Naammagie.

Naammagie.

Naammagie, het woord zegt het al, handelt over de naam. De naam is in bepaalde vormen van denken identiek met het wezen. Verander de naam en u verandert het wezen. De praktijk daarvan is al betrekkelijk oud. We kunnen zelfs nu nog volkeren vinden waar de mensen een z.g. ware naam hebben die ze nooit openbaar maken. Daarnaast hebben ze een vriendennaam en dan nog een naam voor algemeen gebruik. Het aardige daarbij is dat ze denken: alleen mijn ware naam geeft mijn wezen weer. Wie die ware naam kent, heeft macht over mij. Is dat waar? Door het denkbeeld natuurlijk wel. Die denkbeelden zijn meestal nogal ingewikkeld.

Ik herinner mij dat men in de christelijke magie (die is er ook) naamtabellen maakt o.a. de zogenaamde Roter. Dat is een magisch lettervierkant. Daarin komen vier namen voor. Als je die namen op de juiste manier uitslaat, krijg je wat men noemt de goddelijke betekenis van het kruis. Het kruis is in de christelijke denkwijze het machtigste magische wapen dat er bestaat. Dientengevolge is zo’n vierkant eigenlijk hetzelfde als in andere vormen van magie: een grootzegel. Het is iets waarmee je kunt dwingen omdat je het geheim bezit zonder dat je gelijktijdig verdrijft omdat je het wapen niet hebt geopenbaard. Kijken we verder, dan komen we tot de conclusie dat de namen altijd een eigen inhoud hebben.

Als u uw eigen naam gaat ontleden, dan ziet u dat ze een bepaalde kwaliteit weergeeft. Er bestaan zelfs registers waarin u dat kunt naslaan. Dan moet u zich eens afvragen of er iets van die naam klopt.

Nu kan het zijn dat u twee of drie namen heeft. Het typerende is nu dat de roepnaam de eigenschap weergeeft die u ongetwijfeld heeft ontwikkeld, als u eerst 21 jaar doorleefd heeft. Hoe komt dat?

Namen bestaan uit klanken. Klanken op zichzelf zijn opgebouwd uit primaire trillingen. Een primaire trilling is een klank die b.v. in een chakra voorkomt. “Elk blad van de lotus”, zo zegt de ware gelovige, “heeft zijn eigen klank.” Dat gaat via a, o en e naar heel ingewikkelde klanksamenstellingen. Elke klank die ik gebruik, activeert een bepaald deel van mijn chakra’s. Nu is de naam datgene waarmee ik voortdurend bezig ben. Ik denk aan mijzelf met mijn ware naam. Dus zal ik door die gedachte in mijn chakra’s juist die kwaliteiten en eigenschappen ontwikkelen. Dat houdt in dat ik op een bepaald terrein een beetje voorlijk ben, wat ongetwijfeld ook mijn gedrag en mijn belevingen zal beïnvloeden.

Wie niet tevreden is met zijn leven, kan zijn naam veranderen. En dan denken de mensen: dat moeten grote veranderingen zijn. Maar in de naammagie is het wel voorgekomen dat iemand Jansen heette en zei: Iedereen noemt mij nu eenmaal Jansen, hoe moet ik dat veranderen? Toen zei een magiër: U moet de naam voortaan met twee essen schrijven. Dat vond hij heel vreemd. Maar Janssen met twee essen ging toen aan zichzelf denken als iets anders. Daardoor zagen de mensen in hem ook andere kwaliteiten. Het was ten dele een suggestief proces, maar het werkte.

Als u dat ook wilt nagaan, dan kunt u in uw naam één klank veranderen. Als u dat een tijdje volhoudt, dan zullen de mensen heel anders op u reageren. Dit is overigens psychologisch verklaarbaar. Het hangt daarnaast samen met de basis van de naammagie, nl. de chakra’s.

Een chakra is een geestelijk organisme dat in de aura zetelt. Volgens vele stellingen is het ook een imitatie of een weerkaatsing van wat men de Hemel-Lotus of de eigenschappen van het Hemelse Rijk noemt. Als ik een naam heb, ben ik daardoor afgestemd op bepaalde kwaliteiten van de hemel. Wat dat betreft, zijn er ook de z.g. helse namen. Neem b.v. Beleal. Een naam van een wezen dat onder die naam eigenlijk niet eens bestaat. Toch is het Beleal, en dat betekent dat er een beroep wordt gedaan op vooral twee factoren uit het laagste chakra en daarbij bepaalde gevoelschakra’s in balans worden gebracht. Het resultaat is inderdaad iemand, die als amoreel wordt beschouwd vanuit het standpunt van anderen. Die amoraliteit vinden we dan terug in de klanken, maar ook in de naam en vreemd genoeg in de kwaliteiten die aan het wezen in kwestie worden toegeschreven.

Namen zijn dus altijd samenstellingen. Nu is het ook nog belangrijk waar de nadruk op ligt. Als je b.v. Kárel hebt, dan heb je iets anders dan Karél. Dat kunt u zelfs volgen, want u denkt onmiddellijk aan twee verschillende personen. De nadruk die ik leg op de klank geeft namelijk aan waar ik de grootste stimulus van mijn aura leg. Door nu op de juiste wijze een naam uit te spreken, kom ik tot het uitstralen en ontvangen van krachten op één bepaald terrein. Het aardige is dat je dat ook aantreft in vele magische formules.

In magische formules komen klanksamenstellingen voor die schijnbaar namen zijn waarvan je niet weet waar ze bij horen, b.v. Ila-Ho-El. Dat is een hoge klank, zoals dat heet. In feite geef je daarmee een werking aan. El is inderdaad licht. Ila is een instelling van het laagste chakra (dat gaat tot het kruinchakra toe, want elke eigenschap wordt steeds weer herhaald). Ho behoort tot het hartchakra; het is dus een emotie. Wie deze naam op de juiste manier gebruikt, ervaart een wisselwerking met het hogere licht op emotionele basis en kan daardoor enorm worden gestuwd.

Omdat men hier en daar een beetje op de hoogte is gekomen van die dingen, heeft men geprobeerd de namen zo te vormen dat ze een zekere betekenis hebben, ook in dit kosmisch alfabet. Het verst zijn daarmee de Chinezen en soortgelijke volkeren gekomen. Het klinkt u waarschijnlijk vreemd in de oren maar heeft u wel eens een Chinees horen praten? Hij kakelt zo. Dat gaat: ú á, ú á. Dat komt omdat men daar zelfs ook nog de toonhoogte gebruikt, waardoor de klankwaarde plus de klankvorm samen nog bijzonder sterk kunnen aanspreken op kwaliteiten in de mens. Nu kunt u zeggen: dat helpt misschien niet veel, maar schaden doet het niet.

In de oorspronkelijke Chinese magie werd een naam vaak gekozen, niet om zijn betekenis maar om zijn klankwaarde, zijn zangwaarde, zou je haast zeggen. Want, zei men,’ daardoor wordt deze mens afgestemd op de hogere krachten. Nu zijn er altijd mensen die denken dat zij een wonder doen, als ze een paard een ezel noemen. Wie de ezel is in dit geval, kunt u zelf uitmaken. Je kunt nooit een naam geven die niet werkelijk past bij de persoon. Dat wil zeggen, je kunt de naam alleen geven op grond van eigenschappen welke in die persoon aanwezig zijn.

Dit is een tijdlang heel sterk geweest in de noordelijke delen van wat men tegenwoordig India noemt en zelfs Oost-Pakistan. Daar werden horoscopen gemaakt op grond waarvan de naam werd gecomponeerd. Die naam was dan de eigen naam. Er kwamen dan roepnamen bij die men zelf koos, maar de hoofdnaam, de specifieke naam (de afstemming daarop werd het kind ook regelmatig bijgebracht) was een naam die een kosmische betekenis had. Het was alsof de horoscoop in zijn gunstigste aspecten werd herhaald in de naam. Men geloofde inderdaad dat men daardoor het lot van het kind aanmerkelijk kon beïnvloeden en verbeteren. Persoonlijk vraag ik mij af, of het altijd gewerkt heeft. Dat het in bepaalde gevallen van groot belang is geweest, is wel zeker.

Zo vinden we zelfs in de christelijke wereld nog de neiging om de naam aan te passen. Mensen die in een klooster gaan en dan hun naam veranderen. Mensen die omhoog stijgen op de maatschappelijke ladder en hun naam veranderen. Nu denken ze natuurlijk dat Jean en Jeanne hetzelfde zijn en dat ze precies passen bij Jan. Maar Jan is Jan geweest.

Als je nu die klankenreeks nagaat, dan blijkt dat zelfs met de naamsvervorming een poging is gedaan om de eigen kwaliteiten aan te passen. Niet alleen maar uiterlijk, want het klinkt zo leuk. Meisjes hebben er een handje van. Ze heten Elisabeth en dan komt er een tijd dat ze plots Lisi heten. En dan plotseling moeten ze Ellis heten. Dat is ook een poging om de eigen relatie te veranderen. Als u denkt aan wat ik daarnet over El heb gezegd, dan zult u begrijpen dat Ellis een heel gunstige naam is. Hij geeft namelijk energie, doorzettingsvermogen, zelfvertrouwen. En al denken de meisjes zelf vaak heel anders, meestal kiezen ze die namen in overeenstemming met hun gevoel en hun beleving op een bepaald ogenblik.

We kunnen zeggen dat b.v. alle oe-namen, dus namen waar de ‘oe’ in zit, een mate van gebondenheid aangeven. De oe-klank staat nu eenmaal sterk voor verbindingen. Dan moeten we verder kijken wat er bij komt om te bepalen hoe sterk. Loes, Loulou e.d. zijn allemaal verbindingen. Nu is Loulou een herhaling van ‘oe’. Dat wil zeggen dat het duidt in de richting van veelzijdigheid op het terrein van verbindingen. Loes daarentegen is over het algemeen iemand die zich zeer sterk bindt aan één denkbeeld, aan één persoon, aan één geloof enz. enz. Dat komt doodgewoon omdat die naam zo is. Maar het wonderlijke is dat zelfs bij u de mensen vaak hun roepnaam veranderen of onverklaarbaar zien veranderen. Iedereen gaat hen plotseling anders noemen zonder dat ze beseffen dat hiermee hun uitstraling wordt weergegeven of in andere gevallen, hun uitstralingsmogelijkheid wordt veranderd.

De oude naammagie, en dan kijk ik nu heel ver terug, was in feite een binding aan krachten. In de oertijd kreeg een mannelijk kind altijd een naam waardoor het verbonden werd met een bepaald deel van de onbekende invloeden van het leven.

Een andere afschaduwing vindt men bij de indianen. Daar werd het eigen totem gezocht. Dat wil zeggen, men zocht de eigen beschermgeest te leren kennen in allerlei beproevingen. Maar het wonderlijke is dat de naam daarna ook veranderde. Dat ging zo ver dat veel indianen een roepnaam hadden die onmiddellijk was afgeleid van hun eigen beschermgeest, terwijl ze daarnaast een naam droegen die hun heldendaden uitdroeg. Er was b.v. iemand, die heette: ‘de man met vele tongen’. Dat betekende doodgewoon: die man had door kletsen vele overwinningen behaald. Een ander heette ‘de paardendief’. Dat was ook iemand die wat kon. Die namen werden beschouwd als rangbepaling in de stam. Het was dus een naam die men van de stam kreeg; die gaf de betekenis aan die men had. De eigen naam gaf de kracht aan die je beschermde en daarmee de kwaliteit die je had. Als iemand b.v. de hagedis als beschermgeest had, dan zou hij misschien als naam ‘kronkelaar’ kiezen. Men nam dan aan dat hij daardoor een buitengewoon goede verspieder moest zijn. Want het zich snel en onopvallend verplaatsen, wat vele hagedissen eigen is, plus het geduld om roerloos te wachten, is voor een goede verspieder nodig. Zo sterk was dat daar geïntegreerd.

De naamgeving gebeurt hier aan de hand van een toeval. Voor die tijd zijn er roepnamen die wel werden gegeven maar dat zijn eigenlijk familienamen, die een veel mindere betekenis hebben dan die worden gegeven op de Fidji-eilanden.

Op de Fidji’s heeft de eerste naam die men krijgt, de grootste betekenis. In de magie denkt men over namen dus wel eens anders. Maar de praktijk wijst uit, en daarop heb ik de nadruk willen leggen, dat elke klank in uw naam plus de wijze waarop ze gewoonlijk wordt geïntoneerd, iets weergeeft omtrent een optimale ontwikkeling van een of meer eigenschappen in verschillende van uw chakra’s.

Nu is een chakra, zoals u misschien weet, een orgaan dat in een bepaalde situatie kracht ontvangt en in een andere situatie, dat zijn vooral de hogere chakra’s, kracht uitstraalt. Die kwaliteit zou u voor uzelf eens moeten nagaan. Als u er achter komt wat de hoofdklanken zijn in uw naam, dan moet u ze eens rustig ontleden.

Een naam b.v. waarin een s voorkomt die schijnbaar apart staat. Deze beschouwt u als een afzonderlijke kracht. En dan weet u: s is altijd de wisselvalligheid. Waar de s scherp staat in de naam als afzonderlijke waarde, daar duidt ze aan een overgevoeligheid op vele gebieden en daardoor een strijdigheid in het innerlijke leven.

Ik ga nu de naammagie samenvatten in een paar regels.

  1. Elk z.g. blad van de aura heeft een eigen klank, een eigen trilling. Die trilling komt in namen voor. Die klanken welke in een naam voorkomen, zullen het snelst en het best worden ontwikkeld. Ze kunnen mede bepalend zijn zowel voor het geestelijk leven als voor het gevoelsleven van de betreffende persoon. Daarnaast kunnen ze het al dan niet sterk zijn op een bepaald terrein eveneens aangeven.
  2. Iemand die uw naam kent, kent uw hoofdeigenschappen. Daardoor kan volgens de naammagie iemand gebruikmaken van die eigenschappen en naar verkiezing u negatief of positief beïnvloeden. Vandaar het oude gezegde: wie je ware naam kent, heeft macht over je wezen.
  3. Ofschoon het geloof zeer oud is, zal de praktijk nog in deze dagen bestaan. Wanneer iemand een totaal nieuwe fase van geestelijke ontwikkeling binnentreedt, blijkt opeens dat deze mens zijn naam verandert of dat anderen zijn naam gaan verbasteren, zodat de klankwaarde daarvan verandert. Geestelijke uitstraling en de naam zijn, ongeacht de schijnbare toevalligheden, altijd enigszins in evenwicht.

Met deze regels heb ik dan de basis van de naammagie weergegeven. Het zal u duidelijk zijn, dat iemand die incanteert en daarbij bepaalde belangrijke namen aanroept, in feite niet anders doet dan zich door deze trillingen afstemmen op bepaalde mogelijkheden en kwaliteiten, die in de kosmos bestaan en die hij vanuit zijn geestelijke organen kan bereiken en misschien daarmee werken. Dit is dan een zeer kleine lezing over naammagie.