Mystieke ontwikkelingen

uit de cursus ‘Achtergronden van de werkelijkheid’  (hoofdstuk 4) – januari 1976

Mystieke ontwikkelingen

Wat is mystiek? Mystiek is eigenlijk mythes. Wat is mythes? Mythos is verhaal, overlevering, het niet meer zegbare in zijn werkelijke vorm.

Wanneer wij met mystiek te maken krijgen waar dan ook, of het in de moderne tijd is of in een ver verleden, we worden altijd weer geconfronteerd met het onwerkelijke, het onzegbare, het onwezenlijke. Een mystieke beleving kan men niet weergeven in concrete termen. Men kan spreken in gelijkenissen. Men kan proberen iets te omschrijven, maar ergens loopt men altijd vast. Er is steeds een kracht teveel geweest of een werking zo groot of een kleurenonderscheid zo fijn dat het niet weer te geven blijkt te zijn.

De mystiek in de oudheid was natuurlijker dan de hedendaagse. Kijken wij in het verleden, dan blijken de mystici mensen te zijn die wegdromen van de werkelijkheid. Ze zoeken naar een verklaring voor alle fenomenen die erkenbaar zijn. Ze zoeken naar een bezieling in alle dingen om op deze wijze voor zichzelf een communicatie met het Al mogelijk te maken. Zeker, ze zijn daarnaast meestal magiërs en priesters, maar toch is voor hen de wereld een bezielde kracht. Ze spreken met goden en de verhalen die ze vertellen zijn slechts de weergave van een intentie.

Er is een bedoeling achter dit alles, want in elke mens is een splitsing. Je bent mens, stoffelijk, maar gelijktijdig hunker je naar een verbondenheid met het Al. Diep in de mens zit een geloof aan een hoger erfdeel, dat bij op de een of andere manier niet kan kwijtraken. Soms zoekt hij het in de komende geslachten die hij een beter leven zal bezorgen. Soms zoekt hij het in een leven in het hiernamaals waarin alles voor hem in orde zal komen. In weer andere gevallen zoekt hij naar een plaats tussen de goden waar hij, bezield door nieuwe krachten en mogelijkheden, in de wereld kan ingrijpen. Maar altijd weer is er in die mens iets wat hem zegt dat hij belangrijker is dan de materie alleen.

In de primitieve inwijdingen worden wij steeds weer geconfronteerd met de symbolen van de elementen: water, vuur, aarde, lucht. Deze dingen maken de kenbare wereld uit. Ze zijn de bouwstenen van het heelal, zeker in de ogen van de mensen van die tijd. Als je die elementen stuk voor stuk hebt overwonnen, dan ben je zover gekomen dat je de eenheid der dingen kunt zien.

In de mens lijkt het tot een zekerheid te groeien dat hij machteloos is in zijn eigen wereld. Die machteloosheid komt niet voort uit het feit dat hij niet wil, dat hij niet anders zou kunnen, maar dat hij niet in staat is van te voren te bepalen wat zijn handelingen, wat zijn gedachten voor gevolgen kunnen hebben. Eerst als hij de wereld als een eenheid kan overzien en zo zijn betekenis binnen die eenheid geheel kan uitdrukken, is hij in staat de juiste keuze te maken. Dat is altijd erg moeilijk, want wie het pad van inwijding volgt, zal van fase tot fase gaan, van leermeester tot leermeester wordt hij doorgegeven tot het ogenblik, dat hij alleen kan staan, dat hij voor het eerst de veelheid kan aanschouwen zonder zich daardoor uit de eenheid terug te trekken. Het is dit bouw­werk dat in het verleden de aanleiding is geweest voor het concipiëren van allerlei systemen.

Als wij spreken over Pythagoras, dan denken de meeste mensen in uw tijd voornamelijk aan meetkunde. Als wij spreken over Pythagoras in mystieke zin, dan hebben we te maken met de man die heeft geprobeerd de ab­stracte wereld uit te drukken door formules te gebruiken, door een taal te ontwikkelen die losstaat van de werkelijkheid. Kijken we naar de inwijdingsprocedures van deze Pythagoreeën, dan blijkt dat het gaat om het opnemen van het geheel. Als je daar met een inwijding begon, had je het eerste jaar niets anders te doen dan te luisteren. Pas als je in staat was zo goed op te nemen wat er gebeurde dat je dit helemaal in jezelf verwerkte, dan mocht je voor het eerst meedoen. En dan was het nog hoofdzakelijk een kwestie van de juiste trillingen, de juiste muziek, de juiste klanken voortbrengen. Had je ook dat geleerd, dan begon je aan het spel der verhoudingen. Wij zouden tegenwoordig zeg­gen: de mathematica. Voor hen was het meer: de kosmische verhoudingen. Zo kwamen ze dan tot allerlei conclusies, die in deze dagen als bijge­loof zouden klinken.

Deze stelling bv.: als twee gebeurtenissen plaatsvinden op een bepaalde lijn, de derde gebeurtenis zich altijd zal afspelen op een zoda­nige wijze dat een driehoek wordt gevormd, stamt van de Pythagoreeën. Zij gingen namelijk van de volgende stelling uit:

Een feit kan een eenheid zijn. Als het geen eenheid is, dan is het een driehoek. Het kan nooit uit vier factoren bestaan. Het moet dan weer uit zeven factoren bestaan. Dat is het kosmische ritme en daaraan kun je je niet onttrekken. Dan bestaat er ook nog de reeks van 3 maal 3 maal 3: het 9-voud, waarin een gebeurtenis door de herhaling in 3 maal 3 (3 driehoeksvormen) uitdrukking geeft aan een totale tendens die het ge­hele leven en de gehele mensheid overspoelt. Ze moet dus innerlijk worden verwerkt, opdat men vanuit een nieuwe beleving, een nieuw standpunt tot een nieuw gericht willen kan komen.

Dit is uit de aard der zaak maar een korte samenvatting van veel uitgebreidere leringen, die de Pythagorese genootschappen lange tijd hebben gegeven.

Gaan we verder kijken, dan vinden we de Mythrasdienst. Voor de meesten van u is het een godsdienst. Dat is eigenlijk niet waar. De Mi­thrasdienst, voornamelijk door de krijgers in Rome aangehangen zoals u mis­schien weet, was in feite een sacramentele dienst. Er was een mystieke eenheid te bereiken. De mens die de elementen heeft overwonnen, staat als Mithras zelve voor de zon. En door de zon te overwinnen (de bron waar­uit het leven voortkomt) wordt hij als de bron van het leven zelf. Het is een leer waarin men doordringt tot de essentie der dingen om dan het geheel der dingen niet alleen in jezelf te bevatten, maar ook door je eigen wil te richten. Alweer een voorbeeld van een vorm van de mys­tieke benadering van het leven en het bestaan, die niet geheel zonder zin is.

In uw tijd is mystiek het hysterisch wegdromen in onbekende werel­den of iets dergelijks. Maar wie zegt u dat er geen werelden zijn? Er zijn zo onnoemelijk veel mogelijkheden in het heelal. U kunt zich aan die moge­lijkheden niet onttrekken.

U leeft in deze wereld, maar welke invloeden werken op deze wereld in? U weet het waarschijnlijk wel, want u heeft het vaak genoeg gehoord. Er zijn kosmische en geestelijke ritmen. Er zijn de fluctuaties van de zon. Zelfs een voortdurend en periodiek optreden van zonnevlekken heeft zijn inwerking op de aarde en het leven daarop, zo goed als op alle andere planeten binnen het zonnestelsel. Maar waar komen ze vandaan? Wat is de essentie ervan? Het is gemakkelijk genoeg te zeggen dat er invloeden zijn. Het is mogelijk te postuleren dat er vele parallelle werelden zijn. Je kunt zelfs voorop stellen dat elk moment van tijd in zichzelf bevro­ren is en dat de ziel van de mens alleen maar van moment tot moment gaat, wandelend door een reeks vastgestelde etalageramen waarin werelden zijn bevroren in één moment van actie. Maar met al die stellingen kom je niet verder. Je moet naar de essentie zoeken: de kracht die achter alle dingen ligt. De ontwikkeling, zoals die zich in de mens afspeelt, maakt hem over het algemeen huiverig om die essentie te aanvaarden. Want er vloeit zoveel uit voort wat hij anders zou willen zien.

In de huidige periode van ontwikkeling, die de top van het mate­rialisme overschreden heeft, worden we geconfron­teerd met een poging de mens te stellen als het denkende wezen. Niet meer als het door zijn vorm superieure, maar als het door zijn mentale vermogens superieure wezen. Daarbij vergeet men dat het mentale geba­seerd is op het geheel van de mogelijke erkenningen in eigen wereld en dat men als zodanig nooit een grotere werkelijkheid zal kunnen uitdrukken dan de zuiver menselijke.

Nu beginnen de mensen in deze dagen te zoeken naar een andere vorm van leven waarin ook de emoties, het onzegbare, weer een rol gaan spelen. En juist daardoor wordt de vraag: is de essentie van de mystiek, de essentie van het werkelijke leven achter de uiterlijkheden steeds belangrijker? Die werkelijkheid zou je misschien het best, voor zover ze in woorden te kenschetsen is, als volgt kunnen omschrijven:

Het geheel is één kracht. Wij allen zijn deel van die kracht. Als zodanig kunnen wij alleen functioneren als bewust deel van die kracht, indien wij onze functie aanpassen aan de totaliteit waartoe wij behoren. Op het ogenblik dat wij dat niet doen, zullen wij namelijk voortdurend in conflict zijn met de kracht waaruit wij zijn voortgekomen en met alle factoren die daarvan een uiting zijn, dus met die gehele wereld.

De mysticus nu beleeft het geheel. Door dat geheel gaat hij, ofschoon dat rationeel niet altijd verantwoord is, over tot een aantal acties, waarbij hij de harmonie probeert vast te houden die hij in het geheel heeft beleefd.

Als de Pythagoreeën met hun driehoekstelling komen, dan is dat eigenlijk doodeenvoudig. Omdat alle dingen elkaar aanvullen en compense­ren, zal het feit dat wat op een plaats gebeurt ook elders moeten ge­beuren. Een voorbeeld: er is hier pas een geweldige storm geweest, die  de gemoederen nogal heeft wakker geschud. Trouwens in Noord Duitsland en in Denemarken was dat net zo. Deze storm is er geweest. Maar kan dit de enige zijn? Het is duidelijk dat dit niet het geval zal zijn. Het is namelijk een invloed die zich moet herhalen. Nu kan dat gebeuren aan uw kusten. Dat is denkbaar en meteorologisch gezien zelfs zeer aanvaardbaar om dit zo te stellen. Wat hier gebeurt, moet ook elders gebeuren. Dat betekent, als je dat in Pythagorese zin uitlegt, dat er tenminste drie plaatsen in de wereld zijn waar gelijktijdig plotselinge en enorme stormwinden, die daar plaatselijk ongebruikelijk zijn, grote schade kunnen aanrichten of een grote dreiging leren vormen. En wat meer is, je kunt ook nog zeggen dat ligt binnen een bepaalde termijn. De termijn die men daarvoor neemt op grond van de oude stellingen, is één maan-maand of 28 dagen en een paar uren. U kunt zelf nagaan of dat uitkomt.

Bij een brand is dat ook zo. Als er een brand is, dan moeten er meer komen. Zijn er twee branden geweest, dan is het zeker dat een derde gelijksoortige brand zal uitbreken en dat dit binnen een bepaalde termijn zal ge­beuren. Waarom? Wel, in de eerste plaats: de eerste brand kan een gevolg zijn van elektri­citeit. De tweede kan dan wel het gevolg zijn van elektriciteit, bliksem­inslag of een statische lading ergens, maar hij kan niet een spontane ex­plosie zijn van bv. chemicaliën. Dat is weer iets anders. Het wordt dus in een samenhang gebracht. Die samenhangen blijken in de praktijk nogal aar­dig op te gaan. Het is niet 100% zeker. Er zijn vele factoren die je niet kunt overzien. Toch is die overeenkomst dermate groot, dat iemand die een kaping meemaakt moet zeggen: Er komt een tweede en een derde kaping. Als er een gijzeling is, komen er nog een paar meer. Als er een scheeps­ramp gebeurt, zullen er waarschijnlijk een paar gelijksoortige plaatsvinden. Wederom drie.

Als u met dit ritme nu eens rekening begint te houden en u gaat gewoon eens kijken of dat wel uitkomt, dan zult u al heel gauw gaan besef­fen: er zullen steeds een groot aantal gelijksoortige uitingen zijn die ook in tijd bijna identiek zijn. U zult zich dan gaan afvragen: hoe komt dat?

Daarvoor moeten wij gaan kijken naar de kosmische werkelijkheid (de een­heid) waarvan ik spreek.

Op het ogenblik dat er een verandering plaatsvindt, ontstaat er een verschuiving van evenwicht. Op het ogenblik dat er drie veranderingen plaatsvinden, kunnen wij ons voorstellen dat we een driehoek tekenen in een cirkel. Er is dan wel een structuur gekomen, maar die blijft voor het geheel evenwichtig. De mysticus zegt:

Alle verandering in mij kan slechts de weerkaatsing zijn van het to­taal. Zo zal elke verandering, die er in mij plaatsvindt, in het totaal wor­den weerkaatst en zich uiten op een vergelijkbare wijze, zodat het totaal zichzelf blijvend zich in mij kan manifesteren zonder zijn kwaliteiten of eigenschappen daardoor te veranderen.

Als wij daarmee bezig zijn, komen wij als vanzelf bij een andere vorm van mystiek of bijgeloof. Het jaar is bepaald. De sterren bepalen wat er gebeurt. Er zijn krachten die het lot voor ons hebben vastgelegd. Is dat waar? Niet helemaal. Het is duidelijk dat wij een zekere bewegingsvrijheid blijven bezitten. Maar aan de andere kant is het ook zeker dat er een bepaalde trend in het gebeuren is. Daaraan kunnen wij ons niet onttrekken. Het is als een mode: we moeten mee of we willen of niet, want als wij dat niet doen, dan stellen wij ons buiten een geheel. Bij mode kun je dat misschien nog doen, maar als het gaat om een ontwikkeling in de mensheid, dan is het heel moeilijk afstand te houden.

Nu komt de mystiek erbij. Als ik word geconfronteerd met deze veran­deringen die mij bepalen en beperken, dan kan ik trachten in het geheel mij­zelf te vinden als deel van dit geheel. Dan word ik in plaats van te wor­den gestuwd door een stroom een deel van die stroom zelf. Ik weet waarheen ik ga. Ik kan a.h.w. vooruit weten waarom een bepaalde ontwikkeling plaatsvindt. Uit het geheel van die ontwikkeling kom ik dan als vanzelf tot een nieuwe benadering van het leven.

Hierin spelen vele factoren een rol. Je kunt niet zeggen een mens is zonder meer te bepalen. Je kunt wel zeggen: de mens die in zich keert, kan de meest juiste weg bepalen.

Misschien is het aardig om nu een heel eind in de tijd terug te gaan en te kijken wat men in die dagen uit mystieke beleving of dromen en visioenen voor waarheden heeft gepuurd. Hier is een daarvan:

“Wanneer de goden samenkomen en de raad heeft besloten, zo kan de mens zich niet onttrekken aan haar besluit zonder de toorn der goden op zich te laden. De mens echter, die beseft wat de goden hebben besloten, kan dit besluit aanvaardend, weten waarom de raad tot dit besluit is gekomen. Hij zit a.h.w. tussen de goden als zij hun besluiten nemen. En zo wetend wat juist is, handelt hij in overeenstemming met alle goden, ondersteund door hun krachten. Zijn gehele beleven is de directe uitdrukking van het bovennatuurlijke of de goddelijke macht op deze wereld.”

U zult vragen: waar zijn ze tot die vreemde conclusie gekomen? Dat is geweest in de Gangesvallei ongeveer 9000 jaar geleden. Een aardige tijd terug. Een andere stelling, die ook heel zonderling aandoet, is deze:

“Wanneer ik mijn ziel uitzendt, zo vliegt ze ver boven de aarde en dringt ze door in de wereld achter de sterren. Achter de sterren ligt een andere werkelíjkheid. Wie in deze werkelijkheid een bloem plukt, kent de essence van alle bloemen op aarde. Hij zal de kracht en de geur van die bloem kunnen laten doordringen in elk stuk materie die hij wil benaderen.”

“Wanneer hij breekt, dan breekt hij het symbool en al zal breken op aarde. Dus als hij één keten breekt, zal hij de kracht bezitten om alle gevangenen te bevrijden. Als hij één wapen opneemt, zo zal hij met alleen zijn stem en zijn woord spooklegers doen oprijzen en de verschrikking van het zwaard zal zijn vijanden verdrijven en verslaan, zelfs als hij geen zwaard hanteert.”

Magie ineens! We zitten plotseling middenin de magie. Mystiek is namelijk het overbrengen van kwaliteiten en eigenschappen van een bovenmenselijke wereld naar de menselijke wereld en omgekeerd.

De Egyptenaren wisten er ook nogal wat van. Zij hadden hun kloosters waar sommige mensen mystici waren, anderen meer magiërs. Er was een klein klooster dat aan Anubis (de jakhals god) was gewijd waar men zich vooral bezighield met het voortdurend overschrijden van de grens tussen leven en dood. Hier zijn ook een paar beschrijvingen uit voortgekomen, die ik de moeite waard vind.

“Hij die weet dat sterven geen sterven is, hij sterft nimmer. Slechts hij die denkt dat sterven sterven is, sterft.”

“Ik heb mijn schreden gericht over de leegte. Ik ben gegaan door de valleien van schaduw en koude. Ik ben opgestegen tot de bergtoppen waarop het licht brandt. In dit licht heb ik rond mij gekeken en ik heb gezien hoe achter de schaduwen het land ligt vanwaar ik ben gekomen. Nu weet ik: vrijelijk kan ik gaan zolang ik niet vrees. Ik spreek met de verlichten en verhevenen (zeer waarschijnlijk wordt hier gedoeld op grote priesters die zijn overgegaan), ik ga tot in de Hallen der Werkelijkheid en lees het lot der mensen. Ik keer terug tot de wereld en ik kan spreken van wat ik heb beleefd. Ik kan de krachten richten waarvan ik weet dat ze reeds bestonden voordat ik mijn tocht terug naar de mensheid begon.”

Heel wonderlijk. Hier is iemand die zegt: Het hiernamaals is niets anders dan een wereld waarin ik meer kan weten over datgene wat er in mijn wereld gebeurt. Wat ik in het hiernamaals bewust beleef dat breng ik over.

De Grieken hadden eveneens hun mysteriën en eigen mystiek. Ook van hen zijn enkele wonderlijke uitspraken bekend geworden. Een van de meest bekende is natuurlijk: “Er is geen God buiten het Licht in mij.” Maar een uitspraak die in dezelfde richting ligt en niet bekend is geworden, luidt:

“In mij is de kracht die niet dooft. Indien ik op deze kracht reis, zo treed ik binnen in de werelden waarin goden nog slechts dromen zijn en dromen werkelijkheid worden. In deze nieuwe werkelijkheid vind ik de kracht waaruit ik al kan overwinnen wat mij benaderd. Met deze kracht keer ik terug en de leegte van mijn dromen is gevuld. En uit de gevuldheid van mijn dromen breng ik de werkelijkheid.”

Wat hebben die mensen bedoeld? Ze hebben geleerd dat er in het bewustzijn iets is dat groter is dan de mens, groter dan de menselijke vorm. Uit alles wat ze uit die tijd hebben teruggebracht, klinkt steeds weer de noodzaak om niet alleen naar de andere kant te gaan, maar om terugkerend naar de stoffelijke werkelijkheid het besefte waar te maken.

Nu ga ik een heel eind verder, meer naar de moderne tijd toe.

Er was in één van de Scandinavische landen een christelijke mysticus, die door zijn geschriften erg bekend is geworden en die op een gegeven ogen­blik met een vriend over een visioen spreekt. Hij zei:

“Ik had vaak gedroomd en het was altijd dezelfde droom. Het was een weemoedige droom, een droom vol angst. Nu ben ik voorbij mijn droom gegaan en ik heb het licht gezien dat God is. En in het licht dat God is, heb ik de kracht gevonden om mijn droom te beheersen. En waar ik meester ben van mijn droom, ben ik meester van mijn werkelijkheid zolang ik de God niet verloochen die ik heb aanschouwd en die zo door mij werkzaam is.”

Hoe komt die mens eraan? Zit daar ook weer niet een waarheid in? Juist omdat wij nu zo dicht bij de hedendaagse werkelijkheid zijn, is het mis­schien de moeite waard na te gaan wat de man bedoeld kan hebben. Hij heeft namelijk gezegd: ik heb dromen en die zijn melancholiek, mistroostig. Hij ziet voortdurend zijn wereld ondergaan of hij ziet mensen te gronde gaan. Hij beleeft God. Maar die droom is zijn onderbewustzijn. Dat is een vaststel­ling van zaken zoals ze zijn omdat hij zelf is zoals hij is en omdat de men­sen zijn zoals ze zijn. Het is dus een aflezen, niet van een noodzakelijke toe­komst, maar van een toekomst die afhankelijk is van de waarden die in zijn onderbewustzijn zijn opgeslagen. Nu komt hij tot het licht en met dat licht kan hij zijn droom veranderen. Anders gezegd: hij wordt zelf een actieve factor. Hij is niet meer degene die in de droom ondergaat en beleeft. Hij is de­gene die kan ingrijpen, die kan beheersen. Zijn onderbewustzijn schenkt hem nu andere kansen en mogelijkheden dan voorheen. En doordat hij in de droom zich die dingen gaat realiseren, kan hij ook in werkelijkheid, dus in het ge­wone stoffelijke leven, de zaken anders doen verlopen.

Ik meen dat we hier heel dicht staan bij de behoefte van de mensen om zich in deze dagen met mystiek bezig te houden. Als je mensen bezig ziet om zich in een toestand van verrukking te zingen omdat Jezus nabij is of omdat Krishna met hen is en de vreugde van Krishna enz., dan zeg ik: Jullie zoeken ook iets waardoor je aan de droom kunt ontsnappen.

Voor heel veel mensen is het leven in de moderne tijd een nachtmerrie geworden. Het is iets waarvan je je niet helemaal kunt losmaken. Voortdurende frustraties, een voortdurende strijd om jezelf te handhaven, voortdu­rende teleurstellingen die je aan anderen wijt, maar die je zelf mede veroor­zaakt. Het is duidelijk dat je zegt: ik wil dit van mij afzetten.

De mysticus doet dit door persoonlijk tot het licht te gaan. Maar dat is een moeilijke taak en het is niet gemakkelijk dat in woorden terug te brengen. Het is een vage beleving waaraan je moeilijk gestalte kunt geven. En daarom zoeken de mensen de gemeenschappelijke verrukking. In hun zingen, hun preken en samenzijn proberen ze te ontvluchten aan de wereld die buiten hen is. Ze treden een wereld binnen die eigenlijk een droomwereld is realistisch beschouwd. Maar in die droomwereld stellen zij het licht aanwezig te zijn. En nu is het wonderlijke dat op het ogenblik dat dit licht voor hen een werkelijkheid wordt, zij daaruit kracht putten waardoor ze dingen doen die schijnbaar onmogelijk zijn. Laat mij u een voorbeeld geven van hetgeen ze kunnen doen.

Er komt iemand die zwaar aan heroïne verslaafd is bij de Jesus People terecht. Hij faalt natuurlijk wel een paar keer, maar hij wordt zo gegrepen door het geloof in Jezus, dat hij daardoor de kracht vindt om alle withdraw­verschijnselen (de vergiftiging van het organisme met alle spasmen en pijnen) te verdragen en weer “clean” te worden. Nu kun je zeggen: dat is een wils­prestatie. Maar dat is eigenlijk niet waar. De wil is secundair geworden. Hier is het gevoel van een eenheid met Jezus, de eenheid met het grote Licht dat het overzicht over alle dingen en de beheersing over alles geeft, ook over het eigen lichaam. Het ligt heel dicht bij wat de oude mystici reeds gedaan en gezocht hebben. En als wij mensen zien die in een wereldje leven dat geheel buiten de mensenwereld staat, met hun eigen geloof, hun eigen inwijdingen en eigenlijk met iets, wat de moderne wereld beschouwt als een parasiteren op de maatschappij, dan moeten wij niet vergeten dat daar ook mensen onder zijn die naar een verrukking zoeken.

Zij zoeken niet alleen naar een verwerping van een wereld waar ze zijn. Neen, ze zoeken meer. Zij zoeken naar de beleving van de zin van het zijn. Niet alleen van datgene wat ze nu doen binnen een bepaald geloof of groepering. Neen, ze zoeken wel degelijk naar een kracht waardoor ze ook in hun eigen wereld anders kunnen zijn. Het wonderlijke is dat diegenen onder hen die dit bereiken, zich meestal weer losmaken van dergelijke groepen en genootschappen. Maar ze zijn veranderd. Het is alsof ze iets hebben geleerd over leven en samenleven wat voordien voor hen een raadsel was en wat ze zeker niet hebben leren oplossen in de religieuze verdwazing, die dit zoe­ken naar mystiek maar al te vaak omgeeft.

We zouden kunnen zeggen: ook in deze tijd is er een mogelijkheid om kracht te vinden waardoor men meester wordt over omstandigheden. Dat meester­schap is dan niet gelegen in het vermogen om anderen te richten. Je kunt een ander niet bepalen in zijn leven. Maar wel om je eigen relatie tot de ander zodanig te wijzigen dat daardoor een voor jou prettiger en aanvaardbaarder en beter beleefbare situatie ontstaat. Kortom, dat nu iets van de harmonie van het licht plotseling terug te vinden is in je relatie met de mensen om je heen.

Mystiek is natuurlijk heel erg mooi. En als wij wegvluchten uit de wer­kelijkheid, dan noemen we dat al heel snel mystiek. Maar werkelijke mystiek is gebaseerd op de relatie tussen een werkelijkheid die tijdloos is en onze beleving in de tijd van een deel van die werkelijkheid. Zo gezien kun je de hele situatie van een wereld uiteenrafelen. Je kunt geen prognoses geven. Je kunt zeggen dat sommige dingen onontkoombaar zijn. Om u een voorbeeld te geven:

In de huidige situatie is het onvermijdelijk dat er gematigder maar ver­baal toch wel scherpe conflicten ontstaan tussen de verschillende grootmach­ten op deze wereld. Daarbij spelen de Ver. Staten, Rusland en China natuur­lijk een hoofdrol, dat is niet te voorkomen. Maar wat zal de betekenis daar­van zijn?

Nu kan de mysticus zeggen: Voor mij is dit te groot. Ik kan er niets aan doen. Hij kan ook zeggen: ik lees af wat de betekenis kan zijn. Dat kan een wereldoorlog zijn, maar dat hoeft niet. Op het ogenblik namelijk dat ik dit conflict ga zien niet als de uitdrukking van een werkelijk conflict, maar als een behoefte, om op enigerlei wijze een zekerheid te vinden, kan ik die zekerheid uitstralen en daardoor een verbetering tot stand brengen in de in­ternationale relaties. Nu zegt iedereen die iets weet van internationale toestanden. Zo iemand is gek, want dat kan niet, dat is onmogelijk. En toch is het mogelijk. Een mens, die een heel klein beetje anders denkt, kan soms de beslissing van een heel staatsapparaat veranderen. Een klein beetje slechts, maar net genoeg. Dergelijke dingen zullen er in de komende jaren ongetwijfeld vele ma­len voorkomen. U zult de meest krankzinnige tegenstellingen zien.

Maar de mysticus zegt: Dat zijn geen tegenstellingen. Dat is het zoe­ken naar een nieuwe balans. De wereld is haar evenwicht kwijt geraakt en om dat te herwinnen moet nu worden uitgemaakt wat de machten aan de ene kant en aan de andere kant zijn. Dan pas kan men een relatie, een verhouding scheppen waardoor een evenwicht te bereiken is. En dan heeft hij volkomen gelijk. Want wanneer u leeft op aarde, zijn er zoveel verschillende dingen die een rol spelen, zoals eten, drinken, slapen enz. Ook voor de mysticus zijn ze onontbeerlijk, zelfs als hij probeert ze in ascese af te wijzen. Daarnaast is er een geestelijk leven, is er een innerlijk besef. Je kunt het ene niet uitwissen en alleen het andere nemen. Elk stoffelijk leven, ook in deze tijd, is een voortdurende balans tussen stoffelijke zaken en geestelijke noodzaken. Zoals men in uw wereld met haar vele rationele be­naderingen en verschijnselen altijd weer een compromis moet zoeken tussen gevoelens en erkenningen, dat kan niet anders.

Dit zoeken naar evenwicht zal ongetwijfeld de komende tijd bepalen. Maar het bepaalt ook het leven van elke mens. U kunt zeggen: Er zijn zo­veel dingen die ik altíjd heb gedaan en nu heb ik er genoeg van. Best, helemaal geen bezwaar tegen, mits u weet waarom u er genoeg van heeft. Dat is nu juist het feit waar het om gaat.

Als wij zeggen: Dit of dat past ons niet meer, dan is daar een reden voor. Die reden kan zelden alleen in de feiten liggen. Ze zal meestal liggen ergens op de achtergrond van onze emoties en ons onderbewustzijn. Maar kun je doordringen achter deze schil van rationalisaties (men heeft eens gezegd dat het verschil tussen een mens en een dier is, dat de mens rationaliseert, een dier niet) en komen tot contact met de werkelijkheid waarvan je een uiting, een manifestatie bent, dan kun je begrijpen waarom. Dat wil dan niet zeggen dat je het dan in woorden kunt uitdrukken, maar dan weet je innerlijk wat de juiste reactie is. En dan kun je op deze manier reagerende inderdaad een nieuw evenwicht tot stand brengen.

Als ik uw wereld zo bekijk, dan kom ik tot de conclusie dat ze op het ogenblik wanhopig aan het zoeken is naar een nieuw evenwicht. En nu heb­ben wij het niet over een nieuw machtsoverwicht of een nieuw politiek even­wicht of een nieuw politiek stelsel. Per slot van rekening, de democrati­sche staten neigen naar een toenemend staatskapitalisme, terwijl de staten die op staatskapitalisme zijn gebaseerd op den duur ook enkele vrije ondernemingen moeten toelaten om zo een eigen functioneren mogelijk te maken. Dus systeemverschillen zijn hoofdzakelijk namen en veel minder praktijk dan men denkt. Het zijn alleen maar uiterlijkheden

Machtsevenwichten? Machtsevenwicht kan op uw wereld niet meer bestaan. Als enige tweederangs staten in staat zijn de wereld te vernietigen, dan kun je niet meer spreken over een machtsevenwicht. Dit ligt namelijk niet in de z.g. overkill. Het ligt in het feit dat iemand in staat is de wereld te ver­nietigen. En als je dat goed begrijpt, dan zeg je: Dat is ook eigenlijk geen werkelijke vraag meer. Wat is dan het evenwicht waar de wereld naar zoekt? Dan blijkt dat dat evenwicht een menselijk evenwicht is. Het gaat om het ver­anderen van de spanningen tussen verschillende groepen, verschillende men­sen, ja, zelfs tussen verschillende beroepen en standen en daarvoor een harmonisch met elkaar functioneren in de plaats te stellen. Maar dat kun je nooit bereiken, indien je alleen maar uitgaat van de feiten. Dat kun je slechts bereiken, indien je doordringt achter die werkelijkheid. Als je be­grijpt wat de mens bedoelt als hij naar vrede verlangt. Wat hij eigenlijk be­doelt als hij het over geluk heeft. Als je begrijpt wat een mens een beteke­nisvol leven noemt. En dat kun je alleen als je de werkelijkheid vindt die tijdloos is.

De oplossing voor deze wereld ligt ergens in de mystieke ontwikkeling, in de mystieke kant. Het is die wereld waarin de mens boven het redelijke uitstijgend, niet meer in staat is rationeel uit te drukken wat hij innerlijk heeft beleefd, maar op grond daarvan wel zijn eigen richting binnen het ge­beuren kan bepalen.

Nu behoren daar nog enkele heel eigenaardige regels bij, die ik u aan het einde van deze les niet wil onthouden.

  1. Op het ogenblik dat de mens in harmonie is met de totaliteit, hoe kort dit gemeten in menselijke seconden ook moge zijn, heeft hij hierdoor de mogelijkheid gekregen zich juist in te stellen t.a.v. het geheel van zijn stoffelijk bestaan en alle daarbij behorende geestelijke factoren. Deze juiste instelling zal vaak in strijd zijn met hetgeen hij heeft geleerd of met hetgeen hij verstandelijk juist acht. Op het ogenblik echter dat hij deze innerlijk aangevoelde juiste actie, de juiste gedachte, de juiste weg, de juiste houding kiest, ontstaat er een verandering in de relatie tussen hem en zijn wereld. Dan gaan de dingen met je mee en niet tegen je in. Je zou het automobilistisch zo kunnen zeggen: Als je het juiste ritme hebt gevonden, dan heb je de hele golf van groen licht. Maar rijd je iets te hard of iets te langzaam, dan sta je voortdurend stil voor rood. Ik denk dat u dat als voorbeeld zou kunnen gebrui­ken voor alles wat de mens betreft; dus de juiste instelling.
  2. Ik kan kosmisch gezien niets bereiken, omdat alles is. Daarom is mijn taak niet mijn wereld te veranderen of mijzelf te veranderen. Het is mijn taak mijn werkelijkheid binnen het geheel te beseffen en als deel van die werkelijkheid te functioneren in de vorm waarin ik nu besta. Op het ogenblik dat ik dit doe, verwerf ik inderdaad in­nerlijke vrede, ik ben redelijk en emotioneel gelukkig en dan kan ik zeer veel verdragen wat voor een ander ondraaglijk schijnt.
  3. Op het ogenblik dat een mens het innerlijke licht in zich zo volledig en praktisch aanvaardt dat er voor hen geen tegenstellin­gen meer bestaan in zijn gevoelswereld, vindt hij de juiste weg waar­door hij een eenheid schept tussen zijn geestelijk en zijn stoffelijk bestaan. Daar waar alle factoren van het eigen wezen samenwerken is het niet meer nodig ingewikkelde procedures te gebruiken om ma­gisch of rationeel iets te bereiken. Het is dan voldoende te besef­fen en uit dit besef te reageren. Op dat ogenblik is verwezenlijking mogelijk.

Ik ben ervan overtuigd dat de meesten van u dit laatste een zeer twijfelachtige kwestie vinden, omdat ze hun verlangen meestal niet instellen op datgene wat werkelijk een belangrijk deel is, maar hun verlangen eigenlijk richten op bepaalde normen van zelfbevestiging uit de wereld. Maar degene die de mystieke beleving heeft doorgemaakt, behoeft die bevestiging niet meer te vinden, want die draagt hij in zich. Juist omdat hij van de wereld geen bevestiging meer nodig heeft voor hetgeen hij is, is hij in staat juist te kiezen, juist te reageren en juist te handelen en dat geldt dan voor hemzelf. Je kunt het vanuit de overige wereld namelijk niet beoordelen.

Ik hoop met dit alles een voldoende overzicht te hebben gegeven van mystiek zoals ze in het verleden was, maar zeker ook zoals ze vandaag belangrijk is. Uit al deze dingen kunt u consequenties trekken. Consequenties voor uzelf, maar ook ten aanzien van de wereld. Het helpt mij niet als ik de wereld verwerp. Het is voor mij slechts belangrijk dat ik mij in de wereld, zoals ik erin besta, kan aanvaarden en vanuit een gevoel van juistheid binnen die wereld kan reageren. En dat is iets wat ritmisch gezien zich op het ogenblik gaat afspelen tussen de verschillende staten. Het is iets wat zich o.m. onder invloed van een zonne- en maanritme het komende jaar zeer sterk zal openbaren in de relaties tussen de verschillende klassen in den lande. Het is iets wat zich ook bij vele mensen, die tot een plotselinge onverwachte mystieke beleving komen, in hun leven zal openbaren. Je moet je eigen weg vinden. Maar die eigen weg ligt vast in het geheel waarvan je deel bent. En in het besef van de juistheid van je weg kun je je reacties daaraan aanpassen en zo zonder de volmaaktheid op aarde te bereiken toch een eenheid van stoffelijk ego en super ego bereiken waardoor alle geestelijke krachten, alle geestelijk licht en alle stoffelijke mogelijk­heden gaan samenvloeien tot een voortdurende bevestiging van hetgeen mys­tiek niet uitdrukbaar, maar toch volledig beleefd en ervaren werd.

  1. n.