16 oktober 1970
Met uw toestemming zou ik in deze bijeenkomst iets willen zeggen over drugs. Hierbij dienen wij in de eerste plaats uit te gaan van de vraag, wat nu eigenlijk beschouwd moet worden als een drug, een verdovend of vervreemdend middel. Ik citeer een omschrijving van een deskundige: Drugs zijn al dan niet gewoontevormende stoffen die de mens binden en gelijktijdig vaak dienen om een wereldvervreemding ongedaan te maken door het scheppen van contactmogelijkheden op een ander niveau. Wat natuurlijk zowel op softdrugs, hennep enzovoort als op harddrugs van toepassing is. Maar bij mij roept dit de vraag op of er dan geen andere dingen zijn die even verslavend werken, ofschoon zij misschien niet altijd als stoffen kunnen worden omschreven of als drug worden beschouwd.
U neemt nu waarschijnlijk aan dat ik onmiddellijk met de tabaksgewoonten van velen aan zal komen dragen, of zal gaan spreken over de nadelige werking van alcohol. Ik meen echter verder te kunnen gaan: De mens heeft altijd behoefte gehad aan het een of andere roes veroorzakend middel, om hierdoor in staat te zijn zijn menselijke werkelijkheid te aanvaarden. En nu hoop ik maar dat ik niemand te veel kwets. Want ik meen op te mogen merken dat vele mensen in de godsdienst hetzelfde zoeken als anderen in drugs. Ook in bepaalde politieke bewegingen zoeken mensen eigenlijk hetzelfde als de gebruikers van drugs.
En zijn die dingen soms niet sociaal en persoonlijk gevaarlijk?
Zeker, iemand die drugs gebruikt kan hierdoor zichzelf ernstig schaden, hij kan desnoods rabiaat worden en anderen schaden. Maar mensen die godsdiensten of politieke partijen aanhangen om hierdoor geborgen te zijn voor een voor hen onaanvaardbare werkelijkheid, blijken vaak concentratiekampen te stichten, andersdenkenden aan te vallen en te martelen, anderen hun vrijheid te ontnemen binnen de maatschappij oorlogen te veroorzaken. Gezien de wijze waarop men spreekt over drugs, politiek en kerken, kan ik hoogstens zeggen: De laatsten zijn kennelijk sociaal aanvaard, de eersten nog niet. Wat is dan de oorzaak voor het feit dat zovele mensen met het leven zoals het is, geen vrede meer kunnen hebben, geen voor hen aanvaardbaar contact met de wereld en hun medemensen kunnen krijgen en daarom vluchten in verdovende middelen, geloof, politiek werk enzovoort? Maar laten wij ons tot de drugs beperken.
Het is natuurlijk aardig dat zeer welwillende heren verklaren dat het toenemen van het druggebruik een welvaartsverschijnsel is. Ik zou hen willen vragen, hoe het dan komt dat in Azië vooral de armeren zoveel mogelijk vluchten in de opium, terwijl juist tijdens de crisis hier te lande het alcoholmisbruik ontstellende vormen had aangenomen? Want dit laatste kan men toch ook als een soort drugmisbruik beschouwen, nietwaar? Verslaafdheid, aantasting van het lichaam, onsociale gedragingen worden hier toch evenzeer gevonden. Natuurlijk kan ook welvaart soms tot een toename van het druggebruik voeren. Kort voor de eerste wereldoorlog was ook onder de betere standen in Londen drankmisbruik normaal, terwijl de heren van de betere standen, eveneens om het spleen te verdrijven, opium rookten, zodat een grote sluikhandel hierin ontstond. Naar mijn mening is de vraag van drugmisbruik geen vraag van vandaag of van gisteren. En de vraag, hoe men tot een dergelijk misbruik komt, kan mijns inziens alleen beantwoord worden met een wedervraag: Wat is de maatschappij? Mijns inziens kun je een toenemend gebruik van drugs nooit los zien van maatschappelijke problemen. Het is volgens mij de maatschappij en haar structuur die verantwoordelijk moeten worden gesteld voor dergelijke steeds algemener wordende pogingen de werkelijkheid te ontvluchten.
Een volgende vraag is wat wij dan wel moeten denken over de zogenaamde softdrugs. De ene deskundige beweert dat zij gevaarlijk zijn en moeten worden uitgeroeid, de andere beweert dat het alles zo erg niet is, zodat men de mensen er maar eens gezellig mee moet laten experimenteren. Ik meen dat deze tegenstelling tussen de deskundigen in de eerste plaats verklaard kan worden door het geheel verschillende sociaal standpunt waaruit zij dit probleem benaderen. Mogelijk vergis ik mij. Ik meen echter dat men van beide zijden er verstandiger aan zou doen zich af te vragen welke factor in deze maatschappij het drugmisbruik zo toe heeft doen nemen. Waarvoor ontvluchten de mensen de werkelijkheid dan in deze tijd van zogezegde welvaart? Misschien vluchten zij wel voor de leegte die de maatschappij tot een poppenkast vol schone idealen en plannen maakt? Vluchten zij misschien voor de steeds groter wordende ijlheid en doorzichtigheid van alles wat als het goede wordt aanbevolen en voor de steeds vastere vorm aannemende bedreigingen van leven en welzijn die de werkelijkheid vormen?
Het is in dit verband natuurlijk voor de ouderen heel gemakkelijk alle schuld af te wentelen op de jongeren. Maar zij moeten daarbij dan niet vergeten dat die jongeren moeten leven in de wereld die die ouderen voor hen gemaakt hebben. En wanneer u het mij vraagt bevalt die wereld de jongeren, die tegenover heel veel dingen minder bevooroordeeld staan, niet zo bijzonder. Wat bereikt werd in het verleden kan van heel veel belang zijn voor mensen die deel hadden aan dit verleden. Voor de mensen van vandaag is het resultaat slechts de basis waarvan zij willen vertrekken. Maar daartoe krijgen zij eenvoudig geen kans. En dan, met die frustratie, met dit gebonden zijn aan een al te harde en pessimistische werkelijkheid die zo sterk verschilt van alles wat je werd voorgehouden, zal men vaak naar drugs grijpen in de hoop zo naar een nieuwe werkelijkheid door te kunnen breken. Dat die nieuwe werkelijkheid in 9 van de 10 gevallen niets meer is dan een illusie, dat de roes in 99 van de 100 gevallen slechts enige tijdelijke levensvreugde brengt die gevolgd wordt door een veel diepere depressie dan voorheen, kan een reden zijn om eens te gaan praten over de mogelijkheid iets hieraan te veranderen. Maar het lijkt mij geen rechtvaardiging voor de oordelen die men over de gebruikers van drugs meent te mogen vellen.
Telkenmale weer kom ik, wanneer ik nadenk over drugs, terecht bij een sociaal probleem. Nu is het op het ogenblik zo dat de ene helft van de mensen werkelijk werkt en belasting betaalt opdat de andere helft kan leven. Door deze sombere uitspraak te doen pleeg ik plagiaat. Maar ergens is dit waar. Waar is de zin gebleven in deze maatschappij van het zelf zijn of zelf doen?
Wees eens eerlijk: Vele mensen maken in deze dagen geen overuren meer omdat zij dan dank zij de belastingen in feite minder uitbetaald zouden krijgen dan normaal zonder overuren. Een krankzinnige situatie natuurlijk. Maar zij bestaat. Meent u niet dat dergelijke regelingen de lust tot steeds verder ploeteren, het vormen van bezit, het streven naar een hoger inkomen eenvoudig teniet doen? Het materialistische doel van steeds meer verdienen en verbruiken, steeds meer welvaart, begint bedenkelijke kantjes te krijgen, mede dank zij vele pseudosociale instellingen. Je krijgt dan al snel het gevoel: Waarom zou ik mij eigenlijk druk maken, wanneer dat er kennelijk alleen maar toe leidt dat anderen zich in weelde kunnen baden? En zo reageert men ook wanneer die weelde in de ogen van de andere partij geen weelde is.
Er zijn meer van dergelijke vragen. Wanneer alle mensen vrede willen en geen wapens is het dan nog democratisch om, ondanks dit volksoordeel, een steeds groter deel van het volksinkomen – nu rond 4% – te besteden aan defensie? Ik wil graag aannemen dat een sterke defensie in de ogen van ouderen noodzakelijk is. Maar jongeren die geen twee wereldoorlogen hebben meegemaakt, gevoelen niet dezelfde behoefte om zich te verdedigen. Zij moeten wel soldaat worden, maar een groot deel van hen kun je zelfs niet duidelijk maken dat die defensie noodzakelijk en verantwoord is. Zij denken eenvoudig anders. En de maatschappij reageert dan met argumenten die in hun ogen neer komen op een: Doe nu maar wat je gezegd is, vader weet best wat ie doet. De jongeren kunnen veelal geen eens erkenning voor hun denkbeelden krijgen, zij worden maar al te vaak belast met de uitvoering van dingen die de ouderen noodzakelijk achten, maar krijgen niet de kans zichzelf te zijn binnen de maatschappij, kunnen niet los komen van de leefwijze en het niveau van leven dat de ouderen als goed hebben gedecreteerd, zonder zich gelijktijdig van de maatschappij te isoleren. Zij krijgen vaak zelfs niet de geringste mogelijkheid ook maar enige verandering langs redelijke weg tot stand te brengen omdat de ouderen alle gezag wanhopig vast proberen te houden.
Dan komt er een ogenblik, dat iemand je een stickie geeft en zegt: Rook dat nu maar dan kom je wel weer bij. En inderdaad, je krijgt opeens het gevoel dat de wereld een eind beter is, dat jezelf vlotter bent, meer kunt enzovoort. Je bent opeens in eigen ogen voor een ogenblik iemand, in plaats van iemand die alleen maar een nummer in de maatschappij is, een nul met zeven nullen er voor. De roes gaat voorbij en je staat weer in die zelfde wereld die je zou willen veranderen, maar die je niet kunt veranderen, een wereld waarin je iets zou willen betekenen, maar waarin je je eigen betekenisloosheid zo sterk gevoelt dat je misschien allen wilt bewijzen dat je mee telt door zo maar, zonder reden, iemand op zijn gezicht te slaan. En daarvan word je eigenlijk later zelf ook weer misselijk. Zeker, dergelijke jongeren zijn baldadig, gewelddadig, drinken te veel, gebruiken drugs. Dat kun je natuurlijk veroordelen.
Maar in de eerste plaats is hier toch sprake van een door de gemeenschap zelf veroorzaakt euvel volgens mij.
Waarmede wij aan de vraag toekomen, of drugs nu wel of niet gevaarlijk zijn en in welke mate. Dat harddrugs gevaarlijk zijn, weet eenieder. Ik bepaal mij dus tot de zogenaamde softdrugs, omdat dezen de laatste tijd sterk aangevallen worden. Softdrugs zijn allen schadelijk. Bij een veelvuldig en onbeheerst gebruik zijn zij zelfs zeer gevaarlijk. Maar… bespuitingsmiddelen zijn ook schadelijk en die krijg je binnen zonder dat je het weet of wilt.
Toch heb ik nog niemand horen zeggen dat alle bespuitingen nu stopgezet moeten worden omdat er vergiftigingsverschijnselen en zelfs overlijden van mensen zijn voortgekomen uit bijvoorbeeld het eten van fruit, dat te kort voor de pluk nog was bespoten. Ik heb ook nog niemand horen zeggen, dat men nu eindelijk eens over moet gaan tot een rantsoenering van vlees en vetten omdat die zo gevaarlijk zijn voor de mensen die te vet worden en mogelijk een hartaanval of andere kwalen hierdoor krijgen. Ik heb deskundigen en autoriteiten meerdere malen horen vertellen dat autorijden buitengewoon ongezond is, zowel voor de rijder als voor het milieu. Gebrek aan beweging, vooral wanneer men over een auto beschikt en hierdoor zelfs niet meer aan een regelmatig lopen toekomt is de oorzaak voor de vele hartinfarcten van deze tijd. Dat zeggen de deskundigen en hierover schijnen zij het nu wel eens te zijn. Maar ik heb nog niemand de conclusie horen trekken dat men dus het autorijden maar eens moet gaan beperken. Toch zijn dergelijke dingen even gevaarlijk als een redelijk druggebruik. Wanneer ik naga, wat alleen door het gebruik van wel toegelaten vergiften en roesmiddelen in de maatschappij aan slachtoffers valt, en ik vergelijk daarmede het aantal werkelijke slachtoffers van druggebruik, dan blijkt dit naar rato gerekend, minder dan 1 op 1000 te zijn.
Het onvermijdelijke volgende argument van de tegenstanders is dan: Het gedrag van de drugmisbruiker wordt asociaal. Dat is inderdaad waar: Vanuit het standpunt van de huidige maatschappij zijn de mensen die wegvluchten in drugs of andere methoden – soms praten mensen zichzelf zelfs een roes aan – asocialen. Mijn vraag echter luidt: Is dit asociaal zijn nu primair veroorzaakt door het gebruiken van softdrugs, of is het gebruik van softdrugs eerder een nevenverschijnsel van de asociale invloed die de maatschappij schijnt uit te oefenen op vooral idealisten – en misschien wat luiaards? Dit is natuurlijk maar een vraag. Ik meen in ieder geval wel dat je niet zonder meer kunt zeggen dat de softdrugs gevaarlijker zijn dan andere zaken die wel getolereerd worden. Er is gevaar aan druggebruik verbonden? Goed.
Maar ik heb nog nooit gehoord dat men een leger heeft afgeschaft omdat er zelfs bij oefeningen wel eens doden en gewonden vallen. Zoals ik ook nog nooit iemand heb horen zeggen dat de bromfietsen nu maar afgeschaft moeten worden, omdat zij te gevaarlijk zijn in het verkeer. Zo geredeneerd is er mijns inziens niet zoveel reden om iets te zeggen tegen het gebruik van softdrugs. Niet, dat zij niet gevaarlijk zijn, maar doodeenvoudig omdat het gevaar, dat zij opleveren, niet groter is dan vele andere gevaren die de maatschappij in meerdere gevallen de mensen zelfs oplegt.
Waarmede wij aan de vraag komen, of het gebruiken van softdrugs nu werkelijk het gebruiken van harddrugs stimuleert. Ook hier kom ik in de eerste plaats terecht bij een sociaal probleem.
Iemand die begint met harddrugs doet dit over het algemeen, omdat hij ‘kicks’ voelt. Wat betekent dat hij belevenissen zoekt die de maatschappij kennelijk hem niet kan geven. De maatschappij kan geen andere mogelijkheden stellen tegenover deze gezochte belevingen.
Volgens mij is het verslaafd geraken aan harddrugs niet alleen levensgevaarlijk, en verwerpelijk, maar ook mede het gevolg van een in de maatschappij bestaande situatie. Men kan natuurlijk stellen dat hierom elke verkoop van hard stuff verboden moet worden. Ik ben het er mee eens, maar vraag mij wel af, waarom men vele nog niet beproefde of zelfs voor de gezondheid gevaarlijke geneesmiddelen dan wel in de verkoop brengt, zodat eenieder deze zonder ook maar te begrijpen wat hij inneemt, kan verwerven en gebruiken. Want dit is een veel meer verbreid euvel, al zijn de gevolgen niet zo spectaculair als bij verslaving aan bijvoorbeeld heroïne.
Let wel: Ik keur het gebruik van drugs af. Ik heb daarvoor mijnerzijds redenen te over. Maar wanneer men enerzijds zwaait met de verantwoordelijkheid van de gemeenschap in deze gevallen en anderzijds slechts maatregelen wil nemen in gevallen dat men een aantasting van gangbare normen of maatschappelijk gedrag verwacht, vind ik dit niet erg reëel. Nog minder van werkelijkheidszin getuigende vind ik de manier, waarop men het drugprobleem meent te moeten benaderen, daar men juist hierdoor het – illegale – drugverbruik in feite stimuleert.
Misschien lijkt dit een tegenspraak maar ik zie het toch werkelijk zo: Wanneer men overal drugs openbaar zou kunnen verkrijgen en voor de redelijke kwaliteit hiervan ingestaan zou worden, zal er veel minder verdiend kunnen worden hieraan. Er zullen dan dus veel minder mensen zijn die er voordeel in zien aan anderen het gebruik van dergelijke middelen als het ware op te dringen. De ervaring leert echter dat de eerste dosis heroïne of cocaïne door iemand wordt verstrekt, zeer goedkoop of zelfs gratis, die de hoop koestert daardoor een vaste afnemer tegen hoge prijzen te vinden. Kan men deze factor uitschakelen en gelijktijdig een reële maar gedegen voorlichting over de mogelijke gevolgen van het druggebruik geven, dan zal het proces van nieuwe verslaafden veel trager gaan verlopen.
Misschien veronderstelt men, dat hierdoor alle controle onmogelijk zou worden. Ik meen dat deze met weinig moeite zou kunnen worden uitgeoefend middels officiële verkoopplaatsen, mits deze op alle uren geopend zijn. Zeker zou een beter overzicht van de situatie ontstaan dan nu, waar men uiteindelijk is aangewezen op razzia’s en het overvallen van iemand die weer eens een partijtje het land heeft binnengebracht in de hoop hieraan veel te verdienen.
Bovendien meen ik dat degene die de prijs beheerst en maakt voor dergelijke zaken, gelijktijdig onwettige concurrentie kan uitschakelen en de excessieve propaganda voor drugs kan verminderen. Degenen die de juistheid van dit standpunt ontkennen, zijn mijns inziens onpraktische dwazen. In andere landen is men reeds zover gekomen dat men aan verslaafden, op recept, tegen redelijke prijs hetgeen zij werkelijk nodig hebben, verschaft. Alleen heeft men deze benadering willen verbinden aan een curatief proces van dosisvermindering. Waarmede men de sluikhandel toch weer in de kaart speelt. Ik geloof niet, dat iemand die vrijelijk rond kan gaan en verslaafd is aan een bepaalde dosis van een zwaar verdovend middel er toe kan worden gebracht met een steeds kleiner wordende portie genoegen te nemen, wanneer hij zich onwel gaat gevoelen en op de zwarte markt hetgeen hij nodig heeft verkrijgbaar is.
Wil men iemand werkelijk van een dergelijke gewoonte afhelpen, dan zal men:
- een genezings- en ontwenningskuur in een afgesloten omgeving op moeten leggen, hoe onplezierig en kostbaar dit ook moge zijn.
- men zal er ook voor moeten zorgen, dat de eerste tijd geen terugkeer in een milieu van oude vrienden en medeverslaafden mogelijk is.
U ziet hoe de problemen zich opstapelen. Nu heeft de maatschappij de neiging steeds meer voor eenieder te gaan zorgen. Dat is ook erg mooi van die maatschappij, ofschoon ik het gevoel niet kan onderdrukken dat de prijs die zij daarvoor terugvraagt, wel eens erg hoog kan zijn. Ik meen dat de maatschappij er werkelijk verkeerd aan doet wanneer zij elke fase van het leven van haar leden wil gaan bepalen en steeds minder ruimte overlaat voor eigen initiatieven en eigen risico’s. Zij beschikt trouwens niet over de middelen om dit daadwerkelijk en afdoende te doen. Een maatschappij is pas in staat het leven en handelen van eigen leden werkelijk te bepalen, wanneer zij tevens alle machtsmiddelen tot haar beschikking heeft, alle handels- productie- en verbruiksprocessen geheel beheerst plus het geheel van de sociale structuur. Wat een absolute dictatuur betekent.
Nu kan men zelfs betogen dat een dictatuur die van buitenaf opgelegd wordt, in feite de ergste vorm van dictatuur betekent die denkbaar is. Want een volk dat niet rijp is voor een democratie, zal je in zijn ontwikkelingen ongetwijfeld schaden door het vrijheden op te leggen, waar het nog geen raad mee weet. Wanneer je echter zover bent gekomen dat er een redelijk werkend democratisch systeem bestaat, zo ben ik ook van mening, dat je de middelen van die democratie niet moogt gebruiken om eenieder te betuttelen, of zelfs maar moet proberen aan allen zoveel mogelijk te geven wat zij van de gemeenschap vragen. Ik meen dat je democratie moet zien als een middel om een zo goed mogelijke samenwerking tussen burgers mogelijk te maken met een zo groot mogelijke vrijheid van handelen en denken, plus eigen verantwoordelijkheid voor eenieder.
Vanuit het standpunt van de gemeenschap heeft een mens niet het recht zijn eigen leven te beëindigen of zich uit het maatschappelijk proces terug te trekken. Binnenkort zal men misschien nog verder gaan en proberen te bepalen, wie en wanneer geboren mag worden.
Volgens haar heb je ook niet het recht om te leven zoals je wilt, zelfs wanneer je hiermede niemand werkelijke schade toevoegt. Waar blijft dan de vrijheid? Wat is democratie? Volgens mij een maatschappij, waarin eenieder het zijne mag zeggen en zijn eigen wegen kan gaan, zolang hij hiermede anderen geen schade berokkent. Voor mij betekent het dus wel iets meer dan een maatschappij waarin de burgers invloed kunnen uitoefenen op maatregelen van bestuur door het kiezen van hun bestuurders. Een invloed die volgens mij zeer vraagwaardig is, omdat vele gekozenen voor hun verkiezing wel mooie leuzen en beloften hanteren, maar daarna zich vaak aan een groot deel van hun beloften weinig of niets gelegen laten liggen.
Maar goed. Volgens mij moet je de zaak als volgt zien: De maatschappij van heden is, gezien de ontwikkelingen van de laatste tijd, verouderd in opzet, denken en structuur. Zij deugt niet meer. Tussen de behoudzucht van generaties, die oorlog en crises hebben meegemaakt – en als gevolg daarvan een zeer orthodox gedragspatroon vertonen – en de jeugd die al deze dingen niet kent en los wil breken uit de te benauwende omarming van de gemeenschap, ontstaat een zodanig conflict en een zo grote kloof, dat een overbruggen hiervan binnen het heersende systeem reeds nu bijna onmogelijk is. Ik meen dat juist deze kloof mede de oorzaak is voor het gebruiken van het ‘stickie’, dat heus niet gevaarlijker is dan een sigaret, wanneer het met mate wordt gebruikt. Ik meen, dat juist dit conflict de oorzaak is voor het zoeken naar kicks, dat dit de oorzaak is voor een reeks gedragingen bij de jeugd die zelfs voor de jongelui zelf niet zo erg aanvaardbaar of plezierig zijn, maar die zij alleen als protest tegen de samenleving handhaven.
Het probleem van de drugs wordt, geloof ik, door velen nog te zeer beschouwd als het probleem van de arme verslaafden. Volgens mij is de werkelijke oorzaak van het probleem en daarmede de belangrijkste factor: Een maatschappij die door angstige ouderen wordt beheerst, zodat zij er niet toe kunnen komen werkelijke vernieuwingen te proberen en een jongere generatie die de spanningen die ouderen ondergingen, niet kent en mogelijk niet erkent, en zo hun houding niet kan begrijpen, laat staan rechtvaardigen en zo zoekt naar iets waarin zij zelf iets kunnen zijn en proberen, zonder werkelijk de kans ertoe te krijgen. Ik meen dat de oorzaak van de ellende voor een groot deel in Nederland uit dit conflictpatroon voortkomt en ben er daarom ook van overtuigd dat men het drugprobleem nooit werkelijk zal kunnen oplossen met vele mooie woorden en strenge politionele maatregelen. Ik veronderstel, dat er een oplossing mogelijk is door toe te staan, dat er een werkelijke maatschappelijke opbouw plaatsvindt naast de oude maatschappij zonder dat de oude maatschappij de lasten hiervan draagt, of hierdoor overmatig belast kan worden, grotere vrijheid en vooral een verdergaande eigen aansprakelijkheid voor de jongeren. Geef hen alles wat zij willen hebben, maar dan op een wijze die het gewetenloze mensen onmogelijk maakt misbruik van hen te maken. Je moet hen de kans geven hun eigen leven te bepalen.
Het belangrijkste voor de ouderen lijkt mij in dit verband het erkennen van het eigen ik en het bepalen van eigen leven volgens eigen maatstaf, zonder anderen ooit te beletten hetzelfde te doen. Om dan gelukkig te kunnen leven zul je veel omtrent jezelf moeten erkennen. En de moeilijkste vraag uit dit betoog luidt dan: Hoe moet je dit doen in een tijd waarin elke zelferkenning wordt bemoeilijkt door maatstaven en beoordelingen die je van buitenaf opgedrongen worden? Hoe moet je ooit de ervaringen opdoen, waardoor je jezelf leert vinden, wanneer je bij voortduring omringd bent voor een als beschermend bedoeld systeem van regels en beperkingen, die elk eigen initiatief langzaam maar zeker plegen te wurgen?
Wat ik hier stelde, bedoelt geen oplossing aan te wijzen. Mijn betoog bestaat uit een reeks van vragen en meningen. Ik meen dat dit belangrijk kan zijn. In een ander land zouden zowel u als toehoorders als het medium ongetwijfeld reeds in hechtenis genomen zijn, omdat hier iets gezegd werd, dat geconstrueerd kan worden als een verdediging van het gebruiken van drugs.
Ik meen dat dit land zich dan ook meteen tegen het daar nog zeer veel voorkomende alcoholisme zou moeten keren, door ook eenieder die alcohol in welke vorm ook aanbeveelt of verdedigt, zelfs in de vorm van wijn, eveneens onder arrest te stellen. In Nederland is men nog niet zo ver. Maar ik garandeer u dat op het ogenblik dat niet meer gesproken mag worden over de vraag, of er voor drugs te zeggen is en men niet meer zich af mag vragen, of zij toch in de moderne maatschappij misschien een functie kunnen hebben, de gevaren van verslaving eerder toe dan af gaan nemen.
Misschien is op het gebruik van softdrugs niet veel tegen. Maar als je dit doet, hinder je daar toch anderen mee?
Wanneer je dit gaat doen vlak naast iemand, die tegen de geur bv. niet goed kan, hindert men inderdaad een ander. Dit geldt ook voor pijp, sigaretten en sigarenrokers. Maar wanneer u dit doet in eigen omgeving of een daarvoor bestemde omgeving, hindert u zeker geen anderen. Wanneer anderen zich ergeren aan het feit, dat u bv. een stickje rookt, dan komt de ergernis voort uit henzelf, niet uit de roker. De mensen zijn helaas geneigd anderen voortdurend hun eigen gedragspatroon op te leggen en spreken over het geven van aanstoot, ergernis enz., wanneer die ander daar niet voor voelt. Dat is de pijn in uw wereld. Dit was aanleiding tot de inquisitie, concentratiekampen, gaf aanleiding tot dictaturen over de gehele wereld, dit is de rechtvaardiging van onderdrukking enz. overal. Ik meen, dat het niet juist is iemand te veroordelen, omdat u zich aan deze ergert. Ik meen, dat u zou moeten zeggen: Wanneer men anderen hiermede bewust tracht te hinderen, is het gedrag onjuist en krijgen de anderen hierdoor het recht zich te beklagen en te verzetten. Ergert zich men aan het feit, dat anderen iets zijn of doen, wat men zelf niet is of doet, dan zal men aan zichzelf moeten werken en heeft men geen recht van spreken.
