Escapisme

image_pdf

31 mei 1968

Wij zijn niet alwetend of onfeilbaar. Denkt dus zelf na. Het onderwerp vandaag: Escapisme

Een dergelijke drang tot ontvluchting van de werkelijkheid zal steeds weer ontstaan wanneer een mens geconfronteerd wordt met problemen, die hij meent niet op te kunnen lossen, dan wel wanneer hij verwacht dat een oplossen van de problemen te zijnen koste zal gaan, terwijl hij niet geneigd is deze consequentie te aanvaarden. De gehele wereld vandaag is vol van escapisten. Het klinkt misschien wat vreemd wanneer ik dit zo zonder meer stel. Maar een zeer groot deel van van de moderne politici, de moderne economen, de moderne kerkleraren, zijn, wanneer wij de validiteit van hun stellingen en de feitelijkheid van hetgeen waarop zij zich baseren, nagaan, grote escapisten. Deze mensen ontvluchten aan de kenbare feiten, omdat zij eenvoudig er niet toe kunnen komen een aanpassing van hun eigen wezen te aanvaarden aan de omstandigheden. Zij willen de feiten niet onder ogen zien, omdat zij daarin vrezen hun belangrijkheid enz. te verliezen.

Het is wel duidelijk dat er vele problemen in deze wereld zijn, die moeilijk opgelost kunnen worden, wanneer men de huidige instelling en machtsevenwichten enzovoort, wenst te behouden. Om u een voorbeeld te geven hiervan: De atoombommen. Kernbommen zijn, zo zeggen militaire escapisten, het enige wapen tegen een atoomoorlog. Zij stellen dat zolang maar meerdere partijen atoomwapens hebben, men geen atoomoorlog aan zal durven. Maar gelijktijdig trachten zij het aantal van de atoommogendheden te beperken, om zo het gevaar voor atoomoorlog te verminderen. De specialisten op dit gebied zien steeds weer over het hoofd dat een kernoorlog nog veel meer onmogelijk zou zijn, wanneer geen enkel land over kernwapens zou beschikken. Zoals men kennelijk bij de deskundigen maar liever over het hoofd ziet dat oorlogen in deze tijd, zodra zij grotere blokken of zelfs continenten omvatten, eerder ontstaan als gevolg van een toeval dan door een overlegd streven naar oorlog. Wie de vele boekwerken met deskundige argumenten ontleedt in het licht van de feiten, zal tot de ontdekking komen, dat er in feite een groot deel als ‘escape-literatuur’ kan worden beschouwd, die slechts ten doel heeft te stellen dat het atoomwapen (en dus de atoomexperts inclusief de schrijver) belangrijk en nuttig is.

Ontleedt men de vele politieke argumenten in dit verband, dan ontdekt men, dat bijvoorbeeld de Gaulle de atoombom noodzakelijk acht voor het prestige van Frankrijk. Amerika en Rusland beweren dat zij steeds meer van deze wapens van node hebben om op elkaar voor te kunnen blijven. In China heet de atoombom het ideale wapen voor de algehele revolutie te zijn. Zelfs landen als bijvoorbeeld Argentinië zijn bezig om, in het geheim, een atoomwapen te vervaardigen. Elk meent dat dit noodzakelijk is om eigen belangrijkheid in de wereld te handhaven. Dit komt er gezien de toch overal bekende feiten op neer dat de politici bijna allen bereid zijn de gehele wereld op te offeren wanneer zij zelf alleen daardoor hun belangrijkheid kunnen bewaren en hun macht kunnen behouden. Leest men echter de werken van de deskundigen en de politieke vertogen van de mannen, die voor machtsevenwicht staan, dan blijkt onmiddellijk dat men de consequenties van eigen streven weigert onder ogen te zien. Men vermindert de gevaren, stelt dat de gevolgen niet zo ernstig zullen zijn als men misschien zou kunnen vermoeden. Kortom, men ontvlucht zelfs in zogenaamde deskundige en zakelijke rapporten aan de feiten, door eenvoudig te doen alsof zij niet zouden bestaan of door fantastische mogelijkheden in de toekomst te poneren, die (naar men zelf toegeeft) nu nog niet bestaan, maar die zeker tegen de tijd dat de atoomwapens zullen worden ingezet, beschikbaar zullen zijn. Escapisme van dezelfde grootorde als de Duitse legende van de nieuwe geheime wapens, die op het laatste ogenblik van de oorlog de kansen nog zouden doen keren.

De literatuur en andere vormen van vermaak zullen voor de gewone man op soortgelijke wijze een mogelijkheid tot ontsnapping aan de werkelijkheid bieden. Hoevelen van u begrijpen, dat een boek als bijvoorbeeld ’Ik, Jan Cremer’ zuivere escapeliteratuur is? De lezer kan zich hier identificeren met een kerel die alles zegt, alles kan, alles durft, zich van de gehele schijnheilige wereld niets aantrekt enzovoort. Onrijpen worden door dit soort geschriften nog het meeste aangetrokken, omdat bij de puber en de onrijpe de nadruk op seksualiteit het meest overdreven is. Dat vele ouderen zich in deze dagen eveneens voor dit soort seks literatuur interesseren, is begrijpelijk: In het paternalistische milieu van deze tijd bereiken ook vele ouderen geen geestelijke rijpheid meer. Het verzet tegen de maatschappij krijgt een soortgelijke mogelijkheid tot ontvluchting aangeboden in de goedkope romans, waarin sexy meisjes al dan niet verkracht door harde en wrede detectives lijden, tot met geweld alles weer in orde is gebracht.

Geweld neemt een grote plaats in de escapeliteratuur van deze dagen in, waarbij zelfs sadisme een rol pleegt te spelen, omdat de moderne mens de consequenties van een gewelddadig optreden tegen de gehate maatschappij zelf niet aandurft, maar via deze dromen zijn haat kan afreageren op de wereld, waarin hij meent een andere plaats waardig te zijn of zich geheel niet thuis gevoelt. Wanneer u een harde detective leest beseft u niet dat zeer vele liefhebbers van juist dit genre hierdoor middels een identificatie met de hoofdpersoon, hun behoefte af kunnen reageren om de wereld rond hen te vernederen, te vertrappen, te kwellen en te overwinnen.

Deze haat is een algemeen, maar niet vaak bewust beseft aspect in het kleine mannetje, dat een soort technisch onderdeeltje is geworden in een technisch bureaucratisch geleid geheel, waarin de menselijke waarden wel worden genoemd, maar in feite geen rol meer plegen te spelen.

Een andere vorm van ontvluchtingsliteratuur resulteert onder de Engelse term fantasy, science en science fiction. Deze Engelse term geeft aan dat op dezelfde wijze als bijvoorbeeld Verne reeds eerder deed en utopisten als More reeds voor deze, een wereld wordt geschilderd, waarin de problemen van de huidige wereld zo worden uitgelegd en geprojecteerd, dat de mens van heden zich daarin kan verdiepen, zonder zich daardoor direct bedreigd te gevoelen.

Een zeer groot deel van deze lectuur verschaft enerzijds de mens informatie, waardoor hij zich in een steeds technischer wordende maatschappij meer thuis en daardoor sterker zal kunnen gevoelen, terwijl gelijktijdig de problemen, die in deze maatschappij bestaan, of dreigen, op eenvoudige wijze worden opgelost door over het algemeen bijzonder avontuurlijke en moedige romanfiguren. De verwantschap van vele van deze helden met Lord Lister en Nick Carter dringt zich hier en daar sterk op. Zelfs het klippertyklop van Gray en Brand schrijver van de avonturen van het Wilde Westen, waarheen zij een ontvluchten van de te saaie beschaafde wereld mogelijk maakten, komt hier en daar om de hoek kijken. Al gaat de reis natuurlijk niet door de woestijnen van Nevada, maar over de rotsige vlakten van een vreemde planeet of zelfs door de sterren bezaaide ruimten van het heelal.

Dit zijn slechts enkele voorbeelden van de vele wegen, die de mens van heden ter beschikking staan, wanneer hij de wereld van vandaag even wil vergeten, evenals eigen problemen en de moeilijkheden van de wereld waarin hij leeft wil ontvluchten. U meent misschien dat het dwaas is op deze wijze de werkelijkheid te vergeten. Maar in vele gevallen lijkt het eerder op een noodzaak, een mogelijkheid tot zelfbehoud. Ik nam als voorbeeld de literatuur. Ik zou echter met evenveel recht erop kunnen wijzen hoe de uiterst linkse propaganda, die in vele landen op het ogenblik wordt gevoerd, een ontvluchten van de werkelijkheid inhoudt, ja, dat alles, wat men zich uiterst links en revolutionair voorstelt, alleen doenlijk blijkt te zijn en slechts te verwezenlijken zal zijn, wanneer men kan beschikken over een ordehandhaving, die in wezen uiterst rechts, hetzij fascistisch is. Men mag daarbij niet over het hoofd zien dat geen van de tot oproer, revolutie, tot verandering aandringende groepen en instanties bereid is de gevolgen daarvan voor eigen rekening te nemen. Dit blijkt zelfs op het ogenblik uit het optreden van de oorspronkelijke studentenleiders in Parijs. Ook deze hebben niet willen beseffen, waartoe hun actie uiteindelijk zou kunnen, ja, zou moeten voeren. Zij baseerden zich, ondanks hun schijnbaar revolutionair denken, nog altijd op een rechtsbeginsel, dat door rechts voldoende zal worden gehandhaafd, om links een opponeren ertegen zonder beperkingen of gevaren onmogelijk te maken.

Degenen die extreem denken, zij het rechts of links, blijken ook al escapisten te zijn. Ook zij weigeren de werkelijke mogelijkheden en feiten te zien. Zij houden zich aan hun eenzijdig wereldbeeld, waarin slechts hun eigen wensen een rol spelen. Gebrek aan werkelijkheidszin is algemeen. Wij kunnen bijvoorbeeld wel met zekerheid zeggen, dat generaal de Gaulle, die meent met de bekende gebaren en bezwerende frasen het volk van Frankrijk zonder meer tot zich te kunnen trekken en tot rust te kunnen brengen, evenzeer zelfbedrog is, als de gedachte van de opstandigen, dat zij in korte tijd het geheel van Frankrijk kunnen veranderen ten goede. Voor de Gaulle is het echter noodzakelijk te verwachten dat hij met zijn persoonlijkheid zonder meer het pleit kan winnen. Zou hij toe moeten geven dat hij geheel niets kan bereiken, dan zou hij ook toe moeten geven, dat hij zichzelf heeft overschat en in wijsheid tekort is geschoten. Als hij zich onzeker zou gevoelen, zou hij niet meer kunnen regeren zoals hij tot nu toe heeft gedaan vanuit zijn vaderlijke meerwaardigheid. Zijn dreiging om af te treden is (al gelooft hij zelf niet dat het hiertoe zou komen) het natuurlijk gevolg van de wijze, waarop hij steeds weer aan de werkelijkheid omtrent eigen wezen en daden tracht te ontkomen.

Neem aan de andere kant de zaak van de studenten. Dezen hebben ongetwijfeld gelijk, wanneer zij tegen bepaalde verouderde instellingen en regimes opponeren. Zij vergeten daarbij echter, dat datgene, wat zij nu zo heftig en gewelddadig aanvallen, er zonder de maatschappij, die mede het doelwit van hun aanval is geworden, er geheel niet zou zijn. Zeer velen van hen zouden zonder de steun van de instanties en gemeenschap waartegen zij zich nu richten, niet eens student hebben kunnen worden. Deze jongeren zijn blind voor de mogelijkheid, dat hun zeer sociaal uitziende, maar in feite mede eigen belang van de groep betreffende strijd, wel eens zou kunnen voeren tot een soortgelijke strijd voor eigen belangen bij andere groepen. Het gevaar is dan niet denkbeeldig, dat het besteden van meer gelden aan een universitaire opleiding bij vele boeren zou leiden tot een opstand onder de leuze: Waarom veel geld voor dergelijke rommel, als men niet eens ervoor kan zorgen dat wij een juiste vergoeding ontvangen voor onze groenten, aardappelen, onze wijn? Men weet dat het groeps-egoïsme van een bepaalde groep tot dergelijke reacties van andere onderling sterk gebonden groepen kan voeren. Maar dat dit ooit zal gebeuren, wil men eenvoudig niet aanvaarden. Men ontvlucht deze werkelijke mogelijkheid met vele fraaie argumenten.

Zoals de boeren in Nederland die voor een melkprijsverhoging demonstreren en blind zijn voor het feit dat wanneer het bestaande systeem wordt gehandhaafd en zij meer zouden krijgen, op den duur niemand meer melk zal kunnen drinken vanwege de te hoge prijs. Wanneer alles wat de landbouwdeskundigen, zuivelschap en boeren wensen, ooit tot werkelijkheid wordt, kan er geen melk meer worden verkocht, met uitzondering misschien van een enkele feestelijke gelegenheid, waarbij men dan zegt: Laat ons eens diep in de zak tasten. “Deze maal geen drankje van Veuve Clicquot, maar een echt glas melk, volvet van de koe……” Ook hier speelt een zeker zelfbedrog een rol. De boer denkt dat hij moet en kan krijgen, wat zijn product volgens hem waard is en rekent zijn kosten niet volgens de meest rationele productie, maar volgens de wijze, waarop hij belieft te produceren. De staat meent dat zij de prijzen vrijelijk kan opschroeven, omdat men toch melk zal blijven drinken. Beiden vergeten dat een product uiteindelijk datgene waard is, wat de verbruiker bereid is ervoor te betalen. Dit is belangrijker dan alle kosten, winstmarges enzovoort.

Menig politicus meent dat hij zijn zienswijze door zal kunnen zetten en vergeet daarbij maar liever, dat hem dit alleen mogelijk zal zijn, indien hij de gewone mens blijvend van zijn eigen betrouwbaarheid en de juistheid van zijn streven zal kunnen overtuigen. De relatie tussen ik en wereld in de werkelijkheid blijkt voor velen moeilijk te aanvaarden. Het is bovendien vaak zo moeilijk om anderen te overtuigen van eigen belangrijkheid, juistheid van eigen denkbeelden enzovoort, dat men er de voorkeur aan geeft zichzelf te overtuigen van eigen waarde enzovoort en desnoods in verhalen ontvlucht aan een wereld, waarin dit niet voldoende meer blijkt te zijn.

Dit is een probleem van elke mens. Want het escapisme, dit ontvluchten aan de werkelijkheid omtrent eigen wezen, wereld en mogelijkheden, treffen wij zeker niet alleen aan op de vlakken die wij tot nu toe hebben aangesneden, maar evenzeer bij de enkelingen.

Er zijn gewone mensen, die zich aan een onaanvaardbare werkelijkheid eenvoudig onttrekken door bepaalde onbewezen en nimmer in eigen wereld feitelijk kenbaar wordende zaken als feiten aan te nemen. Zonder dit is het leven voor hen niet dragelijk. Zo zijn er mannen die, zelfs na een 50-jarig huwelijk, nog steeds blijven aannemen dat hun echtgenote hen zonder meer en onvoorwaardelijk bewondert. Zoals er nog steeds vrouwen zijn, die aannemen dat een trouwboekje een garantiezegel is voor echtelijke trouw zonder meer, zodat zij dan hun eigen pogen een man te boeien, gevoeglijk kunnen staken, zodra dit begeerde zegel hun eigendom is geworden. Toch zal de man wel degelijk kunnen beseffen dat zijn vrouw hem zelfs beter kent, dan hem aangenaam kan zijn, maar zo hij dit toe zou geven aan zichzelf, zou hij zijn vrouw niet meer kunnen zien als bijvoorbeeld een hulpeloos afhankelijk en aanhankelijk wezentje. Zijn ego maakt het hem alleen mogelijk de wereld in de ogen te zien wanneer hij iets betekent. De betekenis ontleent hij aan het feit dat dit tere hulpeloze wezen hem aanbidt. Hij kan zichzelf, zeker in het huwelijk, alleen maar aanvaarden wanneer zijn gade in hem nog steeds de ridder zonder vrees of blaam ziet en niet het mannetje met het afgezakte kruis in de jaegeronderbroek.

Dit is reeds een vorm van verwerpen van de feiten. Maar op het ogenblik dat de vrouw het hem onmogelijk maakt aan dit beeld te blijven geloven, zal hij elders een onwerkelijke wereld op gaan bouwen, een wereld van dagdromen, hobby’s, kroeg populariteit enzovoort De vrouw wil zo graag gewaardeerd worden om haar hoogheid, edelheid, vrouwelijkheid enzovoort, en wil graag onderwerping en adoratie vinden. Daar het leven haar die maar zelden biedt, vlucht zij, naarmate zij minder kans heeft een vervanging te scheppen middels bijvoorbeeld flirtation, in de sfeer van een Courths-Mahler. Zij verdoven zich voor de werkelijkheid met verhalen over heldinnen, die altijd edel zijn, die altijd lijden, die altijd hun man krijgen, terwijl zelfs de demonische vrouw een noodlot vindt, dat voor de gefrustreerde vrouw benijdenswaard kan zijn.

Men vlucht uit de werkelijkheid weg middels identificatie met de hoofdpersonen in de prefabricated dagdromen, omdat de werkelijkheid anders niet te dragen zou zijn, terwijl men de moed en de lust niet heeft zichzelf te veranderen en nieuwe risico’s in de wereld te aanvaarden. De keukenmeidenroman, handelde altijd over wrede achtervolgingen van schone maagden, die altijd hun man en hun miljoenen zullen krijgen. Dit was voor de eenvoudigen immers een mooie wijze om aan de sleur van de keuken even te ontkomen? Keukenmeisjes zijn er misschien maar weinig meer. Maar er zijn steeds meer meisjes, die het gevoel hebben dat de wereld eigenlijk maar niets is. Zij hebben het gevoel dat zelfs kinderen krijgen gevaarlijk en lastig is, iets wat je misschien niet aan zou kunnen. Deze meisjes zijn waarschijnlijk bang teleurgesteld te worden en weigeren zich daarom emotioneel sterk aan iemand te binden. Zij zijn bang voor een wereld, die hen te hard, te egoïstisch lijkt. Waardoor zij zichzelf voordoen als nog harder, gewetenlozer en vluchten voor de werkelijkheid, die zij niet aandurven, in seks-orgies, sticks en al die andere middelen om te vergeten wat de werkelijkheid is.

Denkt u dat er ergens op de wereld ook maar een enkele mens te vinden is, die niet op de een of andere wijze steeds weer aan de feiten tracht te ontsnappen door illusies te koesteren of dromen te dromen? In kerken ontkomen de mensen aan hun gevoelens van machteloosheid, vergankelijkheid, door zich te beroepen op een eeuwig wrekende God, die de rechtvaardigen zal verheffen en eenieder, die de moed heeft in deze wereld succes te hebben of zelfs gelukkig te zijn, daarvoor zal laten boeten in een hel, terwijl de uitverkorenen daarop neer kunnen zien met een glimlach van: Ik was toch wijzer en beter….. Wanneer men zich bezighoudt met de hellepijnen van de zondaars, lijkt mij het verschil met de seks en sadisme bevattende romannetjes, die ik in het begin aanhaalde, niet zo groot. Of degene, die niet durft, die zich een mislukkeling gevoelt, nu via deze kerkelijke legenden of middels romans en films het gevoel tracht te scheppen dat hij beter is, meer waard is dan anderen enzovoort, voor mij is en blijft het een vorm van escapisme. En wanneer er in kringen als deze mensen zijn, die zich bezighouden met dromen over de sferen waarin alles, wat je nu tekortkomt, weer zal zijn opgeheven, dan kan men met hetzelfde recht stellen, dat ook dezen escapisten zijn.

De mensen weten wel, dat er vandaag iets niet in orde is met hen. Zij weten waarschijnlijk zelfs hoe zij dit zouden kunnen veranderen. Maar zij durven het niet aan. Daarom proberen zij aan die onvriendelijke werkelijkheid te ontkomen en richten zich bijvoorbeeld op de geest en de sferen. U moet mij niet kwalijk nemen dat ik het zo stel. Maar wanneer u komt met een onderwerp als escapisme, wat een mooi woord is voor gebrek aan moed om de werkelijkheid onder ogen te zien, dan spreken wij over een verschijnsel, dat op de gehele wereld hand over hand toeneemt en zelfs de openlijk verkondigde ‘werkelijkheden’ meer en meer bepaalt. Laat mij een voorbeeld geven: In Nederland is men zeer kuis ingesteld, althans openlijk.

Dientengevolge kan men niet toestaan dat er pornografie op de markt verschijnt. Maar men kan pornografie verhandelen en toch netjes blijven, wanneer men maar een studie publiceert over deze pornografie, waarin men haar rijkelijk citeert. Het feit dat het gaat om een ‘studie’ zal het geheel van de inhoud rechtvaardigen en ook het kennis nemen van de inhoud rechtvaardigen. Het is nu eenmaal een studie, dus je neemt er iets van mee. Het is een deel van de opvoeding, nietwaar? Deze rechtvaardiging is dan een escape-clause, waardoor men eigen behoefte aan dergelijke prikkellectuur kan ontkennen en omzeilen, zonder dat men daardoor iets hoeft te ontberen. Zoals het typerend genoemd mag worden, dat, nu overal het naakte lichaam als minder aanstotelijk wordt ervaren, in Nederland de eerste film, waarin naakt zonder meer werd toegelaten, officieel handelde over ‘huwelijk en geboorte’. Toch mogen wij wel aannemen dat degenen die, soms teleurgesteld, soms watertandende, naar dit product zaten te kijken, aan de informatie weinig behoefte hadden.

Ik noem ook dit alles een vorm van escapisme, daar het neer komt op het ontkomen aan problemen door te doen of het in feite anders is dan in werkelijkheid. Deze wijze van ontvluchting aan de feiten, de werkelijkheid, wordt het meest ernstig wanneer het gaat om zelferkenning, om de vraag: Wie ben ik? Als je je eerlijk afvraagt wie en wat je bent, zul je veelal toe moeten geven dat je niet veel waard bent, dat je eigenlijk een soort niets bent. Maar iemand die zichzelf zo naar werkelijkheid beschouwt, zal beseffen dat hij geen recht heeft in let leven veel van de wereld en van anderen, al is het maar respect, te eisen. Men is immers gewend veel van het leven en anderen te eisen, veel meer nog dan men van zichzelf eist. Dus ontvlucht men de zaken, waar het op aankomt en stelt men: ‘Ik doe misschien niet zo veel, maar ik heb toch veel kennis. Ik weet bijvoorbeeld. Alles van het kundalinivuur en ben geheel op de hoogte van de structuur en werking van chakra’s. Ik weet alles van de oude veden, de Chinese wijsgeren, het boeddhisme, de mystiek en de magie uit de middeleeuwen. Ik weet zoveel. Al doe ik dan niet veel, door deze kennis alleen moet ik toch reeds iemand zijn, nietwaar?’

Fout. Dit is het vluchten in de kennis en de stellingen van anderen om krachtens deze stellingen, die men zelf niet waar wil of kan maken, eigenwaarde in de ogen van anderen en zichzelf te vergroten. Maar alleen hetgeen je waar weet te maken, zal in je eigen wezen en in je leven werkelijke betekenis krijgen. Dit is het enig waardevolle. Het merendeel van de kennis die de mens opdoet vormt, zodra hij er niets mee doet, doch daaraan wel gezag, waarde, betekenis wil ontlenen, voor mij eveneens een vorm van werkelijkheid ontvluchting. Ik kan mij voorstellen dat u juist hier graag een andere uitspraak had gehoord. Maar in feite zoekt men de kennis al te vaak om zo te ontkomen aan een eigen werkelijkheid, aan het heden, dat men niet kan en durft aanvaarden en beleven, zoals men het in feite ziet. Maar kunnen droombeelden iets aan de feiten veranderen en misschien zelfs de zekerheid geven dat het later anders zal zijn? Het is aardig te spreken over de steen der wijzen en dit alles tot een interessante, esoterische theorie te maken. Maar dan speelt daarbij volgens mij ook een rol, dat je niet bereid bent in een laboratorium proeven te nemen en een mislukking te riskeren of in eigen wezen belangrijke veranderingen tot stand te brengen met alle materiële gevolgen van dien. Maar zolang het bij theorieën blijft, zonder dat men dezen aan de werkelijkheid durft toetsen, is ook dit een escapisme, een verwerpen van de bestaande en besefte werkelijkheid.

Dat alles hebt u in mij los gemaakt door dit ene woord: Escapisme. Er zijn er onder u, die liever hadden gehad dat ik over bijvoorbeeld het kundalinivuur had gesproken. Maar uiteindelijk is de tweekoppige slang, die zich als een esculaapteken langs de ruggengraat omhoog slingert, ook alleen maar een symbool voor een kracht, een levenskracht, die elke mens bewust in zichzelf kan wekken, met of zonder de voorstelling van het symbool als basis. Waarbij ik nog op wil merken, dat het wekken van dit vuur weliswaar enige risico’s kan omvatten, maar in wezen voor  alle mensen gewoon is. Een soort circuskunststukje, dat je kunt leren met enige oefening. Zoals een groot deel van de lagere yoga in wezen niet veel anders is dan een soort indoortraining.

Wanneer je met dergelijke dingen niets weet te doen in je dagelijkse leven, je werkelijkheid, dan heb je er ook niets aan en is elk zich verheffen op de bekwaamheid of de kennis alleen maar  een vorm van zelfbedrog. Degene die verder niets van al deze dingen afweet, maar wel deze mogelijkheden en krachten praktisch weet te gebruiken, zal de essentie daarvan, die men zo heilig acht en als behoed geheim meent te mogen leren ter verheffing van het ik, als vanzelf vinden. En dit tekent het gehele probleem.

Natuurlijk zal elke mens in het leven voor korte perioden aan de werkelijkheid ontvluchten. Hij ontspant zich dan, geeft zichzelf een pauze, waardoor hij zo dadelijk met groter gemak de spanningen zal kunnen verwerken, die uit de werkelijkheid op de mens afstormen. Bioscoop, toneel, concert enzovoort zijn ontvluchtingen aan de werkelijkheid. Toch zal ik het niemand kwalijk nemen wanneer hij van deze middelen gebruik maakt om zich even te verpozen. Eerst wanneer een mens regelmatig en met dezelfde wijze van ontvluchting, dezelfde reeks argumenten, ik-projectjes enzovoort blijvend aan de feiten omtrent wereld en ik probeert te ontkomen, moet ik stellen, dat dit verkeerd is. Ook wanneer dit betekent steeds maar bioscopen enzovoort aflopen.

Bij de enkeling komt dit natuurlijk wel veel voor, maar de meest ernstige verschijnselen zien wij toch in de massa. Vooral waar het gaat om groepen zien wij in deze dagen een vervreemding van eigen werkelijkheid en wezen in toenemende mate optreden. Wie een aardig voorbeeld hiervan wil zien, moet morgen maar eens kijken hoe volkomen reëel en gelijktijdig wars van alle kenbare feiten, uw vakbonden morgen reageren, wanneer zij gaan demonstreren. Ga na, welke argumenten worden aangevoerd. Ga na, wat men voorgeeft te doen. Zie dan naar de feiten, die u kent. U zult al snel begrijpen dat er in wezen heel iets anders wordt gespeeld. Maar niemand kan dit toegeven. De vakbondsleiding kan niet toegeven, dat het haar in wezen gaat om een sterkere greep op de arbeider, omdat zij vreest haar gezag anders te verliezen. De regering zal in haar tegenargumenten niet stellen, zoals de feiten toch duidelijk aantonen, dat het haar bij haar maatregelen er om gaat het eigen bestedingspeil verder te handhaven, desnoods ten koste van het volk.

Overtuig u dat het door mij gestelde juist is. Luister dan naar de betogen in de Kamer, de betogen van de vakbondsleiders. U zult zien hoe vreemd de dingen lopen, hoe ver de feiten en de zelf rechtvaardigende stellingen van elkander verwijdend zijn. Wanneer u tijd hebt, besteed dan ook eens wat aandacht aan de vreemde houding in deze van de arbeiders. Velen zullen geen lust hebben hun vrije tijd aan een protestmeting te besteden. Van degenen die wel komen, zijn er velen voor wie dit alles eerder een gezellig dagje uit is, betaald door de bond, dan een werkelijk protesteren. Want velen van de arbeiders geloven niemand meer. Maar omdat zij niet goed weten wat dan wel te doen, doen zij voorlopig maar alsof. Wanneer zij luidkeels roepen, geschiedt dit eerder vanwege de leut dan vanwege de leuze.

Vragen

  • Geldt niet voor in de kennis en mystiek ook: Onderzoek alle dingen en behoudt het goede?

Het onderzoek op zich, het zoeken naar het nuttige in dit alles is zeker geen escapisme. De meeste mensen echter zoeken niet in de eerste plaats naar iets wat door hen praktisch gebruikt kan worden, maar naar iets, waarmede zij het eigen gevoel van uitverkorenheid, meerwaardigheid kunnen versterken of eigen in wezen wel als verkeerd aangevoelde wijze van leven en handelen kunnen verrechtvaardigen. En dat is wel escapisme.

  • U beziet dit alles wel heel erg praktisch…

Natuurlijk. Het is wel leuk om alles filosofisch te beschouwen en te waarderen. Want de feiten bepalen wat u bent, niet uw filosofie zonder meer. Veel van hetgeen u filosofisch als juist aanneemt, zou u niet eens in de praktijk om kunnen zetten, vooral omdat men in de filosofische benaderingen vaak vergeet dat een ander, maar dan vanuit eigen standpunt en ter rechtvaardiging van eigen standpunten, evenzo kan redeneren en reageren, als men zelf doet.

  • Ik lees boeken toch wel wat anders dan u hier stelt.

Daarvan bent u ongetwijfeld overtuigd. Maar al lezende identificeert u zich met alles wat overeenstemt met uw behoefte om iets te zijn, alles wat de (meestal verborgen) kanten van uw eigen wezen bevestigt. Het andere zult u, zelfs in een filosofisch werk, meestal eenvoudig terzijde leggen. U behoudt alles wat uzelf bevestigt. Zelfs uw keuze van literatuur wordt zodanig door dit behoefte-element, deze lust tot identificatie met de dingen, die men in feite niet kan of durft zijn, zo beïnvloedt, dat een eenzijdigheid ontstaat, welke de keuze of voorkeur voor literatuur, muziek en dergelijke sterk beïnvloedt.

  • U beziet het alles wel zeer realistisch. Maar er moet toch een tegenstandpunt zijn waaruit je kunt verklaren…

Het bestaan van het streven kan eenvoudig worden verklaard: de mens weet innerlijk dat hij ertoe bestemd is beter te zijn dan hij is. Het kost hem echter te veel moeite om waar te maken wat hij gevoelt te moeten zijn. Daarom ontvlucht hij aan een deel van zijn werkelijkheid en daarmede aan een deel van de verplichtingen, zoals hij die innerlijk gevoelt. Hij weet deze te projecteren in niet zakelijke of ideële versies van het mogelijke, welke hem een daadloosheid in de werkelijkheid mogelijk maken, met een gelijktijdige verhoging van zijn zelfbeleving, zelfrespect, enzovoort.

  • Maar sport en hobby’s hebben als escapisme toch ook een nuttige zijde?

Ik weet niet of je sport en hobby’s nu altijd wel escapisme kunt noemen, vooral wanneer je deze zelf bedrijft. Zij worden pas tot een vorm van escapisme, wanneer men door de sport of de hobby aan iets anders tracht te ontvluchten. De man die alleen de gehele avond in zijn hobbykeldertje zit, omdat hij het gepraat van zijn vrouw liever niet aan wil horen, is ongetwijfeld een escapist. De man die tracht iets te scheppen, waardoor hij zichzelf en eigen vaardigheid beter tot uitdrukking kan brengen, is dit mijns inziens niet. Zoals de vrouw die gaat zitten breien en dergelijke om hierdoor een schijn van bezigheid te vinden, waarbij zij zich innerlijk gelijktijdig te buiten gaat aan romantische dromen enzovoort, is een escapiste. De vrouw die iets breit, omdat dit nuttig en misschien nodig is voor haar of iemand anders, is dit niet. Degene die de sportheld tracht uit te hangen, om zich hierdoor de meerdere van anderen te kunnen gevoelen en eigen tekorten op ander terrein hierdoor te kunnen vergeten, is een escapist. Degene die sport bedrijft om zijn lichamelijke conditie op peil te houden en zijn veerkracht te herwinnen, is een practicus.

Bij uw vraag ging u er echter van uit, dat een zekere mate van werkelijkheid ontvluchting noodzakelijk is om een mentaal evenwicht te kunnen handhaven. Daarbij ziet u over het hoofd dat de mens een egaliserende werking van die soort ingebouwd heeft gekregen: de mens heeft namelijk een droomleven. Wanneer de mens slaapt, zullen de spanningen, die in de hersenen bestaan, aanleiding worden tot een, nu niet gecensureerd of door gemeenschap beperkt samenvoegen van een reeks ervaringen (angsten of genoegens) waardoor zich in het gespannen zenuwstelsel een zeker evenwicht kan herstellen. Men weet meestal niet dat men droomt. Maar een mens die werkelijk geheel niet kan dromen, wordt gek, krijgt last van hallucinaties enzovoort als gevolg van het feit, dat hij zijn spanningen niet meer kan afreageren in een droombeleven.

De mens die zich aan de werkelijkheid tracht te onttrekken, zal de spanningen, die hij bewust ontgaat, dan in de slaap verwerken. Je ontkomt dus nooit werkelijk aan de problemen, die je mentaal beseft. Dit is overigens een werking van de hersenen, die zelfs voort kan gaan terwijl de geest is uitgetreden. Ook dan spelen zich dromen af, waarbij, door de heen en weer flitsende spanningsbeelden, de toestand van mentaal evenwicht kan worden hersteld. U ziet dit eenvoudig over het hoofd. Ik zou daarom willen stellen dat wij eerst dan van escapisme kunnen spreken, wanneer er niet bewust en tijdelijk naar afleiding of ontspanning wordt gezocht, maar onbewust, al dan niet middels identificatie met anderen, fantasiefiguren enzovoort, een vervreemding van de werkelijke feiten, eigen werkelijkheid waarde enzovoort wordt gezocht. Een kenteken hiervan is de neiging om zich eenzijdig te richten op bepaalde vormen van romantiek, geloof, muziek, filosofie enzovoort, waarbij de feiten van het eigen ik dus buiten beschouwing worden gelaten.

Onze vriend daarachter denkt nu weer dat ik het toch maar heel erg in de feiten alleen zoek. Maar het is een feit dat het zogenaamde pragmatisch denken alleen zin heeft, wanneer het uitgaat van feiten, en tracht volgende feiten te bepalen; zonder erkenning van de feiten is een reëel denken onmogelijk. Logica is gebouwd op erkende samenhangen van oorzaak en gevolg. Maar wanneer het punt van uitgang geen erkend of bewezen feit is, zal de gehele logische opbouw op zich niet meer zijn dan een luchtbel van gedachten. De grote moeilijkheid zit in de eis dat men, uitgaande van de werkelijkheid, komt tot een mogelijkheid in de werkelijkheid. Ik begrijp heel goed, dat een mens via de filosofie, geloof, kunsten enzovoort iets bereiken kan voor zichzelf in de werkelijkheid. Ik zie echter in uw wereld, dat men steeds meer de nadruk legt op de stellingen en de werkelijkheid, de feiten steeds minder daarbij laat gelden. Ja, op den duur geheel uit de gedachtegangen tracht te verwijderen ten voordele van een theorie. Juist daarom herhaal ik: Eerst de feiten, dan de rest. Vele moderne escapisten doen mij denken aan de vrouw van een rijk geworden kruidenier, die erg houdt van Willy Derby, maar omentwille van haar nieuwe standing gaat luisteren naar een orgelconcert van Bach en zich dan tracht aan te praten dat zij het mooi vindt.

  • U sprak over vervreemding van de werkelijkheid. Is het nu de bedoeling de muren rond het ik te verstevigen of om ze af te breken?

Escapisme is een verstevigen van de muren rondom eigen persoonlijkheid door een eenzijdige en veelal onjuiste interpretatie van alle feiten omtrent die persoonlijkheid plus het scheppen van een reeks niet op werkelijkheid berustende voorstellingen omtrent het ik en de wereld. Wat fout is. Nodig is in deze dagen meer dan ooit een beëindigen van de vervreemding, de persoonlijkheids- en werkelijkheid vervreemding, waardoor ik en wereld steeds verder van elkander gescheiden worden. Een eigen wereldconcept is iets wat je magisch kunt hanteren, maar alleen wanneer je ook een besef hebt van de voor anderen geldende werkelijkheid. Zonder dit is een bereiken niet mogelijk. Een besef van de werkelijkheid moet er dus eerst zijn. Daarom meen ik dat de schil van waan rond de persoonlijkheid dunner moet worden, zodat een steeds grotere gevoeligheid voor de feiten in de wereld ontstaat. Pas wanneer men zo de feiten durft kennen en beleven omtrent wereld en ik, zal het vermogen tot dromen, denken, filosoferen, het geloof het ik de mogelijkheid schenken, en werkelijkheid daarnaast te scheppen, die ook als feit en werking in de wereld iets te betekenen heeft.

Ten slotte nog het volgende. Wij hebben de ontvluchting aan de werkelijkheid van alle kanten bezien en, zoals niet ten onrechte werd opgemerkt, waren mijn commentaren soms bijna cynisch. Dit vloeit niet voort uit een in bitterheid de wereld willen veroordelen, maar ik stelde de zaken scherp, omdat het voor de mensen in de wereld wel eens goed kan zijn te zien hoeveel van hetgeen men ernstig neemt, in feite niets anders blijft dan een ontvluchten aan de werkelijkheid die men wel kan erkennen, maar niet durft of wil aanvaarden. Wanneer wij dit doorzetten in de richting van bewust leven, geestelijk leven enzovoort, zal men als mens toch in de eerste plaats moeten erkennen, dat de dromen die men bouwt, maar weinig betekenen, zeker ook voor hogere machten.

De feiten tellen. Wat wij werkelijk doen telt, niet wat wij zouden willen doen. Niet wat wij dromen, dat wij zouden kunnen doen, maar alleen wat wij zijn, wat wij doen, bepaalt onze waarde in het geheel, legt de bewustwording vast die wij zo dadelijk in de sferen van node zullen hebben.

Is het niet logisch dat wij dan ook stellen dat alles, wat wij in het geheel kunnen bereiken en betekenen door ons alleen bewust gewild, bepaald, waar gemaakt kan worden, indien wij uitgaan van de feiten, de werkelijkheid? Wij kunnen natuurlijk aan de feiten ontvluchten en toch in onze wereld gaan ageren, maar dan bereiken wij vaak dingen, die tegengesteld zijn aan hetgeen wij verlangden en nastreefden. Dan brengen wij conflicten tot stand, waarin wij geen raad meer weten met onszelf, waarbij wij moeten ontsnappen aan hetgeen wij als figuur voor onszelf creëerden en gelijktijdig de aansprakelijkheid willen afschuiven voor dingen, die wij toch zelf veroorzaakt hebben.

Alle bewust leven begint bij de feiten. Wanneer je naast die feiten misschien krachten kunt vinden die ook feitelijk bruikbaar zijn, acht ik (al is daarbij sprake van iets, wat in uw werkelijkheid niet bestaat of erkend wordt) door het feit dat er daardoor een werking bestaat in uw waarneembare werkelijkheid, mijns inziens nog steeds sprake van werkelijkheidszin en zal ik niet spreken van escapisme of zelfbedrog. Wanneer je echter de feiten achterlaat voor een wereld van dromen en bijvoorbeeld. goochelt met cijfers om aan te tonen dat er nog steeds sprake is van een feitelijke welvaart voor ieder of met cijfers goochelt om in overeenstemming met eigen behoeften of verlangens aan te kunnen tonen dat in 1970 een grote, of geheel geen werkeloosheid voor zal komen, deugt er iets niet. De eenzijdigheid van de interpretatie wijst op escapisme, een ontvluchten aan de feiten of zelfs de onzekerheden van het heden.

Wanneer je dergelijke dingen ziet en beseft waaruit zij voortkomen kun je tenminste zelf naar de werkelijkheid terugkeren. Bindt u niet te veel aan hetgeen anderen u voorstellen of wat u zelf graag zou willen. U zult de werkelijkheid niet meer begrijpen en uzelf niet meer terug kunnen vinden in de resulterende verwarringen. Laat ons voor onszelf steeds weer uitgaan van hetgeen er in ons leeft, zover wij daarmede feitelijk kunnen werken. Met de verklaringen voor alles, wat wij blijken te zijn en te kunnen doen, moeten wij dan desnoods voorlopig maar wat voorzichtig zijn. Escapisme, vlucht uit de werkelijkheid, heeft alleen zin voor degene die met de werkelijkheid geen raad meer weet. En die doet er beter aan te zien, wat hij dan nog wel kan doen in plaats van zich aan dromen en zelfbedrog over te geven. De mens die werkelijk bewustzijn zoekt, kan de werkelijkheid echter wel aan. Daarom heeft hij geen sprookjes nodig, die hem aan die werkelijkheid helpen ontkomen voor langere tijd.

image_pdf