Leven nu en morgen. Ken uzelf

20 april 1989

Bent u buiten geweest de laatste tijd op het land? Hebt u gezien hoe onder grauwe wolken de trage aarde lichtgroenend wacht, terwijl de bloesems al oppieken als de zon schijnt die het gewas nog schijnt te verwachten? Hebt u gezien hoe de voor kort nog kale bomen met een groen waas omtooid, zich voorbereiden op de volle bloei en de vreugde van de zomer? Overal ligt de schoonheid voor het grijpen. Overal ligt ook de vreugde voor het grijpen want de vreugde ligt in de kleine dingen die spreken tot je hart. Maar zij die wegkijken van het kleine om het grote te vinden gaan ten onder aan de onbereikbaarheid van hun gedachten en verlangens.

Wie droomt misschien aan een zee, aan een meer, ziet hoe het licht in duizenden tinten gebroken, nu zilver, dan goud, zichzelf weerkaatst en een enkele keer tinten blauw doet veranderen in aquamarijn of zelfs een ogenblik in bijna zwarte groenen. Wie kijkt in de stad naar de vensters wanneer de zon schijnt ziet hoe ze van wezen, kleur en uitdrukking veranderen alleen door de weerkaatsing van het licht en van de hemel.

Alles is in voortdurende beweging. Alles verandert elk ogenblik. Slechts degenen die het niet zien zijn de blinden die zich aan het werkelijk gebeuren proberen te onttrekken. De zoekers naar het verleden die zichzelf afsluiten van de tekenen die de toekomst aankondigen. Te weten dat alles verandert betekent dat je ook zelf voortdurend verandert en je ertegen verzetten is dwaasheid. Het was ook een dwaas die zei: Ik hou niet van goden die lichamen verbrijzelen en een vinger opstak om een Juggernaut tegen te houden. Die rolde voort. Maar hij had kunnen zeggen: Hier komt de wagen der goden. Verspreidt u of offert u naar uw eigen wil. Maar zijn stem verstomde omdat hij dacht dat hij de weg van de wagen der goden kon tegenhouden. Je kunt de tijd niet tegenhouden. Voortdurend wisselende velden die door de krachten der sterren, der wolken, der stralende magnetische velden in de ruimte ontstaan en steeds weer verandert hierdoor de invloed op de zon en haar samenwerking met haar satellieten. Je kunt niet tegen de zon zeggen: Blijf stilstaan. En wanneer de aarde zou stilstaan op uw bevel zou ze zichzelf vernietigen omdat de beweging niet gestaakt kan worden zonder meer van atmosfeer en van wateren. Niets kan verandering tegenhouden. Daarom moet je naar voren zien en niet terug.

De glorie van het verleden is geen claim die je kunt leggen op de toekomst. De krachten van eens en de wetten van eens worden vermalen in de voortgang van de tijd. Wie weet dat wat je nu bent, het zaad is van wat morgen zal zijn, hij zal trachten alles te omvatten wat goed en stralend is en sterk en zo deel worden van al datgene wat kan zijn en nu nog geen vorm gevonden heeft. De klanken uit het verleden zijn een lied dat alleen zin heeft wanneer het in de toekomst kan spreken. Spreken is het belangrijkste wat er bestaat. Voor mens, voor dier, ja zelfs voor plant, voor luchten en voor wateren. Want spreken is niet alleen maar woorden vormen. Het is de voortdurende uitwisseling die begin en samenwerking mogelijk maakt, maar wie verstart, hoort niet en wie slechts spreekt van wat was wordt niet meer verklankt. Wees bereid om vandaag te werken aan morgen. Zeg niet: Ik zal nu zorgen voor mijn geestelijk heil want dit geestelijk heil is in u gelegen, niet in datgene wat later komt of wat geschreven staat. Het is uw eigen weg die ge moet gaan. De weg die ge kiezen moet, zal er een zijn die naar de onbekende verten voert. Ook de terugkeer naar het bekende betekent de vernietiging van al datgene wat u iets waard is geweest. Ge hebt uw herinnering. Al datgene wat ge zijt en hebt geleerd in dit leven of in andere levens vormt u tot datgene wat ge vandaag zijt. Delen ervan zullen u helpen de toekomst beter te begrijpen, maar gebruik ze niet om terug te hinkelen want wat was is voorbij. Slechts wat komen gaat kan in het heden reeds beseft en deels gevormd worden.

Wanneer we spreken van veranderingen dan denken velen onder u: de geest zal het doen. De geest doet wat hij kan, maar kan de geest wat u kunt? Wij moeten werken door de mens, door de omstandigheden. Gij kunt zelf zijn en werken en daar behoren allerhande bezigheden bij.

En dat mijn vrienden, maakt u duidelijk dat er niets onbelangrijks is. Er zijn oorlogen, maar in die oorlogen zijn veranderingen. Het zijn de veranderingen die meer betekenen dan de strijd en haar bron op zich. Er zijn volkeren die terug streven naar de middeleeuwen, maar zichzelf vernietigend zullen ze moeten groeien naar een toekomst waarin de mensen het eens zijn. Sommigen dromen van heerschappijen en meerwaardigheid, maar slechts zij die weten hoe te dienen zullen in de toekomst waarde kunnen bezitten.

Zoals het land ligt te wachten op de eerste stralen van de zon, de eerste gloed van een naderende lente, zo ligt de wereld met haar problemen te wachten op het onvermijdelijke dat niet schijnt te komen, in de voortdurende buien van ongeregeldheden, slecht begrepen gebeurtenissen en menselijke vergissingen. Ik zeg U: er zijn al bloemen te zien. Meer vrijheid ontstaat in de geest van de mens dan lange tijd het geval is geweest. Meer zoekt de mens zichzelf te zijn, maar nog altijd vraagt hij de ander hem daartoe de middelen te geven, niet beseffend dat hij zo het product wordt van de middelen en niet van zichzelf.

We kunnen dit alles samenvatten en zeggen: Wij willen werken met alle krachten die bestaan, maar kies uw krachten goed. Laat mij een voorbeeld kiezen, ik heb er al menig gebruikt. Een patiënt is ziek. Soms hebben wij middelen nodig die niet natuurlijk zijn. Maar in vele gevallen kunnen wij met natuurlijke middelen en begrip van de krachten, die ook in elke mens wonen, de patiënt genezen en dat zonder dat een ander ziektebeeld ontstaat waar wij het eerste verdrijven. Zie uw maatschappij ook zo. Er bestaan geen wondermiddelen die uw maatschappij kunnen genezen, maar er zijn natuurlijke krachten en werkingen en mogelijkheden die gebruikt moeten worden opdat de patiënt gezond wordt. Alle kunstmatige structuren zijn uiteindelijk gevaarlijk en kunnen blijvende schade aanrichten. Het geldt voor wonderolie en aspirine zowel als voor de meest complexe middelen van deze tijd. En dan is wonderolie althans nog minder gevaarlijk omdat ze in de oude tijd alleen een natuurlijk element bevatte en in deze tijd althans een poging tot reproductie daarvan zijn.

Verandering, mijn vrienden, is noodzakelijk. Verandering betekent vormgeven aan het nieuwe, niet omdat het nieuw is, maar omdat het de uiting betekent van wat wij zijn en van wat wij in onze wereld willen en kunnen zijn. Wij zullen deze dagen door kleine regendruppels haast plagerig wenend worden begraven, maar de dagen van steeds meer zon komen dichterbij en de temperaturen die omhoogschieten, gewassen die plots nog sneller uitschieten, vruchtbeginsels die zich langzaam omzetten in vrucht. Het jaar bereidt zich ook al aan het begin van de lente voor op de oogst die komen moet. Uw lente is een voorbereiding tot de oogst die veel later, misschien een eeuw later, eindelijk volledig zichtbaar zal zijn in al haar kracht en haar weelde. Maar vergeet niet waar de oogst is, daar komt de verstilling van ritselend blad dat door de wind geschud nog fluistert voor het valt en van velden die geel worden omdat de vrucht en de oogst zijn verdwenen. U is de tijd gegeven van verandering en groei. Indien u daar werkelijk deel aan neemt, ook innerlijk deel van bent, zo zult u ook groeien, zo zult u ook deel worden en één met alle dingen tot ge ze kunt overzien. Of als je, ver over de aarde zwevend, de samenhangen aanschouwt die hem die op de wereld moet staan altijd weer ontgaan.

Ik waarschuw u voor het geweld, want het geweld zal in deze dagen, voortdurend meer van zich doen spreken. Ik waarschuw u voor de rampen, door natuur of door mens veroorzaakt, want ook zij zullen in grotere mate optreden in de komende maanden. Maar laat u daardoor niet overweldigen.

Wanneer de storm wat dood hout weg breekt maakt ze alleen een betere groei en bloei van de boom mogelijk. Wanneer er veel verdwijnt of valt of moeilijk wordt dan is dit het begin, een nieuwe groei, niet het einde van alle dingen die waardevol zijn.

Onthoud dat vele mensen denken: mijn bezit hoort bij mij. Maar uw bezit is als de galnoot aan de eikenstruik: een vreemd wezen, niet behorend tot uw persoonlijkheid maar levend van uw sappen en bergend uw vijand. Bezit, zodra het u beheerst, is datgene wat u vastketent en het u onmogelijk maakt om te groeien. Maar het bezit dat gebruikt voor uzelf en anderen, niet als eigendom, maar als werktuig is, als de schoffel die onkruid kan wegsteken opdat het kostbaar gewas beter en juister kan groeien. Mijn hemel die ik predik nu in de tijden die komen zullen, wat is de zin ervan? Weet u, het heden verstilt mij een ogenblik wanneer ik zie dat de toekomst in het heden reeds is vastgelegd en de vreugde die in deze tijd nog bestaat, overweldigt mij omdat ik weet dat zij als een totaal van licht en vreugde, eens een hele wereld zal omvatten.

Daarom heeft het weinig zin hiervan te spreken. Maar u wanhoopt vaak aan uw tijd, uw wereld, aan het gebeuren, aan uzelf. Ik zeg u: Indien ge gelooft in de kracht die morgen schept, zult gij haar vandaag vorm geven. Niet hulpeloos zijt ge, niet slaaf van omstandigheden, ge zijt meester van uzelf en ge kunt de kracht kiezen waarmee ge u verbinden wilt, die ge dienen wilt. Vaak is het moeilijk zo’n keuze te doen. Voor velen van ons in de Orde was het een schok te weten dat onze vertrouwde werkzaamheden plotseling zouden veranderen. Maar wij dienen wat komt, niet wat is geweest. En zo zijn we verder gegaan en o wonder, het oude blijkt niet volledig verloren te gaan, al hebben we dat gevreesd. En het nieuwe schept mogelijkheden en krachten die we nu reeds vaag voorzien en waar we eens zelfs niet over droomden. Ook de geest moet vaak zijn keuze maken, verstillen en langzaam maar zeker in een muur van verveling zoeken naar een terugweg en een uitweg of verder gaan en groeien door achter te laten.

Dit betekent ook voor u dat de verandering, de groei, het ontwaken belangrijker zijn dan al het andere. Of ge oud zijt of jong, de toekomst gaat verder en als ze u achter laat, laat gij uzelf achter. Men zegt dat men machteloos is. Men zegt: Ik kan niet alle dingen meer. Men zeg: Ik heb hulp nodig. Hulp die u geboden wordt, zult ge niet weigeren, maar ge kunt ook zelf veel meer dan ge beseft. Maar alleen in harmonie met al datgene wat tot u behoort, waartoe u behoort, kunt ge juist werken en zo zijn sommige dingen niet mogelijk en andere onvermijdelijk, indien gij wilt. Vrees niet. Angst is de deken waaronder een dwaas zich verschuilt voor een licht dat hij niet begrijpt. Vrees niet. Zoek uzelf te zijn, maar laat ook uit uzelf de waarheid opbloeien die deel is van uw wereld en uw geestelijk bestaan. Dan zal de oogst voor u een vreugdige oogst zijn, omdat ge niet alleen maar geniet van hetgeen gegeven is, maar gelijktijdig het zaad zijt voor dat wat komen gaat. Kies uw weg. Als ge hem gekozen hebt, ga hem, zolang ge innerlijk gevoelt dat het de uwe is. Betreur niets. Velen zult ge langs de weg moeten achterlaten en veel zal veranderen of teloorgaan. Maar het zal u niet deren tenzij ge u bindt aan een verleden dat niet levensvatbaar meer is.

Daarmee heb ik het mijne gezegd en getracht het uwe voor uzelf duidelijker te maken. Wat blijft mij anders over dan een slotwoord. Als ik dat spreken moet, laat mij dan deze maal zelf kiezen.

Ik kijk naar de sterren en zie het licht van het verleden. Ik kijk naar het kleine en zie de sterrenhemel van het heden weerkaatst in wat niet eens meer zichtbaar is.         Ik spreek van God en zoek de kracht ver achter de einder. Tot ik besef: Hij, woont in mij, hij leeft in mij. Hij spreekt door mij. En plots is al vervuld van Hem en spreekt men van een werkelijkheid die niet meer wordt herleid tot woorden, lering, redelijkheid, of zelfs maar filosofie. Maar wordt een melodie die zingt in mij, die klinkt in mij, die uit mij leeft en mij beseffen doet hoe stervend licht zelfs aanzien geeft aan nieuw besef van al bestaan. Zo moeilijk sterft de eigenwaan, de grootheid door mij eens gedroomd. Maar angstig bijna en beschroomd erken ik nu dat wat ik dacht te zijn, is minder dan ik ben en meer in mij bestaat nog steeds dan ik in mij erken tot eindelijk de stilte spreekt en duisternis in ‘t lichte breekt en uit het duister licht ontspruit en in versmelting samen zich uit de tegenstelling duister – licht en al tezamen vloeit en in mij eindelijk het licht vanuit mijn wezen groeit, en wordt een baken heel ver weg, het licht van een ster reeds lang vergaan die toch voor wie nog zoeken wil, lang aan de hemel nog blijft staan. Ik ken mijn God, mijn God kent mij. In eenheid met mijn God ben ik gebonden, niet aan het lot, maar aan het zijn, en verder vrij en zo spreekt door mij God tot mij omdat Hij is de kracht die leeft en inhoud aan mijn wezen geeft aan alle zijn en voortbestaan. Zo sterven blijft alleen een waan, een ondergang van werkelijkheid, een beeldenspel dat ras verglijdt wanneer de kracht spreekt die in u, in alle dingen leeft, dat wat ge werkelijk zijt met dat wat leven geeft.