Spiritisme

Spiritisme

Wat is spiritisme? Er bestaan nogal wat eigenaardige voorstellingen van, ook bij degenen die zichzelf spiritisten noemen. In feite is het spiritisme het onderzoeken van verschijnselen, die door de geest worden veroorzaakt waardoor men voor zichzelf een bewijs krijgt van een voortbestaan na de dood. Dat wil zeggen, dat wat wij hier doen eigenlijk niet valt onder het spiritisme pur sang. Wat wij doen, is praten over aller­lei dingen en proberen allerlei dingen duidelijk en begrijpelijk te maken.

Een spiritist is iemand die veel meer geëmotioneerd raakt als er ergens in zijn bed een houtworm klopt, dan als een van ons een mooie rede houdt. Nu is langzaam maar zeker een groot aantal mensen tot de erken­ning van het bestaan van de geest gekomen. Zij wilden daar iets anders van maken. Ze wilden het gevoel hebben dat hun spiritisme een plaats­vervangende religie was. Dat werd dan het spiritualisme, waarbij wij ove­rigens mogen opmerken dat het gehalte daarvan vooral in het begin niet bepaald hoog is geweest. Het ging hier hoofdzakelijk om prediking. En dat betekent dat geesten die doorkwamen, met een Leger des Heils­mentaliteit, de grootste belangstelling kregen, dat predikingen over de schoonheid van de sferen belangrijker waren dan beschouwingen over de wereld. Kortom dat men eigenlijk de vlucht uit de werkelijkheid, die voor velen in de religie is gelegen, nu probeerde over te brengen in richting van de geest en van het spiritualisme.

Daarnaast speelde natuurlijk de mogelijkheid van persoonlijk contact met de doden een grote rol en tevens vermoedelijk ook de kans, die je had om via psychometristen e.d., allerlei dingen te weten te komen over verleden en toekomst. Het werd een tijdlang een beetje kermisachtig. Er zijn perioden geweest waarin handige goochelaars, die niet zo goed de kost konden verdienen, zich plotseling tot medium bombardeerden en met wat zwevende trompetjes en tamboerijnen een zeer goede broodwinning hadden. Echter in diezelfde tijd bestond er een enorme behoefte bij vele mensen aan een reëel verschijnsel, aan het werkelijk door de geest, of al­thans met paranormale krachten, tot stand brengen van soortgelijke ver­schijnselen.

Wij hebben dan een periode waarin het donkere kabinet hoogtij viert, maar waarin ook mensen als bijvoorbeeld Home aantonen dat levitatie mogelijk is en nergens aan gebonden is. Op één van zijn seances, die bij daglicht werd gegeven, speelde hij het klaar op de derde verdieping van een huis door het ene venster naar buiten en door het andere venster weer naar binnen te zweven. Dit werd door een groot aantal mensen gade geslagen.

Hierdoor ontstond ook nog een ander verschijnsel, namelijk de weten­schappelijke verwerping van het spiritisme. Tot op dit ogenblik was het eigenlijk speelgoed geweest. Je kon de schouders ophalen en zeggen: nu ja, het zijn handige goochelaars en volksbedriegers. Wat dat betreft, er waren ook wel bedriegers. Er is een medium geweest, dat een speciaal hol blikje in de schoen die wat groter was had ingebouwd. Als er dan een vraag werd gesteld aan een klopgeest, dan was het bewegen van de grote teen voldoende om het aantal gewenste klikken tot stand te brengen, zodat de geest voortdurend antwoord gaf.

Toen echter de wetenschap zich ertegen begon te verzetten, werd ge­lijktijdig een andere groepering bewust van het verschijnsel. Er zijn tijden geweest dat verschijnselen zoals de manifestatie van Kathy King erg veel publiciteit kregen, maar we zien gelijktijdig de studie die men maakte van bijvoorbeeld de geestelijke aberraties van de mens. Er worden seances gehouden. Door die seances blijkt men vaak in staat te zijn om krankzinnigen te genezen. De theorie van bezetenheid en aanhechting, die overigens kerkelijk al lange tijd bestond, krijgt een nieuw karakter. Er zijn zelfs mensen die daar niet alleen een hele studie van maken, maar hun leven aan dergelijke praktijken wijden. Een van de bekendste was een Engelse arts, aankomend psycholoog, die tezamen met zijn vrouw tenmin­ste 900 mensen, die als ongeneeslijk krankzinnig waren opgesloten, weer de vrije wereld in heeft geholpen door de zogenaamde contact reddingsseances. Hij heeft later een boek daarover geschreven en op grond van dat boek werd hij door al zijn collega’s uitgelachen. Als therapie wilde men die komedie nog wel aanvaarden, maar niet als een reëel verschijnsel.

Zo wordt de parapsychologie geboren waarin Engeland alweer een hoofdrol speelt. Ook dat is weer begrijpelijk, want de Engelsen zitten eigenlijk in de bakermat van de paranormale verschijnselen, het volksge­loof en het bijgeloof: India. Daar ontstaat niet alleen de theosofie, maar komen ook allerlei verschijnselen te voorschijn die controleerbaar zijn. En in The Royal Society for Psychical Research komt langzaam maar zeker een onderzoek van de zogenaamde psychische verschijnselen op gang. Daarmede verplaatst het spiritisme zich in de richting van het erken­nen van het paranormale vermogen van de mens. De parapsychologie, hoe onbeholpen vaak nog in haar experimenten en hoe moeizaam soms in haar pogingen om alles toch nog weer een rationele verklaring te geven, gaat aan het verschijnsel in de wereld van de mensen een nieuwe gestal­te geven, namelijk het wetenschappelijk gecontroleerde feit. En dat kun je nu wel schouderophalend afdoen, maar je kunt het niet meer weglachen.

Er ontstaat ongeveer in de dertiger jaren zelfs een soort strijd tus­sen bepaalde kerkgenootschappen, de parapsychologen en natuurlijk de spi­ritisten. Er is een Anglicaans bisschop die uitroept, Engeland dreigt in de greep van de duivel te vallen, want het spiritisme neemt hand over hand toe en zelfs onze ernstige onderzoekers laten zich verblinden door deze werkzaamheden van de duivel.

Hier zien wij weer, er is een aantasting van gezag. Het is de kerk die de aantasting als eerste serieus ervaart en daarom probeert maat­regelen te nemen. Maar hoe kun je maatregelen nemen in een wereld, waarin nog wel geen ontkerkelijking plaatsvindt, maar waarin wel de macht van de kerk al voor een groot gedeelte is overgegaan in handen van politieke groeperingen. Deze politieke groeperingen beschermen juist de niet kerkelijke geloofssoorten. Niet omdat zij ze belangrijk vinden, maar omdat ze hopen hiermee een wig te kunnen drijven in het gesloten front van de kerkelijk sociaal politieke beweging.

Het is interessant te zien hoe ver dat gaat. De verschijnselen worden steeds minder. Zeker, er zijn nog theekransjes waarin men met kruis en bord, planchette etc. werkt. Automatisch schrift verheugt zich nog steeds in een grote populariteit. Maar toch, en misschien is de crisis daar wel mede een beetje schuld aan en ook de verande­ringen in de maatschappij zoals die zich manifesteren in het extre­misme naar links en naar rechts, ziet men de lezingen die men volgt nog altijd graag in een wat kerkelijke stijl, ook in Nederland.

Er is een sterk moralisme in alle spiritualistische en zelfs spi­ritistische uitingen te herkennen. Iemand die niet aan deze behoefte tot moralisme voldoet, wordt beschouwd als een spotgeest of iets der­gelijks. Om te verduidelijken, onze vriend Henri kan in deze tijd weer­klank vinden. Kort voor de oorlog had hij dat zeker niet gevonden. Dan zou hij als een spotgeest of demon beschouwd zijn, omdat zijn bena­dering van de feiten rechtlijnig is en hij zich met de feiten bezig­houdt en niet alleen met de filosofie.

De tweede wereldoorlog veroorzaakt grote spanningen. Een groot aan­tal mensen zijn afgesloten van een onvervormde voorlichting. Ze hebben het gevoel bedrogen te worden en ze zoeken langs vele wegen, ook langs spiritistische en spiritualistische wegen, inlichtingen te verkrijgen.

Het spiritisme en het spiritualisme beginnen op te duiken zelfs in gevangenissen, in concentratiekampen, in de maatschappij, in de gemeen­schap waar mensen in werkelijke nood verkeren, vaak zoekend naar een uit­weg. Er komen antwoorden, die in vele gevallen bevredigend zijn. Er komen krachten los, die op zijn minst genomen verbluffend zijn.

Het is bekend, dat in bepaalde landen, in Polen en Duitsland, maar ook in Indonesië op het schiereiland Malakka en zelfs in India para­normale genezing vaak voorkomt. De geest vervangt als het ware de radiobericht­geving. De geest geeft energie en troost. En dat betekent dat de emotionele inhoud, die voor de mensen in het spiritisme ligt, een andere begint te worden. Het is niet meer alleen maar de openbaring van hoge geestelijke waarden, die vol moralistische prediking de mens betuttelen voor zijn fouten. Het is geworden tot een communicatie waarbij de geest wordt aanvaard als helper, die zich gewoon met stoffelijke feiten mag bezighouden en de waarheid mag zeggen.

Dit kenmerkt dan de ontwikkelingen na de tweede wereldoorlog. Hier krijgt de geest voor het eerst de mogelijkheid om ook meer materiële onderwerpen te beschouwen. Zeker, een ieder overschat op dat terrein wel eens zijn mogelijkheden. Ik herinner mij één van de grootste flops,  die de Orde geproduceerd heeft op een discussieavond; namelijk een discussie over de film als wereldspiegel. De respons was uitermate gering, de inte­resse eveneens. Toch was de inhoud zeer belangrijk, want wat daarin is gezegd over de film als wereldspiegel geldt evengoed voor de televisie en voor de gehele vermaaksector. Maar toen was men er gewoon niet rijp voor.

Verhandelingen over economie die, onder ons gezegd en gezwegen, een uitermate goede inleiding vormen voor de economie en bij de leek een goed begrip daarvoor kunnen wekken, worden als niet interessant terzijde ge­legd. Want de mens verwacht juist van de geest dat de andere wereld aan het woord zal komen. Als er een tour door de sferen wordt gemaakt, zit iedereen vol huivering en interesse te luisteren. Het is zo interessant te weten dat er in Zomerland daar een huis staat en ginds een beeld. Maar als diezelfde geest probeert duidelijk te maken welke ontwikkelin­gen er zich onder de mensen afspelen, dan blijkt de belangstelling veel minder te zijn. En als die geest bovendien nog de brutaliteit heeft be­paalde politieke aspecten te belichten, al worden die dan nog zo goed en duidelijk belicht, dan trekt men zich soms aarzelend terug.

Maar de tijd gaat verder. De tegenstelling tussen het leven van de mens en zijn geestelijke behoefte wordt groter. Men begint langzaam maar zeker te begrijpen dat er een synthese tussen geestelijk leven en stoffe­lijk leven moet worden bereikt en daardoor krijgt de geest de kans om op velerlei manieren van zich te doen horen. Zeker, de vrome prediking blijft nog bestaan. Er zijn nu nog groepen die zich voornamelijk daar mee bezighouden. Maar daarnaast komen steeds meer groepen op de voorgrond die zich bezighouden met voorlichting over het wereldgebeuren. Zij pro­beren een soort volksuniversiteit-opleiding te geven, waarbij zowel geestelijke waarden, abstracte begrippen, filosofische denkwijzen en ont­wikkelingen als mede de meer praktische benaderingen, zelfs de ont­plooiing van de eigen geestelijke gaven voortdurend weer de aandacht vragen. Daardoor heeft het spiritisme en het spiritualisme zich lang­zaam maar zeker voor een deel losgemaakt van de oorsprong.

Het spiritisme is niet meer iets wat nieuwsgierigheid wekt, ook al zal menigeen er nog wat onwennig tegenover staan. Het is geworden tot een uiten van de dingen die belangrijk zijn, het geven van richtlijnen aan de mensheid. Er wordt in toenemende mate zelfs gewerkt met een gelijktijdige verbreiding van bepaalde gegevens over de hele wereld voor zover die maar te bereiken is. Om u een voorbeeld te geven.

Op dezelfde avond dat hier voorlichting werd gegeven omtrent de ontwikkelingen in Rood-China, geschiedde dat op twee plaatsen in de Verenigde Staten, in één plaats in Canada en in Bogota. Tevens in een kring in de nabijheid van Bandoeng. Het gebeurde ook in verschillende Zuid-Amerikaanse landen, zij het dat die geen gebruikelijke spiritistische bijeen­komsten waren (het had daar ook nog iets met voodoo te maken), maar ook daar werden dezelfde gegevens bekend gemaakt. Zelfs in Australië zagen we kans om diezelfde gegevens te verbreiden. Dat wil zeggen, dat over een groot gedeelte van de wereld die gegevens werden verbreid op een ogenblik, dat men op aarde nog geen overzicht had over de ontwikke­lingen. Dit is meermalen gebeurd. Ook in de laatste tijd hebben wij ver­schillende dingen over de gehele wereld bekend gemaakt; soms over po­litieke, soms over wetenschappelijke ontwikkelingen en in enkele gevallen ook over geestelijke mogelijkheden en tendensen.

Dat geschiedt niet alleen door de O.D.V, vergis u daar niet in. Het gebeurt door vele verschillende groepen en in vele verschillende formuleringen. Als u bij ons de redelijke formulering vindt, zo zult u elders misschien de openbaring of de profetie vinden als vorm waarin de mens het gemakkelijkst kan worden aangesproken. Maar de geest ver­vlecht steeds meer haar eigen bestaan met dat van de mens en probeert bewust steeds meer deel te nemen, niet alleen aan de menselijke gebeurte­nissen waarin ze soms wat kan doen, maar vooral ook in het menselijk den­ken, opdat er een gemeenschap van denken tussen geest en mensheid kan ontstaan.

Is dit nog spiritisme? Volgens de oorspronkelijke formulering zeker niet. Maar het betekent wel, dat de wereld van de geest voor steeds meer mensen toegankelijk zal worden. Het houdt in dat steeds meer men­sen zich van bepaalde gaven en capaciteiten bewust worden en dat ze deze gaan gebruiken. Hierdoor zullen ze, bewust of onbewust, mede be­trokken worden in het geheel van het geestelijk bestaan en de stralin­gen en mogelijkheden daarvan veel sterker ondergaan dan tevoren.

Voor sommigen is het heel moeilijk zich daarbij aan te passen. Ze maken perioden door van lusteloos zijn, van overgrote vermoeidheid. Soms wil­len ze niet weten dat ze uittreden. Maar langzamerhand wordt het nor­maler. Ze oriënteren zich daarop en mens en geest kunnen komen tot een bewust contact, een bewuste samenwerking. En terwijl de geest leert uit datgene wat er op aarde gebeurt, kan ze door haar inzicht, haar over­zicht, haar vermogen om bepaalde tijdselementen anders te hanteren vaak ook de mensheid nieuwe inzichten geven of een duidelijker begrip ver­schaffen omtrent gebeurtenissen, ontwikkelingen en zelfs toekomstige gebeurtenissen.

Denk niet dat het spiritisme nieuw is. De naam, ja. Er zijn echter tijden geweest dat de geest werkte door middel van orakels. Er zijn tij­den geweest dat de geest zich openbaarde middels profeten. Er zijn tij­den geweest dat geesten zich materialiseerden en zich manifesteerden en dan engelen werden genoemd of goden of demonen, die dan onder de mensen rondgingen. De huidige tijd toont de geest de mogelijkheid om zich met een groter deel van de mensheid in verbinding te stellen. Het spiritisme is als het ware de polsstok, die wordt gebruikt om een vereniging van geestelijke en menselijke kwaliteiten mogelijk te maken, zo­dat de gehele mensheid over de geestelijke waarden en inzichten kan be­schikken en omgekeerd de geest, voortdurend lerend uit de mensheid, haar eigen denken kan uitbreiden en tot een grotere universaliteit van be­leven kan komen.

Spiritisme is een interessante zaak. Juist in deze tijd gaat het verschijnsel een nieuwe betekenis krijgen. Vroeger was het noodzakelijker­wijze de geest die klopte. Aan een houtworm mocht je niet eens denken, laat staan aan bedrog. Tegenwoordig vraagt men zich eerst af of er een andere oorzaak is, of het houtworm is. Men elimineert als het ware de natuur­lijke dingen, die vroeger tot zelfmisleiding en zelfbedrog hebben geleid. En dat in toenemende mate.

De verschijnselen, die eens alleen aan de geest werden toegeschreven, komen nu steeds meer in handen van mensen. Het aantal mensen dat bekend is als telepaat, het aantal mensen dat andere kwaliteiten ontwikkelt die paranormaal worden genoemd, neemt steeds toe. Het aantal mensen dat in zichzelf een trip weet te maken waardoor ze meer gegevens en meer werkelijkheidswaarden in zichzelf ontdekken en naar de wereld toe kunnen projecteren, neemt steeds toe. Waar eens de geest een soort modus operandi was, is de geest nu geworden tot inspirator voor datgene wat de mens zelf moet zijn. Daarom geloof ik dat het einde van het spiritisme dichtbij is en het spiritualisme langzaan maar zeker toch ook zal uit­sterven. Want een werkelijkheidsvervreemding door een vlucht in geeste­lijke verschijnselen lijkt mij niet aanvaardbaar meer in deze tijd. Bij de komende ontwikkelingen, die wij zeker tot 1980 en waarschijnlijk nog lan­ger kunnen verwachten, moeten wij aannemen dat de werkelijkheid een steeds grotere rol gaat spelen en dat betekent ook de mens met zijn kwalitei­ten en capaciteiten.

De geest wordt onbelangrijker, althans in het verschijnsel. Het is het verschijnsel zelf en de mens, die het kan veroorzaken, dat op de voor­grond komt. Maar dat is niet erg, want de mens, die met deze verschijnse­len werkt, werkt in wezen met een gebied van krachten, van mogelijkheden, van besef zelfs waarin de geest thuis is.

De versmelting van werelden lijkt tot op zekere hoogte bereikbaar. Indien die versmelting van werelden bereikbaar is, dan betekent dat dat veel zelfbedrog, veel wegvluchten in rituelen, in godgegeven wetten, profetieën en openbaringen overbodig worden, omdat men in zichzelf de waarheid kan vinden, omdat men vanuit zichzelf als het ware toetsen kan welke geboden er bestaan. De mens gaat wat dat betreft een interessante tijd tegemoet.

Wij mogen natuurlijk niet verwachten dat dat in korte tijd alle mensen zal omvatten. Maar als u uw eigen land neemt, dan is de belangstelling voor wat nog steeds en vaak verkeerd, spiritisme wordt genoemd, gestegen van ongeveer 1/10.000 tot op dit moment bijna 1%. Dat is een enorme verveelvoudiging. En zoals het in uw land gaat, gaat het in vele andere landen. Het is opvallend dat zelfs in landen als Spanje en Italië, waar waarzeggerij wel belangrijk was maar het contact met de geest niet, tegenwoordig er  een toenemende belangstelling bestaat voor spiritistische of spiritualistische contacten waarbij lering wordt gegeven en niet alleen de toekomst wordt voorspeld of hulp beloofd.

Natuurlijk, er zullen altijd mensen zijn die naar een seance gaan in de hoop een bekende stem te horen. Zo van: “Hallo Mien, hier is Henk. Hoe gaat het? Met mij gaat het goed.” Om een anekdote daaraan toe te voegen, er was een vrouw uit Nederland, die hier haar man had verloren en in de Verenigde Staten was terechtgekomen. Op aandringen van anderen ging zij naar een medium, die dan zou proberen om haar man te laten doorkomen. En werkelijk, na enige tijd klonk het ijl en vaag: “Sara, Sara, here is your Bram. How are you, old girl?” Waarop de vrouw uit haar rol viel en riep, “Alle jezus, Bram, waar heb jij geleerd om Engels te praten”. Een anekdote, die niet nieuw is, maar die misschien illustreert hoe veel mensen het spiritisme zien.

Het gaat er niet om dat wij onze dierbaren kunnen ondersteunen en benaderen, hoewel dat voor velen in de geest nog belangrijk is. Daar behoeven we geen praatjes over te verkopen en er zeker geen tijd aan te verspillen door elkaar voortdurend te zeggen, dat het toch o, zo goed gaat. De geest vindt meer en meer de mogelijkheid om met de mensheid samen te werken en in de mensheid de veranderingen, die mogelijk zijn, waar te maken.

De vergroting van inspiratieve werking is in deze tijd allerwegen merkbaar, ook al wordt dit misschien niet erkend als voortkomend uit de geest. Een steeds groter aantal gegevens, maar ook een groter aantal reële overwegingen van de mens ten aanzien van het verschijnsel wordt overal bevorderd. De mens wordt langzaam maar zeker iemand die zelf durft naden­ken en die niet alleen maar nederig neerknielt aan de voeten van de meester, die als geest door een medium predikt. Een samenwerking van mens en geest.

Het spiritisme vindt hierin zijn voleinding en voltooiing en gaat over naar de volgende fase. De fase waarin de grenzen tussen geestelijke en menselijke wereld steeds meer wegvallen en waarbij de geest althans hoopt met de mensheid tezamen een geestelijke waarde te kunnen opbouwen, die als vanzelf zal worden weerspiegeld in de stoffelijke ontwikkeling.

Het spiritisme hangt samen met de wereld. De geest kan niet los van de wereld worden gezien, want ze is daar opgegroeid. En zoals je als kind kunt emigreren naar een ander land en toch een vage herinnering behoudt aan het land waarin je je eerste levensjaren hebt doorgebracht, zo gaat het ook de geest.

Wat de mens betreft, die komt uit de sferen. Waarom zou hij zich niet vaag iets blijven herinneren van de toestand in die andere wereld? Waarom zouden we niet beginnen elkaar eens te schrijven? Gewoon contact op te nemen en duidelijk te maken dat die grens van tijd, die ons scheidt, eigenlijk onbelangrijk is. Vandaar dit betoog.