Kosmos als eenheid

9 november 1981

De gastspreker van vanavond heeft ons wat moeite gekost. We hebben eerst gedacht aan Sinterklaas, maar die blijkt niet heilig meer te zijn. Daarna hebben we gedacht aan Zwarte Piet, maar die is op het ogenblik aan zo velen doorgespeeld, dat we hem niet kunnen vinden.

De gastspreker die wij vonden, heeft zich voornamelijk met de kosmos beziggehouden. Hij zelf zegt : kosmische causaliteit. Ik vind dat echter een klein beetje te ver gaan, want dan zou het helemaal wetenschappelijk moeten worden en dat zit er niet in.

De man zelf heeft op aarde aan verschillende wetenschappen gedaan, wat archeologie en wat sterrenkunde. Ook heeft hij zich met biologie en chemie beziggehouden en kennelijk is daar zijn interesse uit voortgekomen voor het leven en het werken van de hele kosmos als een eenheid.

Nu kun je daar waarschijnlijk hele verhalen over vertellen, maar ik weet er zo weinig van. En dat stelt me voor de grote moeilijkheid om toch deze aanloop te vullen. Laten we nu die hele kosmische beweging eens herleiden tot het standpunt van de aarde. Misschien is dat helemaal niet zo gek.

De aarde is misschien een heel klein stofje aan de buitenkant van een melkwegstelsel dat ook maar één onder vele is. Aan de andere kant is het in zeker opzicht één van de geestelijke brandpunten in deze arm, dit uitstulpsel van het melkwegstelsel.

Ik ben natuurlijk niet in staat om te overzien wat dat allemaal betekent in termen van de materie. Maar geestelijk kun je daar wel het één en ander over zeggen en dat mag ik – als jullie het er mee eens zijn – misschien doen.

We weten dat er in het Al heel veel verschillende bewoonde planeten zijn. In deze arm van het melkwegstelsel zijn maar een stuk of vijf planeten die werkelijk meetellen. En onder die vijf reken ik vreemd genoeg de Aarde. Want het is niet belangrijk welk technisch stadium een planeet bereikt heeft, maar het is belangrijk welke geestelijke mogelijkheden ze biedt. Dat laatste zullen jullie met mij eens zijn.

Nu is de aarde een planeet waar zich op het ogenblik allerlei leerprocessen versneld kunnen afspelen. Dit houdt in dat iedereen die op aarde incarneert, geconfronteerd wordt met een groot aantal verschillende figuren, persoonlijkheden en waarden. Dat loopt a.h.w. van het bijna dierlijke via het menselijke naar het hoog geestelijke en ergens vind je het onmenselijke ook nog.

Doordat je met zoveel verschillende waarden in contact komt, heb je ook een veel groter scala van reacties nodig.

De mens op aarde pleegt zich tegen een te grote veelheid van indrukken te beschermen door een bepaalde eenzijdigheid te ontwikkelen. Het is bijna zeker dat de mens hierbij ook zelf gestimuleerd wordt tot een bepaalde eenzijdigheid wanneer hij problemen heeft. En die eenzijdigheid past hij namelijk ook toe op de hele kosmos. Dat betekent dat hij ook geestelijk is ingesteld op allerlei zaken die daarmee overeen komen, waardoor hij geneigd is invloeden uit te stralen die die aspecten weer versterken.

Eenzijdigheid kun je echter niet onbeperkt volhouden en dat is nu het mooie van de zaak. Je kunt misschien naar buiten toe wel doen of het zo blijft. Maar innerlijk zul je toch zo nu en dan toe moeten geven dat er geen steek klopt van wat je beweert, wat je denkt en wat je zegt en wat je wilt. Je gaat dus innerlijk relativeren.

Dat laatste betekent dat je ervaringen niet alleen maar eenzijdig worden opgenomen, maar dat ze wel degelijk tweezijdig in jezelf worden gewaardeerd. Hoe meer tegenstellingen je in jezelf opbouwt, hoe groter het aantal erkenningsmogelijkheden wanner je als geest indrukken van buiten opvangt. Of, om het heel simpel te zeggen : een mens, die op aarde voortdurend met vele problemen bezig is geweest, idealen gehad heeft en weer verloren en wat er allemaal verder maar mogelijk is, .zijn geloof heeft gehad en verloren misschien, zal juist daardoor veel vatbaarder zijn voor de verschillende impressies die in anderen leven.

Het is misschien een beetje gek om te zeggen, maar je hebt bij ons mensen die in één bepaalde richting zeer sektarisch Christen geweest zijn. Deze mensen zijn zozeer gestimuleerd in één richting dat, wanneer ze innerlijk geen twijfels hebben gehad, ze door niemand te bereiken zijn behalve door diegenen die uitgaan van dezelfde stelregels.

Maar stel nu dat zo iemand uiterlijk misschien net zo gelovig is geweest en net zo vroom en net zo eenzijdig, maar dat hij in zichzelf voortdurend in strijd is geweest; dat hij heeft gezegd : “Ik moet dat nu wel zo aanvaarden en ik moet dat zo wel doen, maar eigenlijk ben ik het er niet mee eens,” dan heeft die mens een evenwicht. Alles wat er aan tegenstellingen tot zijn oorspronkelijke uiting aanwezig is in de geest, kan hem op dat punt beroeren. Er komt een grote uitbreiding van bewustzijn.

Jullie zijn het, denk ik, toch wel met mij eens dat de tegenstellingen op aarde heel erg groot zijn En dat de kans om werkelijk geheel en volledig te blijven geloven in hetgeen je doet, heel erg klein is. En dat betekent dat je aantal mogelijkheden om geestelijke signalen te ontvangen, wanneer je eenmaal bent overgegaan, aanmerkelijk zijn toegenomen.

Dat is één van de redenen waarom ik zeg : Er zijn ontzettend veel planeten in de kosmos. Er zijn er heel veel met een in feite andere en misschien zelfs hogere cultuur, techniek en beschaving dan die van jullie. Maar de mogelijkheden die wij op het ogenblik op aarde zien, zijn zo niet uniek, dan toch wel te rangschikken onder de hogere bewustwordingsmogelijkheden. En daar zie ik wel wat in.

Jullie moeten maar zo denken : de hele wereld is voortdurend bezig met problemen. De een is voor. De ander is tegen. De een voelt het meest voor minister X en de ander zegt : minister Y is ook zo kwaad nog niet. Er zijn mensen die zeggen : minister Z heeft gelijk en er zijn mensen die zeggen : minister XXX is de enige die het weet. En zo kun je doorgaan. Maar dat zijn uiterlijkheden. De werkelijkheid kun je niet omzeilen. En in die werkelijkheid zijn op dit ogenblik zo veel veranderingen gaande, zo ontzettend snelle ontwikkelingen, dat er bijna geen enkele. planeet hier in de omgeving te vinden is waar iets op ook maar vergelijkbare schaal gebeurt. Dat maakt volgens mij dat de aarde op het ogenblik aardig belangrijk is. En dat vind ik erg interessant.

Ik ben zo vrij geweest om hier en daar eens te kijken. We hebben bij ons van die eigenaardige types die van heel andere planeten komen. Meestal krijg je alleen maar op, zeg maar abstract niveau contact met ze. Maar ik heb geprobeerd ze te benaderen en ik kom tot de conclusie dat in dat hele Al met zijn vele honderdduizenden verschillende levensvormen, waarvan enkelen zeker zo hoog zijn of hoger dan de mens – hoger komt ook voor – al die levensvormen tenslotte alleen maar hunkeren naar een begripsmogelijkheid.

Het gekke is namelijk dat je begint met feiten te constateren, maar dat je die feiten nodig hebt om te begrijpen wat onzegbare invloeden, heel veelomvattende invloeden voor jouzelf betekenen. Het resultaat is dat ik de aarde op dit ogenblik zeker onder één van de zeg vijfduizend grote mogelijkheden wil rangschikken die ik in dit Melkwegstelsel heb kunnen ontdekken.

De veranderingen die in de nabije toekomst op aarde gaan plaats vinden, zijn zeer ingrijpend. Maak jullie je voorlopig geen zorgen, veel slechter kan het niet meer. Ik bedoel menselijk gezien. De omstandigheden kunnen nog een beetje slechter, maar de menselijke verhoudingen beginnen zo langzamerhand aardig bij een dieptepunt te komen. Gaat het namelijk verder, dan vernietigt de mensheid zichzelf. Maar de mensheid is zo dat ze zichzelf altijd in stand wil houden. Het gaat dus vanzelf weer naar boven, daarover hoef je je helemaal geen zorgen te maken, vind ik. Het einde van de wereld komt nog niet ! Het spijt ons heel erg voor al diegenen die erin geloven en denken dat ze er dan van af zijn, maar de incarnatiemogelijkheid op aarde blijft nog wel enige tijd bestaan.

Maar nu een beetje realistisch. Jullie zitten in een wereld met heel sterke veranderingen en daardoor de noodzaak om steeds meer te leren en jullie steeds meer aan te passen. Dat lijkt stoffelijk erg vermoeiend, maar geestelijk betekent het ontzettend veel ruimte. Jullie kunnen verder komen.

Op den duur zal er ook op aarde voor de gewone mensen wel weer meer vrijheid komen. Absolute vrijheid bestaat nooit, dat weten jullie. Maar vrijheid betekent dat men veel meer kans krijgt om het eigen lot mee te bepalen. En naarmate dat verder gaat, krijgt men ook nog een confrontatie met zichzelf.

In dat kosmische geheel zie ik de aarde niet alleen als redelijk belangrijk, maar bovendien als voor jullie zeer hoopgevend. Uit deze wereld zoals ze nu bestaat – hoe gek het moge klinken – gaan een aantal mensen, noem ze ingewijden of God‑omvatters, naar voren komen. Die ontstaan gewoon. Een proces dat je evenmin kunt tegenhouden als het opkomen van onkruid, bij wijze van spreken. Daarbij komt bovendien nog dat de aarde voor zover wij dat kunnen nagaan, op het ogenblik heel erg gunstig zit wat betreft de kosmische invloeden.

Jullie zijn – dat hebben jullie waarschijnlijk ook wel gemerkt – binnen gegaan in een nieuwe era, een nieuw tijdperk. Een nieuwe heerser, zegt men dan. Maar dat betekent wel dat de invloeden die op de mens gaan inwerken, tenslotte het egoïsme dat nu overheerst langzaam maar zeker weer gaan afbreken. En dat lijkt me erg goed want egoïsme is een beperking van je mogelijkheden.

Ik ben zo vrij geweest om hier en daar te informeren hoe dat met het egoïsme op andere planeten zit. Schrik niet : de mensheid staat op dit ogenblik op de derde plaats ! Maar het ziet er naar uit dat jullie zich bevinden in een ontwïkkelingsstadium waarin dat egoïsme en zelfs het egocentrisch bestaan aanmerkelijk af gaat nemen. Dat zal binnen enkele honderden jaren waarschijnlijk al aardig op gang zijn.

Jullie tijd duurt het nog wel. Er zit een enkele jongeling bij die misschien kan zeggen : ik zie nog wel iets van het nieuwe. Maar wat hij er van zal zien, is meestal ook alleen nog maar de verpakking en die valt tegen. Het produkt is goed, dat kan ik garanderen.

Rondkijkend zeg ik : de aarde heeft erg veel ontwikkelingsmogelijkheden door de relaties die zij op het ogenblik heeft met kosmische krachten. Of we die kosmische krachten nu Aquarius noemen of ze zoeken in lichte variaties van beïnvloeding van de zon plus daardoor ontstane zwaartekrachtveranderingen. (Ook heel geringe hoor, een variant van twee duizendste is al genoeg om een verandering in de bewustzijnsvorm bij alle levende wezens te veroorzaken). Hoe intelligenter je bent, hoe meer je aan die norm toekomt. Het is net als bij de belasting : je wordt progressief aangeslagen. Een vlo merkt er niets van. Een mens heeft dan die verandering ineens wel.

Al deze dingen bij elkaar moeten natuurlijk vergeleken worden met hetgeen er geestelijk gaande is. Geestelijk is er een voortdurend proces dat je niet in periodes van bewustwording kunt indelen. Dat proces noemt men vreemd genoeg wel eens de kosmische spiraal, ook wel het kosmisch rad.

Dat laatste betekent doodgewoon een versnelling van herkenning. Dat wat je geweest bent, wat je beleefd hebt, waar je mee geconfronteerd bent – ook wanneer het nog niet begrepen kon worden – keert steeds sneller terug. Maar gelijktijdig ben je steeds bewuster wanneer je het doormaakt. D.w.z. dat je dus geestelijk gezien een enorme groei kunt doormaken in korte tijd, zeker wanneer je in die versnelling zit. Ik noem het dan ook de spiraal.

Ik meen dat je uit het voorgaande kunt concluderen dat een zeer groot aantal mensen versneld zullen incarneren. Dat zijn dan tijden die ver beneden de 720 jaar liggen. Maar als al die mensen zo’n snelle bewustwording gaan doormaken, zowel op aarde als natuurlijk ook in de sferen, kan dit betekenen dat daarna zeer waarschijnlijk – als er nog incarnaties op aarde zijn – het of dierlijke of zeer verlichte zullen zijn. Dat is interessant want verlichten hebben wij altijd nodig, al is het alleen maar om geestelijk gezien te besparen op de energierekening..

Wij kunnen aannemen dat daardoor heel veel illusies gaan verdwijnen. Zeker ook bepaalde spiritistische. Maak jullie geen zorgen. Jullie moeten niet alleen denken aan de kerken en de staatkundige systemen. (staatkundige systemen zijn trouwens illusies waarin je gelooft omdat je niets beters weet.)

Realiseer jullie dat de mensen groeien naar een grotere innerlijke vrijheid. Aangezien dat proces al een aantal jaren op gang is – ik meen dat het in 1963 of 1964 is begonnen – moeten we er ook rekening mee houden dat we een toenemend aantal bewusten op aarde zullen terugzien. Daardoor zou het wel eens mogelijk kunnen zijn dat de aarde in deze arm van het Melkwegstelsel zelfs de belangrijkste incarnatieplaneet wordt.

Daar hebben jullie natuurlijk wat aan, hé ? Als ik zeg dat over honderd jaar iedereen gelukkig zal zijn, zeggen jullie : Maar ik zit hier met de ellende. Of jullie zijn zeer idealistisch en doen jullie een ander de ellende aan voor het geluk dat later komen zal. Dat gebeurt ook.

Alles bij elkaar genomen en een beetje concreet denkend, ook wanneer het over een geestelijke wereld gaat : wanneer mensen op aarde steeds bewuster worden, zullen ze ook steeds meer contact op kunnen nemen met entiteiten die een andere ontwikkeling hebben doorgemaakt. Er zal geestelijk een steeds toenemende uitwisseling zijn van gegevens en mogelijkheden. D.w.z. dat degenen die op aarde terug komen, allerlei keuze-elementen meebrengen. Maar dat zij ook onbewust weten waardoor zij andere vormen van beschaving en techniek a.h.w. op aarde kunnen introduceren binnen het kader van de voor hen beschikbare aardse middelen en en aardse kennis. En dan wordt het interessant.

Als je spreekt over één Melkwegstelsel dan is dat natuurlijk niets. Er zijn er heel veel. Als we aan de andere kant een Melkwegstelsel nu eens bekijken als een organisme, mijnentwege als één enkele cel, dan kan die cel alleen maar goed functioneren als alle delen perfect op elkaar zijn afgestemd. Ik neem aan dat wij ons op het ogenblik in een stadium bevinden waarin die afstemming binnen het Melkwegstelsel gaande is.

Ik praat er natuurlijk heel anders over dan onze gastspreker van zodadelijk. Die komt waarschijnlijk weer heel filosofisch over en zal – zoals gastsprekers meestal doen – proberen bepaalde dingen meer uit te drukken in krachten en gevoelens dan dat je dat in woorden kunt doen. Ik ben zo ver nog niet. Ik moet het met woorden proberen en het lukt me ook niet helemaal.

Geen kritiek op gastsprekers hoor, maar dat ze jullie allemaal tegelijk precies goed te pakken hebben, komt ook maar zelden voor. En ik weet het want we blijven altijd in de buurt om te zorgen dat er niets gebeurt. Daar hebben jullie waarschijnlijk nog nooit aan gedacht. Jullie denken : Hier zitten wij, er kan toch niets gebeuren met zo’n medium ? Ja, de geest denkt er anders over. Die zet er een lijfwacht om heen. Zo erg is het.

Maar wanneer ik alleen met woorden moet schilderen, kan ik misschien toch wel een paar dingen tot jullie door laten dringen . In de eerste plaats : Wat er gebeurd is en wat er gebeuren gaat, is op zichzelf veel minder belangrijk dan de bewustwording die er uit ontstaat. Jullie zitten hier natuurlijk met de ellende. Zeker. Hoeveel jaar nog ? Jullie kunnen het zelf wel een beetje uitrekenen.

Na die jaren gaan jullie profiteren van de mogelijkheden die jullie op aarde hebben gehad. Jullie zullen daardoor gelijktijdig steeds meer bewustzijn krijgen, waarbij jullie niet alleen meer aan de aarde en de mensheid gebonden bent, maar steeds meer contacten krijgt met al die andere werelden.

Wanneer wij alle werelden nagaan met bewust leven, dus gaande van de lagere mens tot de topmens die op aarde nog niet bestaat, dan moeten we zeggen dat er bij elkaar toch wel ruim honderdduizend werelden zijn. De entiteiten die daar vandaan komen, kunnen jullie iets geven. Maar jullie kunnen ook die anderen iets geven.

Wanneer jullie met elkaar tot een soort uitwisseling komen, zal elk daar een betere bekwaamheid aan overhouden. Laat ik het zo zeggen : Twee verschillende technische culturen gaan met elkaar gegevens uitwisselen. Alleen maar gegevens. Dan zul je zien dat hierdoor in beide een verandering en een versnelling van technische vooruitgang ontstaat. Datzelfde gaat zich nu geestelijk in steeds sterkere mate afspelen.

Er is een uitwisseling van geestelijke gegevens tussen verschillende ontwikkelingen, verschillende culturen en elk geeft iets van zijn eigen techniek én zijn eigen beleven aan de ander. Dan moeten wij langzaam maar zeker komen tot een fase waarbij een eenheid tussen de aarde en laten we eens een gok wagen – ongeveer een drie en een half duizend rassen zonder meer mogelijk is.

Dat wil nog niet zeggen dat de ruimtevaarders naar deze wereld toe komen. Als ze het op dit ogenblik zouden doen, zou ik zeggen dat ze gek zijn. Jullie krijgen de gegevens geestelijk en degenen die geboren worden, gaan proberen om die gegevens uit te werken.

Dat is interessant, want op het ogenblik is één van de grote fouten in de mensheid dat ze zich niet helemaal meer kan oriënteren. Dat men zegt : Wat kan ik nog doen ? Er is een gevoel van hulpeloosheid, van machteloosheid. Een gevoel van : nou ja, laat maar waaien. Er is sprake van een toenemende stuurloosheid. Dat zullen jullie met mij eens zijn.

Stel je nu eens voor dat voor die stuurloosheid doelbewustheid in de plaats komt. Maar niet meer de doelbewustheid van : wij zullen de wereld wel eens eventjes verbeteren en als ze niet willen dat wij ze goed doen dan slaan we er wel op totdat ze wel willen Dat is de vorm van welwillendheid die het meeste in is op het ogenblik.

Neen, echt in de zin van : ik zie wat er is en we kunnen met de mogelijkheden die er zijn en de middelen die we hebben meer doen. We kunnen meer doen met onze filosofie. We kunnen onze godsdienst als het ware omzetten. We kunnen er iets beters, iets nieuwers van maken.

We kunnen onze techniek aanpassen aan de werkelijke situatie op aarde zodat de aarde niet vergiftigd wordt en we het toch ook weer niet zonder de techniek hoeven te stellen, kortom, je kunt duizend en één dingen doen.

Op andere planeten heeft men misschien wel weer alle ethica, maar daar heeft men te veel van het strijdprincipe verloren, waardoor de zaak daar stagneert. Het strijdprincipe is nu eenmaal nodig. Maar op een andere manier dan bij jullie. Ook daar moet een ontwikkeling komen als het besef komt dat je alles minstens op tien verschillende manieren kunt doen. Dan krijgen wij ook daar weer variatie en stuwkracht.

Ik denk dat dit hele Melkwegstelsel op weg is naar een toenemend grote eenheid. En wanneer we dus werkelijk een groep krijgen van ongeveer drie en een half duizend planeetgeesten, die weer veel te maken hebben met de bewoners die daardoor allemaal op één lijn komen te zitten, dan zou het mogelijk moeten zijn om ook weer contact te krijgen met groepen die al verder gevorderd zijn en daar ook weer mee op één lijn te komen. Het moet mogelijk zijn om een eenheid te smeden waarbij je niet onderworpen bent aan elkaar, maar waarbij je waardevol bent voor elkaar door hetgeen je aan de ander geven kunt. Ik geloof er werkelijk in dat dat een proces is wat zich op het ogenblik afspeelt, vanuit mijn standpunt dan.

Ik geef toe dat ik de stoffelijke problemen niet volledig kan overzien. Wie van ons kan dat wel ? Wij zijn aangewezen op jullie denkbeelden, op jullie gedachten. En als er iets tegenstrijdig is, dan is het wel het denken van de mens over de moderne ontwikkelingen en gebeurtenissen.

Wat wij in onze eigen wereld zien, is voor ons weer een zekerheid. Voor jullie is het een : misschien zal het wel eens waar worden. Dat weten wij allemaal. Maar wij zien dat er een lijn in zit. We zien dat er mogelijkheden zijn. Wij zien zelfs dat ook in deze arm met zijn 5 geestelijke hoofdbrandpunten er een neiging bestaat tot verscherpte uitwisseling. Voorlopig nog op geestelijk niveau; misschien dadelijk ook op stoffelijk niveau. Dat kan ik niet overzien.

Ik verwacht daardoor binnen enkele eeuwen – en dat is heus niet veel als je dood bent, weet je pas hoe weinig een eeuw betekent – een enorme ontwikkelingsmogelijkheid. En waardoor ontstaat die ? Door datgene wat op dit ogenblik op deze aarde gebeurt.

Dus als jullie weer eens zitten te morren : “Er deugt allemaal niets van”, realiseer je dan dat dit verschijnselen zijn. Dit zijn fasen van niet‑weten‑waarheen in een ontwikkeling waarbij juist de geestelijke achtergronden steeds definitiever worden. Waarbij steeds meer mensen met geest en met bewustzijn gaan incarneren. Waarbij de vernieuwing – het spijt me, oudjes – van de jeugd gaat komen. (Tussen twee haakjes, dat moet je niet verder gaan vertellen aan het medium, anders geeft hij er meteen de brui aan.)

Realiseer jullie dat. Jullie maken deel uit van een ontstellende ontwikkeling die een versneld geestelijk rijpingsproces voor een heel groot gedeelte van de mensheid ten gevolge heeft. Bedenk dan bovendien dat alles wat je je hier hebt voorgesteld over het hiernamaals altijd een beetje vaag en altijd een beetje onwerkelijk is. Dat de betekenis van wat je geweest bent en wat je gedaan hebt in de geestelijke werelden pas werkelijk beleefd wordt wanneer je afstand hebt kunnen nemen van je stoffelijke beoordeling. Maar dat de stoffelijke beoordelingen, die jou nu eenmaal gevormd hebben, gelijktijdig weer een basis vormen, waardoor je op kunt gaan in een groter geestelijk geheel en een enorme uitbreiding van je bewustzijn kunt doormaken.

Zo zie ik dat. Ik weet wel dat het niets te maken heeft met kosmische causaliteit, of misschien ook wel. Ik weet niet eens goed wat je daaronder moet verstaan, dus het zou kunnen.

Het is wel datgene wat mij opvalt wanneer ik me bezighoud met de kosmos, met de geestelijke werelden er om heen en met het gebeuren van uw wereld. De reactie van de mensen …

Nu wil ik het heus niet veel langer maken met dit betoog. Ik wil alleen heel duidelijk zeggen, lieve mensen, het valt allemaal wel eens niet mee. Je kunt persoonlijk soms ontzettend in de knoei zitten in deze dagen. Dat weet ik.

Soms heb je lichamelijk of mentaal dingen te verwerken waarvan je denkt : ik kan er eigenlijk niet tegenop. Maar je kunt er doorheen komen. Je zult er doorheen komen, want alleen zó ben je een geslaagde bijdrage voor een bewustwording die zich zelfs niet alleen tot deze wereld beperkt, maar die eigenlijk te maken heeft met de vier andere hoofdcentra van bewustwording in dit deel van het Melkwegstelsel in deze arm. En indirect waarschijnlijk met de mogelijkheden die zich voor een drie en een half duizend werelden gaan ontwikkelen.

Jullie leven niet voor niets. Je zit niet voor niets in de puree. Dat wou ik nou alleen maar zeggen.

Als we zo in de kosmos van betekenis zijn – ik zit niet meer op aarde, ik heb gemakkelijk praten – en we weten dit, dan denk ik dat we ook gemakkelijker een beetje weg kunnen stappen over alle strijdigheden en alle ellende waarmee we geconfronteerd worden. Ik denk dat we ons dan ook niet meer zo woedend maken over alle gekke dingen die er op aarde gebeuren en over alle tegenstellingen en valse voorspiegelingen die een rol spelen. Dan kunnen we zeggen : als het zo moet zijn, dan moet het zijn.

Ik heb eigenlijk maar één taak. Ik wil gewoon als mens proberen geestelijk zo bewust en gelijktijdig zo harmonische mogelijk tegenover mijn medemensen te leven. Ik wil een beetje begrip voor ze hebben. Ik wil met ze samenwerken. En ik wil me niet afsluiten voor die verschijnselen in de wereld die ik misschien zelf minder aanvaardbaar vind. Ik wil er gewoon voor open staan. Want alleen dan krijg ik die ervaringen waardoor ik later in de geest kan bijdragen tot een enorme versnelling van bewustwording op aarde en indirect waarschijnlijk elders.

Dat is alles. Nu kunnen jullie even ademloos zitten en nog zwijgen tot ik vriendelijk afscheid heb genomen, want dat doen jullie altijd heel beleefd. Het is altijd prettig voor een spreker om de mensen even zwijgzaam achter te laten. Het zal niet lang duren neem ik aan.

Ik wens jullie in ieder geval een heel aangename pauze. Wanneer jullie met onze gastspreker worden geconfronteerd en jullie denken : wat hij gezegd heeft, slaat als een tang op een varken, dan denken jullie maar : ik ben waarschijnlijk het varken geweest. De ander is ouder dan ik en die zal dan de tang wel zijn.

De Gastspreker.

Ik heb gehoord, zeer tot mijn spijt, dat ik ben aangekondigd als een expert in kosmische causaliteit.

Wanneer je praat over de kosmos, wanneer je praat over het geheel van alle werelden, wanneer je je bezighoudt met dat fantastische spel van alle krachten die samen de schepping uitmaken, dan is er eigenlijk niets wat je zonder meer oorzaak en gevolg kunt noemen. Alles is een kwestie van uitwisselingen van waarden en van krachten.

Telkens weer zie je dat ergens, doordat krachten samentreffen, iets bijzonders gebeurt. Het is eigenlijk of je in een veld zit van laserstralen die, wanneer ze kruisen, plotseling bloemfiguren voortbrengen die alweer verdwenen zijn voordat je goed gezien hebt wat het is.

De kosmos kan alleen gewaardeerd worden wanneer je de tijd uitschakelt. Dat wordt voor mij erg lastig, daar men mij heeft gezegd dat ik voor deze spreekbeurt slechts een zeer beperkte tijd ter beschikking heb. Laat me proberen jullie iets duidelijk te maken.

Jullie leven. Het feit dat jullie leven is een samenwerking van een aantal verschillende krachten. Dat, wat jullie levenskracht of vitaliteit noemen, komt voor een deel van jullie zon, maar het hangt ook nog samen met de straling in de ruimte waarin die zon zich beweegt. Als dat er allemaal niet is, kunnen processen, waardoor leven ontstaat of leven in stand word gehouden, op een planeet niet plaats vinden.

Jullie bestaan ook nog geestelijk. Die geestelijke bestaansvorm kan alleen daar ontstaan waar een splitsing van het geheel in tegendelen heeft plaats gevonden. Daardoor ontstaan geestelijke werelden en kunnen er in die werelden eenheden ontstaan die besef ontplooien.

Dan blijft daar verder natuurlijk nog wat men noemt de ontwikkeling, de inwijding, de bewustwording. Iedereen heeft zijn eigen lievelingsnaam daarvoor. En dit speelt zich in feite af door een besef van werelden die naast je eigen wereld liggen. Je gaat meer krachten ontvangen waardoor je meer van de kosmos gaat beseffen. Maar dat betekent natuurlijk wel dat je houding tegenover de kosmos voortdurend gaat veranderen.

Nu kun je tegen een mens zeggen : later zal je alles begrijpen. Dan antwoordt hij : “maar nu snap ik er niets van.” Zo ben ik vroeger geweest en zo zullen jullie ook wel zijn.

Als je tegen de mensen zegt : “Later zal je de eeuwige zaligheid krijgen”, antwoorden ze : “O ja ? Maar wat doe je aan mijn ellende die nu bestaat ?” En daar kan ik echt bij meevoelen.

Jullie moeten niet denken dat ik een ver verwijderd wezen ben, ook al houd ik mij bezig met zaken die voor jullie allemaal nog sprookjes zijn of zelfs onbegrijpelijke vaagheden.

Er is één ding wat wij allemaal gemeen hebben. Alle krachten komen voort uit één kracht. Alle krachten zijn dus in wezen onderling uitwisselbaar. Een kwestie van transformeren. Het omzetten van de ene spanning van de ene trilling in de andere spanning en de andere trilling.

Omdat wij dat allemaal rond ons en in ons hebben, zijn wij eigenlijk direct verbonden met wat men de “ene waarheid” pleegt te noemen. Pleegt te noemen, want ik weet ook nog niet wat de waarheid is.

De waarheid is, geloof ik, het raadsel waar we achteraan jagen en dat we alleen denken op te lossen wanneer we vergeten dat er ook nog andere dromen zijn dan die, welke wij als basis gebruiken.

Jullie hebben kracht. Heel goed. Maar jullie doen er niets mee. Wat gebeurt er dan ? Dan blijven jullie, omdat je die kracht niet gebruikt, gescheiden van de rest van de wereld, van de rest van de kosmos waarin die kracht speelt.

Een mens die een wonder doet – tegenwoordig word je daarvoor bestraft, maar goed – stel dat je het doet, dan doe je niet alleen een wonder in je eigen wereld, je doet tevens een wonder in jezelf. Want om de kracht naar buiten te kunnen brengen, moet je in jezelf een grens verbreken. En dat zijn zaken die voor een mens een beetje moeilijk voorstelbaar zijn, denk ik.

Jullie vertellen dat alles zin heeft, dat geloven jullie waarschijnlijk wel. Jullie voelen het niet Toch houden jullie rekening met hetgeen jullie voelen en niet met hetgeen jullie weten want zo zijn de meeste mensen.

Jullie vertellen dat jullie kracht hebben terwijl jullie niet weten hoe jullie ze gebruiken moeten, heeft weinig zin. Geeft je alleen maar een gevoel van minderwaardigheid.

Maar misschien kan ik jullie wel vertellen dat jullie deel zijn van een geheel en alle wisselingen in dat geheel lossen elkaar toch weer op.

Wanneer jullie ellendig zijn, gebeurt er elders iets wat goed is. Wanneer jullie een fout maken, zal een ander daardoor juist iets goeds doen.

Het komt er voor jezelf wel op aan, want je hebt het gevoel : dat ben ik en dat heb ik gedaan. Maar voor het geheel maakt het niet uit.

Het betekent ook dat er nooit een uiteindelijke verdeling zal zijn in duister of in licht. Er zal alleen maar een besef zijn en in dat besef zit duister en licht; mogelijkheden, maar het zijn geen feiten.

Jullie kunnen zeggen : Wij moeten onze naaste liefhebben. Ik vind het een heel mooie stelling en ik hoop dat er veel mensen zijn die ze tenminste op hun eigen wereld waar kunnen maken Maar als je kijkt wie je dan lief moet hebben, dan kijk je nog wel een keer uit, denk ik.

Je wilt eigenlijk iets vertalen. Wat namelijk wel bestaat, is de eenheid door te zeggen : liefde. En naastenliefde is heel iets anders dan besef van eenheid met. Toch is dat de juiste term. Daardoor ontstaan die eigenaardige werkingen. Wij gebruiken de verkeerde begrippen; wij gebruiken de verkeerde woorden. We hanteren de verkeerde voorstellingen vaak. En die maken het ons onmogelijk om datgene wat noodzakelijk is, waar te maken.

Leven is een kwestie van kracht ontvangen. Kracht hanteren. Kracht voortbrengen. Maar elke kracht die je hanteert is deel van het andere. Van de andere. Van de wereld. Van de zon. Van de kosmos. Van God voor mijn part.

Ik kan dus niet zelf leven tenzij ik besta als deel van een groter geheel. Ik kan ook dat geheel niet veranderen. Dat is zoals het is. Het enige wat ik kan doen, is mijn besef van het geheel veranderen en vergroten en alle oorzaak-en-gevolgwerkingen (0 ja, nu kom ik toch op causaliteit. Ja, een mensenliefhebberij, daar kan hij nooit vanaf komen)

Wanneer ik mijn besef van mijzelf verander, verander ik niets aan de werkelijkheid. Maar wel aan mijn eigen toegang tot die werkelijkheid en de toegang van die werkelijkheid tot mij. Maar waar mijn begrip verandert, verandert de kracht die voor mij bestaat. En daarop is nu eigenlijk dat hele Al gebaseerd. Of jullie denken aan de hoogste geest of de hoogste wereld, denken aan een stralende zon, met de kracht die daarin woont of aan een planeet met zijn eigen bezielende kracht, ze zijn allemaal precies zo afhankelijk van datzelfde spel als jezelf.

Wat ik besef, wordt mijn wereld. Maar de wereld die ik beleef, is voor mij de mogelijkheid om te begrijpen hoe zeer ook deze deel is van het grote geheel. En daar staan jullie toch wel even van te kijken, denk ik.

Jullie denken : Nu is er een hoge aan het woord. Nou vergeet het maar. Ik ben geen hoge en ik ben geen lage. Lage altijd een extra a. Ik ben gewoon een entiteit; iemand die geweest is zoals jullie. Ik heb een besef dat ontwikkeld is uit hetzelfde besef dat jullie bezitten.

De kracht die in mij woont en die ik jullie zodadelijk nog een enkele keer misschien zal proberen toe te sturen, is dezelfde kracht die in jullie bestaat. Het enige verschil tussen ons is de grootsheid van mijn wereld en de mogelijke beperktheid van die van jullie. En dat is alles. Daarom kan ik ook geen les gaan geven, geen lering uitspreken (ik vind dat een misselijk woord). Daarom kan ik alleen maar zeggen : Kijk, hier ben ik. Wat ik ben, zijn jullie ook. Wat ik weet, zullen jullie ook weten en meer. Wat voor mij verleden is, wordt voor jullie verleden. En wat voor mij samenvloeit tot eenheid, bestaat voor jullie net zo.

Als ik zeg : “Ik heb kracht” dan hebben jullie die ook. Het is zo eenvoudig als 2 x 2 = 4. Ik ben doodgewoon bezig om een heel klein beetje kracht – niet te veel, je moet nooit iemand laten schrikken – een klein beetje kracht naar jullie toe te sturen. Als jullie mij vragen : hoe heet die kracht ?, dan weet ik er geen naam voor.

Een paranimf hier zegt : harmonie. Ik weet het niet, ik voel meer voor symfonie. Toch is het kracht. Een kracht van eenheid, van sterker zijn. Een kracht van misschien een beetje genezing, een beetje optimisme als je het menselijk uitdrukt en toch de kracht die altijd in jullie en rond jullie is.

Wat ik ben, maakt dat ik weet wat die kracht is. Wat jullie zijn, maakt jullie vaak blind voor die kracht, voor wat ze is en kan zijn.

Zo zien jullie : het hele verschil ligt eigenlijk in een heel klein beetje begripsverschil en verder niets. Maar wanneer ik zeg dat er licht in jullie moet zijn en er is iets in jullie dat daarop antwoordt, wordt het licht in jullie. Niet omdat ik dat zei, maar omdat er iets wakker wordt wat in jullie woont. Dat nu is dat hele geheim waar mijn vriend zonet zo heerlijk kosmische causaliteit van heeft gemaakt.

Waar het besef verandert, verandert de toestand. Dat is het hele verhaal. En dan kun je er zonnen aan te pas brengen, sterren en veranderingen in de ruimte, maar als je het terugbrengt, is het gewoon : veranderd besef is een veranderde wereld.

Een veranderde kracht is nog steeds dezelfde kracht, maar ze wordt anders beseft.

Weet je, wij beliegen onszelf vaak. We zeggen : ik hou van jou. Ja, maar dan wel op mijn manier. Ik heb de mensen lief. Ja, maar niet voor wat ze zijn.

Ik moet zeggen, ik voel mij één met de mensen. Want er is niets wat in jullie bestaat, wat ergens niet voor mij een rol speelt. Er is niets van hetgeen er in mij leeft, wat niet in jullie bestaat. Maar wij moeten gewoon wakker worden. Dat is het hele verhaal.

Nu mogen jullie in vroomheid en verhevenheid rustig even dutten, dat is niet erg. Jullie mogen kuchen, hetzij uit overtuiging, hetzij uit noodzaak, dat maakt helemaal geen verschil uit. Dat is geen kritiek. Al wil je blaffen, het geeft niets.

Het heeft dus allemaal niets te maken met plechtigheid en plechtstatigheid. Begrijp dat. We hebben wel te maken met licht. Tenminste zo noemen we het. Met een kracht die ons sterker maakt, maar die we alleen kunnen gebruiken wanneer we de grenzen van ons eigen wezen eens voor een ogenblik opengooien. Als we dat doen, wordt onze wereld een beetje anders.

Als onze wereld anders wordt, wordt onze kracht anders. Zoals de kracht anders wordt, zo wordt ons besef van de werkelijkheid anders. En naarmate ons besef zich wijzigt, zijn we meer meester over het onbelangrijke en worden we ons meer bewust van bet werkelijke belangrijke.

Het is moeilijk om jullie een lesje te geven, dat wil ik wel zeggen. Dat komt omdat ik niet in staat ben om met woorden precies duidelijk te maken waar het om gaat. Laat me het zo zeggen: – misschien een gekke gelijkenis, maar neem het maar even – Ik heb geen menselijke woorden meer. Ik neem dus de woorden van iemand die op aarde leeft. Ik probeer ze door elkaar te mengen totdat ze zeggen wat in mij leeft.

Ik neem de kracht die in mij leeft, maar die kan ik niet uiten zoals die in mij bestaat. Dus vorm ik ze om tot ze iets wordt wat in een mens bestaat. Dat versterk ik tot zover die mens en de anderen het kunnen verdragen en ik gooi die kracht er uit. Dan is er eigenlijk nog niets veranderd. Het enige wat er veranderen kan, is wat er in jullie bestaat.

Wanneer jullie te maken hebben met iemand die leed heeft, moeilijkheden heeft, zorgen heeft (als er iets is waar de mensen op aarde genoeg van hebben is het van die dingen) en jullie willen hem helpen, moeten jullie eerst proberen te begrijpen hoe die ander daar tegenover staat. Jullie kunnen iemand alleen helpen wanneer jullie a.h.w. even een beetje die ander wordt, probeert om in diens begrip, diens denkwereld, diens leven en levensstijl en leefwereld in te dringen. Dan kunnen jullie er wat aan doen. Waar jullie dat niet kunnen, blijft het allemaal oppervlakkig.

Zo is het nu ook met die kracht. Als ik spreek met woorden die niet van mij zijn, maar die toch iets van mij uit moeten beelden, dan moet ik een eenheid vormen tussen mijn denkwereld en die van degene die ik gebruik.

Wanneer ik mijn kracht in jullie wereld wil manifesteren, kan ik dat wel algemeen doen, maar dat is dan niet afgestemd. Dus gaat het aan jullie voorbij.

Jullie zijn met jullie eigen zorgen geïmpregneerd tegen de kracht die op jullie neerregent. Dus wat moet ik doen. Ik moet onder die paraplu van zorgen en menselijkheid en illusies dringen. Daar waar een eenheid gevormd kan worden, op welk begripsniveau dan ook, is het mogelijk dat laagste en hoogste waarden samensmelten tot één kracht. Dan kan wat in de ene wereld leeft in de andere wereld opeens ook bestaan. Dan kan datgene wat werkelijk is, werkelijkheid blijven wanneer het in een andere wereld komt en zich daar manifesteert.

In zekere zin is de oorzaak van al die dingen de poging om het andere, de ander te aanvaarden zoals ze werkelijk zijn en daardoor dat wat je zelf bent, toe te voegen aan de ander zonder de ander te veranderen. Dat is het geheim van gebedsgenezing, paranormale genezing. Het a.h.w. lezen van de ziel van de ander. Maar het is ook gelijktijdig het geheim van de eenheid van alle werelden. En dat is nu het belangrijkste, tenminste voor mij, wat er bestaat in de kosmos. Het meest bindende tussen de werkelijkheid en onze aparte wereldjes.

Nu heb ik natuurlijk – jullie zullen dat misschien gemerkt hebben – ondertussen al een spelletje met wat kracht zitten spelen. Het is helemaal niet belangrijk of het nu wel lukt of dat het niet lukt. Of het lukt, ligt aan jullie én aan mij.

Wanneer ik voldoende één kan worden met jullie en er een gemiddelde mogelijkheid is voor jullie met mij, dan hebben we daarmee een band gevonden waarbij die kracht kan worden uitgedrukt.

Die kracht is niet alleen maar kracht. Ze is bewustzijn. Ze is werking. Ze is energie. Ze is alles wat je je maar kunt voorstellen. Want het is de ene kracht waar alles uit is voortgekomen. En waar die kracht ook wordt gebruikt of hoe ze ook wordt gebruikt, ze is steeds afhankelijk van de versmelting van de geest en de inwerking van al wat je bent en hebt op al datgene wat je in de ander nog kunt erkennen en kunt aanvaarden.

Is dat eigenlijk niet het beste wat je geven kunt ? De kern van wat je bent. Begripswereld waarin je zelf leeft. En dat zonder dat je een ander probeert te veranderen. Zonder dat je probeert die ander om te vormen.

Wanneer ik dat doe – ik heb het zo-even gedaan – dan kunnen jullie er een naam voor vinden. Het Licht van het Kruis. De Eeuwig Lichtende Ster. God. De hoge Geest. Het zijn allemaal namen voor beperkte begrippen en al die beperkte begrippen liggen in dat ene wat werkelijk is.

Er is naar ik meen één begrip wat voor de mens het meest belangrijke is, namelijk het bestaan. Dat begrip wil ik voor jullie als modulatie gebruiken voor nog één laatste golfje van mijn kracht voor zover ik jullie die geven kan. Dat is vrede. Gewoon vrede. Vrede in jezelf. Aanvaarding van jullie wereld. Erkenning van de krachten om jullie heen. Vrede met jullie leven en met dat wat men op aarde dood noemt. Vrede met wat jullie zien als jullie fout. Vrede met wat jullie zien als jullie deugden. Innerlijke rust waardoor je sterk kunt zijn en een besef van de kracht die in jullie leeft, zodat jullie daarmee kunnen werken. En dat is alles.

Neem maar het beeld dat jullie zelf willen en aanvaardt de vrede. Dan zullen jullie leren begrijpen hoe jullie als deel van de eenheid geheel verbonden bent met alles, zelfs met de onbelangrijke dingen zoals ik ben.

Daarmee scheiden we wat dit contact betreft. Niet wat de kracht betreft, wanneer jullie die kracht beseffen. Want in de kracht zijn alle dingen één. En slechts waar het begrip beperkt is, kan een werkelijke scheiding bestaan.

Ik hoop dat jullie de vrede in jezelf vinden en dragen en zo de kracht in jezelf, rond en uit jezelf leert gebruiken opdat de vrede jullie antwoordt uit jullie wereld.