Veranderende geestelijke werkingen

2 oktober 1960

Wij hebben voor deze morgen weer een gastspreker voor u, die naar we hopen voor u interessant zal zijn. Het zal u duidelijk zijn, dat de laatste tijd de geestelijke werkingen op deze wereld aan net veranderen zijn. Onder meer houdt dat in dat dus – laat ons zeggen – de geestelijke krachten, die zich reeds speciaal aan net Aquariustijdperk verbonden hadden (dit is uiteindelijk een bepaalde fase van het bestaan) zich gericht hebben tot deze wereld.

Daaronder zijn er verschillende, die wat u noemt erg oud zijn, anderen zijn betrekkelijk kort van deze wereld weg. Nu wil ik u niet precies gaan vertellen, hoe lang het geleden is, dat deze gast hier op deze wereld vertoefde, het lijkt me weinig zin te hebben. Wel moet ik opmerken dat hij in leder geval uit een andere tijd stamt dan de uwe en dat zijn opvattingen, zijn ideeën dus, misschien voor deze tijd met altijd geheel passend zullen zijn. U krijgt onzerzijds een commentaar op hetgeen gezegd zal worden, maar wij meenden zeker een dergelijke spreker te moeten uitnodigen om mede inzicht te geven in datgene wat eventueel gaat komen, inzicht te geven ook in bepaalde problemen van deze tijd. Wij kunnen helaas geen onmiddellijke verbinding maken. Dat wil zeggen dat we een tussenschakel hebben moeten zoeken. We hopen dat die houden zal en ik ga nu het woord dus eerst overgeven aan deze gast via tussenschakels, daarna krijgt u commentaar en eventuele aanvulling. Ik kom waarschijnlijk dadelijk nog even terug, ik heb de afschermingsdienst, dus ik zie u nog wel.

o-o-o-o-o

Wanneer ik spreek over de kracht en de meester, die het beheer van deze wereld hebben overgenomen, zo is het voor mij noodzakelijk allereerst enkele primaire begrippen uiteen te zetten. Wanneer de scheppingsdaad vanuit de goddelijke monade geschiedt, zo kunnen wij elke ziel vergelijken met een straal van licht. De openbaring brengt ons dan in een situatie die enigszins weerspiegeld wordt in de ode aan Aton, waar immers wordt gezegd: “Ver zijt gij van ons verwijderd en onbereikbaar en toch wandelen uwe stralen op de wereld.”

Zo is het dus met de grote monade, die monistische krach ten uitzendt, die elk voor zich bepaalde cycli van het Al doorlopen. Deze cycli zijn niet gebonden aan één planeet, maar aan vele planeten en spreiden zich uit over het gehele door u gekende en zelfs over delen ongekend Al. Elke monade, zoals ik dus ook verder deze stralen zal noemen waar zij het evenbeeld zijn van hun bron, brengt vervolgens gemiddeld 7 cycli door in gesteente of datgene wat gesteente zal worden, daarna 7 cycli in het plantaardig leven, waarbij begonnen wordt met lagere vormen zoals bv. mos. Vervolgens worden meestal 9 cycli afgelegd in het dierlijk bestaan, waarna de monade zich nu afzondert en nog verbonden blijvend met de lichtende kracht die hem voortbrengt, een afgescheiden bestaan begint. Hier is een tweede toevoeging buiten deze kracht vanuit het goddelijke geschied, hetgeen wij noemen groot of eigen bewustzijn. Het klein bewustzijn in verband met de natuurkrachten bestaat reeds in de eerste cyclus binnen het gesteente.

De monaden nu worden gedeeld in een viertal groepen. Uw moderne wetenschap kent deze groepen als bloedgroepen, te weten: A, AB, B en O. Deze groepen zijn onderling niet geheel aangepast. Zij kunnen worden beschouwd als 4 afzonderlijke soorten. Soorten die elk voor zich een bepaalde mogelijkheid en een bepaalde taak hebben. Elk van deze 4 soorten zal op aarde geboren dienen te worden onder een eigen heerser, door u aangeduid als teken van de dierenriem, die volledig in overeenstemming is met het eigen wezen. Wanneer dit niet geschiedt, ontstaan wat wij noemen onvolmaakte vormen. Geschiedt iets dergelijks bij voortduring, dan spreken wij over de degeneratie van een ras of een soort.

Met deze inleiding wilde ik u duidelijk maken dat, om het huidige peil van menselijk bestaan te bereiken, een lange weg noodzakelijk was en dat de kracht, het bewustzijn dat zich openbaart binnen elke mens als geest, dus zeker reeds voor de menselijke periode een behoorlijke vorming had ondergaan en uit deze vorming bepaalde vooropgezette doeleinden moest nastreven. Nu moeten wij ook een ogenblik de mens in zijn huidige vorm bezien. Het product van de geest zou ik willen noemen mens of ziel. Deze ziel die inhoudt o.m. de drie mentale trappen die bij de Indiërs o.a. als Boeddihin Agyar worden uitgebeeld, is de hoofdvorm. Zij openbaart zich verder in een sfeer die wij astraal zouden kunnen noemen en daarnaast ook in de stof. In het geheel bevat elk lichaam tenminste negen fasen. Deze negen fasen of voertuigen die tenminste in elk menselijk lichaam aanwezig moeten zijn, zijn echter niet in een volledige samen hang. De geest zelve, geleid door de ziel en het bewustzijn dat in die ziel als vaste uitdrukking van het goddelijke reeds werd vastgelegd, zoekt op aarde zeer bepaalde openbaringen, zeer bepaalde bewustwording. Slechts indien zij deze bereikt, zal zij ze behouden.

Dies geldt voor elke mens: al datgene wat aan lager weten, aan lager beleven werd bereikt, gaat teloor met de overgang die men dood noemt. Slechts datgene wat voor de geest en haar ontwikkeling belangrijk was, datgene wat in de ziel werd vastgelegd, blijft. Ook wordt in het menselijk leven een onderscheid mogelijk tussen belangrijk en onbelangrijk. Het is echter niet mogelijk in het menselijk leven een scheiding te maken tussen het geestelijke en het stoffelijke.

Ik weet dat sommigen op aarde juist in het afgelopen tijdperk van Vissen hebben gezegd, dat de voortplanting van het geestelijke plaats kan vinden langs de weg van het woord en de  gedachte. Dit is onjuist. De enige uiting van voortbrenging op aarde die voor het mensdom als geheel belangrijk is, wordt uitgedrukt in de paring. Al datgene wat in gedachte en woord wordt geuit, keert onmiddellijk tot de mens terug. Het stoffelijk geuite daarentegen laat zijn kentekenen in de wereld achter. In de paring laat het tevens de mogelijkheid een voertuig te bouwen waarin een nieuwe monade haar voltooiing tegemoet kan zien. Er moet dan ook een groot onderscheid worden gemaakt tussen bepaalde fasen van menselijk denken en menselijk leven. Paren op zichzelf is onbelangrijk. Slechts daar waar zij bedoelt om vrucht voort te brengen en daarvoor bewust wordt gebruikt, zal zij geestelijk gewicht verkrijgen en zal zij een indruk achterlaten die blijvend is ook voor de ziel.

Eenvoudig gezegd: Al datgene wat stoffelijk wordt volbracht met direct geestelijke binding is eeuwig en gaat nooit teloor. Het laat stoffelijke resultaten na, die veelal een vorming voor andere monaden mogelijk maakt. Al datgene wat van zuiver stoffelijke geaardheid is en in verband staat met lusten en onlusten, in verband staat met stoffelijke uitingen en genietingen, is onbelangrijk en gaat met de dood teloor. Weliswaar kan enige tijd, bv. in de astrale periode van bestaan, de ziel beelden daarvan meedragen en deze alsnog in strijd met het Al waarin zij leeft en haar eigen wezen trachten te handhaven, in feite zullen zij teloor gaan. Hetzelfde geldt voor alle onlust en lijden, ook dat lijden wat men niet zelf gezocht heeft. Lijden krijgt alleen zijn betekenis indien het de stoffelijke uitdrukking kan worden van een geestelijk streven of een zielstoestand. In een dergelijk geval wordt wederom een eeuwige waarde geboren, die direct in de straal des lichts, de monade, tot uitdrukking wordt gebracht. Als zodanig is het eeuwig en heeft een voortdurende invloed op alle leven, niet alleen op deze planeet, maar in alle werelden die bestaan.

Op grond hiervan wordt natuurlijk in deze nieuwe tijd getracht een zuiverder aanpassing te vinden aan het kosmische beginsel. Enerzijds zal dit voor de mensheid een ontstellende werking hebben, welke in de richting gaat van een anarchistisch streven. Anderzijds echter brengt het met zich mee het scheppen van de zuiver menselijke banden, iets wat de laatste tijd in vele delen van de wereld teloor ging. Het principe van de nieuwe tijd is als volgt: Een zo groot mogelijk deel van eigen leven en belangstelling moet worden gebruikt om uitdrukking te geven aan innerlijke geestelijke gesteldheid. Hoe sterker de uit drukking van het ik, hoe groter ook eventueel de kennis die van dit ik verkregen wordt, hoe eeuwiger het wezen.

Vele nevenverschijnselen op aarde, die op het ogenblik van groot belang heten, zoals sociale status, legitieme verhoudingen op het gebied van sekse, zaken, godsdienst, blijken echter niet belangrijk te zijn. Ze geven geen uitdrukking aan het wezenlijke. Als zodanig zijn zij vergankelijk en hebben zij geen voldoende invloed. Voor de mens betekent dit allereerst, dat hij een grotere vrijheid zal moeten gewinnen, in de tweede plaats, dat hij zal moeten leren deze vrijheid te gebruiken.

Daaromtrent worden onder ons, die tot deze tijd behoren, bepaalde denkbeelden ontwikkeld, welke zijn aangepast aan de thans heersende toestanden op aarde. In de eerste plaats: wij zullen trachten de heersende conventies zoveel mogelijk te breken, de tijd is hiervoor thans rijp. Het breken van conventionele verhoudingen en het brengen van de mens tot een zoeken van het voor hem juiste, zal ongetwijfeld bijdragen tot zijn behoefte zichzelf beter te erkennen. In vele gevallen zal de houding, die hier in de eerste tijd uit voortspruit, een voortzetting zijn van de existentialistische wereldbeschouwingen.

De gedachtegangen van de jeugd, ofschoon nog niet veel beseffend wat zij volbrengen zal, zijn aangepast aan dit alles. Eerst wanneer de conventionele samenhang der maatschappij enigszins gebroken is zal het mogelijk zijn het tweede principe tot uiting te brengen. Daarbij spreken wij ook, gezien van de monade, van twee polen. wij spreken n.l. over de mannelijke of scheppende pool, de vrouwelijke of vormgevende pool. In de praktijk zal ernaar moeten worden gestreefd dat de scheppende pool en de vormgevende pool ook in stoffelijke uiting.  tijdelijke eenzijdigheid van de monade in de juiste samenhang komen en samen uitdrukking geven aan de juiste kosmische relaties en verhoudingen. Voor deze wereld zal daarbij vooral het septiemakkoord, een uitdrukking dus van onderlinge verhouding en waarde, een zeer belangrijke rol moeten spelen.

Is eenmaal de mogelijkheid geschapen op deze wijze meer perfecte voertuigen voort te brengen, waarbij de voortbrenging niet gebonden is aan hartstocht, maar eenvoudig gebonden is aan zedelijk horig zijn ten opzichte van elkander, dan zal blijken dat een hogere reeks van entiteiten waarvan wij de incarnatie in de komende tweehonderd jaar tegemoet zien, op deze wereld zal kunnen leven en zich zal kunnen uiten, daardoor een verdere openbaring van kosmische waarheid ook binnen het stoffelijk bestel mogelijk maken. Uit de vergankelijkheid van hetgeen thans bestaat moet in de komende periode een eeuwig, midden in de lichtende straal vastgelegd principe worden gevormd. Deze vorming zal moeten worden overgebracht naar het totaal kosmische, waarbij een nieuwe realisatie van de goddelijke mogelijkheid en uiteindelijke erkenning van de grootmonade waaruit alles is voortgekomen, een normale conclusie vormt. Zou in deze periode geen sprake zijn van een dergelijk bereiken, zo kan met het komen van het onder Steenbok staande tijdperk gerekend worden met een materiële periode die volledige correcties aanbrengt ten opzichte van alles wat op deze wereld leeft. Dit laatste echter kan worden voorkomen, de tijd is rijkelijk gemeten.

De inhoud van het door mij gezegde verdraagt moeilijk ontleding in menselijke zin. Het moet als geheel en in samenhang worden beschouwd, wil het voor u zijn zin behouden. Ik zal mij niet verzetten tegen een commentariëren, hetzij door de geestelijke leiders van uw eigen groep, hetzij door uzelf, maar ik wijs er op dat slechts in volledige samenhang een juist begrip kan worden verkregen.

o-o-o-o-o

Zo vrienden, dat hebben we er dan nog netjes afgebracht en nu zult u begrijpen, dat het voor ons belangrijk is om hierop een commentaar te geven. Want deze stellingen zijn op zichzelf, naar ik meen, in menselijke handen hier en daar gevaarlijk. Zoals u bekend is, is het streven van de doorsnee-mens die geestelijk bewust is, gericht op zelfkennis. Deze zelfkennis houdt dus in – en dit werd door onze spreker sterk uitgedrukt – een ervaren van eenheid met vele verschillende trappen van leven, vandaar dat hij aanhaalde de cycli die men doorbrengt in gesteente, in de plant en daarna in het dier. Deze factoren maken wel degelijk deel uit van het menselijk bestaan en zij zullen altijd op de menselijke vorm hun stempel blijven drukken.

Er is zelfs onmiddellijk verband aan te wijzen tussen de mens en de verschillende gesteenten bv. Hij neemt deze n.l., zij het in minerale vorm, in zich op, hij heeft voor keuren voor bepaalde elementen. Hij zal in zijn eigen wezen afgestemd zijn op één van de grote elementen, die we dan kennen als aarde, vuur, water, lucht en eventueel voor de hoogste typen – maar dat komt zelden voor – ether, dat is het vijfde type. Dit werd door onze vriend in bloedgroepen uitgedrukt, en dit is natuurlijk op het ogenblik nog niet helemaal juist. Een zo directe associatie tussen de bloedgroep en het geestelijk peil is m.i. onmogelijk. Ik kan echter toch begrijpen waarop hij doelt. Zoals u gemerkt heeft is één van zijn zorgen het scheppen van de juiste voertuigen voor de komende tijd, en de ervaring heeft geleerd, dat wanneer twee bloedgroepen die niet op elkaar passen, dus niet juist op elkaar reageren, en die verder als we technisch moeten worden ook nog een sterk verschillende resusfactor hebben, bij paring over het algemeen kinderen voortbrengen waarin strijdige genetische factoren zijn. De voertuigen, de lichamen, die zo ontstaan dus, zijn onevenwichtig en kunnen nooit voor een volledig evenwichtige geest als lichaam, als voertuig dienen,

Ik kan zeer goed begrijpen dat hij dit zo uitdrukt. Zijn idee is, dat deze wereld moet groeien naar een juiste eenheid van stof en geest en daarbij legt hij nadruk op het scheppend principe en komt zo tot zijn verklaring omtrent de paring. Nu voel ik ook hier wel wat er bedoeld wordt, maar ik meen toch ook, dat dat geïnterpreteerd moet worden. Kijk eens, de paring op zichzelf kan dus een uitdrukking zijn van een zuiver menselijk dierlijke kwaliteit, als zodanig stoffelijk, en hij kan ook de uitdrukking worden van zuiver geestelijke kwaliteiten. Denken we aan die geestelijke kwaliteiten, dan krijgen we te maken met de z.g. maagdelijke geboorten, waarbij dus sprake is van een volkomen hartstochtloos ontvangen.

Hij zou dit dus eigenlijk over de gehele wereld uitgedrukt willen zien. Nu is vreemd genoeg -juist die geestelijke harmonie tussen echtelieden, dat moet je voor de paring tegenwoordig: toch nog wel altijd zijn, vind ik – bevorderlijk voor het ontstaan van zeer bijzondere kinderen. Het is bv. heel opvallend, dat een vader en moeder die geen van beiden geniaal zijn, wel geniale kinderen kunnen voortbrengen. Gaan we echter zien, hoe die vader en die moeder dan precies ten opzichte van elkaar staan, dan valt ons op, dat de hartstocht een tweede rol speelt en dat er in de eerste plaats wel sprake is van wat je zoudt noemen: een geestelijke genegenheid. Deze kan een leven lang bestaan of voor een ogenblik: meestal zijn het maar enkele ogenblikken waarop de mens deze absolute eenheid bereikt en daardoor zijn er eigenlijk minder genieën op de wereld dan we wel zouden kunnen gebruiken.

Onze vriend is wel heel erg praktisch. Hij zegt dus eigenlijk: Ja hoor eens, wanneer je de paring dus gebruikt voor voortplanting, dan is alleen die toestand aanvaardbaar. Vanuit zijn standpunt logisch, maar vanuit het menselijk standpunt lang niet altijd bereikbaar en hij stelt daarnaast terecht: nou ja, dat hoort dan tot het laag dierlijke: dat gaat toch met de dood teloor, dus maak je daar geen zorgen over, dat is dan eigenlijk zo’n beetje het dierlijke plezier wat je nog wel kunt hebben, maar wat eigenlijk niet meetelt. Sprekend vanuit een  bepaalde geestelijke sfeer, vanuit één stoffelijke periode waarin die dingen anders werden gezien, heeft hij wel gelijk. Maar voor een modern mens is dat zonder meer niet te aanvaarden en daarom moeten we het anders gaan stellen. We moeten gaan stellen dat de nadruk, die op het seksuele wordt gelegd, veranderen moet in een nadruk die gelegd wordt op geestelijke contacten en geestelijke eenheid. Daardoor n.l. zal inderdaad een perfect nageslacht geboren kunnen worden, maar zullen ook de mensen onderling gelukkiger zijn.

Wederzijds begrip is, zoals u allen weet, een zeer belangrijke factor in elk huwelijk. Zij is een belangrijke factor in elke verhouding tussen broeders en zusters, tussen ouderen en jongeren, chefs en ondergeschikten. Dat hij hierop de nadruk legt is volkomen juist en dat hij verder stelt dat de nadruk hierop in de komende tijd o.m. kan leiden tot anarchie, is ook begrijpelijk, want de jongelui gaan op zoek naar het hen passende, het perfecte, en ja, hoe gaat dat? Je hebt wel eens een vrouw gezien – dat zijn meestal nu niet de slankste – die in een banketbakkerszaak bezig is om een grote bestelling te doen en dan proeft ze van elke soort koekjes tot ze dat koekje gevonden heeft, dat voor haar en haar gasten het meest juiste lijkt. Jongelui zijn geneigd op ander terrein ongeveer hetzelfde te doen. Begerenswaardig is dit m.i. niet, wel een logisch gevolg van de tijdsomstandigheden.

Dan kom ik nog tot een ander punt, n.l. die stelling: de dood vaagt zoveel weg. Kijk eens, hier kunnen wij uit eigen ervaring spreken en van nabijer periode dan onze spreker van zojuist. Alles wat je op aarde hebt doorgemaakt, blijft wel in recall, het kan dus herinnerd worden, maar eerder als een deel van een schouwspel, zoals u naar een film, een circusvoorstelling, een olympiade, een Spartakiade of iets dergelijks gaat. Je kunt het leven zien, maar je hebt er geen deel meer aan. Voor jezelf is dat gebeuren praktisch waardeloos geworden, nadat je de voor jou belangrijke delen hebt opgenomen in je eigen en dus geestelijk wezen. Er liggen echter enige perioden tussen die absolute opname van alle factoren in de geest en uit het stoffelijk bestaan, en in die perioden kan het verduveld onaangenaam zijn als je allerhande verkeerde ervaringen hebt gemaakt: want je probeert altijd eerst om je hele stoffelijke leven a.h.w. te transplanteren op een geestelijk vlak en niet altijd geef je met veel genoegen sommige dingen prijs. Nu ja, ik bedoel de meeste mensen, die aan de overkant komen, beginnen onmiddellijk niet meer te denken aan verkeersreglementen, aan  belastingaanslagen en dergelijke dingen. Die zijn zo onaangenaam, die vergeet je vanzelf, maar er zijn andere dingen waar aan ze zich vast blijven klampen. We hebben onder ons broeders, die toch behoorlijk rijp zijn en die toch nog de behoefte hebben zo nu en dan in een meer stoffelijke vorm zich in een lagere sfeer te manifesteren om daar wat te zingen, te spelen of zelfs een glaasje te drinken en een sigaar op te steken, wetende dat dit illusie is, wetende, dat dat helemaal niet meer samenhangt met hun eigen bestaan en het in feite geen genotsfactor is, maar zij doen dit dus om voor zichzelf a.h.w,. nog een ogenblik die oude toestanden terug te vinden. Het is deze gehechtheid, die voor velen zo’n lange ontwikkelingsgang door de vormkennende sferen mogelijk maakt. En waar we weten, dat de doorsnee mens in Zomerland nogal een tijdje vertoeft, geloof ik dat die scheiding niet zo direct mag worden getrokken als deze spreker deed, want al heeft het op uw uiteindelijk wezen in feite geen invloed, zo zal het op uw ervaringen, op uw eigen geluk of ongeluk in de eerste periode na de overgang wel degelijk een stempel drukken. En dan weet ik niet hoe u er over denkt, maar van mijn standpunt uit is dat gelukkig zijn toch ook wel belangrijk. Ten laatste heeft onze vriend dan geprobeerd u iets duidelijk te maken omtrent zijn tijd. Zijn tijd, de tijd waarin hij misschien ook zelf weer zal incarneren, wie weet. En hij heeft dat zo gezegd: Het is voor ons belangrijk dat er steeds meer evenwichtige, dus vanuit geestelijk standpunt volmaakte voertuigen worden geschapen, want dan kunnen er meer van deze periode op aarde incarneren.

En daar ligt nog een knoop. U ziet dat misschien als arme geesten die nu al een hele tijd staan te trappelen om op aarde te komen: maar geloof me, die wachten niet totdat er een bepaalde tijd is of tot er een juiste vorm van voertuig gevonden is. Integendeel, die nemen wat ze krijgen kunnen zo. Het zijn juist de meer bewuste geesten, die dus voor zich voelen nog een bepaalde stoffelijke taak niet te kunnen volvoeren – vaak zonder directe noodzaak. Ze kunnen dus geestelijk ook voort blijven bestaan – die in zo’n periode willen incarneren. En wanneer ik u nu vertel dat er op het ogenblik op die wereld duizenden meesters zijn, d.w.z. dus geesten, die niet gedwongen maar vrijwillig op aarde incarneren, dan zult u begrijpen dat wij dat al heel erg belangrijk vinden.

Onze vriend zegt: “Neen, want deze meesters zijn zoiets als Johannes de Doper in verhouding tot Jezus. Zij bereiden voor, zij zorgen dat deze overgang niet met een geestelijke vernietiging gepaard gaat. Maar pas wanneer degenen die precies uit de tijd en de meester van de tijd bewust zijn, op aarde geboren worden en daar in een dienende functie eigenlijk leiding gaan geven, kan de mensheid worden opgetrokken tot het zuivere niveau van Aquarius. Ik neem aan dat hij daar spreekt over dingen waar hij meer van weet dan ik en geef hem ook in dit opzicht gaarne gelijk. Ik wil alleen maar stellen: voor iemand die buiten de tijd staat, doen een paar honderd jaar meer of minder er weinig toe, dat komt er niet op aan. Voor u, die erg in de tijd leeft echter, telt elk jaar mee en wat dat betreft elk uur. Daarom zou ik u willen raden: zie dit als een beschouwing, niet als een reeks van praktische raadgevingen of voorspellingen. Het is een aanduiding van de kracht die op het ogenblik rond die wereld is, daarom vinden wij het in onze orde belangrijk, dat u er kennis van neemt. We vinden het heel belangrijk dat u beseft hoe geestelijk, vanuit een bepaalde groep dus, behorend onder de nieuwe meester, hierover wordt gedacht. We menen echter daarnaast de nadruk te moeten leggen op het feit dat uzelf met ineens kunt veranderen, dat u niet een paar honderd jaar geestelijke of stoffelijke ontwikkeling met één pas kunt overschrijden. Er zijn in verhouding weinig mensen rijp op aarde voor laat ons zeggen het juist stoffelijk uitdrukken van het geestelijk leven.

Het past eigenlijk niet erg op een morgen als deze, maar ik wil er toch eventjes op duiden omdat het woord paring nu eenmaal een paar keer gebruikt is. Het seksuele heeft n.l. nog vele andere functies dan alleen maar plezier of voortbrenging. Het wordt o.m. gebruikt voor het egaliseren van bepaalde krachten in het lichaam, maar ook in de lage geestelijke voertuigen. Het kan dus gebruikt worden om krachten te richten, krachten op te wekken etc.. Probeert u het a.u.b. niet, want u moet precies weten wat u doet: u moet daar zelf geestelijk rijp voor zijn: vóór die tijd komt u niet verder daarmee. Dat kan ook niet op elk moment gebeuren, dat moet allemaal precies gaan volgens schema, dus het heeft weinig zin voor u, u daarmee bezig te houden. Maar dit is natuurlijk een factor die in de toekomst een rol moet gaan spelen.

We gaan een absolute scheiding krijgen a.h.w. tussen de geestelijke kwaliteiten die men vindt in schijnbaar totaal stoffelijke functies als paring, voortplanting, ja zelfs het nemen van voedsel, stofwisseling e.d.. Die kunnen dus allemaal een secundaire functie hebben voor de lagere geestelijke voertuigen. Het zal u duidelijk zijn dat de mensheid daar naar toe moet groeien. Onze opinie is: Begint u eerst eens zo goed mogelijk te zijn wat u nu bent. Alleen wanneer u werkelijk geestelijk rijp bent geworden voor een nieuwe fase en dit geheel innerlijk aanvaard hebt, dan kunt u misschien een paar passen verser gaan: maar dat kunnen wij met bepalen en u kunt het alleen bepalen wanneer u ofwel een zeer sterke geestelijke leiding hebt, dan wel een zeer zuiver inzicht in uw eigen persoonlijkheid, dus zelfkennis. In deze dagen is het belangrijk dat u zelfkennis verkrijgt. Hoe meer u te weten komt omtrent uw eigen wezen, omtrent uw relatie tot de wereld, hoe meer u leert uitdrukking te geven aan hetgeen in u leeft op een stoffelijk en geestelijk gelijktijdig zo juist mogelijke wijze, hoe meer u in de richting gaat van die Aquariusperiode.

Maar vergeet niet: degenen die hier aanwezig zijn, zijn eindproducten van de Vissen, niet van Aquarius. U bent in de aflopende regering van een andere meester geboren. Een volledig u onderwerpen aan al hetgeen Aquarius betekent in zijn volheid, is voor u onmogelijk. Wel kunt u door de invloeden van deze tijd positief te gebruiken uw eigen wezen zo juist mogelijk ontwikkelen en daardoor geestelijk passen in de Aquariustijd, terwijl u stoffelijk toch nog aan Pisces gebonden blijft.

Dan hoop ik dat we daarmee uw idee van een bijeenkomst niet overhoop hebben gegooid, maar deze dingen zijn, naar ik meen, interessant genoeg om door u gehoord te worden en eens overwogen te worden. Ik heb verder niet veel commentaar meer, ik zou alleen dit willen opmerken: Een bekende spreuk is: de geest is willig, maar het vlees is zwak, Nu zou je dat soms om kunnen draaien in de moderne tijd. Het vlees is n.l. willig genoeg voor het goede, maar de geest blijkt te zwak te zijn. En dan bedoel ik met geest hier het besef van eigen wezen, dus de kenbare uiting van mentaal gebied in het stoffelijke. Daardoor komt u voor veel strijdigheden te staan.

Het is met een kwestie van toegeven aan nu eens dit en dan eens het ander: neen, het is een kwestie van een harmonie scheppen tussen beide factoren: en wel zo volledig mogelijk. Want wij leven, vrienden, ondanks alles wat er dan zo meer technisch kan worden gezegd, vanuit de kosmische liefde. Niet vanuit een of andere koude en nuchtere berekening van Heer en heerschappij en een meester. Wij kunnen niet nuchter zijn, noch als geest, noch als stofmens. Het belangrijke ligt voor ons n.l. in een innerlijk gevoel van eenheid, dat ver uitgaat boven alle redelijkheid. Voor ons speelt het gevoel, het innerlijk aanvoelen bovenal, een zeer grote rol. Ook voor de mens is de gevoelswereld een zeer belangrijke, die vaak verre zijn eigen begrip omtrent eigen wezen en geestelijke vermogens te boven gaat.

En dat hoort dan niet bij de rede van onze vriend, maar ik wil er de nadruk op leggen. Wij zijn geboren uit een kosmische liefde. In deze kosmische liefde kunnen we nooit redelijk onze weg vinden, maar wij kunnen ze in de gevoelswereld ervaren en naar ik meen, al werd het niet genoemd, brengt de komende periode de mystiek ook sterk op de voorgrond. Deze mystiek, vrienden, beveel ik in uw aandacht aan. U zult ons vergeven dat we geen verdere sprekers beschikbaar kunnen stellen, maar de methode van overbrenging van de boodschap die u zojuist hoorde, maakt het voor ons moeilijk om nog meer personeel uit te trekken. We hebben n.l. nog wel eens wat meer te doen.

o-o-o-o-o

Er is hier in het laatst van het betoog van onze uitlegger een woord gevallen, waar ik me in vast bijt als een foxterriër in een houtje. Mystiek. Wat is eigenlijk die mystiek? We kunnen er ons met een definitie afmaken natuurlijk.

Mystiek is een innerlijke toestand, die buiten het redelijke omgaande in het ik krachten wekt, waarvan men de werkingen niet geheel beseft. Maar daar zijn we er niet mee. Een definitie is aardig, maar niet voldoende. We moeten begrijpen, wat eigenlijk in die mystieke toestanden, in dit mystiek beleven, zich afspeelt. In de praktijk blijkt tijdens een mystiek beleven een zeer sterke eenheid te worden bereikt met geestelijke krachten, in enkele gevallen zelfs goddelijke krachten, die normaal ver buiten eigen bereik liggen.

Mystiek is dus het uitschakelen van grenzen en komen tot een met omschrijfbaar innerlijk beleven waarbij eigen onvolmaakte waarden tijdelijk gesubstitueerd worden door hogere meer volmaakte waarden, die in feite tot een andere trap van zijn en vaak zelfs een ander wezen behoren. Dan is die mystiek eigenlijk niets anders als een procedure, waarin wij door beleving komen tot een geestelijk huwelijk ver boven onze stand. (We mogen dan ook blij zijn dat de hogere geesten het nooit een mesalliance vinden) Dit huwelijk, dus dit uitwerken geestelijke krachten in de mens, in de lagere geest, heel opvallende wijzigingen. Er loopt op het ogenblik pas een nieuw zangspel, aan de hand van een zeer oud toneelspel? weer aan de hand van een zeer oude novelle “Mij fair lady” en daarin kunt u iets zien, dat eigenlijk mij doet denken aan deze mystieke verandering. Want wat gebeurt er? Het bloemenmeisje wordt door haar spraakprofessor, mijnheer Kitchens, zo veranderd dat zij een dame wordt, dus haar stand klaarblijkelijk innerlijk aanmerkelijk verhoogt. Zij bereikt dit alleen door haar genegenheid, door haar liefde. In die liefde en genegenheid die zij heeft voor deze man, haar verering, komt zij n.l. tot het aanvaarden van nieuwe maatstaven, die ze voor zichzelf nooit zou hebben aangelegd. In genegenheid legt ze die aan, daardoor verheft zij zich boven zichzelf en blijft zichzelf, want zijn maatstaven hanterend, behoudt ze haar eigen wezen. Dit is dan o.m., als ik me niet vergis, haar grote charme in enkele van de voornaamste show-scenes, die ik niet precies ken. Ik meen eigenlijk, dat het o.m. is bij de races in Ascot en zo ergens op een receptie, bij een diplomatiek bal of zoiets. Wanneer wij nu onszelf dus voor een ogenblik – ook de heren als het niet teveel moeite kost – in de plaats stellen van een geestelijke Daisy Doolittle, dan kunt u misschien begrijpen dat wij soms, wanneer wij ons best doen, wanneer wij dus geestelijk zoeken naar de juiste weg, benaderd worden uit een wereld die we niet kunnen bevatten. Het bloemenmeisje kan zich de wereld van de professor helemaal niet voorstellen. Zo gaat het ons. Wij krijgen echter – de parallel in het verhaal is soms haast ontstellend – een nieuw gewaad: d.w.z. in de plaats van rede en redelijk betogen komt een soort emotie, een emotie die ons ver verheft boven wat we zijn, uiterlijk, en ons daardoor innerlijk dwingt tot een aanpassing aan de hogere kracht die ons benadert. Zo gaan wij op in het hogere. Nu zou ik daarover hele zangen kunnen zingen, maar ja, ik ben wat dat betreft niet zo zangerig aangelegd. Ik ben bang, als ik daarmee begin, dat het geen geestelijke Caruso is, maar eerder een geestige straatzanger.

Daarom wil ik niet gaan spreken over de schoonheid die in het beleven ligt, maar alleen nog eens even definiëren wat de mystieke beleving: voor ons inhoudt. We verwerven zo nieuwe maatstaven, nieuwe kennis, en  aangelegd op ons oude wezen, zijn deze uit het gevoel voortkomende waarderingen een middel om jezelf beter te kennen, zo jezelf beter te beheersen en uiteindelijk te passen in twee werelden, met echter een grote voorkeur voor de hogere wereld, waarin je een thuis hebt gevonden,

Deze dagen van Aquarius, waar zoveel over wordt gepraat – ik bedoel er wordt tegenwoordig in de Orde zoveel over de Aquariusperiode gezegd, dat het haast een vereniging van Aquariushouders schijnt te zijn – zijn echter mystiek belangrijk. Het zit in de lucht zo gezegd. Vóór u het weet, wordt u gepakt door iets, geboeid door iets, iets heel gewoons misschien, en u beleeft wat u niet kunt omschrijven. Probeer dan niet dat te definiëren. Per slot van rekening, wij kunnen de hogere kracht niet ontleden, maar we kunnen wel die hogere kracht ondergaan en de maatstaven die zij in ons tot uiting brengt (ook al heten ze gevoelens) gebruiken om onze eigen meer onvolkomen gevoelens te vervangen. We kunnen ze gebruiken om een zekere breidel aan te leggen aan onze rede en zo innerlijk levend in hogere kracht, uit die hogere kracht met slechts zelfkennis te baren, maar ook grotere betekenis voor de wereld en grotere harmonie met het gebeuren, dat de wereld beheerst.

Het spijt mij, dat ik door mijn voorliefde voor woordspelingen deze redevoering niet zo ernstig heb kunnen houden als bv. het pastoortje het zou hebben gedaan. Maar de bedoeling zal wel duidelijk geworden zijn. Mag ik u herinneren aan het feit, vrienden, dat voor ons allemaal, geest en stof, in de komende, ik zou haast zeggen drie, vier jaren, naast de tremulaties van de stof, geestelijk en mystiek vooral de mogelijkheid bestaat krachten in te drinken, een onomschrijfbaar weten te verkrijgen en zo de harmonische aanpassing aan de grondtonen van het Al te verwerven?

Dit is belangrijker dan u kunt beseffen. Misschien dat u vandaag gaat hemelen of morgen, misschien dat u nog 25 jaar voor de boeg hebt. Stoffelijk is dat belangrijk, geestelijk niet, maar als u één moment van mystieke eenheid bereikt met het hogere, al is het nog zo kort, dan heeft u daarmee iets gesteld, één daad a.h.w., die – zo mogelijk ook nog in de stof uitgedrukt – u geestelijk snel doet opgaan, groter geluk geeft, groter inzicht en daarnaast u in staat stelt tot grote verplichtingen ten opzichte van Godheid,, maar ik spreek over God, niet over monade, het spijt me wel, dus God – zowel als de schepping beter te volbrengen. Mag ik dus op dit mystiek ervaren, dit je verliezen in een onbekende gevoelswereld met een innerlijk verheven voelen, de nadruk leggen en de aandacht vestigen? Het is één van de wegen die u in deze dagen ter beschikking staat om verder te komen.

0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0

“De schenker”

Ja, ja de schenker, Aquarius hé? Het is gek, je komt er af in deze tijd. Maar laten we dan Aquarius goed beseffen voor wat hij is: een schenker zonder voorkeur.

In de hemel knielt een lichtende gestalte. Hij draagt een kruik, waaruit hij stort een kracht van licht, die heel de aarde kan doordrenken. De schenker wil de aarde lichte krachten schenken: en in de kleuren, samenvloeiend tot een kleurloos licht, speelt een harmonie, een melodie, goddelijk een zijn, op hoogst besef gericht. Hij zegt niet: Mensen komt u laven, hij schenkt en vraagt niet of men zijn gaven ook aanvaardt. Hij ziet het leven, ziet de aarde, ziet de grenzen bijna overschreden en acht de aarde het het schenken waard.

Maar wie, wie zal op aarde, als de lichte stralen dalen, uitgaan om te vangen het licht in de gouden bokalen van gedachten? Wie zal deze lichtende krachten indrinken opdat stoffelijke en geestelijke plicht wordt verlicht tot een nieuwe vreugd, een nieuw weten, een jeugd en een vergeten van dat wat onbelangrijk is?

De schenker schenkt. Hij neemt een kruik en schenkt de krachten vóór en rond de aarde klinkt reeds het akkoord van stil en eeuwig waar gedenken van één, die kent een eigen plaats in het Al . Eén die kent een eigen plicht, één, die kent de zegen van het zelf vervullen en zo door geesteskracht gelicht misschien kan stijgen: en bij het vergeten van het laatste stoffelijk denken helpen kan de schenker om de aarde meer licht, meer kracht te schenken.

Tjonge jonge, voor mij ernstig hé? Maar het is waar en nu moet u mij niet kwalijk nemen als ik de bijeenkomst besluit met drie woorden van mezelf. Nou ja, drie, u weet: als ik drie zeg, dan is dat een understatement. Dat is n.l. dit:

Kracht wordt je als een drank geschonken.

Daarom de bekers wel gevat

en vrolijk ook tezaam gedronken.

Drink je aan die krachten zat.

per slot van rekening in het leven

wordt je stoffelijk zijn van geesteskracht voor ’t zelfde doel gegeven.

Zorg dat je is het leven in de stof volbracht tot jezelf kunt zeggen: Nimmer bracht ik anderen kwaad. Ik wist mijzelf te verheffen boven vreugd en pijn van stof. Ik wist mijzelf reeds te geven, te aanvaarden, niet geheel begrepen, beter hoger leven.

Met die aanvaarding hebt u de rest niet nodig. Als u probeert die aanvaarding te krijgen, dan heeft u steeds minder van wat anders nodig. Al dat andere is moeilijk te krijgen. Geestelijk licht is op het ogenblik a.h.w. in overvloed te koop. Geestelijke kracht ligt er rond u. U behoeft haar maar in te drinken. Ik zou zeggen: Proost, maar bedrink u niet te erg, want uw roes zou door anderen voor waanzin kunnen worden aangezien in deze dagen.

Wees stille drinkers van de kosmische kracht en u zult eens zien hoe prima alles dan voor elkaar komt, voor u en voor anderen.