Samenvatting – Doe het zelf

uit de cursus ‘Doe het zelf’ (hoofdstuk 10) – juli 1976

Samenvatting – Doe het zelf

Wij hebben nu een negental lezingen gehad onder de titel “Doe het zelf”. Daaruit kunnen we een aantal conclusies trekken. Wij moeten voorop stellen dat niets vanzelf gaat, dat moet u goed begrijpen. Het is net als met goochelen. Elk mens kan wel leren goochelen, al zal de een handiger zijn in manipuleren en de ander beter werken met apparaten, maar altijd is er een enorme oefening voor nodig en een zoeken naar datgene wat men het best kan. Dat zal voor het werken met paranormale krachten uit de aard der zaak ook het geval zijn. Indien u daarmee rekening houdt, gelden nog de volgende regels:

  1. Elk mens die op aarde wordt geboren, is krachtens zijn wezen zogenaamd paranormaal begaafd. De een kan meer gaven hebben die aan de oppervlakte komen dan de andere maar een ieder bezit gaven.
  2. De begaafdheid van een mens is niet afhankelijk van zijn wensen en willen, maar van zijn ontwikkeling. Probeer daarom niet de gaven te ontwikkelen die u zelf interessant vindt, maar zoek naar de gave die bij u past.
  3. Werken met paranormale gaven is gebonden aan de persoonlijkheid. Elke persoon zal op een andere manier reageren; en dat betekent ook dat iedereen een andere werkwijze zal volgen.

In de eerste drie lessen zijn er een aantal proeven gegeven.

Deze “proeven” die sommige van u misschien wat belachelijk vinden of waarvan een ander zegt; het gaat toch niet, hebben ten doel om na enige oefening een kans te geven uw begaafdheid (de aanwezigheid van krachten) vast te stellen. Het is belangrijk dat u vaststelt dat u gaven heeft. Zelfs als u meent dat u er geen heeft, probeer dan toch de proeven nog een paar keren en kijk waar u reactie krijgt. Deze reactie is de beste benadering van een paranormale ontwikkeling.

Dit zijn een paar hoofdartikelen.

Dan zullen we moeten begrijpen dat elk mens juist omdat hij ook geest is, doordat hij karmisch belast is, doordat hij geconditioneerd is door zijn omgeving en de religieuze achtergronden kent, een bepaalde manier van werken zal moeten hebben. Het is helemaal niet belangrijk of u Allah aan­roept, de Heer of mijnentwege Indra of Brahma. De manier waarop wij de kracht aanroepen doet niet ter zake, maar elke kracht die wij gebruiken moet volgens ons eigen besef uit een lichtende bron voortkomen. Dit is een heel belangrijk punt.

Omdat wij geestelijk zoveel achtergronden hebben die wij nooit helemaal bewust zullen kennen, zullen ook gevoelens een grote rol spelen in alles wat wij met paranormale krachten en gaven proberen te doen. Aanvoelen is in deze gevallen belangrijker dan weten, vermoeden of beredeneren. Wat men aan­voelt is nimmer een geheel juiste weergave van een mogelijkheid, want alle factoren van uw angsten, uw verlangens, uw vooroordelen spelen mede een rol in de emoties die u innerlijk ervaart. U kunt deze over het algemeen niet of nauwelijks elimineren. Uw gevoel is echter de meest juiste benade­ring omdat althans daarin het geheel van uw geestelijke mogelijkheden ermee aan het woord komt.

De krachten die een mens bezit, zullen we ook nog heel kort bekijken, opdat u daardoor misschien een beter idee krijgt van wat u wel of niet zou kunnen.

Wij onderscheiden de meest voorkomende vermogens bij de mens in stra­lend en absorberend. Stralend: paranormale genezing, hypnose, suggestie, waarneming op afstand.                     Absorberend: helderziend contacten, mediamieke contacten. Absorberend zijn ook, in tegenstelling tot wat menigeen denkt, de meeste ma­gische riten, alle vormen van meditatie en contemplatie, omdat het ego hier­bij krachten uit de gehele omgeving opneemt.

Als u niet een mens bent die gemakkelijk mediteert, als bespiegelingen voor u weinig anders betekenen dan de ellende, dat u zich steeds maar moet blijven concentreren, dan is de kans groot dat uw capaciteit meer stralend is. U kunt dan beter proberen uit te treden. U kunt ook proberen uw kracht te richten.

Aanroeping van bevriende krachten is altijd belangrijk. Als wij dit doen, dan hebben we het gevoel dat we meer tot stand kunnen brengen dan onze per­soonlijkheid normaal zou toelaten. Of die anderen daarbij wel of niet medewer­ken is van minder belang in dit geval. Belangrijk is dat we de begrenzingen wegnemen die ons besef oplegt aan onze begaafdheid.

Interessant zal voor menigeen onder u ook zijn het opnemen van krach­ten, die gelijktijdig bij u een reactie teweeg brengen. Ik zal dit nog nader verklaren:

Wanneer u paranormaal wordt beïnvloed, kan het zijn dat u zich gesti­muleerd voelt tot bepaalde handelingen, daden of uitstralingen. Dan is hier sprake van een directe wisselwerking in uw persoonlijkheid. De uiting van de beïnvloeding (datgene wat u het best kunt controleren) is altijd datgene wat voor u bewust bruikbaar is, want daardoor kunt u zelf uitmaken of iets wel of niet aanvaardbaar is en op welke wijze u het zult gebruiken. Leg de nadruk, als u een kracht op u voelt inwerken en het gevoel krijgt daardoor krachten te kunnen uiten, altijd op de wijze waarop u volgens uw gevoel en besef die krachten tot uiting zult kunnen brengen. Hierdoor krijgt u namelijk meer beheersing.

Wanneer u wordt geconfronteerd met bv. ontwikkelingen in de toekomst, dan moet u zich realiseren dat u altijd fragmenten ziet. Elke poging om zo’n fragment of zo’n episode in een logische sequentie van gebeurtenissen in te passen, uitgaande van het u bekende heden, betekent in feite een vervalsing, want u kunt dit nooit geheel juist doen. Realiseer u dit. U zult dan nimmer tot definitieve uitspraken komen op grond van enkele visioenen of droombeel­den.

Realiseer u dat uw droomleven deel uitmaakt van uw gehele bewustzijns­processen dat juist in de droom onbewuste, onderbewuste en geestelijke facto­ren een zeer grote rol kunnen spelen. Daarom is het belangrijk dat u althans enig inzicht krijgt in uw droomleven. Het is niet belangrijk dat u zich elke droom herinnert. Wel dat u elke droom, die een bijzondere nadruk had zodat ze na het ontwaken in u voortleeft, door u wordt opgetekend. U schept hier­mee een soort dagboek, waardoor u innerlijke processen kunt herbeleven. U kunt bepaalde factoren zien die steeds weer optreden en aan de hand daar­van uw leven, uw gedrag maar ook uw gebruik van krachten daaraan aanpassen.

Een belangrijk punt is in de laatste les ook naar voren gekomen. Dat is de kwestie van sleutels of sleutelbegrippen.

Nu is iedereen natuurlijk heel blij wanneer hij een paar sleutels te pakken heeft. Maar een bos sleutels zonder slot betekent nog niets. Weet je niet op welk slot welke sleutel past, dan ben je meer een inbreker dan iemand die een nieuwe wereld betreedt. Onthoud dat goed.

Een sleutel, die werkelijk betrekking heeft op uw leven, brengt in u een onmiddellijke reactie teweeg. Dit zal ook geschieden indien u de bete­kenis van de sleutel op dat moment niet kent. Een voorbeeld:

Iemand zegt tegen u: “De Sfinx is nog steeds niet dood.” Het zegt u niets, maar u voelt op dat moment een gespannenheid, een rilling of een prikkeling vooral van de hoofdhuid. Dan heeft die spreuk voor u betekenis. Anders gezegd: dit is een sleutel die bij u past. U probeert dan na te gaan wat die spreuk voor u betekent. Niet hoe u haar moet uitleggen volgens de betekenis: wat was de Sfinx? Neen, wat betekent dit voor mij? Want het zijn uw eigen associaties waardoor die reactie mogelijk werd. Indien u op een sleutel reageert, dan geschiedt dit volgens uw eigen associatieve inhou­den en uitdrukkelijk niet volgens een betekenis van woorden die u niet kent. Op deze manier kunt u al heel veel vereenvoudigen.

U kunt waarschijnlijk nog veel meer vereenvoudigen, als u begrijpt dat het uitleggen van dingen over het algemeen een ontvluchten aan de feiten is. Als u met het paranormale wordt geconfronteerd, dan is het niet een kwestie van wat je ermee kunt doen, hoe machtig en groot je erdoor kunt worden, hoe je daarvoor een uitleg kunt vinden of je dat kunt gebruiken? Dan is het doodgewoon een kwestie van: ik ben dit, wat kan ik er op dit moment volgens mijn gevoel mee doen? Dat is voldoende. Wie te ver doordringt in de diepe esoterische waarden, die ongetwijfeld ook verbonden zijn met het paranormale, zal over het algemeen juist daardoor zichzelf de actiemogelijkheid ontnemen. Hier geldt dus:

  1. Werk eerst met datgene wat je aanvoelt als bruikbaar materiaal.
  2. Doe dit op je eigen manier en niet volgens de voorschriften van anderen.
  3. Bezie de resultaten die je bereikt goed. Ook als die resultaten tegen de verwachting in zijn, bekijk ze toch maar. Door te werken met de in­nerlijke krachten kun je ze gebruiken. Eerst door het gebruik van de paranormale kracht kun je de wetmatigheden ontdekken, die er voor jou bestaan in dit verband.

Uitstraling van kracht is iets wat veel voorkomt. Waarom straalt u zelf niet wat kracht uit? Het valt meestal tegen. Maar waarom probeert u het niet? Gaat u dan niet eerst een complete ritus uitvoeren. Ten slotte be­hoort u niet meer tot de rassen die een regendans nodig hebben voordat ze aan een wolk durven denken. Als u het gevoel heeft: ik heb deze kracht, nu kan ik haar gebruiken, doe dit dan ogenblikkelijk. U zult later wel zien wat er uit voortkomt. Het klinkt wat vreemd, maar dit is vereenvoudigen.

Als u alleen maar door te zeggen: “ik wil deze mens beter maken” die mens kunt genezen, waarom zou u  dan eerst een gebed erbij uitspreken, een psalm zingen en allerlei gekke gebaren gaan maken? Dan is het voldoende om alleen maar op de persoon te wijzen.

Als u de toekomst wilt betreden en u kunt dit alleen doen door eerst een foxtrot of een samba te dansen, dan danst u eerst een foxtrot of een samba. De samenhangen zijn zo gek, vindt u. Maar die samenhangen gaan u niet aan. Het gaat eerst om het resultaat. Als wij het resultaat goed kennen en daardoor de werking van de kracht, dan kunnen we vanzelf die regels vinden welke voor ons gelden. Er blijkt dan dat er heel veel overbodigs bij zit, maar in het begin moeten we uitgaan van deze werkmethode.

Ik kan u ook nog vertellen dat u allemaal zo groot en zo sterk bent. Het gekke is dat het nog waar is ook. En even gek is, dat u mij niet gelooft.

De mens heeft de behoefte om zwak te zijn op bepaalde punten. Er zijn zelfs mensen die hun zwakte een verdienste vinden. U heeft uw eigen kracht. U heeft uw eigen mogelijkheden. Die mogelijkheden kunt u niet volledig uit­schakelen. Als u begint met een “Doe het zelf” cursus, realiseer u dan dat u heel veel paranormale krachten heeft gebruikt in het verleden, ook al heeft u dat toen niet zo genoemd. U heeft het toeval wel degelijk beïnvloed op een wijze die rationeel niet verklaarbaar was. U heeft dingen vooruit geweten en u heeft plotseling fragmenten uit het verleden teruggevonden waarvan u heeft gezegd; dat moet ik wel ergens hebben gelezen. Maar het kwam werkelijk uit uzelf voort. Realiseer u dat.

U heeft altijd gebruik gemaakt van het paranormale. Maar door de suggestie van onmacht, van zwakte maakt u het zichzelf onmogelijk om daar verder een bewuster gebruik van te maken. Als u dus niets anders te doen heeft, denkt u dan eens na over al die vreemde dingen uit uw verleden. U zult tot uw verbazing ontdekken dat u inderdaad over krachten beschikt en dat u die nooit heeft gebruikt. Dan is het nu de tijd om te zeggen: als ik ze eens heb bezeten, maar ik gebruikte ze niet bewust, dan zal ik er nu ook bewust gebruik van kunnen maken.

Wat moet ik u verder nog voor slotwoorden meegeven? Moet ik u ver­tellen dat de hemel vlak bij is? Ik zeg het liever niet hardop, want als er mensen zijn die dat ontdekken, maken ze er onmiddellijk een hel van. Moet ik u vertellen dat de wereld van de geest rondom u is? Dat merkt u vanzelf wel en bovendien is het niet zo belangrijk. Moet ik u vertellen dat u deel bent van alle kosmische krachten? Een geloofsstelling. Wat heeft u eraan. Ik kan alleen zeggen dat u nu eindelijk eens iets moet doen met hetgeen u bezit. En zelfs dat klinkt wat overbodig, want als u dat niet had gewild, zou u zeker deze cursus niet hebben gevolgd. U heeft waarschijnlijk gedacht: nu krijgen we een ge­bruiksaanwijzing en behoeven we verder niet veel meer te doen. We drukken op de juiste innerlijke knop en prompt begint een paranormaal gebeuren. Het spijt me, dat is niet zo, ook zonder knop kan dat geschieden. Een lift is erg gemakkelijk, maar als er geen lift is, kun je ook trappen lopen. En als je begint met trappen lopen, dan valt het later zoveel te meer mee als je ontdekt dat er toch nog een lift gaat. Probeer nu maar gewoon zelf te werken.

Daarmee heb ik eigenlijk de samenvatting van de cursus gegeven. Er is meer en veel uitvoeriger gezegd, maar dit is de essentie. Ik zou zeker niet volledig zijn, als ik niet nog wat verder ging en u wees op hetgeen er op het ogenblik aan de hand is en wat dat voor u en uw ont­wikkeling zou kunnen betekenen.

Wij bevinden ons nu in een periode waarin een groot aantal oorzaak-­en-gevolg werkingen samenvloeit. Dat betekent dus in de eerste plaats, dat vele tegenstellingen uit het verleden op dit moment bijzonder sterk worden geuit. In de tweede plaats betekent het dat bepaalde karmische factoren uit het verleden voor veel mensen nu een brandpunt bereiken, zodat bijna overal op aarde gelijktijdig mensen opeens worden belast met bewustzijnsgebreken uit vorige levens.

Daarbij kunnen ook natuurlijke situaties een rol spelen. Uw zon zal haar activiteit t.a.v. de aarde iets vergroten. Dat betekent dat in uw atmosfeer een groot aantal verschijnselen zullen optreden waarin ionisatie e.d. werkzaam zijn. Dat kan invloed hebben op allerlei zaken, zelfs op de ontvangst van radio en televisie. Het kan ook invloed hebben op uw humeur en uw vitaliteit. Nu zijn dit factoren waar men zelf niets aan kan doen. Ik zou u dan de raad willen geven, in de eerste plaats: indien u zich karmisch belast voelt, begin dan niet onmiddellijk te zoeken welke daad er nu gesteld moet worden. Heus, als die daad gesteld moet worden, zal dat wel gebeuren. En als u zich er nu al druk over maakt, dan heeft u grote kans dat u het dadelijk weer ver­knoeit. Dus als u het idee heeft, dit is nu plotseling urgent, langzaam aan alstublieft! Besef dat u die noodzaak voelt en kijk of die gevoelde noodzaak kan passen in het kader van het geheel rond u.

In de tweede plaats; als u het gevoel heeft dat u weinig kracht heeft (dat kan ook uit natuurlijke stralingsomstandigheden voortkomen), dan moet u proberen uw tempo te veranderen. Wijzig uw bewe­gingstempo en pas het aan. U zult ontdekken dat u door u iets trager te bewegen en iets sneller te denken hetzelfde kunt presteren als voor­heen, maar nu met een licht overschot aan energie in plaats van een over­matig energieverbruik.

Over de gehele wereld zien we allerlei gekke dingen gebeuren. Ik heb het dan heus niet over stakingen.

Als de tram staakt, dan kijkt u of uw buurman een auto heeft, als u er zelf geen heeft. En als dat niet het geval is, dan kunt u misschien nog wel een fiets gebruiken. Verzet u dus niet tegen de situatie. Erger u er niet over. Pas u zo goed mogelijk erbij aan en zorg dat u in gewijzigde omstandigheden altijd uw reacties beperkt tot hetgeen u werkelijk kunt vol­brengen; ga nooit verder. Indien u dat doet, zult u merken dat uw levensenergie aanzienlijk hoger wordt in plaats van lager, zoals bij heel veel mensen het geval zal zijn.

Dan zullen er her en der wat moeilijkheden ontstaan o.m. door schaars­te. Het is ten slotte toch krankzinnig. hier verdort het graan en in Rusland verrot het. Al die dingen bij elkaar betekenen dat men de tering naar de nering moet zetten. Bereidt u erop voor om met een minimum te werken. Probeer alles wat u tot nu toe royaal wat teveel heeft gedaan toch even te bekijken, zodat u weet ik heb een zekere reserve. Hierdoor voelt u zich zekerder. En als u die zekerheid heeft, als u het gevoel heeft: ik kan het met minder doen, stel dan uw harmonie af op meer en doe dat niet alleen voor uzelf.

Stel u af op verandering of verbetering. Als u met z’n allen intens zou denken: die warmte, de zon, kunnen we best hebben, maar nu moet er voor anderen eindelijk eens een regenbui vallen, dan garandeer ik u dat er binnen 2 dagen regen valt, of u het gelooft of niet. De K.N.M.I. ge­looft het natuurlijk niet, maar dat behoeft ook niet. Dat is niet weten­schappelijk en het kan dus niet werken met de krachten die in de natuur de grootste rol spelen.

Er zullen in de komende tijd ook vreemde en tegenstrijdige boodschap­pen komen. U zult zich geneigd voelen om dan sterk partij te kiezen. Wacht daar even mee. Want als u partij gaat kiezen, dan gaat u zich bin­den aan bepaalde denkbeelden. Dat wil zeggen; dat u al uw krachten sterk gaat kanaliseren. Hoe wilt u werken met grote krachten, met geestelijke krachten, indien u alle kracht die u heeft bezig bent te stuwen in erger­nis van “leve Joop” of “weg met Joop” e.d.?

U zult ook merken, dat bij de meeste mensen een aantal lichamelijke reacties veranderingen ondergaan in de komende maanden. Dit komt ten dele tot uiting in uw droomleven, daarnaast door uw gedrag, uw verwachtingen en uw droombeelden overdag.

Luister goed. Als u verandert, dan verandert de wereld niet op de­zelfde manier mee. Als u verandert, dan betekent dat dat u energie heeft en dat u die energie kunt gebruiken. Probeer die dan zo te richten dat u anderen niet in uw pogen betrekt en gelijktijdig de energie optimaal overdraagt aan de mensheid.

De neiging om anderen te veroordelen zal ook in de komende tijd nog­al sterk zijn, ofschoon dat meer een kosmische invloed is. Onthoudt u dit: zodra u een ander veroordeelt, heeft u tevens uzelf mede in het oordeel betrokken. U heeft uzelf begrensd door uw veroordeling. Oordeel dus niet, opdat gij zelf vrij moogt zijn om uw krachten naar beste weten te richten en te gebruiken. Dit is ook een zeer belangrijk punt.

Mensen zijn in deze tijd allemaal gek. Dat heeft u natuurlijk al lang reeds ontdekt. Ze doen allerlei dingen die u nooit gedaan zou hebben. Hoe komen ze ertoe om zo te reageren? U had gedacht dat het anders zou gaan. Onthoudt u dit goed:

U kunt in de komende periode in geen geval bepalen hoe een ander is, zal denken of zal doen. Wat u wel kunt bepalen is de harmonie die er tussen u en een ander bestaat. Werk in de richting van een geestelijk harmonisch weerkaatsen van hetgeen de ander uitstraalt. U zult zien dat de materiële tegenstelling en vooral het onbegrip verdwijnt. Hierdoor krijgt u ook als vanzelf een beter gebied om mee te werken. U kunt dan meer doen en wat meer bereiken.

Dit zijn een paar kleine tips die er zo bijkomen. Als afsluiting zou ik u nog dit willen zeggen: u wilt werken met paranormale krachten. U bezit ze.

Leer uzelf kennen. Leer begrijpen welke mogelijkheden er voor u zijn. Realiseer u dat u soms reageert op zaken, die u redelijk gezien niet zou kunnen weten, maar die u kennelijk heeft aangevoeld.

Gebruik de mogelijkheden waarover u beschikt. Doe dit zo bewust mo­gelijk, maar doe het in ieder geval. Alleen de mens die zijn paranormale krachten steeds meer gebruikt, raakt zo getraind dat hij de paranormale wereld kan voegen bij zijn normale bewustzijnswereld. En pas wanneer dit is bereikt kunt u werkelijk zeggen: ik doe het zelf. Dan heeft u ook nie­mand meer nodig. Maar tot die tijd: oefen. Heb geduld met uzelf, maar wees vooral attent op de eigenaardige reacties die u steeds meer vertoont.

Vraag u af, waarom u in sommige gevallen opeens bitter of anti bent t.a.v. iets wat u op een ander ogenblik aanvaardt. Ook daarin spelen be­paalde gevoelsfactoren een rol, die voor het erkennen van de paranormale vermogens belangrijk zijn.

Als u ziet dat er een taak voor u ligt, onverschillig welke, zeg dan niet: ik kan niet, maar zeg: ik probeer het. Probeer het zo goed als u kunt. Door voortdurend te pogen zult u op den duur erin slagen veel te bereiken wat u tot nu toe voor uzelf misschien als een onmogelijkheid heeft beschouwd.

Tot slot nog deze raad: zoek in alles het normale. Niet de verkla­ring, maar het normale, het aanvaardbare, het beleefbare. En als u denkt dat u weet hoe iets gaat, probeer het. Want alleen de mens, die uitgaat van wat normaal is komt verder. Iedereen die denkt: dit is paranormaal, dit is abnormaal, dit is miraculeus, komt niet verder, omdat hij alle ge­beuren voortdurend van zich afwijst. Als je zelf iets wilt doen, moet je je juist integreren in het geheel waarin in feite alles mogelijk moet zijn.

Karmische belasting

Karma: de ontwikkeling die je in het verleden hebt doorgemaakt, waardoor eenzijdigheid van kenvermogen en reactie kan ontstaan in een vol­gend leven. Belasting: last die op je drukt. Karmische belasting: de eenzijdige beïnvloeding en de ervaring van het verleden waardoor je in het heden onder een bepaalde druk staat en niet tot een volledig vrije ontwikkeling kunt komen.

Zo geformuleerd wordt het denkbeeld al iets duidelijker, meen ik. Als wij spreken van een karmische belasting dan kunnen we elke afwijking van een norm (een norm is iets wat eigenlijk niet bestaat) daaronder re­kenen. Ik stel het volgende: iemand die in vorige levens een groot aantal ervaringen heeft opgedaan bv. door lichamelijke schoonheid, zal geneigd zijn in een volgend bestaan, juist door de vanzelfsprekendheid waarmee al deze resultaten eens werden verwerkt, een vorm te kiezen die minder schoonheid heeft. Hierdoor echter zullen de pretenties, de opvattingen omtrent het recht dat je toekomt die uit het verleden zijn blijven bestaan, nu plotseling worden geconfronteerd met een wereld waarin het oordeel heel anders is en dus ook de reactie. Er ontstaat een strijdigheid tussen wat je meent te mogen verwachten en wat je feitelijk krijgt. Hier is dan een enorm aanpassingsproces noodzakelijk. Je gaat dan de keerzijde van de schoonheid zien: namelijk het nadeel dat eraan verbonden kan zijn, indien je niet be­schikt over lichamelijke schoonheid of exclusieve eigenschappen. Dit is een zeer eenvoudig voorbeeld.

Wat gebeurt er nu? Een teveel wordt aangevuld door in een volgend leven een tekort te creëren. De reacties op het tekort en op het teveel zouden dan tezamen een evenwichtige ervaring moeten worden van de totale mogelijkheid. Wat dat betreft is het eigenlijk een voordeel:

De gehele karmische wetmatigheid is niet veel anders dan een vermo­gen om je steeds meer bewust te worden op een alomvattende en niet slechts een eenzijdige manier. Maar aangezien een mens op een gegeven ogenblik die eenzijdigheid bij zijn incarneren zelf heeft geschapen zal hij, tenzij zijn besef hem daarboven weet te verheffen, altijd de belasting van dit verle­den ervaren. Dit is dan de karmische belasting waarover het gaat.

Het is duidelijk dat karmische belasting niet alleen zal berusten op lichamelijke oorzaken. Het kan evenzeer te maken hebben met geestelijke kwaliteiten. Een aardig voorbeeld van een dergelijke reeks ontwikkelingen kunt u vinden in onze vriend ‘Henri’.

Deze zichzelf noemende ‘Henri’ was eens een rooms katholiek priester. In die persoon heeft hij een soort eigenwaan opgebouwd, die gecompenseerd moest worden. Zijn volgende rol was er een van herbergier. Als herbergier moest hij de diensten bewijzen die hij als abt alleen als gunst had verleend. Hij was echter nog niet in staat om daaruit een reëel beeld van zijn relatie met de mensheid te vormen. Zo heeft hij na een tussenfase, die iets langer heeft geduurd, een incarnatie gekend onder de armen waarin hij zich als han­delaar manifesteerde. Zoals hijzelf dit pleegt op te merken: de kleine klein­handel en detail.

Hier ziet u dus dat het priesterschap op zichzelf, dat overigens in Henri ook nu nog een sterke rol speelt geestelijk gezien, voerde tot een overschatting van eigen geestelijke belangrijkheid en gewichtigheid. De eerste poging om dit te compenseren door de lichamelijke belangrijkheid naar voren te schuiven en in plaats van het geestelijk werk zuiver stof­felijk werkzaam te zijn bleek uit het feit dat hij niet in staat was een volledige ontwikkeling door te maken. Hij werd toen op aarde geboren in een arm gezin met een drankzuchtige vader. Deze man, die toch van zijn kinderen hield, liet het kind, toen hij er in een dronken bui mee speel­de, vallen en daar kwam een lichamelijke deformatie uit voort.

Nu kunnen we zeggen dat dit een karmische belasting is. Maar het is een belasting, die een grote geestelijke achtergrond heeft gehad. Want nu ontstaat de machteloosheid, lichamelijk en geestelijk geen gezag en geen belangrijkheid te bezitten en toch gelijktijdig een relatie met de mensen te moeten scheppen, al is het maar om jezelf te handhaven. Hierdoor kwam hij voor het eerst tot een veel scherpere observatie van de mensheid een juister gebruik van zijn geestelijke en ook zijn mentale vermogens. Als resultaat daarvan kwam hij weliswaar in onze wereld terug met een mate van verbittering, maar die kon worden overwonnen door het vroegere evenwicht tussen geestelijke en stoffelijke belangrijkheid. Wat er ontstaat is een synthese waarin het besef en de geestelijke resul­taten van de drie levens een nieuwe persoonlijkheid scheppen. Een persoon­lijkheid, die misschien het speelse en half-optimistische element van het laatste leven wel handhaaft, maar daarachter tevens de diepgang bezit van de priesterlijke erkenning en de handigheid van de herbergier, die zijn gasten weet aan te praten dat het gerecht, dat hij toevallig klaar heeft in de keuken, juist datgene is wat zij bovenal verlangen. U heeft dat vele malen in de praktijk kunnen zien.

Dat deze zelfde Henri juist door dit alles een handigheid heeft gekregen, om vanuit de geest mensen te helpen waarbij hij geestelijke krach­ten gebruikt, maakt duidelijk dat hij ook zijn paranormale gaven, reeds had ontwikkeld en daardoor een feitelijke relatie met de we­reld in stand weet te houden waarbij hij wel degelijk daadwerkelijk kan in­grijpen en niet behoeft te volstaan met influisteringen of op zich eigen­lijk zinloze manifestaties.

Dan valt verder op, dat hij juist door de afronding van zijn persoon­lijkheid, die in de geest verder voortgang heeft gevonden, openstaat voor veel hoog licht. Gezien zijn band met uw wereld kan hij bepaalde hogere lichtkrachten soms gemakkelijker op uw aarde richten en daar activeren dan menig andere geest, die theoretisch misschien hoger zou staan. Dit is dus het gevolg van een karmische gang. Ik heb dit nu eenvoudig gehouden door alleen maar drie levens te nemen, terwijl in de reeks er eigenlijk meer behoren.

U bent ook niet voor de eerste keer hier, of u het weet of niet. U heeft dus bepaalde zaken op aarde reeds beleefd. Daaruit zijn denk­beelden voortgekomen. Maar die denkbeelden voerden gelijktijdig tot een verkeerde inschatting van uw geestelijke behoeften en uw geestelijke moge­lijkheden. Het resultaat was dat u in deze fase dus met conflicten te maken kreeg die u in een vorig leven als onbelangrijk terzijde heeft ge­schoven, maar die nu voor u wel degelijk van belang zijn en waardoor u innerlijk krachten moet opbrengen om een juiste oplossing te vinden. Dit impliceert dat u in dit leven karmisch belast bent.

Een karmische belasting is echter ook een kwestie van wereldbeeld, van verwachting, van emotionele reactie op de wereld. En dat betekent dat u ook ten aanzien van uzelf en niet alleen ten aanzien van de wereld vaak gedeeltelijk blind bent; u ziet de dingen niet. U gaat eraan voorbij. U kunt er niet op reageren.

Men zegt ook wel op aarde dat mensen gevoelsarm zijn. Dat is helemaal niet waar. Maar hun gevoelsreacties liggen buiten dat wat als norm geldt en hun beeld van belangrijkheid en van de wereld eveneens. Daardoor heten ze gevoelsarm. Maar het conflict dat uit die schijnbare gevoelsarmoede voortkomt, is wel degelijk een last die zij met zich hebben mee te dragen. Vaak is het ook een beperking van hun mogelijkheden in de wereld.

Nu heeft elke geest paranormale vermogens. Dat wil zeggen: een geest beschikt over de kracht van alle sferen waarvan ze deel uitmaakt. In de praktijk betekent dit: van de hoogste werelden van licht tot ten­minste de stoffelijke wereld, terwijl sommige geesten daarnaast nog rela­ties hebben met duistere werelden en ook de mogelijkheden daarvan zouden moeten kunnen gebruiken. Maar zij zien hun mogelijkheden niet omdat zij dat in één richting zoeken.

Iemand kan een goed genezer zijn en gelijktijdig bv. in het aanvoe­len van mensen voortdurend falen. Dat komt voor. Wat is daarvoor de ver­klaring? Er is dan een eenzijdigheid ontstaan die zeer waarschijnlijk is voortgevloeid uit hetgeen die persoon vóór dit stoffelijk bestaan heeft meegemaakt. Dientengevolge is die eenzijdigheid vanuit ons standpunt een karmische belasting. Die karmische belasting kan echter worden opgehe­ven op het ogenblik dat de evenwichtigheid wordt bereikt; dat we dus de eenzijdigheid verlaten en daarvoor in de plaats een openheid ten aan­zien van het geheel vertonen.

De overwinning van karma is eigenlijk een vorm van onthechting. Wij moeten inzien dat de belangrijkheid van sommige dingen eigenlijk niet bestaat dan alleen in onze eigen ogen. We moeten inzien dat de wereld met haar regels wel een schijn heeft gecreëerd, maar dat die schijn al­leen maar dient om een deel van de werkelijkheid naar voren te schuiven. Wij moeten de andere delen ook erkennen. Het klinkt, denk ik, de mens vreemd in de oren dat deze vorm van erkenning niets anders is dan ruimdenkendheid. Erkenning van alle waarden voert tot een vrijmaking van de geestelijke vermogens en daarmee van alle krachten, die in het ego zijn opgeslagen of voor dit ego kunnen worden geactiveerd. Toch is dat waar.

We gaan nu de kosmische kant uit.

De kosmos is één geheel. Dat wil zeggen dat alle krachten daarin overal en gelijktijdig volledig werkzaam zijn, ook als de werking van die krachten slechts gedeeltelijk wordt geconstateerd. Op het ogenblik dat ik de werkelijkheid begrijp, ken ik het geheel der werkzame krachten. Door mijn eigen beperkte kracht bij één deel van het werkzame te voegen geef ik daaraan een mate van overwicht, die alleen door mijn bewust stre­ven in stand kan worden gehouden. Dit overwicht betekent, dat er een in­vloed is ontstaan die afwijkt van de norm. Daar ik deze invloed zelf ver­oorzaak en niemand in de norm van het menselijk weten kan verklaren hoe dit gebeurt, heet dat paranormaal. Je hebt dus paranormale kwaliteiten op het ogenblik dat je in staat bent de je omringende krachten als een evenwicht aan te voelen en in dat evenwicht je streven, duidelijk om­schreven en sterk omlijnd, uit te drukken. De karmische belasting is dus in feite niets anders dan een blindheid voor een deel van de krachten rond ons en voor een deel van de mogelijkheden die er voor ons bestaan. Juist daarom zullen we moeten proberen eerst te werken met de dingen die we hebben. Want als we niet bereid zijn de wereld die voor ons nu kenbaar is te aanvaarden zoals ze is, zullen we de delen die daar als aanvulling bij behoren ons niet kunnen realiseren en ze nimmer kunnen beschrijven. Die realisatie is nu weer noodzakelijk voordat de aanvaarding kan komen.

Het kenvermogen gaat uit van de wereld waarin u nu leeft met de middelen en de eenzijdige gerichtheden die nu bestaan. Als wij die wereld voor onszelf juist hebben omschreven, moeten we beseffen dat daarom ook een tegendeel mogelijk is van al hetgeen er nu voor ons bestaat. Aanvaard dit tegendeel als even werkelijk als datgene wat nu voor u manifest is en er ontstaat een synthese waardoor de illusiewaarde kleiner wordt en de wer­kelijkheidswaarde groter. De werkelijkheid bevat alle krachten. Daarom kunnen wij alle krachten in die werkelijkheid erkennen en ons daarop rich­tend ook voor onszelf hanteren. Dit is voor u waarschijnlijk een heel mooie theorie en de uitvoerbaarheid ervan lijkt de meesten van u ver weg te zijn. Nu blijkt echter dat een groot aantal mensen instinctief en daardoor niet continu, maar alleen onder bepaalde omstandigheden, hun karmische be­lasting doorbreken.

Er zijn mensen, die zichzelf als zwak beschouwen en die inderdaad ten aanzien van anderen een groot aantal nadelen hebben die van fysieke of psychische aard kunnen zijn. Er ontstaat nu een situatie waardoor wij willen of moeten ingrijpen, en wat gebeurt er? Zij overtreffen plotseling alles wat voor henzelf en hun besef mogelijk zou zijn. Zij komen dan wel tot een rationalisatie daarvan, maar ondertussen hebben ze die grens overschreden. Instinctieve overschrijding van de karmische grenzen ge­beurt op het ogenblik, dat bij een redelijke innerlijke harmonie een alge­hele aanvaarding van uiterlijke omstandigheden ontstaat. Dat laatste maakt duidelijk waarom dat altijd korte momenten zijn, want de volledige aanvaarding krijgt u zo gauw niet. Hier kunt u ook weer zeggen:

Karmische belasting is dus een variabele factor, die niet in het gehele leven continu en op dezelfde wijze blijft optreden. Ze is vatbaar voor emotionele reacties en variaties waarbij de remming door karma op­gelegd tijdelijk verdwijnt, daarnaast kan zij door een bewuste zelferkenning en benadering van de wereld eveneens worden verminderd in waarde en betekenis. Eindconclusie:

Een karmische belasting kan worden overwonnen. Zij behoeft niet noodzakelijk een beperking in te houden van de eigen vermogens, paranor­maal of anderszins. Zij impliceert wel een noodzaak om de wereld voort­durend anders te benaderen, totdat je een harmonie met geheel die wereld voor jezelf kunt waarmaken.

  • Is het mogelijk dat men zich bewust is van een karmische belasting?

Het is mogelijk dat men zich van een karmische belasting bewust wordt. Wanneer u op aarde incarneert, dan wordt namelijk alle besef van die belasting, dat door de keuze eigenlijk al omschreven is, ongedaan gemaakt. Uw aanpassing in de wereld betekent een vervaging van dit be­sef. Maar een mens die voortdurend met één en hetzelfde effect in zijn leven wordt geconfronteerd, gaat beseffen: dit is niet iets wat van mijn wil uitgaat; het wordt door mij ondanks mijzelf veroorzaakt. En dan kan men zeggen: dit is een karmische belasting. Op deze manier kun je verdergaan en dan zie je dat je relatie met de mensheid in feite, zich op een totaal andere wijze ontplooit dan je zelf zou willen. Dan zeg je: dat is ergens toch onvermijdelijk en noodzake­lijk! Het is een karmische belasting. Het besef van de belasting is dus wel mogelijk, maar het besef van de waarde of de betekenis van deze be­lasting lijkt mij voor een mens slechts zelden te bereiken.

Theoretisch is het denkbaar dat iemand precies weet welke karmi­sche belasting er rust op dit bestaan en daardoor een overwinning er­van zonder meer kan bereiken. Dat wordt door die kennis geïmpliceerd. Maar de doorsneemens kan wel vaststellen dat deze voortdurende frustra­tie bestaat, hij kan zelfs beseffen dat die uit het verleden voortkomt, maar hij beseft meestal nog niet op welke wijze de krachten in het “ik” door dit “ik” kunnen worden gecompenseerd. Want die compensatie vinden, betekent gelijktijdig een onafhankelijkheid bereiken ten aanzien van de uiterlijkheid van de wereld. Dat wil dus niet alleen zeggen wat anderen zijn, denken of doen omtrent jou of omtrent zichzelf, maar het betekent vooral ook het zien van aanvullende waarden daar waar die volgens de wereld niet bestaan en die dan voor jezelf ook nog te realiseren. Het is niet zo een­voudig, maar denkbaar is het wel.

Overgang

Overgang: verandering. Verandering van leven, verandering van wer­king, verandering van zijn, verandering van denken, verandering van be­sef.

Overgang, een woord dat beter is dan ‘dood’. Want kent de mens in zijn leven ook niet een fase waarin het lichaam langzaam zijn functies veran­dert en noemt hij ook dit niet overgang? Het is in wezen een nieuwe sta­biliteit zoeken, anders gaan worden, andere emoties kennen en – als je eerlijk bent – je denkbeelden van het verleden en je verlangens van het verleden herzien in overeenstemming met de nieuwe feiten.

Wat is sterven anders dan een veranderen van wereld en van mogelijk­heden. Je lichaam verdwijnt, maar je denken belichaamt je nog. Je wereld laat je achter, maar de problemen van die wereld zijn deel van jou; je draagt ze mee. De schoonheid van je wereld laat je achter, maar je beeld van die schoonheid, idealer misschien dan de feiten ooit waren, neem je mee. Al wat je zelf bent, blijf je. Je wereld verandert. Dat is over­gang.

Waarom zou een mens dan de overgang vrezen? Slechts hij, die zich­zelf verwerpt en zichzelf vreest, is terecht bevreest voor de dood. Want in de dood kom je tot een leven waarin je zelf je wereld wordt. Maar hij, die in zich nog gelooft aan het goede, die nog droomt van licht en harmonie, behoeft de overgang, de dood, niet te vrezen. Want dat wat hij droomt, is deel van de werkelijkheid die hij leven zal; dat wat onmoge­lijk scheen wordt mogelijk, als je erin gelooft. Onmogelijk, is alleen dat­gene wat je voor jezelf als zodanig omschrijft.

Overgang, sterven, veranderen, is ook beseffen dat je jezelf blijft. Nooit zul je iets anders zijn dan het ego dat je bent met alle krachten en gedachten ervan. En steeds groeiend zul je na elke overgang opnieuw rijker, geschakeerder je wereld zien, omdat je meer kunt aanvaar­den van de werkelijkheid waarvan je deel bent.

Sterven is de droom op het leven, wanneer het leven voltooid is. Overgang is de vrijheid betreden uit de beperkingen van een leerschool waarin het gaan en werken je soms zwaar valt.

Overgang is de genade Gods leven als een werkelijkheid en niet al­leen als een vage troost voor de onaanvaardbaarheid van je bestaan.

Ieder van u zal eens overgaan. Doe het niet te snel. Wanneer de tijd komt, dan zegt het lichaam uit zichzelf ‘vaarwel’ en trekt de geest zich terug in een wereld van werkelijkheid en droom tegelijk.

Wees niet bang voor de overgang, want ze brengt u de vrede die in u woont als een werkelijkheid. Zij confronteert u met de strijd in u die u nu voor uzelf probeert te verbloemen.

Geen wereld kan wijder zijn dan de wereld van de dood.

Geen leven kan vollediger zijn dan het leven dat ontstaat uit de stoffelijke dood.

Geen vervulling kan groter zijn dan de vervulling die voor elk ego bestaat op het ogenblik, dat de stoffelijke beperking wegvalt en de in­nerlijke harmonie albeslissend wordt.

Ik hoop u hiermede iets duidelijk te hebben gemaakt. Misschien is het aan het einde van het jaar niet eens zo vreemd om juist daarop te wijzen. Want weet u, wie wil sterven voor zijn tijd, neemt teveel problemen mee. Maar wie heengaat op zijn tijd, die vindt het antwoord op alles wat zijn leven onoplosbaar deed schijnen. Daarom is het een vreugde wan­neer de tijd komt. Daarom is het ook een verschrikking voor hen die gaan voordat de tijd komt.