Waar of niet waar

uit de cursus ‘Voorspellingen‘ (hoofdstuk 7 ) – april 1980

Waar of niet waar

Als wij bezig zijn met voorspellingen dan worden we vaak geconfronteerd met aanwijzingen die zowel positief als negatief kunnen worden geïnterpreteerd. In deze tijd waarin praktisch de gehele mensheid in meer of mindere mate aan paranoia lijdt is het gebruikelijk dat men het negatief doet. Omdat het negatieve het best aanslaat, tenzij het een zuivere prognose betreft, moet men alles positief interpreteren, want dat horen de mensen liever. Bij dit waar of niet waar spelletje zit je altijd met de vraag: hoe interpreteer je het? Een eenvoudig voorbeeld:

De oude profeten hebben het voortdurend gehad over de Redder, de Messias, de Bevrijder. Ze hebben er allerlei dingen over verteld. Hij was uit het geslacht van koning David en zo verder. Al die dingen vinden we terug in de Evangeliën. Maar zijn die voorspellingen nu uitgekomen? Als je al die voorspellingen bij elkaar pakt, dan zie je dat er een verwachting van een positief ontknopen in is uitgedrukt van het joodse volk.

Nu komt Jezus. Hij wordt voor een aantal mensen (het was nog maar een kleine sekte) de werkelijke Messias en prompt verschijnen er geschriften die proberen al die stukjes van de profetieën die op Jezus slaan aan elkaar te lijmen. Soms wordt zelfs de levensgeschiedenis van Jezus een beetje aangepast aan de profetieën. Dit is iets waarbij men meestal niet verder stilstaat.

Het gaat hier niet om het waar of niet waar zijn van een geloof. Geloof is nu eenmaal iets waarin je vertrouwt zonder dat je daarvoor een redelijke zekerheid hebt. Het gaat er om wat doen wijzelf met voorspellingen? Dan kun je een hoop voorspellingen zonder meer wagen. Bijvoorbeeld:

De heer Wiegel zal binnenkort toch meer ambtelijke deining moeten veroorzaken dan hem lief is. Dit is een voorspelling die, zoals we de vorige keer hebben gezegd, een waarschijnlijkheidsfactor heeft van 60 tot 70 %. Maar het is bovendien een voorspelling die in de feiten ligt. Dat kun je vooruit voelen, dat kan niet anders.

Als je zegt de heer Van Agt gaat op reis en wanneer hij daarvan terugkomt staat hij ineens voor onaangename feiten, dan is dat eigenlijk ook geen voorspelling. Dat is uit de aard der zaak waar, want dat hij op reis gaat is juist om voorlopig een paar onaangename beslissingen te voorkomen. Zo’n voorspelling is altijd waar. Maar als ik nu ga zeggen dat hij door zijn reis voor Nederland grote voordelen zal verkrijgen, dan is dat gezien de richting waarheen hij gaat (Indonesië) toch niet erg waarschijnlijk. Een dergelijke voorspelling is dan onwaar. Dit waar of onwaar is de vraag waarmee we steeds weer worden geconfronteerd, ook als het gaat om zaken van meer geestelijke aard.

Men kan zeggen dat de geest van de nieuwe tijd binnenkort over de mensen vaardig zal worden. Dat is waar. Maar als ik zeg dat dit dan een positieve uitwerking zal hebben, dan is dat voor de meeste mensen niet waar. Want wat gebeurt er?

Er is een mentaliteitsverandering. Goed, die is er al. De onmacht is omgeslagen naar een greep naar de macht bij heel veel mensen. Maar als die nieuwe geest nu doorwerkt, wat ontstaat er dan in feite? Chaos. Datgene wat nu bestaat wordt voor een deel aangetast en gaat voor een deel te gronde. De tegenstellingen worden scherper. Dan kun je nooit zeggen: het is voor iedereen goed.

Ik heb geprobeerd om in het kader van deze cursus zo het een en ander bijeen te brengen wat interessant zou kunnen zijn. Dan beginnen we in het verleden, in Rome.

In Rome bestonden de z.g. Geheime Boeken van de stad. Ze bestonden uit profetieën. Al die profetieën hebben naar men zegt zichzelf vervuld, totdat iemand de boeken heeft weggenomen. Ze wisten niet meer wat ze moesten doen zeiden ze. Dat laatste is natuurlijk zeer twijfelachtig. Die boeken zijn naar ik meen vernietigd. Ik meen dat de christenen daaraan schuld waren en dat dat was gebeurd in het jaar 280 na Chr. en niet 10 v. Chr. zoals wordt verteld.

Als ik nu kijk naar wat er in die boeken stond, dan waren dat eigenlijk alleen maar raadseltjes. Een echte profetie is en blijft een soort raadsel. Als ik iets wil voorspellen, dan kan ik dat op korte termijn doen in termen die voor die tijd passend zijn. Maar als ik probeer dat voor een verre toekomst vast te leggen, dan moet ik termen kiezen uit mijn eigen tijd en dan kom ik veel meer in moeilijkheden.

Stel dat ik bv. zeg: de beer trekt binnen in Brandenburg. Een heel vrije interpretatie van wat Nostradamus heeft geschreven in een van zijn kwatrijnen. Dat zou dus betekenen dat Brandenburg de stad of Brandenburg de staat (beide bestonden in die tijd) wordt overvallen; dat de Russen daar de macht krijgen. Maar nu zijn er toevallig nieuwe Brandenburgen al ligt het meest bekende nog aan deze kant van Berlijn. Als ik dus die voorspelling doe, dan moet ik definiëren welk Brandenburg ik bedoel. Ik moet ook definiëren wat ik bedoel met de beer. Als ik daarvoor de oplossing niet geef ben ik de enige die weet wat mijn profetie betekent.

Heel veel bekende voorspellers hebben datzelfde geintje uitgehaald door allerlei mystieke beelden te gebruiken. Een van de bekendste daarvan is het boek Openbaringen.

In het boek Openbaringen staan allerlei dingen voorspeld. Maar wat moet ik verstaan onder ‘Vier Ruiters’, de ruiters van de Apocalyps? Zijn zij werkelijke wezens? Als ik geloof dat er demonen bestaan, dan is het misschien waar. Maar als ik zie wat ze over de wereld brengen, dan zeg ik: tenzij dit een zuiver natuurlijk ingrijpen is –  en dat is in deze dagen bijna onvoorstelbaar –  moet er iets anders zijn. Dan is het beeld dat is gegeven alleen waar indien wij kunnen interpreteren wat die ruiters voorstellen. Als ik dat niet kan zeggen is de voorspelling als zodanig voor mij onwaar, omdat elke conclusie die ik eruit trok misleidend is.

Het is erg leuk om dat te doen met die oude voorspellingen. Maar vraag u eens af wat er gebeurt als iemand in deze tijd een voorspelling doet. De president van de Nederlandse Bank bv.. Hij heeft het er altijd over dat het steeds slechter gaat. Is dat waar? Het ligt er maar aan waar je naar kijkt. Het gaat inderdaad steeds slechter voor degenen die niet in staat zijn om op enigerlei wijze deel te hebben aan die bedrijven die de werkelijke winst maken en wegmoffelen zodat ze van de belasting nog miljoenen aan extra steun kunnen ontvangen. Dan kan ik zeggen: het is waar of niet waar vanuit mijn positie beschouwd. Ik meen dat dit iets heel belangrijks is als we met voorspellingen te maken hebben. Vooral als het voorspellingen van anderen zijn, dan is het heel voornaam te weten wat is mijn eigen positie?

Als ik niet weet wat mijn eigen mogelijkheden zijn, welke invloeden mij kunnen beheersen en welke invloeden door mij nog net beheerst kunnen worden, zal ik nooit kunnen zeggen wat voor mij de betekenis is van een voorspelling. Dan is elke voorspelling, die ik op haar uiterlijke waarde aanneem zonder haar aan te passen bij mijn persoonlijke situatie, voor mij onwaar. De waarheid is dan gelegen in de toepassing van een aanvaardbare voorspelling op het geheel van mijn omstandigheden, zodat de voorspelling voor mij wordt tot een persoonlijke beleving die nog in de toekomst ligt.

Het heeft weinig zin u allerlei dingen te vertellen waar u niets tegen kunt doen. Dat gebeurt wel regelmatig. Wij maken ons er ook schuldig aan. Het is meer te danken aan het feit dat de mensen daar juist nieuwsgierig naar zijn dan dat het op zich zo belangrijk is.

Als ik u nu zeg dat er morgen onverwachts in de middag nog enige regen zal vallen, dan kan het misschien ertoe bijdragen dat u een paraplu meeneemt. En dan heeft dat zin. Maar het heeft geen zin om een paraplu mee te nemen als u de hele middag binnen zit. Daar begint de zaak eigenlijk voor ons interessant te worden.

Wij zijn nu de hele tijd bezig geweest met de kunst van het voorspellen. We hebben ons beziggehouden met handlijnkunde, het kaartleggen en al die dingen meer. In de eerste plaats een voorspelling heeft voor mij alleen betekenis indien ze mij tevoren een algemene situatie laat zien waardoor ik voor mijzelf enige mogelijkheid tot aanpassing kan verwerven. Dit moet u goed onthouden. In de tweede plaats een voorspelling heeft pas waarde en is voor mij pas waar indien ik op grond van een eerste geconstateerd uitkomen daarvan een verder verloop dermate snel kan voorzien dat ik de gevolgen ervan voor mijzelf kan wijzigen. In de derde plaats: voorspellingen zijn gevaarlijk op het ogenblik dat wij proberen onze verlangens in het voorspelde te projecteren. Daarom moeten wij nooit proberen de voorspelling aan te passen aan hetgeen wij wensen, maar wel overwegen wat ze betekent gezien dat wat wij kunnen.

U wilt natuurlijk ook graag voorspellen. Wat is nu eigenlijk de kunst van het voorspellen? Het is de kunst van de ware dichter. De dichter neemt een grote samenhang van woorden en comprimeert die zodanig dat hij met een minimum aan woorden het maximum uitdrukt en gelijktijdig een sfeer, een gevoel overbrengt dat in het oorspronkelijke betoog niet of ternauwernood aanwezig was.

Voorspellen is niet alleen maar even in de toekomst kijken. Luikje opendoen, hoe is het overmorgen. Het is werkelijk aanvoelen welke ontwikkelingen spelen zich op dit moment af? Welke mogelijkheden ontstaan daaruit? En dan het geheel van die mogelijkheden te herleiden tot de essentie, te ontdoen van overtolligheden en tenslotte de sfeer, waarin het geheel zich zal afspelen, te laten meespreken in datgene wat u mededeelt. Nu weet u het. Dus als iemand komt en u vraagt: wat zal mijn lot zijn? Dan moet u niet beginnen met bv.: Ja, ik zie wat ellende, maar binnenkort zal een donkere man uw pad kruisen. Dat kan verbetering brengen, als u niet die bruine man onverstandigerwijs de voorkeur geeft. Als u de juiste keuze doet, dan brengt de loterij ook nog zegen op uw huis. Net of de loterij een duif is die voorbij vliegt en iets laat vallen. Dat is waarzeggerjargon. Zoals de verre reis die altijd van pas komt. Als je zegt: een reis, dan kom je daar ver mee. Kijk, als u naar uw tante gaat die twee straten verder woont, dan is dat ook een reis, want u verplaatst zich. Dus heeft u altijd gelijk. Op die manier kunt u alleen maar vaagheden projecteren. Het is het versieren.

De werkelijke helderziende, de werkelijke profeet ziet heus wel feiten in de toekomst. U moet zich niet vergissen door te denken dat iemand, die u in dat waarzeggerjargon allerlei dingen voorspiegelt, alleen maar bezig is u te bedriegen. Dat hoeft helemaal niet. De essentie van hetgeen hij wil zeggen is volgens de waardering van deze profeet voor u alleen aanvaardbaar, indien het verpakt wordt in een aantal conventionele en eigenlijk nietszeggende beloften.

U wilt dus voorspellen. Het eerste dat u doet is kijken naar een mens. Als u een mens ziet dan heeft hij een uitstraling. Als u die uitstraling goed in de gaten houdt dan kunt u daarvan het een en ander aflezen. U kunt bv. zeggen: u heeft de laatste tijd lichamelijk enige moeilijkheden. Het is niet ernstig, maar u moet er toch wel rekening mee houden. U moet het iets kalmer aan gaan doen. Beheers u, want als u zich gaat opwinden dan komen er moeilijkheden. Dat is een redelijke raadgeving die een redelijke voorspeller (ik heb het dan niet over de helderziende, maar over iemand die gevoelig is voor de uitstraling van een ander) zonder meer kan geven.

Wat kun je zo iemand verder zeggen? Als u naar zo’n persoon kijkt dan komen er altijd wel indrukken of beelden opzetten. Ofschoon die indrukken en beelden op zichzelf natuurlijk kolder zijn. Bijvoorbeeld: ik zie u staan met een paard. In een grote stad lijkt het mij. Ik geloof dat het Wenen is. Daar kunt u dan een mooi verhaal van maken. U wordt uitgenodigd voor een reis naar Wenen. Maar als ik dat beeld krijg, dan moet er (onthoud dat goed) een relatie zijn uit het verleden of in de toekomst met deze stad en ook met dat beeld. Het paard behoeft niet noodzakelijk dat dier te zijn. Het kan uw reisleider zijn. Zo’n indruk kunt u onmiddellijk toetsen. U zegt dan: u bent in gedachten bezig met Wenen. U bent vooral bezig met een betrekkelijk grote straat die uitkomt op een klein plein en daar staat een groot gebouw. Bent u kort geleden in Wenen geweest? Zegt de ander neen, dan kunt u met zekerheid zeggen: dan komt u er. Dan is dat beeld zonder meer waar als ik het weet te interpreteren. Maar het kan net zo goed zijn dat die persoon zit na te denken over een vakantiereisje van 10 jaar geleden en wat er toen allemaal is gebeurd. Als u dan zegt: u gaat naar Wenen, dan zal hij er een heel andere associatie uit halen.

Het juiste voorspellen is ook nog een kwestie van het winnen van informatie zolang je niet zeker bent. Indrukken krijg je te over. Als ik iemand bezig zie met een apparaat, dan weet ik misschien niet wat dat voor een apparaat is, maar ik weet wel zeker dat zo iemand technisch bezig is. Ik zeg: ik zie u aan het werk met een apparaat. Bent u bezig met een technische vernieuwing? Zegt de persoon ja, of ik zie dat hij even opschrikt maar toch neen zegt, dan weet ik: het is ja. Dan zeg ik: houdt u er rekening mee dat u dit heel veel arbeid gaat kosten en dat u daarvoor zeer waarschijnlijk niet onmiddellijk waardering vindt. Dan is de voorspelling goed; ze is waar.

Zou ik echter zonder meer uitgaan van het standpunt: u gaat met een machine aan het werk, dan heb ik grote kans dat ik ofwel onwaarheid zeg, dan wel dat ik een onwaarheid suggereer; en dat is nog veel erger.

Ik heb nu maar een paar beelden genomen die in de lucht hangen. Ik probeer u daarmee duidelijk te maken dat waar en onwaar vaak meer te maken hebben met het beeld dat wij bij een ander wekken dan met hetgeen wij zeggen. Neem de heer Van Agt. bv.. Als hij een verklaring aflegt, dan is die feitelijk en juridisch waar zoals ze gaat. Maar gezien hetgeen anderen eruit begrijpen is wat hij verkondigt in wezen een onwaarheid, omdat hij daardoor het anderen onmogelijk maakt te begrijpen waar het wezenlijk om gaat. Dit is geen politiek, dit zie je overal.

Je kunt zeggen: een mens is lichamelijk in een minder goede staat dan hij denkt. Dat voel je wel aan. Maar dan moet je je ook even afvragen of je daarvan de oorzaak kunt noemen of daarin misschien alleen verandering kunt brengen. En dan moet je nog kijken of het de persoon zelf aangaat of iemand waarmee hij in gedachten erg veel bezig is. Alleen op die manier vind je de waarheid.

Als ik probeer om het op een meer algemene basis te doen, dan moet u ook onthouden: voorspellen is niet alleen maar het intuïtief weergeven van zaken. Want wat ik intuïtief ervaar of de voorstelling die ik krijg, moet ik kunnen toepassen op de wereld van vandaag. Ik moet de betekenis ervan kunnen uitleggen, anders heeft het geen zin.

Je kunt natuurlijk wel tegen iemand zeggen: ik zie u daar staan boven op een meloen met een banaan in de hand. Er gaat iets met u gebeuren. De kans is dan groot dat de ander denkt: ik ga voor aap staan.

Wat betekent nu die meloen? Meloen is een vruchtbaarheidssymbool en ook een Halloween symbool. U krijgt een beetje te maken met magie. Verder heeft hij een banaan in de hand; er gaat iets op een bepaald gebied gebeuren en er is kans dat daar magie van enigerlei soort bij betrokken is.

Nu begin ik de zaak in een verband te brengen. Maar ik kan het nog niet ronduit zeggen, want dan moet ik mij afvragen: wat is de uitstraling van de persoon? Wat is zijn reactie op die voorstelling? Wat is de wisselwerking daar tussen? Dan pas kom ik in de richting van de waarheid. Het beeld op zichzelf, hoe goed het ook is ontvangen, blijft onwaar tot de juiste correlatie is gevonden met de persoon aan wie het beeld wordt voorgelegd of uitgelegd.

Wat is het lot van deze wereld? Kijk, als je de wereld alle ellende voorspelt die je je maar denken kunt, dan heb je in 8 van de 10 gevallen zeker gelijk. Als je de mensen op die wereld iets goeds voorspelt, dan is de kans dat het waar wordt eveneens 4 op 5. Maar de kans dat ze het merken is 1 op 10. Daar ligt het angeltje.

Deze wereld zou vergaan. Een voorspelling die we heel vaak horen. Is dat waar? Het is waar, als we het interpreteren als volgt. De wereld, zoals wij die kennen, gaat ten onder en zal zodanig niet meer kunnen terugkeren. Want de gehele structuur, zoals die op dit moment op de wereld bestaat (sociaal, economisch, religieus) wordt aangetast door een steeds groter wordende persoonlijke mondigheid plus een tijdelijk sterke toename van egoïsme. Daardoor kan de oude structuur niet meer blijven bestaan. We komen dus werkelijk in een nieuwe wereld terecht.

Maar als ik die ondergang nu zonder meer geef, dan denkt iedereen de aardas gaat kantelen. Het is heel vreemd; als er iets gaat gebeuren, dan kantelt altijd de aardas. Mensen die zo denken zijn zelf ook gauw uit het lood geslagen, anders zouden ze die associatie niet maken.

Atlantis zal weer opduiken. De maan zal op de aarde vallen of de aar­de valt in de zon. Dat zijn allemaal voorspellingen die zinloos zijn, al klin­ken ze nog zo verschrikkelijk. Al die dingen zijn mogelijk. De maan kan op de aarde vallen. Een lichte verschuiving en er gebeurt wat. De aarde kan in de zon vallen. Een bepaalde baanverstoring en er ont­staat een spiraal die waarschijnlijk binnen 50 jaar resulteert in een onleef­baarheid op aarde en binnen 100 jaar in een absorptie door de zon.

Wat zijn de huidige situaties? Waarmee hebben we te maken? We kunnen het volgende constateren. Er zijn een groot aantal verschillende zonnefactoren praktisch gelijktijdig werkzaam. Zonnefactoren zoals zonnevlekken hebben invloed op aarde, op de levensvormen, op het klimaat en op het gedrag van de mensen. Wanneer een groot aantal van die factoren vanuit de zon tezamen optreden, dan is een anomalie denkbaar bij mens en dier en zal dit zowel in het klimaat als in de actie van de aarde tot uiting komen. Dat is waar. Maar wanneer zal dat gebeuren? Hoe zal dat gebeuren? Nu wordt het gevaarlijk.

Als ik zeg dat de mensheid opstandig wordt, dan vertel ik alleen iets wat ik al weet, want ze is dat al. Als ik vertel dat de mensheid revolutie wil, dan heb ik ook gelijk, want dat wil ze nu al een hele tijd. Maar kan dit? Is dit haalbaar of denkbaar? Dan is het antwoord neen, voorlopig nog niet, want op het ogenblik dat er een revolutie uitbreekt ontstaat er een enorme hoeveelheid geweld. Dit geweld op zichzelf frustreert elke bedoeling en zin van de revolutie.

Niet iedereen kent de Surinaamse revolutie. De Surinaamse revolutie is namelijk een ambtelijke omwenteling waarbij alles bij het oude blijft maar alleen door anderen een beetje anders wordt gedaan. Maar als zelfs bij de Surinamers dergelijke dingen voorkomen, dan behoeven we heus niet te denken aan andere revoluties. Nicaragua, Colombia, e.d.. Dan moeten we wel aannemen, het wordt niet erg prettig in de komende tijd. Maar wat zal het resultaat ervan zijn?

Als ik nu kennis heb van de huidige situatie, dan kan ik mijn profe­tie inkleden in termen waardoor duidelijk wordt wat de feitelijk betekenis is. En dan pas heeft mijn voorspelling een werkelijke, een ware betekenis. Zullen we het proberen voor Nederland?

Wij hebben in de laatste tijd te maken gehad met de ontwaarding van het gezag die is ontstaan door een groeiend wantrouwen tegenover degenen die gezag uitoefenen. Als dit het geval is, dan moeten we dus verwachten dat elke onrust die ontstaat en elke verhoogde activiteit, zoals die in deze periode bijna onvermijdelijk wordt, gericht zal zijn tegen het gezag. Er is sprake van een steeds sterker wordend conflict tussen regeerders en geregeerden. Dit komt omdat de verwijdering tussen beide partijen zo groot is dat ze elkander niet meer wezenlijk begrijpen. Dan kan ik daaruit mijn conclusie trekken en zeggen:

Er zullen nog heel wat harde acties worden gevoerd binnen Nederland van zowel gezagszijde als van de andere zijde. Daar een officieel goedkeuren van dergelijke acties steeds moeilijker zal worden zal een toenemend aantal van die acties zowel in de sociale sector (vakbonden e.d.) als in de communale sector (verandering van samenlevingsaspecten) zeker z.g. wild gebeuren. De steun die wordt gegeven aan dergelijke acties blijft steeds meer op de achtergrond. Dan moeten wij nog verdere conclusies trekken.

Degenen die op een dergelijke wijze tot acties komen zullen niet in staat zijn de werkelijke betekenis van hun acties, hun eisen of hun denken te overzien. Dientengevolge zullen zij zich dictatoriaal opstellen tegenover anderen. Dit betekent, dat steeds meer partijen en fracties in de strijd worden gemoeid. Dit impliceert weer dat de maatschappij over ongeveer 7 maanden in een situatie terecht is gekomen waarin niemand meer de juiste weg weet om de conflicten te ontgaan. Alle omstandigheden die ik hier heb gesteld zijn juist. De extrapolatie die ik daarop baseer is in overeenstemming met hetgeen ik weet zowel omtrent de werking van de zon als ook omtrent de verschillende geestelijke invloeden die de aarde kosmisch zullen treffen. Dit is dus een verantwoorde, een ware profetie.

Nu kun je dit politiek zeggen, maar je kunt het ook geestelijk zeggen. Als ik het geestelijk ga zeggen, dan wordt alles ineens onredelijk. Wat zijn die onredelijke factoren? Onredelijk is het aannemen van een kosmische beïnvloeding, zeker als die van geestelijke geaardheid is. Maar als ik die invloeden erken en ik zie dat hun inwerking op aarde steeds een vergelijkbaar effect heeft, dan hoef ik mij niet af te vragen of die invloeden echt zijn. Dan zeg ik gewoon dat de constatering van die invloeden op zichzelf een aantal herkenbare toestanden zal scheppen.

Welke invloed denkt u heerst er op het ogenblik? Wit, inderdaad. Niet rood zoals de anderen zeggen. Rood is namelijk hartstocht zonder meer. Dan slaan de emoties met de mensen op hol.

Waarmee we op het ogenblik te maken hebben is een rationele erkenning van toestanden en de daaruit voortkomende polarisatie. Maar als het voor uzelf wit is, wat betekent dat dan? Want als we die factor constate­ren, dan moeten we ons ook afvragen wat ze voor ons betekent, omdat we al­leen op die manier onze verdere verwachtingen ook t.a.v. onszelf kunnen interpreteren en dichter komen bij de waarheid van hetgeen voor ons hier uit voortvloeit. Dat is belangrijk.

Voor de meeste mensen betekent wit dat ze geconfronteerd worden met tegenstellingen die ze een lange tijd vergeten waren. Het houdt in dat bepaalde gevaren en bezwaren uit het verleden wederom komen opduiken, dat zowel goede als verkeerde dingen, die je eigenlijk een beetje op de achtergrond had geschoven, nu weer aan het licht komen en dat je nu je houding door de erkenning die je nu verkregen hebt zult moeten bepalen. Met andere woorden: wit licht betekent voor u allemaal, of u het weet of niet, het nemen van beslissingen.

Daar achter komt rood. Een rood-periode zal korte tijd na Pasen aanbreken en die houdt wel een tijdje aan tot we gelukkig weer een stukje blauw krijgen. Als je deze wereld bekijkt dan zal het ongeveer als volgt gaan:

Er zullen een aantal acties zijn welke zeer waarschijnlijk sterke gevoelens wekken en daarmee ook vaak een krachtig ingrijpen van een andere groep noodzakelijk maakt. Dat moet niet veel verder weg zijn dan 3 à 4 weken van heden (± 25 april). Wanneer dit gebeurt zal er nogal stevig geknokt worden. Kort daarna krijgen we echter een blauw-periode. Dit betekent dat we dan een korte tijd zullen worden overspoeld met analyses van het gebeuren waarbij we wel degelijk ook met de feiten worden geconfronteerd, als we maar de regels kunnen lezen. Daarna krijgen we een korte tijd een geel-factor.

Geel is levenskracht. Levenskracht betekent van alles. Het betekent ook dat als u nu toevallig ziek bent, uw ziekte net zoveel energie krijgt als uzelf. Voor uzelf is het dus vooral op lichamelijk gebied een versterken van bepaalde tegenstellingen, maar het is gelijktijdig het verwerven van meer veerkracht, daardoor een groter optimisme en zeer waarschijnlijk ook het vermogen om meer feiten op te nemen. Geheugenstoornissen zullen in die periode veel minder voorkomen. Het is niet redelijk, maar het is steeds weer opgetreden.

Als ik nu werk aan de vergeetachtigheid van mensen die de laatste tijd zovelen grote moeilijkheden hebben bezorgd, dan zeg ik: als u rekening houdt met een periode waarin de tegenstellingen sterk zijn en u uw weg niet helemaal kunt vinden, dan zal daarna een zeer emotievolle tijd aanbreken. In deze periode is het erg belangrijk dat u zich niet te emotioneel gebonden gaat voelen met de strijd of de tegenstellingen die zich afspelen. Want pas daarna krijgt u de kans om op adem te komen. Eerst als u tot bezinning komt zult u uw evenwicht kunnen vergroten en daardoor een beter beeld kunnen verwerven van datgene wat voor u in deze wereld werkelijk belangrijk is.

Wilt u feiten weten? Ik zal u een paar geven. Wij hebben de factor wit waardoor de tegenstellingen steeds groter worden. Wat zijn op het ogenblik de belangrijkste tegenstellingen in de maatschappij? In de eerste plaats vakbond / regering. Of om het anders te zeggen noodzaak tot besparingen enerzijds en de egoïstische behoefte meer te krijgen anderzijds. In de tweede plaats wij hebben te maken met problemen als de krakers en dergelijke actiegroepen. Mensen die op zichzelf gelijk hebben, maar die een zodanige uitdaging voor het gezag beginnen te vormen dat het gezag zich wel tegen hen moet afzetten. Twee factoren dus. Nu zullen die dingen wel duidelijk worden, maar van een al te groot geweld zal er nog geen sprake zijn. Er is meer sprake van standpuntbepaling in deze periode.

Als het nu een paar weken verder is, dan hebben we de rood periode en zullen de mensen zich minder goed in bedwang kunnen houden. Dan kunnen daar­uit onlusten voortkomen en is het voorvallen van strijdtonelen waarbij gewon­den misschien zelfs doden vallen bijna zeker.

Wat moeten we verder nog voor feiten hebben? Feiten dat het hier en daar misgaat. Er komt weer een kerncentrale stil te liggen in Nederland. Het duurt niet lang, 2 weken. Er zullen wat moeilijkheden zijn in een chemisch bedrijf in het oosten van het land. Zeer waarschijnlijk het gevolg van het ontsnappen van een bepaalde methyloplossing. Als ik dit allemaal moet waarderen op waarschijnlijkheid, dan geef ik het een waarschijnlijkheid die ligt tussen de 70 en 90%. Dat is betrekkelijk hoog.

Wat heb ik nu eigenlijk gedaan? We hebben het nu over waar of niet waar. Ik heb de waarheid, zoals die zich in mij manifesteert, vertaald in termen van wat u interesseert. Daarbij heb ik een aantal factoren die in mij bestaan niet volledig kunnen meerekenen. Het gevolg is dat de waarheid van mijn eerste beeld groter is dan van mijn tweede beeld.

Als je weet dat er sterke temperatuurwisselingen komen, dan is het heel aanvaardbaar te zeggen dat binnenkort een groot aantal mensen erg verkouden zullen zijn. Is dit nog profetie? Het is een waarschijnlijkheid, zeker. Maar op welke hoogte houdt de waarschijnlijkheidsberekening op en begint het werkelijke voorspellen? Heeft u daar wel eens over nagedacht? Het is namelijk zo, op het ogenblik dat ik geheel uitgaande van de u bekende feiten de toekomst met enige zekerheid kan beschrijven, heb ik te maken met waarschijnlijkheidsberekening. Op het ogenblik dat ik situaties of toestanden die nu niet afleesbaar zijn, althans niet in details, omschrijf, is er sprake van voorspelling of profetie, omdat de factoren die ik naar voren breng niet door waarschijnlijkheidsberekening zonder meer aantoonbaar of aannemelijk te maken zijn. Ook hier is het weer de vraag: wat is waarlijk voorspellen en wat is het eigenlijk niet?

Voor uzelf geeft het niet. Die vraag kun je alleen stellen indien je bezig bent met een beeld van de wereld of van landen. Als ik zeg dat er bv. in Engeland grote moeilijkheden zullen ontstaan en dat als gevolg daarvan een aantal explosies zullen plaatsvinden, waarschijnlijk in de komende 3 à 4 dagen, dan heb ik gelijk. Want dan zeg ik iets wat niet redelijk is. Maar dan moet ik wel nagaan of dat klopt met de mogelijkheden. Ik heb dus een mate van waarschijnlijkheidsberekening nodig om de aanvaardbaarheid van mijn profetie onder ogen te kunnen zien. Maar als ik nu met een mens of met mijzelf bezig ben en ik probeer een profetie te doen, dan heb ik die redelijkheid niet nodig. Ik gebruik onbewuste factoren. Niet alles wat je weet in de voorspelling komt allemaal uit de geest, uit het hogere of uit de kosmos. Het wordt je niet allemaal thuisbezorgd. Je hebt een hele hoop thuis zitten.

Heel veel profetieën zijn niets anders dan een soort doe-het-zelf ­geval waarbij het onderbewustzijn datgene aanvult wat het bewustzijn nog niet kan overzien. Voor u geeft het niet of het uit de geest komt of ergens anders vandaan. Belangrijk is dat het klopt. Een kloppende profetie heeft de grootste betekenis als er een factor in zit waardoor ik zelf positie kan kiezen. Een heel aardig voorbeeld daarvan is:

Ik zit in een auto. Ik beweeg mij in de richting van een onoverzichtelijk kruispunt. Op het ogenblik dat ik daarop toestorm met een snelheid van 90 km/u rem ik af, omdat ik voel dat een door mij niet constateerbare tegenligger aankomt, of dat er op de kruising iemand met volle vaart komt aanrijden. Dat klopt heel vaak. Dit is geen voorspelling, eerder een telepathisch overzien van een ogenblikkelijke toestand.

Ik droom dat ik op een bepaald kruispunt kom. Ik zie daar beelden van een benzinestation, een winkel en nog zo wat. Ik zie verder dat daar twee auto’s op elkaar rijden. Ik rij zelf en kan niet afremmen. Dit kan een symbooldroom zijn. Maar 5 dagen later kom ik in een omgeving die ik niet ken. Ik ben misschien aan het toeren. Ineens zie ik al die gegevens voor mij. Wat moet ik dan doen? Onder het een of ander voorwendsel stilstaan. Als ik dat niet doe bestaat de mogelijkheid dat het vervolg zich afspeelt. Niet de zekerheid, de mogelijkheid. Zeker is dat ik door stil te staan de hele situatie voor mijzelf en mogelijk zelfs voor anderen heb veranderd. Als ik dan even wacht en dan heel voorzichtig het kruispunt nader kan er mij in ieder geval niets overkomen. In dit geval heb ik te maken met een voorspellende droom waaruit als consequentie een verandering van mijn persoonlijk gedrag mogelijk is geworden.

Iemand zegt tegen mij: je moet oppassen, want ik zie dat je slipt. Als dat gebeurt zul je een lange tijd in het ziekenhuis liggen. Vraag. Wat kan slippen betekenen? Het kan uitglijden betekenen, het kan ook betekenen dat mijn wagen slipt. In het eerste geval uitkijken. Houd er gewoon rekening mee dat er een kans is om uit te glijden.

Gaat u met een wagen op stap, houd er rekening mee dat de wagen kan slippen. Alleen al door het feit dat u daarmee rekening houdt zullen de gevolgen anders zijn. Een dergelijke profetie behoeft zich niet te vervullen, omdat mijn eigen veranderd gedrag invloed heeft op de resultaten die worden voorspeld.

Met deze drie voorbeelden heeft u misschien iets begrepen van wat belang­rijk is.

Nu zult u, als de profetie niet uitkomt, zeggen dat ze niet waar is. Maar als ze uw gedrag heeft beïnvloed is de kans groot dat ze wel waar is, want uw gedrag heeft voor u de situatie veranderd. Maar zonder de invloed waardoor dat mogelijk werd is de kans dat de profetie juist zou zijn geweest toch zeker 90 %.

Als ik zeg: mijn droom is niet waar, want er is niets gebeurd, ik heb stilgestaan en er zijn geen auto’s op elkaar gereden, dan heb ik dus niet de volledige vervulling van de profetie gezien. Maar doordat mijn gedrag is veranderd zijn de gevolgen veranderd. Voor mij zal het verdere verloop van de gebeurtenissen beïnvloed zijn. In zoverre was deze voorspelling dus waar.

U heeft de mogelijkheid om heel veel af te lezen. U heeft de mogelijkheid om voor uzelf heel veel dingen te erkennen. Die erkenning betekent niet dat ze altijd waar is. Als je bv. van de duivel droomt is het helemaal niet zeker dat je schoonmoeder op bezoek komt. Maar is het wel zo dat u door uw aanvoelen te vertalen als iets waarmee u rekening moet houden in staat bent de omstandigheden, wanneer ze optreden, beter te beheersen.

Beschouw elke voorspelling als een waarschuwing. Denk nooit dat u in een algemene waarschuwing te allen tijde betrokken zult zijn. Als ik u vertel dat er onlusten zullen uitbreken in Den Haag (zeer waarschijnlijk in de buurt van Scheveningen), dan heb ik 90 % kans dat het uitkomt. Maar als u nu toevallig net aan het winkelen bent in het centrum, dan merkt u daar niets van; dan leest u het hoogstens in de krant of u ziet het op de t.v. Denk dus niet dat u bij die algemene dingen betrokken zult worden.

Als ik zeg: er is een crisis, dan betekent het niet dat die crisis u treft. Het betekent alleen dat de algemene omstandigheden daardoor worden beïnvloed. Houdt u rekening met het optreden daarvan, dan kan het voor u soms eerder een voordeel dan een nadeel betekenen.

Denk niet dat een algemene voorspelling voor u volledig van toepassing is. Realiseer u dat uitgaande van uw mogelijkheden, uw kunnen en uw inzicht, in staat bent u vrijelijk binnen een algemene voorspelling te bewegen. Naarmate de voorspelling meer persoonlijk wordt zal de waarheidsfactor voor u daarin groter zijn. Zolang er echter een uitwijkmogelijkheid is kunt u nog steeds aan die invloed ontkomen.

Wij kunnen vele voorspellingen, die op zichzelf waar zijn, negeren en daardoor voor onszelf tot tijdelijke onwaarheid maken. Wij zijn niet gebonden aan een noodlot, maar wij zien de aanduidingen van een waarschijnlijk lot waaraan we ons door een afwijkende reactie kunnen onttrekken.

Dit alles bij elkaar maakt duidelijk dat waar of onwaar op een voorspelling nooit van toepassing kan zijn volgens de algemeen geldende norm. Dat betekent dat onwaar alleen daar waar een aperte onjuistheid of onwaarheid direct kenbaar wordt kan worden verondersteld. Zelfs dan is het mogelijk dat een deel van de voorspelling juist is.

Als wij zeggen dat een voorspelling waar is, dan betekent dit niet dat daarin alle beschreven feiten of factoren als zodanig en direct waar zullen worden. Het betekent slechts dat er een bepaalde tendens met bepaalde knooppunten voor ons ligt en dat wij door juist te reageren de toekomst verder mede kunnen bepalen.

Waar of onwaar is niet met zekerheid te zeggen. Als de dingen die ons worden voorspeld uitkomen, dan is dat in 9 van de 10 gevallen onze eigen schuld. Niet omdat wij volgens een suggestie leven, maar omdat wij wei­geren in te grijpen op het ogenblik dat we de mogelijk daartoe beseffen.

Ik hoop dat u niet denkt dat het spelletjes zijn. Van de vorige les met de percentages zeiden er mensen: ik word er gek van. Maar als u dat niet weet, hoe kunt u dan dat wat ik nu heb gezegd op de juiste manier verwerken? Er is een samenhang. Het is gemakkelijk een avond te vullen met enkele profetieën, waar of niet waar. Maar de samenhang die ik u probeer te tonen en die ik u in de hele cursus steeds weer heb voorgelegd, hoe schijnbaar onsamenhangend het vooral in het begin soms leek, geven u de mogelijkheid om voor uzelf enigermate te voorspellen en vooral om voorspellingen, van welke zijde die ook mogen komen, juister te waarderen en er persoonlijk op in te spelen. Daar gaat het om in deze cursus.

Opmerkingen betreffende het onderwerp van de cursus

Als wij spreken over voorspellingen, dan spreken wij over datgene wat wij tevoren denken te weten omtrent datgene waarvan wij niets weten; en wel op een zodanige manier dat we soms waarmaken wat we niet wisten.

Als wij ons bezighouden met voorspellingen, dan denken wij aan de Bilt. De Bilt geeft voorspellingen die meestal uitkomen, behalve als je erop had gerekend. Op deze manier zitten wij allen met voorspellingen een beetje in onze maag. De mensen denken dat een voorspelling iets is waarvan je altijd zeker kunt zijn tot het ogenblik dat ze moet uitkomen.

Een voorspelling is over het algemeen iets waarop de mens zijn verwachtingen stelt in de hoop dat hij gelijk krijgt t.a.v. anderen die hetgeen hij als waarheid beschouwt ontkend hebben. In dit opzicht zijn er heel veel voorspellingen over het einde van de wereld, de economische crisis en andere zaken in omloop.

Als u een dergelijke voorspelling hoort moet u zich altijd realiseren dat degene die de voorspelling geeft haar geeft in de hoop dat ze waar wordt, omdat hij alleen als ze waar wordt gelijk krijgt en zo zichzelf kan zien als verstandiger en beter dan u ooit geweest bent. Als u echter beter en verstandiger wilt zijn dan degenen die dergelijke voorspellingen doen, moet u zich niet afvragen: wat is de waarheid die in mij leeft? Wat is de kracht die in mij bestaat en hoe kan ik daardoor een beeld krijgen van mijn juiste handelingen in de nabije toekomst?

Een voorspelling kan nooit een geheel omvatten; ze zal altijd uit fragmenten bestaan. Daar iemand die fragmenten altijd weer tot een geheel zal trachten samen te voegen is over het algemeen het resultaat ongeveer als een giraffe met olifantspoten of een olifant met giraffepoten. Dat zijn onmogelijkheden, omdat men door het samenvoegen der delen nooit komt tot het juiste besef van de mogelijke samenhang in het geheel.

Daar u hiermede al enkele beschrijvingen heeft gehad wil ik nu proberen persoonlijke profetieën en voorspellingen aan een nader onderzoek te onderwerpen.

Als ik iets voorspel t.a.v. mijzelf is het over het algemeen de wens die de vader is van de gedachte. En als daar iets van uitkomt, blijkt alleen dat de moeder onbekend was.

Als ik een voorspelling doe t.a.v. een situatie of omstandigheden die mij mede betreffen, dan zal ik althans ten dele gelijk hebben door mijn aanvoelen. Maar ik zal er rekening mee moeten houden dat ik door mijn houding te veranderen eveneens grote veranderingen in de betekenis van het geheel voor mij tot stand kan brengen.

Als ik een persoonlijke voorspelling geef voor een ander, dan moet ik er rekening mee houden dat alleen, als ik de ander op de juiste manier aanvoel en benader, ik een zodanig rapport met de ander kan verkrijgen dat ik hierdoor kom tot een aflezen van de mogelijkheden die voor de ander bestaan. Als ik die als zekerheden weergeef, dan is dat ongetwijfeld omdat ik niet in staat ben alternatieve mogelijkheden voldoende en gelijktijdig te beseffen.

Elke voorspelling heeft zin en betekenis omdat ze een weergave is van mogelijkheden in de toekomst en daardoor wijst op de mogelijkheden die er voor onszelf bestaan. Indien wij geen gebruikmaken van een voorspelling als aanwijzing voor gevaar, dan moeten we gewoon die voorspelling naast ons neerleggen. Voorspellingen hebben namelijk geen zin als wij ze beschouwen als een verwezenlijking die zonder ons ingrijpen tot stand zal komen en die ons volledig zal beheersen. Slechts waar wij proberen om zelf datgene wat wij voorvoelen of voorzien mede te beheersen, komen we tot een daadwerkelijk deelhebben er aan en zullen we als zodanig ons aandeel daarin mede kunnen bepalen.

Dan stel ik nog de volgende punten.

Een profeet is iemand die zo ver in de toekomst schouwt dat een an­der op dit ogenblik toch niet meer kan controleren of hij gelijk heeft of niet.

Een voorspeller is iemand die kleine zaken t.a.v. een toekomstig ge­beuren zodanig weergeeft dat ze voor degenen die leven nog controleerbaar zijn.

Degene die algemene voorspellingen geeft zal doorgaans proberen eer­der een bepaalde mentaliteit aan te kweken dan bepaalde feiten aan te kon­digen. Een ieder heeft daarmee rekening te houden. En als u geen zin heeft om u door vele voorspellingen te laten misleiden, dan moet u altijd afgaan op uw eigen inzicht en mogelijkheden en daarbij rekening houden met alle re­acties van anderen die u altijd kunt constateren. Het is namelijk de wissel­werking tussen het “ik” en alle anderen waardoor de feiten van de toekomst voor een groot gedeelte mede worden bepaald.

Ingrijpen van bovennatuurlijke of andere krachten in een toekomstige ontwikkeling is mogelijk, maar het is niet zeer waarschijnlijk. Daarom heeft het geen zin daarop te rekenen. Hoogstens mag men verwachten dat, als men zelf probeert in te grijpen, deze ingreep wordt versterkt in een mate die voor het “ik” zonder meer onmogelijk zou zijn geweest.

Wij zijn vrij in het bepalen van onze levensweg. Wij zijn gevangen bin­nen het kader van het geheel van de ontwikkelingen waarin wij geboren zijn. Daar dit een feit is moeten we ons niet afvragen hoe het beter zou zijn, maar hoe wij ons beter kunnen bewegen binnen het bestaande ka­der. Slechts daar waar het kader begint te falen kunnen wij nieuwe uit­wegen zoeken, maar die worden dan zelfs op dat ogenblik nog mede bepaald door het kader waaruit wij proberen te ontsnappen.

Als u probeert om de eeuwigheid een ogenblik in het heden te over­zien, dan moet u ook nog het volgende onthouden:

Alle voorspellingen omtrent het leven na de dood, want meer zijn ze niet, hebben voor u weinig betekenis zolang u op aarde leeft. Wanner u op aarde leeft heeft u namelijk te maken met het leven op aarde. Alle geestelijke en andere beïnvloedingen en krachten die u voor na de dood in het vooruitzicht worden gesteld zijn twijfelachtig. Bovendien, hoe kan een ander weten wat God wil? Hoe kan een ander weten hoe de duivel u al bij de kladden heeft? Daarom, laat u niet leiden door dergelijk ficties van anderen. Laat u alleen leiden door uw innerlijke gevoelens, ook t.a.v. een hiernamaals en probeer dit om te zetten in een eigen manier van leven en denken in het nu, in uw stoffelijk heden.

Nog een paar afsluitende opmerkingen.

Wij kunnen niet rekenen op een gelijkmatig verloop van gebeurtenissen op aarde. Dit zal dus ook geestelijk eveneens het geval zijn. Wij hebben in feite voortdurend te maken met stroomversnellingen. Het zijn juist in deze stroomversnellingen dat we onbeheersbaar in een bepaalde richting worden gedwongen, tenzij wij tevoren rekening ermee houden en zo de mogelijkheid behouden ons eigen tempo en daarmee onze eigen gerichtheid te beheersen.

Als een maatschappij in een versnellingstoestand verkeert, moeten wij onszelf leren beheersen en onszelf leren richten op datgene wat voor ons nog steeds wenselijk en goed is. Alleen op die manier kunnen we waarmaken wat in ons als mogelijkheid is gelegen. Elke voorspelling die de stroomversnelling als onontkoombaar voorstelt is foutief. Slechts als wij met een werkelijke waterval te maken krijgen is het zaak om uit de stroom te komen voordat we naar beneden donderen.

Als u bezig bent met dit onderwerp, dan moet u verder alstublieft niet vergeten dat alles een samenhang heeft. Alles wat in deze cursus is gezegd, hoe vaak het ook zonder samenhang werd gesteld vanuit uw standpunt, heeft een samenhang.

Wijzelf zijn een complex. Wij kunnen niet een deel van ons wezen afzonderen. Zo is het ook met de tijd, met het gebeuren en met de mogelijkheden. Deze vormen een geheel en wij kunnen geen delen daarvan afzonderen. Wij kunnen slechts aan de delen de werking van het geheel herkennen. Zoals dit bestaat t.a.v. de mens, zo bestaat het t.a.v. de toekomst. Niemand die zich bezighoudt met de toekomst doet er goed aan zich te beroepen op het verleden. Dat wilde ik u nog even zeggen.