14 december 1979
Wij zijn, zoals u bekend zal zijn, niet alwetend of onfeilbaar. Zelf nadenken over alles wat gezegd wordt, is dus voor u belangrijk. Ons onderwerp voor vandaag heeft als titel: Geweten
O, er is over het geweten is al heel veel gezegd. Er zijn ook mensen die heel veel weten over het geweten. Maar het meeste hebben zij er eens over geweten, want het meeste van hun werkelijke weten is met hun oorspronkelijk geweten langzaamaan verdwenen.
Wanneer wij spreken over dit geweten moeten wij om te beginnen duidelijk constateren dat het menselijke geweten voor 3/4 het gevolg is van dressuur. Het is het gevolg van een bijna pavloviaanse conditionering waarbij de mens wordt geconfronteerd met voorstellingen die niet bewijsbaar zijn en niet op een werkelijkheid behoeven te berusten, maar hem voortdurend op een zodanig vreeswekkende wijze worden voorgehouden dat hij gedreven door zijn angsten, zijn gedragspatroon in de gegeven zin verandert en elke afwijking hiervan als schuld gaat ervaren.
Het gevolg is dat mensen de meest inconsequente en eigenaardige gedragingen tonen. U ziet bv. mensen die met groot vertoon en volkomen eerlijk strijden voor het behoud van en de bescherming van het ongeboren leven en abortus gelijkstellen aan moord. Dit ofschoon het hierbij toch maar gaat om heel kleine dingetjes, beginselen waaruit eens mogelijk een volwaardig kind kan ontstaan. Diezelfde mensen zie je met dezelfde oprechtheid en overtuiging even later beweren dat het noodzakelijk is de meest gevaarlijke en moorddadige wapens die er maar bestaan op te stellen omdat dit nodig is om onze denk- en leefwijze te beschermen tegen de invloed van anderen.
Ik vind dit vreemd en met elkander in tegenstelling. Zij zijn volkomen bereid om menselijk geluk op te offeren aan een komend kind, maar niet om hun eigen macht en zekerheid in de weegschaal te stellen voor de heiligheid van het menselijke leven dat al volwassen is. Let wel, ik stel niet dat het bestrijden van abortus op zich een zo’n kwade zaak is. Maar ik vind wel dat je dan consequent moet zijn en wanneer je alles doet om dit te bestrijden en te voorkomen, ook alle voorzorgen dient te nemen dat volgroeide menselijke levens niet in gevaar komen. Dit moet je dan ook even rigoureus aanpakken volgens mij en daartoe behoort zeker het opstellen van wapens niet, vooral wanneer die in staat zijn met één klap duizenden levens te nemen. Nu ja, laat ons hopen dat men vannacht uit dit dilemma weet te komen. In ieder geval is het voor mij een reden temeer om mij af te vragen, wat dit zgn. geweten is en wat de mens in feite beweegt.
Ik ben tot de conclusie gekomen dat geweten in feite geheel niet aan vaste regels gehoorzaamt, ook al stelt men dit gemeenlijk wel zo voor. Geweten is een kwestie van erkende noodzaken plus conditionering. Wat het voorgaande verklaarbaar maakt. Dat hierachter ook een geestelijke werkelijkheid schuilgaat, een innerlijke werkelijkheid waarbij het een wel, het ander voor het ik niet juist is, kunnen wij gevoeglijk over het hoofd zien wanneer wij spreken over datgene wat de mens zijn geweten pleegt te noemen.
De meeste mensen houden met hun werkelijk innerlijk weten immers weinig of niet rekening. Het enige, waartoe de mens zeker niet geconditioneerd wordt, is een eerlijk zijn tegenover zichzelf en een vanuit die eerlijkheid ook eerlijk te zijn tegenover de wereld.
Het komt al in de kindertijd tot uiting. Wanneer je eerlijk belangstellend aan een vreemde dame vraagt: “tante, waar komt die grote wrat vandaan?”, heb je al meteen een dreun te pakken. En wanneer je vraagt, waarom die oma zo beschilderd is, krijg je al meteen de volgende dreun, want dergelijke dingen mag je wel denken, maar niet zeggen.
Zeker, in deze tijd kunnen kinderen bijna alles, maar dat zij hun ouders op die manier in een lastig parket brengen, dat kun je toch niet zomaar tolereren. En wanneer je eerlijk en oprecht in sommige gevallen je ouders zou vragen of zij eigenlijk gek zijn – iets waar je als kind heus zo nu en dan wel aanleiding toe hebt – krijg je zelden uitleg en ontaardt de toestand in vele gevallen voor jou in een drama. Met ander woorden eerlijkheid is er bij de meeste mensen eigenlijk uitgeslagen.
In deze moderne tijd pleegt men ernaar te streven dat het kind zich meer als een zelfstandige persoonlijkheid kan ontplooien. Maar wanneer je kijkt waar dit op aankomt, zo betekent het dat het kind niet lastig mag zijn en verder voornamelijk wordt geconfronteerd met allerhande rechten zodat het kind leert verwachten buiten eigen gezin niet de gevolgen van zijn daden te moeten dragen. Wat wel eens zou kunnen betekenen dat er in de volgende generatie een geheel nieuw geweten gaat ontstaan. Een geweten dat uitgaat van idealen en rechten en nog minder dan in het verleden het geval was, geneigd is met de werkelijke feiten en mogelijkheden rekening te houden.
Op het ogenblik dat er geen mogelijkheden meer voorhanden zijn, zal men dan constateren dat de mensen meer en meer destructief worden, hetzij ten aanzien van de wereld, zichzelf of beide. Degenen die leiding willen of moeten geven, zullen zich daarover dan wel gaan beklagen. Maar een dergelijke instelling is eveneens alleen het gevolg van een conditionering die juist de mens niet met de feiten doet leven, maar hem als het ware dwingt te leven met theorieën en daarbij die theorieën via een bijna pavloviaanse conditionering dermate sterk inhamert dat men bijna niet meer in staat zal zijn, zich zelfs gedreven door omstandigheden geheel hieraan te ontworstelen.
In het verleden berustte dit alles op iets, wat men de wil Gods noemde. Ik heb mij vaak afgevraagd of er ooit iemand zal zijn, die mij eens duidelijk kan vertellen wat de werkelijke wil Gods is en zich daarbij op aantoonbare feiten en niet op vaagheden en geloof alleen baseert. Het heeft trouwens weinig zin om bv. hier die vraag te stellen. Want ook hier zou ik indien men eerlijk wil zijn, tenminste 27 verschillende en in minstens 10 gevallen bovendien elkander geheel tegensprekende antwoorden horen. Toch blijken er overal mensen te zijn, die menen dat alleen zij weten wat de werkelijke wil Gods is. Je vindt ze in dit land, in Rome, in Teheran of en overal elders op de wereld. Ayatollahs en andere draaiers leggen zich op aan de mensen en beweren precies te weten, wat God van de mens verlangt. Maar hoe kun je werkelijk zeggen, wat God wil? Ik dacht dat de enige manier om daar enig begrip voor te krijgen, zou moeten stammen uit alles wat je in jezelf ervaart. Maar dat betekent, dat voor een erkennen van de werkelijke wil van God en zo u wilt een werkelijke beoordeling van goed en kwaad, dus de mening van andere mensen ten hoogste een bijkomstigheid kan zijn.
Wanneer iemand tot u zegt – en hoe vaak kan u dit niet overkomen – dat u een zondaar bent, zou men in feite alleen moeten uitgaan van zijn eigen innerlijke waarden en voor de rest de schouders eens moeten ophalen, terwijl men denkt: nu ja, men weet niet beter. Maar ja, wanneer iedereen in uw omgeving dit beweert, zult u zich onwillekeurig toch gaan afvragen, of het mogelijk, ondanks uw innerlijke zekerheden, waar zou kunnen zijn.
De moeilijkheid is kennelijk gelegen in het feit dat wij een waarheid die voor ons innerlijk bestaat, ook altijd weer buiten onszelf bevestigd willen zien. Wanneer dit niet gebeurt, aarzelen wij steeds meer, die innerlijke waarheid als zodanig erkennen. Ja, wanneer het maar even kan, vergeten wij deze liever.
Het geweten wordt opgebouwd op een manier waarbij deze innerlijke waarheid echter wel degelijk althans mede een rol kan spelen. Ik garandeer u dat een jong kind dat nog niet zo fel geconditioneerd is, wel degelijk reeds begrip heeft voor goed en kwaad. Toch is er dan nog geen godsdienstonderricht aan te pas gekomen, geen sociale activiteit en geen vorming die, zoals mens tegenwoordig pleegt te stellen, in de peuterspeelzaal reeds dient te beginnen.
De gevolgen hiervan kunt u trouwens reeds nu zien: vele vergaderingen van volwassenen hebben steeds meer iets van een peuterspeelzaal in zich. Kinderachtigheid is overal troef, tot in de hoogste kringen.
Maar voor deze, o zo belangrijke vorming begint, weet het kind dus reeds, naar men zegt, instinctief ofschoon intuïtief volgens mij een beter woord zou zijn, wat wel en wat niet kan. Wanneer het kind tegen dit erkennen in handelt, wordt het bovendien ook steeds weer door de feiten bestraft. Wat inhoudt dat het kind ook zonder vorming voor zich een aantal leefregels kan vinden, waardoor het zorgende voor zichzelf – pijn en ongemak vermijdende en zoekende naar geluk en een voor het ik zo aangenaam mogelijke toestand – komt tot een redelijke aanpassing aan de eigen erkende mogelijkheden en de wereld, waarin het leven moet.
Zo ontstaat dus ook door de feiten een soort conditionering, die je met enige goede wil een natuurlijk geweten zou kunnen noemen. Maar het is dan geen geweten, waar je op aarde binnen een gemeenschap veel zult kunnen doen. Binnen alle gemeenschappen ziet men steeds weer dat een geweten zoals men dit het liefste ziet, altijd weer gebaseerd zal zijn op een afschuiven van verantwoordelijkheid.
Je ziet dan het krankzinnige feit, dat mensen die geheel wetenschappelijk geschoold zijn en op hun eigen terrein scherpe en logische denkers zijn zich aansluiten bij de een of andere sekte of meester om alles wat daarin wordt geleerd en beweerd kritiekloos te aanvaarden en zelfs de kennelijk onlogische en in feite met alle redelijke erkenning in strijd zijnde benadering van het leven door de groep aanvaarden als de enige waarheid. Dit veel voorkomende verschijnsel is volgens mij alleen maar mogelijk wanneer de mensen vanaf het eerste bestaan op aarde reeds geconditioneerd worden om de voor de mens meest belangrijke vraagstukken en dat zijn vraagstukken van de geest of hebben te maken met evenwichtigheid en innerlijke vrede aan anderen over te laten en daaromtrent in zich geen besluiten te nemen.
Men wordt eenvoudig geschoold om, zelfs indien men op een enkel terrein zelf een autoriteit zou worden, altijd voor alles naar autoriteiten buiten eigen ik te zoeken.
Een man heeft eens een heel aardig verhaal geschreven dat handelt over een heerser, die de algemene macht over een volk wil verwerven. Hij doet dit door de mensen te conditioneren tot zij hem in feite aanbidden, waarbij hij naar buiten toe zich steeds weer voordoet als de armste onder de armen, als de overbelaste dienaar des volks.
De heerser heeft een minister die hij enigszins vertrouwt. Maar juist deze minister, die zijn baas heel goed kent, heeft methoden geleerd waardoor hij feilloos de gevoelens van de eerste burger kan bespelen en diens besluiten weet te richten. Als gevolg denkt de minister steeds dat hij de eigenlijke bezitter van de absolute nacht is. Maar dit betekent een zware geestelijke belasting, zodat hij de diensten nodig heeft van een psychiater om zich zo nu en dan te kunnen ontspannen en eigen leven bij voortduring te kunnen dragen. De psychiater heeft nu weer in de geest van de minister bepaalde sleutelwoorden aangebracht, waardoor hij diens besluiten en handelen volgens eigen wil kan beïnvloeden. Deze hersenverkrachter denkt dan ook dat hij degene is, die de werkelijke macht bezit.
Maar de psychiater is een vroom mens door zijn opvoeding heeft weer een biechtvader, voor wie hij geen werkelijke geheimen meer heeft. De biechtvader nu meent weer, dat hij in wezen de werkelijke macht achter de staat is, daar hij immers de psychiater middels opdrachten, boete-opdrachten en vrome woorden geheel kan beïnvloeden.
Daar deze biechtvader echter, zoals het gehele volk, geconditioneerd is tot hysterische overgave aan de eerste burger, wanneer deze ook maar in verschijning treedt, is deze weer slaaf van zijn gevoelens. De cirkel is rond. Een soort “la ronde”, maar dan uitgedrukt in een niet op lichamelijkheid, maar in feite op geweten berustend geheel.
Ik meen dat je dergelijke verhoudingen ook in de werkelijkheid zult vinden. Eenieder streeft in uw maatschappij er nu eenmaal naar voor zich een zekere macht te verwerven. Maar niemand heeft altijd en overal een voldoende zelfvertrouwen, om elke beslissing geheel alleen te nemen. Ergens zoekt hij dus iemand te vinden die hem dit zelfvertrouwen kan geven. Zo iemand kan een adviseur zijn zo goed als een vertrouweling, een priester, dokter of iemand anders. Zo wordt men steeds weer in feite de mindere van de anderen omdat men weigert voortdurend innerlijk de juiste consequenties van hetgeen men is, doet en nastreeft te aanvaarden of zelfs maar zo goed mogelijk te overzien.
Eigenlijk een jammerlijke situatie. Maar ja, hetgeen men geweten noemt, is in feite een soort bestaanstoestand. Je kunt het niet van alles loszeggen of zelfs maar scheiden van rede en gedrag. Geweten is geïntegreerd en maakt deel uit van de gehele persoonlijkheid, alle delen daarvan beïnvloedende.
Wanneer wij weer in de geest komen te leven en dus losstaan van alle ontwikkelingen die een mens op aarde kent, blijkt het geweten voor het ik nog veel belangrijker te zijn dan men op aarde heeft kunnen veronderstellen. Op aarde kun je om de consequenties van een tegen eigen geweten in handelen nog steeds heen, door te stellen dat iets de wil van god is, door deskundigen de feitelijke verantwoordelijkheid te laten dragen of te stellen dat je dit alleen maar doet omdat het heil van de naaste belangrijker is dan al het andere. Heel wat mensen slaan geestelijk of stoffelijk hun medemensen neer, alles in de naam van de naastenliefde.
In de geest is dit delegeren van aansprakelijkheid echter niet meer mogelijk. Nu blijkt dat alles wat wij in onszelf en eigen daden niet innerlijk en geheel kunnen aanvaarden zich voor ons manifesteert als duisternis, demonie, schrikbeeld, kortom als een soort hellewereld. Alles wat wij van en in onszelf wel kunnen aanvaarden, manifesteert zich voor ons als een soort hemel, als harmonie, een gelukkig zijn en een steeds zich verder ontwikkelend besef, ook al zijn aan dit laatste gemeenlijk wel grenzen gesteld.
Je kunt stellen dat in de geest geweten in feite wordt uitgedrukt in belevingen. Maar de mens is gemeenlijk op aarde nogal eenzijdig geconditioneerd, zodanig zelfs dat hij delen van het goede en innerlijk aanvaardbare als het kwade leert beschouwen.
Geestelijk leer je op die manier van een engel een duivel te maken of het omgekeerde. Nu weet ik wel dat al dit beleven in de geest zeer subjectief is. Maar vooral kort na de overgang blijkt steeds weer, dat ons zgn. geweten met alle conditioneringen, die er deel van uitmaken, ons heen en weer blijkt te slingeren tussen licht en duister.
Het is ons dan steeds weer onmogelijk die plaats in het geheel te vinden waarop wij rustig kunnen zijn en alles overziende kunnen zeggen: “hier ben ik en rond mij is de kracht”. O, je bereikt dit wel op de duur. Pas dan is er sprake van een meer werkelijk “weten”. Een woord, dat in ge-weten zo mooi is ingebouwd. En pas dan wordt het gemakkelijker om te erkennen, dat je alles wel degelijk hebt geweten, maar dat je onder invloed van dit of dat, de feiten toch steeds weer verkeerd benaderd hebt.
De menselijke werkelijkheid is echter zodanig door de mens beïnvloed dat een mens gemeenlijk liever tegen zijn eigen innerlijk weten in handelt dan af te wijken bij hetgeen anderen zeggen en denken. De mensen leven meer met kreten dan met feiten. Het is in deze moderne tijd van u zelfs zover gekomen dat theologen voor een groot deel door kretologen worden opgevolgd.
Vroeger was het zoeken naar de ziel van de mens tenminste nog een zeer filosofische bezigheid. Tegenwoordig is het echter eerder een zoeken naar de mogelijkheid zijn medemensen te manipuleren geworden. Wanneer je dit alles zo beziet, moet je je toch ook af gaan vragen wat er dan over overblijft van dit geweten, waarover men het steeds weer pleegt te hebben.
Wat is uiterlijk bezien het geweten van deze wereld.? Iets – wat de mens onder meer zegt – dat hij toch werkelijk vanuit zijn welvaart dient te zorgen voor de mensen in de derde landen, maar alleen wanneer men er zelf ook niet slechter van behoeft te worden. Met andere woorden een: geef hen niet de middelen om hun eigen toestand werkelijk te verbeteren, maar geef hen liever een aalmoes die wij op de belastingbetalers kunnen verhalen. Want daarop komt de zorg voor de derde landen gemeenlijk wel neer.
Zoals je deskundigen en vele andere mensen met zorg kunt horen spreken over de honger, die in het jaar 2000 als een spook over de wereld zal waren. En mensen beseffen zelfs waardoor dit veroorzaakt zal worden. De mensheid neemt te snel toe om in de productie van voedsel daarmee gelijke tred te kunnen houden. Kortom: de menselijke voortplanting dreigt steeds meer van vermenigvuldiging, over te gaan tot machtsverheffing. En inderdaad groeit vooral in de armere landen het aantal mensen dermate snel, dat de profeten wel gelijk kunnen krijgen. Toch is het geen kwestie van de aarde, die dergelijk aantal mensen niet meer kan voeden. Eerder kun je zeggen dat het systeem dat nu overal een rol speelt het op de duur onmogelijk zal maken nog winsten te behalen, wanneer men werkelijke alle mensen zou willen voeden. Maar zeggen degenen die dit alles weten nu ook, dat het eerste wat men moet doen is ervoor zorgen, dat er minder mensen komen en dat de productie van voedsel beter wordt geregeld? O neen. Dat kan toch niet? Nu moet men toch even reëel blijven, nietwaar? Alle leven, zelfs het ongeboren leven is heilig; dus geen geboortebeperking en abortus. En winsten zijn nu eenmaal nodig, arbeid moet nu eenmaal behoorlijk beloond worden. En dus is de mogelijkheid tot produceren beperkt en kan men niet zonder meer overal concurrentiemogelijkheden bevorderen.
Och, u hebt een voorbeeld hier in Den Haag, waar een groep is die redeneert: wij hebben niks tegen Surinamers en niets tegen Turken en al die andere vreemde gozers. Maar wanneer die lui hier komen en zo maar in onze huizen gaan wonen, terwijl wij zelf nog geen behoorlijke woning kunnen vinden tegen een redelijke prijs en steun krijgen van onze centen, dan deugt dat toch niet? Dan moeten die kerels maar naar huis gaan en daar gaan werken. Al die Surinamers die hier komen zijn werkschuw.
Herinnert u zich dergelijke uitspraken? 0, het klinkt erg fascistisch, al is in feite althans een deel van dergelijke uitspraken wel degelijk ook realistisch. En wanneer je de schone schijn van woorden en het afschuiven van lasten even buiten beschouwing laat, blijken dergelijke denkbeelden overal te bestaan, tot in de hoogste regeringskringen toe. Men redeneert altijd naar zich toe. Zelfs in de kerken, die zo graag offers vragen, blijkt een dergelijke mentaliteit wel degelijk aanwezig te zijn want “degenen die met ons gaan, dat is de wil des Heren, moeten in het zweet huns aanschijns hun brood verdienen” en daarachter zou men zeggen “en ons een tiende geven van al wat zij verdienen, opdat wij geestelijke leiders niet behoeven te zweten”. Neem mij niet kwalijk, het wordt dan wel niet gezegd, maar is het wanneer je de feiten in ogenschouw neemt niet werkelijk zo krankzinnig? Kijk om je heen.
Kijk hoe de mensen, terwijl zij de meest idealistische leuzen lopen uit te dragen en voortdurend met de schoonste beloften voor toekomst of hiernamaals schermen, hun medemensen liever in het slop zien geraken dan ook maar iets te veranderen aan hun eigen wereld en inkomen? Want dat kunnen zij niet. Hun geweten laat dit niet toe.
Vreemd dat ik het geweten ook hier bij haal? Geheel niet: het geweten van de mens is immers de dressuur? Mensen die gewetensvol zijn, zijn over het algemeen orthodoxe mensen. Behoud het goede, zo roepen zij uit. En zij maken zoveel van het oude goed, goed, dat je er ziek van wordt, omdat het goede dat nu bereikbaar is eenvoudig niet meer aan de beurt komt.
Maar ja, ik bezie het van mijn kant uit en een geest heeft het wat dat betreft nu eenmaal gemakkelijker dan u. Wanneer ik, lieve mensen, al die mooie leuzen bezie – of het nu de leuzen zijn, die gelden achter de metalen vitrage dan wel de leuzen die deze schijnbare vrijheid gelden waarin de enige vitrage die mensen scheiden kan uit geldswaardige papieren schijnt te bestaan. Ik zeg dan: jullie willen niet begrijpen dat een mens alleen een werkelijk geweten kan bezitten, wanneer hij niet uitgaat van een conditionering, maar vanuit een innerlijke erkenning.
De eenvoudige mensen – zo noemen zij zichzelf – roepen nu onmiddellijk dat het dan zo moeilijk is om precies te weten wat je moet doen. Maar is het nu werkelijk zo moeilijk? Wanneer je niet weet, of iets goed dan wel verkeerd kan zijn, doe je eenvoudig niets. Dan doet een ander wel wat en weet je weer duidelijker waar je aan toe bent. En wanneer je wel weet, wat de juiste handelwijze zou zijn, waarom doe je het dan niet? Zeker de mensen zeggen, dat dit niet hoort of dat het niet past bij onze stand, dan wel dat je dit niet moogt doen omdat je nu eenmaal beroepshalve gebonden bent aan andere regels. Zo kun je nog wel even doorgaan.
Men gaat niet uit van de vraag “wat ben ik?” Men wil niet weten wat men zelf moet leven en waarmaken om zichzelf te kunnen zeggen dat men eerlijk, oprecht en zonder twijfel een goed mens is. O neen, mensen wachten liever tot zij anderen zover kunnen krijgen dat die de schouderklopjes uitdelen. En om die te krijgen zijn zij bereid heel wat dingen te doen die zij innerlijk als minder aanvaardbaar beschouwen.
Maar wanneer je werkelijk van eigen innerlijk alleen uitgaat dan gebeurt er wel iets wonderlijks. U hebt immers vorige levens achter u. U bent hier zeker niet voor de eerste keer, ook al bent u voor het eerst in dit zaaltje en hebt u mogelijk nog nooit geleefd in juist deze maatschappijvorm die zichzelf zo graag een socialistische democratie pleegt te noemen omdat men in feite noch socialistisch noch democratisch is. Kortom, u hebt geleefd, u hebt ervaringen opgedaan. U hebt voor uzelf geleerd en niet alleen maar materieel, want u hebt ook alle geestelijke consequenties van uw daden in het verleden doorgemaakt. U weet voor uzelf heel goed, diep in uzelf, wat voor u aanvaardbaar is en wat niet.
Wanneer u weer op deze wereld van u komt, is deze kern van weten in u aanwezig. Dit geestelijk weten is een essentieel deel van de geest, die bezielend optreedt voor uw lichaam. Dat kun je niet uitvlakken. Je kunt het begraven onder een conditionering, zeker, maar je kunt dit innerlijk weten niet waarlijk en geheel wegnemen.
Wanneer uw leven ten einde is, hebt u niets meer te maken met alles wat er op aarde aan waardeoordelen verkondigd werd. Dan hebt u alleen nog te maken met de vraag of u beantwoordt hebt aan datgene wat u als een innerlijke noodzaak in uzelf gekend hebt.
O jongens wat is dat een lastige opmerking. Het betekent dat je niet eens geheel terecht een dolle mina kunt veroordelen of iemand die homo is of zelfs iemand, die communist is. Ik noem nu wel drie zaken van verschillende grootteorde, maar voor de meeste mensen is in uw deel van de wereld het communist zijn nog net iets erger dan al het andere. Eerlijk is eerlijk. Wanneer je nu eenmaal zo bent, zo moet je zijn vanuit jezelf en dit voelt als het enig juiste leven voor je, dan is er ook wel iets in je waardoor je dit alles moet beleven. Dan is die selectie die je maakt voor deze soort ervaringen en handelingen een deel van je rijpingsproces – of je nu kiest voor een gebalde vuist of voor iets anders.
Niemand, zeker u zelf, moogt uzelf veroordelen om deze houding, deze wijze van beleven, daar deze voor u nu noodzakelijk en onvermijdbaar is. Wanneer je jezelf weet te zijn zonder daardoor anderen enige werkelijke schade te berokkenen, toch nog harmonie weet te kennen met de wereld en toch voor jezelf aanvaardbaar blijft, dan heb je iets groots gepresteerd. Want dat wil zeggen, dat je in de geestelijke wereld kunt zeggen dat je de noodzaak tot bepaalde stoffelijke ervaringen nu verder wel kunt vergeten. Die heb je niet meer nodig. En in het geestelijk bestaan zelf weet je dat er voor jou geen schrikgestalten meer voortkomen uit eigen innerlijk. En dan weet je: ik aanvaard het licht, inclusief de reiniging en de pijn die mogelijk het licht nog voor mij betekenen kan. Maar nu vind ik de algehele erkenning van mijn werkelijke wezen en erken ik de noodzaak zowel als de verschillende mogelijkheden om mijn besef omtrent goddelijke werkelijkheid en ego te vervolledigen.
Ja, die geest zegt dat nu wel, maar dat kan toch niet, dat is toch maatschappelijk onmogelijk? Stel je eens even voor: iemand uit een primitieve gemeenschap, hier geïncarneerd heeft opeens de behoefte een harem aan te leggen. Nou ja, het kan natuurlijk wel, maar dan moet hij het toch wel zo doen dat het niet officieel is en niet te veel opvalt, nietwaar. Wij zijn ruimdenkend, maar er zijn nu eenmaal grenzen. Al die andere vormen van samenleving kun je toch niet zomaar zonder meer erkennen en toelaten? De monogame gezinsvorm is heilig. Het is een sacrament…
Jaja. Een sacrament is iets van God wat je in jezelf ervaart, niet een spreuk die door anderen wordt gemompeld. Het is vreemd dat zaken die bijna obsceen zijn opeens een gewijde werkelijkheid schijnen te worden, wanneer zij in het latijn worden voorgedragen door iemand met een rok aan. Wanneer u daaraan geloven wilt, geloof eraan, maar vraag u dan wel even, diep zoekende in uzelf, af of dit alles volgens uw diepste gevoel en weten wel geheel juist is. Want dan heeft u te maken met uw werkelijke geweten, met de werkelijke en diepste inhoud van uw persoonlijkheid. Wat betekent dat u dan te maken hebt met uw persoonlijke bewustwordingsgang door alle tijden en door alle levens en werelden.
U hebt in feite alle tijd die nodig is om het einddoel te bereiken. Maar zelfs dat kun je toch zo niet stellen, nietwaar. Wanneer je het zo stelt, dan denkt opeens iedereen: wanneer ik het niet kan maken in dit leven, dan maar in het volgende. En waar blijft dan de drijfveer om mee te doen met hen die macht hebben of de neiging om je te onderwerpen aan hen die zeggen het zo goed te weten? Neen, laat ons dan liever prediken: “mens, wanneer je sterft, kom je voor de hemelse rechter. Die kijkt naar je en roept dan “bok” en je moet naar links of “schaap” en dan kom je in de hemel voorgoed en zonder kans er nog iets aan te veranderen. Mij klinkt dit of er een hemelse veeboer op uw overlijden zit te wachten. Neem mij niet kwalijk. Maar het wordt tijd dergelijke dingen eens duidelijk te zeggen en in andere woorden dan de gangbare kerkelijke termen, die zo plechtig en vroom zijn.
Of dacht u dat er ergens een boeddha zit te kijken of u wel de juiste wegen bent gegaan en de juiste door hem genoemde kwaliteiten wel hebt ontwikkeld? Meent u werkelijk dat uw daden voor hem de reden kunnen zijn om u op te heffen tot het werkelijke alomvattende geestelijke bestaan of terug te wijzen naar de wereld? Denkt u werkelijk dat een kosmische kracht of een boeddha met die intentie op u zit te wachten? Ben je nu helemaal? Ik vind dergelijke beelden krankzinnig. Maar het verbaast mij niet dat er vele mensen zijn die zo denken. Want men begint soms al de kinderen te vertellen dat overal waar zij gaan en staan een duiveltje en een engeltje bij hen zijn. Wanneer je iets goeds doet, zal het engeltje het blij optekenen en wanneer je iets verkeerd doet, tekent het engeltje het bedroefd ook op. En het duiveltje is de hele dag bezig om je kwaad te laten doen – of zij daarvoor zelf niet mans genoeg zijn. Dan behoef je er alleen maar aan toe te voegen dat bij gebrek aan nieuwe zielen ook engelbewaarders op aarde moeten incarneren en je weet meteen hoe het komt dat overal het ambtenarenbestand voortdurend groeit.
Conditionering, hoe goed bedoeld ook, beste vrienden. Gewoon een van de vele voorkomende vormen van conditionering. En daarmee kun je alles bereiken. Wanneer je de kinderen steeds weer spreekt over het belang van de gemeenschap, de onaantastbaarheid van de staat en de plicht die eenieder heeft tegenover die gemeenschap om elke fout te melden daar dit voor eenieder zo belangrijk is, zullen de mensen ook dit op de duur geloven. Wanneer je dit maar lang genoeg de mensen inhamert, krijg je het zover dat kinderen hun ouders verraden en ouders hun kinderen. Dan zijn broers opeens bereid elkander te doden om een enkel woord of een enkel verschil in interpretatie.
Dat soort “geweten” kunnen wij best missen, u als mens en ook de Schepper. Deze door mensen geschapen angstdromen, deze karikatuur van een goddelijke werkelijkheid, die de betekenis van het leven verlaagde van een voortdurend streven naar bewustwording tot een koophandel waarbij men van God de eeuwige zaligheid koopt door op aarde te lijden ook wanneer dit geheel niet noodzakelijk is. Bittere woorden, ik geef het toe. U moet maar denken dat het tegen de kerst loopt en dat dan de bitterkoekjespudding opeens weer in de mode is. Mogelijk vindt u het niet juist zo te spreken over de vele schijnwaarheden op aarde, omdat er zoveel mensen zijn die daarin nog heilig schijnen te geloven. Zo dadelijk kunt u zien waartoe dat voert. Dan zitten de uitverkorenen weer rond de luxe versierde grot waarin naar men zegt Jezus geboren is – ook al spreekt alles ervoor dat dit toch nog ergens anders was. Met wierrook, kaarslicht en gezang herdenken zij de komst van de vredevorst op aarde. En boven alles uit zie je de schimmen van zwaarbewapende soldaten die moeten zorgen dat er niemand wordt vermoord. Herdenken die mensen dan ook meteen het feit dat niet alleen de vredevorst, maar ook de vrede steeds weer door de mensen worden vermoord?
O neen. Zij sussen hun geweten met het zoet-romantische gedoe, met de plechtigheid van zingende stemmen, lichtjes en rijk geklede priesters. En wanneer het niet anders kan, doet men het op zijn Hollands. Men versiert de kerstboom en nodigt tante Mien voor een avondje uit, want dat oude mens heeft toch niets om heen te gaan en bovendien ben je dan weer voor een jaar van haar af. Het is een kreng hoor, maar met Kerstmis mag zij bij ons komen souperen.
Beste mensen, ik gun het jullie allemaal. Ik gun je de kerstnacht schoner dan de dagen – ofschoon je met al die luchtvervuiling ook niet meer zeker weet, waar je hiermee aan toe bent. Ik gun u het engelengezang in de verte, het gevoel verlost te zijn. Maar wanneer je er verder zelf in feite verder niets aan doet en verder klakkeloos blijft leven volgens de regels en normen, die anderen jullie geven, dan vrees ik dat jullie het werkelijk deel zijn van kerstmis wel kunnen vergeten. Dan zit je dichter bij de ondergang dan bij de vrede. Reëel denken dus. En dat wil zeggen, dat je zelf een keuze moet maken. Wanneer je zegt dat leven werkelijk heilig is, moet je alle leven ook verdedigen en sparen, zelfs dat van je vijand.
Wanneer je zegt dat rechtvaardigheid het enige is wat telt, dan moet je rechtvaardig zijn tegenover eenieder en tegenover jezelf. Wanneer je zegt dat eerlijkheid het meest belangrijke is wat een mens kan kennen, moet je ook zelf elke leugen vermijden. De mens moet trouw zijn aan hetgeen er diep in hem leeft en mag dat niet laten camoufleren door woorden, zelfs niet, wanneer men u zegt dat er belangen op het spel staan.
Ik kan mij voorstellen dat Wiegel vanuit zijn instelling zegt, dat uw land eenvoudigweg atoomwapens moet hebben. Best. Maar ik kan mij evenzeer voorstellen dat er onder de ministers anderen zijn, die innerlijk voelen dat het niet juist is dergelijke dingen te aanvaarden. Wanneer je dan over geweten wilt spreken, kan er geen sprake zijn van een compromis, hoezeer juist dit eigen pleegt te zijn aan politiek en aan politici. Dan wordt het een zaak van het geweten. Wanneer je weet dat iets verkeerd is, mag je het eenvoudig niet voor je verantwoordelijkheid nemen en moet je anderen duidelijk maken, hoe je daaromtrent voelt. Dan mag je op geen enkele wijze medewerking verlenen daaraan, ook niet in de naam van God, de democratie of het volk, de NAVO, de vrijheid van de westelijke wereld of welke andere leuze of welk ander feit dan ook.
Wanneer u werkelijk uitgaat van hetgeen u diep in uzelf als waarheid erkent, zult u de consequenties ook in het dagelijkse leven daaruit moeten trekken. Ook wanneer het gaat om het dan toch maar aanhoren van een zeurpiet waarvan je weet dat hij je vriendelijkheid nodig heeft, maar waarvoor je het geduld zo moeilijk kunt opbrengen. Dan moet je maar proberen, het nodige geduld toch op te brengen. En dan moet je ook eens niet opspelen wanneer een ander een stommiteit uithaalt, die jij op moet redderen, zeker niet wanneer je innerlijk wel degelijk beseft dat je er zelf mede schuld aan bent.
O, het is moeilijk. Het is veel gemakkelijker voor alle dingen vaste regels te hanteren en dan bovendien voor jezelf uitzonderingen te maken, zodat je steeds weer jezelf als beledigde onschuld in het midden kunt stellen.
God is alle dingen. God is de wet. Bla bla bla. Jaja wah Allah zegt de Arabier dan. Wanneer God het maar wil. Het klinkt bijna als walhalla. En dat betekende: in je leven drinken en vechten om vechtend te sterven en dan verder te vechten en te drinken tot het einde der tijden.
God wil het? Het zijn gemeenlijk niets meer dan illusies, die wij elkander aanpraten om onze wijze van leven en denken te rechtvaardigen. De enige kracht die ons kan zeggen wat wij werkelijk zijn, wat wij werkelijk moeten doen en laten, leeft in onszelf. En wanneer wij niet bereid zijn dit diepste en innerlijk weten voortdurend te hanteren als leidsnoer in het stoffelijke bestaan, zullen wij na de dood geconfronteerd worden met onze innerlijke verdeeldheid. Dan veranderen al die dingen die wij, tegen beter weten in, hebben gedaan en al die zaken die wij op gezag van anderen deden, opeens in demonen die ons belagen en aan een voortdurende tortuur schijnen te onderwerpen tot wij eindelijk beseffen voldoende geboet te hebben voor de wijze, waarop wij faalden tegenover de kern van ons eigen wezen.
Zijn wij trouw aan ons innerlijk weten, dan zullen wij daarvan niet alleen later de vruchten plukken, maar ook een voortdurende zelfaanvaarding kennen die de mens eerst werkelijk en volledig mens maakt. De zelfaanvaarding die de mens de kuddementaliteit, het dierlijke, ontneemt. In jezelf weet je, wat je moet zijn. Probeer dat zo goed mogelijk te beseffen en handel ernaar. Dan zal je toch nog wel door je conditionering in je uitingen worden beïnvloed, maar dat is dan zo erg niet meer. Je zult in ieder geval dan in de eerste plaats trouw zijn aan je werkelijke zelf. De mens echter die trouw is aan zichzelf, is trouw aan zijn God. Als hij dan bovendien de mogelijkheid vindt uit deze getrouwheid het leven en de wereld lief te hebben, heeft hij de enige verlossing gevonden die werkelijk mogelijk is, de weg die Jezus de mens is voorgegaan. De weg, die de mens echter, maar al te vaak vergeet onder allerhande vervreemdende mystiek.
Vrienden, ik heb mijn best gedaan om vanuit mijn standpunt iets te zeggen over het geweten. En wat u doet wordt in zijn waarde en betekenis bepaald door dat wat u werkelijk en innerlijk bent.
