Mogelijkheden en grenzen van helderziendheid

Helderziendheid is een verzamelnaam voor een betrekkelijk groot aantal verschillende fenomenen. Wij zouden ze kunnen samenvatten onder paragnosie. Maar wat voor ons belangrijk is in dit verband, wat voor soorten zijn er? Wat is daarmee mogelijk? Zo er wetmatigheden zijn welke spelen daarin een rol. Het eerste punt van helderziendheid is eigenlijk onbewust. Het is het reageren op omstandigheden die op dat ogenblik nog niet optreden en dan wel op een zodanige wijze dat hierdoor een ingrijpen in het gebeuren mogelijk is. Dit geschiedt meestal niet bewust.

Om u een voorbeeld te geven: Het was in november 1971 in Londens ondergrondse. Een jonge man valt, terwijl er een metro komt aanrijden, van het perron tussen de rails. De bestuurder wilde gaan remmen, maar op dat ogenblik blokkeerden de remmen reeds. De man is wel onder de trein gekomen, maar niet onder de wielen. Ze hebben de trein moeten opvijzelen om hem van tussen de rails te kunnen halen. Hij is er echter levend van afgekomen. Wat blijkt nu? Er was een eigenwijze oude tante in de trein die normaal haar krant zat te lezen. Ze was echter wat onrustig geworden na het laatste station. Ik meen, dat het Charing Cross was. Op een gegeven moment kon ze het niet laten, ze gebruikte haar paraplu en trok aan de noodrem. Was dat niet gebeurd, dan was de jongeman doodgereden.

Wat is hier in feite gebeurd: De dame in kwestie zal gevoelig zijn geweest. Ik meen, dat ze behoorde tot een spiritistische gemeenschap. Zij reageerde op een situatie die op dat ogenblik nog niet bestond, maar die haar onrust al een lange tijd had bepaald. Op het ogenblik, dat er een telepathische impuls optreedt (het moment dat de jongeman struikelt) en voordat de bestuurder iets heeft gezien, kan zij het niet helpen en trekt aan de noodrem. Zij weet niet waarom zij het doet. Ik mag erbij voegen om iets duidelijk te maken over de mentaliteit van bepaalde instanties. Het heeft heel veel moeite gekost om die dame te vrijwaren van een bekeuring, omdat zij aan de noodrem had getrokken zon­der reden. Dit is historisch.

Wanneer wij te maken hebben met dergelijke onbewuste reacties, dan is er geen sprake van een bewust vooruitzien. Dat wil zeggen, dat er ook geen bewuste beslissingen worden genomen. De reactie wordt geheel bepaald door onderbewustzijn. Bepalend hiervoor is de gevoeligheid van de persoon. Hoe gevoeliger de persoon is, hoe vaker een dergelijke reactie kan optreden. Hoe intenser de gevoeligheid van de persoon wordt gebruikt in het dagelijkse leven, hoe sneller de reactie zal volgen.

Ik geef nog één voorbeeld en dan heb ik dit afgerond. U rijdt auto. U nadert op dezelfde manier als altijd deze kruising en even haalt u uw voet van het gaspedaal, u houdt iets in. Op het moment dat u bij de kruising komt, flitst er een auto met een te hoge snelheid voorbij. Had u normaal doorgereden, dan was een botsing bijna onvermijdelijk geweest. U heeft onbewust gereageerd op een voorkennis die redelijk niet verklaarbaar is.

Dit is een veel voorkomend verschijnsel. Het is zelfs zo: de man gaat weg van zijn werk, de vrouw weet helemaal niet dat hij vroeger thuis komt, maar ze denkt; ik ga toch de aardappels maar eens opzetten. Voor heel veel mensen is dit geen helderzien. Maar wat is helderzien dan wel? Helderziendheid is in de ogen van heel veel mensen; het zien van iets werkelijks. Het zien van een geest bv.. Maar ziet u die geest wel? Zelfs als u de visuele indruk heeft, is en blijft het een visuele hallucinatie en meer niet. Verder is het lang niet zeker dat die entiteit op dat ogenblik daar zo aanwezig is als u haar meent te zien, want er kunnen verschuivingen in tijd plaatsvinden. Een dergelijke vorm van helderziendheid wordt wel eens gebruikt in een zaal. Er zijn mensen die dat doen. “Daar bij u staat een dame en die heeft eigenaardig genoeg een kort, bijna wit schortje voor met een heel eigenaardig stiksel erop. Zij zegt tegen u; “Zo stom moet je niet meer zijn. U weet waarschijnlijk wel wat daarmee wordt bedoeld.” Zo gaat dat overigens, deze waarneming was niet reëel.

In dergelijke gevallen lees je a.h.w. telepathisch gevoelens af. De boodschap die doorkomt, kan uit de geest afkomstig zijn, maar kan evengoed een reactie zijn van de waarnemer/ster op een probleem dat wordt uitgestraald door de persoon tot wie men zich richt. Deze vormen van helderziendheid worden vaak heel hoog aangeslagen. In wezen zijn ze niet zo belangrijk. De grenzen hiervan liggen weer bij het telepathisch gevoelig zijn van de persoon die waarneemt. Daarnaast ook aan diens behoefte om die waarnemingen op welke wijze dan ook te manifesteren. Hoe kleiner die neiging is, des te betrouwbaarder ook de waarneming wordt.

Dan komen we aan het interessante punt dat men noemt; helderziendheid in ruimte.

In Basoetoland reisde een Europeaan met een gids; een klein Bosjesmanachtig type, op een gegeven ogenblik, de man zat zijn pijpje te roken, de inboorling dito dito, zei de inboorling op een plaats waar telegraaf, telefoon, kranten e.d. geen toegang hadden, hoogstens maanden later nu de berichten ter beschikking waren. “Er is een oorlog uitgebroken in Europa. ik zie veel vuur en ontzettend veel mensen.” Waarna de inboorling verder ging en vreemd genoeg niet de beginacties van de oorlog, maar de slag aan de Somme begon te beschrijven die nog niet had plaatsgevonden. Hier hebben wij in de eerste plaats helderziendheid in ruimte. De waarneming vindt plaats t.a.v. punten in de ruimte die lichamelijk gezien niet benaderbaar zijn. Dat kan alleen op basis van een z.g. harmonisch principe. En aangezien die man oorlog waarnam; moeten we aannemen dat hij in zijn jonge jaren een stevige vechtersbaas geweest moet zijn. In de tweede plaats; Toen hij eenmaal bezig was met het verschijnsel, ontstond helderziendheid in tijd, want hij beschreef iets dat eerst een jaar á anderhalf jaar later een feit zou worden. Daar ligt nu weer een interessant punt in. Hoe kunnen wij in tijd schouwen?

Schouwen in tijd is mogelijk voor iedereen die daarvoor de nodige concentratie opbrengt. Het is geen kwestie van visioenen. En het ‘ik zie’ is eerder een poging om de realiteit van een indruk uit te drukken dan een werkelijke beschrijving geven van iets wat voor de persoon reëel is. Dus je kunt overal in ruimte waarnemen ook zonder uitgetreden te zijn. En wel op het ogenblik, dat er een harmonie ontstaat waarbij een actie, een plaats of een persoon in een tijdelijk rapport komen. Plaatsbepaling is alleen mogelijk aan de hand van hetgeen men dan waarneemt of aanvoelt t.a.v. de omgeving. Helderziendheid in tijd zal over het algemeen te maken hebben met ook een plaatselijke verschuiving. Dat klinkt misschien vreemd. Laten wij het zo uitdrukken; Wanneer u hier zit om 6 uur, dan is het in San Francisco een andere tijd. De rotatie van de aarde heeft daarmee te maken. Er zijn bepaalde krachtlijnen op aarde.

Wanneer je dus in tijd schouwt, dan zie je een plaats op een punt waarop ze zich nu niet bevindt. Is er een gelijkheid van plaats, dan zal de waarneming niet geschieden. Je kunt dus niet op deze plaats staan en zien wat er precies over zoveel tijd gebeurt op het ogenblik dat de stand van het aspunt gelijk is t.a.v. sterren en de eigen rotatie van de aarde, zodat de situatie identiek is. Dan zie je niets. Er moet altijd een verschuiving zijn hetzij een geringe, hetzij een wat grotere. Meestal zegt men: Hoe groter de verschuiving wordt, hoe intenser de waarneming, maar ook hoe afgeronder een fragment van waarneming is.

Waarnemingen in tijd worden heel vaak verwerkt in symbolen. Ook dat is begrijpelijk. Je ziet b.v. dat iemand doodgaat. Dat vind je niet prettig. Wat zie je dan? Een symbool van die dood. Een begrafeniskoets misschien of iemand die een grafkrans ergens komt brengen of neerleggen. Het bewustzijn vertaalt een deel van de waarneming in symbolen. Dan komen we aan een andere vorm van helderziendheid. Het is de vorm van helderziendheid waarmee men in feite de aura van anderen waarneemt. Je kunt de uitstraling van mensen en dingen vaak vluchtig waarnemen. Maar er zijn mensen die in staat zijn om die waarneming zo op zich te laten afkomen dat ze even concreet wordt als een gewone zichtbare waarneming. Op dat ogenblik kun je in de aura alles aflezen. Er zijn a.h.w. vlammen in te zien, er zijn bepaalde schichten, uitbarstingen. Er zijn aanmerkelijke kleurverschillen waarbij de ene laag soms heel ver in een andere laag van de aura (meestal bestaat ze uit drie lagen) doordringt. Dan kun je zeggen; Deze mensen zien voor een deel reëel. Want als je nagaat hoe het met hun optische apparatuur staat, dan blijkt dat de ogen heel vaak gevoelig zijn voor een aantal trillingen die boven de normale waarnemingsgrens van kleur liggen. Men noemt a.h.w. een paar kleuren meer waar, meestal in de richting van blauwviolet.

Dan kennen we ook mensen die ziekten aflezen aan een lichaam en die daarin donkere en lichte plekken zien. In een dergelijk geval kan eveneens een optische gevoeligheid een rol spelen. Deze mensen nemen namelijk waar in infrarood; dat wil zeggen dat ze verschillen in temperatuur kunnen zien en dat ze daardoor ook temperatuursverschillen in het geheel van het organisme kunnen waarnemen. Dergelijke dingen worden soms bewust, soms onbewust gehanteerd.

Heb je deze laatste gave, dan is het onwaarschijnlijk dat je komt tot een zuiver aflezen van uitstralingen in een aura, omdat je de hoge geestelijke trillingen over het algemeen niet of zeer onvolledig waarneemt. Kun je aura’s volledig aflezen, dan is het wel mogelijk om een diagnose te stellen aan de hand van de afwijkingen die je in de aura ziet, maar dan is deze gevoeligheid voor de directe functieverschillen en de temperatuurverschillen in het lichaam weer niet aanwezig. Met andere woorden; je kunt het ene hebben en dan heb je het andere niet. Of omgekeerd.

Er zijn voor zover mij bekend op aarde in de laatste paar duizend jaar geen mensen geweest die in staat waren om deze gehele scala plus het normale visuele gebied te overbruggen. Wel zijn mij enkels personen bekend die blind waren en die in feite via een chakra waarnemingen deden. Bij deze bleek die overbrugging wel mogelijk. Dus, diagnostiek op deze wijze moet altijd eerst worden herleid tot de basis: wat ziet men? Ziet men bij voorkeur zwart‑wit verschillen, dan moet men aannemen dat men in het infrarode gebied schouwt. Men moet dus elke aandoening placeren op die plaats waar een te felle roodgloed is of waar een donkere plek is. Dan moet men ook rekening houden met de normale verschijnselen. Als je een man waarneemt, dan zie je wat donkerder gebieden (meestal bij de knieën). Bij vrouwen op dat deel waarop ze plegen te zitten. Die zijn kouder dan de norm van het lichaam. Als je al die dingen samenvoegt, dan is hier sprake van een z.g. helderziendheid die maar voor een klein gedeelte op geestelijke gevoeligheid, grotendeels echter op een vergroting van de optische waarnemingsschaal van de persoon in kwestie berust.

Visioenen. Is dat helderziendheid? Een visioen is over het algemeen het opbouwen van een complete scène die zowel waakbewust kan worden waargenomen als in toestanden van trance. Daar moet men rekening mee houden. Het is dus op verschillende manieren mogelijk. In al deze gevallen wordt het visioen opgebouwd aan de hand van impulsen die door anderen worden veroorzaakt. Dat kan een bewuste of onbewuste veroorzaking zijn, maar het merendeel van de visioenen komt voort uit bewust geprojecteerde gedachten die grotendeels dan ook nog uit de geest stammen en soms reflecties zijn uit hot astrale gebied.

Visioenen en waarnemingen in tijd hebben het grote nadeel dat tijdsbepaling moeilijk is. Het lijkt misschien eenvoudig. U krijgt een beeld van de toekomst en u kijkt heel gauw of er een krant of een kalender in de buurt is. U kijkt ook nog op de klok en dan zegt u. Dat is gebeurd op 27 februari van het jaar 2000. Ik zie de klok, dus moet het gebeurd zijn om kwart over 3. Ja, dat dacht u. Weet u zeker, dat die kalender of de krant de datum van de juiste dag aangeeft. Staat de klok stil of loopt ze? Op welke plaats gebeurt het? Want dat zou het tijdsverschil kunnen betekenen. Uw tijdsbepaling zal dus nooit helemaal correct zijn. Meestal zal men geen jaar kunnen vaststellen. Een waarneming kan dan duidelijk maken dat iets in de lente gebeurt, dan kan men zeggen: In de lente zal dat en dat plaatsvinden. Maar welke lente? Het kan de eerstvolgende zijn, het kan ook over honderd jaar zijn. Bij waarnemingen in tijd en eveneens bij bepaalde visioenen waarin geen definitieve tijdsbepaling is opgenomen, moet men dus uitermate voorzichtig zijn met datering. De grenzen hiervan?

In de eerste plaats; je kunt nooit in een visioen of helderziend in tijd iets waarnemen dat zo ver buiten je eigen tijd ligt dat in de situatie veranderingen zijn opgetreden die voor jou niet meer verklaarbaar zijn. Deze niet verklaarbare zaken worden dan vaak door geometrische figuren aangeduid. Maar juist daardoor heb je geen werkelijk idee van wat er gaande is of wat er zal gebeuren.  In de tweede plaats; elk beeld dat je waarneemt wordt vertaald in je eigen termen. Dat wil zeggen: een waarneming in tijd wordt herleid tot een analogie met het heden. Wie ook dit in de gaten houdt, weet dat waar­nemingen in tijd (wat dit betreft althans) met een zekere reserve, ook door de waarnemer zelf, moet worden benaderd.

Waarneming in ruimte

Ik heb er al een paar dingen over gezegd. Het is mogelijk om bewust in ruimte waar te nemen. Als dit geschiedt door uittreding, beschouw ik het niet als helderziendheid. Hier is dan gewoon sprake van het projecteren van een persoonlijkheid naar een andere plaats. Het is achter moge­lijk dat u meestal zeer beperkte scènes opneemt die zich elders afspe­len. In dit geval is een telepathisch rapport noodzakelijk.

De veroorzakende kracht kan geestelijk zijn. Ze kan gewoon liggen in een grote overeenkomst van bepaalde mentale en geestelijke elementen tussen het gebeuren en uzelf. Het kan daarnaast een opvangen zijn van intense belevingen of gedachten die elders plaatsvinden. In deze gevallen zal de plaats alleen kunnen worden bepaald aan de hand van de gegevens die in de waarneming aanwezig zijn. Zijn deze vaag, wees voor­zichtig. Als u de Eiffeltoren ziet, mag u aannemen dat het in Parijs gebeurt. Maar vergis u niet, er bestaat in Japan een nagebouwde Eiffel­toren, ergens op een groot warenhuis. Het zou dus kunnen zijn dat het in Tokio gebeurt. U kunt zeggen; Waarschijnlijk in Parijs. U kunt het zelden met volledige zekerheid zeggen, tenzij u toevallig plaatsborden tegen­ komt of de plaats zelf kent. Alle waarnemingen door helderzienden moeten met een zekere voor­waardelijkheid worden beschouwd. Wij weten immers niet hoeveel van de waarneming beperkt is of veroorzaakt werd door denkbeelden en gevoe­lens in de waarnemende persoonlijkheid. Het is maar heel zelden dat een waarneming glashelder, en zuiver is zonder dat er enige persoonlijke in­terpretatie, of enig persoonlijk element een rol speelt.

Wat zijn de mogelijkheden van helderziendheid in het algemeen? Voor een mens: waarneming van en beperkte contacten met o.a. werelden van de geest. Waarneming van en beperkte contacten met persoonlijkheden die niet op aarde leven maar elders in de stof. Het waarnemen op plaat­sen waar je lichamelijk niet aanwezig bent en op een zodanige manier dat je bewustzijn van je aanwezigheid op een bepaalde plaats daardoor niet wordt beïnvloed.

Waarneming van kwalen en afwijkingen bij personen

Waarnemingen van le­venslichaam of levenskracht van personen en aan de hand daarvan heel vaak ook de mogelijkheid om te zeggen dat ze wel of niet nog een lange tijd te leven hebben. Je kunt zelfs de levensduur helderziend voor een deel maar nooit volledig gadeslaan. Wat zijn de beperkingen en begrenzingen? Je kunt niets waarnemen dat buiten je eigen kader van bewustzijn ligt. Elke waarneming kan alleen geschieden op grond van referentie aan herinneringswaarde die in je bestaat. Emoties kunnen bepalend zijn voor zowel de waarneming als voor het veroorzaken van de waarneming. Emoties werken altijd eenzijdig en werke­lijkheidsvervreemdend. Daardoor is het zeker, dat bij een dergelijke waar­neming een afwijking van de feiten optreedt. Een voorbeeld. Dit is vast­ gelegd in de buurt van Stavanger.

Een paar jonge mensen zien hun vader in druipende oliekleding aan het voeteneinde van het bed staan. Zij nemen aan dat hij is overleden en wachten geduldig op de mededeling die moet komen. Deze komt een week later. Het overlijden had echter plaatsgevonden drie dagen voordat het bericht werd afgezonden en niet zeven dagen. De verschijning lag dus vier dagen in tijd vooruit op het feit. Als u rekening houdt met dergelijke mogelijkheden, dan zult u het met mij eens zijn dat we nooit op gelijktijdigheid kunnen rekenen. Een waarneming, die emotioneel wordt bepaald, kan door die emotie in tijd verschoven zijn. Ze kan zelfs plaatsverschoven zijn en ze kan feiten ten dele onderdrukken of met bijzondere nadruk weergeven. De grenzen van helderziendheid zijn voor een deel uw eigen grenzen. Hoe objectiever, gevoeliger en bewuster u bent, hoe meer uw helderzien­de waarnemingen van welke aard dan ook met de feiten zullen stroken.

Hoe groter uw onevenwichtigheden of uw eenzijdigheden of zelfs uw beperkingen in formulerings‑ en voorstellingsvermogen, hoe verder de waarneming zal afwijken van de werkelijkheid. Waarnemingen kunnen verder geestelijk worden gedaan in bijna alle werelden en sferen. Dus ook in uw eigen wereld zowel in verleden als toekomst. Bij een geestelijke waarneming is er nimmer een juiste tijdsbepaling mogelijk, zelfs niet aan de hand van gegevens. Een geestelijke waarneming, die door u wordt ontvangen. is uit­ gedrukt in een bepaalde richting. Ze heeft een of andere betekenis. Ze is niet alleen waarneming naar ook boodschap. De geestelijke impul­sen zijn dus altijd vertekend. De helderziende dient zichzelf dus enige beperkingen op te leggen t.a.v. de absolute zekerheid van hetgeen hij meent te moeten verkondigen. Uittredingen maar ook helderziende waarnemingen, houden vaak in dat een rapport wordt verkregen dat niet identiek is met het normale standpunt van een mens ter plaatse.

Om een voorbeeld te geven:    U noemt een bepaalde plaats waar. Bijvoorbeeld bij het zoeken naar iemand die overleden of vermist is. U ziet die plaats, maar u ziet die uit vogelvluchthoogte. U ziet die dus niet op het land. Dan vertekent het beeld zich en zult u de hoogte moeten weten van waaruit de waarneming wordt gedaan om het beeld werkelijk volledig te kunnen thuisbrengen. De oriëntatie mogelijkheid aan de hand van dergelijke helderziende waarnemingen is en blijft dus beperkt, tenzij men door waarneming ter plaatse en het samenvoegen van details kan komen tot een constatering, die niet meer wordt bepaald door het totale aanzicht dat werd beschreven, maar door de aanwezigheid van bepaalde saillante punten.

Voorbeeld;    Er wordt een kerk beschreven die aan het water staat. Ze staat in werkelijkheid twee straten verder. Als u zich realiseert dat die kerk, gezien vanuit een bepaalde hoogte inderdaad aan het water lijkt te staan althans vlak daar bij, dan kunt u aan de hand van die kerk een verdere oriëntatie opstellen. Zet u dat punt uit in vergelijking met andere punten waarvoor u een analogie of een gelijkluidendheid heeft gevonden, dan kunt u de helderziende waarneming, tot een exactheid van plaats terugbrengen. Dat kunt u echter niet alleen aan de hand van de gegeven beschrijving.

Daarmee heb ik al heel wat punten aangestipt. Misschien dat u zich nog afvraagt; Hoe het dan zit met mensen die precies weten te vertellen al of niet aan de hand van theebladeren, koffiedik, kaarten of dergelijke dat hetgeen u wenst niet helemaal mogelijk is, maar dat u met de post een mededeling krijgt en dat u moet oppassen ‑ naar gelang van geslacht ‑ voor een donkere man of vrouw. Je kunt tegenwoordig ook niet helemaal weten of dat waar is. Hier hebben wij te maken met driekwart telepathie: het aflezen van uw wezen.

Ten laatste zou ik er nog op willen wijzen. Het aflezen van absoluut vaststaande scènes in de toekomst is per scène mogelijk maar nimmer in samenhang, omdat samenhangen aan veranderingen onderhevig zijn. Of wij het toegeven of niet, er bestaan lijnen van grootste waarschijnlijkheid. Die lijnen van grootste waarschijnlijkheid impliceren dat een groot gedeelte van wat erbij hoort waarschijnlijk wel waar zal zijn, maar een persoon kan op de een of andere wijze afwijken. Of misschien op grond van morele of anders overwegingen afwijken van wat u ziet als norm en daardoor zijn beleving plus zijn plaats in het gebeuren aanmerkelijk wijzigen. Soms wordt zelfs de betekenis van het gebeuren daardoor verandert, maar dat is aan de hand van de waarneming niet direct constateerbaar. Laten wij dus heel duidelijk zijn en zeggen;

Eigenlijk heeft helderziendheid ontelbare mogelijkheden. U kunt er op den duur alles wel mee doen. En als u in de geest bent aangewezen op waarnemingen zoals die eigenlijk driekwart of misschien zelfs voor 99,9 % een soort helderziendheid in stoffelijke zin betekenen, dan begrijpt u ook wel dat u daardoor in een wereld terecht komt die wordt bepaald door uw eigen referentiewaarden. Realiseer u dat alles wat waarneembaar is niet kan worden waargenomen, tenzij u zelf daarbij over voldoende inhoud, begrips‑ en voorstellingsvermogen beschikt. Een helderziende waarneming kan nooit een volledige werkelijkheid weergeven. Ze geeft altijd maar een beperkt deel daarvan weer en dan wel uit het gezichtspunt van de waarnemer.

Men heeft mij eens gevraagd toen ik ook over een dergelijk onderwerp sprak. Wat doet u nu? Helderziendheid opbouwen of afbreken? Dat is een dwaze vraag. Als je zegt dat de atmosfeer is samengesteld, dat er bepaalde verontreinigingen in zitten, dan betekent dat nog niet dat uw ademhalingsproces daardoor verandert. Het betekent echter wel, dat door het ademhalingsproces bepaalde invloeden kunnen inwerken of uitblijven die u normaal zoudt verwachten. Laat mij u op deze onredelijk­heid wijzen: Er is geen absolute betrouwbaarheid, ook niet als u zelf een helderziende waarneming doet. Een heel bekende schrijver heeft een verhaal geschreven over de Engel van het westelijke Venster. Dat was de duivel. Hij zag er echter op dat ogenblik zo mooi uit dat degene die een engel zocht hem daar meende te zien.

Engelen en duivelen bestaan niet helemaal zoals u ze zich voor­ stelt. Dat is trouwens maar goed ook, want anders zou het maar een le­lijk zootje zijn. Maar ze zijn in zekere zin aanwezig, omdat u aan ze denkt. Wat u wilt zien, is mede bepalend voor hetgeen u ziet, niet alleen bij gewone waarnemingen. Kijk maar naar verliefde mensen. Die zien ook wat ze willen zien. De rest ontdekken ze meestal pas als het te laat is.

Realiseer u dus heel eenvoudig:

  1. Alle waarneming kan misleidend zijn.
  2. Alle waarneming is de uitdrukking van iets dat reëel bestaat, maar ik moet eerst in en vanuit mijzelf nagaan wat het reële gedeelte is.
  3. Mijn eigen innerlijk bewustzijn, mijn eigen gevoeligheid en vermogen zullen altijd bepalend zijn voor die waarden en mededelingen die ik kan waarnemen. Daarom ben ik zelf in zekere zin het criterium van mijn mogelijkheden.

Als je theoretisch helderziend God kunt waarnemen, dan is het ook zeker dat je om dit te kunnen doen alle besef en alle beheersing van jezelf zult moeten verliezen. Zonder dat is het niet mogelijk.