Stoffelijk denken

  22 januari 2013

Ik zou graag vanavond met jullie verdergaan waar we vorige maal gestopt zijn. Ik denk dat ieder van jullie wel voldoende tijd heeft gehad om na te denken over hetgeen wat vorige maal naar voor is gekomen. ( les van : 2013-01-08 – Droomwerelden ) En nu zou ik graag vanavond vooral het accent leggen op het tweede deel van de uitspraak, namelijk: ‘een mens die denkt is een bedelaar’.
Dit klinkt misschien, in jullie ogen, redelijk cru want u leeft in een wereld waar men zeer veel belang hecht aan mensen die denken. Zelfs wij, hier in de bijeenkomsten, brengen nogal eens naar voor dat je over het gebrachte zelfstandig moet nadenken want dat het beter is dat je uw eigen fouten maakt dan dat u klakkeloos alles maar aanvaardt. Dit is logisch wanneer je het bekijkt naar de stofmens, alleen de stofmens. Maar wanneer we, zoals wij hier bezig zijn, toch een stapje verder willen gaan en dat we de zaken op een ander niveau dan het aardse en het stoffelijke bekijken, ja, dan is natuurlijk het denken van de stofmens maar een heel klein onderdeel van het veel groter geheel dat uw persoon eigenlijk is. En sta mij dan toe te zeggen dat ik het woord ‘persoon’ zie als zijnde het stoffelijke voertuig en alle andere voertuigen die daar aan gekoppeld zijn, ook het volledig geestelijk gedeelte en daarbij inbegrepen de volledige evolutie die je hebt doorgemaakt. Die evolutie zou je dan, als het ware, als de kern van het geheel kunnen beschouwen en als er mensen zijn die nog wat godsdienstig zijn aangelegd, zou je kunnen zeggen: “kijk, het is de zielenbron” of zoals u het wilt omschrijven. Dus, dan bent u allen waarschijnlijk wel met mij eens om te begrijpen dat ‘denken in de stof’ een heel beperkte bezigheid is. En wanneer men dan, kosmisch gezien, om het zo te zeggen, stelt dat stoffelijk denken van u een bedelaar maakt, dan is dit zeer juist. Want doordat je u omringt met muren door denken in de stof, zie je niet verder welke mogelijkheden er allemaal zijn. Want, wanneer je het niet met uw denken kan omschrijven, dan maak je jezelf wijs, stoffelijk, dat het dus niet bestaat of dat het niet mogelijk is. En dat is één van de eerste grote denkfouten, te denken dat je met uw denken alles moet kunnen overdenken en alles moet kunnen te weten komen en analyseren.
Ik durf zelfs zeggen, vanuit mijn gezichtshoek en dus niet meer belemmerd door de stof, dat in de eeuw dat u nu leeft, het denken en vooral het analytisch gaan denken voor de mens enorme problemen meebrengt. Wanneer hij voor zichzelf wil toegeven dat, hoe meer hij iets uiteen rafelt, hoe minder dat hij weet, dan zou je nog kunnen zeggen: “ja kijk, je zit op een goed spoor”. Maar, je leeft in een maatschappij waar men dit niet zo graag aanvaardt. Alles moet nogal volgens de gangbare regels kunnen verlopen. En daardoor zie je dat vele grote denkers in deze tijd eigenlijk zichzelf een soort, sta mij toe, masker opzetten en zich meer als een nar gaan gedragen om te voldoen aan hetgeen dat eigenlijk, ik zou het misschien met een mooi woord uitdrukken, de haute finance verwacht van deze wetenschappers of deze denkers.
Ik stel dit zo om u ervan te voorzien dat u, zonder voor uzelf schroom te voelen, u kan vrij maken van deze stoffelijke wereld. En weet je wat het mooie aan dit geheel nog is? Dat deze stoffelijke denkwereld, waarin u allen het meeste tijd verdoet, voor het grootste deel ook uw illusie is. Maar wanneer je even dat stoffelijke loslaat in de maatschappij en gaat vertellen: “ja maar, ik wil verder denken, ik wil dus ook mijn aanvoelen in het spel brengen en ik wil kunnen omgaan met mijn geest en zo verder”, dan wordt u al rap opzij gezet en dan stelt men al heel snel: “ach, u bent niet goed snik”. Maar wanneer u ziet hoe praktisch iedereen in deze maatschappij leeft van illusies die niet kloppen en die men toch blijft volhouden omdat men zegt: “dit is onze maatschappij”, dan is nog maar de vraag wie hier eigenlijk verkeerd bezig is met zichzelf. Diegene die alles gelooft wat de maatschappij naar voor schuift, die gelooft dat je bij voorbeeld, om er bij te horen, toch allerlei ziekten moet hebben en allerlei pillen moet kunnen slikken want anders hoor je niet bij deze maatschappij, of dat je voor uw gezondheid van alles moet doen want anders dan heb je dit of heb je dat, of dat je de idee moet hebben van bankrekeningen met veel nulletjes, waarvan u allen de laatste jaren wel hebt ervaren wat die nulletjes waard zijn.
Ach, u mag bedenken wat u wilt in deze maatschappij maar het merendeel is, zeker de laatste 100 jaar, illusie geworden. U kunt zeggen dat de illusiewereld in uw stoffelijke maatschappij enorme proporties is gaan aannemen na de eerste grote wereldoorlog, verder is opgebouwd via een tweede wereldoorlog om uiteindelijk naar een soort permanente oorlog te gaan, die nu bezig is, maar waarin de mens steeds meer opgezadeld wordt met zaken die eigenlijk voor zijn stoffelijk bestaan en vooral voor hetgeen waarom je hier op aarde rondloopt, weinig uitstaans hebben. Daarom dat ik nu graag met jullie nu even verder wil nadenken, maar niet volgens de regels van de kunst maar gewoon volgens het aanvoelen van hoe iets kan zijn. Diegenen die regelmatig mediteren onder u hebben wel al van alle zaken waargenomen. Zij beseffen heel goed dat er verschil is tussen de stof en al wat er rond aanwezig is, om het zo te zeggen.
Maar ik wil even verder met u gaan. En daarom zou ik u willen voorstellen van u allen eens het beeld op te roepen van een mooie, heldere zomeravond. Oh ja, ik weet het, op het ogenblik is dit misschien een beetje ironisch met de weersomstandigheden rondom u maar toch zou ik graag hebben dat je u dat even voorstelt.
Stel u even voor: het is een heel heldere, warme zomeravond. Er zijn geen wolken aan de hemel en u doet gewoon de moeite van u op de aarde of op een ligstoel, maakt niet uit, gewoon neer te leggen, volledig plat te gaan liggen, stel u dat voor, en dan kijkt u gewoon naar de sterrenhemel. Dan ziet u een prachtig lichtspektakel. U ziet enorm ver, u ziet enorm veel, u ziet overal die flonkering van die sterren. En probeer nu u daarin gewoon eens te laten opgaan. Voor de meesten onder u zal het eerste gevoelen een gevoel van nietigheid zijn, van kleinheid ten opzichte van deze ontzettende koepel die je boven u ziet, deze ontzettende sterrennevel waar u naar kijkt. U plaatst zich op dat ogenblik, stoffelijk ten opzichte van dat beeld, op een heel, heel klein puntje in die kosmos. Maar nu gaan we even ons stoffelijk beeld, en dat zelfs voor de meesten onder u ergens in het achterhoofd een soort onzekerheid oproept, want die grootsheid, die kun je stoffelijk niet omvamen, die maakt u, ja, zo wrevelig een beetje; langs de ene kant is het prachtig, is het mooi, maar langs de andere kant besef je: zo’n grootsheid, die kan ik niet stoffelijk vatten, daar kan ik geen weg mee.
Tracht nu gewoon eens los te laten en tracht u nu gewoon voor te stellen, dan ga je zien, dan wordt het heel mooi, dat u vanuit uw situatie u door die sterrennevel verplaatst met een snelheid die gelijk is aan, laat ons zeggen, een miljard maal de snelheid van het licht. Niet wetenschappelijk denken want dan gaat het niet. Ik pak deze snelheid omdat die voor u niet voorstelbaar is. Maar ze is wel doorleefbaar. Je kunt ze voelen. Wanneer u zich voorstelt dat u, waar ook u ginds in die kosmos kunt zijn, dat u zich kunt verplaatsen zonder dat er enige beperking is, dan gaat u plots een ander gevoel krijgen. U gaat anders staan ten overstaan van dat stoffelijke voertuig. En u moet niet denken dat het niet werkt want voor uw geest bestaat geen tijdsbeperking, bestaat geen ruimtebeperking. En dat is nu juist hetgeen wat ik vanuit dit beeld u wil trachten te laten ervaren.
Wanneer u droomt, wanneer u slaapt en u droomt, dan beleeft u zaken in vele gevallen die niet direct duidelijk zijn en in vele gevallen nogal, qua beelden en verhaal, chaotisch overkomen. Maar het kan best zijn dat u op dat ogenblik juist hetzelfde aan het doen bent als hetgeen ik u nu vraag: u gewoon verplaatsen, de geest verplaatst zich. U slaapt, de geest treedt, als het ware, uit zoals de mens dat zo mooi omschrijft.
Maar in wezen is dat niet die stoffelijke omschrijving want de geest verlaat niet uw lichaam, waarom zou hij. Moest hij het lichaam wel degelijk loslaten, ja, dan zou het anders eindigen. Maar dat doet hij niet, de binding blijft. Maar gezien het lichaam geen storing geeft, kan hij zich verplaatsen naar waar hij wil, kan hij waar hij wil, lering geven, lering ontvangen, hulp bieden, noem maar op. Hij moet heus niet op deze aarde blijven. Het kan overal zijn waar de kosmos zich ook maar bevindt. En dat is dan weer het mooie. De mens, in zijn denken, stelt zelfs aan die oneindige kosmos een einde. Want hij kan zich niet voorstellen dat deze eindeloos zou zijn. Voor de geest is dit geen probleem. De geest gaat waar hij voelt dat het nodig is, gaat waar hij voelt dat hij verder kan. En daar zitten juist de sleutels, daar zit juist de meerwaarde.
En wanneer u als mens dit kunt gewoon maar aanvoelen, ik vraag zelfs niet dat u het zou aanvaarden, stoffelijk, want dit is in strijd met alles wat stoffelijk in u zit, maar gewoon aanvoelen, dan kunt u zich vrij maken, wanneer het nodig is, van zeer veel beperkingen. Dan staat u open, rechtstreeks, voor kosmische Krachten, dan kunt u één zijn met wat wij zeggen ‘de Heren der Stralen’, dan kunt u één zijn met de Meesters der Werelden. Dit zijn omschrijvingen, kosmische omschrijvingen, u moet daar niet een figuur aan verbinden want dat is het niet. Het zijn Krachten, Krachten die niet omlijnd zijn, maar ze zijn er.
De Heren der Stralen, zou ik naar jullie toe kunnen zeggen: kijk, dat zijn, hetgeen de mens nogal eens graag aanziet als zijnde de verschillende Lichtstralen. Er is Wit Licht, er is Rood Licht, er is Groen Licht. Maar hier weer beginnen we al te beperken; moeten we niet doen. Aanvaard gewoon dat er geen omkadering is, geen omlijning is maar dat de energieën er zijn. Zo goed dat je kan spreken van de Sferen, de Meesters der Sferen, noem maar op, welke omschrijving je ook wilt geven. Ook deze Sferen zijn van zulke grootorde dat zij voor u niet vatbaar zijn maar zij zijn wel voelbaar. Je kunt, via uw aanvoelen, waarnemen dat je van daaruit kracht ontvangt, je kunt waarnemen dat van daaruit voor u een sturing aanwezig is. En wanneer je dit gewoon, vertrekkende vanuit een ontspannen toestand, tracht in u te laten inwerken, dan krijgt u ten opzichte van uw stoffelijk voertuig een enorme, sta mij toe te zeggen, meerwaarde. Het is niet direct dat u kunt omschrijven: “wanneer ik in contact kom met deze Krachten, dan kan ik wetenschappelijk alles verklaren”. Daar gaat het niet over. Maar waar gaat het wel over? Dat u via deze Krachten voor uzelf uw eigen geestelijke eigenschappen, om het zo uit te drukken, kunt open plooien. Dat u via deze Krachten u veel gevoeliger kunt maken ten opzichte van alles dat rondom u is waardoor u stoffelijk de zaken beter begrijpt, beter doorziet en zelfs spontaan juister gaat kunnen reageren en handelen.
Ik ga u misschien een voorbeeld geven dat voor iedereen het uitproberen waard is. Hebt u er al eens bij stil gestaan waarom geestelijke voorgangers, de grote figuren uit de geschiedenis die u kent, dat deze weinig of nooit ziek zijn? Als u een figuur als Jezus beziet, die in deze contreien het best gekend is, daar vindt u wel een omschrijving dat hij moe is en dat hij zich te ruste legt, maar je vindt niet dat hij ooit ziek is. Wanneer je naar een Boeddha kijkt of een Krishna, noem maar op, hetzelfde. Kijk je nog wat verder terug in de geschiedenis naar andere figuren, belangrijke figuren, die toch elke keer een meerwaarde naar de mensheid hebben gegeven, zul je zelden vinden, buiten de omschrijving van vermoeidheid, dat zij dus een zware ziekte hebben of iets. U hebt daar misschien nooit bij stil gestaan, uw aandacht is daar misschien nooit op getrokken. Maar hoe komt dit? Heel simpel: wanneer u, u in harmonie kunt stellen met de Krachten van de Kosmos, zoals ik ze hier voor u heb trachten voor te stellen, dan staat u open voor deze harmonische, deze Energieën en zij zorgen er dan ook voor dat dat voertuig zijn evenwichten, zijn harmonieën kan behouden. En wees ervan overtuigd, wanneer je met de huidige kennis van zaken, nadat deze Meesters terug naar onze zijde zijn gekomen, hun voertuigen zou controleren, dan zou je daar ook storingen in vinden en fouten en zo verder.    Maar het merkwaardige zal zijn dat deze fouten, deze storingen, er nooit toe hebben geleid dat zij hun taak niet konden volbrengen, in tegendeel. Juist doordat zij zich konden afschermen van de beperking die het stoffelijk voertuig heeft, stonden zij open voor alle Krachten en alle Energieën en het stoffelijk voertuig moest daar, willens nillens, in mede. En doordat deze Krachten veel intenser, veel sterker zijn dan hetgeen een mens zich nog maar kan voorstellen, zijn de correcties binnen dat voertuig zonder problemen steeds kunnen verlopen. En dat is iets, lieve mensen, dat jullie eigenlijk ook zouden voor uzelf kunnen realiseren.
Op het ogenblik dat u uw vaste lijntjes van denken kunt loslaten en u open kan stellen voor deze Krachten, zult u daar resultaat in hebben. Het beste voor jullie is natuurlijk dat je kunt vertrekken vanuit een rusttoestand en dat u zich, langzaam maar zeker, vrij kan maken van hetgeen uw dagdagelijkse beslommering is en u openstellen voor deze Krachten. En dan gaat u opmerken dat, niet alleen hoor op gezondheidsvlak maar ook op andere terreinen, plots zaken wijzigen. Dat je in een sfeer terechtkomt waar de zaken die u moeten vooruit helpen in uw geestelijke ontwikkeling, er plots zijn, bruikbaar zijn. Dat je, zonder dat je op zoek gaat, nieuwe contacten krijgt, zaken voorgeschoteld krijgt die u de mogelijkheid geven van weer verder te evolueren. Je staat als mens op dit ogenblik nog te weinig bij deze zaken stil omdat u allemaal toch zo’n druk stoffelijk bestaan hebt. Maar dat druk stoffelijk bestaan is maar een heel klein deeltje van uw ganse persoon.
En, wat het mooie is aan dit verhaal, hoe meer u zich gaat richten op het grotere geheel, op deze kosmos, om het zo te zeggen, hoe meer nieuwe mogelijkheden er ontstaan en hoe minder en minder u met deze stoffelijke problemen, waar u nu in en rond leeft, te maken krijgt. Het is, als het ware, of die oude wereld verzinkt, langzaam maar zeker, in de oude nevelen en de nieuwe wereld komt, als het ware, zoals de ochtendzon op en maakt het heus voor u beter, geeft u meer mogelijkheden  en zo verder.
Ik weet het, vanuit ons standpunt, geestelijk standpunt, is dit voor de mens, om het zo te zeggen, nogal moeilijk te aanvaarden. Maar, maar, wanneer u het niet probeert, zult u nooit weten of het werkt. En nu heb ik niet gezegd dat u vanaf morgen moet rondgaan als de grote ingewijde, nee, dat is niet mijn bedoeling. Mijn bedoeling is dat u gewoon, over hetgeen ik u hier voorleg vanavond, rustig nadenkt en dat u hetgeen dat ik u hier als voorbeeld, praktisch voorbeeld, heb naar voor geschoven, dat u dit binnen enkele maanden, wanneer het eens een mooie zomeravond is, ook eens in de echte praktijk uittest. Voor diegenen die dat nog nooit gedaan hebben, kan dit een zware schok geven, geen negatieve schok maar een schok die een bevestiging geeft van wat al lang in uw achterhoofd leeft en u zo de mogelijkheid biedt om daarin rustig verder te gaan.
Wanneer ik de mensheid bekijk, dan moet ik zeggen dat de mens altijd goden nodig heeft, zelfs diegene die God ontkent, ontkent de Godheid omdat hij ze niet kan missen. Hij zal er dan wel iets anders voor in de plaats stellen maar ergens tracht de mens altijd naar iets uit te grijpen dat hij niet kan omschrijven, kan verklaren. Maar ook hier weer zet hij zich blok omdat hij – óf hij denkt over God óf hij ontkent God – zich in een positie brengt die hem met zijn stoffelijke mogelijkheden het onmogelijk maakt verder te geraken. Hij beseft niet dat hij doorheen de hele geschiedenis steeds weer andere voorbeelden heeft trachten te zoeken en omschrijven. Daar gaan we ons niet mee bezig houden. Laat die godfiguur waar zij is. Zij is een beperkt menselijk denken. En de mens die dat nodig heeft en er gelukkig mee is, dat mag, sta het hem toe. Maar eens dat je voorbij die barrière kan gaan, dan kom je, zoals we gezegd hebben, dat de mens die droomt, God is. Want je bereikt, als het ware, alle mogelijkheden. Ik zeg niet dat je alle mogelijkheden op dat ogenblik kunt verwerken, dat hangt ervan af hoe ver u in uw bewustzijnsontwikkeling bent, en het hoeft heus niet dat u alles ineens verwerkt. Waarom? U hebt de oneindigheid als tijd. Maar het mooie is dat u, wanneer u zich kunt bevrijden van deze grenzen, steeds weer opnieuw nieuwe ervaringen kan opdoen, steeds weer opnieuw geconfronteerd wordt met de prachtige inhoud die de kosmos heeft. Een inhoud die onbegrensd is, een inhoud die zo is dat er geen hoeken, geen kanten aan zijn, geen begin, geen einde maar waar u alles in vindt wat u als persoonlijkheid kan gebruiken om uw eigen bewustwording, want daar bent u aan bezig, want u hebt op een bepaald moment dat in gang gezet, wel, om die bewustwording te kunnen rond maken.
Ach, en ook hier moet ik, geestelijk, zeggen, kan ik jullie niet zeggen wat dat betekent. Want neem van mij aan, zo ver ben ik ook nog niet gekomen. Ik voel en ik ervaar Krachten die ik, naar jullie toe, zou omschrijven als Licht en wanneer ik er dan mee omga en in opga, dan moet ik vaststellen dat er, steeds weer, meer en groter en verder is, om het zo te omschrijven. En dan kan ik praten, om het zo te zeggen, met broeders, sommige die al veel verder staan, soms krijg je dan de idee van: “dit kan ik niet vatten, dit is nog voor mij niet aan de orde” en soms zeg je ineens: “ja, dat is het nu, daar kan ik voor gaan!” en dan ben je weer een eind verder. Sommige momenten is het effectief ook weer zo dat je ergens iets vast gaat opzoeken, iets wat je zou kunnen omschrijven als ‘stof’ maar daarom hoeft het niet de aarde te zijn. Voor velen onder ons heeft de aarde zijn taak volbracht en gaan wij verder. Want in deze oneindigheid, in deze grootsheid, zijn er zovele mogelijkheden. Je kiest niet in die mogelijkheden, je voelt aan en je gaat ervoor. Zo goed dat jullie geest op een bepaald ogenblik gekozen heeft om nogmaals op deze aarde in een menselijke vorm te leven en daar de nodige geestelijke expertise trachten in op te doen. En wanneer dit dan gebeurd is, kun je weer verder. De stoffelijke mens vindt dit erg want ja, “kijk, die mens is gestorven en die is weer naar de andere kant, ’t is toch erg, hé”. Wij lopen hier nog en zij zijn al weg. En er is niets erg aan. Want in wezen, lieve mensen, er verandert niets. Het is niet omdat je, bij wijze van spreken, morgen uit dat voertuig stapt, dat er aan uw persoonlijkheid iets weg is. Nee, in tegendeel! Je stapt er uit en hetgeen dat je tijdens dat korte ritje in dat lichaam geleerd hebt, is weer een meerwaarde die je in uw persoonlijkheid meeneemt in die ganse evolutie in deze kosmos.
Nu, ik zit hier geen reclame te maken om direct naar onze zijde te komen, denk dat nu niet, maar hetgeen dat ik graag jullie wil doen inzien, is van: tracht in deze tijden, meer en meer, u één te voelen met de Krachten buiten de stof. En de reden waarom dat wij er zoveel aandacht aan geven, is omdat juist nu de kosmische tendensen die deze aarde overspoelen, die deze aarde op het ogenblik stimuleren, prikkelen, u ook de mogelijkheid geeft van daar mede van te genieten. Voor iemand die ervoor open wil staan, zijn er oneindige mogelijkheden. Maar we zien op het ogenblik de ontzettende polarisatie. Enerzijds de mens die op het ogenblik alles aan het verwerven is wat maar enigszins ruikt naar wat niet stoffelijk realistisch is, dus alles wat geestelijk is en zo verder, mag niet of kan niet, is dwaasheid volgens die redenering. En dan krijg je de andere polarisatie dat men dus naar het extreem geestelijke gaat. Ik zou zeggen: beide zaken kloppen niet. Maar het is juist hetgeen dat de middenweg is op het ogenblik, wat je kan aanvoelen, waar je mee kan werken, waar je mee verder kunt.
Diegene die u op het ogenblik gaat overtuigen van: “mijn religie en mijn voorschriften zijn juist”, laat die gewoon in zijn denkwereld. Tracht gewoon zelf aan te voelen: wat is er gaande; welke krachten zijn er hier die met mij in harmonie zijn? En ja, het zal verschillen van mens tot mens. Want je kan de mensheid in verschillende grote geaardheden opdelen. Hier is vroeger al gesproken over de verschillende elementalen, ik omschrijf het nu zo, de omschrijving is niet 100 % juist, maar iemand die van geaardheid aarde in zich draagt, gaat niet met de krachten kunnen werken van diegene die vuur in zich draagt. En ditzelfde geldt voor diegene die lucht in zich draagt of water en voor sommige uitzonderingen heb je de pure ether. Maar dat is niet zoveel aanwezig. Ik wil maar zeggen: ieder van u kan voor zichzelf uitzoeken wat hem of haar het meeste kracht, het meeste harmonie geeft. En het is geen speurtocht die je achter bomen en struiken en muren moet zoeken, nee, het vertrekt vanuit de rust in uzelf.
Daarom, lieve mensen, zou ik er de nadruk graag op leggen van: neem meer en meer tijd om te mediteren, te contempleren. Het is juist vanuit deze houding, van deze rust die je dan kan opbouwen, deze ontspanning, dat de openingen naar u het grootst zijn. Dat u, zonder dat u veel moeite moet doen, de krachten puurt die rondom u zijn. U puurt, als het ware, vanuit de kosmos rondom u, u neemt ze in u op. En u zal zien dat dit zal bijdragen, eerstens naar een evenwichtiger stoffelijk voertuig, tweedes naar een veel duidelijker aanvoelen van wat uw weg is. Uw stoffelijk denken gaat verhelderen. U gaat zaken ontdekken en waarnemen die aan anderen voorbijgaan.
En dat is juist weer het prachtige in dit geheel. Door u zo open te stellen, kan u aan veel tegenslag ontkomen, kunt u veel zaken die eigenlijk niet nodig zijn in dit stoffelijk bestaan, vermijden. Wanneer u vanuit een helder aanvoelen kunt voorzien wat er gaat komen, bent u altijd al vooruit op hetgeen dat in de stof gaat plaatsvinden. Men kan u moeilijker, met alle illusies die op het ogenblik gaande zijn, vangen. Want u doorziet het. U voelt het aan. Oké, u zult misschien op dat ogenblik alleen staan. En het is misschien op dat ogenblik moeilijk om het vol te houden. Maar u kan het van op het ogenblik dat u zich steeds terugtrekt, wanneer u niet in strijd gaat met die illusie beelden van de stof. Want zij nu eens eerlijk: kun je met illusies strijden? Dat gaat niet. Kun je met iets dat niet bestaat, gaan woorden wisselen, gaan ideeën uitleven? Nee, dat gaat niet. Dus stoor er u niet aan. Maar voel aan in uzelf wat voor u juist is en wees consequent met uzelf. Hou u aan hetgeen dat u aanvoelt, aan hetgeen dat uw weg is. En, merkwaardig genoeg, zul je dan zeer snel opmerken dat je juist zit, dat de Krachten er zijn, die u ondersteunen. Dat, bij wijze van spreken, de bewegwijzering voor uw neus staat zodat u de juiste keuze kan maken, de juiste richting kan gaan en met het juiste in harmonie zijn.
Want ondanks het feit dat we zeggen dat in de kosmos alles één is, dat in de kosmos alles in evenwicht is, dat is ook iets waar ik al heel veel mee bezig ben geweest, zit in onze voortgang toch steeds weer het ‘andere’, wat wij op onze weg, om het zo te zeggen, niet kunnen plaatsen, misschien moeilijk kunnen aanvaarden omdat het niet in onze ontwikkeling thuishoort. De yin, de yang, het licht, het duister, hoe je het ook wilt noemen, in wezen bestaat het niet, ik weet, en toch is het iets dat we aanvoelen. Laat ons dan gaan voor hetgeen dat voor ons juist voelt zonder te strijden tegen hetgeen wat ons aanvoelt als onjuist. Laat het gewoon het recht hebben te bestaan zonder dat wij er ons mee bezig moeten houden.
En als je dat klaar krijgt, dan kan ik zeggen, dan zit je op de snelweg van het bewustzijn, dan kun je verder en dan kun je in dit stoffelijk leven realiseren waarom dat je hier geïncarneerd bent. Dan kun je realiseren wat je hier bent komen zoeken. Want de meeste onder u hebben nog veel te weinig aandacht gegeven aan de reden waarom ze hier zijn. En dat kan je op de wijze ontdekken zoals ik u vanavond hier heb voorgelegd. En op het ogenblik dat je aanvoelt: dat is hetgeen waarom ik hier loop, ben je weer een stap verder en moet je al die kronkelingen en die zijsprongen die stof veroorzaakt, niet doorgaan maar kun je recht op jouw doel afgaan.
Je hebt het grote voordeel van in een tijd te leven waar dit allemaal duidelijk sterker aanwezig is. De Krachten zijn er, de invloeden zijn er, lieve mensen, maak er gebruik van en je zult verder komen dan je ooit had durven dromen.
Zo, dit is wat ik u vanavond als tweede les over de kosmos wou meegeven. Zij staat niet vrij van het eerste deel dat u 14 dagen geleden gekregen hebt, het sluit aan elkaar aan. Bestudeer het maar vooral: werk ermee. En dan zal je zien dat de tijd die u op een avond als deze erin hebt gestoken, heel waardevol is en dat je niet voor niets het winterweer hebt getrotseerd om hier samen te zijn.
Lieve mensen, ik ga nu het medium vrijgeven. Ik wens jullie in de pauze veel inzicht en uitwisseling onder elkaar. De vragen die opkomen, kunt u in het tweede gedeelte aan de broeder die dan doorkomt, rustig stellen. Ik blijf wel op de achtergrond aanwezig om eventueel in te grijpen, wat antwoorden aangaat maar ik hoop dat ik bij ieder van u vanavond een kleine vonk heb laten ontstaan, een vonk die de verbinding heeft gelegd met de oneindigheid van de mogelijkheden die de kosmos voor u in petto heeft. Goedenavond.

Deel 2

Vragen

  • In hoeverre kunnen we praktisch werken, elkaar ondersteunen, elkaars mogelijkheden leren ontdekken, dat we elkaar echt kunnen helpen zonder dat we telkens op jullie moeten terugvallen?

Ik denk dat dit heel simpel is. Wanneer je het geleerde gaat toepassen als groep, dan ga je automatisch een wisselwerking krijgen. Je zult best beginnen met jullie eigen ideeën, sommige vooroordelen en zo verder, ter zijde te zetten en te leren gewoon aanvaarden hoe uw medemens is. Zonder dat dit wil zeggen dat u met alles moet akkoord gaan. Dat is het niet. Ieder van u heeft het recht zijn eigen weg te gaan. Maar door het feit dat je binnen een groep elkaar leert aanvaarden zoals je zijt en gezamenlijk werkt aan de harmonie, creëer je ontzettend veel mogelijkheden.
Hetgeen wat wij nogal dikwijls opmerken is dat ieder zo wat zijn eigen idee heeft over de ander. Dat hoeft niet. Laat dat gewoon achterwege. Neem gewoon de ander zoals hij naar u over komt, zonder dat u daar bedenkingen bij maakt.
Een zeer mooi gevolg daaruit is dat daardoor ook de ander, wanneer hij of zij genomen wordt zoals hij is, veel soepeler in het geheel gaat bewegen.
Ik weet dat dit voor de mens soms moeilijk is omdat ieder mens heeft zo zijn eigen idee, meestal ontstaan uit opvoeding en ja, ervaringen in het leven, van hoe een ander zou moeten zijn. En dit gaat van een kleine groep tot een groot geheel van mensen. Maar het is juist doordat je u zo opstelt dat het fout kan gaan. Kijk de wereld rond. De ganse wereld is, laat ons zeggen, zich aan het uitmoorden omdat iedereen vindt dat de ander moet zijn zoals hij of zij vindt. En als het niet zo is, dan gaan we maar even er op slagen of schieten of doen. Zo gaat het niet.
Ieder van u heeft, sta mij toe te zeggen, zijn goede en zijn minder sterke kanten. Ieder van u, zeker in een groepsgebeuren, tracht daar iets te leren. Hier zit niemand zomaar. Degenen die dit mee volgen, zelfs op afstand, trachten daar verder mee te komen. Dus in wezen heb je daar een gemeenschappelijk punt. Dat is hetgeen wat jullie verder kan brengen.
Kijk niet naar de verschillen, kijk naar wat je gemeenschappelijk hebt. Aanvaard de ander zoals hij of zij is. Werk samen en je zal zien, je zult op de meest efficiënte wijze allemaal vooruit kunnen gaan.

  • Als een groepslid bijvoorbeeld een concrete vraag heeft en zelf er niet uit geraakt, is het dan zinvol dat bijvoorbeeld aan de andere groepsleden gevraagd wordt zich mee in te stellen en eventueel via die persoon antwoord te vinden?

Dat kan. Ja dat kan. Maar wanneer een groepslid een vraag stelt naar alle groepsleden, dan heeft ieder groepslid, ik zou zeggen, niet alleen het recht maar ook de plicht van volgens wat hij of zij aanvoelt, te antwoorden. Juist door die verscheidenheid die je dan krijgt zal de vragensteller voor zichzelf daar het meeste resultaat kunnen uithalen.
Oh, het zal misschien niet altijd meevallen, om het zo te zeggen, want het kan wel eens zijn dat er harde noten gekraakt worden. Maar dat is niet erg.
Wanneer u een vraag stelt, moet u ook kunnen aanvaarden dat u een eerlijk antwoord krijgt. En een eerlijk antwoord is dat je antwoordt dat jij aanvoelt dat het is. Niet redeneren van: ‘ja maar, dat ga ik niet zeggen want ik zou op tenen kunnen trappen of dat, nee, dat past eigenlijk niet. Want dan ben je fout bezig. Dat moet je binnen een groep als deze zeker kunnen vermijden. En het is juist wanneer iemand al de moed heeft een vraag te stellen naar ieder van de groep dat er de mogelijkheid inzit van hulp te krijgen.
Ik zou het, dit is mijn mening, verkeerd vinden dat een persoon van de groep zich maar richt tot één of twee anderen van de groep. Want dan geef je het signaal dat de groep voor jou eigenlijk geen waarde heeft. Dat is volgens mijn inzicht een zeer foute instelling want niemand die lid is van de groep, kan het totale plaatje van de groep en zijn inhoud kennen of overzien. Je hebt altijd maar dat deeltje dat bij jou werkzaam is. Maar het ganse geheel, en vergeet niet: als ik spreek van de groep, wil het niet zeggen van de paar mensen die hier nu zitten maar van allen die aan deze groep verbonden zijn in de stof en in de geest, dat is wel iets anders, dat ganse pakket kan dus vele mogelijkheden inhouden. En dat ontken je wanneer je zou zeggen: ‘ik richt mij slechts tot één figuur of tot twee figuren’.

  • Er zijn momenteel geen andere vragen broeder.

Wel, ik heb hier een vraag van op afstand die ik aflees en ik ga daar een antwoord op geven voor degene die deze vraag in zijn hoofd heeft. Het is misschien een beetje onbegrijpelijk voor jullie maar het is een praktisch gegeven.
De gedachte dat ‘kalk’ het probleem is, is niet juist. De werkelijke oorzaak van de problemen zit hem in ‘arsenicum’.
Voilà, voor degene die het geschikt is, zal het begrijpen.

Zo. Dan rest er mij eigenlijk nog maar weinig toe te voegen. Ik veronderstel dat ieder van u toch voldoende nagedacht heeft al over hetgeen wat de vorige zitting en deze zitting is gebracht. Ik zou kunnen zeggen: ik ga hier nog wat aan toevoegen gezien hetgeen wat leeft onder jullie, maar ik wens niet een afleiding te zijn voor hetgeen wat jullie leraar in het eerste deel heeft gebracht. Het enige dat ik er wens aan toe te voegen is dat hetgeen wat u gegeven is nu in mijn ogen zeer waardevolle materie is, zeker in deze tijd. En ik zou ieder van u graag het advies willen geven van: werk er mee. Je zal zien, je gaat er aardig wat met kunnen bereiken. Zo, en daar laat ik het bij.

Meditatie : De vluchtige realiteit

Vrienden, ik zou jullie willen vragen van alles waar je tot hier toe mee bezig bent geweest deze avond, wat u telkens weer opnieuw heeft een beetje laten afdrijven van hetgeen wat gebracht is, van dat los te laten en u te concentreren op de cirkel hier die we nu vormen.
En de vluchtige realiteit van deze cirkel is dat wij stoffelijk denken dat wij hier allen samen zitten en dat wij hier van alle mogelijke invloeden ondergaan. Maar de werkelijkheid is dat wij eigenlijk met deze cirkel opgenomen zijn in een zeer groot kosmisch geheel. Dat wij opgenomen zijn in een sfeer die ik zou omschrijven van hel paars licht, niet een andere kleur, maar paars.
En waarom paars? Wel om de doodeenvoudige reden dat paars de mogelijkheid heeft de vluchtige realiteit te herkennen en deze een juiste plaats in uw evolutie te geven. Want paars is de kracht van de mystiek. Paars is de kracht van, ik zou het zo omschrijven, het goddelijke doorzicht. Paars is de kracht die u kan drijven boven de vluchtige realiteit.
Want het leven, vrienden, is vluchtig. Het leven in de stof is een vluchtige realiteit waarvan u denkt dat toch vele zaken belangrijk zijn. Maar degenen die al wat ouder zijn, beseffen dat hetgeen wat zij 20 jaar geleden zo belangrijk vonden, behoorde tot die vluchtige realiteit en dat dit heden niet meer aan de orde is. En voor degenen die nog wat ouder zijn, kennen zo meer ervaringen, hoe vluchtig de realiteit kan wezen.
U wordt geboren, u bent kind. Oh, het leven is zo belangrijk. U leert alles, u ontdekt de wereld, de stof, de verborgenheden, de mooie en de schoonheden. U vindt het fantastisch. U wordt volwassen en in uzelf lacht u even want de kinderwereld, hoe onschuldig ook, was vluchtig en de realiteit van de kinderwereld, ach, is zo voorbij. Maar nu bent u volwassen en beseft u heel goed wat het leven inhoudt. Oh, vluchtige realiteit. Dertig jaar later beseft u dat u niets wist. Dat u helemaal nergens stond toen u dacht dat u alles wist en dat u de wereld eens ging vertellen hoe het verder moest. En wanneer u dan uiteindelijk 60, 70 jaar geworden zijt, dan beseft u dat alles zo vluchtig was. De ganse wereld, de ganse realiteit van het leven is in een flits (vingerknip) voorbij. En dan vraagt u zich af: heb ik nu wel voor mezelf juist gehandeld? Heb ik al wat ik gedaan heb, waar ik achter gestreefd heb, wat ik volbracht heb, zo gezegd, was dit wel juist? Was dit wel het doel van mijn bestaan?’ En oh, vluchtige realiteit, op het ogenblik dat het antwoord u duidelijk wordt, hebt u het voertuig al achtergelaten en denkt u: hé, was dat het leven? Heb ik me daar zo druk om gemaakt? Ach, zo vluchtig was die realiteit dat ik niet eens beseft heb waarom ik in die stof toch zo veel gedaan heb. Waarom ik in die stof toch zo veel belang heb gehecht aan zaken waarvan ik nu moet zeggen: ach, ze hebben geen belang. Maar het enige belangrijke dat ik wel zie en dat niet tot de vluchtige realiteit behoort, is het lieve woord dat ik tegen die mens heb gezegd en kijk, ja, dat ook is bijgebleven, daar waar ik even een helpende hand heb gereikt. En verder, ach ja, och daar, dat was ik al lang vergeten, dat ik die man een schouderklopje heb geven en gezegd: het komt wel goed. Verdraaid, het zijn die kleine zaken, die kleine details waar ik eigenlijk weinig aandacht heb aan geschonken die het belangrijkste zijn geweest in mijn stoffelijk bestaan. Die mij iets geleerd hebben zonder dat ik het besefte. Want ik was met de realiteit zo hard bezig, ach en zo vluchtig is hij voorbij.
En dat besef van: ik heb toch, ondanks alles hier en daar, betekenis gehad voor de ander, dat maakt dat stoffelijk bestaan waardevol, dat heeft op zijn minst een meerwaarde.
Misschien is het voor een ander weer ietsjes anders. Maar uiteindelijk is het niet hetgeen wat de stof als belangrijk naar voor schuift, als noodzakelijk om iets te zijn op deze aarde, dat waarde heeft. Dat behoort tot die vluchtige realiteit.
Wat waarde heeft, wat blijft, wat een meerwaarde heeft, is hetgeen wat jij betekend hebt voor de ander. Is hetgeen wat jij, zonder er iets tegenover te stellen, hebt kunnen doorgeven aan de ander, hebt kunnen waarmaken voor de ander. En ja, dikwijls is dit maar één enkel woord, een glimlach, een schouderklopje. Maar die zaken zijn dikwijls de harde realiteit geweest die de ander heeft verder geholpen waardoor hij of zij kon ontsnappen aan de vluchtige realiteit die waardeloos is in het totale kosmische bestaan.
,Want wij mogen niet vergeten, wij mensen en geesten, ach, wij zijn maar voorbijgangers op het theater van het gebeuren. Wij vormen een bont gezelschap en het is aan ons de keuze of dat we samen in harmonie met dat bonte gezelschap een verdere ontwikkeling kunnen gaan, die niet vluchtig is maar die opbouwend is, en die ons de mogelijkheid geeft om steeds dichter bij onze oorsprong, de Bron, te komen. Die ons de mogelijkheid geeft de Bron, die wij in onszelf dragen, die de kern is van ons bestaan, beter te ontdekken. De Bron die in alle zuiverheid ons kan laven zodat we door deze lafenis inzicht hebben in het ganse geheel, in het ganse plaatje. Maar eer we zo ver zijn, ach, zullen we waarschijnlijk nog dikwijls zeer vluchtige realiteiten moeten doorleven. Moeten inzien dat zij niet waardevol voor ons zijn. Moeten inzien, dat beseffen, dat alles deel is van het geheel, beseffen dat er geen onderscheid is, dat alles als het ware gelijkwaardig is, ja, dat is de grote stap voorwaarts en dan laten we alle vluchtigheden, hoe realistisch dat ze ook mogen zijn, gewoon achter ons. Dan gaan we voor hetgeen wat werkelijk in de kern van ons wezen leeft.

Zo vrienden, ik hoop dat ik met deze korte meditatie jullie allen heb kunnen beroeren zodat de band die je hebt als groep, in de stof en in de geest, sterker is samengesmeed en dat je deze band steeds weer opnieuw kan gebruiken om verder te komen.
Vrienden, samen staat je zeer sterk, samen kunnen jullie bereiken wat ook maar kosmisch te bereiken is. Het niet beseffen van de eenheid is, u inkapselen en afscheiden van de Bron, vermijd dit. Wees uzelf en wees één met de groep. Wees één in de kracht en de harmonie en u zal zien: de toekomst, om het zo uit te drukken, want die bestaat in wezen niet, want alles is nu, maar sta mij toe dat ik het zo uitdruk, de toekomst lacht u toe en maakt van u niet alleen een gelukkige mens maar een harmonische geest op zijn weg naar bewustwording.
En ik wens jullie allemaal die nog op weg moeten, een veilige huisgang toe. Laat u niet verrassen door de krachten van de natuur maar tracht in harmonie te zijn met deze krachten van de natuur zodat zij u veilig naar huis mogen begeleiden.