Op weg naar morgen

uit de cursus ‘Revolutie in de wereld'(hoofdstuk 4) – januari 1984

Op weg naar morgen

Wie de ontwikkelingen van de laatste tijd goed heeft gevolgd, heeft kunnen constateren dat we enerzijds te maken hebben met een terugkerende circulatie en dat we anderzijds ook te maken hebben met wetenschappelijke omwentelingen, die heel wat verder gaan dan men op het eerste gezicht zou zeggen.

De mensheid bevindt zich op een punt waarop een nieuw evenwicht moet worden gevonden. Dat dit evenwicht niet altijd even gemakkelijk zal worden bereikt, heeft u in de laatste jaren al kunnen constateren en ook de komende jaren geven daarvan ruimschoots blijk. Waar moeten we namelijk naartoe?

Een mens moet leren om alleen te staan tegenover hogere machten.

Hij moet een einde maken aan alle fantasietheorieën die zijn leven op dit ogenblik maar al te vaak regeren. Hij moet tevens een doorbraak tot stand brengen waardoor hij eindelijk komt tot het toegeven dat wetenschap een vorm van geloof is, zij het dat het meer gebaseerd is op feiten. Als ik kijk naar hetgeen de wetenschap de laatste tijd heeft ontdekt, dan kom ik tot de volgende punten:

  1. Er is kennelijk iets in de ruimte, al weten we ook niet wat. Wij zijn zeker niet alleen in het al.
  2. De oude opvattingen van hemel en hel zijn voorbij. Er is de laatste tijd ‑ en dat niet alleen in de U.S.A. en Frankrijk maar ook in Rusland ‑ geëxperimenteerd met wat men noemt ‘effecten van dimensies’. Het is een mooie naam. Je zou kunnen zeggen: het gaat er doodgewoon om dat er naast het zichtbare nog vele onzichtbare werelden bestaan, zeer waarschijnlijk in een vergelijkbare tijd en op dezelfde plaats. Wat men ermee moet doen, weet men nog niet. De publicaties daarover zijn zeer schaars. Maar men heeft het toch al zover gebracht dat men in staat is te veronderstellen dat veel van hetgeen men vroeger occultisme, paranormaal etc noemde of nog vroeger hekserij niet geheel zonder hand en voet is. Men begint te ontdekken dat er bepaalde kosmische wetten zijn die kennelijk niet behoren tot dit heelal, maar die men op een bepaalde manier toch werkzaam kan maken, zij het tijdelijk en plaatselijk.
  3. Zeer interessant is daarnaast ook het onderzoek, dat nu al ongeveer 20 jaar loopt, naar mogelijke incarnaties. Daarvoor is er wel een onderzoek naar geweest, maar dat was niet dermate massaal dat er conclusies uit te trekken waren. Het denkbeeld van incarnatie krijgt dan ook verstandelijk enige ach­tergrond. Op het ogenblik zullen er nog heel wat mensen zijn die het liever vermijden. Ik kan mij voorstellen dat men liever niet terugkeert in een wereld nadat men die heeft gemaakt tot dat wat ze nu is. Maar de feiten wijzen steeds duidelijker aan dat althans voor sommige, zo niet voor alle mensen, reïncarnatie een feit is.

Dat is een aantasting van een groot deel van de religieuze opvattingen en vooral van de besloten kerkelijke opvattingen die er overal op de wereld zijn. Men kan aan de andere kant zich ook niet helemaal verlaten op al die meditatieve bewegingen die zeggen dat men zich helemaal moet losmaken van zijn eigen werkelijkheid, van zijn eigen wereld. Men moet gewoon zichzelf zijn en net doen alsof de wereld niet bestaat. Dat betekent een revolutie; een omwenteling die vooral een psychische is.

De normale gang van zaken gaat verder. Dat is ook begrijpelijk als we ons realiseren dat veel van hetgeen er op dit ogenblik geschiedt, behoort tot plannen die misschien al ontworpen zijn voor de Tweede Wereldoorlog. Een enkele daarvan zou je zelfs terug kunnen volgen tot de Eerste Wereldoorlog.

Bestedingen die in deze tijd worden gedaan zijn over het algemeen tenminste 10 jaren van tevoren reeds ontworpen en aangenomen. Die vertraging blijft er natuurlijk in zitten. Dus uiterlijk, economisch en zelfs sociaal, zijn de veranderingen niet zo goed kenbaar.

Stel u echter voor, dat een onevenwichtigheid in het menselijk denken invloed zou hebben op de evenwichtigheid van de natuur te midden waarvan u leeft. Mensen hebben invloed op de natuur. Niet alleen door de stoffen die ze produceren, maar wel degelijk ook door de wijze waarop zo denken; de mentaliteit die ze uitstralen.

Als wij constateren, dat de laatste tijd ook onverwachte en niet te voorziene rampen hebben plaatsgehad juist in gebieden waar veel omwentelingen zijn of waar een zeer hevige strijd is tussen degenen die denken dat ze modern zijn en degenen die willen teruggrijpen naar de oude overleveringen, dan zien we als vanzelf dat de wereld aan het veranderen is en dat de natuur daaraan een handje meehelpt.

De grote dreiging gaat op het ogenblik uit van twee supermachten. Als we kijken naar de basis ervan, dan blijkt dat beide supermachten in feite religieus gebaseerd zijn. Dat zou men misschien op het eerste gezicht niet zeggen, maar toch zijn de Amerikanen in hun denken voor een groot gedeelte tenminste bepaald door wat men zou kunnen noemen: protestants christendom.

Het zijn heus niet alleen de beslissingen van het gouvernement. Het zijn net zo goed de acties van de vakbonden waardoor steeds meer mensen in Engeland onder druk komen te staan en daardoor zelfstandig gaan denken. Deze zelfstandigheid wordt bevorderd door de behoefte van de gelovigen om hun eigen denkwijze en orthodoxie in steeds sterkere mate aan anderen op te leggen. Daarvoor heeft de Paus een aantal nieuwe bisschopsbenoemingen gedaan o.a. in Nederland. Daarmee heeft hij ongetwijfeld aan de ontkerstening van de betrokken gebieden bijgedragen. Hij beseft het zelf niet, maar daarvoor is hij dan ook Paus en onfeilbaar.

Al deze dingen bij elkaar pakkend komen wij tot een terugkeer naar het zelf denken, zelf zijn en daarbij de behoefte aan een persoonlijke drijfveer.

Een persoonlijke drijfveer is voor een mens zelden alleen in feiten gelegen. Men heeft een droom. Men heeft een innerlijke visie. Men heeft een zelferkenning. Daardoor wordt men in zijn handelen ‑ bewust of onbewust ‑ bepaald.

Stel dat steeds meer mensen die persoonlijke drijfveer krijgen. Steeds meer mensen gaan werken met hun eigen inhoud en mogelijkheden. Dan is het ook duidelijk dat bij steeds meer mensen het geheel van de persoonlijkheid en niet alleen het stoffelijke gedeelte een rol spelen. De nu vaak zo sterk onderdrukte geestelijke drijfveren, die bij een incarnatie toch bepalend zijn voor de ervaring die men moet opdoen, zullen in steeds sterkere mate gaan overheersen.

Ze zullen het gedrag, het lot, maar ook het denken en de bewustwording van de mensen gaan beïnvloeden. Als dit het geval is, dan zal dat zeker niet slechts beperkt blijven tot zwevende geestelijke belevingen, waarbij nu de een, dan de ander als op een gouden lotus gezeten boeddha, zich boven de massa probeert te verheffen. Dan is dat een revolutie die tegen alle vaststelling en regel in gaat.

Bewijzen die eens zijn geleverd in de wetenschap, zal men opnieuw trachten te leveren, maar ook om ze op onregelmatigheden te controleren. Datgene wat men staatkundig heeft gedaan en wat altijd met bepaalde theorieën goed te praten is geweest, komt nu onder vuur te liggen. Men zal kijken naar de fouten. Men zal zich afvragen of de fouten niet ingebouwd zijn in het systeem en daardoor het systeem ondermijnen.

Als we vrezen voor oorlog, dan moeten we zeggen: mensen hebben altijd gevochten. Kaïn is ermee begonnen. Hij heeft Abel de hersens ingeslagen. Ongetwijfeld was dat ook niet te voorkomen geweest, als Abel vóór die tijd de eerste UNO had ingesteld.

Er is gewoon een zekere strijdlust, een drang tot strijd in de mensen. Deze drang is altijd gericht tegen de andere. Ze zou gericht moeten zijn tegen het andere; dus tegen al datgene wat niet harmonisch is. Nu kiest men mensen uit en prefereert deze mensen dan te zien als het symbool of misschien zelfs de feitelijke oorzaak van alles wat verkeerd is gegaan. Hoe vaak zijn er geen progroms geweest; Jodenvervolgingen.

Hoe vaak zijn de zigeuners niet verjaagd of zelfs vermoord. Hoe vaak zijn niet minderheidsgroepen overal in het gedrang gekomen juist omdat zij tot symbool werden gemaakt van een falen dat in feite tot de gehele gemeenschap behoort. Maar als de onfeilbaarheid van die gemeenschap niet gehandhaafd kan worden, dan kunnen we wel oorlogen krijgen, maar we kunnen geen oorlogen meer krijgen waar iedereen achter staat.

De mensen denken zelf. Te veel mensen overwegen voor zichzelf wat de consequenties zijn; wat zij persoonlijk daaraan juist of onjuist vinden. Daarmee is de discipline waarop tot nu toe overal het hele bestel berust in een zo ernstige mate aangetast dat we juist door gebrek aan discipline kunnen rekenen op verandering en daarmee op een nieuwe ontplooiing.

Oorlog komt er dit jaar (1984) ongetwijfeld nog een paar keren. Een wereldoorlog niet. Atoombommen worden gebruikt door staatslieden om het gewone volk bang te maken meer nog dan elkaar. Want de dreiging van een algehele vernietiging kun je gebruiken om de mensen op te zwepen, om hen hun redelijkheid te laten verliezen. Maar ook dat wordt steeds meer beseft.

Het denkbeeld, dat een enkele gek maar op een knopje hoeft te drukken, maakt langzaam maar zeker plaats voor het besef dat geen enkele gek de kans krijgt om op een knopje te drukken. En dat betekent weer dat daarmee een grote machtspositie, o.a. in de wapenindustrie maar ook in het onderzoek (research) wordt aangetast. En dat deze zich moeten gaan richten op het werkelijk noodzakelijke. Dit impliceert dat ook hier het denken moet veranderen.

Dan zijn er geen algemene morele normen meer; die zijn er nooit geweest. Ze werden alleen aangepraat. Maar als er geen algemene normen meer zijn, dan moet elke mens gaan zoeken naar die morele normen welke voor hem of haar aanvaardbaar zijn. Dan moet men gaan leven met nieuwe mogelijkheden. Nieuwe mogelijkheden kun je pas vinden, als je ergens een persoonlijke God hebt ingebouwd of een persoonlijke krachtbron hebt aangeboord.

De mens zal of hij wil of niet ‑ voor een groot gedeelte naar bin­nen moeten kijken. En als je je nu afvraagt of er dan in het komende Jaar ontstellende veranderingen zullen zijn, dan heb ik u het antwoord eigenlijk al gegeven. Dit kan eenvoudig niet uiterlijk. Dat kan alleen in kleine symptomen kenbaar worden, omdat het gehele sociale en economische proces op aarde zodanig is ingericht dat het 15 tot 20 jaren duurt voor­dat een verandering gaat doorklinken in de openbare machtsuitoefening, de openbare mening en wat u verder maar verkiest. Maar ze is er wel.

Ik wil niet spreken over die grote revolutie waardoor de geest dich­ter bij de wereld komt. U zult daar te zijner tijd vanzelf wel mee geconfronteerd worden.

Is het u niet opgevallen dat er in de laatste tijd veel meer mensen zijn die paranormale krachten ontwikkelen en ge­bruiken, dan er lange tijd, – althans officieel, op aarde hebben geleefd? Dat er ook meer mediums zijn en dat de kwaliteit van die mediums sterk aan het veranderen is de laatste tijd. Al die dingen zouden u moeten zeggen: Wij leven naar een wereld toe waarin een totaal nieuwe ontwikke­lingsmogelijkheid voor de mensheid openligt.

Nu ik dat alles heb gezegd, zou ik in verband met de veranderingen die de toekomst zo sterk bepalen nu nog enkele punten willen aanstippen die niet zo algemeen bekend zijn als het voorgaande.

Er leven in de elementen overal entiteiten. Dat wil zeggen: er zijn levende wezens (energiewezens) die leven op uw zon. Er zijn kristallijn­structuur wezens die leven in de kern van de maan. Ze zijn u totaal vreemd. Maar ze hebben een uitstraling En een bewustzijnsvorm. Dat geldt voor de planeten en ook voor andere sterren.

Overal is er een vorm van geestelijk leven. Omdat de vormen zo sterk afwijken van de wenselijke is een direct contact niet denkbaar. Maar als de mensheid langzamerhand terugkeert naar dat maar individueel levend be­staan, naar een innerlijk afstemming die in het bijzonder is gericht niet alleen op mensen maar ook op een situatie waarin de mensheid als geheel en ook de persoon in kwestie verkeert, plus de krachten die de persoon in zich kent, dan zullen er harmonieën kunnen ontstaan misschien met de zon, met de maan, met verafgelegen sterren. Wie zal het zeggen. Dat betekent dat het denken van de mensheid als geheel zal worden ver­rijkt met niet‑aardse kennis, met niet‑aardse denkbeelden en zelfs met niet‑aardse kunstvormen.

Ik neem aan dat de tekenen daarvan in deze dagen nog niet duide­lijk zijn, maar dat ze in de komende 15 jaren in toenemende mate reeds kenbaar zullen worden. En wel voornamelijk op het gebied van de kunst, daarnaast indirect op het gebied van wetenschap, vooral natuur­kundige proefnemingen, omdat hier namelijk de z.g. inspiratie een grote rol gaat spelen.

Deze inspiratie is dus van niet‑aardse oorsprong. Het heeft niets maken met stemmen die uit de ruimte komen; die zullen er ook wel een enkele keer zijn. Er zijn altijd een paar zendelingen van elders die pro­beren de aardbevolking op te heffen tot een nieuw geestelijk peil. Waarbij men echter een ding vergeet, dat men zo’n zwaar gewicht niet zo gemakkelijk omhoog krijgt en dat het ook niet voldoende is om de mens op te blazen om hem te laten opstijgen als een luchtballon. Eerder is hij als aan kikker die zich opblaast; die klapt uit elkaar. Je moet dus proberen de mens van binnenuit lichter, vrijer te maken.

Deze vrijheid heeft weinig te maken met datgene wat er op het ogen­blik voor doorgaat. Het heeft meer te maken met de algemene in de mens geïnjecteerde droombeelden die op politiek of economische gronden stoelen, met het persoonlijk denken. Het werkelijk persoonlijk onderbewustzijn, de concentratie waardoor je innerlijk verder gaat. Het is zeker denkbaar dat in de komende 15 jaren vooral de zonne-invloeden een grote rol zullen spelen. In de natuurkunde zou dit betekenen: een aantal nieuwe onthullingen en ontdekkingen op het gebied van krachtvelden en straling. Het zou daarnaast geestelijk ook kunnen betekenen: het vinden van een innerlijke weg tot licht en ruimte. Een innerlijke ruimte bestaat in elke mens. Het is namelijk het concept van de oneindigheid waarin hij vertoeft. Voor de meeste mensen is die oneindigheid heel erg eindig. Hoeveel mensen denken niet aan zichzelf als iemand die is voorbestemd voor Sartre’s huis Clos waarin men in eenzaamheid zijn ronden zit uit te wisselen met anderen en gelijktijdig ten onder gaat aan de ergernis die de confrontatie opwekt.

Neen, we moeten er rekening mee houden dat die innerlijke ruimte gaat toenemen. De vormen waarin dit zich uiterlijk manifesteert zijn voorlopig niet zo hoopgevend, omdat we altijd nog te maken hebben met een streng geregimenteerd geheel. Een geheel waarvan de ontwikkeling zodanig in de toekomst is vastgelegd dat een variant niet kan worden toegestaan.

Maar de slagvaardigheid gaat toenemen naarmate het innerlijk licht en de innerlijke ruimte toenemen. Dat betekent, dat nieuwe wegen kunnen worden gevonden.

Wat voor wegen zouden wij ons daarbij kunnen voorstellen? De mens kan door in zich zijn eigen kracht en mogelijkheden te ontdekken niet alleen helper worden van anderen, maar hij kan ook voor zichzelf a.h.w. een bijzonder plaatsje krijgen, een soort eigen nis, zoals de vreemde Goden in Rome eens kregen in het Pantheon en soms zelfs op het Forum.

De mens die innerlijk ruimte heeft, doorziet vele dingen. Dat wil zeggen dat hij niet achteraf reageert, maar enorm slagvaardig bijna gelijktijdig of zelfs op den duur vooruitlopend op de ontwikkelingen die voor de meesten dan toch nog onverwacht komen. Het betekent dat degenen die innerlijk licht hebben niet alleen geestelijk maar zelfs ook materieel grote voordelen zullen kennen.

U weet, dat degenen die de meeste voordelen hebben op aarde volgens de menselijke structuur ook een grotere mate van macht krijgen. Als je door macht wordt begoocheld, dan wil je die alleen maar groter maken. Maar als macht alleen een bijproduct is van je bestaan, dan zul je haar hoogstens gebruiken om je eigen weg van bestaan eenvoudiger en duidelijker te manifesteren. Daarmee hebben we dan een voorbeeld van een functie gekregen. Ik meen dat zeer veel voorbeelden, sommige zelfs in de nabije toekomst, ertoe zullen bijdragen dat de mensen anders gaan denken en vooral anders gaan reageren.

Nu vertel ik u dit allemaal. Er zijn echter punten bij, zoals de wezens die leven in de zon, waarover we voorlopig maar niet zullen debatteren. Dat komt later wel een keer. Laten we ons eens afvragen: in welke mate kunnen wij aan deze ontwikkeling, deze vernieuwing deelhebben en wat betekent dat? Dan geldt het volgende:

  1. Probeer u los te maken van al datgene wat u is geleerd zo goed u dat mogelijk is. Geen besef van deugd, geen besef van schuld. Leef in uzelf en probeer in u, zonder er verder maar iets aan toe te kennen als kwaliteit, een eigenschap te vinden die voor u licht is. Licht is het symbool voor de mens van erkenning, kenbaarheid, maar ook van een zekere koestering en een zekere verbondenheid.
  2. Uw uiterlijk gedrag zult u moeten aanpassen aan de wereld om u heen. U bent niet in staat om eenvoudig uw gedrag te wijzigen en daarmee even de wereld te veranderen. U brengt de wereld op den duur alleen maar in conflict met uzelf. Dat is energie verspillen en niet iets bereiken. Probeer dus op wat men noemt het persoonlijke vlak die vrijheid zo goed mogelijk te gebruiken. Ontga de regels van de gemeenschap waar dat mogelijk is. Conformeer u eraan waar ze op dit moment althans niet te ontgaan zijn.
  3. Geloof niet in macht. Er bestaat geen enkele werkelijke macht behalve de macht die in de mens zelf is gelegen. Deze is alleen geldend voor hemzelf en de directe relaties die hij schept door tijdelijk een ander als deel van zijn eigen kracht en eigen mogelijkheden op te nemen. Maar zoek wel naar de kracht waardoor u uzelf kunt zijn en wees altijd bereid om degenen die eventueel harmonisch kunnen zijn tijdelijk toe te laten. Houd niemand vast. Laat ieder zijn eigen wegen gaan. Dat is mis­schien een beetje moeilijk, maar het is over het algemeen de beste weg die u kunt kiezen.
  4. Er zijn heel veel denkbeelden en inspiraties die u niet kunt thuisbrengen. Het is dan reuzeleuk te vertellen dat deze of gene geest u is komen helpen. Of als u tot een andere groep behoort, dat het een heilige is geweest. Of als u tot nog een andere groep behoort, dat het wel de H. Geest geweest moet zijn. Benoem uw inspirators niet, maar stel ze op de proef. Ook het schijnbaar onlogische, het schijnbaar en ondenkbare dat in u oprijst, moet ergens een basis vinden in de werkelijk­heid, zij het dat het nog niet uw aardse werkelijkheid is. Dat impliceert dat u moet kijken in hoeverre een deel of het geheel daarvan toepasbaar is. Breng al datgene wat inspiratief in u opkomt in praktijk, maar doe het zo, dat u daardoor geen conflicten met de uiterlijke nog bestaande wereld veroorzaakt.
  5. Het is belangrijk dat u mediteert. Het is belangrijk dat u contemplatief of anderszins uw wereld zo nu en dan even achterlaat. Maar maak dit nooit het doel van uw leven; het is een middel. Het is een middel om de krachten in u een betere toegang te verschaffen tot het geheel van uw bewustzijn en uw gevoelsleven. Die banden zijn belangrijk, niet de meditatie en de concentratieoefeningen op zichzelf. Probeer dan door regelmatig toch even te mediteren en eens even na te denken of te dagdromen in u die toestand van ontspanning te bereiken waardoor andere delen van uw persoonlijkheid, maar ook invloeden van buiten u kunnen beroeren en u denkbeelden kunnen geven over de wijze waarop u verder moet gaan. Op deze manier kunt u bijdragen aan uw persoonlijke integratie in de vernieuwing die nu eenmaal onvermijdelijk is.

Dan heb ik nog een raad, al zal die niet door iedereen in dank worden aanvaard. Dat is meestal zo, als je die raad geeft.

Realiseer u dat het mogelijk is om dingen niet te doen, niet te hebben. U kunt het zonder heel veel dingen best stellen, als het erop aan komt. Op het ogenblik dat u op, welke manier dan ook in conflict raakt met de denkbeelden en ontwikkelingen van de wereld buiten u, vraag u dan eens af wat u terzijde kunt zetten, wat u niet kunt doen, wat u kunt laten. Op deze manier maakt u zich veel minder afhankelijk van de willekeur van anderen.

Als men eenvoudig decreteert dat brood weer zoveel duurder moet worden, dan zou u misschien een tijdje aardappelen kunnen eten. Aardappelen zijn ook gezond.

Als het licht veel duurder wordt, dan zoudt u kunnen overwegen in welke mate u kunt overgaan tot de oude en toch zo gezellige ver­lichting met kaarsen of olielampen.

Het klinkt een beetje dwaas, maar erg praktisch. Als men u zegt dat u de eeuwige zaligheid alleen kunt verwerven door zus en zo te handelen en te geloven en u vindt dat de prijs te hoog is, probeer dan in uzelf enige zaligheid te vinden. U zult ontdekken dat u het daarmee nog best kunt redden.

Ik weet wel dat het niet prettig is. De meeste mensen zeggen: wij moeten meer van alles hebben. Neen, wij moeten teruggaan naar onze werkelijke behoeften. Waar het die behoeften betreft, moeten we dan ook zorgen dat ze wezenlijk worden vervuld en niet alleen maar door uiter­lijkheden worden aangevuld. Een vaatwasmachine is misschien heel aardig. Als u ziet wat ze kost, niet alleen aan investering, stroom enz., maar ook nog een persoonlijke inspanning, dan zult u tot de conclusie komen dat de meeste mensen het beter zonder kunnen stellen. Naar dat soort zaken moet u kijken.

Als u naar een kerkelijke plechtigheid gaat en die doet u niets, dan gaat u ergens anders heen. Als u het nergens kunt vinden, misschien dat dan het ruisen van de zee u iets kan zeggen of het voorbij drijven van de wolken. Wees reëel.

Als u in een kerk iets vindt, ga daar naartoe. Als u er niets kunt vinden, ga elders heen. Als u het zonder iets kunt stellen waarvoor men van u grote offers eist, doe het dan zonder.

Zelfs als het de Orde der Verdraagzamen betreft. Want juist het komen tot een eigen besef, tot een eigen levenshouding is deel uitmaken van de vernieuwing en gelijktijdig bijdragen aan de vernieuwing van de wereld om u heen.

Bestaande machten, krachten en gebruiken blijven alleen, zolang ze eenieder beheersen, als men zich daardoor voortdurend laat bepalen. Daarmee heb ik dan ook deze appendix afgewerkt en kom ik aan het einde van mijn betoog.

Realiseer u dat veel onrust in het komende jaar in wezen een teken is van de verandering die plaatsvindt. Dit geldt zelfs voor ongevallen in de natuur. Het betekent zelfs heel vaak dat technische mislukkingen zijn terug te brengen tot deze behoefte, deze noodzaak tot verandering. Laat u daardoor niet overbluffen.

Zeker, het is jammer als er weer honderd mensen uit de lucht zijn gevallen. Het is verschrikkelijk als er op een autoweg ineens zomaar 80 mensen zwaargewond, verminkt of dood zijn. Ik ben het met u eens, maar dat gaat voorbij. Als je dood bent, begin je alweer aan een nieuw leven. Laat u dus daardoor alstublieft niet overweldigen. U kunt zeg­gen. Ik vind het jammer voor degenen die erbij betrokken zijn. Zeg niet: Wij moeten alles doen om het te voorkomen. Zeg: Wij moeten alles doen om de oorzaak te vinden.

Die oorzaak ligt in de verkeerde instelling van de mensen, het verkeerde gebruik van menselijke mogelijkheden. Het ligt wel degelijk ook in een onjuiste mentaliteit, een onjuiste geestelijke instelling. Al die gebeurtenissen zouden u dus een beetje onverschillig moeten laten.

O, natuurlijk, als Nederlander heeft u het recht om luidkeels en gepijnigd te schreeuwen dat het een of ander gouvernement dat zijn uit­gaven niet in bedwang weet te houden weer extra in uw beurs wil tasten. U moogt het voor mij doen, maar probeer dan ook gewoon te zeggen: Eigen­lijk is het niet belangrijk. Ik kan wel anders. Zeg niet: ik kan zonder, maar ik kan anders.

Wanneer u dan aan het einde van het jaar hoort dat er zoveel drei­ging is en dat nu toch de 3de wereldoorlog bijna onvermijdelijk is, haal uw schouders op en zeg tegen uzelf: wanneer ik doodga, weet ik misschien niet precies, maar wat ik nu kan en moet doen besef ik wel. Laat mij vandaag leven en vandaag datgene doen wat voor mij verantwoord is. Al het andere komt later wel.

Je moet in je leven de revolutie die deze hele wereld doordesemt laten meespelen. Je moet deel zijn van de verandering. Alleen zo kun je de vreugde ervaren van de verlichting die innerlijk en door je naar buiten werkend, daarvan het resultaat kan zijn.

  • Hoe beleeft men de innerlijke ruimte?

Het beleven van de innerlijke ruimte betekent in jezelf keren zodat alle besef van je wereld verdwijnt. Daarna kan een gevoel van ruimtelijkheid optreden dat vaak gepaard gaat met een gevoel van zweven. Wanneer je dan je aandacht richt op het omringende, ontstaat een begrip dat ruimtelijk is. Deze innerlijke ruimte blijkt bovendien doorspekt te zijn met allerlei kleuren of stralen van kracht. Daarbij kan in de innerlijke ruimte een aantal beelden aanwezig zijn, maar deze zijn altijd het product van het eigen denken. Dit is het beleven van de innerlijke ruimte.

Bijgeloof

Wij zouden misschien moeten spreken van de helderziende en de zemen lap.

Helderziendheid is een waarnemen van datgene wat visueel niet zonder meer constateerbaar is. Helderziendheid heeft een groot aantal verschillende verschijnselen die gaan van optische illusie tot een in­nerlijk zien dat alleen als omschrijving naar buiten komt en verder geen eigen visuele indrukken met zich brengt.

Nu zijn er zeer veel mensen in meer of mindere mate helderziend in deze tijd. Sommigen zien gezichten. Dat is niet zo erg. Per slot van rekening, er zijn zoveel gezichten in het dagelijkse leven dat één of meer u zeker niet zullen storen. Soms zie je ook gestalten. In andere gevallen zie je eerder een vage beweging. In al deze situaties geldt het volgende: een helderziende waarneming op zichzelf is nietszeggend. Ze krijgt eerst haar betekenis, als ze optreedt in een zeer bepaalde context. Daarom heeft het weinig zin om je zonder meer aan de helderziende waarneming te wijden.

Wilt u scherp en helder beseffen wat er gaande is, dan zult u in de eerste plaats altijd moeten uitgaan van het standpunt, dat een beeld alleen kan ontstaan onder bepaalde omstandigheden. Het is namelijk zo, dat een werkelijk helderziende waarneming altijd dan plaatsvindt als in de persoon zelf een voldoend harmonisch aspect aanwezig is. Een harmonisch aspect omschrijven is een beetje moeilijk. Ik zal het echter proberen.

Wanneer u zeer geërgerd bent, is het mogelijk dat u onaangename gezichten ziet of dat andere soortgelijke paranormale manifestaties zich plotseling in uw omgeving vertonen. Hoe het ook zij, door na te gaan bij welke stemming en eventueel welke schietgebedjes die u prevelt een paranormaal verschijnsel zich aan u manifesteert, gaat u begrijpen waar de samenhang ligt. Wanneer u bijzonder mooie waarnemingen doet of bijzonder nuttige, dan heeft het ook zin om diezelfde situatie te herscheppen en daardoor, te komen tot een vergelijkbaar beleven.

U kunt op deze manier dan contacten krijgen met een andere wereld of met andere persoonlijkheden. Dezen kunnen u dan bijstaan met het oplossen van problemen. Als de manifestaties hoofdzakelijk negatie zijn (soms lijkt het wel of een paar geesten het mensje aan’t pesten zijn), dan is het verstandiger om daar niet of zo weinig mogelijk op te reageren.

Wilt u dergelijke verschijnselen weg hebben, realiseer u het verschijnsel en verwerp het. U kunt desnoods zeggen: “Wilt u zo goed zijn te verdwijnen” of iets van dergelijke betekenis. Het hoeft niet altijd verbaal even juist te zijn. U zult over het algemeen het contact dan ook verbreken.

Wanneer u visioenen heeft (die horen ook bij helderziendheid) dan wordt het wel moeilijker. Een visioen is doorgaans een afgesloten zeer beperkte episode waarvan de plaatsing in de tijd en in de ruimte aan de fantasie wordt overgelaten. Visoenen waarin steeds weer dezelfde factoren een rol spelen hebben betekenis. Ga na wat uw stemming of toestand was op het ogenblik dat die visioenen optraden. Als u dan een relatie legt tussen uw gesteldheid op dat moment en de waarneming, dan kunt u ongeveer begrijpen wat het visioen wil zeggen. Het kan u echter geen definitieve tijdsbepaling geven. Zelfs als u een kalender ziet die u kunt aflezen, dan is het nog de vraag of de juiste blaadjes zijn afgescheurd.

Zoekt u in deze tijd van omwenteling naar helderziende belevingen van hogere waarden, dat zou ik mij kunnen voorstellen, dan geef ik u wel de raad om vooral niet te hoog te mikken. Per slot van rekening, het verschil tussen een engel en een duivel is meestal de naam plus de intentie. De uiterlijke verschijningsvorm zegt daaromtrent meestal heel weinig. Laat u dus niet verleiden om al te hoge zaken na te streven. Probeer gewoon licht te zien of een geest van licht. Wanneer u daarmee wordt geconfronteerd, onderga de uitstraling ervan. Heeft u eventueel een vraag te stellen, stel die dan terwijl u in die stemming bent. U zult tot uw verbazing merken dat u – als u werkelijk de uitstraling ondergaat – 9 van 10 vragen vergeet. Dat is maar goed ook, want ze waren toch niet belangrijk.

De kwestie van de z.g. droomvisioenen (wat ook wel voorkomt) heeft indirect iets te maken met helderziendheid. Helderziendheid pleegt vaak bewust ondergaan te worden, terwijl een droomvisioen uit de aard der zaak voornamelijk tijdens de slaap of de korte aanloopperiode vóór dan wel na de slaap plaatsvindt. Dergelijke dromen zijn in 9 van de 10 gevallen symbooldromen. Dus alweer, u heeft niet te maken met een voorspelling zonder meer. U heeft te maken met een aantal symbolen. Die symbolen kunnen staan voor gevaar, voor een gevoel van machteloosheid, voor een gevoel van macht, voor een gevoel van gezonden zijn etc.

Het is belangrijk dat u dergelijke dromen vertaalt in het begrip dat in de symbolen voor u is gelegen. Wilt u dan later en vaak bewust daarop verder doorgaan, vooral als u de dromen enkele malen heeft gehad, dan lijkt mij dit nuttig. U zult dat het best als volgt kunnen doen: realiseer u nogmaals het symbool dat u het laatst heeft gezien. Of dat nu een hijskraan, een vliegtuig was of bij wijze van spreken een fiets zonder trappers. Stel u dit goed voor ogen en probeer u te realiseren wat het voor u betekent. Als u dat heeft gedaan, houdt u alleen dat beeld voor ogen. U zult tot uw verbazing zien dat het beeld niet vast staat. Het verandert zo ongeveer als een televisiebeeld in de eerste dagen waarop een ernstige spreker door een kleine storing plotseling zijdelingse schokken in zijn verschillende onderdelen ging vertonen. Wanneer een dergelijk vervormingseffect optreedt, let dan op de vervorming en laat de voorstelling rusten. Er concretiseert zich dan een ander, meestal betrekkelijk vaag beeld dat echter wel gelieerd is met uw ogenblikkelijke mogelijkheden, met eventueel geestelijke of andere persoonlijkheden met wie u verbonden bent. Ga daar zoveel mogelijk op in en u krijgt een steeds helder wordend beeld; het wordt scherp gesteld.

Wanneer de vaagheid is verdwenen, zult u zien dat er op de achter­grond nog allerlei vage beelden zichtbaar blijven. Laat die vage beelden voor wat ze zijn. Richt u alleen op die voorstellingen welke u scherp heeft ontvangen. U zult dan zien dat in uw denken een verklaring daarvoor oprijst. Die verklaring kunt u voorlopig als juist aannemen, maar een volgende keer gaat u uit van het laatste scherpe beeld dat u heeft ontvangen. Hierdoor krijgt u een aantal impulsen. Een soort inspiratie, die duidelijk maakt wat in feite de waarneming betekent.

Ditzelfde zouden we ook kunnen toepassen op allerlei helderzien­de waarnemingen. Het is heel leuk, wanneer u in een huis komt en u ziet plotseling een voetgangerspad midden door de huiskamer lopen waarop dan oude dames, oude heren, kinderen lopen al dan niet in de kleding van vorige eeuwen. Kies daaruit één beeld. Een beeld dat u scherp genoeg heeft gezien. Bouw dit in gedachten op. Tracht het beeld voor ogen te houden. Concentreer u voortdurend op het in stand houden daarvan. Er zullen daardoor veranderingen in uw afstemming optreden. Deze ver­anderingen geven u dan vaak de mogelijkheid inspiratief een verklaring te ontvangen of althans de reden van de verschijning te bevroeden.

Als u in deze tijd zo nu en dan paranormaal bent, moet u maar den­ken dat u niet de enige bent die in deze tijd abnormaal waarneemt en reageert. Maak er geen groot drama van. Acht u ook niet verheven als u zoiets krijgt, want dat bent u allesbehalve. U bent een gewoon mens. U heeft alleen iets van de gevoeligheden, die in elke mens bestaan, op dit ogenblik bijzonder goed en scherp gebruikt. Door u te realiseren wat u doet, door steeds weer terug te keren tot het beeld en van daar­uit a.h.w. de verklaring in u te laten doorwerken, verscherpt u uw mogelijkheden.

Er komt een ogenblik, dat de waarneming al automatisch de intuïtie met zich brengt. U krijgt dan de reden van de waarneming. Zonder dit is het zinloos; dan kunt u eraan voorbijgaan. Heel veel waarnemingen zijn op zichzelf tamelijk zinloos en redeloos. Ze kunnen ontstaan doordat u toevallig in contact komt met een ronddwalende geest. Ze kunnen zelfs ontstaan doordat er in uw omgeving de een of andere invloed werkzaam is waardoor herinneringen tijdelijk worden uitgestraald.

Een helderziende moet ook altijd proberen te komen tot een punt van neutraliteit. Nu is niets zo moeilijk in deze tijd zeker als neutraal te zijn. Als je tegenwoordig zegt dat je politiek neutraal bent, dan ver­wacht men dat je op de Centrumpartij gaat stemmen. Je moet dus werkelijk proberen innerlijk neutraliteit te bereiken.

Een actief helderziende, die absoluut neutraal is en die zich die neutraliteit door training heeft verworven, kan namelijk ook invloeden van anderen overnemen. Hierdoor is het mogelijk te schouwen in het leven of althans in de uitstraling en het besef van anderen.

Bedenk wel, dat hetgeen u waarneemt voor een groot gedeelte mede door de herseninhoud van uw sujet of uw patiënt wordt bepaald. Het is dus niet zo, dat u dingen ziet welke voor die patiënt zonder meer bestemd zijn. U ziet dingen, die de patiënt zelf meedraagt en in zich eventueel verbor­gen houdt.

Als u een aantal van deze beelden doorkrijgt, dan is het alweer belangrijk om u te concentreren op één daarvan. Nooit proberen alles te verklaren, want wat u dan overhoudt is een soort geestelijke hutsepot met onzin als klap­stuk. Probeer eenvoudig door die concentratie de betekenis van deze voor­stelling in u te laten opwellen. Laat u niet verleiden een omschrijving te geven van de waarneming. Dit is over het algemeen een terugkoppelingseffect waardoor de emoties en eventueel andere denkbeelden bij degene voor wie u waarneemt zodanig sterk werken dat daardoor een misleiding en een eenzijdigheid van waarneming optreedt. Geef de conclusies weer. Pas na de beëindiging van het professionele contact kunt u eventueel nog zeggen wat u heeft waargenomen, maar daarna moet u absoluut ook niet meer proberen verdere gegevens te verstrekken of te verkrijgen. Nu er in deze wereld zoveel dingen duister zijn, zal de behoefte aan helderzienden – al dan niet officieel, zichzelf als zodanig noemende – toenemen, veronderstel ik. De situatie waarin de helderziende zich bevindt, heb ik duidelijk genoeg beschreven.

Probeer nooit voor anderen problemen op te lossen. U kunt wel aan de hand van uw waarnemingen mogelijkheden stipuleren, nooit zekerheden. Vindt u dat u niet aan een dergelijk iets toe bent of vindt u het zo jammer dat u nog niet helderziend bent, bezit dan uw ziel in lijdzaamheid. U zult misschien deze gave nog in de stof bereiken, anders komt u in de geest terecht waar u deze gave wel heeft maar op een geheel andere manier gebruikt.

Realiseer u verder dat al het werken met bezweringen, betoveringen e.d. zolang het gaat om helderziendheid uit den boze is. De eenvoudige instelling van de eigen persoonlijkheid, dan wel het opwekken van een optimale neutraliteit in de persoonlijkheid is veel belangrijker. Alleen als u een aantal krachten wilt aanroepen, dan kunt u eventueel weleens gebruikmaken van de nodige gebeden en formuleringen. Hierbij zijn opgemerkt, dat de inhoud over het algemeen niet belangrijk is en dat het meer gaat om de betekenis, die u zelf daaraan toekent. Wat er ontstaat is dan nooit een reële waarneming. Ook wanneer de geest van Cascadorus, – we zitten in Den Haag, plotseling in uw pentagram oprijst, is het lang niet zeker dat hij Cascadorus is. Het kan net zo goed Plato zijn in een vermomming of misschien Jan Schlemiel die zich gewichtig wil voordoen.

Wanneer dus een dergelijke verschijning optreedt, dan gaat het om het doel. Alleen wat met het doel te maken heeft, is belangrijk. De vorm waarin de verschijning zich aan u toont, hoe afschrikwekkend ook of hoe mooi ze ook moge zijn, doet niet ter zake.

Als ik in het begin bijna spottenderwijze heb gezegd dat mijn onderwerp wel “de helderziende en de zemen lap” moge heten, doelde ik hierbij vooral op de noodzaak om je waarnemingen en je ervaringen zuiver te houden. Hoe meer je zelf eraan toevoegt, hoe vager het wordt. Hoe meer je probeert om vaagheden toch nog weer tot helderheid te brengen, hoe groter de kans is dat zelfmisleiding het eindresultaat is.

Dit is zeker niet een korte cursus: hoe word ik helderziende. Het eenvoudigst is, als u dit beroep ambieert: leer van buiten hoe u bepaalde kaarten moet leggen. Leg deze kaarten. Staar vervolgens zeer intens en indrukwekkend naar uw patiënten en vraag hun een paar dingen op een onopvallende manier. Als u hun hun eigen woorden teruggeeft, dan zijn zij tevreden en heeft u uw geld verdiend. Maar als u het werkelijk serieus neemt, dan kan ik u alleen de volgende raad geven:

Wanneer u dromen heeft die werkelijk lange tijd in uw herinnering blijven hangen (dus ook enkele uren na het ontwaken), wanneer u plotseling iets meent waar te nemen al is het maar een beweging, probeer u dit voor te stellen op de vooromschreven wijze. Tracht te zien of het scherper in focus komt. Probeer u nooit aan te praten welke betekenis het zal hebben. Deze zal, als het beeld scherp genoeg wordt, ongetwijfeld in u opkomen. Verstandelijke processen moeten bij helderziendheid altijd worden uitgeschakeld. Denk niet dat u niet helderziend bent. Er zijn mensen die zo helderziend zijn dat ze altijd een paraplu meenemen behalve wanneer het gaat regenen. Hier werkt de zaak omgekeerd weliswaar negatief, maar als het regelmatig voorkomt, dan is hier dus wel sprake van voorgevoelens, alleen worden ze verkeerd geïnterpreteerd.

Bijna elke mens heeft in zijn leven één of meer ervaringen die hel­derziendheid genoemd kunnen worden of behoren tot de daarmee verwante gebieden als heldervoelendheid, het ruiken van niet bestaande geuren, het horen van stemmen etc. Nooit de betekenis regelrecht aannemen, al­tijd eerst overwegen. Gevoelig zijn betekent aandacht geven aan die ge­voeligheid. Alleen zo leer je ze gebruiken.

Als u ‑ dit jaar gaat het niet meer ‑ het volgende jaar een jaar­prognose wilt maken voor de hele wereld, stel u dan a.u.b. niet in op rampen, het lot van een bepaalde politicus e.d. Stel u in op hetgeen u zelf voor de wereld verlangt, bv. vrede. Probeer u dan een beeld te maken van de wereld als geheel.

Denk aan een globe. Probeer die globe langzaam voor uw ogen voorbij te laten wentelen. Dit is gewoon een fantasiespelletje. Door dit echter te doen heeft u zich op de gehele wereld geconcentreerd. U zult zien dat bepaalde punten van de globe a.h.w. oplichten. Dat be­tekent, dat er iets zal gebeuren, niet wat er zal gebeuren.

Als u dit enkele malen heeft gedaan (daarom vertel ik het u nu, dan kunt u alvast oefenen voor 1985), dan zult u zien dat ze verschil­lende kleuren geven. Als u nu een aantal malen b.v. rood of geel of pimpelpaars heeft gezien, dan kunt u de betekenis van die kleur gemakkelijk verder leren kennen door u alleen op deze kleur te gaan richten. Denk alleen aan deze kleur. U zult dan indrukken krijgen van bv. ge­weld of rust of feest

Als u dit weet en u heeft even geprobeerd dat te noteren voordat u aan het tweede deel van de oefening begint, op welke punten u die kleuren heeft gezien, dan kunt u daardoor ook aangeven op welke plaat­sen ongeveer soortgelijke invloeden en gebeurtenissen zich zullen mani­festeren. Dat is heel aardig. U kunt de beste voorspellers en de meest redenerende economen weleens te vlug af zijn, als u op deze manier nagaat waar de economie werkelijk aantrekt.

En als u dan ziet waar ze aantrekt, zult u heel waarschijnlijk ontdekken dat ze alleen meer kan aantrekken door u meer uit te trekken. Dat laat ik verder aan uw eigen oordeel en ervaring over.

Ik hoop met dit korte onderwerp u althans enige gegevens verstrekt te heb­ben die voor u interessant zijn.