Inwerking van de maan op de mens

image_pdf

12 april 1985

Wij zijn niet alwetend of onfeilbaar en van u wordt dus verwacht dat u zelf nadenkt. Indien u zelf een onderwerp aan de orde wilt stellen laat u dit nu doen: Inwerking van de maan op de mens.

Een onderwerp dat wel interessant kan zijn omdat het lichaam van de mens ingesteld is op een maanmaand cyclus en dus niet op de zonnemaand. Wat betekent dat de mens dus een zich steeds herhalende cyclus doorloopt van bijna 28 dagen.

In deze cyclus zijn altijd twee toppen te vinden en eveneens twee dieptepunten. De eerste top is gemeenlijk mentaal, de tweede fysiek. Na de mentale top volgt een fysiek dieptepunt, na de fysieke top een mentaal dieptepunt.

Er zijn dus toppen zowel als inzinkingen die in het gedrag, maar ook in het gevoelsleven van de mens gemeenlijk een rol spelen. Ga je dit verder na, zo blijkt dat bepaalde vaatziekten, afhankelijk van het tijdsstip van geboorte, gemeenlijk bij volle of nieuwe maan optreden. Iets dergelijks kan geconstateerd worden bij mentale aandoeningen.

Een ander punt dat opvalt is wel, dat overlijden, aanvallen van zwakte e.d. gemeenlijk meer voorkomen bij afnemende dan bij wassend maan. Wat ons duidelijk confronteert met het feit dat deze tarbant van de aarde wel degelijk invloed uitoefent op het menselijke organisme en op alle leven op aarde.

Zelfs de kleinste organismen blijken door de maan wel degelijk beïnvloed te worden. Wist u bv. dat het zg. lichten der zee, dat veroorzaakt wordt door fosforescerende infusoriën, veel meer kort voor volle maan dan in alle andere fasen van de maanomgang voorkomt?

Een oud vissermans weten, uit de tijd dat er nog niet zoveel ijs was en vis gemeenlijk alleen werd gezouten, luidt: bij volle raam moet je haring zeer zorgvuldig kaken, want zij bederft eerder.

Bepaalde planten blijken hun sappen rond volle maan het sterkst geconcentreerd te hebben, zoals bv. belladonna, Sint Janskruid e.d. In de volksgeneeskunde houdt men er aan dat deze kruiden geplukt worden op de nacht van volle maan of de nacht daarop volgende. De sappen bevatten dan de meeste werkzame stoffen en een betere activiteit.

Dit gold niet alleen voor bijzondere kruiden, maar ook voor eenvoudige middelen zoals bv. brandnetelthee: ook deze diende men kort na volle maan te plukken en dan voornamelijk de jonge toppen van de brandnetel. Onderzoekt men het kruid, dan blijkt in deze periode inderdaad een veel hogere zuurgraad aanwezig. Ook in de praktijk blijkt dat de tisane bereid van zo geplukte netels veel betere resultaten geven dan een die bereid is van willekeurig geplukte brandneteltoppen.

Het gedrag van dieren wordt eveneens door de maan sterk beïnvloed. De mens voelt dit aan, want kunstenaars die “zingende katten” afbeelden, doen dit gemeenlijk tegen de achtergrond van een volle maan. Hondachtigen zoals bv. wolven, dingo’s en hyena’s blijken graag tegen de volle maan te huilen. Ik zou zo nog wel even door kunnen gaan.

Een beïnvloeding van het leven op aarde door de maan en haar fasen staat wel zonder meer vast. Wat de psychische beïnvloedingen betreft zo zullen deze vooral kenbaar zijn bij mensen die psychisch ziek zijn. Maar ook normale mensen ondergaan die invloed, zij het dat de verschijnselen meer aan de oppervlakte blijven.

Het is een algemeen bekende overlevering dat de maan, vooral de volle maan, de emoties van de mens dichter aan de oppervlakte pleegt te brengen. Beseft wel dames, dat de volle maan op zee of een strand heel gevaarlijk kan zijn, ook al kan dit wel leuk zijn.

Al deze dingen bij elkaar stellen dus één kant. Er zijn velerlei beïnvloedingen die mede door de gang van de maan bepaald worden.

Kijken wij dan eens naar het organisme. Ik noemde de bloeddruk al, die rond volle maan iets pleegt op te lopen. Heeft men een te lage bloeddruk, dan zakt deze gemeenlijk nog iets meer rond de nieuwe maan. Een verlaging van de nier-spiegel blijkt vaak voor te komen in het derde kwartier, dus bij afnemende maan.

Het is door dit alles en meerdere dergelijke verschijnselen aannemelijk te maken, dat het functioneren van organen en zelfs de interne klieren mede afhankelijk is van de maanstand. Dit kan op het humeur van de patiënt van grote invloed zijn.

In de zg. oude medische wetenschap placht men er rekening mee te houden dat bij vele mensen de productie van gal toeneemt rond 3 dagen nadat de maan vol is geweest. Men meende dat spijsverteringsstoornissen, waarbij de gal een rol speelt, juist in deze periode zeer veel zullen optreden.

In een oud handboek staat zelfs nadrukkelijk: men ontraadde de patiënt in deze tijd van de maan uitvoerig te souperen. Een wat overbodige aanwijzing; de armen in die dagen soupeerden niet. Zij hadden daartoe eenvoudig niet genoeg. De rijken deden dit toch, ondanks alle doktersvoorschriften en vormden zo een vast inkomen voor de dokter. Misschien was het voor dergelijke dokter nog enigermate nuttig, omdat zijn gelijk daardoor werd bewezen en zijn inkomen dus daardoor nog verder kon stijgen.

Koorts, dus verhoogde lichaamstemperatuur blijkt gemakkelijker toe te nemen bij wassende maan en eerder af te nemen bij afnemende maan. Het zg. breken van de koorts in vele ziektegevallen valt opmerkelijk vaak kort na volle of kort voor nieuwe maan.

Ook dit is weer een bewijs dat het organisme reageert. Ik zou dit alles nog verder kunnen uitwerken door te wijzen op veranderingen in het evenwicht van de interne secreties, waardoor ook gevoelens en indirect de psychische processen beïnvloed worden.

Ik wil dit echter terzijde laten, omdat wij reeds gesproken hebben over de hoogte- en dieptepunten op mentaal en emotioneel vlak die door de gang van de maan ontstaan.

Probeer u echter nu eens voor te stellen dat deze zg. invloed van de maan in feite niet van deze satelliet zelf uitgaat. O, zij is er bij betrokken. Maar in feite veroorzaakt zij alleen kleine veranderingen in de zwaartekracht en het aardveld. De maan is het die op aarde bekende tamelijk sterke getijdengangen veroorzaakt. Maar ook wanneer wij dit elimineren, blijkt het aardveld en de zwaartekracht niet geheel vrij van afwijkingen te zijn.

Hier spelen de evenwichten tussen de andere planeten rond de zon, hun baan en onderlinge baanverschuiving in feite de meest dominerende rol.

Dan is er nog het maanlicht, in feite gepolariseerd zonlicht ontdaan van bepaalde stralingen. Dit blijkt voor emotionele inwerkingen van groot belang te zijn en kan zowel denkprocessen als gevoelselementen sterk beïnvloeden.

Toch ben ik geneigd de gangbare vereenvoudigingen te volgen en dus te stellen, dat de fasen van de maan plus het al dan niet aanwezig zijn van maanlicht aansprakelijk mag worden geacht voor zowel emotionele, psychische als organische beïnvloedingen. Hierbij ben ik geneigd een eerste nadruk te leggen op de veranderingen die in het organisme optreden.

Nogmaals: ik durf dit alles niet met 100% zekerheid te stellen, maar koester toch intens het gevoel, dat het gestelde redelijk juist is.

Wanneer je een geboortehoroscoop maakt, staat daarbij de maan in een bepaald huis. Zoals astrologen ongetwijfeld weten, betekent de stand van de maan zowel sterke als zwakke punten in organisme en karakter.

Op het ogenblik dat in een progressieve horoscoop de maan weer in hetzelfde huis en op ongeveer dezelfde graad staat – wat dus niets te maken heeft met de feitelijke plaats aan de hemel – blijken die sterke en zwakke punten in versterkte mate weer op te treden.

Je kunt dus niet stellen dat voor een bepaalde persoon de fase van de maan op zich voldoende is om een grotere kans op bv. zere handen, benen of desnoods een zwerend hoofd te geven.

Het laatste voorbeeld kan ik beter terugnemen. Zwerende hoofden komen tegenwoordig niet bepaald vaak voor. Daarvoor zijn er meer opgeblazen hoofden, waterhoofden. De reden hiervoor is waarschijnlijk het feit, dat de luizen in deze dagen veel beter verzorgd worden.

Typerend is hierbij echter, dat de geboortehoroscoop dus een grote rol speelt en dat onder genoemde condities de fasen van de maan bijzonder sterk op het ik plegen in te werken en wel volgens de in de geboortehoroscoop gebleken aspecten dus opposities, vierkanten, driehoeken e.d.

Bij het optreden van een gelijkheid van geboortestand en progressieve stand blijken de geconstateerde zwakten enz. echter wel bijzonder uitgesproken en sterker dan anders aan de ritmen van de maan te beantwoorden.

Zoals ook in andere opzichten blijkt, dat de betekenis van maanstand voor een individu niet alleen bepaald zal worden door de stand van de maan aan de hemel, maar wel degelijk ook door de aanwezigheid van die maan in bepaalde huizen van de horoscoop.

M.a.w.: de in feite hypothetische gang van de maan door de huizen van de dierenriem kan worden gebruikt om het eventueel optreden van bepaalde kwalen – en vaak zelfs de mogelijkheid om deze te genezen – blijkt aan te geven.

Wat des te interessanter is omdat wij hier te maken hebben met iets wat in de werkelijkheid zo niet geheel bestaat, iets wat redelijk gezien onzin is en ten hoogste als een soort bijgeloof kan worden omschreven. Toch werkt het wel.

In dit verband wil ik toch even wijzen op de zg. genezende astrologie. Dit is een vorm van astrologie waarbij men, uitgaande van de geboortehoroscoop en een progressieve, uitrekent op welke ogenblikken men medicaties moet toepassen of andere ingrepen kan doen plaatsvinden met de grootste kans op succes. Maar zelfs indien men dit meer algemeen zou toepassen, kun je nog stellen dat het Westen achterlijk blijkt. In het Oosten heeft men reeds duizenden jaren aan de hand van horoscopen de juiste datum voor huwelijken vastgesteld – mogelijk omdat men dit toch wel als een zeer ingrijpende operatie beschouwde.

Ik meen uit dit alles te mogen concluderen dat er sprake is van een samenhang in het gehele zonnestelsel – plus eventueel nog een samenhang tussen de zon en een aantal grotere sterren – waarvan wij op aarde de invloed ondergaan en ons gedrag en wereldbeleven dus zien variëren. Hierbij is de omloop van de maan soms een beperking, soms een versterking van deze primaire invloeden.

Neemt men dit als mogelijk aan, dan kan men verder gaan beredeneren hoe het komt, dat de maan soms versterkend, soms verzwakkend optreedt. De banen van de verschillende planeten liggen in verschillende vlakken. Ook de gang van de maan rond de aarde is niet bepaald een steeds gelijkblijvende. Er zit een afwijking in van rond 17 tot 18° per drie jaren. Van invloed blijkt verder ook de zg. wobbel van de aardas, die eveneens niet steeds geheel een gelijke hoek blijkt te maken met een verondersteld vlak.

Als geest ben ik geneigd op te merken, dat de aarde en allen die op haar leven zich soms nogal bezopen uiten en dat dit de slingering van die aardas mogelijk verklaart. En wanneer u eens kijkt wat zich alzo op die aarde afspeelt, zelfs alleen in uw tijd, dan zult u met mij eens zijn, dat bezopen soms nog een zwakke uitdrukking is voor de gang van zaken aldaar.

Indien er echter sprake is van versterking dan wel een gedeeltelijke afscherming van bepaalde invloeden uit het zonnestelsel, wordt ook begrijpelijk waarom astrologische benaderingen tegen alle redelijkheid in soms de feiten – ook toekomstige – soms zeer nabij komen. Wij hebben hier immers te maken met een ervaringswetenschap. Zij heeft haar benaderingen altijd gebaseerd op een samenspel van alle werkingen en krachten binnen het zonnestelsel en haar uitleggingen op door ervaring in dergelijke omstandigheden veel voorkomende uitwerkingen van bepaalde standen.

In een bijzonder verfijnde vorm van astrologie gebruikt men overigens ook nog de stand van bepaalde sterren, om zo een soort fijn-afstemming te bereiken die vooral bij het bepalen van tijdstippen waarop bepaalde aspecten werkzaam worden van belang blijkt te zijn.

De ervaringen zo opgedaan maken duidelijk, dat men astrologie niet alleen kan gebruiken om een grondaanleg te constateren, maar wel degelijk ook daarmede ervaringen op een bepaald tijdstip kan nagaan, terwijl het zich hierbij zowel om fysieke als om deels psychische verschijnselen en ontwikkelingen handelt.

Je kunt dan de mens niet alleen definiëren op zijn psychische en fysieke aanleg – wat de geboortehoroscoop doet – maar wel degelijk ook later voorkomende ervaringen en mogelijkheden kunt nagaan aan de hand van de zg. progressieve horoscoop. Deze is dan wel geen algehele en geheel juiste voorspelling zonder meer, maar zij wordt op zijn minst genomen een dienstregeling van voorkomende mogelijkheden.

Is de gezondheidstoestand wankel en treedt een negatieve tendens op, zo zullen wij een reeks ziekteverschijnselen kunnen verwachten. Bestaan er bepaalde zwakten – psychisch of fysiek -, dan zullen deze het snelst tot uiting komen wanneer het samenspel der planeten onevenwichtig is.

Stel dat maan in haar omloop voor dit alles allereerst bepalend zal werken, dan gaan wij wel iets te ver zoals uit het voorgaande blijkt. Aan de andere kant geldt toch wel dat de omloop van de maan een eenvoudig te hanteren maatstaf is aan de hand waarvan wij allerhande ontwikkelingen in onszelf kunnen bepalen.

Indien u uw eigen maanritmen wilt bepalen, moet u beginnen met aantekeningen te maken. Niet zonder enige verbazing zult u ontdekken dat u gemiddeld 1 tot 2 keren in de maand een dag kent waarop alles meeloopt.

U kent die dingen wel: u bent te laat, maar de trein heeft vertraging en uiteindelijk bent u nog vroeger dan voorgenomen op de plaats waar u wilt wezen. U wilt bv. geld halen of wisselen en bent nogal vroeg. Normaal zou alles nog gesloten zijn, maar op zo een dag ontdekt u dat de beambte al geeuwende net bezig is om het bordje “open” neer te zetten.

U krijg nu wel enige indruk van hetgeen ik bedoel. Neem dat u een niet veel voorkomend artikel wilt kopen. Nu blijkt de eerste zaak waar u binnen gaat dit in voorraad te hebben. Op andere dagen zou u mogelijk 2o of meer winkels moeten afklapperen en indien u in de slechte fase verkeert, vindt u het zelfs dan nog niet.

Die dagen waarop alles u meeloopt moet u aantekenen. Neem hiervoor bv. een zakkalendertje. Teken in een andere kleur ook die dagen aan waarop er wel van alles misgaat, maar het u eenvoudig niet kan schelen. Zo in de stijl van: gaat die tram net weg? Dan loop ik toch even’? Auto kapot? Dat geeft mij de gelegenheid eens lekker te gaan wandelen.

Dit zijn gemeenlijk bovendien de dagen waarop u ook fysiek meer presteert. Teken ook die aan. Evenals de werkelijk mieze dagen. Die dagen dat u al met het verkeerde been uit bed stapt en slaperig uw been uitstrekkende, opeens in de nachtschotel staat in plaats van in een pantoffel. Indien u natuurlijk van dergelijke ouderwetse gemakken nog gebruikt maakt. Of iets dergelijks op ander niveau beleeft. Een dag waarop u natuurlijk niet goed op de klok keek, zodat u te laat het huis uit moest stormen om te constateren dat – indien u per auto gaat – op uw weg allerhande opstoppingen zijn.

Komt u het kantoor binnen, hijgend en laat, dan blijkt uw baas, die zelden voor 9u45 aanwezig is, nu al om 9u10 aanwezig te zijn en te constateren dat u te laat binnenkwam. U kent dit soort dagen vast wel, al overdrijf ik nu enigszins. Houd ook hiervan, weer met een ander teken of in een andere kleur, aantekening.

Hebt u eenmaal deze punten enkele maanden achtereen uitgezet, dan brengt u ze over op een rechte lijn, waarop evenredig de data zijn ingevuld. U zult ontdekken dat er een soort meandertje ontstaat wanneer u de punten van dezelfde kleur – of met het zelfde teken – met elkaar verbindt.

Verbindt men alle tekens met elkaar, dan ontstaat een soort sinusoïde indien u hogere punten hoog, dieptepunten laag aantekent.

U kunt dan eventueel die lijn in de toekomst projecteren met de redelijke zekerheid, dat rond de nu ontstane prognostische goede en slechte dagen de ervaringen zich ongeveer zullen herhalen. Want er blijkt een regelmaat te bestaan die slechts afwijkingen van rond 4 tot 8 uren kent.

U kunt desnoods gewoon aftellen: tussen voor mij gunstige dagen ligt gemiddeld zoveel tijd. Dan tel ik die dagen vanaf het laatste gunstige ogenblik bij en bepaal zo het nu dichtstbijzijnde gunstige ogenblik.

U kent dan uw gunstige en ongunstige dagen van te voren en voor u het weet komt u zover dat u gebruik gaat maken van de dagen waarop u mentaal bijzonder goed naar voren komt om bv. examens te doen, met belastingontvangers te spreken, te solliciteren, terwijl u de lichamelijk inspannende bezigheden zoveel mogelijk volbrengt op de dagen dat u een fysiek hoogtepunt ervaart. Op de voor u ongunstige perioden let u ook en vermijdt dan zoveel mogelijk inspanningen, het beginnen van nieuwe ondernemingen e.d.

Want je ervaart al snel: op een fysiek dieptepunt moet ik vooral niet te veel willen doen. Dus beperk ik mijn lichamelijke activiteit tot het minimum dat nog aanvaardbaar is.

Presteren, met sport bv., dient te gebeuren op de dagen dat u een fysiek hoogtepunt hebt, de volgende dag kunt krijgen of een dag te voren hebt gehad.

Bovendien zal u al snel doorkrijgen, dat er elke 28 dagen ongeveer wel een dag is, waarop u zowel fysiek als mentaal niet veel kunt presteren. Dat zijn dan de dagen die uitermate geschikt zijn om je ziek te laten schrijven.

Kijk op die diepte- en hoogtepunten vooral ook eens in de spiegel en neem u zelf nauwkeurig waar. U zult al snel in staat zijn ook bij anderen de tekenen van een hoogte- en dieptepunt te onderscheiden. Zijn die anderen voor u werkelijk belangrijk, dan kunt u zelfs ook voor hen een sinus samenstellen en dus voorbereid zijn op hun afwijkende reacties op bepaalde dagen.

Het voordeel van dit alles is, dat u door het kennen van de uiterlijke tekenen – bodylanguage vooral – weet, wanneer u anderen emotioneel dient te benaderen, beter verstandelijk kunt benaderen of zelfs de ander beter geheel met rust kunt laten. Dit spaart vaak veel verwarring en overbodige geschillen.

Indien anderen zich ziek voelen, kunt u aan de hand van die tekenen zelfs constateren op welke ogenblikken geestelijke genezing werkelijke resultaten zal geven en op welke ogenblikken een geestelijke of meer stoffelijke draai om de oren een beter resultaat zal geven.

Het kennen van het maanritme geeft je het voordeel dat je weet wat je op een bepaald ogenblik zelf of voor anderen het beste kunt doen. In de geneeskunde wordt helaas met dergelijke ritmen te weinig rekening gehouden.

Toch is het m.i. evident dat een patiënt bij een bv. chirurgische ingreep deze op het hoogtepunt van zijn fysieke cyclus de ingreep veel beter zal doorstaan en dus ook sneller zal genezen dan degene die een dergelijke ingreep juist tijdens een negatieve periode onderging.

Het betekent dat iemand, die een bepaalde ziekte heeft deze gemakkelijker zal overwinnen in een fysiek positieve fase en ook medicatie beter zal verdragen en verwerken. Zou men meer werken met horoscopen en maanritmen, zelfs met bioritmen, dan zou men m.i. veel beter in staat zijn om ingrepen te doen op de voor de patiënt meest gunstige ogenblikken.

Zelfs bij mediteren speelt dit alles wel degelijk een rol. De mensen zeggen: dat je nu eenmaal de ene maal beter mediteert dan de andere. Maar er zijn ogenblikken – meestal liggen die zeer dicht bij de psychische top – waarop u tijdens meditatie werkelijk een gehele ontspanning en een ontlading van alle stress kunt verkrijgen. Om nog maar niet te spreken over geestelijke ervaringen, die mede van uw eigen gevoeligheid afhankelijk zijn. Dit terwijl u een week later met dezelfde oefening uzelf in feite alleen maar moe maakt.

Je kunt leren die ritmen te gebruiken. Wanneer ook gewone mensen leren hiermede rekening te houden, kunnen zij daarvan veel goeds verwachten, zelfs wanneer zij naar een dokter gaan of op vakantie trekken. Het weten hoe je maanritme ligt kan van groot belang zijn voor een prettig verlopen van je leven.

Hiermede heb ik hopelijk aan uw verzoek redelijk voldaan. Maar zo er nog vragen, opmerkingen, aanvullingen wenselijk zijn kunt u dit nu naar voren brengen.

Vragen

  • Wat is de maan eigenlijk? Is zij ontstaan uit de aarde of is het een satelliet van de aarde?

De maan is wel afkomstig uit dit zonnestelsel, maar niet uit de massa van de aarde afkomstig. Haar samenstelling is bijna gelijk aan die van de aarde qua elementen. Zij omvat dus geen bestanddelen die niet in het zonnestelsel voorkomen.

Mede gezien haar structuur en enkele andere kwaliteiten die zij bezit, is zij echter niet zonder meer uit de aarde voortgekomen. Het meest waarschijnlijk is, dat zij langere tijd in een parabolische baan heeft gezweefd na de vroege explosie van de massa waarvan ook de planetoïdengordel een restant is.

Tijdens haar gang schijnt zij in de invloedssfeer van Jupiter terecht gekomen te zijn en heeft daardoor, zonder hier in gevangen te worden, haar baan in de richting van de zon verlegd.

De lijn die zij volgde sneed echter de aardbaan zodanig, dat de aarde haar te dicht benaderde en zo middels haar zwaartekracht Luna heeft ingevangen. Het resultaat hiervan moet zowel aardbevingen als vloedgolven hebben veroorzaakt. Ik vermoed dat deze verschijnselen de aanleiding zijn geworden tot de vele zondvloedverhalen over de gehele wereld, die zich in een zeer ver verleden zouden hebben afgespeeld.

Ik wijs er op, dat men in dit geval zich niet kan baseren op de zg. Bijbelse tijdsindeling van het verleden, daar deze op zeer vele punten aanvechtbaar is. Om een voorbeeld te geven: indien wij uitgaan van de Bijbelse tijdsindeling zou Thoetmosis in Egypte geregeerd hebben rond 8oo v. Chr. of zelfs nog iets eerder. Gaan wij echter uit van de genoemde verschijnselen tijdens zijn bewind en de parallelliteit van gegevens in Egypte, Griekenland e.d. dan komen wij terecht bij rond 4oo v. Chr.

Dergelijke controleerbare afwijkingen komen zeer vaak voor. Enkele feiten liggen, na vergelijk met andere gegevens, veel verder in de tijd terug dan volgens de Bijbelse en soms zelfs de wetenschappelijke indeling van het verleden het geval kan zijn geweest.

Ik wil dan hier ook opmerken dat men, bij pogingen tijdstippen in een verder verleden vast te stellen, niet kan uitgaan van een enkele reeks van gegevens, maar alleen tot een enigszins redelijke bepaling te komen aan de hand van vele verschillende gegevens, eventueel aangevuld met bv. koolstofproeven e.d.

Of om het anders te stellen: je kunt gebeurtenissen die in de Bijbel vermeld zijn en op zich inderdaad plaats vonden, niet juist dateren zonder na te gaan hoe bv. de Egyptische dateringen liggen, die men dan weer vergelijkt met dateringen van bv. Kretenzers en Grieken. Zelfs dan dient men nog na te gaan welke natuurverschijnselen worden vermeldt, zoals kometen e.d.

Je komt dan tot allerhande verschuivingen in de geldende tijdsbepaling en daardoor wordt het geheel aanvaardbaarder en meer interessant.

Ik meen dus dat de maan in een veel verder verleden is ingevangen, dan op grond van een geldende datering van de Bijbelse zondvloedverhalen kan worden aangenomen. Geloven wij aan de redelijkheid van de Inkaoverleveringen die rond 1600 n. Chr. werden opgetekend, dan pleit veel voor hetgeen ik u nu vertel als: een regen van gloeiende stenen die uit de hemel viel, aardbevingen en het ontstaan van enkele nieuwe vulkanen. Zij dateren dit meer dan 40.000 jaren geleden.

M.i. is hun datering in ieder geval al veel reëler dan andere dateringen die ik voor het zondvloed verhaal of het ontstaan van de maan die ik elders gehoord heb. Voldoende?

  • Is er ook leven op de maan?

Er is geen atmosfeer, dus je hoort daar niets. Op het ogenblik is er geen leven op de maan, tenzij er weer een maanlander aankomt. Het enige leven dat u hier kunt ontmoeten bestaat uit deels ingekapselde bacteriën en virussen.

Deze wezens zijn a.h.w. ingevroren en komen bijna overal voor, omdat zij door lichtdruk vaak worden getransporteerd over interplanetaire en zelfs wel interstellaire afstanden.

Maar een geheel aan de maan eigen levensvorm bestaat dus niet. Het insectoïde leven dat sommigen op aarde, als bv. Flammarion, zich hebben voorgesteld, bestaat dus niet.

Denkt u aan plantenleven, dan kan ik alleen vermelden, dat zich sporen van bepaalde schimmels op enkele delen van de maan –  meestal onder het oppervlak – bevinden, maar dat ook deze ingekapseld zijn.

De mogelijkheid deze sporen en eventueel fossiele vormen van zeer kleine planten op de maan uiteindelijk aan te treffen, zal echter geloofwaardig maken dat zij eens een deel van een planeet is geweest en dat, gezien afwijkingen in vorm en eigenschappen, dit niet de aarde geweest schijnt te zijn. Verder komen wij echter niet naar ik vrees.

  • Men zegt dat de kant van de maan die wij niet zien veel ruwer is dan deze kant van de maan.

Dit is ongetwijfeld waar. De maan is en was vulkanisch. Zelfs nu zijn er nog warme kerndelen, ook al zijn die niet groot meer. Hierdoor kwamen uitbarstingen voor, vooral tijdens het invangen, waarbij de invloed van de zon plus de beweging van de maanmassa op dat ogenblik het merendeel van die uitbarstingen lokaliseerde op dat deel dat van de aarde nu is afgewend.

Zelfs nu nog komen soms geringe uitbarstingen voor en dan gemeenlijk op het ogenblik dat aarde en zon elkander zo dicht mogelijk in hun baan genaderd zijn, terwijl er intense zonneactiviteit heerst.

Het is dus redelijk aan te nemen, dat een groot aantal uitbarstingen reeds plaats vond voor de maan werkelijk werd ingevangen en dat hierbij haar beweging in de richting van de zon en eigen geringe rotatie een rol hebben gespeeld. Het blijft echter alles speculeren.

Wel is opvallend dat men reeds nu kon constateren, dat het zwaartepunt van de maan enigszins excentrisch ligt en dat in sommige delen van de maan waarschijnlijk grote holten voorkomen. Overigens meen ik dat de reeds zeer geringe eigen rotatie op het ogenblik van invangen plus mogelijk een reeks van uitbarstingen aan de zg. achterkant van de maan er sterk toe zullen hebben bijgedragen dat de rotatie zodanig traag werd – zeker voor een in verhouding zo kleine massa – dat u op aarde slechts één zijde van de maan te zien krijgt. Voldoende?

  • Men zegt dat aan die achterkant van de maan door de Russen iets of een soort bouwwerk is waargenomen dat kennelijk kunstmatig is. Wat het vermoeden bevestigt dat hier toch landingen zijn geweest van ruimtewezens.

Er is nog steeds geen overtuigend bewijs dat men hier te maken heeft met constructies. Ook al valt het moeilijk te verklaren hoe onder omstandigheden als die welke op de maan bestaan dergelijke vormen tot stand gekomen zouden zijn. Dit zover het de door u gestelde zaak betreft.

Overigens wil ik u hier verwijzen naar al hetgeen wij in het verleden reeds over dit alles hebben gezegd: er zijn inderdaad landingen geweest op die maan, er zijn zelfs een tijdlang vestigingen geweest van andere dan aardse wezens. Toen de mens echter de ruimtevaart begon te ontwikkelen, heeft men die ontruimd. Deze ontruiming vond 35 jaar geleden plaats.

  • Mag ik vragen – aan de hand van de reportages die toen geweest zijn – er moet een hiaat hebben gezeten in de band van de gesprekken tussen de maanlander en de mensen op aarde. Men verklaarde dit door een fout in de band, maar er zou meer zijn doorgegeven dan door de radio is weergegeven.

Dit is ongetwijfeld waar. Ook tijdens de reis naar de maan kwam dit enkele malen voor en werden de gegevens, die toen werden gespuid, door kunstmatige storingen verdoezeld, zodat het publiek wel ruis kon ontvangen, maar de woorden niet kon verstaan. Deze banden werden voor zij gekopieerd werden voor de ‘congressional library’ nieuw gemonteerd, zodat deze gegevens geheim blijven. Dit is inderdaad waar.

Wat op deze delen van de band heeft gestaan, zou ik u zonder meer niet meteen kunnen vertellen. lk mag hierbij opmerken, dat gaan naar de maan voor een geest iets heel anders is dan ruimtereizen, terwijl de mensen op aarde hiermede vooral in overdrachtelijke zin bezig zijn. Maar mijn eigen interesse in dit onderwerp is maar zeer beperkt.

  • Heeft een volle maan meditatie-zin?

Dit is sterk afhankelijk van de meditatietechnieken die u gebruikt. Maar meditaties bij volle maan werden vroeger zeer veel gebruikt om tot zelferkenning te komen. Ook is mij bekend dat mensen die visioenen zagen deze vaak beleefden tijdens of als gevolg van meditaties die bij volle maan plaats vonden.

Ons is verder bekend, dat vooral door zen- en bepaalde yogatechnieken nogal wat mensen juist in de periode van volle maan tot zeer intense belevingen komen.

Van Mohammed is bv. bekend dat hij zijn grootste belevingen en zelfs zaken als, de reis door de hemelen – deels fabuleus of door een fabulerende mens verder verteld – eveneens plaats vonden rond volle maan.

Wij moeten dus aannemen dat de volle maan inderdaad een sterke psychische invloed kan uitoefenen. Men kan echter niet zonder meer stellen dat zij een intensere en meer ware realiteitsbeleving met zich brengt.

Ik meen dan ook te mogen stellen dat deze invloed grotendeels ook bepaald zal worden door de persoon die mediteert en diens instelling, terwijl omgeving en kwaliteit van de meditatie van grote invloed blijven.

  • Terugkomende op het invangen van de maan: daar de mensheid zich zeer sterk aan die maanperiodiciteiten heeft aangepast, heb ik het gevoel dat het hier eerder om honderdduizenden jaren zal gaan dan om 10.000 jaren.

Indien u rekening houdt met het feit dat de maan getijdenbepalend is en een aanduiding geeft in haar fasen van bepaalde veranderingen die in de mens organisch en zelfs psychisch plaats vinden, dan mogen wij hierbij niet vergeten dat de feitelijke originator en overheersende factor bij dit alles nog steeds de zon blijft. Maar de maan werkt in door haar aantrekkingskracht en is ook verder voor ons de beste aanduiding van deze ritmiek.

Van een zeer grote en alomvattende aanpassing is dus maar beperkt sprake. Maar op grond van andere gegevens ben ik inderdaad geneigd, de aanloop van het invangen van de maan te stellen tussen 25o.ooo en 2oo.ooo jaren v. Chr. Dit heeft echter niets te maken met de door mij geciteerde overleveringen. Dezen duiden alleen aan, dat er ook op aarde mensen leven die het invangen van de maan en de rampen die dit veroorzaakt kan hebben, veel verder in de tijd teruggaan, dan volgens een Bijbelse tijdsrekening aanvaardbaar is en dit niet op grond van logica of wetenschappelijke onderzoekingen, maar op grond van overleveringen.

  • Zijn de door u beschreven ritmen gelijk aan hetgeen nu algemeen bekend staat als: bioritmen? Is het juist dat deze ritmen aanvangen op de geboortedag en voor elke persoon een gelijke afstand tonen tussen de fasen?

Wat dit laatste betreft: neen. Men kan natuurlijk stellen, dat er een algemeen gemiddelde is te vinden, dat voor elke mens wel enigszins van toepassing is. Maar op zuiver persoonlijke basis kunnen verschuivingen van rond 17 uren optreden, indien men uitgaat van een ongeveer 28 daags ritme.

De afstand tussen mentale en biologische top is eveneens niet altijd gelijk. Ook is de lijn niet werkelijk geheel gelijkmatig, gaande van een mentaal hoogtepunt naar het daarop volgende lichamelijke dieptepunt treft men bv. een veel steilere val aan dan wanneer men gaat van het fysieke hoogtepunt naar het psychisch dieptepunt.

De maanritmen verschillen bovendien hier nogal van hetgeen als bioritme wordt beschouwd, zodat ook hier bepaalde verschillen optreden. Ik wees er al op, dat men in deze verbanden de lijn vaak beschouwt als een soort sinusoïde, maar dat ik persoonlijk haar, omdat zij zozeer getrapt pleegt te zijn, liever als meanderlijn aanduid.

Wat het beginnen op het ogenblik van geboorte betreft: tot enige tijd na de geboorte is het ritme van de moeder nog van invloed. Het eigen ritme pleegt eerst tot stand te komen tussen 3 en 6 maanden na de geboorte. Voldoende?

Dan hoop ik dat u nu weer iets meer weet over de inwerkingen van de maan. Ter geruststelling van de landbouwende bevolking van dit land wil ik nog vermelden, dat zij niet uit kaas bestaat, zodat uit deze hoek in de toekomst geen concurrentie hoeft te worden gevreesd.

Sta mij nu toe mij terug te trekken. Ik heb getracht uw vragen zo goed en juist mogelijk te beantwoorden. Hetgeen ik u gezegd heb over bioritmen in de beïnvloedingen door de maan – ook al zijn die niet identiek aan de bioritmen waar men graag mee schermt in deze dagen – kunt u aan uzelf constateren.

Wat de bioritmen betreft, zover deze mechanisch worden aangeduid, gaat men uit van statistieken. De instelling geschiedt aan de hand van berekende gemiddelden. Dit betekent, dat een dergelijk gemiddelde voor elke mens apart enigszins onjuist is. Ook wanneer u zich daarmede bezig houdt, doet u er dus goed aan, aan de hand van eigen bevinden een correctie te vinden en consequent toe te passen bij aflezingen.

Deze noot wilde ik nog graag plaatsen. Het is hier precies zoals overal waar men op basis van statistieken werkt: zij geven steeds weer een aanvaardbaar gemiddelde, maar zou voor elke kleinere groep en elke persoon in feite de zaak verder moeten preciseren.

Wanneer men een statistisch gegeven als werkelijkheid zonder meer gaat hanteren, is men in 999 van de 1.000 gevallen er een aardig stuk naast. Wat al heel snel duidelijk wordt wanneer men bv. afgaat op de macro-economische verkenningen.

Zo, dat wilde ik ook nou even kwijt. En voor de rest mijn hartelijke dank voor de mij verleende aandacht.

image_pdf