Invloed van de Nieuwe Wereldleer

11 november 1992

Zo, goedenavond vrienden. Hoewel we vandaag ‘en petit comité’ zijn, wou ik u toch nog even  in herinnering brengen.  De geest is ook niet alwetend of onfeilbaar, het is dus belangrijk dat u zelf nadenkt

De invloed van de Nieuwe Wereldleer.

Tja, dat is een wat moeizame kwestie. De wereldleraar heeft een bepaalde praktische leer gebracht. En een praktische leer, die kun je op verschillende manieren verankeren. Hij is onder andere verankerd in de houding, het denken van de mensen, van zeg het nabije Oosten en het wat verdere Oosten heeft zelfs invloed gehad in een gebied als China. En zijn leer, die eigenlijk meer een gedragsleer is, maar ook een praktische leer, breidt zich onmerkbaar overal uit. Alleen, het is niet de leer van de wereldleraar. En dat is begrijpelijk. Daar waar een profeet opstaat, daar krijgt die profeet volgelingen, die vervolgens hun eigen visie de profeet in de mond proberen te leggen en zodra hij dood is, beginnen met iets totaal anders dan de man had bedoeld.

Kijk Jezus. Jezus wil gewoon naastenliefde, medemenselijkheid. Hij wil dat de mensen voor elkaar opkomen, dat ze voor elkaar zorgen. En dan komen er een paar bekeerlingen, Paulus gaat op reis, dat was ook een tamelijk driftig mannetje. En voor we het weten, is er eigenlijk een soort godsdienst ontstaan met gezag, met leergezag, wat later ook nog met dogmata. En wat is er overgebleven van het christendom? Het zieltjes redden door de inquisitie? De wereldleraar heeft dit voorzien en is dus ook maar enkele malen openbaar opgetreden. Hij heeft zijn werk altijd, zullen we zeggen, achter de schermen verricht, waar dat mogelijk was.

Zijn denken is betrekkelijk eenvoudig. ‘Je kunt gebruik maken van alle middelen die er zijn, mits je dat niet doet ten laste van anderen’. Nou, dus niet zeggen: ‘ja, maar techniek is verwerpelijk, ik ga wel lopen’ en niet zeggen: ‘ik weet het zo goed en iedereen heeft maar naar mij te luisteren’, maar gewoon: ‘gebruik maken van de mogelijkheden die je vindt, degene zijn die je innerlijk voelt te zijn en van daaruit verder gaan met voor anderen de wereld beter te maken, zónder dat je hem daarmee gelijktijdig ook belast.

Vrijheid is het grootste goed op aarde en de vrije wil van de mens, hoe beperkt dan ook, is uiteindelijk de gave die hem tot mens maakt. Hij werd door zijn instincten niet noodzakelijkerwijze gedreven, hij kan zijn instincten als het ware richten en meesteren. En de wereldleraar wijst daarop. Hij zegt: ‘je moet geen grote organisatie stichten, je moet gewoon samenwerken’.

Ja en dat is in deze tijd niet populair, dat zult u begrijpen en daarom is het misschien maar goed dat het sub rosa blijft. Hij heeft gezegd: ‘een filosofie kan nooit de basis zijn waarop je de werkelijkheid benadert’. Nou, de meeste zogenaamde werkelijkheden van deze dagen zijn nu eenmaal opgebouwd, zoals u weet, uit filosofieën. Bijvoorbeeld China. Het gaat China goed en er komt inderdaad steeds meer vrijheid voor de burger om op zijn eigen wijze te leven en te werken. Gelijktijdig echter blijft er het industrialiserend leergezag van Lenin en het revolutionair gezag van Mao gehandhaafd. En dat betekent dat alles op een bepaalde manier geduid moet kunnen worden. En als dat niet kan, dan is het ineens verwerpelijk.

Ik geloof dat de wereldleraar dat voorzien heeft en zijn systeem heeft laten infiltreren in bepaalde cursussen zelfs, zoals die op het ogenblik op sommige highschools, en universities in de Verenigde Staten worden gegeven. Hij is doorgedrongen in, wat je kunt zeggen, het lagere partijkader van China. Hij heeft wel degelijk geprobeerd invloed uit te oefenen op de onderlinge verhouding tussen de verschillende stammen in India. Niet altijd met groot succes, want er zijn er bij die hun eigen meerwaardigheid aan de grote kwaliteiten van hun geloof natuurlijk zullen verdedigen tegen iedereen en alles. Zij dulden niet. Je moet leren dulden. Het anders zijn van de ander is zijn recht. Het is niet jouw taak om uit te maken wat de ander moet zijn. Het is je taak om te zijn wat je kunt zijn voor jezelf én voor die ander.

En ik geloof dat daarin eigenlijk gelijktijdig ligt wat er gaat gebeuren. Organisaties worden steeds meer topzwaar, d.w.z. dat zij steeds minder werkelijk gezag bezitten. En toch zijn er regels nodig en die regels vinden we dan terug in die eenvoudige samenwerking, die gezagsverhouding, die de nieuwe wereldleraar heeft gebracht. En naarmate politiek, kapitaal en ongetwijfeld ook religieuze voorkeur toenemen in de wereld, is het meer noodzakelijk dat er een achtergrond is die deze zichzelf vernietigende instanties kan vervangen. Misschien zullen velen in deze dagen denken: ach, of de wereldleraar was een groot filosoof of hij was een anarchist. Ik denk dat hij geen van beiden was. Hij was iemand die de mens wilde proberen voor te houden hoe je werkelijk mens kunt zijn. En ik denk dat daardoor die invloed nog heel wat tijd zal aanhouden, maar dat ze niet het karakter kan krijgen van een godsdienst of van een systeem.

De wereldleraar wil geen systemen, hij wil nuchtere oplossingen. Hij wil niet dat men op aarde voortdurend met de hemel bezig is, maar hij wenst wel dat een ieder die op aarde wandelt, het begrip van de hemel in zich draagt en in zijn eigen wereld, hoe beperkt dan ook, terugvindt. Hij wenst niet dat alle verschillen worden uitgeblust, dat er een soort, ja, hoe moet je dat zeggen, coöperatie der mensheid ontstaat, met leiding, met vaste regels, met vaste beloningen en wat dies meer zij. Hij zegt: ‘samenwerking is een vrije zaak. En als je denkt: ik kan helpen, waarom zou je het niet doen? Vraag dan niet: wat krijg ik ervoor, maar wat kan ik doen?’ En op deze manier heeft hij zijn hele systeem eigenlijk, als je het al een systeem zoudt mogen noemen, ontdaan van de mogelijkheden je eraan vast te klampen.

En wat zijn de beste apostelen op aarde? De beste apostelen zijn mensen die een leer aanvaard hebben, omdat ze daardóór zich zelve verheven voelen boven anderen. En terwijl ze dan de leer verdedigen, zijn ze eigenlijk bezig hun eigen meerwaardigheid te bewijzen en gelijktijdig hun eigen gezag te vestigen. Het is duidelijk dat een leer die dat niet aanbiedt, op een andere wijze moet werken. Het moet een eenvoudige tip zijn: ‘je kunt gelukkiger zijn, je kunt gezonder zijn, je kunt beter zijn, wanneer je daarmee rekening houdt’. Dat is wat de wereldleraar heeft gedaan. En als u vraagt: ‘ja, hoe zal die invloed in de toekomst zijn?’, dan kan ik alleen maar antwoorden: in een verre toekomst zal veel van datgene wat hij heeft geleerd een algemene leefregel zijn voor de meeste mensen. Maar wat hij heeft geleerd, is gelijktijdig het valnet onder de balancerende kunstenaars der hoge idealen. Ze hoeven hun nek niet te breken, maar ze moeten wel ‘down to earth’ komen. Ik dacht dat ik daarmee voldoende had gezegd, maar….

Ik denk dat toch heel veel juist bestaande systemen en gezag kennende ideologieën zich hiertegen zullen verzetten, er niet naar zullen luisteren….Hebt u wel eens geprobeerd te vechten met een onzichtbare tegenstander? Dat is zeer moeilijk. En hier hebben wij niet te maken met iets wat áángevallen kan worden. Het is er, maar je weet niet waar het is. Het brengt waarheid, maar die waarheid is zo klaarblijkelijk, zo evident, dat je haar niet kunt aantasten zonder jezelf belachelijk te maken. Gezag, macht, is op het ogenblik het droombeeld van de wereld, dat ben ik met u eens. En iedereen zoekt dat op zijn eigen manier. De één die probeert contracten te maken met duistere machten, de ander haalt er engelen bij en er zijn er zelfs bij, die oude gebaarde heiligen opnieuw laten oprukken, zover zij niet aan de middenstand zijn verkocht. Binnenkort komt er weer een zo. Kijk, dat is heiligheid die bestaat uit een aangeplakte baard en een schijn van welwillendheid die onmiddellijk wegvalt, wanneer staf, mijter en mantel kunnen worden neergesmeten. En dat soort heiligheid stralen ook vele leermeesters en leraren uit.

Maar wanneer iemand mij iets zegt, wat voor mij waar is, dan kan ik er naar leven. Maar moet ik dan ook al die dingen gaan aannemen die hij zegt, die voor mij niet waar zijn? En daar zit je dus met het grote punt: het gaat niet meer om een systeem, om volgelingen, zelfs dat niet, het gaat gewoon om een verandering in de mens. Een mens die weer meer individu wordt, zich meer bewust wordt van zichzelf, zijn mogelijkheden, maar ook zijn verantwoordelijken. En ja, daar zullen heel veel van die systeempjes en godsdienstjes en wat er verder nog bestaat op dat gebied, erg ongelukkig mee zijn. Zoals ongetwijfeld vele regeerders ongelukkig zullen zijn, wanneer de Nederlanders uiteindelijk besluiten om eens zelf na te denken en zélf te bepalen wat zij al dan niet uit de beurs geven.

Want dan kan het systeem niet meer functioneren, o ja, het kan wel functioneren, maar het kan dan niet meer zó functioneren dat het ondoorzichtig is voor anderen. Kijk, en daar zit dan eigenlijk het knelpunt: die systemen kunnen zich wel verzetten tegen alles wat een aantasting lijkt van hun zekerheid of hun macht; maar kunnen ze zich ook verzetten tegen de erosie die hun macht langzaam maar zeker vermindert en wegslijt? En juist dit erosiesysteem is moeilijk, heel moeilijk te bestrijden, omdat het niet slechts op één terrein, maar op alle sociale, alle maatschappelijke terreinen gelijktijdig werkzaam is. En daarom denk ik dat er wel veel zijn die zich zullen verzetten, maar dat ze niet weten waar ze zich tegen moeten verzetten. En misschien is dat een slecht voorbeeld, maar er waren in, ik meen in Los Angeles of San Francisco, ik weet het niet precies meer, een aantal moorden. Wat bleek: ze waren niet op te lossen, omdat niet van een vaste methode werd gebruik gemaakt en omdat de dader – men nam aan dat het een enkele dader of enkele daders waren -, geen relatie had met de slachtoffers op welke wijze dan ook. En dan staat zo’n heel machtig politieapparaat met daarachter staatspolitieapparaten, FBI enzovoort, machteloos. Machteloos tegen een enkele mens, omdat hij geen systeem heeft. En kijk, daar ligt nu eigenlijk de macht, als ik het zo mag zeggen, van een leraar als de wereldmeester. Wat hij gezegd heeft, is vandáág bruikbaar om aan te tonen dat bepaalde sociale verhoudingen onjuist zijn. Maar morgen is het eveneens bruikbaar om te bewijzen dat bepaalde financiële praktijken onzin zijn. En overmorgen bewijst het dat de wijsheid van vele staatslieden bestaat in het geheimhouden van hun stommiteiten. En dát kun je niet pakken. Zoals op het ogenblik gouvernementen al hulpeloos beginnen te worden, wanneer een aantal mensen, die overigens wel eens gelijk hebben, vragen om dit of dat, een oproep doen om de aarde beter te behandelen, de ozonlaag minder te schaden, beter te zorgen voor de veiligheid van de voetganger op straat of, wat mij betreft, voor de wijze waarop men medemensen behandelt.

De absolute macht valt steeds meer weg. En wat dat betreft, zal een zekere heer Clinton ook nog wel last krijgen, want ook hij zal, of hij wil of niet, moeten erkennen dat hij de ambtelijke structuur van de USA niet kan blijven handhaven en gelijktijdig ook maar één tiende van zijn beloften waar maken. En ja, wanneer ik dit antwoord geef op uw opmerking, dan zal het u wel duidelijk worden dat hier inderdaad sprake is van iets wat je niet kunt pakken. Wat je niet kunt pakken, kun je niet bestrijden. Je kunt alleen proberen er iets anders tegenover te zetten. En in verschillende landen wordt dat geprobeerd door het aanmoedigen van een extreem nationalisme. Maar zoals de situatie ligt, is dat niet te handhaven. Het zal langzaam maar zeker over moeten gaan in een gevoel van: samen Europeaan, Aziaat, Amerikaan zijn. En dat bereik je niet één, twee, drie. Dus: de werkelijke binding van gezag met de burger wordt steeds zwakker. De afstand tussen burger en gezag wordt steeds groter, maar dan wordt ook gelijktijdig, mijn waarde vriend, de macht van het gezag steeds kleiner. Dat is datgene wat op het ogenblik zich in China afspeelt, dat is datgene wat zich indirect, zelfs in een klein land als Nederland, voortdurend sterker toont. Het is datgene wat een verandering afdwingt, die niemand van de machthebbers van het ogenblik wenst. Ditzelfde speelt in de kerk. Engeland heeft zojuist besloten dat voortaan vrouwen het priesterambt mogen bekleden in de anglicaanse kerk. Erg zuur natuurlijk voor degenen die altijd hebben gedacht: de plaats van de vrouw is achter de oven of in het bed. Maar in Rome klinken ook dergelijke klanken. Hoe lang denkt u dat het celibaat het nog houdt, zelfs als een bijna holle stelling?

Hoe lang denkt u dat de binding met een partij door religieuze visie of andere zaken te handhaven is, wanneer die partij in feite tegen haar eigen principes in zondigt? Daar ligt de werking waarop ik doelde: een uitholling van het bestaande, waarbij de onderlinge menselijkheid en samenwerking de enige mogelijke vervangende factor is voor de werkelijke behoeften die overal onder mensen bestaan. Voldoende?

*  Ik wil toch nog één vraag stellen: Denkt u – het is natuurlijk duidelijk dat de mensheid moet leren dat macht en bezit niet zo belangrijk zijn, slechts droombeelden -, maar denkt u dat de mensheid het droombeeld van bezit wel kan afleren? Hebzucht lijkt wel een bijna erfelijk bepaalde eigenschap in de mens.

Ja, bezit is een instinctieve waarde, bezitsdrang. Maar bezitsdrang hoeft niet te worden geprojecteerd op bijvoorbeeld handelsartikelen of op een geloof, of een nationaliteit. De drang om jezelf te zijn en een mate van eigendom te bezitten blijft altijd bestaan, maar dat eigendom is gereleerd in zijn betekenis aan de status die men eraan ontleent binnen een gemeenschap. Als rijkdom geen status meer geeft, dan zullen we plotseling mensen zien die bewust armoede kiezen, omdat dáár wel een statusbevestiging in te vinden is. En dat is iets wat men over het hoofd ziet. Bezit op zichzelf heeft alleen betekenis, wanneer het gaat om gebruiksrecht en gebruikswaarde. Bezit dat niet gebruikt wordt, is in feite onzin. Maar zolang je iets hebt en daar status aan ontleent: ‘jullie moeten toch eens komen kijken, zeg, ik heb weer een echte Knoedelboy gekocht; Knoedelboy, o, wist je dat niet, dat is die bekende Braziliaanse schilder, die alleen koffie in zijn verf doet…’ Onzin, zeker, maar dát is de betekenis van het bezit, van de luxe auto, van de grote villa. Dat is de betekenis van rijkdom: ‘ik heb miljoenen, ik kan mensen kopen’, maar als je geen mensen kan kopen, wat moet je dan met die miljoenen? Bezit is sterk gereleerd aan zekerheden die men eraan ontleent en is aan deze zekerheden voldaan, dan blijft alleen nog de status over. Wanneer je met bezit geen status kunt kweken, dan zul je je bezit beperken tot datgene wat voor jou rationeel, nodig, bruikbaar is. En dan zul je verder zoeken naar een andere methode om de erkenning van je medemensen af te dwingen. En als dat betekent: ‘behulpzaam zijn’, dan ben je behulpzaam. Of dacht u dat de patriciërs van Rome werkelijk zoveel respect hadden voor het vulgus? Nee, zij kochten eenvoudig de verering van hun persoonlijkheid door het gepeupel door hen brood en spelen te geven. En aangezien brood en spelen in deze tijd niet voldoende zijn, probeert men de mensen de illusie te geven dat ze net zo goed kunnen leven als een ander, terwijl daardoor anderen geen leven meer over houden, begrijpt u? Maar als dat geen status meer geeft, als dáár niets meer aan te ontlenen is van binding, van gezag, waarom zou je het dan doen? Bezit blijft bestaan, altijd, maar het is een persoonlijk bezit, waarbij de voldoening van het bezit alleen gelegen kan zijn in de gebruiksbetekenis die het voor je heeft ofwel de statuswaarde die het tegenover anderen bezit. Hoe minder anderen status afmeten aan bezit, hoe minder bezit je in feite nodig hebt en hoe minder je zult opofferen om dat bezit te verkrijgen en te behouden. Voldoende?

*  Denkt u dat het ook concreet met een jaar of 20, 50 of 100, ook die kant op zal gaan, zelfs in de USA, dus het ontkoppelen van status en bezit?

Ik denk dat het die kant op zal gaan, ik durf mij niet aan termijnen te binden. Voldoende?

Ja, dan zijn we hier kennelijk mee uitgepraat, had u nog wat anders?

*  Ja, ik had nog een vraag naar die chaos die op de wereld heen steekt, ik bedoel dat nu het bezit opkomt, en als er minder bezit is, dan zoeken de mensen elkaar op, terwijl in oorlog ook chaos was, zit in die chaos nog leven, dat daar ook alweer een geestelijke inspiratie….

Nou, ik geloof niet, onder ons gezegd en gezwegen, dat we kunnen zeggen dat er geen chaos is. Het is duidelijk dat deze chaos voortkomt uit een slopings- of bederfproces van datgene wat men dan samenleving of democratie pleegt te noemen. Het is duidelijk dat de waarden die men vindt in democratie, in samengaan met anderen, dat die éérst moeten vallen. Maar het is een sloopproces. Je kunt namelijk niet half dit en half dat zijn. En die ellende, die zal zich voortdurend voortzetten, totdat men ontdekt: eigenlijk heeft dit geen zin meer.

De zinloosheid van bepaalde zaken moet eerst duidelijk worden voordat men bereid is andere dingen daarvoor in de plaats te stellen. En wanneer dan blijkt dat er geen vaste, maar alleen voortdurend veranderende en wisselende waarden bestaan, dan zal de mens steeds meer terugvallen op zichzelf, zijn eigen mogelijkheden, zijn eigen aansprakelijkheden voor zichzelf bepalen en dan zitten wij inderdaad in die vernieuwing.

Maar tja, wat moet je zeggen? Wat is chaos? Chaos is bijvoorbeeld, dat wanneer een staat alle burgers ontwapent, degene die kwade bedoelingen hebben, wapenen gebruiken. En dat wil zeggen dat de bevolking hulpeloos is, tenzij zij over wapens kan beschikken. Maar als de burgers over wapens kunnen beschikken, betekent het weer dat de gezaghebbers veel meer rekening moeten houden met die bevolking, want die wapens zullen ze gebruiken om hun eigen rechten en vrijheid te handhaven, maar óók tegenover wat zich het wettelijk gezag pleegt te noemen.

En ik zeg dit nu op één punt, maar laten we kijken naar andere punten. Sedert dat men overal parkeermeters heeft neergezet, u neemt me niet kwalijk dat ik modern ben, zien wij steeds meer parkeerovertredingen te voorschijn komen. Sedert men op straat dus zich voortdurend gehinderd voelt door dergelijke, meestal geld eisende maatregelen van de overheid, neemt dubbel parkeren toe. Gelijktijdig wil de overheid veiligheid in de steden en dorpen. En zij begint met verminderingen van snelheid, maar die verminderingen van snelheid hebben ten gevolge dat er meer snelheidsovertredingen ontstaan en dat men die vloed niet werkelijk kan afdammen.

Men kan wel eisen stellen aan anderen, maar als die anderen daar niet op reageren, dan heb je niets en dan kun je zeggen: ja, het is een chaos, natuurlijk, het is een chaos, omdat de wetgever wetten maakt en regelingen treft, die in de praktijk niet te handhaven zijn. En dan ontstaat er een chaos en het gedrag van de overheid slaat over op de burger. Zoals de steeds agressievere stijl van voetballen is overgeslagen naar de tribunes.

De steeds gewelddadiger, om niet te zeggen, sadistische of masochistische inhoud van vele films en naar ik hoor ook van een enkel tv-programma, als ze even niet iemand kunnen vinden om de tijd vol te kletsen, dan is het logisch dat men dit gaat beschouwen als een wijze van leven. En waar gebrek aan respect voor wet en burger de basis is van het gezag in bijna alle zogenaamd democratische en nog een aantal andere staten, is het duidelijk dat de chaos toeneemt. Maar wanneer die chaos zich oplost, dan heeft men zoveel ervaring opgedaan, dat het niet meer mogelijk is eenvoudig de macht te grijpen en verder te gaan.

Leuke voorbeelden hiervan kunt u zien in de voormalige Sovjet-Unie. Maar u zult eveneens aardige voorbeelden daarvan kunnen zien in bepaalde Zuid-Amerikaanse en Midden-Amerikaanse landen. En dat in een zeer nabije toekomst. Dan is het antwoord: deze chaos neemt toe, zolang er niet de noodzaak van ordening is voor de eenvoudige mens in zijn eigen simpele en eenvoudige leven. Voldoende? Nou, schijnbaar wel.

Ja, nu denkt u waarschijnlijk dat ik onheil zit te voorspellen, nee. Maar u moet één ding goed begrijpen: als je een rotte kies hebt, dan is het nodig dat ‘ie getrokken wordt. Dat is een pijnlijk proces en je bent iets kwijt. En dan zeggen ze in deze tijd: zet er maar een kunstgebit voor in de plaats. Ja, ja, maar dat heeft ook bezwaren en daar kom je pas achter, wanneer je het hebt. En zo zal men proberen steeds nieuwe systemen te gebruiken. We zullen steeds weer zien dat deze mislukken, omdat zij niet aan de werkelijkheid beantwoorden en dan zien wij dat de chaos zó groot wordt, dat alleen nog ordening van onderaf mogelijk is.

En de mens van onderaf heeft geen inzicht in het geheel van staatsbestel en dergelijke. Er zijn zelfs mensen die denken dat de regering geld uitdeelt dat van de regering is in plaats van de belastingbetaler. Dus dat zal heus wel even kunnen duren, maar ze zullen door ervaring wijs worden. En geloof me één ding: als de eenvoudige mensen iets begrepen hebben, dan houden ze zich er ook aan. Veel beter dan al degenen die denken dat ze het voor anderen beter kunnen regelen. Is dit voldoende?

*  Zou je kunnen zeggen dat het gevoel van eigen verantwoordelijkheid van de mensen persoonlijk dan eigenlijk groeien gaat?

Voorlopig is dat zeer beperkt, maar de groei is inderdaad aanwezig. Wij leven echter in een systeem, waarin de persoonlijke verantwoordelijkheid juist zoveel mogelijk is weggewerkt, omdat een staat die voor je zorgt van de wieg tot het graf, tegenwoordig met een voorkeur voor het graf geloof ik, eigenlijk je ontheft van de noodzaak om voor jezelf te denken, te vechten en te werken. Maar die zorgen, die zullen steeds minder worden, die mogelijkheden om een beroep te doen op autoriteiten en overheden zullen steeds verder af nemen, niet alleen in Nederland, maar over de hele wereld. Zelfs de mogelijkheid van verhongerende landen om een beroep te doen op de rijke landen zal steeds meer afnemen, want er zijn grenzen aan deze dingen gesteld, die in de mensheid verankerd liggen en niet in een politieke beslissing of economische noodzaak. En daar begint het proces van je eigen verantwoordelijkheid aanvaarden, voor jezelf zorgen. En als je daarmee begint, dan ontdek je dat je dat niet alleen kunt. Dan moet je met anderen samen kunnen werken, op een vrijblijvende basis misschien, maar samenwerken. En pas wanneer die samenwerkingsverbanden blijken sterker te zijn dan de overgeorganiseerde economische bedrijven en instellingen op hetzelfde terrein, dan begint de werkelijke, steeds sneller wordende aansprakelijkheidsaanvaarding bij de gewone mens. En het resultaat is dan een soort lawine-effect, waarbij de top waarschijnlijk beneden komt te liggen. Voldoende?

*  Ik geloof dat het al gaande is. U ziet het toch al op verschillende plaatsen eigenlijk gebeuren.

Het is er, maar het is er niet in voldoende mate. Ik heb u reeds gezegd: het proces is inderdaad al aan de gang, maar het is eerst een begin. En pas wanneer de mensen die ermee bezig zijn, leren dat ze anderen nodig hebben en daarmee gaan samenwerken zonder eisen te stellen aan anderen en zónder een dwang aan anderen op te leggen, dan zien wij die werkelijke opbloei en dán krijgen wij dat sneeuwbaleffect. Dan krijgen we uiteindelijk de lawine van eenvoudige mensen die weer geleerd hebben dat je alleen op jezelf kunt vertrouwen en dat je alleen in samenwerking, – met je vrienden en je buren – betekenis hebt en dingen tot stand kunt brengen. En als het eenmaal zover is, nou ja, dan zitten we heel dicht bij de nieuwe wereld. En ik dacht dat dit proces, ja, ik wil niet graag voorspellingen doen, maar ik meen dat dit proces binnen drie à vier jaren al tot zodanige samenwerkingen zal voeren, dat men de betekenis hiervan niet meer zal kunnen ontkennen. Voldoende?

*  Ik had nog één vraag, dat was, u zegt: ‘er is een grens’, maar moeten wij die arme landen dan laten verhongeren, of moeten we ze toch helpen?

Ik denk dat we de arme landen alleen kunnen helpen, wanneer we de mensen helpen zichzelf te helpen. Met andere woorden: géén zware subsidies, géén grote transporten, waarvan uiteindelijk meer dan één derde, vaak meer dan de helft, gebruikt wordt voor mensen die er rijk aan willen worden, en troepen die anderen onderdrukken, maar die daardoor wel een goed rantsoen krijgen. Ik bedoel: deze hele zaak is een nachtmerrie.

En dan weet ik het: ja, er zullen mensen verhongeren en dat is bitter en als ze bij u komen: help ze zo goed u kunt. Maar zeg niet: wij moeten wat daar is dan maar in stand houden, want dan kunnen we die mensen helpen. Mensen moeten leren dat als iets belangrijk genoeg voor je is, je ook bereid moet zijn ervoor te sterven. Dat je moet vechten voor wat je toekomt en niet voortdurend maar lijdelijk je moet laten drijven, uitbuiten en uiteindelijk in kampen samen drijven om daar dan om te komen.

En als u dat eenmaal in de gaten hebt, dan zult u ook zien dat veel van wat er op het ogenblik gebeurt, eigenlijk absoluut foutief is en eerder tegen dan in het belang van de betrokken mensen is en de betrokken landen.

Wereldbanken verschaffen gelden. Waar worden ze voor gebruikt? Voor de wapens van de soldaten die de mensen onderdrukken die nog steeds verder verhongeren. Er komen mensen om te vertellen hoe je landbouw moet plegen, ja, maar ze moeten dan ook zorgen dat er zaaigoed is, dat er water komt. En dat zou het westen kunnen doen, het heeft de technische middelen. Maar die middelen gebruikt men niet, want men moet een afzetgebied houden voor die vele producten die men over heeft. En het is prettig als er mensen verhongeren, want dan kunnen we met een heiligenkrans om het hoofd en voldoende winst in de zak ons graan kwijt, onze boter kwijt, ons melkpoeder kwijt, al die dingen die we over hebben, waar we teveel van hebben; dat is een ontlasting van de markt binnenslands en gelijktijdig kunnen we de belastingbetaler ermee opzadelen, nietwaar. Zo gaat het dan.

Wees reëel. Je kunt de honger de wereld niet uitbrengen zolang er totaal verschillende niveau’s van denken en bewustzijn onder de mensen bestaan. En niemand is bereid om een ander met rust te laten, opdat ‘ie op zijn eigen manier kan leven en sterven. En daarom kun je ze niet werkelijk helpen. Je kunt alleen door die schijnbare steun die je verleent, het lijdensproces langer maken. Maar je kunt de oorzaken niet opheffen. Dat kun je alleen, wanneer je werkelijk de kraan dichtdraait en zegt: Wie het bij mij komt halen, kan het krijgen. Maar in dit land: nee. En dat durven ze niet.

Dan zegt u: ja, maar die arme mensen dan en die arme kindertjes? Ja, hongerbuikjes zijn het beste propagandamiddel voor die mensen die de liefdadigheid willen stimuleren, zodat er weer een aantal mensen met een redelijk salaris zich bezig kunnen houden met het troosten van degenen die uiteindelijk toch om zullen komen, omdat hun land geen levensmogelijkheid biedt.

Neemt u mij niet kwalijk, het is hard om het zo te zeggen, maar het ís zo. Het is zo dat er mensen zijn die de hele dag de straat op gaan om wat te doen voor de arme hongerende negerkindertjes in Somalië of Abessinië, noemt u maar een straat op. Terwijl hun buren naast ze liggen te creperen, maar daar hebben ze geen tijd voor, ‘want wij moeten zorgen voor die arme hongerende mensheid’…

En terwijl men voortdurend bezig is om te laten zien hoe men betrokken is bij het lijden van de buitenwereld, zijn er mensen die zelfmoord plegen en creperen van eenzaamheid. Terwijl men voortdurend bezig is om ‘ruimer te denken’, plegen steeds meer politiemensen zelfmoord, omdat ze er niet tegenop kunnen. Ze hebben regels en ze mogen ze niet toepassen. En als er toevallig iemand een grote mond opzet, dan zijn zij nog de gebeten hond. Ze kunnen het niet meer aan. Ze zouden wel degelijk een oplossing hebben voor het drugsprobleem, maar ja, dan zouden de belangen van bepaalde partijen geschaad worden… Dat is uw werkelijkheid.

Uw werkelijkheid is dat er bij u mensen creperen op de straat, o ja, ook in Nederland. Dat de mensen doodvriezen op het ogenblik in New York, dat er lijken zijn weggehaald vanmorgen onder een brug bij de Seine, dat er mensen radeloos en hopeloos zelfmoord plegen in Duitsland, omdat ze niet aan de bak kunnen komen. De welvaart waarvan ze droomden, komt niet en nu zijn ze alles kwijt. Dat is uw werkelijkheid. Niet de droom dat je de wereld beter kunt maken, als je niet eerst in eigen huis de zaken rechtzet.

Hard, zeker. Onmenselijk, natuurlijk, u hebt gelijk, maar kijk, degenen die dood gaan, die komen bij ons terecht. En heus, ze worden opgevangen en heus, ze leren er wel wat en heus, wanneer ze nog een keer zouden moeten incarneren, weten ze beter wat ze moeten zijn en wat ze moeten doen. Maar als ze verder leven zoals nu, wat zijn ze dan anders dan wanhopige bedelaars die bovendien nog menen dat ze het recht hebben te eisen wat anderen hen uit goedheid geven. Neem mij niet kwalijk. Als je de hele zaak door elkaar wilt gooien, maar ja, doe het maar rustig. Het helpt om de chaos te bevorderen en de chaos helpt de vernieuwing. En de vernieuwing brengt de mens weer terug naar het werkelijk mens-zijn. Voldoende?

*  Kunt u er gezien de tijd een afsluiting aan maken?

Ja, er wordt mij gevraagd om hier te sluiten. Nou, ik was net zo lekker op dreef, maar ja, laten we maar afsluiten eigenlijk. Ik heb hier een paar dingen gezegd die sommige mensen niet graag zullen horen. Ik heb hier bepaalde dingen naar voren gebracht die hier heel veel mensen op één of andere manier toch op een pijnlijk punt raken. Maar is dat niet beter dan eenvoudig hoogdravend te spreken over de geestelijke werkelijkheid, over de esoterische verlichting?

Want weet u? Met alle verlichting die je van binnen hebt, kun je nog geen lamp laten branden. En om die verlichting te verwerven, heb je toch behoefte aan die lamp. Als je voortdurend pijn in je grote teen hebt, ben je niet meer bereid of in staat om meditatief helemaal innerlijk vrij te worden. Je hebt nu eenmaal twee werelden en met die werelden moet je leven, een geestelijke en een stoffelijke.

En die geestelijke wereld, die kan zich alleen ontwikkelen, ontplooien, zoals een zaad uiteindelijk een bloem of een plant voortbrengt of een boom. Maar de aarde, daar kun je voor zorgen. En de aarde waarin het zaad van uw geestelijke ontwikkeling ligt, is, wat men noemt, de alledaagse werkelijkheid. Niet de heerlijke illusies die wij koesteren, niet het ons beter voelen dan anderen, gewoon de werkelijkheid.

Zie die onder ogen. En zie dan ook onder ogen in hoeverre u zelf leeft en in hoeverre u in feite u te sterk afhankelijk hebt gemaakt van anderen. Misschien dat u dan de innerlijke vrijheid vindt en de uiterlijke vrijheid, die u nodig hebt om een werkelijk mens te zijn. En in anderen niet meer de schijnfiguren te zien die ze uitbeelden, maar de werkelijke figuren die achter het uiterlijk en het maniertje schuil gaan. Tot zelfs het gevoel van mislukking en verlatenheid, die vaak schuil gaan achter een getrokken dolkmes. Dan begin je te begrijpen.

En vrienden, ik heb geprobeerd om dat begrip bij u wakker te roepen. O, het zijn er maar een paar, het zal niet veel uithalen. Maar als er een paar bij zijn die een klein tikje veranderen, misschien veranderen ze ook een klein beetje de reacties van hun omgeving. En misschien bereiken ze daardóór het begrip voor juiste noodzaak, voor juiste geestelijke ontwikkeling, voor juiste verbondenheid met alle dingen, tot God en kosmos toe. En als ze dát bereiken, dan zitten ze heel dicht bij de praxis van de leer van de laatste wereldleraar. Ik dank u voor uw aandacht.