Meditatie en drie kosmische wetten

image_pdf

28 februari 1962

Wij zijn niet alwetend noch onfeilbaar. Daarom stellen wij het op prijs wanneer jullie zelf nadenken over de gebrachte stof.
De periode van verwarring en onrust is nu voorbij en we mogen nu stilaan beginnen uitgaan van het zuivere instellen. Vandaar dat het meer dan ooit is aangeprezen, in de geest zowel als in de stof, om te mediteren.

De tijd is nu aangebroken dat u een grondiger meditatie kunt doen en dat u als middelpunt van uw meditatie uw eigen persoonlijkheid stelt met alle eventuele capaciteiten van dien. Indien de persoonlijke meditatie dus uitgaat van het spiegelbeeld dat de mens in zijn gezichtsvermogen kan dragen, gaan wij automatisch zien dat er meer bewuste actie in de woorden en de daden gelegen zijn. Dat houdt in, in een geestelijke groep als deze, dat men een punt, in de dag van vandaag, heeft bepaald waarin men leeft. Men heeft zich zonder het oude te verwerpen, maar zich daarop baserend, voorgenomen een zogezegd morgengebed te houden. Dit mag u vrijelijk in toon klinken. Dit mag volgens een oud gebruik of een rituaal rustig zijn gang blijven gaan maar, u dient ervan bewust te zijn, wanneer u een punt van meditatie neemt in de morgen, steeds het idee dat u in deze enkele minuten legt, voor de ganse dag geldig kan zijn.  Dit houdt tweeërlei zaken in:

  1. Dat u leert bewust handelend op te treden.
  2. Dat u ook uw eigen wezen, stof en geest, openstelt voor alle indrukken die in de beantwoording van uw denken op u toekomen. Het zal in het begin niet altijd zo gemakkelijk zijn een juiste instelling te krijgen. Dit komt door het feit dat u via uw meditatie direct als doel wilt stellen: vervolmaking, die u direct actief kan bewegen in deze wereld, waarbij het complex om vooruit te willen komen dat in de mens – de drang in de mens – bijna altijd op de voorgrond treedt.

Daarom is het noodzakelijk dat u uw eigen wezen eerst hebt leren spiegelen aan datgene wat uw gezichtsvermogen, uw zintuiglijke waarnemingen u bieden. Nu zijn wij niet op deze wereld om een perfect gehoor, zicht of spraak te ontwikkelen of iets dergelijks. Wij zijn in het besef van de tijdelijkheid in deze wereld om na te gaan hoever voor ons duidelijk wordt wat in ons bewustzijn groeit. Dit bewustzijn dat wij in de stof en gedeeltelijk ook in de sferen, op één punt hebben gericht, in een baan hebben gelegd, is grotendeels afhankelijk van onze eigenschappen, die, uit angst en begeerte geboren voor ons een openbaring tot stand brengen. Daarom hebben wij vanavond misschien de mogelijkheid – om na een korte pauze – een voorbeeld te belichten van drie kosmische wetten die direct in de wereld van de stof kenbaar zijn. Het zal de belichting zijn van drie wetten, namelijk:

  1. De wet van oorzaak en gevolg.
  2. De wet van evenwicht.
  3. De wet van gelijkmatigheden.

De wet van oorzaak en gevolg:

Elke gebeurtenis brengt met zich mee een reeks van gebeurtenissen die als gevolg van de eerste gebeurtenis worden aangenomen. De erkenning van deze toestand en de besluitvaardigheid die in het levend wezen aanwezig is, stelt u direct in staat oorzaak en gevolg te beleven.

De onmiddellijke reeks van oorzaak en gevolg is altijd rechtlijnig. De ervaring van oorzaak en gevolg is afhankelijk van het geestelijk bewustzijn. Geschiedt dit bewust, zo is het mogelijk dat een bewustzijnswijziging kan optreden waarbij het de mens mogelijk wordt eraan te ontkomen. Het gevolg vindt dan plaats als aanvulling in een hoger bewustzijn. De onbewuste ervaring biedt de mogelijkheid aan de hand van lichamelijke reacties – ziektes, angsten, enz. – of in het denken van de mens plaats te maken voor wijziging in het stoffelijk opgestelde patroon.

De wet van evenwicht:

Wanneer een bepaald geestelijk bewustzijn is bereikt of een bepaalde toestand van bestaan, zo kan dit telkenmale gezien worden als een rustpunt. Elke uiting van dit punt uitgaand, zal met zich meebrengen dat de uiting in gelijke mate naar beneden als naar boven plaatsvindt. Wanneer het bewustzijn stijgt ten goede, wordt gelijktijdig het bewustzijn van het kwade vergroot. Dit kan overal worden op toegepast.

De wet van gelijkmatigheid:

Alles is in één vorm en verandert niet. De wijzigingen van toestand of denken, die de mens meemaakt, kan afhankelijk zijn van de graad van bewustzijn. Elke verandering, ervaring ervan, is een schijnvorm. Elke verandering kan dus slechts plaatsvinden binnen het bewustzijn.

Gelijkmatigheid.

(Door een hoog bewuste entiteit)

Mijn zeer beminde gelijken, het is voor mij, ondanks alle afdalingsmoeilijkheden, een zeer groot genoegen met u samen te zijn. Ik moet hier met u een wet belichten en ik zeg u, het is onmogelijk dit op zo een korte tijd te doen. Ik zal daarom proberen uw ideeën, die u hier samen hebt, tot een geheel te maken en daar enkele vergelijkingspunten aan vastknopen.

Ik begin met u te zeggen dat in de tijd dat ik op aarde leefde men mij aanzag als een wijsgeer. Het bepalende voor mij lag daarin, omdat ik dit geloofde. Ik hield mij bezig met grote stellingen en mogelijkheden, die in mijn bewustzijn opkwamen, welke aan de hand van de verstandelijke vermogens die ik bezat geschetst konden worden als zijnde deel – of een wereld van mij – in een wereld na de dood.

Ik kwam in een kleine en goede wereld. En ik heb daar zeer lange jaren vertoefd. Ik was niet zo vlug uitgeput en mijn erkende ideeën die ik meegedragen heb, bleken onuitputtelijk en zo rijk aan fantasie dat ik op de duur eenzaam werd. Ik weet dat dit voor u moeilijk is om aan te nemen.  Daarom, u, die allemaal tracht naar iets dat u niet kent, en ik, vanuit mijn standpunt, die gekomen ben met de zekerheid dat ik nooit meer het lichaam van een mens zal overnemen, zal u zeggen hoe het gekomen is dat ik mijn huidige status heb bereikt.

Wanneer ik lange tijd wikkend en wegend heb gedaan in mijn sfeer, alles eerlijk menend en afwegend en zo tot een besef kwam dat ik iets meer vanuit mijzelf wou ontdekken. Want alles was beleving buiten mij en ik voelde het als het ware mooi belevenswaardig, maar vond mijn eigen persoonlijkheid niet. Ik zag op een bepaald ogenblik, gedreven door de drang om mijzelf te herkennen, onder mij een wezen. Ik had vanuit de stof iets meegedragen, namelijk de behoefte om anderen wijsheid bij te brengen. Nu was deze wijsheid voor mij geheel anders geworden, maar deze behoefte, dit sentiment, was voor mij toch een aanzet dat ik mijzelf wilde kennen. Want pijnlijk is het soms uzelf te kennen.

Bij de hulp die ik verschafte aan het wezen dat zich onder mij bevond, kwam ik tot de ontroerende ontsteltenis dat ik er mijn eigen wezen in zag. Het is hier geen kwestie van dat ik mijzelf uit een spiegel haalde. Ik kreeg de plotselinge overtuiging: Zie, in al uw filosofische wijsheid zou dit ook uw lot kunnen geweest zijn. U ook zou daar kunnen vertoeven door de afwegingsmogelijkheid die ik bezat. Door de wereld die in mij vreugde en geluk betekende, geborgenheid, ging ik over tot de daad en vanaf het ogenblik dat ik met mijn weten en mijn zicht deze hulpverlening kon bewerkstelligen, kwam ik tot de conclusie dat mijn wereld zich plotseling oneindiger vertoonde. Dat ik, als het ware, in uw beeld geschetst, mij op een hoge toren bevond en zonder onderscheid of hinder de verste einder – hoe verder hij was, hoe duidelijker – kon aanschouwen. Heel vreemd was het voor mij. En zoekende naar de ontdekking van mijn eigen wezen, dat de eigenlijke drang die in mij was opgekomen om iemand te helpen, vond ik mijzelf. En ik vond mijzelf in alles dat rond mij was. In alles kon ik plotseling de erkenning vinden: “Dat zou u ook kunnen zijn”. En indien ik in mijn wezen de rijkheid zag van de schepping, zo voelde ik de noodzaak in mij opkomen de onbeduidendheid van mijn eigen wezen te erkennen. Alles deel van mij maar ook al het andere had recht en deel aan mij.

Zolang ik deze gelijkberechtigdheid, dit volledig afgemaakte, schoon volmaakt geheel kon aanschouwen, kwam ik tot de bevredigende status dat alles onveranderlijk is, dat wij en dat u deel zijn van dit onveranderlijke. En dat de waan van de verdeeldheid, de waan van het onderscheid dat u zelf nog maakt, alleen zijn reden vindt in uw bewustzijn.

Dat het niet zo gemakkelijk is reeds een bewustzijn te hebben zodat u dit geheel kunt aanschouwen, dat weet ik. Daarvoor is de inleider van deze avond gekozen om u duidelijk te maken dat niets van deze wereld van u is, uw eigendom is. Dat zelfs datgene dat u in uw eigen wezen draagt als zijnde een afgerond geheel, een waan en een vertekening is van een waarde die eeuwig in u vertegenwoordigd, u zeer zeker misbruikt.

Dat zou een oordeel kunnen inhouden, maar vrees daar niet voor. Zolang u bang bent voor een oordeel dan erkent u in uw wezen de noodzakelijkheid van de erkenning van de waan. Indien u iets zeker als bezit gegeven is, dat voor u zonder mogelijke twijfel tot erkenning en bereiking is, dan is het uw eigen wezen. Uw eigen denken, noch dit stoffelijke dat u gebruikt om tot het denken te komen, is uw eigendom. Dit besef dat het uw deel is, komt pas later indien u zich gebonden voelt aan de mensheid. Want geloof mij, zover dat ik mij bevind, zoveel te groter is de behoefte te helpen in geest en stof. Mijn bewustzijn reikt enorm ver, is enorm groot. De oppervlakte die ik daarmee kan bestrijken, die zou voor u ontstellend zijn indien ik dat kon bepalen. Ik wil dit niet zeggen als grootspraak, want ik heb de vaste overtuiging, de zekerheid toegedaan zijnde, dat ik wil lijden voor u, dat ik al wat aan mij het rijkste deel is in mijn hoogste bewustzijn en sferen, geofferd kan worden uit mijn vrije wil, als het u ten goede en ten dienste komt.

Ik wil besluiten dat, indien het noodzakelijk is, ik alles wil overdoen omdat ik weet dat alles toch één veranderlijk geheel is, en ik geef u de ontstellende bekentenis dat u gelijk bent aan mij. Ik hoop dat dit laatste, als esoterisch geschoolden, u een goed kan zijn en zeer zeker niet zal leiden tot gemakzucht.

Want vrienden, wij hebben de tijd. Uw tijd is kort. Niet dat u nu de waanvoorstellingen uit het hoofd moet krijgen. Het zou wenselijk zijn vanuit onze kant gezien – maar het is noodzakelijk vanuit uw wezen op het ogenblik – dat u de vormen die u hebt leren kennen en verafgoden, terzijde stelt. En dat u weet dat de Goddelijke Kracht die in, rond en met u is geen vormen kent, althans niet zoals deze door u in een vorm gegoten wordt. Dit bestaat niet. Een Goddelijk facet, de mogelijkheid aan de hand van Goddelijke wetten, dit te gebruiken, ligt in uw wezen. Maar boor de bron aan waaruit alles is geschapen. Voor u betekent dit het ‘niet’ en het ‘niet’ kunt u niet beseffen en niet aanboren. Toch is het wenselijk over te gaan naar een meer abstract idee. Ik wil u, zoals de huidige tendens in deze tijd meebrengt een beeld geven van wat in de Geest is gebeurd. Ik wil u een schets geven hoe het mogelijk is dat ik tot u kan komen.

Hoewel ik in mijn tijd geen Christen was, draag ik nu zeker de erkenning in mij dat de Christenheid of de Christengemeenschap het heiligste was wat ik in de kosmos heb ontmoet. Maar dat ik nooit, omdat ik de bezieling had van te weten en de Liefde te kennen, geen afbreuk heb gedaan aan datgene wat op uw wereld werd verkondigd. Misschien is de reden ervan dat ik in een tijd heb geleefd dat godsdienstoorlogen woekerden. Maar ja, op dit ogenblik is deze kracht vrij, losgebroken. Losgebroken, niet in een teugelloze bandeloosheid, want dit zou u vernietigen, hoezeer u ook de Lichtende Kracht begeert. U bent daar niet rijp voor.

U weet, aan de hand van de herhaalde stellingen, zoals u werd gezegd wat de Christusgeest in zich draagt of althans zou moeten dragen in de stof. Erkenning van de gemeenschap en de naastenliefde, verdraagzaamheid als wipplank daartoe, erkenning van uw gelijken in allen en bovenal een liefde tot diegene die alles heeft geschapen, God de Vader. Een leer die gegeven is geworden en die nu zal hervormd worden door de grote Meester Jezus en die in dit gedeelte van de wereld, voor u, direct zijn sporen zal laten gelden. Alleen was dat niet mogelijk. Daarom hebben zeer grote Meesters, zoals Jezus, Boeddha en Aesir – in uw tijdrekening ongeveer een jaar terug – besloten gezamenlijk de grote krachtbundel van Licht op deze wereld vernieuwd vast te leggen. Er zijn drie punten voor gekozen en het heeft helemaal geen belang wat dit voor u zal betekenen. Wel belang heeft het dat u weet dat alles wat in deze wereld komt, bestemd is voor onderricht, om u te leren inzicht te krijgen, krachten te laten gebruiken, u op uw hoede te stellen en zij op dit ogenblik zeer hard bezig zijn in een vervolmaking en een bewustzijn, om een aanpassing te kunnen vinden hoe zij het zullen brengen. Daarom, wat deze dagen gezegd wordt vanuit de Geest en u niet direct kunt verwerken of aannemen, leg het terzijde na het eerst grondig in uw geheugen te hebben gesteld. Het kan u later van pas komen.

Van het ogenblik dat een Lichtende Kracht, zoals u de Christusgeest een Kracht mag noemen, losbreekt, zal het onvermijdelijk zijn dat al het oude in strijd verwikkeld wordt. Door het feit dat dit in strijd verwikkeld wordt om een positie te handhaven, zal er voor u ook een periode aanbreken dat u zeer vlug een prikkeling krijgt en besluiten neemt.

Onthoudt dit: de geestelijke wetten van beleving zijn niet dezelfde als die van de stof. Maar één zaak: indien u gaat tot de kosmische wet, dan zijn wij gelijk. Of u wilt of niet, u bent aan de wetten gebonden.

Besef dat het voor u betekenisvolle beeld van Licht op dit ogenblik een grote zuil is, een vorm van een zuil die alles belicht, waarin, van onder beginnend tot het hoogste, er verscheidene schakeringen van kleur zich bevinden, waar men aanknopingspunten kan vinden daar waar het grootste punt van Aquarius, verandering en vernieuwing, vrijheid, wordt geopenbaard.

Dat het oude in stand gehouden wordt, voor zover het oude in staat is zijn dwaasheden in te zien en zijn vernieuwingen in deze wereld te geven. Daarom wordt op het ogenblik ook door meerdere gespecialiseerden, in onze werelden, er de nadruk op gelegd om een zo eerlijk mogelijk besluit af te dwingen in het consilium dat in uw tijdrekening eind dit jaar zal plaatsvinden. Besluiten die bij ieder die het aanbelangt zeer sterke beroering zullen bewerkstelligen. Let wel, geen ondergang. Door deze mogelijkheden of zekerheden die zullen gebeuren dient u te beseffen dat ook u een strevend genootschap bent. En dat ook op uw wegen een verdeeldheid kan plaatsvinden. Dat ook u tot besluiten kunt komen die verwerping inhouden zonder reden, of hoogstens om uw eigen persoonlijkheid te handhaven. Daarom is gesteld, via sprekers die nu nog niet beschikbaar zijn in uw Orde, dat er een zekere discipline moet zijn. Discipline die moet leiden tot een gezamenlijk evenwichtsstreven waardoor de mogelijkheden van contacten met geest en sfeer gemakkelijker zullen zijn, en dat u zelf bekwaam zult zijn uw eigen wezen te verheffen, uw eigen wezen te doordringen en het bewustzijn zult krijgen van de noodzaak wat in deze dagen geschiedt.

Het is niet moeilijk u angst aan te jagen. U die streeft, een gouden raad: Erken datgene wat u ziet. Erken datgene wat u waarneemt. Wat in uw wezen is als zijnde goed, wat vreugde betekent, draag dit uit ten koste van wat ook. U zult merken dat, datgene wat u noodzakelijk is in deze wereld, u gegeven wordt. En vanaf het ogenblik dat u gaat zoeken om het te verkrijgen, dat het van u wegloopt.

Op dit ogenblik is een wet van tegenstelling als het ware in werking getreden. Wat u naloopt als denkend voor u goed te zijn, het gaat weg. Wat u mijdt, als denkend voor u slecht te zijn, wordt uw deel. Daarom, zoals in mijn tijd werd gezegd: “Indien u zegt:”‘kom” tot datgene wat u goed is, zo zult u weten dat het ‘gaat’. Daarom, zeg niet ‘kom’, maar ‘ga’ opdat u zult weten dat het zonder uw eigen bemiddeling tot uw eigen wezen zal voeren”. Waarbij u de erkenning van uw zijn, het weten Gods, dat ieder die op deze wereld leeft zeer zeker tot zijn taak en zijn voleinding zal kunnen voeren.

Ik vraag u, organiseer stoffelijk wat u meent dat goed is, maar overleg met elkaar. En u moet eerlijk zijn. Indien u met vier bent en u hebt vier verschillende meningen, komt u toch tot een vijfde punt en dit betekent dan het streven van de mens die tijd geeft aan datgene wat hij hoort en ziet en meemaakt, dat hij bouwt aan een vesting, aan een zeer zwaar en stevig en diep fundament waarop hij de zuilen Gods, in de erkenning van Alle Wezens zal optrekken. En dat de Goddelijke Liefde, zijn Kracht, die nu nog niet werken kan maar de voorbereiding en de mogelijkheden kunnen vinden u aan te duiden, niet om u te verheffen, maar in de erkenning van uw wezen de diepste factor zal leggen, zoals uw Grote of Grootste Heer en Meester u heeft voorgedaan.

Ik hoop vrienden dat u dit mij niet kwalijk neemt en dat u de kleine bede, die ik tot u richt, zult aanvoelen als een noodzaak.

Hoge woorden misschien, maar zoveel te meer betekenis ligt erin. Wijsheid zeker, omdat er de erkenning van uw dwaasheid in ligt.

Mens, streef, werk, maar heb het besef dat alles wat in de wereld kan bestaan ook uw deel zou kunnen zijn.

Verheugt u dan als u weet dat schoonheid ook uw deel is en doe uw best om anderen, indien zij vredig zijn, hun schoonheid en hun rijkdom te vergroten.

Dat het Goddelijke Licht met u mag zijn.

Dat als slot en symbool, het machtige kruis u een teken van Licht en Vreugde mag zijn en dit in de erkenning van de eeuwigheid; dat ook Hij die op dit kruis van de wereld afscheid nam, dit kruis dat als symbool was van Zijn Kracht en Licht en Liefde, in het teken zal staan van de komende dagen.

God zij met u.

image_pdf