Licht

image_pdf

6 juni 1988

Er is mij verzocht om u nog even kort iets mee te delen, wat al op een esoterische zondagmorgen is besproken.

Er zijn door alles wat op de Wessac is gebeurd en de consequenties eruit getrokken, veranderingen te verwachten, ook in het werk van de Orde. Het houdt in feite in dat onze officiële bemoeiingen met het medium en voor het medium ophouden zeg: rond 1 januari. De periode daarna zullen op vrijwillige basis nog steeds entiteiten die verder wel tot onze groep behoren, door het medium verder werken.

Maar dat gaat voor hun eigen verantwoordelijkheid en we kunnen niet meer alles zo regelen voor bijeenkomsten zoals tot nog toe het geval is geweest. Of dit invloed zal hebben op gastsprekers? Ik neem aan van wel, maar zeker weten doen we dit nog niet. Het is echter goed dat u hiervan op de hoogte bent, want de Orde heeft besloten om haar werkterrein aanmerkelijk te gaan verleggen. Niet alleen in Nederland, maar ook in een aantal andere gebieden en daarbij zich te gaan bezighouden voornamelijk met inspirerende werkingen en andere kleine ingrepen, die gezien de ontwikkelingen op de wereld gemakkelijker goed resultaat zullen afwerpen. En waarbij we kunnen zeggen dat we in korte termijn aangepaste resultaten kunnen gaan behalen.

Wat we tot nu toe hebben gedaan, is altijd een kwestie van: we bouwden iets op en daar hebben we een kleine 40 jaar ons mee bezig gehouden. Het werk was al enkele jaren in feite afgesloten en wat u dus hebt gekregen sinds die tijd is voor een deel repetitie, voor een deel moderne aanvullingen. Om echter opnieuw een dergelijk werk te gaan opzetten, zeker voor een langere termijn, lijkt – gezien de ontwikkelingen zoals we die op aarde voorzien – niet raadzaam. En daarom hebben we dus besloten geen mediums expliciet meer voor de Orde te gebruiken, terwijl we gelijktijdig onze leden (zover zij het wensen/ weten in de geest) de mogelijkheid laten om via mediums werkzaam te zijn. Mits zij daarbij niet meer zeggen uit te gaan van de Orde als geheel. Ik hoop dat dat voldoende duidelijk is.

Licht

Wat is het Licht. Hoe komt het tot stand, waar vloeit het uit voort, waar leidt het toe en al die dingen meer. Nu hebben we iemand gevonden, die zich daar heel aardig mee bezighoudt en die daar, zover we kunnen nagaan heel verstandig over kan praten. Als je het op aarde bekijkt, is het heel eenvoudig. Als alle licht uitgaat, voel je je stekeblind.

Maar in de geest staat tegenover wat je het licht (het Witte licht) noemt, het zgn. duister (het Zwarte licht). Dat wil zeggen dat er twee gebieden van kenbaarheid zijn en dat elk van die gebieden in zichzelf een hele reeks werelden omvat. Waarom die werelden zo bestaan is een kwestie van speculatie. Wij denken dat het een uitvloeisel is van de wetten van evenwicht, die voor zover we kunnen nagaan alle sferen en de aarde zelf regeren. Wanneer er een verschijnsel is ter ene zijde moet een compenserend verschijnsel aan de andere zijde aanwezig zijn.

Wat wij onder ons het licht noemen, is daarbij datgene wat wij het Witte Licht noemen en de uitvloeisels daarvan. Houd je je daarmee bezig, dan ontdek je dat je eigenlijk gaat van het voorstelbare naar het nog net formuleerbare, vandaar naar het niet omschrijfbare maar wel beleefbare. Het is dus een progressie, waarbij de middelen waarover je als mens en als geest in de lagere sfeer beschikt, niet meer voldoende zijn om een werkelijkheid ook maar aan te duiden.

Iemand, die die dingen bestudeert, is natuurlijk wel in staat om via een aantal vergelijkingen en gelijkenissen iets over te brengen van hetgeen er werkelijk gaande is. We hopen dat  de gastspreker van vandaag dat kan doen. Je eigen deel hebben aan dat licht, is ook zo’n kwestie. Er zijn mensen, die zeggen: “ja, wij gaan op naar het licht.” Dat is net iemand, die naar buiten gaat om onder een straatlantaarn te staan omdat hij te lui is om de lichtknop om te draaien in zijn huiskamer.

We hebben het licht in ons. Het is deel van ons leven, het is de achtergrond van praktisch alle verschijnselen die we kennen. Het wonderlijke van het licht schijnt verder te zijn, dat het niet beperkt is tot dit hele Al, wat u kent. Het schijnt zich ook daarbuiten te bevinden in wat schijnbaar ledig is, en misschien zou je zelfs kunnen zeggen dat alle leven en bewustwording plaatsvindt in luchtblazen in de massa van het werkelijk compacte lichaam .

De belevingen van het licht in jezelf zijn als mens meestal aarzelend; het kan een ogenblik van verrukking en vrede geven. Maar veel verder kom je eigenlijk niet. Je houdt een zekere gloed en misschien een zekere energie over. Maar om nu te zeggen wat het is, nee dat gaat niet. Heb je het in de geest, dan lijkt het of alle problemen die in je zijn, voor een ogenblik versmelten. Ze zijn er nog wel, maar ze zijn er voor jou niet meer. Wanneer je terugkeert, heb je nog steeds dezelfde problemen, maar het lijkt dat hun samenhang zich gewijzigd heeft. Je hebt een nieuw begin.

Ga je nog verder – en dat is zo ongeveer het hoogste waar ik nog enigszins over durf spreken – dan zit je in een wereld waarin je met geluid, met trillingen van verschillende grootteorden te maken hebt. Geluid, licht, en het eigenaardige is: het is een versmelting van alle dingen, maar daardoor gelijktijdig een omvattende openbaring van alle dingen. En zo zit je dan met een hele hoop tegenstrijdigheden en als inleider vraag je je af wat je daarvan de mensen moet zeggen.

Misschien iets over mijn beleving met het licht. Op een gegeven ogenblik ontmoette ik wat ik een leermeester zal noemen. Iemand die mij hielp om een beetje orde in mijn boekhouding te brengen. En toen zei hij op een gegeven ogenblik tegen mij: “Vergeet het nu allemaal, want het is in orde!” Ik wist dat het voor mijn gevoel niet in orde was, maar ik aanvaardde wat hij zei. En toen ik uit die toestand van verstilling – je kunt dat niet anders noemen — terugkeerde, toen was het wel in orde. Wat bleek? De wanorde had niet bestaan in de feiten van mijn leven (mijn boekhouding zeg ik dan maar), ze had bestaan in de wijze waarop ik ze bekeek. En op het ogenblik dat mijn standpunt een beetje veranderd was, was ook de hele inhoud van mijn leven een beetje veranderd. En dat heeft me toen heel erg geholpen om te gaan helpen overal. Om me als het ware te verdiepen in tot de laagste wereld toe en aan de andere kant toch steeds weer op te rijzen naar werelden, waar ik als een soort hemelse dauw allerhande wijsheid ontvang, die ik in mezelf moet omzetten voordat ik weet wat ze is.

Als je zo met het licht omgaat, ja dan ben je soms geneigd om te zeggen “is het God”? Maar het Licht IS, het licht is geen heerser. Het licht is existentiebasis en zo ontbreekt er veel aan wat je op aarde toch aan een Godsvoorstelling meent te mogen knopen. Is het levenskracht – en levenskracht is er een deel van – of moet ik het anders zeggen: levenskracht is zoiets als het magnetisch veld dat wordt opgewekt wanneer een stroom door een leiding loopt. Het is een schijnbaar natuurlijk en noodzakelijk nevenproduct van de werkelijkheid van het licht: dat is levenskracht.

Als je verder gaat kijken hebben we wilskracht nodig en nog andere dingen, maar wat moeten we ermee aan? Ik geloof, dat wat wij wilskracht noemen en begrip en bewustwording en al die dingen meer, eigenlijk samenhangt met de wijze waarop wij dat licht benaderen. Het manifesteert zich in ons in verschillende krachten, maar het brengt ons gelijktijdig tot bewustzijn van die krachten.

U leeft wat dat betreft in een heel bijzondere tijd, want laten we maar zeggen sedert midden Egypte is er eigenlijk geen periode geweest waarin de terugkeer naar mystiek en de betrokkenheid bij het occulte zo groot is geweest. In die tijden moet je dan kracht vinden en kracht putten. Dan kijken ze in deze tijd graag naar het verleden en komen aandragen met Ankh Hermes, Ankh Thoth, Thoth Hermes en al die anderen: de wijsgeren van het verleden. Maar de wijsheid van het verleden is de wijsheid van vandaag. Alleen zal ze misschien anders omschreven worden. Maar het wezen is onveranderd gebleven.

Dat is voor de mens eigenlijk ook zo. De mens heeft andere mogelijkheden dan in het verleden, dat is waar. Maar als je kijkt naar de potentie in de mens, dan is die eigenlijk nog hetzelfde. En dan vraag je je af: zal deze tijd misschien een eigen leer brengen, een eigen nieuwe realisatie van wat tot nu toe occult en bovennatuurlijk heeft geheten?

Je kunt het natuurlijk allemaal wel afwijzen en bijgeloof noemen. Je kunt je vastklampen aan allerhande dogmatische stelsels en leringen, maar je ontmoet in jezelf en bij jezelf allerhande invloeden. Wat betekenen ze voor jou? Ja dat ligt aan jou! Maar ze zijn er! En als je leert beseffen wat ze in wezen zijn, of tenminste enige kennis ervan benadert, dan veranderen ze jezelf. Je leven is kennelijk niet alleen maar een product van toeval of van genetische achtergronden of vorige incarnaties. Het is daarnaast direct gelieerd aan een manier waarop je met dat licht zelf werkt en in contact staat.

Wanneer je in jezelf de vrede en de rust weet te vinden en je kunt zelfs die vergeten, dan ben je deel van het licht. Wat er in en met je gebeurt, kun je niet omschrijven. Je bent je er later ook maar zeer ten dele of misschien helemaal niet van bewust, maar je bent veranderd. Je hebt nieuwe impulsen gekregen. Het is niet alleen maar een caleidoscopisch spel waarbij alleen de verschillende mogelijkheden en beelden voortdurend op een andere manier in een symmetrie worden gegroepeerd, dankzij de spiegeling, nee het is echt: er wordt soms iets weggehaald, er wordt soms iets toegevoegd. En daarom weet ik niet. Het lijkt zelfs of in je geheugen bepaalde dingen sterker worden gegrift en andere als het ware worden weggewist tot ze alleen nog maar vaagheid zijn of soms helemaal verdwijnen.

Je denkt dat je het weet, maar je weet het niet! Dat is een van de wonderbaarlijkste dingen eigenlijk, die je kunt zeggen over die hele situatie. In ons niet-weten ligt vaak een beleven dat veel intenser is dan alles dat we op grond van ons weten alleen kunnen manifesteren. En we zijn natuurlijk geneigd om ergens een soort bliksemafleider te zoeken, nietwaar, God heeft mij geholpen; de Geest zal mij bijstaan; of de Heilige Antonius, die dan weer moet kijken waar hij het vindt.

Buiten ons gezocht, maar berustend op dat wat in ons aanwezig is. Ik denk dat we een groot gedeelte van het licht niet beseffen, dat we het buiten ons zoeken. We worden eenvoudig gewoon geconfronteerd met een wereld en dan zeggen we “ja, daar moet het in te vinden zijn!”, maar het ligt in onszelf.

Onze gastspreker zal waarschijnlijk iets verder gaan dan dit, want tegen mij maakt hij een opmerking die er op neer komt, dat de wereld waarin je leeft, eigenlijk het product is van je eigen fantasie over een werkelijkheid, die je niet kunt of durft  beseffen. Ik vind het heel mooi uitgedrukt. Ik geloof inderdaad dat het in onszelf rust en dan ben ik een beetje anders dan de  gastspreker. Ik heb het idee : het licht is zoiets als een stemvork. Die stemvork is er altijd en wanneer hij wordt aangeslagen dan geeft hij een toon af. De grondtoon van ons wezen. Maar alleen wanneer ze versterkt wordt, doordat je ze in contact brengt met iets, met je bewustzijn bv. dan wordt ze duidelijk kenbaar. De kenbaarheid van het licht is voor ons zo klein omdat we nog niet voldoende in staat zijn om onszelf als het ware tot klankbord te maken van hetgeen wat in ons leeft.

De ontwikkelingen die je op aarde ziet, wijzen op het ogenblik op een sterke mentaliteitsverandering. Voor een deel afgedwongen door angsten en noodzaken, voor een gedeelte ook gebaseerd op een onvrede bij mensen, die innerlijk toch vrede begeren. Als je die gebeurtenissen allemaal bekijkt, dan moet je zeggen: ze zijn niet allemaal even logisch. Heel vaak zijn ze sterk emotioneel getint, in veel gevallen berusten de werkelijke feiten op illusies waarvan men niet beseft dat ze door het denken zijn ontstaan.
De kenbaarheid van het licht is voor ons zo klein omdat we nog niet voldoende in staat zijn om onszelf als het ware tot klankbord te maken van hetgeen wat in ons leeft.

En dan verwacht ik dat de mensheid in deze tijd tot allerhande schokkende belevenissen gaat komen. Oh nee, geen wereldoorlog en geen wereldomvattende ramp en al die dingen meer. Laten we die ellende maar aan de krant overlaten, die maakt er ruimte genoeg voor. Maar doodgewoon; de mensen hebben een wereld geschapen, waarin ze denken te kunnen leven omdat ze zich als het ware van de wereld geïsoleerd hebben. Dat isolement, dat betekent een tekort, zoiets als een vitaminetekort of iets dergelijks, we zeggen het veroorzaakt ziekteverschijnselen.

En wanneer je dat gaat beseffen, wil je terug, maar dan moet je ook gelijktijdig die hele opzet van je afgesloten wereld gaan veranderen. Je moet ze weer opengooien voor de werkelijke wereld, waarin je leeft. En wanneer je er eenmaal mee bezig bent, dan heb ik het gevoel dat je dat ook veel meer zult doen voor innerlijke zaken. Dan ga je niet meer zeggen: “in het jaar 30 of 70 heeft diegene dat en dat gezegd en dat is dus zo”. Dan zeg je nu: “kijk, hij heeft toen zijn waarheid gezegd, maar zijn waarheid kan in deze omstandigheden niet meer zo bestaan. Dat moet veranderen.”

Ik voorzie dus ook een hele hoop omwentelingen. Oh, geen gewelddadige revoluties hoor , die zijn er wel genoeg, maar die komen gewoon voort uit het onbegrip van mensen, die zozeer begeren wat anderen aan macht en bezit hebben, dat ze proberen om het zelf te krijgen! Revolutie is eenvoudig een kwestie van het ondersteboven keren. En de werkelijkheid van de kosmos is: zo boven zo beneden, zo beneden zo boven . Pas wanneer je dat gaat begrijpen dan ga je inzien dat het niet meer gaat om wat er boven en wat er beneden is, maar dat het erom gaat hoe wij de gelijkheid erin kunnen beseffen. Zolang ik van boven naar beneden kijk, weet ik niet wat boven is. Zolang ik van beneden naar boven kijk, zal ik niet begrijpen wat ik beneden heb en wat ik ben.

Maar op het ogenblik dat ik durf te kijken naar mijzelf, ontstaat de analogie met dat hogere. En wanneer ik eerlijk ben in mijn eigen hogere wereld, dan ontstaat in mij een volmaakte analogie van al datgene wat beneden bestaat. Dus: de werkelijkheid ligt in je eigen wereld en dat gaan de mensen toch begrijpen. En als ze dan niet teveel meer naar boven gaan kijken, maar beneden gaan beseffen, dan maken ze beneden een harmonische weerklankmogelijkheid voor het Hogere. Als boven en beneden gelijkwaardig zijn, zijn ze in kracht gelijk. Als ze in kracht gelijk zijn, zijn ze in bewustwordingsmogelijkheid gelijk. Waar de bewustwordingsmogelijkheid gelijk is, ontstaat het onpersoonlijk erkennen wat uiteindelijk resulteert in het beleven van het NU.

Het punt van het heden, dat het AL uitdrukt, ook verleden en toekomst. Ik denk dat daar de hele ontwikkeling van de komende tijd sterk door wordt beïnvloed, ook in wetenschap, ook in geloof en geloofsbeleving, in politiek, in prediking. Zelfs in economische principes voor de verandering. En als je in die veranderingen zit en je kijkt alleen maar naar buiten, dan vraag ik mij af of je niet het contact dat er in je bestaat, een beetje verliest. Maar als je het contact kunt terugvinden met het licht in jezelf, dan wordt de wereld buiten je de weerkaatsing. Dan is elke trilling van alles wat er buiten je werkelijk bestaat iets, wat jou bereikt, beroert, bewust maakt van jezelf en daardoor een harmonische mogelijkheid geeft ook met je wereld.

Bij onze Orde bv. zijn we een hele tijd ingesteld geweest op een bepaalde manier van werken. Ik wil niet zeggen een dogma, of het moet zijn dat het herkennen van tegengestelde waarden, de voortdurende veranderlijkheid een dogma was. Daar moet je afscheid van nemen. Het eerste ogenblik ben je werkelijk ondersteboven, dan zeg je “wat moet dat gaan worden”, “wat moeten we nu weer gaan beginnen.” En dan ontdek je eigenlijk dat je buiten je iets hebt geschapen, waardoor je wat je innerlijk bent, bijna kwijt bent. Dat wil dan niet zeggen dat je erg gelukkig bent met al die verandering, maar je gaat aanvoelen dat ze noodzakelijk zijn. Dat je in jezelf een nieuwe kracht, een nieuwe mogelijkheid kunt vinden.

 Nu op het ogenblik zijn we natuurlijk nog druk bezig en de afhaaldienst blijft gehandhaafd. Het is net zoiets als met grote steden: je kunt veel dingen wegnemen, maar als ze het vuilnis niet meer opnemen, is het geen grote stad meer, maar een vuilnisbelt. Dus afhaaldienst blijft bestaan. Maar wat zal ernaast komen? Misschien wel iets, wat je empathische inwerking zult kunnen noemen. Stemmingsbeïnvloeding zeg maar.

Het blijkt dat er heel andere dingen zijn op het ogenblik die voor de mensen belangrijk zijn dan alleen maar weten, leren, begrijpen. Ze moeten leren aanvoelen. Want wanneer we eenmaal aanvaarden dat de uiterlijkheid niet bepalend is, maar alleen hetgeen wat we zijn, wat we in onszelf vinden (ook als groep) dan zullen we als vanzelf de aanpassing vinden met de wereld om ons heen.

U ziet dat niet alleen uw wereld omwentelingen doormaakt, maar ook aan onze kant zijn er toch wel wat harde klappen gevallen. En er zijn heel wat broederschappen en genootschappen binnen de Witte Broederschap, die nu ineens zeggen: “Ja maar wat moet ik dan?” Het antwoord is: “je moet niets.” Maar je moet je eerst wel richten tot jezelf. Eerst degene, die zijn innerlijk weer gaat beleven, weet wat voor hem of haar “moeten” is. Wat de uiting is, die noodzakelijkerwijs verbonden blijft aan datgene wat innerlijk beleefd wordt.

Mag ik gemeen zijn? Het is mij wel opgevallen dat degenen bij ons, die toch wel een beetje de leiding hebben, zwaarder geschokt waren dan ik. Want ze hadden een heel systeem opgebouwd en nou zitten ze zonder dat systeem. Dus ze zijn niet meer de beheersers van dat systeem, ze zijn de dienaren geworden van iets, waarvan ze nog niet precies weten wat het betekent. Dat is net zoiets als een democratie.

In een democratie worden besluiten genomen, die niemand in hun consequenties volledig kan overzien. Op een wijze, waarin velen geen inzicht hebben . Maar het is democratie, omdat je degene gekozen hebt, die het systeem in elkaar heeft gezet en daar consequenties uit trekt, of het nu fout gaat of niet. Dan vind ik onze democratische orde eigenlijk wel een leuke analogie. Zoiets van een kamer, die met onverwachte omstandigheden zit en in hevige debatten probeert om duidelijk te maken wiens schuld het is dat het niet anders is. Ik zeg niet dat Theodotus en anderen daarmee bezig zijn, zo erg maken ze het niet. Maar ze zitten toch wel raadseltjes naar mekaar toe te gooien en niemand weet nog hoe hij ze moet oplossen. Het is een soort kruiswoordpuzzel waarbij een deel van de tekst ontbreekt. En ze zullen die tekst vinden! Natuurlijk. En wanneer zij het niet vinden, dan misschien wij kleintjes. Misschien vinden wij wel het eerste woord en als zij dan weer weten hoe het verder gaat, dan lopen we weer netjes achter ze aan.

En als u dat nu kunt begrijpen, dan zult u zeggen: nu ja eigenlijk is het op aarde precies hetzelfde. De dingen kloppen niet meer zoals ze zijn, dan moeten we dus vragen stellen. En wanneer we ontdekken dat de hoger geplaatsten in feite ook vragen stellen, moeten we kijken of we op die vragen een antwoord weten. Voor onze eigen vragen niet, anders zou je niet vragen, nietwaar? Voor die ander weten we het misschien wel. En dan kunnen we misschien een stimulans geven voor een juiste oplossing. En als we dat werkelijk zouden doen, dat we beantwoorden aan iets, wat onze gastspreker dan ongetwijfeld de werkende en helende kracht van het licht zou noemen.

Voor het zover is, kunt u eerst even koffie drinken of u ergeren aan mij . Alles mag. Maar als u zich ergert aan mij, dan moet u zich wel afvragen waarom u zich ergert. En als u dan naar binnen kijkt, waarom u zich ergert, ergert u zich niet meer over mij, maar over uzelf. Over uzelf te ergeren, heeft geen zin, u moet begrijpen wat u wel moet doen. Geen licht, misschien een nachtpitje,   maar zonder licht zit je helemaal in het donker. Vrienden, ik hoop dat u veel licht gegeven moge zijn.

Gastspreker

Mijn belangstelling is altijd gewijd geweest aan de achtergronden van het leven. En nu men mij verzocht heeft om voor u deze avond te spreken, wil ik dan ook proberen iets daarover te zeggen. Het licht zou het best kunnen omschreven worden als een basisveld dat mits in beroering gebracht, bepaalde reacties opwekt, daardoor materie kan doen ontstaan en in die materie werkingen veroorzaakt zoals de schijn van tijd, de zwaartekracht en verschijnselen van dien aard, zo goed als natuurkundige verschijnselen, als chemische reactie, elektriciteit en wat dies meer zij.

In een poging het wezen te doorgronden kom je voor een grens te staan waarbij blijkt dat dit licht voor ons een belevingswaarde is. Het is niet constateerbaar, maar het is een innerlijke verandering welke voor ons gelijktijdig een andere relatie met verschijnselen tot stand brengt.

Licht in zichzelf, het Licht dat ik bedoel, is tijdloos, het kent geen veranderingen of wijzigingen zoals wij die kennen. Wat wij als verandering, ontwikkeling ervaren is voor het licht slechts een vibratie die bestaan aangeeft, zonder meer. De pogingen die wij in de geest van verschillende zijden hebben gedaan, brachten ons tot voorbij het Witte Licht. Die beleving, waarbij alles schijnt weg te vallen, tot je een schim tegemoetkomt, die dan een beeld van jezelf blijkt te zijn. Hier achter ligt wat men noemt het verblindende Licht, een toestand waarin het bewustzijn wegvalt, denken en geweten niet functioneren, maar waarbij kennelijk een enorme energie wordt ervaren. Deze belevingen kunnen worden vergeleken, zij het zijdelings en onvolledig, met de reacties die het menselijk  lichaam vertoont , wanneer in de psyche bepaalde beelden of onevenwichtigheden ontstaan. Wanneer u denkt dat u gewond zult worden, dan zult u een lichte druk als verwonding voor uzelf interpreteren. En ook denkend dat u gewond bent, uiterlijke tekenen veroorzaakt die zelfs een zekere verwonding schijnen in te houden. Vergeef mij dat ik uw taal voor een groot gedeelte moet ontnemen uit het medium, hetwelk mij dwingt om het langzamer en zorgvuldiger te formuleren dan mijn geaardheid normalerwijze noodzakelijk maakt.

Wanneer u spreekt over licht, als iets wat buiten u bestaat, dan hebt u volkomen gelijk . Want buiten u bestaan een reeks verschijnselen die alleen door het licht bestaan en in feite door een beweging in de kracht van het licht zich veranderen of ontwikkelen. Maar ook in uzelf draagt u dit licht. Deze oerkracht heeft, zover het ons een persoonlijke zin betreft, grondeigenschappen, kwaliteiten, die ons tot op zekere hoogte beheersen.

Wanneer wij incarneren, reïncarneren, dan doen wij dit niet alleen maar omdat ons bewustzijn dit eist. Een deel van onze behoefte ons op een bepaald niveau te vertonen, daar te beleven, komt mede voort uit de kracht in ons, die ons stuurt. Wij kunnen de beste plannen maken die een mens ooit gemaakt heeft of die een geest als voornemen in zich heeft verankerd. Maar wanneer de kracht in ons werkt, dan zullen we zonder het te weten, een feit over het hoofd zien of bepaalde feiten verkeerd beschrijven en het eindresultaat is dat onze incarnatie net anders verloopt dan wij zelf dit hadden gedacht en gewenst. Zelfs onze herinneringen, ook herinneringen aan vorige levens, blijken niet alleen maar een herinnering van gebeuren te zijn. Er vindt daarin een selectie plaats, en deze selectie wordt niet bepaald alleen door gevoelens of door noodzaken, belevingsnoodzaken; ze wordt wel degelijk veroorzaakt door de kracht, die in ons leeft. De feiten die het sterkst in ons geheugen geënt blijven – eventueel ook zelfs werkzaam blijven na hernieuwde incarnatie — blijken onevenwichtigheden in onze relatie met deze kernkracht van ons wezen te weerspiegelen. Ook de goede, niet alleen de slechte.

Klaarblijkelijk is dit geheugen alleen noodzakelijk, zolang wij geen perfecte harmonie – of moet ik zeggen eenheid — ervaren met deze lichtkracht, dit licht, waarvan we deel zijn. Hieruit had ik een gevolgtrekking gemaakt, die zegt: op het ogenblik dat in mij een belevingsnoodzaak bestaat , een behoefte aan ik- erkenning of ik-bevestiging, geschiedt dit door mijn onvermogen de kracht in mij als een volledig deel van mijzelf te beleven.

Weten kan belangrijk zijn, maar weten heeft slechts dan zin wanneer het gelijktijdig voert tot erkenning van innerlijke zaken, innerlijke ontwikkeling. En uw Bijbel? Er staat iets in over “wandelen met God” . Dit zou je kunnen vertalen als één-zijn met het licht in je. Er staat ook dat eten van de boom der kennis van goed en kwaad de oorzaak is geweest dat de mens in het zweet zijns aanschijns zijn brood moet verdienen. Hetwelk mij herinnert aan de instelling van vele werkgevers. Maar, is dit wel waar? Op het ogenblik dat ik een probleem wek in mijzelf en kennis onderscheidt, dan wordt dat veroorzaakt. Dan ontstaat erbij een eenzijdige benadering van de kracht in mijzelf. En dit verstoort in mijzelf de perfecte eenheid. Het klinkt misschien wat kinderlijk, maar al wat ik heb onderzocht, voornamelijk aan de grenzen van en in het Witte Licht – ofschoon we daarnaast nog iets verder zijn doorgedrongen – wijst erop dat dit een juiste interpretatie is. Als u niet vraagt, maar aanvoelt, dus onberedeneerd weet, dan werkt alles perfect. Zodra u uw innerlijk weten wilt vertalen in termen van logica, menselijke aanvechtbaarheid, dan verandert er iets en is deze eenheid verstoord.

Ik behoef mij niet te bewijzen dat ik ben. Ik besta als deel van een groter geheel. Bij dit grotere geheel, alle verschijnselen veroorzaakt, kan het uit mij alle verschijnselen veroorzaken? Of opheffen? De oudheid, bestond er ( ik meen in China) en daarnaast Egypte een reeks schrifturen, die de mens de beheersing zouden geven over alle krachten in de natuur, tot de scheppende toe. Het geheim daarvan is, dat je zelf ophoudt te bestaan.

In vele inwijdingsleringen, waarin ik mij eens heb verdiept en ook die met welke ik mij eerst na mijn verandering van wereld heb beziggehouden, komt steeds naar voren dat men om ingewijd te worden, sterven moet! Maar sterven niet in de zin van lichamelijke dood, maar van het oplossen van jezelf in het andere. Ik geloof dat dit volledig juist is. Wanneer ik zie hoe deze oerkracht (term van het medium, maar voor mij nu hanteerbaar) in alle dingen gelijkelijk aanwezig is, kan ik mij voorstellen dat alle dingen gelijkelijk daardoor worden beheerst. Men spreekt over de plaats die men heeft en de verplichting, die zij met zich brengt. Dat is juist. De plaats die ik heb, vloeit voort uit hetgeen ik ben in mijn geheel. Ik moet daarin vrede vinden, overeenstemming tussen mijn innerlijk en mijn zijn. Op het ogenblik dat ik daartoe niet kom, heeft mijn leven weinig zin en zijn mijn bereikingen meestal in mijn ogen  en soms ook in de ogen van anderen onbelangrijk.

Mensen denken heel vaak dat de daad het belangrijkste element is van een stoffelijk bestaan. Maar niet de daad is het belangrijkste, maar de eenheid. Er zijn disciplines, waarbij men in feite met geestelijke krachten bv. een pijl afschiet. Het lijkt waanzin voor een westerling om dit te zien als een werkelijkheid. Maar toch: denk na! Wanneer ik de boog ben en de pijl en het doel besef, zal de pijl perfect naar het doel snellen. Wanneer ik echter de boog hanteer als werktuig en dus de pijl bewust wil sturen, kan ik niet corrigeren, vooral die kleinigheden en invloeden waar ik onbewust rekening mee houd. Het gaat niet om de daad, het gaat om de eenheid die achter de daad schuilt.

Hoe meer ik één ben met al datgene dat om mij is, hoe juister ik zal reageren in verband met al datgene wat om mij is. Toen ik voor het eerst ontdekte dat verschijnselen als licht, velden in de ruimte en zwaartekracht en zelfs tijd, eigenlijk verstoringen waren van een perfecte rust, heb ik mij afgevraagd hoe het mogelijk was. Ik kon geen reden vinden. Toen ik echter accepteerde dat er een kracht was, die alle mogelijke werkingen in zich als potentie bevatte, kon ik begrijpen hoe in relatie tot beperkte – dus niet volledig besefte waarde – een reeks verschijnselen kon ontstaan. En hoe deze verschijnselen zich voor mensen of wezens met een soortgelijk besef en waarnemingsvermogen zich als wetten heeft gemanifesteerd. En toch zijn er geen wetten. Er zijn slechts verschijningsvormen, die door de wijze waarop wij beseffen, wetmatigheden over zich afroepen.

Eén worden met het Licht is een onmetelijke kracht beleven, in je opnemen, maar gelijktijdig afstand doen van een persoonlijk hanteren of gebruiken ervan. Daarom zal een ware ingewijde misschien wel een spel spelen met de schijn der feiten. Maar hij zal minder trachten om de feiten en de omstandigheden in hun werkelijke vorm te beheersen. Hij kan uiterlijkheden veranderen, hij kan het innerlijk niet veranderen. Dit beseffende is hij één met de innerlijke waarde en eerst daardoor kan hij het uiterlijk verschijnen voor degenen, die nog niet zo ver gevorderd zijn, aanpassen aan hetgeen hij wenst of voor die anderen (waarschijnlijker) wenselijk is.

U hebt in uzelf een drietal waarden, waarmee u rekening hebt te houden. U hebt in u het licht of de kracht, zij heeft geen betekenis, tenzij u uw illusie van de wereld beperkt. Verwacht niets van de wereld, tracht niet in die wereld iets te zijn, tracht alleen zelf te zijn. Denk nimmer aan uzelf anders dan als ‘deel van het geheel’. En ten laatste: besef dat het uw onvolkomenheden zijn, die plichten en lasten veroorzaken. Voor de volmaakte bestaan zij niet. Deze op zich eenvoudige regel vloeit voort dat alle wezen zoals gezien, beleefd een deel van de waarheid bevat als grondvorm, maar slechts kenbaar wordt door de illusie die wij daarmee verbinden.

De kenbaarheid der tegenstellingen berust aan de ene kant op de onvolledigheid (onvolkomenheid), anderzijds op onze omschrijving vanuit denkbeelden. Zonder deze denkbeelden is de waarneming niet mogelijk, maar is gelijktijdig de werkelijkheid niet meer verdeeld volgens de illusie, die in ons bestaat.

Er is een weg, die voert naar een beleving van het licht. Deze weg is geen weg, die je bewust kunt gaan. Je kunt alleen je eigen denken, je beelden, je fantasieën heel ver beheersen tot ze tot rust komen. Wanneer alles tot rust komt in u, ontstaat een steeds sterkere, maar niet redelijk omschrijfbare reactie, waarin het licht u als het ware doorstraalt, u kracht geeft en zelfs uw beeld van de wereld licht kan wijzigen.

Tracht een innerlijke stilte te vinden zonder zelfs het licht te verlangen! Het is de mogelijkheid om het licht te beleven. Verstand heeft hier weinig of niets mee van doen. Hoe verstandiger je bent, hoe vaster je bent geraakt in je illusiebeelden. Maar je innerlijk herkent de werkelijkheid, wanneer je verstand deze verwerpt. Daarom moet je terugkeren tot je innerlijk.

De eisen, die je stelt aan de wereld, zijn in feite ook de eisen die je stelt aan jezelf. Eerst wanneer je dit beseft, zal duidelijk worden dat het weinig zin heeft te eisen. Je plichten, die de wereld je oplegt zijn alleen maar plichten, wanneer je ze vervult. Maar een plicht kun je alleen vervullen omdat ze in jouw realiteit is. Besef dan dat de wijze van plichtsvervulling illusie is, maar dat de verbondenheid die daartoe voert werkelijk is.

Tracht niet door te dringen naar een hoge wereld, want een hoge wereld zult u niet verstaan! Onze illusies bepalen de wereld, waarin wij leven ook in de geest. Laat onze illusies dan bestaan zover het onze uiting betreft. Maar laten wij in onszelf trachten de illusie te vergeten door tot stilte en rust te komen.

Zij, die willen doordringen tot de hoogste wereld, vergeten dat dit alleen mogelijk is nadat je veel van je illusiewereld hebt achtergelaten. Hoe hoger uw geestelijke wereld moet zijn, hoe geringer het aantal waanvoorstellingen dat u mag koesteren. Het menselijk leven is voor 9/10 uit waanvoorstellingen gebaseerd. Wij maken van een heerser God. Wij maken van onze verbinding met anderen een onontkoombare plicht: deze dingen bestaan niet! Wat bestaat, is alleen de rust in onszelf. Al het andere is datgene, wat wij eromheen weven. Als iemand die is  doorgedrongen tot het verblindende licht, kan ik u alleen dit zeggen: “niets is belangrijk”. De schijn van tijd verdwijnt, terwijl het bestaan verder gaat. Ruimte is een illusie, die alleen daar bestaat waar onze gedachten haar meten.

Keer terug tot je diepste innerlijk. Vind je verbondenheid met het geheel. Zelfs wanneer dit betekent dat je vanuit dit geheel bepaalde waarden moet manifesteren. Dat je bepaalde krachten moet ontkennen. “Uit de droom naar de werkelijkheid” zo omschrijf ik het gaan van de wereld naar de plicht. Slechts indien ge kunt aanvoelen hoeveel meer dit licht omvat – dan zelfs de kosmos, die u in zijn schijnbare onmetelijkheid niet kunt overzien – kunt u opgaan. En daar, wanneer het nodig is, weten omtrent, terugkeren tot elke tijd, elke wereld, elke verhouding van kracht, elke relatie van besef.

 De kracht van het licht berust in ons allen, de omvattendheid van het licht is deel van ons allen. Dit is de zin, de reden, de achtergrond van alle bestaan vanaf het bestaan. Waarom weet ik niet. Maar al wat ik beleefd heb, maakt mij nadrukkelijk duidelijk dat zelfs de persoonlijkheid, die ik nu tijdelijk weer ben, een droom is. Een illusie, die probeert vaag de werkelijkheid te laten weerklinken, die zij in zichzelf begint te vinden.

Vrees niets buiten uw dromen, die u zelf voortbrengt Begeer niets, zelfs niet uzelf. Want begeren is een droom, die u ketent zonder u kracht te geven. Maar beleef in uzelf en laat dit beleven, ook zonder dat het omschreven of geformuleerd wordt, de werkelijkheid van uw bestaan, de werkelijkheid van uw betekenis omschrijven.

Dit is wat ik u over het licht durf te zeggen. Zelfs nu vrees ik dat ik u geconfronteerd heb met zaken, die u misschien aanvoelt, maar nog niet voor uzelf “waar” wilt weten. Uw weg naar de waarheid is uw eigen weg, maar de waarheid bestaat eerst daar, waar de droom ophoudt. Moge uw ontwaken uit de droom des levens voor u de aangename bevrijding zijn waarin de eenheid alle noodzaken vervangt.

image_pdf