Leven in vrijheid

image_pdf

19 juni 1987

Aan het begin van het verhaal: we zijn niet alwetend, we zijn niet onfeilbaar, we stellen het erg op prijs wanneer u zelf nadenkt. Een ander kan het zo moeilijk voor u doen.

En het tweede punt: ik hoop dat we inderdaad allemaal verdraagzaam zijn, want het is een onderwerp dat bij sommigen misschien toch anders onverdraagzaamheden zou uitlokken. We moeten nl. spreken over: Leven in vrijheid

Sommige mensen zijn vrij, maar ze hebben geen leven. Andere mensen denken dat ze vrij zijn, maar worden in hun hele leven door anderen bepaald. Weer anderen klagen over het feit dat het leven hen zo weinig biedt, omdat ze niet gewend zijn van de vrijheid die het leven geeft gebruik te maken.

Wanneer we vrijheid moeten definiëren, dan is dat nogal een beetje moeilijk. We hebben bv. dictatoriale staten. Zegt men: ja, daar ben je dan de slaaf van het regime. Dat is helemaal niet waar. Je bent daar gebonden aan taken, maar je hebt daarvoor ook allerhande zekerheden. Alleen: je mag niet zeggen wat je denkt. Wanneer je dat niet doet, dan heb je een heel redelijk leven.

Dan zijn er ook democratische staten; die zijn ontzettend vrij, je mag zeggen wat je wil, als je maar doet wat een ander zegt. En soms zijn democratieën zo vrijzinnig, dat ze de vrijheid van het volk bevechten door het te onderdrukken. Dat hebben we kort geleden weer in Korea gezien.

Laten we dus proberen om ons allereerst eens af te vragen: wat is vrijheid? Vrijheid is het vermogen om naar je eigen beste inzichten te leven, op een wijze die voor jezelf aanvaardbaar is. Een andere vrijheid bestaat er niet. Vrijheid zal altijd gepaard gaan met een aantal verplichtingen, datgene nl. wat je voor jezelf opeist, brengt bepaalde gevolgen met zich mee. Die gevolgen zul je uiteindelijk altijd zelf mee moeten dragen.

Dan is er een vraag: is vrijheid misschien een innerlijk kwestie? De meeste mensen zijn bezig met gisteren of met morgen. Sommigen worden beheerst zelfs door gebeurtenissen uit vorige levens. Zolang dat het geval is, kun je nooit vrij zijn, maar wanneer je in jezelf de rust weet te vinden, waardoor je voortdurend elke dag opnieuw begint als het ware, elke keer het beste doet wat je kunt, en wat de gevolgen betreft, zegt: dat zien we dan wel weer, dan kom je toch die innerlijke vrijheid een heel eind nader, en vind je voor jezelf, en ook vaak voor anderen, een modus van leven waarin eigenlijk de persoonlijkheid zelf voor het grootste gedeelte bepaalt wat er kan gebeuren en wat er niet kan gebeuren.

Wanneer ik dus leven in vrijheid voor mijzelf en vanuit mijzelf probeer te definiëren, dan zeg ik: leven is iets, waaraan we ons eigenlijk niet kunnen onttrekken. Het leven is iets wat ons gegeven is, of, als je negatief denkt:

opgelegd is. We kunnen dus niet proberen het leven te veranderen. Ook wanneer je probeert om jezelf te doden en er eventueel in slaagt, dan leef je nog, en dan zit je nog steeds met dezelfde problemen waarvoor je dacht te vluchten. Het heeft dus weinig zin.

Wat is de vrijheid dan die we in het leven vinden? Wel, we zijn allemaal een beetje geprogrammeerd, d.w.z. er zijn ons, op welke manier dan ook, bepaalde denkbeelden bijgebracht, we hebben bepaalde gewoonten aangenomen. We leven in een gemeenschap waarin zekere normen gelden, daar zijn we dan toch wel eigenlijk aan gebonden. Want deze dingen, of we ze nu erkennen of niet, zijn deel van onze eigen persoonlijkheid geworden. Je kunt proberen om de wereld te veranderen, maar je kunt de wereld nooit zo veranderen als jij het zou willen. Het enige wat je kunt veranderen is jezelf, en dan niet door jezelf heiliger of beter te maken, maar doodgewoon door voor jezelf uit te maken wat je wilt doen, wat je wilt bereiken en welke offers je daarvoor bereid bent te brengen. Het is een ’tit for tat’ leven, zou de Engelsman zeggen. Je kunt nooit het een hebben, zonder dat het andere erbij komt.

Laat ik het zo zeggen, dames: het huwelijk is een heerlijke zaak en je verwacht het paradijs. En wat krijg je uiteindelijk? Het vagevuur, afgewisseld met ogenblikken van verrukking. En dat geldt voor de mannen precies hetzelfde. De voorstellingen die we hebben, brengen consequenties met zich mee. We kunnen het een krijgen, maar nooit zonder dat het het andere met zich meebrengt. Vrijheid impliceert het vermogen om tevoren eigenlijk te bepalen wat iets je waard is.

Het tweede deel van vrijheid is gelegen in een poging om de werkelijkheid zoveel mogelijk te benaderen. Leef niet in droombeelden, dagdromen, illusies of idealen, want die kunnen niet waargemaakt worden. Aangezien je met de feiten bent geconfronteerd, moet je ook leven vanuit die feiten en niet vanuit iets anders. Wanneer u zegt: ja, de gemeenschap heeft toch de taak voor mij te zorgen, dan is het heel goed mogelijk om een dergelijk gemeenschap op te bouwen. Maar wat u niet kunt, is zorgen dat die gemeenschap enerzijds verantwoordelijkheden voor u draagt en aan de andere kant u de volledige vrijheid laat om uzelf te zijn. U zult dan moeten beantwoorden aan die gemeenschap, om een recht eraan te ontlenen op die gemeenschap. Geestelijk is dat precies hetzelfde.

Er wordt heel vaak verkondigd: indien gij slechts gelooft, zo zult gij gered worden. Nou, ik weet het niet. Als ik kijk naar degenen die gered zijn, dan denk ik dat ze een reddingsboei nodig hebben om uit hun eenzijdig bestaan, langzaam maar zeker, weer de werkelijkheid binnen te treden, in plaats van te verzinken in een reeks van gevoelens, waar ze zelf niets mee kunnen doen en die voor henzelf en voor de wereld uiteindelijk een voortdurende belasting en een toenemende reeks teleurstellingen betekent.

Wanneer ik weet dat er in mij mogelijkheden zijn, dan ben ik geneigd om te zeggen: ja, dat wil ik op deze of gene manier gebruiken. Elke mens heeft innerlijke krachten en innerlijke mogelijkheden. Het menselijke ras is voor ruim 8o% min of meer telepathisch aangelegd, ook wanneer deze begaafdheid – als ik ze zo mag noemen – voor een groot gedeelte onderdrukt wordt door maatschappelijke omstandigheden en opvoeding. Wanneer ik die gave heb, moet ik niet zeggen: ik wil er dat mee doen.  Ik moet mij afvragen: wat is het?

Geestelijke vrijheid begint met zelferkenning, beseffen dat je een wezen bent dat tot op zekere hoogte uniek is, al zijn de verschillen met anderen misschien klein, maar ze zijn voor u saillant. In de tweede plaats: dat u over kwaliteiten en eigenschappen beschikt die, vanuit datgene wat u nu bent, wel degelijk tot uiting kunnen komen, wanneer u er aandacht voor hebt en wanneer u daarnaast niet probeert ze teveel bewust te richten op een zeker punt. Een mens kan wonderen doen, d.w.z. hij kan dingen tot stand brengen die volgens de gangbare opvattingen van de wetenschap, de aanwezige kennis, niet op deze wijze denkbaar zijn. Ze zouden een toeval kunnen zijn, maar ze kunnen dus niet bewust worden veroorzaakt. Elke mens heeft echter de mogelijkheid om in de toevalligheden precies die sporen aan te voelen, waarbij het mogelijk is het verloop van de toevalligheid te veranderen.

Hé, ik ben iemand kwijtgeraakt onderweg, ik zal proberen het duidelijker te zeggen.

U gooit met dobbelstenen – een heel eenvoudig iets. Nu zijn er mensen bij die kunnen daar ontzettend goed mee overweg. Wanneer die een zeven moeten gooien, wordt het ook een zeven. Maar hoe kan dat? Heel eenvoudig: de steen rolt, op een gegeven ogenblik is de twee bijna boven, of bijna aan één kant. Op dat ogenblik en alleen op dat ogenblik, kan een kleine versnelling of een kleine afremming voldoende zijn om die twee te laten vallen en aan de andere kant die vijf. Dat gaat ontzettend snel en je kunt dat niet helemaal bewust beredeneren, maar als je het beeld van die zeven in je hebt of dat nu een 6 en een 1 is, of een 5 en een 2, of een 3 en een 4, dan is dat meer dan voldoende om de stenen te beïnvloeden in die richting. Daarvoor is het noodzakelijk dat in de wentelingsrichting van de steen het bewuste getal een of meer malen bovenkomt. Pas dan is die afremming mogelijk of die versnelling, pas dan kun je dus een resultaat tot stand brengen. D.w.z. dat er dus een mogelijkheid bestaat.

Wanneer je die mogelijkheid eenvoudig onbeïnvloed verder laat gaan, dan is de kans erg groot dat je dus een andere combinatie krijgt. Maar op het ogenblik dat de worp gaande is, kun je de toevalligheid, de toevalsfactor beïnvloeden en daardoor een veel grotere zekerheid krijgen ten aanzien van het getal dat boven komt. Ik hoop dat het nu wel begrepen is.

Ik zou dat natuurlijk op honderd en één andere manieren met voorbeelden kunnen toelichten, maar ik geloof niet dat dat op het ogenblik van belang is. U moet weten dat wij in ons zelf de kracht dragen, waardoor we een bestaande mogelijkheid uit een reeks mogelijkheden kunnen concretiseren. Dat kan alleen op een bepaald moment, maar wanneer we voortdurend gericht zijn daarop, dan zullen we ook op dat moment invloed hebben. We zijn dan vrij, veel vrijer dan een ander, omdat we overal waar we te maken hebben met keuze-elementen in staat zijn die keuze toch een klein beetje om te buigen in onze eigen richting.

Om dat te kunnen doen echter moet je uitgaan van het bestaande geheel. Wanneer ik zit te denken aan kaarten, kan ik geen dobbelstenen beïnvloeden. Wanneer ik zit te denken aan ganzen op het ganzenbord, de plaats waar ze staan, zal de val van de stenen een zuiver toeval blijven. D.w.z. dat ik al het andere tijdelijk moet vergeten. Geconcentreerd zijn op één punt. Maar wanneer dat het geval is, dan kan ik dat zo ver doorvoeren dat ik zelfs precies bij een perron aankom, als er een trein staat, dat ik net aankom bij de taxi-stand als de laatste taxi er staat en als ik instap, gaat de bel pas van iemand die hem bestellen wil.

Het is dit soort van mogelijkheden waardoor we ons eigen leven toch wel een hele hoop inhoud kunnen geven. Maar het geldt ook voor geestelijke belevingen. Wanneer u met alle geweld uit wilt treden naar Zomerland, dan heeft u negen van de tien kans op een fantasiedroom of een sprookjesdroom, of bij een reële uittreding een terugval naar werelden die toch niet zo goed zijn. Maar wanneer u aan uw innerlijk denkt, en probeert daarin geluk of vrede te vinden, dan is de kans groot dat wanneer er een uittreding tot stand komt, u inderdaad Zomerland betreedt.

Wanneer u met alle geweld lering wilt hebben van een meester in de geesten, goeroe, of wat anders, dan is het bijna zeker dat als u al richtlijnen ontvangt, die uit uw eigen onderbewustzijn stammen. Wanneer u echter een probleem voor u zelf hebt vastgesteld, intens, en daarna u gewoon ontspant, ontstaat een antwoord waarin negen van de tien gevallen wel geestelijke factoren een rol spelen.

Leven in vrijheid is leven met je mogelijkheden, maar de werkelijke vrijheid die voor ons bereikbaar is, is die waarin alle mogelijkheden optimaal voor ons als het ware werken. Dat kan wanneer we gebruik maken van onze innerlijk kracht, daarnaast, wanneer we leren uit te gaan van de feiten zoals ze bestaan en niet van wensveronderstellingen, zelfs wanneer die in een verwijtende vorm zijn geformuleerd, omdat we daarmee eenvoudig onze greep op de werkelijkheid verliezen.

Nu zult u zeggen: ja maar, zijn wij dan vrij? We hebben daar een bepaald beeld voor en duizend keer herhaald, denk ik. Het leven is als een weg. Ze gaat van punt A naar punt B. Punt geboorte naar punt overgang. Hoe je die weg aflegt, in welk tempo je dit doet, of je in de zon of in de schaduw gaat lopen, of je kleine omwegen maakt of alleen maar rechtdoor gaat, dat is de vrijheid waarover je beschikt. Je kunt dus niet je totale lot beïnvloeden. Maar je kunt de verschijnselen, de ervaringen die het lot met zich meebrengt, wel degelijk beïnvloeden, het is die beïnvloeding die we dan vrijheid noemen.

Als u wilt leven in vrijheid moet u nooit bezig zijn om de hele wereld voortdurend ten goede te keren. De mensen die dat gedaan hebben in het verleden hebben pogroms, inquisities, monsterprocessen, enz. voortgebracht en daardoor werden diegenen met hun idealen eigenlijk de monsters van de processen. Laten we dus gewoon proberen om eens niet bezig te zijn met de dingen die we niet kunnen overzien. Laten we ons bezig houden met die dingen waarmee we contact hebben. Om het in christelijke termen te zeggen: de Farizeeën en de Levieten gingen voorbij aan de gewonde, maar de barmhartige Samaritaan zag hem. Hij hielp hem. Hij bracht hem zelfs onder in een herberg en betaalde daarvoor, maar toen ging die ook verder. Hij zei niet: nu moet ik die man blijven helpen en vergezellen totdat hij helemaal beter is. Hij zei tot zichzelf: hier heb ik een mogelijkheid tot helpen, dat doe ik dus, maar de rest gaat mij niet meer aan.

Als je vrij wilt leven moet je leren afstand te nemen.
Er zijn dingen die je zelf en onmiddellijk kunt doen. Doe die. Beantwoord zoveel mogelijk aan wat je innerlijk voelt dat voor jou juist is. Maar probeer niet om daar dan consequenties aan te verbinden voor uzelf of voor anderen. Wanneer u dit doet, raakt u zelf gevangen in een bepaalde sleur. Gelijktijdig zult u anderen proberen hun vrijheid te ontnemen.

Wanneer u probeert om de werkelijke vrijheid te vinden, dan zult u ontdekken dat die voor de mens niet bestaat. De werkelijke vrijheid is nl. de vrijheid van een Nirwana, van een zijnde niet-zijn, van je van Al-bewustzijnde, als het ware daadloos in het geheel drijven en er gelijktijdig deel van uitmaken.
Die vrijheid is een tegenstelling tot datgene wat wij nog leven noemen. Begrijp dus: absolute vrijheid is onmogelijk.

U hebt uw eigen maatstaven, uw eigen normen. Wanneer u leeft volgens deze normen, brengt dat bepaalde consequenties met zich mee. U mag leven volgens uw eigen inzichten en normen, mits u de daaraan verbonden consequenties eveneens wilt aanvaarden. Zolang u dit doet, zult u redelijk gelukkig kunnen zijn en zult u zelfs de onaangename gevolgen redelijk meester kunnen blijven.

Op het ogenblik echter dat u eisen stelt, maar niet nadenkt over de consequenties, komt u in een situatie terecht waarbij u dan de gevolgen niet hebt kunnen begrijpen of voorzien als zodanig, ze dus ervaart als een onrecht, en in opstand komt tegen God en de wereld, zoals ze zeggen, maar in feite vooral tegen jezelf.

Wees rustig, een mens die rustig is, is vrijer dan een mens die zich voortdurend in beweging laat brengen door alles wat er om hem heen gebeurt. lk zeg niet: blijf onberoerd, dat is iets anders, maar laat u niet domineren door het gebeuren, noch door uw medelijden, noch door uw liefde of uw haat. Aanvaard die dingen wanneer ze er zijn, maar probeer innerlijk rustig te blijven. Dan kunt u ze overzien, dan kunt u ze hanteren, u bent vrij.

Wanneer u zich verzet tegen de maatschappij en dat gebeurd ook nogal eens in deze tijd, besef dan wel dat je verzetten tegen de maatschappij gelijktijdig betekent afstand doen van al datgene wat die maatschappij aan voordelen voor je meebrengt.
Dus niet aan de ene kant kankeren dat je geen vrijheid hebt, en aan de andere kant kankeren dat de as-man niet op tijd komt. Dat is een strijdigheid en daarmee breng je jezelf eigenlijk in een toenemende afhankelijkheid.

Denk zelf. Goed, u maakt vergissingen, maar daarvan zult u leren. Maar als u steeds anderen voor u laat denken en uitmaken welk merk het witste wast en welke ring u het beste zou staan, dan komt u terecht in een keten van horigheid, d.w.z.: de reclame zegt u te kopen, u bent niet bevredigd, en in plaats van dat u zegt: die reclame deugt niet, denkt u dan: die andere reclame is misschien meer waarheidsgetrouw. En zoals u weet is elke reclame niets anders dan de waarheid zodanig opgesteld dat ze tot leugen is geworden.

Wanneer mensen u zeggen: dit is de waarheid, overdenk het eens een keer. Maar zeg nooit: als ze dat zo nadrukkelijk zeggen met zovelen, zullen ze gelijk hebben. Anders bent u net een lemming die zegt: ach, als ze allemaal zeggen: we moeten gaan zwemmen, dan zal ik maar meegaan, ook al heb ik geen zin mijn poten nat te maken. Meegaan met de massa is de zekerste manier elke vrijheid te verliezen. Je verzetten tegen de massa is eveneens een gegarandeerde methode mogelijkheden tot vrij zijn kwijt te raken.

Je weg zoeken, zelf, ongeacht wat de massa doet, en zonder die massa in haar eigenwaarde en waardigheden en geloofspunten onmiddellijk aan te tasten, is de zekerste weg om jezelf zo volledig mogelijk te kunnen uiten volgens datgene wat je in wezen bent. Bij dit alles hoort natuurlijk ook wel een houding, waardoor je anderen dat recht toestaat wat je zelf hebt, nl.  jezelf te zijn. Wanneer u vindt dat bepaalde dingen niet mogen, moet u ze niet doen, maar wanneer een ander vindt dat ze wel mogen, of zelfs noodzakelijk zijn, dan moet u ze niet kwalijk nemen dat ze het doen. Zodra de daden uzelf zouden beroeren en daardoor uw vrijheid zouden kunnen beïnvloeden, mag u tegen de gevolgen ingaan. U mag echter niet de persoon veroordelen, want u kunt alleen maar vrij zijn wanneer u uzelf bent, maar dit kunt u slechts zijn wanneer u anderen hetzelfde recht toekent.

Ik ken mensen die begonnen zijn met de beste bedoelingen om een leer te prediken en ze hebben voortdurend die leer aan anderen opgelegd tot in hen zelf twijfels wakker werden. Wat moesten ze toen doen? Doorgaan, want ze konden niet meer terug.

Hoe komt het dat er zovelen God prediken die eigenlijk niet meer in Hem geloven? Omdat deze mensen geëvolueerd zijn in hun eigen beseffen, maar gelijktijdig geen afstand kunnen doen van de primitieve vormen waarin ze eens hebben geloofd en die ze voortdurend anderen voorhouden, en misschien zelfs opleggen.

Vergoelijk de zaken niet te veel voor u zelf. Want alles wat u voor u zelf vergoelijkt, dat moet u voor een ander ook vergoelijken. Geef gewoon toe: ik ben stom geweest, maar aan de andere kant: wees niet zo dwaas dat je dat dan luidkeels uitroept. Als je erkent dat iets niet goed is geweest, of dwaas is geweest, doe het de volgende keer beter. Beklaag u er ook niet over. Zeg alleen: ik ben wijzer geworden en dus kan ik verder gaan.

Vrijheid is in feite een cumulatief proces, waarbij je begint met alleen maar op een enkel punt misschien een zekere vrijheid van denken of van handelen voor jezelf op te eisen. Maar elke keer wanneer je realistisch bent, ontstaat een nieuwe visie van mogelijkheden, van vrijheid. Je komt steeds dichter bij de werkelijkheid van je eigen leven, en daardoor ben je in steeds grotere mate ook vrij om te bepalen wat je werkelijk bent, en wat je werkelijk kunt en wilt. Een hele hoop mensen roepen dingen die ze helemaal niet willen. Is u dat wel eens opgevallen? lk ken een bisschop, zijn naam is bijna grijs, die verbeten predikt dat hem alle gezag toekomt in feite. Behalve natuurlijk zijn oudere broer de paus, die heeft het dan over hem voor het zeggen, maar dat accepteert hij. Wanneer deze man de volledige verantwoordelijkheid zou dragen die hij nu opeist, dan zou hij er gek van worden.

Want als je zegt: het katholiek onderwijs dat behoort alleen maar te ressorteren onder de bisschop, dan zou ik, als ik in de staat zat, zeggen: nou, als u dat wilt, eminentie, dat kan natuurlijk; vanaf nu zijn alle katholieke scholen financieel en anderszins geheel ondersteld aan het bisdom. En dan zijn ze heus niet zo dom in het bisdom dat ze bis roepen.

Deze mensen vragen dingen waarvan ze de consequenties niet overzien. Datzelfde zie ik ook wanneer je bepaalde ambtenaren beslissingen ziet nemen. Die mensen bedoelen het best, maar zij willen nu eenmaal een gemiddelde hebben en met dat gemiddelde willen ze werken, maar ze vergeten één ding: als je met een gemiddelde werkt, dan kom je altijd onder dat gemiddelde uit, nooit erboven. En waarom’? Omdat, door het werken met gemiddelden alle positieve factoren geëgaliseerd worden, terwijl aan de andere kant de negatieve daardoor niet kunnen worden opgevangen en dus tot het normale peil worden opgeheven. Dat kunnen we zien in het onderwijs, dat kunnen we zien in de belasting-technieken, dat kunnen we zien bij werkloosheidsbestrijding, dat kunnen we zien bij sociale zorg, en wat dies meer zij. Zodra je uitgaat van een gemiddelde ga je uit van iets wat in feite niet bestaat, maar daardoor maak je het onmogelijk dat werkelijk progressieve ontwikkeling plaats vindt.

Nou, dat klinkt natuurlijk ontzettend vervelend. Ja, maar wij willen de gevolgen niet die dat zou kunnen hebben. Dan moet u ook maar de middelmatigheid accepteren en u er niet over beklagen dat altijd de resultaten net iets liggen onder de norm die u toch als waarschijnlijk hebt aangenomen.

Leven in vrijheid betekent: jezelf en in dieptepunten en in hoogtepunten beleven, waarmaken, en gelijktijdig elke dag afsluitend zeggen: dat heb ik geleerd en morgen ga ik verder. Het betekent: niet altijd anderen weer willen onderwerpen aan hetgeen je juist acht. Het betekent gewoon: beseffen waar je aan bezig bent, voor jezelf de juiste keuze doen en het dan aan anderen over te laten om je al of niet na te volgen.

Er zijn zoveel van die voorbeelden. De Boeddha bv. predikte en zei: wie horen wil, die luistere en wie gehoord heeft, hij gaat uit en make in zich waar. Jezus zei: Ga uit en verkondigt de boodschap, maar hij zei er niet bij: en dwing ze om erop in te gaan. Dat heeft Paulus er van gemaakt. Dat zelfde geldt ook voor elk systeem. Systemen zijn de onvolmaaktheid, die alleen dan kan blijven bestaan, wanneer de eenling de moed niet heeft om zichzelf te zijn en daardoor op vele punten de verwachtingen en mogelijkheden van het systeem als het ware te overtreffen.

De gevaarlijkste mensen zijn degenen die zich volledig onderdanig maken aan de normen die anderen stellen. Zij vernietigen zichzelf en vernietigen gelijktijdig daardoor vele mogelijkheden voor anderen. En wat ze voor zichzelf vernietigen, moeten ze zelf weten, maar ik vind het betreurenswaardig te moeten constateren dat anderen zichzelf voorhouden, dat ze fout zijn wanneer ze alleen leven zoals ze werkelijk zijn. Dat ze net zo ijverig, zo naarstig of zo opstandig moeten zijn als die anderen.

Er is één norm die niet omschrijfbaar is. We zullen er nog wel eens een keer een onderwerp aan wijden, geloof ik. Het is datgene wat onkenbaar is geworden, vaak omschreven als het witte licht of het verblindend licht. Het is in feite een wereld waarin rede en redelijkheid, ja zelfs vertaling in menselijke beelden niet meer mogelijk is. Of je het nu aanvaardt of niet, in je draag je een deel van die werkelijkheid. Het is deze niet-definieerbare werkelijkheid die een krachtsbron vormt, zolang je niet in strijd komt met haar. Alle beelden die in jezelf opwellen, en alle elementen van begeren en van angst, hebben iets met die kracht te maken, maar ze zijn verschijnselen, ze zijn symptoom, geen oorzaak. Wanneer we dit begrijpen, dan kunnen wij door ons te beroepen op onze innerlijke kracht, zowel de drang en behoefteverschijnselen, als de angstverschijnselen, langzaam maar zeker reduceren, totdat we komen op een punt waarop ze voor ons hanteerbaar zijn geworden.

Een vrij mens is meester van zichzelf. Hij bepaalt voor zichzelf en bewust steeds weer opnieuw: wat hij is, wat hij wil zijn, waarheen hij wil gaan. En elke maal wanneer hij iets geleerd heeft, dan zal hij, omdat hij vrij is, het geleerde gebruiken om de gang van zaken, die hij tot nog toe heeft gevolgd, aan te passen tot er eindelijk een toestand ontstaat van harmonie, en hij in deze harmonie hij volledig zichzelf is, zichzelf volledig als vrij ervaart, ongeacht de schijnbare gebondenheden die er dan nog bestaan. Hebt u commentaar? ( Stilte)

Ja, ik zou ook niet weten wat ik er op zou moeten zeggen. Maar goed, dan gaan we de inleiding afsluiten en dan kunt u na de pauze met uw vragen en opmerkingen komen.

Heel veel mensen denken dat je de tijd terug kunt draaien. Dat gaat niet. Tijd is nl. een ervarings-kwestie, veel meer dan een concrete waarde. D.w.z. dat een opgedane ervaring niet kan worden gewist, dat zij altijd in het geheel van wat je bent een rol blijft spelen, of je haar nu bewust naar voren brengt of niet. Wij kunnen nooit terug naar gisteren, wij kunnen slechts leven met wat er vandaag is. En wat morgen betreft wij kunnen vandaag dingen doen die morgen waarschijnlijk noodzakelijk of belangrijk zijn. Maar wij kunnen vandaag morgen niet bepalen. Wanneer u dat onthoudt, dan zult u ook geneigd zijn om veel meer met de dag te leven.

O zeker, als het zaterdag is, dan moet u inkopen doen voor zondag, of als u het eens in de maand doet, dan moet u misschien de eerste maandag of dinsdag op stap om een hele vrachtwagen vol met allerhande onontbeerlijke goederen te halen. Ofschoon de meeste mensen denken dat veel onontbeerlijk is wat dat niet is. Een puts water bv. zo nu en dan, is veel beter dan toiletpapier bv. zodat de noodzakelijkheid van dat laatste niet met zekerheid kan worden aangetoond.

Neemt u me niet kwalijk, het is misschien niet het eerste het beste voorbeeld, maar ik dacht dat het duidelijk zou zijn.

Realiseer u dat het weinig zin heeft je dingen te ontzeggen, tenzij je weet – en dat is een kennis dus -, dat ze voor jou op dit ogenblik en onder deze omstandigheden niet aanvaardbaar zijn. Dus beste mensen, niet op dieet gaan om slank te worden, maar wanneer u een dieet gaat houden, dat doen omdat u daarvoor uw lichamelijke conditie wilt veranderen en niet alleen uw vorm. Niet gaan trimmen omdat het de mode is. Wat dat betreft komen sommige trimmers er nog slechter vanaf dan honden die ondeskundig getrimd zijn. Nee, doodgewoon beseffen: lichaamsbeweging wordt bepaald door de behoefte van mijn lichaam aan beweging en de hoeveelheid wordt bepaald door het ogenblik waarop lichaam zegt: dit is eigenlijk voldoende. En het gekke is: wanneer je steeds ophoudt wanneer het eigenlijk voor je lichaam voldoende is, je elke dag toch iets meer doet, maar dan tel je niet wat je hebt gedaan, maar je gaat alleen verder met de mogelijkheden van je lichaam.

Voor uw geest, voor uw leervermogen, voor uw geheugen, voor al die dingen telt precies hetzelfde. Probeer nooit verder te gaan dan u normaal kunt, om daardoor meer of beter of mooier of wat anders te worden. Maar ga elke keer wel tot het uiterste. Wanneer u boodschappen doet en u bent vergeetachtig, maak een boodschappenlijstje, maar probeer eerst uit uw hoofd de boodschappen op te dreunen die u nodig hebt, en ga dan pas na of u alles wel gehad hebt. Op die manier sterkt u uw geheugen.

Wanneer u bezig bent met allerhande geestelijke oefeningen, dan zijn er mensen die zitten zo geconcentreerd te contempleren of te mediteren, dat ze uiteindelijk van louter vermoeidheid in slaap vallen en dan later zeggen: ja, en toen ben ik uitgetreden. Omdat ze toch een uitvlucht moeten hebben voor hun snurkpartijen. Wanneer u voelt dat het genoeg is, schei er mee uit, als het gevolgen heeft, dan komen die toch wel. Elke keer wanneer u contempleert, mediteert, etc., ga zo ver als u kunt, maar probeer nooit verder te gaan dan dat. Train je zelf ook in dit opzicht.

Een mens die een vrij leven wenst, moet altijd zijn eigen mogelijkheden uitbreiden, door voortdurend te gaan tot het uiterste van de bestaande mogelijkheden en niet verder. Op deze wijze kun je een leven bereiken, waarin je voor een zeer groot gedeelte zelf uitmaakt wat er met je gebeurt. Een wijze van leven waarin je mogelijkheden inderdaad steeds groeien. Een bestaan, waarin het geluk en de vrede steeds toenemen en waarin de angst en het onbehagen langzaam maar zeker versikkeren (afnemen Red.), omdat je beseft dat het zinloos is te vrezen wat morgen misschien gebeurt, en het onbehagen over het heden kan worden opgelost, door zo harmonisch en juist mogelijk van uit jezelf te handelen.

Zo, daar wou ik het bij laten. Wanneer u commentaren hebt, vragen hebt, dan kunt u na de pauze terecht en ik zal proberen u zo ernstig mogelijk – voor mij moeilijk – maar zo ernstig mogelijk te beantwoorden, tenzij het zuiver persoonlijke vragen zijn, want daarop geef ik u lekker geen antwoord en op deze wijze maak ik dan gebruik van een vrijheid die ik voor mijzelf gevonden heb, door de redelijkheid te accepteren van een beweegreden die mij door anderen werd voorgelegd. Maar ik heb ze tot mijn eigen gemaakt en daar hou ik mij dan aan.

Vragen

Iedereen is er nog, het kan leuk worden dus. Dan gaan we eens kijken wat u allemaal te vertellen hebt.

  • Vrije wil en karma; hoe moet je dit zien?

Ja, vele mensen denken: als ik vrijen wil, is het karma. Maar in de praktijk is het zo: karma is niets anders dan de scholing die je hebt. Die bepaalt de kennis, de mogelijkheden en de middelen waarover je beschikt, wanneer je een beslissing moet nemen. M.a.w. karma brengt geen directe en onveranderlijke gevolgen met zich in de vorm van feiten, maar brengt een conditionering, die een reactie in een bepaalde richting het meest waarschijnlijk maakt.

  • “Tot het uiterste gaan van je bestaande mogelijkheden”, ik vind dat een vaag criterium, want hoe stel je vast welke de bestaande mogelijkheden zijn?

Heel eenvoudig: de bestaande mogelijkheden zijn voor u die mogelijkheden die u volledig kunt gebruiken zonder het gevoel te hebben: ik kan niet meer. Dus op het ogenblik dat u het gevoel krijgt dat u niet verder kunt, is het beter om te stoppen.

Dan kunt u de volgende keer net iets meer. U kunt natuurlijk uzelf forceren, maar dan ontstaat een grote vermoeidheid en heel vaak een tegenzin tegen een bepaalde prestatie.

  • Is het mogelijk voor de mensheid om collectief in vrijheid te leven? Hoe zou zo’n mensheid eruit zien?

Een dergelijke mensheid zou er heel anders uit moeten zien dan de gemiddelde mens op het ogenblik, en dan bedoel ik niet het uiterlijk, maar vooral het innerlijk. Men zou nl. een enorm respect moeten hebben voor de ander, een groot begrip voor aansprakelijkheden die men voor zichzelf heeft, ook eventueel ten aanzien van anderen. Dan zou dus het collectief er uitzien als een anarchie die op vrijwillige plichtsbetrachting en meerwaardigheidserkenning van anderen berust.

  • Is leven in vrijheid iets wat al het bewust leven in het heelal zoekt?

Als u de woorden bedoelt, ja. Wanneer u het bedoelt met vrijheid als absolute ongebondenheid en zo, dan geloof ik dat er maar heel weinig rassen bestaan in de kosmos die dit wezenlijk nastreven en wezenlijk verlangen. Wat de meesten verlangen is zichzelf te kunnen zijn en gelijktijdig deel te kunnen uitmaken van een gemeenschap. Dat is kenmerkend voor praktisch alle bewuste levensvormen in dit universum.

  • Hoe kan je proberen te leven in vrijheid wanneer men zeer onderdrukt wordt, bv. wanneer je in een concentratiekamp zit?

Wanneer je in een concentratiekamp zit, dan is de enige mogelijkheid je zoveel mogelijk los te maken van het stoffelijke gebeuren en je geheel te concentreren op geestelijke waarden en werkingen en krachten in jezelf. Een concentratiekamp is nl. gebaseerd op het principe, dat beloning en straf niets te maken hebben met de feiten zelf, maar dat ze als het ware voortdurend spontaan plaats vinden, en daardoor je eigen besef van recht, regel en orde in feite voortdurend vernietigen.

In een concentratiekamp kun je dus alleen de innerlijke weg zoeken. In een gevangenis kun je dat eveneens zoeken. lk geloof dat de meest juiste weg in een dergelijk geval is: geen weerstand, maar een voortdurend teruggaan in jezelf en het vinden van kracht in jezelf. Op zo’n ogenblik kun je dan toch vrij zijn, omdat vrijheid niet bepaald kan worden door de mogelijkheid stoffelijk alles te zijn of te doen wat je wilt – dat kunnen de meeste mensen toch niet, wat dat betreft is de hele wereld een soort concentratiekamp – maar je moet je realiseren dat de innerlijke vrijheid, daar waar de stoffelijke mogelijkheden praktisch nihil zijn, de enige weg is om toch in vrijheid te leven.

Ik wil er aan toevoegen dat ook uit de concentratiekampen, mede door gegevens die overlevenden daarover hebben verschaft, vast staat dat er een aantal mensen zijn geweest die op deze wijze hebben geleefd in die kampen, en eigenlijk vrij zijn gestorven, omdat zij innerlijk niet gevangen konden worden, of vernietigd konden worden.

  • Iemand gaat geheel (verdiept) op in een kunstwerk of muziekstuk; is hij op dat moment vrij?

Ja dat ligt aan hemzelf, ik heb heel wat critici gezien die helemaal opgingen in een muziekstuk of een kunstwerk, en die in feite helemaal niet vrij waren, want daar kwamen juist hun frustraties van het zelf niet kunnen zo sterk naar voren, dat ze de gevangenen werden van hun eigen onvermogen om een werk te waarderen zoals het is, wanneer het door een ander gemaakt is.

Dus : je zou dat niet altijd kunnen zeggen. Maar in de praktijk is het zo: wanneer iemand een kunstwerk ervaart als iets waarmee hij relatie heeft, is hij op dit punt vrij, omdat hetgeen in hem ontstaat in feite deel is van zijn eigen wezen. Hij wordt dus gewekt tot een beleven of een bewustzijn van een deel van zijn eigen persoonlijkheid, dat normalerwijze door hem onderdrukt is of voor hem gesloten blijft. En in dit opzicht zou je kunnen zeggen: leef je inderdaad vrijer op dat ogenblik.

  • Draagt het werken aan een betere wereld (wetenschappelijk, medisch, maatschappelijk) wezenlijk bij tot innerlijk geluk en verlichting; en  waren er direct na de dier-fase, ook al verlichten onder de eerste mensen? Is de mogelijkheid daartoe door beschaving e.d. toegenomen?

Ja, er zijn altijd wat u noemt ‘verlichten’ geweest, ofschoon Philips daar nog niets mee te maken had. Het zijn eenvoudige mensen, die in zich samenhangen erkennen of beleven, of ze die nu kunnen verklaren of niet, waardoor zij in staat zijn een juister contact te krijgen met hun medemensen en met de mogelijkheden die in het leven rond hen bestaan. In die zin zijn er altijd verlichten geweest.

Maar hoe meer je alles organiseert, hoe meer je tot systemen komt waardoor de werkelijkheid niet meer naar voren kan treden, en dat is dan een punt waarop je zegt: ja, het streven naar een betere wereld is eigenlijk gelijktijdig een tot slaaf maken van allen die van die wereld deel uit moeten maken. En dat acht ik onjuist.

Nou ja, daar mag ieder op zijn manier over denken. Je moet geen betere wereld scheppen, je moet proberen gelukkiger en daardoor beter mensen te maken. Het geluk van mensen deelt zich aan anderen mee, het maakt dus steeds meer mensen gelukkig en daardoor hanteerbaar. Een systeem kan dat niet, een systeem is een regel, het is dood. Wanneer mensen elkaar willen helpen dan komt die hulp er wel. Wanneer er een regel is dat de mensen geholpen moeten worden, zit iedereen te wachten tot degene die volgens de regel aansprakelijk is de hulp verleent, en daar ligt het grote verschil in.

  • Kan men zich gelukkig en vrij voelen bij grote lichamelijke ziekte, en handicaps (invaliditeit, kanker)?

Wanneer je innerlijk het gevoel van juistheid hebt, dan kun je zo vrij zijn en zo gelukkig, dat de lichamelijke verschijnselen er eigenlijk verder weinig mee te maken hebben. En ik wil hierbij niet alleen maar wijzen op bv. een heilige als Ludwina van Schiedam. Mogelijk denkt men: nou ja, Schiedam, we weten waar het geluk vandaan kwam. Maar ik wil wijzen op die vele mensen die in ziekenhuizen in feite op hun dood wachten, en dat doen met een voor anderen onbegrijpelijke opgewektheid. Die mensen weten heus wel dat ze erg ziek zijn, dat ze gaan sterven, maar ze hebben iets anders gevonden dat belangrijker is: een rust in zichzelf. Daardoor lijken ze dan onberoerd en blijmoedig.

Heel vaak is er maar een enkel woord voor nodig, een enkele ‘sleutel’ om een mens die mismoedigd is ‘om te sluiten’ tot iemand die gelukkig is, en die door zijn vrede zijn eigen mogelijkheden bevordert en de vrede van zijn omgeving.

Je kunt ze in elk ziekenhuis en elk tehuis voor ouden van dagen vinden, die patiënten die in feite niet meer genezen kunnen worden, die heel vaak lichamelijk heel wat moeilijkheden te verwerken hebben en die desondanks iets uitstralen van geluk. Mensen die in zichzelf dan de kracht hebben gevonden, waardoor ze als het ware de materie tot een belangrijkheid van de tweede orde hebben teruggebracht.

  • Kan men zich gelukkig en vrij voelen bij een beroep als prostituee?

Ongetwijfeld! Kijk, wanneer je vrij bent om tegen betaling te vrijen en je voelt dat dit vrijen voor jou een uiting is die je eigen vrijheid bevordert, dan denk je: ik ben van zorgen vrij door mijn vrijen. En hoe kan ik vrijer zijn? Alleen wanneer er geen vrijer meer komt, ben je niet vrij meer. Ja, dit is maar een woordspelletje, maar om het heel simpel te zeggen: een prostituee kan wel degelijk met haar leven tevreden en zelfs gelukkig zijn. Dat ligt er maar aan wat ze van het leven vraagt, en dat ligt eraan wat ze zelf, qua temperament, denkbeeld en dergelijke is.

En daarmee kom ik eventjes op tegen al die dames die tegenwoordig zitten te sputteren over de ontwaarding van het vrouw zijn, de misachting van de vrouw, de niet-gelijkheid van de vrouw – als ze gelijk zouden zijn zouden ze ook kankeren, ja, dan zouden ze weer met andere stukjes zitten – maar kijk, die mensen vergeten één ding: de ene vrouw kan misschien als huisvrouw haar werkelijke geluk, haar werkelijke vrede vinden, en een ander vindt het misschien als directrice van een of ander bedrijf. Waarom zou de een meer waard zijn dan de ander?

Dat wat je kunt zijn, terwijl je innerlijk vrede hebt, dat is belangrijk. Niet de uiterlijke verschijnselen. En menige prostituee is heus wat gelukkiger dan degenen die optrekken voor de rechten van de vrouw, omdat die gedreven worden door een voortdurend gevoel van onbevredigd zijn, niet op seksueel, maar op elk terrein, en daardoor eigenlijk er niet toe komen zich te ontwikkelen tot datgene wat ze zouden kunnen zijn. Neem mij niet kwalijk, dat staartje heeft u er dus gratis bij gekregen. Wie tegen wil kwispelen die zegt het maar.

  • Op aarde beschouwt men ‘onbewust’ handelen in het algemeen als ongunstig, ‘bewust nadenken en handelen’ als positief. Zijn beiden echter vanuit een dieper standpunt niet iets beperkts, deel van het ego-denken? Krishnamurti zei hierover: het onbewuste bestaat niet, (hoogstens vergeten bewustzijn)” en het bewuste denken is altijd oud, herinnering. Baseer u niet op het denken” 

Ja, hij heeft daar voor een groot gedeelte gelijk in. Kijk, wanneer er een vliegje op u afkomt en u gaat eerst overleggen of u uw oog dicht moet doen, dan hebt u het al in uw oog. Een groot gedeelte van uw belangrijkste reacties in het dagelijks leven zijn in feite instinctief, onoverlegd. D.w.z. dat er geen bewust denkproces aan vooraf gaat. Heel veel dingen weet je, maar als je ze gaat beredeneren denk je: nee, ik moet het anders doen, en dan gaat het toch mis.

Je zou dus kunnen zeggen: het bewuste denken is een uitdrukkingsmethode, maar op het ogenblik dat je het tot een levensprogramma maakt, vermink je gelijktijdig datgene wat je in wezen zelf bent. lk vind dat Krishnamurti aardig gelijk had, zij het niet volledig, want Krishnamurti had nooit volgelingen kunnen vinden, wanneer er niet mensen waren die eerst bewust hadden nagedacht over hetgeen hij had gezegd.

  • Krishnamurti noemt innerlijke revolutie” de enige ware revolutie, maar zij die heersende posities innemen en anderen onderdrukken, gaan hierdoor niet opzij; evenmin staan zij, die grote rijkdommen vergaard hebben, dit af, alleen met een hefboom. Alleen bij een eventueel onredelijke tegengestelde kracht, met eventueel onredelijke gewelddadige middelen, zijn ze tot een redelijker standpunt geneigd. Is dit dus niet evenzeer nodig als de innerlijke revolutie?

Nee, dat is niet evenzeer nodig, tenminste vanuit mijn standpunt. Ik zal proberen duidelijk te maken waarom. In Rusland was een voortdurend toenemende kritiek op de kwaliteiten van de aangeboden verbruiksmiddelen, gelijktijdig was er een voortdurend toenemende kritiek op de ambtelijkheid en in feite dus de foutieve reactie van overheden. Wanneer ik u er aan mag herinneren dat er sedert Stalin vijf hervormingen op dit terrein zich hebben afgespeeld, onder druk van deze onderdrukte massa’s, dan ziet u dat hier inderdaad de revolutie plaats vindt, maar een geleidelijke. Elke  gewelddadige revolutie heeft een neiging om datgene wat boven was onder te brengen, zonder de feitelijke relaties te veranderen.

Een innerlijke revolutie, een massale revolutie door verandering van besef, en eventueel ook door de neiging om niet mee te werken met bepaalde maatregelen, heeft ten gevolge dat deze maatregelen, als ze blijven bestaan, langzaam toch vergeten worden en dat, zo het noodzakelijk is er iets tegen te doen, wij wel eerst met geweld of machtsuiting geconfronteerd zullen worden. Maar wanneer dat niet helpt, dan past men de praktijk aan, aan datgene wat haalbaar is. De meesten van u vergeten één ding: zelfs een generaal is hulpeloos wanneer zijn soldaten niet wensen te ageren en reageren zoals hij het wenst en denkt. Een politicus kan niets bereiken wanneer de mensen hun schouders ophalen en rustig hun oude weg verder voortzetten.

Macht waarover u spreekt en die u door een revolutie zou willen omverwerpen, is in feite een macht die niet ontstaat door degene die haar schijnbaar uitoefenen, maar door de begeertepatronen waardoor teveel mensen zich afhankelijk maken van het voortbestaan van een dergelijk macht.

  • Men moet het systeem aanvallen”, stelt men wel, “niet de personen.” Maar deze twee zijn toch niet te scheiden?
    Zonder mensen – die ze bedenken, en er verantwoordelijk voor zijn – geen systemen. Bovendien gebeurt er dan in het algemeen erg  weinig.

Dat ben ik allemaal met u eens, maar ik zou het volgende willen poneren: wanneer je de personen aanvalt blijft het systeem gegarandeerd bestaan. Wanneer je het systeem ontwricht echter zullen de personen hun praktijk moeten veranderen. En dat is de reden waarom je dus tegen het systeem kunt zijn, zonder daarbij personen aan te vallen.

Geweld tegen personen haalt weinig uit. Maar een systeem eenvoudig vernietigen, door het steeds op allerhande schijnbaar belangrijke punten niet te handhaven of er tegenin te gaan, betekent een uiteindelijke ontwaarding van het systeem. En wat dan overblijft is een uiterlijke geloofsbelijdenis die een totaal andere praktijk verbergt, zoals bv. het Christendom uiteindelijk ook doet.

  • Een visie van 3o jaar geleden: streven naar bezitsvorming en gezinsverband zijn nu eenmaal de normen van elke maatschappij; daarvan is die maatschappij en haar welvaart afhankelijk; daarin ligt het geheim van een gezonde of zieke maatschappij.
    Maar moeten we daar nu juist niet van af? Hebzucht, gezinsbanden en ook macht? Is niet veeleer nodig een maatschappij, gebaseerd op liefde, en vrije individuen, waarin eenieder zichzelf kan en mag zijn?

Ja, het enige wat iemand die die vraag stelt, vergeet, is dat er zoveel mensen zijn die juist zichzelf zijn binnen datgene wat u in die maatschappij zou willen veranderen. M.a.w.  wat je moet veranderen is de mens, niet de maatschappij. Wat je moet veranderen is de innerlijke mens en de wijze waarop hij zich uit in de maatschappij, niet het maatschappelijk systeem, dat verdwijnt vanzelf.

Velen van degenen die de wereld willen veranderen en de maatschappij een ander beeld willen geven, verlangen bewust of onbewust in feite alleen die macht, die ze anderen zouden willen ontnemen. En zolang er dergelijk machtsgedreven mensen zijn – die zijn er overal – is het gevaarlijk om een maatschappij te ontmantelen, omdat je de samenhangen doet wegvallen, maar gelijktijdig daardoor een veel hardere machtsgreep mogelijk maakt dan binnen het maatschappelijk verband aanvaardbaar zou zijn.

Wat betreft het gezin: het gezin is in de maatschappij datgene waardoor de mens gebonden is, zoals usances van samenblijven tot en met. Dat zou een vrije beslissing moeten zijn en zou volgens mij dus geen opgelegd systeem eigenlijk moeten vormen, mensen die in een gezin gebonden worden, worden gelijktijdig gebonden in een bepaald verplichtingspatroon, en door dat verplichtingspatroon zijn ze mede weer gebonden aan een patroon van werkzaamheden, gehoorzaamheid aan regels en dergelijke, terwijl ze zonder dit mogelijk anders zouden zijn. Dat is een van de redenen dat ik het gezin zie als basis van elk systeem, dat een maatschappelijke vorm probeert te handhaven.

Ik wil hier wijzen op hetgeen er in Rusland is gebeurd. Daar heeft men oorspronkelijk het huwelijk afgeschaft, en later heeft men dat als een zeer simpele inschrijvingsvorm heringevoerd. Echtscheiding kon je krijgen als een van de twee naar het bureau ging en zei: nou, ik moet niet meer.

En nu op het ogenblik is in dit zelfde Sovjet-Unie-systeem het huwelijk weer hoog in aanzien. Worden er in bepaalde “paleizen van het volk” huwelijksplechtigheden opgevoerd die heel dicht komen bij datgene wat vroeger in de kerken werd vertoond. En dat alles met plechtige muziek en feestelijkheden en felicitaties, terwijl echtscheiding veel moeilijker is gemaakt en de beslissing daarvoor inderdaad op het ogenblik in het gemiddelde van Rusland tussen de vier en de vierentwintig maanden vergt.

Dan ziet u dat men het gezin beschouwt als bouwsteen van een geordende maatschappij, omdat de gebondenheid die voor de mensen zo ontstaat, gelijktijdig een verzet tegen datgene wat die maatschappij decreteert, of een zich onttrekken aan datgene wat die maatschappij van de mensen verlangt, veel moeilijker maakt.

  • Is witte magie voldoende tegenwicht tegen de onderdrukkende krachten in deze wereld, wil men niet aan het kruis of in de cel eindigen?

Dat is nou een vraag waar ik de samenhang niet goed van kan zien. Witte magie is een geestelijke kracht. Wanneer ze op de juiste wijze wordt gebruikt, dan kan ze u inderdaad onttrekken aan de aandacht van degenen die u anders in een gevangenis zouden brengen of aan het kruis zouden slaan. U hebt dan altijd, zelfs wanneer u op de nominatie staat om aan het kruis geslagen te worden, zelf nog de keuze of u dat wel of niet zult aanvaarden.

Zelfs Jezus heeft die mogelijkheid gehad, want toen hij in de Hof van Olijven was, had hij heel rustig tegen zijn apostelen kunnen zeggen: jongens, ik ga een eindje wandelen. Dan was hij niet gearresteerd, dan was hij niet naar Herodus gebracht, uiteindelijk voor Pilatus terecht gekomen, hij zou niet gekruisigd zijn. Hij heeft dat bewust zelf gekozen.

Witte magie is een geestelijke kracht en ze beïnvloedt niet de stoffelijke regels, gebruiken en mentaliteiten, dat moet u goed begrijpen. Ze verandert alleen de kenbaarheid van de persoon, de uiting van de persoon of de kracht van de persoon ten aanzien van het bestaande, maar tast nooit het bestaande zelf aan.

  • Is het ontbreken van kennis (wetenschappelijke, maatschappelijke) een voordeel of een nadeel om tot innerlijke verlichting (vrijheid) te kunnen komen?

Zijn schoenen een voor- of een nadeel als je loopt? Het ligt eraan waar je loopt en waar je aan gewend bent. M.a.w.: ze zijn niet bepalend voor het vinden van innerlijke vrede en verlichting. Aan de andere kant kan iemand die geen of weinig kennis heeft, innerlijk een verlichting deelachtig worden, terwijl iemand die denkt dat hij het met weten en wetenschap moet doen, steeds verder blijft streven zonder wat te bereiken. Het ligt er maar aan wat je wilt en wat je gebruikt. Maar je moet één ding onthouden: weten en kennis zijn de werktuigen die wij gebruiken om de kracht die in ons zelf leeft op zo juist mogelijke wijze te manifesteren binnen de omstandigheden waar wij, gezien onze huidige situatie dus, in verkeren.

  • Wie staat dichter bij de waarheid: het kind, wat nog maar kort op aarde is of de zgn. volwassene, met al zijn kennis, ratio, en verstandigheid?

Daar is geen zinnig antwoord op te geven. Het kind staat dichter bij de waarheid, maar kent ze niet. De volwassene zou dichter bij de waarheid kunnen staan, maar hij wenst haar niet. Hoe moet ik daarover een oordeel uitspreken? De volwassene is nl. bezig met al die dingen die in zijn wereld op dit ogenblik voor hem belangrijk zijn en wil de waarheid dan over het algemeen wel vergeten, tenzij ze gelijktijdig hem helpt om een beter en machtiger beeld van zijn eigen ego op te bouwen. Het kind daarentegen is zo van zijn ego overtuigd, dat het zijn impulsen als waarheid neemt, daardoor in feite innerlijke waarde vaak naar buiten brengt, op kinderlijke wijze dan, zonder te beseffen wat het doet.

Wat nodig zou zijn, zou zijn: het kind in de mens met zijn gevoeligheid voor de waarheid, zijn aanvaarding van zijn eigen persoonlijkheid en zelfs van zijn omgeving, te handhaven en daar dan de kennis en de vaardigheid, de kunde van de volwassene aan toe te voegen, zonder dat het kind verloren zou gaan. Want het kind leeft dicht bij de waarheid, maar het is alleen de volwassene die haar kan beseffen. En slechts door het beseffen wordt de waarheid de hanteerbare waarde waaraan de werkelijkheid gemeten kan worden.

  • Wat is ratio eigenlijk; wanneer in de evolutie is ze ontstaan; en waarom? Moeten we dit alles niet eens helemaal vergeten, tot en met de ik-gedachte toe?

Als u daar kans voor ziet, ga uw gang. Maar als u denkt: ik denk niet, dan denkt u nog: ik denk niet. Dus denkt u: ik. M.a.w.: het ego is nu eenmaal een deel dat we niet kunnen ontgaan, maar dat zich langzaam op kan lossen in een groter geheel.

Wanneer is het begonnen’? Ja, vermoedelijk in de tijd dat onder de eerste meercelligen de scheiding ontstond tussen grazers en de jagers. Want de jagers gingen nadenken: waar heb ik de vorige keer ook weer zo’n goed maal gekregen, daar ga ik nu nog een keer kijken. Dat was het eerste denken, en dat was een conclusie, een oorzaak-en-gevolgconclusie in feite, die dus het begin vormt van de ratio, omdat rationaliteit in feite berust op het stellen van een vaste verhouding tussen oorzaak en gevolg, en een op grond daarvan beredeneerd handelen in de overtuiging dat je de gevolgen kunt bepalen, wanneer je de oorzaken overlegd tot stand brengt.

  • Men stelt wel: men kan zich overal gelukkig voelen, hetzij in een communistisch, kapitalistisch, fascistisch, rijk of arm land. Voor adepten zal dit wel waar zijn, maar is het voor mensen met hun aardse wensen en behoeften niet wat theoretisch?

Dat is alleen maar theoretisch wanneer je als eenvoudig mens net zover bent gekomen, dat je de dingen afmeet aan een maatstaf die je niet in je eigen land en in je eigen omgeving kunt verwezenlijken. En dan krijg je dus de ontheemden, zoals de migratie van bepaalde landen uit, naar bv. Nederland als zgn. gastarbeider. Arbeid kunnen ze vaak niet vinden en als gast worden ze zeker niet behandeld. Deze mensen worden door een illusie van welvaart eigenlijk aangetrokken, maar vervreemden zich gelijktijdig van hun eigen wereld en wereldbeeld. En als ze proberen dat dan toch in stand te houden, komen ze in conflict met een samenleving waarin ze niet passen.

Geluk is een gevoel van vrede, tevredenheid misschien zelfs ook dat zich steeds weer herhaald in de erkenning van datgene wat je beleeft. Dat kun je over het algemeen ook daar vinden waar je lichamelijk weinig of niets hebt. Een herdersjongen met honger kan dodelijk gelukkig zijn omdat hij een paar fluittonen kan produceren en de wolken voorbij ziet drijven. En toch heeft hij vanuit westelijk standpunt helemaal niets.

Ik geloof dat u het materialistische standpunt opzij moet zetten, wilt u de waarheid van deze stelling volledig kunnen begrijpen.

  • Is alle verzet, opstandigheid, tegen het maatschappelijk patroon, de gevestigde orde, een ‘niet-kunnen-aanvaarden’ wat is, dus een psychologische oorzaak? De gevestigde orde is immers ook deel van Gods plan.

Nou ja, het is gemakkelijk om God overal de schuld van te geven natuurlijk. En als God het niet is, zal het de duivel wel zijn, maar de mensen zijn het natuurlijk niet.

Laten we het heel simpel bekijken: opstandigheid die zich beperkt tot het je vrij maken van bepaalde dingen, die een gemeenschap je op zou willen leggen, is volledig aanvaardbaar en kan heel juist zijn. Maar verzet en opstandigheid, zoals we dat bv. vaak bij jongeren zien, is heel vaak gebaseerd op een onvermogen tot het juist inschatten van het bestaande, plus de behoefte eigen meerwaardigheid hoe dan ook te demonstreren. M.a.w.: een groot gedeelte van het verzet dat vooral bij jeudigen heel vaak te vinden is, is eigenlijk niets anders dan een poging om zichzelf boven de ouderen te stellen, die immers alles betitteld en betutteld hebben, en die je misschien als mens lief kunt hebben, maar die je soms haat om de manier waarop ze baas spelen over je. Dat is dus een zuiver psychologische kwestie. En ik denk dat dat bij heel veel revolutionairen het geval is.

Revolutionairen worden, bewust of onbewust, gedreven door de behoefte datgene wat ze als macht en gezag over zich ervaren hebben, als het ware te ontwaarden en gelijktijdig hun eigen betekenis zo te vergroten. Enige uitzondering die we kunnen maken, zijn de mensen die religieus van aanleg zijn, maar in de godsdiensten niet meer kunnen geloven en daardoor een politiek systeem aanhangen met dezelfde onredelijke trouw, waarmee christenen de Bijbel plegen te hanteren.

  • Het ontstaan van het intellect bij mensen, heeft dat niet als oorzaak dat de mensen de materie om zich heen moeten beheersen?

Het is een heel bekend verschijnsel. We zien dat bij allerhande vormen: er is bv. een soort otter die schelpen opduikt, want die vindt hij het lekkerste. Maar hij kan ze niet open krijgen met zijn pootjes, dus neemt hij een steen en hij verbrijzelt ze. Er zijn vogels die een ei willen hebben, en als blijkt dat ze er niet doorheen kunnen pikken – komt soms voor – dan laten ze er een paar steentjes op vallen, en dan gaat het misschien wel kapot. Er zijn apen die stokken gebruiken om dingen naar zich toe te halen, of om bv. mieren uit hun mierennest te halen. Allemaal behoeften die door het gebruik van werktuigen kunnen worden voldaan.

Ik geloof dat u het intellect van de mens – ik vind het een gevaarlijk woord overigens hoor – intellect is dus net iets meer dan verstand, weet u wel, maar als je gezond verstand hebt, dan ben je geen intellectueel, in deze tijd tenminste. Maar, het is dus zo dat de behoefte om jezelf te handhaven en aan je eigen behoefte of verlangens te voldoen, je er toe beweegt om die middelen te bedenken, waardoor je dit waar kunt maken.

En begin je er eenmaal mee, dan ontstaat een soort kunstmatig proces, waarbij het aantal uitvindingen, noem het maar zo, zich steeds versnelt, omdat elke uitvinding het wenspatroon van de mens, en daarnaast vaak ook zijn noodzaak tot zelfhandhaving, vergroot. Als er niet zoveel auto’s waren geweest, waren er nooit stoplichten gekomen, en als er niet zoveel stoplichten waren, zouden minder automobilisten een halve hartcollaps hebben, begrijpt u wat ik bedoel?

Tja, dat was het dan. Zullen we nu afsluiten, ik zal proberen om dat deze keer maar zelf te doen:

Ik ben vrij in mijn gedachten
ik ben vrij, want heel het Al
dromt zich samen in mijn wezen
waar het mij erkennen zal,
op zal nemen in het geheel,
zodat ik leven kan
zonder angst en zonder vrezen
en ik zal diep in mij leren
wat mij past, wat met mij gaat
zo zal ik ook zonder begeren
vinden, wat mijn wezen leven laat
als wat het is zichzelf bewijzend
dat het is een deel van Al
tot aan het einde van het ik-zijn
eens die toestand komen zal
waar ik facet ben van de steen
de onbekende kracht geslepen
die universum heet
dan ben ik zelf
en al wat ik besef,
en al wat ik dan weet
ben ik niet meer maar is het Al,
dan zal ik pas in vrijheid leven
omdat ik met het Al verweven
mijzelve blijf en nooit verga
terwijl ik Al, ook het eigen wezen
in volle samenhang versta.
Wilt u, o mens, in vrijheid leven
wees vrij, eerst in uw eigen zijn
aanvaardt dat wat u is gegeven
aanvaardt de feiten van uw leven
en zoek in het ik de kracht te vinden
om toch harmonisch steeds te zijn
en uit die harmonie herboren
vindt in uzelf een nieuwe Kracht
om steeds nog meer uzelf te wezen
en toch de wereld
al uw kracht en macht en pogen
steeds te geven
omdat ge deel van alles zijt
wie zo de vrijheid leert beleven
leeft reeds bewust in werkelijkheid.

Deze kleine improvisatie wil ik dan als gedaan beschouwen. Ik neem aan dat het aller goedkeuring heeft. U bent volledig vrij om nee te zeggen en ik voel me dan toch vrij om te sluiten.

Ik zou zeggen: dank u voor de vragen. Er waren er een paar bij die interessant waren en waarvan het antwoord me niet alleen moeite heeft gekost, me ook weer een realisatie heeft bezorgd van datgene wat ik ben en wat in mij leeft.

Ik hoop dat u over alles na zult denken, dat u geen van mijn uitspraken tot evangelium zult verheffen, want daar waar men iets predikt – dat is een evangelium – maakt men het tot een onwaardigheid, omdat het niet meer in de daad beleefd kan worden.

image_pdf