Vragenavond: 1978-10

image_pdf

06 oktober 1978

Dat wij niet alwetend of onfeilbaar zijn, mag ik wel als bekend veronderstellen. U denkt dus zelf na over alles wat uzelf vanavond te berde zult brengen, want het is “Vragenavond”. En om geen tijd te verspillen zou ik u willen vragen mij meteen uw eerste probleem voor te leggen.

  • Hoe het juiste evenwicht te vinden tussen acties als bv. van de Baader Meinhof en die van vreedzame kleine groepen, die vaak onmogelijke dingen eisen.

In beide gevallen meen ik te mogen spreken over een gefrustreerd zijn van de actievoerders door onbegrip voor de werkelijkheid. Ik meen dat men het beste zou handelen door de mensen iets meer dan voorheen achter de schermen te laten kijken. Want op het ogenblik, begrijp dit wel, vertrouwt bijna geen enkele burger meer de verklaringen van zijn eigen gouvernement. Al datgene wat politici en deskundigen onder elkaar zeggen is ofwel zodanig versleuteld in een speciale vaktaal, dan wel voor een gewoon mens die geen inzicht heeft in een speciaal gebied dermate verwarrend, dat men er geen touw meer aan vast weet te knopen. Het is duidelijk dat elke groep denkt aan zijn eigen belangen en lievelingsbeelden. Elke groep wordt daarbij in feite steeds weer tot actie gestimuleerd door een in verhouding zeer klein aantal mensen.

In Nederland zal men minder snel te maken krijgen met gewelddadige acties als die van een Rote Armee Fraktion e.d. om de doodeenvoudige reden dat de mensen, die in andere landen bij dergelijke groepen terechtkomen, in uw land de mogelijkheid hebben zich op andere wijze te laten horen en hun belangrijkheid te etaleren, hun gelijk – althans volgens henzelf – aan te tonen. Slechts groepen, die zich als buiten de gemeenschap staande en miskend beschouwen, grijpen gemeenlijk naar geweld om gehoord te worden. In uw land worden de mensen, die daarvoor in aanmerking komen, vaak algemeen erkende sociale werkers met een academische opleiding als achtergrond. De fanatiekelingen onder hen vooral zijn het, die steeds weer andere demonstraties opzetten en bijna beroepshalve tot een einde weten te voeren. Er is een vaak met staatsgelden gesalarieerde kleine elite in uw land, die zich in de praktijk alleen met acties en demonstraties bezig pleegt te houden. Men realiseert zich dit gemeenlijk niet, naar ik vrees. Maar kijk maar eens een keer goed wanneer buitenlandse arbeiders in uw land demonstreren. U ziet dan altijd wel een aantal Nederlandse heren in spijkerbroek of andere hippe, maar slordige dracht, die in feite de kreten steeds weer aanheffen, zich tot het publiek wenden, eventuele uitgifte van vlugschriften – meestal door henzelf geredigeerd – leiden. Zij zijn de feitelijke organisatoren en doen dit professioneel. Zonder hen zouden er heel wat minder acties en demonstraties plaatsvinden. De mogelijkheid op deze wijze in meer vreedzame protesten zich uit te leven en daaraan nog een inkomen over te houden ook, vormt in feite een soort veiligheidsklep, waardoor de kans van een gewapend actievoeren gemeenlijk voorkomen wordt.

Ten laatste wil ik opmerken dat in vele staten de bevolking zich door zijn regering grotelijks belazerd voelt. Ik wil daarbij niet stellen dat alle politici opzettelijk bedrog plegen. Maar zij spelen een spel met hun eigen waarden en volgens eigen, voor de buitenstaanders vaak onbegrijpelijke en onredelijk schijnende regels. Zij schuiven op kosten van de naties, die zij vertegenwoordigen, met miljoenen en miljarden op een wijze, die een normaal burger eenvoudigweg niet meer kan bijbenen.

De eenvoudige man kan niet begrijpen waarom men aan de ene kant een miljard of meer weggeeft aan andere landen, toch gelijktijdig de burgers in eigen land steeds zwaarder belast, dan wel eens gegeven voorrechten weer terug probeert te nemen om daaraan dan weer een aantal miljoenen over te kunnen houden. De mensen begrijpen eenvoudig de verhoudingen en redenen voor een dergelijk gedrag niet. Zolang zij geen inzicht krijgen in de feitelijke verhoudingen en de redenen, de werkelijke redenen dan, voor allerhande uitgaven en beperkingen kennen, zullen frustraties bij de burgers blijven voorkomen en zullen protestgroepen, acties en zelfs terreurgroepen blijven bestaan.

Wil men een evenwicht vinden, dan zal men de mensen duidelijk moeten maken hoe de zaken ervoor staan en dit niet door middel van opzwepende politieke betogen die eenzijdig plegen te zijn en steeds uitgaan van de eigen groep, maar door de feiten voor zich te laten spreken. Dan zal bv. begrijpelijk kunnen worden, waarom gemeenten met projectontwikkelaars in zee gaan, men bepaalde landen steunt en dergelijke zaken.

Nodig is dus een begrijpelijke en eerlijk voorlichting door zo mogelijk onafhankelijke groepen, die het vertrouwen van een groter deel van het volk kunnen genieten. Radio en tv. vallen daarvoor bij u reeds uit, daar hier politieke partijen en pressiegroepen in feite niets anders doen, dan middels hun omroep hun standpunt verdedigen. Zelfs in de pers is men te veel gekleurd. Het gevolg is, dat zover het onbegrip en acties betreft, uw land er de komende tijd nog wel zeer gekleurd op zal staan.

  • Er zijn mensen die, wanneer zij geconfronteerd worden met bv. mensen van de Baader Meinhof groep roepen: Zet ze tegen de muur, of zelfs uitroepen: dat zou dan in de jaren 40 – 45 toch mooi niet mogelijk zijn geweest, want toen waren er sterke mannen aan het bewind.

U bedoelt dat deze mensen afwijkende meningen en groepen in feite niet aan het woord willen laten komen en veroordeelt hen daarvoor. Ik kan u begrijpen. Toch dient u te beseffen dat dergelijke uitlatingen eveneens een uiting van machteloosheid zijn, zo goed als kapingen e.d.

Het roepen om een sterke man is een erkennen dat men zelf geen raad meer weet. Terreurdaden plegen is een erkennen dat men in feite niets bereiken kan. Zelfs de staten die naar politieterreur grijpen om hun macht te handhaven, doen dit in feite uit wanhoop, uit machteloosheid, daar zij met geen enkel ander middel de mensen blijken te kunnen overtuigen van hun goede bedoelingen, de juistheid van hun standpunt, de gerechtvaardigdheid van hun praktijken. Deze wanhoop, de machteloze woede van mensen, die zeggen: zet al die terroristen tegen de muur, gooi al die Surinamers er uit enz., is alleen een duidelijk en overtuigend bewijs voor het feit dat steeds minder mensen met deze maatschappij kunnen leven en haar kunnen aanvaarden zoals zij is en daarom wegvluchten in dromen van geweld of utopieën, die nooit waar kunnen worden.

Persoonlijk ben ik van mening dat dit te wijten is aan het feit dat de mensen bijna overal en voortdurend een maatschappijbeeld wordt voor gegoocheld, dat steeds weer door de feiten geloochenstraft wordt. Kun je dit gebrek aan werkelijkheidszin en feitenkennis oplossen, dan zullen de extreme uitingen bijna allen verdwijnen. Maar dan zullen ook zaken als protest en terreur teruglopen en langzaam geheel verdwijnen.

Indien je dergelijke zaken wilt vermijden, moet je de mensen de kans geven de maatschappij en omstandigheden te zien, zoals die zijn en een zodanige invloed daarin geven, dat zij zich desondanks voor de gehele gang van zaken medeaansprakelijk kunnen voelen. Alleen dan kan men zich immers, ondanks verschillen van inzicht, een eenheid voelen, zal men zich niet in de eerste plaats de tegenstander van anderen voelen en bewust deel kunnen gaan uitmaken van de gehele gemeenschap, waarin men toch uiteindelijk leeft. Polarisatie betekent in dit verband in feite weinig anders dan het oproepen van frustraties, die moeten uitlopen in geweld en terreur, hoe dan ook.

  • Waarom wordt vooral door jongeren naar drugs gegrepen en door ouderen bijna niet?

Er zijn vele redenen. Drugs hebben bepaalde kwaliteiten. Softdrugs bv. vergroten bij vele mensen zowel de seksuele gevoeligheid als de prestatie. Iets, wat voor mensen zeker een attractief iets is, zeker in een tijd dat voor hen het contact en de prestatie meer tellen dan de redenen daarvoor. Het is duidelijk dat vele mensen proberen door middel hiervan zichzelf te overtuigen van eigen kunnen of zichzelf het gevoel proberen te geven dat zij meetellen.

Maar bepaalde ervaringen, mogelijkheden die men begeert, blijken op de duur door softdrugs niet te bereiken. Wat voor velen een reden wordt om naar hard stuf te grijpen. Heroïne en andere opiumderivaten nu blijken een geluksgevoel en droomtoestanden op te wekken, vooral in het begin, waardoor men zich de meerdere van allen voelt en van eigen belangrijkheid overtuigd wordt.

Andere drugs verhogen schijnbaar of tijdelijk werkelijk de prestatiemogelijkheid, zodat men het gevoel heeft, aan hogere eisen dan anders te kunnen beantwoorden. Men zal dankzij de drugs, voor een ogenblik dus het gevoel kennen te beantwoorden aan het beeld dat men van zichzelf heeft, maar dat door de wereld gemeenlijk ontkend wordt.

De jongeren in deze maatschappij hebben vaak het gevoel dat zij niet werkelijk meetellen. Zij werden echter opgevoed met het denkbeeld dat zij werkelijk al iemand waren en alleen aan het feit van hun bestaan al maatschappelijke rechten en algemene erkenning te kunnen ontlenen. Overal kunt u steeds weer horen dat vooral de jongeren van belang zijn, dat zij in het bijzonder meetellen. Maar wanneer het op de feiten aankomt, blijkt steeds weer dat het de ouderen zijn die uitmaken wat mogelijk is en wat er zal gebeuren. Zoals de ouderen voor zich bepaalde rechten opeisen en stellen dat de jongeren maar met minder genoegen moeten nemen tot ook zij ouder en aan de beurt zijn. Daarbij komt dat men de jongeren bijbrengt dat zij betekenis hebben, dat zij rechten bezitten. Maar men leert hen steeds minder te beseffen, dat anderen ook hun eigen betekenis hebben, ook hun rechten hebben en op hun eigen wijze door het leven moeten kunnen gaan. Baldadigheid wordt afgedaan als een kinderlijke vrijheid, onderwijs wordt aangepast aan de prestatiemogelijkheid die de leerling zonder veel pressie op kan brengen. Kortom, kinderen regeren in meerdere of mindere mate op het gezin, de school, hun kinderwereld.

Wanneer zij groter worden, is het dan ook geen wonder dat zij voor zich alle rechten opeisen, die zij bij de volwassenen hebben leren kennen, zoals eigen woongelegenheid ongecontroleerde vrijheid om te doen wat zij willen enz. Voor een deel lijken mij die eisen nog zo gek niet, maar de opgegroeide kinderen weigeren volwassen te worden en te begrijpen dat tegenover rechten ook plichten staan. Elke vorm van gezag die hen met plichten confronteert, zonder dat zijzelf deze voor zich hebben aanvaard, wordt afgewezen. De zgn. “goeden” onder de jongeren, een meerderheid, zal zich morrend onderwerpen aan de eisen van gezag en maatschappij en wrikken zich daarin, vaak erg materialistisch en meedogenloos, omhoog. De maatschappelijk bezien, wat “minder goeden” voegen zich morrend, maar gedragen zich als drop-outs en proberen zich door middel van geweld, drankgebruik e.d. te compenseren voor de noodzaak zich enigszins te onderwerpen. De besten onder hen worden drop-outs, die op hun eigen wijze leven en zich zoveel mogelijk aan zowel de maatschappij en haar denkbeelden als aan de gangbare leefwijze onttrekken. Deze mensen zoeken een eigen wijze van leven, maar stellen geen hoge eisen aan de gemeenschap en zijn ook geen misdadigers, geen mensen die anderen ontnemen wat zij terecht aan vrijheid en bezit hebben.

De “slechtsten” vallen in feite de gemeenschap aan en proberen het beeld, dat zij van zichzelf hebben, de gemeenschap met alle middelen, tot geweld en misdaad toe, op te dwingen. Daar geweld echter tegengeweld uitlokt, waarvoor velen te bang zijn om te doen wat zij in feite zouden willen, grijpen zij naar drugs, die hen een tijdlang het gevoel geven zichzelf waar te maken, om hen daarna in een afhankelijkheid te brengen, die hen dwingt tot alles wat zij hadden willen vermijden. Zelfs in die ellende echter behoren zij tot een club, waarin eenieder het gevoel heeft iets bijzonders te zijn, al is het alleen maar, omdat hij bij de club behoort en zijn eigen dromen mag dromen.

M.i. is dit drugsprobleem onder de jongeren het gevolg van dit alles en dus in feite te danken aan de wat verkeerde toepassing der stellingen van sommige kinderpsychologen, die nu al beseffen dat zij het mis hadden. Zoals de zeer bekende Amerikaanse psycholoog die predikte dat het kinderzieltje voor alle conflict en geweld gespaard dient te worden, zelfs indien dit voor de volwassenen en de gemeenschap lastig is. Maar in zijn lezing van enige tijd geleden terugkeerde op zijn schreden door te verklaren dat ongezeglijke kinderen een goed pak slaag hard nodig hebben.( Spock. red.)

Conclusie: de nu geldende benadering van de jeugd, een zo vrij mogelijke opvoeding, waarin het kind echter wel voortdurend beschermd wordt tegen de hardheid van het leven is onaanvaardbaar en oorzaak voor o.m. het drugsprobleem.

Persoonlijk ben ik voor een werkelijk vrije opvoeding van de jeugd, inclusief het recht, ouderen naar hun redenen voor besluiten te vragen enz. mits het kind daarnaast voortdurend geconfronteerd wordt met de consequenties van eigen daden en wensen. Kinderen hebben volgens mij het recht te weten, wat er aan de hand is. Men is volgens mij verplicht hen antwoord te geven, zelfs indien men meent dat dit antwoord nog niet begrepen zal worden. Gelijktijdig zal men het kind moeten overlaten aan de gevolgen van eigen daden en moeten binden aan eigen uitspraken. Wanneer zij iets zeggen of beloven, zullen zij dit ook werkelijk moeten doen of dit nu zinvol is of niet. Wanneer zij zakgeld willen hebben, zullen zij dit moeten “verdienen” door prestaties, net zoals in de wereld van de volwassenen in gebruik is. Wanneer zij evenveel of meer willen hebben dan hun vrienden, zullen zij daar zelf iets voor moeten presteren.

Op deze wijze is het mogelijk, kinderen op te voeden tot zelfstandig denkende mensen, die zich toch in een maatschappelijk patroon kunnen inpassen en geen erkenning eisen wanneer zij zichzelf niet waar kunnen maken. Dat zou ongetwijfeld veel frustraties en ook druggebruik uit de wereld helpen.

  • Hebt u in uw wereld al een ontmoeting gehad met een van de pausen van de RK kerk? Leeft bij hen nog een besef van onfeilbaarheid? Geloof aan het opvolgen van de apostel Paulus?

Correctie, zij zitten op de stoel van Petrus, niet van Paulus. Die had een andere kruk en wordt mogelijk daarom door zoveel theologische krukken bij voorkeur geciteerd.

Ik heb enkele pausen na hun dood ontmoet. Onder hen zijn heel goede geesten, zowel als enkele slechte. Maar voor hen geldt in ieder geval: zodra je dood bent, weet je zeker dat je niet onfeilbaar bent. Wanneer je op aarde paus bent, moet je zeggen dat je onfeilbaar bent, terwijl je denkt dat je het zelf niet bent en dus maar hoopt dat de H. Geest je op belangrijke ogenblikken even onfeilbaar maken zal.

Wij hebben trouwens pas weer een paus overgekregen. Erg onverwacht overigens, want wij hadden gemeend dat de man nog rond 6 jaren te leven had en die tijd dus paus zou zijn. Helaas ontwikkelde de man andere plannen en inzichten dan bepaalde mensen voor zijn keuze van hem meenden te mogen verwachten. In Joegoslavië is enige tijd geleden iets vreemds gebeurd: een herder werd door de rammen van zijn eigen kudde de afgrond in gestoten.

Ik meen dat de problemen, die op deze paus zijn afgekomen, toen hij eenmaal zijn eigen visie probeerde te ontwikkelen en door te zetten, aansprakelijk zijn voor zijn, ook voor ons onverwacht, snelle overgang. Overigens hadden wij, zoals velen op aarde, verwacht, dat deze paus mee zou spelen met de curie. Het ziet er naar uit dat hij de laatste 10 dagen echter zelf heel andere plannen had. Wat naar ik hoop voor u voldoende is.

  • Wat is de symbolische betekenis van 3 witte rozen?

Dat kan veel betekenen in verschillende denkwijzen. Vaak echter is de symbolische betekenis: het openbloeien dus van het bewustzijn van het hart, het openbloeien van het bewustzijn van het hoofd en het openbloeien van het bewustzijn van de ziel. In andere gevallen de aanduiding van een bereiking, waarbij elke roos een knooppunt aanduidt op de weg. Bij begrafenissen zal men in sommige kringen deze rozen gebruiken om het ingewijd zijn van de dode weer te geven.

  • Astronomen veronderstellen dat reeds nu zgn. zwarte gaten in het zonnestelsel functioneren, zal de aarde hierdoor mogelijk opgeslokt worden? Hoelang zou dit kunnen duren?

Er zijn in dit zonnestelsel zover mij bekend op dit ogenblik geen actieve zgn. zwarte gaten mogelijk. Zwarte gaten kunnen alleen daar bestaan, waar een kernmassa aanwezig is van voldoende massa-intensiteit, zodat een aanzuigend veld kan ontstaan, dat alle licht absorbeert. Een zwart gat is dus geen poort of overdracht naar een andere dimensie. Ten laatste: om zoals u stelt, over te gaan naar de oermaterie, zullen alle bindingen tussen alle stofdeeltjes moeten wegvallen. Wat erop neerkomt dat voor het gehele Al een terugkeer naar die oermaterie alleen denkbaar is, wanneer alle beweging, potentiaal e.d. ophoudt te bestaan, dus algehele stasis wordt bereikt. Pas dan zal geen enkele materiële binding meer van kracht of geldig kunnen zijn.

  • Kunt u iets vertellen over een occulte hoge raad?

 Niets. Ik ontken niet dat er een soort occulte wereldregering bestaat, die deels op aarde, deels in de sferen zetelt. Maar u het juiste hiervan meedelen, gaat mijn bevoegdheid te buiten.

U weet allen dat er groepen bestaan als de Witte Broederschap, het Verborgen Priesterrijk e.d. Deze groepen vormen tezamen een waarheid, die verder gaat dan wat hier zonder meer uitgelegd kan worden. Het omschrijven van dit geheel als een soort wereldregering of hoge raad zonder meer, is onjuist. Men zou hen eerder als begeleiders van de menselijke bewustwording moeten aanspreken. Hun beslissingen en besluiten, indien genomen en hoe dan ook genomen, zijn van een zodanige aard, dat alleen reeds een geheel bekend worden daarvan bij niet-ingewijden zou betekenen dat die beslissingen niet meer valide zijn. Slechts algemene besluiten en tendensen kunnen zonder gevaar worden weergegeven. Wij doen dit veelal door u te wijzen op de beslissingen en of inzichten van de Witte Broederschap in verband met het Wessacgebeuren.

  • Wat is volgens u de economische ontwikkeling van de economie in het volgende jaar? Zal er een oplossing voor het werkeloosheidsvraagstuk worden gevonden?

Waarom dergelijke pessimistische problemen aansnijden? De economie herstelt zich het komende jaar niet werkelijk, al is er een kleine en tijdelijk opleving te constateren. Van een feitelijke opleving, zeker in uw land, is geen sprake. Het aantal werkelozen neemt dan ook in uw land toe, niet af. De moeilijkheid ligt in de wijze waarop in dit land geproduceerd wordt. Men is afhankelijk van een zich steeds meer uitbreiden van bedrijven en dus ook een voortdurende groei van de afzetmogelijkheid.

Deze groeiende afzet zal volgens mij alleen mogelijk worden, wanneer er sprake is van een steeds dalende prijs dit in verhouding tot het inkomen van de mensen. Dit nu impliceert dat een dergelijke ontwikkeling alleen mogelijk is, wanneer loonkosten niet verder groeien dan door de groei van afzetmogelijkheid wordt bepaald. Loonstijging kan alleen gecompenseerd worden door toenemende productie per manuur. Dit product moet worden afgezet. In de meeste westerse landen is dit niet meer mogelijk. Het gevolg is, dat de producten, die nog verkoopbaar zijn, voornamelijk uit landen zullen komen, waar de loonkosten veel lager zijn.

  • In de werken van Modi Sahu vertelt hij dat nieuwsgierigheid een belemmering is voor hogere bewustwording. Ik begrijp dat niet.

Ik ook niet. Nieuwsgierigheid is niets anders dan een behoefte om steeds verder te kijken. Bewustwording is een proces dat ontstaat door je steeds meer te realiseren wat er is en wat je bent. Als zodanig is nieuwsgierigheid volgens mij vaak een drijfveer, die tot verdere bewustwording kan voeren. Maar mogelijk werd het woord in een geheel andere context gebruikt.

Je moet dus niet nieuwsgierig zijn wat de buren doen, maar wel naar de relatie tussen jezelf en de wereld en het wezen van je ware persoonlijkheid, ontdaan van alle bijgeloof en bijkomstigheden. Volgens mij zal je je door een dergelijke nieuwsgierigheid gemakkelijker wijden aan en concentreren op de punten die voor jou van belang zijn. Je zult volgens mij, dankzij deze eigenschap, dan ook juister en vollediger kunnen mediteren en je zult zo de innerlijke waarheden volgens mij ook eerder ontdekken.

Vandaar mijn antwoord: het door u gestelde begrijp ik inderdaad niet en ik kan mij niet voorstellen dat zij van een bewuste afkomstig is, tenzij zij geheel uit haar verband werd gelicht.

  • Wat gebeurt er met de geest, wanneer iemand zelfmoord heeft gepleegd, of wanneer crematie heeft plaatsgevonden?

Iemand, die zelfmoord heeft gepleegd, zegt meestal al voor hij geheel is overgaan, tot zichzelf: o, wat heb ik gedaan! Zelfmoord betekent immers vaak een vlucht voor iets, onverschillig wat. Men ontdekt op het ogenblik dat de dood nabijkomt, dat de ik-voorstelling, die mede tot de vlucht aanleiding was, niet klopt. Het gevolg is dat men in feite de dood niet meer werkelijk wenst, al is het alleen maar omdat men beseft langs deze weg niet te kunnen bereiken wat men verlangt. Het gevolg is vaak dat men aardgebonden blijft.

Algemeen gesteld: na zelfmoord zal een mens kortere of langere tijd als geest aardgebonden zijn, mits – en dit is bepalend – zijn beweegredenen voor zijn daad zelfzuchtig waren, zodat zijn zelfgekozen dood in feite niets anders was dan een vluchten voor een situatie die bij een wat andere instelling wel degelijk nog aanvaardbaar en draaglijk zou kunnen worden.

Voorbeelden: Jezus wist dat Hij gekruisigd zou worden, voor men Hem gevangennam. Hij had zich dus aan die dood kunnen onttrekken, maar deed dit niet. In feite was Hij – zij het passief en indirect – een zelfmoordenaar. De redenen die Hij had voor het toch aanvaarden van de dood, hadden echter niets met Hemzelf te maken, doch hadden met de mensen van doen. Daarom konden zonder meer verheerlijking en verrijzenis plaats vinden. Hij werd niet aardgebonden. Zeloten en enkele Farizeeën hebben te Massada zelfmoord gepleegd, toen verder verweer niet meer mogelijk was. Zij wisten echter dat zij in ieder geval zouden sterven. Hun zelfgekozen dood was voor hen in feite de enige mogelijkheid om hun waardigheid te bewaren en een erger te voorkomen. Zij vluchtten dus niet voor leven en bestaan, maar onttrokken zich aan een andere vorm van sterven. Hun zelfmoord was aanvaardbaar en voerde op zich niet tot aardgebondenheid.

Een Japanner pleegt zelfmoord, omdat hij zich met schande beladen weet en zijn familie in feite voor de gevolgen daarvan wil vrijwaren. Hij kiest deze dood niet alleen voor zich of om eigen moeilijkheden te ontkomen. Zijn handelen stamt uit een voor hem normaal denkpatroon en is in overeenstemming met zijn moreel besef. Er ontstaat dan ook geen aardgebondenheid.

Iemand zegt: ik zie het niet meer zitten, de mensen hebben geen aandacht voor mij. Hij pakt een strop en hangt zich op. Die heeft dan wel degelijk een strop, want hij blijft aardgebonden, omdat de dood zijn probleem niet oplost: het is deel van hemzelf.

Zo moet u dit dus zien. Spreekt u over crematie, dan liggen de zaken anders: Als je een jas hebt uitgetrokken en die niet meer nodig hebt, interesseert het je verder niet of het ding in een kast hangt te beschimmelen, in de asbak wordt gegooid, dan wel wordt verbrand.

Het besef van degene die sterft, is bepalend voor de betekenis die de crematie voor hem al dan niet zal hebben. Maar in alle gevallen betekent de crematie een confrontatie van het ik met het feit van de stoffelijke dood. Volgens bepaalde opvattingen, zoals wij die bij de hindoes o.m. aantreffen, is dan ook dit vernietigen van het lichaam in feite een “de geest een betere mogelijkheid geven tot snelle bewustwording” in zijn eigen wereld als geest om zo sneller de geestelijke cyclus te doorlopen. Voor de meeste mensen zal dit alles inderdaad gelden.

Degene die absoluut niet wil aanvaarden dat hij dood is, zal echter het laatste beeld van het lichaam, het ogenblik van de verbranding, lange tijd in het bewustzijn blijven houden met uitsluiting van alle andere indrukken. Dit betekent een kwelling. Zodra een dergelijke entiteit zich ook maar laat beroeren door entiteiten rond hem, zal hij beseffen dat de droom geen werkelijkheid is en is hij uit zijn lijden bevrijd. Ik geef u eenvoudig de feiten, ook al zult u die misschien minder aangenaam vinden.

  • Maar wanneer je de daad stelt in verstandsverbijstering? Als buitenstaander kun je daarover toch geen oordeel vellen?

Als buitenstaander niet. Het ik zelf echter kent de feiten wel degelijk, en dat bepaalt de gevolgen. Vele mensen, die in een dergelijke monomanie tot zelfmoord komen, worden daartoe gedreven door beweegredenen, die zij diep in zichzelf als zijnde niet geheel juist beseffen. Dit is het haakje en veroorzaakt dan de aardgebondenheid.

Er is sprake van een werkelijke en algehele verstandsverbijstering, waarbij de zelfmoord inderdaad als enig juiste oplossing wordt gevoeld en erkend, dan is er niets aan de hand en zal de geest haar weg in de sferen normaal vervolgen. Maar indien er ook maar enig besef is van de feiten zal dit een zware last zijn voor de geest, die tot aardgebonden zijn kan voeren.

Een enkel voorbeeld nog: een man heeft zijn gehele leven zwaar gedronken. De dokter zegt dat hij niet meer drinken moet. Hij beseft dit, maar drinkt door onder het motto: wat heb ik zonder dit nog aan mijn leven. Hij sterft als gevolg hiervan. Zijn eerste reactie: ik heb mij doodgedronken. De hierop volgende schok veroorzaakt een overigens niet al te langdurige aardgebondenheid.

  • Acht u boodschappen middels kruis en bord betrouwbaar, of is de kans dat spotgeesten voorwenden bekenden te zijn, uit de aanwezigen putten en leugens aantikken?

Een algemeen geldend oordeel geven is niet goed mogelijk. Wel kan in het algemeen het volgende worden gesteld: Elke uiting vanuit de geest, onverschillig welke en dus ook deze, waarnaar u luistert inbegrepen, dient met voorbehoud aanvaard te worden.

Persoonlijke contacten zullen alleen op grond van zeer specifieke gegevens aanvaard mogen worden. Bij kruis en bord dus alleen wanneer zij doorkomen, terwijl personen die de verstrekte gegevens niet kennen, aan het kruis zitten en degene waarvoor de boodschap bestemd is, niet in de kring heeft plaatsgenomen. Zou dit laatste het geval zijn, zo is de mogelijkheid van telepathische beïnvloeding te groot. Met andere woorden: wat doorkomt middels kruis en bord, kan wel betrouwbaar zijn, maar dit betekent dat het evengoed onbetrouwbaar kan zijn. De onbetrouwbaarheid van kruis en bord wordt groter, naarmate de aanzittenden streven naar bepaalde contacten of bepaalde boodschappen.

Er zijn dan zelfs gevallen, waarbij geen enkele geest een rol speelt, maar een onbewust druk uitoefenen op het kruis, door een of meer aanwezigen bepaald wat wordt aangetikt. Dit alleen beantwoord uw vraag reeds voldoende.

Ongetwijfeld kunnen soms ook spotgeesten of duistere geesten doorkomen die zich voor een ander uitgeven. Daartoe zal de geest zich in een andere persona moeten manifesteren. Dit is alleen mogelijk middels gegevens die hij elders of uit de aanzittenden heeft verworven. De spotgeest zal, zolang dit mogelijk is, proberen te beantwoorden aan de behoeften en verwachtingen van de aanzittenden en dus zeggen wat zij hopen te horen. Hen uitlachen, bespotten e.d. zal hij hen gemeenlijk eerst wanneer zij in verrukking zijn over de ontvangen mededeling of wanneer het niet meer mogelijk is, het bedrog met goed gevolg voort te zetten.

Indien u dit beseft, zult u begrijpen dat een door de aanzittenden niet bewust opgaan in de ontvangen boodschap, dus ook niet een voortdurend teruglezen van de ontvangen mededelingen voor zij beëindigd worden raadzaam is. Dit kan wel degelijk bijdragen tot een grotere betrouwbaarheid van kruis en bord, ook al zal men zelfs dan alles alleen onder streng voorbehoud mogen beschouwen.

  • Acht u een juist beantwoorden van vragen middels een pendel mogelijk of acht u ook deze onbetrouwbaar.

De pendel is een dood voorwerp. Wanneer u haar zelf vasthoudt, versterkt de pendel alleen de onbewuste trillingen die u zelf veroorzaakt. Anders gezegd: de pendel drukt dan alleen gegevens uit, die u reeds onderbewust weet of van elders ontvangt.

Als zodanig is dus de eigen persoonlijkheid bij het tot stand komen van de antwoorden wel heel intens betrokken. Anders wordt het, maar dat doet men niet zo vaak, wanneer gewerkt wordt met een pendel die aan een vast punt is opgehangen en dus niet wordt vastgehouden. In dat geval kan de pendel betrouwbare uitslagen geven die niet van uzelf stammen. Maar de mogelijkheid om reactie te bereiken is dan aanmerkelijk kleiner.

Zelfs in dit laatste geval kan echter nooit geheel de mogelijkheid worden uitgesloten dat psychische invloeden van bv. een van de aanwezigen de bewegingen van de pendel bepalen. Enig voorbehoud is ook dan dus wel degelijk op zijn plaats.

Men kan volgens mij de pendel alleen met waarlijk positieve gevolgen gebruiken, wanneer je de aanduidingen van de pendel als aanleiding tot verdere overdenking en onderzoek beschouwt. Haar aanwijzingen blijven echter gevaarlijk, wanneer u deze zonder meer als een soort goddelijke openbaring van een onomstotelijke waarheid wilt aanvaarden.

  • Castaneda schreef een 4-tal boeken over het betreden van een niet gebruikelijke werkelijkheid door het gebruik van psychotrope planten en hallucinogene paddenstoelen plus de lessen van een oude Indiaan, don Juan, die ook tovenaar was. Acht u het mogelijk dat de wereld langs deze weg op een mogelijk geestelijke, in ieder geval niet-stoffelijke wijze kan worden ervaren?

Bepaalde planten en paddenstoelen, maar lang niet alle psychotropen of hallucinogenen kunnen onder de juiste omstandigheden juist gebruikt worden, terwijl men in het juiste gezelschap vertoeft, inderdaad een mogelijkheid scheppen om door te dringen achter de menselijke schijn. Je ziet dan inderdaad iets van een grotere werkelijkheid en kunt soms in contact treden met persoonlijkheden, die op aarde al “dood” zijn. De afstemming van de aanwezigen is hierbij doorslaggevend, alleen en zonder begeleiding is dit niet bereikbaar voor niet ingewijden.

Overigens treft mij de naam don Juan bij deze inhoud, die immers wijst op andere dan zuiver magische gaven. Maar toegegeven, dergelijke mensen bestaan en kunnen soms veel. Blanken, die zich volledig in hun patroon van handelen en denken kunnen voegen, zullen ongetwijfeld, dankzij hun ingrijpen, wonderlijke ervaringen kunnen beleven.

De doorsnee westerling is echter niet gewend aan de nodige rituelen. Hij is niet opgevoed in een levensbeschouwing die nodig is voor het bereiken van grote resultaten. Wat betekent dat, zodra men dit voor zich zou proberen, een groot deel van de werkelijkheidswaarden in de belevingen zullen wegvallen en daarvoor in de plaats hallucinaties komen, die uit het ik zelf voortkomen.

Er zijn nu eenmaal op zich zeer goede en werkzame procedures, waartoe men van kind af aan moet zijn opgevoed om er werkelijk resultaat mee te kunnen boeken. O.m. geldt dit het gebruik van hallucinogene planten enz., maar evengoed bepaalde Tibetaanse disciplines.

De blanke die bv. gebruik maakt van peyote dient te beseffen dat alle ontvangen beelden uit zijn onderbewust zijn stammen, terwijl eventuele contacten met anderen zodanig worden ingevat in de eigen interpretaties, dat zij hun betekenis verliezen zo al – want dit is moeilijk – geesten aan het woord zouden kunnen komen. Kortom: een groot deel van het in de boeken gestelde is denkbaar, maar de procedure lijkt mij voor de doorsnee westerling ondoenlijk en gevaarlijk.

  • Mensen kunnen tegenwoordig naar een psychiater gaan. Wanner die ervaring heeft met het toepassen van Lsd, kunnen zij in een vrij gecontroleerde wijze zoiets ondergaan.

U gaat uit van LSD Je wekt dus een soort schizofrenie op, een gespletenheid van bewustzijn, waardoor het ik met zichzelf geconfronteerd wordt. Een juiste begeleiding hiervan is noodzakelijk, omdat het ik, geconfronteerd met zijn innerlijke illusies en werkelijkheden, geneigd is, deze als bestaand in de wereld buiten hem te beschouwen en daarnaar zou willen handelen.

Het verschil met het voorgaande is, dat wij hier met zekerheid te maken hebben met innerlijke waarden en problemen, terwijl wereldwaarden, contacten met de geest e.d. hierdoor niet veroorzaakt worden. Men betreedt dus niet een werkelijkheid, die achter de illusies ligt, maar wordt eerder geconfronteerd met een reizen door eigen innerlijke wereld, inclusief alle daarin gekoesterde illusies.

Dat door deze techniek een waarheidsbesef omtrent het ik bereikt kan worden, kan, wil ik niet ontkennen. De kans dat men langs deze weg zonder zeer goede begeleiding en het gebruik van zeer geringe doses positieve resultaten bereikt, acht ik echter zeer klein.

Ik wil hieraan toevoegen dat ik een geregeld gebruik van LSD, zelfs als therapie, verwerpelijk acht, al is het alleen maar omdat residuen van de stof lange tijd in het lichaam aanwezig kunnen blijven en daarin bepaalde afwijkingen van de norm kunnen doen ontstaan.

Een of enkele belevingen onder juiste begeleiding acht ik overigens niet schadelijk, maar stel nadrukkelijk dat het resultaat niet als een soort kosmische beleving moet worden beschouwd, maar alleen als een confrontatie met eigen ik of – zoals vaak het geval is – een zeer beperkt deel daarvan.

  • Kan de mens zijn droomleven leren beheersen?

Ziende naar sommige politieke en economische theoretici krijg ik inderdaad soms de indruk, dat het de mens mogelijk is een deel van zijn droomleven te beheersen en, wat meer is, zelfs anderen middels je dromen te beheersen.

Je kunt leren de herinnering aan de dromen te beheersen en dus volgens eigen wil dromen te onthouden en de belevingen tijdens de slaap later waakbewust nogmaals te overzien. Dit geldt zowel voor dromen die zich in het ik afspelen als uittredingservaringen.

Ik meen echter niet dat je zonder meer en stoffelijk in staat zult zijn je droom zelf te bepalen enz. Herinneren kun je door de wil bepalen, de droom niet en zelfs niet een uittreding naar een tevoren bepaalde sfeer met te voren bepaalde contacten.

Voor uittredingen is het natuurlijk wel mogelijk, de eigen afstemming door wil en bezinning zodanig te bepalen dat contacten met een bepaalde sfeer mogelijk worden. Of zij dan echter ook feitelijk zullen optreden, is niet van uw wil en kunnen alleen afhankelijk.

De fantasie kan wel vaak gebruikt worden om de richting van droomleven en uittreding mede te bepalen. Uw denken, dagdromen, instellen, heeft invloed op uw droomleven en kan de geaardheid daarvan grotendeels bepalen, zover het uitgangspunt reikt. Het verdere verloop is echter niet te beheersen, daar je het gehele verloop van een droom – of uittreding – nu eenmaal niet kunt fixeren. Volgens mij is geen feitelijke en bewuste beheersing van het droomleven mogelijk, ook bij uittredingen kan het beleven tijdens die uittreding niet tevoren en bewust bepaald worden.

Een uitzondering geldt voor dit alles wanneer men zo ver gevorderd is dat men kan werken vanuit één of meer van de eigen geestelijke voortuigen en dus niet meer afhankelijk is van stoffelijk wil en gedachtenprocessen.

  • Maar je kunt je wel instellen op bv. een droomsymbool en dan in een volgende droom een verklaring daarvan beleven?

Juist. De verklaring zal in de meeste gevallen, bewust en redelijk bezien op niets slaan, terwijl bovendien bij meerdere nachten je concentreren op hetzelfde symbool, dit in elke droom weer een eigen uitleg blijkt te hebben en in betekenis dus nogal blijkt af te wijken van de eerste gevonden verklaring.

Problemen worden in de droom inderdaad wel opgelost, maar die oplossing blijkt in vele gevallen later geheel in strijd te zijn met de mogelijkheden van je stoffelijke wereld en het voor jou als mens daarin aanvaardbare. Wat volgens mij impliceert dat ook dan van een werkelijke beheersing geen sprake is.

Bekend is wel de zgn. vervolgdroom. Hiervan herinner je je gemeenlijk een deel. Volgende nachten brengen een voortzetting van de droom, uitgaande van eenzelfde milieu en vergelijkbare omstandigheden. Maar hier speelt het onderbewustzijn een grote rol. U kunt niet bewust een vervolgdroom als een soort feuilleton gebruiken om alle nachten aangenaam door te komen. Zaken buiten uw waakbewustzijn zijn voor eventuele voortzettingen aansprakelijk en bepalen ook het einde van de reeks zonder dat uw bewustzijn en wil daarop van wezenlijke invloed zijn. Bovendien blijkt ook dan dat je niet in staat bent het beleven tijdens de droom te voorzien of zelfs te bepalen. Wel geven dromen, die u zich herinnert, u een betere mogelijkheid uzelf en uw mogelijkheden te beseffen. Maar daarmee is de droom nog niet per se beheersbaar.

  • Vormden in het begin Jupiter en de zon bijna een dubbelster?

Onjuist. Jupiter bevatte wel een ongebruikelijk groot deel van de actieve zonnekernmaterie toen hij werd afgescheiden. Daar de afstand tot en daardoor de invloed van de zon hier precies juist was, bleven tot op heden omzettingsprocessen waarbij helium en waterstof betrokken zijn, op gang in de methaan atmosfeer.

Jupiter heeft nog steeds een zeer warme actieve kern, die op enkele punten nog tot aan de oppervlakte actief is. Hierdoor worden zowel de gang van de atmosfeer als de verplaatsing van de stollingsschotsen beïnvloed. Zonder de grote massa en druk van deze planeet zou het proces echter reeds miljoenen jaren geleden tot stilstand gekomen zijn. De zgn. rode vlekken, die men wel waarneemt, zijn in feite niets anders dan een waarnemen van een beperkte uitwisseling tussen plasma en atmosfeer. Er is hier een temperatuurverschil van vele duizenden graden ten aanzien van de omgeving.

  • Men zoekt een oplossing voor economische en structurele moeilijkheden in een hernieuwde groei. Zijn de gevaren van deze expansie en verdere industrialisatie niet groter dan de mogelijke voordelen?

Een kikvors zag een os en wilde ook zo groot zijn. Dan, zou meende hij, zouden alle moeilijkheden met zijn sloot wel voorbij zijn. Hij blies zich dus steeds verder op. Tot hij barstte.

Uitbreiding van industrie, groeiende economie, voeren tot een vergelijkbaar effect. De werkelijke oplossing ligt volgens mij in grotere duurzaamheid van product, spaarzaamheid met en eventuele herwinning van grondstoffen, plus een juistere verdeling van de verbruiksmogelijkheden.

Dit komt ook neer op een andere verdeling van besteedbaar inkomen onder de mensen. In feite zou het systeem van Bellamy: jaarinkomen, slechts bruikbaar gedurende dat jaar, maar wel volgens eigen wens en onafhankelijk van de taak die men volbrengt, de meest passende oplossing zijn. Arbeid zou dan prestige, maar geen inkomen met zich brengen, automatisering zou een productie overeenkomstige behoefte mogelijk maken, handwerk zou aan persoonlijke wensen tegemoetkomen, verspilling zou afnemen. Toch zie ik een dergelijke oplossing voorlopig nog niet zitten, want zij zou een einde maken aan de voorrechten en belangrijkheid van vele technici, politici, beambten en directeuren van internationals, terwijl ook officieren e.d. opeens niets meer zouden zijn dan de eerst de beste straatjongen. De heersende machten zullen dus wel al het mogelijke doen om een dergelijke afdoende oplossing te voorkomen.

Een andere, voorlopige oplossing zou kunnen liggen in het aanpassen van alle productie aan de werkelijke basisbehoeften van de gehele wereldbevolking en deze vrij te verspreiden. Want denken, machtsdenken, verdeling denken zouden plaats moeten maken voor behoeftebesef.

Eventuele extra wensen zou men dan desnoods nog steeds middels extra prestaties kunnen verwerven. Helaas is uw systeem op toenemende winst gebaseerd, waarbij eenieder probeert iets meer te krijgen dan een ander of tenminste meer te verkrijgen dan anderen. Deze zgn. groeiende welvaart is alleen mogelijk bij groeiende productie, voert tot overproductie en de noodzaak, het overtollige te vernietigen en de productiecapaciteit drastisch te beperken. Wat in een systeem alleen middels oorlog te bereiken is.

  • Is het kabbalistisch denken niet-joods van oorsprong?

Het kabbalistisch magisch denken stamt uit de Chaldese rijken, komt voor in Egypte in de periode dat de twee kronen verenigd worden, maakt deel uit van de wichelarij in Nineve en Babylon. De Joden hebben in deze landen langere tijd als balling doorgebracht en hebben deze methode, gebaseerd op een vaste indeling van de bovennatuurlijke machten, daar vermoedelijk geleerd en aangepast aan hun eigen filosofieën. Cijferleer en interpretatieleer dragen kennelijk Babylonische trekken.

In Jezus tijd werd het kabbalisme ook bij de Joden veel gehanteerd, o.m. bij uitlegging van de wet en overlevering. Vooral onder de farizese – en Sadducese sekten vinden wij beoefenaars van deze kunst.

De eerste publicatie over dit denksysteem vindt echter eerst plaats in 922 door een joodse geleerde, die eerst in Salamanca woont, maar later nog meer noordelijk trekt. Hij kwam in Spanje met de Moorse legertros. De geschriften worden dan aangevuld in Frankrijk en de volledige versie, zoals men die nu kent, ontstaat dan ook eerst in de 15e en 16e eeuw in Frankrijk.

Van een zuiver Joodse oorsprong kan dan ook volgens mij niet gesproken worden, ofschoon de leer u vanuit het jodendom heeft bereikt. In het boek “de Tuin vol Pomgranaten” komt bv. een hoofdengel voor, die omschreven wordt met de attributen en eigenschappen, die eens het kenmerk waren van de god Marduk. Andere gegevens lijken letterlijk te zijn overgenomen van attributen en eigenschappen, die eens Thoth heetten te kenmerken.

  •   Is de kabbala een deel van de stanza’s van Dzyan?

De u bekende stanza’s van Dzyan vormen een zeer klein deel van een zeer oud en oorspronkelijk in Sanskriet geschreven “geheim” werk. De kabbala komt daarin niet voor, maar wel een systeem van naamduiding dat lijkt op de methoden, die wij aantreffen in de kabbalistische Gematria. Het boek Dzyan bevat in feite een samenvatting van oude filosofische wijsheden, gericht op de juiste hantering van het ik binnen de wereld en een juist beschouwen van de wereld vanuit het ik. De bekend geworden stanza’s vormen echter een zo gering deel van het geheel, dat zij geen indruk kunnen geven van de werkelijke inhoud en betekenis van dit werk.

  • Wanneer de geest zich bewust wordt van het goddelijke licht in zich, ziet hij dit licht dan ook in de schepping buiten zich?

 Wanneer de mens zich bewust wordt van het goddelijke licht in zichzelf, wordt hij zich bewust met zijn verbondenheid met al het lichtende buiten zich. Wanneer hij echter leert het licht volledig te aanvaarden geldt de volgende stanza uit een ander boek: “Ingaande tot het licht zag ik een gestalte en ontmoette mezelf. Ziet, onze gestalten verslonden elkaar en ik was één met het licht. En ik was niet meer.” Wat wil zeggen: als afzonderlijk ego bestond ik niet meer, als besef was ik één geworden met het totale Licht. Wat mij het enig juiste antwoord hierop schijnt

  • Bestaat er een remedie tegen osteoporose?

Indien optredend op latere leeftijd kun je haar voorkomen. Het is nl. mede een kwestie van leefwijze en vooral van een juiste voedsel- en bewegingsbalans. Indien uw voeding is aangepast aan uw bewegingspatroon en in samenstelling evenwichtig, krijg je lichamelijk hierdoor een dermate grote harmonie, dat ook de botten en botkernen actief blijven. Nu vernieuwen botten zichzelf niet zoals andere weefsels, maar vullen zichzelf wel aan. Door het gestelde is de porositeit en breekbaarheid, die anders door ouderdom wel ontstaan, grotendeels of geheel te voorkomen. De enige andere therapie, die mogelijk is, is een hormoonbehandeling van speciale aard, waarbij echter om andere kwalen te voorkomen, het gehele lichaam enig groeihormoon dient te ontvangen. Deze behandeling kent voorlopig echter volgens mij nog te vele problemen.

  • Kunt u iets zeggen over de christusboodschappen door het medium Grant?

Opvoeding en persoonlijkheid spelen altijd een grote rol in de wijze, waarop middels een medium boodschappen worden weergegeven. Soms beïnvloedt dit ook de “persona” die als boodschapper naar voren treedt.

De Christusgeest overigens is overal en kan in alle mensen tot uiting komen, zodat u wel moet beseffen dat de Christus zich op vele plaatsen in de wereld op vele wijzen manifesteert en niet slechts op één manier door een medium. Besef dat de kracht die uitgaat van een reine broeder van grotere betekenis is dan de uiting van 1000 broeders, die de neiging van hun persoonlijkheid volgen.

Een mooie stelling, waaraan ik het volgende wil toevoegen: wanneer u onder reine broeder iemand verstaat die, in zich de waarheid kennende, voortdurend volgens die waarheid handelt, hebt u gelijk. Elke mens die te zeer gebonden is aan eigen tijdelijke kwaliteiten en eigenschappen en zich daaraan niet kan onttrekken, zelfs wanneer hij beseft dat deze niet juist zijn, zal, welke invloed hij verder ook moge bezitten, niet veel goeds van blijvende waarde op aarde tot stand kunnen brengen. Elke mens, die zich bewust volledig onthecht en in deze onthechting op de duur de zin van zijn stofbestaan gaat zien, zal eveneens weinig tot stand brengen. Hij echter die de waarheid in zichzelf kent en zichzelf lichamelijk en in gedachteleven beheerst, zal hierdoor een bewustzijn en gedachteleven verwerven, ja, ook geestelijke krachten verwerven, waarmee hij op aarde veel tot stand kan brengen.

  • Hoe is het mogelijk dat men zich met iemand, waarmee men geen langdurig contact heeft gehad en soms alleen kent, door wat anderen zeggen, zo zich verbonden kan voelen dat men volledig met zo iemand meeleeft? Voorbeeld: de door smart bevangen stemmen, waarmee commentatoren de dood van de paus bekend maakten en om hem bleken te treuren.

Het voorbeeld is niet juist gekozen, want u spreekt nu over mensen, die met hese stem juichen, wanneer er een doelpunt wordt gescoord, ofschoon zij in feite geheel niet van voetballen houden. Toch dient u te beseffen dat er tussen mensen, ook al hebben zij elkander nooit gezien, banden kunnen bestaan op grond van geestelijke waarden die niet stoffelijk uitdrukbaar zijn. Er ontstaat een gevoel van harmonie en verbondenheid, een gevoel de ander te kennen. Afstanden spelen geen rol hierbij, innerlijke afstemming wel. Indien bij u een innerlijke afstemming aanwezig is, zult u de gelijkgestemde herkennen, zelfs in zijn uitingen of in beeld geziene uiterlijkheden. Men voelt zich dan ook verbonden met het lot van de ander zoals dit tot uiting komt. Men zal ook vaak aanvoelen wat zich innerlijk voltrekt en op grond daarvan vele zaken die door anderen betreurd worden, als een bevrijding kunnen erkennen en aanvaarden. Soms gaat het niet om een werkelijke persoon, maar om een voorstelling, die men in zich draagt, zoals bij vele nonnen en paters in kloosters.

  • Ik gaf als voorbeeld ook nog de popidolen en de krankzinnige verering daarvan.

De betrokkenheid is in dergelijke gevallen niet in de persoon zelf. Deze is eerder een soort symbool voor een emotie of innerlijk gebeuren in de vereerders.

Zoals het ervaren van Jezus bij sommige mensen voerde tot een absolute vereenzelviging met een deel van diens leven – vaak diens lijden – en daardoor bij sommige mensen stigmata deed ontstaan. Realiseer u dat die uiting overeenstemt met voorstellingen, die niet geheel met de feiten stroken. Er is dus geen sprake van een eenwording met een historische werkelijkheid, maar meer een in het ik bestaand beeld, dat zozeer het innerlijk beheerst, zozeer tegemoetkomt aan innerlijke behoeften of verlangens, dat de geest de kentekenen daarvan zelfs in de stof kan afdrukken.

Popidolen zijn eveneens beelden, die de mensen in zich opnemen om zo een reden en uitlaat voor bepaalde gevoelens te scheppen. Blijkt het idool niet of niet meer aan dit beeld te beantwoorden, dan wordt het snel vergeten of zelfs verguisd.

  • Kortgeleden werd hier gezegd, dat sterke emoties van de moeder tijdens de zwangerschap voor het kind vaak een soort basisprogrammering betekenen. Stelt dit eisen aan de seksuele activiteiten van de vrouw in die tijd?

Zolang die activiteiten een kwestie zijn van vrije en vreugdige beleving volgens mij niet. Alles, wat vrij, vreugdig, intens is en geluk betekent voor de moeder, zal het kind positief programmeren – stoffelijk overigens – en is dus aanvaardbaar.  

Wel zou het mooi zijn wanneer de moeder, zeker na de 3e à 4e maand, zich niet meer zou behoeven op te winden over negatieve, onaangename of schunnige dingen. Dit zal immers door verandering van de stoffenbalans in de moeder de groei van het kind beïnvloeden en een soort: programmering in negatieve zin – angsten, neurosen zelfs – vormen.

De moeder zal op emoties, zoals elke mens, lichamelijk reageren door een verandering in de balans van de interne secreties. Daar zij in feite de omgeving van het kind vormt en met haar lichaamssappen het kind voorziet van al wat het van node heeft, zal het deze residuen van eigen emotie ook aan het kind overdragen, waar de werking echter soms veel sterker is en een soort prenataal trauma kan veroorzaken.

  • Ik heb vele boodschappen van Benjamin Grant in mijn bezit. Zij bevatten hoge leringen.

Lees deze eens aandachtig na, maar breng u eerst voor de geest, wie en wat Grant zelf is. U zult dan vele boodschappen aantreffen, die ongetwijfeld van geestelijke oorsprong zijn, aangevuld met gegevens, die kennelijk uit het medium zelf stammen en zult u eveneens beseffen dat de vorm waarin het geheel is gegoten, direct betrekking heeft op de opvoeding en jeugdervaringen van het medium.

U zult zelfs kunnen aanvoelen en mogelijk zelfs zonder twijfel kunnen constateren dat vormgeving, pretenties e.d. direct afhankelijk schijnen te zijn van de persoon van het medium zelf en de contacten tussen medium en omgeving, zodat mijn eerder gegeven uitleg u niet meer als geheel ongeloofwaardig zal voorkomen.

Zou u het medium aanhoren, dan zult u ontdekken dat de uitstraling van kracht, die vaak optreedt, zelden naar voren komt op het ogenblik dat de zgn. grote, maar wat vage leringen worden gegeven, terwijl vaak een intense uitstraling ontstaat op het ogenblik, dat kleinere en schijnbaar bijkomstige verkondigingen worden gedaan. Gezien dit alles, wat u zelf eventueel kunt controleren, meen ik mij te mogen bepalen tot mijn reeds eerder gegeven antwoord.

  • Eliphas Levi zou eens gezegd hebben dat de mens een vergaarbak is van het goddelijk scheppende en in standhoudende denken…

Uitgaande van de visie van deze curé en zijn achtergronden kun je op grond van deze uitspraak stellen: De mens is inderdaad de uiting van het goddelijke. Als zodanig is in hem inderdaad de goddelijke vonk steeds aanwezig. Hij is geen vergaarbak zonder meer, maar vormt de realisatie van een deel van de goddelijke mogelijkheden en is in feite ook de min of meer bewuste uitdrukking daarvan.

Zichzelf kennende als geheel zal de mens toch steeds weer delen van zichzelf niet beseffen en zo zijn wegen gaan, afdalende tot de aarde en uiteindelijk weer opgaande in het licht. Zijn bewustzijn zal daarbij in het licht ook steeds weer verbleken, tot zijn bewustzijn het menselijke ontwassen is en zijn ik in staat is het werkelijke licht, verblindend als het is voor anderen, bewust te aanschouwen en te beleven. Dit nu is het belangrijke in de mens. Eliphas Levi maakt dit ook duidelijk: de kracht bestaat uit een volledige beheersing, zo zegt hij, plus de volledige aanvaarding. Geen angst of geen verwerping mag in u zijn, doch slechts de erkenning van de innerlijke kracht en het werken dat op deze kracht is gebaseerd. Zo zal het geheel van de mogelijkheden onderworpen worden aan de wil van de magiër, mits deze zijn eigen instelling tot de hoogste waarden van eigen ik daarbij voortdurend blijft beseffen.

Ik zou daaraan willen toevoegen: wanneer wij de mens beschouwen, moeten wij daarbij beseffen dat deze mens in zijn huidige verschijningsvorm slechts de uiting is van iets wat van grotere betekenis en waarde is. Want hij behoort in de eerste plaats tot de kringloop van de ziel en daarnaast tot de spiraal van de tijd. Zijn werkelijke wezen echter behoort tot de tijdloosheid. Dit alles beziende wordt de magie, het magische denken, maar ook het mystiek beleven en denken, geheel duidelijk: wij vinden daarin de beleving en macht van hetgeen wij werkelijk zijn door de ontkenning van datgene wat wij nu menen te zijn. Nog verder komen wij, wanneer wij beseffen dat alle uiting in zich mede een uiting van het goddelijke is, of wij deze uiting nu aanvaarden of verwerpen. Dan beseffen wij ook dat wij, door juist en volgens eigen wezen te reageren, binnen de uiting en wel met een zo groot mogelijk besef en beheerstheid van het erkende ik, kunnen komen tot een steeds verdergaande beleving van het goddelijke licht, zo steeds meer sferen bewust doorlopende en gelijktijdig in onszelf de krachten verzamelende, waardoor wij steeds meer meester over steeds meer sferen worden en een groter inzicht kunnen verwerven. Ten laatste: onze mogelijkheden zijn altijd gebonden aan de grondeigenschappen die de Schepper ons ingelegd heeft.

image_pdf