23 november 1979
Ik herinner u eraan dat wij niet alwetend of onfeilbaar zijn, zodat u zelf dient na te denken.
Tja, was Zarathustra iemand of is hij slechts een legende? Het is moeilijk op die vraag een zeker antwoord te geven.
In de zoroaster-dienst wordt hij gezien als de leraar, de eerste wijsgeer en meester. Maar hetgeen hem in de mond wordt gelegd, komt voort uit vele geheimscholen en zelfs priesterschappen. Zijn stellingen zijn reeds bekend in een heel ver verleden.
De kern van zijn stelling is immers de eeuwigdurende strijd tussen goed en kwaad, tussen licht en duister. Indien wij even aannemen dat hij een werkelijke persoonlijkheid geweest is en niet alleen een soort verhulling van het product van een collectief van denkers, moeten wij toegeven dat zijn lering niet zo origineel is en zoveel invloed heeft gehad als men geneigd is op het eerste gezicht te denken.
Trouwens, de visie die wordt gegeven op de eeuwige strijd tussen het licht en het duister is iets wat elke mens in zich eigenlijk al weet. Zeker, nu komt het eindelijk naar voren in een meer abstracte zin. Het is nu niet alleen maar een strijd tussen de zon en de duisternis. Er is geen sprake meer van een wisseling van macht. Licht en duister worden voorgesteld als in feite evenwaardige en voortdurende tegenstanders.
Dit aspect heeft op de uitlegging van verschillende leringen inderdaad nogal wat invloed, ofschoon deze invloed vreemd genoeg groter schijnt te zijn in het noorden van Afrika en het zuiden van Azië dan in de Europese gebieden.
Pas later nemen anderen meer van de stellingen en uitleggingen, die de leer vergezellen over. Zo blijkt deze opvatting van belang te zijn geweest voor de gedachten in de Mithras dienst.
Maar wij zien, dat iets van dergelijke denkbeelden ook een rol speelt in de tijd dat de schrijvers de Griekse mythologie in feite componeren. Bij de Grieken hebben wij, zoals u bekend zal zijn, te maken met een bepaald pantheon, dat door schrijvers en niet door gelovigen of priesters in een bepaalde rangorde is samengesteld. Ook hier hebben wij te maken met een soort voortdurende strijd tussen het licht en het duister, ofschoon zij zich hier kennelijk meer afspeelt binnen de goden, die het ene ogenblik je vrienden zijn en het volgende ogenblik dodelijke iemand vervolgende vijanden.
Een dergelijke tweeledigheid vinden wij ook elders, zoals in Egypte, waar Isis de godin is van vruchtbaarheid, maar gelijktijdig de strijdbare, de moeder van de dood. Dergelijke voorstellingen vinden wij ook elders. Ishtar is eveneens een dergelijke tweeledigheid om dan nog maar te zwijgen van Kali, Kwan Yin en dergelijke figuren.
Indien u dus informeert naar de invloed van de zoroaster-leer, zo meen ik dat deze in de formulering wel, wat het oorspronkelijke denkbeeld betreft, niet bestaat.
Daar deze leer echter vele elementen bevat, die wij ook voornamelijk in het byzantijnse christendom terugvinden, kan gezegd worden dat vele filosofische formuleringen in de kerk een verwantschap vertonen met die van de Parsi. Men kan een directe beïnvloeding wel veronderstellen, maar bewijzen kan men die niet.
Kijken wij naar de vroegere kerkvaders en hun werken, dan lijkt het echter bijna zeker, dat althans een deel van hen mede door de zoroaster-leer is beïnvloed. Dit alles brengt ons echter geen stap verder, wanneer wij pogen te bewijzen, dat Zarathustra een reële figuur is, een mens, die werkelijk geleefd heeft.
Indien wij terugzoeken blijkt, dat er geen leraar bestaat die deze naam alleen gedragen heeft. Wel blijkt er een aantal mensen te zijn geweest die zich zoroaster hebben genoemd en aansluitend eenzelfde positie hebben ingenomen.
Waarschijnlijk traden zij op als voorman van een sekte en namen bij het aanvaarden van hun positie de naam van hun voorganger aan. Er moet dus wel een eerste zoroaster zijn geweest, maar het is niet zeker, dat deze ook de eerste verkondiger van de leer is geweest. Mogelijk heeft men hen aanduid als de zoroasten.
In de oudheid was dit meer gebruikelijk dan in uw dagen. Er zijn gevallen bekend waarbij vorsten gedurende 7 geslachten of meer, steeds weer de naam droegen als regeerder, waaronder de eerste vorst van dit geslacht had geregeerd.
Juist omdat er vele achtereenvolgende personen de naam zoroaster hebben aangenomen, wordt de zaak moeilijk. Van wie stammen bepaalde stellingen in feite? Wie was de eerste en waren zijn denkbeelden geheel zijn eigen inzicht of verkondigde hij de denkbeelden van anderen?
Zover ik de feiten vanuit de geest kan nagaan, blijkt de eerste zoroaster — een andere naam voor Zarathustra — de verkondiger te zijn van een leer, die stamt van een hypothetische profeet, waarvan niemand tot dan heeft gehoord.
Zoekt men naar de bronnen voor de leerstellingen, dan kan men deze afleiden uit de Babylonische filosofie. En daar zit je dan. Dan moet je spreken over het leven van iemand, die waarschijnlijk nooit bestaan heeft, de invloed duidelijk maken van een leer, die kennelijk aan vele vroegere leringen ontleend is.
Ik meen dat de invloed van de leer niet bepaald groot is geweest, maar dat zij wel de eerste maal een abstracte formulering heeft opgeleverd van het goed-kwaad principe als absolute tegenstelling — dus niet als een kwestie van componenten, zoals wij nog zien bij het yin yang principe.
Elke leer met een abstracte godsbeschouwing zal echter eveneens komen tot een formulering van goed – kwaad. Wanneer een godsdienst macht zoekt, is de stelling van eeuwig strijdende tegenstellingen zeer aantrekkelijk en nuttig.
Indien men deze stelling als de enig belangrijke van het zoroastrisme beschouwt, kan men stellen, dat overal waar het christendom is geweest, deze filosofie zonder meer heeft toegeslagen. Bij de hindoeleer is dit echter in veel mindere mate het geval, ofschoon juist hier de mogelijkheid van beïnvloeding groter was door een verbreiding van de zoroaster leer in bepaalde streken.
Bij het boeddhisme blijkt de invloed van dergelijke stellingen zelfs praktisch nul te zijn. Indien er al gesproken kan worden over een werkelijke invloed van de zoroaster leer, zo is deze volgens mij te danken aan het feit, dat vele mensen kennelijk behoefte hebben aan een vijand, die zij kunnen bestrijden – en gelijktijdig de schuld kunnen geven voor alles, wat misgaat. Dit heeft het voordeel, dat men eenieder die men als vijand beschouwt kan aanduiden als iemand die werkt vanuit het duister en dus volgens de goddelijke wil vernietigd moet en zal worden.
Maar misschien heb ik met mijn visie ongelijk, hebt u commentaar?
Indirect is het de school van Zoroaster die… (onverstaanbare vraag)
Indirect misschien wel. Indirect, omdat vrijmetselarij e.d. toch voortkomen uit het christendom, in hun nu bestaande vormen zeker. Wij kunnen de vrijmetselarij wel terug volgen tot bepaalde Egyptische en Griekse inwijding principes — terecht — maar indien wij naar de werkelijke kern van de hier geldende opvattingen zoeken, moet je volgens mij toch eerder kijken naar de Alexandrijnse scholen en wel uit de periode voor de brand in de bibliotheek.
Maar over deze wijsgerige stellingen en inwijdingsriten ligt het christendom dan toch wel als een heel dikke, bijna alles camouflerende saus. Het gevolg is, dat men ook hier wel de neiging kent, uit te gaan van absolute tegenstellingen.
Indien wij echter de werkelijk mystieke maçonnerie nemen en de uiterlijkheden buiten beschouwing laten, worden wij geconfronteerd met het duister, waarin wij onszelf moeten leren kennen en aanvaarden. Het duister overwinnende door de volledige erkenning van onszelf worden wij dan toegelaten tot het licht, waarbij het duister in feite een component vormt die de beleving van het licht eerst mogelijk maakt. Dus niet, zoals in de zoroaster leer, een strijd tussen twee praktisch gelijke waarden die geen vrede en overeenkomst kennen.
Ik meen, dat er in bepaalde formuleringen wel enige invloed, zij het indirect van de zoroaster-leer kan worden aangetroffen. Maar dit vinden wij ook terug bij bv. Heindel, bij de rozenkruisers en zelfs in nog sterkere mate in de toch wel sterk polariserende benaderingen van de theosofie.
Maar zelfs in de politiek begint men in deze dagen reeds te beseffen dat polariseren gelijktijdig een depolitiseren betekent. Wanneer je in het religieuze denken te zeer gaat polariseren neem je de godsbeleving weg en stel je daarvoor in de plaats een voortdurende innerlijke verdeeldheid, die als een innerlijke strijd wordt beleefd en uitgebeeld.
In de mystiek kunnen wij de eenheid tussen licht en duister helemaal niet missen. Wanneer wij werkelijk geloven dat er een Theios is, een God die in ons doorwerkt, moet die God ons ook in het duister juist kunnen beroeren en is het licht niets anders dan een manifestatie van de bewustwording die wij doormaken.
Wanneer wij vanuit het duister tot het goddelijke zelf komen en dit goddelijke in zijn geheel gaan aanvaarden, vallen alle tegenstellingen zelfs weg. Ik meen dus dat u dit slechts onder een sterk voorbehoud kunt stellen en voeg daaraan toe: wat niet wegneemt dat er in alle richtingen en ook in alle loges wel mensen zullen zijn, die de stellingen van het zoroastrisme — zo zij dit kennen — zullen beschouwen als een perfecte benadering van de waarheid in de kosmos
Maar dan hebben zij de werkelijke taak van alle esoterie en alle mystiek vergeten, want die is niet gebaseerd op een erkennen van tegenstellingen, maar op synthese. Voldoende?
Ik meen dat Heindel spreekt over Zarathustra en zelfs over meerdere incarnaties van zijn geest. Dat is dan zeker een andere dan degene, waarover u het zo-even had?
Ik vermoed dat hij degene bedoelt die de steller van het onderwerp bedoelt. Maar vergeet niet dat er heel wat Zarathustra’s of zoroasters zijn geweest. De stichter, de eerste denker of profeet wordt ons door Heindel inderdaad beschreven, maar uit hetgeen er verder gesteld wordt, kunnen wij afleiden dat tenminste 3/4 van hetgeen over hem gezegd werd als mythos wordt beschouwd. Wanneer Heindel spreekt over dc incarnaties — zoals later ook uit een werk van Steiner af te leiden valt — spreekt hij kennelijk over de eerste hogepriester van deze leer, zonder nadrukkelijk te stellen, dat deze ook de werkelijke bron van de leer is geweest. Volgens mij spreekt hij dus over iemand, die niet identiek is met de werkelijke bron, de zgn. stichter van deze geloofsvorm. Voldoende?
