Wat is een Christen? Wat is een bewuste?

16 februari 1988

Eerst en vooral, we zijn niet alwetend of onfeilbaar. We hebben dus heel veel met u gemeen. We hopen dat u zelf na zult denken, dat we uitgaan van het standpunt dat de mens meer leert van zijn eigen dwaasheden dan van het volgen van de wijsheid van anderen.

Ik heb natuurlijk al één en ander ontvangen of afgeluisterd en daarom zou ik graag willen behandelen vandaag: Wat is een Christen? Wat is een bewuste?

Het is een beetje filosofisch, maar aan de andere kant: Wat is een Christen? Is dat iemand die een bepaalde leer aanhangt? Of is het iemand die een bepaalde, wijze van leven heeft? Men schermt zo graag met: ” Ik ben de weg en de waarheid en niemand zal tot de Vader komen dan door mij ” en daar bedoelen ze dan mee: Wij hebben een monopolie. Maar kun je een monopolie hebben op die weg? Is die weg een erkenning van Jezus op een bepaalde manier of is het, het volgen van de weg die Hij is gegaan? Ik zou zeggen: Dit laatste is voor mij toch belangrijker dan het eerste.

Je naaste liefhebben, een groot woord. De wereld vloeit over van de naastenliefde, vooral als de naaste ver genoeg weg is. Het is heerlijk iets te doen voor de hongersnood in Ethiopië, de moeilijkheden in Zambia, voor de onontwikkelde gebieden. En ja, dat je buren er ook ellendig aan toe zijn, daar kun je in al die drukte voor die vele mensen natuurlijk niet aan denken.

Jezus hield zich bezig met degenen die Hij ontmoette. Hij ging niet uit om overal te genezen, bij wijze van spreken. Advertentie: ” Morgen komt hier wonderdokter Jezus voor paranormale genezingen”. Neen, degenen die Hem ontmoetten, degene die er om vroeg, degene die Hem nodig had, die heeft Hij geholpen. Hij heeft allerhande dingen gezegd in zijn leven, natuurlijk. Maar eigenlijk probeerde Hij de mensen alleen maar duidelijk te maken dat je vanbinnen zodanig één moet zijn met alle dingen, met God, maar ook met je wereld, dat je daardoor dienstbaar wordt aan die God en aan die wereld. Daar komt het op neer.

En zonder nu zo ver te gaan dat ieder van u zijn eigen kruis moet dragen en uiteindelijk aan het kruis zal moeten sterven, geloof ik toch dat de bereidheid tot het offer belangrijk is. Het kruis was dan de troon, het voorrecht, de voleinding van Jezus op aarde. Maar aan de andere kant ligt zijn eigenlijke strijd niet in de hof van Getsemane en wat wordt ons daar overgeleverd? Ja een hele hoop tot zelfs dat zijn leerlingen Hem in de steek lieten eigenlijk. Zij vielen in slaap. Maar wat werd er ook verteld? We weten wel niet wie het verteld heeft of wie het gehoord heeft, maar het staat er, Jezus bad: “Heer, indien het mogelijk is laat deze beker aan Mij voorbijgaan, maar Uw wil, niet de mijne geschiede”. Het is een eigenaardig gebed eigenlijk, als je het goed nagaat. Hoe vaak in je eigen leven als mens zegt u niet: ” 0 Heer, als ’t even mogelijk is, kan ’t niet een beetje anders?” Maar hoeveel van ons zijn bereid om er eerlijk aan toe te voegen: “Maar U overziet alle dingen en ik niet, dus Uw wil geschiede”. Daar ligt een soort lotsaanvaarding in. Geen fatalisme in de negatieve zin van het woord natuurlijk, maar een voortdurend gevoel dat je het beste moet maken van alles wat er is. Dat je de anderen moet helpen en gelukkig maken zoverre je maar kunt. Maar dat je gelijktijdig moet zeggen: “Niet ik maak uit wat het resultaat zal zijn. Dat ligt buiten mijn kennen, buiten mijn greep.”

Wanneer we nu te maken hebben met bewusten of ingewijden zoals je ze noemen wilt, dan staan we eigenlijk voor hetzelfde probleem. Daar komt zo’n ingewijde en met één enkel gebaar laat hij regen vallen. Met een ander gebaar maakt hij van een rots een stuk brood. Iedereen zegt: 0 wat heerlijk als je dat kunt doen, maar waar haalt hij de kracht vandaan? Wat is het geheim van de ingewijde? Het geheim van de ingewijde ligt eigenlijk in het doordringen tot de innerlijke kracht.

In de mens ligt een enorm reservoir van kracht. Er zal er hier al veel over gesproken zijn. De kracht noem ze God: noem ze kosmisch, noem ze de eeuwige harmonie, geef ze maar een naam. Namen zijn niet belangrijk al denken mensen van wel. Het wezen is belangrijk. Die kern van je bestaan is verbonden met alle bewustzijn dat je bezit. Als je bewustzijn geen remming vormt, dan kan de kracht zich ontladen door datgene waarin het bewustzijn zetelt. Voor u in casu het menselijk lichaam, de uitstraling van de aura en wat dies meer zij. Maar om dat te kunnen, moet de ingewijde eerst afstand doen van zichzelf. Hij is aan de ene kant machtig, maar aan de andere kant is hij volledig onderworpen aan iets dat in hem leeft en waarop hij eenvoudig geen greep wil hebben. Waartegen hij zich niet wil verzetten omdat hij heeft aanvaard dat dit de enige werkelijkheid is en al dat andere maar een uitvloeisel.

In de verschillende geloven zijn er nogal wat heel verschillende duidingen geweest. Wanneer u kijkt naar Jezus aan het kruis, Mohammed die uiteindelijk ten hemel vaart, de Boeddha die zit onder een boa boom en de slakken komen om zijn kale schedel te koelen, het lijkt mij een griezelig gevoel, en Hij strijdt met de boze. Dat is heel gek. Die boze schijnt nogal eens op te komen duiken. Jezus is er ook al mee bezig let wel, op de berg. Het is altijd: Dit zal ik u geven. En of dit nu is alle koninkrijken der aarde op de berg, als Jezus in verzoeking wordt gebracht, of dat het de wulpse dochters zijn van Mara de bittere, de boze eigenlijk wanneer het Boeddha betreft, och dat maakt al niet veel uit. Het negatieve is: Dit kun je hebben. Het positieve is: Dit word ik door wat in mij leeft.

En dan kun je wel zeggen: Ja dit is heel gemakkelijk, maar luister eens even. Wij zijn, en dan zegt men dat op aarde, mensen. Wij moeten eten. Wij moeten een dak boven het hoofd hebben. Wij willen ook met vakantie gaan naar het Zuiden en bovendien, we moeten belasting betalen. Natuurlijk niet meer dan onvermijdelijk is, maar je moet dan toch en daarnaast ja, er moet toch ook wat op de bank staan. Je moet toch zekerheid hebben. Als je zo begint ben je met Mara bezig. Dan zeg je tegen de duivel: Nou, laat nog eens kijken die koninkrijken ik voel er wel wat voor.

Leven voor anderen is een heel mooie term. Maar zelfs wanneer je het doet, leef je eigenlijk voor jezelf. Werkelijke naastenliefde is niet: de naaste meer lief hebben dan jezelf. Het is de eenheid erkennen die tussen jou en de naaste bestaat. En wie is die naaste? Degene die je nodig heeft en degene die je ontmoet. Niet degene die ver weg zit en ook niet degene die voortdurend bedelbriefjes schrijft omdat het zo belangrijk is dat deze missie of gene zending of ginds sociaal doel van Unesco wordt vervuld. Gewoon degene waar je mee te maken hebt. Degene die deel zijn van je leven. En liefhebben wil niet zeggen dat je daar nu: Aap wat heb je mooie jongen, moet spelen of zo. Wanneer je daardoor verstaat, voortdurend uitbarsten in gezang van Ich liebe dich of iets dergelijks, nou vergeet het dan maar. Het is doodgewoon erkennen dat waar de ander jou nodig heeft het belangrijk is om die ander te helpen omdat je anders zelf hopeloos bent. Het is niet de ander helpen maar de eigen reserve en zekerheid behouden, ofschoon dat zelfs in de eerste Christengemeenschap in Jeruzalem al gebeurd is. Er was een commune die uiteindelijk uiteenviel omdat degenen die veel hadden, zeiden: Ja, we willen veel doen voor de vriendschap, maar iets houden we voor onszelf.

Het is een compromisloos bestaan. De ingewijde, de bewuste, de meester zegt niet: Ik maak dat wel even in orde, alleen ik moet natuurlijk voor mezelf zorgen. Hij is eenvoudig deel van de kracht. Hij maakt die kracht waar op zijn manier en hij zegt niet tegen anderen: Dit is de waarheid, maar hij zegt: Jij hebt honger, eet. Jij hebt regen nodig, hier is water. Hij beantwoordt aan datgene wat hij herkent als een behoefte van de ander. Hij leraart zelden. Wanneer een ingewijde leraar van zeer hoge rang of naam of titel eigenlijk innerlijk bewust is, dan zal hij misschien een deel van zijn gedachten, van zijn erkenningen, van zijn kracht misschien proberen over te dragen aan een leerling. Hij gaat niet iedereen even bekeren.

Het zou wel gek zijn. Een mens is een mens en een mens moet een mensenleven leven. Maar hij moet leren dat menszijn betekent een deel zijn van mensheid. Geen grote woorden als solidariteit en zo, niet nodig. Het is gewoon samenwerking. Daar waar ik besta en een ander noden heeft, daar ben ik verantwoordelijk voor de noden van die ander. Niet omdat die ander het zegt, maar omdat ik het weet.

Als je het zo bekijkt, dan zijn er eigenlijk een hele hoop dingen die je zou kunnen zijn, zou kunnen doen, wanneer je maar niet voortdurend bezig was om a.h.w. je eigen ik aan de wereld te verkondigen als een evangelie van lichtende waarheid, verheven betrouwbaarheid en grote bankrekeningen. Mooie preek. Van de kansel zou je het ook weleens moeten zeggen: Ik sta hier maar waar is de Heilige Geest? Ik hoop dat de Heilige Geest door mij spreekt. Maar dan kan ik niet hier die voorbereide preek houden. Want God spreekt zonder script. Heb je het al eens horen zeggen? Het is veel beter om te vertellen dat de bus van de arme rond zal gaan, dat er heilige Missen worden gelezen voor die en voor die en ten bate van de zielen van de overgeganen, en een mis voor dankbetuiging en dat er doopplechtigheden zullen zijn dan en dan… Dat is belangrijk. Vindt u? Och, men spreekt erover dat wij broeders en zusters zijn onder elkaar. Je zult zo’n familie hebben met al die broeders en zusters die met lieve glimlachjes en woorden elkaar de dolken in de rug steken en ondertussen proberen elkaar de ogen uit te steken met hun verwervingen. Wij broeders en zusters, wij onder elkaar, wij moeten voor elkaar opkomen en de rest van de wereld, als ze zich bij ons voegen, natuurlijk. Maar wij zijn uitverkoren.  Uitverkoren. Het lijkt wel een geitenballet. Sorry, ik wil de geiten niet beledigen.

Ik zeg dat nu zo. Misschien vind je het allemaal een beetje cru, een beetje hard. Maar wat is eigenlijk verdraagzaamheid? Mag ik daar ook eens over praten? Verdraagzaamheid is erkennen dat de ander het recht heeft om zichzelf te zijn. Dit houdt in dat hij het recht heeft om zijn eigen dwaasheden te begaan, om zijn eigen weg te kiezen, om zijn eigen waarheid te zoeken. En de naastenliefde en de verdraagzaamheid die zeggen daarnaast dan: En al wie niet meer verder kan, als hij hulp nodig heeft, wees klaar met alles wat je bent, met alles wat je hebt om te helpen. Een mooie theorie, wil iedereen aanvaarden. Maar het helpen, het klaar staan voor de ander, het rekening houden met de ander, begrip hebben voor de vrijheid die ook een ander toekomt, nou, daar is men het met de beste bedoelingen weleens heel sterk mee bezig de vrijheid van anderen te vermoorden.

Laten we eerlijk zijn. Wanneer de Orde probeert om verdraagzaamheid te brengen dan zegt zij: Je moet geen mens veroordelen, ja zelfs beoordelen. Men moet een mens aanvaarden. Maar wat je niet behoeft te aanvaarden, is datgene waar een ander onder lijdt. Datgene waardoor een ander niet verder kan. Ik ben niet bezig om de wereld te veranderen of te verbeteren. Ik ben alleen maar bezig met een medemens te helpen iets gelukkiger, iets harmonischer te leven. Elke medemens. Niet alleen diegenen die behoren tot onze partij, onze kerk, onze vereniging of wat anders. En dan zeggen de mensen: Ach, het klinkt allemaal mooi. Geest. Ach wat kan die geest: lekker zeuren over die dingen. Geesten zeuren altijd. Ze hebben geen last van al onze aardse moeilijkheden. Ze gaan niet gebogen onder de last van de sociale druk, de onzekerheid, de nader komende crisis. Ze staan er gewoon maar bij. Komen daar klapwiekend beneden als leerling engelen uit de hemel en zeggen. Jullie moeten goed zijn. Kom nou. Dacht u dat geest zijn, ook niet leren is, strijden, zoeken? Naarmate jezelf bent maar ook naar datgene wat je kunt zijn. Door wat je bent te delen met alles wat om je heen is?

Wanneer we spreken over die dingen, we doen het wel eens bitter, ik geef het graag toe, dan doen we dat omdat we weten dat de kanker, het vretende verval van de mensheid gelegen is in die onverschilligheid tegenover anderen, deze ongeloofwaardige, verknochtheid aan stoffelijke dingen, het hebben, de zekerheid die ze moeten hebben en die bestaat niet eens. Gelukkig bent u met een grote bankrekening.

Dat is allemaal in frankskes. Komt er morgen een devaluatie dan hebt u ineens maar de helft. Erg? Waarom? Leef vandaag. U luistert nu. Luister dan met uw hele wezen als u kunt. Probeer niet alleen maar om te horen. Leer te begrijpen. Leef vandaag. Dat wat u deze dag aan mogelijkheden biedt, u te doen geeft, u aan kracht aanbiedt.

Aanvaard dat vreugdig en deel het met de wereld. Wat morgen komt dat zien we morgen wel weer. 0 natuurlijk, er zijn vandaag dingen die we voor morgen moeten doen, voorbereidingen en zo. Best, die horen tot deze dag. Doe ze. Maar verwacht er niets van. Als uw voorbereiding morgen verkeerd blijkt, het is allemaal niet erg. Begin opnieuw. Als ik daarmee maar niemand gekwetst of gekrenkt heb. Wanneer ik daardoor of daarmee misschien iemand een kleine vreugde heb gegeven. Dat is het belangrijkste.

Dan weet ik wel en heel veel mensen zeggen het: Ja maar als wij nu eens paranormale krachten hadden dan zouden we … Wat zou u dan? U ziet de toekomst. Wat wilt u doen? Als een Indiaan opstaan en roepen: OEOEOE. Martens, Martens, kijk uit? Helpt toch geen barst. U kunt schreeuwen zo hard als u wilt. Of, 0 God, daar gaat een mens en die wordt dadelijk doodgereden. Ik zal hem waarschuwen. Ja, loop maar hard, dan ben je meteen dood. U kunt het niet veranderen. Alleen waar u ziet er is gevaar, daar kun je misschien waarschuwen.

Helderziendheid, o wat heerlijk. Helderziend zijn. Alle geesten zien. Heerlijk, kijken naar de aura van de mensen. Zien hoe daar gevoelens uitpieken. Hoe daar geestelijke straling ontbrandt of misschien hoe daar een lage hartstocht bruinig verkleurend in de binnenste schaal van de aura ligt. Heerlijk, hé? Loop maar langs een kerkhof en zie daar de gebonden geesten die imiterend wat hun lichaam aan verval ondergaat, klagen en zeggen: Wat is er gebeurd? Waar ga ik naartoe? Zien hoe mensen onderbroken door de dood in hun bezigheden ijverig verder gaan en voortdurend hetzelfde moment beleven, als robots, omdat ze niet los kunnen komen. Die dingen bestaan. Helderziendheid is niet alleen de klapwiekende engel die komt zeggen: Halleluja. Prijs u zalig, gij zijt goed. Of de demon misschien? Demonen zijn griezelig, maar ze kunnen interessant zijn. Ze hebben van die leuke aanbiedingen. Het lijkt gewoon een solden. Neen, neen. Helderziendheid is een kwaal, want je weet meer en je ziet meer aan een ander maar je kunt er vaak niets mee doen, behalve dan met wat je zelf bent, datgene wat je zélf maakt. En dan ben je in de ogen van de wereld een dwaas omdat je zo bent. Of je bent idioot of onvolkomen. Heerlijke fase. Bijna een vrijkaartje voor het gekkenhuis.

Wij willen kunnen genezen. Genezen! Wat wil je eigenlijk? De ziekte weg. Ik gedaan. Of wil je gewoon zeggen: Hier is de kracht, hier is het licht, hier is de kracht in mij. Zoals je ze nodig hebt, zoals je ze hebben wilt, deel ik ze met je. Er is maar één kracht. De kracht leeft in jou en in jullie. Ze is deel van mij. Put uit die kracht. Wees harmonisch en genees of, ga verder op je eigen weg.

Er zijn zoveel van die dingen. Ja, het is natuurlijk leuk. Telekinese. Opsakee en daar zwabbert alweer het glaasje of daar gaat een vaasje met bloemen. Een goochelaar doet het beter en zonder dat. Laten we eerlijk zijn: Wat hebben we aan salontrucs van een paranormale? Wat we nodig hebben is dat wat waarde heeft, dat wat Christus betekent: De aanvaarding van de kracht in onszelf. De overgave aan die kracht in onszelf en daarmee de uitstraling van die kracht. Zonder voorwaarde, zonder te zeggen: Nu doe ik zoveel voor jullie, nu moeten jullie ook wat voor ons doen. Lastig. Moeilijk en voor een mens te dikwijls bijna ondraaglijk. Maar het is de enige waarheid die alle waarheden samenvat en overtreft. Er is een eenheid waarvan het ik deel is. Wanneer je in jezelf aanvaard dat ongeacht al je kwaliteiten en je eigenschappen een licht in je brandt ; dat in je iets is, al kun je het niet omschrijven, dat zin heeft. Iets wat niet alleen leegte is en daardoor klinkende holte in het bestaan, maar een levende vibratie en een levend vuur. Dan kun je daar misschien iets mee doen en dan kun je niet zeggen: Nou ja, die andere. Er is geen andere. En ook geen ik, want er is geen ik dat zich behoeft af te zetten. Er is alleen nog maar deelgenootschap, het deel zijn van al en daardoor deel zijn van de kracht en door de kracht uiting zijn van het geheel.

Verdraagzaamheid houdt ook in dat je een beetje met jezelf kunt lachen. Het is het besef van de betrekkelijkheid van alles dat je zelf bent en als weten en als ideaal en als geloof met je draagt omdat het allemaal maar een stipje kan zijn van de werkelijkheid. Behoort u soms tot een uitverkoren groepering? Die speciale groep met speciale kracht? Wanneer je bezig bent, waarmee bent u dan bezig? Met jezelf? Of met de groep als iets bijzonders? Of met het geheel waarvan u deel bent? Natuurlijk, een groep kan iets bijzonders zijn. Het kan een pool zijn waar meer kracht uitstraalt dan ergens anders vandaan. Natuurlijk, het kan. Maar dan is dat alleen maar omdat de kracht in alle dingen is. Je bent een functie van het geheel en zonder dat ben je niets waard. Niet als groep en niet als eenling.

O jee, dat had ik niet moeten zeggen. Wat blijft er van ons heerlijk gevoel dat wij meer zijn door ons geestelijk denken of door onze kennis, door onze status of bezit? Had ik niet moeten zeggen. Het is zo gemeen, hé? Maar het is wel waar. Hoe meer jullie bezitten, hoe meer jullie je afzetten van het mens zijn en hoe meer jullie deel worden van de dorre droogheid van het bezitten. Ik weet wel, het is onzin, je moet toch wat hebben. Denk even verder na. Als bezit nu eens werd bepaald, niet door het hebben, maar door het nodig hebben. Zou de wereld er dan niet anders uitzien? Natuurlijk. En roep nu niet over gelijkheid, want de behoeften van de mensen zijn verschillend. Maar iedereen zou zeggen: Dat is voor mij noodzakelijk en al dat andere mag jij hebben. En als die mensen met kennis zouden niet meer zeggen: Ik weet meer dan jij, dus ben ik meer dan jij, maar zouden zeggen: Ik heb iets in mij, daar kan ik jou misschien mee helpen om rijker te worden dan ik innerlijk ben.

Het zou een heel mooie wereld zijn, maar één ellende. U zou het niet meer aan de buitenkant kunnen zeggen wat iemand is. Nou, die gedraagt zich zus, schop. En zij gedraagt zich zo, tut. En ja die doet aan … ja noem maar op … oplichter. Leuk om te kunnen zeggen natuurlijk maar dat kan dan niet meer. Je bent er zelf deel van. Die andere, met alles wat hij vertegenwoordigt, vindt een resonantie in je eigen wezen. En dan is het jouw taak om datgene wat een leugen scheen te zijn, misschien waar te maken. De daad die schijnbaar zo verkeerd was te maken tot iets wat harmonie brengt en geen verdeeldheid. Om die rijkdom te maken tot iets dat je onderscheidt van anderen of macht over anderen, maar te maken tot een mogelijkheid voor ieder die haar nodig heeft.

We zijn nu op weg naar een nieuwe wereld. O ja, een bekende leuze, weet je wel, Aquarius, juist. De Waterman en dat hij er is kun je zien aan het weer. Laten we nu eens even de gekheid opzijzetten. Of we nu astrologisch of anderszins willen duiden, we staan voor een nieuwe era. Er is iets aan het veranderen. Schijnbaar valt de wereld uit elkaar. De maatschappij dreigt wormstekig te worden en met de krampen der bureaucratie probeert men de schijn van menselijkheid nog bijeen te houden. Maar mensen zijn niet meer de mensen van vroeger. Respect voor het gezag is weg. Zelfs in de Kerk stelt men vragen. Niets is meer heilig. De jongeren doen maar. Laat ze. Want de regels en wetten die deze mensheid heeft gebracht en dit materialistisch tijdperk van ontmenselijking gaat voorbij en d.w.z. dat er iets anders moet komen. En als je de andere helpt, als je hem iets geeft van harmonie, een gevoel van zinvolheid, dan kan het lukken. En als bijvoorbeeld iemand zegt: Maar dat niet, dat deugt niet, dat kunnen wij niet aanvaarden, wat zeggen we dan in feite? Ik blijf stil staan. Ik scherm me af voor alle kosmische ontwikkeling, voor alle nieuwe harmonie. Ik wil in mijn eigen duister liever stikken, dan te zien dat wat ik beleefd heb nu tot iets anders geworden is.

De wereld gaat veranderen. Je zult de tekenen binnenkort wel horen. Hier een aardbeving en daar weer wat anders. U zult horen dat er heel vreemde politieke ontwikkelingen plaats vinden en dat de mens ook nog een paar leuke rampen veroorzaakt. Allemaal van die dingen waarover je eigenlijk nog niet hebt nagedacht. We moesten toch de welvaart hebben, nietwaar en de sociale ordening en de sociale zekerheid. En ineens is ze er niet meer. Ik geef u nog tien jaar de tijd en u zult ontdekken dat u alleen door samen te werken, door harmonie te zoeken met anderen, door de anderen te erkennen zoals ze zijn en voor wat ze zijn, de mensheid kan voortbestaan, de samenleving kan verder gaan. Maar alleen in nieuwe vorm, voortdurend veranderend en zich aanpassend totdat er uiteindelijk iets is ontstaan waarin weer de geestelijke vrijheid en het geestelijk licht even belangrijk zijn als de bankrekening en de sociale verplichtingen.

O ja, u zult zeggen: We zullen wel zien. Ja u zult zien. De aarde zal nog wel een paar keer aardig beven, het duurt zo lang niet meer. En er gebeuren nog een paar gekke dingen met het weer ook. U hebt raar weer de laatste tijd. Zeker teken van het einde der tijden? Nou, wacht nog maar even, je hebt tijd genoeg. Er zijn dingen aan het veranderen. In het klimaat. In de spanningen in de aardkorst. In de uitstralingen van de zon zelfs. Verder gaan zoals u nu bezig bent, is onmogelijk. Je moet terug naar een andere, eenvoudiger samenleving. En ik zeg bij voorkeur eenvoudiger omdat we van een meer morele samenleving automatisch het begrip krijgen van allerhande weetjes en regelingkjes waarbij de mens door zoveel fijne messen wordt verhakt, dat er in de plaats van een mens alleen nog een vette kluit mensenvlees overblijft met verdienste mogelijkheden. Laten we nou eens eerlijk zijn. Zoals het nu gaat kan het niet lang meer. Maar wat kan? Werkgelegenheid? Werkgelegenheid is er genoeg. Er zijn genoeg dingen om te doen, alleen, het wordt niet betaald. En wie is er nu zo gek om te gaan werken zonder dat het voldoende oplevert? Werken voor je naaste kan allen betaald worden met de harmonie tussen je naaste en jezelf. Niet met geld. Met het delen waardoor je beide rijker wordt. Niet door de afgifte van een voldoende som aan onvoldoende ruilmiddelen. Kijk, daar ligt eigenlijk het ijzer in het vuur. Een soort reinigingsproces misschien?

Ik heb geprobeerd u te zeggen wat de werkelijkheid is van wat wij kunnen zijn, ja misschien moeten zijn elk op onze eigen wijze en vanuit onszelf. Maar laat ik er dan nu aan toevoegen: Dit is de weg voor de mensheid op aarde zowel als voor de geest. Verder gaan. In grote eenvoud wijzer worden. Onze schijnwijsheid verliezen om eindelijk te begrijpen. Dat is de weg waar het in deze dagen naartoe gaat. En als u het niet wilt, gebeurt het ook. Alleen, dan zijn er conflicten, de vernietigingen, het verlies van alles wat u dierbaar scheen. Dan lijkt het een sprongmutatie te worden, een plotselinge verandering waarbij alleen het nieuwe leven onschatbaar blijkt. Of het kan een evolutie worden, een verandering in de mensen die voortdurend sterker de samenhangen tussen de mensen gaat bepalen en daarmee het maatschappelijk zijn, het begrip van mens zijn nieuwe kleur en achtergrond geven.

We zijn heel veel jaren bezig om op allerlei wijzen die boodschap te brengen. Je hebt me vandaag de kans gegeven om zelf een onderwerp te kiezen en daarom heb ik u de vraag gesteld: Wat is een waar Christen? Bent u dat? Wat is een bewuste? Een ingewijde? Bent u dat? U kunt het zijn. Maar dan moet u niet meer zoeken in de dingen buiten u en de erkenningen die rond u bestaan. Die moet u zoeken in uzelf. Dan moet u niet meer proberen anderen van uw gelijk te overtuigen, maar dan moet u leven volgens de waarheid die u in uzelf kent. En dan hopen we, met onze groep, dat u daarin de kracht zult vinden om anderen te helpen hun weg te gaan. Niet de uwe, niet datgene wat u juist acht, maar te helpen te zijn, harmonie te vinden, de kracht te vinden op hun eigen wijze.

Nu ja, op zo’n avond ontmoet je een bepaald sfeertje. Dan heb je het gevoel nu kan ik het eens een keer zeggen. Misschien heb ik ongelijk. Dan moogt u rustig zeggen: Wat een zeurpiet. Stuur de geest maar weg, of iets dergelijks. Want u bent vrij om uzelf te zijn. We hebben niet het recht één van u te beleren. U moet zelf ervaren. We kunnen u hoogstens een paar wegwijzers geven. En één van die wegwijzers is de kracht die in u schuilt. De lichtende kracht waarvan wij allen deel uitmaken. De kracht van de ware vrede en de werkelijke harmonie. De kracht die alle begrippen te boven gaat en die toch de essentie is van ons wezen. Dat die kracht in ons worde tot een werking, niet een begrip, want dat is onmogelijk. Een werking die ons de juiste band zal laten vinden tussen mensheid en maatschappij, met onze naaste en met allen die tot ons behoren opdat wij uiteindelijk de grenzen kunnen overschrijden die tussen mens en mens, tussen geest en geest liggen. Opdat mens en geest in hun werken, beseffen en streven, de uiting kunnen worden van de kracht in harmonie en eenheid bevestigend de werkelijkheid.

En dit is nu eigenlijk alles. U zult zien dat het ondanks alles wat u voelt en denkt op dit ogenblik werkelijkheid wordt. Ik voorspel u niet de toekomst. Ik zeg alleen wat nu is en zich steeds verder uit.

Moge u de kracht gegeven zijn maar ook de innerlijke verbondenheid met leven en het levende, waardoor u uit dit alles de vreugde en de vrede van de mensheid kunt versterken.