Reizen

uit de cursus ‘zelfprojectie’ 1984-1985

Ik zou met u willen spreken over de verschillende werelden die wij kunnen betreden, omdat de voertuigen die we hebben tot die werelden behoren.

Of een mens dat nu bewust weet of niet, hij treedt regelmatig uit. Een uittreding vindt over het algemeen plaats naar bepaalde werelden. Die werelden kunnen van astrale aard zijn. Ze kunnen van geestelijke aard zijn. Ze kunnen hoog of laag zijn.

Om u een beeld te geven van wat die werelden ongeveer zijn en daarmee wat ongeveer uw voertuigen zijn, wil ik proberen hier een kleine opsomming te geven van al datgene wat u kunt ontmoeten en daarbij enkele van de droomsymbolen te noemen die met bepaalde werelden gewoonlijk verknoopt zijn.

Wanneer wij uittreden in de astrale sfeer, dan is het over het algemeen een verwarde droom. Kenmerkend voor deze dromen is: het voorkomen van allerlei eigenaardige gestalten, een voortdurende afwisseling van lichte en duistere facetten, daarnaast de onvolkomenheid der dingen.

In een astrale wereld ga je door een deur en je komt nergens. In een astrale wereld ga je een trap op en als je omkijkt, dan is die trap er niet meer en sta je op een vlakte.

Astrale werelden hebben vaak nachtmerrieachtige aspecten. Het voertuig dat we daarvoor bezitten is bovendien tamelijk kwetsbaar. Wij worden met het vreeswekkende geconfronteerd en als we daar bang voor zijn dan kan het ons inderdaad schaden. Het gaat zo ver dat sommige van die dromen zelfs lichamelijk letsel ten gevolge kunnen hebben.

Een astrale beleving zal doorgaans een wat nachtmerrieachtig karakter hebben. Als ze betrekkelijk vrolijk is, is ze onsamenhangend en laat ze als herinnering vaak allerlei eenvoudige voorwerpen of misschien enkele gezichten zien, verder gaat het nooit.

Komen wij daarentegen in schaduwland, dan worden wij geconfronteerd met steden, met dorpen, met vlakten, met tuinen, maar het is allemaal een beetje vervallen. Loop je door een tuin heen dan blijkt opeens de plant, die je mooi vond een vleesetende plant te zijn. Loop je door een winkel dan zien alle producten er wel tamelijk goed uit, maar als je ze wat nader bekijkt, dan zitten de maden in het vlees, dan vreten de rupsen de groenten op. Kortom, het is meestal een zeer onsmakelijke geschiedenis. Als je een kostuum wilt kopen dan zijn het meestal flarden. Wanneer het regent, dan is het meestal asregen dan een werkelijke regen. Alles is vaal, vervallen. De mensen maken een wat onpersoonlijke indruk. Ze zijn heel druk met zichzelf bezig en zijn over het algemeen zeer onhoffelijk.

De symbolen van een dergelijke droom zijn doorgaans grauwheid (dat is een van de eerste facetten die je onthoudt) daarnaast soms een en­kele scene van verval en in heel veel gevallen het gevoel van gevangen zitten en eindelijk te ontsnappen. Dat kan symbolisch zijn uitgedrukt bv. je vindt een trap en je gaat naar buiten in de zon. Het kan ook zijn dat je op een gegeven ogenblik een licht ziet. Je loopt daarnaartoe en ineens is je wereld weg en daarvoor in de plaats is een toestand gekomen van vrede en rust, waarna je weer overgaat naar je normale slaap en je eigen dromen.

Kom je in een zomerlandwereld, dan is het heel moeilijk om precies te zeggen wat er wel en niet echt is. Je kunt in de duinen, in bosge­bieden komen. Je kunt lotusvijvers zien waar soms nog zielen op lotus­bladen ontwaken met alle symboliek die ermee is verbonden. Er zijn gra­zige weiden. Er zijn ook wel dorpachtige nederzettingen. Je hebt soms het idee dat er een groot koor aan het zingen is. Een enkele keer zie je daar ook nog een soort wervelende lichtende zuil te midden van de mensen die schijnen mee te zingen. In al deze gevallen zijn het dus scenes die uit een bepaalde zomerlandwereld komen.

Zomerland bestaat uit ontelbare voorstellingswerelden. Kenmerkend is over het algemeen in de droom; bloemen, een groene weide of een ge­voel van op een heuveltop te staan en een wijds uitzicht hebben. Deze herinneringen geven aan dat u in laag zomerland bent geweest al dan niet vermengd met ontmoetingen met persoonlijkheden. Dat laatste is nooit zeker waar. Maar als u de genoemde symbolen heeft beleefd, dan bent u uitgetreden naar laag zomerland.

Hoog zomerland is weer een beetje anders. Het heeft ook nog steeds het karakter van een landschap maar je treft er vaak bergen aan, meest­al bebost. De gebouwen die je daar ziet zijn kioskachtig, soms tempel­achtig. Je kunt daar uitrusten, je kunt daar mediteren. In de verte zie je iets wat op vogels lijkt.

Het is een wereld waarin de verschillen van de lagere zomerland­werelden voor een groot gedeelte zijn weggevallen. Natuurlijk blijven er wel wat afzonderlijke symbolen voorkomen, maar het merendeel van de be­levingen in die wereld zal toch altijd weer terug gaan naar het idee van hoogtes bergtoppen bv. tempels, kiosken, meditatieplaatsen. Daarnaast vaak het gevoel dat je een lichtende gestalte ontmoet.

In de droom wordt dit over het algemeen beschreven als een berg beklimmen, soms met een lichtende gids. Dat is dan een ontmoeting met een geest die nog wat hoger staat. Hier komen vaak bepaalde woorden of spreuken naar voren die dan een lange tijd in uw herinnering blijven door­klinken. U weet soms niet wat ze betekenen, maar het zijn van die zin­sneden waarvan je zegt; Het heeft mij te pakken. Ik weet niet waar ik het vandaan heb, maar ik raak het niet kwijt.

Ga je nog hoger, dan kom je in werelden terecht die eigenlijk geen vaste vormen meer kennen. Alles is veranderlijk. Men zegt wel eens: Het is eigenlijk een caleidoscopische wereld omdat er een sterke wisseling van kleuren is vaak begeleid door allerlei klanken. Als u terugkomt uit de droom en u heeft het idee dat u heel mooie muziek heeft gehoord, dan bent u zeer waarschijnlijk in een van deze toestanden terecht gekomen. Anderen kennen weer in een droom een wereld waarin ze gebrandschilderde glazen ramen hebben gezien, dus kerkramen.

Kom je nog hoger, dan is dat een wereld waarin eigenlijk stilte heerst, maar een stilte die spreekt. Men heeft het gevoel dat ergens een stem alle problemen die je hebt, heeft opgelost. Probeer je het toe te passen, dan blijkt het niet te kloppen. Maar je hebt het gevoel: er is een oplossing voor mij.

Deze wereld met haar vele kleuren en wervelingen kenmerkt zich voor de geest die haar voor het eerst betreedt vooral in een gevoel van onbestemdheid. Je wordt meegevoerd. Je hebt dus niet de mogelijkheid om zelf precies je weg te bestemmen.

Ga je nog weer hoger, dan kom je terecht in een wereld waarin een bepaalde kleur heerst. Dat kan een blauwachtig licht zijn als je wat la­ger bent. Het kan ook een gouden licht zijn of een wit licht.

Van deze lichtsferen blijft eigenlijk geen herinnering over behalve misschien een kleur en daarnaast een enorm stil gevoel van blijdschap. Je wordt zo blij wakker alsof de hele wereld zou zijn veranderd vandaag. Dan lees je de krant en dan is dat niet zo, maar je hebt toch dat ge­voel.

Dit zijn dan de werelden die je betreedt. Maar als je die werelden betreedt, dan kun je dat alleen doen met je eigen voertuig, dat wil zeg­gen het voertuig dat tot die wereld behoort.

Ik heb u de vorige maal al uitgelegd dat u velerlei voertuigen be­zit. Daarbij zult u het volgende moeten onthouden.

In schaduwland bent u niet kwetsbaar. Evenmin in een duistere we­reld zolang u rond uzelf licht ziet. Is dat niet het geval, zeg dan tot uzelf: Ik droom, ik moet wakker worden. Dan kunt u daardoor de situatie veranderen. Lukt dat ook niet, denk dan zo sterk u kunt aan zo fel moge­lijk wit licht. Dat is de beste oplossing. In deze sferen kunt u namelijk psychische schade oplopen.

Een voertuig dat in zomerland terecht komt, is astraal. Het is dus fijnstoffelijk en sterk verbonden met het lichaam. Het heeft grote invloed op o.m. de zenuwstromingen, de levensstromingen die in het lichaam cir­culeren. In die wereld kan een letsel definitief worden overgedragen aan het lichaam.

Als u in een astrale wereld sterft, dan kunt u zeker zijn dat u niet meer wakker wordt. De oorzaak zal dan waarschijnlijk een hartverlamming zijn en niet de verwonding die u meende te hebben opgelopen. Altijd weer, als u bang bent in deze wereld, dan bent u kwetsbaar. Dat komt, omdat angst een vorm van harmonie is. Angst en begeert zijn twee vormen die eigenlijk de kwetsbaarheid bepalen in de astrale wereld. Laat u dus niet verleiden in een astrale wereld en realiseer u dat uw voertuig, juist omdat het fijnstoffelijk is en geladen met uw eigen levensenergieën, bijzonder kwetsbaar is.

Gaat u naar andere werelden toe, dan moet u zich daar maar niet al te druk over maken. Wat er gebeurt in een lichte wereld, dat gebeurt er. Er overkomt u niets kwaads. Er zijn echter bepaalde facetten in die we­relden die u op het eerste gezicht een beetje zullen verbazen. Een persoon kan bv. in drie of vier vormen gelijktijdig optreden. Een persoon kan zich gelijktijdig aan u manifesteren als een kind, een jonge mens, een rijpe mens en een oude mens. Realiseer u dat het allemaal alleen maar voorstellingsvormen zijn. Alles wat u daarvan meeneemt is altijd datgene wat tot die sfeer behoort. Elke sfeer die hoger is dan uw we­reld is geneigd u een zekere mate van energie toe te staan. U wordt dus gesterkt daaruit wakker.

De hoogste werelden kunnen, vooral in het eerste beleven, uitputtend zijn. Als u voor de eerste maal in een zuivere lichtwereld terecht komt, dan zult u waarschijnlijk wakker worden met het gevoel dat u helemaal niet heeft geslapen. Dat komt, omdat de aanpassing tussen het voertuig dat daar kan beleven en de stof te groot is. Dat veroorzaakt nu o.m. vermoeid­heid; die overigens na ongeveer een uur à anderhalf uur wegebt. Dan voelt u zich meestal weer helemaal prettig.

Elk voertuig op zich is niet vormbehoudend behalve het stoffelijke. Elk ander voertuig is amorf. Daarom is het uw persoonlijkheidvoorstelling op een bepaald niveau die bepaalt hoe u zich manifesteert. Als uw denken angstig en klein is, dan bent u een muis tegenover een kat. Maar als u vertoornd denkt, ik laat mij niet aantasten, dan bent u een draak. Dan moet u ook wel vechten, maar uw wereld is dan voor u een wereld die u zelf manipuleert.

Het kan zijn dat u zich in een zomerlandwereld veel jonger of veel ouder ziet dan u werkelijk bent. Trek u daar niets van aan. Het is gewoon uw eigen ik dat zich op dit niveau in die vorm toont aan de hand van de beleving en de ervaring die het heeft. Realiseer u dat hogere voertui­gen jonger worden in hun manifestatie naarmate de innerlijke harmonie van de mens groter is.

Reizen gebeurt dus voor de meeste mensen op deze manier eigenlijk onopzettelijk en niet bewust.

Ik heb u een aantal symbolen van werelden gegeven, opdat u enig houvast kunt hebben aan sommige dromen. Als u echter aandacht gaat ge­ven aan die dromen, dan zullen aanvullende details u steeds bijblijven in de herinnering. Er ontstaat een betere overdracht. Maar elke overdracht naar de hersenen is een vertaling die gelijktijdig een vorm van vereenvoudiging en van vervalsing inhoudt. Om u een voorbeeld te geven;

In de wereld van kleuren en klanken is het aantal tinten dat wordt waargenomen ongeveer 20 maal zo groot als voor een mens denk­baar en mogelijk is. Het resultaat is, dat uw wereld dan veel kleuriger is dan u zich ooit zult kunnen herinneren. U probeert de analogieën dan soms te vertalen in vormen, lijnen of landschappen om op die manier iets van de ervaringen toch gestalte te geven.

Uw ik dat zich bewust wordt van deze werelden zal ontdekken dat er vooral in die details enkele zeer persoonlijke symbolen zitten. Deze persoonlijke symbolen kunnen worden gebruikt om meer naar die sfeer te reizen. U bent dan nog niet vrij in de beweging in die sfeer, maar het bereiken van die wereld wordt u langzaam maar zeker gemakkelijker zodat u op den duur naar verkiezing een aantal werelden kunt betre­den.

Dit is nog niet de werkelijke projectie van het ik, dat zult u be­grijpen. Het is maar een klein deeltje van het ik dat u projecteert. Een groot gedeelte van het ik blijft achter of kan zelfs gelijktijdig op een ander niveau beleven,

Realiseer u dat elke keuze voor een lichtende wereld een verster­king betekent van het lichtelement in uzelf. Elke keuze voor een duiste­re wereld is zeker in het begin voor u schadelijk.

Wie zich een lange tijd heeft beziggehouden met het zich herinneren van dergelijke uittredingssymbolen en misschien pogingen heeft gedaan om een sfeer te bereiken, zal bovendien worden geconfronteerd met een ander verschijnsels de z.g. geleider of gids. Dit is niet, zoals u misschien denkt, een bepaalde persoon. Het is in uw denken, in uw herinnering een bepaalde vorm. Dat is waar, maar dat is uw vertaling voor een functie. Die functie kan door velen worden bekleed en toch zult u altijd denken aan diezelfde vorm, diezelfde persoon en eventueel ook dezelfde naam er­voor gebruiken.

Realiseer u, dat een dergelijke geleider of gids als hij zegt: Ik heet Jan u daarmee een sleutelwoord geeft voor geleiding en niet een kenmerk van zijn persoonlijkheid. De geleider zal u dan in het begin vaak opvangen. Hij brengt u naar verschillende plaatsen waar u meestal enige werkzaamheden verricht ofwel enige mededelingen of boodschappen aanhoort. In enkele gevallen is het gewoon een contact met andere persoonlijkheden. In vele gevallen is het ook het horen van enige leringen of zelfs een soort kleine hellevaart maakt waarbij u, overigens omgeven door licht, bepaalde duistere werelden bezoekt.

Heeft u dat eenmaal gedaan, dan zal – vaak niet altijd maar heel vaak – de geleider u een taak stellen. De vorm van de geleider is dan niet meer kenbaar. Zijn aanwezigheid echter wel, want er is nog altijd licht dat u omringt. Realiseer u dat u op deze wijze kunt leren in duistere werelden te werken, bv. om iemand te helpen vrij te komen:

Een dergelijke arbeid brengt geen vergoeding met zich mee. U kunt dus niet zeggen. Ik heb duizend zieltjes gered, mag ik even inleggen voor een weekje eeuwige zaligheid. Het is geen bonsysteem. Maar door de ander te helpen, verwerft u gelijktijdig een zeker besef t.a.v. onder meer stoffelijke omstandigheden; datgene wat stoffelijk aanvaardbaar en niet aanvaardbaar is. U doet dus ervaring op die u kan helpen om in uw stoffelijk leven na de dood u beter te oriënteren en juister te rea­geren.

Heeft u eenmaal veel van die taken verricht, dan kunt u ook nog taken op aarde krijgen. Een taak op aarde wordt u meestal gegeven in de vorm van een oproep.

De oproep brengt dan het bewustzijn naar een bepaalde plaats op aar­de en maakt het a.h.w, deel van een zekere gebeurtenis. Dat kan van alles zijn; Het kan zijn het sterfbed van een mens. Het kan een vliegtuigongeluk zijn dat op dat moment net plaatsheeft. Bent u daar, dan heeft u de taak om zo goed mogelijk contact op te nemen met de anderen. Als u denkt dat u dat kunt doen als een mens, slaagt u niet. U moet niet met die mensen spreken; zij verstaan u niet. U moet ook niet proberen hen aanwijzingen te geven; ze zien u niet, fiat en go. Wat u kunt doen is alle paniek wegnemen. Die kunt u dan tijdelijk absorberen.

Het is een kunstje. Het is zoiets als voorlopig wat vuil in je zak steken om het later in de asbak te gooien. Dat kunstje wordt u heus wel geleerd voordat u aan dat werk begint.

Wanneer u op aarde uittreedt voor dergelijke taken, dan zult u dit nooit doen in astrale vorm en ook het levenslichaam en het dubbel zijn er niet bij betrokken. Datgene wat een rol speelt, is in feite het voertuig ­dat behoort tot zomerland op zijn minst, soms een hoger voertuig.

Het ik dat op deze manier wordt ingeschakeld, wordt natuurlijk steeds zelfstandiger. Dat is te begrijpen. U heeft ervaringen opgedaan, er zijn dus minder aanwijzingen nodig. Op den duur ga je dan behoren tot een groep die je kent. Het zijn een aantal persoonlijkheden waarvan de voorstelling die je je maakt waarschijnlijk onjuist of ten dele, onjuist is, maar je zult ze steeds weer ontmoeten, je kunt ze steeds weer herkennen.

In dromen betekent dit, dat altijd weer dezelfde gedaante een hoofd­rol speelt en dat je je juist die hoofdrolspeler veel meer dan het gebeu­ren zelf herinnert. Een dergelijke groep kan verschillende taken uitvoeren. Die taak is meestal door de groep gekozen.

Er zijn grepen die zich bezighouden met het helpen van mensen om uit lagere sferen vrij te komen. Er zijn groepen die zich in het bijzonder op aarde bezighouden met begeleiding van stervenden. Er zijn er die zich bezig­houden met degenen die in de nevel, die voor schaduwland ligt, ronddolen, en hen langzamerhand naar een vormwereld te brengen, zelfs al is ‘t een duis­tere, als ze maar uit de verwarring loskomen. En zo kunnen we verdergaan.

U zult dus voordat u eigenlijk in staat bent bewust alle sferen te be­treden in de meeste gevallen reeds vele werkzaamheden hebben volbracht. De kans dat u tot een dergelijke groep behoort, is ongeveer 7 op 10. Het heeft voordelen, het heeft nadelen.

Het behoren tot de groep geeft echter één zekerheid, op het ogenblik dat u begint met projectie van uzelf op welke wijze dan ook, ook als het een bewustzijns- of gedachtenprojectie is, dan zult u automatisch de steun krijgen van de groep waartoe u behoort. Dat kan voor u heel belangrijk zijn, zeker als u op afstand mensen wilt beïnvloeden of wilt genezen. Dan is niet het genezen of het beïnvloeden deel van de taak van de groep, maar omdat u de taken van de groep mede uitvoert, kunt u een be­roep doen op de krachten van de groep om uw specifieke opdrachten of taken te volbrengen vanuit uzelf.

Daarmee hebben we eigenlijk al een groot deel gezegd van datgene wat voor die sferen en de daarbij behorende voertuigen zo belangrijk kan zijn. Maar we moeten toch langzamerhand toe naar de projectie van het ik, iets waar we de volgende les uitvoerig aan zullen wijden.

Het projecteren van het ik, berust op een voorstelling van het ik, plus een voorstelling van de wereld of van de taak waarop dat ik zich richt. Beide voorstellingen moeten in u berusten. Ze moeten eerst bewust worden opgesteld en dan a.h.w. geabsorbeerd. Ze vervloeien in je. Ze zijn niet meer als afzonderlijke beelden kenbaar, maar er ontstaat een toestand die in een zekere mate a-normaal is. Het is een toestand waarin je alles wat je doet automatisch doet t.a.v. het doel dat je je hebt gesteld.

Er zijn mensen die denken; je kunt je ik ook wel even projecteren en bv. met een astraal dubbel of desnoods met een levenslichaam even naar Disneyland gaan of even iemand gaan vertellen dat hij een grote tiran is. Theoretisch is dat mogelijk. In de praktijk gaat het over het algemeen mis. U moet zich realiseren; je kunt alleen projecteren naar die werelden, die personen of die krachten waarvan je een exacte voor­stelling hebt. Dat wil zeggen dat de voorstelling, zeker voor vier van de vijf delen analoog moet zijn aan de werkelijkheid.

Ga je verder naar de perfectie toe, dan krijg je de absolute zeker­heid van volbrenging, maar die bezitten over het algemeen alleen inge­wijden. Ga je echter uit van het standpunt: ik wil proberen, dan heb je een voorstelling van jezelf nodig, ook als je normaal denkt: ik kan iemand genezen en moet je op dat ogenblik jezelf zien als een werke­lijk grote genezende kracht. Kun je dat automatisch doen, zoveel te be­ter. Kun je dat niet, dan moet je eerst die voorstelling opbouwen. Dan bouw je de voorstelling op van de patiënt waar je naartoe wilt.

Ook die voorstelling moet redelijk juist zijn. Ze kan betrekking hebben op de kwaal, ze kan betrekking hebben op de gestalte en zelfs op de omgeving. Maar ze moet nauwkeurig genoeg zijn. Vanaf dat ogenblik kan vanuit een versmelting worden ingegrepen op afstand en kan het ik ook waarnemen op afstand. Want op het ogenblik dat je wezen zich projec­teert op afstand, ontstaat er een wisselwerking.

Bij een werkelijke ik-projectie zal er altijd een aflezing zijn van het punt van projectie naar het punt van werkelijkheidsbestaan dat je stoffelijk op dat moment bezit. De herinneringen zijn over het algemeen voor niet meer dan de helft nauwkeurig, maar de saillante punten zijn doorgaans controleerbaar. Dat helpt je dus heel goed om de waarde van je projecties langzamerhand te gaan bezien.

Een volgende keer zullen wij moeten ingaan op de hierbij noodzake­lijke procedures, de verschillende methoden die gevolgd kunnen worden en ook de verschillende taakstellingen die denkbaar zijn. Ik zal u dan zeker ook willen inlichten over de verschillende voertuigen die gezien taakstelling plus instelling worden gebruikt.

Ik hoop u in dit korte onderwerp begrip te hebben gegeven voor de mogelijkheden en ook een begrip van het functioneren van de verschillen­de voertuigen. Dat ik daarbij reizen door de sferen als voorbeeld nam is begrijpelijk, omdat deze reizen en de droomsymbolen daarvan voor de meesten van u een goede aanloop zijn naar een bewustere projectie van delen van het ik.

  • Met het astrale lichaam is het wat gevaarlijk om daarmee te reizen. Kun je niet beter een ander voertuig nemen?

Soms is het onvermijdelijk dat je het astrale voertuig gebruikt. Het astraal is dus altijd kwetsbaar. Dat betekent, dat het gevaarlijker is dan te werken met hogere voertuigen. Daar heeft u volkomen gelijk in.

  • Is de concentratie op licht als vanzelf… (verder onverstaanbaar)

Het ligt heel sterk aan uw eigen bewustzijn. Er zijn mensen die kunnen niet anders dan astraal uittreden. Dat is een riskante geschiedenis. Maar op het ogenblik, dat je je bewust wordt van hogere werelden, stem je je af op een voertuig dat bij die wereld past. Als je dan een taakstelling op je neemt in verband met deze voorstelling; dan is het bijna zeker dat juist dat voertuig de werkelijke kracht wordt die uitgaat. Het is dat gedeelte van het ik dat actief naar buiten optreedt, maar dat met alle andere delen van het ik desalniettemin verbonden blijft. Het is dan als geestelijk voertuig niet kwetsbaar voor astrale of stoffelijke aanvallen. Wel weer voor aanvallen op het eigen niveau. Maar behoor je tot een lichtende wereld, dan zijn dergelijke aanvallen niet denkbaar, dan is dat zonder risico.

  • Bedoelt u met afwijkingen dat je dit soort beelden helderder of doorzichtiger ziet dan normaal of eerder dat je geneigd bent deze im­pulsen bv. in landschapsbeelden en landschapsgezichten om te zetten?

U begint natuurlijk met een voorstelling die voor u bijzonder werkt en daar blijft u voorlopig bij. Maar u zult zien dat dat op den duur toch niet bevredigend is en u gaat als vanzelf andere voorstellingen vormen of u gaat andere voorstellingen beschouwen. Als u bv. denkt aan een mantra dan kunt u die voorstelling bekijken of u kunt de klank horen, maar het is niet een sleutel zonder meer. Op een gegeven ogenblik, als u verder wilt gaan, dan zult u een andere mantra moeten ge­bruiken. U zult een andere voorstelling moeten gebruiken. Typisch is bv. dat heel vaak iemand, die begint met rechthoeken en driehoeken in de beschouwing, overgaat op cirkelvormen, ovaalvormen en slangvormen. Dat is een normale ontwikkeling. Dat kan ook bij deze voor­stellingen gemiddeld het geval zijn. De afwijking blijft wel gelijk. De afwijking van de norm blijft dus vergelijkbaar.

  • Bij de eerste oefening die u heeft gegeven zegt u dat je je moet richten op eenzijdig blijvende afwijkingen van de norm in de waarneming. Zijn deze voor een persoon gedurende het hele leven altijd dezelfde soort afwijkingen?

De eenzijdigheid bestaat in de absolute concentratie op datgene wat men ziet of visualiseert waardoor al het andere wordt uitgesloten en de geestelijke belichting van hetgeen men waarneemt of zich voorstelt steeds intenser, dus steeds stralender wordt. Dat is de afwijking.