Zelfstandig denken

image_pdf

17 april 1959

Aan het begin van deze bijeenkomst zou ik u er allereerst op willen wijzen dat wij niet alwetend of onfeilbaar zijn. Dientengevolge is het wel raadzaam dat u zelfstandig nadenkt. Vandaag zou ik graag willen spreken over:  Zelfstandig denken.

Het is duidelijk dat zelfstandig denken voor menigeen een illusie blijft, omdat hij zijn gedachten voortdurend baseert op gegevens die hij klakkeloos en zonder onderzoek aanvaardt. In een wereld als de uwe is echter praktisch elke mededeling met een zeker vooroordeel gekleurd. Op het ogenblik dat u eenzijdig luistert, hoort, of ziet, zult u een onjuiste voorstelling krijgen en zelfs wanneer u tracht zelfstandig te denken, zal het u onmogelijk zijn dit te doen. Dat geldt ook voor het werk onzer Orde. Wij doen alles wat wij kunnen, om zo prettig mogelijk en zo veel mogelijk u te vertellen over allerhande gegevens. Een enkele keer mogen wij eens een onderwerp opzij schuiven als zijnde op het ogenblik niet passend, of minder belangrijk, aan de andere kant, wij spreken toch werkelijk wel over elk onderwerp dat u maar interesseren kan. Dat gaat van film tot de problemen van de ziel toe.

Eén ding kunnen wij niet voorkomen. Onze Orde heeft een bepaalde instelling en gedachte die o.i. juist is. Een zienswijze die stamt uit ons eigen leven van vroeger, maar vooral uit onze huidige toestand. Zo wordt elke beschouwing die wij u hier geven, ook getint. Ook deze heeft een bepaalde kleuring verkregen, waardoor een alleen zich baseren op hetgeen wij zeggen, een zelfstandig denken aanmerkelijk zou benadelen. Ik wil daarbij voegen, dat wij dit inzien en juist door deelgenootschap met andere groeperingen in de geest en ook bepaalde werkingen in de stof op het ogenblik, wij onzerzijds zullen trachten die eenzijdigheid zoveel mogelijk te beperken. Daaraan hebt u niets, want ons pogen kan wel eens niet slagen en u bent hier op deze wereld om te leven. En werkelijk leven kunt u alleen, wanneer u zelfstandig leert nadenken.

Wanneer u dus uw eigen leven in de hand neemt, wanneer u zorgt voor een zelfstandig streven, onafhankelijk van de massa, voor zover als u dat mogelijk is.

Zelfstandig denken, vrienden, is in vele gevallen een wat moeilijke kwestie. Wel eenvoudig is het accepteren wat je aan alle kanten wordt voorgekauwd. Het is eenvoudiger te aanvaarden wat de dominee, pastoor, rabbi, of imam u voor prevelt over religieuze problemen en over de kosmos, dan er zelf over na te denken. Het is makkelijker te accepteren wat de hoofdredacteur in het artikel van de dag schrijft over de wereldpolitiek, dan zelf na te denken. Het is eenvoudiger de verklaring van zogenaamde deskundigen te aanvaarden, dan voor uzelf te zeggen: “Ja, maar kan ik dat aanvaarden? Is dat voor mij aanvaardbaar? Kan ik daarmee werken?” Het is moeilijk om in die wereld van vandaag te leven als een persoonlijkheid, als een mens, i.p.v. alleen maar deel te zijn van een voortgejaagde massa. Slaven van ideeën, zo langzamerhand geworden tot een vloedgolf, die de hele wereld dreigt te overspoelen. Het lijkt zo’n soort stampij die je ziet in een of andere cowboyfilm, waar met oorverdovend geweld duizenden en duizenden runderen op je af komen stormen en dan is het maar: “Berg je”. Het eigenaardige is, dat alle tekenen van een te sterke stuwing, of drang, zich van tevoren aftekenen. Dat lang van te voren zichtbaar wordt, wat zich in de wereld afspeelt voor iemand die niet al te bevooroordeeld is, voor iemand die wil kijken wat er eigenlijk werkelijk gebeurt.

Ik weet niet, of het u is opgevallen, dat de laatste tijd in de wereld situaties ontstaan die ons steeds sterker doen denken aan 1938 – 1939. Zou dat nu maar zo gebeuren? Of zouden deze situaties het gevolg zijn van een foutievelijk bezien van de wereldproblemen. En wat erger is, als gevolg van een volkomen verkeerd begrip van hetgeen zich geestelijk afspeelt op die stoffelijke wereld?

Het is betrekkelijk eenvoudig om zo even met een paar woorden alles wat die wereld doet zo eventjes af te kraken. Gelooft u mij, ik heb helemaal geen behoefte om uw wereld af te breken.

Ook de wereld van heden kent veel goeds. Zij heeft veel geschapen, waarvoor je ook als geest bewondering kunt hebben. Maar zij heeft alles gegeneraliseerd. Zij heeft de wet van het gemiddelde gemaakt tot de wet die het Al regeert en de statistiek verheven tot de Bijbel die bepaalt in hoeverre uw ziel gezond is. En dat is onmogelijk. God is geen statistiek. God is geen boekje met regels, of een blad met artikelen sub a, b, c, enz. en evenmin is de kosmos dat.

De nieuwe leraar, die nu op de wereld rondgaat, tracht de mens te doen begrijpen dat hij zelfstandig zijn problemen op moet lossen. Dat is niet voor niets. Eens was de zending van Jezus Christus dat de mens moest leren zijn naaste lief te hebben. Als ik dat om moet zetten in de termen van de nieuwe leraar, zou ik moeten zeggen: Dat de mens niet in een overdreven uiting van mensenliefde de vrijheid, de gezondheid, het geestelijk leven van zijn medemens moet smoren. Een leer die ongetwijfeld voor velen onaanvaardbaar is. Zelfstandig denken betekent zelfstandig de problemen oplossen, waar je voor staat. Het betekent, dat wanneer je vereniging een tekort in kas heeft, je nagaat, hoe je dat tekort op kunt lossen als vereniging en niet door subsidies te vragen aan de staat. Dat betekent, wanneer je een bedrijf hebt en je kunt niet concurreren, je moet gaan zoeken hoe je dan wel kunt gaan concurreren en waarmee. Niet dat je gaat proberen door protectionisme, beschermende maatregelen, extra heffingen, althans in een bepaald gebied, of via subsidiepolitiek misschien jezelf te handhaven.

Dat betekent, dat je als mens, die geestelijk en vrijelijk denkt, niet jezelf een plaats in de eeuwige zaligheid laat verzekeren, of een inwijding van het nieuwste type of de laatste fase door een of ander genootschap. Dat betekent, dat je niet naar een ander toeloopt, indien het niet noodzakelijk is. Dat betekent, dat je zelf nadenkt over je problemen en ze zelf probeert op te lossen. En als dit, zo moeilijk als het soms moge vallen, dan toch niet helemaal zal lukken, dan hebben wij toch nog de beschikking over iets wat zeer belangrijk is en wat ons ontslaat van de bittere noodzaak onze eigen verantwoordelijkheid op anderen af te wentelen. Denk zelfstandig na. Gelooft u niet in een God? Het kan zijn dat u zegt, dat God er is, maar dat u Hem nergens ziet. Dan wil ik antwoorden: “Akkoord, mens, maar in dat geval, wat bind je dan? Is er dan niets dat je dwingt de Goddelijke wetten na te gaan?” Alleen, wat in je zelf ligt, nietwaar? Maar goed, mens, wanneer je niet gelooft in God, wees je zelf ten koste van alles. Dat is dan jouw enige weg. Als je een tijdlang zo geleefd hebt, kom dan terug en durf mij dan nogmaals te zeggen, dat je niet in God, in een regerende kracht, in een denkend vermogen in de kosmos gelooft. Als je zelfstandig nadenkt, je niet je laat beroeren door de afgodsbeelden die zich rond jou optrekken, of de schijntempels die ze je bouwen, maar toch; durf na te denken, dan zul je zeggen: “Ja, maar er zijn toch regels en wetten. Er zijn krachten die ik mijzelf niet kan verklaren, ook niet met behulp van wetenschap en parapsychologie, ook niet met behulp van het diepst zoeken in mijn eigen ziel. Het blijft een raadsel”. Als je de naam God niet wilt gebruiken, mens, zeg dan mijnentwege: kosmos, noodlot, of wat anders, maar geloof erin.

Als je gelooft datgene wat ik dan God wil noemen, denk dan na, waar je zelf niet meer verder kunt. Daar spreekt die God. Niet als een lastdrager, niet als iets waar je een soort van Ministerie van O.K. en W. een subsidie aan kunt vragen. Maar wel als iets wat je helpen kan. Denk zelfstandig na. Alles, wat iedereen je vertelt, zal waar zijn, maar alles is slechts ten dele waar.

Descartes parafraserende “zelfs dit”, of zet het om en wij krijgen de uitspraak van Douwes Dekker “Niets is waar en zelfs dit niet.” Hier zit juist ons probleem. Alle dingen zijn gedeeltelijk waar en niets is volledig waar. Omdat alles een aanduiding is van een werkelijkheid die wij niet zien. Slechts ons eigen contact met die werkelijkheid kan reëel zijn.

Al zeggen zij je dan duizend maal dat de komst van een nieuwe wereldleraar een leugen is, dan vraag ik: Denk in jezelf na. Merk je niet dat je behoefte hebt aan een nieuwe waarheid? Zie je vanuit je eigen standpunt dan niet, dat er een nieuwe kracht móét komen, wil je daaraan niet ten gronde gaan? Indien je daar “ja” op antwoordt, zeg mij dan, waarom een nieuwe wereldleraar niet mogelijk zou zijn? Omdat het ergens in de boeken staat? Omdat men ergens heeft verteld, dat het nu afgelopen is en dat de enige waarheid al is geopenbaard? Vraag het aan jezelf. Gelooft u het, wanneer ze u vertellen, dat u een goed burger bent? Wel prettig, indien u een goed burger bent. Erg prettig. Maar wees eerlijk: hoe vaak hebt u gefaald tegenover uw medemensen? Hoe vaak faalt u elke keer weer? Denk dan niet na volgens de normen van desnoods de minister, of de generaal, of de commissaris van de koningin, die u het lintje heeft opgestoken, vraag het u af vanuit het standpunt: “Heb ik gedaan wat ik doen kon, wat ik voelde te moeten doen?” Als het “neen” is, vraag je je dan af, waarom, en verander het. Denk zelfstandig na.

Zelfstandig denken is erg moeilijk. Het wordt deze wereld nog moeilijker gemaakt door alle schijn, alle suggestie. Als u een winkel binnengaat, hoe vaak koopt u dan niet het pakje met het mooie kleurtje rood? U associeert verschillende dingen en men baseert zich daarop. Hoe vaak koopt u niet die margarine, die drie à vier cent duurder is, ofschoon er geen verschil verder is dan alleen het wikkeltje? Het is duurder, dan is het ook beter, nietwaar? Hoe vaak laat u zich niet aanpraten dat dit of dat het meest buitengewone schouwspel is, terwijl u voor uzelf weet, dat het al duizend maal vertoond is. Voor de man geldt precies hetzelfde als het voorgaande voor de vrouwen. Je krijgt een mooi boekje in handen, vol met illustraties van een handig heer die gewapend met één enkele kleine machine, zijn hele huis inricht met het meest luxueuze meubilair. Hij wil het kopen en hij wil het hebben. Of u het wel hanteren kunt, weet u niet. Waarschijnlijk zult u heel wat meer kapot maken dan heel maken ermee. Vooral in het begin. Maar daar denkt u niet aan. U associeert die afbeeldingen met uzelf.

Er staat ergens een aanplakbiljet. Er staat niets anders op dan: Nozems…….. is best……. of…….. Ha……… Hunter…….. of..….. de half zware shag”. Of u dames: “Herwonnen jeugd door Nova zeep…….” U lacht erom, maar hoe vaak gelooft u dat niet onbewust. Hoe vaak laat u zich niet misleiden. Hoe veel nutteloos geld, dames, gooit u weg aan watertjes die qua inhoud nog geen dubbeltje kosten en waarvoor u ƒ 7,50 per flesje betaalt? O ja, wij weten ook van deze wereld af. “Waarom?”, zult u vragen. Omdat u niet koopt wat in die fles zit. U koopt een illusie. Zoals die meneer een illusie koopt, wanneer hij zijn machine koopt. U koopt uw illusies, omdat u bang bent de werkelijkheid te accepteren en zelfstandig na te denken. Misschien is dat niet erg prettig. Het is toch waar. U kunt het toch niet ontkennen. Wanneer ze u vertellen, dat dit product, verrijkt met alle vitaminen beter is dan welk natuurproduct dan ook, dan zegt u voor uzelf, dat, indien u het geld had, u dan het natuurproduct wel zou nemen. Op den duur gaat u net zo geloven, dat het kunstproduct net zo goed is. U koopt het. Het spaart huishoudgeld. De één koopt er misschien een broekje voor Jantje van en de ander gaat er een keer extra voor theeën. Zo is het. U vraagt in de wereld over het algemeen niet naar de waarheid. U vraagt naar datgene wat het meest tegemoet komt aan uw verlangens en uw eigen dromen. Wanneer ze u vertellen dat het in Nederland zo best gaat en ergens anders zo slecht, dan gelooft u dat graag. U wilt niet minderwaardig zijn. Wanneer ze u vertellen dat uw godsdienst, uw geloof, uw denkwijze, u tot een uitverkorene maakt, dan gelooft u dat ook graag, want u wilt graag meer zijn dan een ander. U weet in uw hart dat het niet zo is. U weet dat het op uzelf aankomt. U weet dat alles wat deze maatschappij te bieden heeft, reëel moet worden beoordeeld en reëel moet worden onderzocht. Of het nu esoterie is, godsdienst, of eenvoudig een nieuw gasfornuis, of een oliekachel: U moet nadenken en vergelijken. U moet oordelen en denken. Pas wanneer u dit kunt doen kunt u verder komen, zowel stoffelijk als geestelijk. Wanneer u zelfstandig nadenkt dan betaalt u niet meer uw teveel voor het illusiewatertje. Dan koopt u zeker geen instrumentarium, voordat u zich ervan overtuigd hebt, dat u het kunt hanteren. Dan volgt u vooral niet – en dat is misschien belangrijker – een serie leefregels en gedachtegangen die alles zijn behalve reëel.

Ook dit zult u moeten leren beoordelen. Wat ik hier zeg, moet u ontleden, vergelijken, waarvan u zult zeggen of er waarheid in zit, of geen waarheid. Want jij moet denken en jij moet oordelen en niemand anders. Wanneer ik dan van mijn kant een stelling hieraan vastknoop, wanneer ik van mijn kant dan zeg: “Ja, vrienden, ik heb iets, waarvan ik meen dat het goed is”, dan vraag ik u tevens om te oordelen. “Tevens”, want u moet denken, u moet voor uzelf uitvinden: “Waar ligt voor mij de weg naar de innerlijke vrede, naar de grote waarheid? Waar vind ik God?” En indien u niet aan God gelooft: waar kan ik dan het noodlot leren beheersen?

Dan wil ik deze waarheid, zoals ik ze zie, eens trachten te formuleren. Er is in ons een kracht die het mogelijk maakt de juiste weg te gaan. Wij noemen dat vaak leiding. Ofschoon wij niet weten waardoor wij geleid worden. Er is iets in je leven dat fase na fase helpt bepalen. Het zegt niet dat je die richting moet gaan, maar het doet je zien dat die richting mogelijk is. U weet dat u leeft. Wanneer u ernstig en zelfstandig nadenkt over al hetgeen wat voor u belangrijk is, op desnoods geestelijk of stoffelijk terrein, dan vindt u leiding.

Dan vindt u die eigenaardige impuls in u, die u a.h.w. doet kijken naar die kant, waaraan u niet gedacht had. Die leiding komt voor, volgens mijn geloof en wezen, uit kosmische krachten, uit de kosmos zelf, zoals God ze geschapen heeft, waarmee wij verbonden zijn. U hoeft het niet te accepteren, maar denk er eens over na.

Een tweede punt, misschien wel even belangrijk is dit: Wanneer u leeft en u leeft vanuit uzelf, niet voor uzelf, maar vanuit uzelf, zoekende naar de waarheid, de realiteit, zoals zij voor u aanvaardbaar is, en naar de geestelijke waarheid, zoals zij zich aan u openbaart en niet alleen maar een zoet gedragen gedachtedroom is. Dan zal je vinden, dat door jezelf te zijn je een speciale taak en plaats hebt. Het vervullen van deze taak als eenling, desnoods tegen de hele wereld in, is de enige weg om gelukkig te leven, om gelukkig te sterven, om gelukkig te zijn in een andere wereld. Daar moet u over denken, ik weet het.

Een derde punt. Er wordt onnoemelijk veel gesproken over naastenliefde. Er wordt gesproken over de verplichting die wij hebben tegenover de medemens, er wordt gesproken over de dingen die je verplicht zou zijn t.o.v. de wereld en de maatschappij. Maar ik zeg u dit: werkelijke naastenliefde openbaart zich juist in dit ene: Elk de vrijheid te geven zijn weg te gaan en toch iedereen te steunen, wanneer hij dreigt te bezwijken, en zonder er ooit iets voor terug te vragen. Dat is naastenliefde.

Oordelen is uit den boze. Ook dat punt zou ik voor u aan willen halen. Het is ons onmogelijk de inhoud van een gedachtegang, of die nu materieel of zuiver religieus is, geheel te kennen, het is ons onmogelijk het geheim van de kosmos geheel te ontsluieren, of de beweegredenen van een mens juist te zien. Zeker niet zonder lang zoeken en veel studie. Als wij die mensenziel zelfs niet dan na jaren van studie vaak niet geheel kunnen begrijpen, hoe kan een eenling zich dan vermaten zijn denkwijze te zien als superieur boven die van een ander. Hoe kan iemand dan de brutaliteit hebben een ander te veroordelen, omdat hij niet zijn mening volgt, zijn idee. De juiste weg van leven is niet oordelen over een ander, maar te oordelen over jezelf, volgens de kracht en de leiding die je volgens het weten in je verkrijgt.

Dan ons laatste punt. In elke mens en in elke geest is een voortdurende openbaring van een werkelijkheid, Gods werkelijkheid die leeft in elk van u, en die zich voortdurend openbaart. Uw wezen is niet alleen verbonden met één wereld, maar met ongetelde werelden. Dat hoeft u ook niet te geloven, maar dat weten wij. In u, en alleen in u, ligt de weg tot God. In u en alleen in u ligt de weg tot de werkelijkheid, waarin u zult begrijpen, waarom de dingen zó zijn. Waarin u zult erkennen, dat ze goed zijn.

Dit laatste punt – misschien het belangrijkste – heel vaak heb ik mensen horen zeggen: “God liefde? Moet je eens kijken. Oorlog, vivisectie, hongersnood, overstroming, ziekte. Is dat Gods liefde?” Dan kan ik daar alleen maar dit op antwoorden. Wanneer u zelfstandig nadenkt, zult u misschien niet tot de conclusie komen, dat God liefde is, maar wel dat alle dingen zin hebben. Dat er op deze wereld geen zinloos lijden bestaat, geen zinloze ondergang. Dat alles, maar ook alles, past in het geheel. Wanneer alles past in het geheel, vrienden, dan zult u tenminste toe moeten geven dat God niet haat. God is niet vreemd. Noodlot is niet vreemd. Er is alleen een werkelijkheid die wij weigeren te beseffen. En in die erkenning alleen reeds: Denk er zelf over na en ik kan u garanderen dat het voor ons waar is gebleken. Kunt u steeds meer Licht in uzelf ontvangen, steeds meer kracht in uzelf ontvangen. Kunt u leren om geestelijk en stoffelijk leven in elkaar over te doen vloeien tot één geheel, dan kunt u leren gelukkig te zijn, zelfs in een wereld, die u een hel van wreedheid heeft geschenen.

Om dit te bereiken, vrienden, moet u nadenken. Zelf! Dan moet u kiezen. Zelf! En moet u de verantwoording van uw daden en gedachten dragen, tot in de uiterste consequenties, wanneer u van de waarheid overtuigd bent. Dit is een deel van de leer van de nieuwe wereldleraar. Het is een deel van de grote waarheid die nodig is om deze wereld van ondergang te behoeden. Dit is een deel van de grootste strijd op geestelijk gebied die uit is gevochten de laatste 20 eeuwen op deze planeet. Het is de strijd om ofwel het behoud, of de ondergang van de mensheid, maar meer. Het is de strijd om het behoud, of de ondergang van de mensenziel. Om het voortgaan, een nieuwe fase van mensheid, of het terugkeren tot een dierlijke staat, om na een lange worsteling eens misschien weer mensachtig te worden. Deze strijd is allang begonnen. Zij nadert haar hoogtepunt. In de komende drie, vier jaren zult u mijne vrienden, niet wij en niet God, jullie allen, elk voor zich, beslissen over het resultaat. Wij kunnen niets anders doen dan helpen elke geestelijke demonische kracht die er bestaat, te bestrijden, zo goed als wij kunnen.

Wij kunnen niets anders doen dan te trachten dit denken wakker te roepen. Wij zullen u zelfs dankbaar zijn, wanneer u ons verwerpt, verloochent, vertrapt en uitscheldt, wanneer het voortkomt uit uw zelfstandig denken. Want dat is het, wat deze mensheid en wat deze wereld redden kan in deze tijd.

Occultisme – magie – esoterie

In de kosmos bestaan zeer veel verschillende krachten, en elk van die krachten is op een andere manier met ons verbonden. Er zijn bepaalde krachten die wij alleen bereiken kunnen, wanneer je a.h.w. loskomt van elk stoffelijke denken na elk stoffelijk leven. Andere krachten beïnvloeden je juist wanneer je stof gebonden bent, en elke astroloog zal u een hele reeks van invloeden op kunnen noemen die u nu werkelijk het hele stoffelijke leven door beïnvloeden, van geboorte tot de overgang toe. Al die invloeden gehoorzamen natuurlijk aan bepaalde wetten. Maar er kan in de kosmos niet een aparte wet bestaan voor geesten van een bepaalde sfeer, of astrologische invloeden en mensen, of wat anders. Een Goddelijke wet is juist een wet die niet bestaat krachtens het feit dat hij ook uitzonderingen kent. Dat doen alleen menselijke wetten. Veel van het occultisme en het merendeel van de werkelijke magie is dan ook op dit feit gebouwd. Als er hier op aarde een wet bestaat, al is het nu maar de wet van de zwaartekracht, die Newton ontdekte, dan moet er elders een soortgelijke wet zijn. De grondslag die deze zwaartekracht veroorzaakt, moet werkzaam zijn, ook in andere werelden en sferen.

Nu kan het zijn dat voor de beschouwer er verschillen optreden. Maar dat ligt meestal aan de beschouwer. De natuur is vaak voor ons een goochelaar, zodat zij met haar krachten en velden vlugger is dan het menselijk oog en vaak ook vlugger dan het menselijke verstand. Toch, wanneer u een goochelaar een konijn uit zijn hoed ziet halen, denkt u nooit dat hij daarin een konijntjesfabriek in heeft zitten. Wel neemt u dat vaak aan van een occultist. U neemt het aan van de magie. U neemt het aan dat men daar wel de konijntjes zo maar uit de hoge hoed kan halen, zonder dat zij er eerst in zitten. Dat is nu juist de grootste fout die je maken kunt. Die fout heeft de mensheid een hele tijd lang gemaakt. Totdat zij ontdekte, dat dit nu wel belachelijk was, en toen, zoals de mens meestal doet, met het badwater ook het kind overboord wierp.

Dat kind van de magie en van het occultisme is eigenlijk de esoterie. Maar dan de kosmische esoterie. De wetten die buiten ons bestaan, bestaan in ons. De krachten die buiten ons bestaan, zullen ergens in ons weerklank vinden, anders kunnen zij ons niet beroeren. Wij kunnen dus rustig aannemen, dat de kennis van ons eigen wezen zou resulteren in een kennen van de wereld buiten ons. Daar waar het omgekeerde maar in beperkte mate het geval is, omdat wij buiten ons de kans hebben de zaak precies verkeerd te bekijken. Daar komt het goochelaarseffect nog te veel naar voren.

In deze moderne tijd zou je eigenlijk wel een beetje aan magie moeten doen. Er zijn dan ook mensen die daar in beperkte mate deel aan hebben, en aan handelingen die magisch mogen heten. Ik denk hier niet alleen aan bepaalde rituele plechtigheden in een kerk bv., of van het uitzenden van gedachten op vaste ogenblikken. Ik denk hier aan de associatie waarbij men bepaalde woorden volledig heilig gaat houden, of bepaalde begrippen. Dat zij zelfs zinloos zijn, doet niets ter zake. Zij staan niet voor hetgeen zij weergeven, maar voor hetgeen de mens aanvoelt als innerlijke noodzaak en als zodanig een uitdrukking van wetmatigheid die in hem bestaat. Voorbeeld: Een van die woorden is in politiek; bezitsspreiding. Religieus is het: Terugkeer tot God. Moreel krijgen wij het in de termen van een morele herbewapening.

Op elk terrein vinden wij deze pogingen om magische wetten te doen werken. Alleen realiseert zich de mens dit niet. Hij schept invloeden, waar hij zelf geen overzicht over kan krijgen. Dat feit brengt hem ertoe te veronderstellen dat die krachten alleen maar buiten hem bestaan. Wat hij niet beseft is dit: op het ogenblik dat je je bewust bent van je hoogste dromen, je hoogste idealen, ben je je ook bewust van de hoogste werkelijkheid, zoals die in jou leeft. Wanneer je je bewust bent van je eigen verlangens en je eigen begeerten, maar ook van je eigen angsten en je verwerpen, dan ben je bewust van jouw begrip van rechtvaardigheid. Dat is je persoonlijke interpretatie van een Goddelijke rechtvaardigheid. Als je in jezelf durft zoeken, dan kom je soms tot de conclusie, dat de mens die zichzelf kent, de wereld de baas is. Dat, hoe minder je je bewust bent van je eigen beweegredenen en van je eigen drijfveren, je ook meer slaaf zult zijn van alles wat jou van buitenaf ook overkomt.

In ons begint het meestal met het leren kennen van wetten. Het gaat misschien verder met het kunnen beheersen van een bepaald stuk van de materie als wij op aarde zijn, van onze sfeer als wij in de geest zijn. Maar nu krijgen wij een zeer eigenaardig verschijnsel, namelijk dat sommige mensen maar één keer in hun leven meemaken en wat praktisch iedereen wel eens haast onwillekeurig in zichzelf schept. Dat is zo’n ogenblik, dan is het net of er van binnen de zon opgaat. Dan merk je eigenlijk helemaal niet meer, wie of wat je bent, of waar je bent. Het is alleen maar een heel hoog gevoel van geluk. En eigenaardig genoeg een gevoel van absolute vrijheid van problemen. Geen enkel raadsel meer op te lossen. Je bestaat en dit bestaan is je voldoende.

Die ogenblikken zijn nu eigenlijk een innerlijke weerkaatsing van de grote wetmatigheid Gods. Gods wetten laten geen plaats voor raadsels. Ieder die de wet erkent, bewust, halfbewust, of zelfs onbewust, kent de vrede van die wet.

In de esoterie zoek je in jezelf God te vinden. Het eerste wat je vindt – als je wat verder komt – is dit Licht, is deze kracht. Het is niet het einde van de weg, want je zou daarvoor veel verder moeten gaan, maar je ontmoet Gods wet en Gods vrede. Zoals die nu bestaan in jezelf, zoals je die soms een ogenblik doormaakt en als mens soms zoekend nooit meer terugvindt. Zo bestaan die wetten buiten u en kan diezelfde vrede, dat zelfde geluk buiten u worden geschapen, alleen door te bestaan kun je soms een geluk zijn voor anderen, vrede, maar je kunt ook het tegendeel zijn. Zoals je ook innerlijk die wanhoop kunt kennen, die haast geen keuze meer laat en drijft tot vernietiging. Alles wat wij doen, hoe dan ook, zuiver reëel, met occulte krachten, met magie, moet gericht toch zijn op dit ene punt. Wij moeten voor onszelf iets van die vrede vinden. Als wij dat Licht en die vrede eenmaal hebben, dan is de rest niet belangrijk meer.

Ik kan u een paar aanwijzingen in die richting geven. Als je elke dag je een klein beetje concentreert, alleen op vrede, alleen op het goede, en daarbij niet schuwt op je eigen voorstelling ervan, hoe vreemd het ook in de ogen van een ander mag zijn misschien, dan vind je zelf de correctie van je wezen, die nodig is om die kracht dichter bij je te brengen. Op het ogenblik dat je jezelf verwijten maakt betreffende je gedrag tegenover anderen, is er onvrede in je. Met die onvrede kun je nooit komen tot innerlijke waarheid of beleving. Wanneer je dus wilt zoeken naar de innerlijke waarheid, zorg dan eerst dat je je niets meer te verwijten hebt ten aanzien van een ander, waar je nog iets aan kunt doen, al is het alleen maar het zeggen: “Het spijt mij”. Op die manier gebruikt u de grote Goddelijke wetten voor uzelf om tot beter beleven van God te komen en zo uzelf te maken tot een grotere kracht in de wereld, maar ook een bewuster wezen in de kosmos.

 Vragen

  •  Wilt u uitleggen wat u onder een ingewijde verstaat?

Onder ingewijde verstaat men iemand, die, door zijn eigen wijze van leven en denken, de vermogens heeft verkregen een groter deel van de realiteit te zien in de wereld dan een “normaal” mens. Wat betekent, dat hij meer wetten kent en meer wetten kan hanteren dan de doorsnee mens. Daarnaast krachten ziet en erkent die voor de doorsneemens niet zichtbaar zijn en door de doorsnee mens als zodanig meestal niet worden erkend. Naarmate de inwijdingsgraad groter is kunnen wij spreken van een dichter komen bij het aanschouwen van het totaal Goddelijke en een handelen ernaar. Ingewijde op zichzelf als woord is een relatieve bepaling, zodat ook voor de ingewijde toch nog weer “ingewijden” bestaan, die hoger staan dan hijzelf.

  • Er zijn mensen op aarde die misschien net zoveel of nog meer mishandeld zijn en ter dood veroordeeld. Jezus is Gods zoon, de andere mensen zijn toch ook Gods kinderen? Wat is dan het verschil tussen Jezus en andere mensen? Omdat Jezus een ingewijde was?

Het verschil tussen Jezus en de andere mensen ligt in de eerste plaats op de wijze, waarop Jezus leefde in de drie jaren voor Zijn dood. In de tweede plaats de wijze waarop en de reden waarom Hij deze dood aanvaardde; in de derde plaats waarop Hij deze dood overwon, doordat Zijn wezen te sterk vergeestelijkt eenvoudig het lichaam kon doen ontbinden in kracht en wederom kon materialiseren in de tuin, zodat Jezus uit de dood herrezen is, wat de anderen niet hebben gedaan. Dit gezamenlijk maakt dus het verschil tussen Jezus en deze anderen. De anderen waren niet in staat terug te komen, of hun zending te volbrengen. Jezus heeft het wel gedaan. De anderen kwamen door geloof tot het aanvaarden van de dood en veelal, omdat dit geloof hen nog iets verder voorspiegelde. Jezus wist wat Hem te wachten stond, zowel geestelijk als stoffelijk en heeft dit volledig aanvaard, zonder dat Hij voor zichzelf daaruit iets wenste te winnen.

  • Brengt u door te spreken over de nieuwe wereldleraar deze niet in gevaar? Vreest u niet dat bv. de Kerk in de nieuwe leraar een gevaar zal zien voor haar macht? Of sluipmoordenaars zenden.

Aannemende, dat de katholieke kerk nog iets meer is dan alleen maar een machtsorgaan, zal zij geen sluipmoordenaars afzenden. Wat wel mogelijk zou zijn, dat zij, evenals de Joden, eens speciaal de Hogepriesters van de Joden dus, zullen trachten om op een of andere wijze deze profeet, die de enig ware profeet betreft, onschadelijk trachten te maken. Maar als wij weten dat Jezus opzettelijk dit risico heeft gelopen en kunnen begrijpen, dat ook de nieuwe wereldleraar ongetwijfeld dergelijke risico’s kent en door zijn werken toch reeds gekend wordt, zij het nog in beperkte gebieden, hoeven wij ons zeker niet te schamen over hem te spreken, of te voorzichtig te zijn. Aan sluipmoordenaars geloof ik niet. Paus Johannes is geen Borgia.

  • Bent u het ermee eens dat liefde het best gedefinieerd kan worden als “Eenheidsbeleving” of “Unio Mystica”?

Daar ben ik het wel en niet mee eens. Of het nu wel de beste definitie is, weet ik niet. Ik geloof van mijn kant, dat liefde wel het best kan worden uitgedrukt als absolute harmonie, waardoor perfecte samenwerking. Onverschillig of dit is op stoffelijk of geestelijk terrein, zelfs op kosmisch terrein moet liefde als zodanig worden uitgedrukt en Gods liefde tot ons is niets anders dan Gods volledige harmonie met ons wezen, zoals wij delen van Zijn Schepping zijn. Maar dat is een kwestie van smaak, over weten en best durf ik niet te oordelen.

image_pdf