Groeiend bewustzijn – bewustwordingseffecten

uit de cursus ‘Groeiend bewustzijn‘ (hoofdstuk 10 ) – juli 1980

Groeiend bewustzijn – bewustwordingseffecten

Als je begint je bewust te worden van een wereld, dan ga je die definiëren. Je gaat een verschil maken tussen goed en kwaad, je gaat paden zien, onbekende stukken verrijzen er voor bekende stukken, kortom, je wereld wordt een andere. Naarmate je meer van die wereld gaat beseffen, kun je de relatie tussen alle dingen ook beter overzien. De oermens heeft toen hij op jacht ging naar de oeros waarschijnlijk ook niet gedacht over ecologische problemen. Tegenwoordig weet iedereen er wel wat van.

De innerlijke bewustwording is eigenlijk iets dergelijks. Ons innerlijk leeft in een steeds groeiende wereld. Dat wil zeggen dat heel veel van onze opvattingen langzaam maar zeker gewijzigd moeten worden. Het gaat niet alleen over wat we denken, het gaat vooral over wat we voelen. Want denken is een kwestie van beredeneren, maar pas als je er met je hele persoonlijkheid achter staat krijgt het werkelijk betekenis in je leven en dan kun je daarmee ook meer bereiken.

Als ik probeer op deze avond enkele van die punten nog eens duidelijk naar voren te halen, dan moet u wel begrijpen dat het slechts een deel is van een proces dat zich in de mens onophoudelijk verder moet voltrekken.

Allereerste een groot gedeelte van hetgeen wij tot nu toe zien op de wereld is theorie. De wereld wordt beheerst door theorieën, door schijnbeelden. Als wij die gaan beseffen voor wat ze zijn, dan kunnen we misschien door de schijn en de illusies heen iets meer zien van de werkelijkheid.

Zoeken naar de werkelijkheid in alle zaken, zoeken naar de persoonlijke zekerheden waartegen men innerlijk geen enkel verzet heeft, is zeer belangrijk voor de bewustwording. Als wij de volgende perioden beschouwen, dan geloof ik ook wel dat ze vooral daardoor in het bijzonder zullen worden gekenmerkt. De mens gaat zijn eigen wegen d.w.z. dat hij het onbekende durft benaderen vanuit zichzelf en niet probeert zich zeker te stellen door de stellingen van anderen maar als waarheid te aanvaarden.

Een tweede punt is de beperking die wij erkennen bij onszelf. Er zijn beperkingen die werkelijk voor ons bestaan, er zijn andere die ons in feite worden opgelegd. Een beperking is voor onze persoonlijkheid alleen dan aanvaardbaar, indien ze voortvloeit uit het wezen dat we zijn. Op het ogenblik dat wij beperkingen gaan aanvaarden die niet deel uitmaken van onze wezensinhoud, zijn we eigenlijk bezig ons leven en bestaan te vervalsen.

In deze periode tracht men zich vaak te profileren, dus wat duidelijker ten toon te stellen wanneer men afwijkt van de norm. Daar is op zichzelf geen bezwaar tegen, maar als je dat nog zo duidelijk moet zeggen, dan betekent dat dat je het zelf nog niet hebt aanvaard. Wij moeten leren onszelf te aanvaarden zoals we zijn en hierdoor de voor ons juiste relatie met de wereld te vinden. Er zijn geen algemene regels.

Een derde punt dat voor de bewustwording heel erg belangrijk is, dat is onze innerlijke stem. Wij weten het allemaal, intuïtie en dergelijke dingen worden over het algemeen wel gebruikt, maar met enige aarzeling. Men probeert ze altijd wel te corrigeren via het gezonde verstand. Daarbij is het de vraag, of dat gezonde verstand wel zo gezond is? In de meeste gevallen zie ik de resultaten van dat z.g. gezonde verstand en dan denk ik: nou, dat is niet bepaald gezond. Voor mij geldt hier:

De innerlijke stem van de mens, zijn innerlijk weten, zijn werkelijke communicatie met anderen moet ergens misschien subliminaal geschieden via de innerlijke krachten die hij bezit.

Je moet jezelf uitbreiden en vooral leren je capaciteiten op dat gebied te gebruiken. Er zijn heel veel mensen die dat krampachtig probe­ren te doen en dan lukt het natuurlijk niet. Maar er zijn heel weinig men­sen die leren om alles wat in hen ontstaat als een deel van een persoon­lijke waarheid te accepteren. Toch moet je eerst daartoe komen voordat je verder kunt gaan. Ik kan daarvan een typerend voorbeeld geven.

Een paar mensen zijn een afstand van elkaar verwijderd. Zij kunnen el­kaar boodschappen overbrengen. Die boodschappen zijn niet direct zaken die je hoort of ziet. Het is een soort gevoel, een influistering van het ge­weten a.h.w. die in je ontstaat. Als je je daar werkelijk op baseert, dan blijkt de rest te kloppen. Dan blijkt dat je elkaar mededelingen kunt doen. Dan blijkt dat je elkaar kunt verwittigen van bv. de tijd van aankomst, van eventuele moeilijkheden die je ontmoet. Dat soort dingen zou voor de doorsnee mens normaal moeten zijn. Bewustwording impliceert dat je gebruik­ maakt van je hele persoonlijkheid, ook van deze kwaliteiten.

Ik neem aan dat er in de toekomst zeer veel mensen zullen zijn die juist daarop een beroep gaan doen. Er is immers geen vastheid en zeker­heid meer te vinden in de wereld. Als we een vergelijking willen maken, dan kunnen we zeggen: de wereld bevindt zich op het ogenblik in een pe­riode vergelijkbaar met het verval van het Romeinse Rijk. Iedereen was voort­durend druk bezig met zichzelf en niemand had zin wat te doen voor een an­der. Men was alleen bezig om zichzelf, aan zichzelf te bewijzen en dat meestal nog ten koste van een ander. Een dergelijke fase ondergaat op het ogenblik de wereld. Wil je daar bovenuit komen, dan zul je weer het con­tact moeten vinden met de mensen. Daarvoor zijn de intuïtieve waarden van groot belang en zijn bepaalde vormen van telepathie bijna onmisbaar. Ik neem aan dat ze in de toekomst een grote rol zullen spelen.

Dan zitten we ook met begrippen als God, de geest en al die din­gen meer. Heel veel mensen worden daardoor gedomineerd, omdat ze aan be­paalde theorieën blijven vastkleven. Ze zijn zich niet bewust hoe subjec­tief elke beleving eigenlijk is. Onze contacten met het hogere kunnen we wel benoemen, maar de benoeming op zichzelf bepaalt de geaardheid niet. Wij moeten leren de contacten met het hogere in ons te aanvaarden zonder daaraan verdere consequenties te verbinden dan de erkenning. Er behoeft geen leer uit voort te komen. De erkenning in mij kan mede bepalend zijn voor mijn daden. Dat is wel een ander punt, maar dat betekent niet dat mijn oriëntatie in mijn wereld verandert. Alleen mijn erkenning vanuit mij­zelf verandert. Als je dat allemaal hebt gedaan, dan kom je op een gegeven ogenblik zo ver dat je zegt: is eigenlijk de hele wereld geen illusie?

Het is dan wel een illusie, maar dan wel een die behoorlijke slagen weet uit te delen, die ook nog belastingformulieren rondstuurt en u op allerlei andere manieren de dingen onmogelijk maakt. Het kan namelijk pas een illusie zijn op het ogenblik dat mijn totale wezen (inclusief mijn be­sef) kan zien door de uiterlijkheden heen en terugkeert tot de essentie.

Wie zover komt is meester geworden van heel veel omstandigheden die voor anderen nog steeds dwingend zijn. Het wil niet zeggen dat hij zonder de mensen kan bestaan of buiten de mensheid, maar het wil zeggen dat zijn bewustzijn het mogelijk maakt om alles van tevoren zodanig te overzien en eventueel zelfs materiële omstandigheden zodanig te wijzigen dat datgene wat hij voor zichzelf juist vindt voor hem bereikbaar wordt. Ik weet het, het klinkt krankzinnig maar het is zo.

Een groeiend bewustzijn, dat zult u met mij eens zijn, kan nooit stil­staan. Elke dag moet er iets in je veranderen. Elke dag moet er een erva­ring bijkomen bij wijze van spreken. Die ervaringen kunnen op zichzelf onbe­langrijk schijnen in het menselijke patroon, want de mensen hebben nu een­maal een bepaalde gradatie. Het is belangrijk, als je de honderdduizend wint, het is onbelangrijk als je een dubbeltje vindt. Maar het kan zijn dat het vinden van het dubbeltje voor mij eigenlijk veel meer betekent dan ik zelf weet. Want ik buk mij om het op te rapen en daardoor word ik niet getroffen door een bal die een kind te hard heeft afgeschoten, dienten­gevolge word ik niet opgehouden en ik ontkom aan een botsing waaraan de bus na de mijne wordt onderworpen. Zo eigenaardig lopen die dingen soms samen.

In een groeiend bewustzijn is elke dag een dag waarin je je afvraagt wat ben ik wijzer geworden? Niet, wat heb ik geleerd? Er zijn mensen die denken: je moet het leren. Neen, wat ben ik wijzer geworden? Hoe is mijn visie op de wereld op dit ogenblik? Dat is belangrijk.

Bewustwording is natuurlijk iets waarbij alle krachten een rol spelen. U weet het allemaal, rond u zweeft een wereld vol krachten en als u han­dig bent kunt u daarvan gebruikmaken. Het is bij wijze van spreken zo: u bent aangesloten op het lichtnet en als u de goede schakelaar omzet, dan kunt u licht maken of de wasmachine aanzetten.

Wij moeten leren schakelen. Bij een groeiend bewustzijn begrijpen wij wat er om ons heen gebeurt. Begrijpen wat er om ons heen is betekent ook: dat wij het verschil kennen tussen wat wij zijn en wat er buiten ons bestaat. Willen wij op een gegeven ogenblik deel worden van hetgeen er buiten ons bestaat, dan moeten wij ons openstellen.

Dat is weer zo’n mooie term. De meeste mensen denken: openstellen wil zeggen dat je amechtig zit te gapen en afwacht wat er zal gebeuren. Dat is helemaal niet waar. Wat je in wezen doet, is gewoon de schakelaar omdraaien. Met andere woorden ik ben niet meer bezig te denken, te beseffen, te redeneren, te luisteren vanuit mijzelf, maar vanuit het geheel dat ik als belangrijk aanvaard. In dit verband moet de mens leven om zo één te zijn met een geestelijke wereld dat het de wereld van de geest is die bepaalt wat hij waarneemt en niet meer de mens. Hij moet leren zozeer op te gaan in het gebeuren om hem heen dat hij misschien aanvoelt waarom de duiven plotseling zo vliegen, waarom de kat met een dikke staart heen en weer holt en waarom de muizen ineens hun holletje verlaten.

Het klinkt allemaal vreemd, maar dat zijn tenslotte uiterlijke dingen. Het wezen ervan, het beseffen van de impulsen, kan zeer belangrijk zijn. Niet alleen voor uw innerlijk, het kan wel degelijk ook uiterlijk zijn. Wanneer de verschijnselen die ik nu noem optreden, dan neem je aan dat er ofwel een plotse stormvloed of stortregen komt die tamelijk fel zal zijn. In bepaalde landen neem je aan dat er een aardbeving op komst is. Dus eigen­lijk is het een verenigen van jezelf met het andere.

In een groeiend bewustzijn kun je dat niet permanent volhouden. Je keert altijd weer terug tot jezelf en je beperkte werkelijkheid. Maar als die werkelijkheid wordt beseft voor wat ze is, kan zij je niet beheersen. Als we het heel theoretisch willen zeggen: wij zijn allen deel van God. God is onbeperkt, daarom zijn wij onbeperkt, tenzij door ons besef.

Naarmate ons bewustzijn groeit, gelden er voor ons minder reële beper­kingen. Naarmate er minder beperkingen voor ons bestaan, gaan wij beter de harmonische mogelijkheden die voor ons in de kosmos aanwezig zijn beseffen en beleven. Dit bereikt hebbende veranderen wij a.h.w. van mens in de bewuste geest.

Nu weet u het allemaal, het is Aquarius-tijd en er gebeurt nogal het een en ander op aarde; er gaat trouwens nog veel meer gebeuren. Een groeiend bewustzijn houdt zich eigenlijk niet bezig met Aquarius. Een groeiend bewustzijn constateert eenvoudig dat de beïnvloeding en het totaal bewustzijn van de mensheid op het ogenblik wordt gewijzigd. Die verandering wordt erkend. Men vraagt zich af in hoeverre kan ik dit aanvaarden? In hoeverre kan ik het ermee eens zijn? In hoeverre is dit vreemd aan mijn wezen? Daardoor ontstaat de juiste instelling. En met de goede instelling kunt u dan waarmaken wat noodzakelijk is.

Het klinkt allemaal zo gemakkelijk als we het zo zeggen en het is eigenlijk erg moeilijk, ik weet het wel. Maar als we bezig zijn met een groeiend bewustzijn, zoeken naar inwijding of hoe dat verder heet, dan zijn we bezig om de grenzen te doorbreken die het normale bestaan erkent als onaantastbaar. Het is niet werken binnen de mogelijkheden. Het is werken met de onmogelijkheden. Het wil niet zeggen binnen de perken van het gezond verstand actief zijn. Het wil zeggen: eigenlijk duiken in iets dat, gezien vanuit menselijk standpunt, waanzin heet. Maar uit die waanzin dan wel bereiken wat we ook in de beperkte menselijke wereld kunnen hanteren. Er is altijd een wisselwerking.

Een groeiend bewustzijn heeft niet alleen maar te maken met al datgene wat er zich diep in ons voltrekt. Het heeft wel degelijk te maken met datgene wat wij zijn, willen zijn en kunnen zijn. Dat wil zeggen dat een groeiend bewustzijn niet alleen innerlijk onze oriëntering verandert t.a.v. God of van de hoge geest, maar wel degelijk ook t.a.v. de wereld waarin we leven. Als u dat goed in de gaten houdt moet u altijd nog weer een keuze maken natuurlijk, want u bent uzelf. Onthoud dan ook nog even het volgende:

Als u zoekt naar meer bewustzijn vergeet dan vooral niet dat u eerst uzelf moet zijn. Er bestaat geen enkel punt in de kosmos dat voor u zo belangrijk is als uw eigen ‘ik’.

De hele relatie met de wereld, met de kosmos, met God en met al wat u zich maar kunt denken, kan alleen bestaan tussen ‘ik’ en het andere.

Daarom moet u durven uitgaan van hetgeen u bent. Nooit proberen in zelfverloochening weg te wieken totdat u als een nieuw bekeerde aartsengel of martelaar omhoog wiekt naar een hemel waar u dan wordt ingedeeld bv. in rij 67 zetel 23 van het 3e koor.

Het gaat erom dat ik mijzelf blijf. Alleen vanuit mijzelf kan het groeiend bewustzijn werkelijk ontstaan. Het kan nooit van buitenaf helemaal gegeven worden. Ik kan buiten mij de aanleiding vinden om mijn huidige bewustzijnstoestand nader onder de loep te nemen, maar wat er aan mij verandert is eigen aan mijn persoonlijkheid en aan niemand anders. Dan moet ik ook de moed hebben om eerst mijzelf te zijn. Dat betekent dat ik ook moet erkennen dat ieder ander zichzelf is. Ik kan niet verwachten dat een ander een echo is van mijn wezen. Omgekeerd heeft het weinig zin te proberen jezelf zodanig te conditioneren dat je de echo wordt voor iemand anders. Je moet vanuit jezelf waarheid vinden. Vanuit jezelf doordringen tot besef van belangrijkheid en onbelangrijkheid, maar ook aanvoelen van voor het ‘ik’ belangrijke en niet belangrijke zaken.

Dat is de werkelijk sprong voorwaarts. Ik denk dat die in de komende paar honderd jaren wel degelijk gemaakt wordt. Ik vermoed dat tenminste een 10% van de huidige mensheid daarbij betrokken zal zijn. Er komt een ogenblik dat een ras volgroeid is. De mens van heden heeft zich bekwaamd in de techniek. De mens van heden bezit wel degelijk bepaalde religieuze, zelfs paranormale en psychologische achtergronden. Nu moet de mensheid over deze beperkingen heen een nieuwe wereld kunnen betreden, anders kan ze niet verder. Het groeiend bewustzijn moet de grens doorbreken die de realiteit ons op dit ogenblik stelt. Wij moeten gaan beseffen dat het niet meer een kwestie is van het spel zo­als het wordt gespeeld, maar van datgene wat ik wil bereiken en wat ik vanuit mijzelf waarmaak, ongeacht wat er gebeurt. En omdat het nogal wat tijd gaat kosten voordat voldoende mensen zover zijn, dat staten ook zo gaan reageren, bent u wel meer dan een eeuw verder. Wij moeten ook begrijpen dat wij het in deze tijd alleen voor onszelf kunnen doen.

Een groeiend bewustzijn kunt u zelf bezitten. U kunt het misschien gebruiken om een ander binnen zijn beperkingen iets beter en meer te doen zien. Maar al datgene wat u op dat moment beleeft en beseft, kunt u nooit aan een ander overdragen. Probeer het dan ook maar niet, het is nutteloos. Als u in u grote krachten ontdekt, dan is dat best. Maar als iemand niet rijp is voor het hanteren van die krachten en daarmee voor het dragen van de nodige verantwoordelijkheid, want die heeft hij dan ook nog, dan is dat nog gevaarlijker dan een idioot een geladen pistool dat ontzekerd is in handen te geven. U moet dus niet met anderen delen wat u heeft verworven, maar u moet anderen helpen datgene te beseffen en te worden wat voor hen nu mogelijk is. Ik meen dat ook aan dit punt wel eens voorbij wordt gezien.

U bent op de wereld voortdurend bezig om bv. al die arme onderdruk­te volkeren te verheffen. Maar u kunt hen niet verheffen, want het zijn namelijk geen mensen zoals u. Er is een groot verschil in mentaliteit tus­sen een Surinamer en een Nederlander. Dan kunt u wel zeggen: wij zijn toch allen mensen. Zeker, wij zijn mensen. Maar dat wil ook zeggen, dat een Suri­namer zich alleen kan ontwikkelen vanuit zijn eigen mentaliteit, zijn eigen gevoels- en denkwereld en daardoor in zijn poging om te beantwoorden aan uw denkwereld in feite wordt verminkt. Geen groeiend bewustzijn dus, maar in­tegendeel een bewustzijnskramp die levensgevaarlijk kan zijn voor een groot gedeelte van zijn levensvreugde en levenskracht. En dat zijn dan nog mensen die in uw land samenleven.

Maar ga eens kijken in Afrika, Zuid-Amerika, China en in alle andere landen. Elk volk heeft zijn eigen achtergronden. Het heeft een eigen refe­rentiekader voor zijn bewustzijn. Dat kan nooit vervangen worden door het uwe. Wel kunnen zowel zij als u leren door de feiten heen te kijken naar de werkelijke achtergronden, de werkelijke krachten, de reële openbaringen die steeds rond u zijn, maar waaraan u gewoon voorbij gaat.

Als ik het zo stel, dan zal het u duidelijk zijn dat een groeiend be­wustzijn weliswaar voor de mensheid mogelijk is, maar slechts door de mens zelf verwezenlijkt kan worden. Als u dan daarbij nog even onthoudt dat el­ke mens moet leren werken op zijn eigen manier, dan heeft u het meeste van deze cursus wel begrepen.

U moet werken op uw eigen wijze. Het kan zijn dat iemand een heel ri­tueel nodig heeft om precies dezelfde kracht op te brengen die een ander opbrengt door alleen eraan te denken. Het kan zijn dat de een zich ritueel gaat kleden om een boodschap te ontvangen, terwijl een ander die ontvangt als hij in de tram zit en bovendien nog in gesprek is met zijn buurman. U heeft uw eigen mogelijkheden. Dan moet u ook werken op uw eigen manier.

Als u denkt: wanneer ik mij concentreer op een medemens en ik kan hem kracht geven en u voelt dat innerlijk als goed aan, dan kunt u dat. Als u denkt: dat gaat niet, begin er dan niet aan. Leer uzelf zijn, ook in uw hantering van krachten, zelfs in het verwerken van bepaalde zaken die eigenlijk geloof zijn gebleven.

Schep voor uzelf een toenemend aantal innerlijke zekerheden, dan zult u daardoor uw bewustzijn niet alleen zien groeien, maar u zult nader komen tot een algemeen geldende werkelijkheid (een kosmische werkelijkheid) en van daaruit zult u datgene bereiken wat de onwetenden inwijding noemen en wat in wezen alleen het betreden is van een wereld waarin u meer uzelf bent in een overzienbare werkelijkheid en u nieuwe onbekende ge­bieden ontdekt waarvan de gewone mens nog niets weet.

Vragen

  • Een vraag betreffende de ziel

De ziel heeft geen behoefte, ze heeft een bewustzijn. Dat wil zeggen het bewustzijn bepaalt de uitingsmogelijkheid van de ziel. Haar enige drang is om zich te uiten. Naarmate die ervaringsmogelijkheden groter wor­den (hier zitten we dus bij het groeiend bewustzijn) zal de ziel zichzelf vollediger kunnen waarmaken, maar gelijktijdig het behoren tot het geheel voor zich en vanuit zich ook duidelijker kunnen manifesteren. Dit is haar wezenlijke drijfveer. Zolang de ziel als levende kracht niet identiek is met het bereikte bewustzijn, moeten we spreken over de geest, over het bewuste wezen. Het bewuste wezen moet juist leren meer zichzelf te zijn (de inner­lijke waarheid) en tevens buiten zich de waarheid beter te beseffen, op­dat in het samenvloeien van die beide een werkelijke harmonie wordt be­reikt welke gelijk komt aan het vermogen de eigen werkelijkheid te uiten binnen het geheel van de kosmos.

  • U had het over zekerheid, maar er is zo vaak gezegd dat er eigenlijk geen zekerheid te vinden is

Behalve die in uzelf. De zekerheid in onszelf is een variabele groot­heid die bij het toenemen van ons bewustzijn, en ook de verinnerlijking daar­van, voor onszelf groter wordt zonder dat ze gemakkelijker formuleerbaar wordt naar buiten toe. Wij kunnen die zekerheid alleen bewijzen. Met andere woorden: de zekerheden zijn de zaken die wij in ons volledig aanvaarden,  emotioneel, rationeel of hoe u zich dat maar wilt denken en waarbij wij zodanig kunnen werken, ook in de wereld die we rond ons zien en aanvaarden, dat wij daardoor de zekerheid krijgen dat er iets gaande is. En dan is de formulering niet de zekerheid, maar de verhouding tussen onze innerlijke waarheid en het fenomeen dat wij buiten ons produceren. Hiermee zijn we gekomen aan het einde van een reeks lezingen.

Wij hopen alleen dat u zelf zoekend naar een inner­lijke waarheid of aanvaarding daarvan gebruik zult maken om uw relatie met uw wereld steeds verder aan te passen. Dat zou namelijk het begin zijn van een groeiend bewustzijn.

Gemoedstemming

Er is iets in mij dat de wereld kleurt. Soms lijkt de wereld somber en dan opeens is er in mij een zon en door een wonder schijnt de wereld ge­heel veranderd, alsof het buiten regent en ik nog steeds in de zon leef. Dat is de stemming van het gemoed.

Het gemoed dat is het innerlijk geheel, in dit geval het eigen weten. Het is het misschien lang vergeten beeld dat nog in je heerst of het onge­weten verlangen dat soms een resonantie vindt in de krachten van de zon of van de maan of de stralingen die in de kosmos ontstaan en de aarde beroeren. Dan zeggen wij: die stemmingen zijn belangrijk.

Maar zijn ze dat? Is de stemming waarin ik verkeer datgene wat mij mag beheersen? Ben ik de slaaf van elke kracht die mij beroert en elk denkbeeld dat er in mij voor bestaat? Of ben ik soms iemand die bij het beseffen van de stemming in zich een weten ondergaat en zegt: zo moet het zijn. Dit is mijn wereldbeeld, dit is mijn werkelijkheid.

Als het gevoel dan anders speelt, dan zoek ik in mij de kracht, de  rust en ik beheers de tijd. De stemming van het gemoed wordt door mijn ‘ik’ beheerst. Ik spreek de taal van wat ik ben. Ik uit in al wat ik erken en doe een werkelijkheid die door een stemming niet kan worden beïnvloed, omdat de stemming soms misleidt, tenzij ik haar erken als een directe reflectie van het wezen dat ik ben en van alle kracht waaruit ik ooit ben voortgekomen.

Gemoedsstemmingen zijn dromen. Dromen die de wereld kleuren. Het is een intensieve verandering van indrukken. Maar het gebeuren speelt zich in mij af. Wat er in mij heerst dat wordt door mij, indien ik het wil, wel degelijk geregeerd.

Gemoedsstemmingen beheersen hem die nog niet heeft geleerd zichzelf te zijn en te erkennen. Wie zichzelf erkent en waarmaakt wat hij is, wordt niet meer beheerst door een stemming. Hij is in een harmonie die zonder meer en altijd hem geleidt en duidelijk maakt hoe in hem de kracht werkt waartoe ook hij behoort.

Misschien dat dit uw gemoedsstemming wat veranderd heeft. Als dat niet het geval is wil ik u toch nog een raad geven: laat u nooit beheersen door wat had kunnen zijn. Ga uit van wat er is en maak daar het beste van. Als u dat doet en u voelt zich nog niet prettig, zoek dan in uzelf iets waardoor u blijder kunt zijn.

Wie vreugde uit zichzelf weet te scheppen op grond van alles wat er nu bestaat en zonder zelfbeklag, die vindt een kracht waardoor hij de dag van morgen lichtender en blijder gestalte kan geven.