Karma, incarnatie en reïncarnatie

18 januari 2002

Aan het begin van deze bijeenkomst wil ik u erop wijzen dat wij, sprekers van deze groep, niet alwetend noch onfeilbaar zijn en dat wij het appreciëren dat u zelf nadenkt en een eigen mening vormt over wat gebracht wordt.

Mag ik vragen welk onderwerp u voor vanavond eventueel voorzien had?

  • Broeder, we hadden afgesproken om vanavond over karma, incarnatie en reïncarnatie te spreken.

Goed. Wanneer de mens spreekt over karma, dan heeft hij nogal eens de neiging om te zeggen dat alles vastligt. Niets is minder waar. U kunt karma beschouwen als een mogelijkheid, maar niet als een zekerheid. En dat is heel belangrijk. Wanneer u zegt: “Dit is mijn karma, dit is mijn noodlot”, dan gaat u zich daar in vele gevallen naartoe richten, met alle gevolgen van dien, zodat uw ware karma zich niet kan voltrekken en dat het ingebeelde karma zich dan zal voordoen, waar dan veel mensen de bevestiging zullen in zien dat een karma op die wijze bestaat.

Beste mensen, de gouden raad die ik jullie zou geven, is: Stoor u zo weinig mogelijk aan alles wat over karma gezegd wordt. Het echte karma, of de echte weg van het bestaan – let wel, ik zeg bestaan, ik zeg niet het leven van de mens maar het bestaan, het bestaan is namelijk eeuwig, het stoffelijk leven is tijdelijk – het bestaan kent een bepaald verloop. En daar zien we dat u via incarnaties, reïncarnaties een bepaalde lijn, een bepaalde trilling, sommigen noemen het een bepaalde kleur, volgt.

Laat het mij even verduidelijken. Aan het begin van het bestaan, volgens ons althans, is er een afscheiding geweest van de Bron omdat men vanuit de Bron zichzelf wou leren kennen. Men is een weg gegaan die eerst, en ik blijf heel simpel in bewoordingen, bewust wetende dat woorden hier eigenlijk tekort schieten en dat aanvoelen hoe het juist is, juister en exacter kan zijn. Maar we moeten het nu eenmaal even vanavond proberen in woorden te vatten. Men vertrekt vanuit de Bron en men gaat op zoek, eerst door de sferen. Men moet bepaalde zaken kunnen afleggen en andere kunnen beleven. Want men heeft zich als het ware afgekeerd van zijn eigen creatie.

Nu, we zouden daar zeer lang kunnen over filosoferen, maar dan zouden we deze avond het onderwerp anders moeten noemen, namelijk: het Goddelijke, en dat zal ik u besparen. Maar neem nu even aan dat we vertrekken vanuit die Bron. We gaan door de sferen heen, want de Bron heeft eigenlijk alles gecreëerd. En dan wil ik toch nog het accent leggen op het feit dat voor het bestaan enkel het heden bestaat. Voor het bestaan bestaat noch tijd, noch verleden, noch toekomst. Er bestaat maar één moment: het moment dat je bent. Dit moet voor een mens zeer moeilijk klinken en nog moeilijker aanvaardbaar zijn omdat u in de stof alles toetst aan wat rondom u is, aan wat volgens u geweest is en komen gaat. Nochtans voor uw bestaan is dat van minder belang. Zo ook ziet u, doordat we kunnen stellen dat enkel het ene punt, dat ik heden noem, van belang is, dat ook uw karma dat ene punt inhoudt. En zo kunt u zeggen: U bent vertrokken vanuit de Bron en uiteindelijk komt u terug in de Bron en is alles gelijk gebleven, heeft alleen maar dat ene moment, of die Bron, bestaan.

Maar laat het mij nu wat minder ingewikkeld maken, want ik heb de indruk dat het nogal zwaar is. Wanneer u dus in evolutie gaat, zien we dat op een bepaald moment de geest, of de entiteit – en ik zal mij tot die energiebronnen beperken, want er bestaat nog veel meer dan dat in de kosmos en in de schepping – de geest heeft op een bepaald ogenblik in het bestaan niet meer voldoende alleen aan een vorm van energie. De geest gaat zoeken naar andere vormen en dan zien we voor het eerst dat er bindingen ontstaan met stoffelijke zaken. We zien het evolutieproces, en ik spreek hier wel over het menselijk evolutieproces, dat moet ik duidelijk zeggen. We zien dat de geest langzaam maar zeker eerst naar vaste stoffen gaat zoeken. Je zou kunnen zeggen dat er wisselwerkingen ontstaan tussen stenen, mineralen enz. Uiteindelijk blijkt dat deze wisselwerkingen ook niet voldoende zijn en zo gaan er langzaam maar zeker eerste contacten ontstaan naar plantaardige zaken. Van dat geheel gaat men over naar wezens die koudbloedig zijn, omdat in die periode de aarde nog geen warmbloedigen kende. Er ontstaat een ganse evolutie om uiteindelijk te zien dat er een soort amfibiewezen ontstaat dat in groep gaat leven en uiteindelijk op het vasteland zich verder gaat ontwikkelen. Dat zijn eigenlijk allemaal, en velen onder u zijn deze weg gegaan, incarnaties geweest, en dan spreek ik in menselijke tijd van miljoenen en miljoenen jaren terug. Het is van belang dat u begrijpt dat u als mens maar een tussenfase bent in het bestaan en dat voor de geest en de ontwikkeling van de huidige geest, die incarneert in de menselijke vorm, er zeer veel aan vooraf is gegaan. Want dat wordt meestal gewoon vergeten, men spreekt daar niet over. Toch is het van belang om, zeker naar de komende tijd toe, naar het denken van de mens toe te begrijpen waarom evoluties op het ogenblik plaatsvinden.

Wanneer ik nu een stap verderga, dan zien we dat de geest probeert, door beïnvloeding van allerlei genetische ingrepen, te komen tot een soort voertuig dat zelfstandig kan functioneren. In een eerste fase is het nog een zeer dierlijk gegeven. We krijgen allerlei soorten vormen, voorouders van de grote zoogdieren die nu nog bestaan. In deze evolutie ontstaat dan langzaam aan, wat jullie, mensen, noemen: de aapachtigen enz.. Op een bepaald ogenblik krijgt u dan een splitsing. Die splitsing hebben wetenschappers zelfs op dit moment nog niet duidelijk kunnen vastleggen, omdat zij bepaalde factoren qua mutatie over het hoofd zien. Plus het star religieus denken blokkeert nog velen om de waarheid te ontdekken. Maar op dat ogenblik ontstaat dus de eerste menselijke vorm. Vanuit die menselijke vorm, die dan door een evolutie van duizenden en duizenden jaren heen geperfectioneerd is, zijn we gekomen tot de huidige mens.

En nu wordt het interessant in het kader van incarnatie en reïncarnatie. De oude geesten, die gans die evolutie hebben doorgemaakt, zijn meestal al van deze planeet verdwenen. Daarmee wil ik niet zeggen dat degenen die hier aanwezig zijn, minderwaardig zouden zijn qua bewustzijn of evolutie. Nee, het volgende heeft zich in de loop der tijd voorgedaan: naargelang het menselijk voertuig voor de geest interessanter werd, meer mogelijkheden kreeg, is er vanuit vele zijden van de kosmos gebruik gemaakt om in de primitieve bewustzijnsvormen de mogelijkheid te creëren om via het menselijk lichaam langzaam maar zeker de weg naar bewustwording te ervaren. We zien dan ook dat in vele gevallen, soms vanuit dierlijke incarnaties, menselijke incarnaties volgen. En dat kunt u soms wel opmerken wanneer u bepaalde mensen goed observeert, dat zij bv. in hun vorige leven, laat ons zeggen, een kat zijn geweest. Wanneer u hun gedrag ziet, dat zij zich zeer katachtig gedragen.

Nu, het is een feit dat vele mensen, en zeker de laatste 50 jaar, op deze wereld een eerste, en dat klinkt misschien ook vreemd voor jullie, een eerste menselijke incarnatie doormaken. Daarmee hebt u ook een enorme explosie gekend van wat de wereldbevolking aangaat. Men heeft enerzijds, en dat heeft de mens zelf gecreëerd, een groot aantal van het dierenrijk geliquideerd, waardoor er op grote schaal nog niet zeer ontwikkelde geesten vrij kwamen, en op deze wijze is er een massale toevloed geweest van incarnaties in de stof, in het menselijk lichaam. En wanneer u rondom u kijkt, zult u dat in vele gevallen wel opmerken. En zeker wanneer u bv. even naar de politiekers kijkt, zult u wel zien dat zeer velen nog gedragingen vertonen van in de tijd dat zij nog in de Afrikaanse savanne rondliepen.

Nu is het van belang, laat ons even terugkomen tot de basis van het onderwerp: Wanneer u reïncarneert, dan is het altijd, en dat wil ik toch benadrukken, in opgaande lijn. Er bestaan zeer veel filosofieën en er bestaan ook bepaalde filosofieën die zeggen dat het mogelijk zou zijn dat u van mens naar dier gaat. Onze ervaring in de geestenwereld is dat dat niet voorkomt. En ik kan u toch, aan de hand van de zeer lange tijd dat ik reeds aan gene zijde vertoef en het onderzoek dat ik daarnaar gedaan heb, bevestigen dat ik tot heden toe nergens heb kunnen vaststellen dat een mens achteruit ging. Het kan wel dat een mens bij overgang verstart, dat hij niet wil aanvaarden dat hij terug in de geestelijke vorm is en zo geblokkeerd geraakt. Maar dat er een teruggang zou zijn, bv. zoals in sommige boeddhistische filosofieën waar men zegt: Onze voorvader kan de aardworm onder onze voeten zijn, dat, lieve vrienden, heb ik nooit in de kosmos kunnen vaststellen, dat die evolutie zou plaatsvinden.

Nu, wanneer een mens voor de eerste keer als mens geboren wordt, dan zal hij aan de hand van zijn verleden, een ontwikkeling krijgen in die menselijke maatschappij. Stel dat de eerste menselijke incarnatie van die geest een voortvloeien is van een vorig proces waar die geest een bevoertuiging is geweest van bv. een leeuw. Wanneer die geest dan voor het eerst in een menselijk lichaam incarneert, zal hij veel eigenschappen van die leeuw vertonen. Want, vergeet niet dat de incarnatie die geweest is in de leeuw voor die geest een leerschool was, dat die daar bepaalde emoties, bepaalde gevoeligheden heeft uit overgenomen. Dan zullen we bv. een mens krijgen die langs de ene zijde misschien redelijk lui is, de gewoonte heeft om anderen voor zich te laten werken en wanneer het erop aan komt, met veel gebrul zijn plaats in de maatschappij zal opeisen. Het kan ook dat zo’n persoon bv. heel graag in dat leven een militaristische functie heeft en dat hij ook met veel lawaai en vertoon zijn macht zal trachten te vestigen. Zo’n persoon kan een ideale militair zijn, maar kan ook een ideale revolutionair zijn en zelfs een terrorist.

Wanneer die brave man, het kan ook een vrouw zijn natuurlijk, om het leven komt, teruggaat naar gene zijde, dan heeft hij of zij weer bepaalde zaken geleerd; is in dat leven, dat misschien zwaar is geweest omdat hij bv. soldaat was in Egypte en dat hij in de strijd is gestorven, dan heeft hij daar veel uit geleerd. Dan zal die geest weer een bepaalde leerperiode, soms rustperiode, in de sferen doorgaan tot het ogenblik dat de geest beseft dat hij hier ook niet verder meer kan en terug gaat zoeken naar een stoffelijke beleving. Gezien hij in een vorig stoffelijk bestaan nogal redelijk brutaal, vechtlustig was, kan het best dat de volgende incarnatie er een is van bv. een priester. Dat hij gewoon gaat zoeken naar de mysteries van het leven. En dan zou u kunnen zeggen dat die persoon incarneert bv. in Griekenland en aan tempeldienst doet enz.. Ook hier weer zal hij van alles leren en doen, vooral, en dat is wel belangrijk, zit er een binding. Op het ogenblik dat de persoon een soldaat was, kon hij macht uitoefenen door geweld. Nu gaat hij als priester macht uitoefenen door filosofieën, door een totaal andere benadering van zijn medemens. En dat is hier belangrijk. Hij zal misschien ook opmerken in die incarnatie dat, door het spelen met de term ‘God’ of ‘goden’ in die tijd, hij nog meer macht krijgt en ook bezit kan verwerven. Want als militair had hij wel de buit van de verovering, maar die moest hij delen met velen. Hier kan hij als priester in vele gevallen meer bezit vergaren.

En wanneer die lieve man dan aan zijn einde komt, dan zien we weer een verdere stap. Weer zal die leerschool verwerkt worden in de sferen om uiteindelijk te resulteren in een nieuwe incarnatie. En dan zien we diezelfde persoon incarneren bv. in het Romeinse rijk als handelaar. Weer zitten we een stap verder, want hij heeft verschillende zaken geleerd. En nu gaat hij de kennis, die hij had zo goed als militair, als priester, overdragen op de handelaar. En hij zal waarschijnlijk een combinatie maken van geslepenheid en geweld om zo zijn schaapjes op het droge te krijgen. En weer zien we een gans leven voorbijgaan. In dat leven kan er ook weer van alles gebeuren dat bijstuurt enz. Want ik tracht het nu op één lijn te zetten om het voor jullie gemakkelijk te maken, maar u begrijpt dat soms kleine details in het leven van groot belang kunnen zijn.

Stel u voor dat die handelaar een kind heeft en door zijn zucht naar geld en macht veroorzaakt hij dat zijn kind sterft. Zoiets kan voor die man dan op dat moment een totale ommekeer geven. Wanneer hij dan op zijn beurt terug in de sferen komt, kan dat een aanzet zijn om bv. door te dringen in mystiek. En dan zien we dat na verloop van tijd er weer een nieuwe incarnatie ontstaat. En deze keer misschien niet meer als man, het kan best als vrouw zijn. Want het is zeker niet noodzakelijk dat er een afwisseling is, maar het komt ook niet voor dat men steeds als man of steeds als vrouw incarneert.

Stel u nu voor dat deze handelaar als mysticus incarneert en als vrouw. Dan kan het dat we ergens in de Middeleeuwen zijn en dat deze dame, wanneer ze geluk heeft, zich gaat opsluiten in een klooster en dan zal ze hoogstwaarschijnlijk als een heilige behandeld worden. Maar stel dat zij dat niet doet en dat zij gewoon vanuit haar mystiek voelen, haar aanvoelen, zich één voelende met de natuur, zich terugtrekt en ergens op het land of in de bossen gaat wonen, dan ziet u wel het verschijnsel, en zeker wanneer we dan van de Middeleeuwen spreken, dat zo’n lieve dame al ras tot heks zal uitgeroepen worden en dat het leven waarschijnlijk eindigt op een brandstapel. Ook hier zit weer een enorme leerschool in. En zo gaan we langzaam maar zeker verder en kunt u zeggen dat na een zeker aantal incarnaties de persoon uiteindelijk zo ver is dat een incarnatie naar de stof eigenlijk niet meer hoeft. Dat het bewustzijn ver genoeg is geëvolueerd dat u bv., in menselijke tijd gesproken, gedurende miljoenen jaren aan gene zijde blijft. Dit wil niet zeggen dat de geest dan stilstaat, integendeel. Er kan een zeer snelle evolutie qua bewustzijn zijn. En dan kan het dat u op een bepaald punt komt dat u zo ver in het licht bent dat u terug naar de stof gaat, maar niet meer om te leren maar om te dienen. En dan krijgt u, wat wij noemen, de lichtende incarnaties van geesten die een boodschap telkens aan de mensheid brengen, een boodschap van licht, een boodschap van harmonie. En hier kunt u dan direct denken aan figuren zoals Jezus, zoals Boeddha, maar ook Krishnamurti en vele anderen. Er zijn ook, zeker de laatste jaren, redelijk wat zeer lichtende figuren op aarde geweest die dan, onder de naam van wereldmeester of wereldleraar, in de Arabische gebieden vooral, de nieuwe filosofieën hebben gebracht. Zoals het in het verleden is geweest, is het ook nog in het heden, zal het nog wel enkele jaren – en daarmee bedoel ik honderden jaren – duren eer ook deze filosofieën hun weg hebben gevonden en dat de mens kan leven en handelen naar die grote, lichtende waarheden.

En zo ziet u maar dat karma, incarnatie, reïncarneren eigenlijk allemaal één groot geheel is, vertrekkende vanuit wat ik in het begin gezegd heb: dat ene punt. En zo kunnen we steeds verdergaan in ons bestaan. Een heel positief gegeven in dat alles is, en daar staat de mens eigenlijk te weinig bij stil, dat doordat uw geest die evolutie van reïncarnatie doormaakt, de leerscholen telkens opgeslagen worden. U kunt dit bekijken zoals een kind dat begint in de kleuterschool, iets leert, naar een lagere school gaat en dan hogere school enz.. Maar het kind dat in zijn eerste leerscholen iets geleerd heeft, vergeet dat niet. Dat houdt het bij. Zo ook geldt dat voor de mens.

Wanneer u nu bv. uzelf vanuit een rusttoestand tracht te analyseren, als het ware tracht te zoeken naar de kern van uw wezen, naar de reden van uw bestaan, dan hebt u de mogelijkheid om deze zaken, die opgeslagen liggen, die uw geest in zich draagt, aan te roeren. Niet dat ik hiermee wil zeggen dat u als mens van vandaag, vandaag levende op deze aarde, er prat moet op gaan dat u ooit in Egypte hebt geleefd, of dat u ooit bv. de koning van Birma was, dat maakt niet uit. Maar wel de zaken die u daar qua evolutie hebt doorgemaakt, de zaken die u daar hebt geleerd, die zijn van belang. En die kennis is in u aanwezig. Die kunt u, wanneer u, via meditatie is een gemakkelijke weg, u terugtrekt in uzelf, beroeren. Het is niet zo dat u dat allemaal naar boven moet laten komen, maar u kunt erdoor beroerd geraken. U kunt de kennis, het aanvoelen gebruiken. En dan beschikt u als mens over veel meer mogelijkheden, dan gaan vele werelden, die wanneer u enkel rationeel denkt, gesloten blijven, dan gaan die werelden voor u open. Dan zult u ook zien door u zo in te stellen, dat de mens veel nieuwe contacten krijgt. Niet alleen direct stoffelijk, maar ook via het denken, via de geest. Dat u veel zaken zult aanvoelen, gaat voorvoelen. Dat u op de juiste ogenblikken juist zult reageren door het juiste woord te zeggen, door de juiste daad te stellen. U zult ook opmerken dat u meer en meer in contact kunt komen met mensen die u kunnen aanvullen en waar u ook iets kunt voor betekenen. En dat is heel belangrijk. Want door zo te kunnen leven, kunt u in uw huidig leven zulke evolutie doormaken dat u eigenlijk in één leven een sprong kunt maken waardoor u soms tientallen andere incarnaties kunt overslaan. En dat is mooi meegenomen, zeker in een tijd als deze.

Zijn hierover vragen? Dan mag u die gerust nu stellen.

Ik hoop dat ik jullie niet groggy heb geslagen met wat ik hier verteld heb. Wanneer u ergens problemen mee hebt, vraag het gerust. Er bestaan geen foute vragen, integendeel.

  • Broeder, als een kind geboren wordt, zwaar gehandicapt of vechtend met zware letsels, wat kan daar specifiek de leerschool van zijn? Dat is een vraag die nogal vaak gesteld wordt en die heel moeilijk te beantwoorden is.

Voor de mens die het leven bekijkt als een afgelijnd geheel, kan ik mij voorstellen dat het bijna onaanvaardbaar is. Voor de geest echter niet. Want het is dikwijls zo dat de geest, die zeer vele ervaringen heeft doorgemaakt, op een bepaald ogenblik tracht door te maken wat het is te moeten leven in een lichaam met beperkingen. Dat het voor de geest van groot belang is om al de emoties die daaraan verbonden zijn, niet alleen vanuit hemzelf, maar ook naar hem toe, te doorgronden. Het is zeker niet zo dat voor een geest een gehandicapte mens, een gehandicapt kind, onder welke vorm ook, een probleem is. Zolang het kind blijft leven, wil dat zeggen dat de geest tracht er iets uit te puren. En dit kan misschien cru klinken, maar wanneer het voor de geest voldoende is geweest, dan zal hij de gehandicapte mens loslaten, het voertuig loslaten en dan sterft deze vanzelf. Nu moet u daar wel in overweging nemen dat voor de geest die zulk een incarnatie nastreeft, in die handicap tijd geen enkel belang heeft. Dat in die handicap ook de functiestoornissen van het lichaam enkel maar interessant zijn binnen het kader dat hij daar een beleving kan uithalen. En daar wil ik ook teruggaan naar wat ik gezegd heb: Tijd bestaat niet, alles is in het heden. En zeker voor zulke zaken is het voor de geest een momentopname.

Hetzelfde geldt bv. voor mensen die zeer zwaar ziek zijn en die niet sterven, die soms maanden, soms jaren zeer hevig lijden. Ook hier is dit lijden voor de geest een leerschool. Voor de mens, en voor de medemens zeker, is dat zeer erg, omdat u zich daar machteloos bij voelt. Voor de geest zelf is het niet meer dan een leerschool, zoals het een leerschool kan zijn dat hij een lichaam kiest dat in Afrika geboren wordt en dat een hongersnood moet doormaken. Ik kan u zelfs zeggen, en dit is voor de mens misschien heel moeilijk te aanvaarden, maar zeer vele kinderen in Afrika zijn zeer bewuste incarnaties, waar de geest echt zocht naar wat het betekent als u niets hebt, om het te delen met de ander. En ik kan u verzekeren, ondanks het feit dat reeds miljoenen kinderen daar gestorven zijn van honger in de meest ellendige omstandigheden, dat het voor de incarnerende geesten een rijkdom was om zo’n kort en ellendig leven door te maken. Het is een fout, en zeker van de werelddelen waar het goed gaat, om te denken dat een menselijk lichaam enkel en alleen het goed moet hebben, dat u in luxe moet leven, dat u een perfecte gezondheid moet hebben enz.. Ik kan hier zelfs aan toevoegen dat in sommige gevallen het een veel grotere rijkdom is te kunnen leven als iemand die armoede lijdt, maar die verstaat wat het is te delen met de anderen. Die zal waarschijnlijk in zijn bewustwording een veel snellere en grotere evolutie doormaken dan de multimiljonair die af en toe enkele miljoenen met veel omhaal schenkt als hulp aan de armen. Want dat gebaar kan dan wel de media halen, en daar kan dan wel veel over gezegd en geschreven worden, maar is voor de geest waardeloos. Omdat in vele gevallen de achterliggende gedachte van de persoon die zoiets doet, is: “Wat verdien ik eraan? Wat haal ik eruit? Ik schenk hier zoveel miljoen en ik verdien tezelfdertijd, door dit te doen, zoveel miljard.” Het is een groot verschil tussen de arme sukkelaar, die moet zien waar hij elke dag zijn eten en zijn drinken vindt, en die dan de kunst verstaat om, wanneer hij iemand tegenkomt die het ook moeilijk heeft, om te zeggen: “Beste vriend, ik heb één boterham voor vandaag, jij hebt er geen, hier is de helft voor jou en laat ons samen ervan genieten.” Dat is duizendvoudig meer waard.

En zo zijn er heel veel benaderingen waarvan, de Westerse mens zeker, denkt dat het toch zo hoogedel is, toch zo mooi is, maar die voor de geest geen waarde hebben. En andere zaken die die Westerse mens bekijkt als: “Nee, dat past mij niet, dat is mijn wereld niet”, juist wel het waardevolle is van wat de geest in de stof wil leren.

En een klein ander facet, dat wil ik ook opmerken, dat is dat u niet mag vergeten dat wanneer een geest incarneert in een lichaam dat niet normaal functioneert, deze geest ook de mogelijkheid creëert voor anderen om te helpen, om vanuit een andere incarnatie ook een leerschool te ondergaan naar dat gegeven. Ook hier weer beziet de mens dat zo niet. Maar toch, vanuit de geest wordt dat zo bekeken.

Als er geen vragen meer zijn, dan zal ik dit gedeelte afronden. Kijk, wat incarnatie aangaat: maak u daar niet te druk over. Leef vandaag. Doe vandaag wat u aanvoelt dat juist en goed is. Maak u geen zorgen over wat er komt na dit leven. Wanneer uw huidige leven op zijn einde loopt, gaat u automatisch, zonder een enkel probleem, over in het nieuwe bestaan, want het bestaan is eeuwig. Heb geen angst voor de overgang. Heb ook geen angst voor de ouderdom. Want voor de geest bestaat dat niet. Op het ogenblik dat voor uw geest uw lichaam niet meer bruikbaar is, niet meer hanteerbaar is, of wanneer de geest, wanneer u ver genoeg bent op de weg in bewustwording, vindt dat het tijdverlies is om nog bij dat lichaam te blijven, dan laat de geest gewoon het lichaam los.

Het mooie voorbeeld dat een van mijn goede vrienden steeds gebruikte, was: Een menselijk lichaam moet u bezien als een mantel. Een mantel draagt u als het nodig is. En wanneer hij versleten is, wanneer er gaatjes in zitten, dan doet u hem gewoon weg, u doet hem af, u doet hem bij de vodden, en u interesseert u er niet meer aan wanneer u hem met de voddenman meegeeft. Dan maakt u zich ook geen zorgen meer over wat die man ermee zal doen.

Zo is het ook met het menselijk voertuig. Wanneer de geest zijn leerscholen heeft doorgemaakt waarom hij geïncarneerd is in het lichaam, dan laat hij het lichaam los. En daarmee kunt u soms hebben dat mensen heel vroeg sterven, dat jonge mensen bv. in de fleur van hun leven ineens via een hersenbloeding, een hartinfarct en in deze tijd nogal eens dikwijls via een auto-ongeluk naar onze zijde terugkeren. Want ook dit klinkt misschien raar in uw oren: men mag in deze maatschappij zoveel mogelijk proberen te doen naar verkeersveiligheid of eender wat, het is niet altijd omdat de personen in kwestie onveilig reden, dat zij een ongeluk hadden. In vele gevallen gebeurt dit wel, dat bij dodelijke ongelukken het de geest is geweest die gewoon de zaak voor bekeken hield. En als het niet via zulk een middel kon, dan gebeurt het via andere. Zo zien we ook in gebieden van oorlog dat mensen sterven, zeer jonge mensen. En het zal misschien opnieuw raar in uw oren klinken, maar wanneer uw uur niet gekomen is, denk even terug aan uw karma, aan uw weg, dan mag u bij wijze van spreken een bom op uw hoofd krijgen, dan zal die niet ontploffen en dan zult u gewoon verder wandelen. Maar wanneer het voor uw geest, en dat kan ook in groep zijn, want dat is hier vanavond nog niet aan bod gekomen – maar velen incarneren binnen een groepsverband – wanneer het voor dat geheel beter is dat het stoffelijke stopt, dan zult u zien, dan zult u toevallig op een plaats zijn waar iets gebeurt, hetzij dat er toevallig een rots naar beneden valt en dat u daar allemaal onder zit of dat u meegesleurd wordt met een waterhoos, of dat uw boot zinkt. Het maakt niet uit. Wanneer de geest besluit dat het lichaam voor hem niet bruikbaar meer is, dat hij gewoon verder wil in zijn bestaan, dan laat hij het lichaam voor wat het is. Zoals wanneer u na de winter uw mantel uitdoet en in de kast hangt en u er ook niet druk om maakt dat die daar blijft hangen, zo is dit voor de geest hetzelfde. Als u probeert om dat een beetje te aanvaarden, dan zal het leven voor ieder gemakkelijker zijn. Dan zult u niet met het probleem zitten van: ‘ik moet dit of ik moet dat’. Dan zult u in het leven de zaken veel gemakkelijker aan u laten voorbijgaan. Dan gaat u ook niet vechten om de macht, dan gaat u met wat u hebt meestal heel tevreden kunnen zijn. En dan zult u zien dat de kosmos zich met u verenigt, op die wijze dat steeds op uw weg komt wat voor u belangrijk is, wat voor u uw echte karma inhoudt.

Als er geen vragen meer zijn, dan zou ik hier dit onderwerp willen besluiten. Ik hoop dat ik een beetje heb kunnen beantwoorden aan wat u verwachtte van het onderwerp. Dat het misschien voor velen een nieuwe kijk op het menselijke leven heeft gebracht, is wel zo. Maar het heeft weinig zin dat ik hier alleen zou gesproken hebben over hoe u toch als prinsen en koningen, als farao’s en keizers geleefd hebt in een rijkdom en een macht van weleer. Want dat meestal is wat veel mensen denken: Als ze al eens geleefd hebben, dan zijn de dames meestal allemaal Cleopatra geweest en de heren op zijn minst Napoleon. Gelukkig is dit niet zo. Gelukkig zijn de meesten in de loop van hun incarnaties gewone stervelingen geweest die zeer veel hebben kunnen leren. Want zoals ik al gezegd heb in het begin: Kijk maar eens naar uw politiekers en ga dan even in de natuur wandelen en kijk naar de dieren, dan zult u direct begrijpen wat ik bedoel.

Beste broeders en zusters, ik weet dat een avond als deze gewoonlijk wordt afgesloten met een meditatie. Ik zal proberen u vanavond een klein beetje te laten voelen van het bestaan als geest, van de krachten, van de wervelingen, van de energieën. En ik zou het volgende willen voorstellen: Ieder van de aanwezigen hier heeft zo zijn kleine probleempjes, zijn kleine moeilijkheden. Tracht gewoon, wanneer ik straks tot u zeg om deze zaken hier op de tafel af te geven, u voor te stellen dat u dat gewoon hier in het midden van dit groepje legt en dat u dat gewoon loslaat. Dan zult u zien dat u in de komende uren, in de komende dagen voor die kleine problemen – want wat een mens soms denkt dat een berg is, een Everest is, is in wezen dikwijls niet meer dan een molshoop. Maar u zal zien dat, door wat we hier vanavond doen, dat u uw Everest effectief in een molshoop ziet veranderen.

Meditatie: De kracht

Mag ik vragen om u heel rustig te zetten, even diep in uzelf te kijken en u gewoon één te voelen met al de aanwezigen.

In de tijd dat de tijd nog niet bestond, in de tijd dat het tijdloze de waarheid was, in die tijd ontwikkelde zich een kracht. Een kracht die zocht naar licht, een kracht die zocht naar uiting. We zagen langzaam maar zeker wervelingen samentrekken. We zagen bewegingen in nevelige sferen. En binnen die bewegingen, binnen die sferen ontstond er een soort explosie, die toch geen explosie was, een soort ontbinding die geen ontbinding was. Want waar het niets aanwezig is, gebeurt er niets. En toch gebeurde in dat niets iets. Een grote vlam laaide op en het licht was geboren, het woord was gesproken. En het woord werd licht. En het licht verspreidde zich en vormde de mens. De mens die langzaam maar zeker ergens een onderdak zocht. En doordat hij dat uitsprak, vormde de aarde zich en wandelde de mens op de aarde.

De mens vond dat die aarde voor hem eigenlijk te beperkt was en ging, langzaam aan steeds meer gedachten uitende, een nieuwe schepping creëren. Een nieuwe schepping waarvan de mens dacht dat het naar het beeld van God was. Maar kende die mens God wel? En steeds verder ging de gedachte, steeds sterker werden de gedachten en uiteindelijk splitste de mens zich op en ontstond een mannelijke mens en een vrouwelijke mens. Ook hier weer was de gedachte de basis van het gebeuren en zei men: Dit zijn de zuilen van de schepping, dit zijn de sephiroth. Maar ook hier weer was de gedachte niet de gedachte. Ook hier weer was het beeld niet het beeld. En de mens ging verder. Hij dacht dat door het samenvloeien van beiden zij terug de kracht en de eenheid vonden van de oorspronkelijke schepping, van het oorspronkelijke niets. En ook hier weer kwam de mens, na vele omzwervingen, na vele leerscholen tot het besluit dat ook dit niet was wat hij dacht dat het was.

Uiteindelijk, na veel zoeken, na veel denken, heeft de mens voor zich een wereld gecreëerd waarin alles wat ooit door een mens ge-uit is, zich manifesteert. Een wereld waarin de oorsprong aanwezig is, de kracht aanwezig is die hij niet beseft, die hij ook niet sturen kan, maar waarvan hij aanvoelt dat het toch zijn lot bepaalt.

O, hij maakt er mooie beelden van, hij maakt er mooie filosofieën van. Sommige overleven duizenden jaren. Maar kan de mens ooit weten, kan de mens ooit voelen wat de oorsprong is, wat de bron is? Hoe meer de mens voor zich beelden bouwt, hoe meer de mens voor zich filosofieën bouwt, hoe verder hij af geraakt van de oorsprong. Maar wanneer hij gewoon simpel kan aanvaarden: “Ik ben deel van die almachtige Schepper, ik ben deel van die Oerkracht”, wanneer hij gewoon kan aanvaarden: “Kijk, dat leeft in mij, dat werkt in mij, dat gebruik ik”, dan zijn de verbindingen gelegd. Dan verandert hij terug van dat stoffelijke wezentje, dat in die oneindige kosmos nog minder is dan een zandkorrel op het strand van de oceaan, tot de kracht zelf die zich heeft geopenbaard. De kracht die we nu hier binnen ons laten ontstaan. De kracht die, laat ze ons omschrijven als een zuil van vuur, in ons midden aanwezig is, een zuil van vuur, een sephiroth van vuur, omdat vuur licht en warmte geeft. En laat ons ons verbinden met deze zuil. Ieder die hier aanwezig is, laat zich één voelen met deze kracht. Deze kracht die vanuit het oneindige van de kosmos zich hier in ons midden manifesteert, een kracht die ieder van ons beroert, die iedere vezel van ons doortrekt. Deze kracht, dit vuur dat laait en brandt, dat voor ons betekent: de schepping, de oorsprong en het einde, het al, het niets en het iets, de tijd en het tijdloze, de kracht en het krachteloze. En binnen dit geheel, binnen deze zuil van vuur, daar leggen wij nu wat wij als huidig levende mens aan problemen ervaren. Wij geven onze problemen, onze moeilijkheden aan deze kracht, gewoon met de bede en de zekerheid dat deze kracht voor ons deze kleine onhebbelijkheden zal opnemen en zal laten verdwijnen. Zodat we, door de plaats die vrijgekomen is in ons eigen lichaam de positiviteit van dit licht, van deze zuil van licht, in ons kunnen laten vloeien, zodat ieder van ons ook nu weer, na afgifte van wat hij of zij kwijt wou, het licht in volle glorie, in volle kracht in zich kan opnemen. En wanneer dit in uw hart gesloten is, het kan gebruiken om in de komende uren en dagen door te geven aan ieder die er behoefte aan heeft. Door te geven aan ieder die zoekende is naar een klein beetje vriendschap, een klein beetje vrede, een beetje liefde. En vanuit deze kracht die hier nu aanwezig is, die ons allen één maakt, een kracht die zorgt dat hier geen mensen meer zitten, maar dat hier alleen één grote harmonie, één eenheid is, één lichaam. Deze kracht die u allen krijgt, draag ze in u mee, koester ze en geef ze door aan ieder die zoekende is.

Dat deze zuil zich bevestige in deze groep, dat deze energie, deze kracht zich bevestige en dat de goden onze dank aanvaarden voor de gift die zij ons gegeven hebben. En dat wij deze gift verder zullen doorgeven aan allen die het nodig hebben. Dit zij bevestigd.

Beste broeders en zusters, ik dank jullie, niet alleen uit mijn naam, maar ook uit naam van de medebroeders aan mijn zijde, voor jullie medewerking aan deze meditatie. U kunt ervan op aan dat de kracht waarmee hier gewerkt is, voor ieder van u een verandering heeft teweeg gebracht; dat deze kracht die door u is beroerd, voor u in de komende dagen en weken een middel zal zijn om meermaals bepaalde chaotische toestanden, die op het ogenblik aan het ontwikkelen zijn, te kunnen laten passeren, laten voorbijgaan zonder dat u er deel aan hebt. En dat u zelfs in de komende weken en dagen, dankzij wat we nu gedaan hebben, ook anderen hiermee behulpzaam kunt zijn. Bedenk dat telkens wanneer u uw naaste kunt helpen en u doet dit, u de kracht die u nu gekregen hebt, activeert en dat u telkens een stapje verder zult komen op de weg die u aan het gaan bent. En ik wens jullie voor de toekomst een zeer gezegende weg, pad dat u kunt gaan. En denk dan maar even terug aan deze kracht. Daarom, nogmaals onze dank. En wanneer u zin hebt, loop maar gerust eens aan bij onze zijde, u bent steeds welkom.