijk maken en zullen de kritiek op hetgeen ze verklaren moeten accepteren. Het is een grote verandering die zich zal afspelen.

Dan zie ik hierbij bovendien bepaalde golven van kosmische aard op­treden, die eveneens zeer belangrijk zijn. Want wat gebeurt er?

Zeer veel mensen worden in deze tijd sensitiever. Die sensitiviteit zal zich meestal niet onmiddellijk openbaren in paranormale kwaliteiten. Dat gebeurt percentagegewijs, maar is betrekkelijk gering. Sensitiviteit betekent echter wel dat men bijzonder veel gevoel heeft voor bv. oprecht­heid of onoprechtheid. Dit houdt in dat men aanvoelt als er iets niet juist is of verkeerd zit. Dit aanvoelen kan ook voor de technocraat erg gevaarlijk worden.

De technocratie heeft gedacht een burcht te kunnen bouwen waarin men hoogverheven, boven het vulgus (gewone volk) zou bepalen wat goed is voor de mensheid. Thans blijkt dat dit niet mogelijk is. In de toekomst zal blijken dat de technocraat geen reden van bestaan heeft, tenzij hij weer de technicus wil worden, die in samenwerking met en volgens de wen­sen van degenen voor wie hij werkt zijn prestaties levert.

Dit alles heeft volgens u waarschijnlijk weinig te maken met geeste­lijke onderwerpen. Ik ben het met u eens. Maar beseft u wel dat wíj hier te maken hebben met een directe geestelijke en stoffelijke omwenteling die van heel groot belang is? Wij worden hier geconfronteerd met een gebeurte­nis, die in vele eeuwen niet heeft plaatsgevonden. Om een soortgelijke ver­andering van tendens in de hele wereld te constateren zullen we moeten teruggaan tot ongeveer 70 à 80 jaar voor Christus.

In die tijd bestonden vergelijkbare kosmische invloeden en ontstond er ook een vergelijkbare verandering in de mentaliteit bij een groot gedeel­te van de mensen. Ook toen is er ontzettend veel in de wereld veranderd. Grotere machten kwamen in de plaats van de kleinere rijken. De macht van de priesters werd in zekere mate beperkt en werd steeds meer gedeeld met de wereldse autoriteiten. De god-koning maakte plaats voor de koning die naast zich de vertegenwoordiger van God had staan. Ik meen dan ook dat in deze dagen de technocratie voor dezelfde moeilijkheden zal komen te staan als waarin de theocratie zich bevond van ongeveer 70 v. Chr. tot 300 n. Chr. Een periode van grote veranderingen en omwentelingen.

De werkelijkheid is deze: op het ogenblik dat de mensen bewust gaan kijken naar datgene wat ze tot nu toe maar aanvaard hebben, zien ze dingen die het hun mogelijk maken verantwoording te eisen. Zij beseffen dingen waardoor zij niet alleen een verklaring kunnen eisen, maar ook een weerwoord kunnen geven op vele wijze uitspraken.

De wereld gaat een nieuwe periode van groei tegemoet. Reeds in het komende jaar zullen wij alle tekenen daarvan zien, ook als deze maatschappelijk gezien grotendeels negatief zijn. De werkelijkheid is dat u, indien u zich niet te neer laat slaan door de schijnbare moeilijkheden in economie en maatschappij, maar u probeert aan te passen aan de mogelijkheden en bereid bent stoffelijk zo nu en dan een stapje terug te doen, desnoods om uw eigen integriteit te handhaven, u een steeds grotere geestelijke en levensvrijheid zult vinden met toenemende mogelijkheden om uw persoonlijke visie en mening zo uit te drukken, dat u met anderen tezamen iets kunt bereiken. Niet meer volgens regels, maar volgens beseft recht en besefte redelijkheid.

Bezin u over hetgeen u vandaag gehoord heeft. Vraag u af, of u – uitgaande hiervan – misschien wel wat voelt voor de benadering van de werkelijkheid: de achtergronden van alles wat u als werkelijkheid beschouwt. Want als u kunt doordringen in het wezen der dingen en in het wezen van de eigen persoonlijkheid, dan heeft u vele grenzen overwonnen die bij de mensen op dit moment bestaan