Parallelwerelden

In de eerste plaats wil ik proberen duidelijk te maken wat het begrip “parallelwerelden” inhoudt.

De wereld is kenbaar in drie dimensies. Deze drie dimensies kennen verder het verschijnsel tijd dat ook wel als vierde dimensie wordt aangesproken. De factoren waaruit de tijd is opgebouwd zijn o.a. beweging en ruimte. Deze zijn verder gebonden aan afstand ten aanzien van het middelpunt van het Melkwegstelsel of van het stelsel waarin men zich bevindt. Op het ogenblik, dat er een wereld bestaat die aan gelijke voorwaarden voldoet, maar waarbij een van de factoren anders is, hetzij de factor van massa, hetzij die van beweging, ontstaat er een z.g. parallelwereld. Dat wil zeggen een wereld, die gezien de gelijkheid van waarde, zich altijd in de nabijheid van uw eigen wereld bevindt en die in enkele gevallen synchroniciteit kan bereiken. Het betekent, dat op dat moment de grens tussen die andere wereld en uw wereld zeer klein is.

Een nadere toelichting omtrent het hier gehandhaafde begrip “nabijheid”. Nabijheid is in feite vergelijkbaarheid van plaats. Of om het nog eens anders te omschrijven: Wanneer het in Londen een bepaalde tijd is, dan zal een latere tijd in New York eigenlijk dezelfde waarde van tijd en plaats (astronomisch beschouwd) opleveren. Dus de tijd verschilt, maar bei­de plaatsen hebben een gelijk product van tijd en plaats. Wij spreken dan van nabijheid, niet van eenheid. Maar dan zou dus een van de factoren, hetzij tijd of plaats volkomen gelijk moeten worden en dat gebeurt juist niet. Daarom spreken wij van nabijheid, omdat ze wel dezelfde grondwaarde bezit­ten, maar de uiting van die grondwaarde door de factoren waaruit ze is opgebouwd in beide gevallen blijft verschillen. Het is een betrekkelijk technisch en ingewikkeld onderwerp. Het zal u dus duidelijk zijn dat ik om begrijpelijk te blijven veel zal moeten vereenvoudigen. Een soort reddingsboei dus, wanneer ik in de vereenvoudiging dreig verloren te gaan. Ik wilde deze eerste definitie eerst geven om daarop te kunnen terugvallen.

Wanneer men spreekt over parallelwerelden, zijn er heel veel mensen die denken aan afsplitsingen. Maar afsplitsingen zijn mogelijkheidswerelden. Een mogelijkheidswereld kan nooit een parallelwereld zijn. Wat is een mogelijkheidswereld. Dat is een wereld waarin bv. Duitsland de wereldoorlog van 1914‑1918 heeft gewonnen. Vanaf dat ogenblik zijn alle ontwikkelingen daar totaal anders. Tot op dat punt is de wereldgeschiedenis gelijk. Wij spreken dan over een afsplitsing, omdat beide mogelijkheden bestaan in de kosmos. De theorie is nu dat de stam, dus de rechtlijnige verbinding, de meest bezielde is, maar dat het onder omstandigheden mogelijk is in die andere werelden te leven temidden van een groot aantal vormen die niet werkelijk bezield zijn, maar waarbij men voor zichzelf die andere mogelijkheid, als werkelijkheid volledig ervaart.

Nu zijn er mensen die zeggen: Dat is ook een parallelwereld. Maar dat is helemaal niet waar. Een parallelwereld hangt altijd samen met de grondwaarde van uw eigen wereld. Dit is belangrijk, dit moet u onthouden. Het betekent niet dat deze, wereld gelijk behoeft te zijn aan uw wereld. Er zijn mensen die beweren: een parallelwereld is een soort andere aarde. Dat kan, maar dat hoeft niet. De waarde, de levensomstan­digheden, de samenstelling, de omvang, de rotatieduur, de verhouding tot de zon van een parallelwereld van de aarde is dus niet vast te stellen. Een dergelijke wereld is niet constateerbaar, zoals dat heet. Men kan aan­nemen dat zoiets soms optreedt. In de meeste gevallen echter zullen er aanmerkelijke verschillen bestaan. Nu zijn deze parallelwerelden ietwat moeilijk te vatten, omdat men te maken heeft, met een soort onzichtbare wereld die voor een deel eigen­lijk uw eigen wereld kruist. Het is onvoorstelbaar dat een paar geesten hier doorheen lopen, die men niet ziet. Nu ja, dat wil men dan nog wel aanvaarden, maar dat er een hele wereld kan bestaan waarop mensen leven zoals u, maar die u niet ziet, dat wordt een beetje moeilijk. Laten wij daarom eerst proberen de mogelijkheden van zo’n parallelwereld nader te bekijken.

Wij beginnen met een kaart te tekenen van het Melkwegstelsel met al die puntjes van sterren en planeten daaromheen ingedeeld in mooie lijnen. Nu neem ik dat papier in mijn handen en verfrommel het. Het is dan heel goed mogelijk, dat een paar sterren, die normalerwijze aan tegenovergestelde punten van die platte koek (de Melkweg) liggen opeens vlak naast elkaar komen te liggen door het verfrommelen van het papier met de tekening. Zo is het dus ook mogelijk, dat twee planeten elkaar a.h.w. beroeren, terwijl ze zich heel ergens anders in de ruimte bevinden.

Dit voorbeeld dient om aan te duiden, dat een parallelwereld wel degelijk in uw kosmos kan bestaan, maar dat ze daar een geheel andere plaats inneemt en alleen door speciale omstandigheden zo dichtbij komt te liggen. Slechts aan de hand van dimensionaal optredende factoren, zoals die waaruit tijd, veldverhoudingen zijn opgebouwd, kunnen tijde­lijk twee werelden zodanig met elkaar corresponderen dat het lijkt, alsof ze een geheel zijn. Een vergelijking. Op een piano slaat iemand, de lage G aan en de G uit een hogere octaaf zal meetrillen. Omgekeerd: de beweging in de ene wereld is gelijktijdig een beweging in de andere wereld. Waarom? omdat de afstemming van beide werelden vergelijkbare werelden bevat. Het is dus een aspect waarmee wij rekening moeten houden. Een parallelwereld, behoeft niet in uw eigen dimensionaal stelsel te be­staan. Ze kan daar wel bestaan, maar op een totaal andere plaats.

Wat gebeurt er als twee werelden synchroon lopen, parallelwerelden die elkaar tijdelijk beroeren? Het antwoord is: er ontstaat een krachtveld, dat zich op beide werelden zeer waarschijnlijk zal manifesteren door ongewoon heftige veranderingen in hetzij luchtelektriciteit, hetzij in luchtbeweging. Dat is de meest waarschijnlijke vorm van manifestatie. Op het ogenblik, dat men zich in een van die werelden op het tijdstip van de storing bevindt, is de moge­lijkheid aanwezig dat dit elders eveneens gebeurt. Men is dus voor een ogenblik op twee werelden tegelijk. Aangenomen, dat men niet beweegt, zal men terugkeren in zijn eigen wereld. Men heeft dan alleen het idee gedroomd te hebben. Stel, dat men zich beweegt, dan geldt: hoe groter het bewegingstempo, des te groter is de kans, dat men in die andere wereld concreet wordt en gelijktijdig in zijn eigen wereld verdwijnt. De tijd waarop synchroniciteit optreedt is weer afhankelijk van de structuur van de werelden, die op vergelijkbare banen lopen. In de meeste gevallen geldt een cyclus.

Er zijn betrekkelijk grote cycli waarin zo’n ontmoeting eens in de 4 á 5000 jaar plaatsvindt. Er zijn ook cycli die zeer regelmatig optreden, 2 á 3 maanden bijvoorbeeld. In al deze gevallen is het voor het verschijnsel niet alleen belangrijk dat het optreedt, maar ook hoe lang de duur is van de synchroniciteit van de parallelwerelden. Indien dit namelijk gebeurt in minder dan 1/1000 sec, zal er praktisch geen transport zijn van de ene wereld naar de andere. Is de gemiddelde contactduur een half uur, dan kan er sprake zijn van plaatselijke uitwisseling. Is er ‑ en dat gebeurt gelukkig maar zeer zelden ‑ een contact dat 24 uur of langer zou duren, dan vindt een groot aantal uitwisselingen plaats. Dit betekent in vele gevallen een sterke verandering in de atmosfeer van beide planeten, daarnaast meestal sterke elektrische en magnetische storingen, die eventueel leiden tot een heroriëntatie van een magnetisch veld van een planeet, wat dan met een schok gebeurt. Daaraan zullen dus nog wat consequenties verbonden zijn.

Wat hebben wij daarmee te maken? Er zijn daarvan wel een paar aspecten bekend. Bijvoorbeeld. Op het vasteland van de Ver. Staten, in de buurt van New Mexico, is een punt waar vroeger eens in de 500 jaar synchroniciteit placht op te treden. Er zijn ook nog andere punten in de buurt van Caraïbische Zee waar ver­schillende synchroniciteiten kunnen voorkomen. Als nu meer werelden afwisselend synchroon worden, dan krijgen we het geval dat een aantal mogelijk zeer verschillende levensomstandighe­den bereikbaar worden vanuit uw aarde voor kortere of langere tijd. Dat geldt ook omgekeerd, dus voor wezens van die andere werelden be­staat – net als voor u – de mogelijkheid om uw wereld te bereiken. Er is dus nooit een deur die slechts naar één kant opengaat: een dergelijke deur gaat steeds naar beide zijden open. De synchroniciteit der werelden is dus werkelijk een open poort.

De woorden meerdere werelden geven reeds aan dat meer dan alleen twee werelden parallel kunnen lopen. Het is zelfs mogelijk, dat een groot aantal werelden parallel loopt. Het grootste aantal dat mogelijk is, zal waarschijnlijk liggen rond de 150 werelden. Komen er meer, dan krijgen wij een absolute verstoring waardoor het leven op de planeet waar de synchroniciteit plaatsvindt niet meer mogelijk is. Maar 150 is een getal dat haalbaar is. In dergelijke gevallen zullen dus synchroon-momenten met één wereld optreden zo ongeveer één keer per maand. Momenten van synchroniciteit tussen meerdere werelden die gevaarlijker worden, zullen gemiddeld eens per 3000 jaar optreden. In al deze gevallen zijn het ‑ let wel ‑ stoffelijke werelden die gehoorzamen aan materiële wetten. Het is niet mogelijk, dat synchroniciteit wordt bereikt, tussen een wereld van materie en van anti‑materie, maar een langere synchroniciteit tussen dergelijke werelden altijd leidt tot een vernietiging die zich pleegt uit te breiden tot het gehele zonnestelsel. Nu kan ik mij voorstellen dat u zegt: Heeft dit ook geestelijke betekenis? Het antwoord daarop moet helaas zijn: Neen.

Voor u zal een sfeer misschien een soort parallelwereld zijn. Maar ze is geen reële wereld, ze is niet opgebouwd uit materie. Een wederkerige beïnvloeding is niet altijd mogelijk en als men, naar die sfeer toe gaat, is het over het algemeen zolang het om materie gaat een weg, die slechts één richting kent. Altijd waar we te maken hebben met parallelwerelden geldt vergelijkbaarheid. Vergelijkbaarheid impliceert dat beide werelden in hun structuren ontleed, vergelijkbare waarden bezitten, namelijk beide werelden beantwoorden aan vergelijkbare omstandigheden. Voorbeeld: een wereld met een atmosfeer, die parallel loopt met een wereld die eveneens een atmosfeer bezit, zal deze synchroniciteit doorstaan. Indien dit niet het geval is en één van de twee werelden zou geen atmosfeer bezitten ‑ dat is denkbaar – dan betekent dit een zodanige aantasting, zelfs voor een enkele minuten durend contact, dat daaruit grote storingen voor de andere wereld kunnen voortvloeien. Gewoonlijk is er toch wel een grote vergelijkbaarheid van de planetaire massa en de atmosfeer, omdat nu eenmaal waarden die vergelijkbaar zijn ook gemakkelijker dimensionale nabijheid verkrijgen. Om het eenvoudiger te zeggen: Als u zich twee werelden voorstelt als een heel kleine en een heel grote wereld, dan is de verhouding tussen de twee onevenwichtig. Het kan dan alleen nog een parallel zijn, indien de kleine wereld zo enorm veel sneller is dan de grote wereld, dat men moet zeggen: Als er een contact is, dan bestaat deze in een flits. Het kan hoogstens een fractie zijn, meer niet. Dat is geen reëel contact. Alleen werelden de vergelijkbaar én in hun massa en hun mogelijkheden kunnen een contact maken dat langer duurt. Een langere duur van tenminste een 1/1000 sec., mogelijk iets langer, is toch wel nodig om van parallelwerelden te spre­ken in de zin van werelden die gelijke waarden en inhouden kennen. Daarom moeten wij met de massa een beetje rekening houden. Dit betekent, dat de wet van evenwicht een zeer grote rol speelt bij het bestaan van parallelwerelden.

Ik zou dit willen omzetten in een soort formule: Waar beweging in ruimte, massa plus eigen rotatie en veldsterkte van de ene planeet een som oplevert die gelijk is aan of vergelijkbaar met de som die deze waarden oplevert bij een andere planeet, dan is het mogelijk dat beide planeten optreden als parallelwerelden, en dit wel op het ogenblik dat zij met hun inwerking in de tijd een zodanig verschil hebben veroorzaakt, dat zij in ruimte ten aanzien van elkaar verschuiven.

Wij kunnen het wat eenvoudiger nog zeggen: Als wij ons hier op aarde bevinden en wij lanceren een raket naar de planeet Mars, waar sturen wij hen dan naartoe? Niet naar de plaats waar Mars nu staat. Wij sturen de raket naar een plaats waar Mars eigen­lijk nog niet is, namelijk de plaats die de planeet Mars zal innemen in zijn omloop om de zon op het ogenblik, dat ons voertuig in staat is de afstand tussen aarde en Mars te hebben overbrugd. Het is net als het schieten op een vliegtuig. Men moet zoveel voor houden dat de snelheid van de kogel en de afstand die moet worden afgelegd, a.h.w. wordt op­geheven zodat het vliegtuig op hetzelfde punt aankomt waar de kogel op een bepaald ogenblik is.

Als men nu spreekt van een parallelwereld, dan spreekt men van een wereld de er nu nog niet is ten opzichte van de waarnemer, maar die er zal zijn op het ogenblik dat het aantal werkingen tezamen een bepaald bindresultaat gaat opleveren. Dat is gewoon de parallel. Nu kan men natuurlijk zeggen: Dat zijn parallelle ontwikkelingen. Dat bestaat eveneens. Er is in de kosmos wel een wereld waarin wezens leven die zeer veel op mensen lijken. Zij hebben ook vergelijkbare eigen­schappen, zoals fouten en deugden en een vergelijkbare ontwikkeling. Dat deze mensen nu toevallig 100.000 jaar verder zijn, maakt niet zoveel verschil uit, want tegen de tijd dat wij zover zijn gekomen, zijn die wezens reeds weer gedegeneerd. Dat kunnen wij ook als een parallel beschouwen. Er is ook een vergelijkbaarheid aanwezig, maar dit ligt op een geheel an­dere basis: dan gaan wij uit van de mens. Wil men dit doen t.a.v. geestelijke gronden en waarden, dan wordt het moeilijker. Het typische is namelijk dat een individu niet gelijktijdig twee werelden volledig kan bevatten. Stelt u zich nu eens voor dat u door zo’n poort wandelt en ineens een parallelwereld binnentreedt. Dan zult u in het begin die wereld beschouwen als uw eigen wereld en daaraan de eisen stellen die u aan uw wereld stelt en daarvan dezelfde verwachtingen koestert. Op het ogenblik echter dat dit niet houdbaar blijkt, gaat u uw visie op uw wereld veranderen. Het is zelden dat iemand zegt, dat hij in geheel andere omstandigheden is terechtgekomen en beseft dat hij zich anders moet gedragen. De mens zegt meestal: Ik ben gelijk, dus moet de wereld ook gelijk zijn, anders kan ik niet gelijk blijven. Die moeilijkheid houdt eveneens in dat contacten, die men stoffelijk zou hebben met deze parallelwereld geestelijk zeer weinig betekenis hebben.

Er zijn enkele gevallen bekend van personen, die op deze wijze in een andere wereld zijn terechtgekomen en daar op den duur en soms ook direct zijn overleden. Maar als wij de meningen horen van degenen die onmiddellijk zijn overleden, dan hoort men hen niet zeggen: Wij zijn plotseling terechtgekomen in een wereld met een atmosfeer die giftig was. Zij zeggen daarentegen: Wij zaten in een enorme storm. Er was toen eens soort trog en daarin was de lucht zo giftig dat ik daarin ben overleden. Hij laat dus deze andere wereld buiten beschouwing.

Er zijn ook mensen, die langere tijd in de parallelwereld hebben geleefd. Als wij hun dan na de overgang in onze wereld vragen: Hoe hebben jullie dat ervaren, dan zeggen ze: Er moet iets gebeurd zijn op de wereld. Ineens was het helemaal anders. Maar ik heb mij kunnen redden. Ik heb altijd wel gezegd: die beschaving houdt het niet lang meer zo. Pas zeer veel later zullen deze mensen gaan begrijpen wat er in feite is gebeurd. Het is erg moeilijk om daarvan realistische beelden af te lezen. Als u denkt aan onze geestelijke werelden, dan weet u dat ook daar parallellen kunnen bestaan. Daarover wil ik nu spreken.

Als iemand overlijdt, dan bezit hij nog denkbeelden. Die gedachten worden dan langzamerhand tot vormen, en voor deze vormen vraagt men dan een antwoord. Als u bv. denkt, hier staat een tafel, dan staat er ook een tafel zodra een ander tot u zegt: ja, dat is een tafel. Er zijn dus altijd twee nodig. Er moet altijd een bepaald idee zijn in het focus van tenminste twee geesten. Dus zolang u het antwoord op uw gedachte niet heeft van een ander of dat antwoord niet wilt accepteren, ziet u niets: dan is het net alsof u in het donker zit. En dan zegt iemand plotseling. Het is licht. U denkt na en constateert dat er toch eigenlijk licht is en dan is er werkelijk licht. De werelden, die men zo opbouwt, zijn dus steeds gedeelde voorstellingen. Alles wat er in deze voorstellingen bestaat, wordt gezamenlijk in stand gehouden. Nu kan het zijn dat de gehele betekenis van ons wereldje of sfeertje gelijk wordt aan een op andere voorstellingen opgebouwd wereldje. Wat gebeurt er dan? De meer abstracte denkwijzen worden tussen beide werelden zonder meer uitgewisseld. Alleen zodra men probeert deze abstracte gedachten in vorm uit te drukken, ontstaan er moeilijkheden. Dan blijkt, dat wij de termen van de andere beschouwen als een vreemde taal. Wij gaan de beelden die zij hebben vertalen in onze beelden, zodat het geheel van de mededeling weer past in onze wereldvoorstelling. Dan komt men tot contacten waarbij beiden elkanders belevingen kunnen volgen, zonder dat zij daarom ook in een gelijke voorstellingswereld leven. Dat gebeurt in de rare wereld van de geesten. Sommige mensen gedragen zich bij ons in hun denken en doen als geperverteerde indianen. Dan zou men moeten spreken van de Eeuwige Jachtvelden. Anderen daarentegen zijn zo klassiek in hun opvattingen dat zij eigenlijk in de Elyseische Velden thuishoren. Bijvoorbeeld: Als u tegen iemand zegt: loop naar de hel, dan doet hij niets. Maar als hij erin gelooft, dan is er bij ons grote kans dat hij het ook doet.

Waar het mij om gaat is dit: Er is klaarblijkelijk in ons besef iets wat ons dwingt dat voor ons voortdurend om te zetten in voor ons hanteerbare beelden en termen. Dit zal een van de redenen zijn, dat de parallelwereld als een concrete realiteit, die werkelijk contact maakt met de aarde zo nu en dan voor velen onaanvaardbaar is. Dit betekent, dat men een totaal nieuwe visie moet hebben op ruimte, op tijd, op het bestaan van de mens en op nog heel veel andere verschijnselen. Dit betekent verder, dat men heel veel verklaringen, die men heeft gevonden voor het plotseling optreden of verdwijnen van bepaalde levensvormen, zoudt kunnen of moeten herzien. De moeilijkheid juist brengt de mensen ertoe de parallelwereld meestal te beschouwen als iets theoretisch.

Ik hoop, ondanks alle afwijkingen en pogingen tot simplificatie, duidelijk te hebben gemaakt dat parallelwerelden kunnen bestaan. Ik wil trachten u verder duidelijk te maken dat deze werelden ook tijdelijk synchroon zijn (in tijd elkaar beroeren) en daardoor een ruimtelijk contact mogelijk maken. Eveneens wil ik stellen, dat deze werelden worden geregeerd door de wetten van de kosmos. Dit zijn over het algemeen wetten waaraan de materie en de voor ons kenbare geestelijke werelden gelijkelijk moeten gehoorzamen. Daarom is ook een benadering van het contact, de duur van het contact e.d. mogelijk.

Op zichzelf geloof ik niet dat de mathematische basis van de parallelwereld veel moeilijkheden zal opleveren. Men heeft op aarde reeds berekeningen gevonden waardoor de identiciteit van tijd en plaats verklaarbaar, berekenbaar wordt. Alleen is deze verklaring niet concretiseerbaar. Anders gezegd: men kan de theoretische berekening niet omzetten in een praktische beleving. En wel, omdat een grote vasthoudendheid t.a.v. eigen niveau en dus van eigen wereldbeeld het de mens gewoon onmogelijk maakt het andere wereldbeeld te aanvaarden. Details, die plotseling en ongemerkt optreden, worden dan ook gewoonlijk snel vergeten.

Een voorbeeld hiervan: Er waren tijdens de verduistering in Londen opeens lichtflitsen die bleken te behoren tot een reclame voor Root Beer (een gezoete, mousserende drank bereid uit wortels en kruiden), die men in Engeland niet zoveel drinkt. Lichtreclame was er op die plaats nooit geweest. Na korte tijd doofde de reclame overigens weer. Men heeft toen onderzocht wat het geweest was. Er bleek geen lichtreclame te zijn en dus zeiden de mensen: Degene, die het heeft gadegeslagen had het of op zijn zenuwen of hij was dronken. Het is alleen vreemd dat diezelfde reclame wel bestond, namelijk in een klein dorpje in Californië. De hoogte ervan kwam overeen met die in Londen. Ze stond daar op een stalen toren. In Londen werd ze gezien boven een rij huizen van drie verdiepingen. Dat is dus heel eigenaardig en het klopte nog allemaal. Zelfs het feit, dat deze lichtreclame werkte, dat ze een bepaald flitseffect vertoonde kwam overeen. De mensen hadden dus iets gezien wat in hun stad niet bestond, maar ergens anders wel. Deze vaststelling ‑ overigens vastgelegd in de rapporten van de Bescherming Burgerbevolking ‑ zijn echter nooit verder bekeken. De mensen, die dit hebben gezien moeten eenvoudig dronken zijn geweest. Dit maakt duidelijk hoe moeilijk het is om zulke feiten concreet te constateren. Wanneer dat gebeurt en velen het waarnemen, denkt men dat het een “hoax” is, een “practical joke”. Of als dat ook niet opgaat, dan is er sprake van massasuggestie, massahypnose of hysterie. Dat bepaalde verschijnselen concreet kunnen zijn, wordt dus a priori afgewezen. Dit betreft nu een synchroniciteit die op uw aarde bij toeval optrad en die mede te wijten was aan allerlei veranderingen in de energieverhoudingen, o.a. door het verduisterd zijn van de ene stad ontstond er een vermindering van het inductieveld en het gelijktijdig optreden van verhoogde inductie elders, dus een verandering van potentiaal. Daardoor kon de plaatselijke synchroniciteit tijdelijk optreden. U zult begrijpen dat, als dit alleen al over deze dingen gaat, hoe men dan andere zaken afwijst.

Vliegende Schotels bestaan natuurlijk niet. Maar er zijn instanties, die zich nog steeds met de Vliegende Schotels bezighouden, alleen niet officieel, want: Vliegende Schotels bestaan eenvoudig niet. Maar men komt toch wel tot de conclusie dat een percentage van de observaties niet verklaarbaar is. Als men zegt, dat 3% van de waarnemingen niet verklaarbaar is, dan moet men zich even realiseren dat ongeveer 40% van de verklaringen berust op theorieën waarvoor geen feitelijk bewijs is geleverd: in feite is dat 43%. Als men zich dit realiseert, dan vraagt men zich af: waarom wordt dan beweerd dat dit verschijnsel niet bestaat? Omdat het er niet mag zijn!

Als u met een parallelwereld te maken krijgt, dan zult u in negen van de tien gevallen ditzelfde effect ervaren. U wilt namelijk het “anders zijn” niet accepteren. Wij zoeken de rationele verklaring. En aangezien het een verschijnsel is dat over het algemeen geen lange levensduur kent, is het zeer gemakkelijk te zeggen: het is er niet geweest. Het zal wel aan de mens liggen. Hierdoor komt het dat het verschijnsel van de parallelwerelden, dat op aarde op verschillende plaatsen en tamelijk geregeld optreedt, een rol speelt o.a. in de verschijnselen van de Bermuda‑Driehoek zo nu en dan. Dat is zeker niet de enige verklaring, er zijn ook nog anderen. Maar voor enkele gevallen geldt deze verklaring der parallelwerelden zeer zeker. Een verklaring voor het plotseling en spoorloos verdwijnen van bepaalde groepen mensen waarvan werkelijk nooit iets is teruggevonden in andere de­len van de wereld, o.m. in Azië en Afrika. Het is er allemaal, maar het behoeft niet zo te zijn. Daarom zegt men liever: het is er niet.

Er zijn andere werelden, die met de uwe in contact komen. Er is zelfs een mogelijkheid dat werelden die niet tot uw sterrenstelsel behoren (de Melkweg) op een gegeven ogenblik toch synchroon worden met uw wereld. En naarmate de contacten langer duren is de kans groter dat zowel levende wezens als ook bepaalde materiebestanddelen tussen beide werelden worden uitgewisseld. Deze uitwisseling zou de verklaring kunnen zijn voor vele eigenaardigheden waarover men lange tijd niet heeft nagedacht.

Hoe kan het voorkomen dat men vele jaren lang een bepaalde uitgestorven vissoort niet aantreft, ongeacht geregelde bevissing rond bepaalde eilanden, en dat opeens die toestand verandert. Er wordt zo’n vis gevangen en kort daarna worden er tientallen gevangen. Nu moet men constateren dat deze vissoort nog leeft. Maar hoe komt deze vissoort plotseling daar? Als er nu een wereld is met een vergelijkbare ontwikkeling waarin deze lagere, primitievere visvorm aanwezig is, dan ligt het punt van synchroniciteit ergens in zee en dan is het zonder meer verklaarbaar dat er toevallig zo’n school op onze aarde terechtkomt.

Conclusie:

Wij zijn bezig geweest met de parallelwerelden. Ik geloof, dat het eerste dat ons hierbij duidelijk is geworden wel is, dat al formuleert men het nog zo mooi het erg moeilijk voorstelbaar is. Het tweede punt is, dat u daarvoor een enorme belangstelling heeft. Ik vraag mij af: waarom? Is het misschien omdat u een ontvluchtingsmogelijk­heid uit uw eigen mogelijkheid zoekt. Als ik dan verder kijk naar de inhoud van de vragen, dan blijkt er een verwarring te bestaan tussen parallelwerelden en mogelijkheidswerelden. Men kan zich schijnbaar niet realiseren dat punten, die in de ruimte ver van elkaar af zijn gelegen, in een drie‑dimensionale meting bijna identiek zijn, dus vlak bij elkaar liggen, als we dat met betrekking tot andere di­mensies meten. Toch is dit op zichzelf een verschijnsel waarover reeds veel is gezegd en geschreven. U zult het dus eventueel in vakliteratuur kunnen nazoeken.

Een waarschijnlijkheids‑ of een mogelijkheidswereld heeft alleen te maken met dat deel van het bestaan dat door het menselijk denken wordt op­gebouwd. Hierbij zijn verhoudingen en emoties inderdaad van groot belang. Dat wil niet zeggen, dat ze de werkelijkheid bepalen. Men zou ze misschien het best kunnen vergelijken met zes modehuizen naast elkaar, die alle in de gelegenheid zijn om hetzelfde model te kleden. Dat kan dan lopen van Gipsy Look, via Super Hip tot Oude Doos of chic, precies zoals U het wilt. Wij moeten deze dingen dus splitsen. Als ik dan nog de geestelijke werelden erbij haal, dan wordt het voor de meesten onbegrijpelijk. Een geestelijk wereld is een wereld die alleen be­staat uit een bepaald soort energie waarin de beelden slechts de gedach­ten zijn die door het “ik” worden geconcretiseerd en die dus voor anderen niet bestaan, tenzij dezen eerst aanvaarden wat de denkers daarover denken. Het is een spelletje. De geestelijke werelden staan dus helemaal los hiervan.

Als men spreekt over parallelwerelden, moet men dan ook nooit probe­ren om daar bewustzijnsvragen, bewustwordingskwestie e.d. bij te pas te bren­gen. Ten aanzien van de mogelijkheidswerelden zou dat deels het geval kunnen zijn, maar slechts ten dele. Want een ieder heeft nu eenmaal in zich een aanvaarding van de voorgeschiedenis, die het hem heel erg moeilijk maakt, om een andere mogelijkheid te kiezen waarin deze voorgeschiedenis niet aanwezig is.

Samenvattend. Wij hebben een mogelijkheid gezien. Wij hebben ons ook aangenaam daarmee beziggehouden, hoop ik. Deze mogelijkheid ‑ hoezeer ze hier en daar bewijsbaar is met de modernste middelen der mathematica ‑ is van weinig belang. Belangrijk is, dat wij beseffen dat de mogelijkheid bestaat, niet dat wij ons besef door de mogelijkheid laten domineren. Want elke mens leeft in zijn eigen werkelijkheid, de werkelijkheid van zijn gedachten en gevoelens, de werkelijkheid van een wereld, die hij volgens zijn besef en gevoelens kan veranderen. Daarom geldt: Ken uzelf, en aan uzelf zult u uw wereldbeeld kennen. In de erkenning van uzelf en uw wereld kunt u de juistheid vinden voor uw persoon, de vrede, de beleving, die het meest bij uw wezen past. Dan functioneert u gelijktijdig goed in de kosmos. En als dat dan impliceert dat u een parallelwereld zult moeten betreden, is dat zonder meer te verwerken: zonder dit is het alleen maar een avontuurlijke moeilijkheid of een ondergang. Alleen de mens, die vanuit zichzelf zo bewust mogelijk leeft, kan uit al het zijnde en bestaande het maximale, het optimale nut trekken. En slechts wie dit doet heeft, mijns inziens, de geestelijke lessen die wij proberen te geven goed gevolgd.

Ik kan u nog één raad geven. Interesseer u desnoods voor alles, mits die interesse een verrijking betekenen van uw daadwerkelijk bestaan. Maar interesseer u nooit voor zaken die u wegvoeren van de werkelijkheid waarin u leeft. Want het is uw nu ervaren werkelijkheid, die uw geestelijk bewustwordingsproces bepaalt en daarmede wat u aan onze kant voor werelden zult kennen, beleven en de mogelijkheden tot verdergaan bij ons zult aantreffen. Ik hoop voor u dat dat de beste zijn die u zich maar kunt wensen.