Werken met krachten op verschillende bewustzijnsniveaus

Er zijn in het menselijk bestaan een aantal krachten, sommige zuiver materieel, andere geestelijk. Wanneer we ze een beetje wil­len benoemen dan kunnen we daarvoor hier en daar gangbare namen gebruiken. We hebben in de eerste plaats wat men noemt dierlijk magnetisme, in de tweede plaats wat men noemt Od-kracht, in de derde plaats hebben we geconcentreerde levenskracht, die eigenlijk voor een deel bij het levenslichaam en voor een deel bij het astraal behoort. Daarnaast kennen we verschillende vormen van geestelijke energieën die kunnen worden opgevangen, getransformeerd en door het lichaam weerkaatst.

De procedures die gebruikt worden zijn sterk afhankelijk van de persoon die met die krachten werkt. Ik zeg dit nadrukkelijk opdat u niet denkt dat alles behoort tot een zeker ritueel, dat is zeker niet waar. We hebben wél te maken met onze eigen instelling.

Laat me een paar heel eenvoudige voorbeelden geven: U bent ziek. Normalerwijze hebt u genezende energieën. Door die ziekte bent u bezig met uw eigen kwaal. Wanneer u dan met dierlijk magnetisme of levenskracht probeert een ander te genezen, is de kans erg groot dat u er allebei slechter, en niet beter van wordt. Want u bent geconcentreerd op een disharmonisch aspect in uw eigen lichaam en zult onwillekeurig het disharmonische aspect van de ander bij uzelf overnemen. U neemt dus veel eerder de symptomen over dan anders het geval is, terwijl u in de tweede plaats geen harmonische maar een onevenwichtige kracht overdraagt naar de ander. Het is duidelijk: dergelijke dingen moeten we niet doen.

De niveaus van bewustzijn van een mens zijn nogal verschillend. We hebben natuurlijk het direct bewuste werken, wat menig magnetiseur dan ook wel gebruikt. We hebben daarnaast het werken vanuit het onbewuste. We hebben ook nog het werken naar concentratie en vaak meditatie, op basis van geestelijk aanwezige krachten op niveaus, waarbij we zelf met ons eigen bewustzijn geen beperking meer vormen voor datgene wat naar ons toevloeit en wat we van daaruit doorgeven. De bewuste wijze van werken is betrekkelijk eenvoudig. Men stelt zich voor wat men gaat doen. Men neemt vervolgens dit beeld aan als een werkelijkheid. Het is dus een autosuggestief proces. Vanaf dit ogenblik handelen wij alsof de energieën aanwezig zijn, ook wanneer we het zelf niet voelen. Het wonderlijke is dat wij bij genezing, maar ook bij bepaalde andere zaken, dan zonder meer effect bereiken. Denken wij dat beroering noodzakelijk is, dan zullen wij, wanneer we wat afstand nemen van de patiënt, geen kracht kunnen uitstralen. Wanneer we echter aan de telefoon met iemand bezig zijn, en we stellen ons voor dat we alleen via het geluid van onze stem de kracht overdragen, dan blijkt dat ook op zeer grote afstand een directe werking bereikt kan worden.

Werken we op afstand, (genezing, inductie van dromen, overbrengen van gedachten of gevoelens), dan dienen we rekening te houden met het volgende: Wij bouwen, en dat is een bewust proces, een voorstelling op van degene die we willen bereiken. Die voorstelling behoeft niet volledig zuiver en juist te zijn, behoeft geen foto te worden, al is het maar iets wat weer lijkt op het portret dat uw drie‑ of vierjarig dochtertje van u tekent, ‑ met een paar lijntjes, pijpensteelfiguur ‑, maar je moet wéten dat het die ander is. Daardoor breng je in feite de ander in je nabijheid. De ander is direct bij je, is in je gedachten.

Al wat je al dus doet gaat over een korte afstand. Het blijkt dat door het uitschakelen van het begrip afstand, afstand voor dergelijke krachten weinig of geen beperkingen betekent. Dit geldt ook trouwens voor wat men dierlijk magnetisme noemt. En dat is wel het meest verwonderlijke, omdat dit toch voor een groot gedeelte door het lichaam zelf wordt geproduceerd, kennelijk is alleen de voorstelling, en daardoor het afwijzen van de huidige werkelijkheid, voldoende om die kracht, of iets wat er op gelijkt, op grote afstand te doen herontstaan. Dan kennen we het onbewuste werken. Zeker wanneer iemand nog geen bewust en deskundig genezer is, zal het heel erg moeilijk zijn om bv. een diagnose te stellen. Probeer het dan ook niet. Zeg ten hoogste als je iets aanvoelt: o, u hebt daar geloof ik pijn, maar ga er niet verder op in. Elke omschrijving die u geeft legt als het ware voor uzelf de werking van uw krachten vast.

U stelt: ik wil genezen. Daar bent u dus mee bezig. Of: ik wil een gedachte overdragen, of wat anders. Daarna vergéét u het eenvoudig. U kunt de patiënt genezen en gelijktijdig Shakespeare citeren, of als u dat liever wilt, het sprookje van Repelsteeltje vertellen. Uw eigen denken is niet belangrijk meer en omdat u geen voorstellingen eraan verbindt zult u op onbewust niveau synchroniseren met de lichaamsstromingen, dus ook de onregelmatigheden, van de ander.

Werkt men op deze manier, dan zal men vaak zien dat een genezer, automatisch eigenlijk, door die aura gaat en de handen blijven precies staan waar de juiste contactpunten zijn. Hij haakt bewust of onbewust in op bepaalde knooppunten van levensstroming, zoals je die bij acupunctuur ook wel ziet. Of hij wendt zich naar bepaalde plaatsen in de aura, en dan is het opvallend dat één daarvan over het algemeen een chakra vormt, of vlak daarbij is gelegen. Je kunt op die manier betere resultaten bereiken. Dan kun je natuurlijk ook werken met meer geestelijke krachten, waarbij overigens de nu omschreven weer stoffelijke krachten natuurlijk niet uitgesloten zijn. Een belangrijke factor hierbij, is je eigen levensenergie. Om werkelijk met hogere krachten te werken is het noodzakelijk dat die levensenergie als het ware rustig is, vlak is. Men bereikt dit door procedés als meditatie, of eventueel gewoon beschouwen van iets. Doe je dit dan ontstaat daardoor de innerlijke rust die je nodig hebt.

Wil je nu de patiënt verder genezen, dan kun je daar nog aan toevoegen dat je, als het ware in de meditatie, je verbonden wilt gevoelen met een hogere wereld. Het resultaat zal over het algemeen zijn, dat inderdaad, wanneer entiteiten aanwezig zijn, zij uw oproep horen, en dat daarop gereageerd wordt. Zowel uw eigen wezen, dat eveneens tot bepaalde sferen behoort, als deze ander, voeren energie toe, maar deze energie moet omgevormd worden. Het signaal van uw patiënt is een signaal van een bepaalde verstoring. Dat wordt ook in uw eigen levensenergie afgetekend, maar deze is in zich rustig en wil zich dus herstellen. Alle energie die komt, wordt gebruikt om te herstellen en om te zorgen dat als het ware verdere verstoringen niet voor kunnen komen, of ongedaan worden gemaakt. Al die energie die daartoe nodig is, vloeit automatisch door naar de patiënt, die immers de oorzaak van de storing is.

Bent u echter zelf onrustig, dan zal een deel van de geestelijke, en misschien ook levensenergie, gebruikt worden om in uzelf weer een beetje rust en een niveau tot stand te brengen. De doorwerking naar de ander is dan geringer. U zult zeggen: ja, nu ben je bezig met genezen, genezen, genezen. Het is inderdaad datgene waarvoor je die krachten het vaakst gebruikt. Maar er zijn andere dingen. U hebt waarschijnlijk allemaal wel gehoord over telekinetische elementen, poltergeist verschijnselen. Worden heel vaak door jeugdigen veroorzaakt, vooral in de puberteitsjaren. Wat blijkt het geval te zijn? Onbewuste ressentimenten of wensdromen, bepalen de uitstulping van energie ‑ in casu heel vaak een soort plasma, of ectoplasma, als u dat liever hebt ‑, en de effecten die dit zal hebben.

De jeugdige die stenen door de lucht laat vliegen die alle ramen verbrijzelen, is heus niet bezig bewust ramen in te gooien. Maar hij of zij heeft een bepaald ressentiment, en het opheffen daarvan is het veroorzaken van een zekere wanorde en een zekere storing, en misschien zelfs iemand voor gek laten staan. Het is duidelijk: hier is een onbewust proces bepalend. Nu horen we ook van mediums die dat doen. Eén van de bekendste was David Home, die, zoals u weet, o.m. het ene raam uitzweefde en het andere weer binnen. Dan kun je zeggen: ja, was het geen illusie? Nou het kan héél goed echt gebeurd zijn, maar één ding staat vast: wanneer de man het zo had gewild, dan was hij misschien nog het raam uitgekomen, maar rustig verder naar binnen. Neen, want dan was hij bezig geweest met zijn omgeving en met zijn relatie tot de omgeving. Deze man wil alleen maar duidelijk maken dat er kracht is. Hoe, dat weet hij zelf niet. En één daarvan is dan: ik ben zo geconcentreerd. Ik, let wel, ik wil dat duidelijk maken. Zonder dat er een bepaling bij is dat hierdoor de toestand van levitatie ontstaat. En dan denken anderen: O, mijn God, wat gebeurt er? Als hij nou naar niet het raam uitgaat. En daar ga je. Maar in je eigen denken, zijn denken, was hij temidden van de kring aanwezig. Dus als hij het raam uitging, moest hij ook weer terug komen. Dit is een volledig onbewust gereguleerd proces waarbij de aanleiding weliswaar een wilsactie kan zijn, maar waarbij de hele resultante door onbewuste factoren, en soms door geestelijke factoren, bepaald wordt.

Laten we een aardig voorbeeld nemen: Als u een elastiek neemt, u rekt het zover mogelijk uit, dan kunt u er geen prop mee weg schieten. Als u het half spant, gaat het wel, maar u krijgt nog niet het optimale resultaat. Wanneer het echter in de aanslag, ‑ jongens en meisjes zouden dat weten, vooral in de klas ‑, praktisch ontspannen is, dan heb je een hele hoop rek en je kunt nog beter richten ook, (dat voor de jongeren die eventueel daartoe nog genoopt zijn), en je kunt over het algemeen een beter effect bereiken. Dit is dus wat anders dan een pijl en boog. Waarom? Omdat de grootste mogelijkheid om iets in structuur te veranderen, daaraan inherente energieën als het ware te richten, ligt op het niveau van ontspanning, zodat een absolute vrijheid van beweging ontstaat. Ik weet niet of het een goed voorbeeld is, maar zoniet dan kunt u daar dadelijk over klagen. Het gaat mij erom duidelijk te maken dat het met uw denken en uw persona, hele persoonlijkheid, ongeveer zo is: natuurlijk kunt u bepaalde dingen doen in een toestand van absolute spanning, maar de effecten zijn dan op zeer korte afstand en meestal voor een kortere tijd. Hoe meer u ontspannen bent, hoe groter de mogelijkheid van verder gaande effecten. De draagwijdte is groter, en bewust of onbewust kunt u ook beter richten. U kunt dus op een verder afstand een doel raken als het ware, of een werking tot stand brengen die als het ware zichzelf continueert.

Wanneer je de energieën die in ons schuilen zou willen vergelijken met normale vormen van energie, dan zou je kunnen zeggen: in ons allen is een zeker geestelijk en materieel gewicht aan kracht aanwezig, maar het is energie van plaats: het wordt bepaald door het feit dat wij bestaan en leven, en onze eigen instelling daarbij bepaald dus de hoogte.

Nu zijn er heel veel mensen die zeggen: ja, maar ik heb enorme energieën nodig. Een groot rotsblok krijg je moeilijk in beweging, maar één kiezelsteentje van een voldoende hoogte afvallende, kan een hele lawine ten gevolge hebben. Wanneer wij bezig zijn met krachten die we allemaal proberen te reguleren, en ik ontvang het van de geest, en ik doe er dat mee, dan zijn we voortdurend bezig om een zo groot mogelijke steen te pakken te krijgen. Maar die vergt van ons zelf energie.

Wanneer we naar een hogere sfeer gaan, en hier is de aarde, dan is normaal, laten we zeggen, astraal, hier (Het medium wijst een hoogte aan). Goed, dat is een kleine afstand. Als het valt is de doorslagkracht gering. Zomerland ligt iets hoger, doorslagkracht groter. Een hoge geestelijke sfeer die ik me niet voor kan stellen, maar waar ik mee één ben: doorslagkracht enorm. Dan gaat het dus niet over de hoeveelheid alleen, maar het gaat doodgewoon over de uitwerking die het kan hebben. Wanneer u heel bewust telepathisch wilt zijn, en u zit te denken: Mien -Mien -Mien ‑Mien zet de kachel laag, zet de kachel laag, zet de kachel laag. Dan zal Mien misschien wel denken. god, is er iets met de kachel: nou ik zie niks, ik ga door. Maar wanneer u op een hoger niveau komt dan zegt u niet meer. Mien, zet de kachel laag, maar je hebt ergens een begrip “warmte reguleren”, veel minder exact. Dat gaat eigenlijk niet uit van Mien, maar: ja, die warmte moet gereguleerd worden. Hogere wereld: hé, is het hier niet te warm, zegt Mien, en ze is niet eens persoonlijk aangesproken. Op die manier kun je dat verder uitbouwen. Je kunt leren bepaalde werkingen tot stand te brengen die eigenlijk helemaal niet meer bepaald zijn, behalve in geaardheid. Die geaardheid bepaal je door de wijze waarop je je instelt, de kracht die we gebruiken. Want dat moet je toch weten voor dat je gaat werken.

Maar wat daarna komt wordt niet meer bepaald door jezelf, door je bewustzijn. Het wordt bepaald door de verhoudingen die tussen je hoogste en je laagste voertuig bij wijze van spreken aanwezig is. En dan blijkt dat je gedachten kunt uitzenden die de hele wereld omgaan. Het is eigenlijk vaak zielig als je ziet hoeveel moeite mensen doen om een bepaald iets te bereiken. Ik heb iemand meegemaakt die in bed ging liggen, en zei: ik wil uittreden, ik wil uittreden, ik wil uittreden. En soms werkt het als schaapjes tellen, dan snurkte hij. Soms bleef hij er gewoon wakker van, maar uittreden kwam er niet bij. Waarom? Omdat uittreden helemaal niets te maken heeft met wat je wilt, maar met wat zich in je afspeelt.

Als u zou willen uittreden en u wilt daar gewoon, laten we zeggen, astraal niveau en levenskrachtniveau voor gebruiken, ach, dan is het eigenlijk voldoende om je voor te stellen dat je ergens anders bent. En zodra je het gevoel hebt dát je er bent, moet je niet meer zelf het gebeuren bepalen. Je neemt waar, je bent waarnemer. Als je dat trucje kent dan kun je over het algemeen heel ver uittreden. U kunt mijnentwege een plaatje nemen van de Eiffeltoren, daar heeft u toch wel een beeld van, en u denkt bij uzelf: nu sta ik onder de Eiffeltoren. En als daar nu toevallig net een aanslag wordt gepleegd, of er een demonstratie is, (want je weet nooit wat er in Frankrijk allemaal gebeurt), dan ziet u dat. En als je dan wakker wordt, dan zegt u: hé, gek, ik heb gedroomd, er waren een aantal mensen aan het demonstreren daar bij de Eiffeltoren. Gek is dat hé? En dan slaat u ’s avonds de krant op en dan staat het er uitvoerig in. Dat was nou een uittreding.

Als u geestelijk wilt uittreden, is het natuurlijk haal erg leuk om te zeggen: ja, ik wil naar Zomerland ‑ het geestelijk Mallorca bij wijze van spreken ‑, ik wil naar Zomerland, uittreden naar Zomerland. Nou, het enige wat je er van krijgt is hoofdpijn en verwarde dromen. Maar stel je gewoon voor: er is een geestelijk leven, en dat leven kent natuurlijk vormen, hoe zou het zijn? En voor je het weet heb je het idee: hé, ik zie een voorstelling ontstaan, een soort fantasie. Ga daar maar in, kijk maar rond, en voor je het weet loop je iemand tegen het lijf die je vroeger gekend hebt, en die al lang dood is natuurlijk, en je kunt er rustig mee praten. En dan kom je terug en heb je een vaag beeld van die droom.

Dan zijn er mensen die zeggen: ja, maar, als ik uittreed dan wil ik het ook precies weten. U kunt uzelf wel de opdracht geven om elke droom, elke belevenis, elke gebeurtenis van die nacht uzelf te herinneren. Dat is een autosuggestief proces, om niet te zeggen soms autohypnotisch, en hiermee kunt u inderdaad uzelf er toe brengen die dingen veel intenser te registreren, dan anders het geval is. U zult dan ontdekken dat het dromen blijven. Een uittreding is een soort droom. Hoe meer u probeert haar te bepalen hoe minder kans dat ze iets met een werkelijkheid te maken heeft. Hoe minder u echter probeert te sturen, hoe groter de werkelijkheidselementen die er een rol in spelen. Uw onderbewustzijn blijft altijd bepaalde associaties gebruiken als een soort encadrering van een geestelijk gebeuren, dat toch nooit helemaal en precies vertaalbaar is.

Nu zijn er ook mensen die zeggen: ja maar, ik wil kracht hebben, ik wil de wereld goed doen. Reagan, Reagan is zo dom, laat Reagan wijs worden. Nou ja, dan komt u ook van de regen in de drup natuurlijk, want dat werkt niet. Of u heeft een of andere Breshnev, of weet ik hoe zo iemand heet, en die wilt u dan eens even bekeren. Laat het uit uw hoofd. Hoe exacter uw voorstelling, hoe geringer de kracht en vooral: hoe groter de inspanning en hoe kleiner het effect.

Als je denkt aan vrede, probeer gewoon vrede uit te stralen, naar iedereen. Tenzij je iemand weet die erg in moeilijkheden zit, dan ga je die je eerst voorstellen en zend je die vrede daarheen. Het wonderlijke is dat u juist door alleen dit gevoel te kiezen, en verder niets, veel hogere delen van uw wezen en vaak ook andere entiteiten die daar op dat niveau leven, inschakelt en dat zo inderdaad dat gevoel van vrede of kracht wordt overgedragen. Hoe sterker uw voorstelling, hoe kleiner de mogelijkheid dat de concrete feiten naar voren komen.

Nu heb ik over verschillende bewustzijnsniveaus wat verteld en ik heb wat verteld over krachten. Ik ben me er van bewust dat dat helemaal geen volledig beeld is. Maar je moet in een inleiding als deze uitgaan van een gemiddelde. Nadruk op genezing leg ik omdat zeer velen daarin geïnteresseerd zijn. Wat ik vertel over uittreden wordt eveneens door enkele aanwezigen mee bepaald. Wat tussen ons gebeurt is een wisselwerking. U bepaalt voor een deel wat ik zeg, niet de inhoud, maar wel de beelden die ik gebruik, wel ook alle andere “benaderingsmethoden” die passend zijn voor dit ogenblik. Nu ben ik een geest, ik heb op geestelijk terrein absoluut meer mogelijkheden en vrijheden dan u in doorsnee hebt. Toch gebruik ik dit wederkerigheidsprincipe, waarom? Omdat op deze manier het ’t eenvoudigste is om u bepaalde dingen bij te brengen, die u misschien weer vergeet, maar wanneer u ze nodig hebt, dan zult u ze zich herinneren. Daarom deze benaderingen. U bent nog lang zover niet in het begrip van allerhande geestelijke krachten, van de enorme energieën, die je zelfs vanuit het witte licht kunt puren. Maar u zult toch één ding wel moeten begrijpen: er is altijd een soort wederkerigheid noodzakelijk.

Je kunt niet iets vanuit je zelf voortbrengen zonder dat er ergens een antwoord aanwezig is. Effecten die wij kunnen constateren zijn in feite een soort echowerking, veroorzaakt door de kracht die we hebben uitgestuurd, en in de weergalm een antwoord gevende, dat voor ons dan heel vaak bevredigend is. Er zijn enorm veel verschillende mogelijkheden, maar al die mogelijkheden berusten op wederkerigheid. Als u iemand wilt genezen die juist net blij is dat hij ziek is, want dan hoeft hij iets anders niet, dan lukt het niet. Wanneer u iemand vrede wilt brengen die alleen gelukkig is, wanneer hij ongelukkig is, dan lukt het niet. Wanneer u iemand inzicht wilt geven die juist bang is voor inzicht, die met oogkleppen door de wereld wilt gaan, dan zult u zo iemand nooit kunnen bereiken. Er moet een antwoord zijn.  Nu zult u één ding begrepen hebben. Als u zeer specifiek uw kracht gericht hebt op één punt, dan is de kans dat in de ander daarop een antwoord mogelijk is, kleiner dan wanneer u meer algemeen iets uitstraalt.

U hebt uw menszijn gemeen. U hebt verschillende achtergronden en ervaringen. Wanneer u iets omschrijft, als het ware, dan is er de mogelijkheid dat de ander het afwijst. Wanneer u te maken hebt met iemand en u weet niet of hij gelovig is of niet, dan moet u niet zeggen: ja ik doe aan geestelijke genezing, met de kracht van de geest zal ik u genezen. U moet ook niet zeggen: gelooft u aan God, dan zal God u genezen. U moet gewoon zeggen: ik zal eens kijken of ik er wat aan kan doen. Want dán kan de ander emotioneel die verklaring kiezen waardoor het mogelijk is te responderen, uw kracht te ontvangen, maar ook ze te verwerken en u dus een zeker effect te laten zien.

Dan zijn er ook natuurlijk heel veel mensen die denken: ja, ik ben dit of ik ben dat. Vanuit uw eigen persoonlijkheid, vanuit uw eigen wereld, bent u dat ook, of probeert u het in ieder geval te zijn. Maar realiseer u wel dat u veel meer bent dan u zich voor kunt stellen. Dat u anders bent dan u meent te zijn. Wilt u een reactie krijgen, dan moet u altijd responderen, dus antwoord geven op de ander, het andere, nooit uitgaan van uzelf. Wie de hoogste krachten wil gebruiken, zal leren dat openstellen, open staan voor die hoge kracht, geen kwestie is van willen, maar eerder van een hoopvolle passiviteit. Op die verwachting kan de hoogste kracht antwoorden, en ze zal geven wat je gebruiken kunt, niet meer en niet minder. Maar op het ogenblik dat je die kracht probeert te bepalen, moet er in jou de ruimte zijn om die kracht in zijn gehéél te beantwoorden, en dat kun je maar zelden.

Daarom zou ik u de volgende raad willen geven. Ga altijd uit van innerlijke rust en innerlijke vrede. Bepaal zo weinig mogelijk omtrent de kracht waarmee u werkt. Neem eenvoudig aan dat zij bestaat. Richt uw kracht algemeen. Probeer dus gewoon iemand te helpen, of te genezen bijvoorbeeld, maar probeer niet, tenzij u heel erg ver bent gevorderd in dat vak, om specifiek dit of dát te genezen. Het lichaam van uw patiënt weet heus wel wat er nodig is. Een algemeen gegeven kracht wordt daartoe zeker gebruikt.

Wanneer u niet weet wat de juiste behandelingswijze is, wees leeg. Denk eigenlijk aan niets, behalve misschien een heel klein beetje aan het feit dat de kracht er is, waardoor het kan gebeuren en laat het dan zich ontwikkelen. U zult met verbazing zien dat uw handen, maar ook uw gedachten, alles wat u zich maar voor kunt stellen, tot zelfs misschien de adviezen die u, zonder het zelf helemaal te beseffen waarom, geeft, juist zijn. Vraag u nooit af met welke kracht u bezig bent. Wanneer u zelf het goede wilt, dan kan die kracht niet anders dan goed zijn. Laat het energiepeil bepalen door het onbewuste deel van uw persoonlijkheid. Het zal u helpen zoveel mogelijk kracht op te nemen en door te geven, zonder dat gelijktijdig enige beperking, afremming of overmatige belasting van uw persoonlijkheid ontstaat.

En ten laatste: besef heel goed, dat u door de wereld waarin u leeft, de wijze waarop u bent opgevoed, gelooft, werkt, een groot gedeelte van de krachten die, in uw persoonlijkheid en in de wereld om u heen ‑ geestelijk en stoffelijk ‑ schuilen, niet beseft, of niet in de juiste samenhang kunt beseffen. Onbewust doet u dit grotendeels wél, zelfs stoffelijk, en geestelijk wéét u, maar dat is niet in uw dagbewustzijn aanwezig. Laat in hemelsnaam het werkelijke weten, in God weet hoeveel levens, en hoeveel fasen in een hiernamaals, ontstaan, gewoon werken door uw persoonlijkheid. Pas wanneer u geheel hebt geleerd hoe, u dit kunt doen, zult u langzaam maar zeker leren niet welke krachten u werkt in een bepaald geval. U gaat aanvoelen. Maar zelfs dan moet u niet proberen die kracht als het ware te bestellen. Laat de kracht werken uit het geheel van uw persoonlijkheid, op grond van een totaalbewustzijn, dat u bezit maar waartoe u gemiddeld geen toegang zult vinden.