Verbondenheid

8 mei 1978

We hebben vanavond een bijzondere gast. Ik kan er verder niet veel over zeggen, u moet het zelf maar beoordelen.

Het thema van deze avond is in wezen de verbondenheid. Daar kun je ontzettend veel over zeggen en ontzettend weinig. Ik zal proberen het op mijn manier te doen.

Over het algemeen ga je uit van het standpunt, dat bepaalde mensen met elkaar verbonden zijn. Bepaalde zaken hebben een harmonie. Planeten horen bij een ster en daar laat je het bij. De werkelijkheid is een klein beetje anders omdat we met onze beperkte verbondenheid altijd in de tijd kijken, d.w.z. dat we te maken hebben met één beperkte wereld. We hebben te maken met beperkt besefte relaties en met verschijnselen die eigenlijk bijna accidenteel zijn. Die eigenlijk een soort ongeval in de ruimte betekenen. Wanneer je dat allemaal samenvoegt zal er, driedimensionaal gedacht, eigenlijk niet zo erg veel verbondenheid zijn. Het blijft een beetje bij een leus en een droom.

De werkelijkheid is deze: Er is een kosmisch totaal. In dat kosmische totaal zijn een groot aantal delen die een mate van zelfstandigheid hebben. Elk van die delen heeft een eigen inhoud, maar elk van die delen is voor zijn bestaan direct afhankelijk van alle andere delen. Wanneer je probeert dit verder te ontleden blijkt echter dat die verbondenheid, die kosmisch tijdloos bestaat, eigenlijk overal weerkaatst wordt.

Een mens zal vorige levens hebben gehad. Voor die tijd zal hij bestaan hebben in een andere toestand. Wanneer hij mens geweest is zal hij verder gaan en misschien een grote kracht worden in een sfeer. Hij zal misschien een bezielende kracht worden voor planeten, sterren of voor andere soortgelijke werelden. Wanneer je dat zo bekijkt zeg je: die mens maakt een ontwikkeling door. Maar is dat waar?

Wanneer je kijkt naar het eerste begin dan zie je dat bepaalde relaties bestaan. Er zijn verbindingen waaraan je geen einde kan maken. Zonder die verbindingen is ergens het bestaan als beleefd totaal onmogelijk. Je bent dus van anderen – en dat zijn mensen, geesten, maar net zo goed misschien werelden – afhankelijk om te beseffen wat je bent. En het omgekeerde is evenzeer het geval. Nu stel ik dit heel eenvoudig omdat u denkt; nou ja, één of twee mensen. Maar dat kan weleens een getal worden van duizenden, honderdduizenden of miljoenen zelfs. Wanneer je het door de tijd bekijkt is alles eigenlijk met elkaar verbonden. Dit heeft eigenaardige consequenties.

Wanneer ik in een bepaald leven een bepaalde ervaring heb opgedaan ‑ en dat is bij mij het geval geweest ‑ dan zal ik op grond van die ervaring verder gaan. Dat is duidelijk. Maar die ervaring werd bepaald door een aantal kontakten uit het geheel waarmee ik verbonden ben. In een volgend leven zullen misschien andere kontakten op de voorgrond komen:

Het lijkt dan of het leven anders is, maar alle verbindingen die verder bestaan blijven op mij invloed hebben, terwijl alles wat ik ben en beleef gelijktijdig weer een invloed heeft op het beleven, de mogelijkheid tot beseffen van al die anderen. Dan kun je dus nooit iemand schaden zonder groot gevaar te lopen dat je jezelf schaadt. Je kunt nooit iemand afwijzen zonder in wezen ook een deel van jezelf en van je eigen beleven af te wijzen.

Je, zult uit de aard der zaak wanneer je in de stof bent compromissen moeten zoeken. Dat is onvermijdelijk. Maar wanneer je in de geest bent zal je ook je voorkeuren hebben en die voorkeuren zullen ongetwijfeld een rol spelen bij de geschiedenis die je in die sfeer doormaakt. De inwijding die je vindt. De contactmogelijkheden die verder voor je openbloeien. Als je het zo bekijkt op aarde dan zeg je: Goed, maar waarom dan deze keer met deze entiteiten en personen in contact en de volgende keer met die anderen? En dan blijkt dat er een evenwicht is.

Wij zullen nooit alles tegelijk kunnen ervaren zolang we in een beperkte wereld leven. In een geestelijke wereld kun je meer tegelijk ervaren dan in een stoffelijke. In een hoog geestelijke wereld zijn die kontakten nog weer uitgebreider, maar de banden, de relaties die er bestaan zijn altijd mee aanwezig.

Wanneer ik zie hoe beperkt ik ben op aarde, krijg ik de indruk – als je als mens wilt redeneren ‑ maar wat heeft die rest dan voor betekenis of voor zin. Het is geen tegenwicht. En dan blijkt dat we te maken hebben met een mozaïeksysteem waarbij we de ene keer een aantal factoren blauw, de volgende keer een aantal factoren rood doorlopen en van vorm verschillende waarden groeperen. Het optimum beeld waarin dit alles samenvalt kan wel veranderen van structuur, maar het blijft in zijn bestanddelen altijd hetzelfde.

Wanneer ik nu probeer om die verbondenheden verder uit te drukken dan kom ik tot de conclusie ‑ en dat is wel een klein deel ook mijn eigen ervaring met daarnaast wat ik hier en daar heb opgevangen – dat al die verbindingen voor ons worden uitgebeeld als een beleving.

Wanneer ik behoor tot een bepaalde situatie en dus met een bepaald aantal verbindingen in direct contact ben, zullen alle anderen tezamen voor mij een soort inwijdingspoort vormen. Ze zijn een soort licht, waarin ik mijzelf vollediger kan vinden, maar gelijktijdig een kracht waaruit ik vollediger kan putten.

De situatie is dus zo, dat eigenlijk een deel van mijn wezen beseft wordt en een ander deel daarnaast in verschijning treedt als een soort bovenmenselijk of desnoods goddelijke waarde.

Nu kun je natuurlijk proberen om dat allemaal in leerstelligheden uit te drukken, maar dan kom je toch weer tot termen als: de noodzaak van medemenselijkheid, van naastenliefde. De noodzaak om te beantwoorden aan hetgeen je innerlijk weet te zijn en dat soort dingen, en dat heeft u al vaak genoeg gehoord. Ik geloof dat het veel belangrijker is, dat je gaat beseffen dat alle verbindingen die je hebt, ook nog weer een eigen kwaliteit hebben.

Het is niet alleen zo dat je zelf verbonden bent met die ander en die ander met jou. Die anderen hebben ook weer hun eigen verbindingen waardoor je ze zou kunnen schiften. Je zou kunnen zeggen: er zijn kleuren. Zoals wij dat heel vaak doen in de termen van aurakleuren b.v. Dan kan je zeggen: die daar is purper, die is blauw en daar zie ik goud en daar rood. En daar loopt bruin tussendoor en daar zie ik zelfs zwart. Dat hoort er allemaal bij en ik kan niet mijzelf zijn, wanneer er ook maar één kleur uit het gamma ontbreekt.

Al die verbindingen waarmee ik in contact kom, met hun eigen kleur, met hun eigen waarden, helpen mij om mijzelf in reliëf te zien. Om a.h.w. diepte te brengen in mijn bestaan. Niet alleen meer een ondergaan, een gedreven worden of desnoods een krampachtig willen, maar werkelijk ook bewuster ergens op aansturen. Het houdt ook in dat, wat wij conflicten noemen, eigenlijk kosmisch gezien niet eens bestaat. Een conflict bestaat alleen op een beperkt niveau omdat daar slechts een eenzijdig deel van de totale verbindingen tot uiting komt. En dat impliceert ook weer, dat een conflict in wezen te maken heeft met bewustwording, met besef en dat het niet, zoals veel mensen denken, een kwestie is van de eeuwige strijd tussen goed en kwaad.

Wat mij persoonlijk erg boeit in al die dingen is wel dat alles wat verbonden is, op elkaar inwerkt op het ogenblik dat die inwerking wederkerig belangrijk is. Het is dus niet zo van: hier zit je en je krijgt zo’n paar miljoen invloeden op je dak. Nee, het is veel eerder: hier ben ik en nu word ik beïnvloed door datgene wat op dit ogenblik bij mij past. Dat houdt tevens in dat de situatie waarin je verkeert, de mensen waarmee je omgaat, het wereldgebeuren waarbij je betrokken bent, het weer en al die andere dingen die schijnbaar onsamenhangend zijn, toch ergens precies afgepast zijn op datgene wat je nu kunt beseffen. Eenieder die uitgaat van de invloeden van het heden en deze probeert te zien in verband met zijn eigen persoonlijkheid, bereikt daardoor een optimale bewustwording in de huidige fase van leven.

Wanneer je dit probeert vast te leggen, kom je al heel gauw terecht bij allerlei symbolen. Dan krijg je de geheimtaal of de magische taal, waarin je probeert kosmische relaties vast te zetten. Waarom dacht u dat de Pythagoreeën het pentagram als hun kenteken gebruikten? Wel, dat deden ze doodgewoon omdat in dit lijnenstelsel het geheel van de menselijke betrokkenheden wordt uitgedrukt. Zo is het pentagram, als het op de juiste manier staat, het beeld van de mens. Het beeld van alle invloeden die in zijn bestaan een rol spelen plus een omgrenzing van de kern op de juist wijze, n.l. in het vijfvlak, dat de bewustwordingsmogelijkheid van de mens aanduidt.

Zo gebruikt men die symbolen en magische tekens. En dan valt één ding op. Wanneer je gebruik maakt van zo’n symbool en er is ook maar één lijn niet zuiver dan is het geheel verwrongen. Dan heeft het geen betekenis meer. Je zou het misschien zo moeten uitdrukken: Je kunt nooit meer zijn dan je werkelijk moet zijn. Je kunt nooit meer eisen, verwerven of verkrijgen dan feitelijk je deel is, indien je de harmonie van de relaties en daarmee de mogelijkheid tot grotere bewustwording wilt behouden. Dat is heel erg gek.

Wanneer je probeert het verder uit te bouwen dan ontdek je dat een mens ook bepaalde symbolen heeft. Een tesserac kun je ervoor gebruiken, waarbij dus de andere werelden een rol spelen. (Een tesserac is een vierdimensionale uitslag van een kubus. U moet zich voorstellen dat u een kubus hebt, waarvan het middenstuk leeg is en elk stukje naar buiten toe opnieuw een kubus is geworden. Dat is maar een heel beperkte voorstelling, maar ik wilde dit beeld gebruiken omdat het zo goed aangeeft, wat het menselijk leven eigenlijk is in zijn beperkte dimensionale mogelijkheid). Het leven zelf wat je hebt is eigenlijk leeg. Wat daar gebeurt is voor negen‑tiende projectie. Er zijn wel werkelijke grenzen maar die worden meer bepaald door andere werelden dan door je eigen wereld, Wanneer je daaromheen gaat kijken zie je dat elk vlak dat je wereld begrenst, in zichzelf een complete wereld is. Er zijn werelden die het wereldgebeuren weerspiegelen, maar nu op een andere wijze. Op een toegankelijke wijze.

Er zijn werelden die de hoge werelden, de bewustzijnswerelden; de lichtwerelden vertegenwoordigen. Er zijn er ook die de onderwereld weergeven zoals wij dat beschouwen, dus de combinaties van duisternis en troebelheid. Maar wanneer één van die dingen wegvalt is er geen wereld meer. Elke begrenzende wereld is noodzakelijk omdat zonder dit onze ervaringswereld niet kan bestaan.

Nu moet u één ding goed begrijpen. Wanneer ik het heb over al die werelden die de leegte begrenzen die uw eigen wereld is, moet u ook begrijpen, dat elk van die werelden een vaste inhoud, een vaste betekenis heeft. Wanneer ik naar zo’n hoog geestelijke wereld ga dan kom ik langs allerlei lichten en krachten. Daar kan alles alleen maar worden uitgedrukt in een soort verstrengeling van regenbogen. Ga ik naar een andere wereld dan heb ik te maken met b.v. een kosmos. Daarin kan bij wijze van spreken een ruimtevaarder zitten en een eindje verder zit Moshe Dayan en een eindje verder Brezhnev of noem maar op, alleen nu in een heel andere positie en relatie. Op dat punt zijn ze voor mij benaderbaar. Overzienbaar. Ik kan zelfs ingrijpen. Dat geldt dus niet voor zo’n paar van die personen die ik als voorbeeld neem, maar voor die hele wereld.

Wanneer ik, laten we zeggen, geestelijk zou willen spionneren terwijl ik op aarde ben of zou willen weten waar atoombommen zijn dan kan ik er naartoe gaan. Wil ik gaan kijken of het ijs goed is in Almahata dan ga ik naar Almahata. Maar het is daar niet meer iets dat in een vaste wereldrelatie ligt. Nee, het is hier iets dat in een directe relatie bestaat tot de kracht, die ik zelf ben en wanneer ik mijn eigen factor verander, dan verander ik ook iets in Almahata, in de atoombommen, Moshe Dayan of wie dan ook.

Dan vraag je jezelf af: is dat echt? Nee, dat is niet echt. In je eigen wereld klopt het namelijk niet helemaal. Wat je namelijk doet is niet de werkelijke verandering tot stand brengen, die je in die ene wereld misschien wel kunt bereiken, maar je verandert de samenhang. Je schept een invloed waardoor het bestaande op aarde niet zonder meer en in dezelfde vorm gehandhaafd kan worden. De relatie is veranderd en omdat de verbondenheden niet meer kloppen zal de vorm in de projectiewereld, waarin je nu leeft, veranderen. Zo simpel is het.

Er zijn ook werelden waar je speciaal de persoonlijke relaties erg op de voorgrond stelt. Wij noemen dat dan vaak een geestelijke wereld. Het is in ieder geval een wereld, waarin vooral denkbeelden een grote rol spelen en dat wil zeggen dat alles, wat denkt en met jou in verband staat, voor jou veel belangrijker is dan al het andere.

Maar dat gaat tot aan het einde en tot aan het begin der tijden. Het is niet tijdsbepaald. Het is wel in aantal bepaald, want je eigen vermogen om te praten is beperkt. Ik weet niet of u zelf weleens een verjaardag hebt meegemaakt met zo’n 25 man, allemaal kletsend. Probeer er maar eens bovenuit te komen. Probeer maar eens een ander te verstaan dan degene die naast je zit. Een soortgelijke situatie hebt u daar. Al die verbondenheden zijn in die wereld gerepresenteerd, maar ze zijn allemaal gelijktijdig actief. Dat wil zeggen dat alleen die verbondenheden waar je direct en volledig je totale belangstelling op hebt gericht voor jou benaderbaar zijn. En dat zijn dan heel vaak de persoonlijkheden of de vormen, die wij de dierbare overgeganen noemen.

Is er dan geen echte sfeer? Natuurlijk zijn er echte sferen. Voor ons. Want voor ons is de projectiewereld de wereld die ik u zonet omschreven heb van die verbondenheden. Alleen, voor ons is ze weer een leegte geworden. Ze is op zichzelf tesserac geworden en dat wil zeggen, dat wij weer een aantal werelden om ons heen hebben, die wij kunnen betreden. De uwe is er één van, maar we zijn daarin niet gebonden aan de wetten van die wereld, maar alleen aan de banden die voor ons herkenbaar zijn. Onze eigen wereld is weer concreet voor ons. Maar daarom zullen wij in onze wereld niet de mogelijkheid hebben die u bezit om precies van de één naar de ander te gaan, alleen door concentratie en daarbij het andere uit te schakelen. Wij kunnen wel met elkaar spreken, maar dan als mensen, die elkaar ontmoeten in een menigte en bewust het geluid van de menigte uitsluiten om elkaar te kunnen verstaan. Iets wat u dus alleen kunt doen wanneer het gaat om een persoonlijk contact daar. Maar wat voor ons noodzakelijk is voor leven en beleving, zelfs voor ons wereldbeeld.

Gaat het nog steeds? Als je zo met die verbondenheden bezig bent dan zit je eigenlijk te denken aan alle consequenties die eraan vastzitten. Wanneer u met een mens in contact komt, ten goede of ten kwade, zelfs al is het maar iemand die u op precies het verkeerde en pijnlijke ogenblik op de eksterogen trapt, dan moet er een relatie bestaan buiten ruimte en tijd tussen u en die ander. Hij is een invloed. Die persoon kan deze keer misschien alleen maar een flitsend voorbijgaand contact zijn, de volgende keer kan hij een dominant contact zijn. Die band bestaat, ook wanneer de betekenis voor je eigen besef ervan wisselt.

Alle mensen waarmee u te maken hebt, alle invloeden die u ondergaat keren altijd weer terug in uw bestaan, alleen hun belangrijkheid en de uiting die zij hebben kan zich voortdurend wijzigen. Maar dan is ook duidelijk, dat wanneer wij het nebben over incarnatiecycli e.d. het niet alleen gaat om de herhaling van één of twee mensen die elkaar voortdurend ontmoeten. Nee, dat is een kwestie van hele groepen. Een kwestie zelfs die verder gaat dan uw stoffelijke wereld.

Wanneer de één in de geest is en de ander in de stof en ze hebben elkaar beïnvloed dan zullen ze, wanneer die geest in de stof is en de ander in de geest, of allebei in de stof of allebei in de geest, elkaar toch weer beïnvloeden. De verbondenheid kan niet teniet worden gedaan.

Waar het mij om gaat is de hele situatie van belangrijkheden. Je kunt nooit boven een ander staan. Je kunt wel op een bepaald punt in een bepaald deel van de kosmos of de tijd boven een ander staan maar je kunt het nooit volledig, want als je nu boven staat dan komt er altijd weer een punt dat je beneden staat. Wanneer je nu sterk bent komt er een ogenblik dat je weer zwak moet zijn. Niet omdat dat voor jou zelf alleen belangrijk is, maar omdat die voortdurende wisseling van verhoudingen de enige manier is, waardoor de kosmische verbondenheid voortdurend kan worden geuit binnen de beperking van een enkele wereld en een enkel persoonlijk beleven.

Zo kunnen we nog wel een eindje verder gaan wat betreft al die incarnaties. Wie bent u geweest? Adam, Eva, de slang? Kiest u maar uit. Er zijn natuurlijk meer mogelijkheden, maar laten we het daar nou maar even bij laten. Wanneer je zo’n functie hebt gehad en je bent vandaag het kwade geweest voor een ander ‑ wat niet wil zeggen dat je voor jezelf kwaad behoeft te zijn ‑ dan zal morgen misschien iemand anders die rol weer tegenover jou vervullen. Wat wij nodig hebben in het totaal van onze bewustwording is niets meer of niets minder dan een voortdurend veranderend evenwicht, dat echter zichzelve voortdurend herstelt tot een kosmische waarde.

Zo is dat. En nu moeten we nog proberen één stap verder te gaan en dan hebben we het helemaal. Op het ogenblik dat ik probeer ‑ en dat doen de meeste mensen wel en de meeste geesten ook, onder ons gezegd en gezwegen ‑ eisen te stellen aan de wereld rond mij, stel ik in wezen eisen aan mijzelve. Wanneer ik de eisen, die ik mijzelve stel, op die manier niet kan verwezenlijken of verwerkelijken zal op grond van de verbondenheden die er bestaan, voor mij het bereiken onmogelijk worden van datgene wat ik nastreef.

Het is zelfs zo, dat je als mens er vaak zelf niets aan kunt doen of je slaagt of mislukt en wanneer je zelf schuld bent aan een mislukking, aangenomen dat dit zo is, dan zal die mislukking in zichzelve een verschuiving betekenen in relatie. Niet alleen in verband met één project b.v. of enkele mensen. Nee, met de gehele wereld. En die wereld omvat ook alle sferen die erbij betrokken zijn. Alle geestelijke krachten. Alle astrale vormen. Noem maar op wat u hebben wilt. Alles wat behoort bij uw bestaan en er kosmisch mee verbonden is verandert dan zijn relatie met u.

Daarom kun je nooit zeggen: ik heb bereikt. Want als je een punt bereikt, veranderen de verhoudingen en begint het besef opnieuw. Je kunt hoogstens zeggen: ik heb begrepen. Het begrip stelt namelijk de mogelijkheid om het eigen evenwicht in alle verbondenheden te handhaven op grond van eigen kosmisch erkennen. En vanaf dat ogenblik zal die kosmos t.a.v. jou eveneens harmonisch gaan functioneren. Op het ogenblik dat die harmonie op welk punt dan ook verstoord wordt, al is het maar dat je te goed bent tegen het kwade of kwaad bent tegen het goede, weg is de hele zaak. Je zit in wezen in een andere relatie met de kosmos en je zult daarvoor weer een begrip moeten opbouwen totdat je in staat bent dit te omvatten. En dit proces herhaalt zich. Maar een begrip dat je eenmaal hebt opgedaan zal je in de kern van je wezen behouden.

Ik zou niet eens durven zeggen in de geest. Ik zou eigenlijk moeten zeggen: een ziel is een leeg vlak waarbij alleen de grens vaststaat. Elke keer dat wij iets begrijpen vullen wij een lijn in tot op den duur die ziel een volledige weerkaatsing is geworden van al onze verbondenheden. Op het ogenblik dat dit helemaal het geval is kunnen we wel in de tijd bestaan, maar dan is het ons kosmisch be­seffen, dat het geheel reguleert en leven we in alle werelden tegelijk en in alle tijden, als u het zo wilt, en zijn alle banden en verbindingen voor ons gelijktijdig acceptabel, omdat ze in ons zijn ontstaan.

De gastspreker waar we nu mee te maken hebben is iemand die het op een hele andere manier zal aanpakken dan ik het heb gedaan, daar ben ik zeker van. Maar wanneer je probeert om een beeld te ontwerpen van het onderwerp, dan moet je ook begrijpen dat de uiting die eraan gegeven wordt altijd weer plaats zal vinden op grond van de nu bestaande factoren die tot uiting kunnen worden gebracht. Want niet alle verbondenheden kunnen gelijktijdig geuit worden.

Er zijn dus bepaalde banden die op een gegeven ogenblik erg belangrijk zijn en die dan ook gemanifesteerd kunnen worden. De wijsheid, het begrip en alles wat een geest u zou kunnen overbrengen, moet in verband staan met het punt, dat op dit moment de harmonie uitdrukt van de verbondenheden die tussen al het bestaande in de stof en in de geest hier in contact worden omschreven.

Je zegt het in feite zo: In het geheel van het lijnenstelsel van verbondenheden zal elke uitdrukking van hogere waarde moeten geschieden op basis van de node waarin het beginsignaal wordt uitgedrukt. Ingewikkeld hè? Ik heb het ook van een ander geleerd. Weet u wat een node is? Een knoop. Als u dus erg in de knoop zit moet u maar tegen uzelf zeggen: nu is er een node van invloeden en wanneer ik nu die invloeden op de juiste manier verschuif ben ik uit de knoop en ben ik weer onderweg naar de volgende, want daar komt het eigenlijk op neer. Een knoop behoeft niet altijd negatief te zijn. Ze kan ook positief zijn.

De leraar voor vanavond is iemand die zich zal moeten uitdrukken volgens de mogelijkheden hier en hij is waarschijnlijk veel bekwamer om daar allerhande geestelijke en andere factoren bij in te schakelen dan ik. Dat is duidelijk. Maar wat hij zal doen is proberen waar te maken, wat op dit moment waargemaakt kan worden in harmonie met een kosmisch geheel zoals hij het beseft.

Dan heb ik eigenlijk mijn inleiding wel voldaan. Ik kan nog wel even door blijven praten maar ik kan alleen uitdrukken wat ik heb opgevangen. Daar zal natuurlijk nog wel meer aan vastzitten, anders zou ik alle verbondenheden al gerealiseerd hebben en zou ik zeker deze beperkte vorm van uiting niet meer prefereren, tenzij voor een zeer specifiek doel. U moet het dus maar nemen zoals het is.

Wel wil ik dit zeggen: Wanneer een spreker van die grootorde komt, betrekken ze altijd al die andere werelden erbij en dat wil zeggen, dat het voor u geestelijk en redelijk een beleving kan zijn, maar dat daarnaast misschien allerhande neveninvloeden ontstaan. Ik kan het niet overzien. Het enige wat ik kan zeggen is: ik doe mijn best. Ik probeer te omschrijven wat er gaande is en ik neem aan, dat de sleutelwoorden, de kernbegrippen, zoals altijd weer kinderlijk eenvoudig zijn.

Ik geloof dat eenvoud pas daar komt, waar je zoveel omtrent de details weet, dat je beseft wat daarvan niet omschreven behoeft te worden. Stel u a.u.b. gewoon open. Er zal misschien veel gezegd worden wat voor u erg mooi of vaag klinkt. Vaag zijn we heel erg vaak, dat weet u. Maar er zitten sleutels in en dat zijn voor een groot gedeelte sleutels die aan jezelf worden gegeven.

Het zijn kernbegrippen waardoor een bepaalde verbondenheid b.v. beter voor je gaat leven of duidelijker beseft kan worden in zijn betekenis. Daarnaast zijn er krachten bij die eigenlijk gericht zijn tot uw geestelijke persoonlijkheid. Ik denk dat daar voor u weer een mogelijkheid wordt geschapen om bepaalde geestelijke inhouden op een gegeven ogenblik gemakkelijker over te brengen naar de stof.

Wat het eindresultaat hiervan is kan ik niet overzien. Het enige wat ik wel weet op grond van alles, wat ik in dit verband bestudeerd heb is: er staat a.h.w. geschreven wie hier op deze avond zal zijn. Welke invloed daarbij zal optreden en wat daardoor de verandering wordt in erkende verbondenheden voor u allemaal.

Nu wil ik wel er nog bij zeggen voor enkelen die zich daar in het bijzonder mee bezig houden: ook wanneer u tijdelijk deel uitmaakt van een andere wereld betekent het nog niet, dat daardoor uw functioneren in uw eigen wereld persé verandert. Het kan alleen op grond van harmonieën die slechts kunnen ontstaan wanneer in een volledige gelijkwaardigheid de kosmisch bestaande verbondenheden kunnen worden uitgedrukt tussen vele werelden en sferen en uw eigen bestaan, zoals u dit voornamelijk beseft. Dus loop er niet te veel mee weg of om het anders te zeggen: probeer niet te zweven, want je komt misschien een eindje omhoog maar dan maak je een doodsmak. Hou het maar heel gewoon.

Als het in jezelf iets verandert moet je ook één ding onthouden. Wat in u verandert, verandert uw wereld, uw relatie met die wereld. Wanneer u nu maar verandert behoeft u niet te zorgen dat die wereld verandert. Die doet dat zelf wel. Maar op het ogenblik dat u tegenover die wereld agressief wordt is de verbondenheid van aard veranderd en zal die agressie ergens naar u terugkeren, terwijl omgekeerd het goede wat u wilt doen ook wel weer van elders uit naar u toegestuurd wordt. Je kunt het nooit zo selecteren, dat je precies tot stand brengt wat je zelf wilt zonder dat daarbij de hele wereld betrokken is. En als de hele wereld verandert vinden de meeste mensen hun eigen verandering niet zo belangrijk meer. Doe het dus kalm aan.

De gastspreker

Niets kan bestaan zonder God. Alles is deel van God. Wanneer alles deel is van God, zijn wij deel van God. God is almachtig. Wij zijn deel van God, wij zijn machtig.

Wij zijn allemaal deel van God. Geen van ons kan de macht van een ander teniet doen zonder zijn eigen macht te doven en zo de macht die in hem leeft buiten hemzelf te stellen.

Als je beheerst wordt door krachten dan komt dat omdat je je eigen kracht niet hebt beseft.

Als je macht uitoefent over anderen zal die macht je opvreten, omdat je de ander niet hebt beseft.

Het leven is eenvoudig genoeg. Wanneer gezegd wordt dat je je naasten lief moet hebben betekent dat niet iedereen. Dat denk je misschien, maar je kent niet iedereen. Je bent niet verbonden met iedereen. Maar degenen met wie je verbonden bent op dit ogenblik, die zal je erkennen. Zij zijn je naasten.

Oordeel niet. Waarom zou je oordelen behalve over jezelf? Wanneer je oordeelt over jezelf zoek je naar de macht van de harmonie, de macht van de verbondenheid. Van de eenheid waarin de Schepper zelf tot uiting komt. Maar als je zoekt naar al datgene buiten je en je oordeelt, dan, verwerp je wat je niet kent. Dan aanvaard je wat je niet kent.

Ons weten is beperkt. Wanneer wij leven op aarde zijn wij eigenlijk zo beperkt., dat we niet eens weten wat er in onze naaste ge beurt. We vervangen vaak de werkelijkheid van die ander door onze eigen denkwijze, onze eigen opvattingen. Maar wij zijn die ander niet. Daarom kunnen wij niet oordelen dan over onszelf.

Je bent verbonden met de kosmos. Dat wil zeggen, dat er veel werelden zijn met lichtende figuren. Met vreemde glanzen die één zijn met u, verbonden zijn en u beïnvloeden. Maar u kent ze niet. Alleen in u zelf kunt u ze kennen. Is het dan niet dwaas om ons te beroepen op werelden, die wij niet kennen buiten ons en niet aanvaarden de kracht van die werelden in ons?

Wanneer je beseft waarmee je verbonden bent, dan voel je je één met alles. Dan zeg je niet: “Ik spreek” maar “De verbondenheid, de Vader spreekt uit mij.” Je spreekt niet meer over wat nuttig is, wat noodzakelijk en wat verwerpelijk is. Dan spreek je alleen over de verbondenheid en de harmonie die er zijn. En dat is het grote geheim van het werkelijke leven.

Wat in u bestaat wat in u leeft, drukt alles uit waarmee u verbonden bent. Als u verbonden bent met God spreekt God in u. Wanneer u verbonden bent met de krachten van het licht spreken de krachten van licht in u. Wanneer u verbonden bent met duister, dan komt het duister uit u voort en drijft u voort. Toch moet je iemand veroordelen wanneer het schijnt dat het duister uit hem voortkomt.

Judas was de verrader. Maar waarom? Speelde hij niet zijn rol in het spel zo goed als alle anderen? Was de driftige Petrus beter of Johannes de lieflijke? Judas was deel van het geheel. In hem werkte het duister en het duister kwam tot uiting, maar zonder het duister had het licht niet kunnen bestaan. Het is dan ook dwaas om Judas minder lief te hebben dan alle anderen.

Mensen begrijpen dat niet. Ze zoeken, een oordeel, een macht die hen rechtvaardigt. Maar waar kunt ge gerechtvaardigd worden indien niet in uzelf? Waar kan licht gegeven worden als licht niet erkend wordt in uzelf?

Wanneer je lezen wilt zeg je niet: hier is mijn boek, het licht` brandt honderd meter verder. Je gaat met het boek naar het licht, je brengt het licht naar het boek, zodat je kunt lezen.

Waarom zouden we verwerpen en verwijderen? Waarom zouden we vaste plaatsen, toestanden en wetten aanvaarden buiten die ene van onze verbondenheid met al het zijnde, zodat de Vader Zelf in ons leeft en spreekt.

U leeft in een wereld van materie. Leeft u minder in de lichtende wereld van de engelen of in de duisternis van hen die vluchten?

Die werelden zijn in u en als ze niet in u zijn zult ge ze nooit er­kennen en nooit ervaren.

Er was een man die wijs genoemd werd. Hij nodigde allen uit en tot hen die gekomen waren sprak hij: “Nu geef ik u de waarheid.” Maar hij kon slechts zijn waarheid geven. Er gingen mensen naar huis die hun eigen inzicht en wezen vergaten en slechts die waarheid leefden. En ze verloren alles. Ze gingen terug naar de wijze man en zeiden: “Dat heb je veroorzaakt.” Hij antwoordde: “Dan heb je mijn wijsheid niet goed toegepast.” Er kwamen echter zovelen die klaagden, dat ze in hun woede zijn huis verbrandden en de wijze achter lieten op het stenen veld buiten de stad. Toen vroeg hij zich af: Waarom is mijn wijsheid niets waard? En ziet: toen hij zich voor zichzelve beriep op zijn wijsheid was er kracht, was er licht en woonde hij weer in een huis dat hem bestemd was. Wat hij verloren had, had hij verloren omdat hij niet zelve wilde leven in het huis dat zijn Vader voor hem bouwde, maar anderen daarin wilde doen wonen.

God is in u. Luister dan naar Zijn stem. Verbonden zijt ge met de gehele kosmos, met alle engelen, met alle krachten. Geen heerschappij, geen troon kan uw bestaan ontkennen. Luister dan. Ze zijn deel van u. Wanneer ge luistert zult ge begrijpen. Als ge begrijpt zult ge weten wat gij zijt, wat gij moet zijn.

Er is één weg. Er is één waarheid. Maar ieder gaat die weg vanuit het punt waar hij zichzelve bevindt. Eenieder zal die weg zelf ontdekken, want niemand kan zeggen hoe ze loopt op het punt waarop jij langs die weg gaat.

Je verwachtingen, je illusies sterven weg. Je dromen vergaan met het kraaien van de eerste haan. Maar wat je bent blijft. Want je bent is een deel van de waarheid. Wat je bent en beseft is de weg die je moet gaan. Geen kracht in de kosmos kan dit veranderen. Geen kracht in de kosmos kan u ontkennen, omdat ze met u verbonden is.

U wilt zoveel. U droomt zoveel. Soms vraagt u zich af: waarom dan? Heb ik zo weinig? Soms vraagt u zich af: waarom moet ik dit lijden? Waarom moet ik dit doen? Maar in u is iets dat zegt: dit is juist. In u is iets dat zegt: dit moet mijn waarheid zijn.

In u is een kracht die zegt: dit is het pad. Dit is de weg van licht. Dan moet u die weg gaan. Want er bestaat geen andere weg dan die van uw eigen waarheid, ontdaan van alle macht over anderen, van alle meer of minder zijn dan anderen. Uzelf te zijn in erkenning van de band met al wat leeft. Een erkenning van de band met de Vader, een erkenning van de weg die de uwe is. Dit is de zin van verbondenheid en zonder dit heeft het leven geen zin en is de schepping zelve een grap.

Waarom slapen de mensen? Waarom slapen de mensen en blijven zij voortdurend als volgevreten ossen hun dromen herkauwen zonder één pas verder te zetten in de werkelijkheid? Is het omdat zij, niet beseffen wat zij zijn? En toch: hoe kan ik oordelen? Hoe kan ik veroordelen dat, wat ook deel is van mijzelf?

Zonder u zou ik niet zijn. Zonder u zou ik niet beseffen. Gij zijt deel van mijn bestaan en van mijn wezen. Zoals ik, of ge het beseft of niet, deel ben van het uwe.

Men zegt soms dat ik licht ben. Kan ik licht wekken wanneer gij het niet kent en niet beleven kunt? Als ik licht ben is het door u, want gij erkent mijn licht. Gij zijt mijn licht dat ik beleef.

De tijd gaat voorbij. De eeuwen stuiven weg op de wind als het kaf wanneer de vrouwen het graan wannen. De tijd gaat voorbij, maar ik ben en gij zijt, zonder u zou ik niet zijn. Zonder mij zoudt gij niet volledig zijn. Besef deze waarheid zo ge kunt.

De liefde waarmee de kosmos u omhult vloeit voort uit haar vreugdige beleving van haar bestaan.

De kracht waarmee de kosmos u omgeeft, omringt, vervult, komt voort uit de kracht die zij ontleent aan uw bestaan’.

Men zegt dat er menige leugen bestaat in de wereld. Maar kan een leugen bestaan indien er geen waarheid is? Kan een waarheid bestaan wanneer ze niet door de onwaarheid tot essentie van leven wordt gebracht? Ik vraag het u. Geef uw eigen antwoord, want niemand kan voor u antwoorden wanneer ge geconfronteerd zijt met de werkelijke verbondenheden van de kosmos, wanneer ge eindelijk voor een kort ogenblik misschien beseft wat gij zijt als deel van het geheel.

Weest niet afgunstig op het andere. Afgunstigen, kijkend naar de vogels zeiden: ze doen niets, alleen zingen. Ze wisten niet wat vogels zijn. Ik heb gezegd: “Kijk naar de bloemen op het veld, naar haar schoonheid en haar glorie, groter dan die van de vorsten der aarde. Toch werken zij niet, ze bewegen alleen op de wind, maar ze zijn en hun zijn is de vervulling van hun bestaan.” Als ik dat zeg over een bloem dan kan ik haar benijden.

Ik ben, met die bloem, schoonheid die vliegt op de wind en verwaait met de eerste storm.

Ik ben het licht van een zon die opkomt en de laatste zilveren schemer van een maan die achter een wolk verdwijnt.

Ik ben in al deze dingen, want ze zijn in mij. En al die dingen ontvangen mij als deel van hun wezen. Want achter de verschijnselen ligt de zin. Achter de zin het wezen, in het wezen de werkelijkheid. Het is alleen onze werkelijkheid waarmee we te leven hebben.

We kunnen wegvluchten in het duister, ontkennen wat de waarheid is maar we kunnen het licht niet doven. We kunnen opstijgen tot het hoogste licht, er één mee worden totdat we versmolten zijn in een alomvattende werkelijkheid, maar we zullen het besef van duister niet kunnen doven in hen die vluchten. Maar we kunnen ze liefhebben. Hen die in het licht zijn en hen die zoeken. Hen die vluchten. Hen die verwerpen en hen die aanvaarden. Want ze zijn deel van ons bestaan.

Mensen maken wetten. Mensen zeggen u: Dit is goed en dat is kwaad. Dit zult ge betalen aan de tempel en dat aan de tollenaar. Het is niet belangrijk. Wat geeft het of je betaalt, want je kunt niets weggeven zonder het te ontvangen, wanneer je beseft wat je doet. Dat is het grote geheim.

Mensen maken wetten. Mensen stellen plichten. Mensen maken regels. Maar al die dingen vergaan. De Vader die in u is, in u leeft, door u spreekt, blijft. De verbondenheid met alle dingen blijft bestaan tot alle dingen één zijn en zelfs dan kan in die eenheid het beseffen niet gedoofd worden.

U zoekt, ik zoek met u. Zodra ik uw zoeken besef, zoeken wij immers tezamen.

U lijdt, ik draag uw lijden met u. Want uw lijden beseffende lijden wij samen.

U verheugt u? Ik verheug mij met u, want uw vreugde maakt mij bewust van de mijne. Dat is de waarheid die verbonden zijn betekent.

Weest jezelf mens. Erken de kracht die in je leeft. Erken de zin, de eenheid die alles omvat. Wat heb je dan nog te klagen?

Besef dat alle licht dat ooit is geweest, dat ooit zal zijn, verbonden is met uw wezen.

Besef dat alle wijsheid, die ooit zal kunnen bestaan, weerklinkt in uw wezen zodra ge haar beseft en aanvaardt.

Niets wordt u onthouden. Niets is u onmogelijk indien ge beseft dat het in u leeft. Het is alleen door hetgeen leeft in uzelf, wat u beseft in uzelf, dat u uw wereld kunt kennen en de krachten, die rond die wereld zijn. Erken dan uzelf en wat er in uzelf is, opdat u bewust deel moogt zijn van een kosmos die verder gaat dan wat menselijke fragmenten van tijd, die al verpulveren wanneer een besef ze aanraakt.

Leef in licht. Leef in vreugde. Leef in de vrede die ontstaat wanneer u erkent dat het Al in u is; de schepper van al in u leeft.

Niets van wat gij erkent is zinloos, omdat het, verbonden met uw wezen, de waarheid van de Vader verder openbaart in uw eigen bestaan.

Gij zijt het licht. Gij zijt de kracht. Gij zijt het leven door de Vader die in u woont.