Acte de balance

uit de cursus ‘Wereldontwikkeling‘ (hoofdstuk 5) – februari 1983

Acte de balance.

Als we zien hoe mensen balanceren in een circus, dan valt op dat zij met schijnbare moeite en toch ook weer erg gemakkelijk over een hoog gespannen draad lopen. Het lijkt zo gemakkelijk maar als je het zelf probeert, al is het maar op een stoeprand, te balanceren, dan blijkt dat je dat gevoel niet hebt waardoor je in evenwicht kunt blijven. Een wereld waarin men denkt dat men een acte de balance kan uitvoeren, is een wereld die in gevaar verkeert. Dat is duidelijk.

Op dit moment is er een aantal ondergrondse intriges aan de gang waarmee men probeert Amerika en Rusland tegen elkaar uit te spelen. In deze gevallen is het werkelijk een balanceren op het scherp van de snede. Als een van de partijen zich ook maar een klein beetje vergist, dan is hij alle sympathie kwijt, d.w.z. dat hij dus in aanzien en waarschijnlijk ook in mogelijkheden in de wereld een heel groot verlies gaat lijden. Hoe komt dat?

Er zijn in de wereld visies ontwikkeld, op economisch en op politiek terrein, die uitgaan niet van de feiten, maar van een aantal voorop gezette denkbeelden. Bijvoorbeeld, de USA gaat op dit moment uit van het uitgangspunt dat men sterker moet zijn dan ieder ander omdat men alleen zo zijn functie in de wereld kan waarmaken. Die functie is dan om iedereen die gehoorzaam is, te beschermen en gelijktijdig iedereen die volgzaam is te helpen.
De Sovjet‑Unie heeft ook dergelijke denkbeelden, alleen gaat die uit van het standpunt dat je anderen moet helpen om zichzelf te helpen. De voorwaarden komen echter op hetzelfde neer.

Als je probeert een machtsevenwicht te krijgen, dan is dat machtsevenwicht niet alleen afhankelijk van de feiten. Het is afhankelijk van de visie die men heeft en ongetwijfeld in zeer sterke mate ook van de manier waarop men de ander inschat.

Wij zouden kunnen redeneren dat bijvoorbeeld de Amerikaanse atoomwapens kwalitatief veel beter zijn dan de Russische. Dientengevolge is een atoomwapen, als het opgesteld staat in of door de USA, gelijkwaardig aan twee tot drie atoomwapens, als die worden gehanteerd door de Sovjet‑Unie.
Datzelfde geldt voor tanks. Een Amerikaanse tank heeft onder de West‑Europese condities (let wel, niet in de winter of in de modderpoelen in het Oosten) een capaciteit die vergelijkbaar is met ongeveer 5 tot 6 andere tanks van het Oostblok. Het is duidelijk dat niemand dat wil geloven, want men praat in feite over aantallen en niet over kwaliteiten, niet over vuurkracht, potentie van destructie en dergelijke zonder meer. Neen, men praat over aantallen die op zichzelf weinig zeggend zijn.

In de economie zien we een soortgelijk verschijnsel. Het Thatcherisme, dat ook naar Nederland dreigt over te slaan, gaat uit van het standpunt dat de regering moet bezuinigen. Dat is natuurlijk best als de regering eerst bezuinigt op haar eigen administratief apparaat en op het aantal diensten dat ze burgers in feite opdringt. Bezuinigingen worden hier echter gezien als eenvoudig de hele machtsstructuur, die sociaal is ontstaan, zoveel mogelijk teniet te doen.
Men heeft te maken met vakbonden. Dat wil men eigenlijk niet. ­Men wil te maken hebben met arbeiders. Men wil niet meer te maken heb­ben met bepaalde sociale structuren zonder meer. Men wil te maken heb­ben met gunsten die men zelf aan anderen, onder voorwaarden, kan verle­nen. Het is deze situatie waardoor men eigenlijk een deel van het aan­wezige potentieel (dat ook aanwezig is op economisch en sociaal gebied) dreigt te verliezen en te vernietigen.
Men neemt die vernietiging dan schouderophalend maar aan. Men zegt: nou ja, dat is zo erg niet, dat komt wel weer. Daarbij ver­geet men dat iets wat afgebroken is, nooit meer precies hetzelfde kan worden opgebouwd, tenzij men bereid is in alle opzichten terug te gaan naar de vorige conditie.

De ontwikkeling in de wereld is op het ogenblik er een waarin men soms, met de beste bedoelingen, bezig is te slopen zonder te beseffen dat wat men sloopt, tevens het fundament is voor de bovenbouw die men in stand wil houden. Hierdoor worden de mensen geconfronteerd met de noodzaak hun streven voor een deel te verhullen en voor een deel terug te nemen en dan dit laatste vooral zonder dat het opvalt.

Ook hier een acte de balance, een vertoon van balanceerkunst op het hoge koord maar zonder de zekerheid van een net, zonder de zeker­heid van een opvang. En vergeet niet, degene die valt, zal zeer velen met zich meesleuren. Hij valt niet alleen want hij heeft zich gebonden aan bepaalde groeperingen maar ook aan bepaalde denkbeelden.

Het is misschien vreemd om in deze dagen erover te spreken dat het nationaal‑socialisme in zijn oorspronkelijke opzet zo gek niet was. Nu heb ik het niet over de fascistische tendensen die erin zitten maar over het denkbeeld van een gemeenschap die voor een gemeenschap moet opkomen. Het denkbeeld ten aanzien van bijvoorbeeld arbeid; waar niet is daar maak je het desnoods. Dat was zeker aanvaardbaar.
Als we kijken naar de eerste 7 jaren van het bewind van deze par­tij in Duitsland, dan kan worden gezegd dat de doorsnee‑Duitser er ge­lukkiger door leefde en er beter aan toe was, met uitzondering van en­kele vervolgde groepen van minderheden. Als je dit nu ontkent en je gaat het geheel bestrijden, dan zul je vaak zeggen: die methode is on­juist want ze komt daar en daar vandaan. Het gaat hier echter niet om waar de methode vandaan komt. Het gaat erom of ze onder bepaalde omstandigheden toepasbaar is en of ze rede­lijk enig nut kan produceren. Dit hele systeem zien we in de hele wereld.

Er zijn de gekste dingen gebeurd in de laatste tijd. Er zijn mensen geweest die hebben gezegd: wij hebben zoveel werklozen, de gastarbeiders moeten allemaal maar weg. Daarbij hebben ze niet gevraagd hoe ze weg kon­den komen maar ze hebben eenvoudig gesteld: jullie gaan, anders gaan jullie de gevangenis in. Wat eruit is voortgekomen, is een drama voor heel veel mensen, dat geef ik toe. Toch zit er in de visie ergens iets goeds, namelijk de vraag of je als staat niet eerst verplicht bent voor je eigen staatsburgers te zorgen voordat je gaat zorgen voor anderen. Zo ziet u, alle dingen hebben twee kanten en dat is hier zeker het geval.

Op het ogenblik dat je eenzijdig gaat denken en reageren, komt het evenwicht al in gevaar, het gaat wankelen. Op het hoge koord heb je dan een balanceerstok nodig. Op het lage koord kun je het al af met een parasol, maar iets heb je nodig. Niet dat het op zichzelf een hou­vast is maar het is iets waardoor je als het ware met kleine bewegingen verschuivingen in het evenwicht gemakkelijker kunt corrigeren. Daarvoor heeft men dan het ideaal, de visie, het geloof. Maar het geloof op zich­zelf is niet voldoende. De balanceerstok is niet genoeg als de man die de balance moet maken, niet in staat is om zelf zijn evenwicht voortdurend in de gaten te houden.

Datzelfde geldt ook voor de mens in de huidige tijd. Vindt u niet dat het een erg onevenwichtige tijd is? U moet eens opletten wat voor vreemde dingen er gebeuren.
Ongeveer drie dagen geleden kwam er in de Nederlandse bevolking gemiddeld 70 keer meer maag‑ en buikpijn voor dan normaal. Ik heb daar­in ook bepaalde darmklachten meegerekend. Dat is een periode geweest van twee dagen, daarna was het voor de meeste mensen voorbij. De klachten hebben gelopen van zeer felle pijnen tot lichte misselijkheid. Hoe komt dat?
Wel, er zijn invloeden om ons heen die de mens beïnvloeden. Een astroloog zou het waarschijnlijk uit de stand van de sterren kunnen verklaren. Maar is het niet veel verstandiger te zeggen: er zijn zekere tendensen die ons, zelfs lichamelijk, zodanig beïnvloeden dat de kans op een onevenwichtigheid van een bepaalde soort verveelvoudigd wordt. In het genoemde geval verzeventigvoudigd.

Je vraagt je af wat kan ik er tegen doen? Hoe kan ik ervoor zor­gen dat dergelijke invloeden mij niet raken? Je voelt het in de eerste plaats wel van binnen aan wat er precies gaande is. Je weet het misschien niet zeker maar je voelt het heus wel aan. Als je aanvoelt dat er in een bepaalde richting een storing op­treedt ‑ lichamelijk of geestelijk ‑ dan moet je als het ware een beetje tegen de wind leunen. Dan raak je je evenwicht veel minder snel kwijt. Vooral als je er rekening mee houdt dat die invloed weer kan wegvallen en dat je dan toch weer in de oorspronkelijke evenwichtspositie verder moet gaan. Deze manier van reageren noemt men wel eens de positieve cor­rectie. Een positieve correctie is, zeker als het gaat om invloeden om je heen, geestelijke factoren in jezelf, een vooruit aanvoelen van de moge­lijkheden en daarop een corrigeren al voordat het feit plaatsheeft. Je bent dus voorbereid voordat er iets gebeurt.

Een ander eigenaardig verschijnsel heeft zich ook in de laatste tien dagen voorgedaan. Het waren ongeveer vijf dagen met een top van circa 7 à 8 uren die hier in de nacht vielen. In deze periode namelijk werden heel veel mensen opeens bezocht door allerlei vreemde dromen, spookver­schijnselen, vreemde waarnemingen, onbegrepen suizingen in de oren en dat soort dingen. Hoe komt het dat de gevoeligheid opeens groter is? Het was eigenlijk een kwestie waarin onder meer de luchtdruk, een lichte verandering in de luchtelektriciteit een rol speelden maar daarbij ook een zekere kosmische invloed. De gemiddelde gevoeligheid van de mens werd vertwee‑ tot vervijfvoudigd, dat was afhankelijk van de mensen zelf en hun innerlijk evenwicht. De belevingen zijn door heel veel mensen een­voudig terzijde gezet. Ze wilden er maar liever niet over praten. Anderen hadden alleen een slecht humeur. Het komt veel voor dat mensen iets dergelijks in een slecht humeur afreageren. Slechts enkelen heb­ben gezegd: ik heb zo vreemd dit of dat meegemaakt. Wat is er aan de hand?

Er zijn invloeden waardoor onze gevoeligheid voor een werkelijkheid, die normaal niet wordt geconstateerd, groter wordt. Er ontstaan dan al­lerlei invloeden die misschien vergelijkbaar zijn met een drie‑dimensionaal wezen dat in platland optreedt. Platland is een twee‑dimensionale wereld waarin een drie‑dimensionaal voorwerp zich beweegt. Dan krijg je de gekste verschijnselen.

Uw geest behoort niet tot deze wereld. Datzelfde geldt voor uw astraal lichaam. Het behoort tot een ander niveau van bestaan en daardoor ook tot een ander aantal gevoeligheden. Daardoor bent u ontvankelijk. Naarmate de verbinding tussen uw geest, uw astraal, bepaalde voertuigen en uw lichaam sterker is, zullen de verschijnselen u heviger beroeren. Heel vaak wordt dat mede beïnvloed doordat uw lichaam, door welke omstandigheid dan ook, tijdelijk wat zwakker is. Hoe zwakker de lichamelijke reacties namelijk worden, des te sterker geestelijke reacties kunnen doordringen, indien de omstandigheden gunstig zijn.

Nu lijkt het zo gemakkelijk te zeggen: die verschijnselen hebben we allemaal gezien, of wij hebben het gehoord, of misschien is het mij niet overkomen, maar ik heb bij anderen wel het een en ander daarvan gemerkt. Het is nu eenmaal zo, laten ze verder gaan.
Daar dan scheppen we weer een situatie waarmee we proberen om de eigen manier van denken zo sterk door te voeren dat de hele werking, die met de andere werkelijkheid gepaard gaat, wordt ontkend of op een totaal andere manier wordt uitgelegd. En dan ontstaat er weer de verstoring van evenwicht. Dat moeten we niet hebben. Wij moeten positief blijven. Wij moeten ons evenwicht weten te bewaren.

Wat doe je daaraan? Dergelijke invloeden kunnen niet in zuiver stoffelijke termen worden vertaald of verklaard. Begrijp dat goed. Uw poging om het zuiver stoffelijk uit te leggen, zal altijd leiden ofwel tot raadselen waar u niet uit komt, dan wel tot interpretaties die fout zullen blijken te zijn en die u vaak ertoe brengen uw evenwichtigheid op stoffelijk terrein of uw evenwicht met uw omgeving te verstoren. Doe dat dus alsjeblieft niet.

Wanneer dergelijke invloeden kenbaar worden, begin u erop voor te bereiden dat er meer van de verschijnselen zullen optreden. Reageer op die verschijnselen niet of reageer daar alleen op vanuit een stoffelijk standpunt. Bijvoorbeeld door, als een stem iets tegen u zegt, te antwoorden: zeur niet of praat duidelijker.

Dromen zijn een beetje bedrog en zijn een beetje werkelijkheid. Als u met die droom bezig blijft, dan zou u daardoor wel eens precies een stukje werkelijkheid kunnen voorbij lopen dat toch heus van belang is. Probeer niet de droom toe te passen op de stoffelijke werkelijkheid. Als ze u blijft achtervolgen, noteer haar zodat u ze als het ware naast u kunt neerleggen. Dit helpt heel vaak om er vanaf te komen.

Als u gestoord meent te worden of gestoord wordt door entiteiten die in uw omgeving zijn (dat komt wel eens voor), dan is het:

  1. verstandig te erkennen dat dit het geval is
  2. uit te maken of u het contact wenst of niet
  3. u bewust open te stellen zonder daaraan een voorwaarde of een verwachting te verbinden, dan wel uzelf af te sluiten door u sterk te concentreren op zaken die niets met het geestelijke te maken hebben. Als een geest u lastig valt met influisteringen en u wilt ervan af komen, dan begint u maar met de tafels van vermenigvuldiging op te zeggen voordat u aan 64 x 64 bent ge­komen is het zeker voorbij.

Daarmee heb ik een paar dingen gezegd over het paranormale dat in deze periode optreedt.

Wanneer ik nu een periode van ongeveer 10 dagen geleden neem met een duur van circa 7 dagen, dan kun je zeggen: ja, er zijn dus invloeden om mij heen die dat sterker of minder sterk maken. Wetend dat deze zaken altijd periodiek optreden, moet ik proberen mij op deze periodiciteit in te stellen. De invloed van deze geestelijke gebeurtenissen, inclusief droombele­vingen etcetera, zal zich waarschijnlijk weer herhalen over (vanaf dat punt gerekend dat het optrad) 27 dagen, dus over 17 à 18 dagen (ca. 20 febr.) De kans dat u dan waarnemingen doet, is groter dan normaal.

  1. Laat u er niet door storen.
  2. Als u contacten wilt opnemen, kunt u dat juist in deze periode zeer bewust doen door u te concentreren op de voorstelling die voor u de uitdrukking is van een persoon of van een wereld. In beide gevallen zult u hierdoor de mogelijkheid van contact met de an­der of het andere bevorderen. U krijgt dan ongetwijfeld antwoord. Maar alweer, deze antwoorden zijn nooit volledig. Ze zijn nooit helemaal om te zetten in zuiver stoffelijke aanwijzingen, richtlijnen of feiten. Begrijp dat ze voor een deel symbolisch blijven.

Nu zijn er ook nog andere invloeden die binnenkort zullen optreden. De laatste periode dat die optraden was kort voor kerstmis. In zo’n tijd voel je je bijzonder sterk geladen, je hebt veel kracht. Er is ergens een energie die vreemd genoeg niet lichamelijk is maar die soms voert tot lichamelijke onrust. Een dergelijke periode maakt duidelijk dat je over kracht beschikt die je moet gebruiken. Ook hier is het heel goed om die kracht niet in haar wezen te willen omschrijven. Je kunt dat stof­felijk toch niet voldoende doen.

Wat kun je wel? Je kunt je voorbereiden, als je voelt dat die kracht aan het oplopen is, op het gebruik ervan. Het gebruiken van dergelijke krachten betekent altijd die kracht ergens heen projecteren. Hoe meer je die kracht in je blijft behouden, des te groter de spanningen worden, maar ook des te groter je eigen onzekerheid, je wordt er onevenwichtig door.
Als je die kracht echter kunt compenseren door ze ook ergens naar­ toe te stralen, al is het maar om een mens te genezen, iemand gelukkig te maken of desnoods de een of andere staatsman een goede verkoudheid te bezorgen, dan zul je zien dat, alleen door de poging tot uitstraling, ongeacht of er resultaten zijn of niet, je dat evenwicht herwint.

Er bestaat in de mens een krachtevenwicht dat in feite is gebaseerd op zijn ziel plus de hoogst ontwikkelde geestelijke voertuigen. Voertuigen die dormant zijn, gelden dus niet in dit geval.
Het hoogste geestelijke voertuig heeft een eigen niveau van energie. Dat kunt u vergelijken met een waterpeil. Als er op het hoge niveau alleen maar een halve centimeter bijkomt, dan krijgen we beneden, als we een lei­ding maken met een fontein en zeggen: dat is de stof, een drukverhoging die aanmerkelijk groter is. Als we dat in de termen van een fontein willen vertalen, kunnen we zeggen: de straal wordt bijna tweemaal zo hoog.
Wat ik beneden aan geestelijke krachten tot uiting probeer te brengen, kan niet worden bepaald volgens stoffelijke waarden maar is afhankelijk van de situatie en de toestand waarin mijn hoogst bewuste geestelijk voer­tuig zich bevindt.

Om mijn voortdurend zelfbalanceren tussen de reële menselijke wereld, zoals wij die zien en de geestelijke werkelijkheid, zoals die zich ook in de menselijke wereld manifesteert, te voorkomen, zullen wij die kracht dus een uitweg moeten verschaffen. Wij kunnen dat op twee manieren doen. Wij kunnen algemeen uitstralen of wij kunnen gericht uitstralen. Daar algemeen uitstralen voor de meeste mensen niet zo gemakkelijk is, beveel ik het gericht uitstralen van krach­ten aan.

Dan zitten we weer met een moeilijkheid, want ook als je bezig bent met geestelijke krachten is het altijd een acte de balance wanneer je in de stof leeft. Je weet namelijk niet precies wat er gaande is. Je hebt maar een smalle lijn die je heel precies moet volgen, anders maak je een smak, dan gaat het niet. Dan zit je met onverwachte gebeurtenissen en vaak met met een beetje schade. De volgende regeltjes zijn misschien bruikbaar.

  1. Alle kracht en alle inwerking die ik ontvang, behoort mede tot mijn wezen. Maar dat deel ervan wat ik niet kan verwerken, zal altijd vanuit mijzelf tot uiting moeten komen. Boodschappen die u ontvangt en niet begrijpt, kunt u naast u neerleggen, maar het is meestal beter als u op de een of andere manier de zaak van u afwerkt. U kunt het neerschrijven, u kunt het uitpraten, u kunt het ook proberen te zien als iets waarmee u een ander misschien tijdelijk kunt belasten, dat u het naar een ander overscha­kelt. Of u dat feitelijk doet is niet zo belangrijk. Het feit dat u de poging doet, betekent dat uw eigen evenwicht wordt hersteld.
  2. Er zijn buiten ons allerlei krachten ‑ sommige van stoffelijke, sommige van andere aard ‑ die bepalend zijn voor de invloeden die ons bereiken. Ook als wij een spoorboekje zouden kunnen samenstel­len van deze krachten, dan zullen wij nooit precies weten wat ze voor ons doen, daar die krachten niet inwerken volgens stoffelijk algemene normen maar ten dele op de lichamelijke, ten dele op de geestelijke structuur van onze eigen persoonlijkheid zijn afgesteld.Wij moeten ons ervan bewust maken dat invloeden kunnen optreden. Wij moeten gewoon als het ware luisteren of we de trein horen aankomen. Dat kunnen we meestal het best, als we het oor op de rails leggen.Het oor op de rails leggen, wil niets anders zeggen dan dat je regelmatig, al is het maar eens per dag of eens per twee dagen, je concentreert en probeert aan te voelen welke invloeden er op dit moment in groeiende mate aanwezig zijn. Dat ‘groeiende’ met nadruk, want datgene wat minder aan het worden is, dat interesseert ons niet, dat hebben we al voor groot gedeelte achter ons.
  1. Weten we eenmaal welke invloed wij verwachten, dan gaan we daar niet over praten, maar we houden rekening met het feit, dat hierdoor ons normaal evenwicht iets verstoord kan worden. Alleen het feit dat we weten dat dit kan gebeuren, bereidt ons voor op een snel reageren wanneer het gebeurt.

Ik heb u een paar regeltjes gegeven voor de manier hoe u de zaak van u af kunt zetten. Als u daar echter een bewust gebruik van wilt maken (dat zijn dus twee voorwaarden), dan is dat op de volgende wijze mogelijk. Als u een kracht voelt aankomen, bewaart u uw evenwicht als is be­schreven maar probeer na te gaan of de kracht in u een zekere spanning veroorzaakt. Pas als die spanning werkelijk voelbaar is, kunt u haar rich­ten op elk door u te kiezen doel. Doe dit nooit door de kracht een bevel te geven. Doe het altijd door een voorstelling op te bouwen en te zeggen: Dit is het punt waarop die kracht zal terecht komen, of waar die invloed zich gaat manifesteren. Op deze manier kunt u dus naar keuze een aantal invloeden werkzaam doen worden.

Misschien klinkt het allemaal een beetje duister. Want zoals al is gezegd, soms is het een balanceerstokje dat je gebruikt, soms is het een geloof, een ideaal of iets anders. Het zijn namelijk die denkbeelden waardoor je, onafhankelijk van de invloeden, een bepaalde richting een lan­ge tijd kunt aanhouden. Als je een ideaal ziet als iets wat moet worden waargemaakt, dan zit je verkeerd. Idealen zijn niet waar te maken, anders zouden het geen idea­len zijn. Maar als je een ideaal koestert omdat het je duidelijk maakt op welke manier je wilt leven, je je wilt ontwikkelen, op welke daden en ge­beurtenissen je de nadruk wilt leggen, dan is het een richtlijn. Het maakt duidelijk op welke manier je de balans wilt bewaren.

Met geloof is het precies hetzelfde. Als je gelooft in een God en een goddelijke rechtvaardigheid, als je gelooft in een goddelijke invloed, een goddelijke kracht, dan is het geloof daaraan voldoende om in de feiten, ondanks alles, evenwichtig te blijven.

Nu is dit allemaal heel mooi, maar het heeft een nadeel. We zijn geneigd om een ideaal, een godsdienst enz. als absolute waarde te be­handelen. Dit is niet juist. Als we kijken naar de wereld op dit moment, dan zien we ontzettend veel ontwikkelingen. Er wordt ontzettend veel gepraat. Er moet weer gekozen worden in Duitsland. In Nederland staat de regering voor vele moeilijke taken en keuzen. In Engeland is het ook al donderen. Reagan weet ook niet welk doekje hij nu weer voor het bloeden moet ge­bruiken. Wat is er achter de schermen eigenlijk aan de gang? Pas als we dat begrijpen, kunnen we het wereldgebeuren beter begrijpen.

Om een voor­beeld te geven: Een groot gedeelte van de hele propaganda‑oorlog die er tussen de twee belangrijkste staten rond de Atlantische Oceaan speelt, wordt be­paald door geheime inlichtingen. Er zijn geheime netten opgebouwd. Er zijn daarnaast interpretatiediensten waardoor men voortdurend meent te weten wat een ander denkt, doet of gaat doen, ook als dat niet pu­bliek wordt gemaakt. Op deze manier speelt in de hele wereld diplo­matie zich af op een niveau dat de doorsnee­mens niet eens begrijpt. Laat mij weer een voorbeeld geven.

In Nederland is er op het ogenblik wat rumoer over een mijnheer Herrenberg, een Surinamer. Hij vindt dat de Nederlanders het anders zou­den moeten doen. Dat is iets wat voor de Nederlanders natuurlijk onver­teerbaar is. Waarom reageert die man de laatste tijd zoals hij doet? Omdat dingen, die voor hem zeer belangrijk zijn, worden bedreigd als hij zich anders zou opstellen. Pas als wij weten welk pressiemiddel wordt gebruikt, kunnen wij beoordelen wat de betekenis is van hetgeen hij zegt en doet. Kunt u het met mij eens zijn? Zo is het in de hele wereld. Als wij een oordeel vellen op grond van iets wat die man op een gegeven ogenblik heeft gezegd of doet, dan zeggen wij: wij weten het. Maar wij zijn dan niet meer in balans. Wij verstoren zelf het evenwicht met de werkelijkheid. Ditzelfde geldt in de internationale politiek maar ook in de economie.

Als bijvoorbeeld bepaalde ontslagen in Nederland onontkoombaar worden geacht, dan zal men zich moeten realiseren dat die onontkoombaarheid mede wordt bevorderd door het feit dat men op dit moment ‑ zij het via via ‑ al van plan is een deel van de productie te verleggen naar een van de goedkope-loon-landen, ook als het echte Nederlandse firma’s betreft. De achtergronden kennen, dat is eerst begrijpen wat er zich afspeelt.

Hoe kunt u geestelijke achtergronden kennen? De werkelijke geeste­lijke achtergrond, die voor u belangrijk is, is uw eigen denken, uw eigen leven. Wat zijn de dingen die u in deze tijd het meest benauwen en waarom? Probeert u dat nu eens niet te beredeneren. Misschien vindt u dat André Hazes een grote ster is. Misschien vindt u ook dat het een kwal is die per ongeluk kan zingen. Ik geef nu maar een voorbeeld. Ik had net zo goed een ander kunnen nemen.

Uw visie is in dit geval, geestelijk gezien, belangrijk, niet de fei­ten. De feiten zullen heel anders liggen dan volgens uw oordeel het ge­val zou moeten zijn. De manier waarop u oordeelt, zegt namelijk iets over de manier waarop u reageert. Het zegt iets over uw innerlijke drijfveer die u misschien niet helemaal bewust kunt beleven of beseffen. Het zijn die innerlijke drijfveren die bepalend zijn voor onze gevoeligheid ten aanzien van kosmische krachten. Het zijn deze vaak onbewuste drijfveren die mee bepalen in hoeverre en op welk terrein wij vatbaar zullen zijn voor in­vloeden die uit andere werelden of sferen tot ons komen. Denk niet dat dat alleen op aarde zo is. Dat geldt zelfs voor de sferen.

Wij moeten uitgaan van hetgeen wij zelf zijn. Weet wat het wereld­beeld is. Wat zijn uw angsten, wat zijn uw begeerten. Deze dingen kunnen van het grootste belang zijn om te begrijpen wat die krachten om u heen met u doen en ook hoe u dat kunt voorkomen.

U leeft in een innerlijke werkelijkheid die sterk afwijkt van alles wat er bestaat. Er is eens iemand geweest die heeft gezegd: Alles wat de mens denkt dat er is, is er niet omdat hij dat wat er is, niet kan zien en niet kan aanvaarden en dus liever denkt dat er iets anders is. Misschien wat overdreven, maar niet geheel onjuist.

Onze wereld wordt bepaald door onze onbewuste gevoelens. De invloeden van vorige incarnaties en datgene wat ons onbewust contact met geestelijke werelden op dit ogenblik teweeg brengt, bouwen samen onze wereld op van angst, van begeren en vormen daarmee tevens onze af­stemming op elke invloed van buitenaf die ons beroert. Dit gaat zover dat zelfs uw interpretatie van zuiver stoffelijke, schijnbaar redelijke en logische ontwikkelingen hierdoor mee wordt beïnvloed, terwijl alles wat geestelijk is of minder gemakkelijk concreet te benaderen, zelfs vol­komen hierdoor wordt beïnvloed en vertekend.

Weten dat het zo is, betekent nog niet dat je het kunt opheffen. Maar het betekent wel dat je, uitgaande van dit wereldbeeld en zonder te denken dat het identiek is met de werkelijkheid buiten, je dit kunt gebruiken om je eigen krachten te richten op een voor jou zo zuiver mogelijke manier. Alleen moet je dan altijd positief reageren. Positief wil zeggen: wel iemand gezond willen maken, niet iemand ziek willen maken. Wel iemand troost en en rust, vrede en inzicht wil­len geven, maar niet proberen iemand, op welke manier dan ook, uit te schakelen of zijn levenskracht, zijn verstand of wat anders, te beïnvloeden.

Positieve reactie. Wanneer geesten u benaderen, positieve reactie. Wees blij dat het gebeurt en als u het niet begrijpt, wacht dan maar rustig af. Het is niet gemakkelijk, ik geef het toe. Maar het is wel de beste manier. Zoals het ook op aarde veel beter zou zijn als de mensen dit hele wereldgebeuren nu eens niet aan de hand van allerlei openlijke publi­caties en toespraken zouden beoordelen, maar zouden leren af te gaan op de werkelijke feiten en achtergronden, op die geheime manipulaties en deze handigheidjes die worden uitgehaald  en al wat daarmee samen­hangt. Dan zou je pas werkelijk begrijpen wat er aan de hand is. En dan blijkt heel vaak dat iets wat je nu veroordeelt, gezien al dat andere., eigenlijk erg goed is. En dat dingen die je nu bejubelt, eigen­lijk helemaal verkeerd zijn omdat ze bedoeld zijn als een aanloop tot het tegenovergestelde.

Als u dat in de gaten houdt, dan zult u uw eigen wereld misschien wat neutraler bekijken. U zult daardoor zelfs een acte de balance kunnen uitvoeren die anders bijna onmogelijk zou zijn zonder smak na smak te maken. U kunt leren alle beïnvloedingen uit de geest die u beroeren, positief te verwerken, daarbij al datgene wat voor u werkelijk belangrijk is, in en door uzelf werkzaam makend en gelijktijdig alles waar u geen raad mee weet te compenseren door het van u af te projecteren desnoods naar een andere we­reld, naar een dood ding of wat u dan ook maar vindt.

U ziet het, ik heb niet zonder reden boven dit onderwerp gezet: acte de balance. Het is namelijk de aloude aanduiding voor alle prestaties van koorddansers en evenwichtskunstenaars. In de moderne wereld met haar bijna stoffelijk wetenschappelijk denken, in vele opzichten met haar absoluut vertrouwen in cijfers die de werkelijkheid nooit geheel weergeven, moet je wel voortdurend je evenwicht kunnen corrigeren. Dat moeten de sta­ten doen, dat moeten politici doen, dat moeten beambten doen, dat moe­ten gewone mensen doen. En als het niet mogelijk is dit op redelijke gron­den te doen, kunnen we altijd terugvallen op onze gevoeligheid en ons voorbereiden op een komende storing zonder in de reactie reeds nu te reageren op feiten die nog niet bestaan, want ook dan verliezen wij het evenwicht.

Uw snelheid van reactie, geestelijk en anderszins, is over het al­gemeen groot genoeg. Het heeft namelijk niets te maken met uw lichame­lijke reactievermogen. Mentaal kunt u doorgaans snel genoeg reageren. Geestelijk is snelheid zelfs praktisch noodzakelijk voor reactie want de geest leeft nu eenmaal in een tijdsversnelling ten opzichte van de mens. U behoeft dus niet bang te zijn dat u uit het lood wordt geslagen. Maar u moet u voorbereiden op het behouden van uw evenwicht.

Als iedereen in de wereld daarmee bezig zou zijn, dan zou als van­zelf een verbetering van vele situaties tot stand komen. Economisch zou er ongetwijfeld nog het een en ander blijven gaan, maar het zou zich sneller herstellen. Dan zouden ook vele politieke tegenstellin­gen kunnen worden opgelost en tot een samenwerking komen die wél re­sultaten oplevert. En dan zou een schijnbaar krankzinnige machtsstrijd om dominantie over de wereld te verkrijgen, misschien kunnen overgaan in het begrip dat men alleen met anderen samen iets kan presteren.

Ik hoop dat u dan ook bereid bent om deze balanceerkunstaanwij­zingen mijnerzijds niet alleen te beschouwen als een aardig lesje, maar daar praktisch uit zou willen putten, juist op die ogenblikken dat u zelf daarmee te maken krijgt. Vergeet niet, de voorbeelden hebben het getoond: wanneer een maagpijn optreedt, dan kunt u daar iets tegen doen. De schuld ligt niet alleen aan uw lichaam, het ligt wel degelijk aan invloeden buiten u die optreden.

Als geesten of spoken u belagen, u kunt er zelf iets aan doen door op de juiste manier te reageren en u vooral niet uit uw even­wicht te laten brengen.

Als de wereld krankzinnig doet, dan moet u maar denken dat ze al zolang krankzinnig heeft gedaan zonder dat er veel is veranderd. Uw tijd zal het wel duren. Daarom behoeft u zich met de wereld niet bezig te houden maar alleen met die dingen ten aanzien van en in die wereld waarmee u zelf iets tot stand kunt brengen.

Ik hoop dat dit onderwerp voor u interessant en belangrijk ge­noeg is geweest. Het is in ieder geval hiermee ten einde.

Troost

Wanneer ik bedroefd ben en ik besef dat ik in mijn bedroefdheid niet alleen ben, dan voel ik mij al getroost. Troost is eerder de aanvaarding van je lijden, een begrip daar­voor, een zeker houvast in je eigen onbestemdheid, dan dat ze een feitelijke werking of kracht betekent.

Als wij kijken naar een wereld waarin zo ontzettend veel gebeurt, dan voelen wij ons soms wanhopig. Als wij dan omhoog schouwen en beseffen dat er andere krachten en werelden zijn, dat er na dit leven een ander leven zal volgen, dan voelen wij ons ook daardoor getroost. Troost laat ons inzien dat hetgeen waardoor wij lijden, hetgeen waarover wij in droefenis gehuld zijn, van voorbijgaande aard is en on­belangrijk. Troost is de stimulans tot leven, daar waar je door eenzijdigheid van gevoelen en denken verdoofd meende te zijn, dat het leven geen zin had. Troost geven aan een ander, is een ander een helpende hand reiken opdat hij zijn eigen weg kan vervolgen. Getroost worden is altijd weer het terugvinden van krachten die je wel hebt bezeten maar die je tijdelijk had vergeten.

Daarom, troost hen die bedroefd zijn opdat zij zichzelf hervinden. Aanvaard de troost van anderen omdat zij, in hun pogingen om u te helpen, u misschien die ene stimulans kunnen geven waardoor u verdergaat. En als u geen troost weet te vinden in uw wereld, kijk diep in uzelf en zoek naar het licht dat daarin schuilt, want daar vindt u een zeker­heid van eeuwig zijn, van niet beperkt leven. Deze op zichzelf is voldoende om het gebeuren in de tijd wat minder zwaar te nemen en wat vreugdiger uw weg verder te volgen, ongeacht datgene wat ze u soms te dragen geeft.

Sigaret

Fel begeerde witte staaf, verkrinkelend in rook en vullend ‘s mensen wezen met vieze zwarte smook. Wat zijt gij eigenlijk anders dan begeerte, ontketend in het zijn, brengend slechts ziekte, moeite en pijn? Begeren, de lust, de honger ongestild, zij doen u voortbestaan, maken u tot wrede werkelijkheid, wat waan moest zijn in tijd.

Sigaret, gij zijt een beeld van ‘t zonderlinge spel dat de mensheid speelt met de oneindigheid. Mensheid, in begeren niet vragend wat belangrijk is, maar nemend wat zij krijgen kan, opdat zij eindelijk vol, zich zeggen kan “Straks grijp ik het begeren weer hernieuwd.”

Begeren blijft, maakt ‘t denken dol, verterend soms een heel bestaan. En toch, wat is de zin? Wat blijft, als de sigaret in rook is opgegaan? Slechts louter as.

Zo is het onbeheerst begeren dat in een mens soms leven kan, kracht die verteert tot as in ‘t ik, niet meer. Toch vindt uit het begeren, misschien de mens zichzelve weer, om te beseffen wat de werkelijkheid kan zijn. Nemend wel, maar meester van ’t begeren, wat het ogenblik u biedt.

En toch verwerpend wat niet past, opdat niet in het niet, maar in het licht het ik ontwaakt.

Zo, sigaret, wanneer de wilskracht eens uw keten heeft geslaakt, zijt gij symbool van menselijk zijn, dat heersend opwaarts stijgt.